CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

04a. Verslag van de vergadering van 10 november 2025

Gemeenteraad 15 december 2025, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Vaststellen notulen van de vergadering van a. 10 november 2025 en; b. 24 november 202533.641 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

TRANSCRIPT VAN DE RAADSVERGADERING VAN GEMEENTE OLDENZAAL d.d. 10 november 2025

1. Opening De voorzitter: Goedenavond allemaal. Het is 17.30 uur en dat is het tijdstip waarop we hebben afgesproken ook van avond zouden beginnen, dus daar wil ik me dan ook graag aan houden. Welkom allemaal, in het bijzonder mensen op de tribune, maar natuurlijk ook de raadsleden en de mensen thuis. Mooi dat u een van de hoogtepunten van een politiek jaar wilt bijwonen, of dat nou op de tribune of via de, ik zou bijna zeggen boordradio, maar de livestream is, maar wees welkom. We zijn compleet dus 23 raadsleden 4 wethouders en u ziet hier de griffier en burgemeester ook zitten dus we kunnen gewoon van start. Dat is mooi. Ik zit even te kijken. 2. Vaststellen agenda De voorzitter: We hebben een agenda voor ons liggen. Ik hoop dat hij op uw instemming kan rekenen. Vooraf niemand zich gemeld, dus dan hebben we meteen het eerste besluit te pakken. Dan gaan we uit van de agenda, zoals die ook voorligt. Dat betekent ook dat we geen moties vreemd hebben maar we hebben wel een aantal moties en amendementen bij het onderwerp van vanavond. Alhoewel er zijn er twee maar het voornaamste onderwerp en dat is de programmabegroting 2026, maar dat zal zo dadelijk wel voorbijkomen. We doen het weer met hand opsteken, dus op het moment dat u wilt interrumperen of het woord wilt voeren dan mag u de hand opsteken.

U kijkt naar deze tafel en de griffier en ondergetekende houden in de gaten wanneer dat het geval is en ook wanneer u dan van ons, van mij, het woord krijgt. Dat was dat. 3. Vaststellen notulen van de vergadering van 27 oktober 2025 De voorzitter: Ik kijk nog even naar een ander onderwerp op de agenda. Dat is het vaststellen van de notulen van de vergadering van 27 oktober jongstleden. Vooraf heeft zich niemand gemeld, maar kijk toch nog even voor de zekerheid rond of die conclusie, dat daar verder geen op- of aanmerkingen bij te maken zijn nog steeds klopt. Dat klopt. Dan zijn ze bij deze vastgesteld. 4. Programmabegroting 2026 De voorzitter: En dat betekent dat ik naar de hoofdmoot van vanavond kan gaan en dat is de programmabegroting die is ook al in het politiek Forum aanbod geweest en het is een vervolg op de kadernota die we voor de zomer met elkaar hebben besproken. De termijnen gaan als volgde, eerste termijn is hier weer bij het spreekgestoelte of de katheder, net hoe u dat zelf wilt omschrijven. Maximaal tien minuten per fractie. De griffier naast mij houdt dat in de gaten. Daar kan niet mee gecorrespondeerd worden, zeg ik er maar vast bij. Maar tien minuten voor de eerste termijn en ook één woordvoerder per fractie. We staan korte interrupties vanuit alle raadsleden mocht dat noodzakelijk zijn toe en dat betreft het vooral en alleen verhelderde vragen.

En vervolgens kan ik ook nog melden, zo hebben we dat ook met elkaar afgesproken, technische vragen daar zullen we streng op zijn, want daar heeft u ruimte genoeg voor gehad. Dus we gaan ervan uit dat dat niet noodzakelijk is. De volgorde is als volgt, eerst de WG, dan D66, vervolgens het CDA, GroenLinks, VVD, Partij van de Arbeid en tot slot solidair Oldenzaal, SO. En dat is een volgende keer weer anders, maar zo hebben we dat wel met elkaar afgesproken. Dat is de eerste termijn. Ik probeer te kijken of we nog voor de schorsing, inclusief warme snack, het college nog aan bod kunnen krijgen. Zo niet dan is -1-

vanaf 20.00 uur dat, tenminste, zo staat het in de planning, het college aan bod en dan proberen we vervolgens weer de gelegenheid te geven om de tweede termijn invulling te geven. Nou dan zien we wel hoe laat het wordt vanavond, maar we doen ons best om het netjes binnen de tijd voor elkaar te krijgen. Maar ik denk wel dat dat, gelet op wat ik tot nu toe gezien heb, gaat lukken. Maar goed, zeg nooit goed. Gaan we beginnen dames en heren mag ik dan de WG als eerste uitnodigen de heer Yildirim om namens zijn fractie bij het spreekgestoelte. De heer Yildirim. Ik ben nog één ding vergeten, realiseer ik mij. Wij gaan ervan uit dat alle moties en amendementen die al zijn ingediend ook als zodanig zijn ingediend, dus u heeft ze naar de griffier toegestuurd. Ze zijn opgeladen dus ze zijn ook als ingediend te beschouwen. Dus als u daar in uw eerste termijn ondanks het feit dat de betreffende fractie nog niet aan het woord is geweest, al op wilt reageren. Dat is uiteraard aan u, maar dan krijgt u en heeft u de gelegenheid om dat te doen. De heer Yildirim namens WG. a.

WG Oldenzaal

De heer Yildirim: Excuus, klopt ook helemaal. Goedemiddag en alvast een goede avond voorzitter, college, raadsleden, mensen op de publieke tribune en geachte kijkers thuis. Vanavond behandelen we de programmabegroting 2026. Hierin zijn de kaders uitgewerkt van de kadernota 2026 met de bijbehorende begroting. Op de korte termijn ziet de begroting er prima uit, maar als we een aantal jaren verder kijken zien we dat, ondanks de verbeteringen ten opzichte van de kadernota, de jaarschijf in 2028 en 2029 helaas zeker nog aandacht nodig hebben. Wij zullen als WG Oldenzaal de vingers goed aan de pols houden en in de komende tijd zorgvuldig kijken waaraan budgetten uitgeven moeten of kunnen worden. En dat geldt ook onder andere voor het stadhuis en de af te stoten vleugel. Op dit moment wordt er nog ambtelijk en op collegeniveau verder onderzocht en wordt daar in de toekomst een besluit overgenomen door de raad. Eerder is door ons, als raad, besloten om het Sociaal Plein te verhuizen naar de Ganzenmarkt 11, het oude bibliotheek gebouw. WG Oldenzaal heeft aangegeven nog een keer heel goed te kijken naar de optie om het Sociaal Plein te vestigen in de afgesloten vleugel hiernaast. Wat ons betreft hoort dit namelijk bij een integrale afweging bij de verbouwing van het stadhuis.

We zien dan ook met grote belangstelling uit naar de antwoorden op onze eerder gestelde vragen, maar we gaan er ook van uit dat het, tot het moment van definitieve besluitvorming er nog geen onomkeerbare besluiten ten aanzien van de realisatie van het Sociaal Plein worden genomen door het college. En graag horen wij van het college hoe zij hiermee om zullen gaan, tot er een integrale afweging is gemaakt. De programmabegroting laat gelukkig ook zien dat wij als gemeente Oldenzaal blijven investeren in onze stad en vooral in onze gemeenschap. De voorzitter: Ik zie een interruptie. Dus als u een momentje heeft. De heer Van der Waal, de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Dank u, voorzitter. Het gaat over de alinea waar u het hebt over de huisvesting van het Sociaal Plein. Ik ben heel blij dat u twijfelt over de volledige correctheid van het besluit om het Sociaal Plein naar de Ganzenmarkt 11, de oude bibliotheek te brengen. Ik kan ook voorstellen dat u het onvoldoende vindt om te amenderen, maar waarom hebt u hiervoor geen motie ingediend die aanvullend aan de begroting door de raad kan worden besproken, om in ieder geval een studie mogelijk te maken. Want nu noemt u het zonder dat u het tot werkelijkheid laat komen. Dat vind ik wat jammer. Kunt u daarop reageren? De voorzitter: De heer Yildirim.

-2-

De heer Yildirim: Ja, dank u wel, voorzitter. In dit geval zou het eventueel een amendement zijn om de begroting aan te passen of zoals u zegt misschien een motie om een studie mogelijk te maken. Maar wat ons betreft is dit niet nodig. Want als u goed luistert, hebben wij een aantal vragen kunnen stellen aan het college, zodat zij bepaalde vragen kunnen uitwerken en beantwoorden. En een van die vragen is om een integrale afweging te maken en te kijken naar de verschillende scenario's ook die destijds in het politiek forum zijn besproken, waaronder dus een van de scenario's is stadhuis, vleugel afstoten en Sociaal Plein in Ganzenmarkt 11. En een ander scenario zou kunnen zijn om het Sociaal Plein te vestigen in de vleugel en die vragen worden momenteel nog uitgewerkt, dus het is voor ons nog te vroeg om een amendement in te dienen. De vragen worden beantwoord en zodra die beantwoording er is, kunnen we met zijn allen samen een integrale afweging make van, financieel gezien, inhoudelijk gezien, wat is nou de beste keuze om het Sociaal Plein te vestigen? Waar kunnen we die het beste gaan vestigen? En pas als die antwoorden er zijn dan moeten we dat besluit gaan nemen. Want anders krijg je nu we hebben een besluit genomen, gaan we een besluit amenderen of een motie indienen om een onderzoek uit te voeren en dan gaan we weer besluit veranderen. Dat moeten we niet doen.

Moet gewoon constant blijven met ons beleid en daarom ook oproep richting het college van, wat gaat u in de tussentijd doen? Gaat u onomkeerbare beslissingen nemen? Of wacht u nog even tot de raad een integrale afweging kan maken? En daar gaat het om. De voorzitter: Dank u wel. Gaat u verder. De heer Yildirim: Ik begin even aan het begin van mijn alinea. De programmabegroting laat ook zien dat wij als gemeente Oldenzaal blijven investeren in onze stad en gemeenschap. Leefbaarheid is en blijft een belangrijk thema, net als wonen voor ons één van de belangrijkste thema’s blijft. De mogelijkheden binnen onze gemeentegrenzen zijn beperkt, maar we hebben in een brief aan het college al meerdere opties aangegeven waar wij als WG Oldenzaal mogelijkheden zien. Ook bij andere projecten hebben wij onze ideeën gedeeld. Zoals creatieve woonvormen, inzet op een en tweepersoonshuishoudens en het bevorderen van de doorstroming op de woningmarkt. Vandaag gaan wij akkoord met de begroting over 2026 met de kader, zoals vastgesteld tijdens kadernota, namelijk geen bezuinigingen voor de verenigingen in 2026 en vervolgens een fasering over vijf jaar en aan deze kaders houden ons vast als WG Oldenzaal. En dan nadrukkelijk voor het jaar 2026. We willen nu namelijk nog niet vooruitkijken en beslissingen nemen over de daaropvolgende jaren. De gemeentelijke verkiezingen komen er ook aan.

Er komt een nieuwe raad. Er komt hier een nieuw college. Dat is dan ook voor ons als WG Oldenzaal een zwaarwegende reden om geen nieuw beleid voor te stellen voor de komende jaren. Ook al hebben wij heel veel ideeën, dienen wij geen moties of amendementen in, wij willen namelijk geen nieuwe financiële verplichtingen aangaan voor een mogelijke andere samenstelling van de nieuwe raad. In 2026, nogmaals, is er nog geen sprake van bezuinigingen voor de verenigingen en dat geeft een nieuwe raad ruimte om zelf te beslissen over de jaren erna. Als WG Oldenzaal vinden we het belangrijk dat iedereen actief mee kan doen in onze Oldenzaalse gemeenschap. Wij zullen dus zowel in de huidige, als in de volgende raadsperiode in gesprek blijven met het maatschappelijk middenveld om een oplossing te vinden voor de daaropvolgende jaren. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Bouwman. Momentje. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel. Volgens mij was de heer Yildirim aan het eind van zijn betoog. De heer Yildirim: Klopt.

-3-

De heer Bouwman: U geeft aan dat u geen nieuw beleid wilt accorderen voor de komende jaren. Nou staat er in de programmabegroting wel nieuw beleid voor het water- en klimaatadaptatie programma. Daar hebben wij amendementen over ingediend, dus ik ga me ook vanuit dat u dat amendement gaat steunen, als ik uw eigen woorden mag volgen. De voorzitter: Ik begreep hier een vraag uit. De heer Yildirim. De heer Yildirim: Dat is inderdaad een vraag, voorzitter. Meer een suggestie eigenlijk, geen vraag, maar voor ons is klimaat heel belangrijk. Laten we dat wel even vooropstellen. Maar inderdaad zoals u zegt moeten we ook geen nieuwe financiële verplichtingen aangaan voor een nieuwe raad. Maar wat ons betreft kan nog wel in het budget blijven voor de komende jaren, dus ik wil wel de (…..) doen, 2026, laten we daar geen nieuw financieel beleid instellen. Dat moeten we gewoon niet doen. Maar voor de jaren daarop kan het nog wel gewoon prima in het budget blijven. En dan kan de raad zelf daar een keuze over maken, of ze dat wel erin inlaten of niet. Dus die handreiking wil ik u wel gaan doen. De voorzitter: De heer Bouwman nog een keertje. Niet? De heer Kramer. De heer Kramer: Dank u wel, voorzitter. De heer Yildirim geeft aan dat het feit dat hij klimaat belangrijk vindt, een rechtvaardiging is, vindt voor het feit dat nieuw beleid wel degelijk toegevoegd mag worden aan deze begroting.

Vindt de heer Yildirim verenigingen dan niet belangrijk? De voorzitter: De heer Yildirim. De heer Yildirim: Voorzitter. Dat is wat de heer Kramer eruit maakt, maar dat is niet helemaal wat ik zei. Het gaat wel om de bezuinigingen en de lastenverhogingen. Dat is een heel totaalpakket geweest. U pakt daar specifiek de verenigingen uit. Die zijn voor ons ook natuurlijk heel belangrijk. Dan kan ik namens mijn fractie wel echt onze uit ons hart zeggen richting u. Alleen dat is een totaalpakket geweest waarbij de meerdere bezuinigingen en lasten zo evenredig mogelijk zijn verdeeld tijdens kadernota stelde u ook voor om de bezuiniging ongedaan te maken, maar bijvoorbeeld door de lasten te verhogen. Maar dat was niet de essentie van het hele pakket. Het ging om dat evenredig is verdeeld over alle aspecten van de samenleving. De voorzitter: Ik kijk even rond. Daarmee zijn we volgens mij aan het eind gekomen van uw eerste termijn. Dank u wel. b.

D66

De voorzitter: En dan ga ik naar D66 de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter, dank u wel. De begroting die voorligt om vandaag besproken te worden, laat een mooi visie financieel resultaat zien. D66 vindt hiervoor een compliment aan de wethouder en haar ambtenaren dat dat op de plaats is. Maar daarmee is het verhaal niet compleet. Gezondheid. Op een aantal fronten slaat D66 graag een andere richting in. Zo wil D66 graag het geld wat extra van het Rijk wordt verkregen dit jaar inzetten voor bestaande en extra preventieve maatregelen om de enorme uitgaven van het sociaal termijn terug te dringen. Dit is mogelijk omdat de financiële buffer van de gemeente hiervoor groot genoeg is en nodig, omdat dit op korte termijn ten goede komt aan zowel de inwoners van Oldezaal als de gemeentelijke financiën. Voorzitter bij de start van het masterplan Sociaal Domein in 1920-1921 zou maximaal ingezet worden op preventie. Dit werd indertijd bij de inbreng van D66 expliciet genoemd en geprezen en dat staat ook in dat -4-

masterplan. Nu wordt er een aantal preventiemaatregelen de nek omgedraaid. Zonder dat er betere alternatieven voor in de plaats komen. Op 8 juli 2024 is een lijst van bezuinigingen aangenomen met keuzen die zullen worden uitgevoerd als het Rijk tekortschiet. We hebben het hier over het komende ravijnjaar, maar het ravijnjaar is blijkens de tekst van de begroting uitgesteld en of het een ravijn wordt of een sloot of een vaart, net wat het is, de gemeente heeft het nu minder krap dan verwacht. Toch houdt het college strak vast aan de gemaakte keuze, ondanks dat het Rijk minder tekortschiet dan verwacht. Preventie heeft ten doel geld uit te geven om later veel hogere uitgaven te voorkomen. Ook worden onze inwoners door deze uitgaven gelukkiger. Zo bezien is het heel onverstandig om op preventie te bezuinigen. Het door bezuinigingen bespaarde geld zal in de nabije toekomst alsnog en in meervoud moeten worden uitgegeven. D66 is van mening dat op preventie niet moet worden bezuinigd. Voor de jeugd, voor volwassenen, voor financieel minder draagkrachtigen en ouderen zijn preventieve activiteiten nodig om later ongewenste uitgaven te voorkomen. Wanneer onze inwoners worden voorzien van kennis, vaardigheden en zinvolle tijdsbesteding blijven zij gezond en ook voor zichzelf en anderen zinvol bezig.

Ja, Oldenzaal doet al … De voorzitter: Ik zie een … Ik was even aan het zoeken wanneer een goed moment was. Volgens mij was moment net gepasseerd. Excuus daarvoor, maar ik zie in ieder geval een interruptie van de heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Dank u voorzitter. Mijn interruptie ging of een stukje geleden. De heer Van der Waal refereert eraan dat we op preventie aan het bezuinigen zijn. Ik zie, zeker als je kijkt afgelopen jaar ten opzichte van dit jaar dat we bijna een 1,1 miljoen meer uitgeven aan preventie. Fractie van D66 wil een motie, gaat een motie daarvoor indienen. Wat is het doel van deze motie? Wat gaat het opleveren? En wat hoe moeten wij exact met het geld gaan doen voor deze provincie? De voorzitter: Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter. In het amendement wordt aangegeven dat het college beslist hoe het geld wordt uitgegeven. Het college is namelijk kennis houder, samen met de aanbieders. En er wordt aangegeven dat het geld extra wordt uitgegeven als aannemelijk is dat voor de aangevraagde projecten het geld op enige termijn weer terugkomt, waardoor het niet een investering is die geld kost, maar een investering is die op korte termijn geld oplevert. De voorzitter: De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter.

Ik sta volledig in mijn gelijk als ik concludeer dat de heer Van der Waal niet weet waar hij het geld aan uit wil gaan geven en dat hij gewoon een zakgeld aan het college ter beschikking stelt. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Zoals de heer Mekelenkamp het formuleert is het inderdaad juist. Het is een budget wat wordt uitgegeven en wat efficiënt moet worden uitgegeven, dat is de oproep. En ik ben niet degene die bepaalt waar het aan wordt uitgegeven ik ben niet de kennis houder, dat zijn de aanbieders en dat zijn, dast is het college. De voorzitter: De heer Mekelenkamp nog een keer en ik heb ook de heer Bouwman genoteerd. De heer Mekelenkamp.

-5-

De heer Mekelenkamp: Ik had nog twee vragen openstaan voor de heer Van der Waal. Wat levert het op? Welke kosten gaan we voorkomen? En ik ben ook wel benieuwd hoe … De heer Van der Waal heeft een bedrag van drie ton ergens vandaan gehaald. De heer Van der Waal denkt dat het iets op gaat leveren voor ons als gemeente. Dus heeft hij een denkrichting in ieder geval die breder is dan alleen jeugd, ouderen en gezondheidszorg. Want dat is, daar kun je ongeveer zo alles onder laten vallen in Oldenzaal, waar hij het geld wil gaan investeren. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter. Ik herhaal mijn antwoord dan maar. Ik heb geen vast doel voor deze projecten. Het is aan het college en de aanbieders om efficiënte projecten uit te kiezen. Er was nog even een vraag van hoeveel geld gaat er terugkomen? Bij efficiënte preventie komt het geld minimaal terug dus als wij drie ton investeren in extra preventie, is de bedoeling dat er meer dan drie ton als efficiënt geld terugkomt. Als opbrengst voor de gemeente en verlaging van de kosten van het sociale domein. De voorzitter: Ik ben bang, de heer Mekelenkamp, dat u met dit antwoord moet doen een ander antwoord ben niet bang dat u niet gaat krijgen. Dus ik ga nu naar de heer Bouwman. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel. Ik heb een interruptie op de interruptie van de heer Mekelenkamp.

Die geeft aan dat wij 1,1 miljoen meer preventie gelden gaan uitgeven, maar ben even benieuwd waar dat bedrag vandaan komt en of je dat kan toelichten. De voorzitter: De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Zeker, voorzitter. We hebben op 8 oktober, of 9 oktober kan het zijn, hebben wij mail ontvangen ambtelijk met een overzicht exact van welke werkelijke uitgaven we hebben geageerd, gehad van 2020 tot 2024 en de begroten saldo's van 2025 tot met 2029. Die tabel refereer ik aan. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik weer terug naar de heer Van der Waal. Gaat u verder met uw betoog. De heer Van der Waal: Dank u voorzitter. Oldenzaal doet al veel aan preventie. Maar wanneer ik in de begroting zoek op het woord preventie, want daar staat het beschreven, vind ik veel preventieve inspanning op het moment dat een inwoner al problemen heeft. Werkelijke preventie voorkomt niet alleen escalatie van het probleem, maar voorkomt ook het optreden ervan. Laten we voor de jeugd interessante activiteiten opzetten. Dit naast die van onze verenigingen uiteraard. Voor financieel, minder draagkrachtige financiële voorlichting en verlichting, kookcursussen, ik noem maar wat en voor oudere sportieve en culturele activiteiten. En daarmee ben ik zeker niet volledig om aan te sluiten op de vragen van de heer Mekenkamp. Laten we vrijwilligers en buren nog beter ondersteunen.

Zo verminderen voor veel inwoners van onze mooie gemeente stress die hun leven negatief beïnvloedt. D66 dient dan ook een amendement in om een bedrag in te zetten voor preventie, bovenop wat Oldenzaal al doet. D66 is ervan overtuigd dat deze investering ten goede gaat komen aan het geluk van onze inwoners en aan vermindering van noodzakelijke uitgaven van het Sociaal Domein. En bedenk dat het de uitgaven van het Sociaal Domein bijna de helft van onze begroting uitmaakt, dus het is zeker een onderwerp wat aandacht behoeft. D66 doet een beroep op het college om het geld ook te gebruiken om een aantal gedane bezuinigingen terug te draaien. Dat

-6-

is daarbij overigens geen verplichting. Het dictum van het amendement is, de programmabegroting meer vast te stellen met dien verstande dat een bedrag van 3 ton wordt toegevoegd aan bestaande subsidieregelingen in het Sociaal Domein. Ten behoeve van preventieve maatregelen binnen de jeugdzorg, gezondheidszorg en ouderenzorg. Deze toevoeging is eenmalig en komt ten laste van de algemene reserve. Voorzitter, tot zover dit onderwerp. Ik ga nu over naar de economie en werkgelegenheid voor Oldenzalers. Een goede economie is belangrijk voor Oldenzaal. Dat vindt deze raad en dat vindt ook D66. In de begroting wordt aangegeven dat bedrijventerreinen worden her ontwikkeld en nieuwe worden ontwikkeld om te zorgen voor onder meer, meer werkgelegenheid. Hiervoor is als doel het vergroten van werkgelegenheid aangegeven. Sorry. Dat is daarbij dat vergroten van werkgelegenheid aangegeven dat deze werkgelegenheid wordt vergroot door ondernemers voor Oldenzaal te behouden en aan te trekken. D66 zou graag zien dat hierbij vooral rekening wordt gehouden met de werkelijke gelegenheid voor Oldenzaalse inwoners want, ondanks dat voor 44 duizend inwoners die we nog niet eens hebben, voldoende werkgelegenheid wordt geboden door bedrijven die in Oldenzaal zijn gevestigd, werken meer dan gebruikelijk Oldenzaalse werknemers buiten Oldenzaal.

Blijkbaar is de geboden werkgelegenheid onaantrekkelijk voor Oldenzaalse werknemers. De voorzitter: Ik zie een interruptie. Ik had het idee dat u een natuurlijke pauze had ingediend. De heer Van der Waal: Niet helemaal, maar … De voorzitter: Excuus. De heer Van der Waal: Mag als zodanig geïnterpreteerd worden. De voorzitter: Goed, dank u wel. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Dank u, voorzitter. Dan denk ik dat ik toch een amendement van D66 mis, namelijk het amendement om een muur om Oldenzaal heen te bouwen zodat we in ieder geval alle Oldenzaalse werknemers, of alle mensen die in Oldenzaal wonen, dat ze dan ook in Oldenzaal kunnen gaan werken. Dat we dat goed kunnen afkaderen in ieder geval. Want het voorstel wat u heeft, we zien dat mensen in Oldenzaal wonen en mensen werken en mensen die in Oldenzaal wonen mogen alleen maar Oldenzaal werken. Ik weet niet in welke economie de heer Van der Waal wil investeren, maar dat lijkt me niet realistisch. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Dank u, voorzitter. D66 wil investeren in de economie van Oldenzaal, met als doel om mensen in de Oldenzaal zo dicht mogelijk bij huis te laten werken. Wij willen geen frame om Oldenzaal heen bouwen, een frame in de vorm van een muur.

Wij willen het frame hebben dat Oldenzaalders dicht bij huis werk kunnen vinden en op het moment dat er ongelooflijk veel werkgelegenheid is in Oldenzaal, maar dat nauwelijks gebruikt wordt door de Oldenzaalse werknemers, is de werkgelegenheid in Oldenzaal niet efficiënt. Ik heb het vermoeden, voorzitter, dat er een interruptie op mij ligt te wachten, maar het is aan u om mij het woord te ontnemen. De voorzitter: Maar u bouwt een mooie natuurlijke interruptie in. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Allereerst een belangstellende vraag. Waarom wil de heer Van der Waal dat hij, dat alle Oldenzaalse inwoners in Oldenzaal zouden moeten werken? In zijn voorgaande betoog heeft hij het over geluk van alle Oldenzaalse inwoners. Met alle respect, maar als ons als inwoners -7-

gedwongen wordt om in Oldenzaal te moeten werken, ondanks dat we hier heel veel hele mooie bedrijven hebben, maar als ik daartoe word gedwongen, dan bevordert dat niet mijn geluk. En zeker als we gaan kijken dat mensen dus mogen wel studeren, want D66 is toch de onderwijspartij, dus mensen mogen allemaal studeren, dat mag dan wel buiten Oldenzaal, of moeten we ook een University of Oldenzaal gaan creëren? De voorzitter: De heer Mekenkamp. Excuus, de heer Van der Waal. U heeft helemaal gelijk. En dat op dit tijdstip. De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Ik juich een University of Oldenzaal van harte toe, maar dat is zeker niet mijn oproep. Dat zou buiten de begroting vallen, denk ik. Ik denk dat wij bijdragen aan het geluk van de Oldenzaalse werknemer op het moment dat die niet zijn kostbare tijd hoeft te steken in reistijd van zijn woning naar de werkgever. Ik hou niet tegen dat Oldenzaalse werknemers buiten Oldenzaal gaan werken, maar ik vind dat de Oldenzaalse werknemer ook de gelegenheid moet hebben. Om dicht bij huis goede werkgelegenheid te hebben. En de cijfers laten zien dat dat op dit moment niet het geval is. Dus het is niet mijn schuld. Ik wil ook geen frame om Oldenzaal heen bouwen, ik wil een open Oldenzaal, maar vooral ook binnen dat open Oldenzaal, Oldenzaalders werk vinden.

De voorzitter: Dan ga ik nu naar de heer Snijders, want volgens mij de heer Snijders gaf ook aan een interruptie te willen plaatsen. Dus die gelegenheid krijgt u van mij, de heer Snijders. De heer Snijders: Ik wilde even reageren op het muurtje van de heer Mekelenkamp. Volgens mij hebben we met wonen ook een keer iets gezegd over voordeel voor alleen maar inwoners van Oldenzaal, dan bouw je ook een muurtje om Oldenzaal heen. Ik meen dat het van de VVD kwam. De voorzitter: Ik zie de Mekelenkamp niet willen reageren, dus ik ga verder met de heer Van der Waal. U mag uw betoog verder afmaken. De heer Van der Waal: Voorzitter. Ik maak eerst de alinea af. D66 vindt dan ook dat aandacht moet worden gegeven aan geschikte werkgelegenheid voor Oldenzaalse werknemers. En dat doe ik even als tussendoor, niet als dwang voor Oldenzaalse werknemers, maar als mogelijkheid zodat Oldenzaalse werknemers kunnen kiezen. En dan is mijn vraag. Natuurlijk kan de wethouder aangeven aandacht te hebben en te gaan geven voor werkgelegenheid voor de Oldenzaalse inwoners. Een volgend blokje, voorzitter, gaat over woningen en woonwagens. Het bestemmingsplan Gravenbeek met plannen voor 200 woningen is in november 2023 dus nu 2 jaar geleden door de raad goedgekeurd. Het terrein is op dit moment volledig bouwrijp gemaakt en er wordt gebouwd op welgeteld 4 met name grote kavels.

Waar blijven de andere beloofde woningen en waar blijven de beloofde woonwagens op Gravenbeek? En kan het college er bij de WBO op aandringen deze zo snel mogelijk te plaatsen? D66 ziet namelijk hierin het voordeel dat als gevolg hiervan snel weer 6 Oldenzaalse woningen voor anderen, ook Oldenzaalse inwoners, vrijkomen. Verder vraagt D66 het college natuurlijk waarom slechts 4 huizen op dit moment in aanbouw zijn, terwijl verder geen activiteiten worden waargenomen op Gravenbeek? Het bestemmingsplan Stakenbeek is tweeëneenhalf jaar geleden in juni 2023 door de raad goedgekeurd. Volgens de begroting moet de grond nog bouwrijp worden gemaakt en dit lijkt nu te worden uitgevoerd. Het is daar een rommeltje, maar dat is een onderdeel van het werk. Waarom … Sorry, excuus. Wanneer worden hier de eerste woningen gebouwd? Als vraag. Dan het vierde onderwerp wat ik aan de orde wil stellen. De mogelijke opvang van asielzoekers op basis van de spreidingswet is in Oldenzaal niet van de grond gekomen. De taakstelling voor statushouders wordt gehaald. Ook wordt voor Oekraïners voortdurend met succes gewerkt aan hun opvang. Dat hebben we vandaag ook nog in de krant gelezen en hulde -8-

daarvoor. Voor asielzoekers blijft elke ontwikkeling uit. Aan het begin van het jaar werd de coördinatie voor de opvang van asielzoekers in Twente overgelaten aan de Regietafel Twente en sinds die tijd is het oorverdovend stil. Kan de wethouder aangeven welke inspanning Oldenzaal binnen de Regietafel heeft verricht of voorgesteld en welke ontwikkelingen voor de opvang van asielzoekers te melden zijn? Voorzitter, het laatste onderwerp. Op 30 september is volgens mijn informatie de Participatiewet in balans aangenomen door de Eerste Kamer en daarmee in werking getreden. In februari van dit jaar hebben D66 en de VVD gezamenlijk een motie ingediend die door de raad, tegen het advies van de wethouder, is verworpen, omdat de raad eerst de nieuwe wet wilde afwachten. Die wet is er nu, dus Oldenzaal kan aan de slag. Kan de wethouder aangeven in hoeverre Oldenzaal bezig is te verkennen hoe de hulp aan mensen met financiële problemen, op basis van de nieuwe wet kan worden verbeterd en hoe wordt de raad hierover ingelicht? Voorzitter, ik sluit af met mijn laatste zin. D66 geeft niet alleen om Oldenzaal, D66 geeft nog meer om de inwoners van Oldenzaal. Het gaat niet om de stad, het gaat om de mensen, onze medemensen. Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie de heer Bouwman nog een interruptie willen plaatsen. Die gelegenheid krijgt die natuurlijk van mij, de heer Bouwman.

De heer Bouwman: Dank u wel. Ik wil toch even over het amendement nog even hebben, want enerzijds snap ik uw bedoeling om dit op deze manier dan in te dienen. Maar u gaat dan driehonderdduizend euro aan bestaande regelingen toevoegen, maar is dat niet een beetje vaag en onduidelijk voor de mensen die met die regeling moeten werken? Want je gaat dan een paar honderd, of honderdduizend euro aan die regeling en vijftigduizend … Zijn die mensen daar daadwerkelijk in de praktijk mee geholpen, vraag ik mij af. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter. We hebben gezien in de lijst van bezuinigingen die vorig jaar is aangenomen en die in mijn ogen, de ogen van D66 dit jaar niet zo nodig zijn in verband met het extra geld van het Rijk verkregen, dat het gaat om budgetten vanaf 25 duizend euro, via 50 duizend naar honderdduizend. Als ik denk aan dat soort projecten kan je daarvoor driehonderdduizend heel veel doen. Dus ja, dit kan impact hebben. De voorzitter: De heer Bouwman en ik heb ook de heer Mekelenkamp gezien, eerst de heer Bouwman.

De heer Bouwman: Ja, maar ik vraag me dan toch af of, heeft ze dit bijvoorbeeld getoetst in het werkveld of mensen hier meer de voeten kunnen? Kijk, want geld is natuurlijk altijd mooi, maar mensen in de praktijk moeten natuurlijk wel weten of een idee hebben als zij bijvoorbeeld 25 duizend euro krijgen dat ze daar ook direct iets concreets mee kunnen doen. Wellicht kunt u daar een antwoord op geven. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Ik heb dat niet gedaan volgens de methode die u voorstelt, suggereert, is een beetje negatief dus voorstelt. Ik weet wel dat een organisatie als Kaliber gedwongen is een goedlopend project in te trekken op basis van de bestaande bezuiniging. Dingen. Dat zou op basis hiervan door kunnen gaan. Ik weet dat er behoefte is aan begeleiding van jongeren in ZuidBerghuizen. Op basis daarvan heeft de VVD een aantal raadvergaderingen hiervoor vragen gesteld. Daar kunnen begeleidingsprojecten voor worden opgezet. Dat zijn niet bestaande projecten, die

-9-

kunnen hiervan worden bekostigd. En er zijn ongetwijfeld meer projecten die hiermee bekostigd kunnen worden. Nogmaals dit is een bedrag wat ik aan het project preventie of aan het onderdeel preventie wil toekennen in de hoop en verwachting dat het geld ruimschoots terugkomt en daarmee de helft van de begroting wat aan Sociaal Domein wordt uitgegeven, dat dat veel minder dan de helft gaat worden. De voorzitter: De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, dan heb ik goed nieuws voor de heer Van der Waal, want dan is de motie overbodig. Want in Berghuizen lopen er al projecten, dus voor Berghuizen is dat geld in ieder geval niet nodig. Alleen ik ben wel een beetje op zoek, want is dit … En de heer Van der Waal weet dat ik van het eerlijke verhaal hou, dus ik vraag hem ook een eerlijk antwoord. Is dit niet een verkapte manier om de bezuinigingen die vorig jaar door de meerderheid van deze raad zijn vastgesteld, om die gewoon terug te draaien? De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Als het al is, voorzitter, dan is dat een zeer selectieve poging om bezuinigingen terug te draaien. Een van de bezuinigingen in de lijst van, zoals dat door deze kenners van de raad bekend is als spoor drie, was bezuinigen door vermindering van de schoonmaakfrequentie van het stadhuis.

Die bezuiniging wil ik niet terugdraaien deze bezuiniging of deze, excuus, dit extra bedrag moet volledig ten goede komen aan het welzijn van de Oldenzaalder, de behoeftige Oldenzaalder die behoefte heeft aan preventieve maatregelen. De voorzitter: Nog een keer nog een keer de heer Mekelenkamp en dan wil ik doorgaan met de volgende rij. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter. Ik ga afronden, want de heer Van der Waal die schijnt een magic touch te hebben ontwikkeld. Hij heeft een gevoel in ieder geval dat alles wat we de afgelopen jaren aan preventie hebben gedaan, waarvan meer portefeuillehouders hebben aangegeven dat het heel moeilijk meetbaar is dat we daar niet op lange termijn de effecten van kunnen meten en kunnen bekijken, daarvan denkt hij met deze motie we gaan dit geld, die drie ton, gaan we alleen maar inzetten voor projecten die renderen dus die geld op gaan leveren. In welke zin denkt de heer Van der Waal dat te kunnen realiseren? De voorzitter: De heer Van der Waal, tot slot. De heer Van der Waal: Voorzitter. Ik zeg niet met zekerheid dat het geld terugkomt. De projecten kunnen door het college worden toegekend op basis van een hoge mate van waarschijnlijkheid van renderen van de uitgaven. Ik wil hierbij een vergelijking maken met het onderhoud van huizen, onderhoud van auto's.

Laat je dat onderhoud achterwege, dan weet je zeker dat je daarna de kosten in veelvoud terugkrijgt. En op het moment dat je stopt met het onderhouden van je auto. Op basis van de honderdduizend kilometer beurt, de jaarlijkse beurt of wat gebeurt dan ook? Dan weet je dat de auto versneld in elkaar zakt, waardoor je uitgaven groter worden. In dat licht wil ik deze drie ton zien. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga nog even naar de heer Snijders en dan kijk ik of we tot een afronding kunnen komen. De heer Snijders. De heer Snijders: Ik neem vast een voorschotje op mijn bijdrage. Dat gaat mooi niet van meer tijd af. In het (…) van Sociaal Domein hebben we ingestoken op preventie. Ik kan me eigenlijk niet -10-

herinneren dat vier jaar geleden VVD ertegen was, omdat preventie zo moeilijk te bewijzen is. Waarom zit je nu dan zo te akkeren op dat het niet te bewijzen is en dat we het eigenlijk niet moeten doen? U bent nu veranderd van mening. De voorzitter: Ik neem aan dat dit een vraag is aan de heer Mekelenkamp. De heer Snijders: Ja. De voorzitter: De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, wij zijn daar zeker niet in veranderd van mening. Sterker nog, preventie is goed als het doelmatig is. Als wij voor verschillende groepen in Oldenzaal van allerlei preventieve maatregelen nemen dan zeker is preventie zeker doelmatig, maar het feit dat wij niet de impact van preventie kunnen meten en wel gelden willen gaan investeren in de stad op basis van de verwachte impact. Dat rijmt niet in mijn ogen, oren. De voorzitter: Nog een keer, de heer Snijders, u krijgt zo meteen nog genoeg gelegenheid, want dan is de heer Mekelenkamp en bent u zelf ook nog aan zet. Nog een keer de heer Snijders. De heer Snijders: ‘…’ was warm. Het is waar dat preventie moeilijk is aan te tonen, maar investeringen in de binnenstad zijn ook heel moeilijk aan te tonen en daar heeft u als VVD nooit moeite mee. De voorzitter: Goed. Ik zie de heer Mekenkamp rustig zitten. De heer Van der Waal, volgens mij bent u tot een einde gekomen van uw eerste termijn en dat betekent dat ik naar de CDA kan gaan. c.

CDA

De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, in juli 2025 heeft deze raad de kadernota 2026 besproken en vastgesteld. De huidige begroting is wat ons betreft een logische, duidelijke en concrete uitwerking van de kadernota. Het CDA Hart voor Oldenzaal zal dan ook met het voorstel instemmen. Door de extra financiële middelen van het Rijk hebben we noodzakelijke ingrepen gelukkig in de tijd kunnen faseren door in een aantal jaren af te bouwen. Nog steeds de ‘…’ een ravijnjaar, nu in 2028. Wat ons betreft dus geen ruimte om de genomen maatregelen verder te verzachten of de algemene reserve aan te spreken met alles wat ons nog te wachten staat, zoals forse investeringen, en mogelijke incidentele bijkomende kosten kunnen we die in de toekomst nog hard nodig hebben. Daarnaast biedt dit ruimte voor de nieuwe raad en het nieuwe college. Na de verkiezingen in maart 2026. Een lobby samen met de VNG voor structureel extra middelen verdient natuurlijk onze steun. Het is afwachten welk perspectief een nieuw kabinet ons gaat bieden. Dan is het Sociaal Domein nog steeds veruit onze grootste kostenpost en alleen daarom vraagt het al om aandacht. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Kramer. De heer Kramer. De heer Kramer: Dank u wel, voorzitter.

Ik hoor de heer Maartens zeggen, we willen geen nieuw beleid en we willen graag vrij baan geven voor de volgende gemeenteraad en het volgende college. Maar dan vraag ik me af wat zijn we hier dan aan het doen als we dat willen?

-11-

De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Ik heb niet helemaal duidelijk wat de heer Kramer bedoelt met wat zijn we hier al aan het doen? Volgens mij zeg ik heel duidelijk dat ik vind dat we dat we, of dat wij vinden dat wij datgene wat we in juli hebben ingezet gewoon moeten vasthouden. De voorzitter: Toen viel een stilte. Ik kijk even naar de heer Kramer, anders ga ik naar de heer Bouwman, de heer Kramer. De heer Kramer: Misschien dat ik hem iets duidelijker moet stellen. Want als we per definitie zeggen, de eerstvolgende begrotingsbehandeling voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen is per definitie niet nodig, omdat we vrij baan willen geven aan de volgende raadsleden die hier plaats gaan nemen. Waarom schaffen we dit debat dan niet gewoon af? De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Ik zou niet weten welk antwoord ik daarop moet geven, het is geen vraag aan mij, lijkt mij. De voorzitter: U gaat over uw antwoord. Ik zie de heer Bouwman. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel. Onze fractie wil zich aansluiten bij de woorden van een Partij van de Arbeid. Wij verbazen ons hooglijk dat hier iedere keer wat gezegd dat wij, op dit moment in november, eigenlijk al vanaf oktober dat dit stuk onze kant op komt, dus zes maanden voor de verkiezingen, dat partijen zeggen, we gaan hier niks meer van vinden, want we willen ruimte geven aan de volgende raad.

Want we willen dan niet over ons graf regeren en dat soort uitspraken. Maar dat houdt dus in dat we zes maanden eigenlijk gewoon nu op onze handen gaan zitten en voor de rest niks meer gaan vinden. Als we dit over een periode van veertig jaar gaan zien, hebben we dus vijf jaar een inactieve raad. Dus ik begrijp eerlijk gezegd niet zo goed, we zijn voor vier jaar gekozen in deze raad en niet van drieënhalf dus laten we gewoonlijk tot maat onze inbreng doen. De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Volgens mij heb ik niet gezegd dat wij niks mogen vinden. Volgens mij heb ik gezegd dat wij geen ruimte, dat wij vinden dat er nu geen ruimte is om genomen maatregelen verder te verzachten of de algemene reserve verder aan te spreken. Met als argument forse investeren in mogelijk incidentele bijkomende kosten en een tweede punt, wat mij betreft van mindere waarde, maar er is inderdaad een nieuwe raad binnen nu en vier, vijf maanden. De voorzitter: De heer Van der Waal. En dan gaat u vervolgens verder met uw betoog, maar de heer Van der Waal nog eerst. De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter, dank u wel. We hebben het hier over de begroting 2026 en de begroting van 2026 kan niet worden vastgesteld door de nieuwe raad, want die is er nog niet. De nieuwe raad zal zich ook vervolgens moeten inwerken en daarna kunnen zij, nieuw beleid vaststellen.

Sterker nog in de Voorjaarsnota kunnen ze al besluiten van onze begroting terugdraaien, veranderen en wat ze er ook mee willen doen. Dat is één ding. Een ander ding is dat ‘sedert ….’het vaststellen van de kadernota wat ik schoorvoetend heb ingestemd, maar in september heb ik die instemming weer ingetrokken. De omstandigheden zijn veranderd want wij dachten dat komend jaar het ernstige ravijnjaar daar zou zijn. Het Rijk is met extra geld over de brug gekomen en daar kunnen wij wat van -12-

vinden, daar kunnen wij wat mee doen. Wat denkt u daarmee te doen? Ik had de vraag eigenlijk ook aan de WG willen stellen. Maar toen was ik even achterstallig. De voorzitter: Dat kan. De heer Maartens. De heer Maartens: U vraagt mij wat ik, wat wij zouden moeten doen met extra geld wat het Rijk ons gegeven heeft voor de voor 2026, laat ik het maar zo zeggen. Daar heb ik duidelijk geen mening over gegeven. Ga ik ook niet doen op dit moment. Want waarom, misschien de tegenvraag aan u, waarom moeten wij per se dat extra geld nu in 2026 uitgeven Dat is mij niet duidelijk. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter. Daar is geen moeten voor, maar er is wel een moeten voor de mening daarover. En u beroept zich slechts op de kadernota. Na de kadernota zijn de omstandigheden veranderd. En daar mag je op reageren. Wat is de reactie van u op de veranderingen zijnde de kadernota? De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Dat wij nog steeds staan achter datgene wat in de kadernota besloten is. Helderder kan ik het niet zeggen, denk ik, op dit moment. De voorzitter: Ik heb het idee dat we nu in een cirkeltje aan lopen zijn. Ik zou zeggen, de heer Maartens, gaat u verder. De heer Maartens: Ik was begonnen met het Sociaal Domein en de grootste kostenpost.

Wij hebben vanuit het CDA, gesprekken gehad met aanbieders van sociaal werk en preventie tot en met zware geïndiceerde zorg, over de toekomst van zorg in Oldenzaal. En we krijgen van u te horen dat we op de goede weg zijn. Onderlinge samenwerking bij de zorgaanbieders over de eigen grenzen heen en samenwerking met de gemeenten lopen goed. Aandachtspunt blijft volgens hen, de realisatie van het Sociaal Plein waar onze drempel, waar onze inwoners zonder drempel terechtkunnen en waar integraal samenwerken en oplossingen realiseren heel gewoon is. Daar kan ik duidelijk over zijn. Het wordt tijd dat we op dit dossier gewoon luisteren naar onze inwoners. Ze hebben duidelijk aangegeven dat die voorziening separaat gehuisvest moet worden. En gemakkelijk toegankelijk, los van het stadhuis, de inwendige vorm van het gebouw van de voormalige bibliotheek maakt het mogelijk daar een echt plein te organiseren. Een mooie entree voor partners die daar hun bijdrage leveren om Oldenzaalders integraal te kunnen ondersteunen. Dat is precies wat we nodig hebben. Belang daarvan en locatie worden door de aanbieders onderschreven. De voorzitter: Voordat u verdergaat na het volgende onderwerp, ik zag mevrouw Berger als eerste. Mevrouw Berger per interruptie. Mevrouw Berger: Dank u wel, voorzitter.

Ik denk dat CDA met andere inwoners heeft gesproken dan Solidair Oldenzaal, want de inwoners die wij hebben gesproken, zien graag dat het een integraal project wordt. Die vraag hebben wij ook neergelegd bij het college om dit te onderzoeken. Misschien doelt u op het dossier van het stadhuis, waarin een onderzoek is gedaan naar de hoge drempel die men ervaart als het stadhuis binnenkomt. Dat is voornamelijk de ontzettend grote balie die wij hier hebben. En in het nieuwe ontwerp van het stadhuis is die balie tot mijn verbazing nog veel groter ontworpen. Dus dat wekt mij vragen. Er is niet onderzocht als wij de ingang aan de achterkant, de ingang van het Sociaal Plein aan de achterkant van het stadhuis doen. Laten we zeggen daar waar -13-

onze kantine nou is, dat zit praktisch naast het Michgoriushuis, dan kunnen we die drempel weghalen. Dus wij willen hier, onze fractie, niet onze steun bijdragen en wij hopen nog wel op een toezegging van het college dat het onderzoek gewoon doorgaat, zoals de heer Yildirim het ook uitsprak in zijn bijdrage. De voorzitter: Volgens mij hoor ik nu geen interruptie of vraag richting de heer Maartens. Gaat uw gang voor een volgende keer. Mevrouw Berger: U heeft helemaal gelijk. Ik hoor graag hoe de heer Maartens hierover denkt. De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: De heer Maartens denkt hierover van alles, maar die gaat nu niks zeggen over het stadhuis, de vleugel hiernaast. Ik heb ik heb alleen iets gezegd, ik heb gesproken met zorgaanbieders en die zorgaanbieders geven ons een signaal af. En die zorgaanbieders zijn mensen die zorgen voor onze inwoners. En wat ik vind over een stadhuis en een vleugel en alles wat daarmee samenhangt, volgens mij loopt daar een onderzoek naar. Dat zei mijn heer Yildirim net ook al en dat komt binnenkort aan de orde, ga ik vanuit. Dus daar vind ik nu helemaal niets van. De voorzitter: Dank u wel, dan ga ik naar de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter. Ik sluit me helemaal aan bij de woorden van mevrouw Berger.

Laten wij vooral wat de WG al aangaf, wachten op de mogelijke bestemming van de ‘af te stoten’ vleugel en daar het alternatief om daar een sociaal plan onder te brengen, vooral meenemen. Ik begrijp dat de heer Maartens star wil vasthouden aan een besluit wat half genomen is. Maar laten we alle opties openhouden in het belang van al onze inwoners. De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Voorzitter. Volgens mij sluit ik geen enkele optie af. Volgens mij heb ik alleen gezegd dat inwoners ons een signaal hebben afgegeven. Dat we daar in ieder geval naar moeten luisteren. En wat u daarvan vindt, dat hoor ik dan graag in de toekomst bij de discussie over stadhuis, vleugel en Sociaal Plein. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Maartens: Ik ga de stap zetten naar wonen. De politieke avond daarover is helaas niet doorgegaan en kan pas later worden ingepland. Maar de nood op de woningmarkt is en blijft hoog. Voor zover we dat al niet wisten bleek dat nog een keer extra uit onze contacten met makelaars en WBO wonen. Van het sociaal werk komt onder andere het signaal dat gescheiden als ouders vaak, te vaak met hun kinderen op een adres moeten blijven wonen, omdat er geen andere oplossing is met alle problemen van dien. Onze vraag om aan de gang te gaan om bestaande woningen te splitsen in twee of meer zelfstandige woonunits blijft dat ook rechtovereind.

Hopelijk geeft de politieke avond daarop, over wonen daar dan ook een invulling aan. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Van der Waal. De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter. Ik hoop hetzelfde wat de heer Maartens in zijn laatste zin aangaf. Mijn vraag aan hem is, zou hij ook enthousiast zijn over de plaatsing van tijdelijke woningen zo

-14-

eenvoudig als dat het noodzakelijk is om de probleemgevallen als gescheiden ouders tijdelijk te onder te brengen. De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: In zijn algemeenheid denk ik niet dat wij voorstander zijn van tijdelijke woningen. Bouw maar gewoon en wel voldoende. Ik denk dat dat een algemene opmerking is. De voorzitter: De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Hele korte vraag, blijft uw mening zo ook wanneer dit een snelle oplossing is voor wat u terecht aangeeft als ernstige gevallen? De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Ik ben er in ieder geval niet van overtuigd dat een snelle oplossing is en misschien ook helemaal geen goede oplossing. Daarvoor zou ik meer moeten weten, meer onderzoek moeten doen, dus ik kan daar geen ja of nee op zeggen. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Maartens: De binnenstad, ‘Stadsnoabers’, Oldenzaal promotie doen goed werk. De ontwikkelingen zijn wat ons betreft positief als het gaat om sfeer, uitstraling en bezoekersaantallen. We hebben nog twee vragen. Hoe staat het met de realisatie van extra blauwe parkeerplaatsen om kort parkeren te faciliteren? Dat is enige tijd geleden toch al aan de orde geweest, we zien nog geen stappen.

En naar ons aanleveren van onze schriftelijke vragen zou er gewerkt worden aan speelvoorzieningen in de binnenstad, voor kinderen en dus ook ouders om de leefbaarheid en levendigheid in de stad te bevorderen. Hoe zijn de ontwikkelingen daarin? En dan tot afsluiting, tot zover onze bijdrage voor de laatste begroting van deze raad, in dit college. Zoals eerder aangegeven, zullen wij ermee instemmen. We dienen geen amendementen of moties in. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie nog twee interrupties. De heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter, over de binnenstad, dat heb ik in mijn inbreng niet genoemd. Is de heer Maartens net zo nieuwsgierig als ik dat ben? Over de besteding van de gelden die aan de binnenstad aan het begin van deze raadsperiode zijn toegekend. De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: In zijn algemeenheid denk ik dat ik wat minder nieuwsgierig ben dan u. Als het gaat om dat soort dingen. Laat ik daarmee beginnen. Maar natuurlijk wil ik graag weten … Waar geld naartoe gaat, dat weet ik, maar wat je ermee bereikt? Natuurlijk wil ik dat ook graag weten. Geldt overigens niet alleen voor dit onderwerp, maar voor veel meer onderwerpen. Die we hier vaker met elkaar bespreken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bouwman ook. De heer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel.

De heer Maartsens die geeft in het begin van zijn betoog aan dat hij geen gebruik wil maken van incidentele middelen uit de algemene reserve, omdat er forse investeringen worden gedaan op dit moment en incidentele bijkomende kosten wellicht hard nodig -15-

zijn in de toekomst. Daarmee trek ik toch eigenlijk tot de conclusie dat deze stad zo'n beetje financieel op slot zit als het gaat om nieuwe, initiatiefrijke ideeën die vanuit ons raad of onze inwoners komen. Deelt u die conclusie? De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Lijkt me niet. We hebben een begroting van meer dan honderd, ruim over de honderd miljoen, volgens mij zit er dan niks financieel op slot. d.

GroenLinks

De voorzitter: Goed. Dan ga ik door en dan ga ik naar de fractie van GroenLinks, de heer Snijders. De heer Snijders: Hij doet het. Voorzitter, de programmabegroting is weer een prima uitwerking van de kadernota, maar omdat GroenLinks vanwege bezuiniging op preventie in juli tegen de kadernota heeft gestemd, zullen wij ook tegen deze programmabegroting stemmen. Het is de laatste programmabegroting van deze regeerperiode. Dus leek het ons een goed moment om deze controlerende taak dit keer te gebruiken om te kijken wat we als raad ervan gebakken hebben. En dan pik ik één ding eruit, preventie. Voor vertrouwen moet je doen wat je belooft of, als je afwijkt van je belofte, moet je daar een goede reden voor opgeven. Naar mijn idee doen we dat niet. Als raad hebben we na veel gezeur over knopjes van het Sociaal Domein … Hij gaat steeds harder. Masterplan Sociaal Domein opgesteld en in dat plan zeggen we in te zetten op preventie. En dat vermelden we steeds weer in allerlei documenten. Inzet op preventie. Helaas vermelden we niet duidelijk wat dat is. Nou heb ik zoals u dat van mij gewend bent iets meegenomen om het makkelijker te maken voor de wethouder. Deze preventie in een simpele vorm. Alstublieft. Als je dit op het Sociaal Plein zit dan doen we ieder geval alweer wat meer aan preventie. Maar zo eenvoudig is het natuurlijk niet.

Geïnspireerd door allerlei bezuinigen op preventie, zelfs op preventie waarvan we hebben aangegeven dat het werkt, ben ik gaan zoeken. Ik heb het college gevraagd wat wij als gemeente uitgeven aan preventie en die cijfers heb ik gekregen. En dat wil ik graag met u delen. En nu is het moment dat ik een plaatje … Zo, dan ben ik mooi weg. Ik sta er nog. Dit zijn de, is niet heel moeilijk hoor, dit komt uit het huishoudboekje van de programmabegroting van 2020. Dat is namelijk het jaar voor het masterplan tot en met de voorliggende begroting. Geel lijntje totale uitgaven die stijgen en het blauwe lijntje is Sociaal Domein uitgaven die stijgen ook, maar iets minder gelukkig. Maar goed, dit is een beetje om de context aan te geven. Nu wordt hij iets spannender. Dan gaan we namelijk naar het tweede plaatje, hoop ik. De voorzitter: Dat is een mooi moment om interruptie te hebben van de heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter. Ik zou toch graag nog het eerste plaatje even bij willen houden. De voorzitter: Dan vragen we even aan de regie of dat kan? De heer Mekelenkamp: Want ik zei het al tegen de heer Van der Waal. Ik hou van het eerlijke verhaal en de heer Sneijders presenteert hier namelijk niet het eerlijke verhaal, in ieder geval hij presenteert wel het eerlijke verhaal, maar hij presenteert het op een niet eerlijke manier.

Als de mensen namelijk thuis kijken, de mensen ook hier in de zaal kijken, zien ze dat de y-as op veertig miljoen euro begint. Als de heer Snijders de y-as op nul euro had laten beginnen, had iedereen hier gewoon kunnen zien dat de totale uitgaven van preventie, van ons als gemeente, bijna vijftig procent zijn. Dus als we met plaatjes hier in de raadszaal gaan lopen toveren, laten we dan wel de eerlijke plaatjes vertellen. -16-

De voorzitter: De heer Snijders. De heer Snijders: Ik ben me niet bewust van dat het een oneerlijk plaatje is, maar u hebt gelijk het had de nul-as kunnen zijn, maar ik heb gebruikgemaakt van een digitale assistent en die heeft dat zo gepresenteerd en dat vond ik prima. De voorzitter: De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Ik richt me niet tot de heer Snijders, ik richt me tot de portefeuillehouder. Als de heer Snijders mogelijk in maart, of in april afscheid gaat nemen, 21 maart afscheid gaat nemen, heb ik wel een suggestie voor een boek van hem. How to lie with data, van Alberto Cairo. De heer Snijders: Ik wil hem wel eerder krijgen als dat kan. De voorzitter: Knopen we in onze oren. De heer Snijders: Het mag eerder. Ik ben net jarig geweest dus misschien kan het alsnog. Het tweede plaatje is wat interessanter. Nou die is eerlijker, denk ik. Daar hoort dus een nulletje te staan. Wederom de uitgaven van, nee niet wederom, dit komt wederom uit het huishoudboekje. Dat wil zeggen de gele lijn, want dat zijn de uitgaven Sociaal Domein. Het blauwe lijntje, dat is een opgave die ik gekregen heb van de portefeuillehouder. Het rode stippellijntje is geïndexeerd op basis van 2020, dat is het jaar voor het masterplan Sociaal Domein. En dan zien we eigenlijk dat de uitgaven in de preventie net nog met de inflatie bijhoudt. Dus er komt eigenlijk geen geld bij.

Nou is mij ook gezegd dat dit plaatje een beetje vertekent, omdat die cijfers, dat zijn gesaldeerde cijfers, dat betekent als we honderdduizend euro uitgeven aan preventie A en we krijgen honderdduizend euro voor preventie A, even kijken of daar iemand zit die dat … Die zijn er niet, dat is jammer, maar dan komt dat op nul en dan zie je dat niet terug in de uitgaven. Maar goed dat was feitelijk in 2020 ook al zo en als wij zeggen van, we steken in op preventie dan moeten vind ik ook iets meer insteken dan alleen maar dat wordt het Rijk vergoed. Wat opvalt, althans dat hoop ik, is dat de inzet op preventie sinds 2020 vergeleken met de inflatie, 3 procent heb ik aangehouden dus ongeveer de inflatie, beetje conservatief volgens wat ik ervan begrepen heb, het gemeentefonds. Dan komen we niet boven de inflatie uit. Dus dat hebben we eigenlijk niet eens meer uitgegeven. En als je kijkt naar onderdeel van het Sociaal Domein, dat is dat rare groene lijntje. Loopt niet heel mooi, maar we zien wel dat het afneemt. Dan gaan we van 12,8 procent naar 10,2 procent. Dus we geven eigenlijk in verhouding tot het totaal Sociaal Domein, minder uit. We beloven dus dat we inzetten op preventie, maar als ik deze cijfers zo kijk, dan suggereert dat iets anders.

Het is een heel complex verhaal, maar goed, ik ben wel een eenvoudig raadslid en dit is wat ik boven water kan krijgen in een redelijke tijd. En dit zet mij aan denken en dat wordt bevestigd door het onderzoek wat de Rekenkamer heeft gedaan van het Sociaal Domein die zet ook twijfels bij of we wel meten wat prestaties zijn en wat we werkelijk doen. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp. De heer Mekelenkamp: Voorzitter, de heer Snijders stelt ten eerste dat wij meer uitgeven aan Sociaal Domein an sich. Dat is een feit, dat feit deel ik met hem. Tegelijkertijd constateert hij dat we minder uitgeven aan preventie als totaal eigenlijk. Moeten wij dan niet juist meer uitgeven aan preventie en minder aan de rest binnen het Sociaal Domein? De voorzitter: De heer Snijders.

-17-

De heer Snijders: Even kijken of ik het nou verdraai. Mijn betoog is eigenlijk dat wij in 2021 hebben afgesproken dat we zouden inzetten op preventie. En als ik kijk naar de uitgaven dan lijkt het erop dat dat niet extra is geweest. We lopen gewoon in de lijn van de uitgaven van 2020. En ik had verwacht, dus als we meer zouden inzetten op preventie, dat we ook meer hadden uitgegeven op preventie. Of we hebben het gewoon veel efficiënter gedaan. Dat kan natuurlijk ook, maar dat kan ik niet zien. Dus dit is wat ik heb en dit is ook mijn zoektocht. Ik probeer hier iets mee te doen en ik denk van hoe kan ik nou beslissingen nemen als ik niet duidelijk heb, dat we op de goede lijn zitten? De voorzitter: Gaat u verder. De heer Snijders: Dank u wel. Het is lastig om aan te tonen dat inzet op preventie werkt maar het is ook lastig aantonen dat het niet werkt. En als je zonder tegenbewijs maatregelen wegbezuinigd, zoals je dat met middelen en de ambities in balans en zelfs al eerder naar het sociaal masterplan hebben gedaan. Dan geef je aan, volgens mij, dat je niet gelooft in preventie. Wat is dan nog de meerwaarde van een sociaal plan wat betreft inzet op preventie. Als we er niet in geloven, vind ik, moeten we het eruit halen en dan zijn we gewoon in sync met wat we beloven en dan worden weer een betrouwbare overheid. Tot slot, voorzitter.

U snapt dat we bij deze bevindingen mee zullen gaan met alle moties en amendementen die betrekking hebben op een grotere inzet op preventie. Veel liever nog had ik een motie ingediend om alle, gezien het ravijnjaar naar achteren is gegaan, aan het college te vragen om een totaaloverzicht van preventiemaatregelen te geven en dan nog eens opnieuw te kijken met het compleet beeld of we nu wel of niet moeten bezuinigen op bijvoorbeeld dingen als Studio15 of Twents zilver. Maar dat werd allemaal veel te complex. Dus ik denk, laat maar, ik stem wel met andere moties mee. Tot zo ver. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie in ieder geval de heer Mekelenkamp en ik kijk nog even voor de zekerheid rond. De heer Mekelenkamp... De heer Mekelenkamp: Voorzitter, ik ben toch een beetje teleurgesteld in de heer Snijders, de heer Snijders heeft een heel mooi gloedvol betoog gehouden. Plaatjes gemaakt, zelfs al met griffier afgestemd hoe we die plaatjes allemaal gaan laten zien. Of het mooie plaatjes zijn, dat is een tweede. Maar slot van het hele verhaal er komt niks van de fractie van GroenLinks, er komt geen motie, er komt geen amendement. Het is achterover hangen en ik ga wel met de rest mee. Ik had, zeker als ik u was geweest, had ik nog iets meer verwacht van, jongens, weet je wat het is? Gas erop. Wij gaan investeren in preventie en we hebben daar ideeën voor, we hebben er plannen voor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16338000/2