RVS - bijlage 7 Evaluatie omgevingsdialoog
Tekst van het document
In Conclusie De belangrijkste aanbevelingen die zich zouden kunnen vertalen in aanpassingen van de richtlijnen, zijn de volgende:
39
-
Een betere informatieverstrekking richting omwonenden door het verplicht stellen van de voorbeeldbrief en verslag wat zorgt voor standaardisatie; Het verduidelijken en verplicht stellen van het proces rondom de terugkoppeling naar omwonenden; Blijven door communiceren met de omwonenden, ook tijdens en na transitieperiode van initiatiefnemer naar gemeente; Een mogelijkheid voor toehoor door een ambtenaar bij gevoelige projecten.
40
Literatuurlijst Geraadpleegde literatuur 1. Algemene beginselen van behoorlijk bestuur. (z.d.-a). Kenniscentrum InfoMil. Geraadpleegd op 21 juni 2021, van https://www.infomil.nl/vasteonderdelen/onderwerpen/lucht-water/handboek-water/handreikinglozingen/procedure-keuze-rechtsbescherming/algemene-beginselen-behoorlijkbestuur/. 2. Algemene beginselen van behoorlijk bestuur. (z.d.-b). Noorland Juristen. Geraadpleegd op 21 juni 2021, van https://www.noorlandjuristen.nl/Bestuursrecht/ABBB/index.htm. 3. Algemene Wet Bestuursrecht. 4. Omgevingsbesluit. 5. Omgevingsregeling. 6. Omgevingswet. 7. Participatie - Hoe is het allemaal geregeld in de wet? (2020). Aan de slag met de Omgevingswet. Geraadpleegd op 21 juni 2021 van https://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/ondersteuning/webinartraining/webcolleges-webinars/webcollege-participatie/webcollege-participatie-deel2/. 8. Seelen, M. (2019, 21 november). Omgevingsdialoog: het waarom, de grondslag en het hoe van deze fatsoensnorm. Omgevingsweb. Geraadpleegd op 21 juni 2021 van https://www.omgevingsweb.nl/nieuws/omgevingsdialoog-het-waarom-de-grondslagen-het-hoe-van-deze-fatsoensnorm/.
41
Bijlagen Bijlage 1 – Motie Omgevingsdialoog bij aanvragen omgevingsvergunning en principeverzoeken
Motie Omgevingsdialoog bij aanvragen omgevingsvergunning en principeverzoeken De gemeenteraad van Oosterhout, in vergadering bijeen op 21 en 22 april 2020, behandelend de Raadsnota ZN 211276 Krediet Implementatie Omgevingswet, overwegende dat: • het tijdig betrekken van omwonenden bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen van belang is; • het college op 10 december 2018 de Richtlijn omgevingsdialoog en toelichting bij aanvragen omgevingsvergunning en principeverzoeken heeft vastgesteld om hier invulling aan te geven; • in de toelichting op de richtlijn is opgenomen dat de raad wordt geïnformeerd over de uitkomsten van de omgevingsdialoog bij de start van de ruimtelijke ordeningsprocedure; • in de toelichting op de richtlijn is opgenomen dat de raad in de gelegenheid wordt gesteld aan het begin van grootschalige en/of ingrijpende ruimtelijke projecten kaders te stellen en dat daarvoor een omgevingsdialoog waardevolle informatie biedt; • door initiatiefnemers divers wordt omgegaan met het houden van een omgevingsdialoog en de raad niet altijd op de hoogte wordt gebracht van een gehouden omgevingsdialoog; • er een format ontbreekt waaraan een omgevingsdialoog dient te voldoen; • de regering een wetsvoorstel voor wijziging van de Gemeentewet ter consultatie heeft vrijgegeven om de inspraakverordening te verbreden tot een participatieverordening; • een evaluatie van de huidige
werkwijze met de omgevingsdialoog belangrijke informatie geeft aan de raad om criteria en/of randvoorwaarden te formuleren voor een participatie- en inspraakverordening, verzoekt het college:
•
de Richtlijn omgevingsdialoog bij aanvragen omgevingsvergunning en 42
• •
principeverzoeken te evalueren; de raad op de hoogte te brengen van de uitkomst daarvan, inclusief een conclusie ten aanzien van wenselijke criteria en/of werkwijzen voor de toekomst uiterlijk 1 juli 2020; dit te doen tijdig vóór het opstellen van de nieuwe participatie- en inspraakverordening.
Walther Hoosemans Fractievoorzitter Gemeentebelangen
43
Bijlage 2 – Correspondentie met Informatiepunt Omgevingswet Goedendag, Op 17 maart heeft u een vraag aan ons gesteld. Uw vraag is: Dank voor het antwoord. Is het dan zo dat we onze huidige richtlijnen (zie link: https://www.oosterhout.nl/inwoners/wonen-leven/bouwen-en-verbouwen/omgevingsdialoog) als verplichte minimale kwaliteitseis kunnen stellen ingeval de raad besluit een dialoog te verplichten bij ene Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit, en dat jurisprudentie zal uitwijzen of we op basis daarvan aanvragen mogen weigeren. Het maakt het overigens niet eenduidig voor ons specialisten. Laat staan voor mensen die hier niet dagelijks mee bezig zijn en er wel over moeten besluiten (raadsleden) of mee moeten gaan werken (burgers). Maar dat terzijde. In antwoord op uw vraag geven wij de volgende informatie: Bij het eerdere antwoord is o.a. aangegeven: "Onvoldoende participatie kan in principe een afwijzingsgrond voor een vergunning zijn waarbij participatie verplicht is gesteld. Uit het feit dat participatie verplicht is, volgt dat die enige inhoud moet hebben. Maar waar precies de grens ligt, weten wij ook niet. Hoe de precieze toetsing van de kwaliteit van de participatie vorm gaat krijgen, weten we niet.
Nota van toelichting biedt geen soelaas." Dat bij de verplichte participatiegevallen onvoldoende participatie een grond kan zijn voor weigering is ook aangeven in de Webinar Participatiebeleid opstellen - Aan de slag met de Omgevingswet. Daar staat op pagina 12 van de download over (door de gemeenteraad) verplichte participatiegevallen: "Onvoldoende participatie is een grond voor weigering van aanvraag bij aanwezige beleid hierover." Wat onvoldoende/ voldoende is volgens de gemeente, kan met participatiebeleid van de gemeente worden aangeduid zoals u zelf voorstelt. Waar de grens ligt tussen 'voldoende' en 'onvoldoende' weten wij niet en zal ook afhangen van de aangevraagde activiteit. Het kan bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten namelijk om van alles gaan. Uiteindelijk zal inderdaad jurisprudentie moeten uitwijzen in welke gevallen sprake was van (on)voldoende participatie en de relatie met het participatiebeleid van de gemeente daarover. Wij vertrouwen erop dat wij uw vraag hiermee naar tevredenheid hebben beantwoord. Voor eventuele vervolgvragen kunt u contact opnemen via onderstaande contactgegevens.
44
Met vriendelijke groet, Team Informatiepunt Omgevingswet Wilt u liever telefonisch contact? Bel ons dan op 088 - 797 0790 (bereikbaar op werkdagen van 9.00-17.00 uur). U kunt ons mailen op informatiepunt.omgevingswet@rws.nl. Of kijk op www.aandeslagmetdeomgevingswet.nl voor meer informatie.
45
Bijlage 3 – Correspondentie met Informatiepunt Omgevingswet Goedendag, Op 16 maart heeft u een vraag aan ons gesteld. Uw vraag is: De Ow stelt de dialoog niet verplicht en de memorie van toelichting (pag 335) staat ook dat deze vormvrij moet zijn / je als gemeente geen eisen kan stellen aan de vorm en daarmee de kwaliteit. Laat staan een aanvraag buiten behandeling kan laten als deze niet voldoet aan bepaalde vorm of kwaliteitseisen. Mijn vraag is of dit ook geldt voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, waarvoor de raad een dialoog verplicht heeft gesteld. Kan je als gemeente daar ook geen vorm- en kwaliteitsvereisten aan stellen en bij het niet voldoen daaraan. De aanvraag niet in behandeling nemen. Dit druist m.i. in tegen enkele beginselen van behoordelijk bestuur die ons dwingt om kennis te nemen van en onderzoek te doen naar alle belangen en deze zorgvuldig af te wegen. Daarentegen heb ik in enkele webinars meegekregen dat dit wel mogelijk is. In antwoord op uw vraag geven wij de volgende informatie: - Er is alleen een verplichting voor een aanvrager om aan participatie te doen als de gemeenteraad gevallen heeft aangewezen waarin dit verplicht is m.b.t. een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
NB: buitenplanse omgevingsplanactiviteit = elke activiteit die in strijd is met omgevingsplan - het enige geval waarin een aanvraag kan worden afgewezen buiten het bovenstaande geval, is als de aanvrager bij zijn aanvraag niet heeft aangegeven OF hij aan participatie heeft gedaan ("nee" is daarbij een correct antwoord). Wel nog gelegenheid geven gebrek aanvraag te herstellen, route 4:5/4:15 Awb. - De inhoudelijke opbrengst van de participatie kan alleen een afwijzingsgrond voor de vergunning zijn, als daar helder uit wordt dat er voldaan is aan een ander criterium om de vergunning te weigeren. Niet genoeg informatie voor de belangenafweging kan, als die niet kan worden toegerekend aan de aanvrager, geen weigeringsgrond zijn. Een aanvrager die alleen "nee" heeft gezegd op de participatievraag in het DSO, heeft aan zijn verplichtingen voldaan. In gevallen waarin er sprake is van zo'n door de Raad aangewezen buitenplanse omgevingsplanactiviteit, is de aanvrager klaar als hij aantoonbaar aan participatie heeft gedaan. - Er is geen verplichte participatie mogelijk bij binnenplanse omgevingsplanactiviteiten. - Onvoldoende participatie kan in principe een afwijzingsgrond voor een vergunning zijn waarbij participatie verplicht is gesteld. Uit het feit dat participatie verplicht is, volgt dat die enige inhoud moet hebben. Maar waar precies de grens ligt, weten wij ook niet.
- Hoe de precieze toetsing van de kwaliteit van de participatie vorm gaat krijgen, weten we niet. Nota van toelichting biedt geen soelaas. Wij vertrouwen erop dat wij uw vraag hiermee naar tevredenheid hebben beantwoord. Voor eventuele vervolgvragen kunt u contact opnemen via onderstaande contactgegevens. Met vriendelijke groet, Team Informatiepunt Omgevingswet Wilt u liever telefonisch contact? Bel ons dan op 088 - 797 0790 (bereikbaar op werkdagen van 9.00-17.00 uur).
46
U kunt ons mailen op informatiepunt.omgevingswet@rws.nl. Of kijk op www.aandeslagmetdeomgevingswet.nl voor meer informatie.
47