06 Jaarstukken 2020 - bijlage 2 - bijlagenboek
Tekst van het document
-sladenbou» -dooibelastlns’ -bouarijpmafcan - doofbalastlng * (i^gl.wag * stuctvoaz.)
112
Its
lit
123
JiiHarbaakNoonl -vaiwanringen
162
178
506.56420
312.302,41 87.435,80
7.374.340.41 34.830,13
2.025.659,59 57.169,67
8.606.709,45
-10,08
207.188,09 161.87893
40.555,50 0,00
4.965.934.78 3.694.950.79
212709,14 0,06
2.588,06 38.667.67
-2588,06 61.33235
0,00 50.000,00
Raigartlmal -vanvarving -stadanbouw -aloaptoalan
314.000,00 50.000,00 0,00
314.000,00 S0JX)0,0O 0,00
455293,88
-8.4»,e9
11.544.00
38.456,00 -3.465,00
lloltaig>oarsinM(vmlae.DaWlnilroo4 -vaiwenringan -stedenbouw - bounrr^xnaton (kiä. sloogkiwlan)
23.112,00 0.00 120.000,00
ia9.tt2,oo
12111,04
i2D.aoaoo
12.518,00 20.000,00
12.518,00 20.000,00
60.000,00 0,00
INTB-200475S
1.493.000,00 63.176,49 530.000,00
was niet veiwarM 15.000 lager in 2019
Cannalstraat<bl|dregalSVC 50.000) -veiwarvlngan
Da Essan, lanain voor bijzondara doaleindan nabij Da TTqtHogenkampweg) -venwenringan -stedenbouw - bou»- /woonrijpmalien (inddwareen) Noabc of, Hun -stedenbouw Oon -vanvarvingsn -stedenbouw
-bouwrijpmakan
0,00
9.741.197,59
- sladenbouwkuniiga liaalan
-stedenbouw - bouwrqpmaken fmcl sloopkostea bodamondetzooW -uHvoetandweik 181
594.000.00 9.400.000.00
Oec.nola2020i:
■50,000,00
ioaaoo.oo
10.326,71
3.00
m
S2.017»10
931S23
4.090,00 7-870.00 427,50
0,00 38586,00
0,00 0.00
11.00806 0,00
7323251
11800,96 0,00 43787,49
aoo
43.767.40
6;4i
60.000,00 90.000,00
12317,59 3841,79 41.784,31 5.57851
16.158,21 18.215,69 84,421,49
0,00 11.345,00 7.138.M 0,00
841 4.813,21 11.077,69 84.421,49
1.493.000,00
106.034,63 20.781,90 457,455,53
1886.965,37 42394,59 72.544,47'
0,00 5.702,50 54.189,82
1.386.965,37 36.692,09
0.00
63.176,49 530.000,00
18.354,65
800*
30iX»,00
0,00
380004)0
6.972;8Q
280274»
0.00
341.716,01 15.000,00 183.500,00
341.71801
6,00 8354,17 132.248,72
800 O,O0 0,00
6,06 8.M4,17 132.240,72
0.00 0,00 800
3465,00
0,00
90.000,00
1.732,50 147.560,62
800
10325,68 0,00 808250
806 800 800i
o;» 800” 800 0,00
ftoo
atdiaan 0.00
dec Nols 2020
30.000.00
t-Ou lOUamaabastnat 841.716,01 15.000,00 183.500,00
8.645,83 5125826
ao
8
8
c
»4 ^
I
ts
8
S
9
I
S
S y
1' 11 H!
ÏL I
I
o
I
9
t
I
t
A
. I.
.!lir
I
I 8
W
8
pi
88
i§§§
8 88 8
-s 88
8*383
PPP
888
nut III 8 8 383
ÄS :.2 2
Ä
82a
il
f8I
«0
§ §8
8 <a
u>
»Isi
(O
88ä£
. .iiii
I if IIII
*iiil
i
88888
■ 888
9»
3
If I
8*38,
888
U88888 I8Ip
ss 88
. iiip
SS888
P»
88
i«2
^
I
fills
Is
i.§ 22
III
Säs
2 ^ M at
8sa
.S si BSa
—»■
8 » s.-.
m% 8888
Ii S3
ppÜ ê
88888
I IS Ilf f*
3
*8
*
iiii 8338
80
II
pIIp
i.ii.i
88
ii 28I 8
8
* P.8 88
III88
I
88
8388
if I
*3?
8B38
p .0 p .0
8888
|(3S<.3S - 228828
, N
p°
888
8* 2
38 _
88i8S
188
m ?P ,
11
III III
I
i888
8
p p
P
If
.8.0 S8
>4
.1.1.0 3*8
IS III iiiii III ill III
I
f
II
Omschniving van hol krediet
Gekjidsschsmi Openbare verlMtig, kataela & bktngen Groen aanleg Ontwikkeling eaploilailiB Marini Fetspab B.W8llerstr.-aischedefsstr. 330
410
Oldeisaal Centraal, 3b fase 8talnni»ak -vetweivingen (ind. bekomende kat) - stedenbouwkundig krediet - saneringskoslen -sloopkoslen * -renovatie kantoor Sbigelpark, Deumingerstraal -vetweivingen
Totaal kre<tot 1/m 2019
Toovoogjng in 2020 begr. w!|z.
Bodrag
Geboekt 2020
0,00 112.400,00
245.000.00 0.00 161;S00,00
interne wiz.flKpl.w9E.
80.000,00
6.183.1K.00 100.000.00 110.000,00
19-04437/204)4605 dec. nota 2020
2.760.000,00 50.000.00
160.300,00 60.000,00
INTB-20-04544 INTB-20-04544
36.000,00
1.400.000,00
Totaal kradio
28.000,00
Beschikbaar in het denstjaar 2020
Geboekt
0,00 24.479.86 9.896,00 0,00 167.775.72
0,00 87.920.14 235.104,00 80.000,00 13.724.28
0,00 10.027,84 42.744.M 0,00 20.153.82
8.943.185,00 150.000,00 110.000.00 196.300,00 108.000,00
5.802.359.55 29.343.28 61.135,63
3.140.825,45
196.250.33 51.969,50
49.67 56.030,50
2.789.308.44 73.942,00 41.360,61 210,00 0,00
1.400.000,00
1.375.000,00
25.000,00
129,68
48.864,37
Overschrijding of niet geraamd
2020
0.00 112.400,00 245.000,00 80.000,00 161.500.00
120.656,72
Restant krediet
77.892,90^
192.359,64 80.000,00' 0.00
351.517.01 46.714,72
0,00 0,00 0,00 0,00 8.429,54
7.503,76 0.0O 56.030,50
0 0,00 0,00 160,33 0,00
mm
m
'' Voor de kosten van de doorbefastingen is voor eenzelfde bedrag krediet opgevoerd, complex 115; Bij de aankoop is geen rekening gehouden krediet te ramen voor kosten bodemonderzoek, comptex 185: Bij de verkoop van dit pand is met hot huidige krediet geen rekening gehouden met de verkoopkosten. complex 193; Dit comptex bestaat uit diverse nagenoeg afgesloten complexen waar nog nazorgkosten lujnnen komen. Daarnaast worden hier kosteng^Xtektvoortscatie van (pondm on intome Mran waarvoor nog gern compltet te geopend. ^ comptex 320: De geraarTKte stedenbouwtemdigg g6f38md,lvnL9x^a ontwtoling btruteo dä cQinpli». b) 2021 zal oxtra
7. Detaillering inschatting risico’s paragraaf weerstandsvermogen
Toelichting risico’s:
1.
Gevolgen Corona-crises o Beschrijving van het risico: Van het rijk worden gelden ontvangen om de negatieve economische gevolgen van de Corona-crises op te vangen. Of, in hoeverre deze voldoende zijn is de vraag. Het gaat om de volgende regelingen: ■ Tozo: Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers. Extra gel den ter grootte van 3.7 miljoen voor de zelfstandige die een huishoudinkomen heeft onder het sociaal minimum, en/of wiens bedrijf liquiditeitsproblemen heeft als gevolg van de coronacrisis. Tevens is het ontvangen bedrag be doelt voor de uitvoeringskosten. ■ Continuïteitsregeling: regeling die acute liquiditeitsproblemen bij zorgaanbie ders moet voorkomen a.g.v. verminderde vraag naar zorg en/of inzetbaarheid van personeel door ziekte. Om dit voorkomen hebben de VNG en het Rijk op 25 maart afgesproken dat de financiering van de omzet onverminderd plaats vindt, zoals die contractueel overeengekomen was dan wel een zo goed mo gelijke inschatting daarvan. Hiervoor is binnen de Twente de regeling Twent se aanpak vastgesteld. De bekostiging vindt plaats vanuit de gemeentelijke budgetten voor Wmo (inclusief huishoudelijke ondersteuning) en Jeugd zorg.Indicaties voor te leveren zorg worden afgegeven voor een langere peri ode (over het kalenderjaar heen).
Er bestaat een risico dat niet verleende zorg waarvoor een zogenoemde continuïteitsvergoeding is verstrekt alsnog op een later moment wordt ingehaald/gedeclareerd. ■ Meerkostenregeling; door Corona lopen gemeenten tegen meerkosten aan. De vergoeding hiervoor wordt bekend in de decembercirculaire. o Kans: De omvang en urgentie van de crises heeft ertoe geleid dat de regelingen snel zijn opgezet en ingevoerd. Hierdoor is de uitvoerbaarheid/controleerbaarheid een punt van zorg. o Impact: Is lastig in te schatten. De Corona-betalingen bedragen binnen de SD op het onder deel WMO en Jeugd zo’n € 500.000. Verwachten minimaal 50% vergoed te krijgen, o Beheersmaatregelen: De administratie zodanig inrichten dat Corona-betalingen eenvoudig te herleiden zijn. Daarnaast in overleg met accountant voorkomen dat aanbieders dubbel gecompen seerd worden.
2.
Effecten nieuw Twents inkoopmodel WMO en Jeugdzorg vallen tegen o Beschrijving van het Risico: Met de per 2019 doorgevoerde Twentse aanbesteding voor WMO en Jeugdzorg is een stijging naar meer reële tarieven doorgevoerd. Door te streven naar meer efficiency in de trajecten zou de stijging moeten worden goedgemaakt. Er blijft een risico dat met de efficiency in de trajecten de besparingen niet (direct) realiseerbaar zijn. o Kans: De kans is reëel, ondanks de scherpe afspraken, dat de kosten voor de baten uitgaan en de besparingen later realiseerbaar blijken te zijn dan gedacht. Wij achten de kans dan ook eens in de twee jaar. o Impact: Wij schatten het financiële risico in het ergste geval €500.000. Beheersmaatregelen: We zullen het nakomen van de afspraken in de te gunnen contracten scherp monito ren en in gesprek blijven met de zorgaanbieders, zowel ambtelijk, als bestuurlijk.
3.
Risico Informatiebeveiliging waaronder “gehackt worden” (randsom) o Beschrijving van het risico: Gemeenten zijn net als andere organisaties uitermate kwetsbaar als het gaat om hun
o o
o
(digitale) dienstverlening. Dat is reden om de informatiehuishouding goed op orde te hebben. Eén van de meest basale hulpmiddelen is de lokale implementatie van een baseline (BIO). Gemeenten hebben met deze baseline een instrument in handen waarmee zij in staat zijn om te meten of de organisatie ‘in control’ is op het gebied van informatiebeveiliging. Ondanks goede informatiebeveiliging blijft er altijd een risico op incidenten bestaan. Eén van de bekendste risico’s is het gehackt worden en randsomware (losgeld) moeten betalen. Kans: De kans wordt ingeschat op eens in de 10 jaar. Impact: De impact is zeer afhankelijk van hetgeen toegang wordt verkregen. De risico’s op het geheel of gedeeltelijk platleggen van systemen is nadrukkelijk aanwezig o.a. door phishing mails en hacking. De impact van een incident wordt ingeschat op € 2.000.000. Beheersmaatregelen: De ontwikkelingen op gebied van de BIO nauwkeurig volgen en continue aandacht voor i-bewustwording.
4.
Afrekening Bodemsanering aan de Ootmarsumsestraat o Beschrijving van het risico: De bodemsanering aan de Ootmarsumsestraat moet in 2021/2022 worden afgere kend met de Provincie, inclusief de bedrijvenregeling. De afrekening is complex. We lopen risico bij het opstellen van de afrekening en de kostenopstelling. De sanering en de uitvoering wordt ter beperking van dit risico al zoveel mogelijk kort gesloten met de Provincie. o Kans: Het inschatten van de kans is vrij lastig en hangt van veel factoren en voorschriften af. Een kans van 1 lijkt daarom groot, een kans van 0 is ook niet realistisch. Gemakshal ve ligt dan 0,5 voor de hand. We schatten de kans vooralsnog op 50%. o Impact: Voorheen was dit afwikkelrisico opgenomen binnen de reserve Ootmarsumsestraat ad. € 363.333. Bij de screening van de reserves is besloten dit bedrag vrij te laten val len en dit risico op te nemen in de risicoparagraaf. Voor de impact wordt het oude be drag ad. € 360.000 gehanteerd. o Beheersmaatregelen: De sanering wordt zoveel mogelijk in overleg met de Provincie uitgevoerd
5.
Aanzuigende werking verlaging Eigen Bijdrage WMO o Beschrijving van het Risico: Vanaf 1 januari 2020 geldt als eigen bijdrage in de Wmo voor de meeste hulp en on dersteuning maximaal 19 euro per maand. Dit is het abonnementstarief. Deze (fors) lagere Eigen Bijdrage is verwerkt in de begroting. Echter, er gaat van het lager worden van de eigen bijdrage ook een aanzuigende werking uit naar mensen die nu geen (of minder) gebruik maken van zorg. Dit zien we met name terug bij de huishoudelijke ondersteuning. o Kans: We maken hier de inschatting van eens per 2 jaar ten aanzien van het totale financi eel ingeschatte risico. o Impact: Wij schatten in voorkomend geval de maximale financiële tegenvaller op €300.000. Beheersmaatregelen: o De maximalisering van de Eigen Bijdrage is per wet geregeld. Er is weinig regelruime voor de gemeente.
6.
Huurderving als gevolg van Covid 19 Beschrijving van het risico: o Sinds maart 2020 heeft Nederland te maken met de gevolgen van het Coronavirus. Sinds deze periode hebben we te maken met diverse maatregelen om verspreiding van het virus te beperken of tegen te gaan. 2021 is gestart onder dezelfde condities. Ook in dat jaar worden nog strenge maatregelen verwacht die gevolgen zullen heb ben voor het gebruik van ons maatschappelijk vastgoed. Het rijk heeft diverse rege lingen in opengesteld om de gevolgen te beperken maar ook nu is er geen concreet zicht op de werkelijke gevolgen voor 2021. o Kans: Voor de kans dat een dergelijk risico zich voordoet is geen standaard inschatting te maken. 0,5 lijkt op dit moment een redelijke inschatting. o Impact: De impact voor 2021 is lastig in te schatten vanwege de onzekerheid van de effecten van maatregelen die worden genomen tegen de verspreiding. o Beheersmaatregelen: De beheersmaatregelen liggen met name in Rijksmaatregelen en de maatregelen van de veiligheidsregio.
7.
Onvoorspelbaarheid aantallen cliënten en typen WMO & Jeugd o Beschrijving risico: Voor wat betreft het aantal nieuwe cliënten dat zich bij de gemeente meldt, is er enige onzekerheid. Voor wat betreft de Wmo met betrekking tot het aantal meldingen voor met name de huishoudelijke ondersteuning, maar ook de individuele begeleiding blijft stijgen ten opzichte van vorige jaren. De totale aantallen jeugd bleken wel redelijk in lijn met de verwachting. De onzeker heid ligt hier meer op het terrein van de aanspraak op het soort voorziening. Zo is er een stijgende tendens bij de aanspraak op de (dure) voorziening wonen en verblijf en de jeugdbescherming. Voor zowel Jeugd als WMO geldt dat de aantallen nieuwe cliënten ook bepaald wor den door het succes van de transformatie. Als er voldoende voorliggende voorzienin gen ontwikkeld worden en de cliënten hun weg daar naartoe makkelijk vinden, zal het aantal meldingen dalen. Er blijft een risico bestaan dat de resultaten van de transfor matie achter blijven bij de begroting. In de WMO is moeilijk voorspelbaar welk type zorg er per cliënt wordt toegekend en daarmee samenhangend welke kosten dit met zich mee brengt. Door monitoring van het cliëntenbestand en de toegekende indicaties kan tijdig gesignaleerd worden als de kosten voor de WMO het begrote budget gaan overstijgen.
Ten aanzien van de Jeugdzorg blijft het lastig om in te kunnen schatten wat het type zorg is of wordt. Zo komt het meer dan eens voor dat voor het kunnen opstellen van een behandelplan eerst een diagnosetraject moet worden doorlopen, waarbij de cliënt eerst een aantal sessies moet worden gezien. o Kans: Gezien de grote onzekerheden in de voorspelbaarheid van het toekomstige klanten bestand, schatten wij de kans dat zich dit risico voordoet als relatief groot in. Dit komt mede door onvoorspelbare regelwijzigingen door het Rijk. Een score van 0,3 betekent dat de kans is dat dit eens in de 3 jaar gebeurt. o Impact: Er bestaan grote verschillen in de kosten voor de verschillende zorgtrajecten. Dat be tekent dat in sommige gevallen een paar extra cliënten in zorg, een grote impact kan hebben omdat het een duur zorgtraject betreft. o Beheersmaatregelen: De ontwikkeling van voorliggende voorzieningen (bijvoorbeeld binnen welzijn) bete kent dat cliënten door verwezen kunnen worden naar allerlei minder dure oplossingen voor zorg. Ook het stimuleren van de eigen kracht van cliënten draagt hier aan bij.
Een herindicatiemoment bij een cliënt is daarvoor een natuurlijk moment. Ook al neemt het aantal cliënten dat zorg toegewezen krijgt de komende jaren toe, de kosten die daarmee gemaakt worden kunnen per cliënt gaan dalen. Het her-indiceren van bestaande klanten zorgt ervoor dat de noodzaak tot het leveren van zorg en de zwaarte van de zorg opnieuw worden afgewogen. Door de nieuwe werkwijze toe te passen, wordt de cliënt ondersteund bij het in zijn eigen kracht be paalde zaken te regelen, maar ook wordt het netwerk betrokken om mee te denken (en later ook te doen) in andere oplossingen. Er wordt naar gestreefd om dure zorgtrajecten met deze methode ook langzaam aan vervangen. We zijn nadrukkelijker regie gaan voeren en intensiever in gesprek gegaan met de doorverwijzers. 8.
Doelstellingen uitvoering WSW blijken niet haalbaar o Beschrijving van het risico: Bij de uitvoering van de Wsw zijn de belangrijkste kosten voorspelbaar (salarissen Wsw-ers, personeelskosten ambtelijk personeel, uitvoeringskosten contractpartners), o De opbrengsten worden bepaald door het aantal SW-medewerkers dat bij werkgevers gedetacheerd wordt en de hoogte van de detacheringsvergoedingen. De opbrengsten zijn daardoor afhankelijk van de ontwikkeling van de SW-medewerkers en de bereid heid van werkgevers om hogere detacherings-vergoedingen te betalen, o Kans: De praktijk heeft uitgewezen dat het ontwikkelen van de Sw-medewerkers van Be schut naar Detachering een zaak van lange adem is. Bovendien zijn werkgevers niet makkelijk bereid om meer te betalen en moet daarover onderhandeld worden. De kans is reëel dat detacheringen daardoor worden beëindigd. De uitbraak van het COVID-virus heeft er in 2020 bovendien toe geleid dat de opbrengst van detacheringen sterk is gedaald. Een risico dat zich in de toekomst mogelijk nog eens voor gaat doen. o Impact: Het aantal Wsw-ers is dusdanig groot, dat als de gemiddelde detacheringsopbrengst lager uitvalt, dit over het totaal een behoorlijke impact kan hebben op de totale deta cheringsopbrengst en daarmee op het resultaat van de Wsw.
o Beheersmaatregelen: - Actief sturen op ontwikkeling Wsw-medewerkers - Actief sturen op behoud van detacheringsplaatsen - Reduceren van het ziekteverzuim
9.
Renteontwikkeling o Beschrijving van het risico: De kapitaalmarktrente is al jaren op een zeer laag niveau. Dit betekent ook dat het ri sico op een stijging groter wordt. Mocht de rente gaan stijgen, zal de gemiddelde ren te die we betalen ook stijgen. Dit zal minder snel gaan dan de stijging van de marktrente, omdat we een aantal grote leningen in de portefeuille langjarig hebben vastge legd, o Kans: De ontwikkeling van de rente is moeilijk te voorspellen. De kans op een snelle stijging wordt over het algemeen niet hoog ingeschat. Wij berekenen jaarlijks, op basis van de actuele ontwikkelingen, de gemiddelde rente die we moeten betalen, o Impact: Per kwartaal bepaalt de Europese Centrale Bank of er een aanpassing van de rente nodig is. Ervan uitgaande dat dit in enig jaar gebeurt, houden wij er rekening mee dat onze gemiddelde rente in voorkomend geval met 0,25 procentpunt stijgt. Dit leidt dan tot extra lasten van € 250.000. We houden er rekening mee dat dit eens per 2 jaar gebeurt. o Beheersmaatregelen: We volgende de ontwikkelingen van de rente op de voet. Binnen de gestelde regels
gaan wij voor een optimaal renteresultaat, waarbij een risico inschatting voor de meer jarige ontwikkelingen meegenomen wordt. 10. Extreme weersomstandigheden o Beschrijving van het risico: Binnen het huidige klimaat worden we steeds vaker geconfronteerd met extremen waaronder: a. Toename van extreme buien b. Toename van periodes van droogte c. Overlast eikenprocessierups Ad a. In de afgelopen periode is geconstateerd dat steeds vaker heviger buien over Oldenzaal trekken. Oldenzaal ligt op een stuwwal en heeft een relatief compacte stadskern. Water moet via de riolering worden afgevoerd naar het omliggende open water. Ad b. De laatste jaren zijn er steeds langere perioden van droogte. Dit heeft conse quenties voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Wanneer het zich bestendigd zal ook het vastgoed binnen Oldenzaal hiervan hinder ondervinden.
o
o
o
Ad c. De afgelopen jaren is er landelijk een enorme toename van de eikenprocessie rups. Dit heeft tot gevolg dat de overlast bijna exponentieel vergroot. De eikenproces sierups is een risico voor de volksgezondheid (zie Leidraad beheersing eikenproces sierups 2013). Bestrijding van de rups door de gehele stad blijft noodzakelijk. Kans: Ad a. De kans op extreem weer met grote gevolgen ligt hier eigenlijk tussen de 0 en 2 keer per 10 jaar. Het kan zware storm zijn, hevige sneeuwval of extreem veel regen. Er kan enige tijd overlast zijn zoals water op straat of omgevallen bomen. Ad b. De kans op grote droogte zal naar de toekomst toenemen. De droogte heeft di rect gevolgen voor het beheer en onderhoud van het openbaar groen en zal doorwer ken in de vervolgjaren. De kans ligt daardoor tussen de 2 en 4 keer per 10 jaar. Ad c. Er is een toename van de aanwezigheid van de eikenprocessierups waardoor de volksgezondheid in het gedrang komt. Regionale aanpak van deze overlast is noodzakelijk om het risico voor de volksgezondheid te verminderen. De factor kans wordt daarom niet gerelateerd aan de aanwezigheid van de eikenprocessierups maar wordt gewaardeerd in relatie tot de gevolgen voor de volksgezondheid. De kans ligt daardoor op 5 keer per 10 jaar. Impact: Ad a: € 250.000 Ad b;€ 125.000 Adc:€ 50.000 Beheersmaatregelen: Ad a.
Op dit vlak zijn meerdere beheersmaatregelen actief: Bij nieuwbouw- of verbouwlocaties de eisen verzwaren op het gebied van te realise ren berging (dit geldt zowel voor eigen ontwikkelingen als ontwikkelingen door der den); Aanleggen van extra regenwater riolering beter bekend als de “blauwe aders”; Opstellen en monitoren van het beheerpian riolering. Communicatie over risico’s en de rol van de gemeente, inwoners en bedrijven. Ad b. Bij herinrichting en nieuwe aanplant wordt steeds meer rekening gehouden met de keuze van de beplanting die aansluit bij de weersextremen; Borging van continuïteit in het watergeven van het openbaar groen. Ad c. In 2020 is gestart met een gecombineerde vorm van beheersmaatregelen waar bij naast de traditionele wegzuigmethode ook een keuze is gemaakt om nematoden
(biologische bestrijding) in te zetten om de eikenprocessierups te bestrijden. Hiervoor is het budget voor de bestrijding aangepast naar structureel € 100.000. Ondanks de uitbreiding blijft een prioritering van de werkzaamheden locaties noodzakelijk. Waarbij nematoden alleen worden ingezet op de prioriteit 1 plekken. Omdat de nieuwe me thode van gecombineerde technieken in 2020 opgestart is en het monitoren van de resultaten nog geen definitieve cijfers geeft, is de financiële impact nog niet verlaagd. 11. Meer cliënten vanuit het gedwongen kader c.q. rechtstreeks doorverwezen dan verwacht o Beschrijving van het risico: Binnen de zorg voor jeugdigen bestaat het onderscheid tussen budgetten die vallen onder het “vrijwillig kader” en budgetten die vallen binnen het “verplicht kader”. Voor deze laatste budgetten geldt dat we hier minimaal invloed op kunnen uitoefenen. Dit betreft maatregelen die andere instanties nemen, bijvoorbeeld jeugdreclassering, jeugdbeschermingsmaatregelen, e.d. Daarnaast wordt gesloten jeugdhulp geboden aan jeugdigen die niet bereikbaar zijn voor lichtere vormen van hulpverlening. Zonder behandeling vormen zij een risico voor zichzelf of hun omgeving. Deze vormen van ondersteuning zijn erg duur en de aanspraak hierop verloop grillig.
Feit is dat deze budgetten grote financiële risico’s met zich meebrengen, omdat het hier vaak relatief dure zorgtrajecten betreft. Op basis van ervaringscijfers schatten we het te verwachte aantal cliënten in. Het risico bestaat dat er ineens meer cliënten vanuit het gedwongen kader of voor gesloten jeugdhulp zich bij ons melden. Monito ring van de aantallen cliënten is dus essentieel. Ook mogen o.a. huisartsen en scho len binnen het vrijwillig kader rechtstreeks een kind doorverwijzen naar een zorgaan bieder, o Kans: De kans dat er meer cliënten vanuit het gedwongen kader zich melden én dat het fi nanciële risico’s heeft, is bij de jeugdzorg continue aanwezig. Door onze manier van werken konden we in eerder een aantal keren voorkomen dat jeugdzorg vanuit het ‘verplicht kader’ moest worden ingezet. We werken intussen steeds beter samen met VTT en de Raad voor de Kinderbescherming, o Impact: Zorgtrajecten binnen het gedwongen kader zijn vrijwel per definitie dure trajecten. Dat betekent dat bij een aantal cliënten extra, de kosten meteen behoorlijk oplopen. Zorg trajecten die door huisartsen en/of scholen worden aangemeld zijn niet per definitie duur. Extra kosten ontstaan als de aantallen oplopen, o Beheersmaatregelen: Deze cliënten liggen enigszins buiten onze invloedssfeer.
Door goede afstemming met derden en door meer betrokkenheid van het netwerk, proberen wij onze invloed te vergroten. Beheersen van het risico gebeurt verder via monitoring van de aantallen cliënten die vanuit het verplichte kader c.q. rechtstreeks worden aangemeld. Met huisartsen en scholen zijn we in gesprek op welke manier zij graag onze betrok kenheid zien. Ook loopt met de huisartsen het project POH. Zo proberen wij de recht streekse verwijzingen om te buigen naar het Maatschappelijk Plein. Er wordt nadrukkelijker regie gevoerd en intensiever gesproken met de gecertificeer de instellingen. Hiermee willen de kosten per doorverwezen kind omlaag brengen.
12. Prijsstijgingen ten gevolge van AMvB Reële prijs WMO 2015 Beschrijving van het risico; o De Wmo 2015 verplicht de gemeente een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van een voorziening en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit van die zelfde voorziening te hanteren. De AMvB ‘reële prijs Wmo 2015’ geeft hiervoor nadere regels en is van toepassing op alle vormen van Wmo-dienstverlening met uitzondering van de verstrekking van hulpmiddelen en woningaanpassingen. Het risico betreft met name de huishoudelijke ondersteuning. Dit betekent dat tussentijdse prijsontwikkelingen met een verplichtend karakter (zoals Cao-ontwikkelingen) in principe worden doorberekend. o Kans: De afgelopen twee jaren heeft jaarlijks een aanpassing van de prijs plaatsgevonden, daarmee is het reëel te veronderstellen dat de impact zich tenminste eens per twee jaar voordoet. o Impact: Gelet op de grote aantallen en budgetten is de impact tamelijk fors. o Beheersmaatregelen: De oorzaken liggen buiten de invloedsfeer van de gemeente. 13. Stijging afvalkosten door afkeuring pmb o Beschrijving van het risico: In Oldenzaal wordt afval gescheiden aangeboden aan de verwerkers. Voor de inname van de PMD (plastic, metaal en drankenkarton) wordt sinds 1 juli 2020 dit afval aan geboden aan VPKT (uitvoeringsorganisatie van Afvalfonds).
Door ander keuringsregiem wordt er in de 2® periode van 2020 veel afgekeurd. Het geleverde materiaal vol doet volgens VPKT, doordat er teveel stoorstoffen inzitten, niet aan de vereiste speci ficaties. Hierbij worden met name grotere stukken kunststof of folie, flessen van che micaliën, apparaten en restafval genoemd.
o o o
Door de huidige kostenstructuur werken deze extra kosten twee keer door, namelijk bij afkeuring van een partij ontvangen we geen inkomsten per ton maar krijgen we zelfs te maken met extra kosten per ton. Opgeteld kan dit negatief resultaat hierdoor bij afkeuring oplopen tot ca. € 450 per ton (cijfers uit 2020). Kans: De kans dat er alsnog een tekort optreedt wordt ingeschat op lx per 4 jaar. Impact: Het jaarlijkse (geschatte) negatief resultaat is € 200.000. Beheersmaatregelen: Door de samenwerkende gemeenten wordt met VPKT gesproken over de huidige gang van zaken en de interpretatie van de (af)keuringsnorm. Daarnaast wordt onder zocht of 1) voorlichting 2) controle van het aangeboden plastic door voorloopacties en 3) sancties, de vervuilingsgraad kunnen verlagen waardoor het risico wordt beperkt.
14. Regeling specifieke uitkering sport o Beschrijving van het risico: Om sport en beweging te stimuleren konden gemeenten, sportverenigingen en sport stichtingen de btw die aan hen in rekening wordt gebracht in aftrek brengen. Dit recht op aftrek is met ingang van 1 januari 2019 vervallen. Om de ontwikkeling en instandhouding van sportaccommodaties en de aanschaf van sportmatehalen te stimuleren, kunnen gemeenten daarom een uitkering aanvragen voor: - Investeringen in hardware, zoals de bouw en het onderhoud van accommodaties. Dit kan het aanleggen van een kunstgrasveld of de bouw van een sporthal zijn. - Exploitatie van sportaccommodaties, zoals het beheer van een accommodatie. Het
o
o
o
kan gaan om gebruikskosten (bijvoorbeeld energielasten) en ingehuurde krachten zo als buurtsportcoaches en andere beheerders van accommodaties. De regeling subsidieert maximaal 17,5% van de bestedingen, inclusief BTW. Indien er wordt overvraagd zullen gemeenten naar rato worden gekort op de subsidie. In 2019 is in dit verband in de voorlopige beschikking 81,7% van de aangevraagde subsidie toegezegd. Bij de definitieve toekenning is alsnog 100% beschikbaar gesteld voor 2019. Voor 2020 is in de voorlopige beschikking 79,97% toegezegd, Kans: Op dit moment is het niet duidelijk of het overvragen van de subsidie in 2020 gaat lei den tot een definitieve korting. De minister besluit uiterlijk op 31 januari in het jaar na ontvangst van de verantwoordingsinformatie over de vaststelling van de uitkering. Dit betekent dus dat de verantwoording van alle gemeenten over de werkelijke kosten gaat bepalen hoeveel SPUK er wordt ontvangen, Impact: De definitieve SPUK-aanvraag 2020 bedraagt 17,5% over € 1.506.985 is € 247.336 SPUK-subsidie. Als er gekort wordt conform de voorlopige beschikking (79,97% van € 247.336 is € 197.795) betekent dit dat de kans bestaat dat er € 49.541 niet wordt ontvangen. Omdat we hier op grond van de voorlopige beschikking al rekening mee hebben gehouden is er eigenlijk geen sprake meer van een risico. We kunnen eerder spreken van een positief risico.
Evenals in 2019 is er voor 2020 een redelijke kans aanwezig dat bij de definitieve beschikking 100% beschikbaar wordt gesteld, Beheermaatregelen: nvt
15. Evenementen o Beschrijving van het risico: Evenementen zijn belangrijk voor de levendigheid van de stad. Politiek gezien is het belangrijk dat evenementen doorgang vinden. Aan de andere kant is de veiligheid bij evenementen een belangrijk issue. Het is echter niet mogelijk om alle risico’s uit te sluiten. Er vindt een continue afweging plaats tussen het doel, de middelen en de ge volgen. Op het moment dat er toch iets gebeurd kan de schade zich uiten in imagoschade voor de gemeente tot het daadwerkelijk aansprakelijk gesteld worden voor letselscha de. o Kans: De insteek is om alleen evenementen te vergunnen waarbij de veiligheid geborgd is. Het is echter niet mogelijk om alle risico’s uit te sluiten. Het proces is echter zodanig vorm gegeven dat de kans zo klein mogelijk gehouden wordt. We schatten de kans in op eens per 10 jaar. o Impact: De impact ingeval van een calamiteit bij evenementen is groot. Dit kan zowel leiden tot imagoschade voor de gemeente als tot het daadwerkelijk aansprakelijk gesteld worden voor letselschade. Beheersmaatregelen: o Het proces is zodanig ingericht dat voor het beoordelen van de veiligheid van een evenement altijd advies gevraagd wordt aan de politie en brandweer. Voor grotere (C) evenementen wordt een multi-advies aangevraagd. Er worden in principe geen concessies gedaan aan de veiligheid. De burgemeester wordt in het proces betrokken.
16. Legesinkomsten Beschrijving van het risico: o De gevoeligheid op inkomsten voor leges (met name bouwleges) is gekoppeld aan de conjunctuur. Een crisis wordt direct gevoeld evenals het aantrekken van de economie. De onvoorspelbaarheid daarvan is een risico voor de inkomstenkant van onze ge meentebegroting. In 2020 werden we geconfronteerd met de coronacrisis. Het is nog
o
o
o
onduidelijk wat de gevolgen zijn voor de bouwsector en daarmee de vergunningaan vragen voor het jaar 2021. De ontwikkeling van de legesopbrengst wordt gevolgd en is een vast onderdeel van de P&C-cyclus. Met de invoering van nieuwe wetgeving is meer vergunning vrij mogelijk. Hoewel er minder vergunningen aangevraagd moeten worden is het wel lastiger om te bepalen of iets al dan niet vergunning vrij gerealiseerd mag worden. Het proces is hierop aan gepast. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is met een jaar uitgesteld tot 1 januari 2022. Voor komend jaar is de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving daarom nog geen risico voor de legesinkomsten. Op langere termijn zal het legesstelsel wel gaan veranderen en zal de begroting hierop worden aangepast. Kans: Voor de legesinkomsten zijn we geheel afhankelijk van de ontwikkelingen in de markt. De kans dat deze situatie zich voor gaat doen is dus zeer zeker mogelijk. Wij schatten de kans op eens per 2 jaar. Impact: De totale legesinkomsten voor 2021 zijn geraamd op € 750.000. Het grootste deel van deze inkomsten worden gegenereerd door een paar grotere aanvragen. Indien deze aanvragen achterwege blijven is de financiële impact op basis van ervaringen inge schat op € 100.000. Beheersmaatregelen: Door de legesinkomsten gedurende het jaar goed te monitoren kan op tijd een signaal afgegeven worden.
Het is niet mogelijk om de legesinkomsten gedurende het jaar te sturen. Hiervoor zijn we immers afhankelijk van de markt.
17. Vastgoedportefeuille leegstand en huurderving o Beschrijving van het risico: Gemeente Oldenzaal heeft vastgoedobjecten in bezit waarvan de huurder de huur opzegt, op houd te bestaan of waar door beleidswijzigingen leegstand dreigt te ont staan. Daarnaast is er ook de opdracht om een aantal vastgoedobjecten die inmiddels verlaten zijn af te stoten. Voorbeelden hiervan kunnen zijn 't Blikpunt, de Hooge Lucht 1 en de bibliotheek aan de Ganzenmarkt. Deze voorbeelden zijn wel afhankelijk van actuele ontwikkelingen. o Kans: De kans dat dit risico zich voordoet is ingeschat op 2 keer per 10 jaar (0,2). Het gaat hier om risico’s van huurderving die we niet in de begroting hebben opgenomen. o Impact: De impact wordt in het ergste geval ingeschat op € 200.000. o Beheersmaatregelen De gemeente zoekt ten aanzien van leegstaand vastgoed naar kopers, dan wel naar duurzame huurders. Uitgangspunt is dan ook om gemeentelijke taken en gesubsidi eerde instellingen zoveel mogelijk onder te brengen in dit vastgoed. 18. Risico AVG incident waaronder boete bij meldplicht datalekken o Beschrijving van het risico: De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) ziet toe op handhaving van de Algemene Ver ordening Gegevensbescherming (AVG). Zij kan boetes opleggen van maximaal 20 miljoen of 10% van de begrotingsomvang.
Is de overtreding niet opzettelijk gepleegd en is er geen sprake van ernstig verwijtbare nalatigheid dan legt de Autoriteit Per soonsgegevens meestal eerst een bindende aanwijzing op. Van invloed is ook of de organisatie voldoende i-Bewustzijn (groei) kan aantonen van haar medewerkers. Eventueel legt de Autoriteit Persoonsgegevens alsnog een (lagere) boete op Daarnaast kunnen mensen een schadeclaim indienen op basis van de AVG als hun persoonsgegevens oneigenlijk gebruikt zijn (bijv. bij een datalek). Dat kunnen zij doen zowel voor materiële schade alsook voor immateriële schade.
o
o
o
Kans: De gemeente is druk bezig met “in compliance” te geraken. Wij schatten de kans op het ontvangen van een boete dan ook klein in; eens in de 10 jaar. De kans op een schadeclaim is aanzienlijk hoger. Die schatten wij op 1 in (dus jaar lijks). Of de burger zich zal beroepen op een schadevergoeding is onzeker. Maar de tendens van de laatste twee jaar is wel dat meer mensen dat gaan proberen, eventu eel ondersteund door bureaus die werken op ‘no cure no pay’-basis. Impact: De impact is gebaseerd op de maximale boete die de AP kan opleggen: max 20 mil joen of 10% van de begrotingsomvang. Zekerheidshalve houden wij het risico hoog aan op € 200.000. Bij een schadeclaim is de impact aanzienlijk kleiner, namelijk € 3.000. Beheersmaatregelen: De gemeente is druk bezig met “in compliance” te geraken. We zetten stevig in op de bewustwording en er worden diverse maatregelen genomen om datalekken te voor komen. Daarnaast is er een protocol voor het melden van datalekken. Als er een datalek heeft plaatsgevonden vindt er evaluatie plaats en worden maatregelen getroffen om de kans op herhaling te verkleinen.
19. Gladheidbestrijding o Beschrijving van het risico: Risico bestaat dat door het niet goed of niet tijdig uitvoeren van gladheidbestrijding ongelukken kunnen gebeuren waarvoor de gemeente aansprakelijk gesteld kan wor den. Door verdere bezuiniging op de gladheidsbestrijding zal er nog minder of niet meer gestrooid worden bij aanhoudende gladheid op wegen die buiten de vastgestel de strooiroutes liggen. Daarnaast hebben we te maken met areaal uitbreiding zoals bijvoorbeeld Jufferbeek- Zuid. Hierdoor worden routes langer waardoor je op sommi ge plekken in de route later bent dan in het verleden. Een ander risico is de begrotingsoverschrijding door de open eind regeling. Er zullen begrotingsjaren zijn dat er veel meer uren gestrooid moet worden en er veel meer zout ingekocht wordt dan be groot. Bijvoorbeeld een strenge winter met veel sneeuwval kan in januari, februari plaats vinden maar ook weer in december van hetzelfde begrotingsjaar, o Kans: De kans op begrotingsoverschrijding ligt hier tussen de 2 a 3 keer per 10 jaar. Claims door ongelukken komen nagenoeg niet voor, worden afgewezen op eigen verant woordelijkheid voor de weggebruiker of zijn door verzekering gedekt boven een eigen risico. o Impact: De eventuele begrotingsoverschrijding zal zich dan tussen de € 20.000 tot € 120.000 euro bewegen.
Claims door ongelukken worden zo nodig gedekt door de verzekering o Beheersmaatregelen Dit risico wordt beheerst doordat is overgegaan naar een volledige preventieve natstrooimethode. Hierdoor wordt zout eerder aangebracht onder sneeuwlagen waardoor veelvuldig door strooien beperkt wordt en er minder zoutverbruik is. Ook worden de risico’s op ongelukken hierdoor verminderd omdat preventief strooien door het aan wezig blijven van zout op het wegdek meer nut heeft door de nat-strooimethode. Te vens worden de risico’s beheerst door de accurate voorspellingen van het KNMI te volgen waarvoor de gemeente Oldenzaal een speciaal abonnement heeft afgesloten. Ook de intensievere regionale samenwerkingen met gemeenten en provincie maakt een verkleining van de risico’s mogelijk. Verder is dit risico gedeeltelijk beheerst door dat er procedures zijn voor gladheidbestrijding zoals een vastgestelde hoofdroute en strooischema die jaarlijks gepubliceerd wordt. 20. Verbonden partijen
o
o
o
o
Beschrijving van het risico; Risico bestaat dat m.b.t. een aantal deelnemingen de geraamde dividendopbrengst niet zal worden uitgekeerd. Vanuit dat perspectief is de deelneming in Twence op termijn risicovol. Naast de mogelijke derving aan dividend inkomsten begeven 2 on dernemingen zich op een markt (afvalmarkt), die volop in beweging is. Het opereren in de afvalmarkt Is met tal van risico’s omgeven. Het valt zelfs te betwijfelen of een re latief kleine onderneming als Twence, die voornamelijk zich begeeft in de commerci ële afvalverwerking en energie-levering, in staat zal zijn zelfstandig te blijven opere ren in een markt die steeds meer gedomineerd wordt door een aantal grote (markt)partijen in een sterk volatiele commerciële markt. Ook ten aanzien van een aantal kleinere verbonden partijen zijn er risico’s te onderkennen. Hiervoor wordt ver wezen naar de paragraaf verbonden partijen, waar t.a.v. iedere verbonden partij de mogelijke risico’s zijn beschreven. Kans: Gezien eigen vermogen van Twence en de langjarige afspraken omtrent het dividendbeleid is de kans vooralsnog gering. Ten aanzien van de overige deelnemingen wordt de kans niet groter geacht dat er 1 keer in de 10 jaar zich een terugval zal voor doen in de dividendopbrengsten. Impact: De impact op een lagere dividendinkomst in enig jaar wordt op ongeveer € 100.000,ingeschat.
Beheersmaatregelen; Dit risico wordt beheerst doordat er voortdurend gemonitord (ambtelijke inzet en toe zicht) wordt wat de resultaten (bedrijfsvoering en dividendbeleid) van de deelnemin gen zijn. Op moment dat sprake is van bedrijfsrisico’s, dan wel een aanpassing van het dividendbeleid, zal e.e.a. direct via de Burap en begroting worden aangepast. Daarnaast wordt getracht de aandelen in de commerciële onderneming Twence te verkopen aan 1 of meerdere mede-aandeelhoude
BB Gemeente _
Oldenzaal Bezoekadres Ganzenmarkt 1 Postadres Postbus 354 7570 AJ Oldenzaal Tsleteoti (0541)588111 E-rnsMi infb@oldenzaaLnl Internet www.oldenzaaLnl
'»kmb