CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadsvergadering 1 november 2023, gemeente Ooststellingwerf24.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bundel - Raadsvergadering van 1 november 2023 7

8

9

10

Startnotitie stikstof Bespreekstuk in twee termijnen. Voorgesteld besluit 1. In te stemmen met de Startnotitie Stikstof; en akkoord gaan met de volgende doelen: a. Betrouwbare overheid b. Natuurherstel c. Circulaire economie d. Agrarisch natuurbeheer stimuleren e. Multifunctionele landbouw stimuleren f. Rood voor Rood regeling verruimen g. Gezonde leefomgeving stimuleren h. Klimaatadaptieve maatregelen i. Culturele samenwerkingen j. Samenhang met SDG’s RV Startnotitie Stikstof RB Startnotitie Stikstof Bijlage 1. Startnotitie Stikstof 20230919 A-032 CU, VPO, VVD - Vaststellen doelen startnotitie stikstof A-033 VVD, CU, OB, VPO, D66, GL, PvdA, CDA - Commissie Ooststellingwerf in het FPLG DPLG (stikstof) Uitvoering participatiewet Ooststellingwerf Bespreekstuk in één termijn Voorgesteld besluit: 1. De aanbevelingen van de rekenkamercommissie in het onderzoeksrapport ‘Uitvoering Participatiewet Ooststellingwerf’ over te nemen, zijnde; a. Formuleer realistische doelen, passend bij het idee dat de Participatiewet minder over werk en meer over sociale activering gaat. Heroverweeg daarbij de indeling in doelgroepen, waarbij een indeling in trajecten nuttiger is en een beter inzicht geeft in het participatievermogen van het bestand inwoners met een bijstandsuitkering; b.

Gebruik de in de administratie beschikbare gegevens op een dusdanige manier, dat er meer zicht wordt verkregen op de behaalde resultaten. Wanneer je resultaten van trajecten of verschuiving van trede op de participatieladder bijhoudt, is het inzicht in wat je bereikt met de gemeentelijke inzet groter, dan wanneer je kijkt naar resultaten per doelgroep. Gebruik doelen in termen van percentages per traject, verschuiving van trede op de participatieladder of termijn van uitstroom. c. het college de opdracht te geven om medewerkers in te zetten passend bij de doelen die zijn geformuleerd op het gebied van contact en begeleiding van de inwoners, passend bij het traject waarin ze zijn ingedeeld Advies raadscommissie Samenleving - onderzoeksrapport participatiewet RV Onderzoeksrapport Rekenkamercommissie - Uitvoering Participatiewet (nieuw) RB Onderzoeksrapport Rekenkamercommissie - Uitvoering participatiewet (nieuw) Bijlage 1 - Brief RKC aanbieden onderzoeksrapport uitvoering Participati... Bijlage 2 - Uitvoering participatiewet Ooststellingwerf - eindrapport RV Onderzoeksrapport Rekenkamercommissie - Uitvoering Participatiewet (oud) RB Onderzoeksrapport Rekenkamercommissie - Uitvoering Participatiewet (oud) Circulaire Uitvoeringsstrategie Ooststellingwerf Bespreekstuk in één termijn Voorgesteld besluit: 1. De Circulaire Uitvoeringsstrategie Ooststellingwerf vast te stellen.

RV Circulaire Uitvoeringstrategie Ooststellingwerf (nieuw) RB Circulaire Uitvoeringstrategie Ooststellingwerf Circulaire Uitvoeringsstrategie 2023-2030 Aanpassingen Circulaire Uitvoeringsstrategie Circulaire Uitvoeringsstrategie 2023-2030 + aanpassingen geel gearceerd RV Circulaire Uitvoeringstrategie Ooststellingwerf(oud) A-035a PvdA, D66 Circulaire Uitvoeringsstrategie - Kaders stellen (nieuw) A-035 PvdA, D66 Circulaire Uitvoeringsstrategie - Kaders stellen (oud) Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Hamerstuk Voorgesteld besluit: 1. De Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Ooststellingwerf 2023 vast te stellen. RV Verordening beslistermijn schuldhulpverlening

11

12

13

14

15

RB Verordening Beslistermijn Schuldhulpverlening 2023 Vaststellen bestemmingsplan Makkinga, Bûterheideveld 20 Hamerstuk Voorgesteld besluit: 1 Het ontwerpbestemmingsplan ‘Makkinga, Bûterheideveld 20’ ongewijzigd vast te stellen; 2 Geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 Wro vast te stellen. Advies agendacommissie Vaststellen bestemmingsplan Makkinga, Buterheide 20 RV vast te stellen bestemmingsplan Makkinga, Bûterheideveld 20 RB vast te stellen bestemmingsplan Makkinga, Bûterheideveld 20 Bijlage 1 - Ontwerpbestemmingsplan Makkinga, Bûterheideveld 20 Bijlage 2 - Besluit hogere waarden Wet geluidhinder Bûterheideveld 20 Makkinga incl bijlage akoestisch onderzoek_ Vaststelling bestemmingsplan Bovenweg 49 Oldeberkoop Hamerstuk Voorgesteld besluit: 1 Het bestemmingsplan Bovenweg 49 te Oldeberkoop ongewijzigd vast te stellen; 2 Geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 Wro vast te stellen.

Advies agendacommissie Vaststellen bestemmingsplan Bovenweg 49 Oldeberkoop RV vastgesteld bestemmingsplan Bovenweg 49 Oldeberkoop RB vastgesteld bestemmingsplan Bovenweg 49 Oldeberkoop Bestemmingsplan Bovenweg 49 Oldeberkoop Besluit hogere waarden Wet geluidhinder Bovenweg 49 Oldeberkoop Verlenging overeenkomst accountant Hamerstuk Advies agendacommissie Verlening overeenkomst accountant RV verlenging overeenkomst accountant.docx RB verlenging overeenkomst accountant Motie vreemd - Kleinschalige bouwprojecten Verzoeken het college; · Er bij de provinciale overheid op aan te dringen dat met de huidige woningnood haast moet worden gemaakt met het aanwijzen van meer plekken waar kan worden gebouwd, ook net buitende bebouwde kom/aan de rand van dorpsgrenzen. · De taskforce wonen de opdracht te geven om te onderzoeken of het mogelijk is om personen met lokale of economische of maatschappelijke binding met onze gemeente volgens de geldende procedures voorrang te verlenen bij de bouw van nieuwe woningen. M-052a OB, PvdA, CDA motie vreemd - Kleinschalige bouwprojecten Sluiting

Raadsvoorstel Commissievergadering Titel Onderwerp Portefeuillehouder/Teamleider Extern zaak ID (zaakcode)

: : : : :

Ruimte Startnotitie Stikstof Integrale aanpak landelijk gebied Walter Buijs 0085169422

Datum collegevergadering 19 september 2023

Voorgesteld besluit 1. In te stemmen met de Startnotitie Stikstof; en akkoord gaan met de volgende doelen: a. Betrouwbare overheid b. Natuurherstel c. Circulaire economie d. Agrarisch natuurbeheer stimuleren e. Multifunctionele landbouw stimuleren f. Rood voor Rood regeling verruimen g. Gezonde leefomgeving stimuleren h. Klimaatadaptieve maatregelen i. Culturele samenwerkingen j. Samenhang met SDG’s Openbaar Ja, passief via openbaar verslag

Inleiding In de gemeente Ooststellingwerf ligt een groot deel van het Fochtelooerveen, het Drents Friese Wold en de beekdalen waar de opgave stikstofreductie vanuit het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) veel impact zal gaan hebben. De startnotitie geeft een beeld van de integrale gebiedsaanpak en het beleid wat nodig zal zijn om de opgaven in ons gebied te realiseren. Het stikstofvraagstuk is een A-onderwerp in de samenwerkingsagenda van de gemeenteraad. Conform de Samenwerkingsagenda 2022-2026 maken wij als College een startnotitie om de gemeenteraad hierin vroegtijdig mee te nemen.

Argumenten 1.1. Integrale aanpak De opgaven in het landelijk gebied willen we integraal aanpakken en dus niet alleen op stikstof focussen. Voor ons als gemeente ligt er een taak om zo goed mogelijk het algemeen belang te behartigen en dat kan door ons als gemeente te richten op de volgende doelen:

Kanttekeningen 1.1. Gemeente nu nog geen formele rol Formeel gaat de provincie Fryslân over het opstellen van het Fries Programma Landelijk Gebied en de gebiedsgerichte aanpak, en heeft de gemeente nu nog geen formele rol.

Financiële toelichting Geen financiële gevolgen naast bestaande personele inzet.

Publicatie voor bekendmaking -

Vervolg De gemeenteraad zal in het najaar deel mogen nemen aan een formele inspraakprocedure van het Fries programma Landelijk gebied (FPLG). In 2024 zal naar verwachting de gebiedsgerichte aanpak starten.

Burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf, , secretaris

Bijlagen 1.

Startnotitie Stikstof

, burgemeester.

Extern zaak ID (zaakcode) : 0085169422 De raad van de gemeente Ooststellingwerf; nr. gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van; 19 september 2023;

Besluit 1. In te stemmen met de Startnotitie Stikstof; en akkoord gaan met de volgende doelen: a. Betrouwbare overheid b. Natuurherstel c. Circulaire economie d. Agrarisch natuurbeheer stimuleren e. Multifunctionele landbouw stimuleren f. Rood voor Rood regeling verruimen g. Gezonde leefomgeving stimuleren h. Klimaatadaptieve maatregelen i. Culturele samenwerkingen j. Samenhang met SDG’s

Besloten in de openbare vergadering van 31 oktober 2023. , griffier.

, voorzitter.

Startnotitie stikstof Van Datum B&W Onderwerp Portefeuillehouder Vergadering

: : : : :

Burgemeester en wethouders 19 september 2023 Startnotitie stikstof Jan van Weperen College B&W en gemeenteraad

Waarom deze notitie Het stikstofprobleem is een complex probleem en zet ons voor verschillende uitdagingen. Naast de Vogelen Habitatrichtlijn hebben we ook te maken met de nitraatrichtlijn , de kaderrichtlijn water en het Parijsakkoord. Het is dus van belang om integraal te denken en bij opgaves en maatregelen niet louter naar het effect op stikstofdepositie te kijken. In de gemeente Ooststellingwerf ligt een groot deel van het Fochtelooerveen, het Drents Friese Wold en de beekdalen waar de opgave stikstofreductie vanuit het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) veel impact zal gaan hebben. Het stikstofvraagstuk is daarom ook een A-onderwerp in de samenwerkingsagenda van de gemeenteraad. Deze startnotitie is een uitwerking van de wensen vanuit de Samenwerkingsagenda van de raad en kent verder geen structurerende keuzes ter besluitvorming. Het ontwerp FPLG dat in juni 2023 door de provincie is opgesteld kent beschrijvende en niet concrete opgaven, waardoor dit ook nog niet mogelijk is. Raakvlakken met andere ontwikkelingen Het NPLG gaat (ook) uit van een integrale aanpak. Er moet een balans worden bereikt tussen de draagkracht van de natuur, met een robuust watersysteem en een lage impact op het klimaat, en een perspectief voor de maatschappelijke en economische ontwikkeling voor bewoners, grondeigenaren en beheerders in de gemeente.

Dit vraagt verandering en ander soort oplossingen om onze brede welvaart in stand te houden. Dit biedt kansen, maar brengt ook veel uitdagingen en maatschappelijke onrust met zich mee. Het is niet alleen een technische transitie, maar ook een sociale. Voor ons als gemeente ligt een taak om zo goed mogelijk het algemeen belang te behartigen voor onze inwoners en bedrijven. Uitvoering van de opgaven Het ontwerp Fries Programma Landelijk Gebied (FPLG) – de Friese vertaling van het NPLG – dat in juni 2023 door Provinciale Staten is vastgesteld, laat zien dat er veel mogelijk is, maar dat plannen voor lange termijn moeilijk vast te leggen zijn met veel stakeholders aan tafel die elk hun eigen belangen behartigen. Als overheid ben je er voor alle inwoners en is het belangrijk om te kijken naar hoe wij dit samen vorm kunnen geven. In Fryslân zal de uitvoering van het FPLG in gebiedsprocessen gaan plaats vinden. Met het transitiefonds vanuit het Rijk voor de uitvoering van het NPLG zullen doelstellingen vorm moeten gaan krijgen, ook in onze regio Zuidoost-Fryslân. Via maatregelpakketten moet budget worden aangevraagd uit dit fonds. De provincie heeft regie op dit proces, maar vanuit de gemeenten zullen we zo goed mogelijk voorsorteren op door ons gestelde doelen en belangen.

Aanpak reductiedoelstellingen Uit natuurdoelanalyses blijkt dat om onze natuur te herstellen, er meerdere reductieopgaven (stikstof, methaan, CO₂) en wateropgaven gerealiseerd moeten worden. Sommige doelstellingen kunnen generiek door heel Fryslân – maar ook landelijk – behaald worden, alleen zullen grote uitstoters van stikstof – zoals piekbelasters – niet ontkomen aan de nieuwe realiteit. Op dit moment is er voor die groep een Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties, maar ontbreken er op dit moment nog alternatieve regelingen om uitstoot te beperken. Het vallen van het kabinet bemoeilijkt de inrichting van meer instrumenten.

Wat doen we nu al? Persoonlijke begeleiding door agrarische coaches De onzekerheid op de diverse thema’s – waaronder het stikstofdossier – trekt een zware wissel op agrariërs. Het toekomstperspectief op gebied van werken, wonen en leefstijl voor agrariërs zelf en gezin zijn onzeker. Uit onderzoek van de gemeente is gebleken dat agrariërs niet of nauwelijks aankloppen bij reguliere zorg zoals het gebiedsteam of de huisarts. Het college heeft daarom besloten om budget vanuit de WMO beschikbaar te stellen voor een aanvullend zorgaanbod voor agrariërs. Hiervoor wordt een bedrag van 60.000 euro per jaar gereserveerd voor een periode van 3 jaar. Binnen het budget van de WMO is hier ruimte voor. Ondersteuning stichting Landii Samen met de provincie Fryslân ondersteunen wij de stichting Landii. Deze stichting is voortgekomen uit de werkgroep Stikstof Ooststellingwerf die na het voorjaar van 2022 begonnen is met het organiseren van buurtbijeenkomsten vanwege hun zorgen over de positie en het perspectief van agrariërs. Na de zomer start de stichting met een inventarisatie op bedrijfsniveau in de gemeente. Een vijftal agrarische coaches – met ondersteuning van een secretaris – zullen in een halfjaar het perspectief van agrariërs in onze gemeente gaan onderzoeken.

Regiodeal Het Rijk investeert samen met de zuidoostelijke Friese gemeenten in de Regiodeal meer dan € 30 miljoen in de regio voor het versterken van vitale dorpen en een veerkrachtig landschap. Het gaat hierbij onder andere om projecten waarbij we droogteschade voor landbouw en natuur beperken. We vragen hiervoor ook een maatregelenpakket aan binnen het FPLG. Hierin werken we samen met onze buurgemeenten. De Regiodeal uitgebreider regionaal leer- en Kenniscentrum Bodem realiseren in het Biosintrum in Oosterwolde, onder andere om agrariërs te ondersteunen. De bodem is de basis voor een (groene) circulaire economie. Fries Programma Landelijk Gebied (FPLG) Wij pakken als gemeente een voor ons logische rol in het FPLG-proces. De provincie is regievoerder van zowel het gebiedsplan als de uitvoering in de regio’s, maar wij willen als gemeente – mede door het ontbreken van een eigen formele rol – vooraan zitten, omdat het een maatschappelijk ingrijpend en complex vraagstuk is. Wij zijn daarom zowel bestuurlijk aangehaakt in de Stuurgroep en ambtelijk in de klankbordgroep FPLG. De nieuwe provinciale omgevingsvisie (POVI/NOVEX) zal kaders geven voor het landelijk gebied en ook daar is ook ambtelijke inzet voor. Door het wisselende (landelijke) politieke landschap is het echter de vraag hoe ingrijpend en complex het gebiedsprogramma in de toekomst wordt.

Samenwerking in de gemeente Als gemeente willen we graag onze inwoners en ondernemers helpen als zij zich inzetten voor maatschappelijke opgaven. Waar het kan werken we samen, faciliteren we of zijn we in gesprek met deze partners. Op het gebied van landschap, landbouw, natuur en recreatie zijn dit onder andere Biosintrum, Kennisconsortium Bodem, ELAN, Gebiedscoöperatie Zuidoost en Landii. Samenwerking in Drenthe In het FPLG zullen we in Fryslân in gebiedsprocessen aan onze ruimtelijke opgaven werken, alleen is dit nog niet gedekt voor de impact die opgaven (zullen) hebben in de grensstreken. Op een aantal thema’s zitten we al aan tafel bij buurgemeenten voor projecten en landschapsopgaven. Met de stikstofproblematiek zijn er natuurlijk een aantal aspecten bijgekomen die invloed hebben op de inrichting en de leefbaarheid van ons landelijk gebied. We zien dat er qua ruimtelijke ordening en aanhangend beleid kansen en bedreigingen zijn om meer te gaan samenwerken met overheden in de provincie Drenthe. In de toekomst zullen we dit daarom gaan intensiveren.

Wat willen we bereiken Hieronder zijn de belangrijkste onderwerpen en doelstellingen opgesomd waar wij als gemeente aan willen gaan werken: Betrouwbare overheid In de hectiek van de waan van de dag willen we als gemeente werken aan stabiele maatschappelijke relaties zodat we een betrouwbare partner zijn in gebiedsprocessen. We hebben gezien wat een onbetrouwbare overheid teweeg kan brengen en gebiedsprocessen stil kan doen leggen. Door op het juiste moment met de juiste mensen en opgaven bezig te zijn en hier transparant mee om te gaan, denken we dit te kunnen ondervangen. Natuurherstel De doelstellingen voor het verminderen van stikstof zijn opgenomen in de Wet stikstof en natuurherstel . In 2025 moet voor tenminste 40% van de stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebieden de zogeheten kritische depositiewaarde niet meer overschreden worden. In 2030 moet dit 50% zijn en in 2035 74%.In onze provincie zijn twintig Natura 2000-gebieden, waarvan er twaalf stikstofgevoelig zijn. Drents Friese Wold en Fochtelooerveen zijn beide stikstofgevoelig. Op 31 augustus jl. is bekend geworden dat beschermde natuurgebieden nog meer last hebben van stikstof dan gedacht en dat de normen nog strenger zullen worden. De opgave om de natuur op een gezond niveau te krijgen en wettelijke stikstofdoelen te halen wordt dus waarschijnlijk nog groter dan gedacht.

Hoe groot de opgave ook is, bij de uitvoering van een gebiedsprogramma willen we gaan voor doelen die (op korte termijn) uitvoerbaar zijn, zowel qua praktische haalbaarheid als maatschappelijk draagvlak. De tijdlijn in het ontwerp FPLG gaat uit van concrete opgaven in 2025, na uitvoering van genoemde onderzoeken. Hierbij moeten generieke maatregelen vóór gebiedsgerichte maatregelen gaan, om de impact op gebieden te minimaliseren en de lasten te verdelen over de provincies. Circulaire economie Ons Programma duurzaamheid gaat in op energietransitie, klimaatadaptatie en circulaire economie. Vooral op het thema circulaire economie willen we meer initiatief tonen met projecten om kringlooplandbouw te stimuleren dan wel te faciliteren. Te denken valt aan: - Invulling van overgangsgebieden onderzoeken; - Lokale landbouwoplossingen/ verdienmodellen; - Klimaatadaptieve landbouw; - Verbreding van de gewassen (bijvoorbeeld graan en peulvruchten). Agrarisch natuurbeheer stimuleren Agrarisch natuurbeheer verkleint de scheidslijn tussen landbouw en natuur, maakt het landschap aantrekkelijker, vergroot de biodiversiteit en maakt het landschap weerbaarder voor klimaatverandering. We stimuleren agrariërs die hiermee aan de slag willen.

Multifunctionele landbouw stimuleren Multifunctionele landbouw omschrijft de activiteiten op het platteland die verbonden zijn aan een agrarische bedrijfsvoering. Bijvoorbeeld recreatie, zorglandbouw, natuurbeheer, boerderijwinkel. Verbreding van activiteiten kan een (beter) verdienmodel opleveren en bijdragen aan maatschappelijke behoeftes. Het landelijk gebied is gebaat bij een goede afweging tussen het bewaken van de kwaliteit van de leefomgeving en het mogelijk maken van dergelijke activiteiten. Hier gaan we samen met de maatschappelijke partners mee aan de slag.

Rood voor Rood regeling verruimen Het doel van het Rood voor Rood beleid is om de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk gebied te verbeteren door agrarische bedrijfsgebouwen te slopen en daar woningen voor terug plaatsen. Op die manier wordt de leegstand van agrarische bebouwing aangepakt en wordt voorzien in een vraag naar woningen. De bestaande rood voor rood regeling in Friesland is beperkt ten opzichte van de regelingen in bijvoorbeeld Drenthe. We denken dat de regeling dichtbij dorpen en met een goede aansluiting bij het landschap verruimd kan worden. Gezonde leefomgeving stimuleren Een rechtmatige overheid laat eenduidig zien waar letterlijk de grenzen liggen van wat wenselijk of haalbaar is en heeft dus te maken met goede ruimtelijke ordening. We gaan bezig om dit duidelijker in ons beleid op te nemen. De omgevingswet vraagt ook om dit duidelijk op te schrijven. Dit kan onder andere in een omgevingsprogramma/plan mogelijk gemaakt worden, op bijv.

de volgende onderwerpen: - Geur - Pesticiden - Geluid - CO₂ - Stikstof - Methaan - Fijnstof - Zoönose (ziektekiemen vee) - Verkeersbewegingen - Ontploffingsgevaar Klimaatadaptieve maatregelen Om ons aan te passen aan de klimaatverandering, gaan we in ons gebied – de hoge zandgronden – ons specifiek inzetten voor de volgende doelen, mede vastgelegd in Fryslân Klimaatbestendig 2050+: - regenwater goed laten infiltreren; - water langer vasthouden in ons gebied in plaats van snel af te voeren; - water in sloten en beken op natuurlijke zuiveren door planten; - minder grondwateronttrekking. Culturele samenwerkingen Om onze doelstellingen te halen hebben we draagvlak en samenwerking nodig om maatregelen te kunnen treffen. Cultuur en kunst kunnen hierin een belangrijke rol in spelen. Dit kan door verhalen te vertellen of boodschappen verbeelden die anders niet gehoord of gezien worden. Een van deze boodschappen kan bijvoorbeeld de verhardende discussie zijn tussen natuur en landbouw. Landschapsontwerpen vanuit landschapsbeheer als ‘Mei it ferline foarút’ en Open Stal kunstroute Oldeberkoop zijn creatieve oplossingen voor complexe vraagstukken om meer bewustwording en verandering te realiseren. Samenhang met SDG’s De gemeente Ooststellingwerf is een Global Goals-gemeente.

Dat betekent dat wij in de geest handelen van de 17 Sustainable Development Goals (SDG’s) om de wereld een betere plek te maken in 2030. Samen met andere overheden en bedrijven zetten we ons in voor uitdagingen als armoede, onderwijs en de klimaatcrisis. Onderstaande SDG-doelen hebben (hoofdzakelijk) een relatie tot deze startnotitie:

2- Geen honger Tegen 2030 moeten ook de allerkwetsbaarden voldoende voedsel hebben in de wereld. Bij ons in Nederland ligt de nadruk van dit doel vooral op de duurzaamheid van de voedselproductie en de impact ervan op de kwaliteit van de leefomgeving en het dierenwelzijn. Ook voedselverspilling moet afnemen.

8 - werkgelegenheid Economische groei is pas duurzaam als kapitaal, arbeid en grondstoffen verantwoordelijk worden ingezet en als winsten en inkomens eerlijk verdeeld worden tussen burgers en bedrijven.

12 - verantwoorde consumptie en productie (minder veevoer van ver) In Nederland ligt de nadruk van dit doel op de duurzaamheid van de voedselproductie en de impact ervan op de kwaliteit van de leefomgeving en het dierenwelzijn. Ook voedselverspilling moet afnemen.

15 - stop landdegradatie biodiversiteit Hier gaat het om bescherming, herstel en duurzaam beheer van het leven op het land in al zijn vormen. Bescherming en herstel van ecosystemen en biodiversiteit kunnen de weerbaarheid tegen toenemende bevolkingsdruk, intensivering van landgebruik en klimaatverandering versterken. Wat is de planning Voor het komende jaar is dit de voorlopige formele planning, als het gaat om procedures en activiteiten die met het FPLG samenhangen:

Activiteit Toetsing FPLG door het Rijk (LNV, Ecologische Autoriteit, Kennisconsortium)

Doel Goedkeuren gebiedsplan Fryslân

Wie betrekken -

Wanneer klaar/besluit juli-oktober 2023

Formele inspraakprocedure Aanbieden definitieve versie FPLG aan PS Gebiedsgerichte aanpak

Beoordelen en reageren op gebiedsplan Vaststellen definitieve versie FPLG Vertalen Fryske aanpak naar maatregelen

Gemeenteraad en gebiedspartners -

najaar 2023

Gemeenteraad en deelnemers aan gebiedsprocessen

2024

voorjaar 2024

Verder zullen we komende jaar de taken uitvoeren en activiteiten organiseren die ons helpen bij de doelstellingen uit dit document. Wie zijn en worden betrokken Onze doelen, die van het FPLG en de daaraan gekoppelde opgaven, kunnen alleen behaald worden samen mét de Mienskip, maatschappelijke partners en bedrijven. Vanaf 2024 zal dus gewerkt gaan worden met een provinciale uniforme gebiedsgerichte aanpak. Als gemeente zetten we ons in om ook binnen deze structuur onze doelen te behalen en onze gemeentelijke belangen te behartigen.

AMENDEMENT

# 032 De raad van de gemeente Ooststellingwerf, in vergadering bijeen d.d. 01 november 2023 Agendapunt: 7 Startnotitie stikstof Onderwerp Amendement : Vaststellen doelen Ondergetekenden, leden van de raad van de gemeente Ooststellingwerf, stellen voor om volgende punt aan het besluit toe te voegen: k. Een gezond vitaal toekomst bestendig buiten gebied. Toelichting: Als je het landelijk gebied integraal wilt aanpakken kun je niet alleen de focus op stikstof leggen. Voor de gemeente ligt dan ook de taak om alle belangen, die in het gebied spelen en actief zijn, te behartigen. Ook moet er ruimte zijn voor innovatie en ondernemerschap zodat er voor een ieder een gezond perspectief naar de toekomst is. Ondertekening en naam: ChristenUnie, Berend Leistra. VPO, Ben Oostra. VVD, Bram van ᾽t Klooster Het amendement is aangenomen / verworpen in de vergadering van d.d. 01 november 2023

Mevr. A. Hensen, griffier

AMENDEMENT

# 033 De raad van de gemeente Ooststellingwerf, in vergadering bijeen d.d. 31 Oktober 2023 Agendapunt 7: Startnotitie stikstof Onderwerp amendement: Commissie Ooststellingwerf in het FPLG / DPLG (Stikstof, etc.) Ondergetekenden, leden van de raad van de gemeente Ooststellingwerf, stellen voor om het raadsbesluit aan te vullen met de volgende beslispunten: 1. Een commissie stikstof in te stellen, waarin een lid van elke partij zitting kan nemen. De commissie fungeert als klankbord richting het college; 2. Het college te verzoeken om: a. De commissie stikstof regelmatig/op vaste termijn te informeren over de stand van zaken/ontwikkelingen die spelen in de regio en hoe daarop in te spelen als gemeente; b. In samenspraak met de commissie een klankbordgesprek te organiseren waarin betrokken stakeholders (FPLG/DPLG, agrarische belangenorganisatie, natuurorganisaties etc) worden uitgenodigd om met de commissie en college van gedachten te wisselen. Toelichting: Als gemeente Ooststellingwerf zitten wij in de unieke positie dat wij te maken hebben met twee provincies als het gaat om de inrichting van het programma landelijk gebied. Stikstof hebben wij als raad aangemerkt als een A onderwerp in de samenwerkingsagenda, met hoge prioriteit.

Het lijkt ons daarom goed om ons op een regelmatige / vaste termijn te laten informeren over de plannen die spelen bij beide provincies en invloed hebben op ons als gemeente.

Ondertekening en naam: VVD, Bram van ’t Klooster ChristenUnie, Berend Leistra OoststellingwerfsBelang, Henk Dongstra D66, Ignas Minnema VPO, Ben Oostra GroenLinks, Lisa Edema, PvdA, Jan Vledder CDA, Marie van Tellingen Het amendement is aangenomen / verworpen in de vergadering van d.d. 31 oktober 2023

Mevr. A. Hensen, griffier

Advies raadscommissie Samenleving Gehoord hebbende de beraadslaging in de commissie Samenleving van 11 oktober 2023 heeft de raadscommissie geadviseerd het raadsvoorstel ‘Onderzoeksrapport RKC uitvoering participatiewet’ aan te passen. In het nieuwe advies is op aanbeveling van de commissie de volledige aanbeveling vanuit het rekenkamercommissie overgenomen in het raadsvoorstel en besluit. Namens de raadscommissie Samenleving, B. Leistra, voorzitter raadscommissie Samenleving

Raadsvoorstel Commissievergadering Titel Portefeuillehouder/Teamleider

: : :

Samenleving Onderzoeksrapport RKC uitvoering Participatiewet Presidium

Voorgesteld besluit 1. De aanbevelingen van de rekenkamercommissie in het onderzoeksrapport ‘Uitvoering Participatiewet Ooststellingwerf’ over te nemen, zijnde; a. Formuleer realistische doelen, passend bij het idee dat de Participatiewet minder over werk en meer over sociale activering gaat. Heroverweeg daarbij de indeling in doelgroepen, waarbij een indeling in trajecten nuttiger is en een beter inzicht geeft in het participatievermogen van het bestand inwoners met een bijstandsuitkering; b. Gebruik de in de administratie beschikbare gegevens op een dusdanige manier, dat er meer zicht wordt verkregen op de behaalde resultaten. Wanneer je resultaten van trajecten of verschuiving van trede op de participatieladder bijhoudt, is het inzicht in wat je bereikt met de gemeentelijke inzet groter, dan wanneer je kijkt naar resultaten per doelgroep. Gebruik doelen in termen van percentages per traject, verschuiving van trede op de participatieladder of termijn van uitstroom. c. het college de opdracht te geven om medewerkers in te zetten passend bij de doelen die zijn geformuleerd op het gebied van contact en begeleiding van de inwoners, passend bij het traject waarin ze zijn ingedeeld.

Openbaar Ja, passief via openbaar verslag

Inleiding De rekenkamercommissie Ooststellingwerf heeft onderzoek gedaan naar de uitvoering van de Participatiewet in Ooststellingwerf. Het doel van de Participatiewet is om zoveel mogelijk mensen naar werk toe te leiden. De beleidsvrijheid van gemeenten in de uitvoering van de wet is beperkt. De raad heeft wel de beleidsvrije keuze welke doelgroepen worden onderscheiden en welke instrumenten per doelgroep worden ingezet. Het college bepaalt hoe dat gebeurt. In tijden van veel werkgelegenheid, bestaat de groep uitkeringsgerechtigden voor een groot deel uit mensen met veel afstand tot de arbeidsmarkt. Bij deze groep is het doel van de wet bereikt als zij meer actief worden in de samenleving, door bijvoorbeeld vrijwilligerswerk te doen of een beperkt aantal uren betaald werk te verrichten. Dat past ook bij het principe van de Participatiewet - mensen activeren om mee te doen.

Argumenten 1.1 De rekenkamercommissie is een instrument van en voor de raad De gemeenteraad heeft een rekenkamercommissie ingesteld ter ondersteuning van de kaderstellende en controlerende taak. De rekenkamercommissie richt zich op rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid van beleid en beheer. De rekenkamercommissie van Ooststellingwerf is een personele unie met de rekenkamercommissies van Weststellingwerf en Opsterland, met een externe voorzitter en externe leden. De rapporten die zij schrijft biedt zij aan het college van burgemeester en wethouders aan voor een bestuurlijke reactie. Deze bestuurlijke reactie wordt integraal opgenomen in het rapport. De uiteindelijke ontvanger van het rapport is de gemeenteraad. Het is aan de gemeenteraad om te bepalen in hoeverre de raad zich kan vinden in het rapport, de conclusies en de aanbevelingen. Het is tevens aan de gemeenteraad om te bepalen welke opdracht aan het college wordt meegegeven.

Vervolg De aanbevelingen worden opgenomen in de voortgangslijst, zodat de raad hier toezicht op kan houden.

De fractievoorzitters van de raad van de gemeente Ooststellingwerf, Henk Dongstra Lisa Edema Bart Polpe Thomas Wiebe Swart Sierd van Weperen Ben Oostra Marcel Moes Berend Leistra Ignas Minnema

Bijlagen 1. 2.

Brief RKC aanbieden onderzoeksrapport uitvoering Participatiewet Uitvoering Participatiewet Ooststellingwerf - eindrapport

Extern zaak ID (zaakcode) : De raad van de gemeente Ooststellingwerf; nr.

Besluit 1. De aanbevelingen van de rekenkamercommissie in het onderzoeksrapport ‘Uitvoering Participatiewet Ooststellingwerf’ over te nemen, zijnde; a. Formuleer realistische doelen, passend bij het idee dat de Participatiewet minder over werk en meer over sociale activering gaat. Heroverweeg daarbij de indeling in doelgroepen, waarbij een indeling in trajecten nuttiger is en een beter inzicht geeft in het participatievermogen van het bestand inwoners met een bijstandsuitkering; b. Gebruik de in de administratie beschikbare gegevens op een dusdanige manier, dat er meer zicht wordt verkregen op de behaalde resultaten. Wanneer je resultaten van trajecten of verschuiving van trede op de participatieladder bijhoudt, is het inzicht in wat je bereikt met de gemeentelijke inzet groter, dan wanneer je kijkt naar resultaten per doelgroep. Gebruik doelen in termen van percentages per traject, verschuiving van trede op de participatieladder of termijn van uitstroom; c. Het college de opdracht te geven om medewerkers in te zetten passend bij de doelen die zijn geformuleerd op het gebied van contact en begeleiding van de inwoners, passend bij het traject waarin ze zijn ingedeeld.

Besloten in de openbare vergadering van 31 oktober 2023. , griffier.

, voorzitter.

RKC Ooststellingwerf

Aan de Raad van de gemeente Ooststellingwerf (c.c. college van b. en w.) Betreft: aanbieden onderzoeksrapport rkc-onderzoek ‘uitvoering participatiewet’ Bijlage: onderzoeksrapport

20 juli 2023 Aan de gemeenteraad,

De participatiewet heeft als doel om zoveel mogelijk mensen weer aan het werk te helpen, betaald óf onbetaald. Maar in juni 2023 concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau dat bijstandsgerechtigden niet altijd voldoende hulp krijgen bij hun problemen omdat de Participatiewet een te grote focus zou hebben op betaald werk. We zijn nu acht jaar na de invoering, er is meer werk dan ooit tevoren, werkgevers zitten te springen om mensen en toch maakt nog steeds een aanzienlijk aantal mensen (langdurig) gebruik van een bijstandsuitkering. Waar zit de mismatch tussen het aanbod van vacatures op de arbeidsmarkt en de groep inwoners die langdurig gebruik maakt dan een bijstandsuitkering? Diverse raadsleden gaven aan inzicht te willen hebben in hoe de Participatiewet is uitgepakt in de gemeente. We deden daarom onderzoek naar de uitvoering van de participatiewet in Oost- en Weststellingwerf. En alvast een tipje van de sluier: ondanks dat deze twee gemeenten elk hun eigen aanpak hebben, lijkt het resultaat elkaar niet veel te ontlopen. In ons onderzoeksrapport leest u er alles over. Wij zijn hiervoor veel dank verschuldigd aan eenieder die aan ons onderzoek heeft meegewerkt, met name aan de inwoners en ondernemers die hun ervaringen met ons hebben gedeeld.

Het is een ander soort onderzoeksrapport geworden dan dat u van ons gewend bent: aanzienlijk korter en u zult veel cijfers en achtergrondinformatie aantreffen in de factsheets en niet in het rapport zelf. We hebben geprobeerd hiermee tegemoet te komen aan uw uitgesproken wens voor minder dikke rapporten. Wij komen graag in één van uw komende vergaderingen de uitkomsten van het onderzoek presenteren en toelichten. Hoogachtend, Rekenkamercommissie Ooststellingwerf

Hanneke Vervoort, voorzitter a.i.

Heeft de gemeente de wettelijke taak die in de Participatiewet is opgelegd, mensen binnen hun mogelijkheden te ondersteunen naar werk (betaald, onbetaald), op een volgens de doelgroep en volgens de werkgevers passende wijze ten uitvoer gebracht en wordt de raad daarover adequaat geïnformeerd?

Uitvoering Participatiewet in de gemeente Ooststellingwerf

Rekenkamercommissie Ooststellingwerf, juli 2023

Inhoudsopgave 1

Participatiewet - hoe zit het ook alweer? ..................................2

2

Wat is er onderzocht? ..............................................................3

3

Wat wil Ooststellingwerf bereiken?...........................................4

4

Hoe organiseert Ooststellingwerf de uitvoering? ......................5

5

Bevindingen .............................................................................7

6

Conclusies .............................................................................13

7

Aanbevelingen .......................................................................14

Bijlage 1 - Benchmark Ooststellingwerf vs Weststellingwerf ..........15 Bijlage 2 - Monitor sociaal domein.................................................17 Bijlage 3 - Geraadpleegde documenten ........................................21 Bijlage 4 - Bestuurlijke reactie .......................................................22 Pagina 23 en verder: Factsheet 1 – Kenmerken inwoners met een uitkering Factsheet 2 – Participatie per doelgroep Factsheet 3 – Resultaten Factsheet 4 – Resultaten per traject Factsheet 5 – Resultaten langdurige uitkeringsgerechtigden Factsheet 6 – Vergelijking Ooststellingwerf en Weststellingwerf

1

1

Participatiewet - hoe zit het ook alweer?

Het doel van de Participatiewet is om zoveel mogelijk mensen naar werk toe te leiden. Sommige mensen hebben alleen ondersteuning nodig bij het zoeken naar werk, anderen hebben ook ondersteuning nodig omdat zij een arbeidsbeperking hebben. De Participatiewet biedt daarvoor allerlei instrumenten, bijvoorbeeld de leerwerkplek, beschut werk of jobcoaching. En, als werk niet mogelijk is, is er een bijstandsuitkering, maar dan kan de gemeente van je vragen dat je bijvoorbeeld vrijwilligerswerk doet en op die manier participeert in de samenleving. De beleidsvrijheid van gemeenten in de uitvoering van de Participatiewet is beperkt. Gemeenten moeten beleid formuleren en regels maken om de in de Participatiewet genoemde instrumenten te kunnen inzetten.

Daarbij moeten de volgende keuzes gemaakt worden: - de raad kiest welke instrumenten uit de Participatiewet worden aangeboden en welke doelgroepen de raad wil onderscheiden (beleidsplan); - de raad kiest welke instrumenten voor welke doelgroepen worden ingezet en onder welke voorwaarden (veelal in verordeningen of beleidsregels per (groep) instrument(en)); - de raad beslist of er een tegenprestatie wordt verwacht voor bijstand en wat dat dan inhoudt (verordening tegenprestatie); - de raad maakt regels over het voorkomen van misbruik van de regelingen en de handhaving van de voorwaarden (handhavingsverordening); - het college maakt een keuze over de manier waarop de uitvoering wordt ingericht (meer of minder integraal, samen of alleen - vaak in een uitvoeringsplan). De ondersteuning door instrumenten uit de Participatiewet heeft verschillende doelen: - het makkelijker maken om iemand aan te nemen die minder productief kan zijn (loonkostensubsidie,

-

proefplaatsing/participatieplaatsen, no-riskpolis, mobiliteitsbonus, loonkostenvoordeel, beschut werk/detachering); zorgen dat een werknemer zijn werk kan blijven doen (jobcoaching, tolk, hulpmiddelen); zorgen dat belemmeringen voor werk worden weggenomen (vervoer, aanpassing werkplek); zorgen dat iemand klaar wordt gestoomd voor de arbeidsmarkt of voor maatschappelijke participatie (activering/tegenprestatie, begeleiding, opleiding, training, stimuleringspremies, leerwerkplek).

Een beleidsvrije keuze voor de raad is welke doelgroepen worden onderscheiden en welke instrumenten per doelgroep worden ingezet. Veel gemeenten onderscheiden de doelgroepen op basis van de afstand tot de arbeidsmarkt. Als iemand een bijstandsuitkering komt aanvragen, doen de medewerkers een intake en komt een inwoner in één van de doelgroepen terecht. Dat bepaalt vervolgens welke ondersteuning en welke instrumenten er ingezet kunnen worden voor deze inwoner. Is jobcoaching bijvoorbeeld voor iedereen beschikbaar of alleen voor mensen die veel kans maken op een werkplek? En, het college beslist hoe zij de uitvoering inrichten - krijgt iemand te maken met een contactpersoon voor alle domeinen, of alleen voor werk en inkomen? En doet deze contactpersoon zelf ook aan begeleiding of wordt dat extern ingekocht? Kortom: wat de gemeente aan instrumenten inzet bepaalt de raad, maar hoe dat gebeurt is aan het college. In tijden van veel werkgelegenheid, bestaat de groep uitkeringsgerechtigden voor een groot deel uit mensen met veel afstand tot de arbeidsmarkt. Bij deze groep is het doel van de wet bereikt als zij meer actief worden in de samenleving, door bijvoorbeeld vrijwilligerswerk te doen of een beperkt aantal uren betaald werk te verrichten. Dat past ook bij het principe van de

2

Participatiewet - mensen activeren om mee te doen. Gemeenten gebruiken de participatieladder om te meten in hoeverre iemand actief is. Stijging op de participatieladder wordt ook gezien als succes binnen de Participatiewet. De participatieladder bestaat uit zes treden, zoals figuur 1 laat zien.

ontvangen worden ondersteund in het komen naar betaald of onbetaald werk. De rekenkamercommissie wil de raad informeren over de instrumenten die de gemeente inzet voor de inwoners die langdurig in de bijstand zitten en wat de ervaringen van deze inwoners en van werkgevers zijn. Met zicht op de uitvoering en de behaalde resultaten bij het inzetten van instrumenten, kan de rekenkamercommissie de raad informeren over de mogelijkheden voor sturing en controle op de Participatiewet: zijn er haalbare en realistische doelen geformuleerd? Lukt het om met de ingezette instrumenten de doelen uit de Participatiewet te bereiken? Krijgt de raad relevante informatie over de voortgang in het bereiken van de doelen? De centrale vraag van het onderzoek is:

De Participatiewet is voortdurend in ontwikkeling en wordt naar aanleiding van de evaluatie van de wet in 2019 aangepast. Tot nu toe richten de aanpassingen zich vooral op het verzachten van een aantal hardheden uit de wet (zoals de kostendelersnorm en de armoedeval bij de overgang naar werk). Hoewel een fundamentele herziening nog niet is voorgesteld, is wel duidelijk dat er steeds meer aandacht komt voor de groep inwoners waarvoor werk geen realistisch doel is (Kamerbrief 21 feb 2022).

2

Wat is er onderzocht?

De aanleiding om de uitvoering van deze wet te onderzoeken is dat het aantal mensen met een langdurige uitkering stabiel blijft, terwijl het aantal vacatures hoog is, maar er sinds 2020 door corona veel minder instrumenten als loonkostensubsidie, proefplaatsingen etc zijn ingezet. Dit onderzoek brengt in beeld op welke manier met name inwoners die langer dan twee jaar een bijstandsuitkering

“Heeft de gemeente de wettelijke taak die in de Participatiewet is opgelegd, mensen binnen hun mogelijkheden te ondersteunen naar werk (betaald, onbetaald), op een volgens de doelgroep en volgens de werkgevers passende wijze ten uitvoer gebracht en wordt de raad daarover adequaat geïnformeerd?”

Het onderzoek richt zich op de doelgroep inwoners die langdurig een uitkering hebben ontvangen in de periode 2019-2022. De hoofdvraag is vertaald naar deelvragen, die gaan over: - Visie en beleid, gestelde doelen en de informatie aan de raad. - Inzet van instrumenten voor de doelgroep en de wijze waarop dat is georganiseerd. - De ervaringen van de doelgroep. - De ervaringen van de werkgevers. Voor het onderzoek is een documentanalyse gedaan om visie, beleid, doelen en voortgangsinformatie te achterhalen. Voor de inzet van instrumenten is een data-analyse uitgevoerd van registratiegegevens, aangeleverd door de backoffice. 3

De ervaringen van de doelgroep zijn in beeld gebracht door telefonische interviews met 16 inwoners. De ervaringen van werkgevers zijn in beeld gebracht door een online enquête. De resultaten van de interviews, de online enquête en de dataanalyse zijn in een terugkoppelsessie besproken met een groep medewerkers (beleid, uitvoering en backoffice). Het resultaat van het onderzoek is te vinden in de bijbehorende factsheets. Factsheet 1 geeft zicht op wie de groep inwoners met een bijstandsuitkering is. Factsheet 2 geeft zicht op hoe actief inwoners participeren. Factsheet 3 brengt in beeld wat de resultaten zijn. In Factsheet 4 wordt dit nog verdiept met zicht op de resultaten per traject. Factsheet 5 kijkt specifiek naar de doelgroep langdurig werklozen. In deze overzichtsrapportage vindt u de antwoorden op de onderzoeksvragen, de conclusies en aanbevelingen. U leest achtereenvolgens wat de gemeente Ooststellingwerf wil bereiken (3), hoe de gemeente dat organiseert (4), wat de antwoorden op de onderzoeksvragen zijn (5), wat dat aan conclusies oplevert (6) en welke aanbevelingen de rekenkamercommissie voor de raad heeft (7). (NB conclusies een aanbevelingen worden na het ambtelijk wederhoor toegevoegd)

3

Wat wil Ooststellingwerf bereiken?

De gemeente Ooststellingwerf heeft na de decentralisatie in 2015 in eerste instantie het beleid samen met de gemeente Weststellingwerf ingericht. In de Beleidsnota Re-integratie en Participatie Oost en West 2015-2018 en de verfijning daarvan onderscheidt de gemeente drie doelgroepen binnen de Participatiewet: kansrijken, doorstromers en aandachtsgroep. In de beleidsnota zijn tien doelen geformuleerd die vooral instrumenteel zijn - de doelen gaan over hoe de gemeente wil gaan werken. In 2018 heeft de gemeente Ooststellingwerf eigen beleid geformuleerd in de visie Op Weg naar een Inclusief Ooststellingwerf 2019-2021. In deze beleidsnota worden drie speerpunten vertaald in drie

concrete doelen. In de Visie op Samenleven die in 2019 wordt ontwikkeld worden nieuwe gewenste effecten benoemd voor de uitvoering van de Participatiewet, bij de opgave Meedoen. In de Doe Agenda B is dit uitgewerkt in tien concrete doelen (zie kader) waarbij per doel de inspanning is geformuleerd die de gemeente wil doen. 1. We plaatsen jaarlijks minimaal 20 kansrijken, 50 doorstromers en 30 uit de aandachtsgroep (BAB) en creëren minimaal 15 werkervaringsplekken binnen onze eigen organisatie. 2. In de jaren 2020-2024 is er jaarlijks 10% minder instroom naar de bijstand. 3. Van de inwoners die uitstromen uit de bijstand – P-wet naar werk blijft 90% minimaal een half jaar uit de bijstand. 4. Werkgevers weten met één druk op de knop alle arbeid gerelateerde regelingen en voorzieningen te vinden. 5. Alle klanten zijn in beeld en we kennen hun positie op de participatieladder. 6. Alle klanten hebben een voorziening richting sociale activering en/of werk. 7. Alle klanten maken, naar vermogen, stappen op de participatieladder. 8. Alle inwoners in de leeftijd van 18 - 67 jaar ervaren hun daginvulling als passend bij hun wens, talenten en eventuele ontwikkeldoelen. 9. Bij dagbesteding behaalt minimaal 75% van de Wmo-aanbieders de doelen uit het ondersteuningsplan van de inwoner. 10.

We geven prioriteit aan het faciliteren en organiseren van informele daginvulling (indicatie vrij) boven formele daginvulling.

De doelen zijn concreet geformuleerd, met soms een meetbare streefwaarde erbij. De raad wordt via de Monitor Sociaal Domein op de hoogte gehouden van de voortgang in het bereiken van deze doelen. Het was oorspronkelijk de bedoeling om ieder kwartaal een monitor te sturen, maar in 2021 is dat drie keer gebeurd en vanaf 2022 gebeurt dat tweemaal per jaar.

4

In bijlage 1 is voor de doelen 1 tot en met 7 (de doelen die horen bij de doelgroep van dit onderzoek) samengevat wat hierover is gerapporteerd in de laatst beschikbare Monitor Sociaal Domein (eerste helft 2022) en wat een cohortstudie1 aan extra informatie heeft opgeleverd.2 -

-

-

Over doel 1 worden in de Monitor cijfers getoond die het doelbereik niet meten: er wordt gerapporteerd over instroom, en niet over plaatsing. De gemeente Ooststellingwerf werkt aan het verbeteren van de monitoring van dit doel. De doelen 2 en 3 zijn meetbaar geformuleerd en het doelbereik wordt getoond in de Monitor. Doel 4 vraagt een terugkerend onderzoek onder werkgevers wat nog niet is georganiseerd. Doel 5 is onvoldoende meetbaar geformuleerd (wat betekent ‘alle klanten zijn in beeld’?). In de Monitor wordt bij doel 5 geschreven dat alle kansrijken zich bevinden op trede 5 en 6 van de participatieladder, doorstromers op treden 3 en 4 en aandachtsgroepers op treden 1 en 2. Uit de registratie van het cohort 2019 blijkt dat dit lang niet altijd het geval is. Een verklaring is onder andere het anders registreren halverwege de monitorperiode. Doel 6 is meetbaar geformuleerd, maar voor de Monitor zijn de juiste gegevens niet beschikbaar. Doel 7 is onvoldoende specifiek: wanneer maakt een inwoner stappen naar vermogen? In de monitor wordt bij doel 7 gerapporteerd over uitstroom naar werk, terwijl uit de registraties ook beweging op de participatieladder beschikbaar is.

1 Voor dit onderzoek is een cohortstudie uitgevoerd. Met een cohortstudie wordt

een groep mensen door de tijd gevolgd. We hebben van alle inwoners die een uitkering hadden op 1 januari 2019 gegevens verzameld vanaf het begin van de uitkering tot 1 november 2022. Het zijn gegevens over de indeling in een

In de jaarstukken kan de raad ook informatie vinden, maar daar wordt gerapporteerd over de ondernomen activiteiten, maar niet aan de hand van de gestelde doelen.

4 Hoe organiseert Ooststellingwerf de uitvoering? De taken uit de Participatiewet worden uitgevoerd door het gebiedsteam. Zij doen een intake met de inwoners en delen hen in in een doelgroep en een trede op de participatieladder. Ze maken met de inwoner een trajectplan over de begeleiding die er nodig is. De medewerkers zorgen voor passende voorzieningen (de mogelijke instrumenten uit de Participatiewet) en kopen die indien nodig in. De backoffice handelt dit vervolgens administratief af. De medewerkers werken met drie doelgroepen (kansrijk, doorstroom en aandachtsgroep. Kansrijken zijn mensen met een korte afstand tot de arbeidsmarkt (3 maanden). Doorstromers zijn mensen die binnen twee jaar met of zonder ondersteuning te begeleiden zijn naar werk. De aandachtsgroep bestaat uit mensen die langer dan twee jaar nodig hebben om naar betaald werk te gaan. In de praktijk is uitstroom naar werk niet altijd realistisch, voor een deel van de groep is maatschappelijke activering het hoogst haalbare doel. Omdat de aandachtsgroep groot en zeer divers is en omdat betaald werk voor deze groep binnen 2 jaar meestal niet haalbaar is, wordt behalve de doelgroep ook de trede op de participatieladder geregistreerd. Het doel is om de inwoner naar de voor hem of haar hoogst haalbare trede te activeren.

doelgroep, de treden op de participatieladder en - in geval van uitstroom - de reden van uitstroom. 2 Doel 8-10 gaan niet meer over de Participatiewet en zijn daarom niet in deze analyse meegenomen.

5

Als er iets wijzigt in de situatie van de inwoner, dan registreert de medewerker een nieuwe trede op de participatieladder. Vanaf 2021 is de trede op de participatieladder voor de medewerkers van het team leidend boven de doelgroep. Inwoners op treden 4 (onbetaald werk zoals een leerwerkplek) en 5 (betaald werk) kunnen lang op deze treden blijven staan, omdat zij blijvend begeleiding / ondersteuning nodig hebben en er vaak een loonkostensubsidie aan gekoppeld is. Op basis van de trede op de participatieladder en de situatie van de inwoner wordt bepaald naar welk doel binnen 2 jaar gestreefd wordt en op basis van dat doel wordt een traject ingezet en beschikt. De medewerkers kunnen kiezen uit onderstaande trajecten. Traject gericht op

Profiel van de inwoner

Uitstroom naar werk

De inwoner kan binnen ongeveer 2 jaar uitstromen naar betaald werk

Sociale activering (gericht op uitstroom)

De inwoner heeft eerst een aantal vaardigheden te leren en kan daarna uitstromen naar betaald werk

Sociale activering (gericht op maatschappelijke participatie)

De inwoner kan op korte termijn niet naar werk begeleid worden, inzet is gericht op meedoen in de samenleving

Inburgering

De inwoner leert eerst een aantal vaardigheden waardoor de kans op duurzame uitstroom naar werk groot is

Zorg

De inwoner is door psychische en/of lichamelijke problemen van zichzelf of

gezinsleden tijdelijk niet in staat zijn om deel te nemen aan een traject Ontheffing

De inwoner heeft geen arbeidspotentieel door bijvoorbeeld een ongeneeslijk ziekte, psychiatrische problematiek of een complexe zorgbehoefte. Arbeidspotentieel wordt in de toekomst ook niet meer verwacht

Het komt voor dat iemand van traject wisselt als er een grote levensgebeurtenis plaatsvindt, maar doorgaans loopt een traject totdat het doel bereikt is of de omstandigheden voor zorg/ontheffing zijn veranderd. Als betaald werk wel haalbaar lijkt, maar pas op de lange termijn (langer dan 2 jaar), dan wordt eerst voor het traject sociale activering (gericht op uitstroom) gekozen. In de administratie zijn er voor inwoners met een uitkering daarmee drie typeringen te vinden: - iemand wordt in een doelgroep geplaatst (kansrijk, doorstroom, aandachtsgroep) en - iemand wordt ingeschat op een trede op de participatieladder (trede 1-6) en - iemand krijgt een traject - een richting, beoogd doel voor de inzet van instrumenten: ontheffing, inburgering, sociale activering (maatschappelijke participatie), sociale activering (gericht op uitstroom), zorg of uitstroom naar werk. Er is geen één-op-één koppeling tussen de doelgroepen, de treden op de participatieladder en de trajecten. Voor het selecteren van de juiste ondersteuning gebruiken de medewerkers naast de wettelijke instrumenten ook een instrumentengids, met instrumenten die mogen worden ingezet bij alle doelgroepen en in alle trajecten.

6

De instrumenten uit deze gids zijn projecten en programma’s van verschillende uitvoerders (bijvoorbeeld Stichting Scala, het Rea college, Humanitas). De wettelijke instrumenten zijn ook beschikbaar voor de medewerkers, maar de inwoner moet aan bepaalde voorwaarden voldoen om ervoor in aanmerking te komen (zoals vastgelegd in de verordeningen en beleidsregels). De instrumenten jobcoaching en leerwerkplek stelt de gemeente beschikbaar voor iedereen die perspectief heeft op werk, ook op de langere termijn. In de administratie vinden de onderzoekers een brede waaier aan instrumenten terug, dat wat de medewerkers hebben geregistreerd: wettelijke instrumenten, de programma’s/projecten, uitvoerders, en eigen categorieën als maatwerk of eigen begeleiding. De medewerkers kiezen samen met de inwoner wat een passend instrument is, of voeren de begeleiding (activering, jobcoaching, training) zelf uit en kunnen tot een bepaald budget zelf voorzieningen inkopen. Daar is een grens aan - als het budgetplafond wordt bereikt moeten de medewerkers zelf de begeleiding doen. Dat komt regelmatig voor. Het is nog niet voorgekomen dat het zo druk was, dat er geen eigen begeleiding geboden kon worden. Het team wisselt informatie en ervaringen uit over casussen waarbij het uitgangspunt is: liever goed begeleiden dan veel begeleiden.

Het team registreert in de administratie ook het contact met de inwoners, dat doen ze allemaal op eenzelfde manier. Voor de contacten met werkgevers werkt de gemeente samen in de Arbeidsmarktregio Zuidoost Friesland (de vijf gemeenten met UWV, Caparis, en Friesland Werkt). In deze samenwerking streven de partners naar eenduidige dienstverlening voor werkgevers in de regio. Binnen de gemeente is er een accountmanager voor werkgevers (jobhunter) die zowel de werkgevers als de inwoners spreekt. De jobhunter maakt afspraken zowel met grotere bedrijven, gericht op meer plekken, als met individuele bedrijven en inwoners.

Als er een match is, dan is het werk van de jobhunter klaar en pakt de casemanager of jobcoach het over. Er is geen registratiesysteem voor bedrijfscontacten, wel zijn er goede contacten met de ondernemersclubs in de gemeente.

5

Bevindingen

In de onderzoeksopzet zijn de onderzoeksvragen gegroepeerd in blokken per thema. Hieronder worden per thema de belangrijkste bevindingen beschreven in de vorm van antwoorden op de onderzoeksvragen. Bevindingen over visie en beleid Het beleid van de gemeente Ooststellingwerf is vastgelegd in de visie Op weg naar een inclusief Ooststellingwerf en is verder uitgewerkt in de Visie op Samenleven met de bijbehorende Doe Agenda B. De doelen zijn voor het merendeel specifiek en voorzien van streefwaarden. De verordeningen en beleidsregels rond de Participatiewet zijn tussen 2015 en 2017 opgesteld, alleen de verordening over boetes en terugvordering is recent (2022). De medewerkers zijn vrij om passende instrumenten te kiezen uit de lijst van wettelijke instrumenten en de lijst van programma’s en projecten waar de gemeente aan meedoet. De gemeente onderscheidt wel doelgroepen, maar zet instrumenten zo breed mogelijk in. Natuurlijk geldt voor een aantal wettelijke instrumenten dat de doelgroep aan specifieke eisen moet voldoen, maar als het gaat om begeleiding op de werkplek of gericht op het klaarstomen voor werk, dan maakt de gemeente geen onderscheid tussen doelgroepen of trajecten. De raad krijgt informatie over de voortgang van de doelen uit de Doe Agenda in de Monitor Sociaal Domein.

De Monitor Sociaal Domein en de jaarstukken geven de raad echter geen compleet beeld van de voortgang op de gestelde doelen (zie bijlage 1).

7

Bevindingen over de inzet van instrumenten De backoffice heeft een overzicht aangeleverd van alle instrumenten die tussen januari 2019 en november 2022 zijn ingezet bij inwoners die langer dan twee jaar een bijstandsuitkering hebben ontvangen. In de periode 2019-2022 waren er 898 unieke inwoners met een uitkering langer dan 2 jaar. Het is niet makkelijk om een overzicht te geven van de inzet van instrumenten. Dit omdat de administratie zowel losse projecten, wettelijke instrumenten, als categorieën die meerdere instrumenten kunnen omvatten, bevat. Instrumenten worden in de administratie vooral onderscheiden op hun financieringsbron, niet op de richting of inhoud van het handelen van de medewerker. Eigen begeleiding kan bijvoorbeeld zowel zorg als jobcoaching zijn. Wel is het mogelijk een overzicht te geven van de meest voorkomende registraties bij de inwoners die langer dan twee jaar een bijstandsuitkering hebben gehad. Instrument

N

%

Eigen begeleiding

184

19,8%

Zorgtraject

176

18,9%

Vrijwilligerswerk/tegenprestatie

164

17,6%

Maatwerk

165

16,8%

Iedereen in beweging (St. Scala)

110

11,8%

Externe expertise

103

11,1%

Bron: backoffice. Per inwoner kunnen meerdere instrumenten geregistreerd worden.

de inzet van reguliere zorg (huisarts, specialist, zorg vanuit de wmo) en drukt bijna nooit op het budget van werk. Vrijwilligerswerk/ tegenprestatie wordt als zodanig geregistreerd als de inwoner vrijwilligerswerk doet dat voldoet aan de eisen uit de verordening tegenprestatie (zie ook factsheet 4). Meestal doet de inwoner uit zichzelf al vrijwilligerswerk, omdat dat past bij de cultuur van de gemeente Ooststellingwerf. Vrijwilligerswerk wordt soms opgelegd als tegenprestatie als iemand niet in beweging wil komen en dan wordt er incidenteel ook op gehandhaafd. Mensen met vrijwilligerswerk als tegenprestatie staan op trede 3 van de participatieladder. De drie meest ingezette instrumenten zijn dus instrumenten zonder inkoop. Maatwerk is de inkoop van een instrument dat niet tot de grote inkoop behoort. Omdat weinig instrumenten groot worden ingekocht, is er veel ruimte voor maatwerk. Iedereen in beweging is een activeringsprogramma dat wordt ingekocht bij Stichting Scala. Onder externe expertise vallen bijvoorbeeld medische onderzoeken en herwaarderingsonderzoeken voor loonkostensubsidie. Uit een analyse van de inzet van instrumenten, blijkt verder dat de meeste instrumenten worden ingezet bij inwoners tussen de 22 en 50 jaar. Hoe ouder men wordt, hoe minder instrumenten er worden ingezet.

De medewerkers zien jobcoaching en loonkostensubsidie als de meest effectieve instrumenten, met name in de route vanaf het praktijkonderwijs. En, vrijwilligerswerk wordt gezien als het beste instrument om een stap op de participatieladder te maken. De essentie volgens medewerkers is het inzetten op contact: het loont om de mensen veel te spreken. Medewerkers geven aan dat voor hen het onderscheid in doelgroepen niet zo relevant is, zij letten vooral op de ontwikkeling van de inwoner op de treden van de participatieladder en of de doelen uit het traject worden bereikt.

Eigen begeleiding is de inzet van begeleiding door de eigen medewerkers, bijvoorbeeld voor jobcoaching. Zorgtraject is meestal

8

Bevindingen over de inzet van trajecten Uit een analyse van de inzet van trajecten voor inwoners die langer dan 2 jaar een bijstandsuitkering ontvangen blijkt dat meer dan de helft van hen op enig moment een traject gericht op uitstroom naar werk heeft gehad en 15% heeft (ook) een traject gericht op sociale activering gehad. Daarnaast heeft 12% een inburgeringstraject (gehad). Van ruim meer dan de helft van de inwoners met een bijstandsuitkering langer dan 2 jaar wordt dus verwacht dat uitstroom naar werk (op termijn) haalbaar is. Ongeveer een kwart heeft een traject gericht op sociale activering (maatschappelijke participatie) gehad. En ruim een vijfde een traject gericht op zorg. Van hen wordt (voorlopig) geen arbeidspotentieel verwacht. Ongeveer 10% heeft een ontheffing, wat betekent dat van hen ook op termijn geen arbeidspotentieel meer wordt verwacht. Traject

N

%

Uitstroom werk

499

55,1%

Sociale.activering (maatsch.)

211

23,5%

Zorg

202

22,5%

Sociale activering (uitstroom werk)

133

14,8%

Inburgering

107

11,9%

Ontheffing

93

10,3%

Bron: backoffice. Percentages tellen op tot meer dan 100% omdat per inwoner meerdere trajecten geregistreerd kunnen worden.

Bevindingen over contacten met inwoners Het is niet mogelijk om uit de administratie een overzicht te halen van alle contacten met inwoners. Wel zijn er gegevens die een indicatie zijn dat er regelmatig contact is met de inwoners. Bij 88% van de uitkeringen is minstens 1 trede op de participatieladder geregistreerd, bij 67% zijn er twee of meer treden geregistreerd. Dat duidt erop dat er regelmatig contact is met de uitkeringsgerechtigden en dat na contact de administratie wordt bijgewerkt. Ook in de interviews met langdurig uitkeringsgerechtigden is naar het aantal contactmomenten gevraagd. Van de 16 bevraagde inwoners geven zes inwoners aan dat er sporadisch contact is, vijf inwoners geven aan jaarlijks contact te hebben en vijf inwoners geven aan regelmatig (twee keer per jaar of meer) contact te hebben. De medewerkers geven aan voor deze doelgroep te streven naar een contactmoment per halfjaar, dat kan een huisbezoek zijn of een telefoontje. Afhankelijk van het soort traject kan er ook een intensiever contact zijn. Ze geven aan: aandacht helpt. Bevindingen over de resultaten Er is een cohortstudie3 uitgevoerd over alle inwoners die op 1 januari 2019 een uitkering hadden. Het zijn gegevens over de indeling in een doelgroep, de treden op de participatieladder en - in geval van uitstroom - de reden van uitstroom.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=4b8bb901-d6b8-4423-aa34-93ae36400400