04 notulen raad 14-12-2020
Tekst van het document
14 december 2020
notulen gemeenteraad
Gemeenteraad van Oldenzaal Vergadering van 14 december 2020, aanvang 19.30 uur Aanwezig:
de heer P.G. Welman, voorzitter
dames:
M. Ailo-Zaia, J.M. Egbers, N. Nevels-ter Brake, N. Oorthuis, M.E.A. Rödel-Ouwens, P.J.H. Weideveld en J.J. van der Woning
heren:
S.W.I. Ankone, L.J. Gelevert, B.F.E.J. Kosterink, L.T. Lulofs, H.J.M. Maartens, G.F.M. Nijland, W.H. Oosterwijk, K.H. Otter, M.J.E. Oude Remmerink, H.W.M. Snijders, M.R.A. Uitslag, S.H.F. ten Vergert, X.E.N. Visscher, H.H.W. Winkelhuis en M. Yildirim de heer J.H. Brokers, griffier de heer R.G.H. Christenhusz, wethouder mevrouw A.J. Renkema, wethouder mevrouw E.C. Zinkweg-Ankone, wethouder
Afwezig:
J.A.M. Bekke
A(lgemeen) N.b.: door een technische storing is de geluidsopname gestart op 18.50 minuten na aanvang van de vergadering. Derhalve is er geen schriftelijk verslag van dit gedeelte van de vergadering. 1. Opening De voorzitter:
2. Vaststellen agenda De voorzitter:
3. Vragenuur De voorzitter: De heer Ten Vergert: (integrale tekst raadsvragen) Voorzitter. Zoals u weet, heeft het CDA in de raadsvergadering van 25 mei jl. mondelinge vragen gesteld over de overlast bij milieupleintjes en de openingstijden van het afvalbrengpunt. Inmiddels zijn we een half jaar verder, maar kunnen we constateren dat er op beide onderwerpen nog niet zo veel veranderd is. Allereerst de afvaldumpingen bij milieupleintjes. Eigenlijk is er het afgelopen half jaar niet veel gewijzigd op dit vlak. Bij veel milieupleintjes is nog steeds sprake van afvaldumpingen. Afgelopen mei hebben wij u gevraagd om inwoners hier beter over te informeren, bijvoorbeeld door het plaatsen van borden bij de milieupleintjes die aangeven dat het verboden is om afval naast de containers te plaatsen. Daarin hebt u geantwoord dat u dit zou onderzoeken. Inmiddels zijn wij een half jaar verder en hebben we recent als fractie een brief ontvangen van een bezorgde Oldenzaler die een gedumpte matras aantrof bij een milieupleintje in Berghuizen. Hij legt het verzoek neer om camera’s te plaatsen bij milieupleintjes met veel overlast. In mei werd aangegeven dat de inzet van cameratoezicht
1
uitgezocht zou worden. Kunt u ons aangeven wat de stand van zaken is op beide vlakken? Wel bestaat het risico dat het probleem zich dan verplaatst. Kunt u iets zeggen over de mogelijkheden van het inzetten van mobiele camera’s? Dan het volgende punt: de openingstijden van het afvalbrengpunt. In november 2018 heeft onze fractie voor het eerst vragen gesteld over de openingstijden van het afvalbrengpunt in Oldenzaal, omdat wij signalen kregen dat de openingstijden niet aansluiten bij de behoefte van onze inwoners. Met name niet op de zaterdag. U heeft toen het volgende geantwoord: “Ja. Zoals aangegeven nemen we de openingstijden van het afvalbrengpunt mee in het eerstkomende klanttevredenheidsonderzoek in het kader van het nieuwe dienstverleningsconcept. Wij verwachten daarvan medio 2019 een regionaal afgestemd voorstel.” In de raadsvergadering van mei hebben wij u opnieuw vragen gesteld hierover. Toen gaf u aan dat de openingstijden meegenomen zouden worden in het nieuwe dienstverlenersconcept dat eraan zat te komen binnen een half jaar. Nadat onze fractievoorzitter tijdens de raadsbijeenkomst op 21 november heeft aangegeven dat 25 november het half jaar af zou lopen, de termijn waarop de wethouder terug zou komen met resultaten uit een klanttevredenheidsonderzoek waarin de openingstijden zouden worden meegenomen, werd er de daaropvolgende week opeens een vragenlijst uitgedaan.
De toezegging dat er binnen een half jaar duidelijkheid zou zijn over de openingstijden is de wethouder niet nagekomen. Dat de vragenlijst in alle haast is uitgezet is wel duidelijk, want over de kwaliteit van de vragenlijst is nogal wat op te merken. Bijvoorbeeld vraag 6: Hoe ervaart u de openingstijden van het afvalbrengpunt? Daarbij kun je de volgende antwoorden geven: Uitstekend, zeer goed, goed, redelijk, matig. Waarom is dit niet gewoon: Goed, redelijk, matig, slecht? Ook wordt er geen navraag gedaan naar de openingstijden op de zaterdagochtend. Waarom is dit niet het geval? Hoe kijkt u tegen de kwaliteit van de vragenlijst aan en denkt u dat deze een betrouwbaar resultaat geeft? Graag ontvangen wij als fractie de complete data van het uitgezette onderzoek. Ik hoor graag of u deze te zijner tijd kan aanleveren. Daarnaast zijn wij benieuwd wat de vervolgstappen zijn na het onderzoek. Tot zover. De voorzitter: De wethouder. (Start geluidsopname bij webcast 18.50) Wethouder Zinkweg-Ankone: … de resultaten dat u die kon verwachten en die toezegging ben ik niet nagekomen. Daar ben ik me ook heel bewust van. Ik wil ook graag uitleggen waar dat in zat. Het zat onder andere in het feit dat we eigenlijk weer zo’n breed klanttevredenheidsonderzoek wilden uitzetten, maar in juli bleek dat dat klanttevredenheidsonderzoek over ons totale dienstverlening nog niet uitgezet ging worden.
Dus op dat moment hebben wij toch gezegd: nou, dan gaan we een apart klanttevredenheidsonderzoek opzetten, want we kunnen niet wachten op dat grote klanttevredenheidsonderzoek, want dan kan ik niet uw toezegging waarmaken. Vervolgens hebben we dus besloten om dat te gaan doen. Maar u weet ook dat we de afgelopen maanden te maken hebben gehad met heel veel andere zaken op het gebied van afval. Daar bent u onlangs ook over bijgepraat op 21 november. Onze capaciteit is gewoon niet dusdanig dat wij alles in één keer tegelijk kunnen doen. Dus we willen heel graag die toezegging waarmaken, maar we moeten ook kijken waar op dat moment de hoogste prioriteit ligt. Wij hebben dus uiteindelijk besloten dat de tarifering en alles op het gebied van pmd op dat moment meer prioriteit heeft dan het uitzetten van dit klanttevredenheidsonderzoek. Maar neemt niet weg dat we er niet mee bezig waren. Dat waren we zeker wel, alleen niet op de manier zoals u die misschien van ons kunt verwachten. Dus daar in ieder geval mijn visie dat dat later is gekomen dan ik heb toegezegd. Dan ga ik ook direct door over het klanttevredenheidsonderzoek. Want zoals gezegd, is het dus geen volledig onderzoek geworden. We richten ons alleen op het afvalbrengpunt.
Het was geen toeval dat ik op de 21ste dus een antwoord kon geven dat het onderzoek ging starten, maar het was daadwerkelijk al de bedoeling dat die de 23ste uitgezet ging worden. Dus het was ook niet zo dat we iets waren vergeten. Ik wilde u gewoon zeggen van: nou, die zit eraan te komen, dus weet dat dat gaat gebeuren. En dat u dat ook kan delen dan met de inwoners van Oldenzaal, zodat zij dat daadwerkelijk kunnen gaan invullen. Het is ook niet iets wat we in alle haast hebben opgesteld. Juist niet. Er hebben binnen onze organisatie meerdere disciplines meegekeken. Ook Twente Milieu heeft meegekeken. Het opmaken en het uitzetten van het plan en het onderzoek is wat ons betreft niet iets wat in een paar dagen geregeld is. Wij zijn ook van mening dat we met de gestelde vragen zoals hier
2
in het klanttevredenheidsonderzoek staan op kunnen halen hoe men denkt en op basis daarvan bepalen of er iets moet veranderen in onze dienstverlening. U merkt op dat er over de zaterdag niets wordt gevraagd, maar als we kijken naar een aantal vragen, dan wordt daar wel gezegd: wat is de voorkeursdag? Dan kun je zaterdag aangeven. Je kunt ook aangeven wat je voorkeurstijdstip is. Je kunt ook specifiek ingaan op de openingstijden. Dus wij verwachten dat we uit de beantwoording ook kunnen opmaken of er behoefte is aan een grotere openingsmogelijkheid op zaterdagochtend. U mag alle informatie die wij willen ontvangen uit de onderzoeken ontvangen. Maar ik vraag me af of dat is wat u wilt, want wij gaan natuurlijk op basis van die antwoorden beoordelen welke wensen er zijn met betrekking tot het afvalbrengpunt en in hoeverre wij daarin mee kunnen gaan om dat aan te gaan passen. Dus die leggen we bij u neer en ook mogelijke vervolgstappen met daarin begrepen ook de eventuele financiële consequenties. Volgens mij is dat waar u behoefte aan heeft: wat is de wens van de inwoners en kunnen wij daaraan voldoen? En dat leggen wij ook zeker bij u neer. Maar als u wilt, mag u alle informatie ontvangen. Ik vraag me dan alleen af of dat is wat u wilt. Dus vandaar even mijn wedervraag. Dan over de afvaldumpingen.
Ja, ik heb inderdaad ook de brieven weer gezien van de inwoners die berichten sturen met foto's. Dat komt ons zeker niet onbekend voor, want dat is ook wat onze netheidsmedewerkers aantreffen vanuit het Team Buiten Beheer. Volgens mij moeten we met elkaar ook niet verwachten dat het aantal dumpingen ineens afneemt. Ik bedoel: we zijn natuurlijk gestart met meer communicatie. Dat doen we middels berichten in de KOM. Dat doen we met redactionele artikelen, maar dit is niet iets wat we in een half jaar of in een jaar of in twee jaar opgelost hebben. Dit is een hardnekkig probleem. Dat zien we ook niet alleen maar in Oldenzaal. Dat zien we eigenlijk in de regio, maar misschien zelfs wel in heel Nederland, dat er toch wel iets nodig is in het veranderen van het gedrag. Volgens mij zit het daar vooral in. Daar heb ik ook al eens tips van meegekregen van de heer Lulofs. Die heb ik ook zeker meegenomen richting Twente Milieu, om echt daar op te gaan richten. Het is echt een hardnekkig probleem dat we niet alleen maar oplossen door het plaatsen van borden of camera’s, maar het is wel iets waarvan ik inderdaad heb gezegd: dat ga ik meenemen. Uw tip of we geen borden kunnen gaan plaatsen, hebben we ook zeker meegenomen, want we hebben veel gesprekken met ons Team Buiten Beheer en met Twente Milieu. En ja, die borden zijn een optie.
Dan moeten we wel zorgen dat de juiste zaken op dat bord staan, zodat het ook gewoon voor iedereen duidelijk is. Dus daar zijn we wel mee bezig. En wat ik al zei: communicatie, daar zijn we ook druk mee bezig. En over het cameratoezicht. In onze bijeenkomst van 21 november ben ik ook al ingegaan op cameratoezicht. Toen heb ik ook meegegeven: er zijn al twee gemeenten in de regio die dat doen, Almelo en Hengelo. Daar hebben wij inmiddels contact mee gehad van. Wat betekent dat? Hoe is dat gedaan? Hoe zijn jullie daar mee omgegaan? Wat zijn de kosten daarvan? En ook wat zijn tot nu toe de resultaten? Die resultaten zijn er nog niet, maar we hebben wel nagegaan wat de kosten zijn en dat soort dingen. Als college hebben we gezegd: dit is echt het laatste redmiddel. We moeten ook niet verwachten dat daarmee het probleem volledig opgelost is. Als je ook kijkt naar wat ze bijvoorbeeld in Hengelo of Almelo hebben gedaan, daar hebben ze echt al het andere al ingezet voordat ze naar dit laatste redmiddel zijn gegaan. Dat is ook waarom zij daar wel mee bezig zijn en wij nog niet. Wij hebben volgens mij nog steeds een paar stappen die we kunnen zetten voordat we zouden besluiten om naar dat laatste redmiddel te begrijpen. Dus wat mij betreft, moeten we ook die resultaten van die andere gemeenten afwachten. Moeten we kijken wat we nog kunnen doen met onder andere die borden wat u zegt.
En dan zou dat eventueel een optie zijn. Maar dat is, zoals al eerder genoemd, echt een laatste redmiddel. Als we dan kijken wat we afgelopen jaar hebben gedaan, hebben we best veel gedaan. Ook wel met betrekking tot zwerfafval. U heeft er online een brief over kunnen lezen die we hebben uitgedaan naar aanleiding van schriftelijke vragen. We zijn op heel veel vlakken bezig. Er speelt enorm veel. Door corona zien we dat er gewoon meer afval is binnengekomen. We hebben andere contracten gekregen met betrekking tot oud papier, tot pmd. Dat loopt nog niet allemaal zoals het moet lopen, dus daar is veel contact over. We hebben meer zwerfafval dan anders. Het afgelopen jaar zijn we beziggeweest met het gfe bij hoogbouw om daar ook inzet op te gaan plegen. We zijn beziggeweest met handhaving van de containers, wat daar allemaal gebeurt. Dus al met al is het een enorm dynamisch thema en we hebben daar maar beperkte capaciteit. Dus ik hoop ook dat u daar begrip voor heeft, dat wij niet alles in één keer kunnen doen, maar dat we hier wel heel druk mee zijn. Maar bent u zich er ook bewust van dat dit volgens mij een thema is wat dynamisch blijft en waarbij we niet het
3
probleem helaas snel opgelost hebben. Maar we hebben er zeker oog voor en wij zijn in ieder geval bezig om het voor onze inwoners zo goed mogelijk te doen. Dus dat zijn de antwoorden. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan ga ik naar de heer Ten Vergert. Heeft u naar aanleiding hiervan nog vragen? Mijnheer Ten Vergert. De heer Ten Vergert: Dank u wel, voorzitter. Blij dat de wethouder wel een duidelijk, maar ook een eerlijk antwoord geeft waarom het niet gelukt is om de toezegging na te komen. Maar ik moet toch wel zeggen: we hebben hier twee jaar geleden al om gevraagd. Zo’n onderzoekje, vragenlijst die nu is uitgezet, zet ik zelf in een halve ochtend ook uit. Dan moet ik toch op die schaal weer terugkomen. Er kan gewoon geen slecht antwoord meer uitkomen. Uitstekend, zeer goed, goed. Drie goede dingen. Dan hebben we redelijk en matig. Hoe kunnen inwoners nu aangeven dat ze eigenlijk gewoon niet tevreden zijn met de huidige openingstijden? Dat antwoord kan er nu niet uitkomen. Wat mij betreft, zetten we de vragenlijst opnieuw uit. Er kan gewoon geen goed antwoord uitkomen. Dus toch nog op dat vlak een reactie. Dan rondom de milieupleintjes. De borden zijn een optie, maar gaan we die borden dan nu echt inzetten bij een aantal milieupleintjes? Cameratoezicht. U geeft aan toch nog eerst resultaten af te wachten bij andere gemeenten.
Qua Koken heeft beveiligingscamera’s van Platvoet Beveiliging staan op hun parkeerplaats. Mobiele camera’s. In ieder geval afgelopen zomer. Dat is een Oldenzaals bedrijf. Kunnen we die mobiele camera’s niet eens een keer bij een milieupleintje neerzetten? Dus die vraag heb ik nog aan u. De voorzitter: Dan geef ik graag de wethouder gelegenheid om op de aanvullende vraag van de vraagsteller te reageren. En ik zie in ieder geval nog twee andere raadsleden die zo dadelijk ook nog iets willen vragen. Maar nogmaals, dit is geen discussie. Dit is een vragenrondje. De wethouder, maar niet voordat ik trouwens nog even wel gemeld heb dat het technische probleem is opgelost. Dus de mensen thuis kunnen ook weer volgen wat wij zeggen. Mevrouw Zinkweg. Wethouder Zinkweg-Ankone: U geeft aan: eigenlijk kan er geen goed antwoord uitkomen als we die vragen zo stellen met dit soort antwoorden. Als iemand alleen maar aangeeft dat hij het matig vindt, dan is dat voor ons al een teken dat het niet goed is. Ik bedoel, je kunt het op een schaal zien waarvan er inderdaad misschien drie antwoorden, zoals u zegt, goed zijn en twee slecht. Als je dus op slecht uitkomt, dan is het wat mij betreft inderdaad slecht. In ieder geval niet goed. En dan hebben we werk aan de winkel. Dus het is niet zo dat als iemand matig invult dat we dan denken: dan hoeven we dus niets te doen, want het is nog wel matig.
Dat voor wat betreft de antwoorden. En u heeft het toch weer over het cameratoezicht. Kunnen we dat niet plaatsen? Dat hebben andere ook. We hebben het hier wel over een publieke ruimte. Op eigen terrein mogen mensen cameratoezicht hebben, maar op het moment dat dat de openbare ruimte is, gelden daar andere regels en dan heb je ook te maken met wie die beelden dan beoordeelt. De politie? Boa’s? Dat is niet iets van dat wij even achter de camera’s kijken. We hebben ook te maken met privacy, dus dat gaat veel verder dan dat. Dus wat ons betreft is en blijft dat het laatste redmiddel en moeten we dat dus zien en willen we ook graag die resultaten van andere gemeenten afwachten. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan ga ik even in alfabetische volgorde naar mevrouw AiloZaia. Alleen vragen. Mevrouw Ailo-Zaia: Dank u, voorzitter. Ook naar aanleiding van wat is gezegd voor wat betreft ook die enquête. We hebben de signalen gekregen dat iemand dat wel graag wilde invullen, maar de enquête zelf niet heeft kunnen vinden. Het is gewoon meer een opmerking om mee te nemen, mocht er een vervolgonderzoek komen dat we dat misschien wat breder kunnen uitzetten en dat er meer reacties op komen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nog naar mevrouw Weideveld. Mevrouw Weideveld: Dank u wel, voorzitter.
Een vraag naar aanleiding van hetgeen net ook door de heer Ten Vergert is aangegeven en de beantwoording van de portefeuillehouder is hoe we dit pro-
4
bleem van afval, en met name het illegaal dumpen bij de milieupleintjes, integraal kunnen aanpakken. Want we zien nu een aantal vragen van hoe we het illegaal dumpen kunnen voorkomen, maar volgens mij is het veel meer dat we dit vanuit de integraliteit moeten aanpakken. Wij zijn ook erg benieuwd op welke termijn we dat dan kunnen verwachten. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de wethouder. Wethouder Zinkweg-Ankone: De eerste vraag over de enquête. Die is te vinden via onze website. Er zijn ook links verstuurd, dus volgens mij is dat wel te vinden. www.oldenzaal.nl/praatmee. Daar staan onze enquêtes open, dus die zijn te vinden. Die hebben we ook wel gedeeld via onze social mediakanalen. Maar ik zal het toch even meenemen om een volgende keer te kijken of we dat nog anders kunnen doen, zodat het beter te vinden is. De andere vraag. Op welke manier gaan we dat integraal doen en op welke termijn? Ja, wij zijn dus in gesprek met Twente Milieu, omdat dit een probleem is in heel Twente waar Twente Milieu mee te dealen heeft en waar we dus aan het kijken zijn: hoe kunnen we dat nou op een duidelijke manier richting onze inwoners brengen hoe dat gaat? En dan zou het inderdaad mooi zijn dat dat een integrale aanpak is, maar dat vertraagt de boel soms ook. Dus het is en blijft wat mij betreft een lastig probleem, omdat het te maken heeft met gedrag.
Dus het zit niet alleen maar in onze oplossing, want wij kunnen heel veel bedenken om het goed te doen. Maar het zit in de mensen en het is vaak maar een klein percentage dat het verkeerd doet, of dat het misschien wel bewust verkeerd doet en sommigen ook onbewust, maar die maken het dan kapot voor de grote meerderheid die het wel goed wil doen. Maar goed, iedereen kijkt wel aan tegen de rommel die die kleine groep dan veroorzaakt. Dus we zijn ermee bezig. Ik kan niet toezeggen dat we over twee maanden een integraal plan klaar hebben, maar ik geef wel aan: we zijn er heel druk mee bezig met de capaciteit die wij daarvoor hebben. Dus het heeft echt wel een hoge prioriteit, want wij zien ook dat dit een probleem is in Oldenzaal. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ja, mijnheer Ten Vergert. Ik heb uw handje gezien, maar de afspraak is wel: u heeft twee keer de gelegenheid gehad om vragen te stellen. Vervolgens mogen de andere raadsleden. De wethouder geeft antwoord. En dan ga ik door naar de volgende vragenronde. Dat is de afspraak die we gemaakt hebben. Oké. Dan ga ik naar het onderwerp wat nu op de agenda staat en dat zijn de vragen van de heer Nijland met betrekking tot bladblazers. Mijnheer Nijland. De heer Nijland: Voorzitter, dank. 30 oktober jl.
heeft onze fractie een interessant nieuwsitem doorgenomen aangaande een luidruchtig en vervuilend fenomeen, door een grote groep aanbeden dan wel verfoeid, genaamd de bladblazer. Momenteel worden over dit fenomeen overal in Europa discussies gevoerd over het kunnen laten verdwijnen van deze vervuilende herriemakers. De discussie gaat dan vooral over de zogenaamde tweetaktvariant, die indrukwekkende hoeveelheden uit weet te stoten. Ik noem een tweetal feitjes. Een half uur blazen bij deze uitvoering staat gelijk aan ruim 6000 gereden kilometers met een doorsnee SUV. Een ander feit betreft het geluid. Deze doorsnee bladblazer produceert gemiddeld zo'n 100 dB, wat te vergelijken is met een drilboor en een voorbijrazende trein. In 2019 heeft de verantwoordelijke minister, in dit geval Van Veldhoven, aangegeven dat verbieden momenteel landelijk gezien niet mogelijk is als gevolg van Europese wetgeving. Wel is het mogelijk voor gemeenten om de vervuilende bladblazers bijvoorbeeld uit te faseren. Enkele gemeenten, waaronder Amsterdam, Groningen, Breda en Eindhoven, hebben daartoe reeds de handschoen snel opgepakt en gerichte actie ondernomen. Bijvoorbeeld in een contract met hoveniersbedrijven wordt als harde eis gesteld dat er alleen emissieloos handgereedschap mag worden gebruikt. Nu even terug naar onze eigen gemeente.
De portefeuillehouder heeft groen en duurzaamheid vanzelfsprekend hoog in het vaandel staan, dus de VVD-fractie is benieuwd naar haar zienswijze op bladblazers en handgereedschap in het algemeen. Wat mij bij de volgende vragen brengt: 1. Met welk type bladblazer wordt er momenteel binnen Openbaar Groen gewerkt? 2. Hoe kijkt de portefeuillehouder aan tegen het uitfaseren van vervuilende bladblazers en andere handgereedschappen en eventueel te vervangen door emissieloze alternatieven? 3. Heeft de gemeente Oldenzaal richting contractpartners als bijvoorbeeld hoveniersbedrijven al een harde eis dat er alleen emissieloos handgereedschap mag worden gebruikt? Tot zover onze vragen, voorzitter.
5
De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de wethouder. Wethouder Zinkweg. Wethouder Zinkweg-Ankone: Dank u wel, voorzitter. Ja, de bladblazers en al het andere materieel waarmee we werken. Binnen het Team Buitenbeheer maken wij momenteel gebruik van meerdere type bladblazers. De meeste bladblazers maken gebruik van de brandstof Aspen. Dat is de brandstof die juist is gekozen om arbotechnische redenen, omdat deze minder hinderlijke stoffen uitstoot. Bij natuurlijke vervanging van de bladblazers wordt er kritisch gekeken naar het duurzaamheidsaspect. We hebben ook wel elektrische bladblazers, maar in zijn algemeenheid wordt wel opgemerkt dat die elektrische bladblazers op dit moment nog niet de gewenste kracht kunnen leveren die er nodig is voor alle werkzaamheden. Bijvoorbeeld bij evenementen om ook blikjes en ander afval wat op straat ligt weg te blazen. Dan is er echt wel wat zwaarder materieel nodig. Dus nu volledig overgaan op elektrische bladblazers is eigenlijk nog niet mogelijk, omdat ze gewoon nog niet de juiste capaciteit leveren. Dan vraagt u hoe wij aankijken tegen het uitfaseren en het vervangen door emissieloze alternatieven. Ik heb eigenlijk al aangegeven, bij vervanging gaan wij kijken of wij ook de echt vervuilende bladblazers kunnen uitfaseren. Dat doen we zeker. En ook het uitgangspunt binnen ons Team Buitenbeheer is om duurzaam in te kopen.
Wat de overige gereedschappen betreft, wordt er al heel veel gebruikgemaakt van elektrisch gereedschappen. Je kunt denken aan elektrische snoeischaren, heggenscharen, stokkettingzagen en bermmaaiers. Dus daar heb je toch al wel een breed scala. Daarnaast hebben we ook onlangs nieuwe zoutstrooiers aangeschaft. Dat wordt ook helemaal bekeken hoe dat dan zo duurzaam mogelijk met zo weinig mogelijk zout, waardoor er wel gewoon overal wordt gestrooid, maar ook niet meer in de bermen komt. Dus er wordt erg goed rekening gehouden met de duurzaamheidsaspecten. En u vraagt ook nog wat wij doen richting contractpartners. We zijn op dit moment bezig met de afrondende fase van het opstellen van een groenbestek. Daarin is onder andere opgenomen dat een onderaannemer moet werken aan zo duurzaam mogelijk gebruik van bij de uitvoering benodigde met motoren aangedreven handgereedschappen. Maar ook dat er bepaalde gereedschappen, zoals ik net al aangaf: die kettingzaag, heggenschaar, met elektrisch aangedreven motoren moet. Zo zijn er een aantal onderdelen waarin wij juist opdragen: dat moet wel elektrisch en niet meer met een verbrandingsmotor. Dus dat is de beantwoording van de vragen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik kijk nog even naar de heer Nijland of er naar aanleiding van nog aanvullende vragen zijn. Mijnheer Nijland. De heer Nijland: Voorzitter, dank.
Niet zozeer aanvullende vragen. Ik mag voorzichtig de conclusie trekken dat er dus binnen de gemeente wel degelijk wordt gekeken naar het uitfaseren van zaken. Wat me opvalt, en dat vind ik alleen maar positief, is dat wij wellicht in tegenstelling tot sommige heel grote gemeenten elders in het land gewoon met boerenslimheid ons werk doen en qua groen en duurzaam op de achtergrond alle belangrijke maatregelen nemen. Als ik die conclusie gerechtvaardigd mag trekken, dan is onze fractie op dit moment tevreden met het antwoord. Dank. De voorzitter: Dank. Had u wat dat betreft die boerenslimheid iets anders verwacht, zou ik bijna zeggen. De heer Nijland: Eigenlijk niet, nee. De voorzitter: Maar dat was ook een vraag die u nog stelde, dus ik ga nog even naar de wethouder en dan kom ik bij de heer Ankone die een handje heeft opgestoken. Mevrouw Zinkweg naar aanleiding van de heer Nijland. Wethouder Zinkweg-Ankone: Ja, dat klopt. Dat doen we eigenlijk zo al jaren, dus het is niet zo dat we dat nu in een keer even doen naar aanleiding van artikelen die wij lezen. Zo zijn we al jaren bezig. Dat klopt.
6
De voorzitter: Mooi. Dank u. Dan ga ik naar de heer Ankone en ik heb ook de heer Otter gezien. Eerst de heer Ankone. De heer Ankone: Voorzitter, dank u wel. Voor corona fietste ik iedere maandagochtend rond half zeven, zeven uur door onze mooie stad. Door het centrum. En dan je altijd ook tweetakmotoren. Niet die andere motoren, maar tweetaktmotoren waar ze de markt in de straten allemaal mee aanschuiven. Dus daar zal ik u wel even iets willen meegeven om daar eens naar te kijken en of u daarin ook zou kunnen kijken naar het tijdstip waarop mensen nog doorgaans van hun nachtrust genieten. Dus dat kan of elektrisch of doe het dan in elk geval op een later tijdstip. Tot dusver. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nog even naar de heer Otter voordat ik weer naar de wethouder ga. Mijnheer Otter. De heer Otter: Ik heb ook nog even een aanvullende vraag. Ik vraag me af in hoeverre in de gemeente Oldenzaal gekeken is om het bladruimen zo veel mogelijk tot een minimum te beperken, omdat dit blad ook goed is voor insecten, vogels, struiken, bloemen, enzovoort. Dus ik zou het misschien ook een goed idee vinden om het blad zo veel mogelijk terug te schuiven naar de struiken, enzovoort. Dus nogmaals, in hoeverre wordt daar in Oldenzaal aan gewerkt? De voorzitter: Dank u wel.
Voordat ik naar de wethouder ga, mag ik in ieder geval de heer Ankone en de heer Otter vragen om hun handjes weer naar beneden te doen. Dan weet ik zeker dat deze ronde ‘handjes’ weer geweest is. De wethouder. De heer Otter: Zal ik doen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zinkweg. Wethouder Zinkweg-Ankone: Ik ga de oproep om iets later te gaan blazen meenemen naar ons Team Buitenbeheer. Dus dat doe ik. En het andere. Het blad dus tot een minimum beperken om weg te blazen. Ja, ook daar zijn we inderdaad mee bezig, want het is voor veel dieren wenselijk dat er op sommige plekken juist nog wel blad ligt. Dus waar sprake is van gras zullen wij het blad er wel afblazen, anders gaat het gras dood. Op wegen moet het ook gewoon schoon zijn en ook om ons riool gewoon goed toegankelijk te houden. Dus dat wordt geveegd en geblazen, maar daar waar het kan in bepaalde perken, laten we het liggen. Dus daar houden we zeker rekening mee. De voorzitter: Ik zie nog een handje, maar dan had u dat bij de vorige ronde moeten doen. Zo hebben we het nou eenmaal met elkaar afgesproken. Oké. Ik ga naar de heer Lulofs met de vraag of die even het stokje wil overnemen, want de volgende vragen zal ik namens het college voor mijn rekening nemen. Dus mijnheer Lulofs, wilt u even het stokje van voorzitter overnemen? De heer Lulofs: Prima, dat zal ik doen.
Voorzitter Lulofs: De volgende vraag is ook van de VVD en gaat over drugsoverlast Vondersweijde. Wie kan ik het woord geven? Mijnheer Nijland. De heer Nijland: Voorzitter, dank. Plaatsvervangend voorzitter, dank. Drugsoverlast is in dezen wellicht niet helemaal correct gekozen als titel. Het is een onderdeel van, gekoppeld, maar dat zult u in het vragenverhaal horen. Laat ik beginnen met een citaat van een omwonende van Vondersweijde. Dit citaat verscheen woensdag op de buurtapp. Dat luidt: ‘Goedemorgen. Volgens mij is er geen communicatie tussen gemeente en politie. Op de favoriete dealerplek achter op de parkeerplaats Vondersweijde is rondom nieuw groen aangeplant, wat gezien de soort de hoogte in moet groeien. De heren staan straks geheel uit het zicht van onze wijk. Volgens mij is dit onwenselijk en zorgt tevens voor een onveilig gevoel. Nu is het al niet prettig als ze er staan, maar dit vergroot het probleem, vrees ik. Wat vinden jullie?” Einde citaat. Voorzitter, vervolgens kwamen er van meerdere buurtgenoten berichten binnen omtrent deze plek die bekend is, bekend mag verondersteld worden, bij politie en gemeente. Een andere buurtbewoner heeft recent wederom bij de politie aangegeven
7
dat er wel degelijk nog steeds gedeald wordt. En meerdere omwonenden hebben afgelopen week een melding gedaan op de BuitenBeterApp, inclusief foto, met het dringende verzoek om de beplanting weg te halen en er bijvoorbeeld gras voor in de plaats te laten komen. Tevens werd er gerefereerd aan het feit dat enkele jaren geleden vanwege de drugsproblematiek op diezelfde plek het groen juist is weggehaald. Wij allen weten dat de parkeerplaats bij Vondersweijde absoluut geen hangplek mag worden genoemd. Sterker nog, het woord hangplek bagatelliseert het daadwerkelijke probleem en doet vermoeden dat het daadwerkelijke probleem nog steeds niet wordt onderkend. Sinds 2018 ben ik ook woonachtig in betreffende buurt en eerlijk is eerlijk: elke avond zie je dezelfde autootjes met vervelende ongure types die zich daar meerdere uren achtereen ophouden. De VVDfractie kan zich het gevoel van onbehagen en onveiligheid bij omwonenden volledig voorstellen en is dan ook van mening dat er meer focus op de betreffende plek dient te komen vanuit de politie, dan wel gemeente, dan wel gezamenlijk.
Derhalve hebben wij de volgende vragen aan de portefeuillehouder: Is portefeuillehouder bekend met het feit dat de parkeerplaats bij Vondersweijde een favoriete plek is om te dealen in verdovende middelen? Is portefeuillehouder ook van mening dat het ongewenst is om op dergelijke plaatsen groen te planten dat criminelen letterlijk aan het oog onttrekt? De volgende vraag: Wat zijn wettelijk gezien de mogelijkheden met betrekking tot bijvoorbeeld preventief fouilleren dan wel onderzoeken van betreffende auto's en personen? Kan de patrouillefrequentie niet worden aangepast aan de tijdstippen waarop deze foute types op de parkeerplaats aanwezig zijn? En de volgende vraag. Dat kwam net in het eerste onderwerp van vragen ook aan de orde betreffende cameratoezicht. Ook onze fractie weet dat het publiek domein betreft, maar stelt dan toch de vraag wat eventueel toch mogelijkheden zijn met betrekking tot privacy in combinatie met politie als gemachtigde als je het hebt over cameratoezicht? Tot zover in de eerste ronde de vragen, voorzitter. Voorzitter Lulofs: Mijnheer Nijland, dank u wel. Wilt u uw handje even weghalen? Dan geef ik nu het woord aan de heer Welman. Burgemeester Welman: Dank u wel, voorzitter. Laat ik allereerst opmerken dat onveiligheidsgevoel, het zit al in het woord, vaak ook een subjectief gegeven is. Iets wat mensen ervaren.
En helaas, en dat is ook hier het geval, wordt dat niet altijd gestaafd met feiten. Wat bedoel ik daarmee te zeggen? Als ik kijk naar de meldingen niet alleen bij onszelf, dus bij de gemeente, maar ook bij de politie, dan zijn die op de vingers van een hand – zeker recent – te tellen. Maar daarmee wil ik het onveiligheidsgevoel zeker niet bagatelliseren. Ik denk dat dat wel goed is om dat in dit geval op te merken, maar daar kom ik zo dadelijk nog wel op terug hoe we dat dan een vervolg zouden kunnen geven om dat gevoel positief te beïnvloeden. Verder heb ik naar aanleiding van wat eerdere meldingen, dat hoort bij die vijf, zes die ik net noemde, wel eens met de politie gesproken van: goh, wat zijn nou de beelden die jullie hebben? Daar kreeg ik toch het gevoel bij dat weliswaar onderkend en herkend wordt dat je daar auto's hebt staan op plekken waarvan je zegt: dat is niet helemaal een logische plek om je auto te parkeren als je naar Vondersweijde gaat of als je omwonende bent en met jongeren als inzittenden van het voertuig, maar dat betekent niet direct dat zij ook activiteiten ontplooien die niet wettelijk zijn. Bijvoorbeeld het dealen van. Ik krijg dat bij de politie in ieder geval op basis van de informatie die ik van hen heb gekregen niet bevestigd.
Maar ik denk dat het wel goed is, en daarmee kom ik tot de beantwoording van vragen, om te kijken of we die onveiligheidsgevoelens wel kunnen wegnemen. Dat zou bijvoorbeeld kunnen, en dat is het voorstel dat ik ga oppakken, om samen met de wijkagent, met een aantal omwonenden en met onze mensen van Openbare Ruimte een schouw te organiseren om te kijken wat nou fysieke maatregelen zijn die we daar kunnen treffen. Dat zou bijvoorbeeld kunnen zitten in het weghalen van bosschages om dat onveiligheidsgevoel wat te verminderen. Ik weet niet of we het daarmee helemaal weghalen, maar ik denk dat we die stap zeker moeten zetten. Wellicht komen in de gesprekken die we dan daar ter plekke hebben nog andere opties in beeld om aan te pakken. Wat betreft de wettelijke mogelijkheden om preventief te fouilleren, dan moet er echt sprake zijn van een aangewezen veiligheidsrisicogebied. Dan moet je wel aan een aantal criteria en een aantal eisen voldoen. Op basis van de informatie die ik nu heb, kan ik gewoon echt niet objectief zeggen dat
8
dit een gebied is dat je aan kunt wijzen als een veiligheidsrisicogebied. Daar moet bijvoorbeeld echt sprake zijn van wapenincidenten of van een ernstige mate van vuurwapengebruik of wapengebruik. Wil ik dat voor kunnen stellen, dan heb ik echt wel meer nodig aan bewijslast om een officier van justitie te overtuigen. En ik heb het beeld nu niet dat we hier nu die weg zouden moeten gaan. Ik denk dat ik daarmee ook geen recht doe aan het gebied zelf. We kunnen wel kijken, maar dat is ook iets wat we in die schouw natuurlijk op kunnen brengen, of het een idee is om daar een parkeerverbod op bepaalde momenten in de avond en in de nacht te creëren. Wellicht is dat ook nog wel een maatregel die past bij de aanpak die we dan gaan treffen. Maar dat wil ik heel graag ook daar dan ter plekke en op basis van de informatie die we daar dan ook opdoen met elkaar bespreken. De patrouillefrequentie. De politie heeft al aangegeven dat ze dit zeker mee gaan nemen in hun aanpak, dus u zult zeker de komende tijd daar wat vaker politievoertuigen, maar ook wel op de fiets en ook onze eigen mensen, zien. En ja, het cameratoezicht tot slot voorzitter. Als ik hier al zo'n aanpak preventief fouilleren niet kan toepassen, dan is dat met cameratoezicht ook heel lastig. Gewoon op basis van de objectieve criteria die ik nu heb.
Dus ik zou zeggen: laten we eerst die andere stappen bewandelen en als we dan gezamenlijk tot de conclusie komen: dit is geen doeltreffende remedie, hier halen we het niet mee weg; ja, dan ben ik zeker bereid om te kijken of cameratoezicht de volgende stap moet zijn, maar ik denk dat we nog eerst een aantal andere stappen moeten zetten voordat we daartoe overgaan. Dat was mijn antwoord, voorzitter. Voorzitter Lulofs: Portefeuillehouder, bedankt voor deze beantwoording. Mijnheer Nijland, kunt u iets met deze antwoorden? Graag uw reactie. De heer Nijland: Ja voorzitter, dank. Dank voor het echt duidelijk beantwoorden van vragen. De volgorde staat ons ook aan. Daarmee doel ik dan eventjes op de te organiseren schouw met wijkagent en medebewoners en eventueel een parkeerverbod daarin mee te nemen als optie naar aanleiding van de gesprekken met de bewoners en de wijkagent. Dus als wij deze volgorde kunnen bewandelen en daarna de conclusie trekken of meer of minder nodig is, dan kunnen wij ons daar op dit moment volledig in vinden. Voorzitter Lulofs: Goed. Is er nog iemand anders uit de raad die hier nog een reactie op wil geven? Ik zie geen handjes. Dan geef ik het woord nu terug aan de heer Welman. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Lulofs. Dan neem ik het stokje weer graag van u over. Dan kom ik tot het vierde onderdeel van het vragenuur en dat betreft vragen van GroenLinks.
Wie mag ik daarvoor het woord geven? De heer Snijders: Mij, voorzitter. De voorzitter: Ja, mijnheer Snijders. Ga uw gang. De heer Snijders: Dank u wel. Voorzitter. Wij ontvingen onlangs een brief van inwoners van De Graven Es. In deze spreken zij hun grote zorgen uit over het welzijn van de vissen en overige flora en fauna in en rondom de vijver aan de Griekenlandlaan in Oldenzaal. Aan de Griekenlandlaan pal naast de vijver worden drie appartementencomplexen gebouwd door bouwbedrijf Trebbe B.V. De bouw begint in de week van 4 januari 2021 met heiwerkzaamheden. De zorgen betreffen de impact van de trillingen die deze heiwerkzaamheden zullen veroorzaken op de flora en fauna in de directe omgeving. Daarom heb ik een paar vragen aan de portefeuillehouder: 1. Is het college bekend met de zorgen van de inwoners? 2. Is er onderzoek gedaan naar de impact op flora en fauna van de heiwerkzaamheden? 3. Is er gekeken om op deze locatie trillingsvrij te funderen, zoals het ook elders in de woonwijk wordt toegepast? 4. En welke mogelijkheden zijn er om alsnog een funderingsmethode af te dwingen die meer rekening houdt met de omgeving en minder overlast voor flora en fauna betekent? Tot zover. Dank u wel.
9
De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar wethouder Renkema. Maar mevrouw Renkema, ga uw gang. Wethouder Renkema: Dank u wel, voorzitter. Ik zal antwoord geven op de vragen die gesteld zijn door GroenLinks. De eerste vraag. Is het college bekend met de zorgen? Ja, dat zijn wij. Wij hebben daar meerdere brieven eind november/begin december over ontvangen. Ook hebben omwonenden op 4 december een petitie aangeboden aan het college dat ondertekend was door 156 inwoners. Dus het is ons zeker bekend dat zij uiting hebben gegeven aan hun zorgen over trillingen van geluid voor flora en fauna in de omgeving van de Griekenlandlaan. Vraag 2. Is er onderzoek gedaan naar de impact op flora en fauna van de heiwerkzaamheden? Bij het vaststellen van het bestemmingsplan is flora en fauna een apart onderdeel van het bestemmingsplan, waar natuurlijk ook gekeken wordt naar de realisatiefase. En ook bij het verlenen van de omgevingsvergunning wordt ernaar gekeken. Daar worden ook voorschriften opgenomen om de overlast voor omwonenden zo veel mogelijk te beperken en ook dat er bijvoorbeeld sensoren geplaatst worden. Vraag 3. Is er gekeken om op deze locatie trillingsvrij te funderen? Wat ik u al aangaf, hebben de omwonenden meerdere signalen bij ons afgegeven, ook de petitie.
Het college heeft deze signalen zeer serieus genomen en heeft ook contact opgenomen met de bouwer, Trebbe, en ontwikkelaar BVD. Het college had niet zo veel hoop dat er nog iets gedaan kon worden, omdat er inmiddels sprake is van onherroepelijke omgevingsvergunningen waarin de voorwaarden over heien waren opgenomen. Die vergunningen zijn door de aanvrager ook destijds gepubliceerd geweest. Maar er is tijdens die gesprekken stevig overleg gevoerd met de aannemer en de ontwikkelaar en na een paar weken is besloten over te gaan naar trillingsvrij heien. Dus ze gingen in op de vragen van de omwonenden. Daar gaan ze ook in januari mee starten. Ze hoeven eigenlijk niet mee te werken, maar hebben dat toch gedaan alleen door de klachten van omwonenden. Dat hebben we zeer gewaardeerd. Op vraag 4 kan ik u melden dat dit niet bekend was bij het aanbieden van de petitie en de bewoners zijn zeer tevreden naar huis gegaan op de reactie van de aannemer en van de ontwikkelaar. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik ga terug naar de heer Snijders. Heeft u naar aanleiding van nog vragen? De heer Snijders: Ja. Ik zie dat ik een klein beetje achter de feiten aanloop, maar dat geeft niet. Fijn te horen dat het allemaal goed geregeld is. Ik heb alleen over punt 2 nog wel even een vraag.
U zegt dat er onderzoek wordt gedaan naar de effecten en de overlast voor omwonenden, maar dat zijn waarschijnlijk vooral mensen. Bedoelt u met dit onderzoek ook de MER, de Milieu Effect Rapportage? Ik heb daar even ingekeken. Ik ben geen kenner, maar ik zag daar niet direct de realisatiefase. Dus ik had meer de indruk dat de MER kijkt naar als er gebouwen staan, wat dat dan doet, dan van hoe dat gebouw tot realisatie komt en wat voor overlast dat veroorzaakt. Graag een reactie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder. Wethouder Renkema: Er is eigenlijk bij wet geregeld wanneer een MER, een Milieu Effect Rapportage, moet worden opgesteld en wanneer niet. Daar is hier geen sprake van, maar wel dat hier een bestemmingsplan moeten worden opgesteld. Daar wordt ook rekening gehouden met flora en fauna. Daar wordt ook gekeken naar de realisatiefase. Maar de echte beperkingen voor heien en de voorschriften daarvoor staan in de omgevingsvergunning opgenomen. Ik wil wel aangeven dat we eigenlijk geen weigeringsgrond hebben om heien niet toe te staan. Wat je wel ziet, is dat bouwers vaak in binnenstedelijk gebied ervoor kiezen om trillingsvrij te heien en uitleggen dat vaak niet te doen, maar echte weigeringsgronden hebben we niet om te heien. We kunnen alleen maar voorschriften opnemen om trillingen zo veel mogelijk te beperken. De voorzitter: Dank u wel, wethouder.
Ik kijk nog even of er vanuit andere raadsleden behoefte is om aanvullende vragen te stellen. Ik zie geen handjes. Ik kijk ook nog even voor de zekerheid naar de
10
griffier. Nee, ook die heeft geen handjes gezien. Mooi. Dank u wel. Daarmee komen we aan het eind van dit agendapunt, zijnde het vragenuur. 4. Vaststellen notulen van de vergaderingen van 26 oktober 2020 en 9 november 2020 De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunt 4. Die pak ik er even bij. Dat betreft het vaststellen van de notulen van de vergaderingen van 26 oktober en 9 november 2020. Bij beide notulen zijn vooraf geen opmerkingen of aanmerkingen bij de griffie binnengekomen. Daarmee concludeer ik dat ze beiden conform zijn. (Hamerslag). Afgetikt. Dan ga ik naar agendapunt 5. Ik moet een beetje improviseren. De hamer ligt nog in de raadszaal, dus vandaar dat ik het even met de vuist doe. Maar hij wordt nu opgehaald. Ik zie de griffier al lopen. Maar hij is wel afgetikt. 5. Vaststellen van de lijst van ingekomen stukken De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunten 5, het vaststellen van de lijst van ingekomen stukken. Ook daar geldt hetzelfde voor. Vooraf heeft zich niemand gemeld bij de griffie. Dat geldt zowel voor Algemene stukken voor kennisgeving aan te nemen, de Vragen volgens artikel 4.7 van het Reglement van orde voor de raad 2018, de Raadsinfobrieven, Stukken ter afdoening in handen van het college te stellen. Ik zie een handje van mevrouw Ailo-Zaia en de heer Snijders. Ik kom zo bij u.
Stukken in handen van het presidium te stellen en Stukken om preadvies in handen van het college te stellen. Mevrouw Ailo-Zaia, ga uw gang. Mevrouw Ailo-Zaia: Dank u, voorzitter. Ik had, even kijken, wel wat vragen inderdaad. Wel kort gelukkig, dus dat scheelt. Ten eerste de raadsinfobrief Septembercirculaire 2020 Gemeentefonds. In de conclusie kunnen we lezen dat Oldenzaal € 1.400.000,00 in 2020 ter compensatie krijgt voor de gevolgen van de coronacrisis. Het is fijn dat wij deze gelden voor onze inwoners kunnen inzetten uiteraard. Deze extra middelen worden vooralsnog als stelpost ‘beschikbare begrotingsruimte’ vastgehouden, zo wordt dat genoemd. Hebben wij het hier dan over het potje dat enkel bedoeld is voor de gevolgen van corona? En als dat antwoord ja is, waarom is dat dan niet als dusdanig benoemd? Zal ik ook meteen de andere vraag gelijk aanbod stellen? Het zijn vooral raadsinfobrieven. Dit is gewoon één vraag vanuit. De voorzitter: Ja, dat snap ik. Het is even improviseren. Doet u dat en dan ga ik naar de heer Snijders en dan kom ik in één keer ook bij het college langs om de antwoorden te geven. Kort alstublieft. Mevrouw Ailo-Zaia: Ja, ik probeer het zo kort mogelijk te doen, voorzitter. Dan de raadsinfobrief Noordoost-Twente onderzoek Regionaal Duurzaam Energiebedrijf. We zijn uiteraard erg enthousiast over deze raadsinfobrief.
De onderzoeksvragen die mogelijk kunnen leiden tot een duurzaam energiebedrijf spreken ons erg aan. We zijn erg benieuwd naar de resultaten van dit onderzoek. Voor nu zijn wij nog wel van mening dat de overheid zo weinig mogelijk als aandeelhouder moet opereren, maar juist meer die faciliterende rol moet vasthouden. Zijn ze al met dit onderzoek gestart en wanneer zouden we die resultaten kunnen verwachten? De voorzitter: Oké. Mevrouw Ailo-Zaia: En dan heb ik nog een laatste vraag. Dat is de raadsinfobrief over windbeleid Noordoost-Twente. Er staat onder andere in dat door middel van een enquête over de energietransitie de mening van inwoners en ondernemers over zonne-energie en windenergie in NoordoostTwente wordt gepeild. Het gaat daarbij om 15.000 brieven die zijn gestuurd. Om hoeveel mensen gaat het dan vanuit Oldenzaal enerzijds en hoeveel mensen vanuit Noordoost-Twente hebben we hier eigenlijk gehoor aan gegeven? Daar zijn we best wel benieuwd naar. Dat waren mijn vragen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Nog even een tip voor de volgende keer om dat voor de tijd even aan te geven bij de griffie. Volgens mij zijn dit ook vragen die u ook ambtelijk had kunnen stellen. Maar ook dat is weer voor de volgende keer. Als er de mogelijkheid is om het gewoon ambtelijk via de mail te
11
doen, dan krijgt u ook een antwoord. Dat helpt wel om een vergadering wat sneller te laten verlopen, maar voor deze keer heb ik ze toegelaten. Dan ga ik nog naar de heer Snijders en dan langs het college. Mijnheer Snijders. De heer Snijders: Dank u wel, voorzitter. Mijn excuses. Ik heb diezelfde fout gemaakt als we mevrouw Ailo-Zaia. Ik ben ook vergeten aan te geven dat ik wat vragen heb. Ik heb maar één vraag eigenlijk. De voorzitter: Mooi. De heer Snijders: En dat gaat over de raadsinfobrief Bestrijding eikenprocessierups 2021. En mijn vraag is: uit de brief blijkt alleen dat succes wordt gemeten aan de hand van vermindering van het aantal processierupsen. Het is bekend dat er ook bijwerkingen zijn dat andere insecten ook worden gedood. En ik vraag me af op welke wijze wordt onderzocht wat de bijwerkingen zijn van dat nematoden spuiten. Dus hebben we alleen maar oog voor het verminderen van de processierups of houden we ook de rest in de gaten? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik allereerst, als u nog denkt aan uw handje, naar mevrouw Zinkweg. Mevrouw Zinkweg. Wethouder Zinkweg-Ankone: Ja. Volgens mij ben ik voor alle vragen aan de beurt inderdaad. De coronamiddelen waarover u spreekt bij de Septembercirculaire. Ja, in principe zijn wij van mening dat we die coronamiddelen ook moeten inzetten aan de gevolgen die Oldenzaal ondervindt van corona.
Tot nu toe hebben we dat ook gedaan. Dat heeft u ook kunnen zien onder andere in de Decembernota. Dat is onze insteek voor wat betreft die coronamiddelen. Dan heeft u een vraag over het onderzoek van het duurzaamheidsbedrijf. Of die al is gestart. Dat durf ik niet met zekerheid te zeggen. Volgens mij al wel. En ja, u wordt zeker meegenomen in de resultaten, dus dan kunnen we ook bepalen of we zoiets wel of niet willen. We hebben juist heel bewust nu een onderzoek uitgezet om te kijken wat dat dan zou betekenen voor Noordoost-Twente. En dan heeft u nog een vraag over het onderzoek over de windmolens. Dat onderzoek is inmiddels afgerond. Daar is veel respons op gekregen. Dat heb ik in ieder geval gehoord. Hoeveel mensen het precies uit Oldenzaal zijn, weet ik niet, maar daar gaan we deze week over communiceren. Dus ik kan nu die gegevens zo niet oplepelen. Die heb ik zo niet paraat, maar die krijgt u wel deze week. Volgens mij wordt dat aan het eind van de week bekendgemaakt. Dus dat even op uw vragen als antwoord. En dan de heer Snijders over de eikenprocessierups. We kiezen juist heel bewust voor de nematoden, omdat die zo weinig mogelijk effect hebben. Bij het Kenniscentrum Eikenprocessierups worden diverse onderzoeken gedaan. Als we kijken naar de nematoden, dan spuiten we die juist heel erg vroeg.
Dan zijn er nog heel weinig andere rupsen in de bomen, want dan zit er nog nauwelijks blad aan de bomen. Dus daar zijn dan vooral die eikenprocessierupsen de klos. Wij zelf doen niet dat soort wetenschappelijke onderzoeken, maar wij richten ons op wat er dan minder aan overlast is. Maar wij houden zeker rekening met de wetenschappelijke onderzoeken die vanuit het Kenniscentrum worden opgepakt. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Nou, ik zal wat clementie hebben met de heer Ankone. Mijnheer Ankone, ik zag uw handje ook. De heer Ankone: Voorzitter, dank u wel. We zijn inmiddels op half negen aanbeland. Ik wil wel graag mijn collega-raadsleden vragen om wellicht wat eerder schriftelijke vragen te stellen, zodat dit soort vergaderingen ook wat effectiever door kunnen lopen, alsmede ook bij het vragenuur. Waarvan akte. De voorzitter: Ja, oké. Daar kan ik nog heel veel over zeggen. Dat doe ik niet. Ik ga met gezwinde spoed door. Ik constateer in ieder geval dat alles wat onder 5A, B, C, D, E en F staat verder conform is. (Hamerslag) Dus bij dezen met de hamer afgetikt. 6. Vaststellen functies van het raadswerk
12
De voorzitter: Dan ga ik naar agendapunt 6. Dat is het onderwerp Vaststellen functies van het raadswerk. Daar zit een raadsvoorstel en een besluit bij. Ik kijk even of er vanuit de raad behoefte is om hier het debat over te voeren. Ik zie niemand dat ook doen. Dat is mooi. Ik ga ervan uit dat dat conform is, maar even voor de zekerheid ga ik toch even de vraag stellen: wie is hiertegen? Dan even een handje laten zien. Wie is tegen een handje? Ik kijk voor de zekerheid ook nog even naar de griffier. Griffier, ziet u handjes? Niet. Dan constateer ik dat iedereen voor is, dus dat het voorstel unaniem is aangenomen. (Hamerslag) Dank u wel. 7. Voorstellen m.b.t. jeugdraad 7a. Benoeming twee leden jeugdraad De voorzitter: Dan ga ik door naar de Voorstellen met betrekking tot de jeugdraad. Ik heb daar twee onderwerpen bij genoteerd staan. Dat betreft de Benoeming van twee leden van de jeugdraad en dat betreft het Jaarverslag van de jeugdraad 2019. Ik pak eerst de benoeming van twee leden jeugdraad voor mij. Dat betreft een apart beslispunt. Dat betekent dat we in ieder geval van drie leden afscheid gaan nemen, of dat hebben we eigenlijk al gedaan. Dat zijn Nick Zwiers, Bo Oude Groote Beverborg en Laith Almichtomi. Nou, hoop ik dat ik het goed heb uitgesproken. ‘Leet’. Oké. Excuus. Ik moet wat vaker gaan oefenen, denk ik. De reden staat erbij vermeld.
En gelukkig, we hebben ook twee jongeren gevonden die nieuw lid willen worden van die jeugdraad. Dat betreft Max Wegdam en Olivier Zwijnenberg. Hartstikke goed. Dat ben ik even in de snelheid vergeten, ik heb ook begrepen dat Ruth Loke afscheid gaat nemen van de jeugdraad. Dus ja, ik denk dat er zeker ruimte is voor nieuwe leden. Maar voorlopig hebben we in er ieder geval weer twee bij. Dat is heel mooi. Althans, als de raad daarmee instemt. Daar ga ik gemakshalve wel vanuit. Ik zal nog even kijken of er leden van de raad zijn die bij dit punt het woord willen voeren. Ik zie in ieder geval de heer Nijland met een handje. Mijnheer Nijland. De heer Nijland: Ja, voorzitter. Dank dat ik even het woord mag voeren. Het is een aanname, maar ik denk dat ik namens in ieder geval de hele raad spreek als ik zeg: Olivier en Max, van harte welkom bij deze inmiddels roemruchte club. Voorzitter. Ze zitten inmiddels al vol in het werk dat de jeugdraad met zich meebrengt, kijkend naar de werkgroepjes waarin ze al volop aan het werk zijn als deelnemer. We zijn dan ook bijzonder trots dat Olivier en Max nu officieel lid zijn van de Oldenzaalse jeugdraad. We wensen hen natuurlijk alle succes en natuurlijk het allerbelangrijkste: heel veel plezier met al het werk dat ze gaan doen.
Daarnaast heeft Max inmiddels al ervaring opgedaan als junior locoburgemeester tijdens zijn eerste vergadering bij de jeugdraad en had hij ook al input geleverd voor een nieuw te bouwen zwembad en hij een volledig zelf ontworpen glijbaan presenteerde op een laptop waar wij allemaal steil van achterover sloegen die avond. Dus Olivier en Max zijn stomend binnengekomen. Dus ja, nogmaals: heel veel trots, heel veel succes en tot later jongens. We spreken elkaar. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Nijland. Dan kom ik nog bij mevrouw Rödel. Mevrouw Rödel. Mevrouw Rödel-Ouwens: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even van de gelegenheid gebruikmaken om namens de fractie, Nick, Bo, Laith en Ruth van harte te bedanken voor al hun inzet het afgelopen jaar. Bij dezen. De voorzitter: Mooi. Dank u wel. Ik kijk nog even of ik mag concluderen dat het allemaal verder conform is. Dan heb ik het over het onderdeel Benoeming twee nieuwe leden in de jeugdraad. Mevrouw Rödel, uw handje nog. Ik ga ervan uit dat dat een vergissing is, dat u niet tegen dit voorstel bent? Hij is al weg. Niemand tegen? Iedereen voor? (Hamerslag) Unaniem aangenomen. Dat is mooi. 7b. Jaarverslag jeugdraad 2019 De voorzitter: Dat betekent dat ik naar het tweede deel kan. Dat betreft het jaarverslag, ook daar van de jeugdraad, 2019. Ook daar zit een raadsvoorstel en een besluit bij.
En de traditie is in Oldenzaal dat één van de jeugdraadsleden dan de gelegenheid krijgt om de gemeenteraad toe te spreken. En
13
dat is dit keer mevrouw Ter Hofstede. Mevrouw Ter Hofstede, aan u het woord. Als u nog denkt om uw microfoontje in te schakelen. Ga uw gang. Mevrouw Ter Hofstede: Dank u wel, voorzitter. Allereerst bedankt natuurlijk dat ik hier mag zijn namens de hele raad om het jaarverslag toe te lichten. Ik zal het kort houden, want u heeft het allemaal gelezen. Ik zal wel gewoon alleen ingaan op punten die het allerbelangrijkst zijn. Ik begin bij 2018, want dat loopt natuurlijk door in 2019. In 2018 zijn we bezig gegaan met de Boessche Binnenstad. Hier hebben we heel veel leuke contacten aan overgehouden en hebben we ook contact gehouden. Hier hebben we nog steeds wel wat contact mee. Ook een aantal van deze contacten willen we weer opnieuw op gaan pakken in 2021. Daarnaast zijn we in 2019 bezig gegaan met het ontwerpen van ons eigen logo. Deze hebben we overal ingesteld. Daarnaast hebben we ook een carnavalslogo ontworpen. Deze hebben we op petjes laten drukken en die heeft onder andere Prins Carnaval gedragen. Dat was heel leuk om te zien. Met carnaval speelde er natuurlijk nog veel meer. We kregen om ons heen te horen dat de jeugd zich een beetje buitengesloten voelde door beslissingen die waren genomen in Oldenzaal, waardoor wij niet meer overal terecht konden. Het is dan natuurlijk onze taak om ons daar hard voor te maken. Dat hebben we ook zeker geprobeerd. Ook op de korte termijn.
Hier hebben we interviews over gedaan in de krant, op de radio. En we hebben ook een advies geschreven. We willen hier ook in volgende jaren zeker mee bezig gaan. Daarnaast zijn we, dat is wel het belangrijkste van 2019, bezig gegaan met het coachingstraject. We merkten namelijk dat nog steeds niet alles helemaal goed liep, omdat wij meer konden halen uit iedereens aparte krachten. Door aan de slag te gaan met een professionele kindercoach hebben wij hier veel meer uit zien te halen. We zijn er echt achter gekomen wat iedereens individuele talenten zijn. Hier hebben we veel beter op weten in te spelen daardoor. We hebben dan ook een nieuwe invulling gemaakt van de raad. Dat houdt in dat we een eigen bestuur hebben gekozen en ervoor hebben gekozen om met minder coaches door te gaan. Dit zorgde voor een veel duidelijkere taakverdeling. Dat bood weer heel veel moois voor 2020. Dat leest u bij het volgende jaarverslag. Dat was eigenlijk wel het belangrijkste van 2019. Als u nog verdere vragen heeft, dan hoor ik het graag. De voorzitter: Dan doe ik het microfoontje weer aan. Dank u wel. Hartelijk dank voor de beknopte beschrijving van 2019, het jaarverslag. Keurig gedaan. Compliment daarvoor. Ik kijk even naar de raadsleden. Zijn er raadsleden die mevrouw Ter Hofstede nog een vraag of vragen willen stellen? De heer Winkelhuis zie ik in ieder geval.
Dan ga ik naar de heer Winkelhuis. De heer Winkelhuis: Allereerst de complimenten voor de wijze waarop jij ons hebt toegesproken. Ik kan me volledig indenken. Mooi kort en krachtig. Dank je wel daarvoor. Ik heb nog een korte vraag aan jou. Je hoort in het land steeds meer toch dat de jeugd het moeilijk vindt om deze vervelende coronatijd door te komen. Heb jij misschien voor ons nog tips of heb je punten waar wij misschien de komende maanden nog iets mee kunnen? Onze minister-president heeft ons vanavond weer toegesproken en de vooruitzichten zijn niet zo heel prettig, zullen we maar zeggen. Maar het zou fijn zijn als jullie misschien vanuit jullie ervaring ons wat dingen zouden kunnen vertellen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Winkelhuis. Als u nog aan uw handje denkt, mijnheer Winkelhuis. Dan kijk ik nog even rond of er nog meer raadsleden zijn. Ik zie dat niet voorbijkomen. De heer Nijland nog. Ja. Twee handjes zelfs. Microfoon. Mijnheer Nijland, denkt u nog aan de microfoon? In al zijn enthousiasme. Ga uw gang. De heer Nijland: Ja, online. Oké. Allereerst dank Nine. Ik sluit me volledig aan bij de woorden van Henk. Nog eventjes een aanvullende vraag. Misschien dat wij daar ook iets mee kunnen als het gaat natuurlijk.
Hebben jullie nog veel input gehad van leeftijdsgenoten in dit heel gekke jaar waar jullie bijvoorbeeld wat highlights uit kunnen lichten die belangrijk zijn ook voor ons om mee te nemen als je kijkt naar corona en jeugd? Dat is het. De voorzitter: Dank u wel. Ik neem aan dat u met Henk de heer Winkelhuis bedoelde. Ja, ik zie u in ieder geval knikken. Ik zie verder niemand. Mevrouw Ter Hofstede, zou u antwoord willen geven op de twee vragen die u heeft gekregen?
14
Mevrouw Ter Hofstede: Dank u wel, voorzitter. Eerst ga ik nog even in op die van de heer Nijland. We hebben zeker veel input gekregen van onze leeftijdsgenoten. Vooral dat iedereen het erg jammer vond en dat we merkten dat het sociale leven van heel veel mensen toch een beetje stil kwam te liggen. Dat vinden wij natuurlijk heel vervelend om te horen. Het gaat bijvoorbeeld over de sport die stil kwam te liggen en ook over het onderwijs natuurlijk. Dat gaat meteen door naar de vraag van de heer Winkelhuis. Op het onderwijs ligt, denk ik, op het moment best wel veel werkdruk. Ook voor de leerlingen. Omdat het Twents Carmelcollege gekozen heeft om voor scholen nu gescheiden lesdagen te maken, moeten zij nu heel snel veel stof oppakken. Ik merk dat dat bij een aantal leerlingen wel lastig valt, vooral als ze dan ook niet altijd goed kunnen ontspannen. Of wij echt weten wat u daaraan kan doen, kan ik nu nog geen antwoord op geven. Dat ga ik in ieder geval op de agenda zetten voor de volgende vergadering, zodat wij dan een beter antwoord daarop kunnen geven, want het is natuurlijk voor iedereen vervelend. Wij mogen ook niet veel als jeugd, want wij zitten bijvoorbeeld niet in de risicogroep. Dus we moeten er met zijn allen mee omgaan. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee kom ik tot de besluitvorming van dit agendapunt.
De heer Winkelhuis tot slot en dan wil ik echt overgaan tot besluitvorming. Mijnheer Winkelhuis. De heer Winkelhuis: Nog even bedankt voor het antwoord van Nine. Ik zit natuurlijk wel in de risicogroep, maar desondanks ben ik toch wel heel benieuwd. Ik hoop echt dat jullie op korte termijn ons wat tips kunnen geven. Ik snap jouw verhaal van leerlingen die op school komen en soms met dubbele roosters zitten en dat het allemaal hartstikke lastig is. Maar vooral ook de tijd daarna zou ik graag willen vragen aan jou of er tips zijn of we na schooltijd misschien nog meer voor jullie aan kunnen of moeten bieden. Ik heb zo geen idee hoor, maar ik hoop in ieder geval dat jullie met ideeën komen. Ik vond het nog even mooi, dat wil ik toch even zeggen, hoe eigenlijk een trotse vader Nijland naar zijn pupil zat te kijken. Dat was wel echt fantastisch om te zien. Jammer dat ik geen foto heb gemaakt. Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over tot besluitvorming. Ik ga ervan uit dat niemand tegen is, dat het unaniem is, maar ik stel de vraag toch even: wie is tegen dit voorstel, het aannemen van het Jaarverslag 2019 van de jeugdraad? Ik neem aan dat het handje bij de heer Winkelhuis een vergissing is? Ja. Oké. Dan unaniem. (Hamerslag) Heel mooi. Complimenten nogmaals richting de jeugdraad en ga door op deze ingeslagen weg.