CConstaterende datOmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Toelichting Olde VennewegTolhuisweg fase 3

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente OmmenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Olde Venneweg/Tolhuisweg fase 3, Witharen (973791)20.998 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Tevens is er een beplantingsplan opgesteld, waarbij rekening is gehouden met de opmerking van Vitens. Externe werking ruimtelijk plan Voorliggend initiatief wordt duurzaam gebouwd, om een goede kwaliteit van het afstromende hemelwater te garanderen. Conclusie Het aspect water vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.

4.9

Natuur Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening gehouden worden met de aanwezige natuurwaarden in en om de locatie. Vanaf 1 januari 2017 geldt hiervoor de Wet natuurbescherming. Deze wet beschermt bepaalde plant- en diersoorten, natuurgebieden en bossen. Voordat ontwikkelingen mogen plaatsvinden, moet worden aangetoond dat in het kader van de huidige natuurwet- en regelgeving van een negatief effect geen

61

sprake is, dan wel dat daarvoor respectievelijk een vergunning of ontheffing worden verkregen. Toetsing In het kader van voorliggend plan is onderzoek gedaan naar het aspect natuur middels een quick scan natuurwaardenonderzoek9. Navolgend worden de voornaamste conclusies beschreven. Soortenbescherming Uit het onderzoek blijkt dat de inrichting en het gevoerde beheer het plangebied geschikt maken tot een functioneel leefgebied voor verschillende beschermde dieren. Echter, het plangebied wordt door beschermde diersoorten uitsluitend benut als foerageergebied. Er nestelen geen vogels in het plangebied en amfibieën, grondgebonden zoogdieren en vleermuizen bezetten er geen vaste (winter)rust- of verblijfplaats. Het plangebied is tevens geen essentieel foerageergebied voor vleermuizen. De quick scan natuurwaardenonderzoek is volgens de regels van de Wet natuurbescherming uitgevoerd. Deze wet is echter op 1 januari 2024 komen te vervallen. Op 28 mei 2025 is daarom een oplegnotie10 opgesteld waarin is getoetst aan de actuele wet- en regelgeving flora en fauna. Hierin wordt geconcludeerd dat door het ontbreken van beschermde soorten en Rode-lijstsoorten in het plangebied, het niet nodig is om nadere invulling te geven aan de (specifieke) zorgplicht door het opstellen van een ecologisch werkprotocol.

De Omgevingswet leidt niet tot andere conclusies ten aanzien van weten regelgeving voor de bescherming van soort- en gebieden. Gebiedsbescherming Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura 2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, hoeft het initiatief niet getoetst te worden aan beleidsregels voor de bescherming van het NNN, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in Overijssel. Een negatief effect op Natura 2000-gebied, als gevolg van de emissie van stikstofoxiden, kan niet op voorhand uitgesloten worden. Om te onderzoeken of uitvoering van de voorgenomen activiteiten leidt tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebied, dient een stikstofberekening uitgevoerd te worden. Andere negatieve effecten op Natura 2000-gebied, als gevolg van de voorgenomen activiteiten, worden wél uitgesloten. Stikstof In het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) is het noodzakelijk de mogelijke stikstofuitstoot door de beoogde ontwikkeling inzichtelijk te maken. Zodoende is een stikstofberekening11 voor de aanleg- en gebruiksfase uitgevoerd.

9

Natuurbank Overijssel (2022) “Quickscan natuurwaardenonderzoek Tolhuisweg fase 3 (on-

10

Natuurbank Overijssel (2025) ‘’Oplegnotitie toets aan actuele wet- en regelgeving flora en

genummerd) en Olde Venneweg 3 te Witharen”. Projectnummer: 4571, 12 september 2022. fauna”. Projectnummer: 4571A, 28 mei 2025. 11

Natuurbank Overijssel (2025) “Stikstof berekening Tolhuisweg in Witharen Ontwikkel- en gebruiksfase”. Projectnummer: 4963, 10 februari 2022, aangepast 12 november 2022, aangepast 19 mei 2025. 62

Aanlegfase De activiteit in de ontwikkelfase leidt tot een NOx-emissie van 170,9 kg/jaar en een NH3-emissie van 1,4 kg/jaar. De projectemissies leiden niet tot een overschrijding van de kritische depositiewaarde op omliggende Natura-2000 gebieden Het uitvoeren van de voorgenomen activiteit gedurende de ontwikkelfase, leidt niet tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied. De voorgenomen activiteit leidt niet tot wettelijke consequenties. Er hoeft dan ook geen Omgevingsvergunning aangevraagd te worden. Gebruiksfase De activiteit in de gebruiksfase leidt tot een NOx-emissie van 5,0 kg/jaar en een NH3emissie van 0,5 kg/jaar. De projectemissies leiden niet tot een overschrijding van de kritische depositiewaarde op omliggende Natura-2000 gebieden. Het uitvoeren van de voorgenomen activiteit gedurende de gebruiksfase, leidt niet tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied. De voorgenomen activiteit leidt niet tot wettelijke consequenties. Er hoeft dan ook geen Omgevingsvergunning aangevraagd te worden. Houtopstanden De bomen die momenteel langs de Olde Venneweg staan, blijven ook in de toekomstige situatie behouden. Op de planlocatie zijn verder geen houtopstanden aanwezig waarvoor bij kap een meldingsplicht geldt in het kader van de Wet natuurbescherming. Conclusie Het aspect natuur vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig plan.

4.10

Archeologie Algemeen Door ondertekening van het verdrag van Valletta (1992) heeft Nederland zich verplicht om bij ruimtelijke planvorming nadrukkelijk rekening te houden met het niet-zichtbare deel van het cultuurhistorisch erfgoed, te weten de archeologische waarden. In de Erfgoedwet 2016, uitgewerkt in het Besluit Erfgoedwet archeologie, is geregeld hoe met in de grond aanwezige dan wel te verwachten archeologische waarden moet worden omgegaan. Het streven is om deze belangen tijdig bij het project te betrekken. Bij ingrepen waarbij de ondergrond wordt geroerd, dient te worden aangetoond dat de eventueel aanwezige archeologische waarden niet worden aangetast. Toetsing Volgens de “Archeologische verwachtingenwaardenkaart” van de gemeente Ommen hebben de plandelen de aanduiding ‘hoge trefkans’ (onderstaande afbeelding).

63

Archeologische verwachtingswaardenkaart gemeente, plangebied aangeduid met blauwe ster (bron: gemeente Ommen)

Daarom is ter plaatse van de Tolhuisweg fase 3 een archeologisch onderzoek12 uitgevoerd. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied op een dekzandwelving ligt, waarop een veldpodzolgrond is ontstaan. Op grond van de bestudeerde bronnen kan geconcludeerd worden dat het plangebied een matige trefkans heeft op archeologische resten uit alle perioden met uitzondering van de Bronstijd tot en met de Vroege Middeleeuwen en de Tweede Wereldoorlog. De Bronstijd tot de Vroege Middeleeuwen hebben een lage trefkans op archeologische resten wegens de natte omstandigheden tijdens deze perioden. De kans op archeologische resten uit de Tweede Wereldoorlog is ook laag, omdat in de omgeving van het plangebied weinig resten uit deze periode zijn aangetroffen. Uit het cartografisch onderzoek blijkt dat het plangebied nooit bebouwd is geweest. Begin 20e eeuw werd de heide binnen het plangebied ontgonnen. Daarna is het plangebied altijd in gebruik geweest als bouwland of weiland. Door de heideontginning en door de agrarische ingrepen kan de bodem binnen het plangebied tot ca. 50 cm-mv verstoord zijn geraakt. Uit het verkennend en karterend booronderzoek is gebleken dat in het plangebied met uitzondering van één enkele boring sprake is van een verstoorde bodemopbouw (A/Cprofielen en A-C profielen). Op basis van het vrijwel ontbreken van intacte bodems en

12

Hamaland Advies (2022) “Bureauonderzoek, verkennend en karterend booronderzoek Archeologie. Plangebied Tolhuisweg fase 3 te Witharen, gemeente Ommen”. Projectnummer: 213316, 6 september 2022. 64

het ontbreken van indicaties voor menselijke bewoning in het verleden, wordt geadviseerd om het plangebied vrij te geven. Tevens is geen vervolgonderzoek benodigd. Conclusie Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig plan.

4.11

Cultuurhistorie Algemeen Op grond van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moeten naast de in de grond aanwezige of te verwachten monumenten ook cultuurhistorische waarden worden meegewogen bij ruimtelijke ontwikkelingen. Toetsing Derde fase dorpsuitbreiding Witharen Binnen het plangebied zijn, op basis van de Cultuurhistorische Waardenkaart Overijssel, geen gemeentelijke of rijksmonumenten gelegen. In de directe omgeving van het plangebied, aan de Balkerweg 60, ligt bebouwing die is aangewezen als rijksmonument. Op deze locatie zijn drie gebouwen gesitueerd van het vroegere Tolhuis. Net als bij de eerdere fases van de woningbouwontwikkeling aan de Tolhuisweg, is hier ook bij voorliggend plan rekening mee gehouden bij de totstandkoming van de stedenbouwkundige opzet. Bij fase 2 is de grens tussen het bestaande perceel Balkerweg 60, het Tolhuis, en het plangebied aan de oostzijde voorzien van een struweelhaag en een groene erfafscheiding, zodat de afscherming met het Tolhuis gewaarborgd blijft. Bij deze derde fase van de ontwikkeling wordt er voor gezorgd dat de woningbouwontwikkeling rekening houdt met de ter plaatse aanwezige kenmerken en naar aard en omvang aansluit bij de karakteristieken van Witharen.

Olde Venneweg 3 In het plangebied ter plaatse van de Olde Venneweg 3, of in de directe omgeving hiervan, zijn geen gemeentelijke of rijksmonumenten gelegen. Voorliggende ontwikkeling zal niet leiden tot de aantasting van de cultuurhistorische waarde van Witharen. Conclusie Het aspect ‘cultuurhistorie’ vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig project.

4.12

Verkeer en parkeren Algemeen Bij de ontwikkeling en uitbreiding van functies moet rekening gehouden worden met de parkeer- en verkeersdruk. Toetsing Verkeer Om de verkeersgeneratie van het plan inzichtelijk te maken is gebruik gemaakt van de kencijfers van het CROW. Onder verkeersgeneratie wordt hierbij verstaan de totale 65

hoeveelheid gemotoriseerd verkeer (excl. openbaar vervoer) die gedurende een gekozen tijdsperiode naar de desbetreffende voorziening toe rijdt en hiervan wegrijdt. Het voorgenomen project betreft de bouw van acht woningen. De verkeersgeneratie van de ontwikkeling wordt bepaald op basis van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’. Om de verkeersgeneratie te bepalen dient in eerste instantie de mate van stedelijkheid bepaald te worden. Op basis van de CBS adressendichtheid gegevens is de gemeente een ‘niet stedelijk’ gebied. Daarnaast kan het plangebied aangemerkt worden als ‘rest bebouwde kom’, aangezien het plangebied binnen de bebouwde kom van Witharen gesitueerd is. In onderstaande tabel is de verkeersgeneratie weergeven voor de toekomstige situatie. Toekomstige situatie Aantal Type Koop, vrijstaand Twee-onder-één-kap Totaal

5 6

kencijfer min max 7,8 8,6 7,4 8,2

per woning woning

Verkeersgeneratie (per etmaal) min max 39 43 44,4 49,2 83,4 92,2

Uit de bovenstaande tabel blijkt dat met de voorgenomen ontwikkeling afgerond in totaal maximaal 93 verkeersbewegingen worden veroorzaakt. Dit verkeer kan worden opgenomen in het heersende verkeersbeeld ter plaatse. Parkeren Bij het bepalen van de parkeerbehoefte voor de nieuwe planologische situatie is wederom gekeken naar de kengetallen van het CROW. Op basis van de “Paraplubestemmingsplan parkeernormen 2019 Gooise Meren wordt de woning in het plangebied getypeerd als ‘koop vrijstaand’. In onderstaande tabel is de verkeersgeneratie weergeven voor de toekomstige situatie. Aantal Type Koop, vrijstaand Twee-onder-één-kap Totaal

5 6

kencijfer min max 1,9 2,7 1,8 2,6

per woning woning

Parkeerbehoefte min max 9,5 13,5 10,8 15,6 20,3 29,1

Uit de bovenstaande tabel blijkt dat voor onderhavig plan afgerond 30 parkeerplaatsen benodigd zijn. Zoals reeds beschreven in paragraaf 2.3 bieden de woonkavels in fase 3 ruimte aan het parkeren op eigen terrein. Voor veel woningen geldt dat er met twee parkeerplaatsen op eigen terrein is rekening gehouden. Wanneer er toch nog behoefte is aan parkeerplaatsen in de openbare ruimte dan is hiervoor een reservering opgenomen. Deze zijn gelegen aan de Tolhuisweg en voorzien als haaksparkeerplaatsen. Conclusie Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig plan.

66

4.13

Kabels en leidingen Algemeen Onder de grond liggen netwerken van kabels en leidingen voor onder andere nutsvoorzieningen, (tele)communicatie en riolering. Graafwerkzaamheden in de openbare weg voor de uitbreiding en/ of onderhoud van deze werken mogen alleen gebeuren met vergunning en/of instemming van de gemeente. Toetsing Ter plaatse van het plangebied bevinden zich geen kabels en/of leidingen die een planologische bescherming genieten. Ook bevinden zich in de omgeving van het plan geen telecommunicatie-installaties. Conclusie Dit aspect leidt niet tot belemmeringen.

67

5

Wijze van bestemmen

5.1

Algemeen

5.1.1

Wat is een bestemmingsplan? Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Vanuit de Wet ruimtelijke ordening volgt een belangrijk principe: het gaat om toelatingsplanologie. Het wordt de grondgebruiker (eigenaar, huurder etc.) toegestaan om de functie die het bestemmingsplan geeft, uit te oefenen. Dit houdt in dat: − de grondgebruiker niet kan worden verplicht om een in het bestemmingsplan aangewezen bestemming ook daadwerkelijk te realiseren, en − de grondgebruiker geen andere functie mag uitoefenen in strijd met de gegeven bestemming (de overgangsbepalingen zijn hierbij mede van belang). Een afgeleide van de gebruiksregels in het bestemmingsplan zijn regels voor bebouwing (omgevingsvergunning voor het bouwen) en regels voor het verrichten van ‘werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden’ (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden ). Een bestemmingsplan regelt derhalve: − het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); en een bestemmingsplan kan daarbij regels geven voor: − het bebouwen van de gronden; − het verrichten van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden.

Het bestemmingsplan is een belangrijk instrument voor het voeren van ruimtelijk beleid, maar het is zeker niet het enige instrument. Andere ruimtelijke wetten en regels zoals bijvoorbeeld de Woningwet, de Erfgoedwet, de Algemene Plaatselijke Verordening, de Wet milieubeheer en het Bouwbesluit zijn ook erg belangrijk voor het uitoefenen van ruimtelijk beleid.

5.1.2

Over bestemmen, dubbelbestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in de bijbehorende regels worden gegeven. Die toegekende gebruiksmogelijkheden kunnen op twee manieren nader worden ingevuld: 1 Via een dubbelbestemming. Een dubbelbestemming is, zoals de naam al zegt, een bestemming die óók aan de gronden wordt toegekend. Voor gronden kunnen dus meerdere bestemmingen gelden. Er geldt altijd één ‘enkel’ bestemming (dat is dé bestemming) en soms geldt er een dubbelbestemming (soms zelfs meerdere). In de regels van de dubbelbestemming wordt omschreven wat er voor de onderliggende gronden geldt aan extra bepalingen in aanvulling, of ter beperking, van de mogelijkheden van de onderliggende bestemmingen.

68

2 Via een aanduiding. Een aanduiding is een teken op de verbeelding. Dat teken kan bestaan uit een lijn, een figuur, of een lettercode etc. Via een aanduiding wordt in de regels ‘iets’ geregeld. Dat ‘iets’ kan betrekking hebben op extra mogelijkheden of extra beperkingen voor het gebruik en/of de bebouwing en/of het aanleggen van werken. Aanduidingen kunnen voorkomen in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels en kunnen ook een eigen regel hebben. 5.1.3

Hoofdstukindeling van de regels De regels zijn verdeeld over 4 hoofdstukken: 1 Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is bepaald de wijze waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2). 2 Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Dit gebeurt in alfabetische volgorde. Per bestemming is het toegestane gebruik geregeld en zijn bouwregels en, eventueel, ook bepalingen met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden opgenomen. Als er dubbelbestemmingen zijn worden die ook in dit hoofdstuk opgenomen. Die komen, ook in alfabetische volgorde, achter de bestemmingsregels. Ieder artikel kent een vaste opzet. Eerst wordt het toegestane gebruik geformuleerd in de bestemmingsomschrijving. Vervolgens zijn bouwregels opgenomen. Aansluitend volgen afwijkingsregels met betrekking tot bouw- en/of gebruiksregels. Ten slotte zijn eventueel bepalingen met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden en/of wijzigingsbevoegdheden opgenomen. Belangrijk om te vermelden is dat naast de bestemmingsregels ook in andere artikelen relevante informatie staat die mede gelezen en geïnterpreteerd moet worden.

Alleen zo ontstaat een volledig beeld van hetgeen is geregeld. 3 Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het hele plan. Het zijn achtereenvolgens een antidubbeltelregel, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels, algemene aanduidingsregels, algemene afwijkingsregels, algemene wijzigingsregels en overige regels. 4 Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk is het overgangsrecht en een slotregel opgenomen. Hoewel het hier in wezen ook algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen.

5.2

Dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen moeten in onderlinge samenhang worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels over het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het

69

bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. 5.2.1

Bijzonderheden in dit bestemmingsplan De regels in dit bestemmingsplan zijn opgezet aan de hand van wat hiervoor is beschreven. Er is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de bestemmingsplannen “Woningbouw Tolhuisweg fase, Witharen” en “Ommen Bestemmingsplan Buitengebied”. In voorliggend bestemmingsplan zijn de volgende bestemmingen opgenomen: Agrarisch Het terrein aan de Olde Venneweg 3 wordt voorzien van de bestemming ‘Agrarisch’. Ter plaatse zijn de gronden onder andere bestemd voor grondgebonden veehouderij en akker- en vollegrondstuinbouw, hobbymatig agrarisch gebruik en kleinschalige natuurontwikkeling. Binnen de agrarische bestemming ligt de aanduiding ‘intensieve veehouderij’, waardoor intensieve veehouderij hier is toegestaan. Bovendien mogen binnen de bestemming ‘Agrarisch’ bedrijfsgebouwen met aan- en uitbouwen en bijgebouwen, evenals bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, mits voldaan wordt aan de gestelde maatvoeringseisen. Tevens is een voormalige agrarische bedrijfswoning en een plattelandswoning toegestaan. Verkeer De beoogde ontsluiting van het woongebied met de Balkerweg krijgt de bestemming ‘Verkeer’.

De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen en wandel- en fietspaden ten behoeve van doorgaand en overig verkeer, parkeer- en groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige doeleinden, waterberging en waterlopen, openbare nutsvoorzieningen en extensieve dagrecreatie, met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Woongebied Fase 3 van de uitbreiding aan de Tolhuisweg is voorzien van de bestemming ‘Woongebied’. Ter plaatse zijn de aangewezen gronden onder andere bestemd voor het wonen in woningen, verkeers- en verblijfsvoorzieningen, groenvoorzieningen en speelvoorzieningen. Woningen zijn uitsluitend toegestaan in de vorm van vrijstaande, tweeaaneengebouwde en aaneengebouwde woningen, met dien verstande dat aaneengebouwde woningen niet zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd uitgesloten’. Binnen deze bestemming is een voorwaardelijke verplichting opgenomen om de realisatie van de groene inrichtingsmaatregelen / landschapselementen te waarborgen.

5.2.2

Algemene regels Naast de bestemmingen bevat het plan een aantal algemene regels over bijvoorbeeld begrippen, de wijze van meten, algemene afwijkingen en overgangsrecht. Deze min of meer standaardregels in bestemmingsplannen worden hier verder niet toegelicht.

70

6 6.1

Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Op basis van artikel 3.1.6, lid 1, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening dient bij de voorbereiding van een ruimtelijke procedure onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. De ontwikkelingen die concreet mogelijk worden gemaakt door de ruimtelijke procedure moeten (economisch) uitvoerbaar zijn, omdat er anders sprake is van een oneigenlijke bestemming.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.2.1

Vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening voert het college van burgemeester en wethouders, dat belast is met de voorbereiding van een bestemmingsplan, overleg met andere bestuursorganen van bijvoorbeeld buurgemeenten, het waterschap en de provincie. Het overleg tussen de bestuurlijke instanties dient in een redelijke verhouding te staan tot de aard en omvang van het bestemmingsplan. Het overleg dient dan ook beperkt te blijven tot die overheidsinstanties waarmee overleg werkelijk noodzakelijk is om te voorkomen dat de taak of verantwoordelijkheid van het andere overheidsorgaan ontoelaatbaar wordt beperkt, of dat het door dat orgaan te behartigen belang aantoonbaar wordt benadeeld. Waterschap Drents Overijsselse Delta heeft aangegeven dat de drie fasen van de uitbreiding Witharen niet los van elkaar kunnen worden gezien. De bergingsopgave moet daarom bekeken worden voor de drie fasen als geheel. De waterparagraaf in voorliggend bestemmingsplan is hierop aangepast. De reactie van de provincie Overijssel heeft geleid tot kleine aanpassingen van de (groene) inrichting van de openbare ruimte (paragraaf 2.2). Naar aanleiding van de reactie van de Veiligheidsregio is de paragraaf externe veiligheid ook iets aangepast.

6.2.2

Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf donderdag 7 september 2023 tot en met 18 oktober 2023 voor een periode van zes weken voor eenieder ter inzage gelegen. Eenieder heeft in deze periode zienswijzen kunnen indienen. In bijlage 11 bij deze toelichting zijn de binnengekomen zienswijzen samengevat en van een antwoord voorzien. Naar aanleiding van de zienswijze zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd ten opzichte van het ontwerp bestemmingsplan: − Aan de planregels is een voorwaardelijke verplichting toegevoegd om de realisatie van de groene inrichtingsmaatregelen / landschapselementen te waarborgen. − Het akoestisch onderzoek is aangepast, waarbij onder andere de uitgangspunten in overeenstemming met de feitelijke situatie worden gebracht. − Het geuronderzoek is aangepast.

71

Ambtshalve zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: − Per abuis was de bedrijfswoning bestemd als plattelandswoningen en de plattelandswoning als reguliere woning. Bij de vaststelling is dit gecorrigeerd in de regels en op de verbeelding.

72

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16262540/1