04 Transcriptverslag 2025.09.22 Gemeente Oldenzaal Gemeenteraad
Tekst van het document
De voorzitter: Misschien nog even een reactie van uw voorzitter. Ik snap dat we in de volksmond het woord ‘aanhouden’ gebruiken. Maar eigenlijk kan dat niet. Het is dan intrekken. En u heeft dan dezelfde mogelijkheid om hem alsnog in te brengen op een later moment. Maar ik snap dat u het zo heeft verwoord. Maar volgens mij, want ik zie u instemmend knikken, begrijpen we elkaar goed. Wethouder. De heer Christenhusz: Ik zal proberen ervoor te zorgen dat u dit binnen twee maanden van ons informeert. Want dat betekent, het moet waarschijnlijk uitgezocht worden, een collegevoorstel bij. Ik denk dat we dat via een raadsinfobrief doen. Dat kost even tijd, maar houdt u daar maar rekening mee. De voorzitter: Ik kijk nog eerst even naar de heer Winkelhuis, want dit was een reactie op de heer Winkelhuis en dan kijk ik even rond. Mijnheer Winkelhuis. De heer Winkelhuis: Dat is akkoord, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even rond of er nog anderen zijn. Mijnheer Mekelenkamp, zie ik dat goed? De heer Mekelenkamp: Jazeker, voorzitter. Ik zou wel een beroep met klem willen doen op de portefeuillehouder om niet alleen de motie zoals die voorligt zo mee te nemen, ook gewoon te kijken naar de maatschappelijke impact. Wij willen namelijk in Oldenzaal geen verlengde bouwvak hebben van ongeveer half mei tot en met half oktober.
We willen echt wel in Oldenzaal kunnen blijven bouwen en niet dat dit beperkend gaat zijn. De voorzitter: De wethouder. De heer Christenhusz: Volgens mij heb ik in de eerste deel van de beantwoording dat punt ook al aangekaart. Ook dat zullen we in beeld brengen, wat daar de implicaties van zijn. De voorzitter: Ik even rond. De motie is ingetrokken. c.
SO Motie vreemd oproep tot reflectie proces omgevingsvisie De voorzitter: Dat betekent dat ik door kan gaan naar het volgende onderwerp op de agenda. En dat is inderdaad ook een motie vreemd. Maar dit keer van Solidair Oldenzaal. ‘Oproep tot reflectieproces omgevingsvisie’ en de heer Bouwman. Mijnheer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel, voorzitter. Er is al veel gezegd en geschreven over het proces rondom de omgevingsvisie. Dat er veel dingen fout zijn gegaan, is inmiddels wel duidelijk. En dan kun je twee dingen doen: excuses aanbieden, verbetering beloven en doorgaan of excuses aanbieden, verbetering beloven en uit gaan zoeken hoe de fouten zijn ontstaan. Want alleen dan kun je leren van je fouten, zodat je de volgende keer de fout niet weer gaat maken. En er zijn nogal wat voorbeelden waarbij er echt onderzocht moet worden hoe deze fouten nu kunnen zijn ontstaan. Want als je niet weet wat, waar en waardoor er fouten zijn gemaakt, dan kun je de volgende keer de fout weer maken. Ik denk dat we daar allemaal niet op zitten te wachten. Het zou ook goed zijn om het vertrouwen in de politiek te herstellen en om zelflerend vermogen aan te spreken. Een reflectie laat zien dat je echt wilt dat je de fouten niet meer gaat maken en dat je koste wat kost wilt snappen ook wat je fout hebt gedaan.
Dat is ook onze taak als gemeenteraad, zodat wij met een evaluatieanalyse uiteindelijk ook kaders kunnen meegeven aan de raad. Wat dat ook moge zijn. En een goed teken vorige week bij de politieke avond, dat het college aangaf tot de reflectie over te willen gaan als het
daartoe de opdracht krijgt van ons als gemeenteraad. Vandaar dan ook de motie. “Roept het college op om het proces van de omgevingsvisie te evalueren en daarbij inzichtelijk te maken welke fouten er zijn gemaakt tot aan de terinzagelegging van de ontwerp-omgevingsvisie; te evalueren wat er mis is gegaan in de periode na de terinzagelegging van de ontwerp-omgevingsvisie; een analyse toe te passen op hoe, wanneer en waardoor de gemaakte fouten zijn gemaakt en de raad hierover te informeren; en de raad te informeren op welke wijze geborgd wordt dat de gemaakte fouten niet meer gemaakt gaan worden. En gaat over tot de orde van de dag.” Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond of er vanuit de raad technische vragen zijn. Die zijn er. Mijnheer Nijland. De heer Nijland: Dank, voorzitter. Ik heb een verduidelijkende vraag, voorzitter. Wat de heer Bouwman nog aan extra informatie naar boven wil halen na de reflectiemarathon van afgelopen maandag, die drieënhalf uur heeft geduurd? Daar zijn door het college duidelijk de woorden uitgesproken en ik citeer een beroemd lid van het koninklijk huis: “Sommige dingen waren een beetje dom.” Hoe ziet de heer Bouwman het voor zich? De vraag dat wij eigenlijk het college toestemming geven van, wij komen met de motie en dan kunnen jullie lekker nog een keer reflectie doen. Ik snap de volgorde niet van dat voorstel.
Als u daar duidelijkheid in kunt geven, graag. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond of er nog meer wat technische verduidelijkende vragen zijn. Niet het geval. Dan ga ik naar de heer Bouwman. Mijnheer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel. U noemt het een reflectiemarathon. Maar ik kan ook heel vaak zeggen, ik heb het fout gedaan en ik ga het volgende keer anders doen. Maar ik kan ook zeggen, ik heb het fout gedaan, maar er zijn heel veel fouten gemaakt, ik wil weten hoe die fouten ontstaan zijn in het proces. Hoe komen die fouten in de omgevingsvisie terecht? Hoe komt het kaartje, het foutieve kaartje wat de VVD vorige week benoemde, hoe komt dat in de omgevingsvisie terecht? Hoe kan het zijn dat een burgemeester dat kaartje dan niet goed heeft bekeken? Welk mechanisme zit erachter? Wat is er in die tussentijd misgegaan? Hoe kan het, dat het plan tijdens de vakantieperiode ter inzage is gelegd? Is er dan niemand hier in dit huis die dan zegt, maar wacht even, dit is zo'n gevoelige visie, laten we dit niet in de vakantieperiode ter inzage leggen. Er zijn heel veel stappen in dit huis voordat een stuk richting het college gaat. Er zijn ook nog een aantal stappen dat het vanuit de collegetafel naar de raad gaat en daar is dus blijkbaar niemand geweest in het mechanisme van een proces die heeft gezegd, hier klopt iets niet, hier gaan we wellicht gedoe over krijgen.
Dat lijkt mij heel goed om dat uit te zoeken, zodat wij weten voor de volgende keer, of het nu een omgevingsvisie is of een omgevingsplan of een ander soort visie, dat we die vragen helder hebben en weten waar in het proces en op welk tijdstip en bij welke handelingen die fouten zijn gemaakt. En dat lijkt mij, denk ik, heel goed als wij dat als gemeenteraad die opdracht aan het college geven, zodat we daar zelf ook van kunnen leren, zodat we in de toekomst niet weer een hele zaal vol moeten hebben zitten met bezorgde inwoners die vanuit onvrede hun onvrede moeten kenbaar maken. Dus vandaar deze oproep. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu naar de naar het college, naar de wethouder. Of zie ik nog … Nee, de heer Nijland. Excuus. De heer Nijland: Geen verduidelijkende vraag. Ik denk alleen dat wij de reflectieavond toch op een andere manier hebben ervaren. Wat mij wel opvalt, is dat in uw betoog heel veel aannames zitten die in onze ogen ook een beetje paternalistisch overkomen af en toe. Dus als ik u was, zou ik de motie intrekken en het
reflecteren lekker aan het college laten, daar waar het hoort. Daar lijken ze ons kundig genoeg voor. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bouwman en dan ga ik naar het college toe. Mijnheer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel. Ik ben wel even benieuwd welke aannames u bedoelt. De voorzitter: Ik weet niet of de heer Nijland daar nog op wil reageren? De heer Nijland: Ik zal kort reageren. Maar ik hoor in uw aannames in uw betoog dat ambtenaren iets wel of niet zouden hebben gedaan. Volgens mij zijn wij niet bij alle beraadslagingen geweest aangaande het uitwerpen van dit plan. Dus ik zou daar voorzichtig mee zijn. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Ik dacht dat ik de heer Van der Waal nog zag. Niet? Dan ga ik naar de heer Bouwman tot slot en dan ga ik naar het college. De heer Bouwman: Ik zeg niet dat er ambtenaren zijn die wat fouten hebben gedaan. Ik zeg alleen dat er fouten zijn ontstaan en dat het mij goed lijkt, om dat hele proces te evalueren en kijken waar in het proces deze fouten zijn gemaakt, zodat we bij een volgend proces die fouten niet weer gaan maken. Dat is mijn enige oproep. Lijkt me heel verstandig om het wel te doen, maar goed. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu naar het college toe. De heer Christenhusz. De heer Christenhusz: Dank u wel, voorzitter. Het is net al aan de orde geweest.
Volgens mij hebben wij inderdaad vorige week maandag heel lang met elkaar een debat gevoerd over de totstandkoming van de omgevingsvisie, het ontwerp en wat we ook als college hebben ingetrokken. Het moge duidelijk zijn, dat we daar lering uit willen trekken. We hebben ook toegezegd, dat is de vijfde bullet van de besluitenlijst van de politieke avond, dat het communicatietraject – en dan kun je eigenlijk zien over de volle breedte – dat we dat binnen het college zullen evalueren. We willen die evaluatie ook wel met u als raad delen, zonder nu – en daar wil ik toch wel even een winstwaarschuwing bij gaan geven – dat het een dusdanig uitgebreide rapportage wordt zoals blijkt of neigt in de motie van SO omschreven te zijn. Met de afspraken, toezeggingen die tijdens de politieke avond door ons gemaakt zijn, vinden wij de motie dan ook als college zijnde overbodig. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond of we vanuit de zijde van de raad … En ik kijk allereerst naar de indiener, want dat hebben we zonet ook gedaan. De heer Bouwman voor een reactie en dan ga ik kijken naar andere raadsleden. Mijnheer Bouwman. Mag vanaf uw plek. De heer Bouwman: Dank u wel. Ik vind het heel teleurstellend.
Nota bene, vorige week was het de burgemeester die aangaf dat het bereid was om tot reflectie over te gaan en dat hij daarbij ook nog aangaf, als ik daartoe opdracht krijg van de gemeenteraad. Het lijkt mij niet zo'n hele moeilijke oproep en ik hoop eigenlijk dat deze oproep gewoon gesteund wordt, zodat we gewoon een gedegen analyse en reflectie kunnen toepassen op wat er nu fout is gegaan. Maar ik hoor het vanzelf wel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Van der Waal en dan ga ik gewoon het rijtje langs. Mijnheer Van der Waal. De heer Van der Waal: Voorzitter, ergens in de discussie werd verwezen naar ambtenaren die dingen hebben gedaan. Dat is goed dat ze dingen doen en ze werken ontzettend hard. Maar de verantwoordelijkheid die
afgelegd aan de raad, wordt door het college gedaan en de leden van het college. Ik steun van harte deze motie. Ik had een andere motie voorbereid die op een andere manier nog harder was. Ik was blij dat ik deze motie zag. Ik kreeg hem te laat binnen om mede te ondersteunen. Maar van harte. En ik vraag niet evaluatie van wat de ambtenaren hebben gedaan, maar waar het college missers heeft gemaakt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij zag ik ook de heer Maartens. Mijnheer Maartens. De heer Maartens: Dat klopt, voorzitter. Wat mij betreft meteen een stemverklaring trouwens. En dat begint met: We hebben vorige week een aantal uren hier met elkaar enorm gereflecteerd op wat er allemaal fout gegaan is, hoe het anders zou kunnen. Het college heeft daar een aantal toezeggingen op gedaan. Wat onze partij betreft zijn die toezeggingen voldoende. Nog één opmerking erbij. We kunnen dit proces helemaal ontleden. En elk proces wat we hierna gaan doen, is weer anders dan dit proces. Dus laten we bij elk proces heel zorgvuldig te werk gaan en goed kijken welke stappen we zetten en wat er op dat moment nodig is. Wij zullen dus tegen de motie stemmen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even … Vanuit de PvdA de heer Kramer. De heer Kramer: Ook alvast een stemverklaring, want ook wij erkennen en herkennen dat er fouten zijn gemaakt in het proces rondom de omgevingsvisie.
En die hebben we volgens mij met elkaar ook stevig benoemd en bekritiseert. Tegelijkertijd vinden wij dat het college verantwoordelijkheid heeft genomen. Er zijn excuses gemaakt. Er is beterschap beloofd en de gemeenteraad heeft duidelijke en ferme waarschuwingen afgegeven. Wat onze fractie betreft is daarmee de kous af. Een extra reflectie zoals in deze motie gevraagd wordt, voegt niks toe en leidt slechts tot een herhaling van zetten. Onze aandacht moet nu volgens ons uitgaan naar de inhoud van de omgevingsvisie en het vervolgproces. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even verder. Mijnheer Yildirim. De heer Yildirim: Dank u wel, voorzitter. We hebben de verklaring van de portefeuille gehoord en ook de toezeggingen die vorige week zijn gedaan. Op basis daarvan zouden we toch nog wel even vijf minuten willen schorsen om het te overwegen. De voorzitter: Dan maak ik eerst het rondje af en dan schorsen we vijf minuten. Ik kijk nog even richting de VVD. O excuus, mijnheer Nijland. De heer Nijland: Verder niks toe te voegen. We zullen de motie niet steunen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we zoals verzocht door de fractie van de WG vijf minuten schorsen. [schorsing] De voorzitter: Ik constateer dat iedereen weer aanwezig is, dus ik heropen de vergadering. Ik geef het woord aan de heer Yildirim. Mijnheer Yildirim. De heer Yildirim: Dank u wel, voorzitter.
We zijn even als fractie in overleg gegaan over de nut en noodzaak van de motie, ook op basis van toezeggingen gedaan door de portefeuillehouder. Wat ons betreft zijn toezeggingen van de portefeuillehouder voldoende over de waarom, hoe, wat en vooral dat er ook wordt gedeeld met de raad. Dus daar zullen we dan ook op wachten. Dus dan stemmen wij tegen emotie.
De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij hebben we daarmee alle fracties doorlopen. Ik zie in ieder geval nog de heer Van der Waal, want ik wil dan nu gaan kijken of er nog behoefte is aan een stemverklaring. Maar voordat ik dat doe eerst de heer Van der Waal. De heer Van der Waal: Dank u wel, voorzitter. Ik heb op basis van de discussie en het antwoord een vraag aan de college, in het bijzonder de portefeuillehouder. Heeft de portefeuille niet alleen excuses gemaakt aan de raad, maar ook diepe excuses gemaakt aan de buren, de buurgemeenten? Want dat is een van de problemen die vorige week besproken is. Dank u wel. De voorzitter: Ik ga nog naar de wethouder en dan ga ik over naar kijken of er nog een behoefte is aan een stemverklaring. De wethouder. De heer Christenhusz: Volgens mij, voorzitter, waren dat de gesprekken die we zowel met de gemeente Losser als de gemeente Dinkelland gevoerd hebben. De voorzitter: Goed. Dan kijk ik rond of er behoefte is aan een stemverklaring. Dat is er niet. Dan breng ik de motie nu in stemming. U mag uw stem uitbrengen op de motie vreemd van SO, ‘Instemmen betreffende oproep tot reflectie proces omgevingsvisie’. Ik constateer dat 3 voor en dat betekent dus dat de andere 16 tegengestemd hebben. Daarmee is de motie verworpen. 12. Sluiting De voorzitter: Dat betekent ook dat we aan het eind zijn gekomen van deze raadsvergadering.
Ik wijs u erop dat de volgende raadsvergadering gepland staat op maandag 27 oktober, wederom om halfacht in deze raadszaal. Er is nu gelegenheid om het heuglijke feit te vieren dat we weer een griffier hebben. Dus er is een borrel aan deze zijde, dus bij de collegekamer, om daar samen op te proosten. Ik wens u, mocht u dat niet doen, wel thuis en anders tot de volgende keer.
Vastgesteld in de openbare vergadering van 27 oktober 2025 .
De griffier,
De voorzitter,