22-10 Begroting 2023 - bijlage 1 Begroting 2023.pdf
Tekst van het document
Gebouwen De gemeente Oisterwijk telt in 2022 zo’n 55 vastgoedobjecten. Voor de verduurzaming van de vastgoedportefeuille wordt een plan van aanpak opgesteld. In de meerjarenbegroting zijn per jaar budgetten opgenomen voor drie categorieën: correctief onderhoud, structureel planmatig onderhoud en incidenteel planmatig onderhoud. Nagenoeg alle in de meerjarenbegroting geplande onderhoudswerken zijn uitgevoerd. Alle gebouwen voldoen aan de afgesproken conditieniveaus.
Begroting 2023 | 74
Paragraaf Grondbeleid Doelstelling Doelstelling van het grondbeleid is de integrale benadering van gebiedsontwikkelingen. Hiermee wordt aangesloten op de belangrijkste doelen van het raadsprogramma. Door deze integrale benadering staat het rendement centraal dat de gemeente maatschappelijk wil realiseren door middel van ruimtelijke ontwikkelingen. Dit rendement wordt afgezet tegen het financieel rendement van de ruimtelijke ontwikkeling op de gemeentebegroting. Zo ontstaat er een afwegingskader dat het gemeentebestuur in staat stelt om weloverwogen beslissingen te nemen over verschillende ruimtelijke ontwikkelingen. De kaders zijn vastgelegd in de kadernota Grondbeleid die in 2019 is vastgesteld door uw raad. Integraliteit en flexibiliteit zijn uitgangspunten binnen dit grondbeleid. Daarnaast worden de komende jaren ook de thema’s duurzaamheid, wonen en economie meegenomen. Dat wil zeggen dat ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente Oisterwijk in ieder geval op deze drie thema’s in beeld moeten brengen op welke wijze ze bijdragen aan de doelen die voor deze onderwerpen gesteld worden. Afhankelijk van de locatie kan het zijn dat er wordt afgeweken van deze beleidsthema’s, door toevoeging van extra thema’s of onttrekking van een thema. Hierdoor wordt gestreefd naar een integrale benadering van gebiedsontwikkelingen.
Dit betekent dat niet alleen naar de financiële gevolgen van een ontwikkeling zal worden gekeken, maar ook naar de maatschappelijke impact. Tot slot worden de doelstellingen als volgt geformuleerd: • Invloed uitoefenen op het ruimtegebruik, opdat op diverse beleidsterreinen van de gemeente een gewenst maatschappelijk rendement gerealiseerd kan worden. • Het realiseren van een zo goed mogelijk integraal resultaat in een ruimtelijke ontwikkeling, dat bestaat uit de optimale mix van maatschappelijk en financieel rendement. • Een kader scheppen waardoor het gemeentebestuur in staat wordt gesteld om op basis van • het integrale resultaat van de ruimtelijke ontwikkeling, keuzes te maken over: - De rol die de gemeente zelf wenst aan te nemen om een ontwikkeling gerealiseerd te krijgen. - De gewenste maatschappelijke doelen versus de daarmee verband houdende financiële gevolgen voor de gemeente. - De verschillende scenario’s om tot ontwikkeling van een locatie/gebied te komen. - Eventueel noodzakelijke prioriteringen voor verschillende ontwikkelmogelijkheden. • Duidelijkheid verschaffen over processen, spelregels en kaders die de gemeente hanteert in gebiedsontwikkelingen.
Kaders Hieronder noemen wij kort de kaders zoals deze gelden in de kadernota Grondbeleid 2019: Inzicht in rendement van gebiedsontwikkelingen • Grondbeleid geeft inzicht in de gevolgen van een gebiedsontwikkeling. Dit is belangrijk omdat dit inzicht gebruikt kan worden om verschillende scenario’s die mogelijk zijn voor een bepaalde locatie op een goede manier te kunnen beoordelen en om prioriteiten voor een ontwikkeling af te wegen. • Grondbeleid geeft een kader voor de verschillende ambities die samen moeten komen in een ontwikkeling door deze met elkaar in verband te brengen en afwegingen daarin mogelijk te maken. • Doordat de aanleiding van een ontwikkeling als uitgangspunt wordt genomen, kan voorafgaand aan besluitvorming over een ontwikkeling in beeld worden gebracht welke Begroting 2023 | 75
ambities de gemeente Oisterwijk daadwerkelijk hiermee wil realiseren. Dit stelt de gemeente ook in staat om de juiste vragen te stellen aan partijen die willen ontwikkelen en hierdoor een goed overwogen besluit te kunnen nemen. Situationeel grondbeleid • Per gebiedsontwikkeling wordt via een afwegingskader tot een advies gekomen voor een door de gemeente aan te nemen rol. Doordat de gemeente per gebiedsontwikkeling een rolkeuze dient te maken voert de gemeente situationeel grondbeleid. Juridische instrumenten • Bij voorkeur resultaten op het gebied van grondaankopen bereiken op minnelijke (vrijwillige) basis; • Wanneer dit niet mogelijk blijkt de publiekrechtelijke instrumenten Wet voorkeursrecht gemeenten en/of de Onteigeningswet inzetten; • Kostenverhaal eigen projecten via marktconforme verkoopprijzen grond en kostenverhaal bij projecten derden bij voorkeur via een anterieure overeenkomst; • Wanneer bij projecten derden niet tot overeenstemming kan worden gekomen dit alsnog afdwingen door vaststellen exploitatieplan.
Bepalingen bij gronduitgifte • De verkoop/uitgifte van gemeentegrond wordt, waar mogelijk, afgestemd op de gewenste programmering uit het meest actuele woningbehoefteonderzoek (aantallen, soort woningen, planning, doelgroepen); • Bij de uitgifte wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de prioritaire maatschappelijke thema’s die genoemd zijn in hoofdstuk 4 van deze nota; wonen, duurzaamheid (inclusief groen) en economie. Afhankelijk van de locatie zijn meer/minder thema’s mogelijk. Verder wordt rekening gehouden met demografische factoren en veranderingen in de markt; • Bij grondverkoop voor woningen voor bijzondere doelgroepen en/of bedrijven wordt het antispeculatiebeding toegepast (aangegeven in de algemene verkoopvoorwaarden). Het college kan, gemotiveerd, ontheffing hiervoor verlenen; • Uiteindelijke bestemming van de grond wordt bepaald door afweging van alle opties en prioriteitstelling. Bij de besluitvorming wordt dit aangegeven. Financiële kaders • Hanteren van de voorschriften volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV); • Transparant grondbeleid tijdens de planning en control cyclus (begroting, PPN, jaarrekening).
Grondprijzen • De gemeente hanteert bij verkoop/uitgifte van grond op het betreffende beleid afgestemde marktconforme grondprijzen; • In het begin van ieder jaar worden de richtprijzen voor verkoop van (diverse categorieën) woningen, bedrijfskavels, groen– en reststroken via een raadsinformatiebrief ter kennis aangeboden aan de raad. Risico’s en weerstandsvermogen • Voor niet voorzienbare/moeilijk kwantificeerbare risico’s binnen de grondexploitaties wordt, op basis van een jaarlijkse actuele risicoanalyse, de gewenste reserve bepaald; • Om de risico’s zoveel mogelijk te beperken worden, waar nodig, beheersmaatregelen genomen;
Begroting 2023 | 76
•
Jaarlijks bij de programmabegroting en –rekening worden voorstellen gedaan over de hoogte van de algemene bedrijfsreserve grondbedrijf.
Transparant grondbeleid Toepassen van de kadernota grondbeleid van de gemeente Oisterwijk door onder andere • jaarlijks de grondexploitaties te actualiseren en door de raad vast te laten stellen ten behoeve van de begroting; • verantwoording afleggen over de financiën en voortgang van de grondexploitaties in de paragraaf grondbeleid en in een afzonderlijk document bij de jaarrekening; • actuele risico-inventarisatie KVL en inschatting van de risico’s van de overige exploitaties. Het weerstandsvermogen van het grondbedrijf wordt telkens bij de jaarrekening hierop afgestemd.
Belangrijkste ontwikkelingen grondexploitaties Zoals aangegeven in de Kadernota grondbeleid worden de grondexploitaties jaarlijks geactualiseerd. Bij de actualisatie kijken wij naar mogelijke wijzingen op de onderdelen kosten en opbrengsten, rente, (woning)programma en de planning. Op de grotere en langlopende exploitaties kijken wij ook naar indexeringen van kosten en opbrengsten. De laatste actualisatie hebben wij gedaan op basis van de werkelijke cijfers tot en met de jaarrekening 2021. De aanpassingen die wij nadien hebben aangebracht in de exploitaties zijn minimaal; we hebben de rente geactualiseerd en daarnaast waar nodig een indexatie doorgevoerd. Wij verwijzen voor meer informatie per grondexploitatie naar de bijlagen zoals wij deze bij het raadsvoorstel voor actualisatie van de grondexploitaties hebben gevoegd.
Financiën Risico analyse Op de door de gemeente geactualiseerde grondexploitatie van het KVL versie 27.1 is een risicoanalyse uitgevoerd. Daarbij zijn, onderverdeeld in een tweetal risicoclusters, vier risico’s onderkend. Het totale risicobedrag heeft een omvang van € 370.000 en is als volgt over de clusters verdeeld: • Baten : € 130.000 • Kosten : € 240.000 Binnen het risicobedrag heeft zich ten opzichte van vorig jaar een verschuiving voorgedaan van risico’s van de baten naar de kostenzijde. De markt is minder risicovol geworden, terwijl er vanwege ontwikkelingen bij de planuitwerking kans is op het verder in tijd uitlopen van de grondexploitatie. Ten opzichte van vorig jaar is het risicobedrag daarom afgenomen met € 20.000 (5%). In de risico paragraaf is rekening gehouden met een bedrag van € 370.000 als risicovoorziening 2022 voor de ontwikkeling van het KVL-terrein. De nieuwe risicoanalyse wordt steeds, zodra deze gereed is, besproken in de auditcommissie. De grondexploitaties KVL en Studiegebied worden tevens besproken in de auditcommissie. Studiegebied KVL In tegenstelling tot de verwachting is de grondexploitatie Studiegebied KVL niet eind 2021 afgesloten, maar blijft deze geopend totdat de openstaande vordering is betaald. Met de debiteur is een betalingsregeling afgesproken.
De verwachting is dat de debiteur aan zijn betalingsverplichtingen zal voldoen, vandaar dat deze grondexploitatie niet (meer) bij de risicoanalyse is betrokken.
Begroting 2023 | 77
Overige grondexploitaties De grondexploitaties De Leye, Bedrijfsweg en Pannenschuur Buiten hebben op basis van de laatst bekende gegevens een verwacht positief eindresultaat. De Wingerd en de Merodelaan zijn per 31 december 2021 met een verlies afgesloten. De prognose voor de Merodelaan was vorig jaar nog positief met een eindwaarde van ca. € 0,5 miljoen. De grondexploitaties Beekdal en ‘t Hopveld, overgenomen van Haaren, zijn dit jaar aan het grondbedrijf toegevoegd. Beide grondexploitaties hebben een negatief eindresultaat, maar in de balansverdeling van 2020 is hiermee rekening gehouden. Voor de grondexploitaties met een verwacht negatief eindresultaat zijn conform BBV voorschriften verliesvoorzieningen getroffen. Bij de jaarrekening 2021 is voor de risico’s overige exploitaties daarvoor een bedrag gereserveerd. Dit bedrag is op basis van de nieuwe cijfers bijgesteld.
Winstprognose grondbedrijf Op basis van de geactualiseerde grondexploitaties kan de volgende indicatieve prognose worden gemaakt van de onderhanden projecten:
(Bedragen x € 1.000)
Totaal BW 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
KVL - Terrein
-9.132
966
2.771
-460
KVL - Studiegebied
-2.832
56
56
De Leye
-580
-49
Bedrijfsweg
-317
Pannenschuur Buiten Beekdal Hopveld
Raming restant
Eind totaal
56
56
112
3.277
-5.855
336
-2.497
-49
-971
1.322
1.553
1.806
1.226
-51
-139
-384
2.089
2.755
4.270
3.953
7.639
-289
777
-225
-201
308
488
8.126
216
-9
-1.830
555
559
1.114
-716
109
De Wingerd
-32
-32
Merodebaan
-41
-41
Totaal
-7.352
987
4.283
-1.650
3.467
4.420
11.507
4.155
Opmerkingen: • De reeds afgesloten grondexploitaties (< 2021) zijn buiten beschouwing gelaten en niet meer in dit overzicht opgenomen. • De verwachte winstnemingen worden in een apart overzicht gepresenteerd. • De kosten en (verwachte) verliesgevende projecten (KVL en Studiegebied, De Wingerd, Merodelaan, Beekdal en Hopveld) worden in het rood weergegeven. Voor de genoemde bedragen zijn al voorzieningen aanwezig. • De winstprognose is ten opzichte van de jaarrekening 2020 gewijzigd. We hebben de rentelasten geactualiseerd, dit betreft een geringe negatieve wijziging van 0,65% naar 0,67%. • Op basis van de actualiteit zijn de opbrengsten van de De Leye en Bedrijfsweg nu realistisch in de tijd en in de grondexploitaties verwerkt. Voor de Leye is ten opzichte van de begroting 2021 de opbrengst met € 0,5 miljoen afgewaardeerd. Bij de actualisatie van 2022 is voor het inrichten van het openbaar gebied gerekend met een hoog kwaliteitsniveau en is het geprognosticeerde resultaat nogmaals naar beneden bijgesteld.
Begroting 2023 | 78
•
•
Daarnaast is de grondexploitatie Merodelaan per 31 december 2021 afgesloten en wordt de Ruimte voor Ruimte – titel niet ingezet. De geprognosticeerde opbrengst van ca. € 0,5 miljoen komt hierdoor te vervallen, waardoor de grondexploitatie nu een negatief eindresultaat heeft. Tot slot is op verzoek van de raad een aanvullend onderzoek naar het nut en noodzaak van het ontwikkelen van bedrijfsterreinen (Bedrijfsweg) in Oisterwijk onderzocht. Het onderzoek is afgerond en de resultaten hiervan zijn in juli 2022 aan de raad gepresenteerd.
Methode (tussentijdse) winstnemingen bij grondexploitaties Sinds 2017 zijn de BBV voorschriften voor de wijze van (tussentijdse) winstneming bij de grondexploitaties gewijzigd. In het kort moet het percentage gerealiseerde kosten en het percentage gerealiseerde opbrengsten worden losgelaten op de totale winstraming van het project, de zg. Percentage of Completion (PoC)-methode. Op basis van de PoC-methodiek zijn voor de grondexploitaties met een positief eindresultaat de (tussentijdse) winsten 2021 berekend en opgenomen. In onderstaand tabel wordt de prognose van de winstuitnames weergegeven.
(Bedragen x € 1.000)
Pannenschuur Buiten
2021
2022
2023
1.897
282
579
2024
Bedrijfsweg De Leye Totaal
1.897
282
579
0
2025
2026
1.546
2.406
483
743
2.029
3.149
Begroting 2023 | 79
Paragraaf Verbonden partijen Visie en beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen Verbonden partijen voeren meestal gemeentelijke taken uit met een groot politiek belang. Ze leveren een bijdrage aan de realisatie van maatschappelijke doelen. Participatie in verbonden partijen levert gemeenten niet alleen voordelen op, maar ook financiële en bestuurlijke risico’s. Om voordelen optimaal te benutten en risico’s te beheersen is aandacht voor de sturingsrelatie en risicobeheersing bij verbonden partijen belangrijk. Een partij wordt beschouwd als een verbonden partij als de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft in die partij. Er worden vier categorieën van verbonden partijen onderscheiden, te weten: 1. Gemeenschappelijke regelingen 2. Vennootschappen 3. Stichtingen en verenigingen (niet van toepassing in Oisterwijk) 4. Overige verbonden partijen (niet van toepassing in Oisterwijk)
Gemeenschappelijke regelingen GGD Hart voor Brabant, gevestigd te ‘s-Hertogenbosch Doelstelling
Het bewaken, beschermen en bevorderen van de volksgezondheid.
Publiek belang en reden voor deelname
Uitvoeren van de Wet publieke gezondheid (Wpg), die de gemeente verplicht tot het instellen en in stand houden van een gezondheidsdienst. Toezichtstaken Wet kinderopvang. Bijdrage leveren aan het opschalen bij grote incidenten.
Wijze van samenwerking
De GGD voert de wettelijke gemeentelijke taken uit en levert bouwstenen aan voor de 4-jaarlijkse vaststelling van het regionale gezondheidsbeleid, waarin ook een lokale paragraaf is opgenomen.
Zeggenschap van de gemeente
Gemeenschappelijke regeling van 25 gemeenten (regio’s Midden-Brabant, ’s-Hertogenbosch en Brabant-Noordoost). Het Algemeen Bestuur heeft 25 leden, van elke gemeente 1 collegelid met 1 stemrecht. Het Dagelijks Bestuur heeft 7 leden.
Financieel belang
De inwonersbijdrage 2023 voor Oisterwijk bedraagt € 1.208.671 (inclusief lokale accenten van € 101.038). Dit is gebaseerd op een bedrag per inwoner van € 37,18. Het exploitatieresultaat 2021 van de GGD Hart voor Brabant bedroeg € 238.000 positief. Het eigen vermogen begin en ultimo 2021 bedroeg resp. € 7,8 mln. en € 7,7 mln.
Overige relevante gegevens en risico’s
Verdere samenwerking met RIVM/VWS en andere GGD-en inzake infectieziektebestrijding. Afstemmen WMO met werkzaamheden GGD (uitvoering regionaal en lokaal gezondheidsbeleid). Vergroten van de veiligheid in samenwerking met de veiligheidsregio’s.
Begroting 2023 | 80
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant, gevestigd te Tilburg Doelstelling
Uitvoering van alle vergunning-, toezicht- en handhavingstaken (VTH) op het gebied van milieu die behoren tot het verplichte basistakenpakket, aanpak van ketenvraagstukken en milieucriminaliteit (regio-overstijgende taken) en uitvoering van verzoektaken van gemeenten en provincie (milieutaken die niet tot het basistakenpakket behoren).
Publiek belang en reden voor deelname
Iedere gemeente is verplicht een groot aantal milieutaken (de zogenaamde basistaken) uit te laten voeren door een omgevingsdienst. Voor de gemeente Oisterwijk is dat de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant. Dit biedt de volgende voordelen: • Er is een kritische massa georganiseerd die het mogelijk maakt om te beschikken over de vereiste menskracht en deskundigheid. • Geen verschil meer in de aanpak van de handhaving en behandeling van burgers en bedrijven. • De mogelijkheid om omgevingsproblemen aan te pakken die afzonderlijke besturen te boven gaan. • De informatiehuishouding- en uitwisseling stroomlijnen voor de aanpak van de zware en georganiseerde milieucriminaliteit.
Wijze van samenwerking
De juridische verankering is geregeld via een Gemeenschappelijke Regeling.
Zeggenschap van de gemeente
Aan de Gemeenschappelijke Regeling nemen 27 gemeenten en de provincie deel. Deze 28 partners zijn vertegenwoordigd in het algemeen bestuur. Wethouder Eric Logister is afgevaardigde van de gemeente Oisterwijk in het algemeen bestuur.
Financieel belang
De (voorlopige) bijdrage van de gemeente Oisterwijk in de begroting 2023 van de OMWB bedraagt € 696.172. De definitieve invulling van de bijdrage vindt plaats aan de hand van het bestuurlijk vast te stellen werkprogramma 2023 en de eindafrekening gebeurt op basis van de werkelijk afgenomen producten en diensten.
Overige relevante gegevens en risico’s
Naar verwachting treedt op 1 januari 2023 de Omgevingswet in werking. De invoering van de wet betekent een grote verandering voor de taakuitoefening en werkwijze van de OMWB. Ondanks het feit dat de OMWB daarop goed voorbereid is, begint het feitelijke veranderproces pas na de inwerkingtreding. De financiële gevolgen hiervan zijn op dit moment nog niet in te schatten. Daarnaast zijn als gevolg van de Russische invasie van Oekraïne de prijzen van olie en gas en bepaalde grondstoffen aanzienlijk gestegen. Ook dit kan impact hebben op het toekomstig kostenniveau van de OMWB.
Begroting 2023 | 81
Veiligheidsregio Midden– en West Brabant, gevestigd te Breda Doelstelling
De Veiligheidsregio is ingesteld om de crisisbeheersing en rampenbestrijding in ons land te verbeteren, zodat burgers beter beschermd worden tegen de risico’s van brand, rampen en crisis.
Publiek belang en reden voor deelname
De deelname is verplicht op basis van de bestaande regelingen, zoals de Wet Veiligheidsregio’s.
Wijze van samenwerking
Onder de basistaken van de Veiligheidsregio behoren het in stand houden van een brandweer, de bijbehorende meldkamerfunctie en het organiseren van rampenbestrijding en crisisbeheersing. In het programmaplan van de Veiligheidsregio zijn daarnaast een aantal thema’s gedefinieerd waar extra aandacht voor is.
Zeggenschap van de gemeente
In de Veiligheidsregio nemen 24 gemeenten deel. De gemeente Oisterwijk wordt vertegenwoordigd door de burgemeester, die net als de andere gemeenten één stem heeft in het algemeen bestuur. Daarnaast is de burgemeester lid van het dagelijks bestuur met de portefeuille middelen.
Financieel belang
De bijdrage van de gemeente Oisterwijk aan de Veiligheidsregio MiddenWest Brabant in 2023 is € 1.859.148.
Overige relevante gegevens en risico’s
Er is een risico op ongewenste budgetoverschrijdingen. Het eventuele aandeel van Oisterwijk hierin is echter dermate klein dat dit specifieke risico voor onze gemeente te verwaarlozen is. Daarnaast is er gezien het huidige financiële beleid geen reden om deze risico’s als onaanvaardbaar te beschouwen.
Begroting 2023 | 82
Sociale werkvoorziening WSD, gevestigd te Boxtel Doelstelling
De Wet sociale werkvoorziening uitvoeren.
Publiek belang en reden voor deelname
Deelname aan de gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap De Dommel maakt volwaardige participatie mogelijk.
Wijze van samenwerking
De gemeenschappelijke regeling levert in opdracht van de gemeente Oisterwijk een aantal gesubsidieerde arbeidsplaatsen, die op voorhand zijn bepaald in een contractspecificatie.
Zeggenschap van de gemeente
Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling bestaat uit het Algemeen Bestuur (AB) en het Dagelijks Bestuur (DB). Het AB bestaat uit een raadslid per deelnemende gemeente; voor de gemeente Oisterwijk is dit Mevr. M. Hesselberth. Er zijn 9 deelnemende gemeenten met elk 1 stemrecht. Het DB bestaat uit een wethouder per deelnemende gemeente. Voor de gemeente Oisterwijk is dit Dhr. Dankers.
Financieel belang
De WSD werkt binnen het budget voor de Sociale Werkvoorziening en Participatie dat de gemeente Oisterwijk meerjarig beschikbaar heeft voor de doelgroep. De beschikbare bedragen worden bij elke circulaire van het rijk herzien. Het bedrag voor Sw voor 2023 is op basis van de meicirculaire 2022 een bedrag van € 3.832.346. De bijdrage in bestuurs- en indicatiekosten voor 2022 voor Oisterwijk bedroeg € 25.860. De algemene reserve bedraagt per 01-01-2021 € 14,7 mln. en per 01-012022 € 10,3 mln. Het gerealiseerde resultaat 2021 bedraagt € 2.672.000 voor mutaties reserves (resultaat is inclusief coronamiddelen).
Overige relevante gegevens en risico’s
Per 1 januari 2015 is de Participatiewet van kracht. Dit betekent dat de Sociale Werkvoorziening op slot is en er geen nieuwe instroom in de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) meer mogelijk is. Dit betekent dat het aantal Wsw medewerkers bij WSD vanaf 1 januari 2015 door natuurlijke uitstroom afneemt (geraamde uitstroom 2021 is 6% van het huidig personeelsbestand). De financiering van de Wsw loopt vanaf 1 januari 2015 via de Participatiewet (integratiefonds) en is dus geen apart budget meer. De huidige Gemeenschappelijke regeling is opgericht om de Wet Sociale Werkvoorziening uit te voeren voor de deelnemende gemeenten. Op basis van de lokale plannen en daarbij horende nieuwe risico-inschatting bekijkt het dagelijks bestuur van de WSD in 2023 welke algemene reserve van de WSD aangehouden kan worden.
Begroting 2023 | 83
Hart van Brabant, gevestigd te Tilburg. Doelstelling
Een netwerksamenwerking van Brabantse gemeenten om vanuit het publieke domein de ontwikkeling van de regio Midden-Brabant – uitgaande van het beginsel van lokale autonomie – te faciliteren en stimuleren. Maatschappelijke uitdagingen op gebied van Mens & Samenleving, Economie en Leefomgeving & Milieu worden gezamenlijk opgepakt.
Publiek belang en reden voor deelname
Schaalgrootte is nodig op verschillende, gemeentegrens overstijgende, thema’s om toekomstgericht te zijn. Grote maatschappelijke opgaven zoals in het Sociaal Domein kunnen alleen opgepakt worden in samenwerking. Net als de grote opgaven op gebied van milieu en energiegebruik.
Wijze van samenwerking
Een gezamenlijk opgestelde kernagenda is uitgangspunt voor diverse uitvoeringsprojecten. Hierop sturen portefeuillehouders (bestuurders uit deelnemende gemeenten) werkgroepen aan. Gemeenschappelijk overleg vindt plaats op de Hart van Brabant-dag, die 4 keer per jaar plaatsvindt. Op deze dag is bestuurlijke vertegenwoordiging van alle gemeenten in MiddenBrabant aanwezig.
Zeggenschap van de gemeente
Het aantal deelnemende gemeenten is negen. Elke gemeente heeft 1 stem. Alle burgemeesters vormen het algemeen bestuur. Er is een dagelijks bestuur met vertegenwoordiging van enkele gemeenten.
Financieel belang
De bijdrage 2021 van de gemeente Oisterwijk bedroeg € 138.233 (dat is € 4,27 per inwoner). Het Eigen vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 103.265 en per 31-122021 € 103.265 Het Vreemd vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 19, mln en per 31-122021 € 18,0 mln. Het nog te bestemmen resultaat 2021 bedraagt € 638.552. Op jeugdhulp is in 2021 een jaarresultaat van € 6.304.513 behaald. Deze laatste wordt met de deelnemende gemeenten verrekend.
Overige relevante gegevens en risico’s
N.v.t.
Begroting 2023 | 84
Midpoint Brabant, gevestigd te Tilburg. Doelstelling
Een netwerksamenwerking van Brabantse gemeenten, andere overheden, onderwijsinstellingen en bedrijfsleven om de ontwikkeling van de regio Midden-Brabant te faciliteren en stimuleren. Maatschappelijke uitdagingen op gebied van Economie worden gezamenlijk opgepakt.
Publiek belang en reden voor deelname
Schaalgrootte is nodig op verschillende, gemeentegrens overstijgende, thema’s om toekomstgericht te zijn. Midpoint Brabant staat voor, met name, de economische ontwikkeling in de regio, zoals bijvoorbeeld de arbeidsmarkt ontwikkeling.
Wijze van samenwerking
Midpoint Brabant is een stichting binnen regio Hart van Brabant. Een gezamenlijk opgestelde strategische meerjaren agenda is uitgangspunt voor diverse uitvoeringsprojecten. Hierop sturen portefeuillehouders (bestuurders uit deelnemende gemeenten) werkgroepen aan. Gemeenschappelijk overleg vindt plaats op de Hart van Brabant-dag, die 4 keer per jaar plaatsvindt. Op deze dag is bestuurlijke vertegenwoordiging van alle gemeenten in MiddenBrabant aanwezig.
Zeggenschap van de gemeente
Aantal deelnemende gemeenten is elf. Er is een dagelijks bestuur met gekozen vertegenwoordiging uit enkele gemeenten.
Financieel belang
De bijdrage 2021 van de gemeente Oisterwijk bedroeg € 138.233 (dat is € 4,27 per inwoner). Het Eigen vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 938.089 en per 31-122021 € 890.967. Het Vreemd vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 2,4 mln en per 31-122021 € 2,1 mln. Het gerealiseerde resultaat 2021 bedraagt - € 47.122
Overige relevante gegevens en risico’s
N.v.t.
Begroting 2023 | 85
Stadsgewest ‘s-Hertogenbosch Doelstelling
Het beheer van de gesloten stortplaats De Vlagheide, behartiging van de belangen van het Stadsgewest, alsmede de zogeheten contractgemeenten binnen de Bestuursraad van het Provinciale Nazorgfonds.
Publiek belang en reden voor deelname
In verband met de opsplitsing van de gemeente Haaren is de gemeente Oisterwijk toegetreden tot de GR Stadsgewest ’s-Hertogenbosch. Gemeente Oisterwijk is daarom nu formeel deelnemer van deze GR.
Wijze van samenwerking
GR Stadsgewest 's-Hertogenbosch
Zeggenschap van de gemeente
1,62%
Financieel belang
In 2020 is reeds een gedeelte van de risico’s verlaagd doordat het negatieve eigen vermogen van het stadsgewest is verlaagd. De kosten hiervoor, zijn destijds nog ingebracht door de voormalige gemeente Haaren. Vanaf 2021 is de gemeente Oisterwijk mede eigenaar geworden van deze verbonden partij. De bijdrage 2021 van de gemeente Oisterwijk bedroeg € 1,42 per inwoner (op basis van het inwonertal gemeente Haaren per 1-1-1998. De verdeling is gemaakt op basis van verdeelsleutel herindeling Haaren). Het Eigen vermogen bedraagt: per 01-01-2020 - € 6.809 en per 31-122020 - € 1.885. Het Vreemd vermogen bedraagt: per 01-01-2020 € 7.486 en per 31-122020 € 6.800. Het gerealiseerde resultaat 2020 bedroeg € 4.294.
Overige relevante gegevens en risico’s
Het toe treden in de gemeenschappelijke regeling betekent dat we vanaf nu ook jaarlijks een bedrag moeten bijdragen. Dit is vanaf de begroting 2022 verwerkt. De jaarlijkse lasten van het beheer van de stortplaats worden ingaande 2021 gedekt uit een bedrag per inwoner. Onderliggende verdeelsleutel is het inwonertal per 1-1-1998 (datum in liquidatie gaan van het Stadsgewest). Voor de bijdrage zijn alleen de inwoners van het dorp Haaren meegerekend. Voor 2023 gaat het om ongeveer € 8.000. Het bedrag neemt de komende jaren af.
Begroting 2023 | 86
Vennootschappen NV Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG), gevestigd te ‘s-Gravenhage Doelstelling
Voor de gemeente Oisterwijk vormt het aandeelhouderschap van de BNG een duurzame belegging. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger.
Zeggenschap van de gemeente
Via het stemrecht op de aandelen heeft de gemeente Oisterwijk zeggenschap.
Financieel belang
De gemeente Oisterwijk heeft 7.845 aandelen van € 2,50 per aandeel. Het Eigen vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 5,1 mln. en per 31-122021 € 5,1 mln. Het Vreemd vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 155,3 mln. en per 3112-2021 € 144,0 mln. De nettowinst na belastingen 2021 bedroeg € 236 mln.
Brabant Water NV, gevestigd te ‘s-Hertogenbosch Doelstelling
Doelstelling is het verzorgen van een betrouwbare en zuivere watervoorziening voor iedereen binnen het werkgebied van Brabant Water.
Zeggenschap van de gemeente
Als aandeelhouder heeft de gemeente stemrecht bij de aandeelhoudersvergaderingen.
Financieel belang
De gemeente beschikt over aandelen Brabant-Water, zonder boekwaarde. Het financiële risico is daarmee nihil. Het Eigen vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 674,2 mln. en per 31-122021 € 684,7 mln. Het Vreemd vermogen bedraagt: per 01-01-2021 € 523,3 mln. en per 3112-2021 € 534,4 mln. De nettowinst na belastingen 2021 bedroeg € 10,5 mln.
Begroting 2023 | 87
Paragraaf Lokale heffingen In deze paragraaf gaan wij in op de ontwikkeling van de bestaande lokale algemene belastingen en heffingen.
Inleiding Bij de gemeentelijke belastingen zijn drie typen belastingen te onderscheiden. De algemene belastingen komen ten goede aan de algemene middelen. Dit betekent dat de opbrengsten niet gelabeld zijn, maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen kunnen worden ingezet. De gemeenteraad bepaalt dus zelf waaraan de gemeente dat geld besteedt. De gemeente heft de volgende belastingen: • onroerende-zaakbelastingen • forensenbelasting • toeristenbelasting • precariobelasting • reclamebelasting • parkeerbelasting Bestemmingsbelastingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke taken of voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Voor bestemmingsbelastingen geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de kosten die de gemeente voor de betreffende taak of voorziening maakt. De gemeente heeft de volgende bestemmingsbelastingen: • rioolheffing • afvalstoffenheffing Retributies worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. De belangrijkste retributies zijn de leges. Dit zijn vergoedingen voor een bij de gemeente aangevraagde dienst, zoals het aanvragen van een paspoort of een vergunning. Net als bij bestemmingsbelastingen mogen retributies niet meer dan kostendekkend zijn. De gemeente heeft de volgende retributies: • marktgelden • leges
Belastingverordeningen Hieronder volgt een samenvatting van hetgeen in detail is uitgewerkt in de belastingverordeningen met bijbehorend separate raadsvoorstel: • Aanvaardbare belastingdruk in de gemeente Oisterwijk. • De totaalopbrengst van de onroerendezaakbelastingen wordt verhoogd met de inflatiecorrectie van 4,8%1. • Tarieven afvalstoffenheffing worden 100% kostendekkend berekend. De tarieven worden verhoogd met 4,8% om de kosten voor afvalverwerking volledig te dekken. Dit is een inflatiecorrectie. 1
Er vindt een jaarlijkse waardering plaats van alle onroerende zaken. Voor het belastingjaar 2023 geldt dat de aanslagen onroerende-zaakbelastingen (OZB) worden opgelegd met als waardepeildatum 1 januari 2022. De herwaardering is nog niet opgestart. Het resultaat van de waardeontwikkeling voor woningen en niet-woningen is nog niet bekend. Er is uitgegaan van de Meicirculaire gemeentefonds 2022. De te verwachten waardeontwikkeling wordt verwerkt in de tarieven onroerende-zaakbelastingen.
Begroting 2023 | 88
•
• •
• •
• •
De rioolheffing heeft het karakter van een bestemmingsheffing waarmee ook kosten kunnen worden verhaald om collectieve maatregelen te treffen die de gemeente noodzakelijk acht voor een doelmatig werkende riolering en overige maatregelen ten aanzien van hemelwater en grondwater. Zowel de eigenaren als de gebruikers zijn betrokken in de rioolheffing, waardoor de lasten evenredig worden verdeeld. Tarieven rioolheffing zijn 100% kostendekkend. Tarieven rioolheffing zijn met 4,8% geïndexeerd. De uitkomsten van het onderzoek ‘kostendekkendheid leges’ worden verwerkt in de Legesverordening 2023 met bijbehorende tarieventabel. Bij de parkeerbelasting wordt het tarief voor afgifte parkeervergunningen en de naheffingsaanslag met 4,8% verhoogd. De naheffingsaanslag is gehouden aan een wettelijk maximum. Het tarief toeristenbelasting en het tarief forensenbelasting voor de vaste standplaats worden beide verhoogd met de inflatiecorrectie van 4,8%. Precariobelasting kan worden geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Tarieven precariobelasting worden verhoogd met de inflatiecorrectie van 4,8%. Tarieven marktgelden wordt met de inflatiecorrectie van 4,8% verhoogd; De tarieven reclamebelasting zijn met 4,8% geïndexeerd.
Geraamde inkomsten Begroting 2022
Begroting 2023
Verschil
Onroerende-zaakbelastingen
€ 8.575.095
€ 8.986.700
€ 411.605
Afvalstoffenheffing
€ 2.841.773
€ 2.978.178
€ 136.405
Rioolheffing
€ 3.263.692
€ 3.534.349
€ 270.657
Leges
€ 1.549.801
€ 1.624.191
€ 74.390
Parkeerbelasting
€ 1.096.865
€ 1.149.514
€ 52.649
Toeristen- / Forensenbelasting
€ 1.026.292
€ 1.075.554
€ 49.262
Precariobelasting
€ 173.886
€ 103.886
-€ 70.000
Reclamebelasting
€ 93.086
€ 97.555
€ 4.469
Marktgelden Totaal
€ 33.363
€ 34.964
€ 1.601
€ 18.653.853
€ 19.584.891
€ 931.038
In verband met realistisch begroten is de opbrengst precario naar beneden bijgesteld.
Begroting 2023 | 89
Mate van kostendekkendheid Rioolheffing Kostendekkendheid Rioolheffing 2023 Netto kosten taakveld, incl. (omslag)rente
€ 1.243.000
Overhead
€ 555.000
BTW
€ 176.000
Vrijval voorziening riool
€ 1.560.000
Totale kosten
€ 3.534.000
Opbrengst heffing
€ 3.534.000
Dekkingspercentage
100%
Afvalstoffenheffing Kostendekkendheid Afvalstoffenheffing 2023 Netto kosten taakveld, incl. (omslag)rente
€ 3.337.000
Overhead
€ 104.000
BTW
€ 590.000
Totale kosten
€ 4.031.000
Opbrengst heffing, milieustraat en recycling
€ 4.031.000
Dekkingspercentage
100%
Bij de batenkant van de afvalstoffenheffing zijn alle opbrengsten bij de afvalverwerking meegenomen. Dus ook de bijdragen van derden. Voor het bepalen van de kostendekkendheid dienen deze opbrengsten ook te worden meegenomen, want hier staan ook verwerkingskosten tegenover.
Leges Op dit ogenblik is er onduidelijkheid over het doorgang van de omgevingswet. Deze nieuwe wet bepaalt in grote mate de kostendekkendheid. Op 1 november 2022 wordt duidelijk of de wet door gaat. Omdat de omgevingswet de belangrijkste factor is in de berekening van de kostendekkendheid, is er voor gekozen om de definitieve berekeningen en het overzicht met de kostendekkendheid van de verschillende leges in december 2022 aan de raad aan te leveren. Dat gebeurt dan samen met de belastingverordening 2023. Als er uit de nieuwe berekeningen financiële effecten komen, dan worden deze met een begrotingswijziging bij het raadsvoorstel gevoegd.
Begroting 2023 | 90
Lokale lastendruk Eenpersoonshuishouden
OZB
Riool
Afval
Totaal
woning 2022 € 397.000
€ 436,11
€ 141,14
€ 167,76
€ 745,01
woning 2023 € 450.000
€ 457,04
€ 147,92
€ 175,68
€ 780,64
Eigenaar
Gebaseerd op waterverbruik < 130 m3 (riool) en vastrecht + 8 ledigingen container van 140 ltr (afval).
Eenpersoonshuishouden
OZB
Riool
Afval
Totaal
woning 2022 € 397.000
€ 0,00
€ 32,28
€ 167,76
€ 200,04
woning 2023 € 450.000
€ 0,00
€ 33,84
€ 175,68
€ 209,52
Gebruiker
Gebaseerd op waterverbruik < 130 m3 (riool) en vastrecht + 8 ledigingen container van 140 ltr (afval).
Meerpersoonshuishouden
OZB
Riool
Afval
Totaal
woning 2022 € 397.000
€ 436,11
€ 250,34
€ 210,32
€ 896,77
woning 2023 € 450.000
€ 457,04
€ 262,28
€ 220,32
€ 939,64
Eigenaar
Gebaseerd op waterverbruik 131 – 250 m3 (riool) en vastrecht + 8 ledigingen container van 240 ltr (afval).
Meerpersoonshuishouden
OZB
Riool
Afval
Totaal
woning 2022 € 397.000
€ 0,00
€ 141,48
€ 210,32
€ 351,80
woning 2023 € 450.000
€ 0,00
€ 148,20
€ 220,32
€ 368,52
Gebruiker
Gebaseerd op waterverbruik 131 – 250 m3 (riool) en vastrecht + 8 ledigingen container van 240 ltr (afval).
Kwijtscheldingsbeleid De kosten van het kwijtscheldingsbeleid voor rioolheffing en afvalstoffenheffing (exclusief uitvoeringskosten) worden voor 2023 geraamd op € 70.000.
Begroting 2023 | 91
Financiële begroting
Begroting 2023 | 92
Overzicht van baten en lasten (bedragen x € 1.000)
Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 2023 2024 2025 2026
1 Dienstverlenend
-30.458
-33.635
-33.221
-32.814
-32.415
2 Aantrekkelijk,duurzaam,gezond en veilig
-25.868
-23.355
-19.916
-21.795
-20.613
3 Samen redzaam
-28.155
-30.542
-30.335
-30.212
-29.897
Totaal lasten
-84.481
-87.532
-83.472
-84.821
-82.925
1 Dienstverlenend
62.336
67.679
67.483
67.254
62.144
2 Aantrekkelijk,duurzaam,gezond en veilig
19.880
14.760
10.994
14.593
14.593
3 Samen redzaam
5.738
5.844
5.824
5.824
5.824
87.954
88.283
84.301
87.671
82.561
3.473
751
828
2.850
-364
Mutaties reserves programma 1
375
231
122
32
32
Mutaties reserves programma 2
412
476
374
293
292
Mutaties reserves Grondbedrijf
-2.109
-579
0
-2.029
-3.149
Mutaties reserves programma 3
50
0
0
0
0
Mutatie reserves
-1.272
128
496
-1.704
-2.826
Resultaat
2.201
879
1.325
1.147
-3.190
Totaal baten Saldo van baten en lasten
Toelichting Een uiteenzetting van de financiële gevolgen van het bestaande en het nieuwe beleid is opgenomen bij de programma’s.
Begroting 2023 | 93
Mutaties reserves Hieronder zijn de structurele mutaties in de reserves opgenomen. (Bedragen x € 1.000)
Totaal lasten
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
0
0
0
0
Kapitaallasten MVA maatschappelijk nut
296
294
293
292
Totaal baten
296
294
293
292
Saldo incidentele baten en lasten
296
294
293
292
Toelichting De structurele mutaties betreft alleen de onttrekking uit de bestemmingsreserve kapitaallasten. Deze reserve is opgenomen bij programma 2. De overige mutaties in de algemene en bestemmingsreserves zijn incidentele mutaties. Deze zijn bij de incidentele baten en lasten weergegeven.
Begroting 2023 | 94
Incidentele baten en lasten Op grond van artikel 189 Gemeentewet ziet de raad erop toe dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Met structureel evenwicht wordt bedoeld dat structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Met reëel evenwicht wordt bedoeld dat de geraamde baten en lasten in de begroting en meerjarenraming volledig en realistisch zijn. Om vast te kunnen stellen dat sprake is van een structureel evenwicht is belangrijk dat inzicht bestaat in welk deel van de baten en lasten incidenteel zijn en welke structureel. In het algemeen geldt, dat een gemeente structurele taken uitvoert en daarvoor structurele lasten raamt in de begroting. Structurele lasten zijn dus de regel, incidentele lasten zijn de uitzondering. Hierbij geldt dat de soort of de eigenschap van een begrotingspost binnen een taakveld in eerste instantie bepalend is of een post als incidenteel of structureel aangemerkt wordt. Voor structurele baten en lasten geldt in het algemeen, dat zij tot nadere besluitvorming voor onbepaalde tijd opgenomen zijn. Met andere woorden, er is (nog) geen einddatum bekend. Dit laat onverlet, dat de hoogte van de structurele baten en lasten jaarlijks kan fluctueren door bijvoorbeeld nieuw beleid of door bezuinigingen. Incidentele baten en lasten betreffen die posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden.
Het gaat om eenmalige zaken en om (meerjarige) projecten of subsidies als deze eveneens het karakter van tijdelijkheid c.q. eindig doel hebben. Om te bepalen of er in de begroting en meerjarenraming sprake is van structureel evenwicht dient inzichtelijk gemaakt te worden welke incidentele baten en lasten de begroting en meerjarenraming bevat. (Bedragen x € 1.000)
Saldo baten en lasten
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
751
828
2.850
-364
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
128
496
-1.704
-2.826
Begrotingssaldo na bestemming
879
1.325
1.147
-3.190
Programma 1
494
385
-24
-24
Programma 2
180
80
0
0
Programma 3
-300
0
0
0
Totaal incidentele baten en lasten (saldo)
374
465
-24
-24
Structureel begrotingssaldo
505
860
1.171
-3.166
Hieronder is het overzicht opgenomen met de incidentele baten en lasten per programma.
Begroting 2023 | 95
Programma 1
Begroting 2023
Begroting 2024
Extra rijksbijdrage herindeling Haaren
-216.787
-216.787
0
0
Post onvoorzien
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
Invoering wettelijke taken Omgevingswet
-75.000
-75.000
-341.787
-341.787
-50.000
-50.000
Invoering wettelijke taken Omgevingswet
75.000
75.000
Onderhoud gebouwen
88.000
1.000
-32.000
-32.000
Doorontwikkeling website en intranet
20.000
Visie dienstverlening
40.000
40.000
Onderhoud D'n Boogerd (gymzaal)
8.000
6.000
58.000
58.000
Frictiekosten herindeling Haaren
604.438
604.438
0
0
Totaal baten
835.438
726.438
26.000
26.000
Saldo incidentele baten en lasten
493.651
384.651
-24.000
-24.000
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Totaal lasten
Programma 2
Begroting 2025
Begroting 2026
Winstneming grondexploitaties
-579.091
0
-2.028.900
-3.149.352
Totaal lasten
-579.091
0
-2.028.900
-3.149.352
Doorontwikkeling recreatieparken/visie
80.000
80.000
Realisatie tijdelijk wonen
100.000
Winstneming grondexploitaties
579.091
0
2.028.900
3.149.352
Totaal baten
759.091
80.000
2.028.900
3.149.352
Saldo incidentele baten en lasten
180.000
80.000
0
0
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
-300.000
0
0
0
0
0
0
0
-300.000
0
0
0
Programma 3 Tegemoetkoming Audacia i.v.m. kleedkamer Stokeind Totaal lasten
Totaal baten Saldo incidentele baten en lasten
-300.000
Toelichting • In verband met de herindeling met Haaren ontvangt de gemeente tot en met 2024 een extra Rijksbijdrage om de frictiekosten te bekostigen. • De post onvoorzien wordt gezien als een incidentele post. • De implementatiekosten van de Omgevingswet zijn incidentele lasten. Hier is een incidenteel budget voor beschikbaar gesteld. • Winstnemingen in het grondbedrijf worden ook gezien als incidentele baten. Deze baten worden toegevoegd aan de Algemene bedrijfsreserve grondbedrijf. • In verband met de investering in Stokeind, ontvangt Audacia een eenmalige tegemoetkoming voor de kleedkamers. • De overige posten betreffen mutaties in de algemene reserve en de bestemmingsreserves. Begroting 2023 | 96
EMU saldo De term EMU-saldo moet worden bezien tegen de achtergrond van het (Europese) streven naar houdbare overheidsfinanciën. Europese begrotingsregels zijn grotendeels vastgelegd in het Stabiliteits- en Groeipact (SGP). De belangrijkste uitgangspunten van het SGP zijn: • Het EMU-saldo, ofwel het nationale begrotingstekort, mag niet groter zijn dan 3% van het bruto binnenlands product (bbp). Van dit tekort neemt het Rijk 2,5% voor zijn rekening en de decentrale overheden 0,5%. • De EMU-schuld (de overheidsschuld) moet lager zijn dan 60% van het bbp. • Het structurele EMU-saldo is een landen specifiek structureel saldo (het saldo na correctie voor de conjunctuur) dat op de middellange termijn gerealiseerd moet worden. Voor Nederland is dit een structureel begrotingstekort van maximaal 0,5% van het bbp. (bedragen x € 1.000)
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (BBV, artikel 17c)
+
751
828
2.850
-364
Mutatie (im)materiële vaste activa
-
2.001
-1.193
-1.560
-3.184
Mutatie voorzieningen Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa
+ -
0 -1.575
0 1.650
0 -1.438
0 -1.215
-
0
0
0
0
325
371
5.848
4.035
Berekend EMU saldo
Begroting 2023 | 97
Overzicht taakvelden (bedragen x € 1)
0.1
Bestuur
0.10 Mutaties reserves
Baten
Lasten
Saldo
-605.403
2.036.045
1.430.642
-706.757
579.091
-127.666
0
0
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 0.2
Burgerzaken
-472.804
843.426
370.622
0.3
Beheer overige gebouwen en gronden
-225.710
1.260.146
1.034.436
0.4
Overhead
-606.310
14.328.483
13.722.173
0.5
Treasury
-134.865
183.592
48.727
0.61 OZB woningen
-6.220.463
195.352
-6.025.111
0.62 OZB niet-woningen
-2.766.237
70.570
-2.695.667
0.63 Parkeerbelasting
-1.149.514
0.64 Belastingen overig
-201.441
0.7
Algemene uitkering en ov. uitk. gemeentefonds
0.8
Overige baten en lasten
1.1
Crisisbeheersing en brandweer
1.2
Openbare orde en veiligheid
2.1 2.2 3.1
Economische ontwikkeling
3.2
Fysieke bedrijfsinfrastructuur
3.3
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
3.4
Economische promotie
4.1
Openbaar basisonderwijs
4.2
Onderwijshuisvesting
4.3 5.1 5.2
Sportaccommodaties
5.3
Cultuurpresentatie, -productie en -participatie
5.5
Cultureel erfgoed
5.6
Media
5.7
Openbaar groen en (openlucht) recreatie
6.1
Samenkracht en burgerparticipatie
6.2
Wijkteams
6.3
Inkomensregelingen
6.4
Begeleide participatie
6.5
Arbeidsparticipatie
6.6
Maatwerkvoorzieningen (WMO)
-1.149.514 279.684
-52.089.838
78.243 -52.089.838
57.595
57.595
1.929.946
1.929.946
-71.256
946.092
874.836
Verkeer en vervoer
-54.165
3.697.986
3.643.821
Parkeren
-81.737
651.317
569.580
401.459
401.459
757.953
0
-757.953 -34.965
26.118
-8.847
-1.228.355
361.352
-867.003
56.441
56.441
-205.199
1.745.303
1.540.104
Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
-284.259
1.581.517
1.297.258
Sportbeleid en activering
-78.600
742.822
664.222
-1.166.271
3.164.022
1.997.751
-641.895
1.878.531
1.236.636
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
-2.583
66.884
64.301
755.383
755.383
-22.512
2.149.808
2.127.296
-46.936
2.065.410
2.018.474
2.124.638
2.124.638
6.876.325
1.567.405
3.894.358
3.894.358
939.024
939.024
-5.722
1.631.019
1.625.297
-218.947
6.363.064
6.144.117
7.780.047
7.780.047
133.745
133.745
-5.308.920
6.72 Maatwerkdienstverlening 186.81 Geëscaleerde zorg 18+ 6.82 Geëscaleerde zorg 18-
-199.534
-199.534
-20.000
1.253.327
1.233.327
Riolering
-3.591.446
2.786.822
-804.624
Afval
-4.058.807
3.277.211
-781.596
7.1
Volksgezondheid
7.2 7.3
Begroting 2023 | 98
(bedragen x € 1)
7.4
Milieubeheer
8.1
Ruimtelijke ordening
8.2
Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
8.3
Wonen en bouwen
Totaal
Baten
Lasten
Saldo
-1.153
1.023.498
1.022.345
-167.181
970.306
803.125
-5.056.135
4.778.797
-277.338
-705.913
1.666.483
960.570
-88.990.252
88.111.458
-878.794
Begroting 2023 | 99
Bijlagen
Begroting 2023 | 100