Bijlage 2a - Toelichting
Tekst van het document
blad 51 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Figuur 4.7: Kaart achtergrond geurbelasting In de huidige situatie loopt een hoogspanningsleiding van 150 kV door het noordelijke deel van het plangebied. Deze leiding heeft een indicatieve magneetveldzone van 80 meter aan weerszijden van de leiding. Conform de planning zal deze leiding in 2027 worden verwijderd. Na het uit gebruik nemen van deze leiding zijn er geen belemmeringen voor de gezondheid. De ontwikkeling leidt niet tot een toename in de emissie voor geur, fijnstof en ammoniak. In paragraaf 4.9 is getoetst op geur en veehouderijen. Een nader advies van de GGD is niet noodzakelijk. Conclusie Het aspect gezondheid is geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
4.11
Duurzaamheid Algemeen Om een gezonde, toekomstbestendige leefomgeving voor mens, plant en dier te creëren en te behouden, speelt duurzaamheid een belangrijke rol in ruimtelijke ontwikkelingen. Duurzame stedenbouw verbreedt de aandacht naar meer aspecten dan alleen de verkaveling en ontsluiting. Duurzaamheid gaat ook om een zuinig ruimtegebruik, milieuvriendelijkheid, veilig verkeer en vervoer en natuur en rekening houden met het waterhuishoudingsysteem, omgevingsinvloeden, landschapsstructuren en klimaatadaptatie. Toetsing De ambitie is om met de woonwijk een belangrijke bijdrage te leveren aan de samenleving,
blad 52 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
zowel voor mens als dier. Dit wordt bewerkstelligd door eisen te stellen aan de woningbouw. De duurzaamheidseisen voor 2025 zijn MPG =<0,5 en BENG 2=0. Waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van circulair en biobased materiaal, bijvoorbeeld voor isolatie van de woningen. Tijdens de bouw kan door zuinig om te gaan met bouwmaterialen worden voorkomen dat er onnodig afval ontstaat. Infiltratie gebeurt zoveel mogelijk op eigen terrein en voldoende infiltratie- en bergingsmogelijkheden in het openbaar gebied. Er wordt zo min mogelijk verharding aangelegd in openbaar en privéterrein. In het plangebied worden nieuwe bomen en houtwallen aangeplant en waar mogelijk worden groene daken gerealiseerd. In de woningen worden nestkasten ingebouwd en er worden voorzieningen voor andere aanwezige soorten. Conclusie Het aspect duurzaamheid is geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
4.12
Geluid Algemeen Bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling waarbij sprake is van de realisatie van een geluidgevoelig object, maar ook van een wijziging van bouwmogelijkheden nabij geluidbronnen, moet worden getoetst aan de Wet geluidhinder (Wgh). In de Wet geluidhinder is bepaald hoe voor een gebied waar een ruimtelijke ontwikkeling plaatsvindt dient te worden omgegaan met geluidhinder als gevolg van wegverkeer, vliegtuigverkeer, industrie en spoorwegen. In de Wgh is geregeld dat bepaalde wegen, spoorwegen en bedrijven(terreinen) een zone hebben. Bij een ruimtelijke ontwikkeling waarbij sprake is van de ontwikkeling van geluidgevoelige objecten binnen een geluidszone, dient een onderzoek te worden uitgevoerd naar de geluidsbelasting op deze gebouwen of terreinen. De Wet geluidhinder beschermt de volgende objecten: woningen; andere geluidsgevoelige gebouwen; geluidsgevoelige terreinen Omdat met de beoogde ontwikkeling nieuwe woningen (geluidsgevoelig objecten) worden toegevoegd, is aandacht nodig voor het aspect geluid. Toetsing Door Antea Group is in 2024 een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is als Bijlage 14 bijgevoegd. Hieronder worden de resultaten toegelicht. Wegverkeerslawaai Het plangebied is gelegen in de zone van een nog aan te leggen niet-gezoneerde weg (de “planweg”, ) en gezoneerde wegen (Oirschotseweg en Heiligenboom).
Als gevolg van de Oirschotseweg wordt de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting niet overschreden. Als gevolg van de weg de Heiligenboom vindt er wel een overschrijding plaats van de ten hoogst toelaatbare waarde. De geluidbelasting op de hoogst belaste woning bedraagt 52 dB (inclusief aftrek ex art. 110g Wgh). Vanuit het oogpunt van een 'goede ruimtelijke ordening' is er ook akoestisch onderzoek gewenst met betrekking tot 30 km/uur wegen. De nog aan te leggen niet-gezoneerde “planweg” zorgt voor een overschrijding van de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting op woningen bij de planweg met een geluidbelasting van 52 dB (inclusief aftrek ex art. 110g
blad 53 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Wgh). Maatregelen Maatregelen om de geluidbelasting terug te brengen dienen in eerste instantie op de bron te worden toegepast. In het akoestisch rekenmodel is gerekend met een referentiewegdek op de Heiligenboom. Het toepassen van bronmaatregel in de vorm van een geluidreducerend wegdek (SMA0/5) kan een maximale reductie opleveren van circa 1,7 dB. Het toepassen van een geluidreducerend wegdek bij de Heiligenboom verlaagt de geluidbelasting van 52 dB naar 51 dB (inclusief aftrek ex art. 110g Wgh). Het toepassen van een geluidreducerend wegdek bij de nog aan te leggen "planweg" levert een minieme reductie op van 52 dB naar 51 dB (inclusief aftrek ex art. 110g Wgh). De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt bij beide wegen nog steeds overschreden. Aangezien het een maatregel is waarbij een bestaande weg wordt aangepast en het slechts tot een minieme reductie leidt, kan deze maatregel stuiten op bezwaren van financiële aard. Voor de nog aan te leggen weg geldt dat de stille elementverharding makkelijker kan worden toegepast. Echter hoeft een 30 km/uur weg niet aan de grens- en streefwaarden van de Wet geluidhinder te voldoen. De uiteindelijke beoordeling is aan de gemeente. Schermen zijn effectief waar een hoge geluidreductie gehaald moet worden. Het nadeel is wel dat door het plaatsen van schermen de geluidbelasting elders als gevolg van reflectie tegen het scherm kan toenemen.
De hoogte, de plaats en de vorm van het scherm zijn bepalend voor het geluidniveau achter het scherm. Esthetisch wordt plaatsing van schermen echter vaak niet als positief ervaren. Ook in het kader van verkeersveiligheid (belemmering zicht) is een scherm vaak niet gewenst. Gezien de ligging van het plangebied aan de rand van het dorp lijkt het plaatsen van een scherm ook op stedenbouwkundige bezwaren te stuiten. Voor het plangebied wordt een hogere waarde vastgesteld vanwege het wegverkeerlawaai. De verlening van de hogere waarde vindt plaats in een aparte hogere waarde-procedure gelijktijdig met de ruimtelijke procedure. Conclusie Het aspect geluid is geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
4.13
Luchtkwaliteit Algemeen Op 15 november 2007 is de Wet Luchtkwaliteit in werking getreden. De luchtkwaliteitseisen zijn opgenomen in hoofdstuk 5 titel 2 van de Wet milieubeheer (Wm). In artikel 5.16 Wm staat een limitatieve opsomming van de bevoegdheden waarbij luchtkwaliteitseisen een directe rol spelen. Het gaat om ruimtelijke besluiten en milieuvergunningen die direct gevolgen voor de luchtkwaliteit hebben en daardoor kunnen bijdragen aan overschrijding van een grenswaarde. Een vaststelling van een bestemmingsplan betreft de uitvoering van een bevoegdheid als bedoeld in artikel 5.16 van de Wm. Vaststelling van een bestemminsplan is mogelijk als: De concentratie stoffen in de lucht door de voorgenomen ontwikkeling verbetert of gelijk blijft; Bij beperkte toename van de concentratie, door een met de activiteit samenhangende maatregel of optredend effect, de luchtkwaliteit per saldo verbeterd; De toename, niet in betekenende mate (NIBM) bijdraagt. Dit is het geval als een project of activiteit maximaal 3% van de jaargemiddelde grenswaarde bijdraagt aan de concentraties PM10 of NO2 (max1,2 µg/m3).
blad 54 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Toetsing Toetsing initiatief aan “niet in betekenende mate” begrip Projecten die “niet in betekenende mate” bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit hoeven volgens de Wet luchtkwaliteit niet afzonderlijk te worden getoetst op de grenswaarde, tenzij een dreigende overschrijding van één of meerdere grenswaarden te verwachten is. De grens van “niet in betekenende mate” ligt volgens de gelijknamige AMvB bij 3% van de grenswaarde van een stof. Hiervan is volgens de ministeriële regeling van “niet in betekenende mate” sprake bij de realisatie van minder dan 1.500 woningen op één ontsluitingsweg of minder dan 3.000 woningen op twee ontsluitingswegen. Dit bestemmingsplan ziet toe op een bestemmingsplanherziening waarbij maximaal 220 woningen juridisch-planologisch mogelijk worden gemaakt. Deze herziening is daarom een ontwikkeling die kleiner is dan 1.500 woningen. De ontwikkeling zal dan ook 'niet in betekenende mate' bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Dit blijkt ook uit onderstaande NIBM-tool. Nader onderzoek is daarom niet noodzakelijk.
Figuur 4.8: NIBM-tool Toetsing initiatief aan “goede ruimtelijke ordening” Naast de toetsing of het bouwplan een bijdrage levert aan de luchtkwaliteit dient beoordeeld te worden of sprake is van een goed woon-, en leefklimaat en daarmee of sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De GGD geeft op lokaal niveau advies over luchtkwaliteit in relatie tot gezondheid en ruimtelijke ordening. Juist bij gevoelige bestemmingen nabij drukke wegen is het wenselijk dat de gemeente om advies vraagt aan de GGD. De ontwikkeling betreft een bestemming die niet in de nabijheid van en drukke weg is gelegen. Toch is inzicht gezocht in de luchtkwaliteit. Dit is onderzocht door middel van de actuele kaartgegevens met betrekking tot de aspecten stikstofdioxide, fijnstof, zeer fijnstof en roet. (nsl-monitoring.nl). Hieruit blijkt dat ter plaatse van de meetpunten wordt voldaan aan de grenswaarden. Er kan worden geconcludeerd dat er sprake is van een goede luchtkwaliteit ter plaatse. Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan. blad 55 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
4.14
Spuitzones Algemeen In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet een afweging worden gemaakt tussen het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en de volksgezondheid. Op grond van deze afweging kan het noodzakelijk zijn en om een spuitvrije zone aan te houden. Welke afstand (minimaal) aangehouden moet worden, is niet in een wettelijke regeling voorgeschreven. Uit jurisprudentie blijkt dat de Raad van State een afstand van 50 meter, tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, in het algemeen niet onredelijk vindt. Volgens vaste rechtspraak kan een kortere afstand ook aanvaardbaar zijn, mits hieraan een goede onderbouwing ten grondslag ligt. Daarnaast kan het zijn dat gepaste maatregelen genomen moeten worden om de drift te voorkomen (bronmaatregelen zoals driftarme spuitdoppen) of overdrachtsmaatregelen zoals bijvoorbeeld een dichte haag. Toetsing In de nabijheid van het plangebied zijn geen gronden waarop gewassen (zoals fruitbomen) in de open lucht worden geteeld. Van afstandsnormen voor spuitzones is dan ook geen sprake. Met betrekking tot spuitzones is een goed woon- en leefklimaat gegarandeerd. Conclusie Het aspect spuitzones vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.15
Externe veiligheid Algemeen De externe veiligheidsregelgeving is gericht op het beperken en beheersen van risico's en effecten van calamiteiten alsmede het bevorderen van de veiligheid van personen in de omgeving van activiteiten (bedrijven en transport) met gevaarlijke stoffen. Dat gebeurt door te voorkomen dat te dicht bij gevoelige bestemmingen activiteiten met gevaarlijke stoffen plaatsvinden, door de zelfredzaamheid te bevorderen en door de calamiteitenbestrijding te optimaliseren. De wet- en regelgeving ten aanzien van externe veiligheid is vastgelegd in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb), de Structuurvisie buisleidingen, het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Basisnet. Om voldoende ruimte aan te houden tussen risicobronnen en de personen of objecten die risico lopen (kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten) moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Ook ontwikkelingsmogelijkheden die ingrijpen in de personendichtheid rondom een risicobron kunnen om onderzoek vragen. Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt in het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR).
Het PR is de kans dat een persoon, die (onafgebroken en onbeschermd) op een bepaalde plaats aanwezig is, overlijdt als gevolg van een calamiteit op het terrein van een inrichting of bij een transportmodaliteit. Het groepsrisico (GR) bestaat uit de cumulatieve kans per jaar dat een groep van een bepaalde omvang overlijdt als gevolg van een calamiteit op het terrein van een inrichting of bij een transportmodaliteit. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op het beschermen van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen en kinderopvang- en dagverblijven. Beperkt kwetsbaar zijn onder meer kantoren, winkels, horeca en parkeerterreinen.
blad 56 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Toetsing Door Antea Group is een quickscan externe veiligheid uitgevoerd. De onderzoeksmemo is als Bijlage 15 opgenomen. Hierna wordt ingegaan op de conclusies van het onderzoek. Oirschotseweg en Heiligenboom Direct ten zuiden van het plangebied bevindt zich de Oirschotseweg. Direct ten oosten bevindt zich de Heiligenboom. Over deze wegen vindt het transport van gevaarlijke stoffen plaats. De wegdelen nabij het plangebied maakt geen onderdeel uit van het basisnet. Het plangebied bevindt zich binnen 200 meter van deze risicobronnen. Ingevolge artikel 7 en 8 van het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) moet het groepsrisico inzichtelijk worden gemaakt en verantwoord worden. Daarnaast dient volgens de Regeling basisnet het plaatsgebonden risico inzichtelijk te worden gemaakt indien het traject geen onderdeel uitmaakt van het basisnet. Plaatsgebonden risico In de bijlage van het HART (paragraaf 1.2.4.1) staan vuistregels beschreven om het plaatsgebonden risico voor een weg binnen de bebouwde kom te bepalen. In deze vuistregels staat vastgesteld dat een weg binnen de bebouwde kom geen 10-6 -contour heeft. De wegen liggen binnen de bebouwde kom. Daarmee wordt conform het Bevt voldaan aan de norm- en richtwaarden ten aanzien van het plaatsgebonden risico. Groepsrisico Het plangebied is binnen de 200 meter-zone van de wegen gelegen.
Het groepsrisico dient derhalve conform het Bevt inzichtelijk te worden gemaakt. In de bijlage van het HART (paragraaf 1.2.4.2) staan vuistregels beschreven om een indicatie van de hoogte van het groepsrisico te geven en wanneer er sprake zal zijn van een groepsrisico hoger dan 0,1 keer de oriëntatiewaarde. Voor het trajectdeel ter hoogte van het plangebied wordt uitgegaan van een worst-case scenario met een gemiddelde personendichtheid van 70 personen per hectare. Volgens het HART dient dan het aantal GF3 transporten (bij worst-case bebouwingsafstand van 10 meter) lager te zijn dan 600 transporten per jaar, om te resulteren in een groepsrisico lager dan 10% van de oriëntatiewaarde. Het aantal GF3 transporten is lagr dan de gestelde aantallen in het HART. Het groepsrisico van beide wegen is zowel in de huidige als in de toekomstige situatie (inclusief voorgenomen ontwikkeling) lager dan 0,1 keer de oriëntatiewaarde. Omdat het plangebied binnen het invloedsgebied van de weg is gelegen, is een beperkte verantwoording van het groepsrisico (beschouwen zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid) conform het Bevt verplicht. Aangezien er sprake is van beperkte verantwoordingsplicht kan er gebruik worden gemaakt van de Standaard Verantwoording Groepsrisico (Gemeente Oisterwijk, 2019). Deze verantwoording is toegevoegd als Bijlage 16.
Hoogspanningsleiding In de huidige situatie loopt een hoogspanningsleiding van 150 kV door het noordelijke deel van het plangebied. Deze leiding heeft een indicatieve magneetveldzone van 80 meter aan weerszijden van de leiding. Deze leiding wordt echter geamoveerd. Conform de planning zal deze leiding in 2027 worden verwijderd. Na het uit gebruik nemen van deze leiding zijn er geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van het plan met betrekking tot externe blad 57 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
veiligheid. Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
blad 58 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Hoofdstuk 5
Juridische planbeschrijving
5.1
Verantwoording planvorm Het onderhavige bestemmingsplan heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor de woningbouwontwikkeling ten behoeve van 220 woningen te Moergestel. Het bestemmingsplan is een juridisch plan, dat bindend is voor de burgers en voor de overheid. Wat betreft systematiek van de integrale herziening is aangesloten bij de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP). Er is sprake van een specifiek bestemmingsplan voor meerdere aaneengesloten kadastrale percelen, een postzegelplan. In dit hoofdstuk wordt de inhoud van de bestemmingen toegelicht en wordt aangegeven hoe de uitgangspunten hun juridische vertaling in het eigenlijke plan (regels en verbeelding) hebben gekregen. De bestemmingen zijn juridisch vastgelegd in de tekst van de regels en in beeld op een verbeelding. Verbeelding en regels zijn één geheel en niet afzonderlijk leesbaar.
5.2
Systematiek bestemmingen Voor de regels bij het bestemmingsplan ‘Heiligeboom, Moergestel’ is aangesloten bij de systematiek van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 en bij het vigerende bestemmingsplan 'Kom Moergestel'. De planregels zijn verdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 geeft de inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsplanregels weergegeven. In dit hoofdstuk worden de op de verbeelding opgenomen bestemmingen geregeld. In hoofdstuk 3 zijn algemene regels opgenomen waaronder de antidubbeltelbepaling en algemene afwijkingsregels. In hoofdstuk 4 zijn de overgangsregels en de slotregel opgenomen. De systematiek van de regels kan worden samengevat aan de hand van de hoofdstukindeling. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. De regels in een bestemming zijn conform de SVBP als volgt opgebouwd en benoemd: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Bestemmingsomschrijving Bouwregels Nadere eisen Afwijken van de bouwregels Specifieke gebruiksregels Afwijken van de gebruiksregels Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk
Een bestemmingsregel hoeft niet alle elementen te bevatten. Dit verschilt per bestemming. In de bestemmingsomschrijving wordt een omschrijving gegeven van de aan de gronden toegekende functies. In de bouwregels wordt bepaald aan welke voorwaarden de bebouwing moet voldoen. Voor zover nodig wordt een onderscheid gemaakt in bedrijfsgebouwen, bedrijfswoningen, bijgebouwen, overige bebouwing en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waardoor een toetsing van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen overzichtelijk is.
blad 59 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
5.3
Artikelsgewijze toelichting Hoofdstuk 1 Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat twee artikelen. Artikel 1 bevat de definities van begrippen die van belang zijn voor toepassing van het plan. Het tweede artikel betreft de wijze van meten, waarin wordt aangegeven hoe bij toepassing van de regels wordt gemeten. In beide artikelen is, conform de SVBP2012, een aantal standaardbegrippen en een aantal standaard meetwijzen opgenomen. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Groen Deze enkelbestemming is toegekend aan de openbare groenvoorzieningen in het plangebied. Binnen deze bestemming is tevens de aanleg van onder andere speelvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen mogelijk. Tevens zijn additionele voorzieningen binnen deze bestemming toegestaan. Artikel 4 Verkeer Deze bestemming geldt voor wegen, straten en pleinen, voet- en fietspaden ten behoeve van de afwikkeling van alle verkeer. Verder zijn binnen deze bestemming naast geluidwerende en waterhuishoudkundige voorzieningen, ook nuts- en speelvoorzieningen toegestaan. Artikel 5 Woongebied De bestemming geldt voor alle woningen in het plangebied. In de regels is opgenomen dat er maximaal 220 woningen worden gerealiseerd, waarbij wordt uitgegaan van een mix van verschillende woningtypen. Hoofdgebouwen De hoofdbebouwing wordt niet vastgelegd in bouwvlakken, maar binnen het bestemmingsvlak Woongebied.
Binnen het bestemmingsvlak wordt de maatvoering, situering en de vorm van de hoofdgebouwen vastgelegd. Aan-huis-gebonden beroepen en bedrijven Binnen de bestemming Woongebied zijn aan-huis-gebonden beroepen en bedrijven rechtstreeks toegestaan tot een oppervlakte van niet meer dan 40% van de vloeroppervlakte van de woning en totaal niet meer dan 80 m2 . Er moet worden voldaan aan de eisen zoals opgenomen in de gebruiksbepalingen van de bestemming Woongebied. Er is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen om aan-huis-gebonden beroepen en bedrijven in een bijgebouw te realiseren. Huisvesting voor mantelzorg Binnen de bestemming Woongebied is huisvesting voor mantelzorg rechtstreeks toegestaan, mits voldaan wordt aan de eisen zoals opgenomen in de gebruiksbepalingen van de bestemming Woongebied. Er is een afwijkingsmogelijkheid opgenomen om mantelzorg in een bijgebouw te realiseren. Logies en ontbijt Binnen de bestemming Woongebied is logies en ontbijt rechtstreeks toegestaan, mits voldaan wordt aan de eisen zoals opgenomen in de gebruiksbepalingen van de bestemming Woongebied.Er is een afwijkingsmogelijkheid opgenomen om logies en ontbijt in een bijgebouw te realiseren.
blad 60 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Voorwaardelijke verplichting waterberging In de gebruiksregels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen om te waarborgen dat waterberging wordt gerealiseerd voordat de woningen in gebruik worden genomen. Artikel 6 Waarde - Archeologie 4 De bestemming ' Waarde - Archeologie 4' wordt gehanteerd om de archeologische waarden in het gebied veilig te stellen. Onderzoek heeft aangetoond dat vervolgonderzoek noodzakelijk is. Bouwen is op deze gronden ten behoeve van een andere ter plaatse geldende (enkel)bestemming uitsluitend toegestaan onder bepaalde voorwaarden. Onder andere zijn in de planregels verplichtingen opgenomen die aan een vergunning kunnen worden verbonden. Uitzondering hierop is het vervangen, vernieuwen of veranderen van bestaande bebouwing op de bestaande plaats, waarbij de oppervlakte op of onder peil niet wordt vergroot. Een archeologisch onderzoek is ook niet nodig als de graaf- of heiwerkzaamheden ten behoeve van het bouwwerk niet dieper plaatsvinden dan 0,5 meter onder peil, of als een bouwwerk een oppervlakte heeft van maximaal 1000 m2 . Hoofdstuk 3 Algemene regels De algemene regels van het bestemmingsplan gelden voor het gehele plangebied. Hier zijn onder meer de algemene gebruiks- en afwijkingsmogelijkheden opgenomen.
Milieuzone-geluidzone In de algemene aanduidingsregels is een regeling opgenomen die bepaalt dat er binnen de zone alleen dan geluidgevoelige bebouwing opgericht mag worden als dat de bedrijfsvoering van de betreffende inrichting niet onevenredig benadeeld wordt en aangetoond is dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Milieuzone-geurzone In de algemene aanduidingsregels is een regeling opgenomen die bepaalt dat er binnen de zone geen geurgevoelige bebouwing mag worden opgericht. Van dit verbod kan het bevoegd gezag afwijken als de inrichting die verantwoordelijk is voor de geurzone gesaneerd of buiten werking is gesteld, danwel de inrichting zodanig is gewijzigd dat de nieuwe geurgevoelige bebouwing niet meer binnen de geurzone ligt óf als aangetoond wordt dat de bedrijfsvoering van de desbetreffende inrichting niet onevenredig wordt benadeeld en dat er ter plaatse van de nieuwe geurgevoelige bebouwing nog steeds sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Overige zone - uit gebruik te nemen hoogspanningsleiding In de algemene regels is een regeling opgenomen die bepaalt dat er binnen de zone het gebruik van de woningen slechts is toegestaan nadat de bestaande bovengrondse leiding uit gebruik is genomen.
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels In het overgangsrecht is bepaald dat bouwwerken, die op het moment van de tervisielegging van het plan aanwezig zijn, mogen blijven staan, ook al is dit in strijd met de bouwregels. Het gebruik van gronden en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment waarop het plan rechtskracht verkrijgt, mag worden gehandhaafd. Dit overgangsrecht komt voort uit artikel 3.2.1 van het Bro en is een verplicht onderdeel van de regels. In de slotregel wordt aangegeven onder welke naam de planregels kunnen worden aangehaald.
blad 61 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
blad 62 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid In artikel 6.12 lid 1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is bepaald dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen. Geen exploitatieplan hoeft te worden vastgesteld als het verhalen van kosten anderszins is verzekerd. Er is een anterieure overeenkomst gesloten tussen de gemeente en BPD. De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van de ontwikkeling zijn voor rekening van de initiatiefnemer. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. Het bestemmingsplan is hiermee financieel uitvoerbaar. De gemeente stelt zich tot doel dat binnen drie tot vijf jaar na onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan de landschappelijke tegenprestatie in het landschapsfonds wordt uitgegeven.
blad 63 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
blad 64 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan Heiligeboom, Moergestel Gemeente Oisterwijk Projectnummer 0479561
Hoofdstuk 7
7.1
Procedure
Voorbereiding Op 21 september 2022 is de eerste informatie over het plan en een eerste ontwerp van het stedenbouwkundig plan gepresenteerd aan omwonenden en belangstellenden. Hier werd voornamelijk positief op gereageerd. Na de centrale presentatie konden de aanwezigen door middel van post-its op panelen hun eerste reactie geven over verschillende onderwerpen. Aanwezigen hebben richting de gemeente zorgen geuit over de verkeersstromen in Moergestel. Op 10 juli 2023 is een tweede omgevingsdialoog gehouden. Aan belanghebbenden en belangstellenden is via een inloopavond de mogelijkheid geboden om vragen te stellen en te reageren op de uitwerking van de visie. In de zaal stonden verschillende panelen verspreid met informatie over het plan, bijvoorbeeld over verkeer en mobiliteit, proces en planning, natuur en groen en de woonsferen in de drie gebieden (wonen aan de brink, wonen in de clusters en wonen op de erven). De sfeer in de zaal was positief. De zorg over toenemende verkeersdrukte en de ontsluiting op de Oirschotseweg werd wederom veel geuit. Omwonenden zijn bang dat de woningen leiden tot nog meer auto’s op de Oirschotseweg, die nu al als druk en gevaarlijk wordt beschouwd. Deze zorgen worden nogmaals voorgelegd aan de gemeente, maar zijn niet belemmerend voor de verdere ontwikkeling van Heiligeboom.
7.2
Vooroverleg en ter visielegging Op grond van artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) wordt het bestemmingsplan aan de Provincie Noord-Brabant en Waterschap de Dommel voorgelegd. Het ontwerpbestemmingsplan "Heiligeboom, Moergestel" heeft van 22 december 2023 tot en met 15 februari 2024 ter inzage gelegen. Het plan maakt de bouw mogelijk van maximaal 220 woningen in negen woonvelden met bijbehorende openbare voorzieningen zoals wegen, groen en water op de percelen gelegen tussen de bestaande woonwijk Oostelvoortjes en de Heiligenboom in Moergestel. Er zijn binnen de genoemde termijn negen zienswijzen binnengekomen, waarvan één pro forma. De pro forma zienswijze is binnen een termijn van twee weken aangevuld met inhoudelijke gronden. Alle zienswijzen zijn daarmee ontvankelijk. In Bijlage 17 treft u de nota van zienswijzen aan. In de beantwoording is beschreven of een reactie aanleiding geeft tot wijziging van het bestemmingsplan.
blad 65 van 65
Ruimte - Antea Nederland B.V.