CConstaterende datOegstgeest
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ontwerpuitwerkingsplan bij RM d.d. 8 maart 2022 Vrijgeven terinzagelegging ontwerpuitw

Oordeelsvorming Ruimte 12 april 2022, gemeente OegstgeestBij agendapunt: Vrijgeven voor terinzagelegging van het ontwerpuitwerkingsplan Rhijnkade fase 137.034 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Blad 10 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

belemmert door lichtverstrooiing, dan wordt de beschermde vliegroute verstoord. Deze belemmering door middel van lichtverstrooiing dient voorkomen te worden. Dit kan door het (beperkt) plaatsen van lampen aan de waterkant (in de tuinen van de woningen) en het licht te bundelen, naar beneden gericht en de verstrooiing (deels) af te schermen door lage armaturen (1,5 meter hoog). Voor buitenverlichting aan de woningen gelden geen beperkingen. Het effect zal in de praktijk waarschijnlijk beperkt zijn. Dit komt met name door de reeds aanwezig lichtverstrooiing van de bebouwing langs de Oude Rijn. Daarnaast is de Oude Rijn een relatief forse watergang, waardoor vleermuizen op vliegroute ruime keuze hebben in hun route over het water. Het voorkomen van lichthinder is geborgd in de planregels van het bestemmingsplan. Verwacht wordt daarom dat de ontwikkeling geen significante verschillen veroorzaakt in het kader van lichtemissie ten opzichte van de huidige situatie. Conclusie Op basis van bovenstaande gegevens kan worden geconcludeerd, dat het voornemen niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema licht.

3.7

Verkeer en transport Aanleg De aanlegwerkzaamheden hebben geen gevolgen voor de overige infrastructuur in het gebied. Wel kan er tijdens de uitvoering mogelijk beperkt hinder ondervonden worden door een toename van verkeersintensiteiten in de nabijheid van het plangebied. Naar verwachting kan het bestaande wegennetwerk de tijdelijke toename van het aantal verkeersbewegingen in de aanlegfase goed verwerken. In het kader van de voorbereiding van de uitvoeringsactiviteiten zal in overleg met de wegbeheerders worden nagegaan of/welke specifieke verkeersmaatregelen nodig zijn (bijvoorbeeld in de vorm van bebording). Gebruik In het kader van het bestemmingsplan is de verkeersaantrekkende werking en de verkeersafwikkeling vanwege de ontwikkeling onderzocht. De verkeersgeneratie ten gevolge van het plan is bepaald op basis van de publicatie “Toekomstbestendig parkeren - Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie, CROW, 1 december 2018”. Daarbij is uitgegaan van categorie 'rest bebouwde kom' en het type 'sterk stedelijk'. De verkeersgeneratie ten gevolge van dit plan is in onderstaande tabel weergegeven.

De ontwikkeling heeft een totale extra verkeersgeneratie van 168 motorvoertuig per weekdagetmaal. Het plangebied wordt via de Rhijnhofweg ontsloten. De weg vormt de aansluiting op regionale doorgaande verbindingen zoals de Ir. G. Tjalmaweg richting Leiden en de aansluiting op de A44, richting Amsterdam en Den Haag.

Blad 11 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

Binnen het plangebied wordt voor de bestaande functies zowel op eigen terrein als in de openbare ruimte geparkeerd. Om te zorgen dat er voldoende ruimte is voor parkeren worden in overeenstemming met de gemeente Oegstgeest per woningen 1,8 parkeerplaatsen gerealiseerd. In totaal zullen er 41 parkeerplaatsen in het plangebied worden aangelegd. Er wordt derhalve aan de parkeernorm voldaan. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema verkeer en transport.

3.8

Geluid Aanleg Voor de aanleg van de 20 woningen vinden een aantal werkzaamheden plaats. De werkzaamheden vinden overdag plaats. Deze werkzaamheden en het hierbij in te zetten materieel veroorzaken een bepaalde geluidsbelasting op de omgeving. De effecten vanwege de geluidshinder treden alleen op tijdens de aanleg. Voor dergelijke activiteiten is veelal de APV (Algemene Plaatselijke Verordening) van toepassing. Gezien de tijdelijk aard en beperkte omvang van de werkzaamheden wordt geen hinder verwacht of zullen specifieke afschermende maatregelen de hinder zo veel mogelijk beperken. Het plangebied ligt op een afstand van 0,9 kilometer tot aan het dichtstbijzijnde stiltegebied. Gebruik Er is onderzoek gedaan naar de effecten van geluid vanwege wegverkeer. Uit het onderzoek blijkt dat de geluidbelasting vanwege de A44 op het plan ten hoogste 51 dB bedraagt. Naar verwachting wordt bij alle 20 woningen vanwege de A44 de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschreden. Vanwege de N206 bedraagt de geluidbelasting op het plan hoogstens 53 dB. Naar verwachting wordt bij alle 26 woningen vanwege de N206 de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschreden. Gelet op de overschrijding van de voorkeursgrenswaarde dient te worden onderzocht of er maatregelen ter beperking van het geluid mogelijk zijn.

Op zowel de N206 als de A44 is al geluidreducerende wegdek toegepast, namelijk respectievelijk dunne deklagen B (N206) en ZOAB of tweelaags ZOAB (A44). Verdere toepassing van dergelijke maatregelen zal stuiten op bezwaren van financiële aard, gezien de schaal van het project. Snelheidsverlaging belemmert de doorstroming van verkeer en stuit derhalve op bezwaren van verkeerskundige aard. Langs zowel de N206 als de A44 zijn of worden al schermmaatregelen voorzien. Het verlengen en/of verhogen van de schermen stuit op bezwaren van financiële aard. Gezien de berekende geluidniveaus en beschouwde maatregelen is de verwachting dat voor alle 26 woningen een hogere waarde van ten hoogste 51 dB dient te worden vastgesteld voor het geluid vanwege de A44. Daarnaast is de verwachting dat voor alle 20 woningen een hogere waarde van ten hoogste 53 dB dient te worden vastgesteld voor het geluid vanwege de N206. Uit de resultaten volgt dat de geluidbelasting vanwege de A44 en N206 ten hoogste respectievelijk 51 en 53 dB bedraagt (incl. aftrek). Hiermee is de geluidbelasting gelijk aan of lager dan in het gemeentelijk geluidbeleid genoemde grens (53 dB), waardoor geen akoestische compensatie nodig is en gestreefd dient te worden naar aanwezigheid van tenminste 1 stille gevel ( < 48 dB) en gezekerd wordt dat de verblijfsruimten resp.

buitenruimte niet aan de scheidingsconstructie met de hoogste geluidbelasting zijn gesitueerd, tenzij overwegingen van

Blad 12 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

stedenbouw of volkshuisvesting zich daar tegen verzetten. Ook is de geluidbelasting lager dan in het gemeentelijk geluidbeleid genoemde grens (58 dB), waardoor geen nadere motivering nodig is. De benodigde hogere waarden worden vastgesteld. Opgemerkt wordt dat na het uitvoeren van het akoestisch onderzoek de weg De Limes is aangelegd parallel aan de Willem Einthovenstraat. Dit betreft een 30 km weg. Gezien de afstand tot het plangebied (circa 115 meter) en de resultaten van de andere in de omgeving onderzochte wegen (Willem Einthovenstraat) is deze weg voor het plan akoestisch niet relevant. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema geluid.

3.9

Natuur Bij ruimtelijke ingrepen dient rekening worden te gehouden met beschermde plant- en diersoorten en met beschermde gebieden. Er dient onderzocht te worden of de geplande ingrepen effect hebben op onder de Wet natuurbescherming beschermde soorten of beschermde gebieden. Ontwikkelingen mogen niet zonder meer plaatsvinden indien deze negatieve gevolgen hebben op beschermde natuurgebieden en/of flora en fauna. Naar aanleiding van het bestemmingsplan is er een ecologisch onderzoek uitgevoerd. Beschermde gebieden Op circa 3 kilometer van het plangebied is Natura 2000-gebied aanwezig. Alle Natura 2000gebieden liggen daarmee op een afstand groter dan 3 kilometer, waardoor de meeste verstoringseffecten zijn uit te sluiten. Enkel kan een effect ontstaan als gevolg van stikstofdepositie (stikstof via de lucht reikt verder dan alle andere storingsfactoren). Het gaat hier bij om depositie door stikstofuitstoot tijdens de werkzaamheden, om verkeer en eventuele andere uitstoot in de toekomstige situatie. Om deze effecten te kunnen bepalen is een AERIUSberekening uitgevoerd. De resultaten zijn hieronder weergegeven. AERIUS berekening In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is stikstofonderzoek gedaan. Dit onderzoek met bijbehorende berekeningen zijn als bijlage 3 bij het bestemmingsplan gevoegd.

In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is zowel voor de aanleg- als de gebruiksfase een berekening uitgevoerd. De berekende stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied is nergens hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Geconcludeerd kan worden dat er geen significante (negatieve) gevolgen zijn voor de beschermde habitats in de Natura 2000-gebieden. De Wet natuurbescherming staat verdere besluitvorming niet in de weg. Met betrekking tot de realisatiefase wordt het volgende opgemerkt. Op 9 maart 2021 is de Wet stikstofreductie en natuurverbetering door de Eerste Kamer aangenomen. Deze wet, die op 1 juli 2021 van kracht is geworden, voorziet in een vrijstelling voor een bouwactiviteit of een sloopactiviteit die het feitelijk verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden aan een bouwwerk betreft, met inbegrip van de daarmee samenhangende vervoersbewegingen. De bij deze activiteiten vrijkomende emissies die zorgen voor stikstofdepositie mogen dan bij de beoordeling buiten beschouwing worden gelaten. De maatregelen uit de structurele aanpak stikstof vormen de juridische basis voor deze vrijstelling. Zo doet de Bouwvrijstelling geen afbreuk aan het bereiken van de natuurdoelen uit de wet door het relatief kleine aandeel van de bouwsector in de stikstofuitstoot en door de maatregelen die ook al in verschillende sectoren genomen zijn. De

Blad 13 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

maatregelen in de bouw die in de routekaart 'Schoon en Emissieloos Bouwen' worden uitgewerkt, zullen het structurele pakket en daarmee de juridische basis voor de bouwvrijstelling nog verder versterken. De reikwijdte van de partiële vrijstelling omvat projecten (vergunningaanvragen), maar ook plannen (bestemmingsplannen) zo blijkt uit de Nota van Toelichting behorende bij de AMvB. Daarin is te lezen dat de partiële vrijstelling ook kan helpen bij het vaststellen van bestemmingsplannen door gemeenten. Als het bestemmingsplan dient om bepaalde bouwactiviteiten of de aanleg of wijziging van werken mogelijk te maken, kan voor dit onderdeel van het plan worden verwezen naar het feit dat al een beoordeling door de wetgever heeft plaatsgevonden die een partiële vrijstelling voor de bouwfase van het project heeft vastgesteld (zie memorie van toelichting. Er is geen NNN aanwezig in het plangebied. Het dichtstbijzijnde NNN gebied ligt circa 700 meter ten noordoosten van het plangebied. Provincie Zuid-Holland heeft echter geen externe werking aangewezen voor NNN. Er is daarom geen noodzaak voor vervolgstappen of een uitgebreidere toetsing.

Het plangebied is niet gelegen in provinciaal belangrijk weidevogelgebied en gebieden behorend tot de strategische reservering natuur. Ook zijn in het plangebied geen karakteristieke landschapselementen aanwezig. Er zijn dan ook geen belemmeringen met betrekking tot de provinciaal beschermde gebieden. Beschermde soorten Uit de bureaustudie in combinatie met het terreinbezoek is gebleken dat (leefgebied van) de volgende in het kader van de Wet natuurbescherming beschermde soorten aanwezig zijn en/of mogelijk verwacht worden in het projectgebied: • Algemene broedvogels; • Jaarrond beschermd nest (huismus) bij de woning Rhijnhofweg 10a; • Vleermuizen (verblijfplaats in de woning Rhijnhofweg 10a, die geen onderdeel meer is van het plan) en een vliegroute over de Oud Rijn. Door de werkzaamheden uit te voeren buiten het broedseizoen en het werkterrein te laten controleren door een ecoloog is er geen sprake van een overtreding van de Wet natuurbescherming voor wat betreft de algemene broedvogels. Voor het broedseizoen staat in de wet geen vaste periode. In het algemeen kan worden uitgegaan van de periode ongeveer tussen 15 maart en 15 juli. Het voorkomen van lichtverstrooiing over de Oude Rijn is via een voorwaardelijke verplichting geborgd in de regels van het bestemmingsplan.

Blad 14 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

Het plan is derhalve uitvoerbaar en er is ook geen sprake van significante effecten voor het milieu. Bescherming van houtopstanden Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom. De bescherming van houtopstanden van de Wet natuurbescherming is niet van toepassing. Zorgplicht In de Wet natuurbescherming is een zorgplicht opgenomen. De zorgplicht houdt in dat planten en dieren niet onnodig vernield/gedood of verstoord mogen worden. De initiatiefnemer/ uitvoerder is verantwoordelijk voor een adequate naleving van de algemene zorgplicht tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Conclusie Er kan worden geconcludeerd dat het plan niet tot belangrijke nadelige milieueffecten leidt betreffende het thema natuur.

3.10

Gezondheid Mede op basis van de beoordeling ten aanzien van water, lucht, licht en geluid is er geen sprake van specifieke risico’s door het plan voor de volksgezondheid of voor bijvoorbeeld waterverontreiniging of luchtvervuiling.

3.11

Externe veiligheid Externe veiligheid heeft betrekking op de gevaren die mensen lopen als gevolg van aanwezigheid in de directe omgeving van een ongeval waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken. In het kader van het bestemmingsplan is onderzoek gedaan naar externe veiligheid in relatie tot het voornemen. De resultaten daarvan zijn hieronder weergegeven. Risicovolle inrichtingen In (de nabije omgeving van) het plangebied is één Bevi-inrichting aanwezig. Dit betreft het Total LPG-tankstation aan de Voorschoterweg in Valkenburg. Dit tankstation is op 200 meter afstand van het plangebied gelegen. De PR-10-6-contour ten gevolge van deze inrichting ligt op maximaal 45 m vanaf het vulpunt. Het invloedsgebied voor het groepsrisico bedraagt maximaal 150 meter. Zowel het invloedsgebied als de PR-10-6-contour liggen niet over het plangebied.

Blad 15 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

Figuur 3.1: Uitsnede risicokaart

Vervoer van gevaarlijke stoffen Rondom het plangebied zijn drie transportroutes voor gevaarlijke stoffen aanwezig. Dit betreffen:   

Rijksweg A44; Provinciale weg N206; Oude Rijn.

De Rijksweg A44 kent volgens het Basisnet weg geen plasbrandaandachtsgebied of veiligheidszone. Het groepsrisico ten gevolge van de weg bedraagt minder dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. Het transport van toxische vloeistoffen van categorie LT2 op de A44 heeft een invloedsgebied van 880 meter. Het plangebied ligt op circa 400 meter. Bij een incident met toxische stoffen op de A44 kan een giftige gaswolk ontstaan die de locatie kan bereiken. Bij een dergelijke calamiteit zijn geen bijzondere voorzieningen nodig om de omvang van een ramp te beperken en om de aanwezige personen veiligheid te bieden. Het sluiten van ramen, deuren en ventilatieroosters, en zoveel mogelijk uitschakelen van ventilatiesystemen na alarmering door de sirene van de Veiligheidsregio of bericht van NL-Alert, is daarvoor voldoende. Het is daarbij belangrijk dat de (eventueel aanwezige) mechanische ventilatie centraal afgesloten kan worden (via een noodschakelaar). Dit voorkomt dat bij het optreden van een incident de ramen en deuren gesloten zijn, maar toch toxische stoffen via de ventilatie (versneld) tot het gebouw toetreden. Het is een goedkope maatregel die bij een calamiteit met toxische stoffen zeer effectief kan zijn. Dit kan in een bestemmingsplan echter niet worden afgedwongen. Vanwege de ligging in het toxisch invloedsgebied is een verantwoording groepsrisico noodzakelijk.

Daaraan is aan de hand van de aspecten bereikbaarheid en bluswatervoorziening en zelfredzaamheden invulling gegeven. De provinciale weg kent conform de gegevens uit de professionele risicokaart geen plaatsgebonden risicocontour buiten de weg, en een groepsrisico dat minder dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde bedraagt. Voor de vaarweg geldt dat deze opgenomen is in het Basisnet water. In het Basisnet is deze vaarweg aangeduid als een groene vaarweg. Voor deze vaarwegen kan vooraf zonder berekening worden gesteld, dat het groepsrisico kleiner is dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde is.

Blad 16 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

Voor alle transportroutes geldt dat het groepsrisico in de huidige situatie kleiner dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde is. Dit zorgt ervoor dat het groepsrisico niet zal toenemen ten gevolge van de vaststelling van het bestemmingsplan. Nader onderzoek en een verantwoording van het groepsrisico is niet noodzakelijk. In (de nabije omgeving van) het plangebied worden geen gevaarlijke stoffen vervoerd over het spoor, of door buisleidingen. Advies veiligheidsregio In het kader van het bestemmingsplan is de veiligheidsregio om advies gevraagd. In het advies geeft de veiligheidsregio een aantal maatregelen ter beperking van het groepsrisico. Bereikbaarheid en bluswatervoorziening Bij de ontwikkeling van het plangebied moet voor een adequate hulpverlening rekening worden gehouden met bereikbaarheid en bluswatervoorziening. Het plangebied moet bereikbaar zijn via minstens twee, bij voorkeur drie toegangswegen. De wegen binnen het plangebied moeten minimaal 4,5 meter breed zijn (minimale verharding breed 3,25 meter) met een vrije hoogte van 4,2 meter. Voor de gebouwen geldt dat primaire bluswatervoorziening binnen 40 meter vanaf de brandweeringang aanwezig dient te zijn. Zelfredzaamheid Voor het plangebied kan er grotendeels vanuit worden gegaan dat de personen binnen het plangebied zichzelf in veiligheid kunnen brengen, mits tijdig gewaarschuwd, zonder hulp van de hulpverleningsdiensten.

Voor de objecten waar personen zichzelf niet zonder hulp in veiligheid kunnen brengen (zoals bijvoorbeeld opvanghuizen) is extra aandacht nodig. Restrisico Hoewel de kans op een zwaar ongeval of ramp met gevaarlijke stoffen in het algemeen klein is, blijft een restrisico aanwezig. Het restrisico geeft aan hoeveel slachtoffers en materiële schade er overblijven na het toepassen van risicoreducerende maatregelen zoals alarmering, verbeteren bereikbaarheid en bluswatervoorziening en verhogen zelfredzaamheid. Conclusie Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat bij het voorgenomen plan geen sprake is van waarschijnlijk belangrijke nadelige milieueffecten betreffende het thema externe veiligheid.

3.12

Effectkenmerken Orde van grootte en het ruimtelijk bereik van het effect (geografisch gebied en omvang van de bevolking die getroffen kan worden). • Orde van grootte van het effect: zie paragraaf 3.1 t/m 3.11. • Bereik van het effect: lokaal tot zeer lokaal. • Getroffen bevolking: niet van toepassing, belangrijke nadelige effecten worden niet voorzien. Aard van het effect • Aard van de effecten: zie paragraaf 3.1 t/m 3.11.

Blad 17 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

Grensoverschrijdende karakter van het effect • Er is geen sprake van een grensoverschrijdend effect. Intensiteit en de complexiteit van het effect • De effecten zijn beperkt qua intensiteit en complexiteit (geen vervolgeffecten of indirecte effecten verwacht). Waarschijnlijkheid van het effect • (Beperkte) emissies geluid, lucht en licht zijn zeker. • Waarschijnlijkheid van effecten door calamiteiten is zeer gering. Verwachte aanvang, de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect • Verwachte aanvang: start herinrichting na vaststelling bestemmingsplan. • Duur en periode indicatief: herinrichting en gebruik van het gebied is voor onbepaalde tijd. • Frequentie: deze beoordeling betreft de aanleg/inrichting én het gebruik van het gebied. • Er is geen sprake van onomkeerbare effecten. Cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde planen Er zijn geen andere planen of ontwikkelingen in de omgeving bekend die zouden kunnen leiden tot cumulatieve effecten, door bijvoorbeeld een toename van het verkeer. Omdat de verwachte effecten beperkt van omvang zijn, zal ook voor andere aspecten de cumulatie met effecten van andere ontwikkelingen niet tot aanmerkelijke effecten leiden. Mogelijkheid om de effecten doeltreffende te verminderen Per onderdeel worden de effecten van het plan zo summier mogelijk gehouden.

Er hoeven geen maatregelen genomen voor de mitigatie van (mogelijke) effecten.

Blad 18 van 19

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r-beoordeling Rhijnkade fase 1 projectnummer 454242.100 31 januari 2022 revisie 04 VOF Oegstgeest aan de Rijn

4

Conclusie Op grond van het voorgaande wordt geconcludeerd dat er geen sprake is van waarschijnlijk belangrijke gevolgen voor het milieu zoals bedoeld in artikel 7.16 en 7.17 Wet milieubeheer en is het maken van een milieueffectrapport voor de besluitvorming over het plan niet nodig. Deze beoordeling ligt formeel bij het bevoegd gezag.

Blad 19 van 19

Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.

Contactgegevens Beneluxweg 125 4904 SJ OOSTERHOUT Postbus 40 4900 AA OOSTERHOUT T. 06-22990312 E. stephan.hammink@anteagroup.nl

www.anteagroup.nl

Copyright © 2018 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

Datum: 28 februari 2022

Ons kenmerk: D2022-022759 Zaaknummer D2022-000832

Wet milieubeheer Uitwerkingsplan Rhijnkade fase 1 te Oegstgeest Besluit vormvrije m.e.r.-beoordeling (art. 7.19 Wet milieubeheer)

Inleiding Het gebied aan de westkant van de gemeente Oegstgeest - globaal tussen de provinciale weg N206, de rijksweg A44, het Rustenburgerpad & Rijnzichtweg en de Oude Rijn - bevindt zich al een aantal jaren in een transformatieproces naar een woongebied. Voor dit grote gebied is op 5 maart 2015 het bestemmingsplan Oegstgeest aan de Rijn vastgesteld. Het plangebied Rhijnkade fase 1 maakt onderdeel uit van dit bestemmingsplan en heeft voor het grootste deel de bestemming ‘Wonen – Uit te werken’ (en voor een klein deel de bestemming Water). Het uitwerkingsplan Rhijnkade fase 1 vormt de uitwerking van het juridisch planologisch kader waarbinnen de ontwikkeling van maximaal 19 grondgebonden woningen mogelijk wordt gemaakt. Op grond van artikel 7.19, lid 1 Wet milieubeheer dient het bevoegd gezag -in het geval dat het bevoegd gezag eveneens degene is die een activiteit, aangewezen krachtens artikel 7.2, eerste lid, onder b, wil ondernemen- in een zo vroeg mogelijk stadium voor de voorbereiding van het besluit dat krachtens het vierde lid van dat artikel is aangewezen, een beslissing te nemen omtrent de vraag of vanwege de belangrijke nadelige gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben, een milieueffectrapport moet worden gemaakt. Artikel 7.17, tweede tot en met vierde lid, is overeenkomstig van toepassing.

Hierbij wordt opgemerkt dat artikel 7.19 lid 2 aangeeft dat onder een zo vroeg mogelijk stadium moet worden verstaan het stadium voorafgaand aan de terinzagelegging van het ontwerp-uitwerkingsplan.

(Vormvrije) m.e.r.-beoordeling Het plan betreft het mogelijk maken van maximaal 19 woningen en is een ontwikkeling zoals bedoeld onder D 11.2 (stedelijk ontwikkelingsproject) uit onderdeel D van de bijlage behorende bij het Besluit m.e.r. In het kader van het planproces is een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling uitgevoerd volgens de selectiecriteria uit artikel 4, lid 3 van bijlage III van de Europese m.e.r.-richtlijn (2011/92/EU). Deze m.e.r.-beoordeling is verwoord in de aanmeldingsnotitie die is opgesteld voor dit uitwerkingsplan: ▪ Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Rhijnkade fase 1, opgesteld door Anteagroup, definitief revisie 04, d.d. 31 januari 2022, projectnummer 454242.100 In een eerder stadium heeft de Omgevingsdienst de aanmeldingsnotitie van 31 januari 2022 beoordeeld en aangegeven dat in de aanmeldingsnotitie wordt gesproken over een plan van 20 nieuwe woningen en de sloop van de bestaande woning Rhijnhofweg 10A waarna hier 3 nieuwe woningen worden gerealiseerd. Echter, het ontwerp-uitwerkingsplan van 18 februari 2022 omvat de bouw van maximaal 19 woningen, waarbij de locatie Rhijnhofweg 10A buiten het plangebied is gelaten. Wanneer dit m.e.r.-beoordelingsbesluit enkel wordt genomen op basis van de, nu voorliggende, aanmeldingsnotitie van 31 januari 2022, zou er sprake zijn van een besluit dat niet in overeenstemming is met het uitwerkingsplan.

Daarom is voor deze m.e.r.-beoordeling (aan de hand 1

van de eerdergenoemde selectiecriteria) en het opstellen van dit besluit is daarom, naast de aanmeldingsnotitie van 31 januari 2022, gebruik gemaakt van de volgende documenten: ▪ Plantoelichting uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Gemeente Oegstgeest, opgesteld door Anteagroup, d.d. 18 februari 2022, projectnummer 454242.100, revisie 3 ▪ Verbeelding Bp Rhijnkade fase 1, opgesteld door Anteagroup, d.d. 28 februari 2022, tekeningnummer 06-454242-BP-ON-RK-220228 ▪ Planregels Uitwerkingsplan Rhijnkade fase 1, revisie 03, opgesteld door Anteagroup, d.d. 18 februari 2022, projectnummer 454242.100 ▪ ‘Notitie archeologie Oegstgeest aan de Rijn, gemeente Oegstgeest’, opgesteld door Hazenberg Archeologie, d.d. 24 november 2020 ▪ ‘Memo Stikstofberekening BP Rijnweijde woningen Oegstgeest’, opgesteld door Anteagroup, d.d. 31 januari 2022, memonummer 454242.100.SSB-01 ▪ ‘Natuurtoets Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1’, definitief revisie 01, opgesteld door Anteagroup, d.d. 5 januari 2022, projectnummer 454242.100 ▪ ‘Akoestisch onderzoek Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1’, opgesteld door Anteagroup, d.d. 16 december 2020, projectnummer 0454242.100. 1. Kenmerken van het project Het plangebied Rhijnkade fase 1 maakt onderdeel uit van een groter gebied dat al een aantal jaren in een transformatieproces zit naar een woongebied.

Het gebied kent een aantal belangrijke ruimtelijke dragers zoals de Oude Rijn en de Rhijnhofweg. Omdat het gebied zich in een transformatieproces bevindt komen er in de huidige situatie, zowel de van oudsher aanwezige verkavelingsstructuur met de oude waterlopen en sloten, als de nieuwe ontsluitingsstructuur met nieuwe waterlopen en groenstructuur voor. Rhijnkade fase 1 is het noordelijk deel van het deelgebied Rhijnkade en is in de huidige grotendeels onbebouwd. Het plangebied bestaat aan de noordkant deels uit bomen en grasland. Het zuidelijk deel van het gebied was de afgelopen jaren in gebruik als bouwdepot en bouwterrein met bijbehorende bebouwing. In het gebied worden maximaal 19 woningen gerealiseerd: 1 vrijstaande woning, 8 twee-onder-éénkapwoningen en 10 rijwoningen. Elke woning bestaat uit 3 bouwlagen. In totaal worden er 39 parkeerplaatsen aangelegd, waarvan 21 op eigen terrein en 18 in de openbare ruimte. Het plangebied wordt op twee punten ontsloten op de bestaande Rhijnhofweg. De vrijstaande woning en de 8 twee-onder-één-kapwoningen worden gesitueerd aan de zijde van de Oude Rijn. Omdat de Oude Rijn een vlieg- en migratieroute is voor vleermuizen (met in het bijzonder de meervleermuis), wordt op de verbeelding van 28 februari 2022 een aanduiding ‘Ecologie’ opgenomen, die gekoppeld is aan een voorwaardelijke verplichting in de planregels.

Deze voorwaardelijke verplichting heeft betrekking op het gebruik van (tuin)verlichtingselementen, die slechts zijn toegestaan indien gebruik wordt gemaakt van verlichtingselementen met naar beneden gerichte lichtbundels en niet hoger zijn dan 1,5 meter boven het aansluitende maaiveld. Hiermee wordt voorkomen dat er lichtverstrooiing optreedt op de Oude Rijn die dient als migratie- en vliegroute van vleermuizen in het algemeen en de meervleermuis in het bijzonder. 2. Plaats van het project. Het plangebied ligt aan de westelijke rand van de gemeente Oegstgeest en wordt begrensd door de Oude Rijn aan de westkant, met aanliggend op de westoever de woonwijk Duyfrak in Valkenburg, gemeente Katwijk. Aan de oostzijde van het plangebied ligt de Rhijnhofweg. De Rhijnhofweg grenst aan de geprojecteerde nieuw te graven Binnenrijn. Aan de noordkant, buiten het plangebied liggen twee bestaande woningen Rhijnhofweg 10A en 10D. Ten noorden van deze twee woningen worden 2

48 woningen gerealiseerd. Ten oosten van deze nieuw te graven Binnenrijn wordt in samenwerking met de Universiteit Leiden een woongebied ontwikkeld met 800 woningen dat aansluit op het bedrijvenpark Nieuw-Rhijngeest Zuid. Ten zuiden van het plangebied, tussen Rhijnkade fase 1 en de N206 worden in de toekomst eveneens woningen gerealiseerd, Rhijnkade fase 2 en fase 3. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een Natura 2000-gebied. Het plangebied ligt op ongeveer 3 km van het Natura 2000-gebied Meijendel & Berkheide. Alle andere Natura 2000gebieden liggen op grotere afstand. Binnen het plangebied liggen geen onderdelen van het Natuurwerk Nederland (NNN) en geen overige natuurgebieden die zijn beschermd op grond van de Omgevingsverordening Zuid-Holland. Ook zijn er geen karakteristieke landschapselementen aanwezig die beschermd zijn op grond van het provinciaal natuurbeleid. 3. Kenmerken van het potentiële effect Voor de beoordeling van dit selectiecriterium is gebruik gemaakt van hoofdstuk 3 van de aanmeldingsnotitie van 31 januari 2022, de plantoelichting van 18 februari 2022 en de gebieds- en milieuonderzoeken die zijn uitgevoerd ten behoeve van het plan.

Er is een effectbeoordeling uitgevoerd van de mogelijk te verwachten effecten van het plan op de aspecten archeologie, bodem, externe veiligheid, geluid, gezondheid, landschap en cultuurhistorie, licht, lucht, natuur en verkeer en transport. Op basis van het gestelde in de aanmeldingsnotitie, de plantoelichting en de uitgevoerde onderzoeken, blijkt dat er geen belangrijk negatieve gevolgen voor het milieu, als gevolg van het plan Rhijnkade fase 1, zijn te verwachten. Hierbij is meegenomen dat in de aanmeldingsnotitie van 31 januari 2022 is uitgegaan van een iets groter plan (in totaal 23 nieuwe woningen) in plaats van de 19 woningen waar in het ontwerp-uitwerkingsplan van 18 februari 2022 over wordt gesproken. Het iets grotere plan levert geen belangrijk nadelig gevolg voor het milieu op, en dus zal een kleiner plan dit ook niet opleveren. Conclusie Op basis van de bovenstaande redenatie kan uitgesloten worden dat het plan belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu heeft. Er is daarom geen aanleiding om een milieueffectrapport op te stellen.

Besluit Wij besluiten: I.

op grond van artikel 7.19 eerste lid, van de Wet milieubeheer dat geen milieueffectrapportage hoeft te worden opgesteld voor het uitwerkingsplan Rhijnkade fase 1 te Oegstgeest, omdat het plan niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, zoals bedoeld in het Besluit milieueffectrapportage.

Ondertekening Burgemeester en wethouders van de gemeente Oegstgeest namens dezen,

De heer R. Heemskerk Portefeuillemanager Omgevingsadvies 3

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek

projectnummer 0454242.100 concept 16 december 2020

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Inhoudsopgave

Blz.

1

Inleiding

2

2

Juridisch Kader

4

2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.2 2.3 2.3.1 2.3.2

Wet geluidhinder Aftrek ex artikel 100g Wet geluidhinder 30 km/uur zone Cumulatie Regionaal geluidbeleid Toetsingskader plansituatie Wet geluidhinder Regionaal beleid

4 5 6 6 6 8 8 9

3

Uitgangspunten en onderzoeksopzet

10

3.1 3.2 3.3

Onderzoeksgebied Rekenmethode Invoergegevens geluidrekenmodel

10 12 12

4

Rekenresultaten

15

4.1 4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.3 4.4 4.5

Rekenresultaten A44 N206 Voorschoterweg Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg Afweging van maatregelen Bronmaatregelen Overdrachtsmaatregelen Ontvangermaatregelen Gemeentelijk/regionaal beleid Cumulatie Aanvraag hogere waarden

15 15 16 17 18 18 19 19 19 20 21 21

5

Samenvatting en conclusies

22

Bijlagen 1. Overzicht rekenmodel 2. Invoergegevens rekenmodel 3. Afstemming verkeersgegevens 4. Resultaten

Blad 1 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

1

Inleiding Oegstgeest aan de Rijn V.O.F. is voornemens het plan Rhijnkade, fase 1 te Oegstgeest te ontwikkelen. Het betreft 26 nieuwe woningen. Het plangebied is globaal weergegeven in afbeelding 1.1.

Afbeelding 1.1: Locatie plangebied Rhijnkade fase 1 te Oegstgeest

Voor het beoogde woningbouwplan dient een uitwerkingsplan te worden opgesteld. Voor de in dit kader op te stellen ruimtelijke onderbouwing is onder andere een akoestisch onderzoek benodigd. In opdracht van Oegstgeest aan de Rijn V.O.F. is door Antea Group een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Doel van het akoestisch onderzoek is om de geluidbelasting op het woningbouwplan vanwege nabijgelegen wegen in beeld te brengen. En aan de hand hiervan te bepalen of wordt voldaan aan de grenswaarden ingevolge de Wet geluidhinder en aan eventuele vereisten die volgen uit het regionaal geluidbeleid (Richtlijnen voor het vaststellen van hogere waarden Wet geluidhinder, Omgevingsdienst West-Holland, 4 maart 2013). Daarnaast heeft het akoestisch onderzoek tot doel om (voor wegen waarvoor geen wettelijk toetsingskader geldt zoals 30 km wegen) aan de hand van de berekende geluidbelasting te bepalen of sprake is van goede ruimtelijke ordening in de zin van de Wet ruimtelijke ordening. Het verloop van het onderzoek, de resultaten en hieruit te trekken conclusies zijn verwerkt in onderliggend rapport. Het rapport is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 is het juridisch kader beschreven. De onderzoeksopzet en de uitgangspunten voor de berekeningen, waaronder de verkeersgegevens, zijn weergegeven in hoofdstuk 3. De resultaten van de geluidberekeningen en toetsing zijn opgenomen in hoofdstuk 4.

De rapportage wordt afgesloten met een samenvatting en conclusie in hoofdstuk 5.

Blad 2 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

2

Juridisch Kader

2.1

Wet geluidhinder De Wet geluidhinder is alleen van toepassing binnen de wettelijk vastgestelde zone van de weg. De breedte van de geluidzone langs wegen is geregeld in artikel 74 Wgh en is gerelateerd aan het aantal rijstroken van de weg en het type weg (stedelijk of buitenstedelijk). De ruimte boven en onder de weg behoort eveneens tot de zone van de weg. De betreffende zonebreedtes zijn in tabel 2.1 weergegeven. Tabel 2.1: Zonebreedte wegverkeer

Aantal rijstroken 5 of meer 3 of meer 3 of 4 1 of 2

Stedelijk gebied 350 200

Zonebreedte [m] Buitenstedelijk gebied 600 400 250

Het stedelijk gebied wordt in de Wgh gedefinieerd als ‘het gebied binnen de bebouwde kom doch voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone van een autoweg of autosnelweg’. Dit laatste gebied valt onder het buitenstedelijk gebied. Binnen de zone van een weg dient een akoestisch onderzoek plaats te vinden naar de geluidbelasting op de binnen de zone gelegen woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. Bij het berekenen van de geluidbelasting wordt de L den-waarde in dB bepaald. De berekende geluidbelasting dient getoetst te worden aan de grenswaarden van de Wet geluidhinder. Indien de (voorkeurs)grenswaarde wordt overschreden, dient beoordeeld te worden of maatregelen ter beperking van het geluid mogelijk zijn. Als maatregelen niet mogelijk zijn, kan een hogere grenswaarde worden vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. In artikel 82 en volgende worden de grenswaarden vermeld met betrekking tot nieuwe situaties bij zones. In artikel 3.1 en 3.2 van het Besluit geluidhinder worden de grenswaarden van geluidgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 1 van de Wgh1 vermeld. In tabel 2.2 zijn deze waarden (voorkeursgrenswaarden en de maximaal toelaatbare hogere grenswaarde) opgenomen.

1

Onderwijsgebouw, ziekenhuis, verpleeghuis, verzorgingstehuis, een psychiatrische inrichting, kinderdagverblijf.

Blad 3 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Tabel 2.2: Grenswaarden voor woningen langs een bestaande weg

Status van de woning nieuw te bouwen woningen vervangende nieuwbouw (woningen) nieuw te bouwen agrarische woning nieuw te bouwen andere geluidgevoelige gebouwen2 2

Voorkeursgrenswaarde [dB] 48

Maximale ontheffing [dB] Stedelijk Buitenstedelijk2 63 53

48

68

58

48

58

58

48

63

53

Geluidgevoelige bestemmingen gelegen binnen de zone van een (auto)snelweg worden tot het buitenstedelijk gebied gerekend

Voorwaarden voor ontheffing In artikel 110a en volgende wordt aangegeven onder welke voorwaarden hogere grenswaarden kunnen worden verleend. Er kan uitsluitend een hogere grenswaarde worden vastgesteld indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting vanwege een weg, onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Om de geluidbelasting vanwege een weg te beperken, kunnen de volgende maatregelen worden getroffen: • Maatregelen aan de bron door middel van het toepassen van een geluidarm wegdektype; • Maatregelen in het overdrachtsgebied door middel van het toepassen van een geluidscherm/grondwal; • Maatregelen aan de ontvanger door middel van het toepassen van schermen aan of nabij de gevel, het toepassen van 'dove' gevels, en dergelijke.

2.1.1

Aftrek ex artikel 100g Wet geluidhinder Ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder dient het resultaat van berekening en meting van de geluidbelasting vanwege wegverkeer te worden gecorrigeerd met een aftrek in dB. De hoogte van de aftrek is geregeld in artikel 3.4 van het ‘Reken- en meetvoorschrift geluid 2012’. Op basis van dit voorschrift dient voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt, een aftrek van 2 dB te worden toegepast met uitzondering van 2 specifieke situaties: • Indien de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is, geldt een aftrek van 3 dB; • Indien de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is, geldt een aftrek van 4 dB. Voor de overige zoneplichtige wegen bedraagt de aftrek 5 dB.

Blad 4 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

2.1.2

30 km/uur zone Een weg waar de maximale snelheid 30 km/uur bedraagt, is in de zin van de Wet geluidhinder niet-zoneplichtig. Een akoestisch onderzoek is voor dergelijke wegen derhalve niet noodzakelijk. Uit jurisprudentie blijkt echter dat, bij een ruimtelijke procedure (in het kader van de goede ruimtelijke ordening in de zin van de Wet ruimtelijke ordening) de mogelijke geluidinvloed van 30 km wegen wel meegewogen dient te worden. Er dient sprake te zijn van een 'deugdelijke motivering' bij het vaststellen van een bestemmingsplan. In de zin van de Wet geluidhinder zijn geen streef- en/of grenswaarden gesteld aan dergelijke wegen.

2.1.3

Cumulatie Indien een geluidgevoelige bestemming waarvoor een hogere grenswaarde wordt vastgesteld in de zone van meerdere geluidbronnen (wegverkeer, railverkeer en/of industrie) ligt, dient inzichtelijk gemaakt te worden hoe hoog de gecumuleerde geluidbelasting is. De gecumuleerde geluidbelasting wordt berekend met de rekenmethode die in het “Reken- en Meetvoorschrift geluid 2012” is vastgelegd, rekening houdend met de dosiseffect relaties van de verschillende bronsoorten. Het bevoegd gezag moet dan een oordeel vellen over de hoogte van deze geluidbelasting. Een wettelijke toets aan een grenswaarde voor deze gecumuleerde geluidbelasting is niet aan de orde.

2.2

Regionaal geluidbeleid In het Actieplan geluid van gemeente Oegstgeest (d.d. september 2013) wordt voor het verlenen van een hogere waarde gerefereerd naar het regionaal beleid van de Omgevingsdienst WestHolland. In dat beleid zijn specifieke criteria voor het vaststellen van hogere waarden geformuleerd (ten aanzien van wegverkeerslawaai):

Blad 5 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Blad 6 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Tenslotte is er in het beleid het volgende opgenomen over de gecumuleerde geluidbelasting:

2.3

Toetsingskader plansituatie

2.3.1

Wet geluidhinder Er is sprake van de nieuwe ontwikkeling van woningen in stedelijk gebied, welke zijn gelegen binnen de zone van de Ingenieur G. Tjalmaweg / N206 (hierna N206), Voorschoterweg, Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg en de rijksweg A44. In de onderstaande tabel zijn de voor het toetsingskader relevante weggegevens vermeld. In tabel 2.3 is aangegeven welke geluidgrenswaarden op de plansituatie van toepassing zijn. Tabel 2.3: Grenswaarden plansituatie na aftrek ex artikel 110g Wgh Wegvak

Voorkeursgrenswaarde [dB]

Maximale ontheffingswaarde [dB]

N206

48

63

Voorschoterweg

48

63

Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg

48

63

A44

48

53

Voor de nabij gelegen wegen Rhijnhofweg en Rijnvlietlaan/Het Buitenwater geldt een maximum snelheid van 30 km/uur. In de zin van de Wet geluidhinder zijn dergelijke 30 km/uur wegen nietzoneplichtig en zouden derhalve buiten beschouwing kunnen blijven. Uit jurisprudentie blijkt echter dat, bij een ruimtelijke procedure (in het kader van de goede ruimtelijke ordening in de zin van de Wet ruimtelijke ordening) de mogelijke geluidinvloed van 30 km wegen wel meegewogen dient te worden. Bij de omgevingsdienst zijn de verkeersgegevens voor betreffende wegen opgevraagd, maar deze waren niet voorhanden. Gezien het karakter van de wegen (voornamelijk wijkontsluiting en geen doorgaande wegen) zal de verkeersintensiteit op deze wegen naar verwachting laag zijn. Het is daarmee voldoende aannemelijk dat er geen significante geluidinvloed op het plangebied vanwege deze 30 km wegen aan de orde is. Er is derhalve geen onderzoek gedaan naar de precieze geluidbelasting vanwege deze 30 km wegen. Op een gedeelte van de Willem Einthovenstraat is eveneens sprake van een maximaal toegestane rijsnelheid van 30 km/uur. De geluidinvloed is hiervan wel in berekeningen meegenomen en wel in samenhang met het gedeelte van de weg waar sprake is van een maximum toegestane rijsnelheid van 50 km/uur.

Blad 7 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Het plangebied bevindt zich in de geluidzone van meerdere wegen. Indien het vaststellen van een hogere waarde aan de orde is, dient de cumulatieve geluidbelasting dan in beeld gebracht te worden. Een wettelijke toets aan een grenswaarde voor deze gecumuleerde geluidbelasting is formeel niet aan de orde.

2.3.2

Regionaal beleid In het regionaal beleid zijn 7 specifieke criteria opgenomen voor het vaststellen van hogere waarden ten aanzien van wegverkeerslawaai. Het plan dient aan ten minste één van deze criteria te voldoen. Op het plan is (hoogstwaarschijnlijk) criterium 2 van toepassing. Deze is namelijk opgenomen in de ‘Structuurvisie Oegstgeest 2005-2020’ (vastgesteld op 30 juni 2005). Criterium 3 betreft het opvullen van een open plaats tussen aanwezige bebouwing. Zowel ten noorden als ten westen (aan de andere kant van de Oude Rijn) is bestaande bebouwing gesitueerd. Het plan vult derhalve een open plaats op tussen aanwezige bebouwing. Afhankelijk van de geluidbelasting (> 53 dB) kunnen er nog aanvullende voorwaarden gelden (zie paragraaf 2.2).

Blad 8 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

3

Uitgangspunten en onderzoeksopzet

3.1

Onderzoeksgebied De planlocatie is gelegen in de wijk Rijnfront en Nieuw-Rhijngeest te Oegstgeest. Het betreft fase 1 van het bestemmingsplan Rhijnkade en bestaat uit 26 woningen. 3 van deze woningen worden gerealiseerd ter plaatse van de woning aan de Rhijnhofweg 10a. Op onderstaande afbeeldingen is het plangebied en de omgeving weergegeven.

Voorschoterweg

Plangebied

Willem Einthovenstraat

A44

N206

Afbeelding 3.1: Locatie plangebied (blauw) en wegen

In het uitwerkingsplan wordt het plan vertaald in de vorm van bouwvlakken, waardoor er ruimte is in de uiteindelijke invulling van het plan. Derhalve is de geluidbelasting bepaald op de randen van de bouwvlakken. Als het gaat om de vast te stellen hogere waarden (zie verderop in dit rapport) dan zijn deze bepaald op basis van de hoogst optredende geluidbelasting op het plangebied (op de randen van de bouwvlakken). Daarnaast is het laatste stedenbouwkundig plan (“Verkaveling bouwveld 2 Rhijnkade Oegstgeest”, d.d. 1 september 2020) gehanteerd om bij benadering inzichtelijk te maken hoeveel woningen een geluidbelasting boven de voorkeursgrenswaarde ondervinden.

Blad 9 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Afbeelding 3.2: Stedenbouwkundig plan Rhijnkade fase 1, Oegstgeest (georiënteerd vanaf de oostzijde). Rhijnhofweg 10a, waar 3 woningen worden gerealiseerd, is blauw omkaderd.

De volgende tekening is als basis gehanteerd: ‘01-454242-BP-VO-RK-201130’, verbeelding bestemmingsplan, weergegeven in onderstaande afbeelding.

Afbeelding 3.3: verbeelding bestemmingsplan

Blad 10 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

3.2

Rekenmethode In het kader van het onderhavige onderzoek zijn voor de effectbeschrijving van de diverse wegen akoestische berekeningen uitgevoerd. Deze berekeningen dienen ter bepaling van de geluidbelasting op bouwvlakniveau en per woning. Voor het bepalen van het geluidniveau vanwege het verkeer op een weg zijn twee wettelijk vastgestelde rekenmethodes voorhanden: de Standaardrekenmethode I en de Standaardrekenmethode II uit het 'Reken- en Meetvoorschrift geluidhinder 2012' ex artikel 110d van de Wet geluidhinder, kortweg aangeduid als SRM I respectievelijk SRM II. De SRM II is een rekenmethode waarbij rekening kan worden gehouden met afscherming van objecten, hetgeen met de SRM I niet mogelijk is. De berekeningen voor het onderzoek zijn dan ook uitgevoerd conform SRM II. De berekeningen zijn uitgevoerd met één reflectie en een sectorhoek van 2 graden. In het onderhavige onderzoek zijn de relevante wegen en de directe omgeving ingevoerd in een grafisch computermodel dat rekent volgens de SRM II. Daarbij is gebruik gemaakt van het programma Geomilieu versie 2020.1. De onderzoeksopzet en de invoergegevens zijn in de onderstaande alinea’s nader toegelicht.

3.3

Invoergegevens geluidrekenmodel Richtjaar Voor de berekening van de geluidbelasting vanwege het wegverkeer op het plangebied is een berekeningsmodel opgezet voor het richtjaar 2031. Hiervoor is het model dat ten grondslag ligt aan het eerder uitgevoerd onderzoek voor deel Noord van het bestemmingsplan Rhijnhofweg Zuid (“Akoestisch onderzoek Rhijnhofweg Zuid, deel Noord, Oegstgeest wegverkeerslawaai”, projectnummer 0454394.100, rev01 d.d. 15 juni 2020) als basis gehanteerd. Omgevingskenmerken Het gehele onderzoeksgebied is gezien de gesteldheid van de bodem grotendeels als akoestisch hard (bodemfactor 0,0) te kenmerken. Zachte gebieden zijn als apart bodemgebied gemodelleerd (bodemfactor 1,0). De diverse (bestaande) gebouwen buiten het plangebied zijn in de berekeningen zowel afschermend als reflecterend meegenomen. De precieze invulling van het plangebied is nog niet vastgesteld, voor het plangebied is daarom een bodemgebied met een bodemfactor van 0,5 ingevoerd (half verhard/onverhard). Beoordelingshoogte Het hele plangebied kent een maximale bebouwingshoogte van 12 meter. In theorie zijn er dan 4 bouwlagen mogelijk. Voor de beoordelingshoogtes wordt 1,5 meter boven vloerniveau aangehouden. Derhalve zijn de beoordelingshoogtes 1,5 meter, 4,5 meter, 7,5 meter en 10,5 meter voor respectievelijk de begane grond, eerste, tweede en derde verdieping.

Verkeersgegevens Onderstaande wegen zijn meegenomen in de berekening: A44 N206

Blad 11 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

-

Voorschoterweg Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg

Het model dat als basis is gehanteerd gaat uit van richtjaar 2030. Met Omgevingsdienst WestHolland is afgestemd dat de etmaalintensiteiten (van de N206, Willem Einthovenstraat en Voorschoterweg) kunnen worden opgehoogd met 1% naar richtjaar 2031 in verband met de verwachte autonome verkeersgroei (bijlage 3). De gegevens van de A44 (o.a. verkeersintensiteiten, wegligging, wegdekverharding, rijsnelheden, geluidschermen) zijn afkomstig uit het Geluidregister Rijkswaterstaat en gecontroleerd op actualiteit (d.d. 1 december 2020). Uit ruimtelijkeplannen.nl volgt dat voor de N206 een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) is vastgesteld (RijnlandRoute, inpassingsplan Provincie Zuid-Holland, vastgesteld 23 maart 2016). Het PIP voorziet in aanpassing van de N206. Bovendien blijkt uit het bijbehorend akoestisch onderzoek (“Akoestisch onderzoek PIP RijnlandRoute”, kenmerk R001-1222492EGT-lhl-V06-NL d.d. 20 november 2014) dat voor het weggedeelte ter hoogte van het plangebied inzet van geluidreducerende maatregelen is voorzien, te weten: • •

geluidreducerend wegdek in de vorm van dunne deklagen B; geluidschermen ten noorden van de N206 met een hoogte variërend van 1,2 tot 4 meter. Wat betreft de modellering en omgevingskenmerken van de N206 (verkeersgegevens, hoogtelijnen, bodemgebieden en schermmaatregelen), zijn deze overgenomen van het rekenmodel dat ten grondslag ligt aan het hierboven genoemde akoestisch onderzoek (“optimalisatie 20171205 Plan 2030 M5_HOV”). In bijlage 2 is een uitgebreid overzicht van de ingevoerde gegevens inclusief verkeersgegevens weergegeven. Tabel 3.1: Eigenschappen meegenomen wegen Weg

Maximale snelheid [km/uur]

Type wegdek

Aftrek art. 110g Wgh [dB]

Voorschoterweg

60

DAB

5

N206

801

DAB, dunne deklagen B

2–4

Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg

502

DAB

5

A44

120

DAB, ZOAB, tweelaags ZOAB3

2–4

1

Op een gedeelte van de N206 is de maximale snelheid 50 km/uur; de geluidzone van dit gedeelte valt echter niet over het plangebied 2 Tevens is de maximale snelheid op het gedeelte ten oosten van het plan 30 km/uur in plaats van 50 km/uur 3 Voor bodemgebieden onder wegdelen met ZOAB of tweelaags ZOAB is een bodemfactor van 0,5 gehanteerd

Blad 12 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Daarnaast blijkt uit het bestemmingsplan Woningen Oude Rijnsburgerweg (NL.IMRO.0579.BPWORBW-ON01) en daarbij horende akoestisch onderzoek (Geluidbelasting wegverkeer bestemmingsplan Rhijngeestlaan te Oegstgeest, Adviesburo Van der Boom, kenmerk 17-116, 8 februari 2018) dat langs de rijksweg A44 sprake is van een geluidscherm dat niet is opgenomen in het Geluidregister. Dit is weergegeven in onderstaande afbeelding. Het scherm heeft een hoogte van 6 meter ten opzichte van de weg.

Afbeelding 3.4: locatie nog niet in het Geluidregister opgenomen geluidscherm langs rijksweg A44 (in rood) (bron: Geluidbelasting wegverkeer bestemmingsplan Rhijngeestlaan te Oegstgeest, Adviesburo Van der Boom, kenmerk 17-116, 8 februari 2018)

Voor onderhavig akoestisch onderzoek is het bovengenoemde geluidscherm in het akoestisch rekenmodel opgenomen.

Blad 13 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

4

Rekenresultaten Met behulp van het geluidrekenmodel is op alle beoordelingspunten de geluidbelasting vanwege de meegenomen wegen voor het richtjaar 2031 berekend. De berekeningsresultaten zijn per weg weergegeven. Vervolgens is de cumulatie in beeld gebracht. De berekeningsresultaten per beoordelingspunt en hoogte zijn per bron weergegeven in bijlage 4.

4.1

Rekenresultaten

4.1.1

A44 In afbeelding 4.1 zijn de berekeningsresultaten voor de A44 weergegeven. Voor een volledig overzicht van de resultaten inclusief afbeeldingen, zie bijlage 4.1.

Afbeelding 4.1: Overzicht resultaten A44 incl. aftrek ex art. 110g Wgh

De geluidbelasting ten gevolge van de A44 op de randen van de bouwvlakken bedraagt ten hoogste 51 dB na aftrek ex artikel 110g Wgh. Naar verwachting wordt bij alle 26 woningen vanwege de A44 de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschreden. De maximale ontheffingswaarde wordt echter niet overschreden. Gelet op de overschrijding van de voorkeursgrenswaarde dient te worden onderzocht of er maatregelen ter beperking van het geluid mogelijk zijn. Het onderzoek naar maatregelen is in paragraaf 4.3 verder uitgewerkt. Omdat de hoogste geluidbelasting onder de 53 dB blijft, zijn de aanvullende voorwaarden ingevolge het regionaal beleid niet van toepassing.

Blad 14 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

4.1.2

N206 In afbeelding 4.2 zijn de berekeningsresultaten voor de N206 weergegeven. Voor een volledig overzicht van de resultaten inclusief afbeeldingen, zie bijlage 4.2.

Afbeelding 4.2: Overzicht resultaten N206 incl. aftrek ex art. 110g Wgh

De geluidbelasting ten gevolge van de N206 op de randen van de bouwvlakken bedraagt ten hoogste 53 dB na aftrek ex artikel 110g Wgh. Naar verwachting wordt bij alle 26 woningen vanwege de N206 de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschreden. De maximale ontheffingswaarde wordt echter niet overschreden. Gelet op de overschrijding van de voorkeursgrenswaarde dient te worden onderzocht of er maatregelen ter beperking van het geluid mogelijk zijn. Het onderzoek naar maatregelen is in paragraaf 4.3 verder uitgewerkt.

Blad 15 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

4.1.3

Voorschoterweg In afbeelding 4.3 zijn de berekeningsresultaten voor de Voorschoterweg weergegeven. Voor een volledig overzicht van de resultaten inclusief afbeeldingen, zie bijlage 4.3.

Afbeelding 4.3: Overzicht resultaten Voorschoterweg incl. aftrek ex art. 110g Wgh

De geluidbelasting ten gevolge van de Voorschoterweg op het plan bedraagt ten hoogste 47 dB na aftrek ex artikel 110g Wgh. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt daarmee niet overschreden. Nadere beschouwing van maatregelen ter beperking van het geluid vanwege de Voorschoterweg kan daarmee achterwege blijven.

Blad 16 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

4.1.4

Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg In afbeelding 4.4 zijn de berekeningsresultaten de Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg weergegeven. Voor een volledig overzicht van de resultaten inclusief afbeeldingen, zie bijlage 4.4.

Afbeelding 4.4: Overzicht resultaten Willem Einthovenstraat incl. aftrek ex art. 110g Wgh

De geluidbelasting ten gevolge van de Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg op het plan bedraagt ten hoogste 44 dB na aftrek ex artikel 110g Wgh. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt daarmee niet overschreden. Nadere beschouwing van maatregelen ter beperking van het geluid vanwege de Willem Einthovenstraat/Oude Rhijnhofweg kan daarmee achterwege blijven.

4.2

Afweging van maatregelen In artikel 110a en volgende van de Wet geluidhinder wordt aangegeven onder welke voorwaarden hogere grenswaarden kunnen worden verleend. Er kan uitsluitend een hogere grenswaarde worden vastgesteld indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting vanwege een weg, onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard.

Blad 17 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

Om de geluidbelasting vanwege een weg te beperken, kunnen de volgende maatregelen worden getroffen: • Maatregelen aan de bron door middel van het toepassen van een geluidarm wegdektype; • Maatregelen in het overdrachtsgebied door middel van het toepassen van een geluidscherm/grondwal; • Maatregelen aan de ontvanger door middel van het toepassen van schermen aan of nabij de gevel, het toepassen van 'dove' gevels, en dergelijke.

4.2.1

Bronmaatregelen Geluidreducerende wegdekverharding Op geluidreducerende wegdekken produceert het verkeer minder lawaai onder andere omdat het geluid door het wegdek deels wordt geabsorbeerd. Op zowel de N206 als de A44 is al geluidreducerende wegdek toegepast, namelijk respectievelijk dunne deklagen B (N206) en ZOAB of tweelaags ZOAB (A44). Verdere toepassing van dergelijke maatregelen zal stuiten op bezwaren van financiële aard, gezien de schaal van het project. Verlagen van de rijsnelheid In theorie kan met het verlagen van de maximale rijsnelheid op de weg (N206, A44) geluidreductie worden bewerkstelligd. Toepassen van deze maatregel stuit echter op bezwaren van verkeerskundige aard. Verlagen van de rijsnelheid belemmert de doorstroming en is daardoor niet gewenst.

4.2.2

Overdrachtsmaatregelen Langs de N206 zijn in het kader van het PIP al schermmaatregelen voorzien. Ook is langs de A44 deels al sprake van een geluidscherm langs de weg. In het theorie kan met het verlengen en/of verhogen van de schermen een verdere geluidreductie worden bewerkstelligd. De kosten hiervoor zullen aanzienlijk zijn en wegen niet op tegen de effecten. Het verlengen en/of verhogen van de bestaande, reeds voorziene schermen stuit derhalve op bezwaren van financiële aard.

4.2.3

Ontvangermaatregelen Bouwbesluit Het binnenmilieu wordt beschermd door de eisen opgelegd vanuit het Bouwbesluit. De geluidwering van de gevel dient zodanig te zijn dat het resulterende geluidniveau vanwege wegverkeerslawaai in de woning niet meer bedraagt dan 33 dB. Bij deze berekening wordt de cumulatieve geluidbelasting exclusief aftrek ex artikel 110g Wgh ten gevolge van het wegverkeer gebruikt. Gelet op de voorgenomen samenstelling van de uitwendige scheidingsconstructie van de nieuw te realiseren bebouwing, dient te worden beoordeeld of met de beoogde (bouw)materialen kan worden voldaan aan de aanvullende eis betreffende het ten hoogst toelaatbare binnenniveau voor de woningen.

Blad 18 van 22

Uitwerkingsplan Rhijnkade, fase 1 Akoestisch onderzoek projectnummer 0454242.100 16 december 2020 revisie 00 Oegstgeest aan de Rijn V.O.F.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11299010/1