Bijlage 2 (geanonimiseerd) - Rapportage 'Prognose Openluchtbad Staalbergven' d.d. 14 juni 2024 van Hospitality Group (aangepaste versie)
Tekst van het document
Prognoses Openluchtbad Staalbergven Eindrapport
Aan
Gemeente Oisterwijk De Lind 44 Postbus 10101 5060 GA Oisterwijk
Van
Hospitality Group Nijverheidsweg-Noord 78 Postbus 2186 3800 CD Amersfoort Auteurs
------------------------------Project
Bezoekers- en Exploitatieprognose toekomstscenario’s Staalbergven Betreft
Eindrapport Ons kenmerk
240156.d02/RM/LS Datum
14-06-2024
© 2024 Hospitality Group
Behoudens uitzonderingen door de wet gesteld mag, zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de rechthebbenden c.q. door de rechthebbenden gemachtigden, niets uit deze uitgave worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of anderszins, hetgeen ook van toepassing is op de gehele of gedeeltelijke bewerking.
2
Inhoud 1.
2.
3.
4.
5.
6.
Inleiding
4
1.1.
Aanleiding en opdracht
4
1.2.
Leeswijzer
5
Wat weten we al?
6
2.1.
Feiten en cijfers
7
Scenario’s en prognoses
12
3.1.
Inleiding
12
3.2.
Scenario 0: Huidige situatie
14
3.3.
Scenario 3A: Complete revitalisatie
15
3.4.
Scenario 3B: Vervallen wedstrijdbassin
16
3.5.
Mogelijke impact op het Ven
17
3.6.
Scenario 3C: Vervallen recreatiebassin
18
3.7.
Samenvattend
19
Invloed zwemgebruik Staalbergven op de venvegetatie
22
4.1.
Inleiding
22
4.2.
Samenvatting effecten zwemgebruik Staalbergven
22
4.3.
Inschatting invloed toekomstig zwemgebruik
23
4.4.
Advies zwemgebruik & venvegetatie
23
Exploitatieprognose
25
5.1.
Inleiding
25
5.2.
Exploitatieprognose Scenario 3A: Complete revitalisatie
25
5.3.
Exploitatieprognose Scenario 3B: Vervallen wedstrijdbassin
26
5.4.
Bevindingen exploitatieprognoses
27
Samenvattende conclusie
BIJLAGE: Notitie invloed zwemgebruik Staalbergven op de venvegetatie
28 30
3
1. Inleiding 1.1. Aanleiding en opdracht In 2019 heeft Hospitality Group – samen met een onderzoekscentrum en technische adviesbureaus – onderzoek gedaan naar de toekomst van zwembad Staalbergven. Hierbij zijn de wensen en behoeften van de gebruikers, Natuurmonumenten en de gemeente in beeld gebracht. Daarnaast is de conditie van de bassins, gebouwen en technische installaties in kaart gebracht. Ook heeft er ecologisch onderzoek plaatsgevonden naar de conditie en natuurwaarden van het Staalbergven. Het openluchtzwembad Staalbergven in Oisterwijk moet gerevitaliseerd worden. Bremen Bouwadviseurs heeft in 2023 inzichtelijk gemaakt welke investeringen, per type bassin, gedaan moeten worden voor een grondige renovatie om aan de wettelijk gestelde eisen te voldoen. Er zijn verschillende renovatiescenario’s denkbaar. Bij scenario’s waarin een type bassin komt te vervallen, hoort de kanttekening dat bepaalde functies niet meer worden aangeboden. Denk hierbij aan baantjeszwemmen en het springen van de duikplank bij het vervallen van het wedstrijdbassin, en allerlei recreatieve wateractiviteiten indien het recreatiebassin komt te vervallen. De vraag is, in hoeverre dit zich gaat vertalen in tegenvallende bezoekaantallen en tegenvallende abonnementenverkoop en verkoop losse entreebewijzen.
De gemeente Oisterwijk heeft Hospitality Group gevraagd de volgende zaken in beeld te brengen: ▪ Verwachte bezoekaantallen bij een complete revitalisatie, in vergelijking met verwachte bezoekaantallen bij het scenario waarbij het wedstrijdbassin met springkuil komt te vervallen. ▪ Verwachte bezoekaantallen bij een complete revitalisatie, in vergelijking met verwachte bezoekaantallen bij het scenario waarbij het ondiepe recreatiebassin met glijbaan komt te vervallen. ▪ De financiële consequenties qua inkomsten uit abonnementenverkoop en verkoop losse entreebewijzen. In de “EindRap230925 Oisterwijk 25-10-2023.pdf”, die Hospitality Group in oktober 2023 heeft opgeleverd, is antwoord gegeven op voorgaande vragen en is er een bezoekersprognose uitgewerkt. Deze rapportage is meegenomen bij het uitwerken van de scenario’s die in de raadsvergadering van 14-12-2023 ter besluitvorming zijn voorgelegd. Uit deze raadsvergadering zijn, als gevolg van een aangenomen amendement, nog een tweetal aanvullende vragen naar voren gekomen, te weten: 1) Hoe kan invulling worden gegeven aan de randvoorwaarde van Natuurmonumenten voor hun instemming met scenario 3B (gedeeltelijke revitalisatie)? “We zijn bereid om middels nader onafhankelijk onderzoek en nadere afstemming te kijken naar scenario 3B met de randvoorwaarde dat voor 100 % zeker is dat de druk op het Ven niet toeneemt.
Denkkader hierbij om het maximaal aantal bezoekers en zwemmers in het Ven concreter te begrenzen en vast te leggen zoals dit ook gedaan is in een eerdere verlengingsovereenkomst.” 2) Kan er een prognose gemaakt worden van het te verwachten lagere aantal bezoekers (en inkomsten) als gevolg van de voorgestelde tariefsaanpassingen en kan op basis daarvan voor beide scenario’s (3A en 3B) een volledige exploitatieopzet-/prognose gemaakt worden?
4
De uitwerking van deze beide aanvullende vragen is meegenomen en in voorliggende notitie samengevoegd met de eerdere uitwerking van de prognoses. Dit aangezien de aanvullende vragen deels een verbreding en deels een verdieping betreffen ten aanzien van de eerdere opgave. Dit heeft geresulteerd in één geactualiseerde notitie waarin de antwoorden op alle onderzoeksvragen zijn gebundeld.
1.2. Leeswijzer In het volgende hoofdstuk geven we een beknopte beschrijving van alle feiten en cijfers die al bekend en bruikbaar zijn als onderbouwing voor de bezoekersprognoses per scenario en de financiële consequenties. In hoofdstuk drie worden de verschillende scenario’s beschreven en uitgewerkt. Daarbij is ook de aanvullende uitwerking meegenomen van de mogelijke impact van de sluiting van het wedstrijdbad (zoals beoogd in scenario 3B) op het Ven alsmede de eventuele impact van de voorgestelde prijsverhoging op de bezoekaantallen. In hoofdstuk 4 treft u de exploitatieprognoses op hoofdlijnen voor beide scenario’s 3A en 3B. Het geeft een goed beeld van de te verwachten exploitatie effecten per scenario. We spreken in deze notitie over een nul-scenario en over scenario 3A, 3B en 3C, omdat uit eerdere onderzoeken en besprekingen in raadsverband is gebleken dat scenario 1 (sluiting Staalbergven), 2 (renovatie volgens renovatieplannen 2019) en 4 (nieuw openluchtzwembad realiseren elders in de gemeente) op dit moment niet relevant zijn om verder uit te werken.
5
2. Wat weten we al? Er hebben meerdere onderzoeken plaatsgevonden die ons een goed beeld geven van de (recente)geschiedenis en de huidige situatie. Er is inzicht in bezoekaantallen, verkoop abonnementen en losse tickets en hoe zich dit de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. Ook weten we hoe het zwembad qua tarifering zich verhoudt tot vergelijkbare voorzieningen in de buurt en wat de voorkeuren van gebruikers zijn in relatie tot het type zwemvoorziening. In de navolgende paragrafen worden de belangrijkste bevindingen, feiten en cijfers beschreven gerelateerd aan het onderzoeksvraagstuk in voorliggende rapportage. Deze input hebben wij gebruikt als onderbouwing om de toekomstige effecten op de bezoekaantallen per scenario en exploitatie vorm te geven.
Quickscan Staalbergven (2015) ▪ ▪ ▪
Het Staalbergven biedt een unieke combinatie van zwembassins en een strandbad, maar het water wordt niet verwarmd, wat sommige bezoekers, met name ouderen, kan afschrikken. Staalbergven heeft een ruim wateroppervlak (chloorbassins) en daardoor een relatief laag aantal bezoekers per vierkante meter wateroppervlak. De tarieven zijn laagdrempelig, vooral voor jeugd en senioren. Een hoog percentage bezoekers koopt losse entreebewijzen in plaats van een abonnement.
Toekomstvisie Staalbergven (2019) ▪ ▪ ▪
▪ ▪ ▪
Het Staalbergven kent een brede maatschappelijke waarde, vooral voor de inwoners van Oisterwijk en omstreken. Juist de combinatie van een natuurlijk Ven met chloorhoudende bassins, de ruime ligweide en de diverse voorzieningen maakt het Staalbergven uniek. Er wordt vanuit alle bezoekers zowel een belangrijke waarde aan het Ven als een belangrijke waarde aan de chloorbassins toegekend → feitelijk kan voor de bezoekers het één niet zonder het ander. Uit de praktijk blijkt dat het gros van de bezoekers in het recreatiebassin te vinden is en dat het wedstrijdbassin ‘slechts’ gevuld is met een kwart van de totale bezoekersaantallen. Het gros van de bezoekers is afkomstig uit de gemeente Oisterwijk zelf. Daarnaast is een behoorlijk deel van de bezoekers afkomstig uit de gemeente Tilburg. Met de noodzakelijke renovatie wordt ook een kwaliteitsimpuls gegeven aan alle gebouwen, installaties, bassins en bestrating op het terrein, waardoor het Staalbergven ook qua uitstraling weer past bij deze tijd. Dit zal zeker zijn weerslag hebben op de positieve beleving van de bezoekers en op de exploitatie. Door de kwaliteitsimpuls is een (beperkte) verhoging van de tarieven beter te rechtvaardigen.
6
2.1. Feiten en cijfers In deze paragraaf geven we een samenvattend overzicht van feiten en cijfers die de onderbouwing vormen voor de bezoekersprognose per scenario. Deze worden in het volgende hoofdstuk weergegeven.
Bezoekersaantallen Om een goed beeld te krijgen van het toekomstige aantal bezoekers, hebben we het gemiddeld aantal bezoekers over de periode 2012 t/m 2019 berekend. In deze berekening is 2018 achterwege gelaten in verband met Social Deal acties die tot een enorme stijging van het aantal bezoekers heeft geleid, maar niet representatief is. Daarnaast is 2022 t/m 2023 separaat bekeken, omdat dit de periode betreft waarin alle chloorbaden gesloten waren en enkel het Ven toegankelijk was. Het jaar 2020 is niet meegenomen omdat dit geen representatieve cijfers zijn in verband met de uitbraak van de Corona-epidemie. Het Staalbergven kende gedurende dat jaar zeer onregelmatige openstellingsmomenten. In de volgende tabellen is het gemiddelde aantal bezoekers weergegeven, uitgesplitst naar bezoekers met een abonnement en bezoekers die een los entreeticket kopen. Tabel 1 Gemiddeld aantal bezoekers 2012-2019
Type bezoekers Abonnementhouders Losse tickets Totaal
Aantal 7.700 35.500 43.200
Uit de tabel blijkt dat in de periode 2012-2019 er veel meer bezoekers op basis van een los ticket naar het Staalbergven komen (82%), dan abonnementhouders (18%). Ondanks dat het hier een gemiddelde betreft, is dit beeld in alle jaren hetzelfde. In de periode (2022 en 2023) dat alleen het Ven geopend is, de beperkingen van Covid-19 achter ons liggen en de toegangsprijs 1 euro, bezoeken er gemiddeld 12.500 mensen het Staalbergven. Dat is circa 29% van het gemiddelde aantal bezoekers in de periode 2012-2019.
Inkomsten entreegelden De inkomsten uit entreegelden worden bepaald door de verkoop van abonnementen en losse tickets. In de volgende tabel zijn de gemiddelde inkomsten uitgesplitst naar abonnementen en losse tickets in beeld gebracht. Hiervoor zijn dezelfde jaartallen gebruikt, als bij de bezoekaantallen. Tabel 2 Gemiddelde inkomsten uit abonnementen en losse entree 2012-2019
Type inkomsten Abonnementen Losse tickets Totaal
bedrag € 24.500 € 119.500 € 144.000
7
Uit de tabel blijkt dat de inkomsten uit de losse kaartverkoop (83%) vele malen hoger is dan de verschillende abonnementsvormen (17%).
Doelgroep In 2015 heeft onderzoeksbureau Synarchis gekeken naar de samenstelling van bezoekers naar leeftijden. In de volgende tabel is het bezoek naar samenstelling van leeftijden weergegeven over de periode 2012 t/m 2015. Tabel 3 Samenstelling bezoekers naar leeftijden
Doelgroep 2012 2013 2014 Baby’s (0-2 jr) 2% 1% 1% Kinderen (3-15 jr) 46% 47% 49% Volwassenen (16-64 jr) 50% 50% 48% Senioren (65+) 0% 0% 0% Na 17:00u (alle leeftijden) 2% 2% 2% Bron: Quickscan Staalbergven Synarchis, 2015
2015 1% 53% 44% 1% 1%
Uit de tabel blijkt dat ongeveer de helft van de bezoekers van het Staalbergven 15 jaar of jonger is en de andere helft in de leeftijdscategorie 16 t/m 64 jaar zit.
Bevolkingsprognose Uit de vorige onderzoeken wordt duidelijk dat het gros van de bezoekers uit Oisterwijk zelf komt. Daarnaast komt ook een (aanzienlijk) deel van de bezoekers uit Tilburg. Aangezien bijna 100% van de bezoekers zich in de leeftijdscategorie tussen 3 en 64 jaar bevindt, kijken we ook naar de toekomstige samenstelling en aantallen inwoners van de gemeente Oisterwijk en Tilburg. In de volgende figuur is de bevolkingsprognose voor Oisterwijk weergegeven. Figuur 1
Bevolkingsprognose gemeente Oisterwijk
Oisterwijk 40.000 35.000 30.000 25.000
1.670 5.150
1.970 5.770
2.320 6.270
2.940
3.430
3.930
6.640
7.040
7.090
17.570
17.670
17.340
17.370
17.190
17.240
6.880
6.730
6.320
6.440
6.900
7.330
2015
2020
2025
2030
2035
2040
20.000 15.000 10.000 5.000 0
0-19 jr
20 - 64 jr
65 - 79 jr
80 jr e.o.
Bron: RIVM, Regiobeeld
8
Uit de bevolkingsprognose blijkt dat het totaal aantal inwoners in Oisterwijk in de leeftijdscategorie tot 65 jaar stabiel blijft. In Tilburg betreft dit een stijging van ruim 3%, maar dat is te verwaarlozen in relatie tot het aantal bezoekers dat uit Tilburg komt.
Voorkeuren bassin In 2019 heeft Hospitality-Group de voorkeuren per type bassin, door middel van een enquête, in kaart gebracht. De respondenten is gevraagd om de voorkeur naar type bassin te rangschikken. In de volgende tabel zijn de resultaten weergegeven. Niet alle respondenten hebben ook een tweede of derde voorkeur aangegeven. Tabel 4 Voorkeuren bezoekers per type bassin
Voorkeuren bassin 1e keuze 2e keuze 3e keuze
Natuurven 31% 17% 11%
Kinderbassin 5% 6% 6%
Recreatiebassin 34% 28% 10%
Wedstrijdbassin 30% 27% 14%
Uit de tabel blijkt dat er vanuit alle bezoekers zowel een belangrijke waarde aan het Ven als aan de chloorbassins toegekend wordt, met uitzondering van het kinderbassin, maar die doelgroep is ook aanzienlijk kleiner. Het lijkt erop dat er een specifieke groep speciaal voor het Ven komt, omdat de 2e keuze voor het Ven nadrukkelijk minder is dan voor het recreatie- en wedstrijdbassin. Het voorkeurspercentage van het Ven (31%) komt ook dichtbij het percentage bezoekers in 2022-2023, toen alleen het Ven geopend was, als we het gemiddelde bezoekersaantal 2022-2023 (12.500) relateren aan het gemiddelde aantal bezoekers van 43.200 in 2012-2019 (29%). Omdat in de enquête geen duidelijk verschil naar voren komt, is ook in de praktijk gekeken naar de werkelijke bezoekersstroom verdeeld over de verschillende bassins. Dit op basis van observaties ter plaatse tijdens de openstelling. Het beeld wat hieruit naar voren komt, is in de volgende tabel weergegeven. Tabel 5 Bezoekersstroom per type bassin
Type bassin Het Ven Kinderbassin Recreatiebassin Wedstrijdbassin
Bezoekersverdeling 10% 5% 60% 25%
In de praktijk blijkt dat er een wezenlijk verschil zit tussen het gebruik van het type bassin. Het recreatiebassin is in de praktijk veruit het meest populair, gevolgd door het wedstrijdbassin en het Ven. Dit werkelijke gebruik wijkt enigszins af van de enquêteresultaten waarin het natuurven en het wedstrijdbassin in de enquête ook als belangrijke voorkeur worden aangemerkt.
9
Inkomen en tarieven Uit voorgaande onderzoeken blijkt dat de tarieven voor abonnementen en losse tickets in zwembad Staalbergven lager zijn dan in vergelijkbare zwemvoorzieningen in de directe omgeving (straal van circa 15 km). Wanneer we kijken naar het gemiddeld inkomen in deze gemeenten wordt duidelijk dat het gemiddeld inkomen in Oisterwijk daar niet voor onder doet. In de volgende tabel is het verschil in het globale tarief per voorziening weergegeven, evenals het besteedbaar inkomen in de betreffende gemeente. We noemen het een globaal tarief, omdat de verschillende aanbieders verschillende tariefvarianten hebben. Denk hierbij aan verschillen in leeftijd, weekendtarieven en entree vanaf een bepaalde tijd. De tarieven van het Staalbergven gaan over 2019, omdat na corona de chloorbassins zijn gesloten. De tarieven van vergelijkbare voorzieningen gaan over 2023. Tabel 6 Tariefstructuren van vergelijkbare voorzieningen in de omgeving
Staalbergven Strandbad en buitenbad
Rauwbraken
Groene Wellen
Karakteristiek van Strandbad Buitenbad de voorziening Prijzen voorverkoop Gezin abonnement € 60,00 € 195,00 € 170,00 Individueel €20,00/30,00 € 90,00 € 85,00 Prijzen hoogseizoen Gezin abonnement € 80,00 € 195,00 € 230,00 Individueel €30,00/45,00 € 90,00 € 115,00 Prijzen losse tickets Jeugd € 4,00 € 6,50 € 6,00 Senioren € 6,00 € 6,50 € 7,00 Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger per gemeente Gemeente Oisterwijk Tilburg Tilburg € 38.500 € 29.400 € 29.400
De Langspier
IJzeren Man
Strandbad
Strandbad
€ €
180,00 60,00
€ €
231,00 76,00
€ €
180,00 60,00
€ €
231,00 76,00
€ €
6,00 6,00
€ €
8,25 8,25
Boxtel 34.600
€
Vught 43.700
€
Bron: Websites voorzieningen, Allecijfers (CBS). Uit de tabel blijkt dat de abonnementstarieven voor het Staalbergven fors lager liggen dan bij de andere baden. De prijzen van de losse tickets voor met name senioren komen meer in de buurt van andere baden.
10
Toezicht en schoonmaak De scenario’s hebben invloed op het aantal bezoekers en daarmee ook op de inkomsten uit entreegelden. Indien er een bassin komt te vervallen, heeft dit ook effect op de kosten. Naast de besparing op bouwtechnische kosten, zorgt een bassin minder ook voor besparingen aan de personele kant. Toezicht Bij het beheren en exploiteren van een zwembad is de beherende partij, in het geval van zwembad Staalbergven is dit Optisport, verantwoordelijk voor het inschatten van het aantal benodigde toezichthouders. Er moet een toezichtplan zijn dat zowel het aantal toezichthouders als de vereiste vaardigheden omvat. Voor elk bassin moet er doorgaans een aparte toezichthouder aanwezig zijn, met de focus alleen op toezichtstaken. Bij calamiteiten of drukte moet er nog steeds toezicht zijn. De mate van toezicht wordt beïnvloed door het type bezoekers en de activiteiten. Schoonmaak Naast het schoonmaken van sanitaire voorzieningen en meubilair moeten ook de bassins gereinigd worden. Denk hierbij aan: ▪ het filteringssysteem: reinigen en onderhoud van filters om vuil, bladeren et cetera te verwijderen. ▪ Oppervlaktereiniging: het verwijderen van bladeren, insecten en ander drijvend afval. De ligging van het Staalbergven tussen de bossen, vergroot de kans op dergelijke verontreiniging. ▪ Zwembadomgeving: het reinigen van de zwembadranden en perrons.
11
3. Scenario’s en prognoses 3.1. Inleiding In deze paragraaf zullen we drie scenario’s en een 0-scenario uitwerken. Hierbij zullen we prognoses maken van het verwachte aantal bezoekers en de mogelijke impact op de exploitatie. Om een vergelijking te kunnen maken tussen inkomsten uit abonnementen, zullen we de tarieven uit 2019 hanteren, aangezien de abonnementsstructuren en prijzen t/m 2015 anders waren. Voor de inkomsten uit losse tickets zullen we werken met de gemiddelde inkomsten uit entreegelden per bezoeker over de afgelopen jaren (vanaf 2012). Dit wordt gedaan omdat: ▪ Losse entree na 17:00u niet als een ander type bezoeker wordt geregistreerd, maar het tarief is aanzienlijk lager. ▪ Eerdere onderzoeken (2015) hebben aangetoond dat verschillende groepen bezoekers (organisaties, instellingen, scholen, verenigingen et cetera) sterk gereduceerde tarieven of zelfs gratis toegang tot het zwembad krijgen. Om de onderzoeksvragen goed te kunnen beantwoorden schetsen we eerst het 0-scenario. Dit vertegenwoordigt in wezen de huidige situatie, waarbij we ervan uitgaan dat alle bassins in theorie zijn geopend (maar niet gerenoveerd). In scenario 3A maken we een prognose van het aantal bezoekers bij een complete revitalisatie.
Vervolgens zullen we in de daaropvolgende twee scenario’s vergelijkingen maken met het verwachte aantal bezoekers wanneer het wedstrijdbassin met springkuil komt te vervallen (Scenario 3B), en wanneer het recreatiebassin met glijbaan komt te vervallen (Scenario 3C). In de scenario’s waarbij een bassin komt te vervallen, zullen er ook besparingen aan de personeelskant ontstaan. Denk hierbij aan inzet van toezichthouders en schoonmaakwerkzaamheden. Beïnvloedingsfactoren Aannames, die het werkelijke bezoekersaantal kunnen beïnvloeden: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Weersafhankelijkheid en steeds meer warme dagen als gevolg van klimaatverandering Gezinnen komen minder omdat één of meer personen uit het gezin specifiek voor het recreatiebassin met glijbaan of wedstrijdbassin met springkuil komt Tarifering Hygiëne Ervaren gastvrijheid Kwaliteit van restauratieve voorziening Acties en aanvullende programma’s Nieuwe alternatieve recreatieve voorzieningen in de directe omgeving
Het is belangrijk op te merken dat de bevolkingsprognose geen invloed heeft op de toekomstige bezoekersaantallen in alle scenario’s, aangezien de leeftijdscategorie van de bezoekers in dezelfde mate aanwezig blijft in de gemeente Oisterwijk en omstreken. Meerdere zwemdagen door klimaatverandering Het gemiddelde aantal dagen dat het Staalbergven t/m 2019 geopend was (inclusief chloorbaden en zonder de negatieve effecten van Covid-19), was circa 118 dagen per jaar. Dat betekent grofweg
12
dat het 118 dagen per jaar 20 graden of warmer was. De gevolgen van klimaatverandering zorgen ervoor dat het aantal dagen per jaar dat het 20 graden of warmer is zal toenemen, evenals het aantal extreem warme dagen waarbij het aannemelijk is dat het Staalbergven drukker bezocht wordt indien deze warme dagen in de weekenden vallen. Het is lastig om exacte voorspellingen te doen betreft de groei van het aantal dagen dat het warmer is dan 20 graden, maar het is niet verassend als dit de komende 30 jaar met enkele tientallen dagen per jaar zal toenemen. Volgens het KNMI zal het aantal zomerse dagen, met 25 graden of meer, flink stijgen. Nu is dat aantal in De Bilt 28 dagen per jaar, en dat neemt toe tot veertig zomerse dagen per jaar in de lageuitstoot-scenario's. Bij een hoge uitstoot worden het er naar verwachting 49 in het jaar 2050. Dat is een stijging tussen de 40 en 75%. Dat betekent niet dat het aantal bezoekers in deze orde van grootte stijgt. Het is immers niet altijd weekend en/of vakantie. Als uitgangspunt hanteren wij over het hele seizoen genomen (dus inclusief de minder zonnige dagen) een stijging van 1% van het aantal bezoekers per jaar. De toename van het aantal warme dagen gaat geleidelijk. Dat betekent voor de scope tot aan 2050 een stijging van 25% van het aantal bezoekers.
Verhoging van de tarieven Zoals hiervoor aangegeven is tarifering ook één van de beïnvloedingsfactoren op het aantal bezoekers. In de raadsvergadering van 14-12-2023 zijn tariefswijzigingen voor de periode na revitalisatie voorgesteld. In de volgende tabel is het voorgestelde tarief weergegeven (onafhankelijk van scenario 3A, 3B of 3C). Tabel 7 Voorgestelde tariefsverhoging na revitalisatie uitgesplitst naar type entree
Type entree Abonnementen gezin Abonnementen 3-12 jr Abonnementen 13 jr e.o Abonnementen gezin Abonnementen 3-12 jr Abonnementen 13 jr e.o Tickets 3-12 jr Tickets 13 jr e.o.
Prijzen voorverkoop nu € 60 € 20 € 30 Prijzen zwemseizoen € 80 € 30 € 45 Prijzen losse tickets €4 €6 Gemiddeld losse tickets €5
Voorgestelde prijs na revitalisatie € 210 € 70 € 105 € 210 € 70 € 105 €8 €8 €8
We houden er rekening mee dat een tariefsverhoging in deze orde van grootte zeker effect heeft op het totale bezoekaantallen. Ondanks dat er na revitalisatie sprake is van nieuwe eigentijdse zwemvoorzieningen, die zeker een aanzuigende werking zullen hebben, zijn de prijsstijgingen dusdanig groot dat deze zeker impact zullen hebben op de bezoekersaantallen. Met de voorgestelde tariefstructuur hanteren wij de volgende uitgangspunten: ▪ 25% minder bezoekers ▪ 50% minder abonnement verkoop ▪ Bij een gezinsabonnement wordt uitgegaan van 2 volwassenen en 2 kinderen
13
Uit eerder onderzoek blijkt dat grofweg de helft van de bezoekers minimaal 6x per jaar het Staalbergven bezoekt. De andere helft dus minder vaak. Losse entree is dan veel goedkoper. Kosten De beschreven stichtingskosten betreffen indicatieve bouwkosten, inclusief de kosten voor de voorbereiding en begeleiding van uitvoering (advies- en ontwerpkosten, inkoop, coördinatie, financiële begeleiding en controle c.q. toezicht op de uitvoering), en daaruit voortvloeiende kapitaallasten. Voor het inzichtelijk maken van kapitaallasten is er gerekend met een afschrijvingstermijn van 40 jaar en 2,4% rente in een lineaire variant. Om een compleet beeld te krijgen van de kosten is ook een indicatieve post voor jaarlijkse reservering voor groot onderhoud meegenomen.
3.2. Scenario 0: Huidige situatie In paragraaf 2.1 zijn de gemiddelde bezoekaantallen weergegeven. Binnen dit scenario geven we een beeld van deze bezoekersaantallen en het effect hiervan op de inkomsten uit entreegelden. We gaan er in dit 0-scenario vanuit dat de chloorbassins in de huidige situatie theoretisch nog geopend zijn en dat er geen tariefsverhoging is doorgevoerd. Zoals eerder beschreven is het 0-scenario nodig om een juiste vertaling te kunnen maken naar scenario 3A, 3B en 3C. In de praktijk is het 0-scenario niet mogelijk. Tabel 8 Scenario 0: Huidige situatie
Bezoek Totaal Abonnementhouders Losse entree Verkoop abo en tickets Abonnementen gezin Abonnementen 3-12 jr Abonnementen 13 jr e.o Losse tickets Inkomsten Abonnementen Tickets Totaal entreegelden
43.000 7.500 35.500 240 90 200 35.500 € € €
27.500 116.500 144.000
14
3.3. Scenario 3A: Complete revitalisatie Binnen dit scenario wordt het te verwachten bezoekersaantal bij een complete revitalisatie in beeld gebracht. Er wordt rekening gehouden met dezelfde functies en oppervlaktes als voorheen. Bij een complete revitalisatie geldt dat er een kwaliteitsimpuls gegeven wordt aan alle gebouwen, installaties, bassins en bestrating op het terrein, waardoor het Staalbergven ook qua uitstraling weer past bij deze tijd. Wij verwachten een toename van het aantal bezoekers, indien de entreeprijzen gelijk blijven. De entreeprijzen waarmee gerekend is liggen immers lager dan de vergelijkbare voorzieningen in de omgeving. Indien de entreeprijzen worden verhoogd, zoals voorgesteld in het raadsvoorstel, ontstaat een ander beeld. We hanteren de uitgangspunten van dalende bezoekersaantallen en afname abonnementen, zoals beschreven in de inleiding (paragraaf 3.1). In de volgende tabel worden de aantallen, inkomsten en kosten weergegeven, waarbij deze zijn uitgesplitst naar abonnementen en losse entrees op basis van de ‘huidige’ prijzen en de voorgestelde prijsverhoging. Tabel 9 Scenario 3A: Complete revitalisatie
Bezoek
Huidige prijzen
Totaal 47.500 Abonnementhouders 8.500 Losse entree 39.000 Verkoop abo en tickets Abonnementen gezin 270 Abonnementen 3-12 jr 100 Abonnementen 13 jr e.o 220 Losse tickets 39.000 Inkomsten Abonnementen € 30.500 Tickets € 128.500 Totaal entreegelden € 159.000 Kosten Stichtingskosten € 6.991.000 Jaarlijkse kapitaallasten* € 343.000 Groot onderhoud € 87.500 *O.b.v. 40 jaar en 2,4% rente – lineair jaar 1
Voorgestelde prijzen (2025) 33.500 4.500 29.000
Situatie in 2050 (prijspeil 2025) 42.000 5.500 36.500
130 50 110 29.500
170 60 130 36.500
€ € €
42.500 234.000 276.500
€ € €
53.500 292.500 346.000
€ € €
6.991.000 343.000 87.500
€ € €
6.991.000 343.000 87.500
In dit scenario is het aantal bezoekers met 4.500 bezoekers (ruim 10%) gestegen ten opzichte van het 0-scenario. Naast de extra entreegelden (€ 15.000 hoger) zullen de extra bezoekers in potentie ook voor meer omzet zorgen, door extra afname bij de restauratieve voorzieningen. Met de voorgestelde prijsverhoging gaat het totaal aantal bezoeken weliswaar naar beneden, maar zullen de inkomsten uit entreegelden fors toenemen. De potentiële omzet binnen de restauratieve voorzieningen zal lager zijn, gezien de verwachte daling van het aantal bezoekers. De 1% stijging per jaar van het aantal bezoeken, als uitgangspunt in relatie tot meerdere warme dagen als gevolg van klimaatverandering, laat zien dat er in 2050 circa 42.000 bezoeken verwacht mogen worden.
15
3.4. Scenario 3B: Vervallen wedstrijdbassin Binnen dit scenario wordt het te verwachten bezoekersaantal in beeld gebracht bij een complete revitalisatie, met uitzondering van het wedstrijdbassin. Deze komt te vervallen. Voor het recreatiebassin en het peuterbad wordt rekening gehouden met dezelfde functies en oppervlaktes als voorheen. Met de revitalisatie van deze bassins, gebouwen, installaties en bestrating op het terrein wordt een kwaliteitsimpuls gegeven, waardoor het Staalbergven ook qua uitstraling weer past bij deze tijd. Er wordt gerekend met een bandbreedte tussen 12,5% en 25% minder bezoekers als gevolg van het wegvallen van het wedstrijdbassin met springkuil, omdat: ▪ In de praktijk blijkt dat de bezoekersverdeling per type bassin uitwijst dat circa 25% in het wedstrijdbassin te vinden is. Dat wil echter niet per definitie zeggen dat deze bezoekers niet meer komen recreëren, waarbij ze onder andere gebruik kunnen maken van het recreatiebassin. ▪ Doordat het totaalaanbod minder wordt, betekent dit mogelijk minder bezoekers. Anderzijds komen er mogelijk extra bezoekers doordat het recreatiebassin is opgeknapt en weer van deze tijd is. Ook voor dit scenario geldt dat een ander beeld ontstaat in aantallen en opbrengsten indien de entreeprijzen worden verhoogd, zoals voorgesteld in het raadsvoorstel.
We hanteren de uitgangspunten van dalende bezoekersaantallen en afname abonnementen, zoals beschreven paragraaf 3.1. In de volgende tabel worden de aantallen, inkomsten en kosten weergegeven uitgesplitst naar abonnementen en losse entrees op basis van de ‘huidige’ prijzen, de voorgestelde prijsverhoging en de situatie in 2050 als gevolg van een toename in het aantal warme dagen. Tabel 10 Scenario 3B: Vervallen wedstrijdbassin
Bezoek
Huidige prijzen Afname 12,5% 38.000 7.000 31.000
Totaal Abonnementhouders Losse entree Verkoop abo en tickets Abonnementen gezin 210 Abonnementen 3-12 jr 80 Abonnementen 13 jr e.o 170 Losse tickets 31.000 Inkomsten Abonnementen € 24.000 Tickets € 102.000 Totaal entreegelden € 126.000 Kosten Stichtingskosten € 4.996.000 Jaarlijkse kapitaallasten* € 245.000 Groot onderhoud € 47.000 *O.b.v. 40 jaar en 2,4% rente – lineair jaar 1
Voorgestelde prijzen(2025)
Situatie in 2050 (prijspeil 2025)
Afname 25% 32.500 6.000 26.500
24.500 3.000 21.500
31.000 4.000 27.000
180 70 150 26.500
100 40 80 21.500
120 50 100 27.000
€ € €
20.500 87.500 108.000
€ € €
31.500 173.000 204.500
€ € €
39.500 216.000 255.500
€ € €
4.996.000 245.000 47.000
€ € €
4.996.000 245.000 47.000
€ € €
4.996.000 245.000 47.000
16
In dit scenario zien we dat er 12,5% (5.000) tot 25% (10.500) minder bezoekers zijn in vergelijking met het 0-scenario. Dit heeft een matig effect op de totale entreegelden. Bij een gemiddelde afname van 18,75% wordt het verlies aan inkomsten geraamd op € 27.000. Met de voorgestelde prijsverhoging gaat het totaal aantal bezoeken naar beneden, maar zullen de inkomsten uit entreegelden fors toenemen. De potentiële omzet binnen de restauratieve voorzieningen zal lager zijn gezien de verwachte daling van het aantal bezoekers. De 1% stijging per jaar van het aantal bezoeken, als uitgangspunt in relatie tot meerdere warme dagen als gevolg van klimaatverandering, laat zien dat er in 2050 circa 31.000 bezoeken verwacht mogen worden. Binnen dit scenario is het waarschijnlijk dat er ten minste 1 personeelslid per dag minder nodig is. Bij een gemiddelde openstelling van 120 dagen van 7 uur met een uurtarief van € 35,- betekent dat tenminste een besparing van € 29.400. Dit bedrag is in mindering gebracht op de personeelslasten in de exploitatieprognoses in hoofdstuk 5.
3.5. Mogelijke impact op het Ven Een mogelijk bijeffect van het sluiten van bassins (in dit geval het wedstrijdbassin) kan ontstaan indien de bezoekers in dezelfde aantallen blijven komen en zich over de andere beschikbare bassins en het ven gaan verdelen. Dit zou in theorie impact kunnen hebben op het ven omdat daarmee mogelijk het gebruik (en daarmee de vervuiling) zou kunnen toenemen. Om de impact op het gebruik van het ven te bepalen, indien het wedstrijdbassin komt te vervallen, kijken we in samenhang naar de volgende punten: ▪ De verdeling van de bezoekers, naar type bassin, uit eerder onderzoek ▪ De bezoekersaantallen van 2022 – 2023, omdat dit de jaren waren waarbij het Staalbergven wel geopend was maar er geen ‘chloorbaden’ beschikbaar waren. Bezoekers konden toen namelijk alleen zwemmen in het ven. ▪ Negatief effect op het aantal bezoekers door tariefsverhoging. ▪ Positief effect op het aantal bezoekers door meerdere warme dagen. In hoofdstuk 2 (tabel 5) is de verdeling van de bezoekers, naar type bassin, weergegeven. Hieruit blijkt dat circa 10% van de totale bezoekaantallen zich in het ven begeeft. Uit de eerdere enquête (zie tabel 4) is gebleken dat 31% het ven als eerste keuze aangeeft en 17% als 2e keuze. Sinds de sluiting van de chloorbaden in 2022 kan er alleen in het ven worden gezwommen.
Daarbij is vanaf dat moment het toegangstarief aangepast naar ‘slechts’ 1 euro om de bezoekers in de vermindering van het aanbod tegemoet te komen. Hierdoor was er gedurende deze twee jaren sprake van een zeer lage drempel om naar het Staalbergven te gaan. Daarmee vormen de bezoekersaantallen van de jaren 2022 en 2023 een goede graadmeter om in te schatten hoeveel bezoekers het Staalbergven bezoeken om daadwerkelijk van het Ven gebruik te maken. Zoals in hoofdstuk 2 geduid, komen de bezoekersaantallen van het Staalbergven in het jaar 20222023 uit op gemiddeld 12.500. Omgerekend is dat circa 29% ten opzichte van de gemiddelde bezoekersaantallen op het moment dat ook de chloorbassins open waren (gemiddeld ca. 43.200, zie hoofdstuk 2). Op basis van deze benaderingswijze veronderstellen wij dat ook na renovatie er niet
17
méér dan 29% van de geprognotiseerde bezoekersaantallen specifiek voor het ven komt. Op basis van de bezoekersraming in de vorige tabellen ontstaat dan het volgende beeld: Tabel 11 Prognose van het aantal venzwemmers ten opzichte van het totaal aantal bezoekers
Bezoek
Huidige prijzen
Totaal Staalbergven (3A) Totaal in het natuurven (29%) Totaal Staalbergven (3B) Totaal in het natuurven (29%)
Afname 12,5% 38.000 11.020
47.500 13.775 Afname 25% 32.500 9.425
Voorgestelde prijzen(2025) 33.500 9.715
Situatie in 2050 (prijspeil 2025) 42.000 12.180
24.500 7.105
31.000 8.990
De tabel laat zien dat het verwachte aantal venzwemmers bij scenario 3A na de voorgestelde prijsverhogingen op jaarbasis rond de 10.000 – 12.000 bezoekers blijft en onder de 10.000 bezoekers blijft bij scenario 3B. De verwachte toename van het aantal venzwemmers, als gevolg van meerdere warme dagen, weegt niet op tegen de daling van het totaal aantal bezoeken als gevolg van de prijsstijging. Daarmee zal naar verwachting ook in de toekomst het aantal gebruikers van het Ven niet uitkomen boven de totale bezoekersaantallen van 2022-2023 of de door observatie geschatte aantallen (10%) gedurende de jaren tot aan 2019 waarbij er gemiddeld genomen 43.200 bezoekers waren. Pas bij een forse stijging van de totale bezoekersaantallen tot aan structureel 60.000 per jaar- hetgeen gezien de historische bezoekaantallen én de voorgenomen prijsstijgingen als onrealistisch wordt gezien – zouden de gebruikers van het Ven richting de ca. 15.000 bezoekers gaan. Dit ligt dan beperkt hoger dan de maximale bezoekersaantallen gedurende 2022-2023. Hierboven is cijfermatig beredeneerd dat het aantal venzwemmers in de toekomst na een revitalisatie naar verwachting niet boven het gemiddelde aantal bezoekers van 2022-2023 (12.500) zal uitkomen.
Om desondanks recht te doen aan de behoefte om controle te houden over de kwaliteit van het ven, is in het volgende hoofdstuk beschreven wat de eventuele ecologische gevolgen van een te intensief gebruik van het Ven zouden zijn en welke mogelijkheden er bestaan tot regulering van de impact die bezoekers hebben op het ven.
3.6. Scenario 3C: Vervallen recreatiebassin Binnen dit scenario wordt het te verwachten bezoekersaantal in beeld gebracht bij een complete revitalisatie, met uitzondering van het recreatiebassin. Deze komt te vervallen. Voor het wedstrijdbassin en het peuterbad wordt rekening gehouden met dezelfde functies en oppervlaktes als voorheen. Voor deze bassins, gebouwen, installaties en bestrating op het terrein wordt een kwaliteitsimpuls gegeven, waardoor het Staalbergven ook qua uitstraling weer past bij deze tijd. Er wordt gerekend met 50% tot 60% minder bezoekers als gevolg van het wegvallen van het recreatiebassin met glijbaan, omdat: ▪ In de praktijk blijkt dat de bezoekersverdeling per type bassin uitwijst dat circa 60% in het recreatiebassin te vinden is. Dat wil echter niet per definitie zeggen dat al deze bezoekers niet meer komen recreëren, maar het recreatiebassin is wel dé trekpleister. Een recreatieve zwemvoorziening zonder recreatiebassin is overigens niet gebruikelijk.
18
▪
Doordat het totaalaanbod minder wordt, betekent dit mogelijk minder bezoekers. Anderzijds komen er mogelijk extra bezoekers doordat het wedstrijdbassin is opgeknapt en weer van deze tijd is.
Binnen dit scenario is geen doorrekening gemaakt in aantallen en opbrengsten indien de entreeprijzen worden verhoogd, zoals voorgesteld in het raadsvoorstel. Tabel 12 Scenario 3: Vervallen recreatiebassin
Bezoek Afname 50% Totaal 21.500 Abonnementhouders 4.000 Losse entree 17.500 Verkoop abo en tickets Abonnementen gezin 120 Abonnementen 3-12 jr 50 Abonnementen 13 jr e.o 100 Losse tickets 17.500 Inkomsten Abonnementen € 14.000 Tickets € 58.500 Totaal entreegelden € 72.500 Kosten Stichtingskosten € 5.371.000 Jaarlijkse kapitaallasten* € 263.000 Groot onderhoud € 69.000 *O.b.v. 40 jaar en 2,4% rente – lineair jaar 1
Afname 60% 17.000 3.000 14.000 100 40 80 14.000 € € €
11.000 46.500 57.500
€ € €
5.371.000 263.000 69.000
In dit scenario zien we dat er 50% (21.500) tot 60% (26.000) minder bezoekers zijn in vergelijking met het 0-scenario. In dit scenario komen er op basis van de prognose slechts 19.500 bezoekers. Dit heeft een fors negatief effect op de totale entreegelden. Bij een gemiddelde afname van het aantal bezoekers van 55%, is het verlies aan inkomsten € 79.000. Net als bij het vorige scenario geldt ook hier dat het waarschijnlijk is dat er ten minste 1 personeelslid per dag minder nodig is. Bij een gemiddelde openstelling van 120 dagen van 7 uur met een uurtarief van € 35,- betekent dat tenminste een besparing van € 29.400.
3.7. Samenvattend In dit hoofdstuk is een prognose gemaakt van de verwachte bezoekersaantallen bij een complete revitalisatie, in vergelijking met verwachte bezoekersaantallen bij een gedeeltelijke revitalisatie (vervallen wedstrijdbassin). Voor de complete revitalisatievariant en de variant zonder wedstrijdbassin is ook een prognose gemaakt van de verwachte bezoekersaantallen als gevolg van de voorgestelde prijsstijging van abonnementen en losse entree en de situatie in 2050 met een toename van het aantal warme dagen. De verschillen in bezoekaantallen zijn ook vertaald naar financiële consequenties uit abonnementenverkoop en losse entreebewijzen. In de volgende tabel zijn de scenario’s en de effecten samengevat weergegeven. Ook zijn de indicatieve stichtingskosten, en daarmee gepaard gaande jaarlijkse kapitaallasten, per scenario
19
toegevoegd. Daarnaast is het verstandig om in de (meerjaren)begroting rekening te houden met een jaarlijkse reservering in verband met toekomstig groot onderhoud. Het is geen exploitatiebegroting, maar een vergelijk tussen aantallen bezoekers en inkomsten in vergelijking met te verwachten kapitaallasten na revitalisatie. Tabel 13 Samenvatting scenario’s 0- Huidig
Scenario
3A- Complete revitalisatie Huidige prijzen
Voorgestelde prijzen (2025)
3B- Vervallen wedstrijdbassin
Situatie in 2050 (prjis 2025)
Voorgestelde prijzen(2025)
Situatie in 2050 (prijs 2025)
43.000 7.500 35.500
47.500 8.500 39.000
33.500 4.500 29.000
42.000 5.500 36.500
Afname 12,5% 38.000 7.000 31.000
240 90 200 35.500
270 100 220 39.000
130 50 110 29.500
170 60 130 36.500
210 80 170 31.000
180 70 150 26.500
100 40 80 21.500
120 50 100 27.000
€ 27.500 €116.500 €144.000
€ 30.500 € 128.500 € 159.000
€ 42.500 € 234.000 € 276.500
€ 53.500 € 292.500 € 346.000
€ 24.000 € 102.000 € 126.000
€ 20.500 € 87.500 € 108.000
€ 31.500 € 173.000 € 204.500
€ 39.500 € 216.000 € 255.500
Bezoek Totaal Abonnementhouders Losse entree Verkoop abo en tickets Abonnementen gezin Abonnementen 3-12 jr Abonnementen 13 jr e.o Losse tickets Inkomsten Abonnementen Tickets Totaal entreegelden Kosten Stichtingskosten Jaarlijkse kapitaallasten* Groot onderhoud
Huidige prijzen
N.v.t. N.v.t. N.v.t
€6.991.000 € 343.000 € 87.500
Afname 25% 32.500 6.000 26.500
24.500 3.000 21.500
31.000 4.000 27.000
€ 4.996.000 € 245.000 € 47.000
*O.b.v. 40 jaar en 2,4% rente – lineair jaar 1 Samenvattend komen uit bovenstaand overzicht de volgende zaken naar voren: 1. Bij een complete revitalisatie waarbij alle bassins behouden blijven, worden 47.500 bezoekers verwacht. Ten opzichte van het 0-scenario leidt dit bij gelijkblijvende prijzen tot een verwachte inkomstenvermeerdering van € 15.000. Qua stichtingskosten moet in dit scenario rekening worden gehouden met een bedrag van € 2 miljoen aan meerkosten, ten opzichte van het scenario waarin het wedstrijdbassin komt te vervallen. Een complete revitalisatie resulteert daarmee in een bedrag van € 98.000 aan extra jaarlijkse kapitaallasten ten opzichte van gedeeltelijke revitalisatie. 2. Bij een complete revitalisatie en de voorgestelde prijsverhoging worden 33.500 bezoekers verwacht. Ondanks minder bezoekers worden de verwachte inkomsten hoger, namelijk € 117.500 en in 2050 € 187.000 ten opzichte van de situatie bij gelijkblijvende prijzen (indexering niet meegerekend). 3. Bij het wegvallen van het wedstrijdbassin mag nog altijd een behoorlijk aantal bezoekers worden verwacht. Rekening houdend met een gemiddelde afname van 18,75% van het aantal bezoekers, komen we in dit scenario uit op circa 35.000 bezoekers. Het globale effect op de entreegelden bij gelijkblijvende prijzen is een inkomstenvermindering van circa € 27.000 ten opzichte van het 0-scenario.
20
4.
Bij het wegvallen van het wedstrijdbassin en de voorgestelde prijsverhoging worden 24.500 bezoekers verwacht. Dit leidt tot een verwachte inkomstenvermeerdering van € 60.500 ten opzichte van het 0-scenario.
Bij het scenario waarin het wedstrijdbassin komt te vervallen, is het waarschijnlijk dat er ten minste € 29.400 bespaard wordt op de inzet van personeel. We beschikken op het moment van schrijven over te weinig informatie over de personele inzet over de jaren t/m 2019 om de besparing op personele kosten specifieker te duiden. Het scenario waarin het recreatiebassin komt te vervallen (onderdeel van scenario 3C) is niet verder uitgewerkt met de effecten van de prijsverhoging en meerdere warme dagen als gevolg van klimaatverandering.
21
4. Invloed zwemgebruik Staalbergven op de venvegetatie 4.1. Inleiding Onderzoekcentrum B-WARE heeft in 2019 op verzoek van de gemeente en Vereniging Natuurmonumenten de mogelijke invloed van het zwemgebruik op de vegetatie verkend. Mede op basis van deze verkenning is een nieuwe visie voor het zwembad ontwikkeld, waarin ook rekening wordt gehouden met een maximum van ongeveer 15.000 gebruikers (= som van dagaantallen) van het ven per jaar. Natuurmonumenten wil in een onafhankelijk advies graag de vraag beantwoord zien wat de impact hiervan is op het Staalbergven, en of er een maximum aan te wijzen is waarboven er onaanvaardbare schade aan de venvegetatie gaat optreden. In dit hoofdstuk wordt getracht deze vragen te beantwoorden.
4.2. Samenvatting effecten zwemgebruik Staalbergven Het Staalbergven is een van de laatste groeiplaatsen van de associatie van Biesvaren en Waterlobelia in Nederland. Dit vegetatietype komt nog over een groot deel van het venoppervlak voor, ook in het zwemgedeelte. Belangrijke oorzaken voor verdwijnen zijn successie (verlanding, boomopslag op oevers) en verrijking met voedingsstoffen. Ook klimaatverandering speelt in toenemende mate een rol. Natuurmonumenten voert een beheer uit dat mede is gericht op het vertragen op terugzetten van de successie. Op dit moment is daarmee een teveel aan voedingsstoffen de meest acute bedreiging voor de kenmerkende vegetatie van zeer voedselarme vennen. Afgezien van het zwemgebruik zijn er meerdere belangrijke bronnen van dit teveel aan voedingsstoffen. Via de lucht wordt stikstof aangevoerd in een mate die ongeveer 3x hoger ligt dan de kritische depositiewaarde. Daarnaast zorgen inwaaiende boombladeren en op het ven rustende (en poepende) ganzen voor aanvoer van zowel stikstof als fosfaat. Dat er desondanks nog een kenmerkende venvegetatie aanwezig is, is te danken aan een bijzondere hydrologische situatie. In de ondiepe ondergrond is een bodemlaag aanwezig die slecht water doorlaat, waardoor er in het gebied zoveel vennen, natte heiden en broekbossen aanwezig zijn.
In het zwemgedeelte van het Staalbergven is ooit een ponton aangelegd en is het ven rondom het ponton verdiept. Hierdoor is een lek ontstaan in deze slecht doorlatende laag. De watertekorten worden aangevuld doordat oppervlakkig grondwater uit de bos- en heideomgeving wordt aangetrokken. Dit water is voedselarm en bevat ijzer, wat in staat is om fosfaat aan zich te binden. Hierdoor blijft de fosfaatbeschikbaarheid op een zeer laag niveau. Hiermee is de volgende situatie ontstaan. In de winter lopen de stikstofconcentraties in de waterlaag te hoog op vanwege de stikstofaanvoer uit de lucht. Hierdoor ontwikkelen zich algen op de waterbodem en op de bijzondere vegetatie. Deze ontwikkelen zich niet verder omdat de fosfaatbeschikbaarheid in de waterlaag erg laag blijft. Dit is echter wel een precair evenwicht; de conditie van de planten is niet optimaal vanwege de dunne algenlaag. Indien er ook algen in de waterlaag gaan groeien ontstaat er een negatieve spiraal: de planten krijgen onvoldoende licht om te fotosynthetiseren. Hierdoor kunnen de planten onvoldoende zuurstof in de bodem pompen, en kan er fosfaat uit de zuurstofloze bodem naar de waterlaag gaan, die vervolgens de algenbloei versterkt, wat de planten verder verzwakt.
22
Voor de venvegetatie zijn er dus twee grote risico’s aan het zwemgebruik: ▪ Daar waar zwemmers over de waterbodem lopen verdwijnt de venvegetatie ▪ Indien zwemmers voedingsstoffen aanvoeren (wat vooral gebeurt door urineren), kan het ven in de hierboven beschreven negatieve spiraal raken. Overigens moet dan wel onderscheid worden gemaakt tussen het zwemgedeelte en de rest van het ven. Het ven lekt in het zwemmersdeel en in 2018 is ook geconstateerd dat er een waterstroom vanuit het ven was richting dit deel. Problemen in het zwemgedeelte slaan hiermee niet direct over naar het vengedeelte; er is wateruitwisseling tussen beide delen, maar deze is beperkt.
4.3. Inschatting invloed toekomstig zwemgebruik De invloed van beide hierboven genoemde factoren is sterk verschillend. Het oppervlak watervegetatie dat door betreding verdwijnt is min of meer evenredig met de gebruiksintensiteit. In de huidige situatie is er een kaal gedeelte aanwezig op de meest belopen plekken. Dit zal bij een gelijke gebruiksintensiteit ongeveer zo blijven. Veel moeilijker is het om de risico’s in te schatten van de aanvoer van extra voedingsstoffen. Het al dan niet ontstaan van een meer troebele situatie is afhankelijk van een veelheid aan factoren. Zo wordt de concentratie aan voedingsstoffen niet alleen bepaald door het urineren van zwemmers, maar ook door stikstofdepositie uit de lucht, aanvoer van voedingsstoffen via het grondwater, uitwisselingsprocessen met de waterbodem, aanvoer via ganzen en aanvoer door inwaaiende boombladeren. Daar bovenop zijn er ook diverse processen die juist voor afvoer of vastlegging van voedingsstoffen zorgen, zoals aanvoer van ijzer via het grondwater, opname van voedingsstoffen door waterplanten en stikstofafvoer via bacteriële processen (nitrificatie/denitrificatie). Deze opsomming is verre van uitputtend. Wel wordt hiermee duidelijk dat het, zonder gedetailleerd onderzoek, niet mogelijk is om een getal of grenswaarde aan te geven voor een theoretische maximale belasting.
De realiteit is eerder dat het systeem al aan de bovengrens zit van wat het aan kan, getuige ook het verdwijnen van waterlobelia in het verleden en de aanwezigheid van algen op de planten en waterbodem. Daarmee is er nu al een reëel risico op perioden met verminderd doorzicht en sterk verminderde vitaliteit van de venvegetatie. Het ontstaan van dergelijke perioden is vaak afhankelijk van een samenloop van omstandigheden. Bijvoorbeeld een storm in een periode met warm water, waardoor bodemdeeltjes opwervelen en voedingsstoffen in de waterlaag terecht komen. Een goed uitgangspunt zou daarom zijn dat het gebruik als zwemwater niet leidt tot een verhoogd risico op vermesting.
4.4. Advies zwemgebruik & venvegetatie De bijzondere venvegetatie kan in principe samengaan met het gebruik van een deel van het ven als zwemwater. Wel brengt dit risico’s met zich mee voor de vegetatie, waardoor het goed zou zijn om de twee volgende indicatoren in de gaten te houden: ▪ De kale zandbodem als gevolg van het zwemgebruik moet zich niet verder uitbreiden, dus moet beperkt blijven tot de ondiepe delen grenzend aan het “strand” van het zwemgedeelte. ▪ Te sterke aanvoer van voedingsstoffen komt waarschijnlijk snel tot uiting in het teruglopen van het doorzicht in het zwemgedeelte. Het is aan te raden om in het zomerseizoen frequent (dagelijks of enkele malen per week) het doorzicht te meten en bij een teruglopend of onvoldoende doorzicht (< 1 meter) het zwemgebruik tijdelijk te staken. Verder kunnen er diverse dingen gedaan worden om vermesting te voorkomen. Het eerste is het plaatsen van voorlichtingsborden waarop de gevolgen van urineren in het water worden uitgelegd, dit in combinatie met het aanbieden van goede sanitaire voorzieningen. Het tweede is het samenwerken met Natuurmonumenten in het verjagen van de ganzen en kokmeeuwen van het ven,
23
en het ven onaantrekkelijk maken voor broedende en ruiende ganzen. Ook beperking van de bosopslag op de oevers en de scheiding tussen zwem- en vengedeelte draagt bij aan een voedselarmer ven. Zo lang de kritische depositiewaarde voor stikstof overschreden wordt, is het zaak om elke andere potentieel vermestende activiteit nauwlettend te volgen en liefst zo veel mogelijk te beperken. Tenslotte moet nog vermeld worden dat het Staalbergven van nature een tamelijk wisselend waterpeil heeft. Hierdoor vallen delen van de oever in de zomer droog; de resulterende doorluchting van de bodem draagt bij aan het voedselarm houden van het ven. Het huidige beleid om zeer terughoudend te zijn met het oppompen en inlaten van grondwater kan dus het beste worden voortgezet.
24
5. Exploitatieprognose 5.1. Inleiding In het vorige hoofdstuk zijn de effecten van de verschillende revitalisatie scenario’s beschreven. Het geeft al een goed beeld van inkomsten uit entreegelden en hoe deze inkomsten zich verhouden tot jaarlijkse kapitaallasten en reserveringen voor groot onderhoud. In dit hoofdstuk volgt een exploitatieprognose waarbij de jaarlijkse instandhoudingskosten en het exploitatietekort inzichtelijk worden gemaakt voor twee scenario’s. Omdat vooralsnog onduidelijk is hoe de horeca-exploitatie wordt ingericht, zijn daarvoor aan de inkomstenkant en aan de uitgavenkant geen ramingen opgenomen. De personeelskosten zijn gebaseerd op de inhoud van het toezicht plan 2021 van het Staalbergven. Het betreft kassamedewerkers, coördinatoren en toezichthouders die tevens verantwoordelijk zijn voor de schoonmaak van de accommodatie, inclusief het sanitair. De indirecte kosten zijn een inschatting op basis van benchmark gegevens. De vaste lasten zijn gebaseerd op de investeringsraming opgesteld door Bremen Bouwadviseurs en zijn exclusief eventueel resterende kapitaallasten.
5.2. Exploitatieprognose Scenario 3A: Complete revitalisatie Tabel 14
Exploitatieraming complete revitalisatie Staalbergven
INKOMSTEN ENTREE Abonnementen Losse tickets HORECA Consumpties/huur TOTAAL KOSTEN Directe exploitatiekosten Inkoopkosten Personeelskosten Schoonmaakkosten Overige directe exploitatiekosten (verzekeringen, keuringen, etc.) Subtotaal Operationeel resultaat Indirecte exploitatiekosten Administratie en algemene kosten Energiekosten Chemicaliën Schoon tapwater Klein onderhoud Subtotaal Vaste lasten Verzekeringen/belastingen Voorziening groot onderhoud Kapitaallasten Subtotaal EXPLOITATIERESULTAAT
Huidige situatie
Nieuwe prijs
Situatie 2050
€ 30.500 € 128.500
€ 42.500 € 234.000
€ 53.500 € 292.500
€€ 159.000 Huidige situatie
€€ 276.500 Nieuwe prijs
€€ 346.000 Situatie 2050
€€ 191.000 € 13.000
€€ 191.000 € 13.000
€€ 191.000 € 13.000
€ 18.500 € 222.500
€ 18.500 € 222.500
€ 18.500 € 222.500
€ -63.500
€ 54.000
€ 123.500
€€ 61.500 € 12.000 € 14.000 € 15.000 € 102.500
€€ 61.500 € 12.000 € 14.000 € 15.000 € 102.500
€€ 61.500 € 12.000 € 14.000 € 15.000 € 102.500
€ 18.000 € 87.500 € 343.000 € 448.500
€ 18.000 € 87.500 € 343.000 € 448.500
€ 18.000 € 87.500 € 343.000 € 448.500
€ -614.500
€ -497.000
€ -427.500
25
5.3. Exploitatieprognose Scenario 3B: Vervallen wedstrijdbassin Tabel 15
Exploitatieraming revitalisatie Staalbergven en vervallen wedstrijdbassin
INKOMSTEN ENTREE Abonnementen Losse tickets HORECA Consumpties/huur TOTAAL KOSTEN Directe exploitatiekosten Inkoopkosten Personeelskosten Schoonmaakkosten Overige directe exploitatiekosten (verzekeringen, keuringen etc.) Subtotaal Operationeel resultaat
Huidige situatie
Nieuwe prijs
Situatie 2050
€ 22.500 € 95.000
€ 31.500 € 173.000
€ 39.500 € 216.000
€€ 117.500 Huidige situatie
€€ 204.500 Nieuwe prijs
€€ 255.500 Situatie 2050
€€ 157.000 € 8.500
€ €
€157.000 8.500
€ 12.500 € 178.000
€ 12.500 € 178.000
€ 12.500 € 178.000
€ -60.500
€ 26. 500
€ 77.500
€ €
€157.000 8.500
Indirecte exploitatiekosten Administratie en algemene kosten Energiekosten Chemicaliën Schoon tapwater Klein onderhoud Subtotaal Vaste lasten Verzekeringen/belastingen Voorziening groot onderhoud Kapitaallasten Subtotaal
€€ 35.500 € 6.000 € 11.000 € 8.000 € 60.500
€€ 35.500 € 6.000 € 11.000 € 8.000 € 60.500
€€ 35.500 € 6.000 € 11.000 € 8.000 € 60.500
€ 13.000 € 47.000 € 245.000 € 305.000
€ 13.000 € 47.000 € 245.000 € 305.000
€ 13.000 € 47.000 € 245.000 € 305.000
EXPLOITATIERESULTAAT
€ -426.000
€ -339.000
€ -288.000
26
5.4. Bevindingen exploitatieprognoses De twee exploitatieramingen laten een negatief exploitatieresultaat zien, waarbij de kosten gelijk blijven en de inkomsten stijgen aan de hand van de nieuwe tarieven en de overige beïnvloedingsfactoren zoals beschreven in hoofdstuk 3. Het verschil in exploitatietekort tussen de twee varianten wordt in de volgende tabel samengevat weergegeven. Tabel 16 Verschil in exploitatietekort tussen de verschillende scenario’s
Scenario 3A: Complete revitalisatie Huidige situatie
Nieuwe prijs
Situatie 2050
EXPLOITATIERESULTAAT
€ -614.500
€ -497.000
€ -427.500
EXPLOITATIERESULTAAT
€ -426.000
EXPLOITATIERESULTAAT
€ 188.500
Scenario 3B: Vervallen wedstrijdbassin € -339.000
€ -288.000
Verschil € 158.000
€ 139.500
De grootste kostenposten zijn personeelslasten, kapitaallasten, energiekosten en voorzieningen voor groot onderhoud. Wanneer we de exploitatieresultaten vergelijken met de situatie in de periode 2017 en 2019 (2018 is minder representatief door de Social Deal acties), zien we dat het negatieve exploitatieresultaat groter is. In 2017 en 2019 was het exploitatietekort circa € 250.000. Echter, in scenario’s 3A en 3B is er sprake van een betere exploitatie wanneer we de kapitaallasten (circa € 32.000 in 2017 tot en met 2019) buiten beschouwing laten. Dit komt vooral doordat de geraamde inkomsten fors hoger liggen dan voorheen.
27
6. Samenvattende conclusie Voorliggende notitie geeft een goed beeld van de verwachte bezoekersaantallen bij een complete revitalisatie en een gedeeltelijke revitalisatie. Hierbij is ook een uitsplitsing gemaakt naar de verwachte bezoekers die in het Ven komen zwemmen bij het scenario, waarin het wedstrijdbassin komt te vervallen. Omdat er behoorlijk wat beïnvloedingsfactoren zijn die de bezoekersaantallen kunnen beïnvloeden, en daarmee ook de impact op het Ven, zit er altijd een bepaalde onzekerheidsmarge in. Hiervoor zijn in hoofdstuk 3 een aantal uitgangspunten beschreven, onderbouwd en toegepast op scenario 3A en 3B. Sterk samengevat zijn dat:
▪
▪ ▪
▪ ▪
Tariefsverhoging: ▪ 25% minder bezoekers ▪ 50% minder abonnement verkoop Klimaatverandering, meerdere warme dagen: ▪ Stijging van 1% van het totaal aantal bezoekers per jaar Impact op het Ven: ▪ Niet meer dan 29% van geprognosticeerde bezoekersaantallen komt specifiek voor het Ven Complete revitalisatie (3A): ▪ 10% extra bezoekers Gedeeltelijke revitalisatie (3B – vervallen wedstrijdbassin) ▪ Bandbreedte afname bezoekers 12,5% - 25%
De verwachte jaarlijkse bezoekersaantallen, gebaseerd op de genoemde uitgangspunten, zijn lager dan die in het 0-scenario. Dit betekent dat na de revitalisatie en tariefsverhoging minder bezoekers worden verwacht dan wanneer vergelijkbare tarieven uit het verleden zouden worden gehandhaafd. Tegelijkertijd wordt niet verwacht dat de impact op het Ven toeneemt. Door het wegvallen van het wedstrijdbassin is becijferd dat een lager bezoekersaantal in het Ven mag worden verwacht, ondanks een kleiner totaal zwemwateroppervlak. De factoren die van invloed zijn op de watervegetatie en waterkwaliteit van het Ven verschillen sterk. De hoeveelheid mensen die het water betreedt, bepaalt in welke mate de vegetatie hier onder leidt. Extra voedingsstoffen creëren een complexere situatie. Verschillende processen, zoals stikstofdepositie en uitwisseling met de bodem, spelen hierbij een rol, waardoor het niet mogelijk is om een exacte maximale belasting te bepalen. De aanwezigheid van algen en het verdwijnen van waterlobelia wijst op een al bestaand risico op vermesting, wat moet worden voorkomen bij gebruik als zwemwater. Wij begrijpen de zorgen van Natuurmonumenten en stellen daarom voor om de impact op het Ven te reguleren, ongeacht het scenario. Het is daarom goed om in de gaten te houden dat de kale zandbodem niet verder uitbreidt.
Daarnaast raden we aan om in het zomerseizoen frequent (dagelijks of enkele malen per week) het doorzicht te meten en bij onvoldoende doorzicht (< 1 meter) te overwegen om het zwemgebruik tijdelijk te staken. Communicatie, zoals borden die wijzen op de kwetsbaarheid van het Ven en mogelijke sluiting bij te sterke vervuiling, kan helpen, evenals een nabije toiletvoorziening (mee te nemen in het renovatievraagstuk).
28
De lagere bezoekerstaantallen, gerelateerd aan de tariefsverhoging, hebben geen negatieve invloed op de exploitatie indien we de horeca buiten beschouwing laten. De totale inkomsten uit kaartverkoop zullen naar verwachting toenemen, maar een lager bezoekersaantal heeft wel een negatieve impact op de omzetpotentie van de horeca.
29
BIJLAGE: Notitie invloed zwemgebruik Staalbergven op de venvegetatie
Toernooiveld 1 Mercator III gebouw 6525 ED Nijmegen 024 212 2200 info@b-ware.eu www.b-ware.eu
Opgesteld door: --------------, B-WARE, 13-5-2024
Inleiding De gemeente Oisterwijk is bezig met een revitalisatie van het zwembad het Staalbergven, in en aan het gelijknamige ven. Een van de discussiepunten is het gebruik van een deel van het ven als natuurbad; het ven heeft een zeer bijzondere venvegetatie en is onderdeel van het N2000 gebied Kampina & Oisterwijkse vennen. Op verzoek van zowel de gemeente (beheerder van het zwembad) als van de Vereniging Natuurmonumenten (beheerder van het ven) is de mogelijke invloed van het zwemgebruik op de vegetatie nader door B-WARE verkend (--------------------, 2019). Mede op basis van deze verkenning is een nieuwe visie voor het zwembad ontwikkeld, waarin ook rekening wordt gehouden met een maximum van ongeveer 15.000 gebruikers (= som van dagaantallen) van het ven per jaar (----------------------, 2024). Natuurmonumenten wil in een onafhankelijk advies graag de vraag beantwoord zien wat de impact hiervan is op het Staalbergven, en of er een maximum aan te wijzen is waarboven er onaanvaardbare schade aan de venvegetatie gaat optreden. In het onderstaande wordt getracht deze vragen te beantwoorden.
Samenvatting effecten zwemgebruik Staalbergven Het Staalbergven is een van de laatste groeiplaatsen van de associatie van Biesvaren en Waterlobelia in Nederland. Dit vegetatietype komt nog over een groot deel van het venoppervlak voor, ook in het zwemgedeelte. Belangrijke oorzaken voor verdwijnen zijn successie (verlanding, boomopslag op oevers) en verrijking met voedingsstoffen. Ook klimaatverandering speelt in toenemende mate een rol. Natuurmonumenten voert een beheer uit dat mede is gericht op het vertragen op terugzetten van de successie. Op dit moment is daarmee een teveel aan voedingsstoffen de meest acute bedreiging voor de kenmerkende vegetatie van zeer voedselarme vennen. Afgezien van het zwemgebruik zijn er meerdere belangrijke bronnen van dit teveel aan voedingsstoffen. Via de lucht wordt stikstof aangevoerd in een mate die ongeveer 3x hoger ligt dan de kritische depositiewaarde. Daarnaast zorgen inwaaiende boombladeren en op het ven rustende (en poepende) ganzen voor aanvoer van zowel stikstof als fosfaat. Dat er desondanks nog een kenmerkende venvegetatie aanwezig is, is te danken aan een bijzondere hydrologische situatie. In de ondiepe ondergrond is een bodemlaag aanwezig die slecht water doorlaat, waardoor er in het