CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

Financieel perspectief 2023-2027

Raad - informatiebijeenkomst 24 mei 2023, gemeente OosterhoutBij agendapunt: 19:30 toelichting Perspectiefnota22.682 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Begr 2023

Begr 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Gemeentelijke organisatie Energielasten Ridderstraat Indexering div contracten gebouwenbeheer MJOP gebouwen Automatisering Stagiaires Totaal

A A

287 48

287 48

287 48

287 48

287 48

A A A N

48

48 20 200 84 687

48 20 200 84 687

48 20 200 84 687

48 20 200 84 687

200 583

AANPASSINGEN INVESTERINGEN ACCOMMODATIEBEHEER In de jaarlijkse meerjarenbegroting geven wij een doorkijk van de grootste investeringen per beleidsterrein voor de komende jaren. Ten opzichte van de meerjarenbegroting 2023-2027 hebben zich op accommodatiebeheer enkele wijzigingen voorgedaan. Onderstaand worden de jaartallen van uitvoering van deze projecten aangegeven. De wijzigingen zijn onder de tabel toegelicht.

Stagiaires: € 84.000 Als gemeente willen we onze maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen en ons extra inspannen om stageplaatsen te bieden. Met de inzet van stagiaires geven we een inkijkje in het werken bij een gemeente. Dit draagt tevens positief bij aan onze positie op de arbeidsmarkt. Het resulteert in meer stageverzoeken waardoor het budget ontoereikend is.

Financieel perspectief 2023-2027 37

Nr. Omschrijving

1 2 3 4 5 6

Toelichting

Wieken Korenmolen Plafond Bussel Zonnepanelen Verduurzamen gemeentelijke accommodaties Technische installaties gemeentelijke accommodaties Bouwkundige werkzaamheden gemeentelijke accommodaties Pannehoef: pand behouden en investeren om pad naar een meer moderne standaard te brengen. Openbaar toilet in het centrum Voorbeeldrol gemeente op gebied van duurzaamheid AC de Bunthoef AC Arkendonk Pannehoef Theehuis Floralia Parkeergarage Arendshof 2 Gevel speelgoedmuseum

2023

2024

2025

2026

2027

1.250.000

5.425.000

450.000

450.000

450.000

X X X X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X X X X X X X

X

X

X

X X X

Financieel perspectief 2023-2027 38

Toelichting op de wijzigingen 1. Activiteitencentrum de Bunthoef toegevoegd in UVP 2024. Met de bouw van appartementen op de locatie van het huidige activiteitencentrum ontstaat de kans voor een nieuw activiteitencentrum (in de plint). De gemeente wordt hierbij eigenaar van het activiteitencentrum (aankoop). De start van de bouw van het totale project is voorzien voor 2024. Als vervangende accommodatie voor de activiteiten van de Bunthoef tijdens de bouwperiode is de Verrijzeniskerk beschikbaar. De prijsindicatie voor de bouwkosten (incl. bijkomende kosten) maar exclusief inrichting bedragen € 3.500.000. 2. Activiteitencentrum Arkendonk toegevoegd in UVP 2024. Binnen het project visie Arkendonk is ook de bouw van een nieuw activiteitencentrum voorzien. Hiervoor is deels dekking aanwezig binnen de vrije reserve (€ 1.000.000) en deels uit de opbrengst van de grondverkoop. We verwachten een aanvullend tekort van ca. € 400.000. 3. Pannehoef toegevoegd in UVP 2024. Voor de verduurzaming en renovatie van de Pannehoef is ca. € 1.300.000 beschikbaar. Uitwerking van de plannen maakt duidelijk dat de prijzen uitkomen op ca. € 2.300.000. Dit betekent dat de kosten € 1.000.000 hoger uitkomen, veroorzaakt door stijgende marktprijzen én kostprijsverhogende BTW. In de raadsvergadering van mei ligt een voorstel voor een aanvullend investeringskrediet van € 1.000.000.

In dit voorstel zijn de kosten voor vervangende accommodatie tijdens de verbouwing in Arendshof 2 niet meegenomen. 4. Theehuis Floralia toegevoegd in UVP 2024. De bouwkundige staat van het Theehuis in de Floraliatuin is zeer slecht en is alleen te behouden met een zeer grondige restauratie. De kosten hiervoor zijn hoog (indicatie € 150.000 tot € 200.000). Het college stelt voor om € 50.000 beschikbaar te stellen en te onderzoeken of deze restauratie bijvoorbeeld als project door de huurder van Floraliapark ter hand genomen kan worden. 5. Parkeergarage Arendshof 2 toegevoegd in UVP 2024. In de parkeergarage Arendshof II is een lekkage geconstateerd en is sprake van acuut achterstallig onderhoud welke in 2024 wordt aangepakt. Hiervoor is totaal € 100.000 benodigd. 6. Gevel speelgoedmuseum toegevoegd in UVP 2024. Op basis van een (verouderde) offerte voor gevel speelgoedmuseum is éénmalig € 125.000 nodig in 2024 voor onderhoud van de gevel van het speelgoedmuseum. Dit kan niet opgevangen worden binnen de huidige onderhoudsbudgetten. Deze investering wordt opgenomen in de UVP accommodatiebeheer.

4 INVESTERINGEN 4.1 INVESTERINGSPLANNING 2024 In het voorgaande hoofdstuk zijn op de programma’s de grootste wijzigingen van de investeringen per beleidsterrein toegelicht. Op een aantal beleidsterreinen (afval, riolering, informatisering en tractie) veranderen de investeringen nauwelijks ten opzichte van 2023. Dat geldt echter niet voor de onderstaande beleidsterreinen. • Openbare ruimte (toegelicht in programma Wonen & Mobiliteit); • Sport (toegelicht in programma Sport & Cultuur); • Incidentele investeringen (toegelicht in programma Meer voor elkaar); • Accommodatiebeheer (toegelicht in programma Gemeentelijke organisatie); • Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (Toegelicht in programma Arbeidsmarkt, Economie & Onderwijs). • Op het beleidsterrein riolering zijn de komende jaren forse stijgingen in de benodigde investeringen te verwachten. Dit wordt nader uitgewerkt en zal in het nieuwe Water & Rioleringsplan terug komen. Deze zal verwerkt worden in de begroting 2025. De uitvoeringsplanning van de gemeente Oosterhout uit de begroting 2023 gaf het volgende beeld: Bedragen x € 1.000

Beleidsterrein Openbare ruimte Sport Informatisering Accommodatiebeheer Incidentele investeringen Subtotaal Afvalverwijdering Riolering Tractiemiddelen Integraal huisvestingsplan (IHP) Activering personele kosten Totaal investeringen

Vast plafond 4.0401 847 245 300 385 5.817 5.817

Begr Raming Raming Raming 2023 2024 2025 2026 8.482 9.626 18.740 9.440 2.497 7.114 947 1.047 295 245 245 245 1.250 450 450 450 23.806 5.195 195 170 36.330 22.630 20.577 11.352 911 361 126 126 2.050 2.050 2.000 2.000 1.270 1.295 625 2.075 27.208 8.565 11.194 750 750 750 750 68.519 35.651 35.272 16.303

Het totaalbeeld qua investeringen van het financieel perspectief op alle beleidsterreinen is het volgende:

1 Het investeringsplafond openbare ruimte is in de begroting 2023 opgehoogd met € 300.000

Financieel perspectief 2023-2027 39

Bedragen x € 1.000

Beleidsterrein Openbare ruimte Sport Informatisering Accommodatiebeheer Incidentele investeringen Subtotaal Afvalverwijdering Riolering Tractiemiddelen Integraal huisvestingsplan (IHP) Activering personele kosten Totaal investeringen

Vast plafond 4.415 847 245 300 385 6.192 6.192

Begr Raming Raming Raming Raming 2023 2024 2025 2026 2027 7.080 10.020 6.185 18.315 25.590 1.497 11.914 805 847 847 295 245 245 245 245 1.250 5.425 450 450 450 27.006 5.195 385 385 385 37.128 32.799 8.070 20.242 27.517 911 362 126 126 150 2.050 2.050 2.000 2.000 2.000 1.270 1.295 625 2.075 2.000 11.431 25.879 2.719 6.293 0 750 750 750 750 750 53.539 63.134 14.291 31.486 32.417

De verschuivingen in de geplande investeringen hebben dus per saldo het volgende effect: Bedragen x € 1.000

Omschrijving Mutatie investeringen jaarschijf

Mutatie Mutatie Mutatie Mutatie 2023 2024 2025 2026 -14.980 27.483 -20.981 15.183

Nieuw 2027 32.417

Verhogen investeringsplafond openbare ruimte Het vaste investeringsplafond voor de openbare ruimte wordt hierbij met ingang van 2024 opgehoogd met € 375.000 naar € 4.415.000, zoals elders in deze nota wordt voorgesteld. Dit wordt gedaan zodat er binnen de projecten in de openbare ruimte meer rekening kan worden gehouden met klimaat adaptieve maatregelen. 4.2 BEGRENZING INVESTERINGEN De Oosterhoutse investeringsopgave is groter dan ooit; de stad groeit hard, heeft grote opgaven rondom verduurzaming en vergroening en werkt geïntensiveerd aan het wegwerken van achterstalligheid. Dit alles heeft er voor gezorgd dat de Oosterhoutse investeringsbehoefte sterk is toegenomen. We willen volop huizen bouwen, investeren in mobiliteit, de openbare ruimte in de stad verbeteren, nieuwe scholen, activiteitencentra, Arendshof 2 transformeren tot stadhuis en sportvoorzieningen bouwen. Gelijktijdig loopt Oosterhout (misschien wel voor het eerst) tegen grenzen van de investeringscapaciteit aan. Het blijkt niet mogelijk om de investeringsopgave te realiseren binnen de gestelde grenzen op het gebied van betaalbaarheid, financierbaarheid en realiseerbaarheid. Op alle drie de grenzen staat spanning, ook al is de exacte hoogte van de grenzen niet in alle gevallen duidelijk. In de begroting 2023 is een investeringsplanning vastgesteld (2023 t/m 2026) van zo’n € 156 miljoen.

Dat is fors, bedenkende dat wij normaal

gesproken zo’n € 15 – 20 miljoen per jaar aan investeringen wegzetten. In de komende begroting komt de jaarschijf 2027 erbij en lopen de investeringsramingen op tot € 195 miljoen (2023-2027). Sinds de begroting 2023 is het werk met betrekking tot de investeringen doorgegaan, meer dan ooit heeft de gemeente een totaalbeeld van alle investeringsopgaven die op haar afkomen. Hieruit blijkt ook nog scherper dan voorheen welke knelpunten er zijn en hoe omvangrijk deze zijn. De huidige ruimte in de begroting vereist dat in alle investeringsambities scherpe keuzes moeten worden gemaakt, die impact hebben op de stad en de kerkdorpen.

Stijgende bouwkosten De totale investeringsruimte staat tevens onder druk door de sterk stijgende bouwkosten. Deze leiden tot de noodzaak tot het maken van additionele keuzes over afstel of versobering omdat er voor hetzelfde bedrag minder gerealiseerd kan worden. Stijgende rente Ook de rente is fors gestegen ten opzichte van een jaar geleden. De hogere rentekosten beslaan daarmee een steeds groter deel van de jaarlijkse exploitatie. Ook dit noodzaakt tot het maken van inhoudelijke keuzes. Illustratief is hieronder aangegeven hoe de rente in 1 jaar tijd gewijzigd is. Hierbij wordt aangetekend dat de rente inmiddels nog verder verhoogd is en er nog nieuwe renteverhogingen zijn aangekondigd.

Krapte arbeidsmarkt Daarnaast is er sprake van een steeds groter wordende spanning met betrekking tot de ambtelijke capaciteit als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. Deze ontwikkeling heeft onder andere invloed op de realiseerbaarheid van de investeringen. De krapte op investering is een krapte op zowel de betaalbaarheid (waar dekken we de kosten uit) als een krapte op de financierbaarheid (schuld), als een krapte op de arbeidsmarkt (uitvoeren van projecten).

Financieel perspectief 2023-2027 40

4.3 MOGELIJK KNELLENDE GRENZEN Bij het bepalen van de mogelijkheden die een stad heeft om te investeren zijn er drie afzonderlijke limiterende grenzen die gemonitord dienen te worden. Op verschillende momenten in de tijd kan een andere van deze drie grenzen de meest knellende grens zijn. Betaalbaarheid [interne grens]: Kunnen we de met de investering gepaard gaande kosten, zijnde kapitaallasten (rente en afschrijvingen), exploitatiekosten (bijvoorbeeld exploitatie, beheer & onderhoud) en de gerelateerde programmakosten langjarig betalen? Kijkend naar betaalbaarheid gaan kosten voor investeringen direct ten koste van uitgaven aan programma’s en vice versa. De begrenzing vanuit betaalbaarheid is daarmee afhankelijk van de hoeveelheid middelen die in de begroting gealloceerd worden aan investeringen. Financierbaarheid [externe grens]: Kunnen we de financieringsbehoefte van investeringen dekken door interne of externe middelen? Ter financiering van onze investeringen leent de gemeente van financiers, met name bij de sectorbanken, Bank Nederlandse Gemeente (BNG) en de Nederlandse Waterschapsbank (NWB). Er zijn twee partijen die een rol spelen bij deze begrenzing; de toezichthouder (provincie) en de financiers. De toezichthouder heeft als ‘rode’ signaalwaarde voor de hoogte van de schuld een schuldquote van 130% opgenomen.

Vanuit de financiers is nog geen harde waarde gecommuniceerd, echter zij kijken deels naar de signaalwaarde van de toezichthouder en deels naar hun eigen risciobeheersingsinstrumentarium. Wat de precieze grens is vanuit de financiers is en welke consequenties daaraan verbonden zijn (bijv. mogelijk hogere rente) is daarmee onbekend. Realiseerbaarheid [interne & externe grens]: Kunnen we de investeringen ook realiseren in het geraamde tijdspad? Dit kunnen beperkingen zijn van organisatorische (ambtelijke) capaciteit, uitvoeringscapaciteit in de markt of beperkingen in de ruimte. •

• •

Ambtelijke capaciteit: de ambtelijke organisatie heeft op korte termijn een gegeven capaciteit om projecten uit te voeren. Dit is deels beïnvloedbaar door het aantrekken van externe (deels tijdelijke) bemensing. Echter speelt ook hier krapte in de arbeidsmarkt een rol, medewerkers met de juiste capaciteiten zijn (op dit moment) schaars. Uitvoeringscapaciteit: ook de uitvoeringscapaciteit in de markt is gelimiteerd. De hoeveelheid werk die de markt aan kan is afhankelijk van de krapte op de markt, op dit moment is deze nog hoog. Beperking in de ruimte. Er is een limiet aan hoeveel projecten er gelijktijdig in de openbare ruimte kunnen worden uitgevoerd (denk aan doorgaande wegen; deze kunnen niet allemaal tegelijk in onderhoud zijn).

4.4 SITUATIE IN OOSTERHOUT Wanneer we de geactualiseerde investeringsplanning uit deze nota doorrekenen en wegzetten ten opzichte van de meerjarenbegroting 2023, dan ontstaat het volgende beeld: Omschrijving

Daling kapitaallasten Stijging financieringskosten TOTAAL

Begroting Raming Raming Raming 2024 2025 2026 2027 -632.509 -1.087.658 -1.895.307 -2.659.639 861.546 2.454.431 3.730.732 4.911.388 229.037 1.366.773 1.835.425 2.251.749

Hierbij zien we ten opzichte van de begroting 2023 een daling van de kapitaallasten. Deze daling wordt veroorzaakt enerzijds het schrappen en naar achteren verplaatsen van een aantal investeringen en anderzijds door de inzet van reserves om investeringen af te dekken. Meerjarig neemt dit voordeel overigens af, omdat de kapitaallasten van investeringen die naar achteren zijn verschoven in de tijd later alsnog komen. De financieringskosten echter stijgen. Dit komt omdat de extra investeringen die we willen uitvoeren gefinancierd moeten worden met nieuwe leningen. De gemeente Oosterhout heeft namelijk het geld van deze investeringen niet op de bank staan (ook niet het geld dat in de reserves zit). Onderstaand overzicht geeft een doorkijk van de rentekosten en het schuldenplafond op basis van de geactualiseerde investeringsplanning: Jaar

Gem. rente %

Rentekosten

Stijging rentekosten

Vaste schuld einde jaar

2022 2023 2024 2025 2026 2027

0,78% 1,56% 2,17% 2,37% 2,53%

507.962 1.369.508 2.962.393 4.238.694 5.419.350

861.546 2.454.431 3.730.732 4.911.388

65.377.000 87.625.630 136.289.703 178.957.312 214.184.757 241.716.686

Schuldquote

38% 51% 80% 105% 125% 141%

Rentekosten (betaalbaarheid) De rentekosten zullen op basis van het huidige rentebeeld de komende jaren gaan stijgen met bijna € 5 miljoen. Omdat we bestaande leningen moeten herfinancieren en voor de nieuwe investeringen nieuwe leningen moeten aantrekken, zal het percentage te betalen rente de komende jaren geleidelijk oplopen. Meerjarig is de begroting van de gemeente Oosterhout niet in balans en zijn er oplopende tekorten zichtbaar. De betaalbaarheid van de geplande investeringen is momenteel dus niet gegarandeerd. Aangezien de meeste investeringen tot langjarige verplichtingen leiden (afschrijvingstermijnen van 30-40 jaar), is dit wel een belangrijk aandachtspunt.

Financieel perspectief 2023-2027 41

Schuldquote (financierbaarheid) Op basis van de geactualiseerde investeringsplanning en onze huidige leningenportefeuille, zien we dat we de komende jaren fors meer leningen moeten gaan aantrekken om deze planning te realiseren. Eind 2022 had de gemeente Oosterhout € 65,3 miljoen aan langlopende leningen open staan. Dat komt neer op een schuldquote van zo’n 38%. Dit loopt met de huidige ambities op tot een leningenportefeuille van € 241,7 miljoen ultimo 2027, wat neerkomt op een schuldquote van zo’n 141%. Zoals eerder vermeld is het om diverse redenen wenselijk om de schuldquote te maximeren op 130%. Dit zou betekenen dat de hoeveelheid leningen moet worden beperkt tot zo’n € 220 miljoen. Wil je dat bereiken dan zal er binnen de huidig geplande investeringen zo’n € 20 miljoen aan ambities moeten worden geschrapt. De noodzaak hiervan wordt nog eens onderstreept omdat we nog niet alle noodzakelijke investeringen voor de komende jaren goed in beeld hebben. Indien er nieuwe noodzakelijke investeringen opkomen, of bestaande investeringen duurder dan geraamd uitvallen, is de grens van de financierbaarheid eerder bereikt. 4.5 RICHTING BEGROTING 2024 Het college zal richting de uitwerking van de begroting 2024-2027 de geplande investeringen integraal tegen het licht houden en hierin nog de noodzakelijke aanvullende keuzes maken.

5 RESERVES 5.1 FINANCIERINGSRESERVE In 2001 heeft de gemeente Oosterhout haar aandelen in Intergas BV verkocht. De opbrengsten hiervan zijn destijds uiteindelijk in de toen gevormde financieringsreserve gestort. Deze reserve heeft een financieringsfunctie. Dat betekent dat dat de jaarlijkse (interne) renteopbrengst van deze middelen ingezet werd ter dekking van gemaakte kosten binnen de exploitatie van de gemeente Oosterhout. In de begroting 2023, waar we rekenen met een gemiddeld rentepercentage van 1,00%, levert deze financieringsreserve dus € 360.000 aan dekking binnen de exploitatie op. Voorgesteld wordt om de financieringsreserve in 2024 op te heffen en in te gaan zetten voor de volgende onderdelen: Toevoegen aan Algemene reserve Algemene Bedrijfsreserve Algemene Bedrijfsreserve Vrije reserve Vrije reserve Infrastructurele werken

Bestemming Verhogen naar 10% begrotingsomvang Verhogen Algemene Bedrijfsreserve Dekking tekort Arendsplein Dekking reservering stadhuis Dekking projecten onderwijshuisvesting Dekking projecten mobiliteitsvisie

Bedrag 11.900.000 4.100.000 1.200.000 3.200.000 7.800.000 7.800.000 36.000.000

Verhogen algemene reserve: € 11.900.000 De algemene reserve binnen de gemeente Oosterhout fungeert als risicoreserve. Conform de huidige nota reserves en voorzieningen bedraagt de omvang minimaal 3% van de begrotingsomvang. Momenteel heeft deze reserve een omvang van € 5.283.000. Echter vanwege de onderkende risico’s biedt deze reserve niet voldoende weerstandsvermogen en dienen wij daarnaast dus een deel van de vrije reserve besteedbaar te houden om de risico’s op te vangen. Het college stelt daarom voor om de algemene reserve te verhogen naar 10% van de begrotingsomvang (ongeveer € 17,1 miljoen) en deze reserve aan te houden als risicoreserve. Het is dan niet meer nodig om een deel van de vrije reserve aan te houden ter dekking van risico’s waardoor een zuiverder beeld ontstaat op het besteedbaar vermogen aldaar. Verhogen ABR Grondbedrijf: € 4.100.000 De Algemene Bedrijfsreserve van het grondbedrijf (ABR) is bedoeld om de risico’s op het gebied van grondexploitaties op te vangen. Om deze reden vervult de ABR evenals de algemene reserve een bufferfunctie. In de huidige nota reserves en voorzieningen is de omvang van deze reserve gesteld op minimaal € 9 miljoen en maximaal € 12,5 miljoen. De Algemene Bedrijfsreserve van het grondbedrijf kent momenteel (eind 2022) een stand van € 10.914.000. Voorgesteld wordt om deze reserve op te hogen naar € 15 miljoen.

Reden om dit op te hogen is gelegen in de Financieel perspectief 2023-2027 42

ontwikkelingen rondom Oosterhout Oost voor de komende jaren, welke een hoger risicoprofiel voor het grondbedrijf betekenen. Tevens zal het verwachte tekort van de woningbouw in Den Hout (verplaatsing VV Irene) ten laste van de ABR worden gebracht. Dekking tekort GREX Arendsplein: € 1.200.000 De geactualiseerde grondexploitatie Arendsplein kent een tekort van € 1.200.000, waarvoor een verliesvoorziening getroffen zal moeten worden ten laste van de Algemene Bedrijfsreserve van het grondbedrijf (ABR). Voorgesteld wordt om de ABR weer aan te vullen met dit bedrag.

geplande investeringen wordt ingezet en daarmee de afschrijvingslasten zijn gedekt. In 2023 staat gepland om de nota reserves en voorzieningen te herzien. Bovengenoemde beleidsvoorstellen (opheffen financieringsreserve, verhogen algemene reserve en algemene bedrijfsreserve) en het instellen van de nieuwe bestemmingsreserves zullen bij het actualiseren van deze nota worden meegenomen.

Dekking reservering stadhuis: € 3.200.000 De huidige raming behorende bij het Voorlopig Ontwerp gaat, inclusief de besloten aanpassingen, uit van een investeringsbedrag van circa € 38,7 miljoen excl. BTW. Naast de investeringskosten voor de realisatie (van het gebouw), is ook een eerste inschatting gemaakt voor de kosten van de inrichting en de aanpassingen van de openbare ruimte gelegen rondom het nieuwe gebouw. Voorgesteld wordt om hiervoor aanvullend rekening te houden in de begroting met een maximale investering van € 8,0 miljoen. Derhalve wordt voorgesteld om voor het project nieuw stadhuis aanvullend € 3,2 miljoen te ramen om dit risico op te vangen. Zie ook programma 7 ‘Meer voor elkaar’, voor een toelichting hierop. Dekking projecten onderwijshuisvesting: € 7.800.000 In de raadsvergadering van december 2022 is het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs vastgesteld door de gemeenteraad. Dit IHP kent een doorkijk in de geplande investeringen voor de komende jaren. De totale investeringskosten voor de eerste fase (van € 46,4 miljoen tegen prijspeil juni 2022) waren uitgewerkt in de meerjarenbegroting 2023-2026. Vanwege verwachte prijsstijgingen en het niet eerder meegenomen bewegingsonderwijs voor het Hanze college, wordt voorgesteld om € 7,8 miljoen te reserveren voor de geplande projecten uit dit IHP.

Dekking projecten mobiliteitsvisie: € 7.800.000 In de raadsvergadering van september 2022 is de uitvoeringsagenda mobiliteitsvisie 2022-2027 vastgesteld. Deze kent een groot aantal investeringen. Voorgesteld wordt om voor deze projecten € 7,8 miljoen aan dekking te ramen en deze te storten in het mobiliteitsfonds. 5.2 NIEUWE BESTEMMINGSRESERVES Momenteel bevat de vrije reserve een aantal grote reserveringen voor investeringen in het stadhuis en het IHP. Voorgesteld wordt om aparte bestemmingsreserves te vormen voor deze twee doelen, zodat er een beter beeld komt op de hoogte van de vrije reserve. 5.3 NOTA RESERVES EN VOORZIENINGEN Het opheffen van de financieringsreserve betekent enerzijds een nadeel in de exploitatie vanwege het missen van rente-inkomsten, maar anderzijds een voordeel op de kapitaallasten, omdat deze middelen als dekking voor Financieel perspectief 2023-2027 43

6 BIJLAGEN

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

6.1 BEGROTINGSWIJZIGING 2023 In deze bijlage is een totaaloverzicht opgenomen van de begrotingswijzigingen (vanwege deze prijscompensatie en doorwerking uit de jaarrekening 2022) die we reeds willen toekennen in 2023. Een toelichting op deze posten is gegeven in de programma’s in hoofdstuk 3. Deze toekenning wordt bekostigd uit de aanwezige stelpost prijscompensatie en de extra ontvangen algemene uitkering die in de september- en decembercirculaire 2022 zijn aangekondigd. Hierin zijn niet meegenomen de posten die pas vanaf 2024 gelden. Deze worden in deze nota aangekondigd, maar pas verwerkt in de meerjarenbegroting 2024-2027.

Indexatie contract beveiliging Totaal

6.1.1

Zorg en welzijn

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Begr 2023

Jeugd Indexering contracten jeugdzorg N WMO Indexering en actualisatie contracten begeleiding N Indexering vrij toegankelijke dagbesteding N Actualisatie rolstoelen N GR GIA en meldpunt crisiszorg N Indexering en actualisatie Kleinschalig Collectief Vervoer N Totaal N

6.1.2

Begr 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

270

270

270

270

270

500

500

500

500

500

50 50

50 50

50 50

50 50

50 50

41

137

137

137

137

50 691

50 1.057

50 1.057

50 1.057

50 1.057

Arbeidsmarkt, economie en onderwijs

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Jeugd OZB onderwijshuisvesting Kostenstijging GR RBL Indexatie en actualisatie bewegingsonderwijs Evenementen

Begr 2023

Begr 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

N N

55 80

55 51

55 51

55 51

55 51

N

45

45

45

45

45

6.1.3

Begr 2023 N N

3 154

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

3 154

3 154

3 154

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Sport en cultuur

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Sport Indexatie en actualisatie onderhoudscontract de Warande Indexatie diverse contracten sport Indexatie gas en electra Uitgangspunten: SPUK combifunctionarissen Totaal

6.1.4

3 183

Begr 2024

Begr 2023

Begr 2024

N

39

55

39

238

151

N N

25 766

25 766

25 766

25 766

25 766

V N

-250 580

-250 596

-250 580

-250 779

-250 692

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Duurzaamheid en klimaat

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Duurzaamheid Uitgangspunten: SPUK-gelden klimaatakkoord V 4,5 fte projecten duurzaamheid N Dekking formatieplaatsen uit aanvullende SPUK-gelden klimaatakkoord V Dekking formatieplaatsen uit bestaande klimaatgelden V Water en riolering Indexatie pompen en gemalen N 1,00 fte adviseur water & riolering N Dekking adv. Water & riolering uit voorziening riolering V Totaal V

Financieel perspectief 2023-2027 44

Begr 2023

Begr 2024

-750

-750

-750

-750

-750

384

384

384

384

384

-250

-250

-250

-250

-250

-134

-134

-134

-134

-134

50

50

50

50

50

85

85

85

85

85

-85 -700

-85 -700

-85 -700

-85 -700

-85 -700

6.1.5

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Wonen en mobiliteit

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Openbare ruimte Indexering energie openbare verlichting

6.1.6

Begr 2023 N

Gemeenteraad Indexering contract accountantsdienstverlening

Raming 2026

Raming 2027

100

100

100

Indexering en actualisatie automatiseringskosten Totaal

6.1.9

N N

Begr 2023

N

41

Begr 2024

41

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

41

41

41

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Personele lasten Effecten CAO 2023

Financieel solide

Stelposten Vrijval stelpost prijscompensatie V Uitgangspunten: indexatie Gemeenschappelijke Regelingen N Algemene uitkering Uitgangspunten: verwerking september- en decembercirculaire 2022 V Totaal V

Begr 2023

Begr 2024

-713

-709

-709

-709

-709

730

730

730

730

730

-5.732 -5.715

-4.973 -4.952

-5.060 -5.039

-7.958 -7.937

-5.877 -5.856

Begr 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Gemeentelijke organisatie

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Gemeentelijke organisatie Indexatie energielasten N Pand Ridderstraat 34 – lagere inkomsten N Indexering contracten gebouwenbeheer N

Begr 2023 287

287

287

287

287

48

48

48

48

48

48

48

48

48

48

200 583

Begr 2024 200 583

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

200 583

200 583

200 583

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

1.343

1.343

1.343

Personele lasten

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

6.1.8

100

Raming 2025

Meer voor elkaar

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

6.1.7

100

Begr 2024

Begr 2023

Financieel perspectief 2023-2027 45

Begr 2023 N

1.343

Begr 2024 1.343

6.2 ADMINISTRATIEVE BEGROTINGSWIJZIGING In deze bijlage zijn de administratieve begrotingswijzigingen voor 2023 opgenomen. Dit betreft het administratief overhevelen van budgetten die beleidsproduct of programma overstijgend zijn of die een wijziging in lasten en baten betreffen. Deze wijzigingen zijn per saldo neutraal • •

V of ‘-‘= voordelig :minder uitgaven (lasten) of meer inkomsten (baten) voor de gemeente N = nadelig: meer uitgaven (lasten) of minder inkomsten (baten) voor de gemeente

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Huishoudelijke verzorging De eigen bijdragen WMO staan geraamd bij het beleidsproduct HbH. Deze bijdragen betreffen alle WMO-voorzieningen en het budget wordt overgeheveld naar het beleidsproduct WMO. N WMO De eigen bijdragen WMO staan geraamd bij het beleidsproduct HbH. Deze bijdragen betreffen alle WMO-voorzieningen en het budget wordt overgeheveld naar het beleidsproduct WMO. V Beleid middenstandszaken Het college heeft besloten om de structurele verhoging van het subsidiebudget van Stichting Bruisende Binnenstad (Beleid middenstand) voor € 32.241 te dekken uit de verlaging van het subsidiebudget van Stichting Stoof (Toerisme en recreatie). N De kosten van de opgaveleider Arbeidsmarkt en economie staan geraamd op het beleidsproduct Beleid middenstand. Deze kosten worden administratief overgeheveld naar het beleidsproduct Opgave arbeidsmarkt en economie. V

Lasten I

Basten I

Lasten S

-

-

-

-

-

-

32

-105

Baten S

-

-

-

-

550

-550

-

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

De kosten van de opgaveleider Bruisende binnenstad/nieuw stadhuis staan volledig geraamd op het beleidsproduct Beleid middenstand. De helft hiervan wordt administratief overgeheveld naar het beleidsproduct Opgave Stadhuis (programma 7 Meer voor elkaar). V Toerisme Het college heeft besloten om de structurele verhoging van het subsidiebudget van Stichting Bruisende Binnenstad (Beleid middenstand) voor € 32.241 te dekken uit de verlaging van het subsidiebudget van Stichting Stoof (Toerisme en recreatie). V Opgave arbeidsmarkt en economie De kosten van de opgaveleider Arbeidsmarkt en economie staan geraamd op het beleidsproduct Beleid middenstand. Deze kosten worden administratief overgeheveld naar het beleidsproduct Opgave arbeidsmarkt en economie. N Sportstimulering Een deel van de uren van het team Sport worden ingezet voor vitaliteit/ leefstijlcoaching. Deze uren staan geraamd op het beleidsproduct Sportstimulering en worden administratief overgeheveld naar het beleidsproduct Personeel en organisatie (programma 9 Gemeentelijke organisatie) V Zwembad

-

Financieel perspectief 2023-2027 46

Lasten I

Lasten S

Basten I

Baten S

-

-59

-

-

-

-32

-

-

-

105

-

-

-

-24

-

Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Het college heeft besloten om per 1 april 2023 de formatie van het team Sport structureel te verhogen met 0,55 fte communicatiemedewerker (PBS). Deze kosten worden gedekt uit het exploitatiebudget van het beleidsproduct Zwembad. V Opgave stadhuis De kosten van de opgaveleider Bruisende binnenstad/nieuw stadhuis staan volledig geraamd op het beleidsproduct Beleid middenstand (programma 2). De helft wordt administratief overgeheveld naar het beleidsproduct Opgave Stadhuis. N Personeel en organisatie Een deel van de uren van het team Sport worden ingezet voor vitaliteit/ leefstijlcoaching. Deze uren staan geraamd op het beleidsproduct Sportstimulering (programma 3 Sport en cultuur) en worden administratief overgeheveld naar het beleidsproduct Personeel en organisatie. N Personele lasten Het college heeft besloten om per 1 april 2023 de formatie van het team Sport structureel te verhogen met 0,55 fte communicatiemedewerker. Deze kosten worden gedekt uit het exploitatiebudget van het beleidsproduct Zwembad (programma 3 Sport en Cultuur). N In de begroting is een stelpost looncompensatie opgenomen (programma 8 Financieel solide). Deze stelpost wordt verdeeld over de teams en administratief overgeheveld naar het PBS. N

Lasten I

Lasten S

Basten I

Baten S

-

-27

-

-

-

59

-

-

-

24

-

-

-

27

-

-

-

394

-

-

Financieel perspectief 2023-2027 47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=dcc60700-fafa-4c10-8af3-faf31bfcdba0