CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 2a OBP Veerseweg 54e Toelichting

Raadsvergadering 24 mei 2022, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Bespreekstuk: 328361 Vaststelling bestemmingsplan “Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)”17.592 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan

Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Projectnummer 455210.100 Revisie 05 Datum 14 januari 2021

Auteur(s) Stephan Hammink Robin Michiels

Opdrachtgever De heer S. Topouzis

datum vrijgave beschrijving revisie 14 januari 2021 ontwerp

goedkeuring S. Hammink

vrijgave P. Kennes

Toelichting

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Inhoudsopgave

blad 3 van 55

Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding Algemeen Plangebied: ligging en begrenzing Vigerende bestemmingsplannen Leeswijzer

5 5 5 6 6

Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3

Beschrijvingplangebied Historische beschrijving Structuur plangebied De ontwikkeling

7 7 8 10

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4

Beleid Bovengemeentelijk beleid Provinciaal beleid Beleid waterschap Brabantse Delta Gemeentelijk beleid

13 13 15 17 17

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5

Randvoorwaarden Milieu-aspecten Water Kabels en leidingen Archeologie en cultuurhistorie Verkeer en parkeren

27 27 39 42 43 44

Hoofdstuk 5 5.1 5.2

Juridische uitvoerbaarheid Het juridische plan Bestemmingen

47 47 47

Hoofdstuk 6

Handhaafbaarheid

51

Hoofdstuk 7 7.1 7.2

Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid

53 53 53

7.3

Vaststellingsprocedure

54

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Hoofdstuk 1

Inleiding

1.1

Algemeen Voor het perceel Veerseweg 54E, kadstraal bekend als sectie R, perceelsnummer 9182, gemeente Oosterhout is het voornemen om het perceel te splitsen in twee delen én op elk deel een nieuwe vrijstaande woning te realiseren. De gronden hebben in het vigerende bestemmingsplan Leijsenakkers de bestemming “Wonen”. Op grond van deze bestemming is het niet mogelijk om de voorgenomen ontwikkeling te realiseren. Het doel van het onderhavige bestemmingsplan is het planologisch-juridisch mogelijk te maken twee vrijstaande woningen te realiseren. De onderhavige toelichting omvat de verantwoording, dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening en dat het plan past binnen de wet- en regelgeving.

1.2

Plangebied: ligging en begrenzing Het gebied dat centraal staat in voorliggend bestemmingsplan is gelegen in de wijk Leijsenakkers in het oosten van Oosterhout. Het plangebied heeft betrekking op het perceel gelegen aan de Veerseweg 54E. Het plangebied is gesitueerd tussen twee woonpercelen. In figuur 1.1 is het plangebied weergegeven. De direct omliggende bebouwing ten noorden, oosten en westen betreft woningen. Ten zuiden en zuidoosten liggen agrarische gronden zonder bouwvlak. Ten zuidwesten is een maatschappelijke functie aanwezig in de vorm van een begraafplaats. Het plangebied is momenteel onbebouwd en bestaat uit een grasveld met bomen aan de noordkant en een haag op de zuidelijke en oostelijke perceelsgrens. De oppervlakte van het plangebied bedraagt 2.200 m2.

blad 5 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Figuur 1.1 - Luchtfoto met plangebied (rode contour)

1.3

Vigerende bestemmingsplannen Voor het plangebied vigeren diverse bestemmingsplannen. Er is sprake van verschillende planvormen, met deels verouderde regelingen. In onderstaande tabel zijn de vigerende bestemmingsplannen opgesomd, met de data van vaststelling door de gemeenteraad en de data van onherroepelijk worden van de bestemmingsplannen.

1.4

bestemmingsplan

vaststelling

onherroepelijk

Leijsenakkers 2020

15 december 2020

24 februari 2021

Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het plangebied en zijn omgeving nader omschreven. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het geldende beleid. Tevens worden hierin eventuele nieuwe ontwikkelingen beschreven, die worden meegenomen in dit plan. In hoofdstuk 4 wordt de planuitgangspunten beschreven en getoetst aan de diverse milieu- en omgevingsaspecten. Hoofdstuk 5 gaat in op de juridische uitvoerbaarheid en hoofdstuk 6 over de handhaafbaarheid. In hoofdstuk 7 wordt tenslotte de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van het plan beschreven.

blad 6 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Hoofdstuk 2

Beschrijving plangebied

2.1

Historische beschrijving De kern Oosterhout is ontstaan op de grens van zand- en kleigronden, op een kruising van landwegen. De kern Oosterhout heeft zich in eerste instantie ontwikkeld langs een aantal linten, die in een uitwaaierend patroon richting de kernen in de omgeving liepen. Op de kruising van de bebouwingslinten ontstond een groot dorp met van oorsprong een open ruimtelijke structuur. In de 19e eeuw vond rond de pleinen Markt en Heuvel verdichting van deze structuur plaats. Hier ontstond een centrumgebied waar handel en nijverheid zich vestigden.

Figuur 2.1 - Oosterhout rond 1900 Naast deze belangrijkste dorpskern ontwikkelden zich in het buitengebied verschillende buurtschappen en kleinere dorpen, die voornamelijk een agrarische functie hadden. Kenmerkend voor Oosterhout waren de wegen die in een sterpatroon samenkwamen op de Markt en de kern Oosterhout verbonden met de omliggende plaatsen zoals Breda, Geertruidenberg en Dongen. Het Wilhelminakanaal, dat werd voltooid in 1924, maakte verdere industrialisatie mogelijk. In 1919 werd reeds een haven in gebruik genomen. Deze lag ten westen van het centrum en hier kwamen enkele betonfabrieken. Door de verbeterde infrastructuur en de opkomende industrie en handel in de tweede helft van de 19e eeuw groeide de woningbehoefte in Oosterhout. Het bestaande centrumgebied werd verdicht en langs de voornaamste doorgaande wegen breidde de kern uit. De groei van Oosterhout vond in deze periode ongepland en zonder sturing plaats, waarbij de gronden tussen Markt en Heuvel verder werden bebouwd. In de 20e eeuw zijn rondom het centrumgebied de eerste woonwijken aangelegd. Na de blad 7 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

tweede wereldoorlog groeide Oosterhout explosief. In de jaren 50 van de vorige eeuw werden ten zuiden van de kern de wijken Slotjes Oost, Slotjes Midden en Slotjes West gerealiseerd. Deze nieuwe woonbuurten waren de eerste grootschalige planmatige uitbreidingen van Oosterhout, dat tot die tijd voornamelijk kleinschalige, incidentele groei had doorgemaakt. Het Slotjesveld, ten zuiden van de Ridderstraat, bleef vrij van woningbouwontwikkelingen, waardoor een groene plek in het stedelijk gebied ontstond. In de jaren 60 van de vorige eeuw werd aan de zuidzijde van het Wilhelminakanaal de woonwijk Oosterheide gebouwd. Ook werd in deze periode de A27 aangelegd, in de jaren '70 gevolgd door de A59. In de periode 1970-2000 vond de groei van Oosterhout met name plaats richting het noorden, waar de wijken Strijen en Dommelbergen werden ontwikkeld. De meest recente uitbreiding van de kern wordt gevormd door de wijk Vrachelen, gelegen aan de westzijde van het Wilhelminakanaal, welke met de realisering van de buurt De Contreie zijn voltooiing nadert. Oosterhout heeft zich ontwikkeld tot een kern die met name gekenmerkt wordt door de woongebieden uit verschillende tijdsperioden. De huidige ruimtelijke structuur van Oosterhout wordt gedragen door ontsluitingswegen, die de kern opdelen in verschillende wijken en gebieden.

Het centrumgebied, met de oorspronkelijke kenmerkende uitwaaierende wegenstructuur, wordt omsloten door verkeerswegen. Buiten het centrum zijn de historische routes in veel gevallen doorsneden ten behoeve van de aanleg van nieuwe woonwijken. Hierdoor zijn ze vaak niet meer herkenbaar aanwezig. De oorspronkelijke verkeersfunctie van deze routes is overgenomen door de recentere ontsluitingswegen. Het plangebied is gelegen in een beschermd doprsgezicht. In paragraaf 4.4 wordt verder ingegaan op de cultuurhistorische en archeologische waarden binnen het plangebied.

2.2

Structuur plangebied Structuur van de wijk Het plangebied ligt in het noorden van de wijk Leijsenakkers. Leijsenakkers kan gekarakteriseerd worden als een historische groene stadsrand. Deze kwaliteiten zijn altijd gewaarborgd gebleven door de aanwezigheid van de drie kloostercomplexen. De aanleg van de Rijksweg A27 heeft een aantal historische routes die oost-west door het gebied lopen afgesneden, maar dit heeft geen invloed gehad op het karakter van deze structuren in het plangebied. De Hoogstraat, één van deze historische lijnen, heeft door de aanleg van het viaduct over de A27 een grotere stroomfunctie gekregen. Van oorsprong is het wijk agrarisch gebied. Historische lijnen als de Veerseweg, Leijsenstraat, Hoogstraat en Kloosterdreef zijn in het plangebied nog herkenbaar aanwezig. Met name de Leijsenstraat is, dankzij de typerende lintbebouwing en de karakteristieke bestrating, nog voelbaar als historische lijn. De verkaveling van het agrarisch gebied is in de huidige situatie nog relatief kleinschalig. Typerend voor Leijsenakkers is de combinatie van bebouwde en groene gebieden. Het oostelijk deel van het plangebied bestaat uit een vrij open, kleinschalig agrarisch landschap, waarbinnen de drie kloostercomplexen als gesloten eenheden zijn opgenomen.

Richting het stedelijk gebied van Oosterhout, langs de ontsluitingsweg Pasteurlaan-Tilburgseweg heeft ontwikkeling van stedelijke functies plaatsgevonden. Hier zijn de drie woonbuurten, het ziekenhuis en het bedrijventerrein gesitueerd. Het plangebied is gelegen in een gebied dat bekend staat als de Heilige driehoek. De kern van de Heilige driehoek wordt gevormd door een drietal aan elkaar grenzende kloosters: Sint Catharinadal, de onze lieve Vrouweabdij en de Sint Paulusabdij. De Heilige Driehoek is een van rijkswege beschermd stadsgezicht. De aanwijzing tot beschermd stadsgezicht voorziet in de bescherming van de karakteristieke waarden van de Heilige Driehoek. Het doel van de

blad 8 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

aanwijzing is de karakteristieke, met de historische ontwikkeling samenhangende structuur en ruimtelijke kwaliteit van het gebied te onderkennen als zwaarwegend belang bij de verdere ontwikkelingen in dit gebied. Ter effectuering van de aanwijzing is in 2009 het bestemmingsplan ‘Leijsenakkers’ opgesteld, dat voorziet in een beschermende regeling voor de gronden in het beschermd stadsgezicht. Deze beschermende regeling is ook in dit bestemmingsplan uitgangspunt. Ruimtelijke en functionele stuctuur plangebied Het plangebied heeft betrekking op het perceel gelegen aan de Veerseweg 54E (zie figuur 2.3) en ligt ten zuiden van de Veerseweg. De wijk Leijsenakkers kan gekarakteriseerd worden als een historische groene stadsrand. Deze kwaliteiten zijn altijd gewaarborgd gebleven door de aanwezigheid van de drie kloostercomplexen. De aanleg van de Rijksweg A27 heeft een aantal historische routes die oost-west door het gebied lopen afgesneden, maar dit heeft geen invloed gehad op het karakter van deze structuren in het plangebied. Van oorsprong is het plangebied agrarisch gebied. Historische lijnen als de Veerseweg, Leijsenstraat, Hoogstraat en Kloosterdreef zijn in het plangebied nog herkenbaar aanwezig. Met name de Leijsenstraat is, dankzij de typerende lintbebouwing, nog voelbaar als historische lijn.

De verkaveling van het agrarisch gebied is in de huidige situatie nog relatief kleinschalig. Typerend voor Leijsenakkers is de combinatie van bebouwde en groene gebieden. In het noorden van de wijk Leijsenakkers zijn, aan weerszijden van de Veerseweg, twee woonbuurten aanwezig (zie figuur 2.2). Tussen de Veerseweg en de Leijsenstraat bevindt zich een woongebied uit de tweede helft van de 20e eeuw. Ten noorden van de Veerseweg ligt de Molenbuurt, het meest recent gerealiseerde woongebied dat dateert uit de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw

Figuur 2.2 - Woonbuuurt zuidelijk van de Veerseweg (links) en Molenbuurt (rechts), plangebied globaal aangeduid met oranje contour De woonbuurt ten zuiden van de Veerseweg bestaat uit enkele straten in een rechthoekig patroon. De woningen zijn halfvrijstaand of aaneengebouwd en de straten hebben een relatief smal profiel, waarin geparkeerde auto’s het beeld domineren. Het straatbeeld langs de Veerseweg wordt mede bepaald door de bomenrijen langs de rijbaan. Het pand ten westen van het plangebied aan de Veerseweg 54/54A is een gemeentelijk monument. Het plangebied, dat in het vigerende bestemmingsplan een woonbestemmig heeft dat de bouw van één vrijstaande woning mogelijk maakt met een maximale goot- en bouwhoogte van 6,5 meter is momenteel onbebouwd. Direct ten noorden van het plangebied is de Veerseweg gelegen. Daar aanliggend bevinden zich woningen inclusief tuinen. Ten westen van het plangebied ligt een erftoegangsweg van de Veerseweg. Aan deze erftoegangsweg blad 9 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

liggen eveneens woningen. Direct ten oosten van het plangebied is een woning aanwezig. De percelen ten oosten en zuiden van het plangebied zijn agrarische gronden. Ten zuidwesten is een maatschappelijke functie in de vorm van begraafplaats Leijsenakkers gelegen.

Figuur 2.3 - Luchtfoto met plangebied

2.3

De ontwikkeling Na de splitsing van het perceel worden er twee vrijstaande woningen gerealiseerd. De toekomstige situatie is in figuur 2.4 weergegeven. Het bouwvlak op het noordelijke perceel komt dichter bij de Veerseweg te liggen dan in de huidige situatie. Hierdoor wordt aangesloten op het bestaande bebouwingslint van de Veerseweg. Het zuidelijke perceel heeft een bouwvlak dat is afgestemd op het noordelijke perceel. Daarnaast is het bouwvlak afgestemd op de naastgelegen percelen ten westen van de locatie.

blad 10 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Figuur 2.4 - plangebied na splitsing inclusief bouwvlakken Bebouwing / bouwmassa Binnen het plangebied worden twee woningen met twee bouwlagen gebouwd. De twee bouwvlakken zijn 15 meter diep en 10 meter breed. Daarnaast liggen de bouwvlakken op 5 meter vanaf de perceelsgrens. Hierbinnen wordt het hoofdgebouw opgericht. De voorgevels van de woningen zijn gesitueerd met de smallere gevel naar de Veerseweg. De maximale hoogte van de woningen sluiten aan bij de drie percelen ten westen van het plangebied (ten zuiden van de Veerseweg 54). De aan te houden maximale bouwhoogte bedraagt 8 meter en de maximale goothoogte bedraagt 4 meter.

blad 11 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Hoofdstuk 3

Beleid Aangezien geen grootschalige inhoudelijke wijzigingen worden doorgevoerd, is een hernieuwde weergave en toetsing aan recent vastgesteld beleid in principe niet noodzakelijk. Desondanks wordt onderstaand kort ingegaan op het recente Rijks- en provinciaal beleid.

3.1

Bovengemeentelijk beleid

3.1.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte in werking getreden. Deze structuurvisie geeft een totaalbeeld van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid op rijksniveau. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vervangt de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de MobiliteitsAanpak en de Structuurvisie voor de Snelwegomgeving.

Figuur 3.1 - Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte De structuurvisie schetst ontwikkelingen en legt de ambities tot 2040 vast. De ambities zijn: 1. 2. 3.

Concurrentiekracht; Bereikbaarheid; Leefbaarheid en veiligheid.

Het Rijk kiest drie doelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; Het verbeteren en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden blijven. blad 13 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

De structuurvisie regelt geen specifieke zaken op provinciaal of lokaal niveau. De verantwoordelijkheid voor de afstemming tussen verstedelijking en groene ruimte op regionale schaal laat het Rijk over aan de provincies. Conclusie Door het nationale karakter van de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en de kleine schaal van onderhavig project, heeft dit nauwelijks raakvlak met dit nationaal beleid. De beoogde ontwikkeling past volledig in het streven naar het benutten van locaties voor transformatie en herstructurering. De SVIR staat de uitvoering van het bestemmingsplan niet in de weg.

3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) De wetgever heeft in de Wro, ter waarborging van nationale en provinciale belangen, de besluitmogelijkheden van lagere overheden begrensd. Indien nationale of provinciale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken, kunnen bij of krachtens Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) respectievelijk provinciale verordening regels worden gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), ook wel bekend als de AMvB Ruimte, zijn de 13 nationale belangen uit de SVIR opgenomen, die juridische borging vereisen. Het Barro is op 30 december 2011 deels in werking getreden en met enkele onderwerpen aangevuld per 1 oktober 2012. Het besluit is gericht op doorwerking van de nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. In het Barro komen de volgende dertien nationale belangen terug: 1. Rijksvaarwegen; 2. Project Mainportontwikkeling Rotterdam; 3. Kustfundament; 4. Grote rivieren; 5. Waddenzee en waddengebied; 6. Defensie; 7. Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; 8. Elektriciteitsvoorziening; 9. Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; 10. Ecologische hoofdstructuur (EHS); 11. Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; 12. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); 13.

Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. Indien een ontwikkeling voldoet aan het provinciaal beleid op dit vlak zoals verwoord in een provinciale verordening, dan voldoet men ook aan de Barro. Conclusie Indien een ontwikkeling voldoet aan het provinciaal beleid op dit vlak zoals verwoord in een provinciale verordening, dan voldoet men ook aan de Barro. .

blad 14 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

3.1.3

Besluit ruimtelijke ordening (Bro)/ Ladder voor duurzame verstedelijking Per 1 oktober 2012 is in het Bro in artikel 3.1.6 een lid 2 ingevoegd waarin een motiveringsplicht is opgenomen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen in bestemmingsplannen. In de toelichting van het bestemmingsplan moet hiervoor een verantwoording plaatsvinden aan de hand van de "ladder duurzame verstedelijking" (de ladder). Op 1 juli 2017 is het Bro gewijzigd, waarbij een nieuwe laddersystematiek geldt. De nieuwe Ladder bevat geen treden meer. De treden 1 en 2 zijn samengevoegd en trede 3 is geschrapt. De ontwikkeling betreft de realisatie van twee woningen. Bij de ladder voor duurzame verstedelijking wordt als eerste bepaald of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een in een bestemmingsplan voorziene ontwikkeling dient voldoende substantieel te zijn om als stedelijke ontwikkeling te kunnen worden aangemerkt. Hierbij geldt voor woningbouw dat wanneer een bestemmingsplan voorziet in niet meer dan 11 woningen die gelet op hun onderlinge afstand als één woningbouwlocatie als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van het Bro, kunnen worden aangemerkt, deze ontwikkeling in beginsel niet als een stedelijke ontwikkeling worden aangemerkt (zie overzichtsuitspraak ABRvS d.d. 28 juni 2017, R.O. 6.3, ECLI:NL:RVS:2017:1724 ).

In onderhavige situatie worden 2 woningen gerealiseerd, waarvan er 1 planologisch al is toegestaan. Daarmee kan worden geconcludeerd dat er geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Conclusie De conclusie is dat voorliggend bestemmingsplan niet voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een toets aan de ladder is derhalve niet aan de orde.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Noord-Brabant Op 14 december 2018 hebben de Provinciale Staten de omgevingsvisie Noord Brabant 'De kwaliteit van Brabant, Visie op de Brabantse leefomgeving' vastgesteld. Deze omgevingsvisie vervangt de voorheen geldende structuurvisie ruimtelijke ordening 2010 en de partiële herziening 2014. Met de omgevingsvisie formuleert de provincie haar ambitie over hoe de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit moet zien. Daarbij stelt zij tussendoelen voor 2030, maar legt nu nog niet vast hoe zij die doelen wil bereiken. De provincie wilt daarmee ruimte bieden voor inbreng vanuit partijen en disciplines. Om hiermee aan de slag te gaan is volgens de provincie een verdere uitwerking van de ambities nodig in de vorm van programma's. Met de visie geeft de provincie aan wat zij belangrijk vindt voor de verbetering en duurzame ontwikkeling van Brabant. Daarbij legt zij de focus op vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn: werken aan energietransitie, een klimaat proof Brabant, de slimme netwerkstad en een concurrerende duurzame economie. Deze vier hoofdopgave staan ten dienste van de basis opgaven: werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. Om te komen tot de slimme netwerkstad richt de provincie zich op duurzame verstedelijking.

Zij wil daarin richting geven door middel van het bevorderen van regionale afspraken, het sturen op zorgvuldig ruimtegebruik en het periodiek opstellen van prognoses. Verder wil zij een actieve rol spelen om beweging te stimuleren (o.a. door samen te werken bij gebiedsopgaven en bij het opstellen van uitvoeringsprogramma's) en gewenste ontwikkelingen mogelijk te maken.

blad 15 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

De betreffende ontwikkeling vindt plaats binnen het bestaand stedelijk gebied en voldoet daarmee aan de provinciale omgevingsvisie van zorgvuldig ruimte gebruik. Nadere regels van de provincie Noord-Brabant voor ruimtelijke projecten zijn opgenomen in de Verordening ruimte. Hierna wordt ingegaan op deze verordening

3.2.2

Verordening ruimte Noord-Brabant 2014 De Verordening ruimte is één van de instrumenten die de provincie kan inzetten om de doelen uit de Structuurvisie RO (SVRO) te realiseren. De gemeenteraad moet bij het vaststellen van een bestemmingsplan de regels uit de Verordening toepassen. De Verordening onderscheidt vier structuren (gekoppeld aan de Structuurvisie RO) die Brabant dekkend zijn. Ieder ruimtelijk oppervlak in Brabant valt onder één van deze structuren en kan niet onder meerdere structuren tegelijk vallen. Per structuur is uitgewerkt welke functies, en onder welke voorwaarden, ontwikkeld kunnen worden. Aanvullend zijn er 25 aanduidingen in de Verordening ruimte opgenomen. Deze aanduidingen kunnen over één of meer structuren heen liggen. In de volgende alinea's wordt ingegaan op de belangrijkste kaders die vanuit de Verordening ruimte aan voorliggend bestemmingsplan worden gesteld.

Figuur 3.3 Uitsnede Verordening ruimte met aanduiding van het plangebied (blauwe pijl) Sinds de vaststelling op 10 juli 2015 van de Verordening ruimte 2014 zijn er diverse besluiten tot kaartaanpassing genomen en zijn er wijzigingen in de regels en de naamgeving van de verordening doorgevoerd. Deze wijzigingen zijn verwerkt in de geconsolideerde versie van 1 januari 2019. In deze geconsolideerde versie van de Verordening ruimte is het plangebied aangeduid als bestaand stedelijk gebied, stedelijk concentratiegebied. De Verordening ruimte stelt regels ten aanzien van stedelijke ontwikkelingen. Het beleid van de provincie is er al decennia lang op gericht om stedelijke ontwikkelingen in stedelijke concentratiegebieden te bundelen. De blad 16 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

realisatie van een appartementengebouw is, op grond van de toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking, een stedelijke ontwikkeling. Deze kan in beginsel alleen worden gerealiseerd binnen bestaand stedelijk gebied. Omdat het plangebied binnen bestaand stedelijk gebied is gelegen, wordt voldaan aan de gestelde kaders in de Verordening ruimte. Conclusie Geconcludeerd wordt dat het voornemen om twee woningen in bestaand stedelijk gebied, stedelijk concentratiegebied te realiseren voldoet aan het provinciaal beleid.

3.3

Beleid waterschap Brabantse Delta Het waterschap werkt aan een beter watersysteem, voor mensen en voor flora en fauna. Het watersysteem moet robuuster worden: veiliger, minder kwetsbaar voor regenval en droogte, schoner, natuurlijker en beter toegankelijk voor recreanten. Deze thema's pakt het waterschap in samenhang aan, omdat een integrale aanpak meerwaarde oplevert voor het resultaat. De belangrijkste uitgangspunten en randvoorwaarden die het waterschap hanteert bij planontwikkeling en in bestaand stedelijk gebied zijn: het afkoppelen van regenwater van bestaande gemengde rioleringsstelsels; de vuilwater- en hemelwaterafvoer worden tot aan de perceelsgrens gescheiden aangeboden; bij een verhard oppervlak van 500 m² of groter wordt voor het lozen van hemelwater een retentie geëist door het waterschap; bij de bouw worden geen milieuvervuilende of uitlogende materialen of stoffen gebruikt. Door middel van de verplichte watertoets ziet het waterschap toe op de uitvoering van hun beleid. Hiermee wordt gewaarborgd dat bij nieuwe ontwikkelingen het waterbeheer wordt meegenomen. De watertoets krijgt vorm via het vooroverleg als bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (zie paragraaf 4.2). Met de watertoets wordt ook beoordeeld of aan het beleid van het waterschap wordt voldaan. Paragraaf 4.2 gaat hier nader op in.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Omgevingsvisie Oosterhout De gemeente heeft 23 november 2021 de Omgevingsvisie Oosterhout vastgesteld. In deze visie zijn in samenspraak met inwoners de belangrijkste opgaven voor Oosterhout benoemd. Opgaven waar de gemeente Oosterhout samen met de dorpen, wijken en buurten verder invulling aan gaat geven. In deze visie worden de opgaven geconcretiseerd en uitgewerkt, zowel naar thema's als naar de verschillende wijken en gebieden binnen de gemeente. Hierdoor ontstaat een overzicht en een samenhangend beeld over welke opgaven er liggen om te komen tot het in de Oosterhoutse ''Toekomstvisie 2030'' geschetste toekomstperspectief. Naast de Toekomstvisie liggen ook het gemeentelijk beleid, opgaven voortvloeiend uit (nieuwe) weten regelgeving en nieuwe maatschappelijke opgaven (zoals de energietransitie) aan de basis van deze Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie nodigt uit, inspireert en geeft de kaders om ontwikkelingen op een Oosterhoutse wijze plaats te laten vinden. De Omgevingsvisie wordt gebruikt om te 'toetsen' of ontwikkelingen die op de gemeente afkomen, bijdragen aan de Oosterhoutse ambities.

blad 17 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Voor de gemeente Oosterhout zijn de volgende koepelthema's van belang: Leefbaar, gezond en aantrekkelijk wonen Economische vitaliteit Identiteit en ruimtelijke kwaliteit Duurzaam, energieneutraal en klimaatbestendig Bereikbaarheid, mobiliteit en toegankelijkheid Bij het voorliggende bestemmingsplan is rekening gehouden met de Omgevingsvisie Oosterhout. Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op het deelgebied 'Leijsenakkers', weergegeven in figuur 3.4.

Figuur 3.4: Plankaart Omgevingsvisie Leijsenakkers inclusief aanduiding planlocatie (rode contour) De wijk Leijsenakkers is gebouwd in de 2e helft van de jaren 80 met een gevarieerd, maar zorgvuldig ontworpen bebouwingspatroon, waaronder lintbebouwing en grotere woningen. In de wijk ligt een groot groengebied waarbinnen de cultuurhistorisch waardevolle Heilige Driehoek is gelegen: de drie kloosters van Oosterhout en hun bijbehorende landerijen. De landbouw speelt in dit gebied, al vanaf de ontstaansgeschiedenis, een belangrijke rol. De Heilige Driehoek is aangewezen als beschermd stads-en dorpsgezicht. De wijk wordt van het buitengebied gescheiden door de rijksweg A27. Leijsenakkers omvat 2 buurten met ieder een eigen karakter en bevolkingsopbouw: In de buurt Leijsenakkers wonen circa 830 bewoners. Dit betreft een gemiddeld wat oudere bevolking, welke qua inkomensniveau tot de middencategorie behoort. Het is een sociaal en economisch stabiele buurt. In de Molenbuurt wonen ongeveer 600 mensen, veelal ook van oudere leeftijd. Kijkend naar het gemiddelde inkomensniveau, kunnen de huishoudens ingedeeld worden in de lagere middencategorie. Mensen blijven hier lang wonen.

blad 18 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Daarnaast zijn er in de wijk diverse voorzieningen zoals de kinderboerderij/educatief centrum en een school voor speciaal onderwijs. De visie beschrijft voor het gehele gebied de volgende opgaven: Voldoende bereikbare voorzieningen voor alle leeftijden Aandacht schoon, heel en veilig Vergroening, groen en water als meekoppelkans Energieneutraal en klimaatbestendig Autogebruik ondergeschikt aan aangenaam leefklimaat in woongebieden Fietsgebruik bevorderen Toetsing Leefbaar, gezond en aantrekkelijk wonen Het plangebied is gelegen in de buurt Leijsenakkers op gronden die zijn aangeduid als 'aantrekkelijk woongebied'. Door de directe nabijheid van het centrum, maar vooral de groene- en cultuurhistorisch waardevolle gebieden en gebouwen is dit gebied aantrekkelijk voor alle doelgroepen: starters en gezinnen, maar ook voor bedrijvigheid/dienstverlening aan huis en jonge- en oudere 1- en 2 persoonshuishoudens. De buurt heeft een relatief oudere bevolking, wat vraagt om een toegesneden voorzieningenpakket in het gebied of een goede bereikbaarheid van de voorzieningen elders. Hier kan aangehaakt worden bij de herontwikkeling van het Amphia-terrein. Als gemeente zetten we ons in voor het behoud van een aantal functies van het ziekenhuis voor Oosterhout.

Mocht Amphia toch besluiten om het ziekenhuis verder af te bouwen, dan biedt dit gebied door haar gunstige ligging kansen voor de ontwikkeling van voorzieningen en andere functies met een betekenis op stedelijk niveau (denk ook aan mobiliteit) in combinatie met een zorgfunctie/zorgboulevard. Op termijn is het gezien de leeftijdsopbouw te verwachten dat er veel verhuizingen en daardoor dynamiek in het gebied op gang gaat komen, met kansen voor verjonging. De school voor speciaal onderwijs heeft in de huidige situatie ruimtetekort. Aandachtspunt voor de leefbaarheid in deze buurten vormt de hinder van verkeer op de A27. De verwachting is dat de ervaren geluidsoverlast van de Bovensteweg, door de reconstructie van de tunnelbak en het vervangen van betonplaten als onderdeel van de nieuwe N629, weggenomen zal worden. Een ander algemeen aandachtspunt is ‘schoon, heel & veilig’. Als gemeente monitoren we deze aspecten en daar waar dat nodig is wordt gehandeld. Op de kenschetskaart is de top 3 van buurtindicatoren aangegeven waar de inwoners zich het meeste aan ergeren, i.c. zwerfvuil, te hard rijden en parkeeroverlast. Voorliggend plan voorziet in de ontwikkeling van twee vrijstaande woningen op een perceel waar het geldende bestemmingsplan één grote vrijstaande woning toestaat.

In het kader van de leefbaarheid is onderzoek gedaan naar het geluid vanwege onder meer de Bovensteweg en de A27 (zie paragraaf 4.1.2). Voor wat betreft de buurtindicatoren geldt dat er voor wat betreft parkeren wordt voorzien in parkeerplaatsen op eigen terrein. Economische vitaliteit Gezien de ligging is deze wijk aantrekkelijk voor startups en kleinschalige (dienstverlenende, zakelijke en ambachtelijke) bedrijfjes aan huis. Dit is reeds mogelijk binnen (de kaders van) het geldende bestemmingsplan en is ook mogelijk gemaakt in voorliggend plan. Deze mogen geen hinder voor het woon- en leefklimaat bezorgen. Onderdeel van het gebied is de (beschermde) Heilige Driehoek, een aantrekkelijk historisch gebied welke ook recreatief gebruikt wordt. Het behoud van de cultuurhistorische identiteit staat voor ons als gemeente voorop. Andere functies, zoals recreatie, mogen geen afbreuk blad 19 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

doen aan deze waarde. Identiteit & ruimtelijke kwaliteit Het plangebied ligt in cultuurhistorisch waardevol gebied. Dit betreft het beschermde stadsgezicht 'De Heilige Driehoek'. De aanwijzing tot beschermd stadsgezicht voorziet in de bescherming van de karakteristieke waarden van de Heilige Driehoek. Het doel van de aanwijzing is de karakteristieke, met de historische ontwikkeling samenhangende structuur en ruimtelijke kwaliteit van het gebied te onderkennen als zwaarwegend belang bij de verdere ontwikkelingen in dit gebied. Ter effectuering van de aanwijzing is in het geldende bestemmingsplan voorzien in een beschermende regeling voor de gronden in het beschermd stadsgezicht. Deze beschermende regeling is ook in dit bestemmingsplan uitgangspunt. Conclusie: De voorgenomen ontwikkeling past binnen de gemeentelijke omgevingsvsie van Oosterhout. De eisen die het beschermde stadsgezicht met zich meebrengt zijn verwerkt in dit bestemmingsplan.

3.4.2

Wonen De Woonvisie 2016 – 2021 is op 24 mei 2016 door de gemeenteraad vastgesteld. Binnen het wonen en aangrenzende beleidsvelden hebben zich sinds 2011 vele veranderingen voorgedaan die hun weerslag hebben op het wonen. De invoering van de gewijzigde Woningwet op 1 juli 2015 is bepalend voor de corporatiesector en hiermee het te voeren woonbeleid. Corporaties dienen volgens de wet terug te keren naar hun kerntaak, namelijk het bouwen, verhuren en beheren van sociale huurwoningen. Daarnaast heeft de transitie in de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) door de scheiding van wonen en zorg directe gevolgen voor het wonen. De richting van de Woonvisie is onderbouwd op basis van demografische ontwikkelingen en (lokale) onderzoeken. De regionale ontwikkelingen en de rol die Oosterhout daarin heeft en neemt, zijn daarbij tevens van invloed op het Oosterhoutse woonbeleid. De volgende hoofdthema's zijn door de gemeenteraad en de externe partners van belang geacht voor het woonbeleid in Oosterhout: 1.

2.

3.

4. blad 20 van 55

Betaalbaarheid: Het is de wens om mensen met een laag of middeninkomen een goed perspectief op de woningmarkt bieden. Belangrijk hierbij is dat de woningvoorraad aansluit op wensen en mogelijkheden van de bewoners, zowel nu als in de toekomst. Het sociaal domein: Vanaf 2015 is de langdurige zorg ingrijpend hervormd. Doel is om mensen zo lang mogelijk zelfstandig thuis te laten wonen. De personen die door de nieuwe wetgeving niet meer in aanmerking komen voor intramurale zorg zullen zelfstandig binnen de reguliere woningvoorraad huisvesting moeten vinden en zich daar in hun zorgbehoefte moeten voorzien. De scheiding van wonen en zorg heeft directe gevolgen voor de bestaande woningvoorraad maar ook voor nieuw te bouwen woningen. Deze woningen moeten door aanpassingen kwalitatief geschikt te maken zijn voor het (langer) zelfstandig bewonen. Duurzaamheid: Oosterhout wil een duurzame woongemeente zijn onder andere door te investeren in duurzame nieuwbouw en het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. Meer concreet betekent dit goed geïsoleerde woningen met een gezond binnenklimaat, toekomstbestendige woningen, een laag energieverbruik. Huishoudens zijn een belangrijk deel van hun besteedbaar inkomen kwijt aan energielasten. Verduurzaming is noodzakelijk om de woonlasten beheersbaar te houden en de duurzaamheidsambities van Oosterhout te halen.

Bijzondere doelgroepen: In de afgelopen jaren is de woningvraag vanuit bijzondere Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

5.

6.

doelgroepen toegenomen. Doelgroepen als statushouders, arbeidsmigranten en herstarters verdienen gezien hun specifieke situatie en mogelijkheden extra aandacht bij het huisvestingsvraagstuk. Leefbaarheid / Leefomgeving: De kwaliteit van het wonen in Oosterhout is voor een deel afhankelijk van de woonomgeving. De leefbaarheid van de leefomgeving is van groot belang voor de kwaliteit van het wonen voor nu en in de toekomst. De voorzieningen op het gebied van detailhandel, horeca, sport en recreatie dragen bij aan de leefbaarheid en hiermee de aantrekkelijkheid van de gemeente. Flexibiliteit woningbouw: Mede op basis van de hoofdthema's is in beeld te brengen welke kwantitatieve en kwalitatieve woningvraag er in Oosterhout bestaat. Uitgangspunt is dat er gebouwd wordt naar de vraag en er wordt ingespeeld op de behoeften vanuit de woningmarkt. Bouwen naar behoefte vraagt om flexibiliteit, daarom is het van belang de kwantitatieve en kwalitatieve vraag in beeld te hebben.

Toetsing Met voorliggend plan wordt de bouw van 2 nieuwe woningen mogelijk gemaakt. Op de locatie is momenteel reeds woningbouw (1 vrijstaande woning) mogelijk en het is gelegen in bestaand woongebied. Hiermee is het geschikt voor woningbouw. Door het tekort aan woningen en de opgave van gemeente om meer woningen te bouwen sluit voorliggend plan aan bij de behoeften vanuit de woningmark naar nieuwe woningen. Conclusie Door de ontwikkeling van woningbouw in het plangebied wordt invulling gegeven aan de wensen en vraag vanuit de Woonvisie.

3.4.3

Verkeer

3.4.3.1

Oosterhout Vooruit: visie op mobiliteit in Oosterhout Op 21 mei 2019 is de mobiliteitsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. In de visie “Oosterhout Vooruit” zijn de ambities van en de opgaven voor Oosterhout doorvertaald naar het verkeers- en vervoerbeleid voor de periode tot en met 2030. Dit resulteert in een aantal doelstellingen op het gebied van bereikbaarheid, leefbaarheid, verkeersveiligheid en duurzaamheid én gezondheid en een aantal bijbehorende mobiliteitsopgaven waar de gemeente, gezamenlijk met andere overheden, onze maatschappelijke partners, ondernemers en onze inwoners, mee aan de slag willen. Het mobiliteitsplan uit 2007 had bereikbaarheid en leefbaarheid als belangrijkste pijlers. Bij het besluit tot actualisatie van het mobiliteitsplan is besloten dat het nieuwe plan breder van opzet dient te zijn en dat er nog twee pijlers worden toegevoegd, te weten verkeersveiligheid én duurzaamheid en gezondheid. Deze vier thema’s vormen gezamenlijk de pijlers van de visie. Tevens is besloten om, in lijn met de nieuwe Omgevingswet, een gebiedsgewijze benadering toe te passen, die er op neer komt dat niet alleen op het niveau van de hele gemeente, inclusief de kerkdorpen, wordt gekeken, maar dat binnen de gemeente ook een aantal typen gebieden wordt onderscheiden met hun eigen profiel, doelstellingen en opgaves.

Immers voor een bedrijventerrein zijn andere zaken van belang dan voor de schoolomgeving.

blad 21 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

3.4.3.2

Nota parkeernormen 2019 Op 22 mei 2019 heeft de gemeenteraad de Nota parkeernormen 2019 vastgesteld. In de nota zijn parkeernormen opgenomen, waaraan bij de ontwikkeling van nieuwe functies dient te worden voldaan. Uitgangspunt hierbij is dat het parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein, bij voorkeur inpandig, wordt opgelost. Conclusie Voldaan kan worden aan de parkeernormen uit het gemeentelijk parkeerbeleid. Het parkeren vind plaats op eigen terrein. Voor het onderhavig plan wordt het aspect verkeer en parkeren verder behandeld in paragraaf 4.5 .

3.4.4

Archeologie en cultuurhistorie

3.4.4.1

Beleidsnota Cultuurhistorie, Monumenten en Archeologie In de beleidsnota Cultuurhistorie, Monumenten en Archeologie, die op 20 januari 2009 is vastgesteld, is het gemeentelijk beleid voor de periode 2008 - 2018 op het gebied van cultuurhistorie vastgelegd. Het doel van de beleidsnota is het betrekken van cultuurhistorie bij planvorming, zodat archeologische vindplaatsen en cultuurhistorisch waardevolle structuren niet langer verloren gaan. Centraal in de beleidsnota staat, in lijn met de Nota Belvedere, de opvatting dat bescherming van cultuurhistorisch erfgoed en dynamiek in de ruimtelijke inrichting prima samen kunnen gaan ('behoud door ontwikkeling'). De nota geeft daarnaast een eerste aanzet om te komen tot een gemeentelijk archeologiebeleid. In de nota is vastgelegd hoe de monumenten, archeologie en cultuurhistorische waarden kunnen worden beschermd, ontwikkeld en zichtbaar gemaakt. Cultuurhistorie dient als volwaardig belang te worden meegenomen bij ruimtelijke inrichtingsplannen. Cultuurhistorische waarden hoeven hierbij niet altijd doorslaggevend te zijn, maar de kansen die cultuurhistorie biedt, moeten reeds in een vroeg stadium worden meegewogen in de planvorming.

blad 22 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

3.4.4.2

Erfgoedkaart Om de aanwezige cultuurhistorische waarden (monumentale gebouwen, archeologische terreinen, cultuurhistorische landschapselementen en historische stedenbouwkundige structuren en infrastructuur) in beeld te brengen, is een gemeentelijke erfgoedkaart vervaardigd, die met name een signalerende functie heeft. Hierdoor wordt een integrale afweging mogelijk. Op basis van de erfgoedkaart, kunnen cultuurhistorisch en archeologisch waardevolle gebieden in bestemmingsplannen een passende regeling krijgen. Er dient tevens omschreven te worden dat op basis van de Erfgoedkaart een vigerend gemeentelijk archeologiebeleid is vastgesteld (Erfgoedverordening met archeologische beleidskaart). Conclusie In paragraaf 4.4 worden de aspecten archeologie en cultuurhistorie nader beschreven. Deze aspecten vormen geen belemmering voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan. In het onderhavige bestemmingsplan zijn dubbelbestemmingen opgenomen voor het aspect archeologie en voor het beschermde stadsgezicht.

3.4.5

Water In 2009 is de Waterwet in werking getreden. Hierin zijn de verantwoordelijkheden vastgelegd ten behoeve van afval-, hemel- en grondwater. In grote lijnen betekent dit dat de gemeente een ontvangstplicht heeft van afvalwater (vervuild water). Daarnaast hebben de individuele perceeleigenaren een verantwoordelijkheid voor het inzamelen en verwerken van regen- en grondwater op het eigen perceel. De gemeente heeft hierbij een zorgplicht. De gemeenteraad heeft een water- en rioleringsplan (2017-2021) vastgesteld. Hierin staat hoe de gemeente omgaat met alle waterstromen binnen de gemeente en de zorgplichten vanuit de Waterwet. De belangrijkste uitgangspunten in het water- en rioleringsplan voor het water in Oosterhout zijn: schoon water schoon houden, handhaving van de waterkwaliteit en waar noodzakelijk verbeteren, voldoen aan de normen voor volksgezondheid en veiligheid en ontwikkeling van natuur in en om het water waar mogelijk. Bovenstaande betekent dat de verschillende vormen van grondgebruik afgestemd moeten worden op de aanwezige watersystemen. Dit met een toekomstgerichte aanpak/doorkijk met name op het gebied van het klimaat. Intensievere regenbuien kunnen enorme wateroverlast veroorzaken en de in het gemeentelijk grondgebied aanwezige grondwaterwinning voor de drinkwaterproductie kunnen vervuild raken door lozingen van schadelijke stoffen.

Ook hiervoor is aandacht binnen het water- en rioleringsplan. Conclusie Voor het onderhavig plan is een waterparagraaf opgesteld waarvan de resultaten zijn opgenomen in paragraaf 4.2 .

3.4.6

Groen In Oosterhout is in de woonbuurten per woning gemiddeld 115 m² openbaar groen aanwezig. Op basis van dit gemiddelde kan worden gesteld dat Oosterhout een groene gemeente is. In het politiek akkoord is het groene karakter van Oosterhout ook benoemd als kernwaarde van de stad. Het is een kenmerk waarmee Oosterhout zich onderscheidt van andere gemeenten. Doel van groenbeleid in algemene zin is daarom de instandhouding en verbetering van deze groene kwaliteit. De bijbehorende uitvoeringssporen zijn bescherming

blad 23 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

en ontwikkeling. Het groene karakter van de stad wordt zowel door het groen in de openbare ruimte als in de particuliere tuinen gevormd. De tuinen zijn groene ruimten in de stad, waarbij vooral voortuinen van grote invloed zijn op de sfeer van de stedelijke buitenruimte. Bescherming van het aanwezige groen in de stad gaat vooraf aan compensatie. Compensatie is immers het herstellen van of goedmaken voor iets dat verloren is gegaan. Met betrekking tot het particuliere groen heeft de gemeente beperkte beschermings- en sturingsmogelijkheden. In het openbaar gebied heeft de gemeente daarentegen maximale mogelijkheden tot instandhouding en ontwikkeling. Grotere bomen (dikker dan Ø 0,20m) in het openbare gebied worden beschermd op basis van de vergunningsprocedure in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Monumentale bomen genieten een zwaardere bescherming en krijgen in bestemmingsplannen tevens een beschermende dubbelbestemming op basis van de monumentale-bomen-lijst, ook als deze op particulier terrein staan. In de openbare ruimte heeft de gemeente dus voldoende mogelijkheden tot instandhouding en uitbouw van het groene karakter van Oosterhout, op particulier terrein zijn alleen monumentale bomen beschermd. Conclusie Het plangebied is in de huidige situatie een braakliggend terrein waarop geen noemenswaardig openbaar groen aanwezig is.

Voor de enkele bomen die op het particuliere perceel staan geldt geen vel- of kapvergunning. Het zijn geen beschermde bomen (ze staan niet vermeld op de gemeentelijke bomenlijst). Met het planvoornemen wordt geen afbreuk gedaan aan het groene karakter van Oosterhout. De ontwikkeling voldoet daarmee aan het beleid van de gemeente Oosterhout.

3.4.7

Milieu en duurzaamheid De zorg voor het milieu en duurzaamheid zijn belangrijke speerpunten voor de gemeente. De zorgen omtrent milieuverontreiniging en met name de klimaatverandering staan hoog op de internationale agenda en de oplossing voor dit probleem moet voor een belangrijk deel op lokaal niveau worden gezocht. Bij iedere ontwikkeling dient te worden beoordeeld in hoeverre deze ontwikkeling zich verhoudt tot de problemen die er zijn. Ontwikkelingen die niet bijdragen aan de gewenste duurzame ontwikkeling of zelfs in negatieve mate bijdragen aan de gewenste milieukwaliteit, zijn ongewenst en andersom geldt dat ontwikkelingen die wel bijdragen aan de gewenste ontwikkeling van Oosterhout, door de gemeente met alle beschikbare middelen ondersteund dienen te worden. Uiteraard vindt hierbij altijd een afweging tussen mogelijkheden, middelen en resultaat plaats. De absolute ondergrens hierbij wordt gevormd door het wettelijk instrumentarium. Naast het feit dat de gemeente een belangrijke voorbeeldrol en eigen verantwoordelijkheid heeft bij ruimtelijke ontwikkelingen, willen we vooral ook meer ruimte geven aan de eigen verantwoordelijkheid van burgers, bedrijven en belangengroeperingen. Bij iedere ontwikkeling is het noodzakelijk om het juiste gereedschap te gebruiken om het betreffende idee te realiseren.

Het bestemmingsplan (en zeker ook het toekomstig omgevingsplan, dat op grond van een nieuwe Omgevingswet in de plaats komt voor het bestemmingsplan) kan daarvoor dienst doen. Dit omdat in een bestemmingsplan een concreet toetsingskader kan worden opgenomen voor toekomstige grote, maar ook kleine ontwikkelingen. Het bestemmingsplan mag duurzaamheid regelen als dit een direct verband houdt met de bestemming die aan het bestemmingsplangebied wordt toegekend. De regels van het plan

blad 24 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

moeten rechtstreeks betrekking hebben op het ruimtebeslag van deze gronden zelf of effect hebben op het ruimtegebruik van nabijgelegen gronden. Net als bij andere onderwerpen in de ruimtelijke ordening kunnen deze regels uitgaan van de volgende vier thema's: 1. Toestaan van gebruik en bouwwerken; 2. Voorwaarden stellen door middel van voorwaardelijke bepalingen; 3. Uitsluiten van ongewenste ontwikkelingen; 4. Belonen van wenselijke initiatieven door middel van extra (planologische) ruimte. Het ruimtelijke ordeningsinstrumentarium kan, en soms moet het zelfs, de deur openen voor duurzame ontwikkelingen. Het belangrijkst afwegingskader voor milieukwaliteit en duurzaamheid is, naast wet- en regelgeving, het in 2010 door de gemeenteraad vastgestelde milieubeleidsplan 2010 - 2016. Dit beleidsplan vormt de basis voor het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Oosterhout. De ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid gaan echter snel en daarom is besloten een geactualiseerde duurzaamheidsagenda op te stellen. Deze agenda beschrijft de doelstellingen en activiteiten op het gebied van duurzaamheid voor de periode 2016 - 2018. Conclusie In de huidige situatie is het volledige terrein onverhard. De ontwikkeling voorziet in het realiseren van een tweetal woningen. Daarnaast is er genoeg ruimte op de percelen voor groen in de vorm van tuinen.

3.4.8

Welstandsnota Per 1 oktober 2015 geldt er in Oosterhout bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen geen welstandstoets meer. Wel kan er achteraf, via een zogenaamde excessenregeling, worden opgetreden tegen bouwwerken die in strijd zijn met redelijke eisen van welstand. De afschaffing van welstandsbeoordeling van bouwplannen geldt niet voor beschermde monumenten en voor bebouwing binnen de beschermde stadsen dorpsgezichten, omdat hier van rechtswege en/of uit oogpunt van cultuurhistorie en ruimtelijke kwaliteit, extra eisen worden gesteld aan de op te richten bebouwing. Toetsing en conclusie Op de Welstandkaart, behorende bij de Welstandsnota, is te zien dat het plangebied in het beschermd doprsgezicht de Heilige Driehoek ligt. Dit terrein met religieuze functie is zeer waardevol. Behoud van de gebiedskenmerken staat voorop. De Monumentencommissie dient bouwplannen te toetsen aan welstandscriteria. De Welstandsnota staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.

blad 25 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Figuur 3.5 Uitsnede welstandkaart gemeente Oosterhout (gele cirkel geeft ligging van het plangebied weer)

blad 26 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Hoofdstuk 4

Randvoorwaarden Dit hoofdstuk gaat in op de realiserings- en uitvoeringsaspecten die van invloed kunnen zijn op de voorgenomen herontwikkeling.

4.1

Milieu-aspecten

4.1.1

Externe veiligheid Wettelijk kader De regelgeving voor externe veiligheid is vastgelegd in verschillende besluiten/circulaires: voor risicovolle bedrijven: Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen (Bevi); voor buisleidingen: Besluit Externe Veiligheid Buisleidingen (Bevb); voor het transport van gevaarlijke stoffen over weg/water/spoor: Op 10 juli 2013 is Wet basisnet vastgesteld en op 11 november 2013 is het Besluit externe veiligheid transportroutes vastgesteld (verder Bevt), waarmee de risico’s als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor of waterweg wordt geregeld. Deze wet en dit besluit treden in werking op 1 april 2015. Beleid Naast het wettelijk kader geldt het door de raad vastgestelde Beleid externe veiligheid van Oosterhout 2017. De gemeente Oosterhout heeft in haar beleid vastgelegd dat externe veiligheid erop is gericht om de risico’s voor haar burgers en de bedrijven te voorkomen. Indien er risico’s zijn toegelaten worden die zoveel mogelijk beperkt en moeten die beheersbaar zijn. Tenslotte moeten de mogelijkheden voor de evacuatie van personen en de voorbereiding op de bestrijding van een ramp voldoende zijn. Risicobronnen zijn niet toegelaten buiten aangewezen risicogebieden zoals een industrieterrein. Echter kunnen op bestaande (spoor) wegen en vaarwegen risico’s niet worden uitgesloten.

Het beleid houdt ook in dat minder zelfredzame personen binnen het invloedsgebied van een risicobron beter moet worden beschermd. Kwetsbare objecten worden liever niet in de buurt van risicobronnen gebouwd. Kwetsbare objecten zijn gebouwen waarin zich veel mensen kunnen bevinden of gebouwen waar niet zelfredzame mensen aanwezig zijn. Plaatsgebonden risico Het PR kent een grenswaarde van 10-6 per jaar voor nieuwe situaties. Binnen de PR 10-6 contour mogen geen kwetsbare objecten aanwezig zijn. Voor beperkt kwetsbare objecten geldt deze waarde als richtwaarde en in nieuwe situaties moet in beginsel ook aan deze waarde worden voldaan. Plasbrandaandachtsgebied Het plasbrandaandachtsgebied is een gebied als bedoeld in het Besluit transportroutes externe veiligheid. Dit is een gebied van 30 m parallel aan weerszijden van bepaalde transportroutes waarover grote hoeveelheden zeer brandbare vloeistoffen worden vervoerd. Indien een gemeente bebouwing in een dergelijk gebied mogelijk maakt dan moeten in de toelichting bij het bestemmingsplan de redenen worden vermeld die er toe hebben geleid om die ontwikkeling binnen dat gebied mogelijk te maken, gelet op de mogelijke gevolgen van

blad 27 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

een ongeval met zeer brandbare vloeistoffen (plasbrand). Verantwoordingsplicht groepsrisico Het groepsrisico is een maat voor de maatschappelijke ontwrichting in situaties waarin zich een ramp met gevaarlijke stoffen voordoet. De verantwoordingsplicht is erop gericht om een weloverwogen afweging te maken over de risico's in relatie tot de (ruimtelijke) ontwikkelingen in het projectgebied. Het groepsrisico wordt vergeleken met de oriëntatiewaarde: de kans op een ongeval met 10 dodelijke slachtoffers van 10-5 per jaar, met de kans op een ongeval met 100 dodelijke slachtoffers van 10-7 per jaar, en met de kans op 1000 of meer dodelijke slachtoffers van 10-9 per jaar. De oriëntatiewaarde voor het groepsrisico ligt voor het transport van gevaarlijke stoffen en buisleidingen echter een factor 10 lager dan voor inrichtingen. In de verantwoording van het groepsrisico worden onderwerpen behandeld die van belang zijn bij het maken van een afweging over het risico en de ruimtelijke situatie. Het groepsrisico wordt kwantitatief beoordeeld. Daarnaast komen ook planologische aspecten aan de orde en de mogelijkheden tot rampenbestrijding (zie ook Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico voor inrichtingen). Onderzoek Voor het aspect externe veiligheid is een onderzoek gedaan, dat is opgenomen in Bijlage 1. De resultaten van het onderzoek zijn hieronder samengevat.

Het plangebied Binnen het plangebied zijn geen risicovolle inrichtingen toegestaan. Het blijkt dat de Rijksweg A27 en ELD B.V. de relevante risicobronnen zijn in relatie tot het plangebied. Er wordt voldaan aan de grens- en richtwaarden ten aanzien van het plaatsgebonden risico. De voorgenomen ontwikkeling is niet van invloed op de hoogte van het groepsrisico van deze risicobronnen. Het plasbrandaandachtsgebied (PAG) van de A27 (30 meter) reikt niet tot het plangebied. Verantwoording groepsrisico Vanwege de ligging van het plangebied binnen het invloedsgebied van de Rijksweg A27 en ELD B.V. is een (beperkte) verantwoording van het groepsrisico conform het Bevt verplicht. Ter verantwoording van het groepsrisico dienen, naast de hoogte van het groepsrisico, enkele kwalitatieve elementen beschouwd te worden. Deze elementen zijn afgeleid uit het Bevt en het Bevi en zijn tevens beschreven in de Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico (VROM, 2007) en in algemene zin beschreven in hoofdstuk twee. In dit hoofdstuk worden elementen aangedragen voor de invulling van de verantwoordingsplicht door het bevoegd gezag. In Bijlage 1 zijn in hoofdstuk 4 alle elementen beschouwd. Hierbij is de volgende indeling gehanteerd: algemene beschouwing veiligheidssituatie; zelfredzaamheid; bestrijdbaarheid.

Ten aanzien van de groepsrisicoverantwoording is het standaardadvies 2019 van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant van toepassing (zie bijlage 2). De in dit standaardadvies omschreven kernwaarden zijn in het plan in acht genomen. blad 28 van 55

Ruimte - Antea Nederland B.V.

ontwerp bestemmingsplan Leijsenakkers, herziening 1 (Veerseweg 54e)

Gemeente Oosterhout Projectnummer 455210.100

Conclusie Uit de analyse ten aanzien van het aspect externe veiligheid blijkt dat de Rijksweg A27 en ELD B.V. de relevante risicobronnen zijn in relatie tot het plangebied. Er wordt voldaan aan de grens- en richtwaarden ten aanzien van het plaatsgebonden risico. Het plasbrandaandachtsgebied (PAG) van de A27 (30 meter) reikt niet tot het plangebied. De voorgenomen ontwikkeling is niet van invloed op de hoogte van het groepsrisico van deze risicobronnen. Vanwege de ligging van het plangebied binnen het invloedsgebied van de Rijksweg A27 en ELD B.V. zijn elementen ter verantwoording van het groepsrisico aangedragen. Deze elementen kan het bevoegd gezag (de gemeente Oosterhout) betrekken bij de besluitvorming in het kader van de ruimtelijke ontwikkeling. Gelet op het voorgaande kan gesteld worden dat de veiligheidssituatie aanvaardbaar is.

4.1.2

Geluid Wettelijk kader De Wet geluidhinder (Wgh) biedt het wettelijk kader voor de toegestane geluidsbelasting vanwege een weg bij geluidsgevoelige bestemmingen, waaronder woningen. De Wet geluidhinder heeft betrekking op wegen met een zone (met uitzondering van wegen met 30 km/uur regime). De hoogst toelaatbare geluidsbelasting (voorkeursgrenswaarde) voor de geluidsbelasting afkomstig van het wegverkeer voor nieuwe woningen bedraagt 48 dB. In bepaalde gevallen kunnen door het bevoegd gezag hogere waarden vastgesteld worden. De maximaal toegestane hogere waarde bedraagt 53 dB vanwege de Rijksweg A27 en 63 dB voor andere gezoneerde wegen. Onderzoek Het plangebied ligt ten oosten van Oosterhout. Het is gelegen binnen de geluidzone van de wegen Veerseweg, de Bovensteweg en de rijksweg A27. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn tevens de nabijgelegen 30 km/uur wegen Leijsenstraat en Helleke in het onderzoek betrokken. Gelet op de ligging van het plangebied is door Antea Group een akoestisch onderzoek (Bijlage 3) uitgevoerd naar de geluidbelasting op de gevels van de nieuw te bouwen woningen. Uit de berekeningsresultaten blijkt dat: 1.

2.

3.

blad 29 van 55

op de gevels van de geprojecteerde geluidgevoelige bestemmingen, de geluidbelasting ten gevolge van de Bovensteweg ten hoogste 46 dB bedraagt (inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh). Hiermee is geen sprake van een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. op de noordelijke nieuwbouwwoning direct aan de Veerseweg, de voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt overschreden ten gevolge van de Veerseweg. De overschrijding vindt enkel plaats op de noordgevel op de 1e verdieping. De geluidbelasting bedraagt ter plaatse ten hoogste 49 dB. Hiermee blijft de geluidbelasting onder de maximaal te ontheffen waarde van 63 dB. op de noordelijke nieuwbouwwoning de geluidbelasting ten hoogste 51 dB bedraagt. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt overschreden ten gevolge van de Rijksweg A27 op zowel de noord-, oost- als zuidgevel (voornamelijk op de 1e verdieping). Op de zuidelijke nieuwbouwwoning bedraagt de geluidbelasting ten hoogste 52 dB. Ook hier wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschreden op de noord-, oost- als zuidgevel (en tevens voornamelijk op de 1e verdieping). De geluidbelasting blijft onder Ruimte - Antea Nederland B.V.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=476cf442-0c10-43a2-9963-6bcd7ee01b54