10. Beleidskader Verbonden Partijen 2025 - Bijlage - Beleidskader verbonden partijen 2025
Tekst van het document
In de begroting gaat het om de verwachte bedragen en in de jaarrekening om de werkelijke bedragen. De betekenis van deze paragraaf is mede afhankelijk van de vraag of er een door de raad vastgestelde actuele Nota Verbonden Partijen aanwezig is, waarin een kaderstellend overzicht is opgenomen. De paragraaf kan zich in dat geval beperken tot het geven van een totaalbeeld van participaties in verbonden partijen en de financiële aspecten ervan. Tevens kan het zich beperken tot de hoofdlijnen en de stand van zaken met betrekking tot het beleid.
9.3
Format paragraaf verbonden partijen.
De volgende gegevens worden per verbonden partij opgenomen in de paragraaf verbonden partijen: Naam verbonden partij Vestigingsplaats Rechtsvorm
De volledige naam van de verbonden partij De vestigingsplaats van de verbonden partij De juridische structuur van de verbonden partij 25
Doelstelling Deelnemers Bestuurlijk belang Financieel belang / bijdrage Financiële ratio’s Beleidsvoornemens Ontwikkelingen Risico’s
De doelstelling van de verbonden partij, conform statuten. De verschillende deelnemers in de verbonden partij Het bestuurlijke belang in de verbonden partij Het financiële belang of de bijdrage in/aan de verbonden partij De omvang vreemd- en eigen- vermogen aan het begin en eind van het jaar. De belangrijkste beleidsvoornemens, doelen en afspraken Ontwikkelingen welke van belang zijn voor deze verbonden partij op lokaal, regionaal, landelijk of internationaal niveau De belangrijkste risico’s voor de verbonden partij. Deze risico’s worden ook in het programma van de begroting opgenomen.
Binnen het beleidsprogramma zelf wordt kort ingegaan op welke verbonden partijen er binnen het programma een rol spelen en wat zij doen.
9.4
Overzicht verbonden partijen (per december 2025).
1. Gemeenschappelijke regelingen: - Stadsbank Oost Nederland - Omgevingsdienst Twente - Veiligheidsregio Twente - SamenTwente - Recreatieschap Twente - Openbaar Lichaam Crematoria Twente - Gemeentelijk Belastingkantoor Twente - Samenwerking ICT Hengelo 2. Vennootschappen en coöperaties: - Sport Oldenzaal BV - Bank Nederlandse Gemeenten - Twence Holding BV (tot 1 juli 2027) - Twente Milieu NV - Cogas NV - Enexis Holding NV - Dimpact (coöperatie) 3. Stichtingen en verenigingen: - Stichting Werkprojecten Oldenzaal 4. Overige verbonden partijen: - Bestuursovereenkomst Sociaal Economische Structuurversterking Twente
26
Bijlage 1: Publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtsvormen Bijlage 1: Publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtsvormen Publiekrechtelijke verbonden partijen Als gemeenten besluiten om op basis van de Wgr een samenwerking aan te gaan, kan er gekozen worden tussen een aantal regelingen. Er zijn vijf vormen van gemeenschappelijke regelingen te onderscheiden. De vijf vormen verschillen van elkaar in de organen die worden ingesteld en het wel of niet hebben van rechtspersoonlijkheid. De Wgr bevat regels voor de inrichting en het functioneren van de samenwerking.
De Wgr onderscheid de volgende vijf regelingen: • Een gemeenschappelijk openbaar lichaam heeft de heeft de status van een rechtspersoon en heeft geleed bestuur bestaande uit een Algemeen Bestuur, dat het Dagelijks Bestuur controleert en een voorzitter. De deelnemende gemeenten kunnen gemeentelijke taken en bevoegdheden overdragen aan het openbaar lichaam. Dit is een veel voorkomende vorm van publiekrechtelijke samenwerking. • Een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt opgericht voor de behartiging van bedrijfsvoerings- of beleidsarme uitvoeringstaken. Deze vorm kent alleen een enkelvoudig bestuur, het Dagelijks Bestuur. • Een gemeenschappelijk orgaan heeft een bestuurlijk platform als bestuur en beschikt niet over rechtspersoonlijkheid. Overdragen van bevoegdheden is beperkt mogelijk en de samenwerking kan geen personeel in dienst nemen. • Een centrumgemeente oefent taken en bevoegdheden uit voor andere gemeenten. Deze samenwerking heeft geen eigen bestuur. De deelnemende gemeenten brengen taken onder bij de centrumgemeente die in opdracht van de andere gemeenten deze taken uitvoert. Daartoe verlenen de deelnemende gemeenten mandaat aan de centrumgemeente. • Een regeling zonder meer is de lichtste vorm zonder overdracht van taken of bevoegdheden.
Alleen afspraken worden vastgelegd – meestal zonder juridische binding – onder noemers zoals een ‘overheidsconvenant’ of ‘bestuursakkoord’. Publiek private samenwerkingsverbanden De afweging of een publiek-private samenwerking mogelijk en opportuun is, volgt pas als blijkt dat een publiekrechtelijke deelname op basis van de Wgr niet mogelijk is. Een publiek-private samenwerking is een samenwerkingsverband waarbij publieke en private partijen een gezamenlijk project realiseren op basis van een heldere taak- en risicoverdeling met behoud van eigen identiteit. Het is daarom van belang dat de gemeente en private partijen samenwerken op basis van duidelijke, contractueel vastgelegde afspraken waarin is vastgesteld wie waarvoor verantwoordelijk is, wie welke risico’s draagt en wie welke kosten draagt. In het geval de gemeente op grond van de PPS-constructie besluit een vennootschap en/of privaatrechtelijk rechtspersoon, zoals een CV of een BV, op te richten of daaraan deel te nemen dan is er sprake van een verbonden partij. PPS-constructies worden overigens niet als een verbonden partij aangemerkt, in het geval de gemeente en een private partij, uitsluitend op basis van overeenkomst, een project, waarbij ook een publiek belang aan de orde is, uitvoeren.
27
Privaatrechtelijke verbonden partijen We onderscheiden de volgende privaatrechtelijke verbonden partijen: Vennootschappen (NV of BV): Een NV en BV zijn een rechtspersoon dus zelfstandig drager van rechten en plichten, die onder eigen naam deelnemen aan het rechtsverkeer. De onderneming wordt bestuurd door een directie en is er een Raad van Commissarissen die daar toezicht op houdt. De aandeelhouders zijn eigenaar van de vennootschap. Bij een NV worden de aandelen uitgegeven aan toonder of op naam en deze zijn vrij verhandelbaar, tenzij de overdraagbaarheid van de aandelen op naam is beperkt. Bij een BV worden de aandelen op naam uitgegeven en deze zijn niet vrij verhandelbaar. Oprichting vindt plaats via een notariële akte. Hiervoor is een raadsbesluit en een verklaring van geen bezwaar van Justitie vereist en goedkeuring door Gedeputeerde Staten. De gemeente is als aandeelhouder of via commissariaten bestuurlijk betrokken bij dit type verbonden partij. De gemeente houdt via een meerderheids- of minderheidsbelang in de aandeelhoudersvergadering een stem, omdat de overheidsvennootschap belangrijke taken uitvoert voor de gemeente. Daarnaast heeft de gemeente vaak recht van voordracht of benoeming van commissarissen. De bestuurlijke betrokkenheid is beperkt tot aandeelhouderschap of commissariaten. De gemeente is bij een NV en BV (mede)-eigenaar.
Het voordeel van deze rechtsvorm is dat de taak meer op afstand wordt geplaatst en er financiële voordelen kunnen ontstaan door winstdeling en dividend. Het nadeel is dat er vaak beperkte beïnvloedingsmogelijkheden zijn. Stichtingen en verenigingen: Oprichting vindt plaats bij notariële akte. Een gemeente als medeoprichter van een stichting of vereniging heeft goedkeuring nodig van Gedeputeerde Staten (art. 160 lid 3 gemeentewet). Een informele vereniging (beperkte rechtsbevoegdheid) kan zonder notariële akte worden opgericht. Een vereniging heeft een duaal karakter met een algemene ledenvergadering en een bestuur. Een stichting heeft een meer monistisch karakter met alleen een bestuur. Stichtingen kunnen overigens ook meer duaal worden ingericht met een Raad van Toezicht en een directeur/bestuurder. De bestuurlijke betrokkenheid bij stichtingen en verenigingen bestaat uit zitting in het bestuur. In de stichtingsstatuten kan staan dat er kwaliteitsplaatsen in het bestuur voor raadsleden zijn gereserveerd. De financiële relatie bestaat uit een subsidierelatie tussen gemeenten en stichting of vereniging met mogelijk aanvullende afspraken met betrekking tot het dekken van onvoorziene exploitatietekorten, incidentele uitgaven als gevolg van reorganisaties en garantstellingen. Het voordeel van deze vorm is dat de financiële consequenties nihil zijn.
Er bestaat alleen financieel aansprakelijkheid voor de verstrekte middelen. De stichting is formeel verantwoordelijk voor exploitatierisico’s. In de praktijk blijkt echter dat gemeenten een deel van dit risico informeel of via aanvullende afspraken dragen. Daarnaast is het voordeel dat deze rechtspersoon eenvoudig en goedkoop is op te richten. Het nadeel is dat een stichting of vereniging zelden een buffer heeft om exploitatietekorten of onvoorziene uitgaven op te vangen. Per definitie kloppen zij bij de gemeente aan. Bij garantiestelling is dit risico directer. Daarnaast heeft de wetgever niet voorzien in een toezicht mechanisme. Er is niets formeel vastgelegd met betrekking tot de financiële informatievoorziening. Bij de privaatrechtelijke vorm is geen toestemming van de raad nodig voor de oprichting. De raad dient enkel in de gelegenheid te zijn gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.
28