CConstaterende datOosterhout
Koppel je AI →
Document · PDF

2.Geredigeerd_Rapport Over Morgen Toekomst Amernet

Raad - informatiebijeenkomst 30 mei 2023, gemeente OosterhoutBij agendapunt: Presentatie30.169 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

78

Duurzaamheid

Restwarmte bij de productie van waterstof uit duurzame energie, zoals wind en zon, is duurzaam en voldoet aan de klimaatdoelstellingen. Voor het opwaarderen van de warmte naar de juiste temperatuur is elektriciteit nodig voor de warmtepompcentrale. Indien de elektrici­ teit duurzaam wordt opgewekt, is dit alternatief volledig duurzaam. 3.2 Restwarmte uit kerncentrale

Als er een kerncentrale wordt gebouwd op de locatie Moerdijk of Geertruidenberg kan er in theorie gebruik worden gemaakt van de restwarmte, die vrijkomt bij de productie van elektriciteit. In de Derde Structuurschema Elektriciteitsvoorziening (SEVIII) uit 2010 zijn echter Borssele, Maasvlakte en de Eemshaven aangewezen als potentiële vestigingsplaatsen voor kerncentrales. In 2010 is Moerdijk afgevallen en Geertruidenberg is niet beschouwd. Het bureau Witteveen en Bos heeft recentelijk in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat een scenariostudie uitgevoerd naar kernenergie. In deze studie staat dat er een aantal ontwikkelingen is, dat wellicht tot een heroverweging van de locaties kan leiden63. Zo moeten er locaties gevonden worden voor de aan­ landing van wind op zee, wordt er een waterstoffabriek gebouwd op de Maasvlakte en komen er naar verwachting vanaf 2035 wellicht kleine, modulaire kernrectoren (SMR’s) op de markt64. De studie stelt dat door gebrek aan ruimte en door de opkomst van SMR’s wellicht locaties meer landinwaarts relevant worden. De scenariostudie noemt geen concrete locaties rondom het Amernet. Daarnaast moet opgemerkt dat de ruimte landinwaarts ook schaars is.

Op 9 december 2022 heeft de ministerraad de voorkeur uitgesproken voor twee nieuwe kerncentrales in Borssele65. Daarmee lijkt een kerncentrale in Moerdijk of elders in de nabijheid van het Amernet erg onwaarschijnlijk te zijn geworden. In de kamerbrief van 9 december 2022 geeft de minister van Klimaat en Energie R. Jetten aan dat het kabinet streeft deze kabinetsperiode een definitief besluit te nemen over Borssele. Tijdigheid

Vergunningverlening voor kernenergie-installaties vallen onder de verantwoordelijkheid van het Rijk. In het huidige regeerakkoord staat over de bouw van kerncentrales: “Daarnaast zet dit kabinet de benodigde stappen voor de bouw van 2 nieuwe kerncentrales”. Op 9 december is de keuze gevallen op Borssele. Besluiten over andere kernenergiecentrales zijn op basis van het regeerakkoord niet te verwachten.

63 Zie Scenariostudie Kernenergie, d.d. September2022 van Witteveen en Bos in opdracht van het ministerie van EZK 64 Zie ‘Tracking report, Nuciear Eiectricity: more efforts needed’ uit2022 door het Internationaal Energie Agentschap 66 Zie kamerbrief‘Nadere uitwerking van de afspraken uit het coalitieakkoord op het gebied van kernenergie’ d.d.9 december2022.

79

De scenariostudie stelt dat locaties meer landinwaarts niet aan de orde zijn voor 2040. Daarnaast valt te betwijfelen of er dan gekozen wordt voor een locatie nabij het Amernet. Het gebruik van restwarmte, die vrijkomt bij het opwekken van kernenergie, is daarmee voor het Amernet voor 2040 niet aan de orde en voor na 2040 ook zeer onwaarschijnlijk. 3.3 Warmtebuffers en e-boilers

In een warmtebuffer kan warmte voor korte termijn worden opgeslagen. Deze warmtebuffers zijn grote boilers, die op het moment dat er een korte piekvraag is naar warm water, direct warmte kunnen leveren. Dit is bijvoorbeeld het geval in de ochtend als er voor duizenden woningen tegelijkertijd veel tapwater nodig is voor de douche. Deze boilers kunnen worden uitgebreid met een elektrisch element. Dergelijke elektrische boilers worden aangeduid met de term e-boiler. Anders dan bij een warmtepomp, verwarmt het elektrisch element van een e-boiler het water direct. Daardoor is er veel meer elektriciteit nodig om dezelfde hoeveelheid warmte te produceren, dan bij bijvoorbeeld de combinatie industriële restwarmte met een warmte­ pomp66. Het is daarom vanuit bedrijfseconomisch perspectief alleen interessant om een het elektrische element te gebruiken op momenten dat elektriciteit heel goedkoop is. Dat is met name het geval op moment dat er gelijktijdig veel elektriciteit wordt geproduceerd met wind­ turbines en/ of zonnevelden.

Uit bovenstaande blijkt dat een e-boiler een heel specifieke toe­ passing kent en wordt ingezet om elektriciteitsoverschotten nuttig aan te wenden. Doordat e-boilers inspelen op elektriciteits­ overschotten, kunnen e-boilers een bijdrage leveren aan het terug­ dringen van netcongestie op het elektriciteitsnet. Een voorwaarde hiervoor is echter wel dat de e-boiler geplaatst wordt nabij een knooppunt van het hoogspanningsnet (of de aanlanding van wind op zee). Tijdigheid

In november 2022 heeft RWE de tender ‘700 MW Hollandse Kust West VII’ gewonnen voor een windpark voor de kust van IJmuiden. In de gunning staan naast voorwaarden voor het opwekken van elektriciteit op zee ook beoordelingscriteria voor het omzetten van elektriciteit naar een andere energiedrager (warmte en waterstof). RWE heeft in haar inschrijving onder andere 225 MW vermogen aan e-boilers opgenomen67. Zoals het er nu naar uitziet is er geen verplichting om de e-boilers nabij de aanlanding van de wind uit dit windpark neer te zetten. RWE heeft in een persbericht in mei 2022 aangegeven te kijken naar investeringen in Brabant en Groningen. 66 Een warmtepomp produceert met 1 kWh aan elektriciteit ongeveer 2.5-3 kWh warmte, terwijl een E-boiler met 1 kWh aan elektriciteit ongeveer 1 kWh warmte produceert 5.1,2,e Informatie uit het persbericht van RWE van 26 mei2022 ‘RWE neemt met unieke concepten deel aan offshore wind tender Hollandse Kust West’en de kamerbriefvan Minister Jetten ‘Uitslag: vergunningverlening windenergie op zee Hollandse Kust (west) kavel VU’van 10 november2022

80

E-boilers zijn relatief snel te bouwen. In 2027 kunnen e-boilers operationeel zijn. Het is echter onduidelijk aan welke locaties en tijdshorizon RWE concreet denkt. Daarmee is de komst van grootschalige e-boilers nabij het Amernet onzeker. Bronvermogen en regelbaarheid

Een boiler kan maar voor een hele korte periode een piekvermogen leveren, bijvoorbeeld in de ochtend. Daarna is het buffervat leeg en moet het dus weer bijgevuld worden met heet water vanuit een warmtebron en/of met het elektrisch element. E-boilers zijn dus ongeschikt als basislast. Temperatuur van de warmtebron

In het geval dat er boilers komen bij Geertruidenberg of in Moerdijk moet er warmte worden opgeslagen met een temperatuur van minimaal 110-120°C. Dat is technisch mogelijk. Het elektrische element van een e-boiler kan deze temperatuur opwerken. Een e-boiler of warmtebuffer moet altijd worden gecombineerd met een basislast warmtebron, die 110-120°C. Duurzaamheid

E-boilers zijn duurzaam, onder voorwaarde dat alleen elektriciteit wordt gebruikt op het moment als er een overschot aan elektriciteit is. Als dat niet het geval is, zal de e-boiler bijgevuld moeten worden met warmte uit een basislastwarmtebron en dus niet met behulp van het elektrisch element. 4. INZET HUIDIGE BACK-UPSYSTEEM

Ennatuurlijk heeft een piek- en back-upsysteem. Dit systeem bestaat uit gasketels (200 MW) en bio-olie ketels (200 MW). Dit systeem kan ingezet worden als basislast voor de warmtelevering aan het Amernet. Inzetten van het back-up systeem als hoofdsysteem is echter geen lange-termijn oplossing, omdat dan de productiekosten van warmte heel hoog worden. De inzet van dit systeem is daarmee alleen een tijdelijke optie als nieuw te ontwikkelen infrastructuur of warmte­ bronnen niet tijdig gereed kunnen zijn. Tijdigheid

Het back-up systeem is vanuit technisch oogpunt beschikbaar, maar er zijn wel beperkingen. De bio-olie ketels kunnen slechts een beperkt aantal draaiuren worden ingezet op basis van de vigerende milieu­ vergunning. Het is daarmee noodzakelijk om na te gaan of aanpassing van de milieuvergunning noodzakelijk en zo ja, of dat ook mogelijk is. Bronvermogen en leveringszekerheid

In paragraaf 2.4.2. is beschreven dat dit back up systeem bijna geheel aan de piekvraag kan voldoen, ook op de koudste dagen. Een voorwaarde hiervoor is echter wel dat het project om de warmte­ voorziening voor de tuinders los te koppelen, wordt doorgezet en de tuinders zelf in hun pieklast gaan voorzien. 81

Als hetback-up systeem het hoofdsysteem wordt, komt de betrouw­ baarheid van de warmtelevering mogelijk onder druk te staan. In dat geval zal een gasketel van ongeveer 40 MW bijgeplaatst moeten worden om in noodsituaties en bij onderhoud in de winter de levering van warmte te kunnen garanderen. Als de tuinders niet worden losgekoppeld, moet er waarschijnlijk meer broncapaciteit bijgebouwd worden. Het is nu niet goed aan te geven hoeveel dit zal zijn. Er kan namelijk niet simpelweg gezegd worden dat er dan nog eens 90 MW aan vermogen bij moet worden gebouwd. 90 MW is in de huidige situatie de hoeveelheid warmte die maximaal aan tuinders geleverd kan worden. Er is eerst nadere analyse nodig van de positie van de tuinders, omdat een aantal factoren ook een rol spelen: De kans is groot dat de prijs voor warmte via het Amernet voor tuinders significant zal stijgen, als het back up systeem ingezet moet worden als hoofdsysteem. Verschillende tuinders hebben nu al eigen gasgestookte installatie. Die installaties zetten zij in als warmte via het Amernet duurder is dan warmte via hun eigen installaties. Naar verwachting zullen deze tuinders vaker, zo niet altijd hun eigen installaties inzetten als de prijs voor warmte via het Amernet stijgt. In de huidige contracten aan de tuinders is opgenomen dat de warmtelevering aan woningen voorrang krijgt.

Tuinders hebben daarmee in de huidige situatie geen ‘recht op warmte’ als er onvoldoende warmte beschikbaar is. Voor het bouwen van gas ketels zijn milieuvergunningen nodig. Het verstrekken van vergunningen kan op problemen stuiten vanuit de stikstofproblematiek. Voor de bestaande installaties hebben de tuinders al vergunningen. Als het verstrekken van nieuwe milieuvergunningen, voor nieuwe installaties op juridische bezwaren stuit, kan inzet van de reeds vergunde installaties van de tuinders noodzakelijk zijn. Duurzaamheid

Aardgas is een fossiele brandstof, die conform het Klimaatakkoord uitgefaseerd moet worden richting 2050. Het is dus ook vanuit duurzaamheid niet wenselijk om dit systeem in te zetten als basislast. Technisch gezien is het mogelijk om de gasketels niet op aardgas maar op groengas, biogas of waterstof te laten draaien. Dit zal hoogstwaarschijnlijk economisch niet haalbaar zijn, omdat deze brandstoffen naar verwachting nog duurder zullen zijn dan aardgas. 5. PLUKMADE

82

Er zijn voor Plukmade plannen om het warmtenet voor het tuinbouw­ gebied los te koppelen van het Amernet. Het uitgangpunt bij de loskoppeling is dat de tuinders zelf in hun pieklast voorzien. In dit rapport wordt daarom alleen ingegaan op de bronnen voor de basislast voor dit gebied. Hiervoor zijn twee opties in beeld. Het gaat voorbij de scope van dit rapport om uitspraken te doen over de (juridische) haalbaarheid van de plannen.

5.1 Diepe geotherm ie

Er is een opsporingsvergunning verleend aan Geothermie Plukmade B.V. 68. Dit bedrijf beoogt geothermie te ontwikkelen voor het glas­ tuinbouwgebied. Ennatuurlijk participeert voor 27,5 % in dit project. Voor de technische beschrijven van geothermie wordt verwezen naar paragraaf 2.3 van deze bijlage, waarin geothermie in Moerdijk wordt beschreven. Tijdigheid

De geothermieput in Plukmade kan op zijn vroegst in 2025 zijn gerealiseerd. Bronvermogen

Voor Plukmade wordt op dit moment aangekoerst op de realisatie van één doublet van 15 MW. Er is echter potentie voor nog één doublet. Temperatuur van de warmtebron

Naar verwachting is de het water dat bij gebruik van geothermie in Plukmade uit de grond wordt gehaald 60 tot 70°C. De temperatuur hoeft niet te worden verhoogd, want:

Geothermie in Plukmade een lokale bron, want betekent dat de warmte hoeft niet over lange afstand te worden getransporteerd. De warmte wordt geleverd aan tuinders, waardoor de vereisten rondom de temperatuur van tapwater niet relevant zijn. Hierdoor hoeft te temperatuur niet minimaal 70°C te zijn.

Bij de winning van aardwarmte komt foliegas omhoog. Ennatuurlijk is voornemens om een wkk-installatie neer te zetten, zodat er warmte kan worden geproduceerd uit dit foliegas. Duurzaamheid

Zie paragraaf 2.3 van deze bijlage. 5.2 Biomassawarmtecentrale

Een biomassawarmtecentrale produceert warmte door houtachtige biomassa te verbranden. Warmte kan zowel in kleine, lokale warmtecentrales worden opgewekt als in grote centrales, zoals de Amercentrale. Op dit moment is er één initiatief in de Amerregio bekend voor een lokale biomassawarmtecentrale. Deze biomassacentrale is een initiatief van de werkgroep Energie waarin zes glastuinbouwondernemers uit Plukmade zich hebben verenigd69. 68 De opsporingsvergunning voor de regio Made 2 is gepubliceerd in de Staatscourant Nr. 30926 ‘Verlenen opsporingsvergunning aardwarmte Made 2, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat’.

69 Op basis van informatie van de gemeente Drimmelen over het initiatiefvan de biomassa-installatie in Plukmade (https://drimmelen.nl/file/27OI/download) 83

Zij hebben Ennatuurlijk in het verleden gevraagd het initiatief verder met hen te realiseren. Ennatuurlijk heeft dit niet verder opgepakt vanwege het negatieve maatschappelijke opvattingen rond biomassa. Uiteindelijk is het initiatief voor een biomassa-installatie bij het bedrijf HoST terecht gekomen. Als locatie van de biomassawarmtecentrale in Plukmade wordt gekeken naar het terrein van Kwekerij Meer Camp. Er worden geen Rijkssubsidies meer verleend voor dit type biomassacentrales. Het is daarom niet aannemelijk dat er nog nieuwe initiatieven voor dergelijke centrales elders in de nabijheid van het Amernet komen. Tijdigheid

HosT heeft bij provincie Noord-Brabant voor de installatie bij Plukmade een natuurbeschermingsvergunning aangevraagd. Vanwege de stikstofproblematiek kan die vergunning op dit moment niet worden verstrekt. Het is daarom onduidelijk of deze installatie er ook daadwerkelijk gaat komen. Bronvermogen en regelbaarheid

De biomassawarmtecentrale in Plukmade kan ongeveer 15 MW vermogen leveren aan de tuinders in het glastuinbouwgebied. Een biomassawarmtecentrale kan geen grote schommelingen in gevraagd vermogen opvangen. Dit komt doordat biomassawarmtecentrales een lange opstarttijd hebben en er aanzienlijke kosten verbonden zijn aan het opstarten en pauzeren van generatoren70. Een dergelijke installatie is per uitstek geschikt als bron voor de basislast. Temperatuur van de warmtebron

Een biomassawarmtecentrale kan warmte leveren van 110-120°C . In het geval van Plukmade kan volstaan worden met een lagere temperatuur, omdat de warmte niet over grote afstand hoeft te worden getransporteerd. Duurzaamheid

Biomassa is wettelijk toegestaan en is geen fossiele brandstof. Daarmee voldoet biomassa aan de klimaatdoelstellingen. Biomassa wordt doorgaans niet als een volledig duurzame energiebron beoordeeld. Dit komt doordat er bossen voor gekapt worden en transport over lagere afstand nodig is. Alleen als biomassacentrales ingezet worden om lokale snoeiafval te verbranden, kan biomassa als volledig duurzaam worden aangemerkt.

70 InternationaalAgentschap voor hernieuwbare energie ‘Flexibility in conventional powerplants - innovation landscape brief’ van 2019. De flexibiliteitsmonitor van TenneT ‘FlexibilityMonitor A first step towards quantifying flexibility in the Dutch electricity system’geeft aan dat het opstarten en pauzeren van generatoren aanzienlijke kosten met zich mee brengt en daarom biomassa centrales een beperkte flexibiliteit kennen.

84

6. GEOTHERMIE IN TILBURG - WAALWIJK

In Tilburg zijn kansen voor geothermie. Er worden momenteel twee opsporingsvergunningen voorbereid. Eén voor de regio Tilburg-Zuid. Deze wordt aangevraagd door gemeente Tilburg. Deze opsporingsvergunning is ten behoeve van een lokaal warmtenet in Tilburg en zal dus geen rol spelen voor het Amernet. Een andere opsporingsvergunning is voor de regio Tilburg - Waalwijk. Deze opsporingsvergunning is in voorbereiding bij Ennatuurlijk, Eavor en EBN". De opsporingsvergunning voor Waalwijk-Tilburg Noord kan mogelijk een rol spelen voor het Amernet. Deze opsporingsvergunning betreft het project ‘Everloop’. Everloop is een innovatief project. Het gaat hierbij om gesloten geothermie. Gesloten geothermie bevindt zich nog in een ontwikkelstadium en wordt hier niet verder beschreven. Gesloten geothermie wordt geadresseerd onder de innovaties in hoofdstuk 5. Voor de overige potentie aan geothermie tussen Tilburg en Waalwijk lopen nog geen concrete projecten. Tijdigheid

De ontwikkeling van geothermie in het gebied Tilburg -Waalwijk is - met uitzondering van het project Everloop - nog niet opgepakt. Daarom is het niet realistisch dat er voor 2035 putten geslagen worden. Ook is de technische haalbaarheid nog onzeker. Bronvermogen en regelbaarheid

Het aantal mogelijke doubletten voor de het gebied Tilburg Waalwijk is nog onduidelijk. Daardoor kan weinig gezegd worden over het totale vermogen. Temperatuur van de warmtebron

Er is ook nog niet veel bekend over de temperatuur. Vooralsnog wordt daarom aangenomen dat deze tussen de 70-90°C zal liggen, wat het meest gangbaar is bij geothermie (voor meer informatie zie paragraaf 3.5.3).

Vanwege het ruimtebeslag van een geothermieput en het beperkte vermogen van een onderstation is het niet mogelijk om lokaal warmte te leveren bij een onderstation. Warmtelevering moet dus via een WOS aan het hoofdwarmtedistributienet of het primaire net. Dat betekent dat de temperatuur waarschijnlijk moet worden verhoogd met behulp van een warmtepompcentrale. Hiervoor is elektriciteit nodig. Hoeveel hangt af van de aanvoertemperatuur in het net en de temperatuur van de bron. De verwachting is dat de temperatuursprong beperkt is, waardoor de warmtepompen, net als bij de locatie Moerdijk, efficiënt kunnen functioneren. Duurzaamheid

Zie paragraaf 2.3 van deze bijlage.

71 Volgens infoimatie van gemeente Tilburg en Ennatuurlijk

85

OVER MORGEN

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oosterhout&id=9ff94fe1-8ce2-4a75-b933-ec38848e73b8