CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

woonzorgvisie

Gemeenteraad 11 februari 2025, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Woonzorgvisie Oost Gelre25.571 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Woonzorgvisie Oost Gelre Alleen gaan we sneller, samen komen we verder!

Schrijvers: Projectleider: Datum:

Carry de Vries, Bregje Bosch, Daan Lohschelder, Marieke Buevink, Wolter Jetten Wolter Jetten 25 september 2024

Inhoudsopgave Voorwoord................................................................................................................. 3 Inleiding ..................................................................................................................... 5 Urgentie ................................................................................................................................... 5 Visie op wonen en zorg binnen Oost Gelre ................................................................................. 5 Scope........................................................................................................................................ 5 Lokaal / Regionaal..................................................................................................................... 6

1.

Analyse gemeentelijk perspectief .................................................................. 7

1.

ZORG ................................................................................................................ 9

Inleiding ................................................................................................................................... 9 1.1 Doelgroepen ....................................................................................................................... 9 1.2 Aanbod ............................................................................................................................. 10 1.3 Spreiding ........................................................................................................................... 11 1.5 Uitgangspunten perspectief ZORG ..................................................................................... 12

2.

WONEN ........................................................................................................... 16

2.1 Behoeften .......................................................................... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 2.2 Aanbod ............................................................................................................................. 16 2.3 Uitgangspunten perspectief WONEN.................................................................................. 22

3.

Invloed fysieke omgeving op wonen en zorg .............................................. 28

3.1 Klimaatverandering en vergrijzing ...................................................................................... 28 3.2 Inclusieve openbare ruimte ............................................................................................... 28 3.3 Nabijheid van voorzieningen.............................................................................................. 29 3.4 Uitgangspunten invloed fysieke omgeving op wonen en zorg ............................................. 29

4.

Analyse stakeholders .................................................................................... 30

4.1 Interne stakeholders ......................................................................................................... 30 4.1.1 Uitgangspunten interne stakeholders.............................................................................. 30 4.2 Externe stakeholders ......................................................................................................... 31 4.2.1 Uitgangspunten externe stakeholders ............................................................................. 32

5.

Conclusie ....................................................................................................... 36

Thema’s ................................................................................................................... 37 5.1

Samenwerking .............................................................................................................. 37

5.2

Versterken regie inwoners ............................................................................................ 41 1

5.3

Woonzorgbehoefte ....................................................................................................... 43

5.4

Omgeving als lijm.......................................................................................................... 47

6.

Afronding en vervolg..................................................................................... 49

Bijlage ...................................................................................................................... 50 Bijlage 1:

Definities doelgroepen ........................................................................................ 51

Bijlage 2:

Analyse doelgroepen .......................................................................................... 53

Bijlage 3:

Uitwerking analyse documentatie stakeholders .... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Bijlage 4:

Ontwerptips dementievriendelijke gemeente ...................................................... 63

Bijlage 5:

Analyse leefomgeving ......................................................................................... 66

Bijlage 6:

Input interne stakeholders .................................................................................. 71

Bijlage 7:

Lijst genodigden Woonzorgvisie bijeenkomst....................................................... 75

Bijlage 8:

Input externe stakeholders ................................................................................. 80

2

Voorwoord Voor u ligt de Woonzorgvisie van Oost Gelre. Ontstaan vanuit de behoefte om lokaal antwoorden te hebben op vraagstukken waar de thema’s Wonen, Zorg en Omgeving samenkomen. Onze lokale Woonzorgvisie helpt ons daarbij en daarmee versterken we de samenwerking tussen inwoners, samenwerkende partijen en gemeente om te komen tot gezamenlijke, duurzame oplossingen. Wonen Er zijn simpelweg te weinig woningen. Te weinig voor de starters die graag willen blijven. Te weinig passende woningen voor ouderen die eigenlijk wel plaats willen maken voor jonge gezinnen. Te weinig ook voor mensen die van buiten onze regio hier komen werken of zich hier willen vestigen. En ook te weinig voor zogenaamde aandachtsgroepen, zoals statushouders die hier hun bestaan opbouwen. We moeten woningen hebben die passend zijn bij de wooncarrières die mensen in hun leven maken en woningen die passen bij maatschappelijke trends en de ontwikkeling in onze demografische ontwikkeling. Vanuit maatschappelijke trends moeten we tijdens het bouwen meer aandacht hebben voor de verschillende doelgroepen en de samenhang tussen Zorg, Wonen en Omgeving. Zorg Tegelijkertijd willen we ook dat het fijn wonen en leven is voor onze inwoners. We verwelkomen nieuwe inwoners. Inwoners op leeftijd kunnen hun ondersteuning om zelfstandig te kunnen blijven wonen vormgeven. Met elkaar en soms met professionele ondersteuning.

Dat vraagt om woningen waar zorg geboden kan worden, waar men in buurtjes kan omzien naar mekaar en een openbare ruimte waar ontmoeting voor iedereen mogelijk is. Dat vraagt om een samenspel tussen vele partijen. Samen met inwoners en samenwerkende partijen moeten we tot oplossingen komen die helpen om langdurig thuis te kunnen wonen en te leven op een gezonde en fijne manier. We willen inwoners helpen om zichzelf te helpen in het zo zelfredzaam mogelijk zijn, want wij geloven in de kracht van onze inwoners. We zien verschillende maatschappelijke uitdagingen, waardoor de zorg voor onze inwoners onder druk staat, dus daarom werken we samen om tot duurzame oplossingen voor de toekomst te komen. Omgeving Een derde bepalende factor daarin is de omgeving van mensen. De openbare ruimte en hoe deze ingericht is, zien wij als essentieel voor een fijne leefomgeving van mensen. Inwoners wonen in de omgeving, krijgen zorg in de nabijheid van hun omgeving, dus de inrichting van deze omgeving is bepalend voor welzijn. Het invoegen van deze derde dimensie is daarom noodzakelijk voor oplossingen. Door onderzoek te doen en scherp keuzes te maken in waar we welke voorzieningen willen, op welke manier we dat willen organiseren en hoe we dat willen, versterken we elkaar. Door inzichten vanuit data kunnen we intern en extern beter samenwerken en bewuster keuzes maken.

Daarom onderschrijven wij gezamenlijk als wethouders Wonen en Sociaal deze Woonzorgvisie. Wij zien een nadrukkelijke relatie tussen mensen, de plekken waar zij wonen en de omgeving waarin zij wonen. Binnen deze Woonzorgvisie worden deze thema’s aan elkaar verbonden. De opgaven rondom Wonen, Zorg en Omgeving zien wij nadrukkelijk als een gezamenlijke opgave van een veelvoud aan partijen. De gemeente kan dit niet alleen. Daarom is deze Woonzorgvisie pas de start. Het is een eerste aanzet om de komende jaren gezamenlijke, duurzame oplossingen te realiseren.

3

Alleen gaan we sneller, samen komen we verder!

Bart Porskamp

Ellen Dusseldorp

Wethouder Wonen gemeente Oost Gelre

Wethouder Sociaal Domein Oost Gelre

4

Inleiding Voor u ligt de Woonzorgvisie Oost Gelre! Met een Woonzorgvisie willen we op basis van onderzoek en analyse sturing geven aan de manier hoe we de vragen rondom wonen en zorg in willen vullen. We willen voorbereid zijn op de toekomst en in staat zijn om tijdig te anticiperen op de toekomstige woonvraag van verschillende doelgroepen. Daarnaast willen we de goede dingen op de goede plek doen. Op basis van analyse kunnen we gerichter keuzes maken waar, waarom, hoe en met wie we willen bouwen. Daarom is deze Woonzorgvisie tot stand gekomen in samenwerking met belangrijke stakeholders zoals zorg- en welzijnsorganisaties, woningcorporaties, maar bijvoorbeeld ook met dorpsvertegenwoordigers en inwoners. Ook binnen de gemeente hebben veel partijen meegedacht.

Urgentie De druk op het aanbieden van passend woningaanbod is hoog. De urgentie om te bouwen en om passend te bouwen komt sterk naar voren in onze Woonvisie. Hoe het te realiseren aanbod te verweven met de lokale zorgbehoefte is nog een zoektocht. Daarom is het noodzakelijk om te komen tot een Woonzorgvisie die richtinggevend is voor besluitvorming en inrichting van ons lokale Woonlandschap. Oost Gelre wil een passende woning voor iedereen. Een woning waar je ook als zorg nodig is zo lang mogelijk kan blijven wonen. Want, iedere inwoner van Oost Gelre heeft recht op een veilig thuis in een gezonde leefomgeving. Een prettig en betaalbaar thuis is een eerste levensbehoefte. Net als zorg, als je daarvan afhankelijk bent. Wonen en zorg vormen samen een belangrijke basis van een gelukkig, gezond en productief leven. Deze ambitie wordt breed gedragen in Oost Gelre en daar hoort bij dat inwoners geschikte huisvesting vinden die aansluit bij hun (zorg)behoeftes. Om volwaardig mee te kunnen doen en om mee te kunnen tellen in de samenleving, zijn passend wonen, voldoende beschikbare zorg én omkijken naar elkaar belangrijk. Daarin gaan we uit van inwoners die langer zelfstandig wonen. Waar nodig is dat met passende ondersteuning, maar ook binnen een maatschappij waar mensen naar elkaar omzien.

Het is belangrijk om daarin passende voorzieningen te realiseren die passen bij de tijdsgeest, doelgroep en demografische ontwikkelingen. Zo zien we bijvoorbeeld op dit moment een significante groep ouderen in de komende decennia. Dit vraagt om het realiseren van passende voorzieningen op dit moment. Tegelijkertijd zal deze vraag naar verwachting minder zijn als we 40 jaar vooruitkijken in onze demografische ontwikkelingen. Daarom is het zoeken naar de juiste balans tussen vraag en aanbod. De vraag waar we nu voor staan is hoe we de gezonde en vitale leefgemeenschappen behouden en creëren. Deze vragen stellen wij onszelf niet alleen, maar deze worden ook steeds meer gesteld door ketenpartners en inwoners. Op vele manieren hangen wonen en zorg met elkaar en met de buurt samen. Daarom is een visie op wonen en zorg, waarbij deze thema’s in samenhang worden bekeken, van belang.

Visie op wonen en zorg binnen Oost Gelre Wonen en zorg zijn thema’s die nauw aan elkaar verbonden zijn. Binnen de gemeente zijn we al meerdere jaren bezig met de verbinding tussen deze twee thema’s. We beginnen dus niet op nul. Binnen ons beleidsprogramma gaan we uit van positieve gezondheid en zo kijken wij dus ook naar verschillende doelgroepen in relatie tot wonen. Daarin gaan we uit van vitale en veerkrachtige inwoners die gezond oud kunnen worden. Ons beleidsprogramma Mens & Samenleving is ook zo opgebouwd dat we uitgaan van preventieve maatregelen in het voorliggende veld en dat waar nodig aanvullende ondersteuning ingeregeld kan worden. Concrete vervolgstappen vanuit bijvoorbeeld het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en Integraal Zorg Akkoord (IZA) gaan ons helpen om steeds verder te komen tot de inrichting van een gezonde omgeving voor inwoners waar verschillende partijen met elkaar samenwerken. We gaan uit van zelfredzame inwoners die op afroep steeds meer en zwaardere zorg kunnen inregelen waar nodig. Daarbij hoort passend wonen, afhankelijk van in welke fase men zit.

5

We hebben meerdere lijnen lopen die hier een bijdrage aan leveren. Zo zijn we bijvoorbeeld al meerdere jaren bezig met subsidieverstrekking voor woningaanpassingen en hebben veel inwoners de eigen woning al zo ingericht dat ze gezond oud kunnen worden. Daarnaast hebben we bijvoorbeeld in elke kern een ontmoetingsmogelijkheid georganiseerd. Dergelijke voorzieningen en regelingen dragen bij aan een specifieke kijk op wonen en zorg. Dit nemen we dan ook als vertrekpunt voor het kijken naar de Woonzorgvisie en de doorontwikkeling daarvan. Daarin gaat het nadrukkelijk over de verbinding tussen Wonen, Zorg en de Omgeving. Aan deze manier van kijken binnen Oost Gelre is tot op heden nog niet actief aandacht gegeven. We willen daarin de autonome ontwikkelingen binnen deze gebieden zoveel mogelijk in samenhang met elkaar beschouwen en in verbinding met elkaar uitwerken.

Scope Dit document heeft als doel om strategische inzichten te verschaffen over de toekomstige lijn van ons regionale en lokale woonzorglandschap. We kiezen ervoor om vooruit te kijken tot 2030. We willen graag gericht vooruitkijken om zo tot een zo concreet mogelijke visie te komen. Onze omgevingsvisie is vastgesteld tot 2030 en is daarom een goed ijkpunt om onze Woonzorgvisie aan op te hangen. Daarin zijn we ons bewust dat we niet na 2030 klaar zijn. De Woonzorgvisie zal een levend document zijn in de toekomst waar lokale (en regionale) afspraken samengebracht worden. Op basis van de visie volgt een uitvoeringsagenda, waarmee me verdere uitvoering geven aan de aanbevelingen die voortvloeien uit de Woonzorgvisie. Dit vraagt ook om monitoring en het borgen van afspraken tussen verschillende interne en externe stakeholders. Het vraagt actief om het samenbrengen van verschillende informatiebronnen en het sturen op afspraken tussen partijen. Ook na 2030. Dit doen we inhoudelijk zoveel mogelijk vanuit de driepoot Wonen, Zorg en de Omgeving. Voor nu hebben we ervoor gekozen om deze scope aan te houden om onze ambities en doelstellingen zo scherp mogelijk te formuleren en weg te zetten in de tijd. In de jaren na 2030 zullen we ons opnieuw moeten verhouden tot de werkelijkheid van dat moment met alle uitdagingen die daarbij horen.

Lokaal / Regionaal Regionaal is er samenwerking tussen de gemeenten in de Achterhoek om te komen tot een regionale visie op Wonen en Zorg. Een regionale visie is noodzakelijk om enerzijds te komen tot een regionaal dekkend landschap qua zorgbehoefte. Denk hierbij aan het contracteren van zorgaanbieders, eenduidig regionaal beleid, visie op leefbaarheid, etc. Anderzijds om regionaal te zorgen voor een visie op het voldoen aan de woonbehoefte en doelen zoals gesteld vanuit de Nationale Woondeal. Bijvoorbeeld de huisvesting van doelgroepen, regionale prestatieafspraken en afstemmen van bouwplannen. De verwachting is dat de regionale visie opgeleverd wordt begin 2025. De verwachting is dat deze richtinggevend is op hoofdlijnen rondom wonen en zorg en regionale samenwerking daarin. In de Woonzorgvisie van Oost Gelre beschrijven we zo concreet mogelijk de ambities en doelstellingen die de gemeente op lokaal niveau heeft in de ontwikkeling van wonen en zorg tot en met 2030. Dit doen we in eerste instantie op visie niveau om er vervolgens een uitvoeringsagenda aan te hangen om te komen tot een steeds concretere vertaling van onze ambities. Dit doen we zoveel mogelijk in samenhang met de regionale visie en gekoppelde acties.

In de tijd na oplevering van onze lokale Woonzorgvisie en daaraan gekoppelde uitvoeringsagenda’s moeten we verder met het harmoniseren van het lokale en regionale perspectief. Tegelijkertijd lopen er landelijk nog verschillende ontwikkelingen die relevant kunnen zijn voor de lokale en regionale kijk op wonen en zorg. Dit moet zich in de toekomst verder uitwijzen. Belangrijk is dat op dit moment lokaal beeld gevormd wordt op Wonen en Zorg.

6

1. Analyse gemeentelijk perspectief Om een beeld te kunnen vormen van wonen en zorg in Oost Gelre is het belangrijk om eerst een beeld te vormen van onze bevolkingssamenstelling en hoe wonen en zorg nu georganiseerd zijn. Wat is er allemaal aan voorzieningen, welk aanbod is er, hoe ziet dat er qua verdeling, etc.? Dit zijn vragen die nodig zijn om een beeld te vormen waar we nu staan. In dit hoofdstuk werken we dat uit. Dit doen we door nu eerst in de analyse een scheiding aan te brengen tussen wonen en zorg. In de volgende hoofdstukken werken we dit verder uit en maken we de combinatie tussen beide werelden. Het gaat allereerst om om onze inwoners. Daarom is het belangrijk om eerst een beeld te vormen van de bevolkingssamenstelling.

Demografie binnen Oost Gelre De gemeente Oost Gelre heeft ongeveer 29.600 inwoners. De bevolkingssamenstelling is als volgt:

Terugkijkend in de cijfers van CBS tot en met 2020 (CBS, 2022) zien we verschillen per jaar als het gaat om groei of krimp. Verschillende populatiestromingen maken dat we in totaal tot groei van onze gemeentelijke populatie komen. Dit uit zich in de volgende grafieken:

7

CBS leert ons dat de bevolkingsontwikkeling er in de komende jaren als volgt uit gaat zien:

Gemeente

Bevolkingsontwikkeling Natuurlijke aanwas 2021 - 2035

Verhuizingen

Oost Gelre

-7,24

5,4

-1,9

8

Migratiesaldo

4,7

1. ZORG Inleiding Veel van de cijfers in het volgende hoofdstuk worden gevoed vanuit regionale- of bovenregionale parameters. Echter de doelstelling van een lokale Woonzorgvisie is om te komen tot lokale doelstellingen en ambities. Daarom zijn de cijfers vertaald om zo lokaal een perspectief op zorg neer te zetten. Dit is belangrijk, omdat de lokale verantwoordelijkheden ook steeds groter worden. Vanuit verschillende lijnen van decentralisatie worden steeds meer taken lokaal belegd.

1.1 Doelgroepen Ten eerste is het belangrijk om te weten over welke doelgroepen we het hebben als we praten over de Woonzorgvisie. Daarom volgt hieronder een opsomming van verschillende doelgroepen. Gehanteerde definities zijn te vinden in bijlage 1 (definities doelgroepen) op basis van de handreiking van de Nationale taskforce Wonen en Zorg. Doelgroep 1. Mantelzorgers- en ontvangers 2. Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking of psychische kwetsbaarheid die wegens ernstige en chronische medische redenen andere huisvesting nodig hebben 3. (Dreigend) dakloze mensen, incl. uitstroom MO, bankslapers en mensen op nietconventionele woonplekken 4. Uitstromers beschermd wonen 5. 6. 7. 8. 9.

Uitstromers klinische geestelijke gezondheidszorg Uitstromers vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel Uitstromers (jeugd) detentie en forensische zorg Uitstappende sekswerkers die gebruik maken van een opstapregeling Woonwagenbewoners

10. Uitstromers jeugd 11. Arbeidsmigranten 12. Ouderen 13. Vergunninghouders / statushouders Daarnaast is het niet alleen belangrijk om de doelgroepen te definiëren, maar moet er ook een beeld gevormd van de omvang deze doelgroepen. Ook moet er een duiding gegeven worden aan de opgehaalde data en gekoppelde trends. Binnen de gedefinieerde doelgroepen bestaan grote verschillen, maar ze doen allemaal een beroep op ons lokale aanbod rondom wonen en zorg. In bijlage 2 (analyse doelgroepen) vindt u daarom per doelgroep een schets van de aantallen en ontwikkeling binnen de genoemde specifieke doelgroep. Voor de leesbaarheid is gekozen om deze uitwerking te plaatsen in de bijlage.

9

1.2 Aanbod Om te komen tot inzet van ondersteuning zijn er verschillende stromingen binnen onze gemeente. Hieronder worden de verschillende vormen van inzet kort toegelicht. Deze zijn geordend van licht naar zwaar. Binnen elke vorm van ondersteuning kennen we verschillende aanbieders en vormen van ondersteuning. Er is een groot preventief aanbod gericht op het mee kunnen blijven doen in de samenleving. Voorbeelden hiervan zijn de lokale inloopvoorzieningen, beweegmakelaars etc. Hebben inwoners toch een duwtje in de rug nodig, dan kunnen zij vanuit het Sociaal team ondersteuning ontvangen. Het gaat hier om kortdurende ondersteuning op diverse levensgebieden zoals mantelzorgondersteuning, hulp bij financiële vragen, vragen op het gebied van het organiseren van dagstructuur. Voor jongeren en hun verzorgers biedt het Ondersteuningsteam deze ondersteuning. Is er meer nodig en moet de ondersteuning langer worden ingezet? Dan kan er een indicatie voor ondersteuning vanuit de Jeugdwet of Wmo nodig zijn. Jeugdwet Vanuit de Jeugdwet kennen we de inzet van de volgende vormen van ondersteuning:

Wet maatschappelijke ondersteuning Vanuit de Wmo hebben we op dit moment het volgende aanbod rondom welzijn en zorg:

Wet langdurige zorg Binnen de gemeente kennen we ook meerdere partijen die inzet leveren vanuit de Wet langdurige zorg. Tot op heden leveren de volgende partijen inzet op basis van een Wlz-indicatie binnen onze gemeente:

Aanbieder

Aantal cliënten

SIUS

207

Workmate

13

Aantal locaties

Aantal binnen Andere locaties Instelling

Activiteitenlocaties 5

17 0

7 10

1

Stichting Marga Klompé

42 + 30 = 72

Careaz

142, maar mogelijk meer i.v.m. meerdere personen woonachtig op adres

4

3

72

Dagcentrum: 9 mensen

142 plekken in appartementen

Ondersteuning vanuit Modulair pakket thuis. Nog geen Volledig Pakket Thuis. Aantallen onbekend.

1.3 Spreiding Binnen de gemeente kennen we verschillende behoeften als het gaat om wonen en relatie met de leefomgeving. Om te komen tot gerichte interventies is het belangrijk om te weten waar deze doelgroepen te vinden zijn en waar welke concentraties aan doelgroepen zich bevinden. Daarom hebben we samen met de collega's van GEO verschillende kaartlagen ontwikkeld waarop we de verschillende doelgroepen kunnen plotten. Zie bijvoorbeeld de volgende kaart waarop we op gemeenteniveau kunnen laten zien hoe de spreiding van leeftijdsclusters per buurt eruitziet.

Door op kaartniveau bijvoorbeeld ook de afstand tot voorzieningen- of de afstand tot vervoersmogelijkheden te laten zien kunnen we verschillende databronnen combineren. Door dit te doen komen we tot gerichte interventies. Dit vraagt verdere uitwerking om al de verschillende databronnen samen te brengen en combinaties te maken. Zie daarvoor ook de uitwerking van de conclusie in hoofdstuk 5.

11

1.5 Uitgangspunten perspectief ZORG Om te komen tot de uitgangspunten voor het perspectief ZORG hebben we verschillende bronnen gebruikt: -

analyse van de verschillende doelgroepen; analyse van aangeleverde documentatie stakeholders; handreiking Woonzorgvisie VNG.

Zie de verschillende bijlagen voor de verschillende bronnen ter onderbouwing. Wegens bedrijfsgevoeligheid is gekozen om het bureauonderzoek en de analyse van de aangeleverde documentatie van stakeholders niet als bijlage op te nemen. Hieronder leest u meer over de grootste en meest impactvolle trends.

1.5.1 Doelgroepen Eén van de doelgroepen springt eruit als we kijken naar de huidige omvang van de doelgroep en de verwachte groei van de doelgroep. Dit betreft ouderen. Daar zien we namelijk de volgende data: Ouderen Binnen onze gemeente zien we op dit moment de volgende percentages, namelijk: - een omvang van 18% van 65 t/m 79 jaar (5.215); - en 6% van 80 jaar of ouder (1.686); - in totaal bestaat er dus een percentage van 24% van het totaal van inwoners die ouder zijn dan 65 jaar; - daarnaast zien we een groep van 29% van 45 t/m 64 jaar (8.706). Deze groep zal in de komende tien jaar ook de beweging maken richting de doelgroep ouderen; - de omvang van deze doelgroep is deels ook gekoppeld aan het vraagstuk van mantelzorg. Deze doelgroep is van alle doelgroepen verreweg de meest omvangrijke en meest impactvolle doelgroep. Op basis van onze databronnen moeten de genoemde doelgroepen dan ook nadrukkelijk naar voren komen in een vervolg.

1.5.2 Beweging richting (langer) zelfstandig wonen in de wijk en het geven van benodigde zorg in de eigen woning We constateren dat meerdere doelgroepen een soortgelijke beweging doormaken. Steeds meer zorg en ondersteuning wordt extramuraal georganiseerd. Door met name de dubbele vergrijzing waarbij er niet alleen meer ouderen zijn, maar deze groep ook nog eens van hoge leeftijd is, neemt de vraag naar intramurale woonvoorzieningen toe. Landelijk beleid is erop gericht om het aantal beschikbare geclusterde plekken waar deze zwaardere vormen van intramurale zorg (Wlz) die dan soms nodig is te kunnen leveren, niet uit te breiden. Daarnaast speelt hier de trend om zorg en het wonen van elkaar los te koppelen. De zorg wordt dan geleverd in pakketvorm (volledig pakket thuis of modulair pakket thuis) en men betaalt apart voor het (geclusterde) wonen. Steeds meer zorg zal ook in de thuissituatie en niet in een geclusterde setting geleverd gaan worden. De zorg in de grotere woon-zorgcentra zal van kortere duur zijn, hoog specialistisch zijn en intensieve zorg betreffen, omdat men laat instroomt door het zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen. Deze trend binnen de professionele zorg sluit aan op de maatschappelijke trend dat inwoners tot op hogere leeftijd actief blijven en zo lang mogelijk zelf de regie over hun leven willen behouden en zelfstandig willen blijven wonen.

12

Inwoners met een verstandelijke beperking en/of psychische kwetsbaarheid willen ook graag zo gewoon mogelijk leven en wonen: in een woning in de wijk. Zorg moet anders worden georganiseerd om blijvend te kunnen voldoen aan ondersteuning van de meest kwetsbare inwoners binnen de samenleving. Het leren zelfstandig te wonen wordt daarom steeds belangrijker. Dat gaat vanuit de jeugdzorg vaak met een tussenstap: via beschermd wonen is beschut wonen of zelfstandig wonen (soms met ambulante Wmo ondersteuning) op den duur mogelijk. Belangrijk is dat inwoners deze laatste stap ook kunnen maken en dat er goedkopere sociale huurwoningen om deze stap mogelijk te maken. Dit heeft tweeledig impact op de relatie tussen wonen en zorg: • Kleine woningen en betaalbare woningen Vanuit woonperspectief is het wenselijk dat het woonaanbod meer ingericht wordt op een en of twee persoonshuishoudens. Veel ouderen willen op den duur kleiner wonen. Ook denkt een deel aan het met anderen bij elkaar wonen om er voor elkaar te zijn en elkaar ondersteuning te geven. In deze woningen moet de professionele zorg die op den duur nodig is op een zo efficiënt mogelijke manier geleverd worden. Want zorgpersoneel zal schaars zijn en de zorgkosten hoog. Veel inwoners met een verstandelijke beperking en/of psychische kwetsbaarheid maken de stap naar zelfstandig wonen als eenpersoonshuishouden.

Vaak is het inkomen niet hoog, dus de woning moet betaalbaar zijn. • Voorzieningenniveau Tegelijkertijd vraagt de omgeving van inwoners met een zorgbehoefte om componenten in die omgeving die ondersteunend kunnen werken. Denk hierbij aan plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en waar nabuurschap opgebouwd kan worden. Waar dicht bij huis gerecreëerd kan worden en gesport. Waar een goede looproute naar voorzieningen is zodat iedereen zo lang mogelijk zelf de boodschappen kan doen en waar het ook in geval van hitte nog goed toeven is. Waar professionele ondersteuning in de woning gegeven kan worden als dat nodig is. Waar de mantelzorg geleverd kan worden zonder dat overbelasting ontstaat. Inwoners moeten ervaren dat zij eigen regie hebben in het organiseren van het eigen welzijn. Inwoners hebben vrijheid om keuzes te maken die passen bij hun behoeftes. Familie en naasten dragen in belangrijke mate bij aan die eigen keuzes. Daarom is het belangrijk om de juiste voorzieningen te organiseren in de nabijheid van de verschillende doelgroepen.

1.5.3 Doorstroming Het is een open deur, maar vanuit meerdere doelgroepen zien we dat er te weinig passend aanbod in wonen beschikbaar is. Het is relevant om te vermelden binnen de uitgangspunten van het hoofdstuk zorg, omdat we zien dat door het ontbreken van passend woonaanbod, problematiek escaleert. Denk hierbij aan problematiek die escaleert wegens het ontbreken van passend woonaanbod (instroom) of het niet kunnen uitstromen vanuit meer beschermende vormen van zorg (uitstroom). De gemeente is hier niet enkel en alleen bepalend in. Het gaat om een breed speelveld tussen verschillende ketenpartners. Partijen rondom wonen, partijen rondom zorg, partijen rondom leefbaarheid/welzijn en de overheid zijn hier allemaal in nodig. Daarom is het belangrijk om ook op regionale tafels met ketenpartners in gesprek te blijven over de specifieke doelgroepen en het vervolg in wonen en zorg. Lokaal kunnen we scherper afspraken maken met deze ketenpartners en in verbinding met elkaar concrete afspraken maken over genoemde doelgroepen. Niet alleen qua aanvankelijke plaatsing, maar ook qua doorstroming.

13

1.5.4 Mismatch vraag en aanbod intramurale zorg Wat we verder zien is dat we veel intramuraal aanbod hebben, maar dat dit in de komende decennia niet passend gaat zijn voor de specifieke doelgroepen. Bij twee doelgroepen komt dit nadrukkelijk naar voren: • Ouderen Bij ouderen zien we nadrukkelijk dat er een grote behoefte bestaat om in andere voorzieningen te wonen en te leven. Zelfstandig maar wel geclusterd. Dat sluit aan op de trend in de professionele zorg dat meer zware zorg ook in de thuissituatie geleverd gaat worden. De woningen die dit mogelijk moeten maken, zijn echter nog onvoldoende beschikbaar. Daarmee ontstaat een spanningsveld tussen het kunnen leveren en financieren van de zorg die nodig is. • Inwoners met een verstandelijke beperking en/of psychische kwetsbaarheid Inwoners met een verstandelijke beperking en/of psychische kwetsbaarheid hebben vaak onvoldoende inkomen om de huidige beschikbare koopwoningen te betalen. Sociale huurwoningen zijn schaars, waardoor het zelfstandig kunnen gaan wonen niet mogelijk is. Inwoners stagneren hierbij in hun ontwikkeling en de zorgkosten blijven hoger dan nodig.

1.5.5. Inwoners aan zet Stijgende zorgkosten en een gebrek aan personeel om aan de toenemende zorgvraag te voldoen maken dat wonen, welzijn en zorg beter op elkaar afgestemd moeten worden. Zo lang mogelijk gezond blijven wordt steeds belangrijker. De inrichting van de openbare ruimte kan hier een bijdrage aan leveren. Maar ook de aanwezigheid van sportverenigingen en ontmoetingsmogelijkheden om samen zinvol bezig te zijn en naar elkaar om te kijken. Woonzorginitiatieven en de inrichting van de leefomgeving kunnen ondersteunend werken in het leveren van een bijdrage aan deze manier van kijken. Binnen onze gemeente kunnen we nog nadrukkelijker de verbinding zoeken tussen de verschillende thema’s om de leefbaarheid en de kracht van inwoners te versterken. We willen de energie in de dorpen benutten. Zij hebben veel organiserend vermogen en daarop willen wij als gemeente aansluiten, maar ook willen we de omgeving zo inrichten dat inwoners in staat worden gesteld om naar elkaar om te zien. Al deze afzonderlijke ontwikkelingen vragen wat van onze inwoners. We moeten toewerken aan bewustwording bij alle betrokkenen. Men moet eerst begrijpen ‘waarom’ er een verandering nodig is in de zorg. Dit vraagt om samenwerking en afstemming tussen inwoners en gemeente.

1.5.6. Relatie tussen regio en lokale gemeente Ook al is het belangrijk om zo lokaal mogelijk invulling te kunnen geven aan de woon/zorgwens van onze inwoners, ook over de grenzen heen kijken is belangrijk. Zoals u kunt lezen in het eerste hoofdstuk, wordt vanuit regionaal perspectief ook gewerkt aan een Woonzorgvisie. De verwachting is dat deze primair ingericht wordt rondom de doelgroep ouderen. Daarnaast werken wij regionaal aan de doorontwikkeling van het steeds meer lokaal vormgeven van de huisvesting van inwoners met een psychische kwetsbaarheid. Bij beide doelgroepen is het belangrijk dat er een dekkend zorglandschap is voor de inwoners die dat nodig hebben. Daarnaast moeten er voor inwoners met een specifieke ondersteuningsvraag regionaal mogelijkheden zijn om deze ondersteuning te krijgen, zodat ook zij zoveel mogelijk in de Achterhoek kunnen blijven wonen. Daarnaast moet het lokale zorgaanbod ook passen bij de vraag van de inwoners van de gemeenten. Het toenemende belang van het eigen netwerk bij het zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen, wordt steeds belangrijker. En niet alleen bij het zelfstandig wonen. Ook als inwoners in een woon-

14

zorgcentrum wonen, speelt het netwerk een steeds grotere rol bij het zo ‘normaal’ mogelijk blijven wonen. Ook de mogelijkheid van het kunnen leveren van (medische) ondersteuning moet betrokken worden. Wooninitiatieven waarbij de medische ondersteuning die nodig is voor de bewoners niet of onvoldoende geleverd kan worden, dragen niet bij aan de kwaliteit waar wij voor willen staan. Samenwerking over gemeentegrenzen heen, met het medisch domein, de verpleegsector en de woningcorporaties zal dus steeds belangrijker worden. Hoe we hier mee omgaan werken we nader uit in een afwegingskader.

15

2. WONEN In het voorgaande hoofdstuk hebben we nader bekeken welke ontwikkelingen en trends we zien binnen de domeinen Zorg en Sociaal. In dit hoofdstuk willen we inzoomen op de verschillende ontwikkelingen binnen het perspectief Wonen. Inleiding Woonvisie Op 4 juli 2023 heeft de gemeenteraad de Woonvisie 2023-2027 voor Oost Gelre vastgesteld. De Rijksoverheid heeft de landelijke woondeal vastgesteld. Deze is vertaald in de regionale woonagenda. Hieruit is de lokale woonvisie voor Oost Gelre ontstaan in samenwerking met andere gemeenten in de regio. In de vastgestelde woonvisie zijn de volgende ambities opgenomen specifiek voor de gemeente Oost Gelre: 1. Ambitie 1: Meer woningen bouwen 2. Ambitie 2: Meer variatie in woningen 3. Ambitie 3: Duurzaamheid, natuur en klimaat De visie geeft richting aan de doorontwikkeling van de behoeften en het gekoppelde aanbod. Hieronder volgt een opsomming van de verschillende dimensies die relevant zijn voor onze Woonzorgvisie.

2.2 Aanbod 2.2.1 Welke vormen zijn er? Op basis van de huidige Woonvisie kennen we de drie ontwikkelingen: − 1/3 sociale huur − 1/3 betaalbare koop (waarvan €250.000 goedkope tot €355.000 betaalbare koop) − 1/3 vrije sector • Koop: Goedkoop: <€250.000 Betaalbaar: <€355.000 Vrij/duur: >€355.000 • Huur: Sociaal: Midden: Vrij:

<€879,66 >€879,66; <€1123,13 >€1123,13

145 punten 186 punten

Daarbij is het belangrijk om te vermelden dat een puntensysteem geïmplementeerd wordt binnen de huursector om zo een meer gelijkwaardige verdeling te krijgen van vraag en aanbod binnen de huursector. Want niet alleen binnen de sociale huur, maar ook binnen de particuliere huurmarkt dwingt de Wet betaalbare huur via het WoningWaarderingsStelsel (WWS) om kaders te stellen. Het WWS bestaat al voor het lagere huursegment. Dit zijn woningen tot circa 145 punten, vaak sociale huurwoningen. Met de uitbreiding van het puntensysteem gaat de huurprijsbescherming gelden voor woningen tot en met 186 punten. o 186 punten komt op dit moment overeen met € 1.021,02. De prijs bij dit puntenaantal wordt jaarlijks geïndexeerd met inflatie en zal bij inwerkingtreding van de wet op 1 juli 2024 € 1.123,13 zijn.

16

Verder zijn er een aantal ontwikkelingen die relevant zijn die de noodzaak benadrukken om te komen tot andere vormen van wonen: • Kleine huishoudens We zien een groei van 1 a 2 persoonshuishoudens. Dit dwingt ons om na te denken over het te realiseren woonaanbod en de verdeling die we maken in de toevoeging die we willen doen op onze portefeuille. Dit heeft te maken met de toename van echtscheidingen, alleenstaande ouderen, alleenstaande nieuwkomers etc. • Toename oudere huishoudens Er heerst vergrijzing in Nederland en met name in de Achterhoek (en dus ook in Oost Gelre) is er sprake van dubbele vergrijzing. Een toename in aandeel ouderen vraagt om specifieke interventies op het gebied van wonen en zorg. Er komen echter steeds minder plekken beschikbaar voor ouderen om door te stromen naar een geschikte ouderenwoning. Dit belemmert de doorstroming, dus ouderen blijven in grote huizen zitten. Ook leidt dit ertoe dat ouderen ‘verplicht’ langer thuis blijven wonen. De landelijke trend is dan ook om ouderen te emanciperen om zelf het heft in handen te nemen om hun woning toekomstbestendig te maken, zoals levensloopgeschikt of zorggeschikt. Interventies in de toekomst moeten dus niet alleen bijdragen aan het vergroten van aanbod, maar ook de doorstroming in het huidige aanbod bevorderen.

• Veranderingen in de zorg Wat het vorige hoofdstuk ook laat zien is dat het huidige zorglandschap niet duurzaam kan blijven bestaan. Toegerust zijn op de toekomst vraagt aanpassingen in hoe we georganiseerd zijn rondom wonen en zorg. Doordat de zorg in de huidige vorm niet meer geleverd kan worden, maar mensen wel zorgbehoeftig zijn, moeten hier andere interventies gepleegd worden. Deze interventies komen voornamelijk vanuit de inwoners zelf en hun omgeving. Het geeft een grotere druk op zelfbeschikking, participatie en verantwoordelijkheid bij de inwoners en omgeving. Daarnaast zorgen deze veranderingen ervoor dat er extra druk op het woonlandschap komt te staan. De zwaardere zorg die vroeger in een zorgcentrum gegeven werd, moet tegenwoordig thuis geleverd kunnen worden. En hier moet de woning en de omgeving geschikt voor zijn. Hierdoor wordt het ‘zorgvraagstuk’ een ‘woon-en omgevings-vraagstuk’. Dit vraagt een meer sociaal inclusieve en geëmancipeerde woon- en leefomgeving. Momenteel is onze woningvoorraad hier niet tegen bestand:

Dit vraagt een nieuwe blik naar nieuwe woonvormen in ons woonlandschap waar de nadruk ligt op collectieve woonconcepten, het creëren van een geschikte leefomgeving en daarbij een nieuwe wooncultuur.

17

2.2.1. Onze portefeuille/ wat hebben we al? Binnen de gemeente beginnen we natuurlijk niet op nul. We kennen al een behoorlijke voorraad als het gaat om woningen en de verschillende typen in deze voorraad. Deze ziet er als volgt uit op basis van onze cijfers van 2023: Aantallen Jaar Beginstand Nieuwbouw Sloop Overige + Overige Correctie Saldo Eindstand

2022 12983 151 16 20 6 1 150 13133

2023 13133 127 6 54 10 0 165 13298

Verdeling woningtype gehele voorraad

Plaatsing van typen op kaart Oost Gelre

18

In 2022 is de woondeal van start gegaan. Oost Gelre bouwt gemiddeld 140 woningen per jaar om te voldoen aan ambitie om 1265 woningen te bouwen. In 2022 hebben we volgens de data van het CBS 150 woningen toegevoegd aan ons woonbestand. Welk type woningen dat zijn geweest, is helaas niet duidelijk. • Prijsontwikkeling koopsommen De volgende tabel laat de prijsontwikkeling van de koopsommen van huizen zien. En dit is met name interessant voor de geplande nieuwbouw in onze gemeente.

We komen van een periode van krimp met minimale uitbreidingsmogelijkheden. Hierdoor is er voornamelijk op grote percelen in de vrije sector gebouwd. Met het 1/3 verdeelsysteem gaat dit niet meer op. Waar een huis in 2016 gemiddeld €205.581 was, kostte het in 2023 gemiddeld € 342.022 euro. Deze prijsontwikkeling hoeft niet problematisch te zijn als dit aansluit op de behoefte van de inwoners. De vergelijking maken tussen de wensen en de behoeften van de inwoners is complex. Wanneer dit duidelijk wordt, kunnen we gerichter sturen op het woningaanbod en weten we aan welke knoppen we kunnen draaien om de koers in de gewenste richting te duwen. • Grootte huishoudens Oost Gelre Figuur 9 is een cirkeldiagram dat het aandeel per categorie huishoudens laat zien.

Het CBS maakt een verschil tussen 1 persoons, 2 persoons, 3 persoons, 4 persoons en 5 of meer persoons huishoudens. Wat opvalt in het cirkeldiagram is dat het 2 persoons huishouden met 38% de grootste categorie is en 1 persoon huishouden met 30% de runner up; samen 68%. De overige 32% is 19

voor grotere huishoudens vanaf 3 personen. Het zwaartepunt van huishoudens in Oost Gelre ligt dus bij de kleinere huishoudens. Dit is in lijn met de landelijke trend dat er meer kleine huishoudens zijn. De verwachting is dat dit nog verder uiteen gaat lopen door vergrijzing en door de komst van nieuwkomers. De vraag is of de woningvoorraad aansluit op de behoefte van 1 en 2 persoons huishoudens. • Type woningen binnen de gemeente Wat we ook weten in onze planvoorraad is welke type woningen er in de gemeente aanwezig zijn.

Waar deze precies aanwezig zijn – verhouding per kern bijvoorbeeld – weten we niet. Dit valt verder uit te zoeken, maar valt samen met de vraag voor scherper inzicht in data (zie daarvoor ook hoofdstuk 5). Er wordt onderscheid gemaakt tussen grondgebonden woningen en appartementen. De verhouding appartementen – grondgebonden woningen is 7.7% om 92.3% in het voordeel van grondgebonden woningen. Dit betekent dus dat er weinig appartementen in de huidige woningvoorraad zitten van Oost Gelre. Daarnaast is het merendeel van de appartementen een huurwoning. Grondgebonden woningen in onze gemeente zijn tussenwoningen, hoekwoningen, tweeonder-1-kap en vrijstaande woningen. In onze gemeente is de grootste categorie 2/1 kapwoningen, daarna vrijstaande woningen, daarna tussenwoningen en tot slot appartementen. De verhouding huur – koop is 26% om 74%. Op basis van de huidige WOZ-waarden weten we dat de verdeling er als volgt uit ziet:

20

huidige woningvoorraad obv WOZ

koop huur

aantal percentage percentage huur 2261 17 4082 31 3535 27 188 1 1248 9 39 1984 15 61 13298 100

goedkoop betaalbaar duur onbekend (1%) sociaal (corporatie) particulier (prijs onbekend) totaal

2.2.3 Wat doen we nu al? • Goede afspraken regio Het samenwerkingsverband rondom wonen, de thematafel Wonen, is een constructieve samenwerking waar regionale afspraken worden gemaakt. Dit geeft richting. Zo zijn er bijvoorbeeld afspraken gemaakt over betaalbaarheid--> N.B betaalbaarheidsgrens €355.000 in plaats van €390.000 in 2024 en zijn we aangesloten bij regiokenniskring flexwonen. Daarnaast maken we goede afspraken met ketenpartners. Zo hebben we op basis van de nieuwe prestatieafspraken cyclus met Prowonen en de Woonplaats afspraken gemaakt over: − Toevoeging van 1/3e sociale huur o Waaronder +/- 65 woningen Oude Papendijk − Grootschalig verduurzamingsproject HAT eenheden Groenlo • Lopende projecten ‘t Flierbos, Oude Papendijk Er zijn verschillende projecten binnen de gemeente die een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van onze woningvoorraad. Daarin zien we steeds meer integrale samenwerking tussen het ruimtelijke en sociale domein. Bijvoorbeeld: binnen de realisatie van het ‘t Flierbos is rekening gehouden met een derde voor aanbod sociale huur en het realiseren van het project met een groene inclusieve wijk. Ook de Oude Papendijk is een grootschalig woningbouw project binnen Oost Gelre waar vanuit een integraal perspectief gewerkt wordt aan de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk. Aandacht voor

21

ontmoeten en laagdrempelig contact tussen inwoners wordt meegenomen in het nadenken over beide projecten. • −

− − − − − −

Beleidsontwikkeling: Grondprijzen (starterslening, starterskorting etc.) status quo o Van situationeel grondbeleid naar actief grondbeleid? --> Nadenken over positie, identiteit in relatie tot markt. Ontwikkelen strategische agenda. Strategie ontwikkelen voor afhechting woningbouw (speculatiebedinging, opkoopbescherming etc.) Woonconcepten (voorbeeld flex) Duurzaamheidskader (kaarten Tauw) Woningsplitsing buiten de kern en binnen de kern Kamergewijze verhuur Meldpunt goed verhuurderschap - Vergunningstelsel verhuur o.b.v. WWS

• Leefbaarheid staat op de agenda Er lopen meerdere participatietrajecten binnen de gemeente die de leefbaarheid in de wijken vergroten. Denk hierbij aan de ontwikkelingen binnen het Hooiland. In de prestatieafspraken met ProWonen is afgesproken dat we jaarlijks een wijkschouw organiseren met de huurdersvereniging en ProWonen. We kijken tijdens die wijkschouw naar de goede en verbeterpunten in de wijk om de leefbaarheid te vergroten. Daarnaast is er voor de kleine kernen een adviseur leefbaarheid aangesteld om de leefbaarheid in de kleine kernen te versterken. • Premantelzorgbeleid Ons premantelzorgbeleid is vastgesteld en dit beleid gaat ons helpen in het bevorderen van de nabijheid van mantelzorg bij inwoners die dit nodig hebben. • Relatie inwoners We zien steeds vaker dat inwoners de gemeente weten te vinden voor het ontplooien van initiatieven. In de praktijk zien we dat niet elke aanvraag gehonoreerd wordt, maar we denken mee en werken steeds meer via de geest van de Omgevingswet (we gaan van ‘nee, tenzij’…, naar ‘ja, mits’…). • Subsidieregelingen voor bevorderen thuis wonen Binnen onze gemeente kennen we al langer verschillende subsidiestromingen die langer thuis wonen kunnen bevorderen. Denk bijvoorbeeld aan subsidieverstrekking voor het levensloopgeschikt maken van woningen of subsidieverstrekking voor het verduurzamen van woningen.

• Ontwikkeling dashboards De urgentie voor het realiseren van woningaanbod is hoog. Om hier gericht op te interveniëren zijn verschillende informatievoorzieningen opgebouwd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het dashboard wonen, de projectenkaart of andere voorzieningen die op kaartniveau geplot kan worden. Dit kan steeds verder uitgebouwd worden, maar het is mooi dat de urgentie gezien wordt om actief iets te doen aan onze informatievoorziening.

2.3 Uitgangspunten perspectief WONEN Om te komen tot de uitgangspunten voor het perspectief ZORG hebben we verschillende bronnen gebruikt: − −

analyse van de Woonvisie Oost Gelre 2023 – 2027; ouderen in de Regio Achterhoek, onderzoek vanuit Woondeal 8RHK; 22

− −

analyse van aangeleverde documentatie stakeholders; handreiking Woonzorgvisie VNG.

2.3.1 Behoefte aan inzicht op basis van data Binnen de gemeente Oost Gelre bestaat behoefte om op basis van inzicht scherpere keuzes te maken. We kunnen scherper stellen voor wie we bouwen, waar we willen bouwen, in welke omvang we willen bouwen en welke spreiding over de gemeente wenselijk is. Deze overwegingen gaan ons helpen om gericht ook de relatie te leggen tussen het voorzieningenniveau binnen een gebied en de woonopgave. Daarin moeten we ook de match maken met de doelgroepen die we willen huisvesten in een wijk. Er liggen kansen om ons voorzieningenniveau goed in te richten en te organiseren in afstemming met onze inwoners. Meer gericht gebruik van data kan ons helpen om meer gefundeerde keuzes te maken in samenspraak met ketenpartners. • Data in relatie tot ouderenopgave We kunnen data ook gebruiken om gerichte keuzes te maken over de toekomst. We moeten beter anticiperen op demografische ontwikkelingen in het bestaande aanbod, maar ook in doorstroming in toekomstig aanbod. Dit wordt concreet zichtbaar in het huisvestingsvraagstuk voor onze ouderen. Hoe hard Oost Gelre vergrijst is te zien in de tabel. Over 20 jaar is ten minste 54% van onze inwoners ouder dan 65 jaar. Doordat de trend in de zorg naar zelfredzaamheid doorzet, is het van belang dat de ouder wordende bevolking zo lang mogelijk thuis kan blijven wonen.

Dit betekent voornamelijk zo gelijkvloers mogelijk wonen in onderhoudsvriendelijke woningen, in een veilige omgeving dichtbij voorzieningen. Dit laatste vormt in ons landelijke gebied een uitdaging. Ons woningaanbod is momenteel nog niet geschikt om de vergrijzingsgolf aan te kunnen. Ons aanbod moet hier dus op ingericht worden.

Wat de ouderenopgave duidelijk naar voren brengt is dat we wonen willen koppelen aan levensfase. De ouderenopgave maakt expliciet dat het brede spectrum van wonen aan moet sluiten bij de zorgvraag van mensen. Uiteindelijk vraagt dit om doorstroming en beweging binnen het gehele aanbod van wonen om afhankelijk van de levensfase van mensen, passend te wonen. Dit vraagt om het realiseren van aanbod om doorstroming te bevorderen en het beter koppelen van vraag en aanbod. Dit kan de gemeente niet alleen, maar vraagt om interventies van de gemeente in samenwerking met ketenpartners.

2.3.2 Visievorming op de gemeente over 20 jaar Wat we zien is dat er op dit moment ruimte ligt in het strategische handelen rondom wonen en zorg. Het strategisch omgaan met het vraagstuk rondom wonen en zorg vraagt op een aantal plekken in onze (beleids)organisatie om keuzes en richting. • Visie op kleine kernen Strategische keuzes over wonen en zorg raken ook onze visie op de kleine kernen. Wanneer het uitgangspunt nabijheid van zorg is, moet dit aansluiten op het aanbod van wonen. Tot op heden zijn nog geen strategische doelstellingen of visies geformuleerd op hoe wij wonen en zorg lokaal in de kleine kernen willen vormgeven. (Bestuurlijke) richting gaat ons helpen in het gerichter vormgeven van een dekkend landschap rondom wonen en zorg. 23

• Visie op groei/krimp binnen gemeente Een belangrijk uitgangspunt voor een woonzorgvisie is of we demografisch uitgaan van groei of krimp. Dit raakt zowel de kwaliteit als de kwantiteit van te bouwen woningen. Want als we een bepaalde hoeveelheid woningen moeten bouwen, hoe moeten die er dan uit zien en voor wie bouwen wij die woningen dan precies. Het CBS voorziet ons jaarlijks van cijfers over onze demografische ontwikkeling, maar deze laten tot op heden geen eenduidig beeld zien over groei of krimp. Binnen de gemeente Doetinchem is de ambitie uitgesproken om te groeien tot een specifiek inwonersaantal in een specifiek jaartal (70.000 inwoners in 2036, huidige aantal inwoners 59.000). Deze gerichte ambitie helpt de gemeente Doetinchem om gericht interventies in te zetten die passend zijn bij deze ambitie. Een dergelijke uitspraak over de ambitie in Oost Gelre kan helpend zijn in het realiseren van interventies en afspraken. • Definities woonconcepten Het formuleren van scherpere beleidskaders gaat ons helpen om hier definities van woonvormen aan te koppelen. Hieronder vindt u een overzicht van een aantal definities:

Wat er precies onder zorggeschikt wordt verstaan is nog onduidelijk. Daarnaast bestaat geclusterd wonen voor senioren in vele vormen en maten. Hedendaagse moderne hofjes zijn populair (zoals de welbekende Knarrenhof). Maar geclusterd wonen kan ook als gemeenschappelijk wonen, serviceflat of wonen met een plus-concept worden vormgegeven. In de praktijk is de verscheidenheid groot. Voor de nieuwbouwopgave hanteert het ministerie van BZK en VWS de definitie van tenminste twaalf woningen en een ontmoetingsruimte, bewoond door overwegend ouderen. Volgens gegevens van de woon en vastgoedmonitor (AWLO) was in 2021 ten minste 18 procent van de woningvoorraad geschikt voor mensen met een licht functiebeperking. Welke definitie zij precies hieraan koppelen moet nader worden uitgezocht. In verhouding doen de sociale woningbouwcorporaties het goed; 1/3e van hun aanbod is zorggeschikt. Met name in de koopwoningvoorraad liggen er kansen om woningen verder zorggeschikt te maken. Desalniettemin moet er een extrapolatie worden gemaakt naar de behoefte van zorggeschikt woningaanbod in de toekomst. Want hoe de verhouding is met de regionale ouderenopgave-berekening en het beschikbare aanbod in de gemeente is onbekend.

24

De prognose van de AWLO is ook dat de vraag naar geclusterde woningen enorm gaat toenemen. Volgens de data waren er in 2021 tenminste 345 geclusterde woningen beschikbaar terwijl de verwachting in 2030 is dat de vraag minimaal 1910 geclusterde woningen is. Er wordt niet gespecificeerd welke oudere doelgroep het betreft en welke zorgvraag erachter zit. Dit zal verder onderzoek moeten uitwijzen. Het werken vanuit eenduidige definities als we praten over woonconcepten gaat ons helpen om keuzes te maken in ons bestaand aanbod. Uiteindelijk zal dit ons ook helpen in de uitvoering door bijvoorbeeld te komen tot de ontwikkeling van een afwegingskader waar binnen nieuwe initiatieven beoordeeld worden. • Interventies doorstroming Zoals ook in het voorgaande hoofdstuk genoemd, is het essentieel dat er beweging ontstaat in het gehele spectrum van wonen en zorg. Dit noemen we doorstroming. Interventies die we inzetten samen met samenwerkingspartners moeten dan ook deze doorstroming bevorderen. Het is belangrijk om te realiseren dat dit gaat om communicerende vaten. De markt kan pas in beweging komen als er voldoende aanbod is, maar voldoende aanbod wordt pas gerealiseerd als scherp in kaart gebracht is welke behoeften er leven bij welke doelgroepen. Denk hierbij bijvoorbeeld heel concreet aan de ontwikkeling van huishoudensgrootte en gekoppeld inkomen binnen een gemeente.

De dynamiek van deze communicerende vaten is cruciaal om te onthouden wanneer we afspraken maken met ketenpartners over doorstroming op de markt. • Visie op de leefomgeving Binnen Oost Gelre zien we wonen en zorg niet als een losstaand thema. Inwoners wonen in een buurt, maar bewegen in- en buiten de gemeente en zijn onderdeel van de ruimte binnen de gemeente. Daarom is het belangrijk om goed de relatie te leggen met de leefomgeving van mensen. Denk daarbij aan de invloed van groen, de relatie tot infrastructuur en verkeer, energiebalans, de relatie tot water, hittestress, etc. Deze relatie is in het volgende hoofdstuk verder uitgewerkt. Bovenstaande onderwerpen vragen om nadere uitwerking en moeten in het geheel voorzien worden van een visie op wonen en zorg. Deze worden verder uitgewerkt in een uitvoeringsagenda om gericht vervolg aan te geven.

2.3.3 Samenwerking regionaal Net zoals binnen het zorg perspectief worden regionaal afspraken gemaakt over de woningbouwopgave. Deze worden gestuurd door de landelijke afspraken over het te realiseren woonaanbod. Op termijn wordt ook regionaal een Woonzorgvisie gerealiseerd die lokaal wellicht ook gaat sturen in het te realiseren aanbod voor specifieke doelgroepen. Deze is echter nog in ontwikkeling. Daarnaast wordt gewerkt aan een regionale huisvestingsverordening, maar ook deze is nog in ontwikkeling.

25

Zoals benoemd in de inleiding van deze visie willen wij niet wachten op de regionale ontwikkelingen om lokaal tot antwoorden te komen. Daarom willen we een lokale vertaling maken van de regionale doelstellingen en afspraken. Ook voor het lokale woonaanbod. Dit vraagt echter om afstemming tussen de regionale en lokale agenda. Regionale afspraken moeten lokaal passend zijn bij de bevolking en specifieke vraag om aanbod rondom wonen en zorg (inkomen, doelgroep). Dit vraagt vanuit regionaal perspectief dus ook om afspraken die op maat gemaakt worden voor de specifieke deelnemende gemeenten in de regiosamenwerking. De noodzaak tot het goed borgen van deze samenwerking tussen lokaal en regionaal perspectief wordt ook hier expliciet gemaakt in de ouderenopgaven. Ook de regio Achterhoek kent dubbele vergrijzing. Daarom wordt er vanuit de regio ingezet om het woningaanbod in te richten op de ouder wordende doelgroepen. De zorg ligt met name in de huisvesting van de toekomstige 75+ers. Tijdens regionale actietafels ouderenhuisvesting worden de regionale afspraken vertaald naar lokale afspraken. Die zijn heel concreet: waar worden welk type woningen gebouwd. De regio Achterhoek heeft een berekening gemaakt die inzet op zorggeschikte, geclusterde en nultreden woningen voor ouderen. Voor Oost Gelre geldt dat de minimale aantallen in de onderstaande tabel gehaald moeten worden.

Zorggeschikte woningen 85

Geclusterde woningen 30

Nultredenwoningen 305

Totaal ouderenhuisvesting 420

Momenteel hebben we nog geen inzicht in de ouderenopgave en wat er al gerealiseerd is. Er ligt een uitdaging om deze data boven tafel te krijgen en om een koppeling te maken naar de behoefte van de inwoners van Oost Gelre. Deze opgave maakt duidelijk hoe de voorgaande hoofdstukken met elkaar in verband staan. Inzicht in actuele data, gekoppeld aan strategische doelstellingen en visie, gaat ons helpen om zowel lokaal als regionaal te komen tot afspraken met samenwerkingspartners.

26

3. Invloed fysieke omgeving op wonen en zorg In een Woonzorgvisie hebben we het over de relatie tussen de sociale en de fysieke omgeving. Onderdeel daarvan is ook de (leef)omgeving van mensen. Niet alleen hoe zij wonen, maar ook hoe hun wijk eruit ziet, hoe gezond de omgeving is en welke voorzieningen hier in de nabijheid zijn. Daarom willen we in deze Woonzorgvisie de relatie leggen tussen de ontwikkelingen die wij zien op macroniveau en deze vertalen naar invloed binnen onze lokale context.

3.1 Klimaatverandering en vergrijzing Zoals iedereen weet is het klimaat aan het veranderen. Dit heeft gevolgen voor de gezondheid en uiteraard heeft dit ook invloed op de inwoners van de gemeente Oost Gelre. We hebben steeds extremere warme zomers, meer neerslagpieken en meer droogte. Vooral de warmere zomers zorgen voor gezondheidsproblemen bij kwetsbare doelgroepen zoals ouderen. Daarnaast hebben we ook te maken met vergrijzing. Ouderen ervaren sneller gezondheidsproblemen en daarom is het relevant om een gezond en veilig leefklimaat te kunnen bieden. Voor het bieden van een gezond leefklimaat zijn verschillende factoren van invloed. Denk hierbij bijvoorbeeld aan hittestress. Binnen de gemeente Oost Gelre lopen al verschillende initiatieven om invloed uit te oefenen op de fysieke omgeving en daarmee sociaal welzijn te vergroten. Oplossingen die een bijdrage leveren aan het voorkomen van hittestress zijn bijvoorbeeld het creëren van koelteplekken, het hanteren van de 3-30-300 methodiek (vanuit elke woning 3 bomen te zien, 30% van de openbare ruimte is beschaduwd en binnen 300 meter van een gebouw is een koelteplek te vinden) en het vergroenen van de stedelijke omgeving. Als gemeente Oost Gelre zijn wij ook aangesloten bij stichting Steenbreek om een bijdrage te leveren aan het groener maken van de omgeving.

Juist ook in participatie met inwoners om hen te betrekken en eigenaarschap te laten ervaren over de openbare ruimte. Voor een verdere uitwerking van de verschillende factoren, zie bijlage 4 (analyse leefomgeving).

3.2 Inclusieve openbare ruimte De term inclusieve openbare ruimte betekent dat de behoeften van iedereen zijn meegenomen in het ontwerp van de buitenruimte. Toegankelijkheid staat echter niet gelijk aan inclusie. Om een openbare ruimte voor iedereen inclusief te maken, dient die: • toegankelijk te zijn voor alle inwoners; • veilig aan te voelen voor iedereen; • stimulerend te zijn. Alle inwoners te inspireren om te gaan bewegen, buitenspelen en sporten; • belanghebbenden (bijv. mensen met een beperking) te betrekken bij het ontwerp ervan. De openbare ruimte is vaak nog niet inclusief ingericht voor verschillende doelgroepen. Denk hierbij aan goede toegankelijkheid voor mensen met een beperking of het dementievriendelijk inrichten van de openbare ruimte. Het is van belang om de perspectieven van mensen uit de verschillende doelgroepen mee te nemen in de planvorming van de openbare ruimte. Het is van belang om na te denken over het gebruik van materialen en inrichting in relatie tot de toegankelijkheid van de openbare ruimte. Door hier rekening mee te houden worden inwoners in staat gesteld om laagdrempelig gebruik te maken van de openbare ruimte. Door drempels te verlagen of weg te nemen zijn zij in staat om te participeren, sociaal contact te behouden/verbeteren en te recreëren en bewegen binnen onze gemeente.

3.3 Nabijheid van voorzieningen Goed bereikbare voorzieningen, zoals zorg, winkels, ontspanning en scholen, en kleine detailhandel op korte afstand van woningen, stimuleert lopen en fietsen (en zorgt daarmee voor minder autoverkeer). Mensen bewegen daardoor meer. Het is dan wel belangrijk dat loop- en fietsroutes fijnmazig, direct, aantrekkelijk en (verkeers)veilig zijn en dat er geen barrières zijn zoals spoorlijnen of drukke wegen. Het is noodzakelijk dat de dagelijkse voorzieningen bereikbaar zijn via aantrekkelijke en veilige routes met voldoende rustplekken voor ouderen en andere kwetsbare groepen. Functiemenging bevordert daarnaast de sociale cohesie doordat mensen in de buurt elkaar ontmoeten. Dit houdt de buurt levendig. Veiligheid, sociale cohesie en comfort zijn belangrijk voor verschillende doelgroepen. Woonkenmerken als gezamenlijke faciliteiten, een eigen parkeerplaats, een kleinschalig wooncomplex, nabijheid van winkels en het openbaar vervoer doen het woongenot voor hen toenemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15103240/1