06 Kadernota 2023 - bijlage kadernota 2023
Tekst van het document
22
5.
Ontwikkeling subsidies Gesubsidieerde instellingen worden bij de vaststelling van hun jaarlijkse subsidies gecompenseerd voor de bij de begrotingsuitgangspunten opgenomen verwachte loon- en prijsontwikkelingen. Geadviseerd wordt deze handelwijze voor de planperiode 2023-2026 te handhaven. Dit betekent dat de bestaande subsidies vanaf 2023, ten opzichte van de begroting 2022, voor wat betreft de looncomponent met 6,40% mogen stijgen en voor wat betreft de prijzen van goederen en diensten 4,5%.
III.
Uitgangspunten voor de baten aanvaard beleid
1.
Rijksuitkeringen Ten aanzien van de baten aanvaard beleid spelen de rijksuitkeringen een belangrijke rol. In dat verband zijn de economische ontwikkelingen ontzettend belangrijk. De verwachtingen op dit gebied (basis CEP 2022) zijn dat de Nederlandse economie zich positief blijft ontwikkelen. De arbeidsmarkt blijft krap en de coronapandemie is minder van invloed op de economie. Wel worden de economische ramingen gedomineerd door de onzekerheid als gevolg van de oorlog in Oekraïne. Het belangrijkste economische gevolg is op dit moment voor Nederland een nog hogere energieprijs. De inflatie slaat dit jaar een gat in de koopkracht en de energiekosten pakken zeer verschillend uit voor verschillende huishoudens. De overheidsfinanciën stabiliseren dit jaar. Het coalitieakkoord zorgt in de huidige kabinetsperiode voor een flinke bestedingsimpuls. De hogere overheidsbestedingen jagen de economische groei aan, waardoor de economie tot en met 2025 sterker groeit dan de potentiële groei. Alle ontwikkelingen hebben uiteraard ook zijn weerslag op de uiteindelijk te ontvangen algemene uitkering. Hierbij kan in zijn algemeenheid gesteld worden dat hogere/lagere rijksuitgaven leiden tot een hogere/ lagere algemene uitkering.
Deze stijging/daling, accres genaamd, is bedoeld voor compensatie van loon- en prijsstijgingen en om gemeenten mee te laten delen in hetzij budgettaire ruimte, hetzij bezuinigingen bij de overheidsfinanciën. Het Centraal Planbureau waarschuwt het kabinet voor onder uitputting. Bovendien is de arbeidsmarkt momenteel erg krap. De vraag is dan ook of er voldoende arbeidskrachten zijn om alle plannen uit te kunnen voeren. Daarnaast staan veel rijksuitgaven nog op de zogeheten ‘aanvullende post’ in afwachting om toebedeeld te worden aan een ministerie om uit te kunnen geven. Die bedragen tellen op voorhand wel mee in de accressen, maar als ze niet toebedeeld en uitgegeven worden, heeft ook dat een dempend effect op het gemeentefondsaccres. Ook is het kabinet nu al geconfronteerd met een structurele tegenvaller van ongeveer € 4 tot 5 miljard als gevolg van een uitspraak van de Hoge Raad inzake de berekening van de rendementen ten behoeve van de vermogensrendementsheffing in box 3 van de inkomstenbelasting. Dat geld zou elders bezuinigd kunnen worden. Daarnaast heeft het Rijk ook te maken met stijging van energieprijzen en de compensatie daarvan. Nog afgezien van de extra rijksuitgaven aan defensie. Het advies is dan ook behoedzaam te zijn in het ramen van de accressen voor de komende jaren.
Oldenzaal heeft analoog hieraan de verwachte voordelen uit de decembercirculaire 2021 voor 70% geraamd. De mei- en septembercirculaires van het Ministerie van Binnenlandse Zaken zullen uiteindelijk bepalend zijn voor de op te nemen ramingen in de P&C-documenten. Voor de kaderbrief en de programmabegroting wordt in beginsel steeds met de meest recente daaraan voorafgaande circulaire rekening gehouden. De provincie, als financieel toezichthouder, gaat ervan uit dat voor de beoordeling van de begroting van enig jaar tenminste de meicirculaire van het voorafgaande kalenderjaar is verwerkt. Wanneer er voor gekozen wordt de uitkomsten van de septembercirculaire te verwerken dan wordt het van belang gevonden dat hierin een consistent beleid wordt gevoerd. Dit om te voorkomen dat de uitkomsten van deze circulaire gaan bepalen of al dan niet tot verwerking van deze circulaire wordt over gegaan. Omdat de praktijk is dat het verwerken van de septembercirculaire lastig is gelet op het moment van openbaar worden hiervan, adviseren we (bestendige lijn) de ramingen van de rijksuitkering in de ontwerpbegroting jaarlijks te baseren op de meicirculaire. De gevolgen van de septembercirculaire zullen dan worden verwerkt in de eerstvolgende tussentijdse rapportage.
Indien realiseerbaar zullen de gevolgen van de septembercirculaire voor de raadsbehandeling van de programmabegroting ter kennisneming aan de raad worden aangeboden, zonder dat deze vervolgens onderdeel van de besluitvorming worden. Al met al zijn de ontwikkelingen van de financiën van de rijksoverheid uiteindelijk bepalend voor de 23
ontwikkeling van de algemene uitkering. De aanstaande meicirculaire zal een eerste indicatie hiervan opleveren. 2.
Belasting- en tarievenbeleid Het uiteindelijke belasting- en tarievenbeleid betreft zowel een politiek beïnvloedbare als politiek gevoelige materie. De uiteindelijke kaders hiervoor kunnen ter gelegenheid van de bespreking van de kadernota (= kaders aangeven voor het opstellen van de begroting) door de raad gegeven worden. Dit mede afgestemd op de dan geconstateerde financiële positie op hoofdlijnen, het beoogde beleid voor de komende planperiode en het bijbehorende dekkingsplan. Voor het opstellen van de kadernota alsmede voor de begroting aanvaard beleid voor de komende planperiode stellen we voor de tarieven te hanteren zoals deze zijn vastgesteld voor de begroting 2022 waarbij voor de actualisering van de ramingen aanvaard beleid voor de algemene heffingen rekening wordt gehouden met een stijging gelijk aan het gemiddelde van de loon- en prijsindex. Verder wordt rekening gehouden met autonome volumeontwikkelingen zoals aangegeven in de kerngegevens opgenomen in paragraaf V. De ramingen met betrekking tot reinigingsheffing en rioolheffing (voor beide netto na kwijtschelding) worden gebaseerd op 100% kostendekking. Specifiek ten aanzien van de huurtarieven gemeentelijk vastgoed stellen we voor deze, voor wat betreft aanvaard beleid, in de pas te laten lopen met de ontwikkeling van de prijzen van goederen en diensten.
Ten aanzien van de kostendekkendheid van leges en begraafplaatsrechten is (nog) geen concreet dekkingspercentage vastgelegd. Bij de uiteindelijk definitief door de gemeenteraad vast te stellen tarieven c.q. het dekkingsplan, opgenomen in de programmabegroting, kan uiteraard van het aanvaard beleid worden afgeweken en kan aandacht besteed worden aan: a) de mate waarin er reden is voor een eventueel afwijkende aanpassing van belastingtarieven; b) de mate van kostendekking voor begraafplaatsrechten, marktgelden en de diverse leges; c) de mate waarin tariefstijgingen voor de overige gebruikers van gemeentelijke eigendommen (bijv. sport- en welzijnsaccommodaties, volkstuinen, openbaar groen, woningen) acceptabel zijn.
NB: Bij de behandeling van de Kadernota 2022 is een motie aangenomen ‘Vereenvoudiging gemeentelijke belastingen’. In de komende Kadernota 2023 zal daartoe een voorstel worden ingebracht. Financieel uitgangspunt daarbij is ‘budgetneutraliteit’.
IV. Uitgangspunten voor beleidsontwikkelingen Ten aanzien van de begrotingsuitgangspunten wordt er onderscheid gemaakt tussen aanvaard beleid en aanvullend beleid. Aanvaard beleid is het beleid (en budget) zoals door de raad reeds vastgesteld en aanvullend beleid bestaat uit alles wat daar aan wordt toegevoegd en afgehaald, inclusief nieuwe ontwikkelingen. Echter, aanvaard beleid kent óók ontwikkelingen en daar ontstaat af en toe enige spraakverwarring. Teneinde deze spraakverwarring te voorkomen en consequent handelen te realiseren wordt onderstaand proces gevolgd. Aanvaard beleid (door raad vastgesteld) wordt jaarlijks geactualiseerd in verband met autonome ontwikkelingen op het gebied van lonen en prijzen, rentewijzigingen en autonome volumeontwikkelingen in bijv. aantal woningen, inwoners en andere kerngegevens (paragraaf V). Deze ontwikkelingen worden jaarlijks via de notitie begrotingsuitgangspunten vastgesteld. In feite zijn dit (politiek) niet beïnvloedbare ontwikkelingen en het aanpassen van de budgetten met deze ontwikkelingen zorgt ervoor dat het aanvaarde beleid op verschillende terreinen ongestoord door kan gaan. Daarom stellen we voor de begrotingsuitgangspunten jaarlijks door te voeren in de budgetten aanvaard beleid.
Ook de vervangingsinvesteringen gerelateerd aan de eigen bedrijfsvoering behoren tot de ontwikkelingen aanvaard beleid, maar hierover dient nog wel een afweging plaats te vinden. Voorgesteld wordt deze afweging expliciet te laten plaatsvinden door deze bij de besluitvorming duidelijk zichtbaar te maken. In de P&C-documenten op te nemen financiële analyse zullen beide vormen van ontwikkelingen aanvaard beleid expliciet in beeld gebracht worden. 24
Naast aanvaard beleid onderscheiden we zoals gezegd aanvullend beleid. Hieronder verstaan we: Volumeontwikkelingen van aanvaard beleid die weliswaar autonoom (onafhankelijk en zonder politieke invloed) tot stand komen maar meer dan normaal (substantieel) toe- of afnemen; Vervangingsinvesteringen niet zijnde vervangingen ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering; In- en extensiveringen of aanpassingen van aanvaard beleid door (wets)wijziging van dit aanvaarde beleid, door voortschrijdend inzicht, bijstelling doelstellingen en/of andere maatschappelijke effecten; Overige ontwikkelingen waarmee inhoudelijk en financieel niet eerder in één van de P&C-producten rekening is gehouden en die al dan niet gebaseerd zijn op politiek bestuurlijke wensen. Dit aanvullend beleid zal zich elk jaar in meer of mindere mate voordoen en wordt via een inventarisatieproces in de organisatie inzichtelijk gemaakt. Aangezien we ook te maken hebben met beperkte middelen zal er ook altijd sprake zijn van (politieke) afweging en dus worden al deze voorstellen expliciet aan het college voorgelegd alvorens ze via de kadernota in de ontwerpbegroting worden opgenomen.
25
V.
Kerngegevens
Peildatum Aantal inwoners: Jonger dan 18 jaar Ouder dan 17 maar jonger dan 65 jaar Ouder dan 64 maar jonger dan 75 jaar Ouder dan 74 maar jonger dan 85 jaar Ouder dan 84 jaar Totaal aantal inw. Aantal huishoudens: Aantal periodieke uitkeringsgerechtigden: Wwb Ioaw Ioaz Aantal Wswgeïndiceerden: Aantal leerlingen: Basisonderwijs Voortgezet onderwijs Oppervlakte hectare: Land Binnenwater Historische stadskern Aantal woonruimten: Woningen Recreatiewoningen Aantal aanwezige bedrijfsvestigingen: Lengte wegen in Km. 30 km wegen 50 km wegen gebiedsontsluitingswegen (80 km in beheer bij Provincie) 120 km wegen (in beheer bij Rijk) Vrij liggende fiets- en wandelpaden Spoorlijn Oppervlakte industrieterrein in ha. Oppervlakte openbaar groen in ha. waterhuishouding
Werkelijk 1-1-2022
Prognose 1-1-2023
Prognose 1-1-2024
Prognose 1-1-2025
Prognose 1-1-2026
6.041 18.021
6.031 17.959
6.021 17.921
6.005 17.896
6.005 17.896
4.165
4.185
4.201
4.186
4.186
2.654
2.659
2.699
2.739
2.739
864 31.745 14.173
861 31.695 14.273
863 31.705 14.373
882 31.708 14.470
882 31.708 14.470
417 21 5
410 22 6
410 22 6
410 22 6
410 22 6
234
226
215
209
209
2.837 4.128
2.729 4.075
2.622 4.024
2.556 3.950
2.556 3.950
2.155 40 8
2.155 40 8
2.155 40 8
2.155 40 8
2.155 40 8
14.717 55
14.817 55
14.917 55
15.017 55
15.117 55
3.148
3.148
3.148
3.148
3.148
107 48
107 48
107 48
107 48
107 48
12,7
12,7
12,7
12,7
12,7
8,2
8,2
8,2
8,2
8,2
45 4,2
45 4,2
45 4,2
45 4,2
45 4,2
270
270
270
270
270
244 24
244 24
244 24
244 24
244 24
26
VI. Overige ontwikkelingen 1. Nog te realiseren taakstellingen In de actuele begrotingssaldi, die de basis gaan vormen voor de Kadernota 2023, zitten nog diverse te realiseren taakstellingen/ombuigingen. Deze zijn (grotendeels) het gevolg van de ingezette ‘ombuigingsoperatie’ ten tijde van de Programmabegroting 2021 en totaliseren tot onderstaande bedragen:
voor 2021 € 2.245.000 voor 2022 € 2.701.000 voor 2023 € 2.956.000 voor 2024 € 2.961.000
Inmiddels zijn diverse maatregelen reeds effectief. Het niet realiseren van de taakstellingen heeft echter een direct (negatief) effect op het begrotingsresultaat. Onderstaand de voor de komende planperiode nog realiseren ombuigingen:
2. Opschalingskorting De stijging van de, door gemeenten bekritiseerde, opschalingskorting in 2020 tot en met 2022 (landelijke € 270 miljoen) is in de septembercirculaire 2021 wederom eenmalig uitgesteld. Een incidentele meevaller voor Oldenzaal van € 466.000 voor 2022. In het onlangs afgesloten coalitieakkoord is de oploop van de opschalingskorting voor deze kabinetsperiode geschrapt. Een meevaller voor Oldenzaal vanaf 2023 van ca. € 400.000 oplopend naar € 700.000 in 2025. 3. Herijking gemeentefonds Hoeveel geld individuele gemeenten uit het gemeentefonds krijgen, hangt af van de kenmerken en de belastingcapaciteit van de gemeenten. De rijksoverheid is verantwoordelijk voor het actueel houden van het verdeelstelsel. Momenteel wordt onderzocht hoe het gemeentefonds opnieuw kan worden verdeeld. De invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds staat gepland voor 2023. In de Programmabegroting 2021 was aanvankelijk een (negatieve) stelpost opgenomen in verband met de herijking van het gemeentefonds per 2023. Op basis van de laatst bekende cijfers blijkt Oldenzaal een voordeelgemeente (€ 36 per inwoner) en bleek deze stelpost overbodig. De post is dan ook in de Programmabegroting 2022 (2022 € 400.000, 2023 € 800.000, 2024 e.v. € 1.200.000) weer ook teruggedraaid, waarbij het voorlopige uitgangspunt een budgettair neutrale uitwerking is. 4.
Dividendontwikkeling Cogas
Op 18 december 2020 heeft Cogas bekend gemaakt dat DELTA Fiber het 50% belang in het glasvezelbedrijf Cogas Kabel Infra (CKI) van Cogas overneemt. Cogas gaf aan dat het met de opbrengst investeringen wil doen om de ambities in energietransitie te realiseren. In de aandeelhoudersvergadering van 10 mei 2021 hebben de aandeelhouders besloten om uit het verkoopresultaat op de aandelen CKI een dividendafbouwfonds van € 25 miljoen te vormen. Hiermee kan 5 jaar lang een bedrag van € 5 miljoen, als aanvulling op het jaarlijkse basisdividend (€ 1.000 per aandeel, Oldenzaal € 537.000) worden uitgekeerd. De hoogte van het jaarlijkse dividend blijft dan nog 5 jaar gehandhaafd op het niveau van de afgelopen jaren. Deze periode stelt de gemeente Oldenzaal in staat om de begroting aan te passen aan de lagere dividendinkomsten. In de meerjarenraming van de gemeente Oldenzaal (2022 t/m 2025) wordt voorlopig nog uitgegaan van een dividendopbrengst van € 1.074.000. Met de uitkeringen uit het afbouwfonds kun27
nen deze ramingen de komende 5 jaren gestand worden gedaan. Voor de periode hierna zal een ‘gat’ in de begroting ontstaan van€ 537.000.
28
Bijlage 2. Toelichtingen voorstellen aanvullend en nieuw Beleid 2023
Implementatie van de Omgevingswet Doel (lange termijn)
Implementatie van de Omgevingswet
Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord?
Het coalitieakkoord is gestoeld op de veranderingen die de Omgevingswet met zich meebrengt: meer samenwerking, meer participatie, meer ruimte voor initiatieven.
Inhoud
De afgelopen jaren is budget beschikbaar gesteld voor de algemene implementatie van de Omgevingswet (de aanschaf van applicaties, aansluiting op het landelijke systeem, communicatie, externe inhuur, cursussen): 2022 2023 2024 2025
€ 268.706,€ 208.136,€ 208.136,€ 208.136,-
Daarnaast is bij de Programmabegroting een Investeringskrediet van € 75.000 beschikbaar gesteld ten behoeve van Invoeringskosten Informatiearchitectuur/Website etc. In 2021 is onder begeleiding van externe adviseurs geoefend met het opstellen van een omgevingsplan. Dit heeft inzicht gegeven in de werkzaamheden die met het omgevingsplan aanvullend op ons af komen. Op basis daarvan is een transitieplan opgesteld voor de overgangsperiode. Dit transitieplan is vastgesteld in de raad van 31 januari 2022. In het transitieplan is een raming opgenomen van het budget dat de komende jaren benodigd is om het reguliere werk door te laten gaan en tegelijkertijd te werken aan het opstellen van een omgevingsplan: 2022 € 463.000,2023 € 475.000,2024 € 487.000,2025 € 500.000,In het transitieplan is ook aangegeven dat de benodigde middelen in 2022 afhankelijk zijn van de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet. Een deel van deze werkzaamheden schuiven door nu de inwerkingtreding met een half jaar is opgeschoven. Toegezegd is de definitieve financiële consequenties voor 2022 op te nemen in de voorjaarsnota 2022: € 150.000,(aanvullend op beschikbare budget van € 268.706,-). Financiën
2023 2024 2025 2026
€ 475.000,- (aanvullend op beschikbare budget van € 208.136,-) € 487.000,- (aanvullend op beschikbare budget van € 208.136,-) € 500.000,- (aanvullend op beschikbare budget van € 208.136,-) € 286.000,- (doorgeschoven vanwege uitstel inwerkingtreding).
Waarschijnlijk ontvangen we met de meicirculaire een (gedeeltelijke) vergoeding van het rijk voor de implementatie van de Omgevingswet. Deze bijdrage (naar verwachting ca. € 275.000,-) kan dan worden verrekend met boven29
staande benodigde budgetten. Acties
Het transitieplan (bijlage bij INTB 21 05321) geeft een uitgebreid overzicht van de benodigde acties, samengevat omvat dit: Het actualiseren van de stadsvisie en het opstellen van de omgevingsvisie met eventueel PlanMer 2022-2025 Het opstellen van een omgevingsplan gemeente Oldenzaal 2022-2026 Het opstellen van toepasbare regels Een structurele uitbreiding van formatie door het in huis halen van minimale kennis op het gebied van milieutaken die met de Omgevingswet bij de gemeente komen te liggen en extra applicatiebeheer.
30
Stadsvisie 2030/2035 van en door de stad Doel (lange termijn)
Een visie op de stad Oldenzaal tot 2030/2035
Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord?
Belangrijk speerpunt in het coalitieakkoord is om samen met de samenleving (inwoners, stakeholders, ondernemers, organisaties) doelen te realiseren. Als basis voor de grote verscheidenheid aan onderwerpen die binnen Oldenzaal de revue passeren is, voor zowel de samenleving als de gemeente, een inspirerende visie op de stad noodzakelijk. Deze visie dient als koers voor keuzes die gemaakt (moeten) worden. Ter vervanging de huidige visie wordt een nieuwe stadsvisie opgesteld door de samenleving voor Oldenzaal. De huidige stadsvisie loopt tot 2025. Veel ambities uit de stadsvisie zijn gerealiseerd. Om tot een nieuwe en gedragen stadsvisie 2030/2035 te komen voor en door de stad is een uitnodigend participatietraject nodig. Dit vraagt tijd in de zin van zowel doorlooptijd als capaciteit. Voor een zorgvuldig en gedragen traject is de doorlooptijd zeker een periode van ca. 1,5 tot 2 jaar. De capaciteit is afhankelijk van gekozen aanpak. Naast de inzet van ambtelijk adviseurs wordt een participatie bureau ingeschakeld (vergelijkbaar met het traject in Borne “Mijn Borne). We voeren dit traject uit in nauwe samenwerking met het project Omgevingswet, onderdeel ‘omgevingsvisie’. De omgevingsvisie vraagt ook om een participatietraject, waarbij we dubbele vraagstelling willen voorkomen.
De stadsvisie, opgesteld voor en door de stad, wordt dan ook input voor de omgevingsvisie maar kent een uitgebreider participatietraject. Benodigde financiën wordt ingeschat op € 100.000. Dit betreft budget voor inhuur van een bureau wat belast wordt met organisatie, begeleiding, communicatie, verslaglegging en opstellen stadsvisie. Hierbij wordt dan rekening gehouden met beschikbare participatiemiddelen voor de omgevingsvisie. Het gevraagde budget is het extra benodigde budget. Dit is een grove raming omdat we het definitieve traject nog moeten vaststellen (samen met de raad) en op basis hiervan de offertes nog moeten uitvragen (bij meerdere bureaus). Dekking vindt plaats via onttrekking van € 100.000 aan de Algemene Reserve. Acties verdelen over de verschillende jaren van de komende planperiode 2023-2026: - Maart 2022: Memo proces stadsvisie besproken in college B&W - Mei/juni 2022: Uitvraag aan bureaus - juli/augustus 2022: Presentaties - 5 september/3 oktober 2022: Politiek Forum - 19 september/24 oktober 2022: Raad - 4e kwartaal 2022 en 2023: uitvoering en besluitvorming stadsvisie
Inhoud
Financiën
Acties
31
Talenthouse Studio 15 Doel (lange termijn)
De ‘gelukkige inwoner’, die meedoet en naar eigen kunnen bijdraagt aan de samenleving en daar waar nodig daarbij wordt ondersteund. Door middel van cultuur stimuleren we talentontwikkeling, actieve participatie en nieuwe activiteiten van en voor jongeren.
Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord?
De doelstellingen van talenthouse Studio 15 sluiten aan bij het Masterplan Sociaal domein, het Preventieakkoord, Eén tegen eenzaamheid, de visienota cultuur en het binnenstadplan ‘Boost je binnenstad’.
Inhoud
Kaliber Kunstenschool en Impuls verhuizen zomer 2022 naar een gezamenlijk pand in de binnenstad, waar een cultureel ontmoetingscentrum komt. Onderdeel van het plan is om hier ook talenthouse Studio 15 te realiseren. Een plek waar jongeren tussen de 12 en 30 jaar elkaar kunnen ontmoeten, deel kunnen nemen aan creatieve en culturele activiteiten, workshops en masterclasses, optredens en evenementen kunnen organiseren en zo hun talenten kunnen ontdekken en ontwikkelen. Creatieve coaches zullen zich samen met jongerenwerkers inzetten voor het vergroten van het zelfvertrouwen en welbevinden van jongeren, waarmee ze een beter toekomstperspectief wordt geboden. Het plan komt ook tegemoet aan de in Oldenzaal al lang bestaande roep om meer activiteiten voor jongeren en meer levendigheid in de binnenstad. Studio 15 sluit aan op bestaande initiatieven als ‘Actief na school’, door verdieping en doorontwikkeling te bieden. Daarnaast is het gericht op een bredere leeftijds- en doelgroep en wordt het buitenschools aangeboden. Het voorstel is om het project van start te laten gaan met een proefperiode van twee schooljaren (2022-2023 / 2023-2024). Vervolgens wordt in 2024 op basis van evaluatie besloten of Studio 15 een structurele meerwaarde oplevert voor de Oldenzaalse samenleving.
Financiën
Voor de totale financiering van de proefperiode Studio 15 t.b.v. twee schooljaren wordt door Kaliber en Impuls gevraagd om een gemeentelijk bijdrage van € 125.000. Te verdelen over: schooljaar 2022-2023: € 50.000 schooljaar 2023-2024: € 75.000 Voorstel: Proefperiode 2022: incidentele bijdrage van € 25.000 (ten laste van de ondersteuningsmiddelen corona cultuur en jongeren); Vervolg 2023: € 50.000; Afronding proefperiode 2024: € 50.000.
Acties
Dekking van gevraagde budgetten kan plaats vinden via beschikbare Corona middelen 2022: in de zomer verhuizing naar nieuw pand, vervolgens inrichting Studio 15, opstart programmering; 2023: uitbouw programmering en aantal deelnemers; 2024: uitbouw programmering en aantal deelnemers, evaluatie en besluit over voortzetting. 32
Website Sociaal plein oldenzaal Doel (lange termijn)
Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord?
Inhoud
Financiën
Acties
Per 9 mei 2022 is het Sociaal plein Oldenzaal van start gegaan. Als integrale toegang voor inwoners van Oldenzaal met vragen die fysiek, telefonisch of digitaal kunnen worden gesteld op het gebied van WMO, Jeugd, participatie en welzijn. Voor het Sociaal plein is een website ontwikkeld waar inwoners en partners informatie kunnen vinden waarvoor men terecht kan bij het Sociaal plein. De bestaande website ‘OnsHelptOns’ verdwijnt en wordt qua inhoud en functie zoveel mogelijk geïntegreerd op de website Sociaal plein. Omdat deze bestaande website in afwachting van de oprichting van één integrale toegang incidenteel was gedekt, moet dit nu een structureel worden willen we de website in de lucht houden. Collegeprogramma Zo vroeg mogelijke ondersteuning bieden aan inwoners met vragen en/of problemen op het gebied van zorg, welzijn, werk, armoede etc. Uitvoeren motie INTB-19-04416: Eén frontoffice voor het maatschappelijk plein en het sociaal team. De raad van de gemeente Oldenzaal heeft in de vastgestelde motie van 11 november 2019 het college verzocht onderzoek te doen naar de mogelijkheden om te komen tot één frontoffice voor het maatschappelijk plein en het sociaal team. Per 9 mei 2022 is het Sociaal plein Oldenzaal van start gegaan. Het Sociaal plein sluit aan bij de beweging zoals deze in het masterplan is beschreven.
We werken aan een integrale toegang waarin maatschappelijk plein en sociaal team samen werken, zodat mogelijkheden in het voorliggende veld beter benut worden. En de vraag naar ondersteuning voor de inwoner zo dichtbij mogelijk georganiseerd wordt. De social portal ‘OnsHelptOns’ heeft als doel het vergroten van de zelfredzaamheid van de inwoners van de gemeente Oldenzaal. Dat wordt gedaan door vraag en aanbod van de vrij toegankelijke voorzieningen beter inzichtelijk te maken en zorg te dragen voor communicatie en afspraken met alle betrokken organisaties uit het “veld”. De social portal zal qua vorm en inhoud geïntegreerd en door ontwikkeld worden in de website van het Sociaal plein. De digitale portal Ons Help Ons is tot nu toe met incidentele middelen gedekt. Nu er één toegang is, moet ook alle informatie over de toegang en het voorveld in Oldenzaal centraal digitaal blijvend worden ontsloten. Daarom is nu structureel budget nodig voor het in de lucht houden van de website Sociaal Plein inclusief de social portal OnsHelptOns. Website Sociaal plein: Structureel: € 75.000 t.b.v. salariskosten, hosting en beheer, licentiekosten, vaste tekst kosten en promotie/ontwikkeling. 2022: ontwikkelen en implementeren website Sociaal plein en aanpassen ICT systemen 2023: integreren OnshelptOns qua vorm en inhoud binnen de website van Sociaal plein
33
Audiovisuele middelen (AVM) voor raadszaal en derde (nader te bepalen) ruimte) Doel (lange termijn) Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord? Inhoud
Financiën Acties
Realiseren van Audiovisuele middelen (AVM) voor raadszaal en derde nader te bepalen ruimte (in navolging van de in 2022 te equiperen collegekamer) Ondersteunen van de collega’s om de taak die zij uitvoeren voor de burgers en het bedrijfsleven goed te kunnen uitvoeren. Dit door het faciliteren met audio visuele middelen in verschillende kamers van het stadhuis. De audiovisuele middelen (AVM) in raadzaal en collegekamer zijn gedateerd en deze middelen hangen er al meer dan 8 jaar. De audiovisuele middelen worden gebruikt voor het mogelijk maken van politieke avonden (raadsvergaderingen en politieke fora; hybride vergaderingen en bijeenkomsten). De gemeente Oldenzaal heeft in de afgelopen jaren naar behoren gebruik gemaakt van de huidige audiovisuele middelen, maar loopt nu tegen uitdagingen aan op het gebied van functionaliteiten, kwaliteit, beheer en onderhoud. Om aan de huidige standaard te kunnen voldoen heeft het college van B&W besloten om de bestaande AVM in de raadzaal, collegekamer en een 3 e nader te bepalen ruimte te vervangen en hiervoor bij deze Kadernota een structureel budget te vragen van € 50.000 voor de aanschaf, installatie en beheer van deze middelen. Dit in navolging van de in 2022 reeds separaat aan te vragen € 25.000. Hiermee komt vanaf 2023 structureel € 75.000 beschikbaar.
Structureel € 50.000 Nadat locaties en vergaderopstelling en indeling van de ruimten bekend is en deze volledig zijn ingericht, wordt de AVM geïnstalleerd. Het beheer wordt belegd bij ICT Hengelo beleggen, tezamen met de al bestaande afspraken over de ICT samenwerking.
34
Vervanging Audio visuele middelen (m.u.v. Raadszaal, B&W kamer en Trouwzaal) Doel (lange termijn) Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord? Inhoud
Vervangen van de audiovisuele middelen en het regelen van beheer op deze middelen. Ondersteunen van de collega’s om de taak die zij uitvoeren voor de burgers en het bedrijfsleven goed te kunnen uitvoeren. Dit door het faciliteren met audio visuele middelen in verschillende kamers van het stadhuis. De audiovisuele middelen zijn afgelopen 8 jaar niet vervangen en voldoen niet meer aan de eisen van deze tijd. Met name de corona periode heeft geleerd dat we ingericht moeten zijn op hybride vergaderen. Afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden, de functionele eisen en op basis van het offerte traject kunnen de begrote kosten lager of hoger uitvallen. Er zijn drie kamers die niet binnen deze begrotingsaanvraag worden meegenomen. Deze kamers zijn de Raadzaal, B&W-kamer en de Trouwzaal. Daar geldt een ander traject voor, omdat hier al in 2022 mee begonnen kan worden. In de voorjaarsnota zal hiervoor budget worden gevraagd.
Financiën Acties
Incidenteel (implementatiekosten) Structureel € 20.000 Functionele eisen opstellen van de benodigde audio visuele middelen in de verschillende kamers. Definitieve offerte opvragen. Implementatie van de middelen. Handleidingen per kamer en instructies voor de bodes.
35
Vereenvoudiging gemeentelijke belastingen Doel (lange termijn)
Vereenvoudiging gemeentelijke belastingen
Relatie met beleidsvoornemen(s) in het coalitieakkoord? Inhoud
Uitvoering motie vereenvoudiging gemeentelijke belastingen Dossier hervorming lokaal belastinggebied Het kabinet heeft 24 juni 2016 de Tweede Kamer geïnformeerd over de mogelijke herziening van het lokaal belastinggebied. Het kabinet schetst de knelpunten en mogelijke oplossingen, maar de te maken keuzes worden overgelaten aan het nieuwe kabinet. In het regeerakkoord van Rutte III komt de mogelijke herziening en/of uitbreiding van het lokaal belastinggebied niet aan de orde. De staatssecretaris van Financiën heeft op 18 mei 2020 het syntheserapport ‘Bouwstenen voor een beter belastingstelsel’ aan de Tweede Kamer aangeboden. Het rapport over de uitbreiding bevat meerdere varianten en ondersteunt de door de VNG uitgesproken wens om te komen tot een uitbreiding van het eigen belastinggebied. In het meest recente regeerakkoord van 15 december staat dat ten aanzien van de financiering van lokale overheden het nieuwe kabinet voorlopig vast wil houden aan de bestaande financieringssystematiek. Een uitbreiding van het lokaal belastinggebied lijkt er dan in ieder geval tot 2025 niet te komen. Overige gemeenten bij GBTwente aangesloten Andere gemeenten die aangesloten zijn bij GBTwente zijn (nog) niet bezig met de vereenvoudiging van het gemeentelijke belastingstelsel.
Gemeente Oldenzaal Bij een vereenvoudiging van het belastingstelsel is het logisch om belastingen met relatief hoge perceptiekosten in relatie tot de opbrengsten af te schaffen en daarvoor de OZB te verhogen, zodat de totale belastinginkomsten gelijk blijven. Aan de hondenbelasting en precariobelasting zitten relatief veel perceptiekosten. Deze belastingen lenen zich er goed voor om af te schaffen en daarvoor de OZB te verhogen. Waarschijnlijk zullen er extra OZB-bezwaren binnen komen bij het verhogen van de OZB. Hoeveel is heel moeilijk in te schatten, vandaar dat we zijn uitgegaan van een schatting van de extra kosten. Raming baten hondenbelasting 2022: € 117.877 Raming baten precariobelasting 2022: € 21.618+ Totale baten hondenbelasting en precariobelasting 2022: € 139.495 Perceptiekosten uitvoering hondenbel 2022: € 11.056 Perceptiekosten uitvoering precariobel 2022: € 1.644+ Totale perceptiekosten uitvoering honden- en precariobelasting: € 12.700 Desintegratiekosten 1e jaar: Extra kosten ivm extra OZB bezwaren: 36
€ 6.785 € 10.000
Wegvallen baten hondenbelasting en precariobelasting: € 139.495 Wegvallen perceptiekosten hondenbelasting en precariobelasting:€ 12.700Desintegratiekosten 1e jaar: € 6.785+ Extra kosten ivm extra OZB bezwaren: € 10.000+ De OZB-verhoging moet bedragen: € 143.580 De totale geraamde baten OZB 2022 zijn € 8.631.611. Conclusie: de OZB moet met 1,66% (€ 143.580/€ 8.631.611*100%) stijgen om dezelfde belastingopbrengsten te behouden als de hondenbelasting en de precariobelasting wordt afgeschaft. Bij een fictieve WOZ-waarde van € 250.000 zou dit voor een woningeigenaar betekenen: OZB-eigenaar woning voor verhoging: € 271,25 OZB-eigenaar woning na verhoging: € 275,75
Financiën Acties
€ 0 (budgettair neutraal) -
verwerken in begroting 2023; belastingverordeningen 2023 aanpassen.
37
38