bp laarberg noord 2 toelichting plan mer
Tekst van het document
Er zijn geen woningen meer met een geluidbelasting hoger dan 60 dB(A). 35 woningen overschrijden de 55 dB(A). Voor 71 woningen geldt dat de geluidbelasting op de gevel hoger is dan 50 dB(A). Dit is een groei van 50 woningen ten opzichte van de huidige situatie. Ook hiervoor geldt de eerder aangegeven kanttekening bij het BAG, echter wel in (veel) mindere mate. Effect verkeersaantrekkende werking Wanneer de geluidbelasting vanwege de verkeersaantrekkende werking als gevolg van de aanleg van Laarberg II, blijkt dat de voorkeursgrenswaarde bij diverse woningen langs de Deventerkunstweg wordt overschreden, maar dat de geluidbelasting niet hoger is dan de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting.
Gebiedsonderneming Laarberg B.V./PlanMER Structuurvisie uitbreiding regionaal bedrijvenpark Laarberg 30 augustus 2013, versie definitief MD-DE20130168 - 93 Openbaar
HaskoningDHV Nederland B.V.
Relatief beschouwd neemt de geluidbelasting echter maar met 1 dB toe ten opzichte van de referentiesituatie. De geluidbelasting neemt bij woningen aan de Deventer Kunstweg in zuidelijke richting toe van een niveau van 59 dB in de huidige situatie naar 60 dB in de autonome situatie inclusief Laarberg II. In noordelijke richting is dit een toename van 63 dB naar 64 dB. Een verschil van 1 dB is voor mensen niet waarneembaar. De indeling van het terrein Laarberg II volgens de worst-case benadering is niet zondermeer akoestisch inpasbaar (woningen binnen 60 dB(A) contor). Ook komt een aanzienlijk aantal woningen te liggen binnen de 50 dB(A) contour). Het effect van alternatief 1 wordt zonder mitigerende maatregelen beoordeeld als zeer negatief (- -). Wanneer de categorie 5.1 bedrijven dezelfde geluideisen opgelegd krijgen als categorie 4.2 bedrijven, is de geluidbelasting bij de woningen in de omgeving lager dan de ten hoogst toelaatbare grenswaarde en past het voornemen binnen de wettelijke kaders. Dit is het uitgangspunt voor alternatief 2 (zie hoofdstuk 6). De initiatiefnemer en de gemeente kunnen in de hierna volgende procedures nadere afwegingen maken ten aanzien van randvoorwaarden en de terreinindeling preciezer definiëren.
5.10
Externe veiligheid
5.10.1
Referentiesituatie Relevante risicobronnen 17 Een risicobron is relevant wanneer het invloedsgebied van de risicobron over het plangebied valt . Op 18 basis van de risicokaart is onderzocht welke risicobronnen relevant zijn voor het plangebied. In de omgeving van het plan zijn de volgende risicobronnen aanwezig: 1. Hogedruk aardgastransportleiding A-579. 2. Hogedruk aardgastransportleiding A-628. 3. LPG tankstation ‘De Haan Minerale Olien’. 4. Transport van gevaarlijke stoffen over de N18. 5. Gasdrukregel- en meetstation Groenlo. 6. Gasdrukregel- en meetstation Beltrum. 7. De Beek Eibergen (propaantank). 8. Het Eibernest (propaantank). 1. Hogedruk aardgastransportleiding A-579-KR-028 In het zuidelijk deel van plangebied bevindt zich de aardgastransportleiding A-579. Het is een leiding met een druk van 66.2 bar en een diameter van 36 inch. De leiding valt onder het Bevb. Het invloedsgebied 19 van deze leiding reikt tot 430 meter van de leiding . Aangezien de leiding in het plangebied ligt, is deze aardgastransportleiding relevant vanuit het oogpunt van externe veiligheid voor het plangebied. 2. 17
Hogedruk aardgastransportleiding A-628 Het invloedsgebied is het gebied waarin personen worden meegeteld voor de berekening van het groepsrisico. Over
het algemeen komt dit overeen met het gebied tot aan de 1% letaliteitsgrens. 18 19
Bron: www.nederlandprof.risicokaart.nl, geraadpleegd op 18 augustus 2013. Brief Gasunie ‘eisen omgevingsdata in het kader van groepsrisicoberekeningen bij ruimtelijke ontwikkelingen’ revisie
4, 2009. 30 augustus 2013, versie definitief Gebiedsonderneming Laarberg B.V./PlanMER Structuurvisie uitbreiding regionaal bedrijvenpark Laarberg - 94 MD-DE20130168 Openbaar
HaskoningDHV Nederland B.V.
In het zuidelijk deel van plangebied bevindt zich de aardgastransportleiding A-628. Het is een leiding met een druk van 66.2 bar en een diameter van 36 inch. De leiding valt onder het Bevb. Het invloedsgebied 19 van deze leiding reikt tot 430 meter van de leiding . Aangezien de leiding in het plangebied ligt, is deze aardgastransportleiding relevant vanuit het oogpunt van externe veiligheid voor het plangebied. 3. LPG tankstation ‘De Haan Minerale Olien’ Op 515 meter van het plangebied bevindt zich het LPG tankstation ‘De Haan Minerale Olien’. Op basis van de REVI geldt voor LPG-tankstations een invloedsgebied van 150 meter rondom de LPG-installaties. Het plangebied valt hier buiten. Het LPG tankstation ‘De Haan Minerale Olien’ is derhalve niet relevant vanuit het oogpunt van externe veiligheid voor het plangebied. 4. Transport van gevaarlijke stoffen over de N18 Op 400 meter ten oosten van het plangebied bevindt zicht de N18. Uit gegevens van de DVS blijkt dat 20 over de N18 gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg valt onder de Circulaire RNVGS. Het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg valt onder de Circulaire RNVGS. Het invloedsgebied van de N18 wordt bepaald door het vervoer van brandbare gassen en 21 bedraagt 355 meter. Het plangebied bevindt zich hier buiten.
Het vervoer van gevaarlijke stoffen over de N9 is daarom niet relevant vanuit het oogpunt van externe veiligheid voor het plangebied. 5. Gasdrukregel- en meetstation Groenlo Op ongeveer 750 meter ten westen van het plangebied bevindt zicht de gasdrukregel- en meetstation Groenlo. Deze inrichting valt niet onder het Bevi en is derhalve niet relevant vanuit het oogpunt van externe veiligheid voor het plangebied. 6. Gasdrukregel- en meetstation Beltrum Op ongeveer 750 meter ten westen van het plangebied bevindt zicht de gasdrukregel- en meetstation Beltrum. Deze inrichting valt niet onder het Bevi en is derhalve niet relevant vanuit het oogpunt van externe veiligheid voor het plangebied. 7. De Beek Eibergen Op meer dan 1000 meter ten noorden van het plangebied bevindt zicht de inrichting ‘De Beek Eibergen’. 3. Deze inrichting heeft inrichting heeft een bovengrondse propaantank met een inhoud van 3 m 3 Propaantanks met een inhoud vanaf 13 m vallen onder het Bevi. Aangezien de propaantank van de 3 inrichting De Beek Eibergen kleiner is dan 13 m valt deze inrichting niet onder het Bevi. Derhalve is deze inrichting niet relevant voor het plangebied vanuit het oogpunt van externe veiligheid. 8. Het Eibernes Op meer dan 1000 meter ten noorden van het plangebied bevindt zicht de inrichting ‘Het Eibernest. Deze 3.
inrichting heeft inrichting heeft een bovengrondse propaantank met een inhoud van 8 m Propaantank met 3 een inhoud vanaf 13 m vallen onder het Bevi. Aangezien de propaantank van de inrichting het Eibernest 3 kleiner is dan 13m valt deze inrichting niet onder het Bevi. Derhalve is deze inrichting niet relevant voor het plangebied vanuit het oogpunt van externe veiligheid.
20
Tellingen gevaarlijke stoffen 2006/2007
21
Bron: concept Handleiding risicoanalyse transport van 1 november 2011 en opgesteld door het Ministerie van
Infrastructuur en Milieu. Gebiedsonderneming Laarberg B.V./PlanMER Structuurvisie uitbreiding regionaal bedrijvenpark Laarberg 30 augustus 2013, versie definitief MD-DE20130168 - 95 Openbaar
HaskoningDHV Nederland B.V.
Conclusie Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat de volgende risicobronnen relevant zijn voor het plangebied: – Hogedruk aardgastransportleiding A-579; – Hogedruk aardgastransportleiding A-628. Plaatsgebonden risico De Regio Achterhoek heeft voor het buitengebied Oost Gelre kwantitatieve risicoanalyses uitgevoerd van 22 de hogedruk aardgastransportleidingen. Uit deze berekeningen blijkt dat de leidingen A579 en de A-628 -6 geen 10 contour hebben. Daarmee wordt in de huidige situatie voldaan aan de eisen die het Bevb stelt aan het plaatsgebonden risico. Groepsrisico Uit de kwantitatieve risicoanalyses uitgevoerd de door de Regio Achterhoek kan worden opgemaakt dat het groepsrisico van beiden leidingen kleiner is dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. Voor de A-579 is het groepsrisico 0,054 maal de oriëntatiewaarde en voor de A-628 0,064 maal de oriëntatiewaarde. Zie onderstaande figuren voor de bijbehorende fN-curve. Afbeelding 5-21 fN-curve A-6796
22
Bron: rapportage ‘Risicoberekening hogedruk aardgastransportleiding’ van 12-4-2012 en opgesteld door de Regio
Achterhoek. 30 augustus 2013, versie definitief Gebiedsonderneming Laarberg B.V./PlanMER Structuurvisie uitbreiding regionaal bedrijvenpark Laarberg - 96 MD-DE20130168 Openbaar