AP 6f. Bijlage Vast te stellen bp Regels Schotkampweg 161 Elspeet
Tekst van het document
Schotkampweg 161 Elspeet
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
4 4 11
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5
Bestemmingsregels Groen Wonen Waarde - Archeologie 2
12 12 13 19
Hoofdstuk 3 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels
21 21 22 23 29 31 32
Hoofdstuk 4 Artikel 12 Artikel 13
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
34 34 35
Bijlagen bij de Regels Bijlage 1 Landschappelijk Inpassingsplan Bijlage 2 Tekening met daarop aangegeven de te bouwen twee nieuwe woningen Bijlage 3 Tekening van de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing Bijlage 4 Tabel van de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing Bijlage 5 Verbeelding
2
37 38 48 50 52 54
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Regels
3
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
1.1 plan het bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet met identificatienummer NL.IMRO.0302.BP01161-vg02 van de gemeente Nunspeet; 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 aan huis verbonden beroep een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch, of hiermee gelijk te stellen gebied, uitgezonderd prostitutie, dat in of bij een woonhuis wordt uitgeoefend door de gebruiker, waarbij het woonhuis in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.6
achtererfgebied
erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen; 1.7 agrarisch bedrijf een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of door middel van het houden van dieren, niet zijnde: een glastuinbouwbedrijf, een hout- en/of fruitteeltbedrijf, een boom- en/of sierkwekerij, een gebruiksgerichte paardenhouderij of een bollenteeltbedrijf; 1.8 agrarisch hulpbedrijf een bedrijf dat gemechaniseerd loonwerk verricht ten behoeve van agrarische productie; 1.9 ander werk een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheid; 1.10 archeologische bufferzone beschermingszone rondom de kern van de archeologische waarneming; 1.11 archeologische waarde de waarde die van belang is voor de archeologie en voor de kennis van de beschavingsgeschiedenis; 1.12 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.13 bebouwingsgebied: achtererfgebied alsmede de grond onder het oorspronkelijk hoofdgebouw;
hoofdgebouw, uitgezonderd de grond onder het
1.14 bed & breakfast een bedrijfsmatige voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt als toeristisch-recreatieve activiteit, welke bedrijfsmatige voorziening ondergeschikt is aan de hoofdbestemming;
4
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
1.15 bedrijf een bedrijfseconomische eenheid; onder eenheid worden ook verstaan rechtspersonen die ruimtelijk als één bedrijf optreden. Onder bedrijf - buitengebied gerelateerd wordt begrepen een bedrijf dat vanwege de aard van de bedrijfsvoering past in het buitengebied; 1.16 bedrijfsgebouw een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf; 1.17 bedrijfsmatig in de uitoefening van een beroep of bedrijf of tegen vergoeding; 1.18 bedrijfswoning een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein noodzakelijk is voor beheer of toezicht; 1.19 beroeps- of bedrijfsvloeroppervlakte de totale vloeroppervlakte van de ruimte die wordt gebruikt voor een beroep, bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke; 1.20 bestaande bestaand en legaal aanwezig op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan; 1.21 bestaande splitsing twee woningen die zijn toegestaan binnen de bestaande bouwmassa van een woonhuis; 1.22 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak; 1.23 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; indien en voor zover twee bestemmingsvlakken middels de figuur relatie met elkaar zijn verbonden worden deze aangemerkt als één
bestemmingsvlak; 1.24 bijbehorend bouwwerk functioneel met een zich op hetzelfde bouwperceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegenaan gebouwd op de grond staand gebouw of ander bouwwerk met een dak en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.25 boerderijwinkel een winkel bij een agrarisch bedrijf, waar in hoofdzaak eigen of door agrariërs uit de regio geproduceerde agrarische producten worden verkocht; 1.26 boom- en/of sierkwekerij een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van beplantingsgewassen zoals bos- en haagplantsoen, laanen parkbomen, vruchtbomen, rozenstruiken, sierconiferen, sierheesters en overige sierbeplanting, een en ander in de vorm van vollegrondteelt dan wel containerteelt; 1.27 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.28 bouwgrens de grens van een bouwvlak; 1.29 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; indien en voorzover twee bouwpercelen middels de figuur relatie met elkaar zijn verbonden worden deze aangemerkt als één bouwperceel; 1.30 bouwperceelgrens een grens van een bouwperceel;
5
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
1.31 bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.32 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.33 bufferzone archeologie een zone rondom en ter bescherming van een archeologische vindplaats; 1.34 cultuurhistorische waarde de aan een bouwwerk of gebied (waaronder begrepen landschapselementen) toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van dat bouwwerk of dat gebied heeft gemaakt; 1.35 dak iedere bovenbeëindiging van een gebouw; 1.36 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen, geen motorbrandstoffen zijnde, aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.37 dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling een bedrijf of instelling waarvan de werkzaamheden bestaan uit het verlenen van economische en/of maatschappelijke diensten aan derden, waaronder zijn begrepen kapperszaken, schoonheidsinstituten, fotostudio's en naar de aard
daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van een garagebedrijf en een seksinrichting; 1.38 erf een al dan niet bebouwd perceel of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een woning en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van de woning; 1.39 erfbeplanting: afschermende en/of het landschapsbeeld versterkende en overwegend opgaande (rand)beplanting binnen of direct aansluitend op het bouwvlak van een agrarisch bedrijf of binnen of direct aansluitend aan een ander bedrijf of een woning; 1.40 erfinrichtingsplan juridisch bindend plan dat aangeeft op welke wijze inpassing van voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen op een erf plaatsvindt. Tot deze inpassing behoren situering van de opstallen en de inrichting van het perceel, waaronder de erfbeplanting ten opzichte van het landschap. Het gaat om bestaande en gewenste karakteristieken en kwaliteiten van het erf.
Een en ander uit zich in een ontwerpgerichte benadering waarin de karakteristieken en kwaliteiten verder worden versterkt; 1.41 extensief recreatief medegebruik een extensief dagrecreatief gebruik van gronden dat ondergeschikt is aan de functie van de bestemming waarbinnen dit recreatieve gebruik is toegestaan, waaronder in elk geval niet wordt verstaan: boerengolf, paintball, gemotoriseerde sport; 1.42 extensieve (dag)recreatie die vormen van recreatie die in hoofdzaak zijn gericht op natuur- en landschapsbeleving zoals wandelen en fietsen en die in principe plaatsvinden tussen zonsopgang en zonsondergang en niet gericht zijn op het verstrekken van nachtverblijf; 1.43 fruitteeltbedrijf een bedrijf dat is gericht op het telen van fruit; 1.44 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
6
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
1.45 gebruiksgerichte paardenhouderij een bedrijf dat hoofdzakelijk is gericht op het beleren en trainen van paarden door het bedrijf zelf, het bieden van pensionstalling en/of een kunstmatig inseminatie bedrijf voor paarden of pony's, niet zijnde een manege; 1.46 geomorfologische waarde de waarde van de gronden vanwege de ontstaansgeschiedenis van de vormen van het aardoppervlak, welke waarde wordt bepaald door de herkenbaarheid van de vormen; 1.47 gevaarlijke stoffen gevaarlijke stoffen, gevaarlijke afvalstoffen en/of bestrijdingsmiddelen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen; 1.48 groene ontwikkelingszone Zone, zoals bedoeld in de Omgevingsverordening Gelderland, die bestaat uit gebieden met andere bestemmingen dan natuur die ruimtelijk verweven zijn met het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en daar functioneel mee samenhangen en waarin wordt ingezet op versterking van die samenhang tussen inliggende en aangrenzende natuurgebieden.
1.49 hoofdgebouw gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is; 1.50 huishouden een verzameling van één of meerdere personen die samen één zelfstandig huishouden vormen dat zich kenmerkt door continuïteit in samenwerking en onderlinge verbondenheid; 1.51
intensieve veehouderij
een intensieve veehouderij is een agrarisch bedrijf of dat deel van een agrarisch bedrijf waar tenminste 250 m2 aan bedrijfsvloeroppervlak aanwezig is dat gebruikt wordt als veehouderij volgens het Activiteitenbesluit milieubeheer, althans een varkens-, pluimvee-, kalveren-, stieren-, nertsen- of chinchillahouderij, waar geen melkrundvee, schapen, paarden of dieren biologisch gehouden worden (conform artikel 2 van de Landbouwkwaliteitswet) en waar geen dieren gehouden worden uitsluitend of in hoofdzaak ten behoeve van natuurbeheer; 1.52 inwoning twee huishoudens in een woning waarbij er sprake is van een hoofdtoegang, die toegang verschaft tot een gemeenschappelijke hal van waaruit rechtstreekse toegang tot de beide woonruimtes wordt verschaft en waarbij er sprake blijft van één aansluiting op de nutsvoorzieningen; 1.53 kampeermiddel een tent, een vouwwagen, een camper, een caravan, een wagonette of een huifkar; 1.54 kas een gebouw, waarvan de wanden en het dak geheel of grotendeels bestaan uit glas of ander lichtdoorlatend materiaal, dienend tot het kweken van vruchten, bloemen of planten; 1.55 kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q.
het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten, geheel of overwegend door middel van handwerk, geen detailhandel zijnde en prostitutie, dat in of bij een woonhuis of de bedrijfswoning wordt uitgeoefend door de gebruiker, en waarvan de omvang zodanig is, dat het woonhuis of de bedrijfswoning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.56 kleinschalig kampeerterrein een kampeerterrein met ten hoogste 25 kampeermiddelen, tenzij ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van recreatie - kampeerterrein", in welk geval geen maximum aantal kampeermiddelen van toepassing is, uitgezonderd stacaravans, gedurende de periode van 15 maart tot en met 31 oktober;
7
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
1.57 landschappelijke inpassing inpassing in het omringende landschap door bij de situering in te spelen op de landschappelijke kenmerken en/of door het gebruik van beplanting die past bij het landschapstype ter plaatse, om de bebouwing minder nadrukkelijk in het landschap te plaatsen; 1.58 landschappelijke waarde de aan een gebied toegekende waarde, in verband met de waarneembare verschijningsvorm van dat gebied; 1.59 maatschappelijke voorzieningen educatieve, sociaalmedische, sociaalculturele en levensbeschouwelijke voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening, alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen; 1.60 manege een bedrijf met een publieksgericht karakter, dat is gericht op het bieden van gelegenheid tot het stallen van paarden/pony's en/of het berijden van paarden/pony's, waaronder begrepen lesgeven, verhuur en het houden van wedstrijden en/of andere hippische evenementen; 1.61 mantelzorg intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente
aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond; 1.62 mantelzorgunit een tijdelijk bijbehorend bouwwerk ten behoeve van mantelzorg; 1.63
nadere eis
een nadere eis als bedoeld in artikel 3.6 lid 1 onder d van de Wet ruimtelijke ordening; 1.64 natuurlijke waarde de aan een gebied toegekende waarde, in verband met de geologische, geomorfologsiche, bodemkundige en/of biologische elementen, voorkomend in dat gebied; 1.65 normaal agrarisch gebruik het regulier gebruik dat gelet op de bestemming regelmatig noodzakelijk is voor het agrarisch gebruik van de gronden; 1.66 normale onderhouds- of exploitatiewerkzaamheden werkzaamheden die regelmatig noodzakelijk zijn voor een goed beheer van de gronden, waaronder begrepen de handhaving dan wel de realisering van de bestemming; 1.67 paardenbak een door middel van een afscheiding afgezonderd stuk terrein, kennelijk ingericht voor het africhten en/of trainen en berijden van paarden en pony's en/of het anderszins beoefenen van de paardensport, met of zonder de daarbij behorende voorzieningen; 1.68 peil a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. indien in of op het water wordt gebouwd: het plaatselijke niveau ten opzichte van Nieuw Amsterdams Peil; d.
indien de onder a tot en met c genoemde peilen in het veld aanleiding geven tot onduidelijkheden, een door of namens burgemeester en wethouders aan te wijzen peil; 1.69 plattelandswoning: een al dan niet voormalige agrarische bedrijfswoning, die tevens bewoond mag worden door een persoon of diens huishouden die geen functionele binding heeft met het nabijgelegen agrarisch bedrijf, waartoe de bedrijfswoning behoort dan wel in het verleden als bedrijfswoning heeft behoord;
8
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
1.70 prostitutie het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander persoon tegen vergoeding; 1.71 recreatief verblijf de overnachting die plaatsvindt in het kader van de weekend- en/of verblijfsrecreatie (dus niet als hoofdverblijf); 1.72 recreatiewoning een gebouw dat dient voor recreatief (nacht)verblijf voor recreanten die hun hoofdverblijf elders hebben; 1.73 reëel agrarisch bedrijf een agrarisch bedrijf dat gericht is op duurzame instandhouding van het bedrijf en dat nu of op redelijke termijn voldoende werk en inkomen kan opleveren voor één (gedeeltelijke) arbeidskracht die in duurzaam (neven)beroep aan het bedrijf verbonden is; 1.74 relatie een figuur dat twee afzonderlijk weergegeven delen van een bestemmingsvlak met elkaar verbindt, zodanig dat voor toepassing van de regels sprake is van één bestemmingsvlak; 1.75 risicovolle inrichting een inrichting als bedoeld in artikel 2 lid 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen; 1.76 schuilstal Een schuilstal is een bouwwerk dat een dier de gelegenheid biedt te schuilen tegen weersinvloeden, waarbij het dier vrij in en uit kan lopen; 1.77 seksinrichting de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden.
Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.78 stacaravan een gebouw, bestaande uit een lichte constructie, dat naar de aard en de inrichting is bedoeld voor recreatief verblijf en dat binnen 24 uur demontabel is. De stacaravan mag niet zijn/worden opgebouwd uit steenachtige materialen; 1.79 statische goederen goederen die naar hun aard geen regelmatige verplaatsing behoeven; 1.80 vakantieappartement het geheel van bijbehorende vertrekken als afzonderlijk gemeubileerde logiesgelegenheid, bedoeld voor verblijfsrecreatie in een groter gebouw; 1.81 veldschuur een vrij in het open veld staande schuur, die wordt of werd gebruikt voor het stallen of het melken van vee, en/of de opslag van agrarische producten of agrarische werktuigen; 1.82 verbeelding/plankaart a. de digitale verbeelding van het bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet; b.
de analoge (papieren) kaart van het bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet met legenda en tekeningnummer NL.IMRO.0302.BP01161-vg02; 1.83 volwaardig agrarisch bedrijf een agrarisch bedrijf dat nu voldoende werk en inkomen kan opleveren voor ten minste één volwaardige arbeidskracht die in duurzaam hoofdberoep aan het bedrijf verbonden is; 1.84 voorgevel de naar de weg gekeerde gevel van een woning of, bij onduidelijkheid daarover, de als zodanig door of namens burgemeester en wethouders aan te wijzen gevel;
9
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
1.85 wijziging een wijziging als bedoeld in artikel 3.6 lid 1 onder a van de Wet ruimtelijke ordening; 1.86 woning een complex van ruimten dat dient voor de zelfstandige huisvesting van één afzonderlijk huishouden; 1.87 woonhuis een gebouw, hetzij vrijstaand, hetzij aaneengebouwd, dat slechts één woning omvat;
10
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
Gebouwen en bouwwerken
2.1.1 De breedte van een gebouw: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van de scheidingsmuren. 2.1.2 De dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.1.3 De goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. Wolfseinden worden hieronder niet begrepen. 2.1.4 De bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.1.5 De inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.1.6 De oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. Bouwonderdelen zoals goten, dakoverstekken en in dakoverstekken geïntegreerde goten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen met een oversteek van meer dan 75 cm worden in de oppervlakte meeberekend.
2.1.7 De hoogte van een windturbine: vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine; 2.1.8 De vloeroppervlakte van een beroeps- en/of bedrijfsactiviteit tussen de binnenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren van de ruimtes die in gebruik zijn voor de beroeps- en/of bedrijfsactiviteit. 2.2
Maatvoering
Alle maten zijn tenzij anders aangegeven: a. voor lengten in meters (m); b. voor oppervlakten in vierkante meters (m²); c. voor inhoudsmaten in kubieke meters (m³); d. voor verhoudingen in procenten (%); e. voor hoeken/hellingen in graden (º).
11
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Hoofdstuk 2
Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Groen
Bestemmingsomschrijving
1. a. b. c. d.
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: groenvoorzieningen, waaronder bermen en beplantingen; fiets- en voetpaden; watergangen en waterpartijen; kunstobjecten en speeltoestellen.
2.
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor landschappelijke inpassing en/of erfbeplanting.
3.2
Bouwregels
Op of in deze gronden met de bestemming "Groen" mogen geen gebouwen worden gebouwd. a. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 4 m bedragen; b. de bouwhoogte van erfafscheidingen mag niet meer dan 2,50 meter bedragen.
3.3
Specifieke gebruiksregels
3.3.1 Strijdig gebruik Tot een met het bestemmingsplan strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of laten gebruiken van de gronden met de bestemming "Groen" indien de landschappelijke inpassing overeenkomstig het Landschappelijk Inpassingsplan Schotkampweg 161 d.d. maart 2021 (aangepast mei 2021), volgens bijlage 1 bij deze Regels, niet is gerealiseerd en niet in stand wordt gehouden.
12
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Artikel 4
4.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor ''Wonen" aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen in een woning of in een woonhuis al dan niet in combinatie met een aan-huis-verbonden beroep en/of een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; b. de gronden zijn mede bestemd voor landschappelijke inpassing en/of erfbeplanting; met daarbij behorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde, andere werken, tuinen en erven.
4.2
Bouwregels
Op de voor ''Wonen" aangewezen gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd.
4.2.1 Bouwwerken Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende regels: a. Omgevingsvergunningen voor het bouwen van het nieuwe woonhuis (woning nummer 1) als hoofdgebouw (volgens tekening bijlage 2), en voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij het nieuwe woonhuis (woning nummer 1, volgens tekening bijlage 2), mogen slechts worden verleend indien de voormalige (agrarische) bouwwerken van circa 851 m2 zoals aangegeven op de tekening volgens bijlage 3, en in de tabel volgens bijlage 4, zijn gesloopt. Hierbij dient ook het onderstaande lid 4.2.1, letter b. in acht worden genomen. b. Omgevingsvergunningen voor het bouwen van het nieuwe woonhuis (woning nummer 1) als hoofdgebouw (volgens tekening bijlage 2), en voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij het nieuwe woonhuis (woning nummer 1, volgens tekening bijlage 2), mogen slechts worden verleend indien de voormalige (agrarische) bedrijfswoning van circa 183 m2, zoals aangegeven op de tekening volgens bijlage 3 is gesloopt. Hierbij dient ook het bovenstaande lid 4.2.1, letter a. in acht worden genomen. c.
Omgevingsvergunningen voor het bouwen van het nieuwe woonhuis (woning nummer 2) als hoofdgebouw (volgens tekening bijlage 2), en voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij het nieuwe woonhuis (woning nummer 2, volgens tekening bijlage 2), mogen slechts worden verleend indien de voormalige (agrarische) bouwwerken van circa 851 m2 zoals aangegeven op de tekening volgens bijlage 3, en in de tabel volgens bijlage 4, zijn gesloopt. d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - gebouwen uitgesloten' mogen geen gebouwen worden gebouwd. 4.2.2 Hoofdgebouwen Voor het bouwen van een hoofdgebouw gelden de volgende regels: a. bij het verlenen van omgevingsvergunningen voor een hoofdgebouw dienen de regels volgens artikel 4, lid 4.2.1 mede in acht worden genomen; b. als hoofdgebouw mogen uitsluitend woonhuizen worden gebouwd; c. per bestemmingsvlak mag niet meer dan één woonhuis worden gebouwd, volgens de bouwaanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; d. ter plaatse van de bouwaanduding 'specifieke bouwaanduiding - hoofdgebouwen uitgesloten' mogen geen hoofdgebouwen (geen woonhuizen) worden gebouwd. e. de afstand van een woonhuis ten opzichte van de weg zal ten minste 3 meter of de bestaande afstand bedragen; f. de oppervlakte van een woonhuis mag niet meer dan 120 m2 bedragen.
Indien de bestaande oppervlakte groter is dan 120 m2 mag de oppervlakte van een woonhuis (inclusief, indien van toepassing, niet woongedeelten binnen het oorspronkelijke boerderijpand) ten hoogste de bestaande oppervlakte bedragen. In afwijking van van het hierboven gestelde geldt dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'maximum oppervlakte hoofdgebouwen (m2)' de oppervlak per woning/woonhuis ten hoogste de ter plaatse aangegeven oppervlakte zal bedragen; en 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum oppervlakte (m2)' de daar genoemde maximale oppervlakte
13
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
g. h.
i. j. k.
is toegestaan; de goothoogte mag niet meer dan 4 m bedragen, tenzij de bestaande goothoogte hoger is, in welk geval de goothoogte ten hoogste de bestaande goothoogte mag bedragen; de bouwhoogte mag niet meer dan 9 m bedragen, tenzij: 1. de bestaande bouwhoogte hoger is, in welk geval de bouwhoogte ten hoogste de bestaande bouwhoogte mag bedragen; de dakhelling mag niet minder dan 15° bedragen; kelders mogen uitsluitend worden gerealiseerd loodrecht onder het woonhuis, inclusief de aangebouwde bijbehorende bouwwerken, tot een diepte van niet meer dan 3,50 m; de afstand tot de bouwperceelgrens moet ten minste 3 m bedragen;
4.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk bij een woning gelden de volgende regels: a. bij het verlenen van omgevingsvergunningen voor een bijbehorend bouwwerk dienen de regels volgens artikel 4, lid 4.2.1 mede in acht worden genomen; b. een bijbehorend bouwwerk moet worden gesitueerd op een afstand van ten minste 1 m achter de voorgevel van het woonhuis, tenzij de bestaande afstand minder bedraagt, in welk geval de afstand tenminste de bestaande afstand mag bedragen; c. een vrijstaand bijbehorend bouwwerk moet worden gesitueerd op een afstand van ten hoogste 25 m van het dichtstbijzijnde punt van het woonhuis; d. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per woning niet meer bedragen dan 110 m². Indien het bebouwingsgebied groter is dan 500 m², mag de gezamenlijke oppervlakte worden vermeerderd met 10% van de oppervlakte van het bebouwingsgebied vanaf 500 m² tot een maximum van 150 m². Waarbij geldt dat: 1.
de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per woning niet meer mag bedragen dan 200 m², indien sprake is van het houden van dieren, waarbij minimaal 50 m2 wordt gebruikt voor het stallen van vee, en waarbij aansluitend aan het bestemmingsvlak minimaal 5.000 m2 agrarische grond als zodanig in gebruik is bij de bewoner van de woning, welk gebruik aantoonbaar van langere duur moet zijn en waarbij tevens sprake moet zijn van een beperkte veebezetting; e. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 3,50 m bedragen, tenzij de bestaande goothoogte hoger is, in welk geval de goothoogte ten hoogste de bestaande goothoogte mag bedragen; f. de bouwhoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 6 m bedragen, tenzij de bestaande bouwhoogte hoger is, in welk geval de bouwhoogte ten hoogste de bestaande bouwhoogte mag bedragen; g. de afstand tot de bouwperceelgrens moet ten minste 3 m bedragen; h. vrijstaande bijbehorende bouwwerken mogen niet worden voorzien van een kelder. 4.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. indien zij vóór de voorgevel of een naar de weg gekeerde zijgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden opgericht mag de bouwhoogte niet meer dan 1,5 m bedragen; b. in overige gevallen mag de bouwhoogte niet meer dan 2,5 m bedragen.
4.3
Afwijken van de bouwregels
4.3.1 Afwijking afstand woonhuis tot de weg Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder e, in die zin dat een woonhuis dichter naar de weg wordt gebouwd, met dien verstande dat: a. dit stedenbouwkundig aanvaardbaar is; b. voor zover het geluidgevoelige functies betreft, wordt gebouwd met inachtneming van het bepaalde in Artikel 7 Algemene bouwregels; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 4.3.2 Afwijking oppervlakte woonhuis bij nieuwbouw of verbouw Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder f, in die zin dat de oppervlakte van een woonhuis niet meer dan 140 m2 mag bedragen, met dien verstande dat: a. het boerderijvormen betreft met cultuurhistorische en/of architectonische waarde en een lage goot- en bouwhoogte;
14
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld) b. c.
de vergroting van de oppervlakte bijdraagt aan de cultuurhistorische waarde; geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het bebouwingsbeeld en de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden.
4.3.3 Afwijking oppervlakte woonhuis ten behoeve van inwoning Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder f, in die zin dat de oppervlakte van een woning niet meer dan 140 m2 mag bedragen, met dien verstande dat de uitbreiding plaatsvindt ten behoeve van inwoning waarvoor afwijking is of wordt verleend als bedoeld in 4.5.4.
4.3.4 Afwijking bouw erkers en serres Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder f, in die zin dat de oppervlakte van een woonhuis wordt vergroot ten behoeve van de bouw van erkers of serres, met dien verstande dat de oppervlakte van een erker of een serre niet meer bedraagt dan 12 m².
4.3.5 Afwijking goothoogte bij waardevol pand Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder g, en 4.2.3, onder e, ten behoeve van een afwijkende goothoogte indien deze bijdraagt aan de historische, cultuurhistorische en/of architectonische waarde, met dien verstande dat de goothoogte niet meer zal bedragen dan 6m en de afwijking in ondergeschikte mate voor delen van het gebouw wordt toegepast.
4.3.6 Afwijking bouwhoogte woonhuis Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder h, in die zin dat de bouwhoogte van een woonhuis wordt vergroot tot niet meer dan 10 m, met dien verstande dat: geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 4.3.7 Afwijking dakvorm Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder i, ten behoeve van een afwijkende dakvorm, met dien verstande dat het bebouwingsbeeld daardoor niet onevenredig wordt aangetast.
4.3.8 Afwijking afstand bijbehorend bouwwerk tot voorgevel woonhuis Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.3, onder b, in die zin dat een bijbehorend bouwwerk op minder dan 1 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw dan wel vóór de voorgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd, met dien verstande dat: a. dit stedenbouwkundig aanvaardbaar is; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 4.3.9 Afwijking afstand vrijstaand bijbehorend bouwwerk tot woonhuis Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.3, onder c, in die zin dat een vrijstaand bijbehorend bouwwerk wordt gebouwd op een afstand van meer dan 25 m vanaf het dichtstbijzijnde punt van het woonhuis, met dien verstande dat: a. er binnen de afstand van 25 m redelijkerwijs geen ruimte aanwezig is voor de bouw van het vrijstaande bijbehorende bouwwerk; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de natuurlijke en landschappelijke waarden, de woonsituatie, het bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.
4.3.10 Afwijking afstand tot bouwperceelgrens Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.2, onder k, en 4.2.3, onder g, in die zin dat de afstand van een gebouw tot de bouwperceelgrens minder bedraagt dan 3 m, met dien verstande dat geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.
15
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
4.3.11 Afwijken aangebouwd bijbehorend bouwwerk aan een woonhuis Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.3, onder d, ten behoeve van het vergroten van een woonhuis dat kleiner is dan 120 m2 door middel vaneen aangebouwd bijbehorend bouwwerk, mits: a. het aan te bouwen bijbehorende bouwwerk wordt gebruikt voor de uitbreiding van een primaire woonfunctie (uitbreiding woonkamer, keuken, badkamer of slaapkamer); b. het aan te bouwen bijbehorende bouwwerk ten hoogste 25 m2 bedraagt; c. de gezamenlijke oppervlakte van het woonhuis en het aan te bouwen bijbehorende bouwwerk niet meer bedraagt dan de in 4.2.2, onder f, genoemde maximale oppervlakte; d. de toegestane oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken als bedoeld in 4.2.3, onder d, al volledig is benut; e. de goothoogte van het aan te bouwen bijbehorende bouwwerk ten hoogste 3,5 m zal bedragen; f. de bouwhoogte van het aan te bouwen bijbehorende bouwwerk ten hoogste 7,5 m zal bedragen; g. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de landschappelijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
4.4
Specifieke gebruiksregels
4.4.1 Strijdig gebruik Tot een met het bestemmingsplan strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of laten gebruiken van de gronden ten behoeve van een grondwal; b. het gebruiken of laten gebruiken van een woonhuis en de daarbijbehorende bouwwerken voor een aan huis verbonden beroep en/of kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, met dien verstande dat dit is toegestaan indien: 1. ten hoogste 40% van de gezamenlijke oppervlakte van het woonhuis met de daarbijbehorende bijbehorende bouwwerken wordt gebruikt ten behoeve van het aan huis verbonden beroep en/of de kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, mits deze gezamenlijke oppervlakte niet meer bedraagt dan 50 m², 2. de uitstraling als woning intact blijft; 3. het gebruik geen nadelige gevolgen heeft voor het woon- en leefmilieu; 4. het gebruik geen nadelige gevolgen heeft op de normale ontwikkeling van het verkeer en geen nadelige toename van de parkeerbehoefte veroorzaakt; 5. geen detailhandel wordt uitgeoefend; 6. geen sprake is van reclame-uitingen en buitenopslag; c. het gebruiken of laten gebruiken van een woonhuis voor meer dan één woning, tenzij ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - gesplitst', in welk geval een woonhuis mag worden gebruikt voor te hoogste twee woningen; d. het gebruiken of laten gebruiken van gronden ten behoeve van de aanleg van een paardenbak; e.
het gebruiken of laten gebruiken van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van bewoning; f. het gebruiken of laten gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden, behalve ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie – logies'; g. het gebruiken of laten gebruiken van een woonhuis ten behoeve van een extra huishouden; h. het gebruiken of laten gebruiken ten behoeve van bewoning van bijbehorende bouwwerken - die al dan niet omgevingsvergunningvrij zijn gerealiseerd - waarin de bewoning in verband met mantelzorg niet binnen drie maanden is beëindigd; i. het gebruiken of laten gebruiken van de nieuw te bouwen woonhuizen/woningen met nummer 1 en met nummer 2, volgens de tekening overeenkomstig de bijlage 2 bij deze Regels, en het gebruiken of laten gebruiken van de bestaande voormalige bedrijfswoning, volgens de tekeningen overeenkomstig de bijlagen 2 en 3 bij deze Regels, voor de bestemming/functie "Wonen", indien de landschappelijke inpassing overeenkomstig het Landschappelijke Inpassingsplan Schotkampweg 161 d.d. maart 2021 (aangepast mei 2021), volgens bijlage 1 bij deze Regels, niet is gerealiseerd en niet in stand wordt gehouden.
4.5
Afwijken van de gebruiksregels
4.5.1 Afwijking woningsplitsing Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4, lid 4.1, onder onder a, en artikel 4, lid 4.2.2, onder c, en artikel 4, lid 4.4.1, onder c, in die zin dat twee woningen in 1 woonhuis worden gevestigd (woningsplitsing), met dien verstande dat: a. het de oorspronkelijke woning betreft;
16
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld) b. c. d. e. f.
de inhoud van de twee woningen tezamen niet minder dan 700 m3 bedraagt; de woningsplitsing uit milieu-oogpunt toelaatbaar is, waaronder begrepen geluid en externe veiligheid; door de woningsplitsing de belangen van gebruikers en/of eigenaren van de aanliggende gronden niet onevenredig worden geschaad; de afwijkingsbevoegdheid passend is in het geldende woningbouwbeleid; geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.
4.5.2 Afwijking paardenbak Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4, lid 4.4.1,onder d ten behoeve van het gebruik en de bouw van 1 paardenbak voor eigen hobbymatig gebruik, met dien verstande dat: a. de paardenbak moet zijn gesitueerd bij een woning, waarbij geldt dat de paardenbak voor niet minder dan 20% moet zijn gelegen in het bestemmingsvlak waarin de woning is gelegen. In geval een deel van de paardenbak buiten het bestemmingsvlak waarin de woning is gelegen wordt aangelegd, de afwijking wordt toegepast in combinatie met de afwijking opgenomen in het bestemmingsplan "Buitengebied 2023" bij de bestemming "Agrarisch", "Afwijking paardenbak" (artikel 3, lid 3, sublid 3.5.3); b. de paardenbak moet zijn gesitueerd achter de voorgevel van de woning; c. de oppervlakte van de paardenbak niet meer mag bedragen dan 800 m2; d. daarbij tevens de bouw van lichtmasten kan worden toegestaan tot een bouwhoogte van niet meer dan 6 m; e. de afstand tot een andere woning: 1. niet minder dan 50 m mag bedragen, indien palen en masten ten behoeve van de paardenbak aanwezig zijn; 2. niet minder dan 30 m mag bedragen, indien geen palen en masten ten behoeve van de paardenbak aanwezig zijn; f. palen en masten ten behoeve van de paardenbak niet zijn toegestaan buiten het bestemmingsvlak; g.
geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 4.5.3 Afwijking mantelzorg Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.4.1, onder e ten behoeve van mantelzorg in een aangebouwd of vrijstaand bijbehorend bouwwerk of een aparte unit bij een woning, met dien verstande dat: a. de zorgbehoefte objectief aannemelijk is gemaakt; b. verzekerd is dat na beëindiging van de mantelzorg het bijbehorend bouwwerk ongeschikt wordt gemaakt voor bewoning ten behoeve waarvan een overeenkomst wordt gesloten; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de verkeerssituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 4.5.4 Afwijking inwoning Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.4.1, onder g in die zin dat een woonhuis wordt gebruikt voor meer dan één huishouden ten behoeve van inwoning, met dien verstande dat: a. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van de huisvesting van één extra huishouden van één of twee personen; b. de vloeroppervlakte van het inwoondeel niet meer dan 60 m² mag bedragen; c. de inwoning wordt gerealiseerd op de begane grond waarbij minimaal 30 m² in het architectonische hoofdgebouw wordt gerealiseerd.
4.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden 4.6.1 Vergunningsplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is een omgevingsvergunning vereist: het vellen of rooien van houtopstanden, houtwallen, singels, bomenrijen, boomgroepen en bos, voorzover dat in de Bomenverordening 2021 van de gemeente Nunspeet is bepaald.
17
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
4.6.2 Uitzondering Het bepaalde in artikel 4, lid 4.6.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden die; a. normale onderhouds- of exploitatiewerkzaamheden betreffen; b. worden uitgevoerd krachtens een vastgesteld beheerplan. 4.6.3 Toetsingscriteria De omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk en werkzaamheden als bedoeld in artikel 4, lid 4.6.1 kan slechts worden verleend, met dien verstande dat geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke inpassing en/of erfbeplanting.
18
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Artikel 5
5.1
Waarde - Archeologie 2
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, de bescherming en/of het herstel van de voorkomende archeologische waarden. 5.2
Bouwregels
5.2.1 Omgevingsvergunning voor het bouwen Voor bouwwerken met een oppervlakte groter dan 120 m2 waarbij voor de gehele oppervlakte werkzaamheden dieper dan 0,50 m onder het maaiveld plaatsvinden, moet alvorens een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt verleend, door de aanvrager een rapport worden overlegd waarin naar het oordeel van het van het bevoegd gezag is aangetoond dat: a. geen archeologische waarden aanwezig zijn; dan wel b. de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; dan wel c. de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet kunnen worden verstoord. 5.2.2 Omgevingsvergunning voor het bouwen zonder rapport In afwijking van artikel 5, lid 5.2.1 behoeft geen rapport te worden overgelegd indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door de archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
5.2.3 Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen Indien uit het in lid 5.2.1 genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen kunnen worden verstoord, kunnen één of meer van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, en/of; b. de verplichting tot het doen van opgravingen, of; c. de verplichting de uitvoering van de bodemverstorende activiteit te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificatie.
5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.3.1 Vergunningplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is een omgevingsvergunning vereist: a. grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend het ophogen, afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; b. het verlagen van het waterpeil; c. het rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; d. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 5.3.2 Uitzondering Het bepaalde in 5.3.1 is niet van toepassing indien: a. de werken of werkzaamheden worden verricht op of in gronden onder bestaande gebouwen dan wel op of in gronden die 5 m rondom bestaande gebouwen zijn gelegen; b. op basis van archeologisch onderzoek naar het oordeel van het van het bevoegd gezag is aangetoond dat: 1. geen archeologische waarden aanwezig zijn; dan wel
19
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld) 2. de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; dan wel 3. de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet kunnen worden verstoord; danwel c. op basis van archeologisch onderzoek door het bevoegd gezag is bepaald dat bescherming van archeologisch materiaal afdoende kan plaatsvinden door aan de omgevingsvergunning een van de volgende voorwaarden te verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, of; 3. de verplichting de uitvoering van de bodemverstorende activiteit te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumenten-zorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificatie. d. het werken betreft op een geringere diepte dan 0,50 m onder maaiveld; e. het werken betreft op een groter diepte dan 0,50 m onder maaiveld maar met een kleiner oppervlakte dan 2500 m2.
20
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Hoofdstuk 3 Artikel 6 6.1
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
21
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Artikel 7 7.1
Algemene bouwregels
Ondergeschikte bouwdelen
Bij het meten worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwvlakgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. 7.2
Geluidzones langs wegen
Indien en voor zover gronden zijn gelegen binnen een zone van: a. 250 m ter weerszijden van een weg met een of twee rijstroken; b. 400 m ter weerszijden van een weg met drie of vier rijstroken; mogen toegelaten geluidgevoelige functies uitsluitend worden gerealiseerd of vervangen met inachtneming van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder of een vastgestelde hogere grenswaarde, behoudens voor zover artikel 76 lid 3 van de Wet geluidhinder van toepassing is. 7.3
Geluidzones langs spoorwegen
Indien en voor zover gronden zijn gelegen binnen een zone van 300 meter van de spoorlijn Harderwijk-Zwolle mogen toegelaten geluidgevoelige functies uitsluitend worden gerealiseerd met inachtneming van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder of een vastgestelde hogere grenswaarde.
22
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
Artikel 8 8.1
Algemene gebruiksregels
Algemeen gebruiksverbod
1.
Het is verboden de gronden en bouwwerken te gebruiken, te laten gebruiken of in gebruik te geven op een wijze of tot een doel, strijdig met de in het plan aan de grond gegeven bestemmingen, tenzij voor dit afwijkende gebruik een omgevingsvergunning voor het handelen in strijd met ruimtelijke regelgeving is verleend. Tot een strijdig gebruik met de bestemmingen wordt, tenzij anders bepaald in de betreffende bestemming, in ieder geval gerekend:
a.
het gebruiken of laten gebruiken van de gronden als stort- of opslagplaats van al dan niet aan het gebruik onttrokken voorwerpen, stoffen en materialen, behoudens opslag die geschiedt in het kader van de normale, ter plaatse toegestane bedrijfsvoering; het gebruiken of laten gebruiken van gronden als renbaan of menterrein, anders dan waarvoor in het verleden planologische medewerking is verleend; het gebruiken of laten gebruiken van gebouwen ten behoeve van een seksinrichting, anders dan waarvoor in het verleden planologische medewerking is verleend; het gebruiken of laten gebruiken van gronden ten behoeve van gemotoriseerde of gemechaniseerde sporten, anders dan waarvoor in het verleden planologische medewerking is verleend; het gebruiken of laten gebruiken van recreatiewoningen, groepsaccommodaties, chalets, stacaravans, trekkershutten, toercaravans, vouwwagens, campers, tenten, huifkarren en andere recreatieobjecten voor niet recreatieve overnachtingen; het gebruiken of laten gebruiken van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning; het gebruiken of laten gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van zwembaden met een oppervlakte van meer dan 40 m²; het gebruiken of laten gebruiken ten behoeve van bewoning van bijbehorende bouwwerken - die al dan niet omgevingsvergunningvrij zijn gerealiseerd - waarin de bewoning in verband met mantelzorg niet binnen drie
maanden is beëindigd.
b. c. d. e.
f. g. h.
2.
8.2
Overtreding van dit verbod is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onder 2º van de Wet op de economische delicten.
Toegestaan gebruik
Tot een met het bestemmingsplan strijdig gebruik wordt in ieder geval niet gerekend het gebruiken of laten gebruiken van de gronden ten behoeve van: het aanleggen of het laten aanleggen van kabels en/of leidingen ten behoeve van de drinkwatervoorziening, de riolering, de waterhuishouding, de energievoorziening en de datacommunicatie, met uitzondering van: 1. aardgastransportleidingen met een diameter van meer dan 4" en/of een druk van meer dan 40 bar; 2. transportleidingen voor brandbare vloeistoffen van de K1-, K2- en K3-categorie met een diameter van meer dan 4"; 3. hoogspanningsleidingen; 4. buisleidingen voor het transport van water, afvalwater of stoom met een doorsnede van 1 meter of meer en een lengte van 10 km of meer.
8.3
Afwijken van de gebruiksregels
8.3.1 Afwijking bouw zwembaden Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 8.1 onder g in die zin dat gronden en bouwwerken gebruikt mogen worden ten behoeve van zwembaden met een oppervlakte van niet meer dan 60 m², met dien verstande dat: deze afwijking uitsluitend wordt toegestaan op percelen met een omvang van minimaal 1000 m² en met villa-achtige bebouwing.
23
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld)
8.4
Specifieke gebruiksregels ten behoeve van een bed en breakfast
8.4.1 Verbodsbepaling voor nieuwbouw ten behoeve van een bed en breakfast 1. Nieuwbouw ten behoeve van een bed en breakfast is niet toegestaan binnen het bestemmingsplangebied. 2. Artikel 8.4.1, lid 1, is niet van toepassing indien er nieuwbouw in de vorm van herbouw plaatsvindt. 8.4.2 Verbodsbepaling voor het gebruiken van een gebouw voor een bed en breakfast en voor het verbouwen van een gebouw tot een bed en breakfast 1. Het is verboden een gebouw te gebruiken voor een bed en breakfast, en het is verboden een gebouw te verbouwen tot een bed en breakfast, binnen het bestemmingsplangebied. 2. Met de afwijkingsmogelijkheden, zoals omschreven in artikel 8.5 kan het college van Burgemeester en Wethouders afwijken van de verbodsbepaling volgens artikel 8, lid 8.4.2, sub 1.
8.5
Afwijking bed & breakfast in het buitengebied
Ter plaatse van de het bestemmingsplangebied kan het college van Burgemeester en Wethouders afwijken van het bepaalde in de artikel 4, lid 4.4.1, onder f, en artikel 8, lid 8.4.2 door een omgevingsvergunning te verlenen voor het gebruiken van en het verbouwen tot een bed en breakfast overeenkomstig de volgende regels: 1. Een bed en breakfast mag gerealiseerd worden in een woning of in een bedrijfswoning behorend bij de bestemmingen Agrarisch – Agrarisch bedrijf, Agrarisch – Kwekerij, Agrarisch – Paardenhouderij, Bedrijf, Bedrijf – Buitengebied gerelateerd, Detailhandel, Horeca, Maatschappelijk, Sport – Manege, en Wonen. Binnen de bestemming Tuin is een bed en breakfast nadrukkelijk niet toegestaan. Ook in een niet-vrijstaand bijbehorend bouwwerk behorend bij de woning/bedrijfswoning bij deze bestemmingen kan onder voorwaarden een bed en breakfast worden gerealiseerd. 2. Er mag voor de bed en breakfast niet meer dan 40% van de gebruiksvloeroppervlakte van de woning/bedrijfswoning en een niet vrijstaand bijbehorend bouwwerk worden gebruikt met een maximum van 120 m2. Onder de toegestane oppervlakte van een bed en breakfast vallen de volgende ruimten: slaapkamer(s); bad-, douche-, en toiletruimten die niet gedeeld worden met de bewoner(s); een gemeenschappelijke ruimte (Gemeenschappelijke verkeersruimtes hoeven niet bij de toegestane oppervlakte te worden meegerekend). 3.
Voor het realiseren van een bed en breakfast buiten de bebouwde kom in vrijstaande bijbehorende bouwwerken kan vergunning worden verleend met dien verstande dat: deze bijdraagt aan de doelstellingen zoals deze genoemd worden in Thema 3 van de Omgevingsvisie Nunspeet; niet meer dan maximaal 100 m2 van de vrijstaande bijbehorende bouwwerken hiervoor wordt ingericht. Hierbij dient wel het maximum aan m2 voor een bed en breakfast van in totaal 120 m2, volgens lid 2 van dit artikel, in acht te worden genomen; de desbetreffende vrijstaande bijbehorende bouwwerken op minimaal 3 meter van de erfgrens staan. Bij knelpunten vanwege deze 3 meter-eis, kan het college van B&W - op ondergeschikte gedeelten van deze afstandslijn tot de perceelsgrens - hiervan afwijken. 4. In geval het een functie 'Waarde – Landgoed' betreft, mag een bed en breakfast ook worden uitgeoefend in een bijbehorend bouwwerk. 5. Degene die de bed en breakfast exploiteert, dient ingeschreven te staan in de BRP (Basisregistratie Personen) op het desbetreffende adres. 6. Een bed en breakfast mag eveneens worden gerealiseerd in een uniek object, niet zijnde een woning of bijbehorend bouwwerk. Het gaat dan om karakteristieke gebouwen en/of varende constructies. Voorwaarde is dat het gebouw en/of de varende constructie voldoet aan de eisen zoals deze genoemd worden in het Bouwbesluit.
Dergelijke initiatieven worden per geval beoordeeld. Omdat hier niet altijd sprake is van een inschrijving in de BRP (Basisregistratie Personen) van de bewoner(s) wordt een afweging per geval gemaakt. 7. In de bed en breakfast mag geen zelfstandige kookvoorziening aanwezig zijn. 8. Er moet een parkeergelegenheid aanwezig zijn of worden aangelegd op het perceel waarop de bed en breakfast wordt aangeboden. Het aantal parkeerplaatsen voor de bed en breakfast moet minimaal overeenkomen met het aantal slaapkamers van de bed en breakfast en komt boven op het aantal parkeerplaatsen dat bij de bestemming hoort. 9. Ter beoordeling van de aanvraag om omgevingsvergunning vindt een belangenafweging plaats, waarbij de volgende aspecten worden getoetst en meegewogen: a. de belangen van de gebruikers of de eigenaren van de aanliggende gronden en nabijgelegen woningen en bedrijven; b. de afstand van de bed en breakfast tot een woning op een naastgelegen perceel moet minimaal 10 m
24
bestemmingsplan Schotkampweg 161 Elspeet (vastgesteld) bedragen; Bij knelpunten vanwege deze 10 meter-eis kan het college van B&W hiervan afwijken waarbij aan de overige letters van dit sublid (letters a, c, d, e, f, en g) wel moet worden voldaan; c. de milieusituatie (aan de bedrijfsvoering van agrarische en niet-agrarische bedrijven in de nabije omgeving mag door een bed en breakfast geen beperking ontstaan); d. de verkeersveiligheid; e. de natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden; f. het straatbeeld; g. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en naastgelegen woningen. 10. Degene die de gelegenheid biedt tot het houden van nachtverblijf is belasting verschuldigd op grond van de geldende Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting. De exploitant is verplicht hiervoor een eigen nachtverblijfregister bij te houden, die door de gemeente kan worden gecontroleerd. 11. Het aantal overnachtingen waarbij in een bed en breakfast mag worden overnacht mag maximaal 14 nachten achtereen bedragen. 12. Op het perceel van de bed en breakfast mag maximaal één reclameaanduiding in de vorm van een bord met een opschrift voor de bed en breakfast worden geplaatst. Dit bord dient te voldoen aan de eisen die aan reclame worden gesteld in de “Reclameverordening 1994” en in de “Welstandsnota (2015)”.
8.6
Specifieke gebruiksregels m.b.t. onzelfstandige bewoning
8.6.1 Verbodsbepalingen a. Het is verboden om voor de bestemmingen "Wonen" en/of "Woongebied" aangewezen gronden woningen, en/of woonhuizen, en/of wooneenheden, en/of bedrijfswoningen te gebruiken of in gebruik te geven voor onzelfstandige bewoning. b. Het is tevens verboden in andere bestemmingen dan "Wonen" of "Woongebied" waar volgens de bestemmingsregeling de functie wonen is toegestaan in woningen, en/of woonhuizen, en/of wooneenheden, en/of bedrijfswoningen te gebruiken of in gebruik te geven voor onzelfstandige bewoning. c. De verboden zoals beschreven in dit artikel onder lid a, en onder lid b, gelden ook voor (ver)bouwwerkzaamheden ten behoeve van onzelfstandige bewoning. d. Het bepaalde in dit artikel onder a, onder b, en onder c, is niet van toepassing op bestaande onzelfstandige bewoning in woningen en/of woonhuizen, en/of wooneenheden en/of bedrijfswoningen die voor onzelfstandige bewoning gebruikt mogen worden op grond van de huidige vigerende bestemmingsplannen en/of waarvoor met een afwijkingsprocedure een omgevingsvergunning is verleend. 8.6.2 Afwijken van de specifieke gebruiksregels m.b.t.
onzelfstandige bewoning Door het college van burgemeester en wethouders kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in artikel 8, lid 8.6.1, onder a, onder b, en onder c, voor het gebruik van een woning en/of woonhuis en/of bedrijfswoning en/of wooneenheid voor onzelfstandige bewoning, mits: a. het de huisvesting van maximaal 5 personen betreft; b. maximaal 5% van de woningen in de straat wordt aangewend voor de huisvesting voor onzelfstandige bewoning; c. minimaal vier aaneengesloten panden aanwezig moeten zijn die niet als onzelfstandig gebruikte woningen en/of wooneenheden en/of woonhuizen en/of bedrijfswoningen worden gebruikt tussen de woningen die aangewend worden voor onzelfstandige bewoning; d. voor woningen en/of woningen met kamergewijze verhuur in woongebouwen met 6 of meer woningen en/of woningen met kamergewijze verhuur geldt als aanvullende regel dat er tussen twee woningen met kamergewijze verhuur minimaal twee woningen gelegen moeten zijn: e. binnen een straal van 250 meter rondom het vrijstaande kamerverhuurpand is geen ander vrijstaand pand met onzelfstandige bewoning, zoals bijvoorbeeld een kamerverhuurpand, aanwezig; f. er mogen niet meer bewoners zijn dan het aantal aanwezige kamers (gemeenschappelijke ruimtes niet meegerekend); g. er per bewoner minimaal één kamer aanwezig is; h.