CConstaterende datOmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Varsenerweg 5a Ommen, Motivering

Gemeenteraad 29 januari 2026, gemeente OmmenBij agendapunt: Vaststellen Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM-omgevingsplan) Varsenerweg 5a Ommen (1038704)18.119 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

51

Conclusie Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor het plan.

4.13 Mer-beoordeling In Bijlage V van het Omgevingsbesluit (Ob) is aangegeven welke projecten in het kader van een wijziging omgevingsplan m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Plannen die zijn genoemd in kolom 1 zijn m.e.r.beoordelingsplichtig in gevallen als genoemd in kolom 3. Voor deze activiteiten moet worden onderzocht of deze aanzienlijke milieueffecten kunnen hebben. De criteria om dit vast te stellen zijn genoemd in bijlage III van Richtlijn 2011/92/EU (richtlijn m.e.r.). Samengevat zijn dit de kenmerken van een project, de locatie van een project en soort en kenmerken van de verschillende milieueffecten. De initiatiefnemer van een in Bijlage V aangewezen project moet daarvan mededeling doen bij het bevoegd gezag, doorgaans het college van B&W (artikel 16.45, lid 1, Ow). In die mededeling (de aanmeldingsnotitie) is een beschrijving van het project, de locatie en de mogelijke milieueffecten opgenomen (artikel 11.10 Ob). Het bevoegd gezag beslist binnen zes weken of sprake is van aanzienlijke milieueffecten en neemt die beoordeling op in de omgevingsvergunning (artikel 11.11 Ob). Toetsing van het initiatief aan M.e.r.-beoordeling De beoogde ontwikkeling waarvoor een wijziging omgevingsplan wordt ingediend, betreft het toevoegen van drie woningen met bijgebouw binnen de gemeente Ommen, naast behoud van de twee woningen.

Dit is geen activiteit uit kolom van Bijlage V van het Ob. Hiervoor is geen m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. Uit paragraaf 4.3 blijkt dat gelet op de kenmerken van het plan, de plaats van het plan en de kenmerken van de potentiële effecten, geen aanzienlijke milieugevolgen optreden. Er is geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure. De Quickscan Flora en fauna is opgenomen als bijlage 2 bij deze motivatie.

4.14 Conclusie Op basis van uitgevoerde onderzoeken en een analyse van de beoogde situatie, blijkt dat ruimtelijke en milieukundige aspecten geen belemmering vormen voor het plan. Hieruit blijkt dat het plan uitvoerbaar is.

52

5 Maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid 5.1 Algemeen Volgens artikel 3.1.6 van het Bro dient bij de voorbereiding van een ruimtelijke procedure onderzoek te worden ingesteld naar de uitvoerbaarheid van het plan. Bij de uitvoering van een plan kan in zijn algemeenheid onderscheid worden gemaakt tussen de maatschappelijke uitvoerbaarheid en de economische uitvoerbaarheid. Bij maatschappelijke uitvoerbaarheid gaat het erom hoe de verwezenlijking door de maatschappij (overheid en burgers samen) wordt gedragen. Bij het tweede gaat het om de kosten en andere economische aspecten die met de verwezenlijking van het plan samenhangen. Ook is in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) geregeld dat in het kader van een ruimtelijk plan voor bepaalde bouwplannen de grondexploitatieregeling van toepassing is.

5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 5.2.1 Vooroverleg Waterschap Drents Overijsselse Delta Vooroverleg met het Waterschap Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDOD) heeft plaatsgevonden op 5 februari 2024, middels de digitale watertoets. WDOD heeft aangegeven dat er sprake is van de normale procedure, zie paragraaf 4.6. Dit omgevingsplan maakt het mogelijk dat er drie woningen worden toegevoegd. Provincie Overijssel De gemeente Ommen heeft het plan voorgelegd aan de Provincie Overijssel en de provincie geeft aan dat het plan past in het provinciaal beleid.

5.2.2 Betrokkenheid omwonenden In de directe omgeving van het plangebied bevindt zich één agrarisch bedrijf en een aantal woningen. Belanghebbenden in de directe omgeving van het plangebied zijn door initiatiefnemer mondeling op de hoogte gesteld van dit initiatief. Het inrichtingsplan is aangepast op verzoek van een van de omwonenden. Zo is een singel (tussen beide percelen) uit het plan gehaald en is de positie van een bijgebouw van de nieuwe woning veranderd. Hiermee beogen we zicht te houden (van de buren) op de Varsenerweg. In het plan worden geen regels opgenomen over de hoogte van de beplanting, omdat dit in de praktijk niet handhaafbaar is. Daarmee is het plan verbeterd, maar niet alle bezwaren op het vlak van uitzicht op de Varsenerweg zijn weggenomen. De overige omwonenden kunnen zich in deze plannen vinden.

5.2.3 Zienswijzen Het ontwerp omgevingsplan wordt zes weken ter inzage gelegd. Binnen deze termijn kunnen belanghebbenden zienswijzen indienen bij de gemeenteraad van Ommen.

5.3 Economische uitvoerbaarheid In het Omgevingsbesluit is vastgelegd dat ruimtelijke plannen economisch uitvoerbaar moeten zijn. De gemeente Ommen heeft een planschadeovereenkomst met de initiatiefnemers gesloten, waarin is vastgelegd dat de kosten voor de procedure en eventuele kosten voor planschade volledig voor rekening van de initiatiefnemers komen. Het is niet nodig een exploitatieplan vast te stellen omdat het kostenverhaal met een planschadeovereenkomst is geregeld. De economische uitvoerbaarheid van deze ontwikkeling is hiermee voldoende gegarandeerd.

53

5.4 Conclusie Uit de voorgaande paragrafen blijkt dat het voorgenomen plan ruimtelijk, maatschappelijk en economisch uitvoerbaarheid is. De voorgenomen ontwikkeling kan dus worden gerealiseerd.

54

6 Toelichting op de regels 6.1 Algemeen Het TAM-omgevingsplan Varsenerweg 5a Ommen voorziet in de juridische regeling voor het realiseren van drie woningbouwkavels ten noordwesten van de bestaande bedrijfswoning aan de Varsenerweg 5a in Ommen, alsmede de omzetting van twee bestaande bedrijfswoningen naar reguliere woningen. Daarnaast wordt het bestaande bijgebouw ten zuiden van de woning behouden ten behoeve van het onderhoud van het omliggende land en het houden van maximaal 150 schapen. De regels van dit TAM-omgevingsplan vormen een afzonderlijk hoofdstuk binnen het omgevingsplan van de gemeente Ommen (hoofdstuk 22b). In deze juridische toelichting wordt de opbouw en inhoud van de verschillende hoofdstukken van het TAM-omgevingsplan toegelicht.

6.2 Opzet van de regels 6.2.1 Inleidende regels Hoofdstuk 1 bevat algemene bepalingen over begrippen, toepassingsbereik en systematiek van meten en rekenen. •

In artikel 1 worden de specifieke begripsbepalingen voor dit TAM-omgevingsplan benoemd. De definities uit de vier algemene maatregelen van bestuur (AMvB’s) onder de Omgevingswet zijn van overeenkomstige toepassing, tenzij daarvan in dit hoofdstuk wordt afgeweken.

•

Artikel 2 bepaalt het toepassingsbereik van de regels. Daarbij is geregeld dat op de locatie van het TAMomgevingsplan bepaalde algemene regels van het omgevingsplan buiten toepassing blijven als die strijdig zijn met de specifieke regels van dit plan.

•

Artikel 3 bevat meet- en rekenregels, zoals bepalingen over bouwhoogte, oppervlakte en overschrijding door ondergeschikte bouwdelen.

•

Artikel 4 regelt dat niet genoemde gebruiks- en bouwactiviteiten niet zijn toegestaan, met uitzondering van bestaande legale bouwwerken.

6.2.2 Aanwijzingen in de fysieke leefomgeving Hoofdstuk 2 beschrijft gebieden met bijzondere kenmerken die een juridisch effect hebben: •

Archeologische aanduidingen (artikelen 5 en 6);

•

Belemmeringengebieden voor buisleidingen en ondergrondse hoogspanningsverbindingen (artikelen 7 en 8);

•

Een waterstaatkundige functie (artikel 9).

Deze aanduidingen brengen beperkingen met zich mee voor bouw- en aanlegactiviteiten.

6.2.3 Gebruiksactiviteiten Hoofdstuk 3 bevat regels voor zelfstandige gebruiksactiviteiten. •

Artikel 10 verbiedt een aantal algemene vormen van gebruik, waaronder opslag van afval of voertuigen en seksinrichtingen.

55

•

Binnen het plangebied zijn onder andere agrarische activiteiten (artikelen 11 en 12), hobbymatige schapenhouderij (artikel 14), activiteiten binnen groen en natuur (artikelen 15 en 16), en wonen (artikel 17) onder voorwaarden toegestaan.

•

Het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen is expliciet verboden (artikel 13).

6.2.4 Ondergeschikte gebruiksactiviteiten Hoofdstuk 4 bevat regels voor nevenactiviteiten bij de woning: •

Zowel een bed & breakfast als kleinschalige beroeps- of bedrijfsactiviteiten aan huis zijn vergunningplichtig (artikelen 18 en 19).

•

Voor deze functies gelden duidelijke beoordelingscriteria, waaronder het waarborgen van de woonfunctie, parkeren op eigen terrein, en beperking van hinder voor de omgeving.

6.2.5 Bouwactiviteiten In hoofdstuk 5 zijn de regels voor bouwactiviteiten opgenomen: •

Artikel 20 bevat algemene bepalingen, zoals de anti-dubbeltelregel.

•

Voor het bouwen van hoofdgebouwen, bijbehorende bouwwerken en andere bouwwerken gelden specifieke regels en – waar nodig – vergunningplichten (artikelen 21 t/m 24).

•

In specifieke gebieden (zoals archeologische zones of belemmeringengebieden) zijn aanvullende voorwaarden van toepassing op bouwactiviteiten (artikelen 25 t/m 27).

•

Voor bepaalde bouwwerken gelden maxima voor goot- en bouwhoogte en gezamenlijke oppervlaktes, met landschappelijke inpassing als vereiste.

6.2.6 Aanlegactiviteiten Hoofdstuk 6 bevat regels voor aanlegactiviteiten: •

In artikel 28 is geregeld dat aanlegactiviteiten in principe zijn toegestaan, tenzij specifieke regels van toepassing zijn.

•

Aanlegactiviteiten in archeologisch waardevolle gebieden (artikel 29) en belemmeringenzones van buisleidingen (artikel 30) zijn vergunningplichtig.

•

Voor deze activiteiten gelden voorwaarden, waaronder archeologisch onderzoek of advies van de leidingbeheerder.

6.2.7 Overige activiteiten Hoofdstuk 7 bevat regels over: •

Parkeren (artikel 31): de parkeerbehoefte moet conform de 'Parkeernormennota Ommen' op eigen terrein worden opgelost.

•

Laden en lossen (artikel 32): ook hiervoor geldt een toets aan de voorziene ruimtebehoefte.

56

6.2.8 Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 8 (artikel 33) bevat het overgangsrecht: •

Bestaande bouwwerken en bestaand gebruik dat afwijkt van dit TAM-omgevingsplan mogen onder voorwaarden worden voortgezet.

•

Vergunningverlening voor uitbreiding of wijziging is mogelijk binnen bepaalde grenzen.

•

Het overgangsrecht voor gebruik kent een looptijd van tien jaar.

57

Bijlagen Bijlage 1 – Inrichtingsplan Bijlage 2 – QuickScan flora en fauna Bijlage 3 – Stikstofberekening Bijlage 3a – AERIUS-projectberekening ontwikkelfase Bijlage 3b – AERIUS-projectberekening gebruiksfase Bijlage 4 – Verkennend bodemonderzoek Bijlage 5 – Watertoets Bijlage 5a – Waternotitie Bijlage 5b - Waternotitie Bijlage 6 – Externe veiligheid

58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16407399/1