CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

uitvoeringsprogramma IV

Raad - werkbijeenkomst 15 februari 2022, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Werkbijeenkomst uitvoeringsprogramma 2022 integrale veiligheid14.179 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

UITVOERINGSPROGRAMMA INTEGRALE VEILIGHEID SAMEN WERKEN AAN EEN VEILIG OOSTERHOUT

2020 2019

INHOUDSOPGAVE 1.

Inleiding

2.

Inzet op… veilige woon- en leefomgeving

3.

Inzet op… veiligheid en bedrijvigheid

4.

Inzet op… veiligheid en jeugd

5.

Inzet op… fysieke veiligheid

6.

Inzet op… integriteit en veiligheid

7.

Samenvattende TO DO LIST 2019

1 INLEIDING Dit ‘uitvoeringsprogramma 2019’ geeft weer op welke wijze de gemeente Oosterhout in 2019 werkt aan de veiligheid in de stad en de kerkdorpen. Het programma geeft invulling aan de door de gemeenteraad in maart 2019 vastgestelde visie op integrale veiligheid.

1.1 Onze missie; een slimme combinatie van meer preventie en effectieve repressie Kernpunt van de visienota Integrale Veiligheid is dat we nog beter ‘aan de voorkant van problemen’ willen komen. We willen niet enkel goed zijn in spreekwoordelijke brandjes blussen, maar ook in het voorkomen ervan. Daarmee bedoelen we dat we in onze aanpak van criminaliteit en overlast altijd op zoek zijn naar de juiste balans tussen repressie en preventie: hard ingrijpen waar nodig, reagerend op incidenten, en ook: voorkomen waar dat kan. We vertaalden onze visie naar drie ambities: • Meer regie op samenwerken ‘ter preventie’. De komende jaren zetten we, naast onze inzet op repressie, meer in op het voorkomen van veiligheidsproblemen. Preventie en proactie kunnen en moeten intensiever. • Meer inzet op duiding van problemen. Om onze aandacht beter te kunnen richten (of dat nou preventief of repressief is) willen we sterker worden in het met alle betrokkenen duiden van problemen of van signalen die we serieus moeten nemen om problemen te voorkomen. • Meer focus op aandachtsgebieden. Om waar nodig bij te kunnen sturen, of om opvallende cijfers snel te kunnen bespreken, is monitoring van belang. Dit gebeurt nu nog te weinig structureel. Ook dat heeft onze aandacht.

1.2 Drie geprioriteerde thema's In de visienota verkenden we de praktische mogelijkheden en noodzaak voor meer inzet op preventie. Drie kernthema’s trokken daarbij de aandacht. Vooral omdat ze op verschillende manieren terugkwamen in onze analyses: als problemen in woonwijken, in het centrum, maar ook in het buitengebied bijvoorbeeld. Voor 2019 vinden we het daarom belangrijk om juist deze vraagstukken aandacht te geven: Ondermijning door georganiseerde misdaad. Dit is een onderwerp waar veel over gesproken wordt en dat al geruime tijd alle bestuurlijke aandacht heeft. Op het repressieve niveau beschikken we al over sterke inzet vanuit het RIEC en onze regionale Taskforce. Ook de politie zet zich hier in samenwerking met de burgemeesters sterk op in. Deze sterke repressieve inzet is cruciaal. Tegelijkertijd maakt de ernst van de problematiek het noodzakelijk om ook in te zetten op nieuwe en slimme samenwerking met stakeholders in de stad. Denk aan de agrarische sector die zich met onze ondersteuning kan wapenen tegen geraffineerde ‘huurders’ die leegstaande locaties betrekken voor de productie van drugs, of de sterke Oosterhoutse transportsector die met ons mee kan denken over een betere

4 / 38

beveiliging van goederenstromen op onze industrieterreinen. Dit alles om de handel en wandel van de georganiseerde criminaliteit nog meer in te perken. Jeugdveiligheid. In Oosterhout hebben we periodiek te maken met ernstige jeugdcriminaliteit. Waar we in het verleden met harde hand succesvol (repressief) hebben opgetreden tegen een dergelijke criminele jeugdgroep, realiseren we ons ook dat hiermee het leed eigenlijk al geschied is. We willen ons inzetten om eerder in staat te zijn om in te grijpen. In te grijpen op het moment dat we bepaalde jongeren die we met elkaar in beeld hebben als ‘zorgelijk’ nog kunnen helpen. We blijven natuurlijk hard optreden tegen criminaliteit, ook als het de jeugd betreft. Het verdient echter onze aandacht, temeer omdat we sinds de transitie beschikken over een breed zorgveld met veel voorliggende kennis en inzichten, om jongeren in een eerder stadium in beeld te hebben. We vullen het effectief blussen van brand aan met het nog effectiever blussen van brand, namelijk de preventie ervan. De koppeling van het sociaal domein en veiligheid. De lokale overheid krijgt een steeds grotere rol in het veiligheidsdomein. Dit geldt niet enkel voor de aanpak van georganiseerde criminaliteit, maar ook voor veiligheidsvraagstukken van een ‘sociale’ aard. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de verantwoordelijkheid voor mensen met verward gedrag.

Dergelijke opgaven vragen om een effectieve verbinding van onze inzet in het sociaal domein en onze inzet vanuit veiligheid. Hier werken we al hard aan, maar voor het college is dit onderwerp dan ook erg belangrijk. Naast de bredere inzet die we leveren binnen de vijf kernthema's vragen deze drie specifieke onderwerpen onze nadrukkelijke aandacht.

2.3

Leeswijzer

In deze nota beschrijven we onze afwegingen en beoogde activiteiten. Dat doen we net als in de visienota langs de lijn van de vijf kernthema’s van het veiligheidsveld zoals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) die in haar kernbeleid veiligheid onderscheidt: • Veilige woon en leefomgeving • Veiligheid en bedrijvigheid • Veiligheid en jeugd • Fysieke veiligheid • Integriteit en veiligheid De geprioriteerde thema’s komen bijna bij al deze thema’s aan bod en krijgen dus in 2019 met nadruk aandacht. Lopend versus nieuw Vanzelfsprekend gaat ‘ondertussen’ het dagelijkse werken aan veiligheid gewoon door. Honderden professionals werken elke dag keihard aan het veilig houden van onze gemeente. In deze nota gaat het in het bijzonder over welke innovaties wij bij dat werken aan veiligheid als gemeente van belang achten en hoe wij deze willen ondersteunen. Omdat wij tegelijkertijd ook recht willen doen aan alles wat er al gebeurt, en daar uiteraard ook op aanhaken. vatten we per paragraaf kort samen waar we staan en presenteren we onze ambities steeds tegen het licht van die bestaande context.

5 / 38

6 / 38

2 INZET OP…VEILIGE WOON- EN LEEFOMGEVING Bij dit eerste thema gaat het om hoe veilig mensen zijn in hun eigen woon- en leefomgeving, maar ook over of zij zich wel veilig voelen. Beiden kunnen te maken hebben met zowel sociale als fysieke aspecten, dus met hoe mensen met elkaar omgaan als met de inrichting – de fysieke kwaliteit - van het woongebied.

2.1 Probleemschets Oosterhout breed Elke drie jaar wordt onder inwoners van Oosterhout gepeild hoe zij de veiligheid van hun woon – en leefomgeving ervaren. Die peiling gebeurt op een mooie, landelijk gecoördineerde wijze, die door heel veel gemeenten wordt ingezet. 2700 Oosterhouters deden er in 2017 aan mee. De kerncijfers van de laatste monitor (van eind 2017) zijn gunstig: □ 93% oordeelt positief over de eigen woonbuurt, met een 7,5 als gemiddeld rapportcijfer. □ Meer Oosterhouters voelen zich veilig. In 2014 voelde 2 procent zich in Oosterhout ‘vaak onveilig’, in 2017 is dat afgenomen tot 1,5 procent. □

□

Er wordt minder slachtofferschap van criminaliteit en vandalisme gerapporteerd. Het aantal respondenten dat daar ‘in het voorafgaande jaar’ nare ervaringen mee had daalde van 5,5 procent in 2009, naar 5 in 2014 en komt in 2017 uit op 3,6 procent. Een nadere analyse van het slachtofferschap laat zien dat er over bijna de gehele linie sprake is van een daling van het aantal Oosterhouters dat zegt in de afgelopen 12 maanden slachtoffer te zijn geweest van criminaliteit of vandalisme in de eigen woonbuurt. De grootste afname is te zien bij vernielingen van auto’s, vernielingen aan huis of tuin en pogingen tot woninginbraak.

Toch toont de Monitor Leefbaarheid & Veiligheid ons ook enkele gemeentebrede aandachtspunten. Zo zien we in 2017 dat inwoners negatiever zijn gaan oordelen over het onderhoud en schoonhouden van de woonbuurt. Bijna 28 procent van de inwoners geeft in 2017 aan vaak overlast te ondervinden van honden(poep) in de woonbuurt en 24 procent vindt dat er vaak rommel (zwerfvuil) ligt op straat en in plantsoenen. Daarnaast krijgt de verkeersveiligheid in 2017 met een 6,1 als rapportcijfer een lagere beoordeling dan bij eerdere peilingen. Als belangrijkste redenen worden genoemd: “te hard rijden”, “parkeeroverlast”, “agressief verkeersgedrag” en “overlast van brommers of scooters”. De politiecijfers over de periode 2014 tot en met 2018 zijn ‘over het geheel genomen’ positief. Het totaal aantal geregistreerde misdrijven in de gemeente Oosterhout nam in de afgelopen vijf jaar spectaculair af: van 3.101 in 2014 in een geleidelijke lijn naar 2.315 in 2018. Het aantal geregistreerde woninginbraken daalde bijvoorbeeld van 234 in 2014 naar 126 in 2018, het aantal vernielingen van 390 naar 255. Toch zien we ook hier dat sommige feiten in mindere mate of zelfs helemaal niet mee deden in die positieve trend.

Zo zien we geen duidelijke toename maar ook zeker geen afname van de geregistreerde aantallen diefstal uit of van voertuigen, en ook niet van het aantal zedenmisdrijven, geweld- en bedreigingszaken en winkeldiefstallen. Wijken en buurten Natuurlijk is de aard van problemen in het centrumgebied van Oosterhout anders dan in een woonwijk of dorp. Die verschillen moeten dan ook doorklinken in de wijze waarop we de problemen benaderen. Elk gebied heeft zijn eigen accenten. Het onderstaande overzicht geeft daarvan een mooie schets: we zien hier de negen

7 / 38

buurten met in 2017 de grootste aantallen door de politie geregistreerde incidenten, waarbij zowel naar misdaad als naar overlast wordt gekeken. Wat per buurt het vaakst naar voren komt verschilt. Zo zien we dat ruzies, meldingen van jeugdoverlast en fietsendiefstallen vooral het beeld van het centrum kleuren, maar dat ook andere buurten eigen kleurstellingen hebben: in de Schrijversbuurt vallen de inbraken op, bij SlotjesMidden en de Bloemenbuurt zien we relatief veel meldingen van verwarde personen, en voor elke buurt valt op dat de categorie ruzie in de top drie staat.

!

! Op grond van de Monitor Leefbaarheid & Veiligheid kunnen we iets meer zeggen over hoe onze zorg voor die specifieke buurtproblemen nu ervaren wordt door de bewoners. Voelen bewoners zich veilig? En hoe oordelen ze over de leefbaarheid en veiligheid van hun woonomgeving? Wie “door de oogharen heen” naar de resultaten van die monitor kijkt, ziet vier wijken het vaakst slecht scoren: dat geldt met name voor de wijk Oosterheide, en dat geldt in mindere mate ook voor de wijken Slotjes, Strijen en Centrum. Juist voor deze wijken is het daarom van belang om nog beter in beeld te krijgen wat hier speelt. Waarom voelen mensen zich hier onveiliger dan bewoners van andere wijken en in hoeverre (en op welke fronten) is er sprake van een concentratie van veiligheidsproblemen, waarbij de aanpak mogelijk tekortschiet? Oosterheide haalde op bijna alle indicatoren de laagste wijkscores: wat betreft het algemene oordeel over de eigen woonomgeving, de fysieke kwaliteit en ook de sociale kwaliteit van de woonomgeving, sociale cohesie, op het aandeel bewoners dat zich er vaak onveilig voelt (een gedeeld laagste plek met de wijk Slotjes), en ook wat betreft de inschatting van vermogenscriminaliteit en bedreiging als problemen. De cijfers waren in 2018 aanleiding voor een nadere analyse van de achtergronden van de lage cijfers.

Dit wees ons op grote verschillen in de beleving van veiligheid op buurt- wijk- en zelfs straatniveau. De data worden nu gebruikt voor finetuning van onze aandacht.

8 / 38

2.2

Dit doen we nu

Problemen signaleren De meldings- en aangiftebereidheid van bewoners is een erg belangrijke randvoorwaarde voor een goede veiligheidszorg in woonwijken. Kleine(re) ergernissen mogen niet uitgroeien tot grotere problemen. Nabijheid van professionals en passende meldpunten zijn dan belangrijk: laagdrempelig kunnen delen. Hierop is en wordt veel geïnvesteerd in Oosterhout. Zo is de gemeente Oosterhout sinds december 2017 aangesloten bij de WaakSamen app die burgers helpt om snel en overzichtelijk een melding te maken van een verdachte situatie. Ook promoot de gemeente gericht het gebruik van MMA in straten waar drugscriminelen actief bleken, en wordt er specifiek rond jeugdoverlast gestimuleerd dit te melden via cojor@oosterhout.nl zodat meldingen direct op de agenda komen van het overlastnetwerk Casuïstiek Overleg Jongeren in de Openbare Ruimte (COJOR). Een sterk aspect van onze huidige zorg voor veilige woonwijken is verder dat onze buurtcoördinatoren (werkzaam in de gebieden noord, midden en zuid) kunnen leunen op de input en betrokkenheid van steeds meer buurtpreventieteams. Het netwerk van buurtpreventieteams (BPT’s) in Oosterhout is inmiddels al behoorlijk dekkend. In die teams trekken buurtbewoners samen op voor de veiligheid van hun eigen woonwijk en zijn er korte lijntjes met de politie en de gemeente om dingen op te lossen.

Belangrijk is dat in 2017 het BPO, Buurtpreventie Oosterhout, ontstaan is. BPO is het overkoepelend orgaan van alle buurtpreventiegroepen in de gemeente Oosterhout. Zij stimuleren, faciliteren en motiveren de deelnemers aan de buurtpreventiegroepen in de gemeente. Op maat interveniëren in de wijk Om de kwaliteit van het leefklimaat en de netheid van het straatbeeld te verbeteren is in 2018 het wijkgericht werken van toezicht en handhaving geïntroduceerd. Toezicht en handhaving in de openbare ruimte is een gedeelde verantwoordelijkheid van gemeenten en politie. De politie is primair aan zet wanneer het gaat om het handhaven van de openbare orde en veiligheid. Gemeenten zorgen met boa’s voor ogen en oren op straat die kunnen ingrijpen bij overlast veroorzakende overtredingen. Boa’s en politie vullen elkaar dus aan en dragen zo, samen met de buurtpreventieteams, de zorg voor leefbaarheid en veiligheid op straat.

9 / 38

Uitgangspunt van de wijkaanpak is dat toezichthouders en handhavers zich moeten richten op die gebieden en onderwerpen waar de risico’s het grootst zijn en het naleefgedrag laag. De prioriteiten worden steeds gesteld op grond van omgevings- en risicoanalyses. Deze maken deel uit van het Beleidsplan Fysieke Leefomgeving dat één keer in de vier jaar wordt opgesteld en bestuurlijk wordt vastgesteld. De meest recente omvat de periode 2019 – 2022. Vervolgens worden er jaarlijks uitvoeringsplannen Fysieke Leefomgeving uitgewerkt en wordt ook jaarlijks geëvalueerd of de gestelde doelen zijn gerealiseerd. Het eventuele bijgestelde beleidsplan, de evaluatie en de actualisatie van de risicoanalyse vormen de basis voor elk nieuw uitvoeringsplan. De meest actuele is die van 2019. Een nieuwe ontwikkeling is de recente inzet (vanaf 2018) van twee jeugdboa’s. Zij treden niet alleen op tegen overtredingen in wijken, maar gaan ook vanuit zorgperspectief in gesprek met vooral jongeren en hun ouders rond jeugdoverlast. Zorgsignalen worden breed besproken, waarna samen met bijvoorbeeld ook jongerenwerk, scholen, leerplicht, woningbouwverenigingen en politie wordt gezocht naar oplossingen. De wekelijkse werkzaamheden met betrekking tot dit taakaccent vinden vooral plaats in de avonduren en tijdens schoolvakanties ook overdag.

Verder is specifiek in de aanpak van de woninginbraken, overvallen en straatroven (de zogenaamde WOSfeiten) de aandacht op hotspots en hottimes de afgelopen jaren mooi ingebed geraakt. Dat is een ontwikkeling die de aanpak vleugels geeft, omdat er zo meer gestuurd kan worden op inzet op de plekken en tijden die ertoe doen. Het gaat dan bijvoorbeeld om de gerichte inzet van tekstkarren (met waarschuwingsberichten), de informatieoverdracht richting slachtoffers na een incident, specifieke bewustwordingscampagnes in straten/ buurten waar plotseling veel wordt ingebroken en het gebruik van de WaakSamen app. Cameratoezicht speelt in de woonwijken maar een beperkte rol, maar kan waar nodig tijdelijk en flexibel worden ingezet als er sprake is van een voor de woonwijk heftige veiligheidssituatie. In 2018 is dit twee maal toegepast, waarmee we zowel beleidsmatig als in praktische onze voorbereiding op orde hebben. Het kunnen bouwen op een structurele inzet van wijkagenten is bij het totaalpakket van aandacht voor de wijkveiligheid een cruciaal aandachtspunt. De burgemeester heeft hier continu aandacht voor. Als streefpercentage wordt aangehouden dat zij zich 80% van hun tijd inzetten voor en in de wijk. Trends in de gaten houden Voor een beeld van de lange termijnontwikkelingen op onderwerpen die de veiligheid van woonwijken raken is er de Leefbaarheid- & Veiligheidsmonitor.

Elke drie jaar wordt hiermee onder inwoners van Oosterhout gepeild hoe zij de veiligheid van hun woon – en leefomgeving ervaren. Opvallende resultaten leiden tot nadere analyses. In 2018 bijvoorbeeld werd de ‘Deepdive Oosterheide’ uitgevoerd voor een betere duiding van de slechte monitorscores van de wijk Oosterheide. Integrale aandacht voor ‘complexe casuïstiek’ De gemeente Oosterhout valt onder het werkgebied van het Zorg- en Veiligheidshuis Baronie Breda. In dit netwerkverband werken straf-, zorg- en gemeentelijke partners samen aan het terugdringen van overlast, huiselijk geweld en criminaliteit. Hier wordt in gezamenlijkheid gezocht naar oplossingen bij casussen waarin de reguliere partijen aangeven te zijn vastgelopen. Ingezet wordt op gedragsverandering, recidivevermindering en verbetering van de kwaliteit van leven van (ex-)delinquenten.

2.3

Opgaven voor 2019 en 2020

Bij verschillende van onze huidige investeringen zien we verbeterruimte in de zin van ‘laaghangend fruit’: ruimte om met kleine ingrepen meer te bereiken. Daarnaast zijn er enkele belangrijke aanvullende 'projecten' voor 2019 en 2020. Onze ambities voor 2019 en 2020:

10 / 38

Meer reclame maken voor en investeren in WaakSamen Hoewel we de WaakSamen app als pilot hebben ingezet, hebben we hier geen grootschalige communicatie over laten plaatsvinden. Hier kunnen we nog flinke slagen maken. Ook kunnen we de gebruikers beter instrueren hoe zij meldingen kunnen aanleveren op een zekere 'uniforme' wijze. Daarmee kunnen wij de meldingen beter verwerken in analyses. Om dat te bereiken zullen we ook de samenwerking zoeken met de ontwikkelaar van de app. Ondersteunen en aanjagen van het wijkgericht werken van handhavers, jeugdboa’s en buurtpreventieteams De ontwikkeling die handhaving de laatste tijd heeft doorgemaakt moeten we blijven steunen. Daarnaast zijn onze jeugdboa’s en buurtpreventieteams kostbaar en verdienen deze onze aandacht en investering op het gebied van scholing, facilitering en aanmoediging. De toenemende organisatie en professionalisering van onze buurtpreventieteams maakt ook dat we als gemeente de samenwerking met deze teams en het overkoepelende BPO kunnen en moeten intensiveren. Naast een periodiek bestuurlijk overleg, waarin we op hoofdlijnen inzichten en opgaves met elkaar te delen en kijken waar me met elkaar de juiste inzet kunnen leveren om de wijken en buurten nog veiliger te maken, kunnen we ook op uitvoerend niveau meer ondersteuning leveren. Denk hierbij aan de toenemende inzichten die wij ontwikkelen op wijk- en buurtniveau.

Door deze met elkaar te bespreken kunnen we inzet en oplettendheid slimmer richten op de juiste opgaves. In 2019 worden de buurtpreventieteams nadrukkelijker ingezet om samen met alle veiligheidspartners hun oogen oorfunctie in de wijken te vertalen naar trends en patronen. Hun positie hierin is zichtbaar en wordt nog beter benut. Meer communicatie over WOS-hotspots en hottimes Nu we bij onze aanpak van woninginbraken, overvallen en straatroven in toenemende mate beschikken over kennis van de 'hotspots' en 'hottimes', dienen we ook te kijken naar mogelijk uitbreiding van de wijze waarop we de burger hierop attenderen. Hier kunnen we vooral kijken naar een slimmere communicatie. Minder ‘complexe casuïstiek’ voor het Zorg- en Veiligheidshuis De transitie 'sociaal domein' heeft ons niet alleen een flinke taak opgeleverd, maar tevens de beschikking over een breed veld van sociale professionals. Vakmensen die ons kunnen helpen in de aanpak van complexe cases die de rust en veiligheid in wijken (dreigen te) verstoren. Het moet dan ook onze ambitie zijn om complexe situaties zo veel als mogelijk binnen ons lokale netwerk op te lossen. Eerdere signalering en onderlinge uitwisseling van zorgen is hierbij van belang.

Meer aandacht voor preventie rond probleemconcentraties In 2019 gaan we evalueren hoe “nabij” professionals in onze gemeente komen bij situaties waarbij burgers aangeven overlast te ervaren in hun woonomgeving. We willen achterhalen wat hun ervaringskennis ons leert over mogelijk nog te weinig benutte preventiemogelijkheden. Dit doen we in 2019 door vier series van bespreeksessies te organiseren rond de thema’s waarop we het meest behoefte hebben aan stappen vooruit, namelijk rond concrete concentraties van: i. overlastmeldingen jeugd, ii. meldingen van verkeersoverlast, iii. huiselijk geweld, en iv. overlast van verwarde personen. Elke sessieserie moet uitmonden in een gezamenlijk gedragen actieplan ‘Ruimte voor preventie’ met daarin drie onderdelen: de mogelijkheden om bestaande preventieprojecten te versterken; de mogelijkheden om in 2019 nog nieuwe preventieprojecten op te starten; en een uitwerking van de gewenste investeringslijnen voor 2020 en verder. De actieplannen dienen uiteraard als input voor het uitvoeringsplan 2020, maar leiden waar mogelijk ook direct al tot concrete opvolging. Om de bespreeksessies inhoudelijk te steunen zullen we een beroep doen op het team gegevensmanagement.

Elke bijeenkomst wordt ‘ingestart’ met een probleem stellende notitie waarin wordt weergegeven welke gegevens we beschikbaar hebben over die onderwerpen in bijvoorbeeld de maand voorafgaand aan de sessie. De focus ligt dan vooral op de vraag: wat weten we over de overlastgevers, de melders en over de locaties waar de overlast plaats had?

11 / 38

Meer (bundeling van) gegevens die ons richten We willen het informatie gestuurd werken in de wijken, zoals dat nu bijvoorbeeld al gebruikt wordt op bij de WOS-aanpak ook breder toegepast zien. Met het team gegevensmanagement werken we daarom aan een dashboard Integrale Veiligheid. Het doel is dat dat dashboard op elk moment geografische analyses kan maken, die onze inzet op integrale veiligheidsonderwerpen geografisch kan richten. Deze inzichten vormen dan een mooie basis voor de wijkgerichte inzet van boa's, wijkcoördinatoren, wijkagenten, etc. Een eerste inventarisatie van relevante indicatoren is reeds uitgevoerd (zie bijlage). Tegelijkertijd stimuleren we dat er meer informatie “van de straat” wordt gehaald: in 2019 worden de gemeentelijke wijkcoördinatoren ingezet om bij te dragen aan de analyse van schoon, heel en veilig in de wijken. Zij gaan aan de slag met een eigen analyse, die input levert voor de brede analyse door het team gegevensmanagement. Naast de harde data, zullen zij een belangrijke bijdrage leveren in de analyse van de beleving van integrale veiligheid. Zij gaan daarmee ook de verbinding vormen tussen de cijfers en de beleving in de wijken.

Uitwerken van de ‘lessons learned’ van de pilot Oosterheide In de wijk Oosterheide hebben we naar aanleiding van diverse incidenten vooral met Oud en Nieuw het afgelopen jaar veel geïnvesteerd in het scherp krijgen van de problemen achter de problemen. We zien een grote meerwaarde in de werkwijze zoals we die daar hebben uitgewerkt. Vanuit een focusgroep is er toen aangestuurd op het voeren van vele gesprekken met bewoners en andere betrokkenen. Vervolgens werden de resultaten steeds gezamenlijk beschouwd om af te spreken wat een ieder er mee kon doen. Dit zorgde voor een mooie dynamiek en voor positieve relaties met bewoners in de wijk. Relaties met bewoners die voor altijd een prima basis zullen zijn, ook als zich weer nieuwe problemen zouden voortdoen. We moeten nadenken over hoe we dergelijke dynamieken, waarbij we professionals en bewoners in verbinding brengen rond ervaren problemen, structureel aandacht kunnen geven. Belangrijk onderdeel hiervan is dat de buurtpreventieteams vanaf 2019 elk kwartaal samen met andere veiligheidspartners bij elkaar gebracht worden in een overlegstructuur, gericht op bewustwording, duiding en informatie-uitwisseling. De gemeente voert hierop regie en heeft vanaf 2019 ook een structureel bestuurlijk overleg met het BPO.

Waar nodig: een ‘bredere’ buurt We gaan in het programma Brede Buurt het jongerenwerk en ook de inzet van Move, Theek5 en H19 specifiek richten op de buurten waar veel veiligheid- en leefbaarheidvraagstukken samenkomen en ook op de daar aanwezige kwetsbare doelgroepen.

12 / 38

13 / 38

3 INZET OP…VEILIGHEID EN BEDRIJVIGHEID Bij dit thema gaat het om de sociale veiligheid van winkelgebieden, bedrijven(terreinen), het uitgaansgebied en de veiligheid gelinkt aan evenementen en toerisme in Oosterhout. Met als kernvraag: worden ondernemers in hun bedrijfsvoering belemmerd door misdaad en onveiligheid?

3.1

Probleemschets

Veilige winkelgebieden De politiecijfers stemmen ons positief. Vooral diefstal van (brom/snor-)fietsen en zakkenrollerij namen de afgelopen jaren in de Oosterhoutse winkelgebieden behoorlijk af. Daarnaast komen straatroven en overvallen weinig voor in de winkelgebieden van Oosterhout. Dat was in 2014 en dat is nog steeds zo. In de onderstaande tabel ziet u de cijfers. De positieve trendlijnen gaan gelukkig gepaard met een ‘veilig gevoel’. Zowel bewoners van Oosterhout als bezoekers ‘van buiten’ voelen zich veilig in het Oosterhoutse stadscentrum. Bewoners waarderen de veiligheid van het stadscentrum in 2017 met een 7,5, bezoekers met een 8. Ook de ondernemers zelf tonen zich in hun directe contacten met de gemeente niet vaak bezorgd over de veiligheid van de winkelgebieden. Toch geeft 13% van de respondenten in de laatste bedrijvenenquête van 2018 wel aan meer behoefte te hebben aan informatie over veiligheid en criminaliteit. En ook valt op dat er geen hoge punten worden gegeven aan veel van de deelaspecten die met veiligheidszorg te maken hebben. Over verlichting is men weliswaar positief, maar de aandacht voor het opruimen van zwerfvuil scoort maar een zes en de aandacht voor Veiligheid/toezicht/preventie en Onderhoud groenvoorzieningen beiden 6,5.

Veertig procent van de respondenten van de bedrijvenenquête van 2018 geeft aan dat de aandacht voor de openbare ruimte beter kan. Incidenten per jaar in de periode 2014-2017, in de winkelcentra van Oosterhout 2014

2015

2016

2017

Diefstal en inbraken

413

388

291

238

- Zakkenrollerij/Tassenrollerij

84

53

34

44

- Winkeldiefstal

63

65

64

59

- Diefstal vervoermiddel

131

157

108

57

Diefstal mét geweld

6

5

4

1

Vernieling

21

34

36

21

Verkeerszaken

56

53

47

44

Overige overtredingen

78

85

103

63

- Drugs

7

10

4

4

- Bedreiging/mishandeling

51

56

70

43

- Oplichting/fraude

8

12

12

6

Milieudelicten

0

0

0

0

Totaal aantal incidenten

574

565

481

367

14 / 38

Veilige bedrijventerreinen Oosterhout kent veel grote bedrijventerreinen waar ook veel mensen werken. Ze worden onderverdeeld in twee gebieden: bedrijventerreinen Noord en bedrijventerreinen Zuid. Het voorkomen van inbraak (en daarmee diefstal) is voor deze gebieden een belangrijk onderwerp. Ook willen we dat de bedrijventerreinen netjes zijn en daardoor niet alleen veilig zijn, maar ook veilig aanvoelen. De cijfers wat betreft de inbraken zijn gunstig, zo zien we in de onderstaande tabel. Tegelijkertijd moeten we ook voorzichtig zijn met het interpreteren van deze cijfers. We weten namelijk niet veel over de aangiftebereidheid, de kwetsbaarheden van specifieke bedrijven of van daders en helingstructuren. Wel zien we dat een aantal straten op dit moment in negatieve zin de aandacht trekken. Zo lijkt de verpauperde indruk van de Nijverheidweg op Weststad criminaliteit aan te trekken. Hier zijn in het afgelopen jaar diverse drugstrailers aangetroffen. Ook de Proostensteeg tussen Weststad en verdient aandacht. Hier hangen, aldus de accountmanagers economie van de gemeente, veel jongeren. Ook blijkt de steeg een populaire aanrijd- en wegvluchtroute te zijn voor inbrekers daar. Incidenten per jaar in de periode 2014-2017, op bedrijventerreinen van Oosterhout 2014

2015

2016

2017

Diefstal en inbraken

153

108

115

94

- Zakkenrollerij/Tassenrollerij

3

3

0

0

- Winkeldiefstal

6

0

3

2

- Diefstal vervoermiddel

28

24

10

11

Diefstal mét geweld

0

3

2

2

Vernieling

23

19

16

15

Verkeerszaken

50

49

48

45

Overige overtredingen

59

64

66

73

- Drugs

11

11

9

12

- Bedreiging/mishandeling

29

35

33

26

- Oplichting/fraude

14

13

20

19

Milieudelicten

1

0

0

1

Totaal aantal incidenten

286

243

247

230

Veilig buitengebied Wat betreft het buitengebied schrikken we van de ontwikkelingen in veel gemeenten dichtbij ons. Leegstaande boerenbedrijven die door criminelen worden gevuld met illegale praktijken (drugslaboratoria, illegale wietkwekerijen of illegale opslag). En het buitengebied dat gebruikt wordt om (drugs)afval te dumpen of om tussen de maisvelden wiet te kweken. We houden de vinger aan de pols, maar zagen tot nu toe (samen met de ZLTO en de politie) nog nooit dergelijke incidenten in het agrarisch gebied van Oosterhout. Wel zijn er andersoortige afvaldumpingen, die uiteraard ook niet te tolereren zijn. En wat betreft misbruik van leegstaande schuren (door criminelen) lijkt onze gemeente vooralsnog niet kwetsbaar. Er is volgens de ZLTO op dit moment geen sprake van leegstand onder de boerenbedrijven in onze gemeente. De boeren lijken het goed te doen en zullen hun bedrijf als zij met pensioen gaan waarschijnlijk ook prima kunnen verkopen/overdragen. Zorgpunt is wel dat er mogelijk leegstand kan ontstaan in Oosteind bij bedrijven waar uitbreiding noodzakelijk is, maar (vanwege lintbebouwing) ruimte ontbreekt. Bij deze bedrijven ligt dan omzetting naar andersoortige bedrijven voor de hand, zoals bijvoorbeeld caravanstalling.

Een ander punt van aandacht is dat we in de gehele provincie een golfbeweging zien van zeer professionele diefstallen van dure materialen bij agrarische bedrijven. Deze diefstallen verplaatsen zich door de gehele provincie en verdienen extra aandacht, om nieuwe gedupeerden te voorkomen.

15 / 38

Veilig uitgaan Veiligheidsincidenten in ons uitgaansgebied, denk daarbij vooral aan geweld, overlast en vernielingen, worden door de politie niet apart geanalyseerd. Toch kan uit de operationele horeca-rapportages van de politie (die zij maken ten dienste van het horeca-overleg) worden geconcludeerd dat Oosterhout geen nadrukkelijke veiligheidsproblematiek kent op het gebied van geweld en vernielingen. Ook zien we geen toename van het aantal door de politie geregistreerde incidenten in het zogenaamde KLM-gebied: Klappeijstraat, Leijsenhoek en Markt (zie onderstaande tabel). Wel is er met regelmaat zorg over (en voor) overlast veroorzaakt door jongeren in de stad. Overmatig drankgebruik en ook het gebruik van andere genotsmiddelen speelt daarbij regelmatig een rol. Problematisch daarbij is ook de ogenschijnlijke onaantastbaarheid van de veroorzakers en de moeilijkheid om steeds weer nieuwe preventieve maatregelen te bedenken. Ook is het thema veiligheid rond evenementen een belangrijk onderwerp van gesprek met de horeca in de binnenstad. Aantal door de politie geregistreerde incidenten op de drukkere uitgaansdagen donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag in het ‘KLM-gebied’ van Oosterhout: Klappeijstraat, Leijsenhoek en Markt. 2015

2016

2017

2018

Klappeijstraat

166

191

104

67

Leijsenhoek

65

85

72

67

Markt

81

70

63

66

Veilig recreëren Onze mooie groene omgeving trekt veel toeristen: jaarlijks overnachten er ruim een half miljoen in Oosterhout, waarvan de meesten (84 procent) in een bungalowpark of op een camping. B&B’s zijn er in Oosterhout maar weinig. Alles bij elkaar zijn er op een zomerse dag gemiddeld toch zo’n zeven- tot achtduizend mensen per dag extra in onze gemeente. Grote parken zijn De Katjeskelder en ‘t Haasje. Totaal kent Oosterhout 6 recreatieparken met een omvang van 1500 verblijfsaccommodaties. Daarnaast zijn er negen kleinere campings, een klein chaletpark en ook zijn retraitemogelijkheden in enkele kloosters. Bezoekers trekken vooral de bossen en doen (steden)tripjes in de buurt. Bij de bungalowparken die het hele jaar open zijn is er de afgelopen jaren landelijk gezien steeds meer aandacht gekomen voor thema’s als permanente bewoning (in strijd met bestemmingsplannen; bijvoorbeeld huisvesting van tijdelijk dak- en thuislozen en arbeidsmigranten) en misbruik van recreatiewoningen door criminelen. Ook in Oosterhout houden we deze thema’s in de gaten, juist omdat de bungalowparken onze gemeentelijke trots zijn. De toeristische aantrekkingskracht van onze parken moeten we met elkaar blijven borgen. In 2018 is gestart met een speciaal project hierop (zie ook paragraaf 3.2).

3.2 Dit doen we nu Veilige winkelgebieden We onderkennen het belang van een opgeruimde binnenstad, zeker ook bij het voorkomen van sociale onveiligheid: een rommelige omgeving kan ook leiden tot rommelig gedrag. We zetten daarom in op schoon, heel en veilig, wat in samenwerking met de verschillende partijen wordt uitgevoerd.

16 / 38

Veilige bedrijventerreinen De aanpak van de zware georganiseerde misdaad is de afgelopen jaren steeds analytischer geworden, met een breder palet aan mogelijke tegenhoud-strategieën waarbij ook bestuurlijke maatregelen steeds vaker worden ingezet. Onze regio is daar ver in: onze RIEC en de Taskforce Zeeland-Brabant staan landelijk goed aangeschreven. Natuurlijk haakt de gemeente hier stevig bij aan. In 2018 schroefden we de specifieke aandacht voor bedrijven op bedrijventerreinen op met inzet van ons Carrousel-team. Vanuit dit team werken de gemeente Oosterhout, het politieteam Dongemond en de woningbouwcorporatie Thuisvester samen – met gerichte en op elkaar afgestemde controles – aan het voorkomen en terugdringen van overlast en criminaliteit. Veilig buitengebied Samen met het RIEC, de politie en ZLTO organiseren we over het onderwerp ‘ondermijning door criminele netwerken’ informatiebijeenkomsten voor boerenbedrijven in het buitengebied. Voor veel boeren is dit onderwerp een ver van mijn bed-thema. Toch is misbruik door criminelen ook voor boerenbedrijven geen ondenkbare dreiging. We willen hen daarom alert maken, informatie-uitwisseling over het thema bevorderen en ervoor zorgen dat zij vreemde aanbiedingen doorzien (die mogelijk afkomstig kunnen zijn van personen met criminele bedoelingen) en dat deze gemeld worden.

Veilig uitgaan Problemen in het uitgaansgebied worden besproken in het structurele horeca-overleg van Horeca, politie en gemeente. Speerpunten in die overleggen zijn geluidsoverlast, overlast door bezoekers en overmatig alcoholen drugsgebruik. Ook bewoners worden in verschillende overleggen vertegenwoordigd. De maatregelen die in de overleggen aan bod komen zijn met name lokatiespecifiek. Het gaat bijvoorbeeld vooral om toezichtafspraken, deurbeleid en afspraken rond het opruimen van rotzooi. Bij enkele situaties waarbij de jeugdoverlast uit de hand liep in de binnenstad is er voor gekozen om alle ouders van de betrokken jongeren en ook de jongeren zelf thuis op te zoeken voor gesprekken over het gedrag en oplossingen. Dit leek in die gevallen de aangewezen weg om tot deze jongeren door te dringen, maar vormt (vooralsnog) geen deel van een vaste werkwijze. Veilig recreëren Medio 2018 is gestart met het project ‘Detailinventarisatie recreatieparken Oosterhout’. In dit project worden uitgebreid de recreatieparken van de gemeente Oosterhout doorgelicht, onder andere volgens het stoplichtmodel van het RIEC. De analyse richt zich ‘in den brede’ op het waarborgen van de vitaliteit van de recreatieparken, maar onderkent daarbij ook het gevaar van crimineel geld en criminele invloeden en verzamelt daarop gegevens. Bij vastgestelde risicofactoren volgt een integraal plan van aanpak.

3.3

Opgaven voor 2019 en 2020

Winkeliers en horecaondernemers meer betrekken bij (keuzes rond) handhaving en toezicht In 2019 willen we de bestaande overlegstructuren rond de binnenstad meer voeden met data-analyses op de onderwerpen die hen nu veel bezighouden: de mate van opgeruimdheid van de winkel- en uitgaansgebieden en de gebeurtenissen met jeugdige overlastgevers en -plegers in hun werkgebied. Door aan te geven wat daarbij bekend is op grond van meldingen willen we meer met elkaar in gesprek kunnen gaan over ‘welke vragen deze gegevens oproepen’ en ‘wie aan zet is om deze vragen vervolgaandacht te geven’. Specifiek voor het uitgaansgebied zorgen we dat we een dashboard gaan opbouwen voor een betere monitoring van gegevens over meldingen en incidenten. Daarnaast zullen we vooral investeren in de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte en programmering van het gebied. We zien immers dat het creëren van een gezellige en aantrekkelijke omgeving ook iets doet in de beleving en daarmee het gedrag van de bezoeker. Het is een oude maar bewezen theorie dat een onvriendelijke en onverzorgde omgeving aanzet tot een soortgelijk gedrag, terwijl een schone, vriendelijke en gastvrije omgeving juist het tegenovergestelde doet. Het is dus belangrijk om samen met ondernemers en bezoekers hieraan te blijven werken.

17 / 38

Meer aandacht voor criminele invloeden (ondermijning) op bedrijventerreinen en in buitengebied In 2019 investeren we in meer zicht op risico’s van criminele verwevenheid bij ondernemers. Dit is, ook al hebben we zicht op enkele actuele voorbeelden, toch een blinde vlek. De behoefte aan duiding op dit onderwerp is ook gelinkt aan de vaststelling (onder andere in het nationaal dreigingsbeeld van de politie) dat leegstaande bedrijfspanden interessante objecten zijn voor criminelen om te misbruiken bijvoorbeeld voor de productie van drugs of opslag van de daarvoor benodigde spullen. We willen samen met de politie, maar ook met andere (formele en informele) toezichthouders kijken wat we kunnen doen om meer zicht te krijgen en houden op de veiligheidsstatus van onze bedrijven(panden/terreinen). In 2019 maken we afspraken over het hoe en regelen we de voorwaarden voor de uitvoering van een nadere verkenning. Eind 2019 weten we op grond van de voorgaande investeringen welke locaties mogelijk extra aandacht behoeven. We werken dat uit in vervolgacties. Ons doel: de integraal beschikbare middelen van collega’s van toezicht en handhaving, vergunningen, de accountmanagers economische zaken, maar ook van ondernemers zelf, nóg beter op elkaar afstemmen.

Daarnaast werken we met de ondernemers van Weststad aan het afsluiten van het bedrijventerrein met een hek en het vervangen van het huidige (verouderde) camerasysteem door een nieuw systeem met kentekenregistratie. Hiermee volgen wij de succesvolle toepassingen van bijvoorbeeld Waalwijk en Moerdijk. Ongewenste bezoekers kunnen dan niet ongezien het terrein op en ook in de nachtelijke uren is het terrein beschermd. Wat betreft in het bijzonder de (boeren)bedrijven in ons buitengebied blijven we in 2019 de leegstand en ook de financiële positie van deze bedrijven samen met de ZLTO goed in de gaten houden, wetende dat criminele netwerken vaak gericht contact leggen met afgelegen, financieel kwetsbare bedrijven met veel opslagruimte. Verder staat in 2019 staan nog een te organiseren informatiebijeenkomst over ‘ondermijning in het buitengebied’ op de rol. Succesvol vervolg van het project rond de recreatieparken Van het eerder aangehaalde project ‘Detailinventarisatie recreatieparken Oosterhout’ is de gemeente de trekker. Het mooie van dit project is het integrale karakter ervan. Allerlei partijen werken vanuit de doelstelling ‘ondersteuning van kwalitatief hoogwaardige recreatieparken’ aan het bijeen brengen van hun waarnemingen en kennis, zodat we met de parken zelf de goede stappen kunnen zetten daar waar verbetermogelijkheden worden benoemd.

Op 11 juni 2018 heeft de burgemeester ook alle parkeigenaren uitgenodigd op het gemeentehuis waarbij hij het belang van een samenwerking tussen parkeigenaren en de gemeente heeft benadrukt. Voor de uitvoering komt nu maandelijks een basisteam bijeen (projectleider, GGD, RIEC, gemeente (veiligheid), Provincie, VNG en projectleider bedrijfsvoering aangevuld met specialisten waar nodig is (Surplus, MEE, Veilig thuis, Bemoeizorg, Thuisvester, STO, ISC, HH, EZ, wonen, WMO, toerisme, burgerzaken). In 2019 zorgen we dat onze werkwijze staat en willen we ook kunnen laten zien wat het oplevert.

18 / 38

19 / 38

4. INZET OP… VEILIGHEID EN JEUGD De jeugd heeft de toekomst. Juist daarom zijn zij een bijzondere doelgroep in het veiligheidsbeleid van gemeenten. Het omvat aandacht voor overlastgevende jongeren, criminele jeugd en probleemjongeren, alcohol- en drugsgebruik onder jongeren en veiligheid in en om scholen.

4.1

Probleemschets

Veilig thuis In de gemeente Oosterhout wonen zo'n 55.540 mensen. Ongeveer 20 procent daarvan is tussen de 0 en de 20 jaar oud. Dat betekent dat we met elkaar de zorg dragen voor het veilig laten opgroeien van in totaal zo’n 11.000 kinderen en jongeren. Doen we dat goed? En gaat het nu goed met hen? Enkele indicatoren geven een grof eerste beeld, specifiek op het thema veiligheid. Zo lezen we in het jaarverslag van Veilig Thuis WestBrabant, waar mensen terecht kunnen bij zorg over huiselijk geweld en kindermishandeling, dat er in 2017 655 professionals vanuit de gemeente Oosterhout melding deden van een concrete zorgcasus op deze fronten. Helaas kunnen we uit de rapporten van Veilig Thuis niet opmaken hoe vaak daarbij sprake was van een gezin met kinderen. Wel is uit landelijk onderzoek bekend dat dit helaas in veel van de Veilig Thuis casussen het geval is. Veilig op school Naast thuis is ook school natuurlijk een belangrijke leefomgeving waar kinderen en jongeren zich veilig moeten kunnen voelen. Van 5 tot en met 23 jaar zijn kinderen leerplichtig. De Zorg Adviesteams, de leerkracht en de zorgcoördinator in de scholen vangen vragen op rond het gedrag van leerlingen als daar zorgen over zijn. Het meeste kan dan op de scholen wel worden opgevangen en wordt besproken door docenten samen met de ouders.

Bijvoorbeeld rond ‘pestgedrag’: 9 procent van de leerlingen in de tweede klas van het VO gaf bij een meting in 2016 in Oosterhout aan wel eens gepest of getreiterd te worden door andere kinderen of jongeren. Een indicatie voor een tekort aan passende zorg (om welke reden dan ook) geven de cijfers van het Regionaal Bureau Leerplicht West-Brabant. In hun meest recente jaarverslag zien we dat het percentage vroegtijdig schoolverlaters in Oosterhout tussen de schooljaren 2005/2006 en 2016/2017 zo goed als halveerde. Dat is positief. Tegelijkertijd blijven ook kleine(re) aantallen op dit onderwerp zorgelijk: in het schooljaar 2016/2017 gaat het dan toch nog steeds om 79 MBO’ers en 10 VO-leerlingen die voortijdig van school af gaan. En van de 10.737 Oosterhouters met een leerplichtstatus kregen in 2017/2018 toch maar liefst 102 leerlingen een formele waarschuwing vanwege opvallend leerplichtverzuim, wat bij 12 leerlingen tot een proces-verbaal en/of Haltverwijzing leidde. Verder waren er 21 Oosterhoutse 18+leerlingen die vanwege een moeizame laatste VO-fase, waarbij uitval dreigde, actief (in een zogenaamde RMC-traject) werden begeleid naar een goed passende vervolgopleiding of naar werk. Een belangrijke hieraan gerelateerde vaststelling is ook dat de werkloosheid onder ‘jonge’ jongeren tot en met 22 jaar in Oosterhout wat hoger ligt dan landelijk.

Gecombineerd met een wat hoge schooluitval onder jongeren die vmbo en mbo 1 of 2 volgen, is dit voor Oosterhout een aandachtspunt. Schooluitval leidt later namelijk vaak tot werkloosheid. Signalen van ‘risicogedrag’ Meestal zijn het de ouders, begeleiders of docenten van kinderen die aan de bel trekken als een jongere niet lekker in zijn of haar vel zit en probleemgedrag vertoont. Veel van hun (vaak nog verkennende) hulpvragen komen terecht bij de GGD. Dat een dergelijke vraagbaak van grote waarde is, blijkt uit de enquête van de GGD die ongeveer om de vier jaar onder ouders van 0 t/m 11 jarigen wordt gehouden. Bij de meest recente in 2017 geeft bijna een derde van de Oosterhoutse ouders aan ‘soms tot vaak problemen te ervaren bij de opvoeding’. Een percentage dat overigens niet opvallend hoog of laag is vergeleken met andere gemeenten. Opvoeden is

20 / 38

geen lichte taak en valt velen (wel eens) zwaar. Van de Oosterhoutse ouders die in 2017 aan de enquête meededen gaf 12 procent aan opvoedhulp te hebben gezocht bij een instantie of professionele hulpverlener. Vijf procent geeft aan op dat moment nog behoefte te hebben aan (extra) hulp. Ook op straat, op sportverenigingen, in recreatiegebieden of op populaire hangplekken kan het voorkomen dat mensen het gedrag van jongeren problematiseren, als ‘onopgevoed’ of ‘niet aanspreekbaar’ bijvoorbeeld. Meldingen van jeugdoverlast zijn een belangrijke indicator, al is het meer een aanleiding voor een gesprek met melders en jongeren, dan dat het iets zegt over de aard van problemen. De politie registreerde in 2017 276 meldingen jeugdoverlast; Het overlastnetwerk Casuïstiek Overleg Jongeren in de Openbare Ruimte (COJOR) registreerde in 2018 jaar 65 meldingen van overlastgevende jongeren. Het gaat dan meestal om geluidsoverlast, intimiderend aanwezig zijn, zwerfvuil achterlaten en soms ook om vernielingen en andere vormen van kleine criminaliteit. Vooral bewoners in de Schrijversbuurt en de Natuurkundigenbuurt in Oosterhout-stad ervaren overlast van jongeren zo blijkt uit de gegevens van deze meldpunten en ook uit de leefbaarheidsmonitor Alcohol en drugsgebruik zijn belangrijke hieraan verbonden thema’s.

Op dat vlak moeten we niet naïef zijn: bij een GGD enquête (in 2016) onder Oosterhoutse leerlingen in de tweede klas van het VO gaf 8 procent van hen aan tenminste een keer per maand alcohol te nuttigen. En 1 procent van hen gaf aan recent drugs gebruikt te hebben.

21 / 38

! Specifieke zorgen Crimineel gedrag op jonge leeftijd is per definitie zeer zorgelijk. Gelukkig is in Oosterhout een positieve trendlijn waar te nemen voor wat betreft het aantal jeugdige verdachten: het aantal verdachten per 1000 jongeren is tussen 2010 en 2016 meer dan gehalveerd in Oosterhout. Daarmee heeft de gemeente op dat front de meest positieve ontwikkelingslijn laten zien van alle Brabantse gemeenten in die jaren. Om een nadere indicatie te geven van de omvang: in 2010 waren er 370 jeugdige verdachten van misdrijven in Oosterhout in 2017 waren dat er 190. De meeste van deze jongeren hebben problemen op meerdere leefgebieden. Ze plegen misschien niet ‘de zwaarste feiten’ maar hun thuissituatie is soms verre van ‘licht’. Een integrale, persoonsgerichte aanpak is essentieel om deze jongeren goed te kunnen begrijpen en bereiken met onze aanpak. In de visienota schetsten we ons voornaamste zorgpunt ten aanzien van het risicogedrag van jongeren: we staan te weinig stil bij de kenmerken van “onze” minderjarige overlastgevers, firstoffenders én jonge recidivisten om conclusies te kunnen trekken over waar we in onze gemeente wellicht meer aandacht voor moeten hebben om vergelijkbaar probleemgedrag te voorkomen.

“Jongeren moeten sterk staan om ‘nee’ te kunnen zeggen tegen de verleidingen die een negatief gedrag gaan geven en/of die zorgen voor een onveilige situatie voor de stad. Dat is de basis, ‘nee’ zeggen ook al is er

22 / 38

groepsdruk. Zo sterk dat ze ‘nee’ gaan zeggen tegen drugs, pillen, alcohol, vandalisme, criminaliteit, pesten, radicalisering, verveling, misbruik van vuurwerk, hufterig gedrag in verkeer etc.” (Projectleider JONG & cultuur) Zware opgave In de afgelopen twee jaar kende Oosterhout één criminele jeugdgroep. De aanpak van deze jeugdgroep is succesvol geweest in de zin dat de criminele gedragingen van deze jongeren sterk zijn verminderd. Toch blijft monitoring van hun gedragingen erg belangrijk, omdat we koste wat kost willen voorkomen dat we achter nieuwe negatieve ontwikkelingen aan moeten gaan lopen. Een vergelijkbare intensieve aandacht lijkt nodig voor een nieuwe criminele jeugdgroep die in de loop van 2018 in het teamgebied Dongemond voor problemen heeft gezorgd, met effecten en uitstraling ook verder in Oosterhout.

4.2

Dit doen we nu

Overlastgevende jongeren Om meldingen van jeugdoverlast goed te kunnen bundelen en integraal aan te kunnen pakken is het overlastnetwerk COJOR opgericht. Dit netwerk bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeente, de politie, een jongerenwerker van Surplus Welzijn en een vertegenwoordiger van woningbouwcorporatie Thuisvester. Zij overleggen eens in de vier weken en bespreken dan alle ingekomen en lopende casussen. Op deze wijze kan indien nodig direct de aanpak worden afgestemd. Criminele jeugd en probleemjongeren Rond jongeren die strafbare feiten plegen zijn primair politie, OM, Halt, reclassering en het Zorg- en Veiligheidshuis aan zet. Zij richten zich op straf, toezicht en het waar nodig regelen van zorg om recidive te voorkomen. Aanvullend op hun inzet is er de afgelopen jaren extra aandacht gekomen voor de oudere jongeren zonder werk, onderwijs, startkwalificatie of uitkering; vanwege hun kwetsbaarheid, die mogelijk kan uitmonden in schuldenproblemen, gevoelens van onzekerheid, maar wellicht ook in ‘hang-gedrag’ of zelfs criminaliteit. Eind 2017 heeft het Regionaal Bureau Leerplicht Breda (RBL) in opdracht van de gemeente Oosterhout deze zogenaamde Oosterhoutse NEET-jongeren (jongeren tussen de 18 en 23 jaar die zonder werk, zonder onderwijs, zonder startkwalificatie en zonder uitkering in Oosterhout wonen) in beeld gebracht.

Dit heeft geresulteerd in een lijst van 79 jongeren. De afdelingen Samenleving en Stadsbeheer en Informatie- en Servicecentrum zijn vervolgens begin 2018 een pilot gestart samen met het RBL om een aantal van deze jongeren actief te benaderen. Veertien van hen kregen een huisbezoek. Wanneer bleek dat een jongere niet naar school kon/wilde, maar wel wilde werken was er een klantmanager vanuit de gemeente Oosterhout beschikbaar om deze jongeren richting arbeid te begeleiden. Alcohol- en middelengebruik onder jongeren De GGD heeft een belangrijke rol in het geven van voorlichting over het gebruik van alcohol en drugs aan jongeren. Zij gaan bijvoorbeeld op scholen in gesprek met ouders over alcohol- en middelengebruik. Aansluitend daarop worden er ook in het kader van het project JONG informatieve bijeenkomsten over alcoholgebruik georganiseerd en worden op structurele basis preventieve acties georganiseerd, die het gebruik van genotsmiddelen door jongeren ontmoedigen, zoals Happy Ouders. Ook houden we als gemeente actief toezicht op het niet-verstrekken van alcohol aan jongeren tot en met 17 jaar, door het organiseren van toezicht en handhaving bij evenementen, slijterijen en sportclubs, en organiseren we alertheid in de straat met inzet van wijk- en jeugdagenten, jeugdboa’s en jongerenwerkers.

Bij al deze activiteiten is er de afgelopen jaren extra aandacht gekomen voor de tendensen van drugsgebruik onder jongeren, bijvoorbeeld toenemend gebruik van synthetische drugs en lachgas. Veiligheid in en om scholen Scholen leggen hun veiligheidsbeleid vast in een convenant Veilige school. De gemeente is daarbij op afstand betrokken, als vertegenwoordiger in de regionale stuurgroep veilige school en ook in de lokale werkgroepen. Wijkagenten en bijzondere opsporingsambtenaren van de gemeente helpen bij toezicht en handhaving rond (en bij kluisjescontrole ook in) de scholen.

23 / 38

4.3

Opgaven voor 2019 en 2020

Meldingen jeugdoverlast (ook) gaan benutten als haakjes voor contact tussen jongeren en omwonenden Overlast is per definitie tweerichtingverkeer: iemand gedraagt zich op een bepaalde manier, een ander ervaart dat als problematisch. Twee polen, twee referentiekaders. Als er meldingen zijn van overlastgevend gedrag van jongeren in een bepaalde buurt wordt daar nu in eerste instantie vooral correctief op gereageerd. In 2019 en 2020 willen we daar nadrukkelijker iets naast stellen. Op de locaties waar regelmatig meldingen vandaan komen willen we namelijk beter worden in het met elkaar duiden niet enkel van wat de jongeren doen, maar vooral in het duiden van wat er in de buurt aan de hand is. Dat doen we door samen met het jongerenwerk te gaan werken aan het bij elkaar brengen van melders en overlastgevers. Liefst letterlijk en met leuke en voor beide partijen aantrekkelijke werkvormen. Kennen zij elkaar? Is er al eerder contact geweest over het als lastig ervaren gedrag? Is er ruimte voor anders, waardoor ieder zijn plek heeft in de buurt? Daar waar nabijheid geen oplossingsrichting lijkt vallen we terug op de kaders van handhaving en repressie, maar daar waar we kansen zien om met jongeren en wijkbewoners in gesprek te gaan over gedrag, achtergronden, wensen en oplossingsrichtingen moeten we dat niet nalaten.

We willen meer ‘wij’-denken in plaats van ‘zij-denken’: samen leven we in dezelfde buurt en zoeken we naar oplossingen. “Enige verplaatsing in die jongeren zou wellicht een heel ander beeld kunnen opleveren; dat van jonge scholieren die de kroeg nog niet in mogen, maar elkaar wel graag ontmoeten. Gewoon om bij te kletsen… en dan het liefst niet bij moeders op de bank. Stuk voor stuk prima ‘jong’. De één wil later sportleraar worden, de ander graag advocaat…. Dat zijn de werkelijke gezichten achter de hoodie. Het is ook juist onze taak om het beeld van jeugdoverlast opnieuw in te kleuren. Te ‘filteren’.” (Robin van der Helm, Wethouder Integrale Veiligheid Oosterhout). Opstarten pilot ‘Samen sterk’ (werktitel) Ondanks de gunstige cijfers (het aantal minderjarige verdachten nam de afgelopen jaren enorm af in Oosterhout), moéten we in onze gemeente de waarom-vraag blijven stellen als een jong iemand bij de politie in het vizier is als overlastgever of verdachte. Als gemeente willen we op dit punt als vliegwiel fungeren. En dat werkt beter als we dat zo concreet mogelijk doen. Daarom starten we een pilot. Bij deze pilot gaan we in een bepaalde periode in gesprek met alle ouders van minderjarige kinderen die op het politiebureau verhoord zijn voor het plegen van een strafbaar feit en van de jongeren die deel uitmaken van de geprioriteerde jeugdgroep uit voor een gesprek.

Dat gesprek is niet vrijblijvend. Het gedrag van zoon/dochter is onacceptabel voor zowel het kind, de ouders als de omgeving. Doorgaan met dat gedrag kan en zal niet zonder consequenties blijven. Dit leidt tot de keuze voor het kind (en de ouders): accepteer hulp en ondersteuning of accepteer deze niet, maar begrijp dan ook dat er alertheid wordt gereorganiseerd rond het gedrag van de jongere wat zal leiden tot meer repressie. We geven aan dat we - als daar behoefte aan is - ook willen helpen bij het vinden van informatie over (het regelen van) passende hulp en zullen doorvragen naar de behoeften op dat front. Vervolgens bespreken we de (uiteraard geanonimiseerde) resultaten met professionals die er meer in algemene zin over door kunnen denken. Kunnen behoeften ook breder worden beantwoord? Hoe groot is die behoefte dan? De pilot zal vragen genereren. En inzichten. En dat is wat we willen. Uiteraard stemmen we alles goed af met de politie, bureau Halt en jongerenwerk. Kern is dat we willen bereiken dat er meer denkkracht wordt gebundeld rond de vraag hoe preventie beter kan. En dat kan niet zonder duiding van waar ouders en kinderen op vastlopen als sprake is van risicogedrag. Bovengeschetste pilot is een begin. Op grond van dat begin zullen we voor 2020 aangeven welke vervolgstappen wenselijk zijn.

Nieuw aanvalsplan ‘Alcohol- en middelengebruik’ Specifiek op het onderwerp alcohol- en middelengebruik vinden we het van belang dat er een visiedocument wordt uitgewerkt, als startpunt voor een intensievere integrale aanpak. Van problemen rond alcohol- en middelengebruik zien velen immers wel iets, maar het is lastig te duiden wat nu specifiek in onze gemeente vervolgens aandacht moet krijgen als we problemen van misbruik voor willen zijn. Met name rondom het gebruik van jongeren vinden we dat er meer gesprek moet zijn over wat we met z’n allen nog extra kunnen doen. In 2019 wordt als onderdeel van het Gezondheidsbeleid een preventie- en handhavingsplan Alcohol en middelengebruik opgesteld.

24 / 38

Intensiever contact met scholen en kinderopvang over probleemgedrag We willen gebruik maken van het gegeven dat scholen binnenkort weer hun convenant ‘Scholen en veiligheid’ moeten gaan aanpassen en/of verlengen. Dit wordt regionaal opgepakt vanuit de stuurgroep veilige school, maar biedt lokaal een mooi aanknopingspunt om samen met de scholen voor voortgezet onderwijs eens door te praten over het thema probleemgedrag. Ook met het primair onderwijs en de kinderopvang willen we in gesprek over wat zij zien en doen rond signalen van zorg op dat punt. Cyberpesten en sexting zijn daarbij overigens expliciete punten van aandacht. We willen zeker stellen dat de scholen weten dat zij bij bureau Halt en het jongerenwerk terecht kunnen voor informatie en steun bij het geven van voorlichting op die thema’s. Misschien dat we ook een verbinding kunnen leggen tussen de werkgroep veilige school en het COJOR. We zetten eerste stappen in 2019 en maken een plan voor 2020. Sportverenigingen hulp bieden bij moeite met ‘moeilijk gedrag’ Voor veel kinderen en jongeren is sport super belangrijk. Voor sommigen is het echter niet alleen een fysieke maar ook een sociale uitdaging: trainers en coaches zien regelmatig gedrag dat zij als ‘probleemgedrag’ schetsen; gevloek en getier, een pesterige houding, ongehoorzaam naar volwassenen. Voor coaches en trainers is dat moeilijk.

Het vraagt bij hen in ieder geval veel didactische vaardigheden om alles op rolletjes te laten lopen. We vinden dat we hen meer moeten steunen, juist omdat sport zo’n positief uitgangspunt is. Dat gaan we in 2019 en 2020 doen door verenigingen proactief op dit punt te ondersteunen. Via de sport kunnen we ook proberen om breder met de jongeren het gesprek aan te gaan over wat hen bezig houdt, op school of thuis bijvoorbeeld, en waar ze hulp bij kunnen gebruiken. Herijking jongerenwerk In 2019 gaan we de inzet van het jongerenwerk herijken. Dat houdt in dat we nagaan of de huidige inzet voldoende aansluit op onze veiligheidsambities. Bereiken we het meest in de buurten met de meeste problemen bijvoorbeeld? Zo’n herijking is juist nu van belang, omdat het werk van jongerenwerkers de afgelopen jaren sterk is veranderd. Naast het reguliere jongerenwerk is ook een meer interventiegerichte ‘opdracht-aanpak’ ontstaan. De basis en kracht van die nieuwe aanpak is dat jongerenwerkers op straat, in accommodaties en eventueel thuis vanuit die opdracht in staat worden gesteld om langdurige contacten met jongeren aan te kunnen gaan. Vanuit die positie en hun professionaliteit zorgen ze voor de maatschappelijke participatie van jongeren en voorkomen of bestrijden daarmee overlast.

We willen beschouwen wat die nieuwe inzet ‘doet’: Wat gaat goed? En op welke punten kunnen we met elkaar nog meer bereiken? Uitbreiding van het interventiepalet rond risicogedrag Het is continu zoeken naar wat we nog meer en beter kunnen doen om te voorkomen dat jongeren het criminele pad op gaan. Sommige jongeren zijn kwetsbaar en hebben hulp nodig op verschillende terreinen. Bij concreet crimineel gedrag is het interventiepalet redelijk eenduidig: dan zijn politie en justitie aan zet. Maar wat doen we ‘daarvoor’, reagerend op risicovol, maar nog (net) geen strafbaar gedrag? In 2019 en 2020 willen we drie mogelijk investeringslijnen gaan onderzoeken op haalbaarheid van inzet/uitbouw in Oosterhout: a. Een project á la ‘Big brothers, big sisters’, een oorspronkelijk Amerikaans initiatief dat in steeds meer Nederlandse steden en wijken navolging krijgt, ook bijvoorbeeld in Breda, in de vorm van

b.

het ‘Grote broer’ en ‘Grote zus’ project van de stichting Kick. Dergelijke projecten faciliteren dat kinderen die een extra zetje in de rug kunnen gebruiken gekoppeld worden aan ‘een grote broer of zus’ die ze op structurele basis (als vrijwillig maatje) helpt. Gericht op de kwetsbare en beïnvloedbare jongeren kan dit project mogelijk ook in Oosterhout een toegevoegde waarde hebben. De mogelijke verbreding van de inzet van een ‘lifestyle-coach sport’ in Oosterhout. Op dit moment zet de afdeling Werk en Inkomen af en toe een lifestyle-coach in voor de begeleiding van uitkeringsgerechtigden. De coach richt zich op reactivering van uitkeringsgerechtigden, die zich niet (meer) bewust zijn van de eigen hulpvraag of verantwoordelijkheid. Dit project maakt veel los, niet in de minste plaats omdat de coach een voormalig professioneel worstelaar is. We gaan ons verdiepen in de resultaten van dit project en de mogelijke verdere inzet van dergelijke lifestyle-coaching voor jongeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=ed700575-58ce-4ccc-a993-2feba9bd3c98