22-170 VVGB varkenshouderij Oisterwijksebaan 6 - bijlage 1 nota van zienswijzen
Tekst van het document
De twee (andere) varkenshouderijen hebben beiden een relatief lage fijnstofemissie (voor een intensieve veehouderij) van minder dan 250 kg/jaar (respectievelijk 184 kg/jr en 249 kg/jr). Voor de beoordeling sluiten wij aan bij de Regeling beoordeling luchtkwaliteit waarin wordt aangegeven dat bij de beoordeling van fijnstof, cumulatie moet worden berekend, indien er binnen een straal van 500 meter veehouderijen aanwezig zijn met een fijnstofemissie van meer dan 500 kg per jaar in een gebied met een hoge achtergrondconcentratie of veehouderijen die meer dan 800 kg fijnstof emitteren per jaar (in de overige gebieden). Bedrijven met dergelijke hoge fijnstof emissies zijn niet aanwezig rondom deze veehouderij. Hierdoor zijn wij van oordeel dat er geen sprake is van een vee dicht gebied met bedrijven die een hoge fijnstof emissie hebben en hierdoor groot risico vormen op endotixine blootstelling. Wij zijn van oordeel dat er hierom geen cumulatieve endotoxinekaart opgesteld hoeft te worden. Daarnaast merken wij op dat er hiervoor geen wettelijk kader beschikbaar is. Daarnaast geven de gezondheidsonderzoeken nog onvoldoende duidelijkheid over een eenduidige relatie tussen de emissies uit de veehouderijen en het voorkomen van gezondheidseffecten bij mensen.
Wegens het ontbreken van algemeen aanvaarde wetenschappelijke inzichten is er onvoldoende grond om de vergunning om deze reden te weigeren.
2.35
Reclamant vraagt zich af hoe objectief en neutraal de rol is van de omgevingsdienst is in de uitvoering van de toetsing aan de plannen. Men vraagt zich af of de keurmeester ook hier zijn eigen vlees mag keuren. Reclamant meent dat de omgevingsdienst op de hoogte zou moeten zijn, of zou moeten controleren, dat bij Spoordijk 7 en Oisterwijksebaan 7 al vele jaren geen varkensstallen meer aanwezig zijn. De omgevingsdienst heeft geen enkele binding met de veehouderij of met de omwonenden. De omgevingsdienst is juist objectief, neutraal en vrij van politieke of lokale kleur. De opdracht aan de omgevingsdienst is om neutraal de aanvraag te toetsen en aan te geven of en hoe er voldaan wordt aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. De besluitvorming vindt vervolgens plaats in het college van B&W. De omgevingsdienst is goed op de hoogte van wat bij het bedrijf en in de omgeving aanwezig is, of zou mogen zijn. Deze aspecten zijn bij de betreffende onderdelen in de (ontwerp)beschikking betrokken, beschreven en afgewogen. De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van het besluit.
Conclusie
Ambtshalve wijzigingen
In voorgaand hoofdstuk is aangegeven of (en zo ja, hoe) de zienswijzen aanleiding hebben gegeven tot aanpassingen ten opzichte van het ontwerpbesluit. In sommige gevallen is er tevens aanleiding tot aanvullende aanpassingen zonder dat daar een zienswijze aan ten grondslag ligt. Dit betreffen de zogenaamde ambtshalve wijzigingen. Toevoegen aan definitieve beschikking: Advies zienswijzen VVGB, ODBN, d.d. 11 augustus 2022; Aanvullende reactie ODBN, punt 4 zienswijzen VVGB, d.d. 20 september 2022; Aangepaste plattegrondtekening d.d. 28 april 2021, laatst gewijzigd 6 april 2022; Geactualiseerde AERIUS verschilberekening, d.d. 6 april 2022; Aangepaste fijnstof berekening, d.d. 6 april 2022; Geactualiseerde achtergrond geurberekening, Memo Agrifirm, d.d. 6 april 2022. Wijzigingen ten opzichte van de ontwerpbeschikking De kadaver aanbiedplaats was niet opgenomen op de plattegrondtekening. Naar aanleiding van de zienswijzen is de plattegrondtekening d.d. 28 april 2021, laatst gewijzigd 6 april 2022 hierop aangepast. Er is een nieuwere versie van het AERIUS rekenmodel beschikbaar. Een nieuwe aangeleverde AERIUS verschilberekening, d.d. 6 april 2022 is uitgevoerd met de laatste versie van het rekenmodel. Uit de berekening volgt dat er geen toename is van ammoniakdepositie. Er is een aangepast fijnstof berekening, d.d. 6 april 2022, met extra te beschermen objecten aangeleverd.
Uit de berekening blijkt dat ter plaatse van alle objecten voldaan wordt aan de norm. Er is een nieuwere versie van het rekenprogramma V-stacks gebied (versie 2020) beschikbaar. Een nieuwe geactualiseerde achtergrond geurberekening, Memo Agrifirm, d.d. 6 april 2022, is aangeleverd met de laatste versie van het rekenmodel. De conclusie is ongewijzigd.