CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

02 Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Gemeenteraad 15 oktober 2024, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Ingekomen stukken15.947 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

21 Berekening van gegevens over 180 gemeenten. In totaal hebben 3 gemeenten het budget voor de griffie niet ingevuld. 22 Het gemiddelde totaalbudget in tabel 22 wijkt voor sommige clusters af van het gemiddelde budget in tabel 21. Reden hiervoor is

dat in deze berekening, naast de 3 gemeenten waarvan het budget onbekend is, totaal 5 gemeenten niet zijn meegenomen omdat het opgegeven budget voor loon hoger was dan het totaalbudget. Hierbij is de aanname gemaakt dat dit niet correct is.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 26

In de onderstaande tabel is per cluster gemeenten aangegeven wat het gemiddelde aantal medewerkers van de griffie was. Daarnaast is aangegeven wat het gemiddelde aantal fte van deze medewerkers gezamenlijk was. Tabel 23. Overzicht gemiddelde omvang griffie

CBS-clustering gemeenten Tot 5.000 5.000 – 10.000 10.000 – 20.000 20.000 – 50.000 50.000 – 100.000 100.000 – 150.000 150.000 – 250.000 Vanaf 250.000

4.3

Gemiddeld aantal medewerkers 1,33 2,00 2,43 3,59 6,48 10,75 10,60 24,67

Gemiddeld aantal fte 0,87 1,33 1,75 2,88 5,18 9,20 8,65 24,35

Fractieondersteuning In de onderstaande figuur is een boxplot weergegeven per cluster gemeenten. Figuur 3. Budget fractieondersteuning

Toelichting: ▪ Omwille van de leesbaarheid zijn de 3 deelnemende G4-gemeenten buiten de figuur gelaten. Zij hebben significant hogere budgetten, waardoor het opnemen hiervan vanwege de schaalweergave van de figuur zou leiden tot een zeer kleine weergave van de budgetten van de andere gemeenteclusters.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 27

▪

Voor de deelnemende G4-gemeenten was het minimale budget € 2.230.000, het maximale budget € 3.084.280 en het gemiddelde budget € 2.585.219. Van de 99 deelnemende gemeenten met 20.000 – 50.000 inwoners hebben 92 gemeenten een budget ingevuld voor fractieondersteuning. De spreiding van de budgetten van deze 92 gemeenten is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 24. Spreiding budgetten fractieondersteuning voor gemeenten met 20.000 – 50.000 inwoners

▪

De spreiding van de budgetten van de 33 deelnemende gemeenten met 50.000 – 100.000 inwoners is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 25. Spreiding budgetten fractieondersteuning voor gemeenten met 50.000 – 100.000 inwoners

▪

De spreiding van de budgetten van de 4 deelnemende gemeenten met 100.000 – 150.000 inwoners is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 26. Spreiding budgetten fractieondersteuning voor gemeenten met 100.000 – 150.000 inwoners

▪

De spreiding van de budgetten van de 10 deelnemende gemeenten met 150.000 – 250.000 inwoners is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 27. Spreiding budgetten fractieondersteuning voor gemeenten met 150.000 – 250.000 inwoners

In de onderstaande tabel is per cluster gemeenten aangegeven wat het minimale, maximale en gemiddelde budget voor fractieondersteuning was.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 28

Tabel 28. Overzicht budget fractieondersteuning

CBS-clustering gemeenten Tot 5.000 5.000 – 10.000 10.000 – 20.000 20.000 – 50.000 50.000 – 100.000 100.000 – 150.000 150.000 – 250.000 Vanaf 250.000

Aantal gemeenten23 2 1 26 92 33 4 10 3

Minimum

Maximum

Gemiddeld

€ 4.500 € 3.300 € 1.470 € 100 € 13.600 € 53.725 € 83.500 € 2.230.000

€ 5.000 € 3.300 € 24.575 € 71.701 € 116.663 € 189.000 € 435.000 € 3.084.280

€ 4.750 € 3.300 € 11.095 € 18.048 € 43.224 € 123.876 € 228.182 € 2.585.219

Belangrijk onderdeel van het budget voor fractieondersteuning is het opleidingsbudget. In de onderstaande tabel is per cluster gemeenten aangegeven wat het aandeel was van het gemiddelde opleidingsbudget in het gemiddelde totaalbudget voor fractieondersteuning. Tabel 29. Overzicht gemiddeld budget fractieondersteuning en aandeel opleidingsbudget daarin

CBS-clustering gemeenten Tot 5.000 5.000 – 10.000 10.000 – 20.000 20.000 – 50.000 50.000 – 100.000 100.000 – 150.000 150.000 – 250.000 Vanaf 250.000

Gemiddeld totaalbudget fractieondersteuning24 € 4.750 n.v.t. € 11.602 € 19.819 € 44.073 € 123.876 € 228.182 € 2.585.219

Gemiddeld opleidingsbudget € 1.750 n.v.t. € 4.326 € 6.396 € 17.001 € 4.050 € 22.722 €0

Percentage van totaalbudget fractieondersteuning 36,8% n.v.t. 37,3% 32,3% 38,6% 3,3%* 10,0% 0%

* De verklaring voor dit lage percentage is dat binnen dit cluster 4 gemeenten vallen, waarvan er twee gemeenten € 0,- hebben opgenomen bij het opleidingsbudget. Daarnaast hebben de twee overige gemeenten een relatief laag opleidingsbudget opgenomen. Het gemiddelde valt daarmee laag uit.

23 Berekening van gegevens over 171 gemeenten. In totaal hebben 12 gemeenten het budget voor fractieondersteuning niet ingevuld. 24 Het gemiddelde totaalbudget in tabel 29 wijkt voor sommige clusters af van het gemiddelde budget in tabel 28. Reden hiervoor is

dat in deze berekening, naast de 12 gemeenten waarvan het budget onbekend is, totaal 17 gemeenten niet zijn meegenomen omdat het opgegeven opleidingsbudget hoger was dan het totaalbudget. Hierbij is de aanname gemaakt dat dit niet correct is.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 29

4.4

Enquêterecht Van de 183 deelnemende gemeenten hebben 6 gemeenten het enquêterecht in de periode 2018 t/m 2022 toegepast. In 5 gemeenten is het enquêterecht 1 keer toegepast en in 1 gemeente is dit 3 keer voorgekomen. In totaal is het enquêterecht binnen de 183 deelnemende gemeenten gezamenlijk derhalve 8 keer toegepast in de periode 2018 t/m 2022. In de onderstaande tabel is per cluster gemeenten aangegeven in hoeveel gemeenten het enquêterecht is toegepast en hoe vaak het in totaal is toegepast. Tabel 30. Overzicht aantal toepassingen enquêterecht in periode 2018 t/m 2022

CBS-clustering gemeenten Tot 5.000 5.000 – 10.000 10.000 – 20.000 20.000 - 50.000 50.000 - 100.000 100.000 - 150.000 150.000 - 250.000 Vanaf 250.000

Aantal gemeenten 3 1 30 99 33 4 10 3

Aantal gemeenten met toepassing 0 0 0 2 0 0 1 3

Totaal aantal toepassingen 0 0 0 2 0 0 1 5

Van de 183 deelnemende gemeenten hebben 11 gemeenten budget gereserveerd voor enquêterecht. De gereserveerde bedragen lopen uiteen van € 1.200 tot € 775.338. In de twee gemeenten met het hoogste budget is het enquêterecht in de periode 2018 t/m 2022 ook toegepast.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 30

5 Statenondersteuning: een eerste kwantitatieve weergave van de data Van de 12 provincies hebben 9 provincies deelgenomen aan de eerste gegevensuitvraag. De provincies Noord-Holland, Overijssel en Flevoland hebben geen informatie aangeleverd. Om een eerste beeld te geven van de omvang van statenondersteuning is de data geanalyseerd zoals deze door provincies is aangeleverd in de vragenlijsten. Vanwege de grote variatie in de aangeleverde gegevens worden deze eerste bevindingen met voorzichtigheid gebracht en moeten uitsluitend indicatief worden gezien. De analyses zoals gepresenteerd in dit tussenrapport zijn vooral bedoeld als voorbeeld van het inzicht wat op termijn ontstaat over de omvang van de statenondersteuning. Daar waar dit leidt tot onduidelijkheden of onjuiste berekeningen zijn de aangeleverde gegevens buiten het rapport gehouden en is dit tekstueel toegelicht. Deelname en overzicht budget statenondersteuning In de onderstaande tabel is per provincie het totaalbudget voor statenondersteuning weergegeven. Het totaalbudget voor statenondersteuning is de som van de budgetten voor de griffie, de rekenkamer, de fractieondersteuning en het enquêterecht. In dezelfde tabel is vervolgens berekend hoe het totaalbudget zich verhoudt tot het aantal inwoners van iedere provincie: het budget per inwoner.

Daarnaast is in deze tabel weergegeven welk percentage het totaalbudget uitmaakt van het gehele budget voor taakveld 01 bestuur, waar het totaalbudget voor statenondersteuning onderdeel van is. Tabel 31. Overzicht budget statenondersteuning

Provincies

Totaalbudget ondersteuning

Budget per inwoner

Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

€ 3.459.498 € 6.559.600 € 5.348.994 € 1.880.100 € 2.831.559 € 4.366.000 € 5.068.232 € 1.756.607 € 3.715.780

€ 6,95 € 9,97 € 2,53 € 3,19 € 2,53 € 1,68 € 3,70 € 4,49 € 0,99

Percentage van totale budget taakveld 01 bestuur 26,7% 31,6% 59,4% 11,9% 70,1% 124,2%* 126,1%* 38,6% 10,4%

* Uit de informatie die is aangeleverd door de provincies Noord-Brabant en Utrecht, komt naar voren dat het budget voor statenondersteuning hoger was dan het budget voor het taakveld bestuur. Aangezien het budget voor statenondersteuning onderdeel uitmaakt van het totale budget voor het taakveld 01 bestuur, is de aanname gemaakt dat dit niet correct is.

5.1

Rekenkamer Van de 9 deelnemende provincies hadden 8 provincies een samenwerkingsvorm, alle op basis van een samenwerkingsverband dat is ingesteld op grond van de Provinciewet. Alleen de provincie Zeeland heeft geen afspraken gemaakt over samenwerking. In de onderstaande tabel is per provincie aangegeven wat het budget was voor de rekenkamer. Een belangrijk onderdeel hiervan is het budget voor loon, vergoedingen voor externe leden en onderzoek.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 31

Daarom is in dezelfde tabel vervolgens per provincie aangegeven wat het aandeel was van het budget voor loon, vergoedingen voor externe leden en onderzoek in het totaalbudget voor de rekenkamer. Tabel 32. Overzicht budget rekenkamer en aandeel loon, externe vergoedingen en onderzoek daarin

Provincies Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

Totaalbudget rekenkamer

Loon, extern budget en onderzoeksbudget

€ 319.000 € 319.000 € 416.320 € 319.000 € 720.000 € 345.000 € 404.000 € 334.000 € 510.000

€ 279.833 € 279.833 0 € 279.833 € 612.000 0 € 1.796.000 € 330.000 € 510.000

Percentage van totaalbudget rekenkamer 87,7% 87,7% 0% 87,7% 85,0% 0% 444,6%* 98,8% 100,0%

Van de 9 deelnemende provincies hebben 8 provincies aangegeven dat de som van loon-, extern- en onderzoeksbudget lager was dan of gelijk was aan het totale budget voor de rekenkamer. Hierbij zijn wij ervan uitgegaan dat de som van loon-, extern- en onderzoeksbudget van de Noordelijke Rekenkamer (€ 839.500) gelijk was verdeeld over de provincies Drenthe, Friesland en Groningen (3x € 279.833), omdat het ingebrachte totaalbudget per provincie ook exact gelijk was. Deze aanname hebben wij gedaan, omdat de € 839.500 niet door/over de drie deelnemende provincies kon worden uitgesplitst. * De provincie Utrecht heeft aangegeven dat de som van loon-, extern- en onderzoeksbudget hoger was dan het totaalbudget. De reden is dat de provincie de som van loon-, extern- en onderzoeksbudget alleen kon aangeven voor de gehele Randstedelijke Rekenkamer en niet kon aangeven hoe deze som was verdeeld over de deelnemende provincies. Naast een budget voor loon, vergoedingen voor externe leden en onderzoek hebben 5 provincies aangegeven dat zij ook overig budget hadden. Het overige budget betrof voornamelijk budget voor huisvesting. De provincie Utrecht is hier buiten beschouwing gelaten, omdat de provincie niet kon aangeven hoe het overige budget van de Randstedelijke Rekenkamer was verdeeld over de deelnemende provincies.

In de onderstaande tabel is per provincie aangegeven wat het aantal leden van de rekenkamer was. Daarnaast is aangegeven wat het aantal uren per maand van deze leden gezamenlijk was. Ook is aangegeven wat het aantal fte van de medewerkers (niet-leden) van de rekenkamer gezamenlijk was. Tabel 33. Overzicht omvang rekenkamer

Extern

Provincies Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

Aantal leden 3 3 3 3 3 3 11 3 2

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Aantal uren 60,0 60,0 0,0 60,0 0,0 0,0 0,0 72,0 43,2

Niet-leden Fte 5,95 5,95 0,0 5,95 5,21 5,20 0,00 1,80 12,80

Pagina 32

In de onderstaande tabel is per provincie aangegeven wat het aantal onderzoeken was dat in 2021 en 2022 is uitgevoerd. Tabel 34. Overzicht aantal onderzoeken uitgevoerd

Provincies Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

5.2

2021

2022

4 4 6 4 3 3 4 4 7

4 4 9 4 6 6 4 2 5

Griffie In de onderstaande tabel is per provincie aangegeven wat het budget voor de griffie was. Een belangrijk onderdeel van het budget voor de griffie is het budget voor loon. Daarom is in dezelfde tabel vervolgens per provincie aangegeven wat het aandeel was van het budget voor loon in het totaalbudget voor de griffie. Tabel 35. Overzicht budget griffie en aandeel loon daarin

Provincies Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

Totaalbudget griffie

Budget voor loon

€ 2.485.827 € 4.677.000 € 3.953.997 € 909.900 € 1.343.232 € 3.439.500 € 3.916.572 € 1.033.607 € 2.188.000

€ 1.198.877 € 935.100 € 788.694 €0 € 1.266.437 €0 € 1.152.000 € 996.355 € 1.177.000

% loon van totaalbudget 48,3% 20,0% 19,9% 0% 94,3% 0% 29,4% 96,4% 53,8%

Van de 9 deelnemende provincies hebben 8 provincies aangegeven dat zij naast een eventueel budget voor loon ook overig budget hadden. Dit overige budget betrof voornamelijk budget voor ondersteuning en opleiding. Geen van de provincies heeft aangegeven dat het budget voor huisvesting is opgenomen in het budget voor de griffie. In de onderstaande tabel is per provincie aangegeven wat het aantal medewerkers van de griffie was. Daarnaast is aangegeven wat het aantal fte van deze medewerkers gezamenlijk was.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 33

Tabel 36. Overzicht omvang griffie

Provincies Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

5.3

Aantal medewerkers 12 11 9 9 12 11 9 10 12

Aantal fte 7,92 8,73 8,80 8,60 11,60 9,11 9,90 9,80 12,98

Fractieondersteuning In de onderstaande tabel is per provincie aangegeven wat het budget voor fractieondersteuning was. Een belangrijk onderdeel van het budget voor fractieondersteuning is het opleidingsbudget. Daarom is in dezelfde tabel vervolgens per provincie aangegeven wat het aandeel was van het opleidingsbudget in het totaalbudget voor fractieondersteuning. Tabel 37. Overzicht budget fractieondersteuning en aandeel opleidingsbudget daarin

Provincies Drenthe Friesland Gelderland Groningen Limburg Noord-Brabant Utrecht Zeeland Zuid-Holland

5.4

Totaalbudget fractieondersteuning

Opleidingsbudget

€ 654.671 € 1.413.600 € 978.677 € 651.200 € 768.327 € 551.000 € 747.660 € 389.000 € 1.017.780

€ 37.600 € 15.000 € 12.400 € 12.783 € 20.500 € 21.000 -

Percentage van totaalbudget fractieondersteuning 0% 2,66% 1,53% 1,90% 1,66% 3,72% 0% 5,40% 0%

Enquêterecht Van de 9 deelnemende provincies heeft alleen de provincie Limburg het enquêterecht in de periode 2018 t/m 2022 toegepast. De provincie heeft het enquêterecht 1 keer toegepast. Van de 9 deelnemende provincies hebben 2 provincies budget gereserveerd voor enquêterecht. De provincie Friesland heeft € 150.000 en de provincie Noord-Brabant heeft € 30.500 gereserveerd.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 34

6 Bevindingen tot nu toe 6.1

Beschikbaarheid data bij gemeenten en provincies Een groot aantal gemeenten en provincies heeft de vragenlijst ingevuld retour gestuurd. Op basis van de aangeleverde data komen twee belangrijke bevindingen naar voren: 1. Het blijkt dat er grote verschillen zijn tussen gemeenten en provincies als het gaat om de definiëring en afbakening van de (budget)componenten. Budgetten zijn op uiteenlopende wijze samengesteld. Dit maakt dat de data op het gevraagde niveau niet op een eenduidige wijze is te achterhalen uit eerdere onderzoeken en/of openbare bronnen. Voor een vergelijkbaar en volledig kwalitatief inzicht in de beschikbare budgetten is het belangrijk dat gemeenten en provincies zelf data op dit niveau aanleveren. 2. Daarentegen laat de eerste gegevensuitvraag ook zien in hoofdstuk 4 en 5 dat wat er wordt uitgevraagd, het soort gegevens en het niveau, voldoende handvatten biedt om een vergelijkbaar en bruikbaar beeld te geven over de mate van ondersteuning van raden en staten.

6.2

Raadsondersteuning Met ingang van de wet versterking decentrale rekenkamers is de rekenkamerfunctie vanaf 2024 niet langer toegestaan en moet een gemeente over een onafhankelijke rekenkamer beschikken. Voor de eerste gegevensuitvraag in 2023 is het onderscheid tussen rekenkamer en rekenkamerfunctie nog meegenomen. Van de deelnemende gemeenten zijn er 16 gemeenten die in 2023 geen actieve rekenkamer(functie) hebben. Het overgrote merendeel hiervan betreft inactieve rekenkamerfuncties (15). Op basis van de gegevens die beschikbaar zijn, zien we dat de totale budgetten voor raadsondersteuning (som van budgetten voor de griffie, de rekenkamer(functie), de fractieondersteuning en het enquêterecht) uiteenlopen van € 100.000 voor gemeenten tot 5.000 inwoners tot € 10.400.000 voor gemeenten vanaf 250.000 inwoners. • Vertaald naar inwoners betekent dit bedragen uiteenlopend tussen € 10,00 en € 15,00 per inwoner. Uitzondering hierop is het cluster tot 5.000 inwoners waarbij het bedrag ligt op € 45,89 per inwoner. Het overall gemiddelde (alle deelnemende gemeenten gezamenlijk) is € 12,76 per inwoner. • Onderverdeeld per ondersteuningsvorm gaat het om de volgende bedragen: o Voor de rekenkamer(functie) lopen bedragen uiteen tussen € 0,88 en € 2,38 per inwoner. Uitzondering hierop is het cluster tot 5.000 inwoners waarbij het bedrag ligt op € 3,64 per inwoner.

Het overall gemiddelde is € 1,31. o Voor de griffie lopen bedragen uiteen tussen € 8,22 en € 14,06 per inwoner. Uitzondering hierop is het cluster tot 5.000 inwoners waarbij het bedrag ligt op € 40,84 per inwoner. Het overall gemiddelde is € 9,97. o De fractieondersteuning loopt uiteen tussen € 0,50 en € 3,71 per inwoner. Het overall gemiddelde is € 1,32. o Voor het enquêterecht lopen bedragen uiteen tussen € 0,00 en € 0,66 per inwoner. Het overall gemiddelde is € 0,16. • Gekeken naar het budget voor raadsondersteuning als zijnde een percentage van het aandeel van het totaal beschikbare budget voor het bestuur van de gemeente ligt dit tussen de 12% en 23%. Uitzondering hierop is het cluster vanaf 250.000 waarbij dit 30,5% is. Van de 183 deelnemende gemeenten hebben 6 gemeenten het enquêterecht in de periode 2018 t/m 2022 toegepast. In 5 gemeenten is het enquêterecht 1 keer toegepast en in 1 gemeente is dit zelfs 3 keer voorgekomen. Totaal 11 gemeenten hebben een budget gereserveerd voor enquêterecht. De

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 35

gereserveerde bedragen lopen uiteen van € 1.200 tot € 775.338. Vastgesteld kan worden dat gemeenteraden, in strijd met de gedachte achter artikel 155f Gemeentewet, zelden lokale enquêtes begroten op de begroting van het volgende jaar.

6.3

Statenondersteuning Van de 9 deelnemende provincies hadden 8 provincies een samenwerkingsvorm, alle op basis van een samenwerkingsverband dat is ingesteld op grond van de Provinciewet. Alleen de provincie Zeeland heeft geen afspraken gemaakt over samenwerking. De resultaten voor statenondersteuning zijn lastig te vergelijken tussen de provincies onderling. De verklaring hiervoor ligt in de wijze waarop de gegevens zijn aangeleverd. Onderstaande wordt dan ook met voorzichtigheid gebracht. Op basis van de gegevens die beschikbaar zijn, zien we dat de totale budgetten voor statenondersteuning (som van budgetten voor de griffie, de rekenkamer, de fractieondersteuning en het enquêterecht) uiteenlopen van € 1,7 miljoen tot € 6,5 miljoen. • Vertaald naar inwoners betekent dit dat de bedragen uiteenlopen tussen € 0,99 en € 10,00 per inwoner. Het gemiddelde is € 2,68 per inwoner. • Onderverdeeld per ondersteuningsvorm gaat het om de volgende bedragen: o Voor de rekenkamer lopen bedragen uiteen tussen € 0,13 en € 0,86 per inwoner. Het gemiddelde is € 0,28. o Voor de griffie lopen bedragen uiteen tussen € 0,58 en € 7,15 per inwoner. Het gemiddelde is € 1,83. o De fractieondersteuning loopt uiteen tussen € 0,21 en € 2,16 per inwoner. Het gemiddelde is € 0,55. o Voor het enquêterecht lopen bedragen uiteen tussen € 0,00 en € 0,23 per inwoner. Het gemiddelde is € 0,01.

• Gekeken naar het budget voor statenondersteuning als zijnde een percentage van het aandeel van het totaal beschikbare budget voor het bestuur van de provincie ligt dit tussen de 10% en 70%. Van de 9 deelnemende provincies heeft alleen de provincie Limburg één keer het enquêterecht in de periode 2018 t/m 2022 toegepast. Totaal 2 provincies hebben budget gereserveerd voor enquêterecht.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 36

7 Aandachtspunten bij het vervolg 7.1

Zorg voor zorgvuldige begeleiding van verder onderzoek In 2023 heeft 54% van de gemeenten en 75% van de provincies deelgenomen aan de gegevensuitvraag. Het onderzoek is voor het eerst uitgevoerd in 2023 en wordt herhaald in 2024 en 2025. De gedachte hierbij is dat met herhaling en begeleiding gemeenten en provincies de financiële begrippen kunnen inregelen en interpretatiemogelijkheden zoveel mogelijk worden uitgesloten. Uit analyse van de eerste gegevensuitvraag blijkt dat zorgvuldige begeleiding van de uitvraag van gegevens noodzakelijk is. De gegevens over de (budget)componenten per ondersteuningsvorm zijn slechts gedeeltelijk te achterhalen vanuit eerdere onderzoeken en/of openbare bronnen. Dit betekent dat gemeenten en provincies deze gegevens zelf moeten aanleveren. Daarbij is eveneens gebleken dat het moeite en tijd kost om de gegevens op het gewenste niveau uit te splitsen. Voor de uitvraag in 2024 en 2025 wordt de uitvraag georganiseerd via het online dashboard in plaats van een vragenlijst. Op deze wijze wordt de toegankelijkheid van het formulier verbeterd en is het mogelijk om bij ingevulde gegevens die afwijken direct terugkoppeling te geven aan de invuller.

7.2

Verkrijg inzicht in zowel de begrote als bestede budgetten De focus van de eerste gegevensuitvraag lag op het verkrijgen van inzicht in de mate waarin gemeenten en provincies budgetten beschikbaar stellen. Daarom is besloten om uit te gaan van de beschikbaar gestelde budgetten op de begroting. Hiermee wordt inzichtelijk wat gemeenteraden en provinciale staten voornemens zijn bij te dragen aan de ondersteuning. Om de toereikendheid van budgetten beter te kunnen duiden heeft het meerwaarde om de budgetten zoals deze zijn begroot (begroting) af te kunnen zetten tegen de budgetten zoals deze zijn besteed (jaarrekening). In de onderzoeken in 2024 en 2025 wordt daarom niet alleen gekeken naar de beschikbaar gestelde budgetten, maar ook naar de feitelijke bestedingen van de voorgaande jaren op de jaarrekening. Tevens wordt gevraagd een korte inventarisatie toe te voegen aan het onderzoek over mogelijk andere factoren die hebben geleid tot uitputting van budgetten. Op die manier wordt inzichtelijk wat er daadwerkelijk is uitgegeven aan ondersteuning van raden en staten. Er ontstaat een datareeks die inzicht geeft in begroot versus besteed. Dit helpt in de discussie over de toereikendheid van de beschikbaar gestelde budgetten.

7.3

Inzicht in de budgetten van raden en staten als start voor gesprek over ambitie Raden en staten vervullen een belangrijke rol als het gaat om volksvertegenwoordiging, kaderstelling en controle, binnen het duale stelsel. De hoogte van de beschikbare budgetten voor raden en staten zijn een belangrijk startpunt voor de discussie over de werkzaamheden en taken die hiervoor worden uitgevoerd in relatie tot de ambities van deze raden en staten. En in vervolg hierop: de impact die raden en staten hebben met de ingezette middelen. Het onderzoek zal op termijn inzicht geven in de ingezette middelen voor raads- en statenondersteuning (in euro’s en fte). In samenwerking met de beroepsverenigingen zal dit inzicht moeten worden afgezet tegen de ambities, hiervoor geleverde prestaties en vervolgens de toereikendheid van de beschikbaar gestelde budgetten. Hierbij past de kanttekening dat rekening moet worden gehouden met de realisatie van de ambities, gezien de huidige arbeidsmarkt.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 37

I

Bijlage – Projectaanpak deel 1

I

Gefaseerde aanpak – deel 1 van een driejarig onderzoek In de onderstaande figuur is de projectfasering schematisch samengevat en zijn de verschillende onderzoeksmethoden aangegeven. Onder de figuur wordt hierop een toelichting gegeven. Figuur 4. Projectfasering en onderzoeksmethoden

In de eerste fase is zorgvuldig aandacht besteed aan het formuleren van uitgangspunten, definities en afbakeningen. Voor een bruikbaar inzicht in raads- en statenondersteuning is het essentieel dat heldere definities beschikbaar zijn. Alleen dan is het mogelijk om data bruikbaar en vergelijkbaar weer te geven voor beleidsanalyse en -monitoring. In samenspraak met de begeleidingscommissie en het ministerie is de dataset afgebakend en zijn keuzes gemaakt die zorgen voor een eenduidige en zo eenvoudig mogelijke wijze van gegevensverzameling. In deze fase heeft ook een pilot plaatsgevonden waarin de vindbaarheid van de informatie is getest. De resultaten hiervan hebben geleid tot een afgestemde set van uit te vragen gegevens. Deze set is uitgewerkt in een vragenlijst die is afgestemd met de begeleidingscommissie en getest op invulbaarheid en begrijpelijkheid door externe experts van buiten de begeleidingscommissie. De tweede fase is gericht op het verzamelen en uitvragen van de data. Waar mogelijk is de afgestemde vragenlijst vooringevuld op basis van bestaande en beschikbare gegevens. Hiervoor zijn de volgende bronnen geraadpleegd: de begroting zoals deze bekend is bij Informatie voor Derden (Iv3), website van de gemeente en de provincie, website van de Vereniging van Griffiers, website van de NVRR, en indien beschikbaar website van de rekenkamer.

Basisgegevens van gemeenten en provincies zoals aantal inwoners, aantal zetels etc. komen uit het register van overheidsorganisaties25. De vooringevulde vragenlijst is verstuurd naar de griffiers van alle gemeenten en provincies. Zij waren verantwoordelijk voor het – waar nodig – breder binnen de eigen organisatie uitzetten van de vragenlijst. Gemeenten en provincies hebben de vooringevulde vragenlijst vervolgens zelf gecontroleerd en indien nodig aangepast en aangevuld. Ten tijde van het uitvragen van de data is een helpdesk beschikbaar gesteld 25

https://organisaties.overheid.nl/

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 38

gedurende 8 weken, 4 dagen per week, waar gemeenten en provincies hulp konden krijgen met het invullen van de gegevens. Tot slot heeft iedere gemeente en provincie een eigenverklaring ingevuld over de ingevulde gegevens. In de derde fase is de data geanalyseerd en zijn de berekeningen opgesteld voor de gemiddelde en totale omvang per ondersteuningsvorm. Bij de berekeningen is gebruikgemaakt van de gegevens zoals deze zijn aangeleverd en geaccordeerd door de gemeenten en de provincies. In de laatste fase zijn de website met de monitor en het tussenrapport opgesteld. Op basis van de beschikbare data zijn analyses gemaakt die inzicht geven in de verschillende vormen van raads- en statenondersteuning en de beschikbare budgetten van gemeenten en provincies. Deze zijn uitgewerkt in voorliggend tussenrapport. Per gemeente en provincie komt het kwantitatieve beeld per ondersteuningsvorm terug in het dashboard.

II

Betrokken deskundigen Het onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met een begeleidingscommissie. In de begeleidingscommissie waren de volgende partijen vertegenwoordigd: • Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) • Vereniging van Griffiers • Nederlandse Vereniging van Rekenkamers & Rekenkamercommissies (NVRR) • Nederlandse Vereniging voor Raadsleden • Statenlidnu • Vereniging van Gemeentesecretarissen (VGS) • Overige experts op het gebied van raads- en statenondersteuning

III

Vragenlijst Hieronder is de vragenlijst opgenomen die is gebruikt om de data bij gemeenten en provincies te verzamelen. De vragenlijst is voorzien van een algemene toelichting, een toelichting per vraag. De vragen die in de digitale vragenlijst verschenen, zijn afgestemd op de antwoorden van eerdere vragen.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 39

Inleiding V0.1 Klik hier om te starten met invullen

Beste, Allereerst willen wij u hartelijk bedanken dat u de tijd neemt voor dit onderzoek "Zicht op raads- en statenondersteuning". Sira Consulting voert het onderzoek uit in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) enin samenwerking met de Vereniging van Griffiers, Nederlandse Vereniging van Rekenkamers & Rekenkamercommissies (NVRR), Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, Statenlidnu en de Vereniging van Gemeentesecretarissen.

Doel Het doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in de hoogte van de budgetten die gemeenten en provincies beschikbaar hebben (gesteld) voor raads- en statenondersteuning. In dit onderzoek gaat het om budgetten voor de griffie, de rekenkamer(functie), fractieondersteuning en het enquêterecht. Het onderzoek wordt voor het eerst uitgevoerd in 2023 en herhaald in 2024 en 2025. Het inzicht in de ondersteuningsbudgetten draagt bij aan het bepalen of deze toereikend zijn voor een adequate ondersteuning van raden en staten. Het onderzoek Op de verschillende tabbladen van deze vragenlijst ziet u de namen van de ondersteuningsvormen waar dit onderzoek over gaat. Het tabblad zelf bevat specifieke vragen voor die ondersteuningsvorm. Op basis van openbaar beschikbare informatie en de informatie vanuit het DoeMee-onderzoek uit 2022 hebben wij de gegevens waar mogelijk vooringevuld. Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd: de begroting zoals deze bekend is bij Informatie voor Derden (Iv3), website van de gemeente, website van de Vereniging van Griffiers, website van de NVRR, en indien beschikbaar website van de rekenkamer.

Wij vragen u om het volgende te doen: . Per tabblad alle ingevulde gegevens controleren en indien nodig verbeteren. Onderaan ieder tabblad wordt gevraagd om de gegevens akkoord te verklaren. . Per tabblad de ontbrekende informatie invullen. . De bronvermelding invullen (bijvoorbeeld Verordening X, Begroting Y, Personeelsadministratie Z e.d.). Hiermee borgen we de vergelijkbaarheid met gegevens uit de toekomstige onderzoeken. Uiteraard wordt het hiermee ook voor u (of uw opvolger) makkelijker om de gegevens in een toekomstig onderzoek op te zoeken. Bij directe beschikbaarheid van de gevraagde gegevens neemt het onderzoek naar verwachting 1 uur tijd in beslag. Deze tijdsinschatting kan afwijken als de gegevens in overleg met andere organisatieonderdelen achterhaald worden, zoals de financiële of personeelsadministratie en de externe rekenkamer.

Onderzoeksperiode Graag ontvangen wij (Sira Consulting) het volledig ingevulde document uiterlijk 29 september 2023 retour op het mailadres: raadsenstatenondersteuning@siraconsulting.nl. Vragen Als u vragen heeft of hulp nodig heeft bij het invullen, dan kunt u contact met ons opnemen voor verdere ondersteuning. Hiervoor kunt u mailen naar raadsenstatenondersteuning@siraconsulting.nl of telefonisch contact met ons opnemen. Wij zijn beschikbaar op maandag: van 13.00 tot 17.00 uur en op dinsdag, woensdag en vrijdag: van 9:00 tot 13:00 uur. Het telefoonnummer is: 030 307 88 24.

Klik hier om naar de invulinstructie te gaan

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 40

Invulinstructie

Terug naar inleiding

Tips bij het invullen van de vragenlijst - U kunt eenvoudig van tabblad wisselen door onderin het scherm op verschillende tabbladen te klikken. - Gebruik de toelichtingsbutton naast de vraag om direct naar de toelichting bij de vraag te navigeren.

Hoe zie ik wat ik nog in moet vullen? Oningevulde velden zijn oranje en voorzien van een rood kruisje. Indien een veld juist is ingevuld, kleurt het blauw en verschijnt er een groen vinkje.

Invoer ontbreekt:

1.1.1

Naam van de contactpersoon

Invoer compleet:

1.1.1

Naam van de contactpersoon

✓

M. de Vries

Rechtsboven op het tabblad ziet u de voortgang van het invullen van de vragenlijst. Het aantal velden dat u moet invullen, kan veranderen afhankelijk van uw invoer.

Terug naar inleiding

Nog niet volledig:

U hebt 2 van de 13 onderdelen ingevuld.

Terug naar inleiding Invoer compleet: U hebt 13 van de 13 onderdelen ingevuld.

Hoe weet ik of ik een vraag op de juiste manier heb ingevuld? Sommige invulvelden zijn voorzien van controles. Als u gegevens onjuist invoert verschijnt er een foutmelding.

Invoercontrole:

Enkele vragen zijn voorzien van vaste antwoordcategorieën. U kunt eenvoudig een optie selecteren door het veld te aan te klikken en vervolgens op het pijltje te klikken dat rechts naast de cel verschijnt.

Dropdownmenu ingeklapt:

1.3.4

Is de rekenkamer(functie) op 1 januari 2023 actief? Een rekenkamer(functie) is niet actief als er sinds 1 januari 2021 geen onderzoeken zijn uitgevoerd.

Dropdownmenu uitgeklapt:

1.3.4

Is de rekenkamer(functie) op 1 januari 2023 actief? Een rekenkamer(functie) is niet actief als er sinds 1 januari 2021 geen onderzoeken zijn uitgevoerd.

Aan de slag! Klik op onderstaande link om direct te starten met de vragenlijst.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Start met de vragenlijst

Pagina 41

A. Algemene gegevens

Terug naar invulinstructie U hebt 0 van de 7 onderdelen ingevuld

A1

Organisatie

A1.1

Organisatie (gemeente of provincie) waarvoor u deze vragenlijst invult

A2

Totaal budget voor het bestuur van de organisatie

A2.1

Wat is het totale budget voor het bestuur (taakveld 01 Bestuur), volgens de begroting 2023? Bij het voorinvullen is uitsluitend uitgegaan van het bedrag voor de totale lasten. De baten zijn buiten beschouwing gelaten.

A3

Contactgegevens voor het onderzoek

Geef in dit onderdeel aan wie in uw organisatie het aanspreekpunt is voor Sira Consulting. A3.1

Naam van de contactpersoon

A3.2

(Mobiel) telefoonnummer

A3.4

E-mailadres van de contactpersoon

A3.5

Functie van de contactpersoon

A3.6

Zijn er specifieke opmerkingen over de bereikbaarheid van de contactpersoon? Bijvoorbeeld: "werkt niet op dinsdag" of "bellen svp tussen 14 en 15 uur.

Ik verklaar dat ik het tabblad heb gecontroleerd, heb aangevuld en waar nodig heb gewijzigd. Ik ben akkoord met de ingevulde gegevens.

U hebt 0 van de 7 onderdelen ingevuld. Controleert u svp welke onderdelen u nog niet hebt ingevuld.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Verder naar B. Griffie

Pagina 42

B. Griffie

Terug naar A. Algemene gegevens U hebt 0 van de 17 onderdelen ingevuld

B1 Omvang

Bronvermelding

Bij onderstaande vragen zijn de volgende uitgangspunten van belang: ! Let op dat de fte van medewerkers niet dubbel wordt geteld. Bijvoorbeeld; iemand kan zowel voor de rekenkamer(functie) als bij de griffie werkzaamheden verrichten. Tel dan de fte van deze persoon óf bij de rekenkamer(functie) (vraag C2.5) óf bij de griffie (vraag B1.1), op basis van het zwaartepunt in uren. ! Ga uit van de onderbouwing van taakveld 01 Bestuur. Zie ook de toelichting bij de informatiebutton. ! Ga bij de aantallen full-time equivalent (fte) uit van een voltijdse werkweek van 36 uur per week. ! Een toelichting kan worden opgenomen onder aan de pagina in de daarvoor bestemde ruimte.

B1.1

Vul in de tabel per functie het totaal aantal medewerkers van de griffie en het totaal aantal fte in.

Functie

Aantal

Fte

    

Griffier Raadsadviseur/commissiegriffier Communicatie- en of participatieadviseur Griffiemedewerker ondersteunend personeel Secretaris van de rekenkamer(functie)

B2 Budget

Bronvermelding

B2.1

Wat is het totale budget (bedrag) van de griffie?

B2.2

Wat is het totale budget (bedrag) dat is gereserveerd voor de loonkosten? Onder loonkosten wordt verstaan het totaal van verschillende onderdelen van personeelskosten, zoals lonen, sociale lasten, pensioenlasten en overige personeelskosten.

B2.3

B2.4

Wat is het totale budget (bedrag) dat is gereserveerd voor overige kosten?

Geef aan met Ja / Nee of een onderdeel is opgenomen in de overige kosten. Gebruik de aanduiding Onbekend alleen als het niet is te achterhalen of in een onderdeel is opgenomen in de overige kosten.

 Kosten voor ondersteuning Kosten voor huisvesting Kosten voor opleiding Diverse kosten

   

Het veld hiernaast kunt u gebruiken voor algemene opmerkingen.

Ik verklaar dat ik het tabblad heb gecontroleerd, heb aangevuld en waar nodig heb gewijzigd. Ik ben akkoord met de ingevulde gegevens.

U hebt 0 van de 17 onderdelen ingevuld Controleert u svp welke onderdelen u nog niet hebt ingevuld.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Verder naar C. Rekenkamer(functie)

Pagina 43

C. Rekenkamer(functie)

Terug naar B. Griffie U hebt 0 van de 32 onderdelen ingevuld

C1 Algemeen

Bronvermelding

C1.1

Heeft uw gemeente op 1 januari 2023 een rekenkamer of rekenkamerfunctie?

C1.2

Is de rekenkamer(functie) op 1 januari 2023 actief? Een rekenkamer(functie) is niet actief indien er sinds 1 januari 2021 geen onderzoeken zijn uitgevoerd.

C1.3

Hoeveel onderzoeken heeft de rekenkamer(functie) gepubliceerd in 2021?

C1.4

Hoeveel onderzoeken heeft de rekenkamer(functie) gepubliceerd in 2022?

C1.5

Zijn er op 1 januari 2023 geldende afspraken over structurele samenwerking van gemeenten/ provincies in een rekenkamer of tussen rekenkamers? Van een structurele samenwerking is sprake als er afspraken zijn gemaakt en vastgelegd. Bijvoorbeeld obv: ▪ Artikel 81l Gemeentewet, resp. artikel 79l Provinciewet ▪ Informeel samenwerkingsverband, zoals personele unie of een convenant

C1.6

Wat is de formele basis voor deze samenwerkingsvorm?

C1.7

Wat is de naam van de samenwerkingsvorm?

C2 Omvang

Bronvermelding

Bij onderstaande vragen zijn de volgende uitgangspunten van belang: ! Let op dat de fte van medewerkers niet dubbel wordt geteld. Bijvoorbeeld; iemand kan zowel voor de rekenkamer(functie) als bij de griffie werkzaamheden verrichten. Tel de fte van deze persoon óf bij de rekenkamer(functie) (vraag C2.5) óf bij de griffie (vraag B1.1), op basis van het zwaartepunt in uren. ! Ga bij de aantallen full-time equivalent (fte) uit van een voltijdse werkweek van 36 uur per week. ! Bij samenwerkingsvormen waarin gebruik wordt gemaakt van gezamenlijke menskracht: ga uit van het totaal van leden/ medewerkers.

C2.1

Wat is het totaal aantal interne leden van de rekenkamer(functie)? Interne leden zijn (altijd) raadsleden die tevens lid zijn van de rekenkamerfunctie.

C2.2

Wat is het totaal aantal uren per maand van de interne leden van de rekenkamer(functie) gezamenlijk?

C2.3

Wat is het totaal aantal externe leden van de rekenkamer(functie)? Er is sprake van externe leden als zij van buiten de raad worden geworven en onafhankelijk en op basis van expertise opereren.

C2.4

Wat is het totaal aantal uren per maand van de externe leden van de rekenkamer(functie) gezamenlijk?

C2.5

Wat is het totaal fte van de medewerkers (niet-leden) van de rekenkamer(functie)? Niet-leden ondersteunen primair de rekenkamer(functie) maar zijn geen lid, zoals de secretaris en het stafbureau.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Pagina 44

Bronvermelding

C3 Budget

Bij onderstaande vragen zijn de volgende uitgangspunten van belang: ! Ga uit van de onderbouwing van taakveld 01 Bestuur. Zie ook de toelichting bij de informatiebutton. ! Indien het niet mogelijk is om de vragen C3.2 t/m C3.4 in te vullen vul dan vraag C3.5 in. Als u vraag C3.2 t/m C3.4 hebt beantwoord, hoeft u vraag C3.5 niet in te vullen.

C3.1

Wat is het totale budget (bedrag) volgens de begroting voor de rekenkamer(functie)? Gebruik hiervoor de onderbouwing van taakveld 01 bestuur.

C3.2

Wat is het totale budget (bedrag) dat is gereserveerd voor de gezamenlijke posten: loonkosten + kosten externe leden + onderzoek? Bij de hoogte van het onderzoeksbudget hoeft geen onderscheid gemaakt te worden tussen onderzoeken in eigen beheer en extern uit te voeren onderzoeken.

C3.3

Wat is het totale budget (bedrag) dat is gereserveerd voor overige kosten?

C3.4

Geef aan met Ja / Nee of een onderdeel is opgenomen in de overige kosten. Gebruik de aanduiding Onbekend alleen als het niet is te achterhalen of in een onderdeel is opgenomen in de overige kosten.

    

Kosten voor ondersteuning Kosten voor huisvesting Kosten voor opleiding Diverse kosten

U hebt vraag C3.2 t/m C3.4 niet beantwoord. Beantwoord daarom vraag C3.5. C3.5

Geef een schatting van het percentage van het totale budget dat wordt gebruikt voor de gezamenlijke posten: loonkosten + kosten externe leden + onderzoek? Hierbij hoeft geen onderscheid gemaakt te worden tussen onderzoeken in eigen beheer en extern uit te voeren onderzoeken.

C3.6

Staat in de verordening op de rekenkamer(functie) dat er (jaarlijks) wordt geïndexeerd?

Het veld hiernaast kunt u gebruiken voor algemene opmerkingen (bijvoorbeeld relevante informatie over de transitie van rekenkamerfunctie naar rekenkamer).

Ik verklaar dat ik het tabblad heb gecontroleerd, heb aangevuld en waar nodig heb gewijzigd. Ik ben akkoord met de ingevulde gegevens.

U hebt 0 van de 32 onderdelen ingevuld. Controleert u svp welke onderdelen u nog niet hebt ingevuld.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Verder naar D. Fractieondersteuning

Pagina 45

D. Fractieondersteuning

Terug naar C. Rekenkamer(functie) U hebt 0 van de 16 onderdelen ingevuld.

D1 Algemeen

Bronvermelding

Bij onderstaande vragen is het volgende van belang: ! De vooringevulde informatie komt uit de geldende lokale verordeningen (overheid.nl). ! Indien in de verordening is opgenomen dat de bedragen worden geindexeerd, dan hebben wij deze bedragen niet vooringevuld.

D1.1

Wat is het totaal aantal raads- of statenzetels?

D1.2

Wat is het totaal beschikbare budget (bedrag) voor fractieondersteuning?

D1.3

Zijn in het totaal beschikbare budget kosten opgenomen voor opleiding? Opleidingen en trainingen ten dienste van de kwaliteit van de raden en staten.

D1.4

Wat is het budget (bedrag) voor opleidingen in 2023?

D1.5

Wat is het vaste bedrag per fractie in 2023?

D1.6

Wat is het bedrag per zetel in 2023?

D1.7

Indien de fractieondersteuning niet wordt berekend op basis van een vast bedrag per fractie in combinatie met een bedrag per zetel, geef hiernaast dan een beschrijving van de wijze van berekening.

D1.8

Staat in de verordening fractieondersteuning dat er (jaarlijks) wordt geïndexeerd?

Het veld hiernaast kunt u gebruiken voor algemene opmerkingen.

Ik verklaar dat ik het tabblad heb gecontroleerd, heb aangevuld en waar nodig heb gewijzigd. Ik ben akkoord met de ingevulde gegevens.

U hebt 0 van de 16 onderdelen ingevuld.

Verder naar E. Enquêterecht

Controleert u svp welke onderdelen u nog niet hebt ingevuld.

E. Enquêterecht

Terug naar D. Fractieondersteuning U hebt 0 van de 7 onderdelen ingevuld. Bronvermelding

E1 Algemeen E1.1

Hoeveel keer is het enquêterecht toegepast in de laatste 5 jaar, teruggerekend vanaf 1 januari 2023?

E1.2

Heeft uw organisatie op dit moment bij verordening nadere regels gesteld met betrekking tot onderzoek in het kader van enqueterecht? Zoals bedoeld in de Gemeentewet artikel 155a en de Provinciewet artikel 151a.

E1.3

Wat is de status van de laatste toepassing?

E1.4

Wat is het totale budget (bedrag) dat is gereserveerd voor enquêterecht in de begroting 2023?

Ik verklaar dat ik het tabblad heb gecontroleerd, heb aangevuld en waar nodig heb gewijzigd. Ik ben akkoord met de ingevulde gegevens.

U hebt 0 van de 7 onderdelen ingevuld. Controleert u svp welke onderdelen u nog niet hebt ingevuld.

- Tussenrapport Zicht op raads- en statenondersteuning

Verder naar Overzicht

Pagina 46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14589890/1