bp hof aan de dijkstraat
Tekst van het document
Afbeelding 16: Uitsnede uit de kaart met Archismeldingen met het plangebied in het rode kader (Archis 3).
20
Corver 2008. Van Benthem 2006. 22 https://archis.cultureelerfgoed.nl/zoekenenvinden/#/zaak/search/(zaak:(fields:(zaakidentificatie:'2813813100'))). 23 https://archis.cultureelerfgoed.nl/zoekenenvinden/#/zaak/search/(zaak:(fields:(zaakidentificatie:'2898962100'))). 21
©
22 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
en dat de huidige gebouwen onderkelderd zijn. Dit betekend dat het deel van het plangebied dat bebouwd is, volgens de beleidsambtenaar van gemeente Oost ‘Gelre volledig verstoord is. De rest van het plangebied is nooit bebouwd geweest dus de kans is aanwezig dat er nog archeologische resten aanwezig zijn binnen dat deel van het plangebied. Onderzocht moet worden of de bodem in dit deel van het plangebied inderdaad nog intact is. Daarnaast dient getoetst te worden of in het plangebied sprake is van de oude aanvoer van de Hofgracht (Verlengde van de Hofstraat.). Op basis van historische kaarten kon dit niet in voldoende mate vastgesteld worden. Op grond van eerdere onderzoeken kan herleid worden dat de vulling van het grachtenstelsel van Het Hof de volgende bodemopbouw kent26. De bovenste laag (vulling 1) bestaat uit grijsbruin zand met vlekjes grijs zand en baksteen. Onder deze is een laag (vulling 2) van bruingrijs kleiig zand en geel met roodbruin zand aanwezig. Deze laatste vulling heeft een kluiterig karakter. Dit kan er op wijzen dat deze gegraven waterloop is gedempt. Onder vulling 1 plaatselijk ook een concentratie veenachtig materiaal aangetroffen worden (vulling 4).
Afbeelding 18: Plangebied met de vermoedelijke ligging van de aanvoergracht van het Hof (Verlengde van de Hofstraat) bij de blauwe lijn. De geplande boorraai is aangegeven met een rode lijn.
26
©
P.C. de Boer, 2007, 15. Beschrijving spoor 33.
24 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Tabel 2 Archeologische verwachting Periode
Verwachting
Verwachte vindplaatstypen
Tweede wereldoorlog
Laag
Kleinere objecten en structuren zoals crashlocaties, veldgraven en onderdu kholen
Hoog
Aanvoergracht van het grachtenstelsel van het Hof, Nederzettingsterreinen, grafvelden, dumps, losse vondsten
Late Middeleeuwen – Nieuwe Tijd
Paleolithicum – Vroege Middeleeuwn
Nederzettingsterreinen, grafvelden, dumps, losse vondsten Hoog
© Hamaland Advies, Ambachtsweg 9b, 7021 BT Zelhem t. 06-51873933
Verwachte grondlaag (diepte)
In de bouwvoor
Direct onder de bouwvoor/esddek Direct onder het esdek/bouwvoor of in de top van het dekzand, vanaf circa 50 cm-mv
25 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
3
Booronderzoek
3.1
Werkwijze Booronderzoek Het booronderzoek is uitgevoerd conform de eisen van de KNA versie 4.1, specificatie VS03 en het protocol BRL SIKB 4003. Voorafgaand aan het veldwerk is een Plan van Aanpak opgesteld dat op 26 augustus 2020 beoordeeld is door gemeente Oost Gelre27. In totaal zijn op 3 september 2020, 13 verkennende boringen geplaatst met een edelmanboor met een boordiameter van 7 centimeter en een steekguts met een diameter van 3 cm voor boringen beneden 1,5 m-mv. De boringen zijn uitgevoerd door E.E.A. van der Kuijl (senior KNA archeoloog / senior KNA prospector) met ondersteuning van een veldmedewerker (dhr. R. de Graaf). De boringen zijn doorgezet tot minimaal 25 centimeter in de C-horizont. De maximale boordiepte bedroeg 220 cm-mv (boring 2). De boringen zijn met behulp van een driehoeksgrid zo gelijkmatig mogelijk over het onbebouwde deel van het plangebied (het parkeerterrein) verdeeld. Op verzoek van dhr. P. Ballast van gemeente Oost Gelre is een extra boorraai bezet over de vermoedelijke locatie van de beek in het verlengde van de Hofgracht (Verlengde Hofstraat). Deze boorraai is centraal in het plangebied gezet. Hiermee is boring 11 komen te vervallen. Alle boringen zijn in de parkeervakken gezet op plaatsen waar op dat moment geen auto’s geparkeerd stonden.
De wegvakken konden niet beboord worden door de continue aanvoer van goederen door vrachtwagens en de aanwezigheid van riolering en veel kabels en leidingen. De boorlocaties zijn met GPS ingemeten. Van alle boringen is de maaiveldhoogte afgeleid van het Actueel Hoogtebestand Nederland. Het opgeboorde sediment is in het veld bodemkundig beschreven conform de NEN 5104 en de bodemclassificatie volgens De Bakker en Schelling (1989). Alle afzonderlijke bodemlagen zijn droog gezeefd over een metalen zeef met een maaswijdte van 4 mm en geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren zoals fragmenten vuursteen, aardewerk, houtskool, verbrande leem, bot etc.
3.2
Resultaten Geologie en Bodem Voor de ligging van de boorpunten wordt verwezen naar Bijlage 3. De resultaten van de boringen (de boorbeschrijvingen) zijn opgenomen in Bijlage 4. Boring 1 en Boring 5 zijn voortijdig gestuit op boomwortels. De overige boringen konden doorgezet worden tot in de ongeroerde natuurlijke ondergrond. De bodemopbouw in het plangebied is uniform. In geen van de boringen is een intact bodemprofiel aangetroffen. In alle boringen is sprake van een afgegraven bodemprofiel tot een minimale diepte van 100 cm-mv (circa 40 cm onder de oorspronkelijke top van het dekzand). Nadat het terrein is afgegraven is het terrein opgehoogd met een circa 80 cm dik pakket gevlekt grof zand (zandmediaan >350 µm) met kiezels en grind en in een enkele boring modern bouwpuin. Een uitzondering vormt de centrale boorraai (boring 1 t/m 8) waarbij vanaf een diepte van 86 cm-mv (boring 8) tot een maximale diepte van 205 cm-mv (boring 2) sprake is van een voormalige oude waterloop (beek) met een vulling bestaande uit grijs/gele gevlekte sterk zandige en lemige klei met brokken zwart veraard veen. In boring 2 bestaat de vulling van de voormalige beek (tussen 145 cm-mv en 205 cm-mv) volledig uit bruin iets veraard veen met wat puinspikkels. Dit duidt erop dat de beek op een gegeven moment ‘verland’ is. De beekvulling is in de gehele boorraai (1 t/m 8) aanwezig.
De randen van de beekloop konden niet onderzocht worden, doordat de boringen gezet zijn tot aan de wegvakken, waarin kabels en leidingen aanwezig zijn.
27
©
Beoordeling op 26-08-2020 door dhr. P. Ballast.
26 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Op basis van de onderzoeksresultaten kunnen de onderzoeksvragen uit het Plan van Aanpak als volgt beantwoord worden: 1.
Wat is de bodemopbouw binnen het plangebied? De basis van het bodemprofiel bestaat uit fijn dekzand van de Formatie van Boxtel (Laagpakket van Wierden). De top van het dekzand is aangetroffen op een diepte variërend van 75 cm-mv (boring 9) tot 90 cm-mv (boring 13). Op basis van eerdere onderzoeken en de resultaten van het bureauonderzoek werd de intacte top van het dekzand op 50 cm-mv verwacht. Dit betekend dat circa 40 cm van het oorspronkelijke dekzandpakket verdwenen is, vermoedelijk bij de aanleg van het parkeerterrein. Het dekzandpakket wordt afgedekt door een 75 cm tot 90 cm dik pakket grof zand met kiezels, grind en soms wat modern bouwpuin. Het plangebied is verhard met betonklinkers. Ter plaatse van boring 1 t/m 8 is onder de subrecente grove zandophoging sprake van de oude beekloop die in het verleden de Hofgracht gevoed heeft. De beekvulling is aangetroffen vanaf een diepte van 86 cm-mv (boring 8) tot een maximale diepte van 205 cm-mv (boring 2) De vulling van de beek bestaat uit grijs/gele gevlekte sterk zandige en lemige klei (Formatie van Singraven) met brokken zwart veraard veen. In boring 2 bestaat de vulling van de voormalige beek (tussen 145 cm-mv en 205 cm-mv) volledig uit bruin iets veraard veen met wat puinspikkels. Dit duidt erop dat de beek op een gegeven moment ‘verland’ is. De beekvulling is in de gehele boorraai (1 t/m 8) aanwezig.
De randen konden niet onderzocht worden, doordat de boringen gezet zijn tot aan de wegvakken, waarin kabels en leidingen aanwezig zijn.
2.
Wat is de intactheid van het bodemprofiel binnen het plangebied? In geen enkele boring is een intact bodemprofiel aangetroffen. De bodem is bij de aanleg van het parkeerterrein afgegraven tot een diepte van circa 80 cm-mv, waarbij de oorspronkelijke bodemopbouw (eerdlaag en top dekzand) verdwenen zijn. Na de ontgraving is het terrein opgehoogd met grof zand met kiezels en grind dat van elders afkomstig moet zijn, aangezien dit bodemmateriaal van nature niet binnen 1 m-mv voor komt binnen de historische kern. In de ophoging zijn behalve modern bouwpuin geen archeologische indicatoren aanwezig. Een uitzondering hierop vormen boring 1 t/m 8. Hier is onder de ophoging vanaf een diepte van 86 cm-mv (boring 8) sprake van de vulling van de voormalige beek die de Hofgracht gevoed heeft. De top van de beekvulling is verrommeld door eerdere graafwerkzaamheden, maar verder nog intact aanwezig.
3.
Zijn, daar waar de bodem intact is, archeologische indicatoren aangetroffen die kunnen wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats in het onderzoeksgebied? Zo ja, wat is de aard en diepteligging ervan? In het plangebied is de voormalige beekloop aanwezig die de Hofgracht gevoed heeft. In de beekvulling is sprake van baksteenspikkels. Dateerbaar vondstmateriaal is echter niet aangetroffen. Op basis van het historisch onderzoek kan herleid worden dat de beek in ieder geval al voor 1811 gedempt of verland moet zijn geweest, aangezien hij op dat moment niet meer aanwezig is op de topografisch kaarten. De beekvulling bevindt zich op een diepte tussen 86 cm-mv en 205 cm-mv.
4.
Zijn er archeologische lagen aangetroffen (cultuur- en afvallagen c.q. ophogingslagen)? Zo ja, wat is de aard, diepteligging en minimale en maximale dikte ervan? Alleen ter plaatse van de voormalige beek is sprake van een waardevol archeologisch pakket, bestaande uit de sedimenten van de beek waarin dumpvondsten, beschoeiingen en boenstoepen e.d. aangetroffen kunnen worden. In het overige deel van het plangebied zijn geen archeologisch waardevolle lagen aangetroffen.
5.
Wat is de aard, diepteligging en minimale en maximale dikte ervan? Zie het antwoord op vraag 3 en 4.
©
27 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
6.
In welke mate stemmen de resultaten overeen met de verwachtingen? De onderzoeksresultaten stemmen niet geheel overeen met de verwachting. Het terrein blijkt al door de aanleg van de parkeerplaats te zijn afgegraven tot circa 40 cm onder de oorspronkelijke top van het dekzand. Daarmee zijn alle oorspronkelijke archeologisch waardevolle niveaus reeds vergraven. Een uitzondering vormen boring 1 t/m 8. Bij deze boringen werd het vermoeden van de bevestigd, dat hier de oorspronkelijke beekloop aanwezig zou kunnen zijn. Deze voormalige landbeek die de Hofgracht heeft gevoed, is daadwerkelijk aangetroffen onder de subrecente ophoging.
7.
Is er vervolgonderzoek noodzakelijk? Zo ja, welke methode is hiervoor het meest geschikt? Alleen ter plaatse van de voormalige beekloop is vervolgonderzoek noodzakelijk, indien de bodemingrepen dieper reiken dan de top van de beekvulling (86 cm-mv). In dat geval adviseren wij om de geplande bodemingrepen archeologisch te laten begeleiden. Voorafgaand aan gravend onderzoek dient een Programma van Eisen te worden opgesteld dat getoetst wordt door het bevoegd gezag en diens archeologisch adviseur. Indien er ter plaatse van de voormalige beek geen bodemingrepen dieper dan 86 cm-mv plaatsvinden is geen vervolgonderzoek noodzakelijk, aangezien de vindplaats dan behouden kan worden. Voor het overige deel van het plangebied dat buiten de beekloop gelegen is, adviseren wij volledige vrijgave. De bodem is hier reeds verstoord tot in de top van het onderliggende dekzand.
Afbeelding 19; Foto van het onderzochte deel van het plangebied genomen vanaf de Koemstraat in noordwestelijke richting.
©
28 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
4
Conclusie en aanbeveling
4.1
Conclusie Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied deels op een dekzandrug of -kop ligt en deels in een beekdal. Deze landschapsdelen worden respectievelijk bedekt met enkeerdgronden en beekeerdgronden. Op de enkeerdgronden is waarschijnlijk een esdek aanwezig wat dikker is dan 50 cm. Voor het deel van het plangebied op het dekzand geldt een hoge verwachting voor alle archeologische periodes en voor de delen in het beekdal geldt in principe een lage verwachting, maar aangezien het grenst aan een gebied met een hoge verwachting kan het gezien worden als een hoge verwachting, aangezien de kans groot is dat er off-site resten van de hooggelegen delen aanwezig kunnen zijn. Voor het hele plangebied geldt dus een hoge verwachting voor archeologische resten uit alle periodes, met de focus op off-site activiteiten voor de oostelijke en zuidelijk rand van het plangebied. Zie tabel 2 voor een gedetailleerde archeologische verwachting. Uit het cartografische onderzoek blijkt dat het plangebied vanaf de 17de eeuw bebouwd is geweest en dat de huidige gebouwen onderkelderd zijn. Dit betekend dat het deel van het plangebied wat bebouwd is volledig verstoord is. De rest van het plangebied is nooit bebouwd geweest dus de kans is aanwezig dat er nog archeologische resten aanwezig zijn binnen dat deel van het plangebied.
Onderzocht moet worden of de bodem in dit deel van het plangebied inderdaad nog intact is. Voorafgaan aan het booronderzoek is een PvA opgesteld dat op 26 augustus 2020 getoetst is door gemeente Oost Gelre ( Uit de resultaten van het verkennend booronderzoek blijkt dat de basis van het bodemprofiel bestaat uit fijn dekzand van de Formatie van Boxtel (Laagpakket van Wierden). De top van het dekzand is aangetroffen op een diepte variërend van 75 cm-mv (boring 9) tot 90 cm-mv (boring 13). Op basis van eerdere onderzoeken en de resultaten van het bureauonderzoek werd de intacte top van het dekzand op 50 cm-mv verwacht. Dit betekend dat circa 40 cm van het oorspronkelijke dekzandpakket verdwenen is, vermoedelijk bij de aanleg van het parkeerterrein. Het dekzandpakket wordt afgedekt door een 75 cm tot 90 cm dik pakket grof zand met kiezels, grind en soms wat modern bouwpuin. Het plangebied is verhard met betonklinkers. Ter plaatse van boring 1 t/m 8 is onder de subrecente grove zandophoging sprake van de oude beekloop die in het verleden de Hofgracht gevoed heeft. De beekvulling is aangetroffen vanaf een diepte van 86 cm-mv (boring 8) tot een maximale diepte van 205 cm-mv (boring 2) De vulling van de beek bestaat uit grijs/gele gevlekte sterk zandige en lemige klei (Formatie van Singraven) met brokken zwart veraard veen.
In boring 2 bestaat de vulling van de voormalige beek (tussen 145 cm-mv en 205 cm-mv) volledig uit bruin iets veraard veen met wat puinspikkels. Dit duidt erop dat de beek op een gegeven moment ‘verland’ is. De beekvulling is in de gehele boorraai (1 t/m 8) aanwezig. De randen van de beek konden niet onderzocht worden, doordat de boringen gezet zijn tot aan de wegvakken, waarin riolering en veel kabels en leidingen aanwezig zijn.
4.2
Selectieadvies Alleen ter plaatse van de voormalige beekloop (zie bijlage 3) is vervolgonderzoek noodzakelijk, indien de bodemingrepen dieper reiken dan de top van de beekvulling (86 cm-mv). In dat geval adviseren wij om de geplande bodemingrepen archeologisch te laten begeleiden. Voorafgaand aan gravend onderzoek dient een Programma van Eisen te worden opgesteld dat getoetst wordt door het bevoegd gezag en diens archeologisch adviseur. Indien er ter plaatse van de voormalige beek geen bodemingrepen dieper dan 86 cm-mv plaatsvinden is geen vervolgonderzoek noodzakelijk, aangezien de vindplaats dan in situ behouden kan worden. Voor het overige deel van het plangebied dat buiten de beekloop gelegen is, adviseren wij volledige vrijgave. De bodem is hier reeds verstoord tot in de top van het onderliggende dekzand.
©
29 van 41
Project Kenmerk
4.3
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Voorbehoud Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het aantreffen dan wel vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. De geplande bodemingrepen kunnen niet plaatsvinden, voordat het rapport is getoetst door het bevoegd gezag (gemeente Oost Gelre, en diens archeologisch adviseur(ODA). Wij wijzen erop dat het selectiebesluit van het bevoegd gezag af kan wijken van het selectieadvies van Hamaland Advies. Verder dient te allen tijde bij het afgeven van een omgevingsvergunning de wettelijke meldingsplicht (Erfgoedwet 1-7-2016, art. 5.10 en 5.11) kenbaar te worden gemaakt, om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: ‘Degene die anders dan bij het doen van opgravingen een zaak vindt waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een monument is (in roerende of onroerende zin), meldt die zaak zo spoedig mogelijk bij onze minister’. Deze aangifte dient te gebeuren bij de RCE te Amersfoort. Het verdient aanbeveling ook de verantwoordelijk ambtenaar van de gemeente Oost Gelre (e-mail: hiervan per direct in kennis te stellen.
©
30 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Gebruikte literatuur Rapporten Bakker, H. de & Schelling J., 1989. Systeem van bodemclassificatie voor Nederland: de hogere niveaus. Wageningen. Benthem, A., van, 2006. Herinrichting centrum Lichtenvoorde. Een bureauonderzoek. ADC-rapport 674. Amersfoort. Berendsen, H.J.A., 2005. Landschappelijk Nederland: De fysisch-geografische regio’s. Assen. Berendsen, H.J.A., 2008. De vorming van het land: inleiding in de geologie en de geomorfologie. Assen. Boer, P.C. et al , 2007. Middeleeuwse kasteelgrachten uitgediept Herinrichting centrum Lichtenvoorde fase 1 Gemeente Oost Gelre Een Archeologische Begeleiding. ADC-rapport 786. Amersfoort. Boshoven, E.H. en L.J. Keunen, 2016. Archeologie in de gemeente Oost Gelre; een actualisatie van de archeologische waarden-, verwachtings- en beleidskaart. RAAP-rapport 3145. Weesp. Corver, B.A., 2008. De begraafplaats van de Johanneskerk te Lichtenvoorde, Rentenierstraat 5 en 9. Een archeologische begeleiding. ADC-rapport 1651. Amersfoort. Flokstra, L.M., 2008. Plangebied v/d Meer de Walcherenstraat te Lichtenvoorde, gemeente Oost Gelre; archeologisch vooronderzoek: een bureau- en inventariserend veldonderzoek. RAAP-rapport 2981. Weesp. Schorn, E.A., 2018. Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase Nieuwmarkt 3e fase te Lichtenvoorde Gemeente Oost Gelre. KPS-rapport 18245. Duiven. SIKB, 2016.
Bureauonderzoek, Desk Research Protocol 4002, Versie 4.0, 09-05-2016, SIKB, Gouda. Smole, L., 2007. Waarderend veldonderzoek door middel van proefsleuven, Korte Rapenburgsestraat 5 te Lichtenvoorde. Synthegra-rapport P0502334. Leusden. Sophie, G., 2005. Lichtenvoorde, Kort Rapenburgsestraat 4-6-8. Een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen. ADC-rapport 396. Amersfoort. Tol, drs. A., et al., 2012. Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek, 4 december 2012, versie 2.0 vastgesteld door het CCvD Archeologie. Gouda. Versfelt, H.J. 2003: De Hottinger-atlas van Noord- en Oost-Nederland, Groningen.
Geraadpleegde websites http://zoeken.cultureelerfgoed.nl; Archis3 voor informatie over waarnemingen, vondsten, onderzoeken, Bonneblad, geomorfologie, bodem, grondwater, coördinaten, https://archis.cultureelerfgoed.nl/#/ voor doen van melding http://ahn.maps.arcgis.com/ voor hoogte- informatie www.dans.easy.nl voor Archeologische rapporten www.pdok.nl voor databestanden tbv GIS-kaarten https://www.ruimtelijkeplannen.nl voor bestemmingsplangegevens https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens voor informatie over ondergrondse boringen www.gelderland.nl voor Cultuur en Erfgoed programma, kaarten en kennisagenda http://maps.bodemdata.nl/bodemdatanl/index.jsp voor grondwatertrappen https://www.bodemloket.nl/ voor milieukundige informatie www.ikme.nl voor WOII informatie
©
31 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
BIJLAGEN
©
32 van 41
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Bijlage 1: Schetsplan van de nieuwe ontwikkeling (bron: opdrachtgever)
©
Project Kenmerk
©
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Bijlage 2: Overzicht van archeologische en geologische perioden
©
Project Kenmerk
©
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde
Project Kenmerk
©
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Bijlage 3: Boorpuntenkaart en tabel met x-, y-, en z-coördinaten van de boorpunten
©
Project Kenmerk
©
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Boring
X-coördinaat
Y-coördinaat
Maaiveldhoogte in meter tov NAP (bron: ahn.nl)
01
236.247
444.905
19,95
02
236.248
444.905
19,96
03
236.250
444.906
19,98
04
236.251
444.906
19,97
05
236.252
444.906
19,96
06
236.253
444.907
19,95
07
236.254
444.907
19,93
08
236.254
444.908
19,97
09
236.237
444.889
19,79
10
236.237
444.905
19,96
12
236.261
444.903
19,95
13
236.274
444.897
19,84
14
236.280
444.913
20,01
Project Kenmerk
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
Bijlage 4: Boorlegenda en boorstaten (separaat bijgevoegd)
©
Project Kenmerk
©
: BO en IVO Archeologie Plangebied Dijkstraat te Lichtenvoorde :
bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat
Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek
100
Bijlagen bij de toelichting (vastgesteld)