CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

bp hof aan de dijkstraat

Raadscommissie 28 april 2021, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat’29.505 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat vastgesteld

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel 1.2 Ligging en begrenzing 1.3 De bij het plan behorende stukken 1.4 Geldend bestemmingsplan 1.5 Leeswijzer

6 6 6 7 7 9

Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Bestaande situatie 2.2 Nieuwe situatie

10 10 14

Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 Internationaal niveau 3.2 Rijksbeleid 3.3 Provinciaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid

17 17 18 21 23

Hoofdstuk 4 Uitvoeringsaspecten 4.1 Archeologie en Cultuurhistorie 4.2 Bodem 4.3 Water 4.4 Geluid 4.5 Luchtkwaliteit 4.6 Ecologie 4.7 Bedrijven en milieuzonering 4.8 Externe veiligheid 4.9 Geur 4.10 Verkeer en parkeren 4.11 Besluit Milieueffectrapportage

28 28 30 32 35 36 37 40 42 45 47 49

Hoofdstuk 5 Juridische toelichting 5.1 Inleiding 5.2 Opzet van de regels 5.3 Verantwoording van de regels

51 51 51 53

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2 Economische uitvoerbaarheid

55 55 55

Bijlagen bij de toelichting

57

Bijlage 1

Archeologisch onderzoek

58

Bijlage 2

Verkennend bodemonderzoek

100

Bijlage 3

Nader bodemonderzoek

217

Bijlage 4

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

347

Bijlage 5

Stikstofberekening

390

(vastgesteld)

3

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Bijlage 6

Quickscan natuurtoets

415

Bijlage 7

Aanvullend vleermuizenonderzoek

464

Regels

489

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

490 490 495

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7

Bestemmingsregels Groen Tuin Verkeer Wonen Waarde - Archeologische Verwachtingswaarde 2

496 496 497 499 500 503

Hoofdstuk 3 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13

Algemene regels Anti-dubbeltelbepaling Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Parkeerregelgeving

506 506 507 509 510 511 512

Hoofdstuk 4 Artikel 14 Artikel 15

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

513 513 514

Bijlagen bij de regels

515

Bijlage 1

516

4

Lijst aan huis verbonden bedrijven

Inhoudsopgave (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Toelichting

Toelichting (vastgesteld)

5

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding en doel

Aan de Dijkstraat in het centrum van de kern Lichtenvoorde bevindt zich reeds geruime tijd een locatie met leegstaande winkelpanden. De locatie is plaatselijk bekend als 'Hof aan de Dijkstraat'. In het kader van het programma 'Geef Lichtenvoorde Kleur' heeft de gemeente Oost Gelre in 2017 de "Visie Hof aan de Dijkstraat, Kleurrijk Wonen voor Jong en Oud" opgesteld waarin de herontwikkelingsmogelijkheden van het plangebied zijn geanalyseerd en uitgewerkt in een visie en mogelijke schetsverkavelingen. Na vaststelling van de visie zijn er afspraken gemaakt omtrent de ontwikkeling van het plangebied tussen WWW Ontwikkeling BV en de gemeente Oost Gelre en is het plan nader uitgewerkt in een stedenbouwkundig plan. Concreet voorziet het plan in de sloop van de bestaande bebouwing en de nieuwbouw van in totaal 25 grondgebonden woningen in zowel de huur- als koopsector. Met dit plan wordt de Dijkstraat weer een representatieve aanloopstraat naar het dorpscentrum en wordt tevens op passende wijze invulling gegeven aan de woningbehoefte in het dorp. Het voornemen is op basis van het geldende bestemmingsplan “Dorpskern Lichtenvoorde” niet mogelijk, omdat de locatie is voorzien van een detailhandel- en verkeersbestemming die het bouwen van woningen niet toelaat. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in een adequaat juridisch-planologisch kader voor de voorgenomen ontwikkeling.

Hierbij zal worden aangetoond dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met 'een goede ruimtelijke ordening'.

1.2

Ligging en begrenzing

Het plangebied bevindt zich aan de Dijkstraat en wordt omgeven door bebouwing aan de Koemstraat en Nieuwe Maat. Het plangebied bestaat uit de kadastrale percelen gemeente Lichtenvoorde, sectie I, nummers 323, 759, 760, 761, 2243, 2244 en 5714 (deels) In afbeelding 1.1 is het plangebied ten opzichte van de kern Lichtenvoorde en de directe omgeving aangegeven, door middel van de rode ster en de rode belijning. Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.

6

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Afbeelding 1.1 Ligging van het plangebied in Lichtenvoorde en de directe omgeving (Bron: PDOK/Gemeente Oost-Gelre)

1.3

De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan “Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat” bestaat uit de volgende stukken: verbeelding (tek.nr. NL.IMRO.1586.BPLIC107-VG01) en een renvooi; regels. Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld met een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten, maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.

1.4

Geldend bestemmingsplan

1.4.1

Algemeen

Het plangebied is onderdeel van het bestemmingsplan “Dorpskern Lichtenvoorde”. Dit bestemmingsplan is op 25 mei 2010 door de raad van de gemeente Oost Gelre vastgesteld. Tevens geldt voor het plangebied het facetbestemmingsplan “Parkeren" (vastgesteld op 5 juni 2018). Enkel daar waar relevant wordt op dit plan ingegaan. Het noordelijke deel van het plangebied heeft de bestemming 'Detailhandel' met bijbehorend bouwvlak en maatvoeringsaanduidingen. Tevens is een deel van detailhandelbestemming voorzien van de functieaanduiding 'supermarkt'. Voor het zuidelijke deel van het plangebied geldt de bestemming 'Verkeer'. Tot slot gelden binnen het plangebied de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologische Verwachtingswaarde 2 en 3'. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding van het geldende bestemmingplan opgenomen. Het plangebied is indicatief weergegeven met de rode omlijning.

Toelichting (vastgesteld)

7

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Afbeelding 1.2 Uitsnede geldend bestemmingsplan “Dorpskern Lichtenvoorde” (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) 1.4.2

Bestemmingsomschrijving

Detailhandel De voor 'Detailhandel' aangewezen gronden zijn bestemd voor detailhandel (m.u.v. volumineuze goederen) en op de verdiepingen van de gebouwen voor woningen en kamerbewoning. Ter plaatse van de aanduiding 'supermarkt' is tevens een supermarkt toegestaan. De bebouwing dient binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak te worden gebouwd met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven hoogten. Verkeer De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: wegen, straten en pleinen voor verkeer en verblijf; parkeervoorzieningen en fietsenstallingen; groenvoorzieningen; ondergrondse afvalcontainers; waterlopen, waterberging en waterinfiltratievoorzieningen; geluidswerende voorzieningen; nutsvoorzieningen, En de daarbij behorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde en verhardingen. Waarde - Archeologische verwachtingswaarde De voor 'Waarde - Archeologische verwachtingswaarde' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor bescherming van aanwezige of naar verwachting aanwezige archeologische waarden. Voor de gronden met verwachtingswaarde 2 geldt een archeologische onderzoekplicht voor projecten groter dan 100 m². Voor gronden met verwachtingswaarde 3 geldt een archeologische onderzoekplicht

8

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat voor projecten groter dan 2.500 m².

1.5

Leeswijzer

In Hoofdstuk 1 is de aanleiding en doel van dit bestemmingsplan uiteengezet. In Hoofdstuk 2 van de toelichting wordt de bestaande en toekomstige situatie in het plangebied beschreven. De historie en cultuurhistorie komt aan bod. Ook wordt inzicht gegeven in de opbouw van het plangebied met de daarbij behorende functies. Vervolgens wordt in Hoofdstuk 3 het beleidskader van het Rijk, de provincie Gelderland en de gemeente Oost Gelre uiteen gezet. Hoofdstuk 4 gaat over de omgevingsaspecten die voor dit plangebied relevant zijn. Hoofdstuk 5 beschrijft de juridische opzet waarbij de verbeelding en planregels worden besproken. Tot slot volgt in Hoofdstuk 6 een beschrijving van de uitvoerbaarheid van het plan en de resultaten van overleg en terinzagelegging.

Toelichting (vastgesteld)

9

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Hoofdstuk 2

Planbeschrijving

In dit hoofdstuk wordt de huidige situatie vanuit ruimtelijk oogpunt en per functie, evenals de ontwikkelingen op basis van het vigerende beleid beschreven. Dit is gedaan aan de hand van de 'Visie Hof aan de Dijkstraat'. Er wordt flexibiliteit geboden daar waar het kan. Rekening wordt gehouden met de dynamiek in het plangebied en ruimte voor 'reguliere' uitbreidingen en veranderingen.

2.1

Bestaande situatie

2.1.1

Historie en cultuurhistorie

De Dijkstraat is samen met de Rapenburgsestraat, Varkensmarkt en De Markt onderdeel van de historische lintbebouwing van Lichtenvoorde. Van oudsher had de Dijkstraat (aan weerszijden) een afwisseling tussen (gesloten) bebouwing en meer openheid. In de loop van de jaren is aan de zuidzijde de bebouwing steeds meer verdicht en is de huidige parkeerplaats aangelegd voor o.a. de detailhandelsfuncties. De (historisch) bebouwing aan de noordzijde is qua structuur meer intact gebleven. Op de kaart uit 1987 (zie afbeelding 2.1) is voor het eerst het bebouwingsbeeld te herkennen zoals dat nu in hoofdlijnen aanwezig is. Er valt op dat de Koemstraat een veel “‘jongere” straat is dan de Dijkstraat. De Koemstraat is voor het eerst te zien op de kaart uit 1975. Binnen het plangebied zijn geen monumenten en/of waardevolle panden aanwezig. In de directe omgeving van het plangebied (o.a. aan de noordelijke zijde van de Dijkstraat) zijn wel diverse monumenten aanwezig. Het pand op de hoek van de Dijkstraat/Nieuwe Maat is ook monumentaal. Van belang is om met name aan de Dijkstraat de historische context in de toekomstige architectuur terug te laten komen.

10

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Afbeelding 2.1 Historische kaarten Dijkstraat (bron: Gemeente Oost Gelre)

2.1.2

Ruimtelijke en functionele structuur

De bebouwing aan de noordzijde van de Dijkstraat heeft overwegend een goede kwaliteit. De bebouwing bestaat uit 2 lagen met een kap. De kapvormen zijn divers en de bebouwing heeft een statige en verfijnde uitstraling. Aan en in de omgeving van de Dijkstraat staan diverse panden met een soortgelijke statige uitstraling. De bebouwing staat voor een groot deel kort op de straat. Een uitzondering zijn de vrijstaande villa’s aan weerszijden van de Hofstraat. Bij de ontwikkeling is van het belang om het historische straatbeeld (statige gevels in 2 lagen met kap) te versterken. De (recentere) bebouwing aan de zuidzijde van de Dijkstraat (ter plaatse van het plangebied) heeft een laagwaardige uitstraling. Veel van deze panden staan leeg. Herontwikkeling door sloop en nieuwbouw is noodzakelijk.

Toelichting (vastgesteld)

11

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

De parkeerplaats aan de Koemstraat geeft een rommelig beeld. De Koemstraat maakt onderdeel uit van de parkeerroute naar het centrum. Door de aanwezige parkeerplaats ontbreekt hier een duidelijke gevelwerking en daarmee begeleiding naar het centrum. Deze parkeerplaats had een functie voor de aanwezige detailhandel. Voor bijvoorbeeld de Lidl die inmiddels verplaatst is het naar kernwinkelgebied. Wat verder opvalt aan de zuidzijde van de Dijkstraat is dat deze panden niet of nauwelijks een relatie of een samenhang met de omgeving hebben. De bestaande Hofstraat heeft geen aansluiting in de richting van de Koemstraat. Hier ligt een mooie kans om de Hofstraat door te trekken, waardoor een aantrekkelijke wandelroute kan ontstaan. De zuidzijde van de Koemstraat wordt gekenmerkt door vrijstaande woningen. De woningen staan op een relatief ruime afstand van de straat. Aan de Koemstraat, in de richting van de centrum, staan diverse panden met een moderne uitstraling, vaak zonder kap. Enkele voorbeelden hiervan zijn de projecten de Nieuwe Maat en de Nieuwmarkt. In onderstaand kaartbeeld is de huidige situatie in en rondom het plangebied in beeld gebracht. In afbeelding 2.3 zijn straatbeelden van de huidige situatie weergegeven.

Afbeelding 2.2 Analyse huidige situatie omgeving plangebied (bron: Gemeente Oost Gelre)

12

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Afbeelding 2.3 Straatbeelden huidige situatie (bron: Gemeente Oost Gelre)

Toelichting (vastgesteld)

13

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

2.2

Nieuwe situatie

2.2.1

Visie Hof aan de Dijkstraat

In het kader van het programma 'Geef Lichtenvoorde Kleur' heeft de gemeente Oost Gelre in 2017 de "Visie Hof aan de Dijkstraat, Kleurrijk Wonen voor Jong en Oud" opgesteld waarin de herontwikkelingsmogelijkheden van het plangebied zijn geanalyseerd en uitgewerkt. In de visie wordt eerst ingegaan op de aanleiding van de herontwikkeling, het doorlopen proces en de (beleidsmatige) context waarin het plan zich bevindt. Vervolgens gaat de visie in op de ambities voor het plangebied en zijn en er mogelijke schetsverkavelingen uitgewerkt. Het plan is vormgegeven aan de hand van de vijf hoofdspeerpunten uit de Visie Hof aan de Dijkstraat namelijk: betaalbaar en ruim; groen en duurzaam; jong en oud; beslotenheid en openheid; kwaliteit en bewonersparticipatie; Het stedenbouwkundig plan is vormgegeven in overleg met omwonenden en toekomstige bewoners en voorziet in een mix van huur- en koopwoningen op ruime kavels in een groene setting. De woningen worden duurzaam en gasloos gebouwd. Hieronder wordt nader ingegaan op de ambities voor de beeldkwaliteit en wordt het stedenbouwkundig plan nader toegelicht. 2.2.2

Beeldkwaliteit

De visie Hof aan de Dijkstraat is tevens de visie op de beeldkwaliteit van het plangebied. Deze visie is gebaseerd op het welstandsbeleid van de gemeente Oost Gelre. De welstandscommissie zal de visie als toetsingskader gebruiken. De volgende criteria zijn van toepassing op de beeldkwaliteit in het plangebied: De gehele Dijkstraat wordt getransformeerd tot een fraaie aanloopstraat met vooral een woonfunctie. De woningen kunnen afgewisseld worden met enkele (bestaande) werklocaties-dienstverlening. Nieuwe detailhandel is uitgesloten, vanwege de keuze om een compacter winkelcentrum te realiseren. De Hofstraat wordt doorgetrokken tot aan de Koemstraat. Het wordt een groene wandelsteeg. Ter hoogte van Dijkstraat wordt een verblijfsplek gerealiseerd met een o.a. een zitbank en groen. Op het binnenterrein wordt een “hof” gerealiseerd. Dit kan op verschillende manieren uitgevoerd worden, bijvoorbeeld door een volledig autovrij hof of een terrein met groen en parkeren. De openbare ruimte wordt klimaatbestendig ontworpen. Er wordt in ieder geval bebouwing gerealiseerd aan de Koemstraat en aan de Dijkstraat. Dit om een optimale besloten woonkwaliteit te realiseren. Aan de Dijkstraat wordt bebouwing gerealiseerd met een statige uitstraling in 2 lagen met een kap.

Aan de Dijkstraat wordt uitgegaan van klassieke uitstraling met rijke detaillering en gekleurde baksteen in natuurlijke accenten. Aan de Dijkstraat wordt uitgegaan van statige gevels met staande gevelopeningen en wisselende kapvormen. Bebouwing aan het binnenhof wordt uitgevoerd in 1 laag met kap of 2 lagen zonder kap. Er worden natuurlijke materialen en tinten toegepast, waaronder houtelementen. De woningen gaan op in de sfeer aan het groen. De bebouwing (1 of 2 lagen met kap) aan de Koemstraat krijgt een moderne en vriendelijke uitstraling, met ruime voortuinen. In het gehele plan wordt gewerkt met natuurlijke materialen; bakstenen gevels met keramische dakpannen en evenwichtige raampartijen op basis van symmetrie. Het gebied wordt ontsloten op de parkeerroute van Lichtenvoorde (Koemstraat). Op het binnenhof wordt voldoende parkeren gerealiseerd conform de geldende normen. Het parkeren wordt met groen

14

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat ingepast. In navolgende paragraaf wordt het stedenbouwkundig plan weergegeven en uiteengezet. Deze sluit aan bij bovenstaande criteria. 2.2.3

Opbouw plangebied

Binnen het plangebied zijn drie deelgebieden te onderscheiden. Aan de noordzijde langs de Dijkstraat worden rijwoningen (huur) gerealiseerd in blokken van zes. De gevels verspringen ten opzichte van de straat en doen daarmee - samen met een bij de Dijkstraat passende verschijningsvorm - recht aan de beeldkwaliteit van de historische Dijkstraat. Langs de Dijkstraat worden enkele bomen aangeplant die passen in het historische straatbeeld. Temidden van de twee blokken bevindt zich een voetgangersverbinding naar de achterzijde van de erven en de woningen in het middeldeel. In het middendeel worden aan weerszijden van een groenelement acht seniorenwoningen in de huur/koopsector gerealiseerd. Het betreffen twee blokken van vier woningen waarbij de gevel van een van de middenwoningen iets naar voren springt. Ook deze woningen worden via een voetpad aan de voor- en achterzijde ontsloten. In het zuidelijk deel aan de Koemstraat worden vijf koopwoningen gerealiseerd in de vorm van een twee-onder-één-kap en een drie-onder-één-kapwoning. De linker 2^1 kapwoning en de rechter 3^1 kapwoning kunnen parkeren op eigen erf. Tussen de woonblokken bevindt zich een voetpad naar het middengebied. Het woongebied wordt ontsloten via een nieuwe ontsluitingsweg vanaf de Koemstraat. Deze weg loopt achter de koopwoningen aan de Koemstraat langs.

Achter de koopwoningen worden 14 haaksparkeervakken aangelegd. Aan de oostrand van het plangebied wordt eveneens een strook met 22 haaksparkeervakken gerealiseerd. Binnen en langs de randen wordt op diverse plaatsen opgaande beplanting aangelegd om het gewenste groene karakter met bijbehorende ruimtelijke kwaliteit te realiseren. In afbeelding 2.4 is de stedenbouwkundige verkaveling weergegeven.

Toelichting (vastgesteld)

15

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Afbeelding 2.4 Stedenbouwkundige verkaveling (bron: Van der Heijden Architecten)

16

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

Hoofdstuk 3

Beleid

Voor het gebied geldt een groot aantal juridische kaders en beleidskaders. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste samengevat. Op internationaal niveau zijn diverse regelingen van kracht die de duurzame instandhouding van habitats en soorten tot doel hebben. De meest verplichtende regelingen van de Europese unie zijn de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. Op nationaal en provinciaal niveau zijn eveneens een groot aantal juridische kaders en beleidskaders van toepassing op het plangebied.

3.1

Internationaal niveau

3.1.1

Vogelrichtlijn

De "Vogelrichtlijn" (79/409/EG) uit 1979 heeft tot doel: de bescherming en het beheer van alle op het grondgebied van de Europese Unie in het wild levende vogels en hun habitats. De lidstaten zijn verantwoordelijk voor de instandhouding van al deze vogelsoorten en in het bijzonder de trekvogels en zijn verplicht om de verschillende natuurlijke habitats die het leefmilieu van de wilde vogels vormen, in stand te houden. Op grond van deze richtlijn worden gebieden aangewezen als Speciale Beschermingszone. Deze gebieden maken deel uit van het Europese initiatief om een ecologisch netwerk van natuurgebieden duurzaam te beschermen (Natura 2000). Daarnaast stelt de richtlijn nadere regels voor de bescherming, het beheer en de regulering van vogelsoorten. De rechtsgevolgen die voortvloeien uit de Vogelrichtlijn betreffen, naast het aanwijzen van de Speciale Beschermingszones, ook de verplichting om passende maatregelen te nemen om de kwaliteit van de leefgebieden van de vogelsoorten niet te laten verslechteren. Verder mogen er geen storende invloeden optreden in gebieden die negatieve gevolgen hebben voor het voortbestaan van de vogelsoorten, die door de Vogelrichtlijn beschermd worden. Nieuwe plannen of projecten in en in de nabijheid van Speciale Beschermingszones worden volgens de richtlijn getoetst.

Het plangebied en de directe omgeving zijn niet aangewezen als Speciale Beschermingszone in het kader van de Vogelrichtlijn. 3.1.2

Habitatrichtlijn

De in 1992 vastgestelde "Habitatrichtlijn" is het voornaamste stuk wetgeving van de Europese Gemeenschap ter bevordering van de biologische verscheidenheid. Deze richtlijn houdt de verplichting in voor deelstaten om de habitats en soorten, die voor de Europese Unie van belang zijn, in stand te houden. Iedere lidstaat moet op zijn grondgebied de gebieden die voor het behoud van de onder de richtlijn vallende habitats en soorten het belangrijkst zijn, identificeren en vervolgens aanwijzen als Speciale Beschermingszones. Het plangebied en de directe omgeving zijn niet aangewezen als Speciale Beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn. 3.1.3

Het verdrag van Valletta (Malta)

Het "Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed", kortweg het Verdrag van Malta, is op 16 januari 1992 te Valletta tot stand gekomen. Uitgangspunt van het verdrag is het archeologisch erfgoed waar mogelijk te behouden. Bij het ontwikkelen van ruimtelijk beleid moet het archeologisch belang, beter nog het cultuurhistorisch belang, vanaf het begin meewegen in de besluitvorming. Het verdrag is geratificeerd door de Eerste en Tweede Kamer. Invoering van het verdrag heeft gevolgen voor het huidige archeologisch bestel. Het moet nog (beter) in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd worden. Alle overheden hebben zorgplicht voor archeologische waarden gekregen, dus ook de gemeenten. In de ruimtelijke ordening wordt aan veel aspecten aandacht geschonken en worden tal van belangen tegen elkaar afgewogen. Voor veel zaken wordt de afweging gestuurd door wet- en regelgeving. Het verdrag van Malta heeft tot gevolg dat dit ook voor de archeologie het geval is. Door het verdrag heeft (ook) de gemeente de inspanningsverplichting de archeologische waarden te beschermen.

Toelichting (vastgesteld)

17

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

In paragraaf 4.1 wordt nader ingegaan op de archeologische waarden binnen het plangebied 3.1.4

Kaderrichtlijn water

De Kaderrichtlijn water (KRW) is een Europese richtlijn gericht op de verbetering van de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater. De KRW is sinds december 2000 van kracht en maakt het mogelijk om waterverontreiniging van oppervlaktewater en grondwater internationaal aan te pakken. De kaderrichtlijn is geen vrijblijvende richtlijn, ze vormt een Europese verplichting, waar de waterbeheerder (Rijk, waterschappen, provincies en gemeenten) niet omheen kan. De belangrijkste uitgangspunten van de KRW zijn: De vervuiler betaalt De gebruiker betaalt Na 2000 geen achteruitgang van de chemische en ecologische toestand van het water Resultaatsverplichting in 2015 Stroomgebiedsbenadering) Via de Implementatiewet EG-kaderrichtlijn water is de KRW vertaald in de Nederlandse wetgeving. De Kaderrichtlijn water moet ervoor zorgen dat de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in 2015 op orde is. In dat jaar moet het oppervlaktewater voldoen aan normen voor bepaalde chemische stoffen (waaronder de zogeheten prioritaire (gevaarlijke) stoffen). Worden die normen gehaald, dan spreken we van 'een goede chemische toestand'. Daarnaast moet het oppervlaktewater goed zijn voor een gevarieerde planten- en dierenwereld. Is dat het geval, dan heet dat 'een goede ecologische toestand'.

Hieronder valt ook een groot aantal andere chemische stoffen dan de hierboven al genoemde prioritaire (gevaarlijke) stoffen. Voor het grondwater gelden aparte normen voor chemische stoffen. Daarnaast moet de grondwatervoorraad stabiel zijn en mogen bijvoorbeeld natuurgebieden niet verdrogen door een te lage grondwaterstand (goede kwantitatieve toestand).Voor verschillende typen wateren gelden verschillende ecologische doelstellingen. In een plas leven bijvoorbeeld andere planten- en dierensoorten dan in kustwater. Daarom verschillen de ecologische doelen per watertype. De chemische normen zijn bij ieder water ongeveer hetzelfde, met uitzondering van de nutriënten. Daarvoor geldt weer wel een benadering die per watertype kan verschillen. In paragraaf 4.3 wordt nader ingegaan op de waterhuishouding binnen het plangebied.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

3.2.1.1 Inleiding De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is op 13 maart 2012 in werking getreden. Het Rijk wil ervoor zorgen dat in 2040 een veilige en gezonde leefomgeving met een goede milieukwaliteit wordt geboden. Het verstedelijkings- en landschapsbeleid laat het Rijk over aan provincies en gemeenten. 3.2.1.2 Opgaven van nationaal belang In de SVIR heeft het Rijk drie rijksdoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; Het verbeteren, instandhouden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Voor de drie rijksdoelen worden de 13 onderwerpen van nationaal belang benoemd. Hiermee geeft het Rijk aan waarvoor het verantwoordelijk is en waarop het resultaten wil boeken. Buiten deze nationale belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid.

18

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

De drie hoofddoelen van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid kennen nationale opgaven die regionaal neerslaan. Opgaven van nationaal belang in Oost-Nederland (de provincies Gelderland en Overijssel) zijn: Het waar nodig verbeteren van de internationale achterlandverbindingen (weg, spoor en vaarwegen) die door Oost Nederland lopen. Dit onder andere ten behoeve van de mainports Rotterdam en Schiphol; Het formuleren van een integrale strategie voor het totale rivierengebied van Maas en Rijntakken (Waal, Nederrijn, Lek en de IJssel, deelprogramma rivieren van het Deltaprogramma) en de IJsselvechtdelta (deelprogramma's zoetwater en rivieren) voor waterveiligheid in combinatie met bereikbaarheid, ruimtelijke kwaliteit, natuur, economische ontwikkeling en woningbouw; Het tot stand brengen en beschermen van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), inclusief de Natura 2000 gebieden (zoals de Veluwe); Het robuust en compleet maken van het hoofdenergienetwerk (380 kV), onder andere door het aanwijzen van het tracé voor aansluiting op het Duitse hoogspanningsnet. De SVIR doet geen specifieke uitspraken die van belang zijn voor het voorliggende plan. 3.2.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

Het 'Besluit algemene regels ruimtelijke ordening' (Barro) is als Algemene maatregel van Bestuur (AmvB) direct gekoppeld aan de SVIR. In het Barro is concreet aangegeven welke nationale belangen geborgd worden in bestemmingsplannen en andere plannen van de overheden. Dat betekent dat het Barro regels geeft over bestemmingen en het gebruik van gronden en zich primair richt tot de gemeente. Daarnaast kan het Barro aan de gemeente opdragen om in de toelichting bij een bestemmingsplan bepaalde zaken uitdrukkelijk te motiveren. Deze algemene regels bewerkstelligen dat nationale ruimtelijke belangen doorwerken tot op lokaal niveau. Op 30 december 2011 is de eerste tranche van het Barro in werking getreden. Deze eerste tranche van het Barro bevat een vertaling van het geldende planologische beleid dat bedoeld was om op lokaal niveau: in bestemmingsplannen, te worden verwerkt. De vastgestelde onderdelen van het Barro Ruimte hebben betrekking op onder meer het kustfundament, de grote rivieren en het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR). Op 1 oktober 2012 is de tweede tranche van het Barro in werking getreden. Deze tranche vormt een vertaling van nieuw ruimtelijk beleid van het Rijk, dat eerder is vastgelegd in o.a. de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en de MIRT-agenda's.

Dit deel van het Barro bevat regels voor onder meer het Natuur Netwerk Nederland (de opvolger van de ecologische hoofdstructuur), radarverstoringsgebieden, militaire terreinen, gebieden van uitzonderlijke universele waarde en reserveringsgebieden voor (nieuwe en uitbreiding van bestaande) hoofdwegen en spoorlijnen. Het BARRO geeft geen specifieke regels voor het plangebied. 3.2.3

Besluit ruimtelijke ordening

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte wordt de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) 3.2.3.1 Ladder voor duurzame verstedelijking Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij dient de behoefte aan een stedelijke ontwikkeling te worden aangetoond. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. Om gebruikers goed te kunnen ondersteunen bij de toepassing van de nieuwe Ladder heeft het Rijk een nieuwe handreiking opgesteld.

Toelichting (vastgesteld)

19

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

De nieuwe handreiking begint met de vraag om wat voor een plan het gaat. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Vervolgens dient bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen in eerste instantie gekeken te worden of er behoefte is aan nieuwe ruimte voor woningen. Als de behoefte voldoende is gemotiveerd, wordt gekeken of aan deze behoefte kan worden voldaan door het benutten van locaties voor herstructurering, intensivering of transformatie binnen bestaand stads- en dorpsgebied. Als ook dat niet tot de mogelijkheden behoort, wordt – onder voorwaarden - aansluitend aan het bestaand stads- en dorpsgebied een locatie gezocht. Door de ladder voor duurzame verstedelijking toe te passen, wordt verstedelijking zoveel mogelijk in bestaand bebouwd gebied geconcentreerd. Hiermee wordt de kwaliteit van het bebouwde gebied behouden en versterkt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'.

In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´ Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit). 3.2.3.2 Toetsing plan aan Ladder voor duurzame verstedelijking Zoals hiervoor reeds aangeven is een toetsing aan de 'ladder voor duurzame verstedelijking' noodzakelijk bij 'nieuwe stedelijke ontwikkelingen' (3.1.6 Bro). Er zijn inmiddels meerdere gerechtelijke uitspraken geweest over deze begripsdefinitie. Er is geen ondergrens bepaald voor wat een 'stedelijke ontwikkeling' is.

Op basis van jurisprudentie blijkt dat het antwoord op de vraag of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van die ontwikkeling, in relatie tot de omgeving. Voor woningbouw geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig (ABRvS 28 juni 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1724). Voorliggende ontwikkeling betreft de realisatie van in totaal 25 woningen Binnen het plangebied zijn echter reeds een vijftal bestaande (legale woningen) aanwezig welke worden gesloopt ten behoeve van de nieuwe ontwikkeling. Per saldo neemt het aantal woningen met 20 toe. Vanwege de omvang van het project kan worden geconcludeerd dat er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting bij een bestemmingsplan een onderbouwing op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hieronder wordt nader ingegaan op de passendheid binnen de vigerende beleidskaders, de behoefte en ligging binnen het bestaand stedelijk gebied. Het plan past binnen de vigerende beleidskaders Het plan is in overeenstemming met de uitgangspunten van de gemeentelijke woonvisie en structuurvisie.

Het uitgangspunt van de woonvisie is namelijk gericht op het bouwen van met name huurwoningen voor senioren en starters/jongeren in Lichtenvoorde. Het plan is met grondgebonden woningen een aanvulling op het plan Nieuwmarkt waar huurappartementen worden gebouwd. Daarnaast is het plan in overeenstemming met de provinciale omgevingsvisie zoals blijkt uit paragraaf 3.3. Toets kwantitatieve behoefte In de woonvisie Oost Gelre 2016-2025 is aangegeven waar en hoeveel woningen er de komende jaren, gezien de behoefte, nog gebouwd moeten worden. Tot 2025 gaat dit om maximaal 293 woningen (gerekend vanaf 1 januari 2017). Dit aantal is regionaal afgestemd. De huidige plancapaciteit binnen de gemeente ligt hoger. Dit zijn alle plekken in de gemeente waar nog gebouwd kan gaan worden. In de

20

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat woonvisie is aangegeven dat het overschot aan plancapaciteit teruggebracht moet worden (rapport verplaatsingsreductie, zie ook paragraaf 3.4.7). Enerzijds om in de toekomst leegstand in de bestaande voorraad te voorkomen en anderzijds om ruimte te creëren om een invulling te kunnen geven aan vrijkomende locaties en gebouwen (bijvoorbeeld vrijkomende winkelpanden). Voor het plan Dijkstraat zijn in de planningslijst van de woonvisie maximaal 20 woningen gereserveerd. Het voorliggende plan voorziet in maximaal 25 woningen, dit is meer dan in de planningslijst is gereserveerd. Echter zoals hiervoor reeds aangegeven zijn binnen het plangebied reeds een vijftal bestaande (legale woningen) aanwezig welke worden gesloopt ten behoeve van de nieuwe ontwikkeling. Per saldo neemt het aantal woningen met 20 toe, passend binnen de woonvisie die reeds regionaal is afgestemd. Toets kwalitatieve behoefte In de woonvisie is aangegeven dat er in Oost Gelre deels sprake is van een evenwichtige en deels sprake is van een ontspannen sociale huurmarkt. Vooral in Lichtenvoorde is (extra) behoefte aan huurwoningen. De huidige plancapaciteit voorziet echter vooral in (dure) koopwoningen en onvoldoende in betaalbare huurwoningen.

Uit de prognoses blijkt dat de doelgroep senioren in de komende jaren absoluut en relatief fors toeneemt. Tevens zullen als gevolg van extramuralisering méér kwetsbare huishoudens een beroep (moeten) doen op een sociale huurwoning. In de woonvisie is aangegeven dat bij toevoeging van (sociale) huurwoningen voor o.a. jongeren de betaalbaarheid een belangrijk aandachtspunt vormt. Het voorliggende plan voorziet in 12 sociale huurwoningen langs de Dijkstraat en 8 betaalbare seniorenwoningen in de huur of koopsector in het middengebied. Het plan voorziet hiermee voor een belangrijk deel in de kwalitatieve behoefte van Lichtenvoorde. Relatie met bestaande plannen in Lichtenvoorde In Lichtenvoorde is er op dit moment nog een aantal plannen in voorbereiding en/of in ontwikkeling. Veel van deze plannen voorzien juist in (dure) koopwoningen. Het segment betaalbare huurwoningen is onvoldoende aanwezig. Het plan omgeving Bonifatiushof /Nieuwmarkt voorziet in een forse uitbreiding van goedkope huurappartementen voor o.a. jongeren en/of senioren. Hierbij wordt rekening gehouden met het gegeven dat de berekende kwantitatieve behoefte (zie woonvisie) relatief beperkt is. Het plan Nieuwmarkt leent zich gezien de ligging goed voor huurappartementen. Bij de ontwikkeling van de Nieuwmarkt fase 1 & 2 is bouwkundig al rekening gehouden met de ontwikkeling van fase 3 voor huurappartementen.

Hiermee wordt ingespeeld op deze specifieke vraag. Het voorliggende plan “Hof aan de Dijkstraat” vormt met grondgebonden huurwoningen op ruime kavels een kwalitatieve aanvulling op het plan Nieuwmarkt. Hiermee zorgt de gemeente niet alleen voor huuraanbod voor jongeren, maar kunnen zij ook kiezen voor een woning en woonmilieu dat bij hen past. Ligt de ontwikkeling binnen bestaande stedelijk gebied Op basis van de definitie van het Bro kan worden geconcludeerd dat het plangebied binnen bestaand stedelijk gebied ligt. Conclusie toetsing Ladder van duurzame verstedelijking Daarmee vormt de ladder van duurzame verstedelijking geen belemmering voor de voorliggende ontwikkeling.

3.3

Provinciaal beleid

Het provinciaal beleid behelst een doorvertaling van rijksbeleid en is verwoord in tal van plannen. De belangrijkste plannen betreffen de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland en de Omgevingsverordening Gelderland.

Toelichting (vastgesteld)

21

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

3.3.1

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland

3.3.1.1 Inleiding In de Omgevingsvisie staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. In de Omgevingsvisie worden twee provinciale hoofddoelen onderscheiden: een duurzame economische structuur het borgen van de kwaliteit en veiligheid van onze leefomgeving. Deze hoofddoelen zijn vertaald in provinciale ambities, waarbij per ambitie de aanpak op hoofdlijnen is beschreven. De nadere invulling vindt plaats via provinciale uitvoeringsprogramma's en samenwerking met partners. Daarmee is de Omgevingsvisie een 'plan' dat richting geeft en ruimte biedt; geen plan met exacte antwoorden. Ofwel: 'de Omgevingsvisie gaat over het speelveld en de spelregels, niet over de uitkomst van het spel'. In voorliggend geval is met name het beleid ten aanzien van het woon- en leefomgeving van belang. 3.3.1.2 Woon- en leefomgeving: Dynamisch, divers en duurzaam Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Bovendien draagt een goede kwaliteit van de leefomgeving bij aan gezondheid. Goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen, een mooie natuur; het is allemaal van belang. Ook goed wonen hoort daarbij.

Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende woonkwaliteiten, zowel stedelijke als landelijke. De Gelderse streken hebben ieder hun eigen aard, waar mensen zich thuis en verbonden met elkaar voelen. In de groeiende Gelderse steden komen veel activiteiten samen. Tegelijkertijd wordt er geïnvesteerd in een vitaal platteland, juist als daar krimp plaatsvindt. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand verstedelijkt gebied het vertrekpunt. De voorkeur wordt gegeven aan het benutten van bestaande gebouwen en het concentreren van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, wordt er uitgebreid aan de randen van de steden of dorpen. 3.3.1.3 Toetsing van het plan aan de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Het plan voorziet in de realisatie van 25 woningen, waarvan 20 in de betaalbare huur/koopsector op een inbreidingslocatie in het dorpscentrum van Lichtenvoorde. Het plan sluit hiermee zowel kwantitatief als kwalitatief aan bij de woningbehoefte in Lichtenvoorde. De ontwikkeling vormt geen belemmering voor overige functies in de omgeving. Het plan lost juisteen ruimtelijk knelpunt op. De nieuwe woningen passen zowel vanuit stedenbouwkundig als functioneel oogpunt goed in de omgeving. Voor een nadere toelichting hierop wordt verwezen naar Hoofdstuk 2.

Verder is er vanuit het provinciale programma Steengoed Benutten reeds subsidie toegekend voor de uitvoering van het project. Geconcludeerd wordt dat het initiatief in overeenstemming is met de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland. 3.3.2

Omgevingsverordening Gelderland

3.3.2.1 Inleiding Met een omgevingsverordening stelt de provincie regels aan ruimtelijke plannen van gemeenten. De provincie richt zich hierbij op onderwerpen die van provinciaal belang zijn, zoals verstedelijking, natuur, nationale landschappen, water en glastuinbouw. Gemeenten krijgen op sommige terreinen meer beleidsvrijheid, terwijl ze op andere gebieden te maken krijgen met strikte provinciale richtlijnen. De regels in de verordening kunnen betrekking hebben op het hele provinciale grondgebied, delen of gebiedsgerichte thema's. Gemeenten moeten binnen een bepaalde termijn hun bestemmingsplan op deze regels afstemmen.

22

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

3.3.2.2 Relevante artikelen uit de verordening In voorliggend geval is uitsluitend artikel 2.2 (instructieregel bestemmingsplan doorwerking regionale woonagenda) van de omgevingsverordening van toepassing. Artikel 2.2 (instructieregel bestemmingsplan doorwerking regionale woonagenda) 1. Een bestemmingsplan maakt nieuwe woningen alleen mogelijk als die ontwikkeling past binnen een door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda. 2. Als een ontwikkeling niet past binnen de vigerende regionale woonagenda, kan een bestemmingsplan vooruitlopend op de eerstvolgende actualisatie van de regionale woonagenda nieuwe woningen toch mogelijk maken onder de volgende voorwaarden: a. er wordt voldaan aan de eisen van de Ladder voor duurzame verstedelijking; b. de ontwikkeling past binnen het meest recente provinciale beleid; c. er heeft aantoonbaar regionale afstemming plaatsgevonden over deze ontwikkeling, en; d. Gedeputeerde Staten stemmen in met deze ontwikkeling. 3.3.2.3 Toetsing van het plan aan de Omgevingsverordening Gelderland In de verordening wordt aangegeven dat een ontwikkeling dient te passen binnen een door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda. Kortheidshalve wordt verwezen naar paragrafen 3.4.7 en 3.2.3.2 waar het voornemen is getoetst aan de Woonvisie Oost Gelre en Ladder voor duurzame verstedelijking.

Hier wordt geconcludeerd dat het voornemen in overeenstemming is met artikel 2.2 van de Omgevingsverordening Gelderland.

3.4

Gemeentelijk beleid

Het gemeentelijk beleid is een doorvertaling van rijks-, provinciaal en regionaal beleid en is verwoord in tal van plannen. In deze paragraaf wordt ingegaan op de voor de ontwikkeling relevante beleidsstukken. Opgemerkt wordt dat niet opnieuw wordt ingegaan op de Visie 'Hof aan de Dijkstraat', omdat deze in hoofdstuk 2 in het kader van de planbeschrijving reeds uitgebreid aan bod is gekomen. 3.4.1

Beleidsvisie Externe veiligheid

3.4.1.1 Inleiding Als gevolg van enkele rampen en incidenten, zoals de vuurwerkramp in Enschede, is externe veiligheid een belangrijk thema geworden. Deze rampen en incidenten hebben ertoe geleid dat de Rijksoverheid diverse maatregelen heeft genomen om acht te krijgen op de risicobronnen in Nederland en het optimaliseren van de risicobeheersing rondom de risicobronnen. Maatschappelijk gezien hebben deze rampen eveneens een belangrijke bijdrage geleverd aan de bewustwording van het leven met veiligheidsrisico's. Helder is dat de huidige maatschappij nu eenmaal veiligheidsrisico's met zich meebrengt, maar dat er wel grenzen aan deze risico's gesteld moeten worden. Met de beleidsvisie externe veiligheid geeft de gemeente allereerst haar visie op de beheersing van veiligheidsrisico's binnen de gemeente. Het gaat dan om risico's als gevolg van de opslag, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen. Daarmee geeft de gemeente Oost Gelre eveneens haar ambitieniveau aan. Op basis van deze visie wordt een nadere invulling gegeven aan de beleidsvrijheid op het gebied van externe veiligheid. Zo wordt aangegeven hoe de gemeente omgaat met (de verantwoording van) het groepsrisico en de richtwaarde bij het plaatsgebonden risico bij (beperkt) kwetsbare objecten.

Daarnaast wordt aangegeven welke maatregelen genomen moeten worden om de geformuleerde ambities te realiseren en welke instrumenten daarvoor kunnen worden ingezet. De maatregelen worden uitgewerkt in andere gemeentelijke documenten (bestemmingsplannen / streekplannen, milieuvergunningen en rampenbestrijdingsplannen). In die zin bestrijkt de beleidsvisie zowel de beheersing van risico's als de bestrijding van een ramp wanneer die zich voordoet.

Toelichting (vastgesteld)

23

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

3.4.1.2 Toetsing van het plan aan de beleidsvisie Externe veiligheid In paragraaf 4.8 wordt nader ingegaan op de externe veiligheidsrisico in relatie tot de woningbouwontwikkeling. 3.4.2

Welstandsbeleid Oost Gelre 2017

3.4.2.1 Inleiding Met het welstandsbeleid wordt richting gegeven aan gebouwen en het landschap in de gemeente Oost Gelre. Wat is belangrijk om te behouden of te beschermen en op welke plekken kunnen de burgers meer vrijheid van handelen krijgen. Deze keuze vormt de politieke component van het welstandsbeleid. De gemeenteraad heeft aangegeven meer "vrijheid" te willen en meer te willen "inspireren". Het beleid is gericht op deregulering: voor minder bouwaanvragen een welstandstoets gebaseerd op minder en duidelijkere regels. Op de vraag hoe eventueel welstandstoezicht zou moeten plaatsvinden, wordt hier al een voorlopig antwoord geformuleerd: niet door te omschrijven hoe het gebouw moet worden, maar door aan te geven waarop de beoordeling van het ontwerp gebaseerd moet worden. Het welstandsbeleid biedt concreet gereedschappen (handvatten) voor burgers, ondernemers en gemeente om samen aan de slag te gaan met nieuwe ruimtelijke initiatieven. Aan het welstandsbeleid is een Inspiratiedocument gekoppeld. Dit document vormt een belangrijke basis voor het welstandsbeleid. In dit document zijn de kernkwaliteiten voor Oost Gelre beschreven. Deze kernkwaliteiten en kansen voor de kernen bieden aanknopingspunten ter inspiratie voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.

3.4.2.2 Toetsing van het plan aan het Welstandsbeleid In paragraaf 3.4.6 wordt nader ingegaan op het Inspiratiedocument Oost Gelre. Verder bevat het Visiedocument 'Hof aan de Dijkstraat' ambities voor de beeldkwaliteit die gebaseerd zijn op het welstandsbeleid. Deze zijn reeds beschreven in paragraaf 2.2.2.Bij de verdere uitwerking van het plan zullen de beeldkwaliteitscriteria zoals beschreven in de Visie 'Hof aan de Dijkstraat' in acht worden genomen. Opgemerkt wordt dat het schetsplan in januari 2021 op hoofdlijnen reeds positief is beoordeeld door de welstandscommissie. 3.4.3

Geluidsbeleid gemeente Oost Gelre

3.4.3.1 Inleiding Geluid is een belangrijke bron van hinder en zelfs een mogelijk gevaar voor de volksgezondheid. Naar schatting een miljoen mensen in Nederland ondervinden ernstige hinder van geluid. Belangrijke bronnen zijn wegverkeer en in minder mate railverkeer en industrielawaai. Ook buren zijn belangrijke veroorzakers van geluidhinder. Het is daarom belangrijk om in het gemeentelijke geluidbeleid hinder ten gevolge van geluid te reduceren. Stilte (het ontbreken van hinderlijk geluid) is een belangrijke kernkwaliteit van de Achterhoek. Deze kwaliteit is het waard om beschermd te worden. Daarnaast is het een belangrijke gemeentelijke taak om ruimte te bieden aan (geluidproducerende) bedrijvigheid en verkeer. Een goede balans daartussen is de uitdaging van dit beleidsstuk. Gemeente Oost Gelre heeft in regionaal verband geluidbeleid ontwikkeld om de stilte als kwaliteit van de Achterhoek te versterken en richting te geven aan het geluidaspect in bestemmingsplannen, vergunningen e.d. De Rijksoverheid treedt steeds verder terug om geluidzaken meer decentraal te laten regelen. De gemeente Oost Gelre grijpt deze kans om maatwerk te leveren: stilte beschermen waar mogelijk en geluidruimte te bieden waar nodig.

24

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat Het gemeentelijk geluidbeleid is gebiedsgericht beleid. Het gemeentelijk beleid is verdeeld in 10 akoestisch relevante gebiedstypen, zoals natuur, agrarisch gebied, woonwijken, centra en industrieterrein. Voor elk gebied is vastgesteld welke akoestische streef-, grens- en plafondwaarden gelden. Bij nieuwe activiteiten dient een geluidbelasting tussen streef en grenswaarden te ontstaan, waarbij streefwaarden de norm zijn. Alleen akoestisch uitzonderlijke situaties geven mogelijkheden geluidbelastingen tussen grens- en plafondwaarden aan te houden. Kortom, hoe verder de geluidbelasting boven de streefwaarden komt des te belangrijker wordt een goede motivatie van deze afwijking. Doel is immers om een gekozen akoestisch leefklimaat te realiseren, indien nodig ten koste van nieuwe (te luidruchtige) activiteiten. Waar meer geluidruimte is gegeven, zijn dus ook meer activiteiten mogelijk. 3.4.3.2 Toetsing van het plan aan het Geluidsbeleid Oost Gelre In paragraaf 4.4 wordt nader ingegaan op het aspect geluidshinder door weg- en railverkeerslawaai en industrielawaai. In paragraaf 4.7 wordt nader ingegaan op milieuhinder, waaronder geluid, van omliggende bedrijfsmatige functies. 3.4.4

Integraal verkeersprogramma Oost Gelre 2014 - 2024

3.4.4.1 Inleiding Het Rijk en de provincies leggen hun verkeer- en vervoersbeleid vast in een beleidsplan. Gemeenten zijn vrij in de manier waarop zij hun beleid vastleggen. Het is wel een verplichting om aan te geven hoe het verkeer- en vervoersbeleid in de gemeente wordt vormgegeven. Hiervoor heeft de gemeente Oost Gelre, in navolging van het Gemeentelijk Verkeer- en Vervoer Plan 2011-2015 (GVVP), het "Integraal verkeersprogramma Oost Gelre 2014-2024" vastgesteld. Het uitvoeringsprogramma (hoofdstuk 6) heeft betrekking op de periode 2014-2018 en wordt geactualiseerd. Waar voorheen het GVVP zich vrijwel uitsluitend beperkte tot een aantal maatregelen die slechts betrekking hadden op de verkeersproblematiek, is nu gekozen voor een opzet die de oplossing van verkeers- en vervoersproblemen in een breder kader plaatst. De hernieuwde insteek voorziet in een integrale benadering van het verkeer in een landschappelijke en ruimtelijke omgeving. Verkeer is vaak een afgeleide van ruimtelijke ontwikkelingen. Vanuit deze integrale benadering zijn er ambities, aandachtspunten en beleidsprincipes in beeld gebracht. Dit leidt tot een concreet uitvoeringsprogramma om de komende jaren aan te werken. In het uitvoeringsprogramma (hoofdstuk 6) is ruimte geboden voor het inbrengen van (lokale) aandachtspunten door burgers/belangengroepen.

Deze zijn geïnventariseerd en vervolgens opgenomen in het uitvoeringsprogramma. 3.4.4.2 Toetsing van het plan aan het integraal verkeersprogramma Oost Gelre 2014-2024 In voorliggend geval zijn de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie als gevolg van de ontwikkeling van belang. In paragraaf 4.10 wordt hier nader op ingegaan. 3.4.5

Programma Geef Lichtenvoorde Kleur

3.4.5.1 Inleiding Lichtenvoorde is de grootste kern van Oost Gelre, en na Doetinchem en Winterswijk de grootste kern van de Achterhoek en heeft dan ook een belangrijke regionale positie. Deze positie is flink versterkt door de uitvoering van de Ontwikkelingsvisie Centrum Lichtenvoorde uit 2002. Sindsdien is het centrum van Lichtenvoorde sterk herontwikkeld. Lichtenvoorde is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een plaats met een regionaal aantrekkelijk centrum met een gezellige markt, goede voorzieningen en een aangenaam klimaat om te wonen en te werken. Een aantal ontwikkelingen stagneert helaas ook; de Nieuwmarkt fase 3 is nog net helemaal gerealiseerd en er is veel leegstand in de omgeving van de Dijkstraat. Een nieuwe stimulans en

Toelichting (vastgesteld)

25

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat herdefiniëring van het centrum is zowel qua projecten als qua identiteit wenselijk. Begin 2017 heeft de gemeenteraad van Oost Gelre het programma Geef Lichtenvoorde Kleur vastgesteld. Het programma kwam tot stand met veel inbreng uit de samenleving van Lichtenvoorde. Met een kaartenactie werden vanaf 2015 ideeën verzameld voor de toekomst van Lichtenvoorde. Die gingen onder andere over gastvrijheid, gezelligheid, voorzieningen, kernwinkelgebied, eigentijds wonen en werken, ondernemerschap, zorg voor elkaar, verenigingsleven, evenementen, toerisme, ontmoeten, innovatie, promotie, bereikbaarheid en uitstraling. Het programma Geef Lichtenvoorde Kleur beschrijft welke projecten de komende jaren in uitvoering gaan en hoe de gemeente daarbij samenwerkt met partijen uit de samenleving. Ook nodigt het Lichtenvoordenaren uit om zelf met initiatieven te komen die het dorp letterlijk of figuurlijk meer kleur geven. Het is daarmee een echt programma van én voor de inwoners en ondernemers! 3.4.5.2 Toetsing van het plan aan het programma Geef Lichtenvoorde kleur In het programma is het plan Hof aan de Dijkstraat opgenomen. Voorliggend bestemmingsplan heeft betrekking op de uitwerking van dit plan en is hiermee in overeenstemming. 3.4.6

Inspiratiedocument Ruimte Oost Gelre

3.4.6.1 Inleiding De gemeente Oost Gelre heeft een Inspiratiedocument Ruimte Oost Gelre opgesteld voor de kernen en buitengebied. Dit inspiratiedocument biedt een visie voor de toekomst van Oost Gelre door middel van het weergeven van de kwaliteiten. Het vormt een leidraad voor ruimtelijke ontwikkelingen. Lichtenvoorde heeft een goede mix van winkels, horeca wonen en maatschappelijke voorzieningen. Het bruisende dorpshart van Lichtenvoorde met goede voorzieningen wordt als bijzonder benoemd. In het inspiratiedocument wordt het plan genoemd om dit te versterken. Er wordt ingezet op het stimuleren van herbestemming van winkelpanden in het centrum Lichtenvoorde. 3.4.6.2 Toetsing van het plan aan het inspiratiedocument Ruimte Oost Gelre Voorliggend plan sluit aan bij dit inspiratiedocument. De bestaande verouderde winkelbebouwing wordt gesloopt en vervangen door woningbouw met een hoogwaardige ruimtelijke uitstraling. De woningen aan de Dijkstraat worden gebouwd in een stijl die past bij het historische karakter van deze weg. Hiermee is sprake van een forse verbetering van de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse. 3.4.7

Woonvisie Oost Gelre 2016-2025

3.4.7.1 Inleiding De gemeenten in de Achterhoek hebben gezamenlijk een visie voor het woonbeleid vastgesteld. Een demografische ontwikkeling in deze regio is dat het aantal inwoners in de komende periode langzaam maar zeker afneemt. In de Regionale Woonvisie wordt ingespeeld op die bevolkingsdaling en afname van het aantal huishoudens. Concreet betekent dit voor iedere gemeente in de Achterhoek dat de aangegeven bouwvolumes in de gemeentelijke woonvisies naar beneden bijgesteld moeten worden. De gemeente Oost Gelre heeft een eigen woonvisie vastgesteld voor de periode 2016 - 2025 waarin de regionale woonvisie in is verweven. Deze is door de gemeenteraad vastgesteld op 20 september 2016. De woonvisie Oost Gelre is een kernachtige en toegankelijke visie. De visie is vormgegeven op basis van een drietal thema's: kwantiteit & kwaliteit, beschikbaarheid & betaalbaarheid en wonen met zorg en welzijn. Bij ieder thema is aangegeven wat wordt gezien als ontwikkelingen, wat er bereikt moet worden en wat hiervoor moet worden gedaan. Voorafgaand hierop is ingegaan op de kwaliteiten van Oost Gelre, specifiek de verschillende kernen, en de maatschappelijke ontwikkelingen die het woonbeleid beïnvloeden. In een uitvoeringsprogramma is aangegeven welke activiteiten uit de woonvisie voortvloeien en wanneer en door wie deze worden uitgevoerd.

26

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan Dorpskern Lichtenvoorde, herziening Hof aan de Dijkstraat

3.4.7.2 Regionale afspraken Zoals in de inleiding reeds aangegeven hebben de gemeenten in de Achterhoek gezamenlijk een visie voor het woonbeleid voorbereid. Daarin wordt ingespeeld op die bevolkingsdaling en afname van het aantal huishoudens. Concreet betekent dit voor iedere gemeente in de Achterhoek dat de aangegeven bouwvolumes in de gemeentelijke woonvisies naar beneden bijgesteld moeten worden. De gemeenten in de Achterhoek hebben afspraken gemaakt over het aantal nog te bouwen woningen. Dat is niet alleen een kwantitatieve opgave, maar ook een kwalitatieve opgave. De nog toe te voegen woningen moeten een zo goed mogelijke aanvulling zijn op de bestaande voorraad. Dat vraagt om een zorgvuldige prioritering van projecten. De planningslijst inclusief de 'stoplichtmethode' wordt gebruikt voor de lokale woonvisie. Hiermee worden plannen geprioriteerd in drie categorieën (groen, oranje en rood). Op basis van de regionale afspraken en behoefte van destijds kon Oost Gelre maximaal 685 woningen bouwen tot 2025. Met vaststelling van de regionale Woonagenda is besloten dat het eerder afgesproken aantal netto toe te voegen woningen op regioniveau wordt verlaagd met 10%. In december 2015 heeft Oost Gelre besloten 5% te willen reduceren t.o.v. de eerdere regionale afspraken.

Conform de huidige regionale afspraken kunnen er in Oost Gelre nog 293 woningen (netto behoefte) toegevoegd worden tot en met 2025. 3.4.7.3 Planningslijst Oost Gelre / kwantitatieve behoefte Elk jaar wordt de planningslijst voor de woningbouwprogrammering in Oost Gelre doorgenomen en doorgestuurd naar de provincie Gelderland. In de planningslijst zijn alle (voorziene) bouwplannen in Oost Gelre opgenomen. De totale plancapaciteit per 1 januari 2021 is 317 woningen. Dit zijn alle plekken in de gemeente waar nog gebouwd kan gaan worden en waar er nog wensen zijn voor nieuwbouw. Het plan Hof aan de Dijkstraat is met netto 20 woningen opgenomen in de actuele planningslijst. 3.4.7.4 Kwalitatieve behoefte In de woonvisie is aangegeven dat er in Oost Gelre deels sprake is van een evenwichtige en deels sprake is van een ontspannen sociale huurmarkt. Vooral in Lichtenvoorde is (extra) behoefte aan huurwoningen. De huidige plancapaciteit voorziet echter vooral in (dure) koopwoningen en onvoldoende in betaalbare huurwoningen. Uit de prognoses blijkt dat de doelgroep senioren in de komende jaren absoluut en relatief fors toeneemt. Tevens zullen als gevolg van extramuralisering méér kwetsbare huishoudens een beroep (moeten) doen op een sociale huuwoning. In de woonvisie is aangegeven dat bij toevoeging van (sociale) huurwoningen voor o.a.

jongeren de betaalbaarheid een belangrijk aandachtspunt vormt. 3.4.7.5 Toetsing van het plan aan de Woonvisie Oost Gelre 2016-2025 Het voorliggende plan voorziet in maximaal 25 woningen binnen het plangebied. Dit is meer dan in de planningslijst voor de locaties is opgenomen. Echter zoals eerder in deze toelichting reeds aangegeven zijn binnen het plangebied reeds een vijftal bestaande (legale woningen) aanwezig welke worden gesloopt ten behoeve van de nieuwe ontwikkeling. Per saldo neemt het aantal woningen met 20 toe. Het plan staat op groen in de planningslijst en past daarmee binnen het woonbeleid. Kwalitatief gezien sluit het plan aan op de behoefte en voorziet in 12 sociale huurwoningen langs de Dijkstraat en 8 betaalbare seniorenwoningen in de huur of koopsector in het middengebied. Het plan draagt hiermee wezenlijk bij de kwalitatieve behoefte van Lichtenvoorde Het plan Hof aan de Dijkstraat vormt met grondgebonden huurwoningen op ruime kavels daarnaast een kwalitatieve aanvulling op het plan Nieuwmarkt waar huurappartementen worden gerealiseerd. Hiermee zorgt de gemeente niet alleen voor huuraanbod voor jongeren, maar kunnen zij ook kiezen voor een woning en woonmilieu dat bij hen past.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10023366/1