Bijlage 1a Koersdocument Oostflank mei 2024 schoon
Tekst van het document
leefbaar te houden. De economie voor de landbouw
Ongeveer een vijfde van de bedrijven en banen zit
speciaalzaken. Doordat veel agrarische producten
moet behouden blijven voor het buitengebied. Voor
worden geëxporteerd is de sector bovendien
zowel veeteelt als voor de boomteelt en akkerbouw.
stuwend voor de economie. Daarnaast is de
Het buitengebied en daarmee ook landbouw is een
Nederlandse agrarische sector een van de meest
drager voor de economie en leefbaarheid voor de
innovatieve ter wereld en wordt veel geïnvesteerd
dorpen. Er zijn reeds bedrijven overgeschakeld
in R&D.
van bijvoorbeeld veehouderij naar boomteelt, akkerbouw of naar biologische teelten. Andere
Boomteelt met onderbeplanting die de biodiversiteit en aantrekkelijkheid van het landschap in de Oostflank vergroot.
68
Veehouderij en boomteelt het grootste
ondernemers hebben hun bedrijven verbreed
De intensieve en extensieve veehouderij is binnen
naar winkels, zorg, kinderopvang, onderhoud
de agrarisch sector de grootste branche met de
van natuur en landschap. Dit willen we ook in de
helft van de bedrijven en ruim een derde van de
toekomst blijven stimuleren. Economisch haalbaar
banen. Daarnaast is de boomteelt een grote branche
ondernemen in het buitengebied moet mogelijk
in de Oostflank met een kwart van de bedrijven
blijven.
en banen. De boomteelt in dit gebied heeft van
Een mooi voorbeeld is de Stichting Overlegplatform
oorsprong een relatie met de bodemgesteldheid die
Duinboeren die al ruim 25 jaar bezig zijn met het
Weides (en dus ook vee) zijn onderdeel van een afwisselend mozaïeklandschap. Beeld: Wilhelminapark, Boxtel
69
verbinden van de boerenbedrijven met hun omgeving.
De koers
Deze stichting zet zich in om boerenbedrijven (met
Vraag om ruimte
name rond Natura 2000 gebieden) toekomstperspectief
Deze koers van verduurzamen en innovatie vraagt
Om de landbouwtransitie tot een succes te maken willen we de komende 10 tot 15 jaar, samen met
te geven. Dit doen ze o.a. door concrete projecten
om fysiek ruimte. We willen bijdragen aan de
Rijk, provincie en waterschappen, de landbouwers in de Oostflank toewerken naar een duurzame en
op te zetten op gebieden als water, ruilverkaveling,
maatschappelijke opgaven in de Oostflank, zoals ruimte
natuurinclusieve (kringloop) landbouw. Een landbouw die in balans is met een sterke en veerkrachtige
pachtprijzen, duurzame energie, natuurinclusief etc.
voor water, het vergroten van de biodiversiteit en de
natuur, met een robuust watersysteem en een toekomstbestendig klimaat. De koers voor de Oostflank
Het gebied is daarmee een voorbeeld voor andere
transitie in de landbouw. Dit doen wij door combinaties
is gebaseerd op de contouren uit het NPLG en het BPLG en biedt de kaders en handvatten om de
regio’s in Nederland.
te zoeken voor landbouw en natuur. En door te zoeken
GGA-processen (Groenblauwe gebiedsgerichte aanpak) ten uitvoer te brengen. Een landbouw met een
naar ruimte voor agrarische bedrijven die extensiever
aanzienlijk lagere uitstoot van stikstof, die bijdraagt aan bescherming van natuurwaarden, past in de
Veehouderij
willen gaan werken. Uiteraard zetten we daar onze
context van de Oostflank bij de beoogde landschappelijke ontwikkeling. Samen met de boomkwekers,
De veehouderij heeft uitdagingen op het gebied
samenwerking met andere partijen in het buitengebied
akkerbouwers en veetelers in de Oostflank maken we een perspectief op duurzame boomteelt en
van stikstof in de natuur en nieuwe regels rondom
voor in. Wij willen daarvoor langdurig samenwerken met
landbouw, passend bij de beoogde landschappelijke ontwikkeling. Dit werken we uit binnen een
waterkwaliteit. Met name rondom Natura2000 gebieden
ondernemers in het buitengebied.
integrale gebiedsontwikkeling, zoals bepleit in het rapport ‘Wat wel kan’.
ligt de veehouderij onder het vergrootglas. Bedrijven
—
Stapsgewijs werken we toe naar een passende zonering voor de landbouw (incl. en de boomteelt)
moeten meer maatregelen nemen om deze uitdagingen
Door doelen integraal te benaderen kan de aanpak van
rondom Natura 2000-gebieden, natte natuurparels en in beekdalen: In het rapport ‘Wat wel
het hoofd te bieden. (Zoals overschakelen naar meer
de stikstofopgave als hefboom worden ingezet voor de
kan’ staat het advies om uiteindelijk toe te werken naar een landbouwzonering, afhankelijk
grondgebonden.) We willen graag dat de veehouderij
aanpak van de andere opgaven in het buitengebied, zoals
van de ligging ten opzichte van kwetsbare natuur. In het Brabants Programma Landelijk Gebied
als hoeder van het landschap blijft bestaan. Voor zowel
het voldoen aan de KRW (Kaderrichtlijn Water) in 2027,
(BPLG) krijgt dit verder vorm. We willen Oostflank-breed werken aan de transformatie van
natuurbeheer, voor voedselproductie en educatie.
het vergroten van de biodiversiteit en het verbeteren
deze Overgangsgebieden rondom Natura 2000-gebieden, natte natuurparels en beekdalen.
We koesteren de veehouderij en werken samen in
van de landschappelijke kwaliteit. Voor de Oostflank is
Zoals ook al opgenomen in de Visie Buitengebied helpen we in (en rond) de natuurgebieden de
de gebiedsprocessen een plan uit om boeren in de
dit een grote kans voor het verder verduurzamen van
terreinbeheerders en eigenaren om de natuurwaarden te behouden en versterken. Tevens volgen
Oostflank binnen de Nederlandse en Europese kaders
de landbouw, waarbij een duurzaam en levensvatbaar
we de hogere overheden in hun beleid om piekbelasters uit te kopen.
mogelijk te maken en houden. Veehouderijen zoeken
perspectief voor de landbouw van groot belang is.
nieuwe afzetkanalen bijvoorbeeld door de regionale
Ook voor nieuwe economische dragers in het
lagen: We willen dat de landbouw een bijdrage levert aan de maatschappelijke doelen die wij
ketens te sluiten en het lokale agrarische product
buitengebied, bedrijven die ontstaan door innovatie
in de Oostflank nastreven. We koesteren en stimuleren biologische landbouw. De Stichting
ook in de regio af te zetten. Een andere mogelijkheid
en ontwikkeling willen we ruimte bieden. Ruimte in
Duinboeren en Maatschappij is hiervan een goed voorbeeld. De ontwikkeling naar extensieve
is om meer ruimte te krijgen voor verbreding van
regelgeving en het gebruik maken van vrijkomende
vormen van landbouw, die zich eerder richten op regionale afnemers dan op de wereldmarkt, ligt
de activiteiten (zorg, natuur en landschapsbehoud,
agrarische bebouwing (VAB’s).
hier voor de hand. Dit krijgt verder vorm in een breed gedragen gebiedsproces waarin iedereen
—
welzijn, toerisme en recreatie). Deze ruimte willen we in de Oostflank ook nadrukkelijk bieden.
We werken toe naar een landbouw die in balans is met de onderliggende en bovenliggende
kan meedoen. De lokale gebiedsontwikkelingen, provinciaal (Brabants
—
We willen samen met boomkwekers aan de slag om aantrekkelijke kweeklandschappen te maken:
Programma Landelijk Gebied, BPLG) en Rijksbeleid
Het Van Gogh Nationaal Park wijst de kwekerijenlandschappen, waaronder de Oostflank,
Boomteelt
(Nationaal Programma Landelijk Gebied, NPLG) vormen
aan als uitgelezen kans voor de ontwikkeling van het landschap van de toekomst. Dit kunnen
Breed in Nederland en Europa zijn ambities om
de basis voor de transitie van het landelijk gebied. De
nieuwe concepten zijn als ‘kweekbossen’ of aansluiten op ideeën uit ‘Versailles van het
meer bomen en groen aan te planten in het kader
gemeente Oisterwijk heeft in de visie Buitengebied
Noorden’. Dat omschrijft het perspectief voor “een aantrekkelijk boomkwekerijenlandschap met
van klimaatadaptatie en CO2-opname. Er liggen dus
een aantal ambities geformuleerd. De gemeente
arcadische kwaliteiten". We zien daarbij echter binnen de Oostflank als geheel geen ruimte
volop economische kansen voor deze branche. De
Tilburg heeft al eerder het masterplan Landschapspark
voor kwantitatieve groei. Bekeken moet worden op welke wijze herschikking binnen de gehele
boomteelt in de Oostflank en de rest van Brabant is
Pauwels gemaakt, met daarin een visie voor een
Oostflank kan bijdragen aan het creëren van een aantrekkelijk (kweek)landschap.
zeer innovatief en heeft de ambitie een stevige positie
duurzame kringlooplandbouw ten zuiden van de Loonse
in Europa te krijgen. Tegelijkertijd is de branche zich
en Drunense Duinen. En recent is vanuit het Rijk het
en landschapswaarden in dat gebied versterkt: De gebieden rond de Natura 2000-gebieden
zeer bewust van haar relatie met de omgeving. Er
rapport van Joan Remkes “Wat wel kan” uitgebracht,
worden geëxtensiveerd en gebruikt voor landbouw die meer natuurinclusief is, met de nadruk op
wordt daarom ingezet op innovatie en verduurzaming
dat aanknopingspunten biedt voor het bieden van
extensieve, grondgebonden graasdierhouderijen (BPLG). De bedoeling hiervan is het leveren van
door o.a:
perspectief aan de landbouw.
een bijdrage aan de achterliggende doelen op basis van feitelijke waarnemingen voor en tijdens
—
Rondom Natura 2000-gebieden en in de beekdalen wordt enkel ingezet op landbouw die natuur-
•
Digitalisering en robotisering;
de transitie. Dit betekent dat we met deze landbouw een bijdrage willen leveren aan de volgende
•
Duurzaam watermanagement;
doelen:
•
Kwaliteit van bodem en substraat;
—
De biodiversiteit omhoog
•
Veredeling en plantgezondheid;
—
Schoner water (incl. stedelijk water), inclusief het zover als mogelijk terugdringen van het
•
Circulariteit;
•
Duurzame inzet gewasbescherming (vermindering bestrijdingsmiddelen, natuurlijke bestrijdingsmiddelen);
70
•
Arbeidsmarkt en opleidingen;
•
Maatschappelijk verantwoord ondernemen.
71
gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.
geldend vanaf 7-11-2023).
—
Tegengaan van verdroging
—
Innovatie in de landbouw en boomteelt stimuleren: We verkennen in regionaal verband
—
Dieper liggend water omhoog (tbv drinkwater en beschikbaarheid in de zomer; zoek naar
hoe we samen met deze sector innovatie verder kunnen stimuleren. Onder meer met het
alternatieve oplossingen)
oog op digitalisering, AI, robotisering, arbeidsmarkt en de vernieuwing van oogst- en
—
Natuurgebieden ontlasten en verbinden (zie o.a. Versailles van het Noorden)
productie(technieken). Innovatie betekent ook investeren. We denken mee met ondernemers om
—
iDe definitie kent geen vast omlijnd eisen pakket en dit willen we ook niet. In de
innovatie mogelijk te maken, en zoeken samen naar creatieve oplossingen waar dat nodig is.
gebiedsprocessen willen we dit type landbouw stimuleren en gezamenlijk gebiedsgewijs kijken wat nodig is, haalbaar is en hoe we daar gezamenlijk naar toe kunnen. We laten ons hierbij inspireren door de definitie die BoerenNatuur heeft geformuleerd voor het begrip natuurinclusieve landbouw: “een economisch rendabel landbouwsysteem dat voedsel en gewassen produceert, in balans met de natuurlijke omgeving, natuurlijke hulpbronnen integreert in de bedrijfsvoering en zorgt voor biodiversiteit op en rond het bedrijf.” Dit type landbouw is een kans om de sector toekomstbestendig te maken. De voorgestelde gebiedsindeling uit het advies Remkes vormt de basis voor de uitwerking van het gebiedsproces. Waar mogelijk ondersteunen wij de transitie van traditionele naar extensieve vormen van grondgebonden veehouderij financieel en met ons grondinstrument, i.s.m. provincie en Rijk. —
We zetten ons actief in voor het behoud van een duurzame akkerbouw en grondgebonden veetelers in de Oostflank: Het Brabantse mozaïeklandschap is een afwisselend landschap met verschillende soorten landbouw, natuur en opgaande beplanting. Het behoud van akkerbouw en veeteelt betekent ook het behoud en de versterking van het Brabantse mozaïeklandschap: een fijnmazig landschap dat ook voor recreatie en biodiversiteit aantrekkelijk is.
—
We geven i.s.m. Rijk en provincie kansen aan boeren voor nieuwe vormen van landbouw/ boomteelt: Brabants Bodem ontwikkelt een nieuw perspectief voor agrarisch ondernemers die bijdragen aan de kwaliteit van natuur en landschap in Van Gogh Nationaal Park. We steven ernaar om de samenwerking aan te gaan. Het beleid moet leiden tot een vitale, toekomstbestendige land- en tuinbouwsector, die bijdraagt aan een fraai en duurzaam landschap en de productie van duurzame producten en gezonde voeding. Dat is van levensbelang voor de sector en kan zorgen voor een sterkere verbinding tussen producenten en consumenten (stad-land). Voor de realisatie van de natuur zoeken we naar het deels verweven van natuurinclusieve boomteelt en natuur/bos. De omvang hiervan kan nu nog niet worden vastgesteld. Allereerst willen we op korte termijn gezamenlijk met boomtelers en natuur- en milieu organisaties en kennisinstellingen een stevige pilot opzetten. Een monitoringsprogramma op bijdrage aan biodiversiteit en watermanagement hoort daarbij. Bij gebleken succes kan deze integratie van natuur/bos en natuurinclusieve boomteelt wellicht geleidelijk worden opgeschaald tot een omvang van ca 50-100 hectare binnen de genoemde 400ha nieuwe natuur en landschapselementen.
—
VAB’s: Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB's) zijn interessant voor bepaalde economische functies. We stimuleren economische functies in het buitengebied (ook) anders dan agrarisch om het buitengebied economisch rendabel te houden. Opslag en werkplaatsen, recreatieve functies, kleinschalige woonvormen, handel waaronder plekken voor de verkoop van streekproducten kunnen een perfecte opstap zijn alvorens dit soort bedrijven eventueel schaal en financiële middelen hebben voor de overstap naar een industrie-/bedrijventerrein. We willen meedenken met eigenaren en maatwerk leveren om de mogelijkheden te onderzoeken. Wel houden we daarbij rekening met o.a. vervoersbewegingen en geluidsproductie. (Voor de specifieke regels zie voor de gemeente Oisterwijk: bijlage 2 visie buitengebied Oisterwijk en voor de gemeente Tilburg beleidsregels particuliere woningbouwinitiatieven en functiewijziging in het landelijk gebied,
72
73
Zonering in verschillende 'hardheden':
Koerskaart Landbouw
A
A. Landbouw Locatie: Overige gebieden. Landbouw en boomteelt met respect voor het
—
Toewerken naar meer natuurinclusieve- en minder
mozaiek landschap, door behoud, herstel en
intensieve landbouw. Europese en landelijke restricties
toevoeging van landschapselementen, met name op
landbouw handhaven (waaronder terugdringen van
perceelsgrenzen (onderdeel van streven naar ca. 400 ha nieuwe natuur. Behoud openheid en afwisseling
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
—
stikstof, ammoniak en geur). —
Uitbreidingen boomteelt niet wenselijk. Behoud van het
in het landschap. Behoud en herstel van bestaande
huidige areaal. Soms zijn verplaatsingen mogelijk en
landschapselementen,zoals poelen, houtwallen en
wenselijk. Dit is een perceelsgewijze afweziging, zoals
solitaire bomen, zandpaden, microreliëf en oude
ook in de Oisterwijks Visie Buitengebied wordt benoemd.
kavelpatronen.
B
C
B. Landbouw in overgangsgebieden
C. Natuur
Locatie: Overgangsgebieden rond Natura 2000 en Natte
Locatie: Natura 2000, Natte Natuurparels en NNB-gebieden.
Natuurparels (ca. 500m) en beekdalen.
—
—
Overgangszone extensieve landbouw/natuur/water.
Streven naar optimale instandhouding en verbetering van de bestaande natuurwaarden.
Deze kaart is illustratief en indicatief en doet geen uitspraken over exacte parcelen
Mozaïek van landschapselementen, struweel en bos (onderdeel van streven naar ca. 400 ha nieuw natuur-
—
Zonering in verschillende 'hardheden':
en landschapselementen, waaronder ca. 200 ha nieuw bosgebied) met daartussen vormen van natuurinclusieve
—
—
Zoekgebied Zone A: Landbouw
landbouw en boomteelt. Toewerken naar meer extensieve en duurzame landbouw gericht op grondgebonden graasdierhouderijen (BPLG)).
—
Landbouw in overgangsgebieden*
Europese en landelijke restricties landbouw handhaven (waaronder sterk terugdringen van stikstof, ammoniak en geur en eisen stellen t.a.v. gewasbeschermingsmiddelen).
Zoekgebied Zone B:
—
*
De exacte zonering wordt gebaseerd op de koers die de provincie hierin zal kiezen, wettelijke beleidskaders en wordt uiteindelijk in een lokaal gebiedsproces vastgesteld. We gaan daarbij voor dit moment uit van een zone van in beginsel gemiddeld 500 meter (grotendeels overeenkomend met de Attentiezone waterhuishouding van de provinciale verordening), maar de bepaling van de breedte, inrichting en landgebruik van deze zone is afhankelijk van de natuurdoelen voor het aansluitende natuurgebied. De doelen staan voorop, niet de omvang van de overgangszone. Een creatieve invulling en oplossing blijft mogelijk als het invulling geeft aan de doelen die voor het gebied zijn geformuleerd.
Zone C: Natuurgebieden Natura 2000 gebieden en NNB.
74
75
76
77
KOERS PER KERN
komende jaren. Nieuwe ontwikkelingen die in dit hoofdstuk nog niet worden beschreven zijn mogelijk, zolang ze binnen de grote koers voor een kern passen.
5.1 Oisterwijk
nieuwe landschappelijke structuur te introduceren.
Oisterwijk is de enige kern in de Oostflank met
door akkerwegen, bomenrijen en houtwallen) kan
stadse allure. Door de omvang, het aantrekkelijke
Oisterwijk worden ingebed in een breed palet aan
historische centrum en de aanwezigheid van een
bijzondere en gevarieerde landschappen. In dit
station ontstijgt Oisterwijk het dorpse aanzien van
landschap is ruimte voor bijzondere buurtschappen
de andere kernen. Andere bijzondere kwaliteiten
in het groen (Pannenschuur). De Pannenschuurlaan
zijn de nabijheid van de Oisterwijkse bossen en
is één van de belangrijkste ontsluitingswegen voor
vennen en de beekdalen van de Voorste Stroom
Oisterwijk. De drukte op deze weg heeft gevolgen
en Achterste Stroom. Deze kwaliteiten zijn
voor de oversteekbaarheid en leefbaarheid. Dit is
hoofdzakelijk gesitueerd ten zuiden van het spoor.
een opgave die uitgewerkt moet worden. Ook i.r.t.
Aan de noordkant liggen kansen om de relatie
de koers zoals omschreven onder thema Auto.
Door het mozaïeklandschap te versterken (gevormd
tussen stad en landschap te versterken en een
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
04
Voor elke kern binnen de Oostflank wordt in dit hoofdstuk op hoofdlijnen een koers geschetst voor de
KOERS PER KERN
(foto: Jostijn Ligtvoet)
78
Visiekaart Oisterwijk
INHOUDSOPGAVE
79
Inbreiding kan plaatsvinden rondom het
gedacht aan een gemengde invulling met wonen
Oisterwijk. Ten westen van de Hoog Heukelomseweg
station. Het stationsgebied is een complexe
en werken. Dit alles wordt ingepast binnen het
(richting buurtschap Heukelom) en ten noorden
transformatiezone, waarbij rekening gehouden
versterkte landschappelijk raamwerk.
van de Kerkhovenbaan wordt geen uitbreiding
moet worden met omliggende bedrijven en het
van woningbouw toegestaan om daarmee
spoor. Er zijn mogelijkheden om een bijzonder
Oisterwijk Pannenschuur VI
de onbebouwde ruimte tussen de dorpen te
stationsmilieu te realiseren, dat zowel aan de
Pannenschuur VI is de enige uitleglocatie
waarborgen.
lokale als regionale woningbehoefte tegemoetkomt.
van Oisterwijk. Hier kan een gevarieerd
Daarvoor is het deels nodig om bedrijventerrein
woonprogramma komen, met een aanzienlijk
Kerkhoven te transformeren naar compacte
percentage betaalbare woningen en sociale huur.
woningbouw met stedelijke kwaliteiten,
Op een gedeelte van deze locatie heeft de gemeente
aansluitend op de kwaliteiten, dichtheden
een voorkeursrecht (WVG) gevestigd. Hier kan een
en mate van stedelijkheid van de KVL-locatie.
bijzonder landschappelijk woonmilieu worden
Naast ontwikkelingen in het stationsgebied
gerealiseerd met een zachte dorpsrand. Binnen het
zijn in de kern nog andere, meer kleinschalige,
WVG-gebied worden verschillende buurtschappen
ontwikkellocaties.
gepositioneerd in een landschappelijk raamwerk
Illustratief landschappelijk raamwerk Pannenschuur VI
poelen. Routes voor langzaam verkeer worden als
tot een integraal plan voor bedrijventerrein
lange zichtlijnen naar het landschap ontworpen en
in de gemeente Oisterwijk, waarbij de inbreng
verbinden de buurtschappen met de stad en het
van belanghebbenden wordt meegenomen. De
landschap. Vanaf Hoog Heukelom kunnen enkele
onderstaande locaties in het Koersdocument
straten het plangebied in gaan, om het voor auto’s
Oostflank namelijk, De Bedrijfsweg in Oisterwijk, en
te ontsluiten.
de locatie ten noorden van bedrijfspark Laarakkers en Kerkhoven worden hierin meegenomen (alsmede
Een van de belangrijke uitgangspunten van dit
Sonman II in Moergestel).
koersdocument is dat beide gemeenten willen voorkomen dat de dorpen aan elkaar groeien (zie pagina 7 en 9 van dit document). Daarom
Bedrijfsweg Oisterwijk
blijft tussen de dorpen altijd een afstand van
De Bedrijfsweg (ca. 4-6 ha) wordt voor
minimaal 750 meter onbebouwd (zie pag. 10). Om
mogelijke uitbreiding van bedrijventerreinen
de 750 meterzone te respecteren, wordt in de
in Oisterwijk onderzocht. Een voorwaarde voor
zoeklocatie ten noorden van het WVG-gebied (ten
deze uitbreidingen is een goede kwalitatieve
zuiden van de Kerkhovenbaan en ten oosten van de
landschappelijke inpassing. Want ook de
Hoog Heukelomseweg) ingezet op het verfraaien
werkterreinen kunnen beter verbonden worden
en het robuuster maken van het landschap.
met het landschap. Werknemers moeten
Nieuwe boskamers kunnen worden ingepast in de
makkelijk met de fiets naar hun werk kunnen,
landschappelijke structuur van houtwallen, waar
en tijdens het lunchrondje in het groen of het
ook kleinschalige, natuurinclusieve landbouw
buitengebied kunnen wandelen. Daarvoor moet
mogelijk is.
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
van houtwallen, boomsingels, nieuwe bosjes en Er wordt een onderzoek uitgevoerd wat leidt
de omgevingskwaliteit worden verbeterd. Nader onderzoek moet duidelijk maken wat haalbare en
Binnen deze zoeklokatie is geen ruimte voor
kwalitatieve ontwikkelingen zijn.
woningbouw voor Ruimte voor Ruimte titels. Hiertoe wordt gekeken naar mogelijkheden elders in Oisterwijk. Bij de kwalitatieve uitwerking van
Oisterwijk Noordzijde
Pannenschuur VI wordt samengewerkt met de
Alternatieve locatie kan worden gezocht,
buurtraad Heukelom, de buren van Pannenschuur
indien haalbaar, ten noorden van het
VI en andere betrokkenen en belanghebbenden. Er
bedrijvenpark Laarakkers en Kerkhoven (tussen
vindt burgerparticipatie plaats voordat een plan
de Kerkhovensestraat en Heusdensebaan) (ca 8-10
wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.
ha). Verder onderzoek naar de haalbaarheid van
80
deze locatie is een eerste vereiste. Het is niet
De rest van het landschap wordt vrijgehouden van
nodig om alle genoemde locaties te ontwikkelen
bebouwing, ingericht met landschapselementen
tot bedrijfslocatie. Er kan ook aanvullend worden
en toegankelijk gemaakt voor de inwoners van
Status project: stedenbouwkundig plan is nog niet gemaakt, wordt in 2024 opgestart. Op deze kaart staan indicatief ideeën opgenomen hoe dit plan eruit zou kunnen zien, het is echter nog niet bepaald op welke percelen wat precies wordt gemaakt.
Legenda illustratief landschappelijk raamwerk Pannenschuur VI Ontwikkellocatie: buurtschappen in het groen (indicatief)
Langzaam verkeer-verbinding dorp en landschap
Ruimte voor nieuwe boskavels
Karresporen als wijkontsluiting
Herstellen en versterken landschapselementen kamerlandschap
81
5.2 Berkel-Enschot Oorspronkelijk waren Berkel en Enschot twee aparte dorpen. Door de jaren heen zijn deze dorpen aan elkaar vastgegroeid. Hoewel de oude kernen van de twee dorpen nog goed te herkennen zijn, functioneert het met de ontwikkeling van Koningsoord als één zelfstandige kern. Een bijzondere kwaliteit is de nabijheid van het historische cultuurlandschap van de BerkhoekBrem. Om Berkel-Enschot als zelfstandige kern te behouden is het belangrijk dat het dorp niet verder vastgroeit aan Tilburg of andere omliggende kernen. Tussen Berkel-Enschot en Udenhout wordt de 750 meter afstand ook gewaarborgd. De landschappelijke ‘Spie’ tussen het spoor, de Oud Lovenstraat, de Bosscheweg en de tangent valt daarom af als stedelijke ontwikkellocatie. Het is een essentiële groene ademruimte tussen Tilburg en Berkel-Enschot, waar je op de Enschotsebaan nog
We werken hier aan het verbeteren van het
Ten opzichte van eerdere plannen van Akker-
name de Hoolstraat en vrijliggende boerenerven
landschap. Er komen extra landschapselementen
Heikant is het mogelijke ontwikkelgebied sterk
vormen met de nog open landschappelijke ruimte
om het zicht op de industrie en de N261 deels
verkleind om daarmee de afstand tussen de
een bijzonder cultuurhistorisch ensemble, dat
te verhullen. Inbreiding in Berkel-Enschot is
dorpen te waarborgen en cultuurhistorische- en
intact moet blijven. Hier zijn dus geen nieuwe
wenselijk, maar het aantal inbreidingslocaties
landschappelijke kwaliteiten niet aan te tasten.
woningbouwontwikkelingen toegestaan en ook geen
in Berkel-Enschot is beperkt. Er is in ieder geval
De verdere ontwikkeling van de ‘Villawijk’ Nieuwe
nieuwe erven.
wél ruimte voor transformatie en er wordt nog
Warande kan ervoor zorgen dat dat de Ruimte voor
gezocht naar mogelijkheden voor verdichting.
Ruimte-kavels die reeds zijn gerealiseerd, goed
Direct grenzend aan de bestaande woonwijk is wel
Nieuwe woningbouwontwikkelingen richten zich
worden verbonden met het bestaande dorp. De
ruimte voor een beperkte uitbreiding, waarbij
met name op de Nieuwe Warande en het gebied
ontwikkeling Nieuwe Warande Zuid die gepland
de 750 meter afstand tussen Berkel-Enschot en
Akker-Heikant. Hier liggen kansen om bijzondere
stond ten zuidwesten van de Nieuwe Warande,
Udenhout gewaarborgd blijft. Zo kan de afronding
landschappelijke woonmilieus te maken. Voor
richting het Riddershofpad is afgeschaald zodat
van het dorp ook kwaliteit krijgen. Hier is ruimte
Akker-Heikant is de opgave om een definitieve
ook hier de landschappelijke ruimte tussen Tilburg
voor een bijzonder woonmilieu, met een daarbij
groene dorpsrand te maken en tevens compact
en Berkel-Enschot behouden kan blijven en deze
passende compacte woningbouwtypologie. Nieuwe
en vernieuwend landschappelijk wonen toe te
niet verder aan elkaar groeien. Belangrijk is dat
tuinpaden en karresporen passen in het landschap
voegen, waarbij respectvol wordt omgegaan met
de ontwikkelingen geen nadelige impact mogen
en kunnen als inspiratie voor ontsluitingspaden
het bijzondere cultuurhistorische karakter van de
hebben op de verkeersstromen door de kernen.
functioneren voor een landschappelijk woongebied.
Brem en de Hoolstraat met vrijliggende erven en
Nieuwe infrastructuur moet ook geen extra
De vrijwaringszone (ondergrondse buisleidingen)
-boerderijensembles.
verkeer oproepen dat geen duidelijke herkomst of
kan dienen om een definitieve landschappelijke
bestemming in het gebied heeft. Om deze reden
afronding van het dorp te maken. Hier is ook
wordt de Koningsoordlaan parallel aan het spoor
ruimte om waterparken te ontwikkelen, zodat
doorgetrokken. Hiermee kan de nieuwe woningbouw
water uit de wijk kan infiltreren in de bodem. De
in Berkel-Enschot worden ontsloten, maar ontstaat
ontsluiting voor auto’s sluit aan op de bestaande
geen verkeersaantrekkende route die sluipverkeer
infrastructuur van het dorp. Er moet nog nadere
op regionaal niveau faciliteert. De doorgetrokken
studie en uitwerrking plaatsvinden, hoe een in
Koningsoordlaan biedt tevens een goede ontsluiting
capaciteit en veiligheid voldoende ontsluiting
vanuit Berkel-Enschot naar het treinstation.
van Akker-Heikant op bestaande dan wel aan te
Om te voorkomen dat verkeer in noord-oostelijke
passen infrastructuur kan plaatsvinden. Er kunnen
richting alsnog via de Heikantsebaan-Durendaelweg
wandel- en fietsroutes worden gerealiseerd naar
gaat worden maatregelen genomen om het verkeer
de Hoolstraat, om het dorp beter te verbinden
beter te begeleiden richting de Koningsoordlaan.
met het landschap. Op lange termijn ligt er een
O.a.: Plaatsen van bewegwijzering op de rotonde
kans om het aangrenzende werkgebied aan de
Durendaelweg – Pastoor van Tilborgstraat met
westkant onderdeel te laten zijn van deze integrale
duidelijke verwijzing voor doorgaand verkeer
gebiedsontwikkeling. Hier is mogelijk ruimte voor
richting de Koningsoordlaan. Overleg met
transformatie naar een gemengd woon-werkgebied.
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
voelt dat je buiten bent.
navigatie bedrijven om de navigatie aan te passen. Maatwerkmaatregelen op de Durendaelweg, welke nog nader uitgewerkt moeten worden.
Nieuwe Warande Ten westen van Berkel-Enschot vindt
Akker-Heikant
in het buitengebied op dit moment een
Ontwikkellocatie Akker-Heikant ligt aan de
en twee appartementencomplexen: de villawijk
noordoostgrens van het dorp en grenst aan het
Buitengoed Nieuwe Warande. Deze ontwikkeling
bijzondere cultuurhistorische landschap van
is een initiatief van de Ontwikkelmaatschappij
Brem-Berkhoek. Nieuwe ontwikkelingen moeten
Ruimte voor Ruimte-, een 100% deelneming van de
passen bij de kwaliteiten van dit landschap. Met
provincie Noord-Brabant.
gebiedsontwikkeling plaats van 165 zelfbouwkavels
Visiekaart Berkel-Enschot
82
83
Afronding van de villawijk met op de
Nieuwe (zelfbouw) woningen in collectieve clusters
Zoals in de omschrijving van Berkel-Enschot is
voor woningbouwontwikkeling in een dichtheid
aangegeven locaties nog ruimte voor enkele
grenzen aan deze common en vormen één geheel.
opgenomen, is het verder bouwen richting het
passend bij een dorpshart. We studeren zorgvuldig
kavels en compacte, collectieve erven, zodat
Het landschap is de tuin van de bewoners.
zuiden (fase 2 van de Nieuwe Warande aan het
op een inpassing van de nieuwe woningen zodat
er een duurzame landschappelijke afronding
Onderdeel van deze ontwikkeling zijn ook
Riddershofpad) niet meer wenselijk. Zo houden
het landschappelijk karakter van de wijk behouden
ontstaat die 1-op-1 overgaat in het Water- en
verschillende transformatielocaties langs het spoor,
we afstand tussen het dorp en de Noordelijke
blijft. Voorzieningen (Koningsoord) liggen direct
Klimaatlandschap Pauwels.
waaronder tuincentrum De Hemeltjes. Deze locaties
stadsrand en bieden we mogelijkheden voor
Tussen deze nieuwe wijk en het spoor is ruimte
—
Goede verbindingen (vooral langzaam verkeer)
kunnen als eerste worden ontwikkeld.
landschapsontwikkeling. Ontsluiting van de Nieuwe
bereikbaar met de bestaande fietstunnel. Zo kan
tussen de bestaande kern en de Nieuwe
Tenslotte kan het Riddershofpad als
Warande vindt bij voorkeur plaats via het zuiden
de bestaande losgelegen villawijk op een goede
Warande.
landschappelijke en recreatieve wandel- en
op de Rauwbrakenweg. Het verkeer wordt via de
aan de andere zijde van het spoor en zijn direct
—
en duurzame manier worden aangehecht op het
Dat zou kunnen op een manier die enerzijds
fietsroute worden opgewaardeerd. Door deze route
Rauwbrakenweg en Schepersvenweg direct op de
bestaande dorp én kan de wijk een landschappelijke
aansluit bij de zelfbouwcultuur van de Nieuwe
bijna geheel vrij te houden van achtertuinen of
N261 ontsloten. De N261 heeft voldoende capaciteit
afronding krijgen. Dit doen we met enkele
Warande en anderzijds onderdeel wordt van het
nieuwe woningen kan het een waardige verbinding
en is geschikt voor de afwikkeling van het verkeer.
ingrepen:
Water- en klimaatlandschap Pauwels. Door een
worden tussen Berkel-Enschot en klimaatlandschap
Hoe meer verkeer via de N261 verwerkt wordt, hoe
—
Het tussengebied landschappelijk versterken
centrale groene ‘common’ te ontwikkelen, een
Pauwels. Op twee aangegeven locaties is beperkt
minder De Kraan wordt belast. Er moet nog nadere
met een groen hart (de “common”) en daaraan
collectieve tuin voor de hele buurt, kan het gebied
ruimte voor het afronden van de villawijk met
studie en uitwerrking plaatsvinden, hoe een in
gelegen bebouwing: ontspannen delen en
een waardig verlengstuk worden van het water- en
enkele kavels of collectieve erven, indien die ook
capaciteit en veiligheid voldoende ontsluiiting
compactere delen in aansluiting op de
klimaatlandschap. In deze common is ruimte voor
de ruimtelijke kwaliteit van met name achterzijden
van Nieuwe Warande op bestaande dan wel aan te
bebouwing van Berkel-Enschot.
wateropvang, poelen, houtwallen, singels en bosjes.
van bestaande kavels kunnen verbeteren.
passen infrastructuur kan plaatsvinden.
Illustratief landschappelijk raamwerk Akker-Heikant Legenda illustratief landschappelijk raamwerk Akker-Heikant
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
Ontwikkellocatie: Brabants vrij wonen in landschap (indicatief)
Status project: stedenbouwkundig plan is nog niet gemaakt, wordt in 2024 opgestart. Op deze kaart staan indicatief ideeën opgenomen hoe dit plan eruit zou kunnen zien, het is echter nog niet bepaald op welke percelen wat precies wordt gemaakt.
84
Langzaam verkeerverbindingen dorp en landschap Landschappelijke afronding (vrijwaringszone kabels en leidingen) Optioneel transformatie bedrijventerrein (lange termijn) Uitwerken landschapszone tussen Berkel-Enschot, Udenhout en Oisterwijk
Woningen voor ouderen aan een gezamenlijke binnentuin.
Dorps verdichten.
Landschappelijke afronding van het dorp en wandelverbindingen naar het landschap.
Betaalbare woningbouw met lokale architectuur.
85
Vrij wonen in het groen.
Gedeelde groene buitenruimte.
Schuren ensemble.
Groene gemeenschappelijke speelvoorziening.
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
Illustratief landschappelijk raamwerk Nieuwe Warande
Status project: stedenbouwkundig plan is nog niet gemaakt, wordt in 2024 opgestart. Op deze kaart staan indicatief ideeën opgenomen hoe dit plan eruit zou kunnen zien, het is echter nog niet bepaald op welke percelen wat precies wordt gemaakt.
Legenda illustratief landschappelijk raamwerk Nieuwe Warande Landschapselementen toevoegen in samenhang met Klimaatlandschap Pauwels
Langzaam verkeersverbinding naar Klimaatlandschap Pauwels
Groene common met buurtvoorzieningen
Landschappelijke fietsroute - auto te gast
Ontwikkellocatie: nieuwe boerenerven (indicatief)
Wijkontsluiting
Ontwikkellocatie: (zelfbouw) kavels met collectieve woonclusters en adres aan groene common (indicatief)
Afronden kernrandzones
Dorpscontour
Aandachtspunt en opgave: overstroming vanuit het oppervlaktewatersysteem
86
87
Udenhout is een vitaal Brabants dorp aan de rand van Loonse en Drunense Duinen, met een lange ontstaansgeschiedenis. Het is voor de leefbaarheid van de dorpen in de Oostflank van groot belang dat er een nieuw station komt op de lijn Tilburg-Den Bosch. Met de realisatie van een nieuw NS-station in Udenhout kan het dorp een schaalsprong maken. Het biedt de mogelijkheid om een nieuw relatief dicht woon-werkmileu te ontwikkelen en er liggen ook kansen voor versterking van het centrum en in het lint. Dan gaat het om nieuwe verdichtingslocaties rondom het Kloosterpad, de Zeshoevenstraat, Slimstraat/ Kreitenmolenstraat. Om verdichtingskansen in het centrum en het lint nader in beeld te brengen wordt een Ruimtelijk Gebiedsperspectief Udenhout opgesteld. In dat kader wordt ook onderzocht hoe een goede, aantrekkelijke dorpskern met voldoende ontmoetingsmogelijkheden gerealiseerd kan
huidige intensiteit en past bij het verblijfsklimaat.
Scenario locatie 1 nabij voormalig
in een robuuste nieuwe bosontwikkeling, die ook
Vanuit analyse naar de omgeving en functies in
stationsgebouw De eerste locatie biedt
de verbinding tussen De Brand en De Leemkuilen
de kern van Udenhout en het oplossend vermogen
verschillende kansen: de herinrichting achter de
versterkt. Hierin is dan ook ruimte voor
van onder andere het beter laten functioneren van
Jumbo, een nieuwe verbinding met het beekdal
sportvoorzieningen, wat een goede uitwerking
De Mortel gaan we uit van een streefwaarde van
van de Roomley, uitbreiding van een compacte
vraagt. Op beide plekken wordt de ontwikkeling
5.000 mvtg per etmaal in de kern van Udenhout.
woonwijk tussen het spoor en De Mortel (op de
van infrastructuur en ruimtelijke inrichting op
Maatregelen die al op kortere termijn worden
locatie waar in geval van scenario 2 de sportvelden
het gebied van planvorming, financiering en
genomen moeten in de lijn van het Koersdocument
naar toe zouden gaan), geïntegreerd in het groen
exploitatie geïntegreerd aangepakt. Een nieuwe
passen.
en met voldoende waterberging (aansluitend bij
autoverbinding tussen de Kreitenmolenstraat
de waterpark-gedachte). Daarbij zijn er mogelijk
en aangrenzende woonwijken kan deel uitmaken
Om de bereikbaarheid per auto te waarborgen
ook kansen om het noordwestelijk deel van het
van deze integrale planontwikkeling met de
en met name het dorpshart van Udenhout
bedrijventerrein in de toekomst te transformeren
daarbijhorende revitalisatie van de Kreitenmolen.
te ontlasten wordt het verkeer geleid via
naar een compact stedelijk woon-werk milieu.
Daarbij willen we het cultuurhistorisch landschap
de verlengde Koningsoordlaan richting de
Zo ontstaat zowel ten noorden en zuiden van
van de Berkhoek koesteren en het vormgeven aan
Kreitemolenstraat, en daaraansluitend over een
het station een typisch stationsmilieu. Ofwel:
de overgang tussen het bedrijventerrein en het
verbeterde Spoorakkerweg richting De Mortel of
bebouwing voor wonen en werken in een relatief
omliggende landschap en het dorp. Aanvullend
Brabantsehoek-Gommelsestraat. De maatregelen
hoge dichtheid.
verkeerskundig onderzoek is noodzakelijk om tot
worden genomen alvorens een station wordt gerealiseerd en Udenhout wordt uitgebreid met
Scenario locatie 2 grenzend aan de sportvelden
komen, waarbij ook Berkel-Enschot als locatie niet
woningbouw.
Ook de tweede locatie biedt allerlei opties. Als
kan worden uitgesloten.
de sportvelden worden verplaatst, ontstaat hier
worden. In Udenhout zien we dat de huidige
een definitieve locatiekeuze voor het station te
Stationslocaties
verkeersintensiteit niet past bij een goede
Er zijn in Udenhout twee potentiële
leefbaarheid en verkeersveiligheid in de kern.
stationslocaties:
Daarom nemen we maatregelen waardoor de
1
Rondom het voormalige stationsgebouw;
intensiteit in de kern in de toekomst met de
2
Grenzend aan de sportvelden.
ook de kans om een aantrekkelijk stationsmilieu
De noordwestelijke rand van Udenhout, met o.a.
te ontwikkelen. Ook op deze plek spelen opgaven
kasteel De Strijdhoef en zwembad De Groene
gekoppeld aan het watersysteem en inpassing
Wellen, willen we ontwikkelen als ‘natuur-
van het beekdal. Dit kan gecombineerd worden
inclusieve recreatiezone’. Samen met de betrokken
met de ontwikkeling van een landschappelijk-
eigenaren werken we daarvoor een specifiek plan
recreatieve zone aan de oostzijde van Udenhout,
uit. Nieuwe, kleinschalige recreatieve functies kunnen in deze zone ontwikkeld worden, in nauwe
gerealiseerde woningbouw toch lager is dan de
Zicht op Loonse en Drunense Duinen vanaf Udenhout (foto: John Davids) 88
samenhang met ‘mens-inclusieve natuur’.
Visiekaart Udenhout
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
5.3 Udenhout
89
De historische groei, binding van de kern met het landschap én de sterke sociale cohesie van (oud-) dorpsbewoners, bieden een goede basis om Biezenmortel leefbaar te houden en toekomstbestendig te maken. Op 12 juli 2023 is een Dorpsakkoord ondertekend met alle direct betrokken partijen, waaronder de gemeente Tilburg. Dit dorpsakkoord is het eerste concrete resultaat van het Koersdocument Oostflank SRBT en zal gaan werken vanuit de uitgangspunten in het Koersdocument. Voor woningbouw speelt een grote en urgente opgave. Nog voor 2030 willen we een inhaalslag maken en inzetten op duurzame groei, met betaalbare woningen voor de lokale behoefte. Biezenmortel heeft een stevige woningbouwopgave om de leefbaarheid op peil te houden. De identiteit van Biezenmortel behouden is de belangrijkste opgave ten aanzien van de groei die Biezenmortel door gaat maken. Een gestage maar gefaseerde toevoeging van woningen heeft tot doel om de eigen inwoners en woningzoekenden met binding met Biezenmortel de optimale kans te geven om de woningen te betrekken en onderdeel te worden van de lokale samenleving. Immers onderzoek van het Sociaal en Cultureel planbureau toont aan dat actieve deelname aan het dorp vordert met de jaren dat men in een dorp/wijk woont. Een van de ambities uit het dorpsakkoord is ook: "De realisatie
van nieuwe woningen met als uiteindelijk doel dat
een geleidelijke, kwalitatieve groei. Voor een
openbare ruimte, bestemd voor zorg. Om beter
een volledige wooncarrière in het dorp doorlopen
goede afronding van de bestaande uitbreiding
voorbereid te zijn op de transitie in de zorg is
kan worden en een verbeterd voorzieningenniveau
aan de oostzijde is het in elk geval belangrijk
Stichting Prisma op zoek naar nieuwe vormen van
duurzaam in stand blijft." De eerste 300 woningen
dat er een duidelijke grens wordt gedefinieerd.
zorg en samenleven. De nieuwe functies moeten op
tot 2030 zijn bedoeld als inhaalslag van de
Aan de westzijde is het landschappelijk en
een of andere manier gerelateerd zijn aan zorg.
afgelopen jaren en passen tevens binnen de
cultuurhistorisch van cruciaal belang om het
Om nieuwe gebruiksmogelijkheden op het landpark
gemaakte regionale afspraken. Om vervolgens het
open landschap ten westen van de Beukenhof te
mogelijk te maken moet het bestemmingsplan
voorzieningenniveau op peil te houden gaan we
behouden. Ook stellen we het doel om de huidige
worden aangepast.
na 2030 vooralsnog uit van een toevoeging van
én toekomstige woningen in Biezenmortel beter
ca. 30 woningen per jaar tot 2040. Toevoeging
bereikbaar te maken. Er wordt onderzocht welke
Gemeente en Stichting Prisma gaan dit verder
van dit aantal woningen vraagt om een nadere
mogelijkheden er zijn voor Biezenmortel om een ov
concretiseren op basis van een gebiedsvisie.
onderbouwing vanuit goede ruimtelijke ordening
verbinding met Tilburg te verkrijgen.
Onderdeel daarvan is ook de relatie met
Landpark Assisië
en landschappelijke waarden en landschappelijke
Ten zuiden van Biezenmortel ligt het zorgcomplex
inpassing in relatie tot de Leemkuilen. De
Met name in Biezenmortel bestaat de kans om
Landpark Assisië. Stichting Prisma beheert de
bouwmogelijkheden moeten in verhouding staan tot
klimaatadaptief binnendorps te verdichten.
locatie met diverse gebouwen, woningen en
de bestaande bebouwing en het landschap.
provinciaal afgestemd worden.
De nieuwe woningen zijn gericht op starters en doorstroming van bestaande bewoners. Zo draagt de nieuwbouw bij aan de sociale cohesie. De opgave is om te zoeken naar woonconcepten die hierbij passen. Denk bijvoorbeeld aan meer-generatiekavels, CPO-projecten (Collectief Particulier Opdrachtgeverschap) of nieuwe wooncoöperaties. Daarbij is het van belang dat het dorpshart versterkt wordt, door het toevoegen van (maatschappelijke) voorzieningen. De landschappelijke structuur moet leidend zijn voor de groei van het dorp. Dat kan door aan de oostzijde een sterke landschappelijke structuur te introduceren, die het raamwerk biedt voor
Ondertekening Dorpsakkoord Biezenmortel op 12 juli 2023 (foto: Beeldveld)
90
Biezenmortel, behoud van monumentale elementen
en zal bij de uitwerking ook verder regionaal en
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
5.4 Biezenmortel
Visiekaart Biezenmortel
91
In het centrum van Haaren liggen kansen voor de ontwikkeling van een compact en autoluw dorpshart, met nieuwe woningen voor starters en senioren, voorzieningen op fiets- en loopafstand en ruimte voor vergroening in een dorpse sfeer. Hier bouwen we voor de lokale behoefte, het verbeteren van de leefbaarheid en het versterken
Leidend bij de ontwikkelingen is het ontwikkelkader Landgoed Haarendael (2023). De toekomstige invulling van dit gebied moet recht doen aan de iconische status en meerwaarde opleveren voor de regio. Daarbij hanteren we de volgende uitgangspunten: —
Landgoed Haarendael als iconische plek en
van het dorpse karakter. Voor het gebied rond
maak bij een herontwikkeling de geschiedenis
het beekdal van de Ruysbossche Loop wordt
van het terrein langs drie verhaallijnen
er een visie opgesteld, waarbij tevens wordt
beleefbaar (Groot-Seminarie, gedenkplaats,
gekeken naar woningbouw met respect voor het beekdal en om kansen van het beekdal optimaal te benutten. Door nieuwe verbindingen tussen
zorg); —
landschap. Nieuwbouw vindt zoveel mogelijk
landschap; —
voortgeborduurd op de oorspronkelijke
Voorbeelden zijn de herontwikkeling van het van gemeenschapshuis Den Domp en rondom de
hoofdopzet; —
kleinschalige woningbouw. Om de historische en groene kwaliteit van het gebied te borgen, wordt een overkoepelende visie gemaakt. Er is ruimte voor woningbouw in de noordwesthoek (omgeving Holleneind en Köppenstraat). Hier liggen kansen voor een dorpse en natuurinclusieve uitbreiding van de aangrenzende woonwijk.
Bied ruimte aan een mix van wonen voor een variatie aan doelgroepen én voorzieningen op
Driehoeven. In het beekdal wordt niet gebouwd, maar in de flanken zijn wel initiatieven voor
Zet in op herbestemming en uitbreiding van het hoofdgebouw, waarbij wordt
plaats op inbreidings- of transformatielocaties. voormalige gemeentehuis, van de huidige locatie
Waarborg het contrast tussen deze groene enclave en het omliggende agrarische
dorp en beekdal (via Park Ruijbosch) te maken kan het dorp optimaal profiteren van dit bijzondere
Koester het cultuurhistorisch ensemble van
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
5.5 Haaren
het gebied van zorg en kleinschalige leisure; —
Versterk het aanwezige landschap en de tuinenstructuur;
—
Bied in de voorterreinen ruimte aan ten hoogste vijf woongebouwen, die onderdeel worden van het landschap. De rest van het voorterrein wordt publiek toegankelijk en ontwikkeld als een open parklandschap.
Haarendael Landgoed Haarendael is een iconische plek met een rijke historie. Het ligt als een groen omkaderd gebied in het agrarische landschap net buiten het dorp Haaren. Na jaren van leegstand en een grote brand in 2019 bevindt het landgoed zich echter in verwaarloosde staat. We willen het landgoed een nieuwe toekomst geven door landschapsontwikkeling en nieuwe functies als wonen, zorg en kleinschalige leisure. Als pleisterplaats wordt het onderdeel van het recreatieve netwerk in de Oostflank.
Visiekaart Haaren
92
93
Moergestel grenst aan twee bijzondere landschappelijke structuren: het beekdal van de Reusel en de bossen van het Galgeven. Toekomstige gebiedsontwikkelingen kunnen de relatie tussen het dorp en deze structuren versterken. Nieuwe woningbouwlocaties, waaronder Moergestel Noord (rondom Kasteel Nieuwhof), kunnen het dorp verbinden met een nieuw beekdalpark rondom de Reusel. Oostelvoortjes II is een uitbreidingslocatie die als definitieve groene dorpsrand wordt vormgegeven. Sonman II biedt ruimte voor een bijzonder -werkmilieu in het groen, dat een schakel kan vormen tussen het dorp en landgoed Zonnewende. Om de leefbaarheid van het dorp te verbeteren wordt ingezet op een autoluw
dorpshart komen de verkeersveiligheid ten goede en doet ook veel voor de beleving. Mogelijk heeft dit onvoldoende effect voor de verkeersintensiteit, en daarom wordt er ook onderzocht of ingrepen aan de A58 (capaciteitsverruiming), met of zonder het in westelijke richting verplaatsen van de op- en afrit aan de A58, verbetering opleveren. Ook een nieuwe oostelijke randweg zou een bijdrage kunnen leveren aan het autoluw maken van het dorpshart. Nader onderzoek is hiervoor noodzakelijk, waarbij het ook moet gaan over het voorkomen van sluipverkeer door de kern van Moergestel. De ingrepen mogen geen extra verkeer aantrekken. Nieuwe snelfietsroutes naar Oisterwijk en Tilburg zorgen voor een betere verbinding met de omliggende kernen en het OV.
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
dorpshart.
Aanpassingen van de straatprofielen in het
Visiekaart Moergestel
94
Illustratief landschappelijk raamwerk Moergestel Sonman II
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
5.6 Moergestel
Er ligt nog geen planvorming ten grondslag aan deze ontwikkeling.
Legenda illustratief landschappelijk raamwerk Moergestel Sonman II Ontwikkellocatie: werken in het landschap (indicatieve grenzen)
Langzaam verkeersverbindingen tussen dorp en landschap (Galgeven)
Uitbreidingslocatie bedrijventerrein (indicatieve grenzen)
Wijkontsluiting
Groene dorpsrand maken
Bedrijfsverzamelgebouwen in de natuur.
Duurzaam inpassen van nieuwe bedrijfspanden.
Natuurontwikkeling met nieuwe routes in combinatie met werken.
95
Moergestel Sonman II Er wordt een onderzoek uitgevoerd wat leidt tot een integraal plan voor bedrijventerrein in de gemeente Oisterwijk, waarbij de inbreng van belanghebbenden wordt meegenomen. Sonman II in Moergestel, maar ook De Bedrijfsweg in Oisterwijk, en de locatie ten noorden van bedrijfspark Laarakkers en Kerkhoven worden hierin meegenomen. Deze ontwikkellocatie leent zich voor een bijzonder gemengd werkgebied. Het kan worden
uitbreiding van het bedrijventerrein. Hier kunnen aantrekkelijke kleine kavels worden ontwikkeld voor het lokale MKB. Direct grenzend aan de bestaande woonwijk is ruimte voor natuurontwikkeling. Tussen het bedrijventerrein en de natuurontwikkeling komt een overgangszone, met kleine kavels voor bijzondere werkconcepten en bedrijfsverzamelgebouwen in de natuur. Door nieuwe routes te maken naar de aangrenzende bossen van het Galgeven kan deze locatie een nieuwe verbinding maken tussen het dorp en het landschap.
Moergestel Noord
en nieuwbouw op het terrein is mogelijk, als
Deze ontwikkellocatie in het noorden van Moergestel grenst aan het beekdal van de Reusel en aan kasteel Nieuwenhof. Het gebied biedt ruimte voor woningbouw in een landschappelijke setting, georienteerd op het beekdal. Het gebied
het cultuurhistorisch ensemble van het gehele complex en het landschap gerespecteerd blijft. Wij stimuleren samenwerking tussen verschillende gebiedseigenaren om een samenhangend plan te ontwikkelen.
kent hoge waarden qua cultuurhistorie, landschap en natuur. Hier kan woningbouw plaatsvinden, en er is ruimte voor natuurontwikkeling rond de zijtak van de Reusel. Deze zijtak vormt het centrale groenblauwe deel van de nieuwe wijk. Daarbij houden we rekening met het open karakter van het
onderverdeeld in drie zones. Het gebied dat direct
buitengebied, dat direct grenst aan het kasteel.
grenst aan Sonman I leent zich voor beperkte
Kleinschalige transformatie van kasteel Nieuwenhof
Illustratief landschappelijk raamwerk Moergestel Noord Legenda illustratief landschappelijk raamwerk Moergestel Noord
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
Kleinschalige transformatie Kasteel Nieuwenhof
Een schets van een eerste planvorming is gemaakt. Deze wordt in 2024 verder uitgewerkt.
96
Kasteel Nieuwenhof als poort naar beekdallandschap Compact dorps wonen aan het beekdal (indicatief) Verlengen beekddallandschap zijktak Langzaam verkeersverbindingen tussen dorp en beekdallandschap Wijkontsluiting Aandachtspunt en opgave: overstroming vanuit het oppervlaktewatersysteem
Woningbouw in een landschappelijke setting.
Dorps wonen aan een beeldal.
Openheid van het landschap behouden.
Kleinschalige transformatie binnen een cultuurhistorisch ensemble.
97
Oostelvoortjes II – Heiligeboom Deze ontwikkellocatie ligt aan de oostzijde van Moergestel tegen de bestaande woonwijk Oostelvoortjes. De achtertuinen van de bestaande woningen vormen de grens aan de west- en zuidzijde, en de straat Heiligenboom aan de oostzijde. Dit is ook de ontsluiting van de woonwijk. Dit was vroeger een oud akkerlandschap met houtwallen, erven, en bosschages en kleine akkers. Dit zorgde voor een afwisselend en kleinschalig landschap met onregelmatig patronen. Veel van deze houtwallen zijn nu verdwenen, maar
ruimte aan verschillende woonvelden met hun eigen karakter. Dit zijn clusters met woningen in landschapskamers aan de westkant, een brink met woningen in het middendeel van het plangebied en erven langs de Heiligenboom. Dorpse profielen uit de omgeving zijn een voorbeeld voor de wegen in het gebied. De houtwallen worden ecologisch interessant en verknopen Oostelvoortjes weer met het landschap met wandelverbindingen, zoals een dorps (achter) ommetje, gekoppeld aan de houtwallen.
deze oude structuren worden juist gebruikt als basis voor de nieuwe wijk. Met het herstel van de houtwallen ontstaan weer kamers die geven
De ze ui ka ts a pr rt ak is en i l ov lus er tr ex ati ac ef te en pe d rc oe el t g en e . en
Oostelvoortjes II – Heiligeboom
Status project: stedenbouwkundig plan ligt ten grondslag aan de verdere uitwerking. Op deze kaart staan schetsmatig de ontwikkelingen opgenomen. Het is nog niet exact bekend hoe dit verder wordt vormgegeven.
Opzet woonvelden Oostelvoortjes Brinkwoningen: wonen aan de centrale brink
98
Clusters: woningen gegroepeerd binnen de landschappelijke kamers
Erven: langs de Heiligenboom
(foto: Gerdien Wolthaus Paauw)
99
100
101
DE STAP NAAR UITVOERING
05
Eén ambitie, drie opgaven en deelprojecten De gemeente Oisterwijk en Tilburg staan voor grote uitdagingen om alle urgenties in het gebied van de Oostflank, met het oog op een duurzame leefomgeving, aan te pakken. Alleen samen kunnen we zorgen voor “een lonkend landschap, waar ecologie, economie en leefbaarheid voor de komende generaties weer in balans zijn”. We maken keuzes voor grondgebruik en infrastructuur, door te kijken wat randvoorwaarden zijn vanuit natuur, water, bodem en cultuurhistorie (de lagenbenadering). Het koersdocument als integrale visie, vraagt om een integrale aanpak. In dit koersdocument geven we richting aan drie urgente opgaven: 1
Transitie landelijk gebied; Het grondgebruik wordt in balans gebracht met wat het bodem- en watersysteem aan kan. Daardoor komen landbouw en natuur weer in evenwicht, waardoor er sprake is van een toekomstbestendige landbouw.
2
Transitie Mobiliteit; Een deel van het vervoer per auto verschuift naar OV vervoer of per fiets.
3
Transitie Wonen, werken en recreëren; Vanuit deze 2 transities geven we verder vorm aan de invulling van de dorpen door het toevoegen van woningen in verbinding met het landschap,
DE STAP NAAR UITVOERING
het stimuleren van(nieuwe) economische functies in samenhang met de transities, boomteelt en natuurontwikkeling. We sluiten aan bij Van Gogh Nationaal park, voor en door het versterken van de kwaliteiten van het landschap. We zetten in op natuurbeleving en duurzaam toerisme.
Vanuit de visie kunnen vele deelprojecten gedefinieerd worden. Deze deelprojecten hangen met elkaar samen en zijn soms ook randvoorwaardelijk voor elkaar. Maatregelen op het gebied van mobiliteit, natuur en landschap zullen in de tijd zo goed mogelijk worden afgestemd op realisatie van de diverse woningbouwopgaven. In de komende jaren zullen de deelprojecten nader gespecificeerd worden en zullen de randvoorwaarden en afhankelijkheden steeds duidelijker in beeld gebracht worden. Het Koersdocument geeft, zoals eerder aangegeven, richting aan het ruimtelijke beleid en de uitwerking ervan. Voortdurend in interactie met het beleid van de andere overheden: Rijk , Provincie en Waterschappen. Een proces van consultatie, overleg en wederzijdse beïnvloeding. Maar de ingezette koers moet niet uitsluitend een overheidsdocument zijn en zeker ook geen bureaucratisch raamwerk voor het beleid in de toekomst. Het moet een document zijn waarin de bewoners, instellingen en bedrijven zich herkennen zonder op alle punten het per se mee eens te hoeven zijn. Maar dat wel inspireert om samen met de overheden het "gegist bestek" van de Koers nader uit te werken. Het is immers hun leefwereld. Daarom is in het Koersdocument bewust gekozen voor het vastleggen van op zichzelf heldere doelen maar met veel ruimte om op het lagere schaalniveau, in de uitwerking, geïntegreerde oplossingen te kiezen.
Op dat schaalniveau worden immers wrijvingen, tegengestelde belangen maar ook innovatieve oplossingen zichtbaar en kunnen geïntegreerde oplossingen gezocht worden. Gebiedsgericht werken is immers meer dan een bundeling van alle beleid op een bepaalde plek met een nietje erdoor: het is bij uitstek de plek waar het algemene het bijzondere raakt en creatieve oplossingen nodig zijn. In de verdere uitwerking van de Koers zal deze benadering leidend zijn. Initiatieven zoals
Haaren (foto: Gemeente Oisterwijk)
102
INHOUDSOPGAVE
103
Versailles van het Noorden en de visie van de
—
Duinboeren bieden zoals eerder al aangeven , belangrijke aanknopingspunten voor dit proces.
Inwoners in het gebied uit te nodigen om mee te doen,
—
Concreet betekent dit dat bij het vervolg,
Dorps- en wijkraden, dorpen, het buurtschap een adviserende rol te geven.
na vaststelling van het koersdocument, het uitgangspunt is dat we in deelgebieden en deelprojecten alle daarbij belanghebbende partijen
Afspraken zijn nodig
blijven betrekken. Voor het landelijk gebied betreft
Alleen samen komen we verder, dat vraagt om een
dat in elk geval de agrarische sector, inclusief de
aantal afspraken:
boomteelt en de natuur- en milieu organisaties.
—
Het Koersdocument is dé leidraad voor de drie opgaven.
Voor een deel landt het vervolgproces vooralsnog in de GGA’s LDD en Kampina en Oisterwijkse bossen en
—
We werken samen.
vennen, waarin deze partijen reeds
—
We werken lokaal waar het kan.
vertegenwoordigd zijn. Wij willen in deze
—
We benutten de kracht van de regio.
vervolgprocessen naar een proces van het gebied
—
We smeden samenwerkingen die nodig zijn om onze ambities te realiseren.
met ruimte voor creativiteit, innovatiekracht en diversiteit. We hopen op én stimuleren initiatieven
—
We zetten maximaal in op nationale en
uit het gebied die bijdragen aan de gezamenlijke
provinciale financieringsinstrumenten en
doelen en waardes, om zo samen tot de beste
koppelen deze waar mogelijk aan lokale
aanpak en oplossingen te komen. De samenwerking
financieringsbronnen.
willen we faciliteren door in de verschillende
—
te komen en ruimte te bieden voor dialoog,
Waar ‘de markt’ onvoldoende kwaliteit kan realiseren, stappen we als overheid in.
deelgebieden met vertegenwoordigers samen —
We zorgen voor voldoende capaciteit om de opgaven, met elkaar, tot uitvoering te brengen.
kennisuitwisseling en gezamenlijke beslissingen. Door middel van participatieve processen, zoals workshops, enquêtes en co-creatiebijeenkomsten, kunnen de verschillende belanghebbenden hun perspectieven delen op hun directe leefomgeving en gezamenlijk besluiten hoe deze verder uitgewerkt kunnen worden. Op deze manier wordt het draagvlak vergroot en kunnen de gezamenlijke doelstellingen worden gerealiseerd.
Zo doen we dat Lokaal Vanaf 2021 werken Oisterwijk en Tilburg al samen aan deze integrale gebiedsontwikkeling. We hebben elkaar gevonden in onze gezamenlijke opgaven. Nu in 2024 is het Concept Koersdocument gereed.
Een aanpak die helpt
—
Deze opgaven en deelprojecten pakken we samen
—
geeft sturing aan deze gebiedsontwikkeling.
met partijen en inwoners van het gebied aan. Dit vraagt om een nieuwe rol van de overheden,
De gemeente Tilburg geeft blijvend invulling aan haar (lokale) opgaven.
—
zoals gemeenten, Provincie, Rijk en Waterschap (systeemwereld) waarin zij actief sturend en
Het bestuurlijk overleg (stuurgroep Oostflank)
De gemeente Oisterwijk geeft blijvend invulling aan haar (lokale) opgaven.
—
We werken samen toe naar een team, dat na
gericht op de samenwerking het gebied in
vaststelling van het Koersdocument door de
beweging brengt (leefwereld). Dit doen we door:
raad, de gezamenlijke koers kan initiëren,
—
Afspraken te maken met Provincie Noord-
stimuleren, faciliteren en bewaken, zowel
Brabant en het Waterschap over een langdurige
inhoudelijk als procesmatig.
samenwerking, —
Partijen in het gebied uit te nodigen om mee te doen,
104
105
Regionaal
aan kan werken. Binnen deze deelgebieden
Financiële paragraaf
Om toch een beeld te hebben bij de financiële
Oisterwijk en Tilburg zijn vertegenwoordigd
wordt samengewerkt met diverse partners.
De koers die nu uitgestippeld wordt moet
impact en mogelijkheden is een grove eerste
in de Stedelijke Regio Breda Tilburg (SRBT).
Waar dit een GGA opgaven is zal nadrukkelijk
uiteindelijk haalbaar kunnen zijn. Er moeten
verkenning van de consequenties uitgevoerd.
Voor de Oostflank zoeken we aansluiting
de samenwerking met onze inwoners en de
financieringsmogelijkheden in beeld zijn. Door
Dit is echt een eerste grove inschatting van de te
bij de “Ontwikkelstrategie SRBT” en “Het
huidige partijen in de GGA processen worden
koers te bepalen is het mogelijk om geld en budget
verwachtte kosten, op basis van het koersdocument
Ontwikkelperpectief Stedelijk Brabant”. Zowel voor
gezocht. Sommige partners zijn bij alle
op te halen bij andere overheden. Zonder koers