CConstaterende datOost Gelre
Koppel je AI →
Document · PDF

01 visie op energie

Gemeenteraad 11 mei 2021, gemeente Oost GelreBij agendapunt: Ingekomen stukken15.556 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Zienswijze op het huidige Nederlandse Energietransitiebeleid voor elektriciteitsopwekking met focus op zonneweiden versie 1

februari 2021 Abstract

Het huidige energietransitiebeleid in Nederland is haastig en niet democratisch tot stand gekomen. Het besparingsdoel voor 2030 van 135 TWh is vastgesteld in het Klimaatakkoord van Nederland in 2019, gebaseerd op uitgangspunten bij de regeringscoalitievorming in 2017 gevolgd door interne discussies van gelobbyde vertegenwoordigers van organisaties in 2018. Kritische organisaties zijn geweerd en de benodigde wetgeving is (te) snel gerealiseerd. Bij de uitvoering via regio’s en provincies en gemeentebesturen is sprake van “meervoudige democratie” die onduidelijkheid veroorzaakt heeft en zeker niet goed heeft gewerkt voor de besluitvorming betreffende grootschalige zonne- en windenergieprojecten. De transparantie van de besluitvorming is ver te zoeken. Dit komt door de onduidelijkheid over beslissingen en achtergronden samen met het ontbreken van fundamentele discussies met bestuurslagen, inwoners en inwonersvertegenwoordigers en de combinatie met zich wijzigende actuele inzichten op energietransitie-gebied voor elektriciteitsopwekking. Dit is de oorzaak dat participatie van inwoners ver onder de maat is. Voorlichting is tendentieus en gericht op snelle realisatie zodat participatie tot nu toe zich beperkt tot inwoners die op een handige manier geld denken te kunnen verdienen.

Voor zonnevelden wordt niet alleen veel te weinig rekening gehouden met dure en ingrijpende netwerkaanpassingen en met het effect van grote subsidies maar ook met de vergaande effecten op het landschap en het milieu en zonder oog voor de kostbare benodigde grond voor natuur, bebouwing of extensivering van de landbouw. Dit laatste is vooral duidelijk geworden na de stikstofcrisis in najaar 2019. Het systeem van het opgezette overheidsbeleid leidt tot een handelwijze van bestuurders en uitvoerders die binnen de afgesproken kaders lang autonoom blijft doorgaan. Ondanks dat er al lang nieuwe inzichten zijn blijven bestuurders doorgaan met verouderde uitspraken en acties. Werkelijk luisteren naar weldenkende bewogen burgers in kritische maatschappelijk organisaties zou dat veel eerder doen veranderen.

Stichting Leven met de Aarde vandersteltleo@gmail.com

0

Zienswijze op het huidige Nederlandse Energietransitiebeleid voor elektriciteitsopwekking met focus op zonneweiden februari 2021 Zienswijze vanuit het perspectief van burgers door Stichting Leven met de Aarde

februari 2021

Alles in deze zienswijze is feitelijk georiënteerd weergegeven en bewust beknopt gehouden. Onderbouwing is aangegeven in links en/of in de bijlagen. Op verzoek kunnen veel voorbeelden toegevoegd worden. Aanzet tot de hier behandelde zienswijze is het Klimaatakkoord van Parijs. Deze is wereldwijd geaccepteerd in december 2015 . Het is toen getekend door bijna 200 landen waaronder Nederland. In 2017 bij de coalitiebesprekingen voor de in Nederland te vormen regering is duidelijk: Nederland blijft achter! Haast is dus geboden! Gevolg: Veel overleg op overheidsniveau voor klimaataanpak; de uitwerking gebeurde vooral in 2018. Overleg werd gedaan aan 5 klimaattafels, waaronder die van elektriciteitsopwekking. Algemeen voorzitter was Ed Nijpels ; 4 verschillende ministeries zijn er maar liefst bij betrokken. Gevaar is daarbij natuurlijk ook meervoudigheid die wordt versterkt door de opsplitsing in de 5 sectoren met de zogeheten klimaattafels. Deze hebben eigen gescheiden procedures die elkaar lang niet altijd corrigeren of aanvullen. Ter vergelijking kan gelden de gang van zaken rondom de toeslagenaffaire; ondoorzichtigheid en een grote diversiteit aan verantwoordelijkheden van een groot aantal bestuurders hebben veel leed veroorzaakt. Aan de elektriciteitstafel zaten 15 partijen: Overheid (EZ) , bedrijfsleven en enkele maatschappelijke organisaties.

Kritische organisaties, met belangrijke inzichten, zijn geweerd (dit werd o.a. door Ed Nijpels zelf aangegeven); het argument was: we moeten voortmaken om doel 2030 te halen. “Deze kritische organisaties zijn niet duurzaam” en ook “Deze organisaties zijn niet doordrongen van het belang van een voortvarende energietransitie”. Dit is dus verder nooit onderbouwd of in onderzoek aangetoond. Een organisatie als Nederwind (http://nederwind.nl) die meer dan 50 maatschappelijke organisaties zou willen vertegenwoordigen, waaronder Leven met de Aarde, is ook geweerd. Er is dus wel veel gelobbyd (https://wnl.tv/programmas/wnl-haagse-lobby-2/) en er was geen sprake van democratie. Het was dus eigenlijk “een bestuurdersfeestje”. Zo aangeduid door Marcel Boogers, zie verder in deze notitie en zie ook bijlage 2. Gemaakte afspraken aan de klimaattafel voor elektriciteitsopwekking: Veel inzet zal grootschalig moeten zijn en wel zo snel mogelijk. Eerste doelstelling is reductie van gebruik van fossiele energie en dus CO2 uitstoot met 50% in 2030 (t.o.v. 1990) en duurzame opwekking van schone energie in de omvang van 135 TWh voor heel Nederland. Dus werd hier bepaald dat er, naast windturbines op zee, ook zeker windturbines op land en zonnevelden op land moeten komen.

Veel subsidiegeld wordt door de overheid beschikbaar gesteld (Postcoderoos en SDE+ en SDE++)! Rendementen van investeerders moeten wel aantrekkelijk zijn (12% is normaal). Participatie van lokale bewoners wordt ook noodzakelijk geacht, alleen helaas zijn slechts financiële baten van bewoners hierbij genoemd om dit te bereiken. Dit hebben wij als LmdA ook voortdurend ervaren bij de reacties in meerdere, zo niet veel gemeenten. Fundamentele overwegingen en een eerlijke dialoog zijn vermeden. Zo stellen wij samen met veel anderen dat zoveel mogelijk energie besparen de eerste stap is naar CO2 neutraal worden. Dit is dus ook in ieder geval noodzakelijk. Wij hebben dit ook aangegeven als nr. 10 van onze bezwaren bij de verlening van de omgevingsvergunning en de verklaring van geen bezwaar bij de drie zonnevelden in Etten. 1

Maar de gemeente Oude IJsselstreek vat ons punt dan zo samen: Indiener stelt dat het ouderwetse energienet en de energie-infrastructuur en -mentaliteit niet wezenlijk wordt veranderd door duurzaamheid en zorgvuldig omgaan met energie. Ook stelt zij dat de gemeente zelf niet verantwoordelijk is voor de bewustwording van de mensen (en wil dan daar dus ook kennelijk niet aan werken).

LmdA, zie ook bijlage 1, streeft naar een samenleving die zo goed mogelijk in balans is. Wij willen respectvol, dus sociaal, omgaan met medemensen. Wij willen ieder in hun eigen waarde laten als dat mogelijk is. Dat betekent dat wij oog willen hebben voor iemands geloofsovertuiging en ieders behoefte aan contacten, bezinning, muziek en dergelijke. Wij streven naar vrede tussen mensen en naar een goede omgang met natuur, fauna, flora en grondstoffen. Wij hebben oog voor rechtvaardige economische ontwikkelingen en verhoudingen. Gebruik van geweld is alleen te rechtvaardigen in noodsituaties. Machtsmisbruik en korte termijn winstbejag dienen vermeden te worden. In deze tijd hebben we wereldwijd bijzondere aandacht voor een gezond milieu, streven we naar een beheerst gebruik van grondstoffen, verantwoorde voeding en beperking van alle stoffen die als giftig of schadelijk aangemerkt kunnen worden. De ongewenst snelle klimaatverandering willen we zoveel mogelijk tegengaan en wereldoverschrijdingsdag (earth overshoot day https://nl.wikipedia.org/wiki/Earth_Overshoot_Day) willen we zo snel mogelijk weer naar later in het jaar brengen. Dit is de dag in een kalenderjaar waarop wij op basis van verantwoorde rekenmodellen kunnen zeggen dat het verbruik van, dat wat de wereld aan grondstoffen en voedingsstoffen jaarlijks kan leveren, opgebruikt is. Deze datum was in 2019 29 juli.

De vroegste datum ooit. Op basis van wat Nederland doet zou het in 2019 4 mei geweest zijn. Voor particuliere en lokale energietransitie-projecten zijn er wel subsidies en is er regelgeving die rechtstreeks van de overheid komt (bv geen btw op zonnepanelen en een salderingsregeling, die eindig is). Maar dit is in het beleid gescheiden van de gang van zaken rondom vergunningverlening voor grootschalige toepassing van zonne- en windenergie. Aanpassing van wetgeving gebeurt, als het nodig lijkt, zonder overleg met gemeenten. Al aangekondigd is dat de salderingsregeling in dit verband gaat verdwijnen. De eerste politieke stappen zijn daartoe al gezet. Wij van LmdA zien veel goedwillende potentie bij de burgers om daadwerkelijk te werken aan een zinvolle energietransitie. Dit gaat niet primair langs grootschalige of onpersoonlijke weg, maar vooral democratisch via plaatselijke, persoonlijke en coöperatieve activiteiten met oog voor medemens en milieu. De begeleiding van hen via relevante overheidsorganen zou moeten leiden tot zinvolle en nuttige activiteiten. Echter de uitwerking van het opgestelde klimaatakkoord gaat dus niet democratisch.

Enerzijds gaat het via het ministerie met landelijke afspraken en regels en anderzijds via een werkwijze met verdeling van Nederland in 30 regio’s die ieder hun aandeel in een bepaalde omvang voor ver van tevoren vastgestelde data moeten leveren. Het klimaatakkoord voor Nederland werd, wat afspraken en documentatie betreft, bereikt op 28 juni 2019. Dit is dus gebeurd voorafgaande aan de stikstofcrisis. Toen bleken voor velen voor het eerst 2 belangrijke dingen: 1) Onze landbouw is te intensief; we moeten extensiveren (vergroenen) 2) Europese regelgeving gaat veel verder dan wij dachten; er moet meer aandacht zijn voor mens, milieu en natuur en tegen uitstoot van ongezonde gassen/stoffen/deeltjes

2

Afspraak vanuit het klimaatakkoord is: de regio’s maken eerst eigen conceptnota’s (RES – Regionale Energie Strategieën) en leveren die in het najaar van 2020 in. Resultaat op dit moment zijn breed opgezette nota’s op basis van inbreng van bestuurlijke “deskundigen” en zonder uitzondering biedingen voor grootschalige energie-opwekking. Prof. Dr. Marcel Boogers - hoogleraar Innovatie en Regionaal Bestuur aan de UT heeft over het RES-proces op verzoek van o.a. de RES-coördinator een essay geschreven: Energie en Democratie - oktober 2019 https://kennisopenbaarbestuur.nl/rapporten-publicaties/energieen-democratie/ , zie ook bijlage 2 Hij constateert dat er allerlei risico’s zijn voor de totstandkoming van de realisatie via de RES als gevolg van meervoudig besturen, waar hier in sterke mate sprake van is. Zo is het o.a. een probleem dat gemeenteraden, provinciale staten en het algemeen bestuur van het waterschap weinig tot geen rechtstreekse invloed hebben op de uitkomsten van het RES-proces. “Het draagvlak voor de RES bij de burger is zo op voorhand onzeker”. (oktober 2019) Aanvankelijk (eerste jaren na klimaatakkoord) staat dus voor de uitvoering en het gemeentebeleid <zonneen windenergie grootschalig> centraal. Dit wordt in de RES zo aangegeven en nauwelijks onderbouwd. Slechts enkele getalsmatige uitgangspunten moeten het ondersteunen.

Afspraken daarvoor en zeker de gekwantificeerde doelen lijken in beton gegoten. Provincie en gemeenten kunnen hier niets aan doen (althans dat denken zij en zo handelen zij). Het communiceren gaat als vanzelfsprekend via het omzeilen van allerlei moeilijke inhoudelijke discussies en het invullen van een optimistische visie. Gemeenten hebben zo alleen nog de keuze gekregen in de verdeling tussen de mogelijke grootschalige projecten en de toewijzing van de gebieden waar ze moeten komen. Daarnaast hebben ze ook de plicht opgedragen gekregen om participatie hiervoor te bewerkstelligen bij de burgers en de volksvertegenwoordigers. Er wordt dus ook via d RES steeds aangegeven dat dit belangrijk is. De enige suggestie om dit te bereiken op bestuurlijk niveau is: zorg voor financieel gewin van burgers in de toepassingsgebieden en zorg voor iets als informatieloketten over de mogelijke gang van zaken! Inmiddels is duidelijk dat het in heel Nederland zorgwekkend gesteld is met die participatie, zie de publicatie van het PBL, het Planbureau van de Leefomgeving (Monitor concept-RES | PBL Planbureau voor de Leefomgeving . Het ontstaan van voldoende draagvlak voor grootschalige wind- en zonne-energie staat dus nu in Nederland zwaar onder druk. Er moet op dit gebied nog veel gebeuren.

Dat informatiebijeenkomsten meestal niet open waren voor discussie en éénzijdig georganiseerd blijkt ook uit Participatie in RES volgens Natuur en Milieu Gelderland, in bijlage 3, met: 1)

Belofte participatie nog niet waargemaakt en 2) Afstemming over kwetsbare natuur cruciaal “https://www.natuurenmilieugelderland.nl/nieuws/snel-volwaardige-plek-voor-natuur-en-participatie-in-res

Er is dus door het gekozen systeem nergens oog voor de zelfdenkende burger, die graag het uitgangspunt duurzaam op een oorspronkelijke en logische manier wil benaderen. De burgers hebben wel de kennis en ervaringen van nu. Zij willen de uitwerking vanuit de eigen omgeving en met de eigen overtuiging overwegen, met anderen bespreken en invullen. Zij krijgen de actuele ervaringen van elders mee met goede kanten, maar zeker ook met alle conflicten die ontstaan zijn. Zij willen dus ook zeker bekijken of dat in de eigen regio wel zorgvuldig gebeurt. Zij willen graag ervaren dat wij als inwoners en gemeente voor een gezamenlijke duurzaamheidsaanpak staan.

Het bewaren en waarborgen van de natuurlijke en gezonde omgeving voor mens, dier en plant (habitat), waar wij ons nadrukkelijk voor willen inzetten, is natuurlijk van het grootste belang. En het is evident dat dit ook noodzakelijk is voor het creëren van draagvlak voor de projecten bij de inwoners. 3

Het PBL rekende ook de uitkomsten van de Concept-RESsen door wat betreft realisaties van de opbrengsten van de grootschalige projecten tot en met 2019 (dit was dus per 1 februari jl. gepubliceerd) Resultaat is dat zij aangeven dat het doel in TWh voor 2030 in het huidige tempo waarschijnlijk makkelijk gehaald kan gaan worden. Zij nemen daarbij nog een ruime bandbreedte. De definitieve omzetting naar de RES 1.0 bepalingsdatum is inmiddels vanwege omstandigheden enkele maanden uitgesteld tot 1 juli 2021. Er is dus nog enige mogelijkheid en hoop voor vergaande bijstelling. Lector Martien Visser van de Hanzehogeschool Groningen heeft de realisaties van zonne- en windenergieprojecten in 2020 zelf al doorgerekend en komt tot de conclusie dat de landelijke doelen voor 2030 al bijna gehaald zijn, zie bijlage 5 of https://windalarm.amsterdam/article/Podcast-Martien-Visser-overdoorrekening-RES. De gang van zaken in de energietransitie is dus financieel en grootschalig gestuurd vanuit een zeer eenzijdige doelstelling. Referentiekaders voor alle duurzame ontwikkelingsdoelen zouden altijd een rol moeten spelen. Deze worden echter bij projecten en projectaanvragen niet gebruikt. Gevolg zijn allerlei botsingen tussen burgers en overheidsinstellingen met dramatische consequenties. Nederlanders worden zich hier steeds meer bewust van.

Zie hiervoor bijvoorbeeld bijlage 4 over de overwegend negatieve gang van zaken bij de grootschalige projecten over zonneweides (https://www.ad.nl/economie/buitenlandseinvesteerders-gaan-er-vandoor-met-miljoenensubsidies-en-winst-van-zonneparken~a3f41bf9/). De minister van binnenlandse zaken geeft op 12 september jl in het NOS journaal aan dat windmolens op zee en zonnepanelen op daken voor ons de toekomst zijn. De minister van EZ, namens het kabinet, stelt eind januari 2021 de onderzoekscommissie Brenninkmeijer in https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2021/01/29/kabinet-vraagt-adviescommissie-participatie-inhet-klimaatbeleid-te-onderzoeken Ook het tv-programma Nieuwsuur, op 18 februari 2021, besteedde aandacht aan de zeer onwenselijke situatie van de gigantische toename van zonneweides op dit moment in Nederland, terwijl genoeg oppervlak aan bedrijfsdaken nog ongebruikt ligt. Daarin wordt o.a. vermeld dat door de Universiteit Wageningen recent onderzoek is verricht welke zonneweides voldoen aan redelijke ecologische voorwaarden, zie ook https://edepot.wur.nl/475349 . Van de 25 onderzochte zonneweides bleken dat er slechts 3 te zijn.

Dus extra reden om bij projectafspraken toe te zien op goede en harde voorwaarden! Vervolgens wordt opgemerkt dat op provinciaal niveau nu bij enkele provincies, waaronder Zeeland, het idee begint te ontstaan dat men daar tegen de groei van zonneweides moet gaan ingrijpen. Dit zou dus wel tegen de klimaatakkoord-afspraken ingaan. Toch getuigt dit volgens ons wel van belangrijk voortschrijdend inzicht. Opvallend in het programma is ook dat er door een bepaalde “deskundige” verbetering voorzien wordt in het verplicht stellen van panelen op daken van particulieren en bedrijven. Dit zou via de nieuwe omgevingswet kunnen. Daarvan wordt nu verwacht dat die in 2022 ingaat. Wij vinden dit weer een veel te makkelijke kort-door-de-bocht uitspraak. Wij zeggen zorg dat je mensen overtuigt, zowel door met hen in gesprek of discussie te gaan als door regelgeving. Zorg dat je anderen het belang van ecologie en gezondheid laat inzien. In het zakenleven is duurzaamheid trending. Aandeelkoersen van duurzame bedrijven stegen afgelopen jaar veel sneller dan die van niet duurzame. Duurzaamheid kan rekenen op goodwill en is tegenwoordig 4

een gewild verkoopargument. Grote bedrijven sluiten contracten af op basis van groene energie van windmolens hier op zee, zelfs voor energie slurpende datacenters die in Nederland nog gebouwd moeten en mogen worden of voor de eigen bedrijfsvestigingen elders in Europa.

Wij zien graag dat bedrijven in deze regio overtuigd worden van het belang van zonnepanelen op dak en energie leveren aan de eigen omgeving. Dit voorkomt veel verzwaring van het net. Het kan zeker ook door coöperaties of verenigingen. Dit bevordert bewustwording en verbondenheid. De overheid moet zorgen voor de juiste regelgeving. Bijvoorbeeld door een juiste manier van veiligheid en verzekering te regelen en door garantiestelling voor langere termijnafspraken. Op korte termijn veel winst maken en snel doorverkopen van rechten zijn voor de ondernemers van zonneweides grote drijfveren, zie ook weer de bijlage 4. Ze staan haaks op positieve betrokkenheid van mensen in de omgeving. Een zorgvuldige inpassing in het landschap, oog voor biodiversiteit, flora en fauna of extra benutten van de grond voor biologische landbouw zijn dan ook meestal te ingewikkeld. Die raken helemaal uit beeld bij doorverkoop. Als vanzelfsprekend worden door overheid en bepaalde groeperingen voor milieubescherming bv ook oude vuilstorten geschikt geacht om zonnevelden op te plaatsen. Daarbij is van optimale sanering dus geen sprake, de problemen worden dan overgeheveld naar komende generaties.

Echte behoorlijke MilieuEffectRapportages komen helaas nog steeds niet voor en het wachten op de resultaten van structureel onderzoek bij andere projecten zoals die van de universiteit van Wageningen is zelden aan de orde. De reden is natuurlijk weer dat het lastig is en teveel tijd kost. Lezing van de huidige concept RESsen van meerdere regio’s laten zien dat er voor goede besluitvorming in heel veel gemeenten geen besef is: •

•

• • •

•

Van het gegeven dat er op zee genoeg windenergiepotentie is om de klimaatdoelen te halen tot aan 2050 toe. Bron de overheid zelf via https://windopzee.nl/onderwerpen-0/wind-zee/hoeveelruimte/ dd. 14-2-21 Dat de technische schaalvergroting bij windturbines en de effecten daarvan in de afgelopen jaren samengaat met ernstige negatieve bijverschijnselen (gezondheidsproblemen, strijdigheid met verdrag van Aarhus, hoge kosten voor netwerkaanpassing en voor de Achterhoek relatief weinig windaanbod). Er is alleen het noemen van het vermogen of de opbrengst en/of de hoogte van die turbines wordt gedaan. Er is daarbij het wishful thinking van bestuurders en ondernemende burgers met de boodschap dat dit de meeste problemen het makkelijkste zal oplossen. Van de veelbelovende technieken die er in de nabije toekomst zijn (waterstof, zonnefolie bv) waar gemeenten dus direct al op zouden kunnen anticiperen om klimaatdoelen van 2030 te halen. Van de Nederlandse stand van zaken in 2020 en de gevolgen daarvan (vanuit de besluitvorming in 2017 en 2018). Veel uitspraken en beweringen worden gedaan op basis van verouderde informatie.

Van de consequenties voor gemeenteraadsleden die richtlijnen van hun landelijke partij moeten volgen of aandacht moeten hebben voor hun gemeenteraadsprogramma van enkele jaren eerder in plaats van het belang van de regio met de actuele inzichten die daarbij horen te laten gelden. Van zowel de kosten als de hoeveelheid tijd die nodig is om het elektriciteitsnetwerk aan te passen. Dit geldt juist in grote mate voor de gevolgen van grootschalige opwekking van elektriciteit ver vanaf het bestaande netwerk; dus juist voor windturbines ver van bebouwing en zonnevelden in afgelegen gebieden en zonnepanelen op grote daken die ver van het net of van gebruikers afliggen. De netbeheerder Tennet heeft aangegeven zeker 10 jaar nodig te hebben om die realisatie te bereiken. Zie ook https://www.rtlnieuws.nl/economie/artikel/5211638/res-klimaatdoelenelektriciteitsnet-duurzaamheid-windmolen-zonne-energie Deze kosten zullen hoe dan ook doorberekend worden aan de belastingbetaler of gebruiker 5

•

•

•

Van het gegeven dat gemeenten om moeten gaan met vereiste bewustwording van inwoners waarbij kleinschalige, milieuvriendelijke activiteiten op niet democratische en niet transparante manier ondergeschikt gemaakt zijn aan grootschalige projecten. Dit mede door de heel verschillende procedures (subsidies en vergunningen) en de harde (in beton gegoten) afspraken vanuit de klimaattafel. Van het gegeven dat er geen bewustwording lijkt te zijn bij veel bestuurders en burgers dat elektriciteitsopwekking dichtbij de bebouwde kom van woonplaatsen veel voordelen heeft t.o.v. de eerder genoemde grootschalige opwek omdat er in de directe omgeving veel gebruikers zijn en er dus geen of minder netwerkaanpassing nodig is en daarnaast tijdelijke opslag van energie veel makkelijker is. De mogelijkheden van SmartGrid -computergestuurd vraag en aanbod in een netwerk matchen- worden zelfs nergens genoemd. Van de mogelijkheid die coöperaties van inwoners zeker hebben om echt duurzaam tot resultaten te komen en aan bewustwording te doen.

Wat er wel ontstaan is in veel regio’s is propagandavoorlichting gericht op snelle realisatie van projecten en met het vermijden van eerlijke, transparante en actueel getoetste achtergrondinformatie. Als het al lijkt te gebeuren blijkt het onvolledig of vanuit een beperkte visie. De voorbeelden zijn legio. Ze worden door heel Nederland steeds weer bevestigd. Het blijkt uit talrijke berichten in de media. Wat betreft de informatie in de Achterhoek zie bijlage 6 “ConceptRES-vragen met commentaar” en de reactie op de site http://www.geenwindmolenshier.nl/. Zie bv ook de energietransitie-enquête in Noordoost Twente , in bijlage 7, waar onder het voorwendsel van een enquête naar duurzaamheid vooral mededelingen gedaan werden en grootschalige besluiten en voornemens opgevoerd werden met daarbij de vraag naar financiële participatie. Merkwaardig en stuitend de verwoording te zien via een persbericht van de uitslag, aansluitend weergegeven in dezelfde bijlage. Het gaat hierbij dus steeds niet om een fundamentele discussie maar wel om grootschaligheid en interessante verdienmodellen (businesscases). Het gaat ook steeds eerst om de vereiste korte termijn realisaties. Lastige oppositie is daarbij meestal niet gewenst. De voorlichting en discussie gaat ook niet in op besluitvormingsachtergronden. Gegeven is daarbij het subsidiebeleid van de overheid.

Resultaat is nog steeds de opdracht aan gemeentebesturen: Richt je vooral op het volgende: •

•

• • •

Kies uit zonnepanelen op grote daken en zonnevelden en windmolens/turbines en stel een mix hiervan samen. Lukken projecten niet ga dan naar andere grootschalige projecten want de te bereiken opbrengsten moeten op tijd gehaald worden. Besteed geen aandacht aan de kostbaarheid van oppervlaktes vanwege ruimtegebrek in Nederland voor landbouwgrond/natuur/benodigde bouwgrond. Het klimaatakkoord gaat boven de maatregelen van de stikstofcrisis. Heb niet meer aandacht voor negatieve omgevingsinvloeden dan voor vergunningsverlening nodig is. Let ook niet op mogelijke relevante Europese Regelgeving of uitgangspunten Doe niet zelfstandig reële afwegingen voor de zonneladder. Besteed geen aandacht aan veelbelovende technieken in de nabije toekomst (waterstof, zonnefolie bv en het gegeven dat nu ook op verticale gevels en schermen zonne-energie zinvol omgezet kan worden) 6

•

• •

•

• •

Besteed weinig aandacht aan kleinschalige opwekking, op grote schaal, door bv coöperaties op te zetten; dit is lastig en weegt niet op tegen de grootschalige projecten. Dit valt daarom in een ander kader. Heb geen aandacht voor het landschap en “het ontstaan van een hagelslagbeeld in het landschap”. Besteed geen aandacht aan de juridische kant, anders dan tot nu toe gebruikelijk. Voor protesten tegen projecten geldt nog steeds de “Crisis en Herstelwet” uit 2011, die was natuurlijk kortdurend bedoeld, maar geldt nog steeds. Kondig al wel de invoering van de Omgevingswet aan die, weten we nu, toch steeds weer uitgesteld wordt. Neem niet mee, de meer actuele inzichten qua resultaten in het transitiebeleid dan het PBL aangeeft, zoals de 90% die op dit moment in Nederland voor de doelstelling voor 2030 al bereikt is (februari 2021 - lector Hanzehogeschool Martien Visser). Dit leidt af van de voortgang van lopende projecten en brengt de bestuurlijke kwaliteiten van de gemeentebestuurders in een negatief daglicht. Zorg ondanks alles snel voor positieve participatie en dus draagvlak van inwoners. Besteed geen aandacht aan creatieve oplossingen als het kopen van een windturbine op zee, waarvan de energie bijdraagt aan de doelstellingen van de gemeenten. Zelfs op termijn via transport van groen waterstof. Dit valt buiten de jaren geleden gestelde kaders.

Bronnen (literatuur), de bijlagen zijn op de volgende pagina’s weergegeven: Pag 8

Bijlage 1

Doelstelling Stichting Leven met de Aarde

Pag 10

Bijlage 2

Juridische kaders van werken met Klimaatakkoord en RES in Nederland

Pag 15

Bijlage 3

Participatie in RES volgens Natuur en Milieu Gelderland

Pag 17

Bijlage 4

Gevolgen van beleidsuitvoering zonneweiden in het AD 17-1-2021

Pag 29

Bijlage 5

Martien Visser in het Financieel Dagblad 9 februari 2021

Pag 30

Bijlage 6

Concept RES - vragen met commentaar

Pag 31

Bijlage 7

Enquête Energie van Noordoost Twente

Namens de Stichting Leven met de Aarde L.E.R. (Leo) van der Stelt Zoekerweg 2 7582 PX Losser Tel. 06 2693 2777

Email: vandersteltleo@gmail.com

7

Bijlage 1 Stichting Leven met de Aarde

De doelstelling en werkwijze van de Stichting Leven met de Aarde luidt:

Het bevorderen van duurzaam samen leven van alle leven, planten, bomen, dieren en mensen met de aarde op welke schaal dan ook. Indachtig dat een duurzame samenleving een holarchie is waarbij vier hoofdaspecten kunnen worden onderscheiden:

a. Een spiritueel: Open zijn voor en naar het onbekende, het misschien alles omvattende; eerbiedig verwonderd zijn in alle bestaan, aandachtig zijn; bewust leven, denken, willen, meedoen, verantwoordelijkheden willen dragen; creatief willen zijn met visie; schoonheid nastreven; vrij zijn. b. Een ecologisch: Biodiversiteit onderhouden, biomassa/milieugebruiksruimte zo groot mogelijk maken en koesteren; rechtvaardig delen en optimaal benutten van natuurlijke kringlopen voor het noodzakelijke voor blijvend voortbestaan van alle leven met de aarde, in gezondheid en vrede. c. Een sociaal: Aandacht en zorg geven aan elkaar en aan de natuur; samen overleggen, werken en delen op basis van gelijkwaardigheid; tijd besteden aan sport, spel, theater, zang, muziek, dans, kunst, met vreugde en liefde. d. Een economisch: Richten op ontplooiing en welzijn van alle mensen en de natuur met de aarde; het benutten van fossiele energieën vervangen door het benutten van alternatieve energieën en natuurlijke kringlopen; spaarzaam benutten van grondstoffen, materialen en producten; het hergebruiken van producten, materialen, en grondstoffen.

en voorts al wat hiermee rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.

De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door: 8

a. Te streven naar een bewogen deskundig eigen bestuur b. Studie en onderzoek c. Voorlichting en/of communicatie en/of samenwerking van/met particulieren, organisaties, verenigingen, stichtingen, bedrijven, instellingen en overheden; d. Ondersteuning van activiteiten en innovaties gericht op of passend in een duurzame samenleving; e. Tegengaan van gangbare en nieuwe denkwijzen en gewoonten die duurzaam samen leven met de aarde in de weg staan; f. Te streven naar een oprecht gebruik van de term “duurzaamheid”; g. De bovenstaande punten in de meest algemene zin te bedoelen ook buiten Nederland. Secretaris: Lies Visscher - Endeveld, Warmseweg 22, 7075 EL Etten Tel: 31 (0)315-341052 e-post: liesvisscher@live.nl of levenmetdeaarde@live.nl KvK Arnhem nr.09122301 opgericht op 11 juli 2001 te Doetinchem Gerelateerd aan Stichting Behoud Kemnade en Waalse Water Sinds 15 oktober 2008 lid van PGL (Partners voor een Gezond Leefmilieu) Aangesloten bij Nyeleni Europe sinds 2011 Aangesloten bij Stay Grounded info@stay-grounded.org sinds 26 juli 2018 Volger van “Follow the Money” sinds 25 januari 2019 IBAN van de stichting is NL76 INGB 0009143133.LmdA is een ANBI

9

Bijlage 2 Juridische kaders van werken met Klimaatakkoord en RES in Nederland Relevante informatie uit de afgelopen weken (vanaf 19 januari 2021)

a) Rijksoverheid.nl Kabinet vraagt adviescommissie participatie in het klimaatbeleid te onderzoeken Nieuwsbericht | 29-01-2021 | 16:00 Minister Van ’t Wout van EZ merkt dat er steeds meer weerstand komt tegen de geforceerde introductie van grote windmolens op land en grote zonnevelden: Klimaatverandering gaat de komende tijd meer en meer invloed krijgen op ons dagelijks leven. Zo gaat de aanpak ervan belangrijke gevolgen hebben voor veel mensen in onze samenleving. Het is daarom belangrijk dat de samenleving voldoende betrokken is bij het maken en uitvoeren van het klimaatbeleid. Daarom vraagt het kabinet een onafhankelijke adviescommissie onder leiding van voormalig nationaal ombudsman prof. dr. Alex Brenninkmeijer onderzoek te doen naar hoe burgers beter betrokken kunnen worden bij het klimaatbeleid. De adviescommissie wordt gevraagd om een eindrapport te maken dat rond de verkiezingen van maart 2021 klaar is, zodat de resultaten beschikbaar zijn voor het volgende kabinet. De uitkomsten van het onderzoek kunnen belangrijk zijn voor de toekomst van burgerparticipatie in Nederland en voor het kabinet dat na de verkiezingen van maart 2021 aantreedt.

b) Democratisch Energie Initiatief (DEI) dd 19-1-21 voor ministerieel overleg op EZ: POSITION PAPER KNELPUNTEN RES 1. Democratische legitimering RES ontbreekt

2. Schenden EU richtlijnen door ontbreken MER

1. Democratische legitimering RES ontbreekt A. Klimaattafels Het klimaatakkoord is niet besluitvormend behandeld in het parlement. De verregaande plannen zijn tot stand gekomen aan de Klimaattafels. Aan deze tafels participeerden alleen belanghebbenden die in de gewenste denkrichting opvattingen hebben. Burgers zijn volledig buiten beeld gebleven. Het ging om een selectie van partijen, die (bijvoorbeeld) aan de Klimaattafel Elektriciteit een groot eigenbelang hadden, en nog steeds hebben, bij de subsidies voor de bouw van windparken. B. Aarhus: de burger De burger heeft geen wezenlijke invloed op de ruimtelijke planvorming en het ruimtelijk beleid dat in de Omgevingsvisie en in de RES wordt voorgenomen (in strijd met Verdrag van Aarhus). Het verdrag van Aarhus bepaalt dat om recht te kunnen doen gelden en deze plicht te kunnen vervullen, burgers toegang tot informatie, recht op inspraak in de besluitvorming en toegang tot de rechter betreffende milieuaangelegenheden moeten hebben. In dit verband is erkennend dat burgers bijstand nodig kunnen hebben om hun rechten uit te oefenen.

10

Het Verdrag van Aarhus bepaalt ook: - reële invloed, zeggenschap van het eerste moment planproces (ook voorstadium) op basis van volledige en volwaardige informatie aan de burger. Zij moeten van alle consequenties op de hoog- te gesteld worden. De informatie moet actueel zijn, nauwkeurig en vergelijkbaar. - de toestand van de gezondheid en veiligheid van de mens, met inbegrip van de verontreiniging van de voedselketen, indien van toepassing, de levensomstandigheden van de mens, waardevolle cultuurgebieden en bouwwerken, voor zover zij worden of kunnen worden aangetast door de bedoelde toestand van elementen van het milieu of, via deze elementen, door de bedoelde factoren, maatregelen of activiteiten. C. Burgerberaad en Gedragscode acceptatie en participatie windenergie op land Het burgerberaad en burgerconventie Klimaatcrisis Inmiddels is in grote lagen van de bevolking plus bestuur doorgedrongen dat burgers ruimschoots zijn gepasseerd bij de totstandkoming van de RES en rijzen de actiegroepen als paddenstoelen uit de grond. Mensen zien hun leefomgevingen bedreigd door reusachtige windturbines en weilanden vol zonneparken. Veel burgers hadden tot dan toe geen beeld van de RES en ook nu nog is de informatie over het proces ondoorzichtig en moeilijk te vinden. Dit geldt net zo goed voor vele gemeenteraden.

Veel raadsleden tasten in het duister en de organisatie wordt in opdracht van de Colleges, overgelaten aan externe ingehuurde of aangenomen projectleiders. Nu lijkt de oplossing in zicht door het instellen van burgerpanels, een initiatief van het CDA met de verkiezingen nabij, waarin 150 door loting aangewezen burgers gaan adviseren over haalbare en betaalbare oplossingen om de doelen van het klimaatakkoord te realiseren. Zo is de politiek ingedekt want er is ‘draagvlak’. In het voorstel tot wijziging klimaatwet 1.5 wordt eenzelfde initiatief beschreven maar heet het burgerconventie. De Tweede Kamer heeft inmiddels via de aangenomen motie Mulder c.s. de regering verzocht “een overzicht voor te bereiden waarin de mogelijkheden van burgerpanels met de voor- en nadelen en de ervaringen in Nederland en in het buitenland worden beschreven”.

Een aantal vragen rijzen: hoe kunnen 150 mensen representatief zijn voor de Nederlandse bevolking, wat is de juridische en politieke waarde van de adviezen (als ze niet in het verlengde van de RES liggen kan een en ander genegeerd), wie bepaalt de agenda van het burgerpanel (die agenda zal in het verlengde van de RES liggen, wat op voorhand al voor problemen zal zorgen, kernenergie en niet-van-het-gas-af zijn geen optie), wat te doen met regio’s die door loting niet in het burgerpanel zitten, wat te doen met minder mondige achterbannen die nu ook genegeerd zijn (de praktijk zal zijn, zoals altijd, dat mondige en goed opgeleide burgers deelnemen, ondanks loting, want mensen kunnen weigeren deel te nemen) etc. Burgerpanels zijn een fopspeen gebleken, net zoals alle participatierondes mosterd na de maaltijd zijn, en dat zal zo blijven. De RES is vanaf de start zo opgesteld dat burgers achter blijven lopen en dit is niet te repareren. Gedragscode Ook de recent getekende gedragscode acceptatie en participatie windenergie op land opgesteld en ondertekend door Greenpeace, Milieudefensie, NWEA, Natuur & Milieu, de Natuur- en Milieufederaties, de NLVOW en EnergieSamen, gaat hier niet aan helpen. Hierin wordt gesproken over het zo vroeg mogelijk betrekken van belanghebbenden, maar dit stadium is al voorbij zoals we op verschillende plaatsen in deze position paper beschrijven.

Naast regulier communicatie vastgelegd in een participatieplan gaat het om financiële participatie, hetgeen een verplicht onderdeel van de RES is (beiden worden in de vorm van op te richten energiecorporaties gestalte gegeven). Onder par. 3.4 beschrijven we dat onderzoek onder een groot aantal windparken heeft laten zien dat burgers niets meekrijgen van financiële participatie. Daarbij is het de vraag of dit doekje voor het bloeden compensatie kan bieden voor de gezondheidsproblemen en overlast die inherent zijn aan dit soort grote industriële installaties. De compensatie heeft tot gevolg dat mensen hierover nooit meer kunnen klagen, de parken hangen dan als een molensteen om hun nek. Ten overvloede herhalen we hier dat omwonenden die met dergelijke megalomane plannen worden geconfronteerd, recht hebben op een NEE, minimaal door een referendum. Een burgerpanel van 150 mensen mag nooit iets te zeggen over alle gebieden in Nederland, dit is een ondoordachte noodgreep. 11

D. Aarhus: de gemeenteraad Gemeenten en gemeenteraden ontberen de beslisruimte die het Europees Handvest betreffende de Lokale Autonomie voorschrijft. Op grond van de rijkscoördinatieregeling heeft het rijk doorzettingsmacht bij ruimtelijke plannen. Daarbij wordt wel geschermd met een nationaal belang. Zo’n nationaal belang hoeft echter nauwelijks behoorlijk te worden onderbouwd. Controles en afwegingen ontbreken (in tegenstelling tot de situatie bij voorheen de zgn. planologische kernbeslissing). Er ligt geen besluit van het parlement ten grondslag aan een nationaal belang. Ook daar staan de volksvertegenwoordigers in essentie buiten spel. De rijkscoördinatieregeling is in veel gevallen van rechtswege van toepassing, dat houdt in ‘automatisch van toepassing’. Dat is o.a. geregeld in de Elektriciteitswet, Gaswet, Mijnwet, Tracéwet, Waterwet, Wet ruimtelijk ordening (Wro). De Wro regelt dat met betrekking tot rijksstructuurvisies slechts zienswijzen kunnen worden ingediend, maar dat geen beroep kan worden ingesteld. Zogenaamd omdat rijksstructuurvisies slechts de overheid binden die de structuurvisie opstelt. Echter, als gevolg van de doorzettingsmacht van het rijk bevatten rijksstructuurvisies bindende beslissingen waartegen geen beroep open staat voor burgers en gemeenten.

De Crisis- en herstelwet verbiedt gemeenten om beroep aan te tekenen tegen structuurvisies van zogenaamde ‘hogere’ overheden. Die ‘hogere’ overheden overleggen in de regel niet met gemeenten over de plannen voor het grondgebied van die gemeenten, ze kunnen die plannen immers doordrukken. De lokale autonomie van gemeenten wordt door de doorzettingsmacht van de rijkscoördinatieregeling en de Crisis- en herstelwet ernstig aangetast. Dit is in strijd met het Europees Handvest Lokale Autonomie (door Nederland en de EU geratificeerd). Het huidige ruimtelijk- en energiebeleid heeft er, met de toepassing van de Crisis- en herstelwet en de rijks - (en provinciale) coördinatieregeling toe geleid dat grootschalige windmolenparken door het rijk, tegen de wil van de burgers en gemeenten en zonder overleg met en besluitvorming door gemeenteraden zijn doorgedrukt. Het rijk krijgt hierbij hulp van de provincie en door het rijk mede gesubsidieerde organisaties zoals IPO, VNG en Unie van Waterschappen. Deze democratische tekortkomingen zijn schadelijk voor onze democratie, de lokale autonomie en ze ondergraven het draagvlak voor het energie- en klimaatbeleid. Het hierboven geformuleerde gaat over een top-down benadering, terwijl de RES als een bottom- up format gepresenteerd wordt. Echter, in het Klimaatakkoord zijn de colleges tot bevoegd gezag verklaard en staan de gemeenteraden buitenspel.

Door dit besluit geeft het format van de RES de gemeenteraden en burgers geen mogelijkheid om binnen het kader van de zgn. “algemene beginselen van behoorlijk bestuur” te beoordelen of de opgave haalbaar is binnen een voor de gemeente acceptabel budget, en of de eindsituatie acceptabel zal zijn voor haar burgers. INTERESSANTE UITSPRAAK Marcel Boogers, bestuurskundige aan de Universiteit van Twente, is zeer kritisch over de manier waarop de RES’en, de ingrijpendste ruimtelijke plannen sinds jaren, tot stand zijn gekomen. Hij hekelt de constructie waarbij gemeenten, provincies en waterschappen samen energieregio’s vormen. ‘In gewoon regionaal bestuur is het duidelijk wie welke rol heeft, wie verantwoording moet afleggen aan wie. In deze regio’s niet. Er is voor deze manier van besturen geen wettelijke basis. De procedure staat alleen in het Energieakkoord beschreven.’ Er is geen bestuurslaag aan te wijzen die de verantwoordelijkheid heeft, en dus is niet duidelijk ‘wie het de burger gaat uitleggen’ dat die windmolen in zijn achtertuin komt. Dit is wel een risico voor de democratische rechtsstaat. Het is voor niemand te achterhalen hoe de besluitvorming tot stand is gekomen. Zie: https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/waar-precies-komen-straks-dewindmolens-en-zonneparken-voor-de-energietransitie~bca6d98e/

12

2. Schenden EU richtlijnen door ontbreken MER 2.2 EU-richtlijnen als normenkader voor onderzoek naar effecten op beschermingsniveau gezondheid mens, leefbaarheid en milieu Voor de voorgestelde ingrijpende veranderingen in de omgeving dienen mogelijk MER’s opgesteld en beoordeeld te worden. Dat is een langdurig en arbeidsintensief proces. In de RES’en staat meestal genoemd dat de initiatiefnemer een MER uitvoert, echter in de huidige regelgeving bestaat geen MER meer. Er worden bij windparken wel milieutoetsen gedaan, maar op basis van normen die staan in het zogenoemde Activiteitenbesluit. Dat zijn algemene, wettelijke regelingen en daarom volgens de Raad van State niet zelf onderworpen aan een milieueffectrapportage. Deze huidige regelgeving is gebaseerd op het geluid van turbines met een ashoogte van 64 meter meter hoog. Turbines van de huidige hoogte (240 mt: deze hoogste in Nederland staat op de Maasvlakte, de wieken meten twee voetbalvelden) maken 1 tot 2 dB meer geluid dan de getoetste lagere windturbines. Elke dB meer betekent een verdubbeling van het huidige geluid. Dit in weerwil van wat de fabrikanten ons voorspiegelen, die hun turbines aanprijzen als zijnde een stillere variant dan de vorige. Bij de ontwikkeling van een type windturbine wordt deze qua geluidsbelasting in optimale situatie getest.

De testresultaten worden verwerkt in een Handleiding Geluidsbelasting windturbines Type X. Deze handleiding wordt gebruikt bij het inplannen van windturbines op een te ontwikkelen locatie. Dit blijkt een papieren werkelijkheid te zijn. In de praktijk blijkt dat iedere turbine zijn eigen geluidsfrequentie (dBa en LFG) heeft. De contouren van het geluid reiken in de praktijk verder dan berekend en de overlast is dus groter. Diverse praktijk onderzoeken wijzen dit uit. Klachten van burgers worden in de regel niet serieus genomen, want op papier kunnen zij geen overlast ervaren. Dit leidt naast frustraties ook tot stress en gezondheidsproblemen. Daarnaast geldt voor geluid veroorzaakt door windturbines het jaargemiddelde dat aan alle turbines als standaard wordt opgelegd. Een gemiddelde verdoezelt heel handig de klachten die turbines met pieken in hun geluid bij omwonenden geven en noopt overheden niet om onderzoek ernaar uit te voeren. Men verschuilt zich achter de richtlijnen en de normen worden daardoor niet overschreden. De gezondheidsrisico’s voor omwonenden zijn door het steeds hoger worden van de windturbines niet met de juiste gegevens getoetst en dit vormde de basis van het kort geding dat advocaat De Lange onlangs aanspande in Assen.

De risico’s moeten volgens hem meegenomen worden in de plannen voor windparken, sinds de uitspraak van het Europees Hof die deze omissie in de wetgeving heeft erkend. De eis om een te bouwen windpark in Groningen stop te zetten is niet ontvankelijk verklaard, niet op basis van de inhoud maar vanwege procedurele gronden. Vervolgstappen om inhoudelijk een rechtelijke uitspraak te krijgen op het niet toepassen van de uitspraak van het Europese Hof zijn gepland. De uitspraak van het Europese Hof heeft in België gezorgd voor het stopzetten van de bouw van een windpark, omdat de gezondheid van de omwonenden niet gegarandeerd kan worden. Wanneer de initiatiefnemer een MER uitvoert, zal dat volgens de huidige regelgeving zijn die niet voldoet. Het geluid van hoge turbines is luider dan van lage en het gaat om een hinderlijk, dreunend impulsgeluid. Naast impulsgeluid produceren windturbines laagfrequent geluid en er komt steeds meer bewijs dat dit schadelijk is voor omwonenden. Recentelijk aangevuld door een Nederlandse onderzoeker op basis van meer dan driehonderd recent gepubliceerde wereldwijde studies naar gezondheidsaspecten van o.a. laagfrequent geluid.

Een zelfde redenering gaat op voor LFG, dat niet door iedereen op dezelfde manier wordt ervaren, maar wel ernstige gezondheidsklachten kan geven (somatische klachten als maag- en darmproblemen, stress, hartritme klachten en hoofdpijnen). Daarnaast treden slaapstoornissen en oververmoeidheid op. Omdat LFG een klein gedeelte van het geluidsspectrum uitmaakt, is dit sinds de invoering van de CHW opgenomen in het geheel en aangemerkt als verwaarloosbaar. Een recent onderzoek, van klinisch fysicus Jan de Laat van het Leids Universitair Medisch Centrum LUMC, laat zien dat hartklachten kunnen verergeren onder invloed van langdurige blootstelling aan laagfrequent (brom)geluid, dat onder andere door draaiende windturbines wordt geproduceerd. Het onderzoek is belangwekkend omdat De Laat meer dan driehonderd recent gepubliceerde wereldwijde studies naar gezondheidsaspecten van onder andere laagfrequent geluid analyseerde. 13

Tot slot, kent Nederland de soepelste geluidsnormen in Europa. De afstand tot woningen mag 400 meter zijn, maar sommige GGD ’en adviseren 800 meter. Volgens een recent rapport van het RIVM, gebaseerd op het WHO-advies, ervaren momenteel 3 miljoen huizen (37%) meer dan 55 decibel geluidhinder en ernstige gezondheidseffecten (zoals hartziekten) treden al op bij lagere geluidsniveaus dan tot nu toe werd aangenomen. Het wettelijk toegestane geluidsniveau moet omlaag en het kabinet moet het geheel van geluidhinder in kaart brengen en maatregelen formuleren. Een zorgvuldige besluitvorming waarbij het belang van burgers zwaarder weegt dan het algemeen belang behoort tot uw verantwoordelijkheid, zoals ook naast het Verdrag van Aarhus verwoord is in de Grondwet (al eerder genoemd maar ten overvloede hier herhaald): Art. 21 Grondwet: “De zorg van de overheid is gericht op de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu.“ Art. 22 Grondwet: “De overheid treft maatregelen ter bevordering van de volksgezondheid.” Tenslotte verwijst DEI u naar een uitspraak van Hoogleraar Herman Bröring: INTERESSANTE UITSPRAAK Hoogleraar Herman Bröring van de RUG meldde dat de overheid het verzet tegen windmolens over zichzelf heeft afgeroepen. De leefomgeving van mensen wordt aangetast zonder dat ze daar greep op hebben. Ze worden dan heel ongemakkelijk en heel boos.

Door de rijkscoördinatieregeling werd de gemeente aan de kant geschoven. Windparken en zonneparken zijn nooit een onderwerp van politiek debat geweest. Het is pas daarna besproken. Zie: https://www.rtvnoord.nl/nieuws/206926/Hoogleraar-De-overheid-heeft-het-verzettegen- windmolens-over-zichzelf-afgeroepen. Deze uitspraak is gedaan ruimschoots voordat de position paper van dhr. Omtzigt is opgesteld, edoch het raakt aan de misstanden rondom de toeslagenaffaire.

14

Bijlage 3 Participatie in RES volgens Natuur en Milieu Gelderland GEPLAATST OP 01-02-2021 IN NIEUWS. “https://www.natuurenmilieugelderland.nl/nieuws/snel-volwaardige-plek-voor-natuur-enparticipatie-in-res Er is geen tijd meer te verliezen. Participatie en ruimtelijke principes moeten snel de volle aandacht krijgen in de dertig regionale energieplannen.” Annie van de Pas, netwerkdirecteur van de Natuur en Milieu Federaties, reageert op de vandaag gepubliceerde Monitor concept-RES van het Planbureau voor de Leefomgeving, die deze analyse ondersteunt.

Belofte participatie nog niet waargemaakt Van de Pas: “De belofte van een ‘gedragen RES’ waar alle treden van de ‘participatieladder’ worden ingezet, is tot op heden niet waargemaakt. Dat blijkt uit onze analyse en wordt bevestigd door deze monitor van het PBL: burgers zijn onvoldoende betrokken bij de totstandkoming van de regionale energieplannen. Ramen en deuren van de RES moeten veel meer open worden gezet voor bewoners, omgeving en lokale en maatschappelijke organisaties die nu onvoldoende betrokken worden. Dit kan ook digitaal. Toon lef en daadkracht als bestuurders en beleidsmakers. Geef nadrukkelijk de toekomstige generatie en burgerfora een stem en laat hen (bijv. via Jong RES) plaatsnemen in de stuurgroepen die er in de regio’s zijn.

Afstemming over kwetsbare natuur cruciaal Ook ruimtelijke principes en afwegingskaders voor natuur en landschap zijn voor de meeste RES’en onvoldoende uitgewerkt. Alle dertig regionale energieplannen hebben meer landelijke betrokkenheid en kaders voor natuur en landschap nodig. Zo is meer afstemming tussen de RES-regio’s over kwetsbare natuur cruciaal, om te voorkomen dat we nu de verkeerde keuzes maken. “Het is daarom een gemiste kans dat het PBL natuur nu niet meeneemt in deze monitor. Natuurafwegingen en effecten voor het geheel van de dertig plannen kunnen namelijk niet op RES-niveau worden gemaakt. Verkeerde keuzes kunnen hier zeer negatieve en langdurige consequenties hebben. Meer overleg moet snel plaatsvinden om ongelukken te voorkomen. Anders komen we bij de uitvoering in de problemen, raken we achter in het halen van onze doelen en delft de natuur verder het onderspit”, aldus Van de Pas.

15

Wat er nu moet gebeuren •

•

•

• •

•

•

•

Maak van de RES een echt sociaal-maatschappelijk project. Werk in co-creatie mét bewoners, maatschappelijke partners en bedrijven. Laat hen meedenken, meedoen, meebeslissen en meeprofiteren en betrek hen niet pas als keuzes al gemaakt zijn. Zo wordt ook invulling gegeven aan het doel om via de RES langjarige samenwerking te organiseren met betrokken partijen, met name voor de voorbereiding en uitvoering van energieprojecten. Het is belangrijk dat gemeenten lokaal eigendom en financiële participatie goed opnemen in hun beleidskaders en door de RES’en aangemoedigd worden om te kijken hoe het wél kan. Per regio is een ‘plan van aanpak 50%’ nodig. Stel beleid op en selecteer projecten waar ontwikkelaars de inspanning hebben gedaan om te voldoen aan de afspraken uit het Klimaatakkoord. Laat het Plan Bureau voor de Leefomgeving natuur en landschap meenemen in de analyse zodat we straks goed afgewogen kunnen zien wat alle RES’en cumulatief betekenen voor ecologie en landschap. Voorzie alle dertig regionale energiestrategieën van een planMER. Neem meer regie op Nederlands landschap en natuurgebieden. Maak robuuster natuurbeleid. Landelijke eenduidige afspraken over hoe om te gaan met natuur en hoe kwetsbare natuur, zoals N2000-gebieden, te ontzien zijn nodig.

Kom per regio tot een onderbouwd afwegingskader voor natuur en landschap bij de energietransitie, kijk meer integraal naar de kansen tussen energieopwekking en natuur en landschap. Gebruik hiervoor de handreiking die door NMF is opgesteld: ‘Natuur en landschap in de RES: bouwstenen voor een natuuren landschapsinclusieve energietransitie’. Kijk naar gebiedsgerichte opgave en integrale gebiedsontwikkeling zodat er veel meer multifunctioneel ruimtegebruik kan plaatsvinden. Stem met de RES’en af op basis van het totaalplaatje van de dertig RES’en en op basis van de opgetelde effecten op ecologie.

16

Bijlage 4 Gevolgen van beleidsuitvoering zonneweiden in het AD 17-1-2021

Zonnepark in weilanden bij Wilp, onder de rook van Deventer © FOTO HISSINK

Kamer schrikt van opkopen zonneparken door buitenlandse bedrijven: ‘Bijzonder onwenselijk’ Het kabinet moet strengere eisen stellen aan de bouw van zonneparken, zodat subsidies niet meer massaal naar het buitenland verdwijnen en inwoners financieel meer gaan profiteren. Dat stellen Kamerleden na onderzoek van deze krant, waaruit zaterdag bleek dat veel zonneparken worden opgekocht door buitenlandse investeerders waardoor omwonenden buitenspel staan. Paolo Laconi 17-01-21, 08:00 Laatste update: 12:32

CDA-Kamerlid Agnes Mulder is ervan geschrokken dat Nederlandse zonneparken op grote schaal worden opgekocht door buitenlandse bedrijven. Ze heeft Kamervragen gesteld en wil dat het kabinet actie onderneemt. Volgens Mulder komen belangrijke zaken zoals bewonersparticipatie, financieel mee profiteren door de omgeving en een goede ruimtelijke inpassing in gevaar door de gang van zaken. ,,Bijzonder onwenselijk”, stelt ze. Mulder vraagt minister Cora van Nieuwenhuizen (de opvolger van de afgetreden Wiebes) met voorstellen te komen die ervoor zorgen dat niet nóg meer zonneparken aan het buitenland worden verkocht, maar juist lokaal worden opgezet. ,,Het CDA is groot voorstander van burgercoöperaties die participeren in zonneparken. Maar dan moeten die niet buitenspel worden gezet door buitenlandse bedrijven die hier alleen voor de winsten naartoe komen”, aldus Mulder.

17

https://www.ad.nl/economie/buitenlandse-investeerders-gaan-er-vandoor-met-miljoenensubsidies-enwinst-van-zonneparken~a3f41bf9/

Buitenlandse investeerders gaan er vandoor met miljoenensubsidies én winst van zonneparken Buitenlandse bedrijven kopen op grote schaal Nederlandse zonneparken op. De winsten en miljarden euro’s subsidies verdwijnen naar het buitenland en dat zet kwaad bloed. Experts willen dat het kabinet ingrijpt. Paolo Laconi < 16 jan. 2021 Laatste update: 10:28

Uit onderzoek door deze site blijkt dat van de 33 grootste zonneparken inmiddels 79 procent in buitenlandse handen is. Daarmee verdwijnt maximaal 889 miljoen euro aan subsidiegeld naar het buitenland. Projectontwikkelaars en investeringsfondsen uit met name Duitsland, China, Engeland en Scandinavië bouwen zonneparken op Nederlandse grond en kopen ze op grote schaal op. ,,Er is een explosieve toename van zonneparken die vrijwel allemaal in handen komen van buitenlandse investeerders”, zegt Jan Rotmans, als hoogleraar transitiekunde en duurzaamheid aan de Erasmus Universiteit een van de grootste aanjagers van de energietransitie. ,,Onze subsidies zijn een melkkoe voor deze investeerders. Het levert ze hoge rendementen op, die ook nog eens weglekken naar het buitenland. Ze verdienen veel geld dat eigenlijk voor de regio bedoeld is.” Lees onder de foto het uitgebreide verhaal over hoe tientallen bedrijven zich op schaarse Nederlandse (landbouw)grond storten om grootschalige zonneparken te bouwen en bekijk of er ook bij jou in de buurt een zonnepark komt.

1. Zonneparken: een vechtmarkt Een gouden Porsche Cayenne rijdt het erf op van Nette Kruzenga even buiten Sappemeer. De auto stopt naast haar huis. Een man stapt uit. Het is Symen Jellema, directeur en eigenaar van projectontwikkelaar PowerField. Zijn bedrijf wil het grootste zonnepark van West-Europa bouwen. Op de akkers naast het huis van Kruzenga. Ruim 320.000 zonnepanelen op een perceel ter grootte van 230 voetbalvelden. Groter dan de binnenstad van Den Bosch. Het is voorjaar 2016. Kruzenga, jurist van beroep, is fel tegen de bouw van het zonnepark, dat haar uitzicht over de landerijen zal verpesten. Een jaar eerder heeft ze met haar actiegroep de rechter zover gekregen om de gaswinning rond Loppersum stil te leggen. Jellema is beducht voor haar faam en reist af naar Sappemeer. ,,Hij wilde ons verzet breken’’, vertelt Kruzenga, terwijl ze aan de keukentafel Groningse kruidkoek in plakken snijdt. ,,Hij kwam met mooie praatjes over een duurzame wereld. Het zonnepark zou de biodiversiteit versterken. Bijen zouden afkomen op de speciale bloemen en kruidenmengsels die ze gingen zaaien. Het was stuitend. Vanaf het moment dat hij in zijn gouden Porsche mijn oprit opreed, was voor mij wel duidelijk waar het hem om te doen was. Zo’n zonnepark levert heel veel centjes op.’’ 18

Nette Kruzenga en René Cordes aan de rand van het op één na grootste zonnepark van Nederland in Sappemeer. © Corné Sparidaens Zonneparken zijn aan een razendsnelle opmars bezig. De afgelopen jaren werden er tientallen gebouwd, de komende jaren komen er honderden bij. Kleintjes van een paar hectare, maar ook veel grote. Zonnevelden van meer dan vijftig voetbalvelden zijn tegenwoordig heel normaal.

Grof geld Een grote lap grond is cruciaal, daarom krijgen landeigenaren - meestal boeren - wekelijks projectontwikkelaars over de vloer. Die bieden grof geld, tot wel tienduizend euro per hectare. Een boer die 25 hectare land verpacht ontvangt jaarlijks al snel zo’n 200.000 euro. Twintig jaar lang. Daarvoor hoeft hij zijn trekker niet één keer de stal uit te rijden. Geertjan Kloosterboer is melkveehouder in Oxe, onder de rook van Deventer. Hij heeft 120 koeien en 62 hectare land. De afgelopen tijd is hij door meerdere projectontwikkelaars benaderd. Ze hebben bedrijfsnamen waar hij nog nooit van heeft gehoord. Sommigen bellen netjes op, anderen staan onaangekondigd op zijn erf. Of hij een deel van zijn land wil verpachten voor een zonnepark. Ze weten precies wat de rendementen zijn en beloven hem gouden bergen. Het ene bod is nog hoger dan het andere.

Er is veel animo om zonneparken te bouwen, daarom krijgen agrariërs geregeld bezoek Niek Tamminga, Solarfields

,,Er zitten nette gasten tussen, maar ook opdringerige types. Die komen met een gelikt verkoopverhaal. Alsof je in zo’n Tel Sell-reclame zit, dat gevoel. Ze doen je geloven dat je een volslagen idioot bent als je niet met ze in zee gaat.’’ Soms drinkt hij een kop koffie met ze, benieuwd naar de mogelijkheden. Als boer zit hij er dubbel in: zonneparken snoepen schaarse landbouwgrond af en drijven de prijzen op. 19

Tegelijkertijd ziet hij dat zijn gemeente, Deventer, in 2030 energieneutraal wil zijn. Daarvoor zijn windparken en zonnevelden nodig. Dan kun je de hakken in het zand zetten of je gaat in gesprek. ,,De grondprijzen zijn niet misselijk. Ze bieden je het tienvoudige van de normale waarde. Zo’n deal kan je als boer een goed pensioen opleveren.’’ Niek Tamminga is Head of Business Development bij Solarfields, een van de grootste zonneparkbouwers van het land. Hij stuurt zijn mensen op visite bij agrariërs zoals Kloosterboer. Ze drinken veel koffie, maar tot een deal komen is lastig want de concurrentie is moordend.

Buitenlandse investeerders kopen graag Nederlandse zonneparken. De bijbehorende subsidie verdwijnt naar het buitenland. © AD Graphics ,,Net als andere projectontwikkelaars volgen wij de regionale energiestrategieën op de voet’’, zegt Tamminga. ,,Er is veel animo om zonneparken te bouwen, daarom krijgen 20

agrariërs geregeld bezoek. Soms worden we zelf benaderd. Dan wil een boer weten wat een zonnepark op zijn land betekent voor zijn bedrijfsvoering.’’ Terwijl windparken vooral gebouwd worden door een selecte groep energiereuzen, zoals Vattenfall, Essent, RWE, Eneco en Pure Energie, zit de markt voor zonneparken veel grilliger in elkaar. Aangetrokken door de miljarden euro’s subsidies die de Nederlandse overheid verstrekt, duiken tientallen projectontwikkelaars overal in het land op.

Vechtmarkt ,,Het is een vechtmarkt met heel veel concurrentie’’, zegt directeur Egbert Ludwig van Bronnen VanOns, een coöperatieve ontwikkelaar van wind- en zonneparken die wil dat de duurzame energieproductie voor de helft in handen komt van de lokale bevolking. In zijn ogen zijn de lucratieve subsidies de enige reden voor commerciële ontwikkelaars om zonneparken te bouwen. ,,De overheid strooit zo kwistig met geld dat je er een prachtige businesscase mee hebt, met rendementen tot soms wel 15 procent. Het gevolg is dat tientallen projectontwikkelaars opduiken, als bijen op de honingpot. Ook dubieuze partijen die het niet zo goed voor hebben met de omgeving. Aan bewonersparticipatie hebben zij geen boodschap. Hun enige motivatie is zoveel mogelijk geld verdienen.’’ Betrokkenen spreken van wildwesttaferelen en noemen de rotte appels cowboys of sprinkhanen. Vaak zitten achter die projectontwikkelaars buitenlandse investeerders die een zo hoog mogelijk rendement nastreven. Dat botst met de eisen die we in Nederland stellen aan zonneparken, zoals bewonersparticipatie en omwonenden die er financieel beter van worden. ,,Er zijn veel buitenlandse partijen actief op de Nederlandse markt’’, zegt Sytse Bouwer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10082343/1