CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

St. t.k.n. nr. 1. Bijlage Recreatiezoneringsplan Veluwe

Commissie Ruimte en Wonen 9 oktober 2023, gemeente NunspeetBij agendapunt: Uitvoering beheerplan Mosterdveen 2022-2031;33.079 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Als vervolg op die bijeenkomst is er in een terreinbezoek verder met betrokkenen gesproken over de meest geschikte maatregelen.

Gladde slang. Fotografie: A. de la Lande Cremer

41

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

9 Uitvoering van het Recreatiezoneringsplan Van medio 2019 tot eind 2021 is door veel partijen op de Veluwe hard gewerkt om te komen tot dit Recreatiezoneringsplan. Goede planvorming is essentieel, maar uiteindelijk is het de uitvoering waarmee de positieve effecten op natuur- en belevingskwaliteit behaald worden. Paragraaf 9.1 gaat kort in op rollen en verantwoordelijkheden van de verschillende partijen tijdens de uitvoering. Financiering van de uitvoering wordt behandeld in paragraaf 9.2. Monitoring en tussentijdse evaluatie komen aan de orde in § 9.3. Paragraaf 9.4 gaat in op communicatie. In § 9.5 worden enkele onderwerpen besproken die van belang zijn voor een goed functionerende recreatiezonering en die in de toekomst nog aandacht vragen. Tot slot wordt in paragraaf 9.6 het belang van blijvende samenwerking belicht.

9.1

Rollen en verantwoordelijkheden betrokken partijen

De recreatiezonering op de Veluwe wordt realiteit door het uitvoeren van de in dit plan opgenomen zoneringsmaatregelen. Net als bij het opstellen van het plan, geldt dat ook de uitvoering een gezamenlijke inspanning van een groot aantal partijen vraagt. De daadwerkelijke praktische uitvoering van de maatregelen is in handen van de verschillende terreineigenaren op de Veluwe. Zij zorgen er voor dat de maatregelen in hun terreinen op het juiste moment, op de juiste wijze en op de juiste plek uitgevoerd worden. Ook de communicatie over de praktische uitvoering van maatregelen is in handen van de terreineigenaren. Om de uitvoering in goede banen te leiden zullen de betreffende terreineigenaren waar nodig afstemmen met hun ‘buren’ en met de bezoekers/gebruikers van hun terreinen, zoals zij dat ook bij andere soorten werkzaamheden in de terreinen doen. Als de precieze uitvoering van een zoneringsmaatregel (het ‘hoe’) nog verder uitgewerkt moet worden, dan worden daarvoor mogelijk nog gesprekken met belanghebbenden/betrokkenen gevoerd. Zeker bij locatie-specifieke onderzoeksmaatregelen die de vorm hebben van een gebiedsproces, zal sprake zijn van overleg met uiteenlopende betrokken partijen. Niet alleen de terreineigenaren hebben een verantwoordelijkheid in de uitvoering van het Recreatiezonerings– plan.

Ook gemeenten hebben hierin een rol, ook voor die delen van de Natura 2000-gebieden waarvan ze geen eigenaar zijn. Doorwerking van recreatiezonering in andere beleidsterreinen (mobiliteit, RO, economie) is zeer wenselijk om het doel van recreatiezonering te bereiken. In het bredere kader van het natuurbeleid voor de Veluwe is het van belang dat het bestuurlijk overleg wordt voortgezet. De colleges van burgemeester en wethouders of verantwoordelijk wethouders informeren zelf de gemeenteraden. De provincie zal dat waar nodig faciliteren. Het voort te zetten periodiek ambtelijk overleg vormt hiervoor een belangrijke basis. Als voortouwnemer van het Natura 2000-beheerplan voor de Veluwe, waarvan het Recreatiezoneringsplan deel uitmaakt, is de provincie belast met het bewaken van de voortgang van de uitvoering. Hierover worden afspraken met de terreineigenaren gemaakt, gekoppeld aan de afspraken die gemaakt worden over de financiering van de maatregelen. Indien nodig neemt de provincie het initiatief om de voortgang en eventuele bijsturing van de uitvoering te bespreken met de partners. Over de financiering van de uitvoering van de maatregelen, en de provinciale rol daarin, wordt nader ingegaan in paragraaf 9.2. Eerder is al benoemd dat de uitvoering van het Recreatiezoneringsplan een meerjarig proces is.

De uitvoering loopt door tot in de tweede Natura 2000-beheerplanperiode (looptijd van het tweede beheerplan is op dit moment voorzien als 2024-2030). De lange uitvoeringsduur heeft niet zozeer te maken met de complexiteit van de uit te voeren maatregelen als wel met het feit dat op dit moment nog niet alle te nemen maatregelen in beeld zijn. In paragraaf 6.4 is beschreven dat uit verschillende sporen, zoals nog lopende onderzoeken en gebiedsprocessen, nieuwe zoneringsmaatregelen voort kunnen komen. In de periode tot en met 2023 moet het overgrote deel van de te nemen maatregelen in beeld zijn. In de jaren daarna zullen vooral nog nieuwe maatregelen opgevoerd worden op basis van 1) uit monitoring verkregen nieuwe inzichten over het effect van reeds genomen maatregelen, 2) voortschrijdende ambities op het gebied van recreatiezonering in relatie tot actuele inzichten in de staat vande natuurdoelen en 3) nadere afstemming met de omgeving.

42

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

9.2

Financiering

Financiering van recreatiezoneringsmaatregelen kan vanuit verschillende bronnen gebeuren, naar gelang de aard en impact van de maatregel. Middelen kunnen door de provincie beschikbaar gesteld worden of door een andere partij. Opname van een maatregel in het recreatiezoneringsprogramma houdt dan ook nog geen provinciale verplichting tot financiering in. Wanneer maatregelen onder het reguliere beheer van terreinen vallen, dan valt financiering onder het bestaande Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL). Voor een groot deel van de maatregelen zal dit echter niet van toepassing zijn. Voor de uitvoering van recreatiezoneringsmaatregelen is daarom aanvullende provinciale financiering beschikbaar. Hiervoor wordt de Subsidieregeling Recreatiezonering opengesteld. De Subsidieregeling Recreatiezonering is opgenomen als paragraaf in de overkoepelende regeling Ruimte voor Gelderland. De recreatiezoneringsmaatregelen worden gefinancierd als onderdeel van de Specifieke Uitkering van het Rijk (SPUK) voor stikstofreductie en natuurherstel. Het gaat hier om middelen die gereserveerd zijn voor natuurbehoud en -herstel. Bij het nemen van een financieringsbeslissing over recreatiezonerings– maatregelen wordt dan ook gekeken naar de bijdrage van de betreffende maatregel aan de natuurkwaliteit.

Recreatiezoneringsmaatregelen die helemaal gericht zijn op natuurbehoud en -herstel (instandhoudingsmaatregelen, zie paragraaf 6.2) kunnen volledig (100%) gefinancierd worden vanuit de Subsidieregeling Recreatiezonering. Er zijn ook recreatiezoneringsmaatregelen die voor een deel ten goede komen aan de natuurkwaliteit maar daarnaast een investering in recreatie zijn. Het is niet legitiem dergelijke maatregelen volledig te financieren met geld dat gereserveerd is voor natuurbehoud en -herstel. Voor deze maatregelen geldt dat er sprake kan zijn van cofinanciering vanuit de Subsidieregeling Recreatiezonering. Het bepalen van het cofinancieringspercentage is deels maatwerk. Voor maatregelen die primair een investering zijn in de recreatieve kwaliteit dienen andere financierings– bronnen gezocht te worden. Hierbij kan bijvoorbeeld gekeken worden naar de Regio Deal Veluwe. Binnen de SNL-regeling is een bepaling opgenomen dat beperkte openstelling van natuurterreinen in zone D (geen/beperkte openstelling tijdens het broedseizoen) geen effect heeft op de SNL- openstellingsvergoeding die de provincie toekent aan de beheerder.

9.3

Monitoring en evaluatie

Monitoring is gericht op het in beeld brengen van de voortgang en de effecten van het Recreatiezoneringsplan. Monitoringsgegevens kunnen benut worden om te evalueren of de uitvoering van het Recreatiezoneringsplan tot het gewenste resultaat leidt. Monitoring voortgang uitvoering De TBO’s en terreinbeherende gemeenten staan aan de lat voor de uitvoering van de door hen voorgestelde maatregelen, zoals opgenomen in het Recreatiezoneringsplan. De provincie ondersteunt de uitvoering deels met subsidie. Via contractering en verantwoording van uitgaven krijgt de provincie zicht op een deel van de uitvoering. Er zijn aanvullend afspraken nodig tussen provincie en uitvoerders om ook zicht te krijgen op de uitvoering van zoneringsmaatregelen die niet worden gesubsidieerd. Ook de provincie zelf heeft (onderzoeks) maatregelen uit te voeren. Voor de voortgangsmonitoring zal na 4 jaar uitvoering (in 2026) nagegaan worden in hoeverre de maatregelen uit het Recreatiezoneringsplan zijn uitgevoerd. Monitoring ontwikkeling maaswijdte De maaswijdte is één van de centrale sturingsprincipes in de recreatiezoneringsmethodiek van de Veluwe. De maaswijdte geeft aan wat de dichtheid van paden in een terrein is en daarmee hoe groot de voor de natuur rustige kernen zonder menselijke betreding in een terrein zijn (zie ook uitleg in paragraaf 4.3).

De padendichtheid is op de Veluwe op veel plekken zeer groot, veel groter dan in veel andere Natura 2000gebieden. Het fijnmazige padenpatroon is historisch gegroeid, onder andere vanuit voormalige bosaanleg en -exploitatie. Ook zijn er door de jaren heen veel informele olifantenpaadjes ontstaan, bijvoorbeeld door herhaaldelijke menselijke betreding van wildpaden. Tijdens het planvormingsproces is voor een groot deel van de Veluwe het actuele padenpatroon in kaart gebracht. Daarbij is berekend wat de actuele maaswijdte in de verschillende terreinen is. Vervolgens is gekeken in welke mate die maaswijdte overeenstemt met de maaswijdte die nagestreefd wordt in de zoneringscategorie (A t/m D) die is toegekend aan het betreffende terrein. Hiermee is voor de maaswijdte een goede indicatie van de nulsituatie verkregen. Op basis van dit Recreatiezoneringsplan zullen aanpassingen gedaan worden in het padenpatroon. Door in

43

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

beeld te brengen hoe het padenpatroon zich ontwikkelt, kan ook inzicht verkregen worden in de ontwikkeling van de maaswijdte en daarmee in rust en ruimte voor de natuur. Na 4 jaar uitvoering zal de maaswijdte opnieuw in beeld gebracht worden. Op basis daarvan kan beoordeeld worden of de maaswijdte zich ontwikkelt in lijn met de visie zoals vastgelegd in dit Recreatiezoneringsplan. De provincie organiseert de monitoring van de maaswijdte, de terreineigenaren leveren de daarvoor benodigde gegevens.

13 ha

129 ha

89 ha

5 ha

58 ha

86 ha

8 ha 26 ha 6 ha

46 ha

23 ha

26 ha 297 ha

15 ha 17 ha

22 ha

83 ha 5 ha

3 ha 6 ha 106 ha

41 ha

10 ha

Geschiktheidmaaswijdte 53 ha

Minder dan 50% van de gewenste maaswijdte 50 - 75% van de gewenste maaswijdte 75 - 99% van de gewenste maaswijdte Voldoende maaswijdte

Voorbeeld van een maaswijdte geschiktheidskaart voor een willekeurig deel van de Veluwe, stand van zaken medio 2021

Monitoring natuurontwikkeling Om te volgen hoe de natuur zich in het Natura 2000-gebied Veluwe ontwikkelt, kan gebruik gemaakt worden van gegevens die provincie en terreinbeheerders (o.a. in opdracht van de provincie) periodiek verzamelen over de ontwikkeling van de natuur. Afhankelijk van het natuurbeheertype, worden planten, broedvogels, libellen, sprinkhanen en vegetatiestructuur in kaart gebracht. Deze (SNL-)monitoring is ingericht om iets te zeggen over de kwaliteit(s)ontwikkeling van een gebied. Voor alle aangewezen Natura 2000-soorten op de Veluwe heeft de provincie samen met soortenorganisaties (Ravon, Floron, Zoogdiervereniging, Sovon, etc.) een monitoring opgezet. Voor de vogelsoorten sluiten we voor een belangrijk deel aan bij de monitoring die Sovon al lange tijd uitvoert in kader van het landelijke Netwerk Ecologische Monitoring (zie www.sovon.nl). Voor andere soorten heeft de provincie zelf de monitoring laten ontwikkelen en opzetten. Op basis van deze monitoring kunnen straks op niveau van Natura 2000-gebied Veluwe uitspraken gedaan worden over hoe het gaat met een soort. Om het effect van recreatiezonering goed te kunnen meten, is het voornemen om deze monitoring aan te vullen met metingen in een hogere frequentie en/of hogere dichtheid van meetpunten.

De extra monitoring zal gericht worden op doelsoorten in enkele gebieden waar ingrijpende maatregelen worden uitgevoerd en/of er een groot maatschappelijk belang is bij het verzamelen van deze informatie. De ontwikkeling in populaties is altijd afhankelijk van meerdere factoren binnen en buiten het betreffende natuurgebied. Een directe koppeling tussen recreatiezoneringsmaatregelen en de aanwezigheid van soorten op de Veluwe zal dan ook niet altijd te leggen zijn en vraagt in elk geval om nauwkeurige interpretatie van de monitoringsgegevens. Het is verder belangrijk op te merken dat ecologische processen tijd kosten en dat resultaten vaak niet direct zichtbaar zijn.

44

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Monitoring ontwikkeling recreatief gebruik Om uitspraken te kunnen doen over de effectiviteit van de recreatiezonering is het goed ook zicht te hebben op de ontwikkeling van het recreatief gebruik van de Veluwe. Er zijn twee aspecten die van belang zijn om te monitoren: 1) drukte en 2) waardering van recreanten. Ad 1. Monitoring drukte Is het daadwerkelijk rustig op de plekken waar en momenten wanneer de natuur minder verstoring kan verdragen? Dit is een kernvraag om inzicht te krijgen in de effectiviteit van de genomen zonerings– maatregelen. Om dit in beeld te krijgen, wordt op geselecteerde locaties de drukte gemonitord. Zo wordt een beeld verkregen van het totale aantal bezoekers en van piekdrukte in de terreinen. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de data uit de Druktemonitor Gelderland. Ad 2. Monitoring waardering recreanten De recreatiezonering beoogt ook bij te dragen aan een betere belevingskwaliteit van de Veluwe, bijvoorbeeld door bezoekers te geleiden naar plekken met een hoge belevingswaarde of door conflicterend gebruik van paden en routestructuren te verminderen (scheiden van gebruikersgroepen). In dit licht is het interessant om in kaart te brengen hoe de waardering van bezoekers over hun bezoek aan de Veluwenatuur zich ontwikkelt.

Over de inrichting en uitvoering van deze monitoring worden afspraken gemaakt met de partijen die samen uitvoering geven aan de VeluweAgenda. (Tussentijdse) evaluatie van het Recreatiezoneringsplan Het is belangrijk dat de uitvoering en de resultaten van het Recreatiezoneringsplan geëvalueerd worden. De samenwerking in recreatiezonering is nieuw en de ervaring met zoneringsmaatregelen is nog beperkt. Het is niet ondenkbaar dat de samenwerkende partijen gaandeweg tot de conclusie komen dat bijsturing gewenst is, in de visie (kaartbeeld) en/of in de aanpak (maatregelprogramma). Evaluatie en eventuele bijstelling van de recreatiezonering worden zo mogelijk in de tijd gekoppeld aan evaluatiemomenten van het Beheerplan Natura 2000 Veluwe (tenminste eens per 6 jaar) De provincie neemt het initiatief tot de evaluatie en zorgt dat deze uitgevoerd wordt. Monitoringsgegevens kunnen dienen als inhoudelijke input voor de evaluatie, maar zullen mogelijk niet altijd op het gewenste moment of het gewenste niveau beschikbaar zijn. Expert judgement, de expertise en ervaringen van terreineigenaren op de Veluwe, is ook van groot belang voor een goede beoordeling van de voortgang in en de resultaten van de recreatiezonering.

9.4

Communicatie

Recreatiezonering is nodig om de natuur op de Veluwe te kunnen beschermen en tegelijkertijd voor recreanten toegankelijk te houden (vandaag, morgen en de volgende jaren). Een essentie daarbij is, zoals eerder genoemd, het “geleiden en verleiden” van mensen naar de plekken waar de natuur dat het beste kan hebben. In combinatie met het juiste gedrag (op de aangewezen paden blijven, honden aanlijnen, alleen met toegestane vervoermiddelen de natuur in, etc.) neemt de druk op de kwetsbare delen van de Veluwe af. Effectieve recreatie– zonering vraagt dus iets van het gedrag van de recreant. Voor balans tussen recreatie en natuurbehoud is respectvolle omgang met de natuur noodzakelijk. Met dit Recreatiezoneringsplan wordt daarom niet alleen ingezet op fysieke maatregelen maar ook op communicatie. Daarbij zijn drie kernwoorden van toepassing: • Bewustwording: Uitleg over de effecten van menselijke aanwezigheid op overlevingskansen voor specifieke soorten. • Gedragsbeïnvloeding: Informatie die er op is gericht dat mensen zich aan de openstellingsregels houden. • Draagvlak voor lokale veranderingen: Uitleg over te nemen zoneringsmaatregelen, de beoogde werking ervan en de alternatieven die er worden geboden. Deze communicatieopgave is een gezamenlijke opgave voor de partijen die aan het Recreatiezoneringsplan hebben gewerkt.

Elke organisatie neemt daar vanuit de eigen positie, doelgroepen, taakinhoud en communicatiemiddelen een verantwoordelijkheid in. De komende jaren vraagt dit voortgaande samenwerking langs twee sporen: 1 Publiekscampagnes gericht op de omgang van met de kwetsbare natuur. Een voorbeeld hiervan op nationaal niveau is de campagne “Kraamkamer van de natuur” door de terreinbeherende organisaties. 2 Uitvoeringscommunicatie in de natuurterreinen bij implementatie van zoneringsmaatregelen. Beide sporen vragen regie en afstemming in strategie en uitvoering.

45

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bij het opzetten en uitvoeren van bovengenoemde communicatie worden naast ‘de recreant (ook bewoners)’ verschillende doelgroepen onderscheiden. Voorbeelden daarvan zijn het lokale bestuur, ondernemers en vertegenwoordigingen van lokale gemeenschappen of gebruikersgroepen.

9.5

Aandachtspunten voor de toekomst

9.5.1

Loslopen van honden op de Veluwe

Om binnen de gestelde termijn te komen tot een breed gedragen en goed afgestemd Recreatiezoneringsplan is door alle betrokken partijen een grote hoeveelheid werk verricht. De complexiteit van de opgave was groot en de tijdsdruk aanzienlijk. De beschikbare capaciteit van de betrokken partners is in het planproces maximaal benut. Het resultaat, in de vorm van voorliggend Recreatiezoneringsplan, is een flinke stap op weg naar een Veluwe die zowel voor natuur als voor recreanten beter is ingericht. Tegelijkertijd is het ook belangrijk om te realiseren dat in het achterliggende proces nog niet alle aspecten volledig/voldoende aan bod zijn geweest. Een aantal onderwerpen vraagt nog om aandacht en om verdere uitwerking in samenspraak met de betrokken partijen op de Veluwe. De conclusies daaruit kunnen direct landen in beleid en uitvoering van de betrokken terreineigenaren, meegenomen worden in aanvulling op/actualisatie van het Recreatiezoneringsplan, of een plek krijgen in andere projecten/programma’s op de Veluwe. Onderwerpen die, voor een goede balans tussen recreatie en natuur, in elk geval nog verder uitgewerkt moeten worden zijn: 1 Loslopen van honden op de Veluwe 2 Terreinfietsen (MTB, gravelbiking) 3 Afstemming openstellingsbeleid 4 Evenementenbeleid 5 Openbare (zand)wegen 6 Toezicht en handhaving 7 Samenwerking met Defensie

Bij het loslopen van honden gaat het om twee verschillende zaken. Ten eerste om loslopende honden op delen van de Veluwe waar een aanlijngebod geldt. Hierbij gaat het vooral om het naleven van geldende regels. En ten tweede om de aangewezen hondenlosloopterreinen binnen het Natura 2000-gebied. Hier mogen honden loslopen, maar voor een aantal van de hondenlosloopterreinen speelt wel de vraag of ze op de juiste plek liggen. Loslopende honden waar een aanlijngebod geldt Terreineigenaren en -beheerders constateren dat de naleving van aanlijngeboden nog veel te wensen overlaat. Het is helaas geen zeldzaamheid dat recreanten hun honden laten loslopen op plekken waar dat niet mag. Soms gebeurt dat omdat er (net) buiten de grenzen van het hondenlosloopterrein niet aangelijnd wordt, soms ook op plekken waar helemaal geen sprake is van een hondenlosloopzone. Op sommige plekken op de Veluwe geldt dat honden, onder appèl van hun ‘baasje’ mogen loslopen op de paden maar niet daar buiten. In de praktijk blijkt dit vaak lastig. Het laten loslopen van honden op plekken die daarvoor niet bedoeld zijn, heeft negatieve effecten op de natuur en leidt regelmatig tot conflicten met andere recreanten.

Het verbeteren van de naleving van de regels vraagt om goede communicatie, zodat mensen weten waar en waarom honden aan de lijn moeten, en om toezicht en handhaving als hondenbezitters de regels desondanks overtreden. Hondenlosloopterreinen De Veluwe kent zo’n 50 door de terreineigenaar aangewezen hondenlosloopterreinen. Veel van deze honden– losloopgebieden zijn al geruime tijd als zodanig in gebruik. De drukte op en rondom een deel van deze terreinen is de laatste jaren flink toegenomen, volgens de eigenaren/-beheerders. Dit heeft mogelijk te maken met een toename in het aantal honden (de hondenpopulatie in Nederland steeg recent naar 1,9 miljoen) en met het grotere aantal honden-uitlaatservices. Beheerders signaleren bovendien dat de grenzen van de hondenlosloop– terreinen niet overal goed in acht genomen worden en dat het loslopen ‘uitwaaiert’. Mede op basis van recente inzichten over de verstoringsimpact van loslopende honden, komt de vraag naar voren of hondenlosloop in deze omvang nog passend is op de Veluwe. Terreineigenaren stellen zich daarbij ook vragen over de lange termijn. Hoe, gezien de kwetsbare toestand van de natuur, om te gaan met de behoefte aan mogelijkheden voor hondenlosloop in de komende 10 jaar? In het kader van dit Recreatiezoneringsplan wordt al gekeken hoe om te gaan met enkele specifieke honden– losloopterreinen.

Denkrichtingen zijn: zoeken naar alternatieven, aanpassen van de omvang en tijdelijke aanlijngeboden in het broedseizoen. De partners zijn echter van mening dat het goed is om, gezamenlijk en

46

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

onder regie van de provincie, nog wat scherper te kijken naar de actuele aanwezigheid en verdeling van hondenlosloopterreinen over het Natura 2000-gebied. Liggen ze op de juiste plek in relatie tot natuur, staat de verdeling van hondenlosloopterreinen over de Veluwe in verhouding tot het gebruik daarvan, etc.? Vervolgens moet in samenspraak gekeken worden naar de toekomstige ontwikkeling van hondenlosloop– terreinen op de Veluwe en naar (de ontwikkeling van) eventuele alternatieve locaties buiten de Natura 2000-begrenzing. Hiervoor is ook een onderzoeksmaatregel opgenomen in het maatregelprogramma dat uitvoering geeft aan dit Recreatiezoneringsplan.

9.5.2

Terreinfietsen: MTB en gravelbiking

Het veranderde fietsgebruik stelt terreineigenaren voor de nodige uitdagingen. Wandelaars ervaren de in hoog tempo langs ‘flitsende’ fietsers als storend en er komen met regelmaat klachten binnen over confrontaties tussen fietsers en wandelaars. Paden die daarvoor niet aangelegd zijn, hebben veel te lijden van intensief fietsverkeer. En de toenemende aantallen terreinfietsers (niet zelden grote groepen) leiden tot extra verstoring (optische verstoring, geluid en aanrijdingen) van kwetsbare natuur. Tegelijkertijd is er een grote groep gebruikers die de Veluwe graag met de terreinfiets wil verkennen en beleven. Deze behoefte vraagt aandacht. Omdat de actieradius van terreinfietsers relatief groot is, is afstemming tussen meerdere terreineigenaren nodig om te komen tot een kwalitatief goed netwerk waarin confrontaties met andere gebruikersgroepen vermeden worden en dat tegelijkertijd optimaal rekening houdt met de vereisten vanuit natuurbescherming. Het Routebureau Veluwe ontwikkelt en beheert de Veluwebrede routenetwerken. Het Routebureau ontwikkelt momenteel op verzoek van de VeluweAlliantie een mountainbikevisie, waarin gekeken wordt naar de ligging van kwetsbare gebieden (recreatiezoneringskaart), scheiding van overige recreantengroepen en het bieden van de beste beleving voor de terreinfietser.

Realisatie van de visie ligt bij gemeenten, (andere) terreineigenaren en Routebureau.

9.5.3

Afstemming openstellingsbeleid

9.5.4

Geharmoniseerd evenementenbeleid

Een goede recreatieve zonering kan niet zonder heldere toegangsregels. De toegangsregels van de diverse terreinbeheerders op de Veluwe verschillen. Bij de één mag je bijvoorbeeld op alle paden wandelen én fietsen, bij de ander mag fietsen alleen op daarvoor aangewezen fietspaden en -routes. De recreant is zich lang niet altijd bewust bij welke eigenaar hij/zij nu door de natuur wandelt/fietst en welke specifieke regels op dat terrein gelden. Het gros van de in het recreatiezoneringsproces betrokken terreineigenaren geeft aan eenduidigheid in toegangsregels belangrijk te vinden om zo te komen tot beter naleefgedrag en om, indien nodig, toezicht en handhaving te vergemakkelijken. De eerste onderlinge gesprekken hierover zijn gevoerd. Terreineigenaren werken aan afspraken over eenduidige openstellingsregels.

In het Natura 2000-gebied worden uiteenlopende activiteiten en evenementen georganiseerd. Dit varieert van kleinschalige natuureducatie activiteiten van de terreineigenaren zelf, tot grootschalige sportevenementen en een internationale ‘happening’ als Airborne. Terreineigenaren signaleren dat evenementen en activiteiten de laatste jaren talrijker en grootschaliger zijn geworden. Soms zijn evenementen jaren geleden kleinschalig begonnen, maar hebben ze zich inmiddels doorontwikkeld tot activiteiten van serieuze omvang. Dit heeft impact, niet alleen op de natuur maar ook op andere bezoekers. Op Veluwe-niveau is er geen totaaloverzicht van evenementen die op jaarbasis in het Natura 2000-gebied plaatsvinden. In lijn hiermee zijn er zorgen over de cumulatieve effecten die evenementen hebben op de kwaliteit van de Veluwe-natuur. Ook wordt geconstateerd dat initiatiefnemers ‘rond shoppen’ over de Veluwe: als één eigenaar geen toestemming geeft, dan wordt het op een naburig terrein nog eens geprobeerd. Dit wordt mede veroorzaakt doordat voor initiatiefnemers op dit moment vaak niet duidelijk is waar en wanneer een aanvraag voor een activiteit kansrijk is en waar en wanneer niet. Bij terreineigenaren bestaat behoefte aan meer onderlinge afstemming over het beleid voor activiteiten en evenementen in de verschillende zones.

Men ziet voor zich dat er gezamenlijke aanknopingspunten komen voor een toetsingskader voor activiteiten en evenementen die duidelijkheid geven aan terreineigenaren én aan initiatiefnemers. Daarbij moet de koppeling met de Wet natuurbescherming en met de verschillende zones (A t/m D*) goed gelegd worden. Met het oog hierop is een regierol voor de provincie weggelegd. De uitwerking van het gezamenlijke kader voor activiteiten en evenementenbeleid is opgenomen als onderzoeksmaatregel in het maatregelprogramma van dit Recreatiezoneringsplan.

47

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

9.5.5

Openbare (zand)wegen

9.5.6

Toezicht en handhaving

De verkeerssituatie op en rond de Veluwe is van invloed op de ontsluiting van natuurterreinen. De verkeerssituatie wordt echter niet automatisch geregeld met het Recreatiezoneringsplan. Dat is ook in lijn met het feit dat rondom wegen bredere afwegingen spelen dan de balans tussen natuur en recreatie. Het gaat ook om bereikbaarheid, doorstroming, verkeersveiligheid en leefomgevingskwaliteit. De bevoegdheid voor openbare wegen, uitgezonderd provinciale wegen, berust bovendien bij gemeenten. Zij voeren de regie op eventueel door te voeren aanpassingen. In het recreatiezoneringplan zijn wel (onderzoeks)maatregelen opgenomen die betrekking hebben openbare wegen. Het betreft hier veelal onverharde zandwegen die de natuurterreinen doorsnijden.

Toezicht en handhaving zijn nodig om te zorgen dat gebruikers van de Veluwe zich houden aan de regels die gelden in de natuur. Naleving start met heldere communicatie over de regels in de natuurterreinen en met een goede inrichting van de terreinen waardoor helder is wat wel en wat niet mag en bezoekers als vanzelf ‘op het goede spoor gezet worden’. In sommige gevallen is daarnaast extra toezicht en handhaving vereist. Bijvoorbeeld bij nieuw genomen recreatiezoneringsmaatregelen, op specifieke piekmomenten of op plekken waar gebruikers herhaaldelijk in de fout gaan. In het kader van de recreatiezonering kunnen eigenaren/ beheerders aangegeven waar en wanneer extra toezicht en handhaving nodig zijn, om te zorgen dat de fysiek te nemen recreatiezoneringsmaatregelen (bijvoorbeeld een padafsluiting) in de praktijk ook effectief kunnen zijn. Maatregelen op het vlak van toezicht en handhaving zullen in de periode 2022-2023 onderdeel vormen van het maatregelprogramma Recreatiezonering. Met de terreineigenaren worden, onderling afgestemde, afspraken gemaakt over de benodigde capaciteit voor toezicht en handhaving, gekoppeld aan fysieke recreatie– zoneringsmaatregelen. Vanuit het recreatiezoneringsprogramma zullen hiervoor middelen beschikbaar worden gesteld.

Na deze periode moeten de aan recreatief gebruik gerelateerde toezichts- en handhavings– inspanningen onderdeel worden van de programmatische handhaving in het kader van het Handhavingsplan Veluwe. Het nieuwe Handhavingsplan Veluwe wordt nu opgesteld en is gereed in 2022.

9.5.7

Samenwerking met Defensie

De Veluwe is niet alleen een populair gebied voor recreatie en toerisme. Het heeft ook een belangrijke functie als militair oefenterrein. Verschillende locaties zijn aangewezen als laagvlieggebied voor helikopters. Zowel de landmacht als de luchtmacht oefenen op en rond de zandverstuivingen en heidevelden, onder meer om situaties in woestijnomgevingen te simuleren. Militair gebruik vormt geen onderdeel van de recreatiezonering. Toch is aandacht voor militair gebruik belangrijk. De vraag dient zich namelijk aan of beperking van recreatie op bepaalde terreinen tijdens het broedseizoen wel zin heeft als er nog andere vormen van verstoring zijn. Naast de inzichten in de effecten van verstoring door recreatie is daarom kennis nodig van de impact van militair gebruik. Dit vraagt in eerste instantie inzicht in de feitelijke impact van militair gebruik op de verstoringsgevoelige (veelal als zone D, D* of C*) aangewezen delen van de Veluwe. Daar zal nader onderzoek naar worden gedaan.

48

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

9.6

Blijvende samenwerking rondom recreatiezonering

Het samenwerken aan de recreatiezonering heeft een proces van bewustwording op gang gebracht bij de Veluwse gebiedspartijen en een brede groep betrokkenen. Het inzicht over de mogelijkheden voor een betere balans tussen natuur en recreatie en de samenwerking op dit vlak hebben een stevige impuls gekregen. Er is in korte tijd een enorme hoeveelheid werk verzet door alle betrokken partijen en veel bereikt. Het werk is echter nog niet af. Het feitelijke werk in de natuurterreinen moet zelfs nog beginnen. Het is cruciaal om de komende jaren in de implementatie en verdere uitwerking van de recreatiezonering samen op te blijven trekken. Het maatregelprogramma (zie bijlage 5) en de inhoud van dit hoofdstuk over uitvoering zetten hiervoor de agenda. Ook de afstemming en samenwerking met parallelle programma’s en initiatieven blijft de komende jaren van belang. Voor een goede (door)werking van de recreatiezonering is het essentieel dat de in dit plan neergelegde visie doorwerkt in bijvoorbeeld de Veluwe-op-1 programmalijn rondom bestemmingsmanagement en ontvangstlocaties, in de door het Routebureau Veluwe geregisseerde samenwerking rondom routestructuren en in een programma als Vitale Vakantieparken. Voor dit soort programma’s en samenwerking geeft de recreatiezoneringskaart belangrijke input.

Recreatie zonering

Routebureau

Bestemmingsmanagement

Recreatieve infrastructuur

Duurzame mobiliteit

Belevingsgebieden

Ontvangst locaties

Communicatie richting bezoekers/bewoners

Figuur: Recreatiezonering is één van de inhoudelijk sporen die richting geeft aan bestemmingsmanagement (afbeelding Matthijs Bouwman, Veluwe-op-1)

49

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bijlagen Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5:

50

Toelichting op betrokkenheid partners en stakeholders Toolbox recreatiezoneringsmethodiek Ecologische onderbouwing recreatiezonering Onderbouwing toeristisch-recreatieve kaarten Maatregeltabel

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bijlage 1 Toelichting op betrokkenheid partners en stakeholders Deze bijlage geeft een toelichting op de betrokkenheid van verschillende partners en stakeholders in de totstandkoming van het Recreatiezoneringsplan. Met schema’s wordt inzichtelijk gemaakt hoe partijen in verschillende planvormingsfasen betrokken zijn. Voor de terreineigenaren (inclusief gemeenten met terreineigendom) is geen apart schema opgenomen, omdat zij in elke processtap een centrale rol gespeeld hebben. Gemeenten (anders dan in de rol van terreineigenaar)

Figuur: Betrokkenheid gemeenten in het planvormingsproces

Bovenstaande figuur geeft de betrokkenheid van gemeenten weer. Het gaat hier om de publiek- en bestuurs– rechtelijke rol van gemeenten, en niet om hun rol als terreineigenaar. In de rol als terreineigenaar hebben gemeenten zelf invulling geven aan de recreatiezoneringskaart en aan de inventarisatie van te nemen maatregelen op de eigen terreinen. Bewoners

Figuur: Betrokkenheid bewoners in het planvormingsproces

Bewoners waren soms betrokken op individueel niveau. In de meeste gevallen zijn echter bewonersplatforms en dorps- en wijkraden betrokken als vertegenwoordigers van deze groep. Daarnaast is veel geïnvesteerd in publiekscommunicatie via nieuwsbrieven, e-magazines, www.recreatiezoneringopdeveluwe.nl en social media om bewoners te informeren en te betrekken.

51

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Gebruikersgroepen

Figuur: Betrokkenheid gebruikersgroepen in het planvormingsproces

In paragraaf 3.1 was al te lezen dat het soort gebruikersgroepen op de Veluwe sterk uiteenloopt, van beoefenaars van een specifieke sport tot hondenbezitters of natuurliefhebbers. Voor de meeste gebruikersgroepen geldt dat zij zowel op koepelniveau betrokken zijn geweest, als via een lokale vertegenwoordiging in gebiedsprocessen. Ondernemers

Figuur: Betrokkenheid ondernemers in het planvormingsproces

Ook voor ondernemers geldt dat betrokkenheid zowel individueel vorm kon krijgen, via ondernemersspreek– uren en gebiedsprocessen als via de koepelorganisaties. Het is tot slot belangrijk om op te merken dat de betrokkenheid van de verschillende groepen niet per definitie ophoudt na afronding van de besluitvormingsfase, maar dat die door kan lopen in de uitvoeringsfase van het Recreatiezoneringsplan.

52

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bijlage 2 Toolbox recreatiezoneringsmethodiek Onderstaande tabel/toolbox geeft een instrumentele uitwerking van de zoneringsmethodiek. De tabel laat zien hoe de verschillende zones te typeren zijn en welk recreatief gebruik er gefaciliteerd wordt. De tabel is in dit opzicht niet uitputtend/limitatief. Er worden met enige regelmaat nieuwe recreatieve activiteiten ontwikkeld/aangeboden op de Veluwe. Daarvan zal apart bekeken moeten worden waar en wanneer ze passend zijn. Toepassing van de tabel vraagt maatwerk. Het is een instrument dat zorgt voor eenduidige toepassing van de zonering, maar soms kan om moverende redenen afgeweken worden. De toolbox wordt ook gebruikt als toetsingskader bij vergunningverlening. Echter, elke aanvraag wordt op zijn merites beoordeeld. De onderbouwing van een aanvraag kan mogelijk aanleiding zijn voor een uitzondering, met wellicht aanvullende voorwaarden (mitigatie voor de verstoring die nog wel wordt veroorzaakt). Zone A: Intensief recreatief gebruik

Zone B: Matig intensief recreatief medegebruik

Zone C: Rustig gebied met extensief recreatief medegebruik (verstorings– gevoelige soorten)

Zone C*: Rustig gebied met extensief recreatief medegebruik (zeer verstorings– gevoelige soorten)

Zone D: Rustig gebied geen/beperkt recreatief gebruik tijdens broedseizoen

Zone D*: Jaarrond afgesloten gebied

Karakteristiek

Poorten en ontvangst– locaties van de Veluwe met ruimte voor recreatieve activiteiten

Visitekaartje van de Veluwe. Overgangs– gebied van de recreatiezone naar de rustige Veluwe met matig intensief recreatief medegebruik

Natuur met rustige, extensieve recreatie. Stilte, ruimte en natuur spelen hier de hoofdrol

Natuur met rustige, extensieve recreatie. Stilte, ruimte en natuur spelen hier de hoofdrol

Afgesloten gebied tijdens de broedtijd

Jaarrond afgesloten gebied alleen toegankelijk onder begeleiding van de boswachter.

(N2000)soorten

Algemene soorten als Grote bonte specht, Koolmees, Merel, Eekhoorn

Zwarte specht, Boomklever

Zwarte specht, Wespendief, Draaihals, Boommarter, Hazelworm, Dalkruid

Roodborsttapuit, Boomleeuwerik, Nachtzwaluw, Zandhagedis, Hazelworm, Klokjesgentiaan, Rendiermos

Zwarte specht, Wespendief, Draaihals, Boommarter, Hazelworm, Dalkruid, Duinpieper, Tapuit, Boomleeuwerik, Nachtzwaluw, Nachtzwaluw, Zandhagedis, Hazelworm, Klokjesgentiaan, Rendiermos

Zie kolom hiernaast. In aanvulling daarop: Orchideeën, Beenbreek, Edelhert, Wild zwijn

Motief-groep recreatie

Gezelligheid, eropuit, beweging, sport, kinder– activiteiten.

Beweging, sport, natuur– beleving, interesse, eropuit

Natuurbeleving, interesse, volledig opgaan in de natuur

Natuurbeleving, interesse, volledig opgaan in de natuur

Natuurbeleving

Natuurkennis en daaraan gerelateerde natuurbeleving

Typen recreatie

Wandelen, fietsen, paardrijden, ATB, hardlopen

Wandelen, fietsen, paardrijden, ATB, hardlopen

Wandelen, fietsen, paardrijden. ATB op gemarkeerde routes

Wandelen, fietsen, paardrijden. ATB op gemarkeerde routes

(Wandel) excursie met de boswachter

(Wandel) excursie met de boswachter

Buiten wegen en paden

Alleen met toestemming van beheerder

nee

nee

nee

nee

nee

53

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Zone A: Intensief recreatief gebruik

Zone B: Matig intensief recreatief medegebruik

Zone C: Rustig gebied met extensief recreatief medegebruik (verstorings– gevoelige soorten)

Zone C*: Rustig gebied met extensief recreatief medegebruik (zeer verstorings– gevoelige soorten)

Zone D: Rustig gebied geen/beperkt recreatief gebruik tijdens broedseizoen

Zone D*: Jaarrond afgesloten gebied

Faciliteiten

TOP/ Transferium/ P-Veluwe, speelbos, kabouter– paden, uitkijktorens, bezoekers– centra, zoekgebied voor hondenlosloop, startpunt routes en ATB-tracks.

P-Veluwe, parkeerplaats, ATB-routes, wandel, fietsen ruiterroutes, zoekgebied voor hondenlosloop.

Wandel-, fiets-, ATB- en ruiterroutes. Nog nader bepalen hoe het ATB gebruik beter geleid kan worden

Wandel-, fiets-, ATB- en ruiterroutes. Nog nader bepalen hoe het ATB gebruik beter geleid kan worden

geen

geen

Maaswijdte paden

nvt

> 5 ha

> 25 ha Op cultuur– historische landgoederen en kleinschalige natuur– terreinen wordt hiervan afgeweken

> 50 ha + 50% van omtrek zonder pad. Op cultuur– historische landgoederen en kleinschalige natuur– terreinen wordt hiervan afgeweken

100 ha

nvt

Activiteiten/ Evenementen

Ruimte voor onge– motoriseerde (sport)– activiteiten, en kleinschalige evenementen

Ruimte voor onge– motoriseerde (sport)– activiteiten

Alleen beperkt ruimte voor onge– motoriseerde (sport)– activiteiten buiten het broedseizoen

Alleen beperkt ruimte voor onge– motoriseerde (sport)– activiteiten buiten het broedseizoen

Excursies onder begeleiding. Ruimte voor onge– motoriseerde (sport)– activiteiten buiten het broedseizoen

Excursies onder begeleiding.

Openstelling

Tussen zonsopgang en zonsondergang. Beheerder kan uitzondering toestaan.

Tussen zonsopgang en zonsondergang

Tussen zonsopgang en zonsondergang

Tussen zonsopgang en zonsondergang

In het broedseizoen niet/beperkt, buiten het broedseizoen tussen zonsopgang en zonsondergang.

niet

Honden

In losloop– gebieden honden vrij

Honden in principe aangelijnd

Honden aangelijnd

Honden aangelijnd, soms geen toegang voor honden

Geen toegang in broedseizoen, daarbuiten alleen aangelijnd

Geen toegang voor honden

Motor-voertuigen*

Bij uitzondering voor ondersteuning evenementen (spullen brengen)

Alleen voor beheer en toezicht en (beperkt) voor excursies met de eigen boswachter.

Alleen voor beheer en toezicht en (beperkt) voor excursies met de eigen boswachter.

Alleen voor beheer en toezicht en (beperkt) voor excursies met de eigen boswachter.

Alleen voor beheer en toezicht en (beperkt) voor excursies met de eigen boswachter.

Alleen voor beheer en toezicht en (beperkt) voor excursies met de eigen boswachter.

54

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Zone A: Intensief recreatief gebruik

Zone B: Matig intensief recreatief medegebruik

Zone C: Rustig gebied met extensief recreatief medegebruik (verstorings– gevoelige soorten)

Zone C*: Rustig gebied met extensief recreatief medegebruik (zeer verstorings– gevoelige soorten)

Zone D: Rustig gebied geen/beperkt recreatief gebruik tijdens broedseizoen

Zone D*: Jaarrond afgesloten gebied

Wet- en regelgeving

Natura 2000 (Wnb), gemeentelijke verordeningen.

Natura 2000/ Wet natuur– bescherming

Natura 2000/ Wet natuur– bescherming

Natura 2000/ Wet natuur– bescherming

Natura 2000/ Wet natuur– bescherming

Natura 2000/ Wet natuur– bescherming

Eerste aanspreek– punt

Beheerder

Beheerder

Beheerder

Beheerder

Beheerder

Beheerder

*Het gebruik van motorvoertuigen is in alle zones toegestaan ten behoeve van beheer (inclusief inventarisaties en monitoring) en ook voor excursies onder begeleiding van de boswachter. Motorvoertuigen worden alleen ingezet indien ongemotoriseerde alternatieven niet haalbaar zijn of tot nog meer verstoring zouden leiden.

55

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bijlage 3 Ecologische onderbouwing recreatiezonering Deze bijlage bevat gegevens die gebruikt zijn bij de ecologische onderbouwing van de recreatiezonering. Het gaat achtereenvolgens om: a Kaart met de gewenste situatie voor de zeven verstoringsgevoelige vogelrichtlijnsoorten die op de Veluwe extra aandacht nodig hebben. b Kaarten met aanwezigheid van geschikt leefgebied voor de zeven individuele verstoringsgevoelige vogelsoorten op de Veluwe, ingedeeld naar geschiktheidsklassen. c Diagram met daarin de potentiële vogelstand op de Veluwe na het nemen van optimale zoneringsmaatregelen. Tabel met te verwachten populatie effecten van ‘optimale vogelzonering’. d Kaart met daarop de in het Natura 2000 Aanwijzingsbesluit vastgelegde 18 habitattypen die essentieel zijn voor de natuurlijke rijkdom van de Veluwe. e Overzichtskaarten met hotspots en knelpunten voor reptielen op de Veluwe.

A

Gewenste zonering verstoringsgevoelige vogelsoorten

Door een consortium bestaande uit Sovon Vogelonderzoek, Stichting Bargerveen en Bureau ZET is onderzoek gedaan naar mogelijkheden voor soortherstel van zeven Vogelrichtlijnsoorten op de Veluwe, waarmee het op dit moment niet goed gaat (Sierdsema et. al, 2020, Natuurbeheer- en zoneringsmaatregelen voor zeven aangewezen vogelsoorten in Natura 2000-gebied Veluwe). In het kader van dit onderzoek is gekeken naar natuurherstelmaatregelen ten behoeve van de boomleeuwerik, draaihals, duinpieper, nachtzwaluw, tapuit, wespendief en zwarte specht en naar recreatiezoneringsmaatregelen voor deze verstoringsgevoelige vogelsoorten. Voor de zeven vogelsoorten is het gewenste niveau van rust in beeld gebracht op basis van de beschikbare kennis over de verstoringsgevoeligheid en vervolgens gekeken waar die rustige zones gecreëerd moeten worden op basis van het historische en actuele voorkomen van deze vogelsoorten op de Veluwe. De kaart op de volgende bladzijde geeft een overzicht van de gewenste zonering voor de zeven vogelsoorten gezamenlijk. Kaarten voor de individuele soorten vindt u daaronder.

Legenda Gewenste zonering broedvogels: Niet-toegankelijk in het broedseizoen: − maaswijdte paden van 100 ha of meer − gebieden zonder paden niet toegankelijk in broedseizoen Rustige heide, stuifzand en open bos: − alleen extensieve dagrecreatie − geen paden langs > 50% van de bosranden − maaswijdte paden van 25 ha of meer Rustig bos: − alleen extensieve dagrecreatie − maaswijdte paden van 25 ha of meer

56

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Totaalbeeld gewenste zonering uitgaande van leefgebied en verstoringsgevoeligheid zeven vogelsoorten (Sovon).

57

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

B

Aanwezigheid geschikt leefgebied verstoringsgevoelige vogelsoorten Veluwe

Figuur: Ligging leefgebied boomleeuwerik naar geschiktheidsklasse (Sovon)

58

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ligging leefgebied draaihals naar geschiktheidsklasse (Sovon)]

59

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ligging leefgebied duinpieper naar geschiktheidsklasse (Sovon)

60

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ligging leefgebied nachtzwaluw naar geschiktheidsklasse (Sovon)

61

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ligging leefgebied tapuit naar geschiktheidsklasse (Sovon)

62

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ligging leefgebied wespendief naar geschiktheidsklasse (Sovon)

63

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ligging leefgebied zwarte specht naar geschiktheidsklasse (Sovon)

64

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

B

Diagram potentiële vogelstand

Op basis van het voornoemde onderzoek naar herstel van de verstoringsgevoelige vogelrichtlijnsoorten (Sierdsema et.al. 2020) is een doorrekening gemaakt van het effect dat het nemen van optimale zonerings– maatregelen kan hebben op de vogelstand op de Veluwe. In onderstaande diagram is de potentiële vogelstand van duinpieper, tapuit, boomleeuwerik, draaihals, nachtzwaluw, zwarte specht en wespendief na het nemen van de best denkbare maatregelen afgezet tegen de doelaantallen zoals in Europees verband zijn afgesproken (Natura 2000-instandhoudingsdoelstelling.

Figuur: Vogelstand verstoringsgevoelige soorten in 1990, 2015 en potentieel na het doorvoeren van optimale zoneringsmaatregelen afgezet tegen de Europese Natura 2000-doelstelling

Voor het bepalen van de te verwachten vogelstanden in voorgaande figuur zijn door Sierdsema et al (2020) voor het doorrekenen van te verwachten populatie-effecten van een optimale vogelzonering de in onderstaande tabel afgebeelde waarden gehanteerd. Zone

Duin-pieper

Tapuit

Boomleeuwerik

Draaihals

Nachtzwaluw

30

30

15

10

Wespendief

Zwarte– Specht

Overig 3_Rustig bos

20

4_Rustig 5_Geen toegang

100

75

100

25

30

6_Geen toegang prioritair

150

100

150

25

30

20

Tabel: Verwachte populatietoename (in procenten) na invoering van recreatiezonering gericht op vogelpopulaties

65

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

C

Habitattypenkaart Veluwe

Het aanwijzingsbesluit Veluwe noemt 18 habitattypen die essentieel zijn voor de natuurlijk rijkdom op de Veluwe. De gehele Veluwe is geïnventariseerd op de aanwezigheid van deze habitattypen met een voldoende kwaliteit. Het resultaat is weergegeven op de habitattypenkaart.

Figuur: Habitattypenkaart Veluwe 2014

66

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

D

Overzichtskaart knelpunten en hotspots reptielen op de Veluwe

Reptielen (slangen en hagedissen) worden op de Veluwe, net als vogels, negatief beïnvloed door een toenemende recreatiedruk. Voor deze soorten zijn vooral aanrijdingen een probleem. Reptielen zijn geneigd de warmte op te zoeken die uitstraalt van verharde fietspaden (beton en asfalt) maar lopen daar ook grote kans om aan- of overreden te worden. Op verzoek van de provincie heeft RAVON, kennisorganisatie voor reptielen, amfibieën en vissen, in beeld gebracht wat hotspots zijn voor reptielen en waar in de periode 2010-2019 slachtoffers van verkeersaanrijdingen aangetroffen zijn.

Figuur: Overzichtskaart Veluwe met hotspots voor voorkomen van slangen en hagedissen en vindplaatsen van dode reptielen.

67

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bijlage 4 Onderbouwing toeristisch-recreatief gebruik Veluwe Deze bijlage bevat kaarten die inzage geven in het recreatief gebruik van de Veluwe. De informatie uit deze kaarten is meegewogen in de totstandkoming van de recreatiezonering. In de bijlage zijn achtereenvolgens de volgende kaarten opgenomen: a Topografische kaart Veluwe voor aanwezigheid woonkernen b Kaart met bestaande toeristische hotspots, horeca en recreatieverblijfsterreinen c Kaart met recreatieve routes op de Veluwe

A

Topografische kaart van de Veluwe

Figuur: Topografische kaart van de Veluwe

68

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

B

69

Bestaande toeristische hotspots, horeca en recreatieverblijfsterreinen

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

C

Recreatieve routes op de Veluwe

Figuur: Fietsroutenetwerk

70

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Ruiter- en menroutenetwerk (NB. kaart is niet volledig. Voor de onderbouwing is daarom ook gebruik gemaakt van de expert judgement van de boswachters.)

71

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Figuur: Wandelroutenetwerk (NB. kaart is niet volledig. Voor de onderbouwing is daarom ook gebruik gemaakt van de expert judgement van de boswachters.)

72

Recreatiezoneringsplan Veluwe

< Inhoudsopgave

Bijlage 5 Maatregelprogramma in tabelvorm In deze bijlage zijn de maatregelen opgenomen die begin 2022 deel uitmaken van het maatregelprogramma dat hoort bij het Recreatiezoneringsplan. Er wordt programmatisch gewerkt, niet alle maatregelen zijn ‘in beton gegoten’. Over de precieze uitwerking van een deel van de maatregelen zullen terreineigenaren nog in gesprek gaan met bewoners en belanghebbenden. De recreatiezoneringsmaatregelen worden gepresenteerd in twee tabellen: A. De eerste tabel bevat zoneringsmaatregelen die direct bijdragen aan behoud en herstel van verstoringsgevoelige natuur, de zogenaamde instandhoudingsmaatregelen. B. De twee tabel bevat (sets van) maatregelen die genomen worden voor natuur én recreatieve kwaliteit en waarbij een voorziening wordt toegevoegd of opgewaardeerd in het Natura 2000-gebied. Over de maatregelen(sets) in de tweede tabel is een voortoets uitgevoerd (Altenburg & Wymenga, Voortoets Recreatiezoneringsmaatregelen Veluwe, A&W-rapport 21371, 2022). Daarbij is beoordeeld dat de maatregelen, in samenhang, geen significant negatief effect op de natuurdoelen hebben. Beide tabellen zijn ingedeeld naar terreineigenaar.

A Tabel met instandhoudingsmaatregelen Uitwerking N2000 beheerplan Veluwe Uitvoeringsprogramma recreatiezonering: Tabel A Instandhoudingsmaatregelen Nummer

Naam Maatregel*

Omschrijving Maatregel

N2000 Doel

Gebiedsnaam/ locatie

0. Algemene Maatregelen 0.1

Onderzoeken mogelijkheden afgestemd evenementen- en activiteitenbeleid over het gehele Veluwe N2000gebied.

In samenspraak met terreineigenaren onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor afgestemd evenementenen activiteitenbeleid. Streven is om samen te komen tot één kader voor activiteiten en evenementen dat duidelijkheid geeft aan terreineigenaren én aan initiatiefnemers en in lijn is met de uitgangspunten van de recreatiezonering.

Alle doelen

Gehele Veluwe N2000-gebied

0.2

Ontwikkeling van gezamenlijke visie op de toekomstige ontwikkeling en aanwezigheid van hondenlosloop-terreinen over het gehele Veluwe N2000-gebied.

Inventarisatie en beoordeling van de actuele aanwezigheid en verdeling van hondenlosloopterreinen over het N2000-gebied. Liggen ze op de juiste plek in relatie tot natuur, staat de verdeling van hondenlosloopterreinen over de Veluwe in verhouding tot het gebruik daarvan, etc.? Ontwikkeling van gezamenlijke (provincie en terreineigenaren) visie op de toekomstige ontwikkeling/aanwezigheid van hondenlosloopterreinen op de Veluwe.

Alle doelen

Gehele Veluwe N2000-gebied

0.3

Communicatie Recreatiezonering Veluwebreed

Ontwikkelen en uitvoeren van Veluwebrede publiekcampagnes en communicatie bij uitvoering van recreatiezoneringsmaatregelen.

Alle doelen

Gehele Veluwe N2000-gebied

73

Recreatiezoneringsplan Veluwe

Toelichting >

< Inhoudsopgave

Nummer

Naam Maatregel*

Omschrijving Maatregel

N2000 Doel

Gebiedsnaam/ locatie

0.4

Toezicht en handhaving Recreatiezonering

In relatie tot recreatiezonering is op sommige plaatsen en momenten extra toezicht en handhaving vereist. Bijvoorbeeld bij nieuw genomen maatregelen, op specifieke piekmomenten of op plekken waar gebruikers herhaaldelijk in de fout gaan. In overleg met terreineigenaren wordt gekeken waar extra inzet nodig is. Dergelijke maatregelen op het vlak van toezicht en handhaving zullen in de periode 2022-2023 onderdeel vormen van het maatregelprogramma Recreatiezonering. Na deze periode moeten de aan recreatief gebruik gerelateerde toezichts- en handhavingsinspanningen onderdeel worden van het Handhavingsplan Veluwe.

Alle doelen

Gehele Veluwe N2000-gebied

0.5

Maaswijdte monitoring

Om het effect van de recreatiezonering in kaart te brengen is het wenselijk om naast de bestaande natuurmonitoring de ontwikkeling van de maaswijdte te monitoren. In samenpraak met terreineigenaren ontwikkelt provincie hiervoor een monitoring aanpak. Na onderzoeksfase zal de betreffende monitoring geïmplementeerd worden.

Alle aangewezen habitattypen en VHR-soorten, met nadruk op verstorings– gevoelige soorten

Gehele Veluwe N2000-gebied

0.6

Aanvullende monitoring natuureffecten recreatiezonering

Om het effect van recreatiezonering goed te kunnen meten, is het voornemen om de bestaande natuurmonitoring aan te vullen met metingen in een hogere frequentie en/ of hogere dichtheid van meetpunten. De extra monitoring zal gericht worden op doelsoorten in enkele gebieden waar ingrijpende maatregelen worden uitgevoerd en/of er een groot maatschappelijk belang is bij het verzamelen van deze informatie. In samenpraak met terreineigenaren ontwikkelt provincie hiervoor een monitoring aanpak. Na onderzoeksfase zal de betreffende monitoring geïmplementeerd worden.

Verstorings– gevoelige habitattypen en soorten

Gehele Veluwe N2000-gebied (invulling via nader te bepalen locaties)

0.7

Aanvullende monitoring recreatieve effecten recreatiezonering

Om uitspraken te kunnen doen over de effectiviteit van de recreatiezonering is het goed ook zicht te hebben op de ontwikkeling van het recreatief gebruik van de Veluwe. Er zijn twee aspecten die relevant zijn voor de monitoring: 1) drukte en 2) waardering van recreanten. In samenpraak tussen terreineigenaren, provincie (ook recreatie & toerisme) en andere stakeholders (bijv. Visit Veluwe) ontwikkelen van een monitoring aanpak. Na onderzoeksfase zal de betreffende monitoring geïmplementeerd worden.

0.8

Onderzoek impact militair gebruik

Onderzoek naar de feitelijke impact van militair gebruik op de Verstoringsgevoelige (veelal als zone D, D* of C*) aangewezen delen van de Veluwe.

74

Recreatiezoneringsplan Veluwe

Toelichting >

Gehele Veluwe N2000-gebied (invulling via nader te bepalen locaties)

Alle doelen

< Tabel

Natuurterreinen (nadruk op zone C*, D en D*) die onder invloed staan van militair gebruik

< Inhoudsopgave

Nummer

Naam Maatregel*

Omschrijving Maatregel

N2000 Doel

Gebiedsnaam/ locatie

1. Apeldoorn 1.1

Plaatsen van bebording

Het plaatsen en/of aanpassen van bebording t.b.v. informeren bezoekers, sturen parkeergedrag, centreren recreatiedruk en (op Lammerspad) weren van scooters.

A072 - A233 A236 - H9120 - H4030

Lammerspad, Paalweg, Juniperlaan, Soerenseweg, J.C. Wilslaan en ingangen natuurpark Berg en Bos

1.2

Aanpassen bestaande padenstructuur

Het afsluiten van een aantal paden, ten behoeve van extensivering gebruik zone C gebied.

A072 - A233 A236

Berg en Bos (ATB-pad en Grensweg Kroondomein)

1.3

Plaatsen van fietsenstalling

Plaatsen van fietsenstalling op diverse locaties om bezoekers te motiveren om met de fiets te komen en de auto te laten staan

A072 - A233 A236 - H9120 - H4030

Dennenheuvel en Berg en Bos

1.4

Onderzoek optimaliseren bestaande parkeerplaats

Onderzoeken hoe parkeren bij Natuurpark Berg en Bos verbeterd kan worden, t.b.v. tegengaan wildparkeren.

A072 - A233 A236 - H9120 - H4030

Berg en Bos (Paalweg en Soerenseweg)

1.5

Onderzoeken mogelijke alternatieve routestructuur (ATB)

Onderzoeken ligging ATB-route over huidige paden in zone A en noodzakelijkheid oost-west verbinding langs Soerenseweg.

A072 - A233 A236

Berg en Bos

1.6

Onderzoeken mogelijke alternatieve routestructuur (wandelen)

Onderzoeken of er drie overzichtelijke wandelroutes gecreëerd kunnen worden (kids-route, informatieve route en langeafstands-route), ten behoeve van centreren recreatiedruk.

A072 - A233 A236 - H4030 - H9120

Berg en Bos

1.7

Onderzoeken aanpassen hondenlosloopgebied

Onderzoeken of het hondenlosloopgebied verkleind en omrasterd kan worden, t.b.v. meer rust.

H9120 - A233

Berg en Bos (met name zone C in wording ten oosten van de J.C. Wilslaan)

1.8

Onderzoeken mogelijkheid tot het organiseren van evenementen Bosweide

De bosweide wordt meermaals per jaar benut voor evenementen die mogelijk in strijd kunnen zijn met de N2000principes en wetgeving. Onderzoeken tot in welke mate evenementen wel of niet kunnen worden georganiseerd.

A072 - A233 A236

Bosweide, Berg en Bos

1.9

Onderzoeken mogelijke aanpassing zone

Onderzoeken of het mogelijk is het gebied ten oosten van J.C. Wilslaan aan te passen van zone B naar zone C, waardoor gebruik geëxtensiveerd wordt t.b.v. beschermen Beukeneikenbos.

H9120 - A233

Berg en Bos, het gebied ten oosten van J.C. Wilslaan

2.1

Aanpassen bestaande padenstructuur

Het verbeteren van de route noord-zuid en oost-west in het bosgebied van Schaarsbergen, alsook het opheffen van een aantal paden d.m.v. het inplanten van bos, die met de nieuwe padenstructuur niet meer gebruikt zullen worden. Exacte paden nog nader te bepalen, in overleg met bewoners en gebruikers.

A072

Bos Schaarsbergen

2.2

Plaatsen van bebording.

Plaatsen van infopanelen over balans natuur en recreatie en gebruik van de terreinen

Alle doelen

Terreinen gemeente Arnhem

75

Recreatiezoneringsplan Veluwe

2. Arnhem

Toelichting >

< Tabel

< Inhoudsopgave

Nummer

Naam Maatregel*

Omschrijving Maatregel

N2000 Doel

Gebiedsnaam/ locatie

3. Barneveld 3.1

Onderzoeken mogelijke aanpassing padenstructuur

Onderzoeken of een aantal zandwegen afgewaardeerd of aangepast kunnen worden in regio Garderen, in samenwerking met gemeente Barneveld, gemeente Putten en gemeente Ermelo.

Alle doelen

Garderen

3.2

Onderzoeken mogelijke aanpassing padenstructuur (fiets)

Onderzoeken mogelijke aanpassing fietspadenstructuur Kootwijk.

Alle doelen

Kootwijk

4.1

Aanpassen bestaande padenstructuur en plaatsen van bebording

Na overleg met gebruikersgroepen zal gewerkt worden aan het optimaliseren van de bestaande padenstructuur. Dit betreft onder andere het verwijderen van paden, het afsluiten van beheerpaden voor recreatief gebruik, het verplaatsen van klaphekken en het plaatsen van bebording.

H2310 H4030 - H7150 - H9120 - H9190 ZHG9120

Bennekom, Edese Bos Noord, Edese Bos Oost, Edese Bos West, Noord Ginkel, Roekel, Vlinderdas, Westerrode, Zanding en ZuidGinkel

4.2

Aanpassen bestaande padenstructuur

Het verleggen van bestaande routes, inclusief het verplaatsen/verwijderen van routepalen en richtingwijzers route. Gericht op logische routeindeling en bundeling van verschillende thema’s en grebruikersgroepen. Op enkele plekken is wellicht aanleg van nieuwe tracés nodig. Aanpassingen worden voorafgegaan door overleg met gebruikersgroepen.

H2310 H4030 - H7150 - H9120 - H9190 ZHG9120

Edese Bos Noord, Edese Bos Oost, Edese Bos West, Noord Ginkel, Roekel, Westerrode, Zanding

4.3

Onderzoeken mogelijke aanpassing openbare zandwegen

Onderzoek naar mogelijkheid tot het sluiten van een aantal (zand)wegen. Maatwerk per weg.

Edese Bos Noord, Edese Bos Oost, Edese Bos West, Roekel, Vlinderdas, Westerrode, Zanding

4.4

Onderzoeken mogelijke aanpassing hondenlosloop gemeente Ede

Streven is om te komen tot een samenhangende oplossing voor hondenlosloop waarmee druk op N2000-terreinen verminderd wordt. In samenspraak met andere terreineigenaren en gesbuikersgroepen.

Gemeente Ede

4.5

Onderzoeken mogelijke verbetering verbinding

Onderzoeken hoe de verbinding met Landgoed Kernhem (hoofdtoegang) verbeterd kan worden, zodat recreanten meer ter plaatse blijven.

H9120

Edese Bos Oost

4.6

Onderzoek uitbreiding thematisch wandelpad

Onderzoek uitbreiding thematisch wandelpad bij Kleine Kreek. Recreanten richting landbouwenclave geleiden en verleiden.

H91EOA - H9190 - H9120 H7150 H3130

Vlinderdas (wandelpad bij Kleine Kreek)

4.7

Onderzoek aanpassen openbare wegen parkeerplaats

Onderzoek herinrichting parkeerplaats in combinatie met gebiedsentree. Opheffen parkeerplaats schaapskooi Zuid Ginkel irt gebiedsplan Ginkel.

H91EOA - H9190 - H9120 H7150 - H3130

Vlinderdas

4.8

Onderzoek herinrichting parkeerplaats

Onderzoek naar herinrichting van de parkeerplaats Weversteeg en Vijverlaan. Er wordt momenteel veel wild geparkeerd. Doel is om het parkeren te reguleren. Op basis van uitkomsten onderzoek, maatregel uitvoeren.

H2310 H9190

Zanding

76

Recreatiezoneringsplan Veluwe

4. Ede

Toelichting >

< Tabel

< Inhoudsopgave

Nummer

Naam Maatregel*

Omschrijving Maatregel

N2000 Doel

Gebiedsnaam/ locatie

4.9

Onderzoek mogelijk alternatief voor hondenrondje

Onderzoek naar alternatief voor hondenrondje.

H2310 H9190

Zanding

4.10

Onderzoeken parkeersituatie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13185471/1