08. Armoedebeleid (aanpak tegen armoede) - Onderzoeksrapport armoede Kwiz
Tekst van het document
24
Gemeente Oldenzaal
Versie 1.2
3.4. Informatie Respondenten krijgen informatie over de regelingen meestal via hun sociale netwerk De meeste respondenten komen aan informatie over de regelingen via vrienden of kennissen, oftewel hun eigen sociale netwerk (39 procent). Ook de lokale krant of folder (27 procent) en de website van de gemeente of organisatie (27 procent) zijn veelgenoemde informatiebronnen. Bij ‘anders, namelijk’ noemen respondenten veelal dat hun kinderen of mantelzorger hen vertellen over de regelingen. Ook professionele instanties zoals bewindvoerders, ambulant begeleiders en de thuiszorg worden genoemd. De kanalen waar respondenten hun informatie over de regelingen vandaan halen, verschillen verschilt per leeftijdscategorie. Zo geven 18 tot 27-jarigen vaker aan dat ze via de website hun informatie krijgen via de website van de gemeente of organisatie of een hulpverlener/consulent dan de oudere leeftijdscategorieën. AOW-gerechtigden geven daarentegen verhoudingsgewijs veel vaker aan dat ze hun informatie over de regelingen krijgen uit een lokale krant of folder. Figuur 3.4.1. Informatie over de regelingen (n = 422)
Hoe komt u aan informatie over de regelingen? Via vrienden of kennissen
39%
Uit de lokale krant of folder
27%
Via de website van de gemeente/organisatie
27%
Via een hulpverlener/consulent
19%
Via een welzijnsorganisatie (Impuls, Wijkracht)
12%
Via het Sociaal Plein
10%
Via sociale media (Facebook, Instagram)
8%
Via een vrijwilligersorganisatie (zoals Schuldhulpmaatje of Humanitas) Via het Armoede Preventieloket
4% 2%
Anders
20%
3.5. Tips en adviezen van respondenten Aan het einde van de vragenlijst konden respondenten antwoorden achterlaten op de vraag ‘Wat kan beter voor inwoners met een laag inkomen? En hoe zou u dat doen?’. In totaal hebben 225 respondenten gebruikgemaakt van deze gelegenheid (53 procent). De antwoorden kunnen worden onderverdeeld in vijf categorieën en per categorie wordt in bijbehorend kader een aantal quotes weergegeven. •
Uitbreiding van het aanbod aan minimaregelingen Een deel van de respondenten geeft hun aanvullende behoefte aan in het huidige aanbod van regelingen (75 respondenten). Als suggesties voor de gemeentelijke minimaregelingen worden bijvoorbeeld genoemd: ondersteuning bij sport, openbaar vervoer/reiskosten, kleding, zorgkosten en tandartskosten, onvoorziene uitgaven en gemeentelijke belastingen. Daarnaast geven respondenten veelvuldig aan dat ze een hoger basisinkomen/hogere bijstandsuitkering nodig hebben, zeker in de actuele omstandigheden met inflatie. Ook wordt benoemd dat inwoners die nét boven de inkomensgrenzen zitten, vaak moeite hebben om rond te komen. 25
Gemeente Oldenzaal
Versie 1.2
Aanvullende behoeften in regelingen ‘De regelingen zijn een fijne bijkomstigheid maar is niet voldoende om uit de schulden te blijven.’ ‘Alles wordt gewoon te duur voor een minimuminkomen.’ ‘Aanbiedingen of kortingen verstrekken bij lokale kledingwinkels/supermarkten of ook één keer per jaar fashioncheque voor de ouderen! Superfijn en welkom dat dit voor mijn dochter wel is.’ ‘Een abonnement bij een fitnesscentrum zou goed zijn voor de algehele gezondheid!’ ‘Bij chronische ziekte bijvoorbeeld hulp voor elektrische fiets of goedkoper ov.’ ‘Ziektekosten en tandarts. Dit is een ramp voor de meeste mensen.’ ‘Voor mensen met een laag inkomen is er veel. Voor mensen die net iets te veel hebben is er niks. Mensen die net iets te veel hebben dan het sociaal minimum, moeten zichzelf bedruipen. Deze groep mensen heeft het moeilijker als mensen met minimum inkomen.’ ‘Verlaging van gemeentelijke belastingen/afvalstoffenheffing. Voor de rest wordt er voldoende aangeboden denk ik om enigszins rond te komen, maar het is wel krap.’ ‘Sporten gratis.’ ‘Cultuur nog toegankelijker maken.’ ‘Energietoeslag handhaven.’ ‘Gratis zwemmen en openbaar vervoer.’ ‘Hulp bij onvoorziene grote uitgaven.’ ‘Ik ben blij met de ondersteuning, maar het is niet altijd toereikend. Bijvoorbeeld bij medicijnen, maar sport vind ik ook echt te duur.’ ‘Openbaar vervoer gratis maken.
Een permanent Energieplafond voor mensen met een laag inkomen.’ ‘Lage inkomens kunnen inflatie niet bijhouden met de kosten terwijl lonen amper stijgen. Ik zou een inflatie compensatie/regeling doen voor de lage inkomens.’
26
Gemeente Oldenzaal
•
Versie 1.2
Informatievoorziening Respondenten benadrukken hun behoefte aan laagdrempelige, toegankelijke en eenvoudige informatie (28 respondenten). Zij zouden graag zien dat de gemeente Oldenzaal proactief informatie verstrekt, zodat inwoners op de hoogte zijn van de mogelijkheden. Verder geven respondenten meermaals aan dat met name schriftelijke informatie en een papieren overzicht van de regelingen wenselijk is; niet iedereen is digitaal vaardig. Tot slot benoemen respondenten dat ze het belangrijk vinden dat de informatie afgestemd op de verschillende doelgroepen zoals jongeren/ouderen, inwoners met een arbeidsbeperking of eventuele speciale omstandigheden.
Informatievoorziening ‘Er zal voldoende zijn voor mensen met minimum. Maar de wegen ernaartoe. Die vind ik persoonlijk moeilijk te vinden.’ ‘Duidelijk aangeven waar men terecht kan. Laagdrempelig.’ ‘Vooral (ouderen) actief benaderen.’ ‘Gemeente Oldenzaal heeft goede regelingen. Persoonlijk zou ik graag ondersteuning krijgen omdat ik de taal niet beheers.’ ‘Wat meer denken aan de mensen die wat ouder zijn en hoe je ons kunt bereiken. Per post bijvoorbeeld. Ook meer bekendheid voor regelingen en stapsgewijs uitleggen door middel van plaatjes.’ ‘Als mensen zoals ik een energietoeslag krijgen ook extra informatie toesturen over de andere toeslagen waar ze misschien voor in aanmerking komen. De gegevens zijn inmiddels bekend.’ ‘Alles wat eenvoudiger maken en niet zo ingewikkeld.’ ‘Toegankelijkere informatie. Wat je niet weet, kun je ook niet vragen.’ ‘Boekje met makkelijke uitleg van regelingen in brievenbus met telefoonnummers. En niet te veel ervan uitgaan dat mensen allerlei loketten wel op internet weten te vinden. In de brievenbus! Digitale tijdperk is niet bij te komen en als je daar geen toegang toe hebt mis je veel informatie. Dat zorgt voor gevoel van er niet bij horen/uitsluiting maatschappij.’ ‘Meer persoonlijke informatie, ook voor mensen die afgekeurd zijn wat er eventueel voor hen mogelijk is.’ ‘Maak het makkelijker en toegankelijker. Nu vaak te ingewikkeld.
En soms zijn eventuele speciale omstandigheden. Maak daar ook mogelijkheden voor.’
27
Gemeente Oldenzaal
•
Versie 1.2
Aanvraagprocedure Respondenten benoemen meermaals dat de aanvraagprocedure van de regelingen omslachtig aanvoelt (18 respondenten). Zij vragen zich af of het noodzakelijk is om de regelingen jaarlijks opnieuw aan te vragen en de bewijsstukken opnieuw aan te leveren. Respondenten zouden graag een automatische toekenning zien op basis van hun recht op één van de regelingen. Daarnaast geven ze aan dat het niet altijd duidelijk is waar de regelingen aangevraagd kunnen worden en zien daarvoor ‘één loket’ als oplossing. Tot slot benoemen respondenten hun behoefte aan voldoende ondersteuning en goede uitleg gedurende de aanvraagprocedure.
Aanvraagprocedure ‘Een loket waar je alles in één keer kan aanvragen.’ ‘Alles onder 1 loket en desnoods dat ze contact met mij opnemen in plaats van andersom in verband met schaamte en dergelijke.’ ‘Automatisch alle regelingen toekennen, want nu weten wij niet welke regelingen er zijn en waar we recht op hebben.’ ‘Alles moet via internet geregeld maar voor een laptop bestaat geen vergoeding. De aanvraag voor de vergoedingen eenvoudiger maken.’ ‘Passende hulp bieden. Creatief zijn, haal de 'moet' eruit maar houd de moed erin.’ ‘Op basis van inkomenstoets dat je dingen schriftelijk aangeboden krijgt om voor in te schrijven i.p.v. zelf het uit te moeten zoeken. Bijvoorbeeld u heeft mogelijk recht op...’ ‘Meer hulp bij de aanvraag of ik ergens recht op heb.’ ‘Er zal voldoende zijn voor mensen met minimum. Maar de wegen ernaartoe. Die vind ik persoonlijk moeilijk te vinden.’ ‘Het aanleveren van informatie qua inkomen en specificaties iedere keer weer, maar dan eenvoudiger.’ ‘Het samenvoegen van instanties en de uitwisseling van gegevens, zodat alle sociale regelingen door een instantie kunnen worden afgehandeld op basis van het BSN.’ ‘Iemand die thuis komt helpen met aanvragen invullen en kijken waar je voor in aanmerking komt.’
28
Gemeente Oldenzaal
•
Versie 1.2
Communicatie Op het gebied van communicatie geven respondenten aan dat ze een persoonlijke benadering belangrijk vinden (12 respondenten). Maatwerk vinden respondenten wenselijk. Bijvoorbeeld door de persoonlijke situatie van de hulpvrager uitgangspunt te laten zijn en te kijken wat er mogelijk is qua ondersteuning. Sommige respondenten prefereren een huisbezoek boven telefonisch contact. Tot slot benoemen respondenten de behoefte aan een bredere samenwerking zodat maatschappelijke organisaties ook naar elkaar doorverwijzen bij problematiek. Communicatie ‘Betere begeleiding, advies om beter om te gaan met het geld dat je hebt.’ ‘Betere omgang met en tussen mensen. Behandeld worden zoals ik ook anderen behandel. Respect voor elkaar.’ Betere uitleg, ook voor diegene die de taal niet goed beheersen.’ ‘Bredere samenwerking bijvoorbeeld de huisarts of school iets constateert dat er wordt doorverwezen.’ ‘Persoonlijke benadering.’ ‘Meer passende begeleiding en toekomstgericht bezig zijn in plaats van trajecten van drie maanden, die ook nog eens niet passend zijn.’ ‘Meer luisteren naar de problemen.’ ‘Meer begrip bij verschillende situaties. Meer inlevingsvermogen.’ ‘Dat een onderwerp niet via drie lijnen hoeft te lopen: het moet korter. Eén persoon voor een onderwerp. Weten van elkaar niet bij wie je moet zijn.’
•
Tevredenheid Tot slot maken respondenten van de gelegenheid gebruik door aan te geven dat ze tevreden en dankbaar zijn voor de geboden ondersteuning in de gemeente Oldenzaal (11 respondenten). Tevredenheid ‘Ik vind het voldoende, bedankt voor alles.’ ‘Ben blij dat ik energietoeslag mag ontvangen.’ ‘Paar jaar geleden alles was normaal, maar nu wordt alles duurder. Dus ik weet het niet meer, maar ik ben heel tevreden en dankbaar voor onze gemeente.’ ‘Ik heb op dit moment, ondanks alles, de rust in mezelf terug. Dat is erg fijn.’ ‘Het is in Oldenzaal erg toegankelijk bij de gemeente. Vriendelijkheid van het personeel maakt het makkelijk om contact te zoeken en hulp te vragen.’ ‘Ik kan de situatie alleen voor mijzelf beoordelen. Ik mag niet klagen. Er wordt genoeg voor mij gedaan en ik ben tevreden.’ ‘Ik vind dat jullie al heel goed bezig zijn, ga zo door!’ 29
Gemeente Oldenzaal
Versie 1.2
Bijlage 1: Kenmerken respondenten Leeftijd en opleidingsniveau De meeste respondenten zijn tussen de 46 en 66 jaar (38 procent) of 67 of ouder (45 procent). Verder heeft het grootste aandeel, ruim een derde, de basisschool of middelbare school als hoogst genoten opleiding (36 procent). Verder heeft 28 procent het middelbaar beroepsonderwijs als hoogst genoten opleiding afgerond. Figuur B1.1 Leeftijd (n = 409) en opleidingsniveau (n = 400)
Leeftijd
Opleidingsniveau
18 t/m 26 jaar
27 t/m 45 jaar
46 t/m 66 jaar
67 jaar of ouder
HBO/Universiteit Anders LBO (Lager Beroepsonderwijs) MBO (Middelbaar Beroepsonderwijs) Bassischool/middelbare school
2%
11%
16%
11%
45%
36% 16%
38% 28%
Inkomensbron Zeven op de tien respondenten heeft geen inkomsten uit betaald werk en ontvangt vermoedelijk een (bijstands)uitkering. Eén op de tien respondenten heeft betaald werk waarbij het veelal gaat om een parttimebaan. Bij ‘anders, namelijk’ noemen respondenten dat ze een AOW-uitkering dan wel pensioen of Wajong-uitkering ontvangen. Figuur B1.2. Inkomensbron
Heeft u inkomen uit betaald werk?
15%
10%
2% Parttime werk Fulltime werk Nee
73%
Anders, namelijk
30
Gemeente Oldenzaal
Versie 1.2
Woonsituatie Een ruime meerderheid (62 procent) is alleenstaand. Verder woont 14 procent in een huishouden met thuiswonende kinderen17 (9 procent eenoudergezin en 5 procent tweeoudergezin). Bij ‘anders, namelijk’ noemen respondenten onder andere dat ze bij een familielid inwonen of in een verpleeghuis wonen. Tot slot geven 69 respondenten aan dat ze thuiswonende kinderen hebben (17 procent). Figuur B1.3 Woonsituatie (n = 397) en thuiswonende kinderen (n = 397)
Woonsituatie
Heeft u thuiswonende kinderen jonger dan 18 jaar?
Alleenstaand Alleenstaand met thuiswonende kinderen Samenwonend/gehuwd
Ja
Nee
Samenwonend/gehuwd met thuiswonende kinderen Anders, namelijk: 4% 17%
5%
20%
9%
62% 83%
17 Thuiswonende kinderen kan zowel gaan om kinderen onder de 18 jaar als volwassen thuiswonende
kinderen.
31