Agendabundel
Tekst van het document
1 NHG-grens is in 2021 € 324.500, Deze grens stijgt per 1 januari 2022 naar € 355.000 2 Mits heeft betrekking op de samenstelling van het programma, spreiding over de
Het toevoegen van sociale huurwoningen richten we vooral op de kerndorpen (Oosterwolde, Appelscha en Haulerwijk). In de overige dorpen zetten we in op minimaal behoud van de huidige omvang van de sociale huurvoorraad en werken we mee aan kleinschalige initiatieven als deze worden aangedragen vanuit corporaties, ontwikkelaars of de samenleving. Ook spelen we in deze dorpen in op de veranderende vraag door aanpassing in de samenstelling van de woningportefeuille (transformatie door bijvoorbeeld verkoop en sloopnieuwbouw).
Opgaven mismatch tussen vraag en aanbod Om deze ambities waar te maken wil de gemeente de komende jaren samen met corporaties, ontwikkelaars en particulieren werken aan onderstaande opgaven. Opgave 1: Realiseren van voldoende betaalbare woningen in alle segmenten Uit zowel de woningmarktanalyses als de gesprekken met de marktkenners en inwoners komt naar voren dat voor de komende jaren nog steeds een grote vraag naar betaalbare woningen wordt verwacht. Dit hangt ook samen met de inkomensopbouw in Ooststellingwerf, met verhoudingsgewijs veel lagere inkomensgroepen.
kernen en de ruimtelijke voorwaarden.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
12
Het overgrote deel van de lokale woningbehoefte bevindt zich in het goedkope en middeldure prijssegment. Het gaat daarbij om middeldure koopwoningen in alle dorpen en goedkope grondgebonden koopwoningen in de kerndorpen Oosterwolde, Appelscha en Haulerwijk. Realisatie van deze woningen is complex. De bouwkosten stijgen waardoor het financieel steeds lastiger is om goedkope koopwoningen te bouwen, zeker als het gaat om woningen met de woonkwaliteit die men gewend is in de gemeente. Daarom stimuleren we goedkopere bouwmethoden zoals prefab-woningen of houtskeletbouw. Om te komen tot oplossingen die structureel voorzien in aanbod van betaalbare woningen, onderzoeken we het instrumentarium dat we als gemeente hiervoor in kunnen zetten. Naast sociale grondprijzen denken we hierbij aan maatschappelijk gebonden eigendom, opkoopbescherming (op basis van de Huivestingswet) of het instellen van een zelfbewoningsplicht. Naast een vraag naar betaalbare koop, blijft er de komende jaren behoefte aan sociale huurwoningen. Een sociale huurwoning kan worden aangeboden door een toegelaten instelling (corporatie) of een particuliere verhuurder. Echter de ervaring leert dat corporaties sociale huurwoningen langer in bezit houden waardoor deze woningen voor langere tijd beschikbaar blijven voor de doelgroep.
De prognose laat een behoefte zien van een netto toevoeging voor de sociale huur in de komende tien jaar tussen de 100 en 145 woningen (ongeveer 25% van het nieuwbouwprogramma). Dit betreft vooral levensloopgeschikte gelijkvloerse woningen. Ook ligt er een transformatie opgave tussen 2025 en 2030 om tot 30 sociale eengezinswoningen te vervangen door levensloopgeschikte woningen of appartementen. We hebben als gemeente een gewaardeerde samenwerking met de corporaties WoonFriesland en Actium. Beide corporaties zijn (historisch) verbonden met onze gemeente en de gemeenschap. Daarom hechten we er
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
belang aan dat zij beide kunnen investeren in Ooststellingwerf. Doordat de Woningmarktregio’s op voorhand investeringen van Actium in de weg staat, kijken we in gesprek met beide corporaties in welke mate de investeringsdoelen gerealiseerd kunnen worden. Daarbij ondersteunen we zo nodig een ontheffingsverzoek voor Actium. In het gezamenlijke gesprek over de prestatieafspraken wegen we dit af, gekoppeld aan de doelstelling uit deze woon(zorg)visie. Tot slot is er een groep die een te hoog inkomen heeft voor een sociale huurwoning, maar met dat inkomen geen koopwoning kan financieren. Dit betreft jongere huishoudens maar ook senioren die graag zouden willen huren. Voor deze groep is er behoefte aan middeldure huurwoningen (€750 tot €1.000). In ons programma willen we woningen in dit segment toevoegen, waarbij wij (gelet op de actuele verruiming in de Woningwet) naast marktpartijen een rol zien voor de corporaties vanuit hun duurzame verbondenheid met onze gemeente. Opgave 2: Met nieuwbouw doorstroming bevorderen De krapte op de woningmarkt wordt vooral gevoeld door starters die een woning willen huren of kopen maar deze niet kunnen betalen en senioren die door willen stromen naar een levensloopgeschikte woning maar deze niet kunnen vinden. De meerderheid van de woningen in de gemeente bestaat uit grondgebonden eengezinswoningen (87%).
Deze woningen worden steeds vaker bewoond door kleine huishoudens (1-2 personen) van 65 jaar of ouder. Het woningmarktonderzoek, de enquête en bewonersavonden laten zien dat er een grote behoefte is aan levensloopgeschikte woningen voor senioren. Dit geldt voor zowel huur- als koopwoningen. Ook is het zo dat wanneer senioren doorstromen in de koopsector, de woningen die zij achterlaten in veel gevallen niet betaalbaar zijn voor de huidige starter.
13
Daarnaast stijgt sinds 2013 het aantal vestigers van buiten de gemeente die in Ooststellingwerf komen wonen, mogelijk als gevolg van de sterke prijsstijgingen in de steden en sinds kort een mogelijk Corona-effect dat zorgt voor een herwaardering van ruimer wonen in een dorpse omgeving. Marktkenners geven aan dat vestigers vooral wat oudere (50+ jaar) kleine huishoudens zijn die landelijk willen wonen nadat hun kinderen de deur uit zijn. Het betreft ook gezinnen die elders in de regio wonen of werken en door de centrale ligging en de relatief goede prijs-kwaliteitverhouding van woningen kiezen voor Ooststellingwerf. Deze instroom heeft veel positieve effecten. Het draagt bij aan draagvlak voor voorzieningen en nieuwbouw versterkt het vestigingsklimaat voor nieuwe bedrijven. Ook brengt het een nieuwe impuls voor het verenigingsleven. Aan de andere kant hebben vestigers vaak meer te besteden dan lokale woningzoekenden. Dit leidt tot extra prijsstijgingen van woningen; ook indirect in het betaalbare segment omdat doorstroming stagneert en schaarste over de volle breedte van de woningmarkt zich laat voelen. De woningvraag moet zowel in de nieuwbouw als de bestaande voorraad bediend worden. Door in te zetten op nieuwbouw die doorstroming op gang brengt, kunnen we de woningvoorraad zo goed mogelijk benutten.
Dan is het belangrijk om juist woningen toe te voegen die nu onvoldoende aanwezig zijn in de woningvoorraad. Dit gaat vooral om nieuwbouw van levensloopgeschikte woningen in de sociale huur- en koopsector en goedkopere eengezinswoningen tot de NHG-grens. De doorstroming die zo ontstaat, biedt ruimte aan gezinnen die groter willen wonen, aan starters en aan vestigers van buiten de gemeente. Alleen de juiste woningen bouwen brengt de doorstroming nog niet op gang. Daarom sluiten we ook aan bij bestaande initiatieven om huishoudens te verleiden om door te stromen. Denk hierbij aan verhuisteams. Ook willen we
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
afspraken met corporaties maken over het voorkomen van lastenstijging bij verhuizing van senioren (zie hoofdstuk 4 voor de overige maatregelen die we nemen voor het verleiden van senioren om door te stromen). Naast nieuwbouw voor doorstroming bieden we in beperkte mate ruimte voor nieuwbouw van kleinschalige woonmilieus in het duurdere segment (€300.000+) in een landschappelijke en groene omgeving. Het gaat hierbij om initiatieven van maximaal enkele tientallen woningen. Dit soort woningen is in trek bij vestigers. Zo blijven we ook in de toekomst een aantrekkelijke gemeente voor nieuwkomers en brengen we variatie aan in het nieuwbouwprogramma. Opgave 1 en 2 vatten we samen in via het toetsingskader woningbouw. Hierin zetten we in op een gemixt nieuwbouwprogramma ten behoeve van betaalbaar wonen en doorstroming: Segment Sociale huur Middenhuur Goedkope en betaalbare koop (gevarieerde prijzen tot NHG-grens) Vrije ruimte
Aandeel in het programma 25% 5% 40% 30%
Opgave 3: Voor starters versneld inzetten op flexibele concepten en eigen initiatief uit de dorpen De groep die de druk op de woningmarkt het sterkst voelt zijn starters. Vanuit inwonersbijeenkomsten en de enquête komt dit zeer duidelijk naar voren. Ondanks dat het bouwen van betaalbare woningen voor starters helpt, kost dit enkele jaren voordat deze gerealiseerd zijn. Tegelijkertijd werd tijdens bijeenkomsten aangegeven dat ruimte bieden aan demontabele woonconcepten op braakliggende terreinen of tiny-houses op de korte
14
termijn uitkomst aan kan bieden. Dit hoeft niet planmatig, maar kan juist komen vanuit lokale initiatieven en collectief particulier opdrachtgeverschap. Tijdens bijeenkomsten gaven in sommige gevallen ouders aan bereid te zijn hun woning (tijdelijk) te splitsen om zo woonruimte te creëren voor hun kinderen. Wij faciliteren daarom meergeneratiewoningen, zodat ouders hun woning kunnen delen met hun kinderen De gemeente heeft behoefte aan meer van deze initiatieven. De gemeenteraad heeft dit ook onderkend in de notitie Tiny Houses (vastgesteld januari 2021). We nemen een proactieve houding aan bij het faciliteren van deze initiatieven. Inwoners geven aan dat dit nodig is omdat zij niet altijd weten waar ze moeten beginnen en vastlopen in procedures. Als gemeente gaan we ons daarom inzetten om deze initiatieven beter te ondersteunen. Dit doen we bijvoorbeeld door het organiseren van informatiemarkten en het opstellen van stappenplannen die bewoners kunnen gebruiken bij het in gang zetten van hun idee. Ook benaderen we aanvragen met een ‘ja, mits’-houding en gaan we in gesprek met initiatiefnemers om hun woningbouwplan zo goed mogelijk te begeleiden en te faciliteren. Opgave 4: Kansen blijven creëren voor specifieke aandachtsgroepen.
De gemeente is naast het bieden van woningen voor reguliere woningzoekenden ook (mede)verantwoordelijk voor de huisvesting van specifieke aandachtsgroepen. Zo is in 2018 is door het Ministerie van BZK het nieuwe beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid vastgesteld. Hierin is opgenomen dat gemeenten bij vaststelling van het lokaal woonbeleid rekening moeten houden met de vraag naar woonplekken voor woonwagenbewoners. Ook krijgt de gemeente jaarlijks een taakstelling van het Rijk voor het huisvesten van statushouders.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
Daarnaast zien we een toename van het aantal arbeidsmigranten die bijvoorbeeld werken in de agrarische sector. Een deel van deze arbeidsmigranten blijft permanent in Nederland en komen in aanmerking voor een sociale huurwoning. Voor migranten die tijdelijk voor maximaal enkele jaren in Nederland blijven zijn specifieke huisvestingsoplossingen nodig (logies). Ook deze huisvesting is noodzakelijk, ook ten behoeve van het vestigingsklimaat voor bedrijven. Woonwagenstandplaatsen Er zijn momenteel twee locaties met in totaal 11 woonwagenstandplaatsen in de gemeente Ooststellingwerf. Dit betreft de locatie aan de Jan Frankensingel (5 standplaatsen) en de locatie aan het Hoge Stuk (6 standplaatsen). Als onderdeel van de woningmarktanalyse is de vraag naar nieuwe standplaatsen in beeld gebracht in samenwerking met WoonFriesland (de eigenaar van de twee locaties). Uit recente inventarisatie van WoonFriesland blijkt dat de vraag naar nieuwe standplaatsen zeer beperkt is. WoonFriesland heeft recent haar wachtlijsten opgeschoond. WoonFriesland werkt toewijzingsbeleid uit. Bij toewijzing houdt zij rekening met de huidige woonsituatie (locatie, type woning etc.) van de ingeschrevene, evenals mogelijke familiebanden met bewoners op de huidige standplaatslocatie.
Op basis van een inventarisatie onder huidige bewoners en bewoners op de wachtlijst blijkt dat door natuurlijk verloop er de komende 5 jaar waarschijnlijk geen plaatsen vrijkomen. In de komende 10-15 jaar zou dit wel kunnen gebeuren. Alhoewel er momenteel geen vraag is naar nieuwe standplaatsen en uitbreiding dus niet aan de orde is, blijven we dit wel jaarlijks monitoren in samenwerking met WoonFriesland. Statushouders In 2021 is de taakstelling voor statushouders verdubbeld. Voor Ooststellingwerf gaat het om 36 statushouders voor 2021. Momenteel zorgt
15
de gemeente voor huisvesting van deze groep in samenwerking met corporaties. Mocht de komende jaren de instroom verder oplopen, dan gaan we ook op zoek naar alternatieven. Denk hierbij aan tijdelijke woonvormen of samenwerking met particuliere verhuurders. Arbeidsmigranten en andere nieuwe werknemers De provincie Fryslân heeft onderzoek gedaan naar de huisvestingsopgave voor arbeidsmigranten. Uit dit onderzoek blijkt dat er in Ooststellingwerf tot 2030 een behoefte zal zijn voor de huisvesting van 50 - 80 arbeidsmigranten die voor korte of middellange termijn in Nederland blijven (maximaal circa 3 jaar). Wij faciliteren initiatiefnemers bij het realiseren van huisvestingsoplossingen, binnen ruimtelijke kaders en aansluitend bij de behoefte in Ooststellingwerf. Daarnaast is het mogelijk dat (nieuwe) bedrijven in Ooststellingwerf behoefte hebben aan goede huisvesting voor hun werknemers. De gemeente zoekt dan samenwerking met deze werkgevers om te onderzoeken in welke mate hiervoor aanvullend geschikte woningen nodig zijn, en of dit noodzaakt tot het opschroeven van de woningproductie (zie thema 1 opgave 1).
Beleidsrichtingen mismatch tussen vraag en aanbod Om deze vier opgaven binnen Thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod te realiseren heeft de gemeente het volgende actieplan opgesteld. Dit plan is geordend op basis van de drie niveaus van de cirkels van invloed. Per activiteit geven we met een kleur weer aan welke opgave die bijdraagt. Soms is dat een van de vier opgaven onder dit thema, soms meerdere opgaven tegelijkertijd.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
16
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
17
Uitvoeringsagenda thema 2: Mismatch tussen vraag en aanbod Zelf doen 1.
Om te zorgen voor voldoende betaalbare woningen en het op gang brengen van doorstroming, nemen we een regisserende rol bij nieuwbouw en sturen we op het netto toevoegen van 25% (levensloopgeschikte) woningen in het sociale huursegment, 5% middenhuur en 40% koop tot de NHG grens. Hierbij streven we in het koopsegment naar een grote spreiding in prijsklassen zodat ook woningen met een prijs van €250.000 of lager worden toegevoegd. De overige 30% van het programma is vrij invulbaar, waarbij een deel in de vorm van kleinschalige landschappelijke woonmilieus.
1
Opgaven 2 3 4
we vervangen het afwegingskader woningbouw door het toetsingskader in bijlage 1 om het werkbaarder te maken voor initiatiefnemers en aan te laten sluiten op deze visie zodat we actiever op gewenste projecten kunnen sturen en eigen initiatieven uit de dorpen kunnen promoten.
1
Opgaven 2 3 4
3.
We vergroten onze grondpositie en zetten die strategisch in om woningbouw binnen de gestelde prijsgrenzen mogelijk te maken. Hiertoe hanteren we sociale grondprijzen en erfpachtconstructies.
1
Opgaven 2 3 4
4.
Om de betaalbaarheid en beschikbaarheid van betaalbare koop- en huurwoningen te borgen, zetten we instrumentarium in waarmee wordt voorkomen dat deze woningen worden opgekocht en verkocht of verhuurd door investeerders. Sommige van deze instrumenten zijn afhankelijk van verordeningen die de gemeente op zal moeten stellen (denk bijvoorbeeld aan een opkoopbescherming die verankerd moet zijn in een huisvestingsverordening of het instellen van een doelgroepenverordening). Om tot een passend instrumentarium te komen stellen we een “nota Regie op koop- en huursector op. In deze nota leggen we het definitieve instrumentarium dat we in zullen zetten vast. Hierbij zullen we onze partners (corporaties en marktpartijen) actief betrekken.
1
Opgaven 2 3 4
1
Opgaven 2 3 4
2.
Samenwerking 1.
Voor de ontwikkeling van de sociale huurvoorraad gaan we uit van het bestaande aantal sociale huurwoningen. Verkoop valt onder het principe ‘nee-tenzij’. De tenzij zit erin dat er eerst voldoende woningen toegevoegd moeten zijn, en dat verkoop (voor lange tijd) bijdraagt aan het aanbod goedkope koopwoningen voor starters (bijvoorbeeld via Koopgarant).
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
18
2.
Bij de realisatie van goedkope koopwoningen is het belangrijk om speculatie met deze woningen te voorkomen. Dit doen we bijvoorbeeld door het instellen van een antispeculatiebeding bij verkoop van nieuwe woningen en van corporatiewoningen.
1
Opgaven 2 3 4
3.
Via het proces van de raamovereenkomst en de daaruit voortvloeiende jaarlijkse prestatieafspraken komen we met beide corporaties en hun huurders tot een overeenkomst over het aantal te realiseren sociale huurwoningen. Ook maken we afspraken over de realisatie van middenhuur woningen (tot €1.000). Wij zijn zo nodig bereid mee te werken aan een ontheffingsverzoek van Actium, zodat zij in Ooststellingwerf kunnen investeren.
1
Opgaven 2 3 4
Een bekend obstakel voor de doorstroom van senioren in een corporatiewoning is een mogelijke stijging in woonlasten. Om de doorstroom te faciliteren komen we in de raamovereenkomst en de daaruit voortvloeiende prestatieafspraken met corporaties tot een overeenkomst over het voorkomen van lastenstijging bij senioren die aangeven te willen doorstromen.
1
Opgaven 2 3 4
Om snel tot de realisatie van woningen voor starters te komen promoten we lokaal initiatief, demontabel bouwen/tiny houses, woningsplitsing, meergeneratiewoningen en collectief particulier opdrachtgeverschap via het toetsingskader woningbouw. Ook faciliteren we flexwoonconcepten voor bijvoorbeeld arbeidsmigranten om de druk op de woningmarkt op de korte termijn te verlichten, mede erop gericht om ongewenste koppeling van werkgever en huisvester te voorkomen.
1
Opgaven 2 3 4
6.
Jaarlijks monitoren we in samenwerking met WoonFriesland de vraag naar woonwagenstandplaatsen
1
Opgaven 2 3 4
7.
We beschouwen statushouders als urgent woningzoekenden. We huisvesten deze groep primair in samenwerking met corporaties. Bij instroom boven het niveau van 2021 zoeken we alternatieve woonvormen. Denk hierbij aan het realiseren van tijdelijke woonvormen of afspraken met particuliere verhuurders.
1
Opgaven 2 3 4
4.
5.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
19
Beïnvloeding Om starters die dit nodig hebben een extra steuntje in de rug te blijven geven behouden we de starterslening. Wel evalueren we de lening in zijn huidige vorm op effectiviteit en passen we deze indien nodig aan zodat we woningen zo toegankelijk mogelijk maken voor starters.
1
Opgaven 2 3 4
Het zetten van de procedurele stappen bij het aanpassen en splitsen van een woning of het tot stand brengen van een lokaal initiatief zijn erg belangrijk voor het succesvol laten verlopen van het project. Daarom gaan we actief informatie verstrekken en mensen samenbrengen die geïnteresseerde groepen kunnen helpen bij het van de grond krijgen van lokaal initiatief. Dit doen we bijvoorbeeld door het opstellen van toegankelijke stappenplannen en het organiseren van informatiemarkten.
1
Opgaven 2 3 4
3.
We sluiten aan bij bestaande initiatieven om senioren te verleiden door te stromen naar een kleinere woning, zoals het verhuisteam. Zo brengen we doorstroom breed op gang.
1
Opgaven 2 3 4
4.
We werken samen met werkgevers om huisvesting voor arbeidsmigranten te faciliteren. In geval van vestiging of uitbreiding van een bedrijf stemmen we af of de realisatie van permanente woningen bovenop de doelstellingen uit deze woonvisie nodig is om het aantrekken van nieuwe werknemers te vergemakkelijken.
1
Opgaven 2 3 4
1.
2.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
20
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
21
4 Thema 3 Wonen en zorg Mensen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte gaan steeds langer, of weer, zelfstandig thuis wonen. Dit komt deels vanwege strenge toegangseisen voor geïndiceerde en intramurale zorg, maar ook vanwege de wens om de eigen regie over het leven te voeren. Langer zelfstandig thuis wonen zorgt voor een stijgende behoefte aan zorg en ondersteuning in de thuissituatie. Dit vraagt om een goede samenwerking tussen alle partijen en een gezamenlijke aanpak waarbij de gemeente, zorgpartijen en de bewoners nauw samenwerken.
Ambitie: Alle inwoners, ook als ze afhankelijk zijn van zorg of ondersteuning, moeten in onze dorpen zo lang mogelijk, of weer zelfstandig thuis kunnen wonen. Zelfstandig thuis betekent niet noodzakelijkerwijs ook zelfstandig in hetzelfde huis. Om dit mogelijk te maken stimuleren we de realisatie van voldoende geclusterde en gespikkelde woonconcepten en 24-uurszorgplekken die geschikt zijn voor de verschillende (zorg)doelgroepen (jong en oud). We faciliteren de realisatie van deze woonconcepten zoveel mogelijk nabij voorzieningen. Zo ontstaan hier woonzorgzones. Op sommige plekken is het niet altijd mogelijk om woonconcepten te realiseren die geschikt zijn voor intensieve zorg en ondersteuning. Op deze plekken zetten we vooral in op particulier initiatief (zie kader Vledder) en ondersteuning in de thuissituatie. Bijvoorbeeld door technologie, domotica, aanpassingen aan de woning, ondersteuning voor mantelzorg en ontmoeting. Als mensen vanwege hun zorg of ondersteuningsbehoefte moeten verhuizen naar een woning elders begeleiden we hen in dit traject. We ondersteunen bij de verhuizing en bieden faciliteiten zodat mensen in hun nieuwe wijk of kern mee kunnen doen in de samenleving.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
Definities voor wonen met zorg Wlz: Wet langdurige zorg Geclusterd wonen voor ouderen: Woningen in een woonvorm met 10 of meer wooneenheden en met een welzijnsvoorziening (ontmoetingsplek) in de directe omgeving. Bijvoorbeeld seniorenwoningen, aanleunwoningen, hofjeswonen. Geclusterd wonen andere doelgroepen: Woonvorm waarbij de bewoner een eigen appartement of studio heeft met voorzieningen, maar ook met een ontmoetingsruimte in of bij het pand. Betreft zowel groepswonen als het wonen in geclusterde appartementen, met 24-uur begeleiding aanwezig of oproepbaar. Gespikkeld wonen: Wonen in een reguliere (zelfstandige), niet-geclusterde woning in de nabijheid van een woonvorm waarvandaan zorg en begeleiding geboden kan worden. 24-uurszorgplekken: Woonplekken waar dagelijks 24 uur zorg en toezicht aanwezig is.
Opgaven wonen en zorg Om langer en weer zelfstandig thuis wonen voor iedereen vorm te geven gaan we uit van de inwoner en zijn / haar wensen. In de eerste plaats gaat het dan om de plek en de woning waarin je woont. Deze woning moet passend zijn bij de persoonlijke situatie en in een toegankelijke omgeving staan, waar ontmoeting en beweging mogelijk zijn. Uitgangspunt is dat we daarbij na gaan wat een inwoner op eigen kracht, met de gebruikelijke hulp van mantelzorgers en sociaal netwerk, kan doen. Daarna wordt bepaald of iemand geholpen is met een algemene voorziening, of dat er een
22
maatwerkvoorziening (bijvoorbeeld het plaatsen van een traplift of een mantelzorgunit in de tuin) nodig is. We stimuleren een goede gezondheid door preventie. Daarbij kijken we niet alleen naar de lichamelijke gezondheid maar ook naar het dagelijks functioneren, participatie en mentale gezondheid. Een passende woonplek in een toegankelijke omgeving, met aandacht voor preventieve gezondheid is in elk dorp en voor iedereen in Ooststellingwerf mogelijk. Dit vraagt om het realiseren van levensloopgeschikte woningen en geclusterde woonvormen. Deze woningen komen er zowel door aanpassing van bestaande woningen als door nieuwbouw. Daarbij hoort ook het aanpassen van de woonomgeving. Ook faciliteren we ontmoeting en beweging vanuit ons Wmo-beleid, door ontmoetingsplekken voor jong en oud in ieder dorp. Zo is het voor iedereen mogelijk om lang thuis te wonen in de vertrouwde sociale omgeving. Stichting Onderdak Vledder Dorpsbelang Vledder heeft zijn visie op levensloopbestendig wonen in het dorp op basis van de definitie “positieve gezondheid” in 2017 geformuleerd. Vanaf dat moment is er door Dorpsbelang Vledder gewerkt aan de realisatie hiervan. Er is een concreet plan uitgewerkt en in november 2019 is grond aangekocht van de gemeente Westerveld. Het bouwplan voorziet in een sluitend financierings- en exploitatieplan.
Om alles in goede banen te leiden heeft Dorpsbelang Vledder de Stichting Onderdak Vledder opgericht. De Stichting Onderdak Vledder is eigenaar van de grond, heeft een woonzorgcentrum gerealiseerd en gaat dit gebouw exploiteren. (bron: www.onderdakvledder.nl)
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
In een aantal gevallen is zorg noodzakelijk. Dat vraagt een goede zorginfrastructuur van professionele en informele zorg (bijvoorbeeld welzijn op dorpse schaal). Meestal kan dit in de eigen woning en in alle dorpen, bijvoorbeeld door het promoten van domotica en Wlz-zorg thuis met het Volledig Pakket Thuis (VPT) en het Modulair Pakket Thuis (MPT). Zo is ook overal zwaardere zorg in de huidige woning mogelijk. Tegelijkertijd werken we mee aan kleinschalige initiatieven in dorpen met zorginfrastructuur die dit ondersteunen (zie kader voor het voorbeeld Vledder). Kanttekening hierbij is dat we landelijk zien dat de houdbaarheid van kleinschalige zorg voor de langere termijn kwetsbaar is vanwege toenemende kosten en personeelstekorten. Zorgpartijen bevestigden dit beeld tijdens klankbordbijeenkomsten. In eerste instantie wordt dan een beroep gedaan op mantelzorg in de omgeving. Niet iedereen kan daarop terugvallen. En ook de Figuur 4: Glijdende schaal infrastructuur wonen met zorg
23
mantelzorger staat steeds meer onder druk. Om meer specialistische zorg in de gemeente naar de toekomst te behouden, is enige concentratie van deze zorg in de huidige infrastructuur en voorzieningen gewenst. Nabij deze infrastructuur zijn er woonplekken voor mensen die afhankelijk zijn van de nabijheid van deze zorg, of dit als een veilige woonplek ervaren. Deze glijdende schaal van wonen met zorg komt tot uitdrukking in de volgende vier opgaven, waaraan we de komende jaren samen met corporaties, zorgpartners, ontwikkelaars en particulieren werken. Opgave 1: Faciliteren van langer en weer zelfstandig thuis wonen door ontmoeting, technologie en aanpassingen aan de woning Vanuit de bewoners- en de stakeholdersbijeenkomst over wonen en zorg komt de wens naar voren dat langer zelfstandig wonen in alle dorpen zoveel mogelijk gefaciliteerd wordt. Daarom zetten we het volledig instrumentarium in om woningen levensloopgeschikt te maken. We geven hierbij extra aandacht aan plekken waar weinig zorgvastgoed staat en doorstroom zonder verhuizing naar een ander Levensloopgeschikte woning / toegankelijke dorp maar moeilijk woning volgens GEEF-woonzorgatlas: Een gerealiseerd kan worden. Bij woning die extern en intern toegankelijk is.
Een deze aanpassingen gaat het woning is extern toegankelijk als de woonkamer ook om mogelijkheden voor van de woning bereikbaar is zonder trappen te meergeneratiewoningen. hoeven lopen. Een woning is intern toegankelijk als de primaire vertrekken (keuken, toilet, bad of Dat kan gerealiseerd douchegelegenheid en ten minste één worden via nieuwbouw en slaapkamer) zonder traplopen bereikbaar zijn door splitsing van grote vanuit de woonkamer. Als de primaire woningen waarbij ruimte vertrekken bereikbaar zijn met een voorziening ontstaat voor jong en oud zoals een traplift, is de woning dus ook intern die elkaar kunnen helpen. toegankelijk.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
Het kan ook door op 1 erf twee wooneenheden te realiseren. We werken hiervoor beleid uit. Ook maken we met zorgaanbieders afspraken over het leveren van zorg thuis en het installeren van domotica (denk bijvoorbeeld aan slimme medicijndispensers). Cliënten hebben hierbij vaak hulp nodig om het gebruik van technologie onder de knie te krijgen. Daarom investeren we samen met de corporaties en zorgpartijen in het verstrekken van informatie en begeleiding over de mogelijkheden voor (het financieren van) woningaanpassingen, de inzet van kleine technologische oplossingen en het beschikbare welzijnsaanbod. Bewoners en partijen die bij deze woonvisie betrokken zijn, geven ook aan dat mensen in dorpen met weinig voorzieningen elkaar vaak persoonlijk kennen. Hierdoor is het geven van mantelzorg in deze dorpen meer vanzelfsprekend. Niet alleen tussen familieleden maar ook tussen buren. Dit is een belangrijke schakel in het langer zelfstandig wonen die we kunnen benutten. Deze mantelzorg staat steeds meer onder druk door een vergrijzende bevolking en een stijgende arbeidsparticipatie. Daarom besteden we aandacht aan de ondersteuning voor mantelzorgers waar dat nodig is. Als een mantelzorger wegvalt door overbelasting, kan er namelijk een acute woonvraag ontstaan voor de zorgbehoevende.
Door het sociale (en digitale) netwerk rondom de mantelzorger te verstevigen of door het realiseren van mantelzorgwoningen planologisch te faciliteren, geven we mantelzorgers meer opties om op terug te vallen. Tot slot behouden we ontmoetingsplekken voor jong en oud in alle dorpen (zie hoofdstuk 5: Duurzaamheid en leefbaarheid).
24
Opgave 2: Inzet op geclusterde / gespikkelde woonvormen geschikt voor jong en oud nabij voorzieningen Mensen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte wonen steeds vaker thuis. Steeds meer huishoudens zullen daarom behoefte hebben aan enige vorm van zorg of ondersteuning. Langer zelfstandig thuis betekent daarom ook niet altijd langer zelfstandig in hetzelfde huis. Tussenvormen zoals hofjeswoningen, ook wel “Knarrenhoven” genoemd, waar mensen met of zonder zorg zelfstandig kunnen (blijven) wonen bieden dan een mogelijke oplossing. In deze ‘geclusterde’ woonvormen kunnen bewoners elkaar tot steun zijn. De behoefte aan deze woonvormen groeit. Voor mensen met een verstandelijke beperking of een andere ondersteuningsvraag kan de behoefte aan zorg sterk verschillen. In gespikkelde woonvormen kunnen mensen met een kleinere ondersteuningsbehoefte vrijwel geheel zelfstandig wonen en af en toe (in geval van nood) terugvallen op een ondersteuningspunt in de wijk. De behoefte aan deze vorm van wonen groeit licht. De behoefte aan plekken voor geclusterd wonen voor deze doelgroep blijft ongeveer gelijk. De huidige woonvoorzieningen blijven in de toekomst nodig. Omdat de doelgroep wel steeds ouder wordt en intensievere zorg nodig heeft, kan de behoefte de komende jaren naar aard veranderen. Vanuit de analyse naar wonen met zorg zien we een groeiende behoefte aan verschillende woonvormen.
Deze behoefte kan vooral ingevuld worden door aanpassing van bestaande woningen of deels ook nieuwbouw (als onderdeel van het totale programma van 520 woningen). Tot 2030 gaat het om de volgende aantallen:
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
Figuur 5: Enquête resultaten geschikte plekken voor woningbouw wonen en zorg
B
Bron: Bewonersenquête Ooststellingwerf (uitgevoerd als onderdeel van het woningmarktonderzoek)
25
Tabel 1: Woonzorgbehoefte 2022-2030 door aanpassing bestaande woningen en nieuwbouw
Geclusterd wonen voor senioren: als richting bij deze aantallen gaan we uit van twee derde deel in de vorm van sociale huurwoningen en één derde deel in de middenhuur of koop met variatie in woningtypen. Geclusterd wonen voor overige doelgroepen Gespikkeld wonen voor overige doelgroepen. Het gaat dan om goedkope en kleinere sociale huurwoningen (huur tot de kwaliteitskortingsgrens; €442, prijsniveau 2021).
Tekort 2022 260
Tekort 2030 400
0 0
0 10
Bron: Deze cijfers zijn gebaseerd op de demografische prognose voor Ooststellingwerf en het Zorgtrede Model van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zie bijlage 2 en sectie 1.8 in bijlage 3 voor meer informatie.
Om deze woningen te realiseren werken we mee aan initiatieven voor geclusterd en gespikkeld wonen mits passend bij de lokale behoefte en ontwikkeld samen met een (zorg)partij die bereid is via prestatieafspraken zich te verbinden aan de gemeenschap. In deze afspraken gaat het om welzijnsdiensten, ontmoeting, voorkomen van eenzaamheid. Ook is het van belang dat deze geclusterde en gespikkelde woonvormen zoveel mogelijk nabij voorzieningen (bijvoorbeeld openbaar vervoer, een supermarkt of een apotheek) en bestaande ontmoetingsplekken worden gerealiseerd. Dit wordt ook bevestigd vanuit de enquête uitgevoerd als onderdeel van het woningmarktonderzoek waar bewoners werden gevraagd op de kaart geschikte locaties voor wonen en zorg aan te wijzen. In deze enquête wezen bewoners locaties aan die bijna exclusief in de grotere kernen liggen, op plekken waar veel voorzieningen zijn. Terwijl de focus ligt op het toevoegen van geclusterde woningen nabij voorzieningen en ontmoetingsplekken blijven we ook meewerken aan het realiseren van kleinschalige initiatieven op overige plekken die niet noodzakelijk nabij bestaande voorzieningen liggen
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
mits er sprake is van een gegarandeerde exploitatie voor minimaal 10 jaar (denk hierbij aan het hierboven beschreven voorbeeld in Vledder). Opgave 3: Spreiden van doelgroepen over wijken en dorpen, en zorgen voor een zachte landing in de wijk bij uitstroom uit intramurale voorzieningen Mensen met een beperking (lichamelijk en verstandelijk) wonen steeds vaker in een reguliere woning. Daarnaast stromen via het provinciale programma ‘Weer Thuis’ mensen uit de maatschappelijke opvang en beschermd wonen uit intramurale voorzieningen naar een reguliere woning. Het gaat hier tot 2030 om ongeveer 8 - 13 cliënten per jaar. Verder zien we tot 2030 een uitstroom uit de jeugdzorg van ongeveer 15 jongeren per jaar. Zij verhuizen doorgaans via directe bemiddeling naar vrijkomende sociale huurwoningen (en zijn daarmee onderdeel van de aangegeven groeiopgave in de sociale huursector). Het is van belang om niet alleen te zorgen voor voldoende (betaalbare) woningen voor deze groep, maar ook om hun zo goed mogelijk te laten landen in de wijk en mee te laten doen in de samenleving. Door uitvoering te geven aan het programma Weer Thuis dragen we hier aan bij. Onderwerpen waar we ons op richten vanuit dit programma zijn onder andere: • Het opzetten van een lokale ambassadeursgroep. • Garantie voor voldoende kwalitatief goede begeleiding (WMO inkoop/contract/beleid) en continuïteit hierin.
• Garantie ten aanzien van goede opvolging bij zorgen en (dreigende) escalatie, ook als de zorg is afgeschaald (waakvlam). • Prestatieafspraken over het aantal woningen dat door bemiddeling door corporaties wordt toegewezen • Draagkracht/last van wijken/buurten/complexen monitoren, waar mogelijk spreiding creëren. Dit vraagstuk integraal bekijken ten opzichte van andere aandachtsgroepen.
26
Naast een goede woning is het voor deze groepen belangrijk dat er een goede en toegankelijke basisstructuur is voor ondersteuning en hulp. Niet iedereen heeft immers mensen om zich heen die kunnen helpen bij bijvoorbeeld klusjes in huis of tuin of administratie. Dit vraagt om een balans tussen vraag en draagkracht in de wijken en dorpen. Dit bereiken we door deze doelgroepen zoveel mogelijk te spreiden over de gemeente om concentratie in enkele buurten te voorkomen. Zo zetten we bij het maken van prestatieafspraken bijvoorbeeld in op het vergroten van het aanbod kleine goedkope huurwoningen tot de kwaliteitskortingsgrens (€ 442)3.
3 De ´kwaliteitskortingsgrens´ is een begrip uit de huurtoeslag. Ligt de huurprijs van
een woning hoger dan deze grens (€442 in 2021), dan wordt er gekort op de huurtoeslag. Voor jongeren met een laag inkomen is een huurprijs boven de kwaliteitskortingsgrens te hoog. Jongeren tot 23 jaar die een (zelfstandige) woning betrekken met een huur boven de kwaliteitskortingsgrens, kunnen géén huurtoeslag krijgen.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
Opgave 4: Voldoen aan de vraag naar 24-uurszorg Naast een stijgende behoefte aan geclusterd wonen voor ouderen zal, als gevolg van de vergrijzing, ook de vraag naar plekken geschikt voor het aanbieden van 24-uurszorg in de komende jaren groeien. Momenteel zijn er voldoende locaties voor 24-uurszorg maar richting 2030 zal een tekort ongeveer 20 plekken voor somatische zorg ontstaan (zorg voor mensen met een chronische lichamelijke aandoening) en 50 plekken voor psychogeriatrische zorg (zorg voor mensen met dementie). Richting 2040 zal er een tekort ontstaan van 45 plekken voor somatische 24-uurszorg en 125 plekken voor psychogeriatrische 24-uurszorg4. Door veranderingen in de zorg is het onzeker of deze plekken grotendeels in instellingen of bij mensen thuis geleverd gaat worden. Wat betreft de plekken voor 24-uurszorg streven we zoveel mogelijk naar realisatie nabij bestaande zorginfrastructuur. Hiervoor zoeken we samenwerking met corporaties en zorgpartners. Gelet op mogelijke veranderingen in de zorg zetten we hierbij in op 24-uurszorgplekken die in de toekomst flexibel aanpasbaar zijn naar een andere functie of voor een andere doelgroep.
Daarnaast werken we mee aan kleinschalige initiatieven die niet nabij bestaande zorginfrastructuur liggen mits er sprake is van een gegarandeerde exploitatie voor minimaal 10 jaar, blijkend uit aantoonbaar (risicodragende) investeringsmogelijkheden voor het betreffende initiatief. Tot slot maken we met zorgpartners afspraken om vanuit de plekken die geschikt zijn voor 24-uurszorg ook zorg te verlenen aan ouderen en overige doelgroepen die in de directe omgeving wonen. Zo organiseren we een fijnmazig netwerk van zorg in de dorpen waar zorgpartijen intensief 4 Deze cijfers zijn gebaseerd op de demografische prognose voor Ooststellingwerf en
het Zorgtrede Model van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zie bijlage 2 en sectie 1.8 in bijlage 3 voor verdere informatie.
27
samenwerken, ongeacht de primaire doelgroep die ze bedienen. Hierbij betrekken we ook professionals zoals casemanagers en buurtondersteuners. Zo kunnen woonzorgzones ontstaan.
Beleidsrichtingen wonen en zorg Om deze vier opgaven binnen Thema 3: Wonen en zorg te realiseren heeft de gemeente het volgende actieplan opgesteld. Dit plan is geordend op basis van de drie niveaus van de cirkels van invloed. Per activiteit geven we met een kleur weer aan welke opgave die bijdraagt. Soms is dat een van de vier opgaven onder dit thema, soms meerdere opgaven tegelijkertijd.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
28
Uitvoeringsagenda thema 3: Wonen en zorg Zelf doen 1.
We maken prestatieafspraken met corporaties over het realiseren van geclusterde woonvormen voor senioren (denk aan “Knarrenhoven”/hofjesconcepten) en gespikkelde woonvormen voor overige doelgroepen zonder zorg maar met zorg en voorzieningen nabij; via aanpassing van bestaande woningen of nieuwbouw. Hierbij gaan we uit van de volgende aantallen tot 2030: o 400 geclusterde woningen voor senioren ▪ 2/3 sociaal ▪ 1/3 particuliere huur of koop o 10 gespikkelde woningen voor overige doelgroepen ▪ 100% kleinere sociale huurwoningen. Terwijl de focus ligt op het toevoegen van geclusterde woningen nabij voorzieningen werken we mee aan kleinschalige initiatieven vanuit de samenleving op overige plekken die niet nabij bestaande voorzieningen liggen mits er sprake is van een gegarandeerde exploitatie voor minimaal 10 jaar (Denk bijvoorbeeld aan concepten zoals Onderdak Vledder beschreven in het bovenstaande kader).
1
Opgaven 2 3 4
2.
Om mantelzorg beter mogelijk te maken stellen we een beleidsregels op voor het realiseren van tijdelijke (pre)mantelzorgwoningen bij een bestaande woning kunnen worden aangesloten.
1
Opgaven 2 3 4
3.
We faciliteren planologisch de realisatie van concepten als hofjeswoningen zoals “knarrenhoven” of meergeneratiewoningen, zodat jongeren en ouderen elkaar makkelijk kunnen helpen, en mantelzorg mogelijk blijft.
1
Opgaven 2 3 4
4.
In het geval dat iemand echt niet meer in zijn eigen woning kan blijven wonen en gedwongen moet verhuizen (denk aan kwetsbare senioren of mensen met onbegrepen gedrag) blijven we begeleiding bieden bij integratie in de wijk via het gebiedsteam (voor overige maatregelen met betrekking tot leefbaarheid, zie thema 4).
1
Opgaven 2 3 4
We werken samen met corporaties en zorgpartners om het aanbod van gespikkelde woonvormen met zorg/ondersteuning onder de kwaliteitskortingsgrens (€442 in 2021) via prijsbeleid te vergroten.
1
Opgaven 2 3 4
5.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
29
Samenwerking 1.
We maken afspraken met corporaties en zorgpartners om de benodigde geclusterde woonvormen te creëren waar 24-uurszorg geleverd kan worden. Dit doen we bij voorkeur in de grotere kernen zodat woonzorgzones kunnen ontstaan rondom bestaande voorzieningen en zorginfrastructuur. Deze plekken kunnen intramuraal en extramuraal worden gerealiseerd. We realiseren deze plekken voornamelijk via transformatie van de huidige voorraad. Als het noodzakelijk is zien we ook ruimte voor enige nieuwbouw. Daarnaast werken we mee aan kleinschalige initiatieven die niet nabij bestaande zorginfrastructuur liggen mits er sprake is van een gegarandeerde exploitatie voor minimaal 10 jaar, blijkend uit aantoonbaar (risicodragende) investeringsmogelijkheden voor het betreffende initiatief.
1
Opgaven 2 3 4
Tot 2030 is er extra vraag naar (dit is geen onderdeel van de bouwopgave van 520 woningen): o Minimaal 50 extra plekken voor psychogeriatrische zorg o Minimaal 20 extra plekken voor somatische zorg
Opgaven 1 2 3 4
2.
We stimuleren het realiseren van levensloopgeschikte / geschikte woningen nabij voorzieningen. Hierbij nemen we Woonkeur of gelijkwaardig (bijvoorbeeld definitie uit de Woonzorgatlas 3.0) als richtlijn voor de definitie van een levensloopgeschikte woning.
3.
We bieden ruimte en werken mee aan collectieve woningbouwinitiatieven uit de dorpen via het toetsingskader woningbouw. Ook zoeken we mensen actief op. Denk aan informatiemarkten, projectmatige ondersteuning en het opstellen van stappenplannen etc (dit doen we als onderdeel van actie 2 onder beïnvloeding van Thema 2: mismatch tussen vraag en aanbod).
1
Opgaven 2 3 4
We sluiten aan bij het provinciale programma ‘Weer Thuis’ om voldoende woningaanbod te creëren voor cliënten die uitstromen uit intramurale voorzieningen. Dit aantal wordt geschat op 8-13 cliënten per jaar. Hierover maken we prestatieafspraken met de corporaties.
1
Opgaven 2 3 4
We faciliteren de realisatie of behoud van een multifunctionele ontmoetingsplek voor senioren en jeugd in alle dorpen.
1
Opgaven 2 3 4
4.
5.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
30
Beïnvloeding 1.
2.
3.
We faciliteren het verhuizen van senioren naar een geschikte woning waar deze aanwezig zijn in het eigen dorp. Denk hierbij aan de volgende maatregelen: o Verhuiscoaches die senioren voorzien van informatie over de mogelijkheden om te verhuizen (bestaat reeds) o Inzetten van verhuispremies om te voorkomen dat senioren te helpen bij de kosten die met een verhuizing gepaard gaan.
1
Opgaven 2 3 4
We gebruiken het volledige instrumentarium om bewoners te helpen bij het levensloopgeschikt maken van hun woning. Denk hierbij aan de volgende maatregelen: o Informatiecampagnes o Blijven inzetten op verzilverleningen o Intensivering inzetten op Promoten van domotica en zorg op afstand Hierbij richten we ons vooral op plekken waar weinig of geen geschikte woningen zodat senioren in alle dorpen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen.
1
Opgaven 2 3 4
We werken beleid uit voor het stimuleren en faciliteren van het splitsen van grotere woningen naar levensloopgeschikte woningen op de benedenverdieping en/of starterswoningen op de bovenverdieping. Daarbij denken we ook aan ruimte voor meergeneratiewoningen of 2 aparte wooneenheden op 1 erf.
1
Opgaven 2 3 4
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
31
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
32
5 Thema 4: Leefbaarheid en duurzaamheid Naast een passend aanbod aan woningen is verduurzamen van woningen, circulariteit bij nieuwbouw en het realiseren van een leefbare woonomgeving belangrijk voor blijvend goed wonen in Ooststellingwerf. volledig energieneutraal5 te willen zijn. In de nieuwbouw zijn hier al duidelijke Ambitie: kaders voor; nieuwbouw moet minimaal Bijna Energieneutraal (BENG) zijn en aardgasloos. De grootste opgave ligt in de verduurzaming van bestaande Ooststellingwerf is een landelijke gemeente waar landschappelijke woningen. Vooral eigenaren van particuliere woningen blijft nog achter in de kwaliteiten, gemeenschap en duurzaamheid belangrijk zijn. We willen deze verduurzaming van hun woning. In 2021 had 72% van de koopwoningen kwaliteiten behouden, benutten en versterken. Zo behouden we activiteiten energielabel C of lager. Ter vergelijking, voor corporatiewoningen was dit en ontmoetingsplekken voor jong en oud in alle dorpen. Ook zetten we ons in slechts 35%. Dit betekent dat de particuliere woningbezitter gestimuleerd om als gemeente in 2030 energieneutraal te zijn. We geven hierbij prioriteit aan verduurzaming van de bestaande voorraad, omdat daar de grootste slag Figuur 6: Woningvoorraad naar eigendom en energielabel te maken is.
Dit doen we door de eigenaren van bestaande woningen te faciliteren en te betrekken bij het zetten van stappen in hun energietransitie. Huur Corporatie
Opgaven leefbaarheid en duurzaamheid Om deze ambities waar te maken wil de gemeente de komende jaren samen met corporaties, ontwikkelaars en particulieren werken aan de volgende opgaven. Opgave 1: De huidige woningvoorraad verduurzamen Door klimaatverandering en de afbouw van de aardgaswinning is steeds meer aandacht gekomen voor het terugdringen van het energieverbruik in onze woningen. Op landelijk niveau is in het klimaatakkoord als doel gesteld om in 2050 over een energie-neutrale woningvoorraad te beschikken. In het programma duurzaamheid 2021-2025 heeft de gemeente aangegeven in 2030
Huur Particulier
Koop
Totaal
0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
5 dit betekent dat er in 2030 in Ooststellingwerf net zoveel duurzame energie opgewerkt als in
totaal gebruikt wordt.
A++
A+
A
B
C
D
E
F
G
Bron: WOZ registraties gemeente Ooststellingwerf 2021
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
33
100%
moet worden om zijn/haar woning te verduurzamen. Het effect hiervan is groot, omdat het om een groot deel van de woningvoorraad in Ooststellingwerf gaat (7.500 van de 11.000 woningen zijn een koopwoning). In de Regionale Energie Strategie- en bijbehorende Regionale Structuur Warmte is aangegeven dat Ooststellingwerf onder andere via verduurzaming van de woningvoorraad van het aardgas af moet komen. Momenteel werkt de gemeente aan een Transitievisie Warmte waarin per wijk wordt uitgewerkt hoe deze doelen worden behaald. Deze transitievisie warmte is voor de komende jaren de basis voor uitvoeringsprogramma’s. In deze uitvoeringsprogramma’s wordt samen met inwoners uitgewerkt hoe deze doelen worden behaald. Het verduurzamen van particuliere woningen gebeurt momenteel op initiatief van de woningeigenaar zelf. Voor sommige investeringen die zichzelf snel terugverdienen (spouwmuurisolatie, zonnepanelen) is die bereidheid vaak aanwezig, voor meer ingrijpende zaken (zoals de aanleg van een warmtepomp) is dat in mindere mate het geval. Uit de enquête en de bewonersbijeenkomsten werd duidelijk dat voor veel betrokkenen en woningzoekenden duurzaamheid belangrijk is, maar dat het niet bovenaan het prioriteitenlijstje staat. Niettemin is vrijwel iedereen ervan overtuigd dat er wat moet gebeuren.
slimme energienetwerken (Smart Grid), waterstoftoepassingen en opslag van duurzame energie ten behoeve van wijken en dorpen. Tot slot blijven we financiële hulp bieden aan huishoudens bij het zetten van stappen in hun energietransitie. Denk hierbij aan de duurzaamheidslening die we in samenwerking met de Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse Gemeenten (SVn) aanbieden. Opgave 2: Werken aan de leefbaarheid in de dorpen In de enquête en tijdens de bewonersavonden is aan inwoners gevraagd waarom zij het wonen en de leefbaarheid in Ooststellingwerf waarderen. De groene omgeving, rust, gezelligheid en het gemeenschapsgevoel worden als zeer positief ervaren. Aan de andere kant komen het woningtekort en een gebrek aan activiteiten/ontmoetingsplekken voor jeugd naar voren als verbeterpunten. Inwoners waarderen vooral de plekken rondom de natuurgebieden en voorzieningen zoals cafés/restaurants en sportvelden. Plekken die als minder fijn worden ervaren, bevinden zich vooral in de grotere dorpen (Oosterwolde en Appelscha). Leegstaande winkels of verouderde winkelcentra worden hier vooral aangewezen.
Als gemeente zien we een rol in de bewustwording van noodzaak en urgentie van de verduurzaming van woningen. We zetten daarom primair in op het informeren en bewust maken van huiseigenaren over de mogelijkheden om woningen te verduurzamen. Ook zetten we het coördineren van collectieve inkoopacties voor energiebesparende maatregelen voort en gaan we in overleg met corporaties om te zien hoe ook zij particuliere eigenaren mee kunnen laten liften bij verduurzamingsacties op basis van de herziene woningwet (2021). Ook onderzoeken we mogelijke pilots op het gebied van
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
34
Figuur 7: Woordwolk op basis van de enquête (op basis van 1.300 woorden; hoe vaker het woord genoemd is, des te groter is het woord in de woordwolk)
parkeerdruk en opgaven ten aanzien van bereikbaarheid. Hoe groter de woningbouwopgave, hoe meer de groene, dorpse kwaliteiten onder druk komen te staan. Een groene, veilige en aantrekkelijke woonomgeving nodigt uit om een wandeling te maken en mensen te ontmoeten. Voldoende groen in de dorpen is ook van belang bij het verbeteren van de klimaatadaptatie en voorkomen van hittestress. In de toekomst zullen momenten van lange droogte afgewisseld worden met korte perioden van hoosbuien. Er wordt daarom steeds meer nagedacht over passende klimaatadaptatie, bijvoorbeeld door meer waterberging en groen in wijken. Om een aantrekkelijke klimaat-adaptieve leefomgeving te realiseren passen we bij herstructurering van wijken de omgeving aan en maken we deze klaar voor de gevolgen van klimaatverandering. Ook creëren we waar mogelijk natuurlijke ontmoetingsplekken zoals bankjes. Hierbij houden we rekening met schaduw, zodat ouderen hier ook tijdens warme zomers gebruik van kunnen maken.
Woningbouw, voorzieningenniveau en een groene omgeving De uitdagingen waar de gemeente voor staat zijn complex en kunnen op gespannen voet met elkaar staan. Zo helpt het versnellen van de woningbouwproductie vergrijzing tegen te gaan en het verengingsleven te behouden. Tegelijkertijd kan woningbouw de leefbaarheid op sommige plekken ook onder druk zetten. Dit kan bijvoorbeeld ten koste gaan van groen binnen de dorpen. Daarnaast leidt meer woningbouw ook tot meer
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
Sociale leefbaarheid Leefbaarheid heeft ook een sociale component: het gaat bijvoorbeeld over hoe mensen samen leven. Tijdens de bewonersavonden gaven bewoners aan dat de dorpen een rijk verenigingsleven hebben. Dat werkt als cement voor de samenleving. Bewoners gaven ook aan dat er een groot saamhorigheidsgevoel of “mienskip” is en dat mensen voor elkaar klaar staan. Nu steeds meer groepen met een ondersteuningsvraag langer of weer zelfstandig thuis gaan wonen, is het van belang om dat te ondersteunen. Zo kan eenzaamheid worden voorkomen. Dit doen we door het Gebiedsteam in te zetten om partijen in de buurten te verbinden en problemen op het gebied van leefbaarheid vroegtijdig te signaleren. Ook zetten we de mogelijkheden binnen het Wijken- en dorpenbudget in om initiatieven te bevorderen. Als
35
bewoners moeite hebben met een aanvraag voor dit budget begeleiden we hen hierbij. Opgave 3: Inspelen op lokale behoeften door dorpen te betrekken De woonvisie beschrijft een groot aantal opgaven voor de gemeente in de komende jaren. Er moeten meer woningen worden gebouwd, het huidige bestand moet betaalbaar, geschikt en toegankelijk blijven voor de huidige en nieuwe generaties, woningen moeten duurzamer worden en de dorpen moeten prettige woon- en leefomgevingen blijven. In de concept Omgevingsvisie komt de diversiteit van de gemeente duidelijk naar voren. Drents Ooststellingwerf, Fries Ooststellingwerf, het centrum Oosterwolde en de dorpen ten westen hebben allemaal hun eigen karakter. Dit maakt dat het van groot belang is om de verschillende dorpen en hun dorpsbelangen goed te betrekken bij het uitvoeren van de woonvisie. Zo worden de veranderende lokale behoeften meegenomen bij het uitvoeren van het beleid. Hier geven we invulling aan door de bevolking actief en vooraan in het proces te betrekken bij het zoeken naar nieuwe locaties voor woningbouw of herstructurering in alle dorpen. Ook kan de gemeente het opstellen van dorpsplannen blijven stimuleren? zodat initiatieven uit en voor de dorpen, bijvoorbeeld om de leefbaarheid te verbeteren, van de grond kunnen komen.
Beleidsrichtingen leefbaarheid en duurzaamheid Om deze vier opgaven binnen Thema 4: Leefbaarheid en duurzaamheid te realiseren heeft de gemeente het volgende actieplan opgesteld. Dit plan is geordend op basis van de drie niveaus van de cirkels van invloed. Per activiteit geven we met een kleur weer aan welke opgave die bijdraagt. Soms is dat een van de drie opgaven onder dit thema, soms meerdere opgaven tegelijkertijd.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
36
Uitvoeringsagenda thema 4: Leefbaarheid en duurzaamheid Zelf doen 1.
We bereiden ons voor op de gevolgen van klimaatverandering door bij nieuwbouw en herstructurering van wijken of buurten gelijk de omgeving aan te pakken en klimaat-adaptief te maken. Ook gebruiken we deze herstructurering voor het creëren van natuurlijke ontmoetingsplekken in alle dorpen (waar mogelijk)
2.
Bij het zoeken naar nieuwbouwlocaties en herstructurering betrekken we dorpsbewoners actief aan de voorkant. Zo zoeken we in samenwerking naar oplossingen voor de leefbaarheid en klimaat-adaptiviteit die past binnen de schaal en behoeften van het dorp.
3.
Bij nieuwbouw geven we naast de eisen in het bouwbesluit prioriteit aan projecten die gebruik maken van circulaire gebiedsontwikkeling (houtbouw, demontabel bouwen etc.). Dit integreren we in onze plan- en welstandstoetsing. Dit doen we via het toetsingskader woningbouw.
4.
We sluiten aan bij de dorpsgerichte aanpak voor aardgasloze alternatieve energievoorzieningen die momenteel worden uitgewerkt in de Transitievisie Warmte.
Opgaven 1 2 3
Opgaven 1 2 3
Opgaven 1 2 3
Opgaven 1 2 3
Samenwerking Opgaven 1 2 3
1.
We benutten het Gebiedsteam om partijen in de wijk die in aanraking komen met leefbaarheid te verbinden en problemen op gebied van leefbaarheid te signaleren evenals aan te pakken.
2.
We werken samen met corporaties om de voorraad woningen tot de kwaliteitskortingsgrens (€442) en de 1e aftoppingsgrens (€633, prijspeil 2021) via prijsbeleid te spreiden over de dorpen op basis van draagkracht en aanwezige voorzieningen. Zo behouden we onze veerkrachtige dorpen.
Opgaven 1 2 3
3.
We zetten de collectieve inkoopactie energiebesparende maatregelen voort. Ook coördineren we met corporaties waar verduurzamingsinitiatieven opgestart worden in de prestatieafspraken en bieden we de mogelijkheid aan particulieren om met corporaties ‘mee te liften’ met verduurzamingsacties van corporaties op basis van de herziene woningwet (2021).
Opgaven 1 2 3
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
37
Beïnvloeding 1.
We zetten het volledige instrumentarium in om huiseigenaren te verleiden tot het verduurzamen van hun woning. Denk hierbij aan informatiecampagnes, het inzetten van het energieloket, energiecoaches en juniorenergiecoaches, het uitdelen van de Cadeaubon energiebesparing en de Bespaarbox6. Ook zetten we het verstrekken van duurzaamheidsleningen voort.
2.
We benutten alle mogelijkheden binnen het Wijken en dorpen budget om initiatieven die de leefbaarheid bevorderen te faciliteren en helpen bewoners bij hun aanvraag als dit gecompliceerd voor hen is.
Opgaven 1 2 3 Opgaven 1 2 3
6 De bespaarbox is gevuld met energiebesparende producten waarmee huishoudens
direct kunnen beginnen met het besparen van energie
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
38
Bijlage 1: Toetsingskader woningbouw Op basis van de ambities en beleidskeuzes die in de vorige hoofdstukken zijn gepresenteerd, is een toetsingskader opgesteld. Dit kan helpen bij het beoordelen van nieuwe initiatieven. Dit toetsingskader vervangt het huidige Afwegingskader Woningbouw. Dit kader is uitgewerkt naar de verschillende dorpen en wijken. Het geeft de gemeente richting wanneer wel of niet meewerkt wordt aan initiatieven. De verschillende wijken en dorpen zijn samengevoegd in drie clusters waar de woningbehoefte redelijk overeenkomt. Deze clusters/gebieden zijn: • Oosterwolde en Appelscha. • Haulerwijk, Donkerbroek en Oldeberkoop • Overige dorpen
Kwalitatieve toets Het kwalitatieve toetsingskader wordt gebruikt om bij nieuwe initiatieven te sturen op kwaliteit. Het toetsingskader is een hulpmiddel en een programma van wensen vanuit de gemeente. Dit communiceert makkelijk en helpt bij het verbeteren van de kwaliteit van plannen. Om een stapeling van eisen te voorkomen en het tempo van de woningbouw op peil te houden maken we onderscheid tussen ambities en overige aspecten. Op het gebied van ambities moet een project voldoen aan de kaders om actieve medewerking te krijgen van de gemeente. Op het gebied van overige aspecten geven we onze voorkeuren aan, om te komen tot woningbouwplannen die het best aansluiten op de gemeentelijke behoefte en visie. In de tabel op de volgende pagina is een nieuw toetsingskader opgesteld dat aansluit bij de nieuwe Woonvisie.
Het toetsingskader bestaat uit twee stappen. Deze stappen zijn: 1. Een kwantitatieve toets 2. Een kwalitatieve toets
Kwantitatieve toets De kwantitatieve toets kijkt in hoeverre het geplande aantal woningen aansluit op de woningbehoefte. Daarbij gaat de gemeente uit van de de woningbehoefte die blijkt uit het recente woningmarktonderzoek. Hieruit komt naar voren dat tot 2030 er ruimte is voor een toevoeging van 320 tot 520 woningen.
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
39
Criterium
Oosterwolde en Appelscha
Haulerwijk, Donkerbroek en Oldeberkoop
Overige dorpen
Ambitie • Passend bij de kwalitatieve behoefte*
• •
Levensloopgeschikte woningen, onder andere - • hofjeswoningen in het sociale- middenhuur en koopsegment. • Grondgebonden koopwoningen tot €250.000 Grondgebonden koopwoningen tot €300.000
Op programmaniveau: • minimaal 35% sociale huur, Aandeel sociaal, • 5-10% middenhuur middenhuur en betaalbare • 20% betaalbare koop tot NHG-grens. koop* • Maximaal 30% koopwoningen boven de €300.000. → Zie toelichting percentages
Wonen en zorg
Transformatie bestaand vastgoed. • Bij nieuwbouw: geclusterd concepten nabij 24uurszorg en basisvoorzieningen. → zie toelichting wonen en zorg
Vooral grondgebonden koopwoningen tot €300.000 Levensloopgeschikte koopwoningen tot €250.000 voor senioren.
Op programmaniveau: • 70% tot NHG-grens met variatie in prijsklassen • Maximaal 30% koopwoningen boven de €300.000. → Zie toelichting percentages Prioriteit voor geclusterde concepten vanuit transformatie bestaand vastgoed → zie toelichting wonen en zorg
•
Vooral grondgebonden koopwoningen tot €300.000 en ruimte voor initiatief vanuit de dorpen.
Op programmaniveau: • 70% tot NHG-grens met variatie in prijsklassen • Maximaal 30% koopwoningen boven de €300.000. → Zie toelichting percentages
→ zie toelichting wonen en zorg
Overige aspecten Duurzaamheid en klimaatbestendigheid
Klimaatadaptief gebouwd.
Constructiemethode
Gebruik van circulaire materialen (bijv. hout, stro etc.) of constructiemethodes (bijv. industrieel of demontabel)
Innovatie en initiatief vanuit de samenleving
Prioriteit voor particulier initiatief van Prioriteit voor particulier initiatief van Prioriteit voor woonzorgconcepten en woonzorgconcepten (hofjes) en duurzame of woonzorgconcepten (hofjes) en duurzame of samenlevingsvormen (bijv. meergeneratiewoningen, betaalbare initiatieven (bijv. splitsen van betaalbare initiatieven (bijv. splitsen van woningen, splitsen van woningen, etc.) woningen, meergeneratiewoningen of tiny meergeneratiewoningen of tiny houses) houses)
*Let op: Deze prijsgrenzen zijn op basis van prijspeil 2021 en worden jaarlijks geïndexeerd obv wettelijke aanpassingen (huurprijzen en NHG) of de bouwkostenindex (overige prijzen)
085.106/G | Woon(zorg)visie 2022-2026
40
Toelichting percentages sociaal, middenhuur en betaalbare koop Voor de percentages sociaal, middenhuur en betaalbare koop hanteren we de volgende principes: • Percentages sociaal, middenhuur en betaalbare koop worden gehandhaafd op programmaniveau. Dit maakt maatwerk mogelijk. Voor de gemeente als geheel gaan we uit van: o 25% sociaal, o 5% middenhuur o 40% koop tot de NHG grens. o In bijlage 2 zijn indicaties gegeven voor de verdeling van deze percentages op basis van de behoefte in de kernen. Het segment sociaal en middenhuur zal hoofdzakelijk landen in de kerndorpen (Appelscha en Oosterwolde) terwijl in de overige dorpen vooral behoefte is aan koop tot de NHG-grens. • De genoemde percentages, met de uitzondering van koopwoningen boven de €300.000, zijn minimumpercentages. Een ontwikkelaar mag bijvoorbeeld een hoger percentage sociale huurwoningen realiseren. Voor het percentage koopwoningen boven de €300.000 gaat het om een maximum percentage. • Bij koopwoningen streven we naar het aanbrengen van variatie in het programma zodat naast woningen tot de NHG-grens ook woningen met een koopprijs tot €250.000 gerealiseerd worden.