CConstaterende datOmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-11-23 Nota van behandeling zienswijze ontwerp-omgevingsvisie Gemeente Ommen geanonimiseerd

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente OmmenBij agendapunt: Vaststelling Omgevingsvisie Ommen Jouw Toekomst (259984)12.940 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Los van de grote financiële bezwaren die er tegen deze knip zijn, wijst de indiener hier nogmaals op de grote toename van de verkeersintensiteit op de rondweg N437, die blijkens de Omgevingsvisie wordt opgewaardeerd. Deze loopt vlak langs Natura 2000-gebied, waar extra stikstofdepositie verboden is. Het verleggen van de verkeersbewegingen heeft echter onherroepelijk extra stikstofemissie nabij het Natura 2000-gebied (en daarmee extra stikstofdepositie óp het reeds overbelaste Natura 2000gebied) tot gevolg. In dat kader is van belang dat in paragraaf 8.2 van de Omgevingsvisie is opgemerkt dat geen plan-mer nodig is, omdat niet is voorzien in expliciete ruimtelijke keuzes. Voor zowel het weren van doorgaand verkeer over de Schurinkstraat als het opwaarderen van de rondweg is geen enkel voorbehoud gemaakt, zodat de indiener daarin wel degelijk zo'n expliciete keuze leest. Het opstellen van een plan-mer is onder die omstandigheden aangewezen. De moeite die moet worden gestoken in een plan-mer voor de provisorische en verre van ideale tussenoplossing, kan wat de indiener betreft echter beter worden gestoken in een onderzoek naar de hoe dan ook gewenste ontsluiting aan de zuidzijde van Ommen. Dat is immers de eindsituatie - de daadwerkelijke visie - die niet alleen uw college en de raad voor ogen hebben, maar ook de indiener en vele andere inwoners en ondernemers van Ommen. 4.

Voor nu zou dat betekenen dat de bereikbaarheidsparagraaf van de Omgevingsvisie in die zin wordt aangepast dat de verkeersmaatregelen in het centrum daarin niet meer worden genoemd. Er is dan geen reden meer aan te nemen dat de verkeersintensiteiten over de rondweg toenemen, zodat ook niet meer om die reden een plan-mer hoeft te worden opgesteld. Aldus verzoekt de indiener uw college de passage 'Naar een betere structuur voor regionale verkeersstromen rondom Ommen' uit de Omgevingsvisie te verwijderen, in ieder geval wat betreft "Het slim weren van doorgaand verkeer over de Vechtkade en Julianstraat-Schurinkstraat". Reactie van de gemeente: De raad van de gemeente Ommen heeft op 1 juli 2021 de ontsluitingsstructuur Ommen vastgesteld. Eerder is in 2017 de verkeersvisie Ommen vastgesteld. Verkeersvisie en het besluit op de ontsluitingsstructuur Ommen gelden als

uitgangspunt en basis voor de bereikbaarheidsparagraaf in de omgevingsvisie. In de verkeersvisie Ommen is in 2017 al voorzien in het verkeersluw maken van de Vechtkade en de opwaardering van de rondweg. Met het besluit op de Ontsluitingsstructuur Ommen is aangegeven hoe de gemeente daar uitwerking aan gaat geven. Uw eerdere reacties op het voorstel betreffende de ontsluitingsstructuur zijn meegewogen in de besluitvorming over de ontsluitingsstructuur Ommen. In de omgevingsvisie staat dat we aan de slag gaan met een complex van onderling met elkaar samenhangende ingrepen in de infrastructuur voor auto, fiets en parkeren op meerdere schaalniveaus en locaties in onze gemeente. Daarbij zullen we ons houden aan de geldende wettelijke kaders waaronder de regelgeving inzake stikstof. Wat betekent dit voor de omgevingsvisie? De zienswijze leidt niet tot wijzigingen in de omgevingsvisie. 2.14 Zienswijze nummer 14 – 258190 Samenvatting Zienswijze: 1. 'Wonen in een lommerrijke, groene en veilige omgeving, die goed bereikbaar is over de weg en het spoor en beschikt over een goede utilitaire en recreatieve fiets- en wandelinfrastructuur.' Dit is wat de gemeente Ommen zegt na te streven (Ontwerp omgevingsvisie, p.20).

Dat daarin een innerlijke tegenstrijdigheid zit, zal de gemeente Ommen zelf ook wel weten: lommerrijk, groen en veilig gaan slecht samen met een goede bereikbaarheid over de weg. En die goede bereikbaarheid zit ook 'een utilitaire en recreatieve fiets- en wandelinfrastructuur' flink in de weg. Er moet dus gekozen worden, en zoals altijd in Nederland dreigt dat een keuze vóór bereikbaarheid over de weg te worden. De ringweg zuid, dwars door het Reggedal, moet en zal er komen. Als belanghebbende, wij wonen in Giethmen en die weg zou over of vlak langs ons erf komen te lopen, zijn wij het daar begrijpelijkerwijs niet mee eens. Maar dat wij die weg niet willen is niet louter eigenbelang. We hebben zojuist de COP26klimaatconferentie in Glasgow gehad: de berichten over de gevolgen van klimaatverandering zijn zonder meer alarmerend en er zijn ook afspraken gemaakt om de C02-uitstoot terug te dringen. Het aanleggen van een nieuwe weg, waarvan zeker is dat die extra verkeer aantrekt, lijkt in dat licht zeer onverstandig. Daarnaast ligt Giethmen binnen vijf kilometer van een Natura 2000- gebied waar Landschap Overijssel met man en macht probeert de gevolgen van de toch al veel te hoge stikstofuitstoot te beperken. Dat wordt een onmogelijke opgave als de gemeente Ommen dit plan doorzet. Het is ook zeer de vraag of dat wettelijk is toegestaan. 2.

Zelfs een kruising met stoplicht zou al helpen, al is het maar als tijdelijke noodmaatregel. Maar alstublieft, pluk eerst het laaghangend fruit en voer de maatregelen door die al zijn afgesproken: 'Het slim weren van doorgaand verkeer over de Vechtkade en Julianastraat-Schurinkstraat, verbeteren van de doorstroming van fiets en auto over de Mulertbrug, een opwaardering van de rondweg N437 (Coevorderweg, Slagenweg, Balkerweg en verbeteringen in de fietsinfrastructuur' (p. 32), vóórdat u onherstelbare schade doet door een nieuwe weg aan te leggen. Die weg zou bovendien een schadelijke, permanente oplossing zijn voor wat in wezen een seizoensprobleem is, want alleen in het hoogseizoen is de nood hoog. Daar moet met pendelbusjes vanaf het station en het centrum naar de verschillende campings, wittefietsenplannen en beter openbaar vervoer al een hoop aan te verbeteren zijn.

Reactie van de gemeente: 1. Inhoudelijk komt deze zienswijze overeen met de zienswijze nr. 5 (257278) en zienswijze nr. 15 (259191). 2. Wij onderkennen de gevoeligheden en mogelijk impact van een zuidelijk ontsluiting op de kern Giethmen en het natuur en landschap van onze gemeente. Het vinden van een structurele oplossing op de lange termijn via een zuidelijke aansluiting op de N348 is geen eenvoudige opgave en vraagt om een zeer zorgvuldige inpassing. Juist om deze redenen is besloten voor een breed verkennend onderzoek naar de mogelijkheden en varianten. Wat betekent dit voor de omgevingsvisie? De zienswijze leidt niet tot wijzigingen in de omgevingsvisie. 2.15 Zienswijze nummer 15 – 259191 Samenvatting Zienswijze: Nog geen twee maanden na onze verhuizing lazen wij in het Ommer Nieuws van uw idiote plan om een rondweg Zuid aan te leggen. In een ver verleden was dit ook eens ter sprake gekomen, maar gelukkig was het toen vrij snel weer verdwenen. Het was ons al vaker opgevallen dat de Gemeente Ommen niet uitblinkt in verkeerskundig inzicht. Ik herinner me knippen in de Hammerweg, die al snel weer verwijderd werden. Slecht ingeschat! Zonde van het geld! En moet ik melden dat de kruising bij de Vechtbrug de meest beroerde kruising is die ik ooit heb gezien? Nota bene, dit is de tweede versie, dat weet u zelf ook.

Wie verzint zoiets? Geen wonder dat verkeer daar vast loopt, niemand weet wat de bedoeling is. Gratis tip van mij, als afgestudeerd verkeerseconoom: maak er een gewone kruising van en plaats verkeerslichten. Of zet er in de spits twee verkeersregelaars. Als u wilt, ben ik beschikbaar om mee te denken over meer oplossingen. U begrijpt dat wij ontzettend kwaad zijn dat u nu probeert ons weer weg te jagen. En u jaagt niet alleen ons weg, maar ook alle toeristen die juist naar Giethmen komen voor de rust en de ruimte. De vrienden die jaloers waren op ons droomhuis, lachen ons nu uit. En ze lachen de Gemeente Ommen uit. Hoe kunnen ze hun kip slachten, die nooit meer gouden eieren zal leggen? Giethmen is in de afgelopen vijftig jaar opgebloeid, er is weer leven in de boerderijen. De meeste mensen werken buiten de agrarische sector, zij wonen hier zo prettig vanwege de rust en de ruimte. Mijn vrouw en ik dragen ons steentje bij aan de plaatselijke economie, met twee eenmanszaken en een kleine B.V. Met een ongelukkige ringweg Zuid vernietigt u in een klap alle redenen om nog in Giethmen te blijven wonen. Laat staan dat hier nog toeristen naartoe komen, die hebben hier niets meer te zoeken. Reactie van de gemeente: 1. Inhoudelijk komt deze zienswijzen overeen met de zienswijze nr. 5 (257278) en zienswijze nr. 14 (259190). 2.

Wij onderkennen de gevoeligheden en mogelijk impact van een zuidelijk ontsluiting op de kern Giethmen en het natuur en landschap van onze gemeente. Het vinden van een structurele oplossing op de lange termijn via een zuidelijke aansluiting op de N348 is geen eenvoudige opgave en vraagt om een zeer zorgvuldige inpassing. Juist om deze redenen is besloten voor een breed verkennend onderzoek naar de mogelijkheden en varianten.

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie? De zienswijze leidt niet tot wijzigingen in de omgevingsvisie. 2.16 Zienswijze nummer 16 – 259719 Samenvatting zienswijze: Het buitengebied van Ommen heeft vele gezichten en veel soorten landschap. Om tot een evenwichtige ontwikkeling van het buitengebied te komen is er in 2011 al een landschapsontwikkelingsplan gemaakt. Een plan dat met volledig participatie van de inwoners tot stand is gekomen. Dit plan richtte zich vooral op landschapskenmerken en de bijbehorende ruimtelijke kwaliteit. Inmiddels is er een vraagstuk bijgekomen. Hoe huisvesten wij iedereen? Onze jeugd die graag in Ommen wil blijven wonen, doorstromers, nieuwkomers en statushouders. Kortom Ommen groeit al jaren. Met de ontwikkelingen in de stad Ommen redden wij het niet. De kernen en het buitengebied zullen ook een rol moeten vervullen. Kleinere kernen en het buitengebied kennen zo'n ontwikkel mogelijkheid niet. Met hier en daar een lege plek opvullen, rood voor rood of splitsen van een boerderij, heb je het dan wel gehad. Dan kun je dus slechts spreken van een druppel op een gloeiende plaat. De vraag is er wel degelijk, maar huizen die te koop worden aangekomen zijn te duur. Vrijkomende huizen/ boerderijen zijn over het algemeen groter dan een gemiddelde eengezinswoning in de stad. Bovendien met forse kavels.

Deze plekken worden steeds vaker gekocht door rustzoekers uit de steden. Door woningnood worden hun huizen stevig overboden. Zij kunnen daardoor ook weer flink overbieden op de huizen in de buitengebieden in dit deel van Nederland. Inmiddels al veel voorbeelden te vinden. De jeugd van het buitengebied vertrekt daardoor noodgedwongen. Door deze ontwikkeling sluiten de schooltjes in de kleine kernen. Geen jeugd is geen nieuwe generatie. Vergrijzing slaat toe. Meer en meer hoor je de opmerking; waarom mag mijn kind niet op onze grond een huis bouwen. Ja waarom niet? Als we het juiste beleid ontwikkelen zou dat moeten kunnen. Vanzelfsprekend op basis van de juiste sturingsfilosofie en de ruimtelijk kwaliteit. Het mes snijdt zo aan twee kanten. De jeugd heeft niet de kosten van de grondaankoop en door zo'n "generatie erf" is de zorg over en weer nabij. Rood voor rood is in dat kader niet altijd een optie. De ouders hebben lang niet altijd voldoende schuren om te slopen, laat staan de middelen om elders aan te kopen. Dit jaagt de kosten echt te hoog op. Aan welke situaties moet u bijvoorbeeld denken: 1) Erven met nog een klein boerenbedrijf, waarbij de bewoners naast wat agrarische inkomsten nog een andere baan hebben; 2) Gezinnen op een kavel met woonbestemming.

Ook daar is vaak meer dan voldoende ruimte voor een tweede woning; 3) Ruimte voor een knooperf na sloop oude/ vervallen bebouwing of met de bestaande woning als hoofdgebouw. Kortom een wereld aan mogelijkheden om nieuwe woonconcepten te ontwikkelen in het buitengebied. Vanzelfsprekend steeds onder de voorwaarden dat aanwezige bedrijven geen hinder ondervinden van dergelijke ontwikkelingen. Dit wordt trouwens al ondervangen door te bouwen bij bestaande woningen. Reactie van de gemeente: In de omgevingsvisie staat dat Ommen naast de traditionele woningbouw ruimte wil bieden aan nieuwe en innovatieve en bijzondere woonvormen. Daarbij is tevens aangegeven dat we ons specifiek richten op het ontwikkelen en realiseren van hofwoningen, tiny houses en schuurwoningen. Ook kijken we naar nieuwe organisatievormen zoals collectief particulier opdrachtgeverschap. Tot slot biedt de sturingsfilosofie van de omgevingsvisie, in lijn met de sturingsfilosofie die is

vastgesteld in het GOP 2013, flexibel ruimte aan nieuwe ontwikkelingen, ook als die ontwikkelingen minder goed passen binnen de huidige kaders van bestemmingsplannen en na inwerkingtreding van de Omgevingswet de (tijdelijke) omgevingsplannen. De omgevingsvisie biedt op basis van bovenstaand beleidsmatig ruimte om in individuele gevallen tot maatwerkoplossingen te kunnen komen. De verdere uitwerking van de omgevingsvisie vindt plaats in omgevingsplannen, verordeningen, programma’s en beleidsregels. Deze uitwerking gaat na veststelling van de omgevingsvisie verder plaatsvinden en vereist op onderdelen afstemming met onze partners, zoals de provincie. De omgevingsvisie zelf kent immers geen doorwerking naar derden. Wij brengen graag onder de aandacht dat de problematiek die u in uw zienswijze schets onze aandacht heeft en we op zoek zijn naar het verruimen voor de woonmogelijkheden van onze inwoners (starters, jonge gezinnen en ouderen) in onze kernen en het buitengebied. Afgelopen jaar is in het recent vastgestelde woonprogramma Ommen aangegeven dat we meer woningen in de kernen en het buitengebied gaan ontwikkelen en aan die ontwikkeling meer ruimte gaan geven. Dit voornemen is ook opgenomen in de Regionale Woonagenda WestOverijssel.

In de nieuwe rood voor rood beleidsregels is voorzien in een verruiming van de toepassingsmogelijkheden en het bieden van meer ruimte voor maatwerk dan voorheen. Op korte termijn is een tiny houses notitie toegezegd aan de raad, zijnde een eerste uitwerking van de in de omgevingsvisie benoemde nieuwe woonvormen, met daarin specifiek aandacht voor tiny houses in het buitengebied en op erven. Wat betekent dit voor de omgevingsvisie? De zienswijze leidt niet tot wijzigingen in de omgevingsvisie. 2.17 Zienswijze nummer 17 – 259703 Samenvatting zienswijze: Onder punt 5.5 wordt er gesproken over intensieve veehouderijen met de ambitie om deze niet te laten groeien maar wel te laten moderniseren waarbij de impact op leefomgeving sterk moet verminderen. Ik denk dat groei vaak samengaat met het verminderen van de impact op de leefomgeving doordat we op deze wijze beter instaat zijn om best beschikbare technieken te bekostigen. Mijn verwachting is dat door het opnemen van deze ambitie juist het tegengestelde bereikt wordt met alleen maar verliezers als gevolg. Reactie van de gemeente: 1. Inhoudelijk komt de strekking van uw zienswijze overeen met de zienswijze nr. 3 (257207), zienswijze nr. 6 (258686),zienswijze nr. 7 (258360), zienswijze nr. 8 (259172), zienswijze nr. 9 (259170), zienswijze nr. 10 (259177), zienswijze nr. 11 onderdeel samenvatting nummer 2 (259235), zienswijze nr.

18 (259982) en zienswijze nr. 19 (259981). 2. Voor de reactie van de gemeente verwijzen wij naar het antwoord en aanpassingen in de omgevingsvisie op de zienswijze nummer 11 (259235). Het betreft het antwoord dat bij de reactie van de gemeente staat vermeld onder nummer 3 en de tekstaanpassingen zoals die inde omgevingsvisie worden gedaan (zie kopje “Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?” bij zienswijze nr. 11 als ook paragraaf 3 Gewijzigde vaststelling).

Wat betekent dit voor de omgevingsvisie? Zie “Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?” bij zienswijze nr. 11, als ook paragraaf 3 “Gewijzigde vaststelling” de tekstaanpassingen in de paragrafen 5.5 en 6.3. 1.18 Zienswijze 18 – 259982 Samenvatting zienswijze: De cliënt exploiteert een agrarisch bedrijf in de vorm van een pluimveehouderij. In de Ontwerp-Omgevingsvisie zijn ten aanzien van de agrarische sector en specifiek de intensieve veehouderij ambities opgenomen. Ten aanzien van voornoemde kan client zich niet verenigen met de ambitie om geen verdere groei van de intensieve veehouderij toe te staan. Cliënt kan zich voorstellen dat nieuwvestiging van intensieve veehouderij binnen de gemeente, gelet op de huidige ontwikkelingen in de sector alsmede de maatschappelijke ontwikkelingen, niet langer meer wenselijk zijn. Echter de bestaande intensieve veehouderij dient echter wel voldoende ontwikkelingsperspectief en schaalvergroting te worden geboden. In de Omgevingsvisie wordt dit wel als zodanig genoemd, echter voor de intensieve veehouderij worden deze (gelet op de genoemde ambitie) helaas niet geboden. De intensieve veehouderij staat voor een grote transitie en duurzame ontwikkeling. De dieren dienen in het kader van hun welzijn meer ruimte te worden geboden.

Naast voornoemde ontwikkelingen kunnen de erven en daken van de stallen worden ingezet voor de productie van duurzame energie zoals zonnecollectoren op de daken en kleinschalige windmolens. De genoemde ontwikkeling en schaalvergroting in de intensieve veehouderij zijn, door het toepassen van technieken en innovaties, mogelijk zonder dat deze gepaard gaan met een toename van de emissies van onder meer stikstof en fijn stof. Gelet op voornoemde is een verdere groei en schaalvergroting van de intensieve veehouderij noodzakelijk en behoeft deze ontwikkeling de ambities uit de Omgevingsvisie ten aanzien van onder meer leefbaarheid in het buitengebied en het klimaat niet in de weg te staan. Ik verzoek u namens Client dan ook om de genoemde ambitie "om geen verdere groei van de intensieve veehouderij toe te staan" te herzien, en om ook de bestaande intensieve veehouderij voldoende mogelijkheden en perspectief te bieden voor de beschreven duurzame ontwikkeling en om hiervoor vervolgens dan ook de benodigde planologische ontwikkelingsmogelijkheden te bieden. Reactie van de gemeente: 1. Inhoudelijk komt de strekking van uw zienswijze overeen met de zienswijze nr. 3 (257207), zienswijze nr. 6 (258686),zienswijze nr. 7 (258360), zienswijze nr. 8 (259172), zienswijze nr. 9 (259170), zienswijze nr. 10 (259177), zienswijze nr.

11 onderdeel samenvatting nummer 2 (259235), zienswijze 17 (259703) en zienswijze nr. 19 (259981). 2. Voor de reactie van de gemeente verwijzen wij naar het antwoord en aanpassingen in de omgevingsvisie op de zienswijze nummer 11 (259235). Het betreft het antwoord dat bij de reactie van de gemeente staat vermeld onder nummer 3 en de tekstaanpassingen zoals die inde omgevingsvisie worden gedaan (zie kopje “Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?” bij zienswijze nr. 11 als ook paragraaf 3 Gewijzigde vaststelling). Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?

Zie “Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?” bij zienswijze nr. 11, als ook paragraaf 3 “Gewijzigde vaststelling” de tekstaanpassingen in de paragrafen 5.5 en 6.3. 2.19 Zienswijze nummer 19 – 259981 Samenvatting zienswijze: Inhoudelijk komt de zienswijze overeen met de zienswijze nummer 18, voor de samenvatting van de zienswijze verwijzen wij naar zienswijze nr. 18. Reactie van de gemeente: 1. Inhoudelijk komt de strekking van uw zienswijze overeen met de zienswijze nr. 3 (257207), zienswijze nr. 6 (258686),zienswijze nr. 7 (258360), zienswijze nr. 8 (259172), zienswijze nr. 9 (259170), zienswijze nr. 10 (259177), zienswijze nr. 11 onderdeel samenvatting nummer 2 (259235), zienswijze 17 (259703) en zienswijze nr. 18 (259982). 2. Voor de reactie van de gemeente verwijzen wij naar het antwoord en aanpassingen in de omgevingsvisie op de zienswijze nummer 11 (259235). Het betreft het antwoord dat bij de reactie van de gemeente staat vermeld onder nummer 3 en de tekstaanpassingen zoals die inde omgevingsvisie worden gedaan (zie kopje “Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?” bij zienswijze nr. 11 als ook paragraaf 3 Gewijzigde vaststelling). Wat betekent dit voor de omgevingsvisie? Zie “Wat betekent dit voor de omgevingsvisie?” bij zienswijze nr. 11, als ook paragraaf 3 “Gewijzigde vaststelling” de tekstaanpassingen in de paragrafen 5.5 en 6.3 3.

Gewijzigde vaststelling Naar aanleiding van zienswijzen. In onderstaande tabel staan de wijzigingen aangegeven die als gevolg van zienswijzen worden toegepast. Paragr aaf 4.5

5.3

5.5

Wijziging ten opzichte van de ontwerp-omgevingsvisie De zienswijze 2 geeft aanleiding om in paragraaf 4.5, onderdeel “Palet aan cultuur en erfgoed” op te nemen: “Ommen kent meerdere beschermde (dorps)gezichten en een groot aantal beschermde monumenten” (1e alinea na de zin: “Het gaat naast het actief beoefenen …. Erfgoedlocaties in het veld.”). De zienswijze 1 geeft aanleiding om in paragraaf 5.3 op te nemen “We starten met een behoeftenonderzoek naar nieuw bedrijventerrein. Indien een behoefte aan nieuw bedrijventerrein blijkt, vindt vervolgens een onderzoek naar mogelijke zoeklocaties plaats.” De zienswijzen 3, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 17, 18 en 19 geven aanleiding om in paragraaf 5.5 in het onderdeel Dynamische opgaven voor landbouw de onderstaande wijzigingen door te voeren: Ontwerp: ‘Tegenwoordig moet de landbouw duurzamer en groener worden en aan de klimaattafel is het ontwikkelen tot een circulaire landbouw met gesloten kringlopen afgesproken’. Aanpassing: ‘De sector heeft in de afgelopen decennia laten zien prima in staat te zijn de innovaties op het gebied van duurzaamheid in de bedrijven te implementeren. Door de bouw van emissiearme stallen en een beter management op voeding en

Paragr aaf

5.5

5.5

6.3 6.3 6.3

Wijziging ten opzichte van de ontwerp-omgevingsvisie gewasbeschermingsmiddelen, zijn er al grote stappen gezet. De volgende stap om te komen tot circulaire landbouw met gesloten kringlopen, beperkt zich niet tot de grens van Ommen en zal dus in samenwerking met de sector vorm moeten gaan krijgen.’ Ontwerp: Ook de aanpak van de stikstofproblematiek landt voor een aanzienlijk deel als opgave bij de landbouw. Aanpassing: De aanpak van de stikstofproblematiek landt, naast de verduurzaming van de bouw en de mobiliteit ook als opgave bij de landbouw. De zienswijzen 3, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 17, 18 en 19 geven aanleiding om in paragraaf 5.5 in het onderdeel Het landbouw economische beleid de onderstaande wijzigingen door te voeren: Ontwerp: Het landbouw economische beleid in Nederland is grotendeels gericht op de verhoging van de productiviteit om de concurrentiepositie te verbeteren. Aanpassing: Het landbouw economische beleid in Nederland is grotendeels gericht op de verhoging van de productiviteit om de concurrentiepositie te verbeteren met oog voor de steeds groter wordende voedselvraagstukken wereldwijd. Ontwerp: Al deze opgaven vragen om innovaties, aanpassingen in productietechnieken en teelten, aanpassingen van stalsystemen, etc. Het vraagt tegelijkertijd ook om voldoende landbouwgrond voor ontwikkelruimte en deels nieuwe en additionele verdienmodellen.

Aanpassing: Al deze opgaven vragen om innovaties, aanpassingen in productietechnieken en teelten, aanpassingen van stalsystemen, etc. en bestendig beleid. Het vraagt tegelijkertijd ook om voldoende geschikte landbouwgrond voor ontwikkelruimte en deels nieuwe en additionele verdienmodellen. De zienswijzen 3, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 17, 18 en 19 geven aanleiding om in paragraaf 5.5 Ruimte bieden voor een toekomstbestendige landbouw de onderstaande wijzigingen door te voeren: Ontwerp: Voor de intensieve veehouderij geldt dat we een verdere groei van deze sector niet ambiëren, maar wel bestaande bedrijven in staat stellen te moderniseren waarbij ze hun impact op de leefomgeving gelijktijdig ingrijpend dienen te verminderen. Aanpassing: Voor de intensieve veehouderij geldt dat we een verdere groei van deze sector niet ambiëren, maar wel bestaande bedrijven in staat stellen te moderniseren waarbij ze hun impact op de leefomgeving gelijktijdig verhoudingsgewijs dienen te verminderen en de ruimtelijke kwaliteit versterken. Daar waar de modernisering vraagt om uitbreiding van het bedrijf zal er maatwerk geleverd moeten worden op basis van de landelijke richtlijnen. De zienswijze 2 geeft aanleiding om in paragraaf 6.3 in de 1e alinea na erfgoedwaarden op te nemen: “(zoals beschermde gezichten en monumenten)”.

De zienswijzen 3, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 17, 18 en 19 geven aanleiding om in paragraaf 6.3 de term “niet-grondgebonden” te laten vervallen en te spreken over intensieve veehouderij. De zienswijzen 3, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 17, 18 en 19 geven aanleiding in paragraaf 6.3 de onderstaande wijziging door te voeren: Ontwerp: Voor bestaande bedrijven geldt dat we inzetten op modernisering van de bedrijfsvoering waarbij deze bedrijven hun

Paragr aaf

Wijziging ten opzichte van de ontwerp-omgevingsvisie impact op de leefomgeving gelijktijdig ingrijpend en aantoonbaar dienen te verminderen en op afstand van kernen. Aanpassing: Bestaande bedrijven worden in staat stellen te moderniseren. Daarbij dienen ze hun impact op de leefomgeving verhoudingsgewijs te verminderen en de omgevingskwaliteit te versterken. Daar waar de modernisering vraagt om uitbreiding van het bedrijf zal er maatwerk geleverd moeten worden op basis van de landelijke richtlijnen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10838864/1