AP 6d. Bijlage GVVP 2021 Gemeente Nunspeet
Tekst van het document
GVVP
GEMEENTELIJK VERKEERS- EN VERVOERSPLAN
Visie: Het op niveau houden van een veilig, logisch en duurzaam verkeers- en vervoerssysteem.
December 2021 Versie: Ter vaststelling
Colofon
Gemeente Nunspeet
GVVP Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Bestuurlijke opdrachtgever: Wethouder M. van de Bunte
Kernteam: R.P.R. Klerks T. Smeenk
– Verkeerskundige – Verkeerskundige
Datum: December 2021
Versie: Ter vaststelling
2 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
3 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
Beleidsuitgangspunten De gemeente Nunspeet hanteert de volgende visie: Visie: Het op niveau houden van een veilig, logisch en duurzaam verkeers- en vervoerssysteem.
In dit GVVP worden de volgende beleidsuitgangspunten per hoofdstuk geformuleerd:
Hoofdstuk 2 De verkeersuitdagingen in Nunspeet Beleidsuitgangspunt 1: Bij toekomstige beleidsvorming houden wij rekening met de effecten van de ontwikkelingen op het gebied van inwoneraantallen, huishoudengrootte en reisafstand op de hoeveelheid verkeer. Beleidsuitgangspunt 2: Bij de bereikbaarheid van winkelgebieden besteden wij nadrukkelijker aandacht aan duurzame manieren van vervoer naast de auto. Beleidsuitgangspunt 3: Duurzame- en innovatieve vervoermiddelen wegen nadrukkelijker mee bij de verdeling van beschikbare ruimte en in de verdeling van beschikbare middelen.
Hoofdstuk 3 De wegen in Nunspeet Beleidsuitgangspunt 4: Wij streven naar een kwaliteitsvolle omgeving, met een groene aanblik en dorpse uitstraling. Daarbij hebben wij een laagwaardige verkeersafwikkeling voor ogen met prioriteit voor de verblijfskwaliteit. Beleidsuitgangspunt 5: Wij gaan terughoudend om met het afsluiten van wegen en toepassen van nieuwe drempels als gevolg van maximumsnelheidsoverschrijding.
Hoofdstuk 4 Fietsen in Nunspeet Beleidsuitgangspunt 6: Fietsroutes naar scholen, winkels en het station zijn veilig, comfortabel, direct en van voldoende samenhang. Beleidsuitgangspunt 7: Er is voldoende fietsenstallingscapaciteit bij gebouwen met een publieke functie, zoals winkels, scholen en het station. Beleidsuitgangspunt 8: De financiële middelen besteden wij bij voorkeur in eerste instantie aan uitbreiding van de fietsenstallingscapaciteit.
4 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
Hoofdstuk 6 Parkeren in Nunspeet Beleidsuitgangspunt 9: Er worden geen extra reguliere autoparkeerplaatsen gerealiseerd bij gebouwen met een publieke functie tenzij het een verbouwing of uitbreiding betreft.
Hoofdstuk 7 Openbaar vervoer Beleidsuitgangspunt 10: De mogelijkheden voor collectief vervoer blijven minimaal op peil, in de vorm van openbaar vervoer of alternatieven daarvan.
Hoofdstuk 9 Duurzame mobiliteit (Smart Mobility) Beleidsuitgangspunt 11: De (elektrische) fiets is beschikbaar als alternatief voor de auto. Beleidsuitgangspunt 12: Wij stimuleren ‘Slimme mobiliteit’. Beleidsuitgangspunt 13: Duurzame mobiliteit komt tot stand door proactief samen te werken bij nieuwe ontwikkelingen met de disciplines ruimtelijke ordening, economie en milieu.
Bijlage 4: Duurzaam Veilig Verkeer specifiek gemeente Nunspeet Beleidsuitgangspunt 14: De wegen worden ingericht conform de functie van de weg (daarvoor zijn categoriseringscriteria geformuleerd). Beleidsuitgangspunt 15: Kwaliteitsverbetering en veiligheidsvergroting van bestaande infrastructuur in Natura-2000-gebied moeten mogelijk zijn.
5 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
Inhoudsopgave Beleidsuitgangspunten ..................................................................................................................... 4 Begrippenlijst .................................................................................................................................... 9 1
2
Inleiding ................................................................................................................................... 10 1.1
Aanleiding voor dit GVVP ............................................................................................... 10
1.2
Doel van dit GVVP .......................................................................................................... 10
1.3
Het proces ...................................................................................................................... 10
1.4
Participatie ...................................................................................................................... 11
1.5
Visie verkeers- en vervoerbeleid .................................................................................... 11
1.6
Leeswijzer ....................................................................................................................... 11
De verkeersuitdagingen in Nunspeet ...................................................................................... 12 2.1 2.1.1
4
5
6
Slachtofferongevallen ................................................................................................. 13
2.2
Verkeersuitdagingen nu .................................................................................................. 14
2.3
Algemene trends en ontwikkelingen ............................................................................... 16
2.3.1 3
Even terugkijken ............................................................................................................. 12
Technologische ontwikkelingen .................................................................................. 18
De wegen in Nunspeet ............................................................................................................ 19 3.1
Wegencategorisering ...................................................................................................... 19
3.2
Duurzaam Veilig Verkeer................................................................................................ 20
3.3
Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) .................................................................... 20
3.4
De bereikbaarheid van het centrum ............................................................................... 21
3.5
De stationsomgeving ...................................................................................................... 21
3.6
F.A. Molijnlaan ................................................................................................................ 22
3.7
Kienschulpenweg, Industrieweg en Nijverheidsweg ...................................................... 22
3.8
Stationslaan .................................................................................................................... 22
3.9
Afsluiten van wegen ....................................................................................................... 23
3.10
Interlokale wegen ........................................................................................................... 23
Fietsen in Nunspeet ................................................................................................................ 24 4.1
Lijnenkaart fietsinfra ....................................................................................................... 25
4.2
Knelpunten fietsinfra ....................................................................................................... 25
4.3
Schoolroutes ................................................................................................................... 26
4.4
Fietsparkeren .................................................................................................................. 26
4.5
Fietsstraat ....................................................................................................................... 26
4.6
Fietsopstapplekken......................................................................................................... 26
4.7
Elektrische fietsen en speed pedelecs ........................................................................... 27
4.8
Interlokale fietsinfra ........................................................................................................ 28
Voetgangers ............................................................................................................................ 29 5.1
Schoolomgeving ............................................................................................................. 29
5.2
Mindervaliden ................................................................................................................. 29
5.3
Visueel beperkte voetgangers ........................................................................................ 29
Parkeren in Nunspeet ............................................................................................................. 30 6.1
Parkeerring ..................................................................................................................... 30
6.2
Parkeerlocaties centrum Nunspeet ................................................................................ 30 6
Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
6.3
Parkeren in woonwijken.................................................................................................. 31
6.4
Parkeren van vrachtwagens ........................................................................................... 31
6.5
Parkeernota .................................................................................................................... 31
7
Openbaar vervoer ................................................................................................................... 32
8
Verkeerssituatie kernen en buitengebied ................................................................................ 33 8.1
Elspeet ............................................................................................................................ 33
8.2
Vierhouten ...................................................................................................................... 34
8.3
Hulshorst......................................................................................................................... 35
8.4
Buitengebied ................................................................................................................... 36
9
Duurzame mobiliteit (Smart Mobility) ...................................................................................... 37 9.1
Oplaadpunten auto’s ...................................................................................................... 37
9.2
Oplaadpunten fietsen ..................................................................................................... 37
9.3
Deelauto’s ....................................................................................................................... 38
9.4
Deelfietsen ...................................................................................................................... 38
9.5
Zelfrijdende voertuigen ................................................................................................... 38
9.6
Hoe nu verder? ............................................................................................................... 40
10
Educatie, campagnes en communicatie ............................................................................. 41
10.1
Verkeerseducatie ............................................................................................................ 41
10.2
Campagnebebording ...................................................................................................... 41
10.3
Communicatie ................................................................................................................. 41
11
Maatregelindicatoren .......................................................................................................... 42
11.1
Indicator uitsluitend materiële schade ongevallen ......................................................... 42
11.2
Indicator letselongevallen ............................................................................................... 42
11.3
Indicator ongevallen met dodelijke afloop ...................................................................... 42
11.4
Indicator wildaanrijdingen ............................................................................................... 42
11.5
Afwegingsindicator VOP ................................................................................................. 43
12
Projectenlijst ....................................................................................................................... 44
13
Actiepunten ......................................................................................................................... 45
Bijlage 1: Optimalisaties fietsknelpunten ........................................................................................ 47 Bijlage 2: Duurzaam Veilig Verkeer ................................................................................................ 48 Bijlage 3: Wegencategorisering (beoordelingscriteria) ................................................................... 49 Bijlage 4: Duurzaam Veilig Verkeer specifiek gemeente Nunspeet ............................................... 52 Bijlage 5: Snelheidsremmende maatregelen.................................................................................. 54 Bijlage 6: Criteria VOP.................................................................................................................... 56 Bijlage 7: De bereikbaarheid van het centrum ............................................................................... 57 Bijlage 8: Lijnenkaart fietsinfra Nunspeet ....................................................................................... 58 Bijlage 9: Wegencategorisering Nunspeet ..................................................................................... 59 Bijlage 10: Wegencategorisering Elspeet.......................................................................................
60 Bijlage 11: Wegencategorisering Vierhouten ................................................................................. 61 Bijlage 12: Wegencategorisering Hulshorst ................................................................................... 62 Bijlage 13: Openbare oplaadpunten voor auto’s in Nunspeet ........................................................ 63 Bijlage 14: Openbare oplaadpunt voor auto’s in Elspeet ............................................................... 64 Bijlage 15: Openbare oplaadpunt voor auto’s in Vierhouten .......................................................... 65 7 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
Bijlage 16: Oplaadpunten voor elektrische fietsen in Nunspeet ..................................................... 66 Bijlage 17: Oplaadpunten voor elektrische fietsen in Elspeet ........................................................ 67 Bijlage 18: Oplaadpunten voor elektrische fietsen in Vierhouten ................................................... 68 Bijlage 19: Parkeerring centrum Nunspeet .................................................................................... 69
8 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
Begrippenlijst Bibeko
– Binnen de bebouwde kom
Bio-LNG
– Menging van biogas en liquefied natural gas ofwel brandstof voor vrachtverkeer
Black spot
– Een plaats waar veel verkeersongevallen plaatsvinden
Bubeko
– Buiten de bebouwde kom
CROW
– Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek
ETW
– Erftoegangsweg
GOW
– Gebiedsontsluitingsweg
GVVP
– Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
IRTV
– Integrale Ruimtelijke Toekomstvisie Nunspeet 2015
ITS
– Intelligent Transport Systems
Modal-split
– Verdeling naar verkeersmodaliteiten fiets, openbaar vervoer en auto
MVT
– Motorvoertuigen
NEO-VVP
– Nunspeet Elburg Oldebroek Verkeers- en Vervoersplan
OV
– Openbaar Vervoer
PBL
– Planbureau voor de Leefomgeving
PWT
– Plaatselijke Werkgroep Toegankelijkheid
SCP
– Sociaal en Cultureel Planbureau
SPV
– Strategisch Plan Verkeersveiligheid
SW
– Stroomweg
SWOV
– Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid
V85
– V85 is de snelheid die door 85% van de weggebruikers niet wordt overschreden
VOP
– Voetgangersoversteekplaats ofwel zebrapad
VRI
– Verkeersregelinstallatie
9 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
1 Inleiding Verkeersbeleid ‘leeft’ bij inwoners: mensen praten graag over verkeersmaatregelen en oplossingen. Uit de inventarisatie die is gedaan en de gesprekken die met raadsleden zijn gevoerd, blijkt dat ook in de gemeente Nunspeet veel meningen zijn over oplossingen – oplossingen die overigens ook meer dan eens een verschillende richting op wijzen. Om de discussie over maatregelen te kunnen trechteren en om wensen vanuit de bevolking op een juiste wijze te kunnen beoordelen, biedt het GVVP een algemeen beoordelingskader. Een eerste algemene check bij een beoogde verkeersmaatregel of -oplossing zal altijd moeten zijn of de maatregel in kwestie eraan bijdraagt om dichter bij het beoogde wensbeeld te komen. Als dat niet zo is, geldt dat de maatregel in principe ongewenst is. Het is steeds de vraag hoe de wensen en vragen vanuit de bevolking ‘gewaardeerd en gewogen’ moeten worden. En die ‘waardering’ is een uitdagende kwestie. Luisteren naar de inwoners en reageren op wensen is een goede zaak, maar wel: a) gelijkheid in behandeling, onafhankelijk van de kracht waarmee wensen naar voren komen; b) een objectieve basis om geuite wensen/klachten te kunnen wegen.
1.1
Aanleiding voor dit GVVP
In de gemeente Nunspeet spelen op het gebied van verkeer en vervoer diverse kwesties. Al jaren bestaat de uitdaging voor de Stationsomgeving, waar vooral in de spitsperioden de verkeersafwikkeling te wensen overlaat, op de agenda. Ook wil de gemeente Nunspeet een beter fietsklimaat. Daarnaast speelt een aantal kleinere kwesties op het gebied van verkeer en vervoer. In het huidige GVVP staat hierover een en ander genoemd en dat vormt ook de basis voor dit nieuwe GVVP waarbij we de nog actuele zaken aanvullen met nieuwe ontwikkelingen, beleidsuitgangspunten, trends en actiepunten.
1.2
Doel van dit GVVP
Als hoofddoel van het GVVP geldt het met elkaar in samenhang beschouwen en beoordelen van de diverse ontwikkelingen en plannen die actueel zijn op dit moment. De beoordeling vindt plaats in het perspectief van het beoogde wensbeeld: waar wil de gemeente staan over pakweg 10 jaar als het gaat om het verkeer en vervoer? Alleen dan kunnen we beoordelen of maatregelen zinvol zijn. Immers: elke maatregel zou eraan moeten bijdragen dat de gemeente dichter bij haar wensbeeld komt, of in elk geval daar niet verder van afgeraakt. Het GVVP heeft daarmee dus ook de functie van toetsings-/beoordelingskader voor maatregelen op het gebied van verkeer en vervoer. Het GVVP is een plan op hoofdlijnen en bevat geen concrete uitwerkingen en detailvoorstellen. De uitwerking van de voorstellen zal de komende jaren moeten plaatsvinden. Daarbij zal meer dan voorheen aandacht zijn voor het verduurzamen van de automobiliteit (elektrisch, groengas en waterstof) en bijvoorbeeld deelalternatieven.
1.3
Het proces
Het GVVP uit 2009 is destijds in een aantal korte slagen samen met betrokken maatschappelijke partijen tot stand gekomen. In de hierop volgende zes jaar is op het gebied van verkeers- en vervoersbeleid het nodige gerealiseerd. Om die reden heeft in 2015 een actualisatie plaatsgevonden van het toenmalige GVVP. In de afgelopen jaren is de infrastructuur in Nunspeet op diverse plaatsen aangepast. Daarnaast zijn er continu ontwikkelingen gaande. Tot slot vragen ook nieuwe inzichten naar een geactualiseerd GVVP. Het GVVP combineert actuele verkeersonderwerpen met de nieuwe verkeerskwesties, trends en ontwikkelingen. Om hiertoe te komen, is overleg gevoerd met vak ambtenaren en is afstemming gezocht met de gemeenten Elburg en Oldebroek, vanwege het gemeentelijke samenwerkingsverband NEO (Nunspeet, Elburg en Oldebroek).
10 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
1.4
Participatie
Het GVVP is ontwikkeld in samenspraak met de samenleving. Voor het onderwerp verkeer- en vervoer zijn onze inwoners, ondernemers, organisaties en recreanten de ervaringsdeskundigen. De verkregen input is waar mogelijk verwerkt in dit GVVP.
1.5
Visie verkeers- en vervoerbeleid
De nadruk ligt steeds meer op duurzaamheid en het terugdringen van vervuiling. Het rijksbeleid is erop gericht dat vanaf 2030 alle nieuwe auto’s emissieloos zijn. Dat betekent dat op relatief korte termijn nogal wat veranderingen plaatsvinden. Wij spelen in op deze ontwikkeling. Visie: Het op niveau houden van een veilig, logisch en duurzaam verkeers- en vervoerssysteem.
1.6
Leeswijzer
Dit plan start met het samenvatten van de beleidsuitgangspunten. In hoofdstuk 1 ‘’Inleiding’’ staat beschreven wat de aanleiding, het doel en het proces is rondom het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan. In hoofdstuk 2 ‘’De verkeersuitdagingen in Nunspeet’’ staat beschreven welke verkeersknelpunten in het verleden aan de orde waren en wat daaraan is gedaan de afgelopen jaren. Daarna wordt het toekomstbeeld geschetst op basis van trends en ontwikkelingen. In hoofdstuk 3 ‘’De wegen in Nunspeet’’ wordt nader ingegaan op de wegencategorisering, bereikbaarheid van het centrum, diverse belangrijke verkeersvraagstukken waaronder de stationsomgeving, afsluiten van wegen en tot slot het interlokale wegennet rondom Nunspeet. In hoofdstuk 4 ‘’Fietsen in Nunspeet’’ worden de onderwerpen omtrent het fietsen in Nunspeet zoals knelpunten, schoolroutes, fietsparkeren, fietsstraten en elektrische fietsen behandeld. In hoofdstuk 5 ‘’Voetgangers’’ staat beschreven hoe de gemeente Nunspeet omgaat met schoolomgevingen, mindervaliden en visueel beperkte voetgangers. In hoofdstuk 6 ‘’Parkeren in Nunspeet’’ wordt nader ingegaan op de parkeerring in Nunspeet, parkeren in woonwijken, parkeren van vrachtwagens en de Parkeernota. In hoofdstuk 7 ‘’Openbaar Vervoer’’ staat beschreven wat de standpunt van de gemeente Nunspeet is omtrent openbaar vervoer, in de komende jaren.
In hoofdstuk 8 ‘’Verkeerssituatie dorpen en buitengebied’’ wordt nader ingegaan op het verkeer in de kernen Elspeet, Vierhouten en Hulshorst en daarbij het buitengebied dat in beheer is van de gemeente Nunspeet. In hoofdstuk 9 ‘’Duurzame Mobiliteit’’ worden de onderwerpen oplaadpunten voor zowel auto’s alsook fietsen behandeld net als deelmobiliteit. In hoofdstuk 10 ‘’Educatie, campagnes en communicatie’’ staat beschreven hoe de gemeente Nunspeet de weggebruikers informeert omtrent veilig weggedrag. In hoofdstuk 11 ‘’Maatregelindicatoren’’ worden verschillende indicatoren beschreven waarmee het wegennet van de gemeente Nunspeet geavaleerd wordt. In hoofdstuk 12 ‘’Projectenlijst’’ staat beschreven aan welke projecten de komende jaren wordt gewerkt, met daarbij een prioritering en kostenindicatie. Tot slot wordt in hoofdstuk 13 ‘’Actiepunten’’ een samenvatting gegeven van alle beschreven actiepunten uit dit GVVP.
11 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
2 De verkeersuitdagingen in Nunspeet In dit hoofdstuk schetsen wij de verkeersuitdagingen van de gemeente Nunspeet. Eerst belichten wij de hoofdkwesties uit het GVVP van 2015. Hierbij geven we aan welke maatregelen intussen uitgevoerd zijn. Op basis van het Collegeprogramma 2018-2022, gesprekken met vak ambtenaren en klachten en meldingen van inwoners beschrijven we de huidige verkeersuitdagingen. Tot slot volgen in dit hoofdstuk de opgaven voor de toekomst. Demografische ontwikkelingen en duurzaamheid zijn belangrijke onderwerpen voor het verkeersbeeld. Over het algemeen kunnen we stellen dat het verkeersbeeld in de gemeente over de grote lijn goed is. Uit gesprekken die hebben plaatsgevonden en analyses die zijn uitgevoerd, komt maar een beperkt aantal grotere uitdagingen naar voren. Dat beeld wordt bevestigd door de analyse van klachten en (ernstige) ongevallen; voor beide geldt dat die in aantal redelijk beperkt zijn.
2.1
Even terugkijken
In het GVVP van 2015 stonden vier hoofdkwesties omschreven. 1) Stationsomgeving Bij de stationsomgeving zijn de verkeersafwikkeling en het gebrek aan ruimtelijke kwaliteit al jaren een uitdaging. Nadat bureau Goudappel Coffeng in maart 2007 voor dit gebied een reconstructieplan opstelde, vroegen wij bureau Royal Haskoning DHV daarop een secondopinion uit te voeren. Dit bureau kwam in mei 2008 met een principieel andere oplossing die echter net als het onderzoek van Goudappel Coffeng leidde tot gemengde reacties. 2) Enkele hoofdwegen Vooral over de F.A. Molijnlaan en de Nijverheidsweg zijn klachten. Verder behoeft de Kienschulpenweg-Industrieweg de aandacht. 3) Parkeren en de verkeerssituatie in het centrum In het centrum is geen tekort aan parkeercapaciteit. Wel zijn het langparkeren en de bewegwijzering van parkeerplekken verbeterpunten. Daarnaast is het parkeren van vrachtwagens binnen de bebouwde kom een aandachtspunt. In mei 2014 is een parkeerdrukonderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat over het algemeen de parkeercapaciteit ruim voldoende is. Alleen op de marktdagen (donderdag) en feestdagen zijn er verbetermogelijkheden. 4) Fietsen in Nunspeet Hoewel over het fietsklimaat niet direct veel klachten zijn, willen we het wel integraal verbeteren. Hiermee willen we niet alleen de verkeersveiligheid maar ook de bereikbaarheid en de leefbaarheid in de gemeente vergroten.
Ook het parkeren van fietsen en de mogelijkheden daartoe heeft een verdiepingsslag nodig. De afgelopen jaren is er gewerkt aan de uitdagingen van destijds. Voor de Stationsomgeving (1) is men op stoom met de realisatie van een onderdoorgang. Tevens kijkt men ook naar de aansluitende hoofdwegen en aantakkingen. Het parkeren in het centrum (3) blijft de aandacht houden. Het parkeerterrein aan de Ds. Martiniuslaan was eerst een parkeerschijfzone. Uit onderzoek bleek het terrein vaak leeg te staan. Vervolgens is de Ds. Martiniuslaan weer toegevoegd aan het parkeerareaal voor langparkeren. Ook blijkt uit een gehouden parkeerdrukmeting voor het hele centrum dat over het algemeen voldoende parkeerplaatsen aanwezig zijn. De bewegwijzering voor het autoverkeer beleefd men als onduidelijk en vergt nader onderzoek. Om het fietsklimaat (4) te verbeteren, worden de bestaande fietsvoorzieningen aangepast. Om het voor de fietser echt beter te maken, is het belangrijk om de fietsvoorzieningen in het centrum op orde te hebben. Ook moeten we het fietsen aantrekkelijk maken en een verandering in denken teweeg te brengen. Met name dat laatste is uitdagend omdat de keuze voor het pakken van de fiets niet voor iedereen vanzelfsprekend is.
12 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
2.1.1 Slachtofferongevallen Meestal is het een combinatie van factoren die tot een verkeersongeval leidt, zoals door de inrichting van de weg, de staat van het voertuig en/of het gedrag van de weggebruiker(s). Logischerwijs gebeuren de meeste verkeersongevallen in de kern Nunspeet, dit vanwege de hoeveelheid verkeersbewegingen. In de kernen Elspeet, Vierhouten en Hulshorst zijn in de periode 20172020 geen black spots aan te wijzen omtrent verkeersongevallen. Dit geldt eveneens voor de gemeentelijke wegen in het buitengebied. Het kruispunt Halfweg betreft een black spot locatie, hierover is de gemeente Nunspeet in overleg met de Provincie Gelderland. Opvallende kenmerken Plaats ongevallen Voor letselongevallen zijn geen zogenaamde black spots aan te wijzen (zie figuur 1). Tussen 2017 en 2020 hebben in het stationsgebied drie ongevallen met letsel plaatsgevonden. In dezelfde periode hebben meerdere ongevallen plaatsgevonden, verspreid over de Elburgerweg binnen de bebouwde kom. De aard van deze ongevallen betroffen veelal kop-staart aanrijdingen. Leeftijd
Figuur 1 Slachtofferongevallen in de periode 2017-2020 in de kern Nunspeet
Leeftijd Als we kijken naar de ongevallen met letsel- en dodelijke afloop op de gemeentelijke wegen blijkt dat er drie leeftijdsklassen zijn waarbinnen verhoudingsgewijs veel slachtoffers vallen. De meeste slachtoffers vallen binnen de leeftijdscategorie 25-39 jaar, daarna in de categorie 70 jaar en ouder en tot slot is de categorie 18-24 jaar ook bovengemiddeld vertegenwoordigd. In al deze groepen vallen meer ernstige verkeersslachtoffers dan op grond van de feitelijke omvang van die groepen verwacht zou kunnen worden. Overigens is dat niet alleen in de gemeente Nunspeet het geval: het hoge ongevallenrisico van deze groepen is landelijk aan de orde.
13 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
2.2
Verkeersuitdagingen nu
Om inzicht te krijgen in de verkeerssituatie en de daarmee samenhangende verkeersuitdagingen, hebben we gebruikgemaakt van verschillende informatiebronnen. Zo zijn de hoofdkwesties uit het vorige GVVP en het collegeprogramma 2018-2022 gehaald en zijn gesprekken gevoerd met interne vak ambtenaren en buurgemeenten. Tot slot zijn de diverse ingekomen meldingen geanalyseerd. Op basis van bovengenoemde informatiebronnen zijn de volgende hoofdkwesties geformuleerd: • Stationsomgeving Bij de stationsomgeving zijn de verkeersafwikkeling en het gebrek aan ruimtelijke kwaliteit al jaren een uitdaging. In samenwerking met externe partners zijn inmiddels de ontwerpvarianten van het toekomstige stationsgebied gemaakt. • Fietsen Hoewel er niet direct veel klachten over zijn, willen we graag een integrale verbetering van het fietsklimaat. Met name de verkeersveiligheid, maar ook de bereikbaarheid en de leefbaarheid in de gemeente willen we verbeteren. Het parkeren van fietsen en het faciliteren daarvan is een belangrijk bijbehorend aandachtspunt. Actiepunt 1: Opstellen van een uitvoeringsplan fiets waarbij ook aandacht is voor missende schakels in het fietsnetwerk. • Het huidige parkeerregime/parkeerschijfzone handhaven In Nunspeet is geen systeem van betaald parkeren. Wel zijn in het centrum parkeerschijfzones ingesteld.
De discussie richt zich daarbij op de randen van het centrum en op de parkeerduur. Aan de randen van het centrum ontstaat parkeeroverlast bij bewoners door parkerende winkeliers en werknemers. Om een prettig winkelklimaat te hebben zou de parkeerduur, zo is de gedachte, uitgebreid kunnen worden. Deze vraagstukken worden de komende tijd nader onderzocht. Hierop gaan we verder in hoofdstuk 6. Inwoners die woonachtig zijn binnen de blauwe zone komen in aanmerking voor het aanvragen van 1 ontheffing per wooneenheid. Actiepunt 2: Onderzoek uitvoeren naar verruiming van de parkeerduur blauwe zone. • Parkeerring centrum Nunspeet Niet zozeer een tekort aan parkeercapaciteit speelt hier, maar wel het langparkeren en de bewegwijzering naar/van parkeerplekken. Dit wordt besproken in paragraaf 6.1. Actiepunt 3: Onderzoek uitvoeren of en hoe de parkeerrouting verbeterd kan worden. • Waarborgen bereikbaarheid kernen met openbaar vervoer Het openbaarvervoernetwerk is grofmazig, zowel geografisch als in tijd. Het is ook maar de vraag of de buslijn door bijvoorbeeld Vierhouten op de huidige wijze voldoet. ’s Avonds en in het weekeinde is de verplaatsingsbehoefte per reguliere buslijn matig tot slecht. De provincie Gelderland (als concessiehouder) past het aanbod van busvervoer dan ook aan de vraag aan.
Waar het reguliere busvervoer wegvalt, fungeert het doelgroepenvervoer ViaVé (voorheen Regiotaxi) als vangnet. Hierop wordt ingezoomd in hoofdstuk 7. Actiepunt 4: Inzetten op het minimaal op peil houden van het collectief vervoer.
14 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
• Aanrijdingen met wild In de gemeente Nunspeet gebeuren ongevallen met wild. Die vinden vooral plaats op de Elspeterweg, Nunspeterweg en Eperweg buiten de bebouwde kom. Dit heeft doorgaans alleen voor het wild een fatale afloop. De Elspeterweg en Eperweg behoren, wat aanrijdingen met wild betreft, tot de top 10 van de grootste knelpunten in de provincie Gelderland. In hoofdstuk 8 gaan we hier dieper op in. • Hoofdwegen De uitdagingen van enkele hoofdwegen gaan met name over de F.A. Molijnlaan en de Nijverheidsweg. Men ervaart daar klachten over snelheidsoverschrijding en verkeersonveiligheid. Verder behoeven de Kienschulpenweg-Industrieweg, Elspeterweg en Eperweg de aandacht. Om hier meer grip op te krijgen, zijn categoriseringscriteria opgesteld. In hoofdstuk 3 treft u een toelichting aan. • Overschrijding van de maximumsnelheid De gemeente krijgt met enige regelmaat meldingen over overschrijding van de maximum toegestane snelheid. Om hierin inzicht te krijgen voert de gemeente verkeerstellingen uit. Daarbij voeren verkeersambtenaren met enige regelmaat locatiebezoeken uit om een duidelijk beeld te krijgen van de situatie. Hierop wordt verder ingegaan in hoofdstuk 11.4. • Bereikbaarheid sportaccommodaties De gemeente Nunspeet heeft diverse sportaccommodaties. Zowel voetgangers als fietsers en automobilisten moeten die goed kunnen bereiken.
Ook voor hulpdiensten en (bestemd) vrachtverkeer moet de sportaccommodatie bereikbaar zijn. Verkeersveiligheid rondom sportaccommodaties is daarbij een belangrijk aspect. • Ongevallen en doorstroming Eperweg-A28 De Eperweg-A28 komt in de verkeersongevallenanalyse naar voren. In (figuur 2) zijn de ongevallen weergegeven met Uitsluitend Materiële Schade (UMS) en slachtofferongevallen. Daarbij staat de doorstroming bij zowel de gemeente als de provincie en Rijkswaterstaat hoog in het vaandel. De gemeente Nunspeet heeft de wens om op deze locatie een alternatieve kruispuntvorm te realiseren, zoals een brilconstructie.
Figuur 2 Ongevallen Eperweg-A28
Actiepunt 5: Uitvoeren van verkeersanalyse A28-Eperweg en in overleg met Rijkswaterstaat en de provincie Gelderland voor eventuele vervolgstappen. • Parkeerproblemen in woonwijken Door een relatief summier aanbod aan openbaarvervoervoorzieningen is de auto een belangrijk vervoersmiddel voor de dorpen in de gemeente Nunspeet (SCP, 2017). Inwoners gebruiken de auto als bestemminsverkeer, hetgeen invloed heeft op het parkeren in de woonwijken. Het aanbod van parkeerplaatsen is op het oude niveau gebleven en waar mogelijk uitgebreid. Vooral in de oudere woonwijken ontstaan parkeeruitdagingen, vanwege meerdere auto’s per huishouden. Dergelijke uitdagingen probeert de gemeente bij het groot onderhoud aan wegen meet te nemen. Parkeerproblemen in woonwijken worden over het algemeen kenbaar gemaakt via participatiebijeenkomsten. Tijdens verbouw en nieuwbouw wordt middels de Parkeernota van de gemeente Nunspeet een nieuwe parkeerberekening opgesteld. Op basis van de huidige parkeernormen houdt de gemeente in nieuwe woonwijken rekening met meerdere auto’s per huishouden.
15 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
2.3
Algemene trends en ontwikkelingen
Vanuit verschillende hoeken moet de gemeente rekening houden met ontwikkelingen die spelen op het punt van mobiliteit. Hoe wij ons verplaatsen zal onder invloed van onder andere technologische en demografische ontwikkelingen steeds veranderen. Uit toekomstverkenningen die in Nederland en in Europa zijn uitgevoerd, kunnen we concluderen dat men vrij unaniem van mening is dat Europa zal vergrijzen, de verstedelijking doorzet (huizen tekort) en de informatie- en communicatietechnologie zich blijft ontwikkelen. Demografische ontwikkelingen De bevolkingssamenstelling in Nederland verandert door ontgroening, vergrijzing en migratiestromen. Samen met ontwikkelingen op economisch, technologisch-ruimtelijk en sociaal-cultureel gebied beïnvloedt dit direct het mobiliteitsgedrag van de bevolking en het transportsysteem. Demografische ontwikkelingen hebben ook invloed op het mobiliteitsgedrag. Door wijzigende voorkeuren en attitudes kan de keuze voor een bepaald vervoersmiddel of het tijdstip van vertrek veranderen. Door bijvoorbeeld een verbeterd aanbod van diensten op het gebied van het openbaar vervoer kan de keuze van de reiziger veranderen. Ook op gemeentelijke schaal zijn trends en demografische ontwikkelingen waarneembaar, zoals: 1) De woon-werkafstand blijft landelijk gezien redelijk stabiel.
De toch al grote gemiddelde woon-werkafstand in de gemeente Nunspeet neemt op basis van cijfers van het CBS de afgelopen jaren af (zie tabel 1). Ondanks de gemiddelde reisafstand afname in de jaren 2014 – 2019 verwachten wij dat de komende jaren de gemiddelde woon-werkafstand gaat toenemen in Nunspeet. Door de krapte op de woningmarkt in de Randstad gaan steeds meer mensen buiten de Randstad wonen. Sommigen kiezen rechtstreeks voor landelijker wonen, zoals de gemeente Nunspeet. Ook grotere plaatsen in de regio zoals Zwolle zijn in trek. Zo moet Zwolle de komende 20 jaar, 30.000 à 50.000 extra inwoners huisvesten. De woningmarkt in de gemeente Zwolle staat onder spanning, waardoor mensen uitwijken naar gemeenten in de regio. COVID-19 heeft ervoor gezorgd dat thuiswerken steeds meer de standaard wordt. Daardoor is een grotere woon-werkafstand voor meer mensen acceptabel, aangezien men niet meer elke dag op pad gaat.
Jaar 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Woon-werkafstand vergelijking Nederland – Gelderland - Nunspeet Nederland Gelderland Nunspeet 22,7 25,0 27,8 22,6 25,0 29,0 22,5 25,1 26,1 22,1 24,6 24,4 22,5 25,0 23,4 22,2 24,5 22,5 Tabel 1 Afname woon-werkafstand in Nunspeet (in km)
2) Volgens de regionale prognose, opgesteld door het PBL, neemt de bevolkingsgrootte in onze gemeente de komende jaren toe. In 2030 is het inwonersaantal gegroeid tot 28.400. Tot 2050 neemt het inwonersaantal toe tot 29.700. Het percentage inwoners tussen 0-19 jaar bedraagt in 2030 22,2%. Dit percentage neemt tot 2050 af tot 21,9%. Het percentage inwoners dat 65+ is bedraagt in 2030 24,3%. Dit percentage neemt tot 2050 toe tot 25,9%. Wat is het gevolg voor de mobiliteit in onze gemeenten en welke maatregelen zijn denkbaar om deze trends op te vangen? 1. In de afgelopen jaren zijn aanzienlijke oppervlaktes bedrijventerreinen gerealiseerd. Niet duidelijk is of die zullen voorzien in de soort banen waarvoor onze inwoners nu nog dagelijks naar de Randstad trekken. Uit het rapport ‘De kracht van Oost’ blijkt dat een groot deel van deze pendelaars wordt gevormd door inwoners die in de bouw en aanverwante sectoren werken. Voor deze mensen is geen (structureel) werk op onze bedrijventerreinen. Dat in de afgelopen jaren ingezet is op het creëren van werkgelegenheid in onze gemeente, kan de oorzaak zijn van het afnemen van woon-werkafstand. 16 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
2. Een bevolkingstoename en de toename van de mobiliteit per persoon zal de komende jaren tot meer verkeer leiden. Reisden we in 2010 gemiddeld 30,3 km per persoon per dag, in 2014 was dat 30,7 km en in 2018 was dat 36,2 km. Als we al die kilometers per persoon per jaar optellen, verwachtte het Rijk dat er in 2040 15 à 35% meer kilometers zullen worden afgelegd dan in 2014. Echter heeft COVID-19 een nieuwe trend ingezet. In 2020 was de gemiddelde reisafstand afgenomen tot 24,9 km. Naar verwachting neemt de gemiddelde reisafstand de komende jaren weer toe, onzeker is tot welk niveau. Beleidsuitgangspunt 1: Bij toekomstige beleidsvorming houden wij rekening met de effecten van de ontwikkelingen op het gebied van inwoneraantallen, huishoudengrootte en reisafstand op de hoeveelheid verkeer. Het detailhandelslandschap is momenteel volop in beweging. Er zijn alom adviezen beschikbaar hoe de detailhandel kan mee-evolueren met de veranderende consumentenbehoeften en met de technologische vernieuwingen (denk aan de voortdurende groei van webwinkels). Er zijn echter nog geen gegevens die erop wijzen dat deze detailhandelsveranderingen ook van invloed zijn op de behoeften van bereikbaarheid en parkeren in relatie tot die detailhandel.
Dus geldt (blijkbaar) nog steeds dat niet de bereikbaarheid en het parkeren de keuze van een winkelgebied bepaalt, maar de aantrekkelijkheid van het winkelaanbod. Beleidsuitgangspunt 2: Bij de bereikbaarheid van winkelgebieden besteden wij nadrukkelijker aandacht aan duurzame manieren van vervoer naast de auto.
17 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
2.3.1 Technologische ontwikkelingen Wanneer we de vooruitzichten op een rijtje zetten, zijn belangrijke mobiliteitstrends: 1. een verschuiving naar collectief, duurzaam (emissieloos), elektrificatie en de opkomst van nieuwe vervoermiddelen (voor zover maatschappelijk rendabel). In het regeerakkoord staat over (elektrisch) vervoer het streven dat uiterlijk 2030 alle nieuwe auto’s emissieloos zijn; 2. aandacht voor doelgroepen met een hoger veiligheidsrisico (zoals ouderen); 3. de opkomst van flexwerkplekken en daarmee een verschuiving in werktijden en vervoerbewegingen (deze trend is versneld ingezet door COVID-19).
Veel van de maatregelen om op de trends in te spelen, moeten op (inter)nationaal niveau genomen worden. Denk aan platooning (meerdere vrachtwagens die als een treintje achter elkaar kunnen rijden), oplaadinfrastructuur en energieopslag (ook voor auto’s op waterstof), productie van hernieuwbaar gas voor lichte voertuigen en (Bio)LNG voor zwaar wegverkeer. Op basis van bovenstaande vooruitzichten kunnen wij stimulerend en voorwaardenscheppend te werk gaan. Dat doen we als volgt: 1. De ‘duurzaamheidsfactor’ wordt nadrukkelijker meegewogen in onze investeringen. Investeringen die autodoorstroming tot doel hebben, krijgen minder prioriteit tenzij er een aantoonbaar voordeel op het gebied van verkeersleefbaarheid tegenover staat. Maatregelen die het gebruik van trein, bus, deelauto, kleine auto’s, elektrische auto’s, taxi, e-scooter en (e- en/of deel)fiets stimuleren, krijgen prioriteit - hetzij voor de hele reis, hetzij alleen in het voor- en natransport. Dat kan concreet door te investeren in infrastructuur (waaronder ook elektrische laadpunten) voor deze vervoerwijzen. Het reserveren van (meer) bestaande infrastructuur voor deze vervoerwijzen is belangrijk. 2. Aandacht voor de doelgroepen met een hoger veiligheidsrisico bestaat uit het veiliger en vergevingsgezind maken van fietspaden en daarbij ook het rekening houden met de inrichting van de openbare ruimte.
De bochtstralen in fietspaden kunnen bijvoorbeeld ruimer gemaakt worden, zodat elektrische fietsen en speed pedelecs deze veilig kunnen passeren. 3. Gedragsverandering is een randvoorwaarde voor de technologische ontwikkelingen. Thuiswerken draagt bij aan het verminderen van auto, mensen moeten dit dan wel actief gaan doen. Daarbij draagt de wijziging van modaliteitskeuze tevens bij aan het verminderen van autokilometers. 4. Leefbaarheid wordt verbeterd door inzet van kleine elektrische voertuigen voor winkelbevoorrading. Vanuit distributiehubs worden de goederen schoon (duurzaam) getransporteerd tot de eindbestemming. Beleidsuitgangspunt 3: Duurzame- en innovatieve vervoermiddelen wegen nadrukkelijker mee bij de verdeling van beschikbare ruimte en in de verdeling van beschikbare middelen.
18 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
3 De wegen in Nunspeet Het gebruik van de lokale hoofdwegen is door de toename van auto’s per huishouden en de groei van de inwoneraantallen gestegen. De groei van het autoverkeer zorgt ervoor dat de hoofdwegen ook minder verkeersveilig zijn voor voetgangers en fietsers. De oorzaak van de zware verkeersdruk op de hoofdwegen ligt in de kern in een onevenwichtige verdeling van het verkeer. Voor het externe verkeer van en naar de A28 zijn twee routes beschikbaar: de Elspeterweg en de Eperweg. Als de intensiteit van beide wegen samen op 100% wordt gesteld, blijkt dat in de huidige situatie ongeveer 60% (12.000 motorvoertuigen (MVT)/etmaal) van het verkeer gebruikmaakt van de Elspeterweg en ongeveer 40% (9.000 MVT/etmaal) van de Eperweg. Het liefst wil de gemeente een 50/50-verdeling. Dit kan onder andere bewerkstelligd worden door de aanwijzing ‘Centrum’ aan te geven op de bebording langs de A28 en of door elders verkeerskundige maatregelen te treffen, zoals wegversmallingen, gesloten verklaringen en snelheidsverlagingen. Het is gunstig voor de verkeersveiligheid, de leefbaarheid en de kwaliteit van de gemeente als het autoverkeer waar mogelijk ‘om de kern’ plaatsvindt. Ook met het oog op een veilig en comfortabel fietsklimaat is dat van belang.
Dit betekent dat er sterke argumenten zijn en een grote logica om het gebruik van rondweg de Kolk en de Eperweg zo veel mogelijk te bevorderen. Dit is ook van belang voor de ontwikkeling van woongebieden Molenbeek en eventueel toekomstig voor ’t HulNoord.
3.1
Wegencategorisering
Wegencategorisering is het opstellen van een visie op een verkeersveilig wegennet. Voor de weggebruiker moet de weginrichting eenduidig en herkenbaar zijn. Op basis van de wegencategorisering moet het netwerk samenhangend, functioneel en realiseerbaar zijn. Bij een goede weginrichting kan een weggebruiker direct zien: • wat is de maximumsnelheid; • welk verkeersgedrag van hem wordt verwacht; • welke andere soorten weggebruikers hij kan tegenkomen. In het kader van Duurzaam Veilig Verkeer worden de wegen verdeeld in drie categorieën: erftoegangsweg, gebiedsontsluitingsweg en stroomweg. Deze indeling is een ideaalbeeld en niet overal te realiseren. Voor een nadere toelichting op de wegcategorieën zie bijlage 3. Door wegcategorieën aan te wijzen wordt de weg ‘leesbaar’. Wegen worden conform Duurzaam Veilig Verkeer principes ingericht: • Functie, vormgeving en gebruik van de weg zijn op elkaar afgestemd; • Handelingen van de verkeersdeelnemer, de snelheid en de omgeving zijn met elkaar in balans. Onzeker gedrag wordt omgezet in ‘voorspelbaar gedrag’, afhankelijk van: • een herkenbare en eenvoudig ingerichte verkeerssituatie; • een vormgeving in overeenstemming met de functie. Binnen de bebouwde kom zijn de volgende wegcategorieën: • Erftoegangsweg - verblijfsgebied (30 km/u); • Gebiedsontsluitingsweg – wijk / dorpsontsluiting (50 km/u).
Buiten de bebouwde kom zijn de volgende wegcategorieën: • Erftoegangsweg – ontsluiting van erven (60 km/u); • Gebiedsontsluitingsweg – dorpontsluiting (80 km/u) – beheer door Provincie Gelderland; • Stroomweg – Interlokale ontsluiting (>100 km/u) – beheer door Rijkswaterstaat. Is eenmaal vastgesteld welke functie een weg vervult, dan dient de inrichting hierop passend te zijn. Daarbij gaat het om zowel het profiel (indeling in de breedte van de weg) als om passende maatregelen om het gewenste verkeersgedrag te ondersteunen.
19 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
Om een verkeersveilig wegennet te realiseren is het ideaalscenario alle wenselijke (verkeers)maatregelen toe te passen. Het spanningsveld is dat niet altijd de middelen voor handen zijn en daarom zijn verblijfsgebieden sober ingericht, middels asfaltverharding met beperkte maatregelen waardoor woongebieden niet voor iedereen voldoende veilig zijn. In dergelijke situaties is het mogelijk dat de snelheid van 30 km/u onvoldoende wordt afgedwongen (zie bijlage 5 voor een uiteenzetting van snelheidsremmende maatregelen). Actiepunt 6: Op basis van de wegencategorisering volgt een nadere uitwerking van de maatregelen.
3.2
Duurzaam Veilig Verkeer
Verkeersveiligheid (Duurzaam Veilig Verkeer) is een randvoorwaarde bij het invoeren van (verkeers)maatregelen. Er zijn verschillende maatregelen om het verkeer veiliger te maken en het aantal (ernstige) verkeersgewonden en verkeersdoden terug te dringen. Verkeersonveilige situaties kunnen onder meer worden opgelost door zaken te veranderen aan de inrichting van wegen en ook door het aanpassen van het gedrag van de weggebruiker. De Duurzaam Veilig Verkeer-visie is gebaseerd op een vijftal leidende basisprincipes. Door Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) zijn deze vijf principes onderbouwd: 1) functionaliteit; 2) homogeniteit; 3) herkenbaarheid; 4) vergevingsgezindheid; 5) statusonderkenning. In bijlage 2 worden bovenstaande principes nader toegelicht. Specifiek gemeente Nunspeet De afgelopen jaren lag de nadruk op de (aanpassing van de) infrastructuur. Dit is gedaan op basis van het categoriseren van wegen (zie hoofdstuk 3.1.). Daarbij zijn de wegen ingericht overeenkomstig Duurzaam Veilig Verkeer waardoor ervan veilig gebruikgemaakt kan worden. De nadruk bij het treffen van maatregelen ligt nu meer op voorlichting, educatie en handhaving. Met het aanbrengen van bijvoorbeeld snelheidsremmende maatregelen wordt spaarzaam omgegaan, vanwege precedentwerking. De onderstaande punten gaan vooral over de inrichting van de openbare ruimte.
Daarbij is ook het gedrag van de weggebruiker een belangrijk onderdeel. Wat willen we bereiken: 1) veilig ingerichte 30 km/uur-zones (verkeersveilige woonwijken); 2) veilige en vergevingsgezinde 60- en 80 km/uur-wegen; 3) veilige en vergevingsgezinde fietsinfrastructuur; 4) innovatieve infrastructuur; 5) veilig verkeersgedrag; 6) handhaving krijgt weer een belangrijke plek. In bijlage 4 worden bovenstaande te bereiken punten nader toegelicht. Samengevat: Wij zetten in op verkeersveiligheid, zeker voor de meer kwetsbare verkeersdeelnemers (scholieren, senioren) en op routes, locaties en in gebieden waar deze kwetsbare verkeersdeelnemers meer dan gemiddeld rijden.
3.3
Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV)
Het landelijke strategisch plan verkeersveiligheid streeft naar een proactief beleid en samenwerking met diverse partijen om het aantal verkeersslachtoffers te verlagen tot nul in 2040. Dit GVVP sluit hierop aan als onderdeel van de integrale aanpak van onveilige situaties in de gemeente. De gemeente doet dit niet alleen, maar samen met de regionale verkeersveiligheidspartners. 20 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
3.4
De bereikbaarheid van het centrum
Een goede bereikbaarheid is voor inwoners en bezoekers van groot belang. Het makkelijk kunnen vinden van het centrum is daarbij een belangrijke voorwaarde. De Harderwijkerweg, Laan, Eperweg en Stationslaan zijn aangeduid als de externe toevoerwegen naar het centrum (zie figuur 3). Idealiter heeft iedere modaliteit (fiets, auto en bus) een eigen toevoerweg, echter door de beperkte hoeveelheid toevoerwegen zijn de toevoerwegen in gebruik voor de verschillende modaliteiten, dit zorgt voor extra verkeersdruk op deze wegen. Bij bereikbaarheid horen ook een goede bewegwijzering en voldoende parkeerplaatsen van goede kwaliteit. Door sturend beleid kan gestimuleerd worden dat het autogebruik richting het centrum wordt teruggedrongen. Uitgangspunt is dat centrumparkeerplaatsen inclusief de parkeerkelder onder het gemeentehuis bedoeld zijn voor en gebruikt worden door het winkelend publiek en dat werknemers in het centrum meer verleid moeten worden alternatieve vormen van vervoer te zoeken en/of verder van het centrum te parkeren.
Figuur 3 Bereikbaarheid van het centrum (groot formaat in bijlage 7)
3.5
De stationsomgeving
Zowel voor autoverkeer en openbaar vervoer komt er verbetering van de doorstroming door middel van ondertunneling. Ook voor voetgangers en fietsers worden hoogwaardige voorzieningen gerealiseerd in het Stationsgebied. Fietsers passeren het spoor via een vrijliggende fietstunnel. De fietspaden in het Stationsgebied zijn eveneens vrijliggend en waar mogelijk in de voorrang gelegen ten opzichte van het gemotoriseerde verkeer. Rondweg de Kolk moet ervoor zorgen dat de verkeersdruk in de Stationsomgeving ontlast wordt, met name verkeer met de bestemming aan de noordzijde van Nunspeet dient via de Rondweg de Kolk verwerkt te worden. Beleidsuitgangspunt 4: Wij streven naar een kwaliteitsvolle omgeving, met een groene aanblik en dorpse uitstraling. Daarbij hebben wij een laagwaardige verkeersafwikkeling voor ogen met prioriteit voor de verblijfskwaliteit.
21 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
3.6
F.A. Molijnlaan
De F.A. Molijnlaan ligt centraal binnen Nunspeet en geeft verbinding met zowel de Eperweg en de Elspeterweg alsook de Elburgerweg. Dat betekent dat de route voor het extern verkeer aantrekkelijk is. Ook voor verkeer van en naar plan Molenbeek, ’t Hul en Kijktuinen is de F.A. Molijnlaan een aantrekkelijke route. De functie GOW (50 km/u) is passend. Tegelijkertijd is de verbindende functie een uitdaging qua inpassing voor een aantrekkelijk Stationsgebied. In het project, dat een verbetering van de doorstroming en verkeersveiligheid beoogd, wordt ook een betere verbinding van het station met het centrumgebied nagestreefd. Het projectplan van de Stationsomgeving gaat ook uit van een gedeelte van de F.A. Molijnlaan als ETW (30 km/u). hetgeen een verdere beperking/afname van het verkeer door het Stationsgebied moet bewerkstellingen indien er gelijkwaardige alternatieve routes (in tijd) voor verkeer over de F.A. Molijnlaan zijn. Een mogelijkheid is om het verkeer tussen de A28 en het oostelijke deel van Nunspeet via de Eperweg te laten rijden, bijvoorbeeld door deze route sneller te maken. Om te voorkomen dat er extra verkeersdruk op de route ontstaat, of scherper gesteld: om ervoor te zorgen dat de verkeersdruk hier afneemt, kan het noodzakelijk zijn om een weerstand voor het autoverkeer in te bouwen.
Actiepunt 7: Onderzoek uitvoeren naar de noodzakelijkheid van maatregelen op de F.A. Molijnlaan, deze afstemmen op de functie.
3.7
Kienschulpenweg, Industrieweg en Nijverheidsweg
De Industrieweg en Kienschulpenweg fungeren als een soort westelijke rondweg. Vanuit die gedachte hebben deze wegvakken een gebiedsontsluitende functie. Daarbij hoort een passend snelheidsregime van 50 km/u. De parallel gelegen Nijverheidsweg is een erftoegangsweg (ETW) met snelheid 30 km/u, maar is een aanzienlijk kortere verbinding tussen Elspeterweg en Harderwijkerweg en dus aantrekkelijk voor ‘doorgaand verkeer’. Op netwerkniveau kan door het opwaarderen van de Industrieweg naar GOW (50 km/u) de intensiteit in de Nijverheidsweg omlaag worden gebracht, beter overeenkomstig met de huidige functie. Herinrichting van de Nijverheidsweg is een mogelijkheid om het verkeer te sturen naar de Industrieweg. De Nijverheidsweg, tussen Industrieweg en Harderwijkerweg, heeft als ETW (30 km/u) een relatief hoge verkeersintensiteit; het is een korte verbinding tussen het zuiden van Nunspeet (vanaf de A28) en het noorden van Nunspeet (bedrijventerrein en woongebied). De huidige inrichting past meer bij een GOW (50 km/u). Het opwaarderen van de Nijverheidsweg naar GOW (50 km/u) kan leiden tot nog meer verkeer en bijbehorende gevolgen voor het woonklimaat. Om die reden moet onderzocht worden welke maatregelen noodzakelijk zijn om het wegvak conform wegcategorie erftoegangsweg in te richten.
Actiepunt 8: Onderzoek uitvoeren naar de noodzakelijkheid van maatregelen op de Nijverheidsweg, deze afstemmen op de functie.
3.8
Stationslaan
In mindere mate geldt ook voor de Stationslaan een vergelijkbaar effect. Wordt deze weg verder afgewaardeerd en nadrukkelijker onderdeel van het winkelgebied met bijbehorende (erfachtige) inrichting, dan zal meer verkeer via de F.A. Molijnlaan en/of de Nijverheidsweg worden afgewikkeld. Is de Stationslaan nadrukkelijk in beeld als onderdeel van de parkeerroute, dan zal meer verkeer via de Stationslaan naar het centrum rijden. Op het schaalniveau van Nunspeet lijkt de Stationslaan het meest geschikt als onderdeel van de parkeerroute, vooral voor verkeer dat via de Elspeterweg Nunspeet binnenrijdt.
22 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
3.9
Afsluiten van wegen
Het afsluiten of knippen van wegen heeft geen voorkeur, omdat het mogelijk leidt tot precedentwerking en druk geeft op andere (omliggende) wegen. Er worden in principe geen wegen afgesloten alsook geen drempels en plateaus als snelheidsremmende maatregelen toegepast. Dit geeft namelijk hinder en overlast voor hulpdiensten en weggebruikers. De gewenste routekeuze en het gewenste snelheidsgedrag op een juiste manier ‘afdwingen’ is het streven en blijft tegelijk een uitdaging. De gemeente heeft als taak de inrichting zo passend mogelijk te maken, maar blijft afhankelijk van het gedrag van de verkeersdeelnemers. Beleidsuitgangspunt 5: Wij gaan terughoudend om met het afsluiten van wegen en toepassen van nieuwe drempels als gevolg van maximum snelheidsoverschrijding.
3.10 Interlokale wegen In het GVVP wordt met name het gemeentelijke wegennet besproken. Echter zijn de interlokale wegen eveneens belangrijk. Veel gemotoriseerd verkeer in Nunspeet is afkomstig van buiten de gemeentegrenzen. Verkeer stopt immers niet bij de gemeentegrens. Dit interlokale verkeer komt hoofdzakelijk via één van de toevoerwegen de gemeente binnen. Onderstaande kaart geeft de belangrijke interlokale wegen weer voor de gemeente Nunspeet (zie figuur 4). De ontsluiting van Nunspeet is goed vanwege de twee aansluitingen op de A28. Daarbij vormt de rondweg de verbinding tussen de A28 en de Elburgerweg, richting Elburg. Aan de westzijde is Nunspeet ontsloten met Harderwijk via de Harderwijkerweg.
Figuur 4 Weergave van interlokale wegen in de regio
23 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
4 Fietsen in Nunspeet In de gemeente Nunspeet staat de fiets centraal. Er zijn veel fietsroutes en -knooppunten die zowel inwoners als toeristen gebruiken. Bij een goed en prettig fietsklimaat is sprake van: 1. directheid: fietsers kunnen via rechtstreekse verbindingen fietsen zonder veel te hoeven omfietsen; 2. samenhang: fietsers hebben voor hun route veel keuzemogelijkheden; 3. verkeersveiligheid: men veilig kan fietsen; 4. comfort: het fietsen is comfortabel; 5. aantrekkelijkheid: de omgeving waarin men fietst is aantrekkelijk. De gemeente Nunspeet beschikt over een fijnmazig netwerk. Voor een integrale verbetering van het fietsklimaat is een fietsnetwerk met primaire routes te onderscheiden van andere wegen en paden waarop gefietst kan worden. Op het primaire fietsnetwerk verdient fietsverkeer prioriteit (ook in vormgeving en fietsparkeren). Hierdoor worden de veiligheid en leefbaarheid vergroot. Hierbij kan de keuze zijn om autoverkeer te verminderen door de weg af te waarderen (van gebiedsontsluitingsweg naar erftoegangsweg) of in te richten als fietsstraat of Shared Space. Een goed fietsnetwerk tussen bijvoorbeeld de woongebieden en het centrum maar ook tussen woongebieden en werklocaties maakt het aantrekkelijk(er) om te fietsen en kan op die manier bijdragen aan het beperken van de groei van het autogebruik.
Met name door de komst van elektrische fietsen en speed pedelecs moet in toekomstplannen rekening gehouden worden met de bochtstralen en zichtlijnen vanwege de hogere snelheid. Omdat het belangrijk is om fietsgebruik te stimuleren, wordt de komende jaren onderzoek gedaan naar de vraag welke maatregelen nodig zijn om de knelpunten in ons fietsnetwerk te verbeteren. Hierdoor krijgt de positie van de fiets een prominentere rol in onze samenleving. In samenwerking met omliggende gemeenten en provincie kijken we naar parallelle fietsroutes en passende maatregelen. Beleidsuitgangspunt 6: Fietsroutes naar scholen, winkels en het station zijn veilig, comfortabel, direct en van voldoende samenhang. Actiepunt 9: Opstellen van een ‘Fietsplan gemeente Nunspeet’, met daarin een verdere uitwerking en verfijning van het fietsnetwerk.
24 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Gemeente Nunspeet
4.1
Lijnenkaart fietsinfra
De volgende gebieden en voorzieningen zijn de belangrijkste fietsbestemmingen voor de inwoners van Nunspeet: 1) het centrum; 2) bedrijventerreinen; 3) winkelcentra; 4) sportfaciliteiten; 5) scholen; 6) het NS-station; 7) Veluvine. Dit betekent dat vanuit de woonbestemmingen vooral de routes naar deze bestemmingen bijzondere aandacht verdienen (zie figuur 5) voor de belangrijkste fietsinfra in Nunspeet.
Figuur 5 Fietsinfra Nunspeet (groot formaat in bijlage 8)
4.2
Knelpunten fietsinfra
De fietsroutes vallen volledig samen met de hoofdwegen binnen Nunspeet: de Nijverheidsweg, F.A. Molijnlaan, Oenenburgweg en Harderwijkerweg. De primaire routes vallen samen met de andere hoofdwegen (zie figuur 5). Wat betreft de provinciale (doorgaande) routes is er op het netwerk niet zo veel aan te merken. Echter blijken nog enkele optimalisaties mogelijk: • route Bosweg-Oosterlaan-De Kolk; • route Eikbosserweg-Berenbosweg-Potsgildewegje; • route Eikbosserweg-Berenbosweg-Westerlaan; • route Oranjelaan-Zeeweg-Marktstraat–Dorpsstraat-Bergakkerweg-station. • Rotonde Elburgerweg-Oenenburgweg De uitwerking van bovenstaande optimalisaties zijn onderdeel van het op te stellen ‘Uitwerkingsplan fiets’. In de bijlage van dit document (bijlage 1) wordt een eerste visie beschreven rond de optimalisaties van de genoemde knelpunten.