AP 4 notulen raadsvergadering 29 april 2021
Tekst van het document
Vergadering: 27 mei 2021 Agendapunt: 4 Notulen van de openbare digitale vergadering - conform Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming provincies, gemeenten, waterschappen en openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba - van de raad van de gemeente Nunspeet, gehouden op donderdag 29 april 2021, aanvang 19.30 uur, in de raadzaal van het gemeentehuis, Markt 1 te Nunspeet. Aanwezig zijn de raadsleden, de heren K.M. van Bronswijk (CDA), R.A. de Bruin (SGP), mevrouw J.M. Elskamp (ChristenUnie), de heer A. Harteveld (ChristenUnie), mevrouw C. Jansen-van de Brink (Gemeentebelang), de heren M.J. Juffer (Gemeentebelang), M. van Klompenburg (SGP), M.A. Konings (Gemeentebelang), E. Leusink (ChristenUnie), J. Meijer (CDA), M.A. Mol (Gemeentebelang), drs. G.M. Mulder (SGP), mevrouw A. Pluim (Gemeentebelang), de heren A.T. van de Pol (SGP), G. Polinder (SGP), H.J. Polinder (SGP), P.V. van Rossen (Gemeentebelang), C.T. Smit (ChristenUnie), J. Snaterse (Liberaal Nunspeet), A.J. Timmerman (PvdA/Groen Links) en L.A. van de Weerd (SGP). Voorzitter Griffier
: :
de heer B. van de Weerd, burgemeester de heer J.L. van den Broek, raadsgriffier
De heer P.N. Kokkes, raadsadviseur, is tevens aanwezig. Tevens zijn de wethouders, de heren drs. M. van de Bunte, J. Groothuis, L. van der Maas, mevrouw M.W. Storteboom en de heer P. Teeninga, alsmede de gemeentesecretaris, de heer mr. A. Heijkamp, aanwezig. 1. Opening. De voorzitter opent de vergadering en spreekt het formulieropeningsgebed uit. 2. Vaststelling agenda. De agenda wordt zonder hoofdelijke stemming ongewijzigd vastgesteld. 3. Vragenhalfuurtje. Mevrouw Elskamp: “Voorzitter. Het Jongerenonderzoek 2021. Daar zijn wij als fractie van de ChristenUnie heel blij mee. We hebben regelmatig aangedrongen op het betrekken van jongeren. Nu mogen ze zelf meedenken over het activiteitenaanbod in de gemeente Nunspeet. Dat is heel mooi. Overigens hebben veel meer fracties aangedrongen op het betrekken van jongeren, dus ik denk dat het breed gedragen is dat we er blij mee zijn dat dit onderzoek is uitgezet. Het is een mooi onderzoek. Wij hebben zelf persoonlijk 4 kinderen in de leeftijd van 11 tot en met 27. Dus we hebben verschillende brieven binnen gekregen. Ook een ouderbrief zat er bij. De brieven waren mooi aangepast op de leeftijd van de verschillende jongeren. Kortom, goed gedaan. Het onderzoek is bereikbaar via een QR code en daardoor gemakkelijk online in te vullen. Daarvoor dus complimenten.
Vanaf deze plek willen we de jongeren die meeluisteren oproepen om de vragen van dit jongerenonderzoek te beantwoorden. We roepen de ouders op om de jongeren hieraan te herinneren. We waren wel onaangenaam verrast over de vorm van de beloning voor jongeren voor het meedoen aan het onderzoek, namelijk de kans op een Bol.com bon ter waarde van 20 of 50 euro. Die vonden we wel even lastig. Bol.com gaat niet bijdragen aan onze lokale samenleving. Dat doen onze ondernemers wel, zoals we allemaal weten. Persoonlijk leren wij onze kinderen dat je alleen online koopt wat je lokaal echt niet kunt vinden. Deze jongeren krijgen als beloning van de gemeente een bol.com bon. Als fractie vinden wij het belangrijk dat de overheid het goede voorbeeld geeft en dat we aan de jeugd laten zien dat het ook lokaal kan. We hebben hier dus wat vragen over. Om welke reden is er gekozen voor een Bol.com bon in plaats van een lokaal te besteden tegoed? Dan een aanvullende vraag daarop.
-2-
Wil de gemeente initiatief nemen om samen met lokale ondernemers te komen tot een lokaal te besteden cadeaubon, die dan wellicht tegen de kerst klaar is? Dan kunnen we voor het bestellen van kerstpakketten lokale cadeaubonnen weggeven. We hebben ook nog andere vragen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een extern bureau. Ik weet dat in de gemeente Ermelo ook een onderzoek is gedaan onder de jongeren. Dat onderzoek is uitgevoerd door Welzijn Ermelo, in samenwerking met een middelbare school. Wat is de reden geweest om te kiezen voor een extern onderzoeksbureau en waarom wordt het onderzoek niet uitgevoerd door een lokale betrokken partij? Welke lokale partijen zitten aan tafel bij de panelgesprekken die met de jongeren plaatsvinden? Kunnen wij als raad een terugkoppeling krijgen van het onderzoek?” Wethouder Teeninga: “Ten eerste de vraag om welke reden er gekozen is voor een Bol.com bon in plaats van een lokaal te besteden tegoed. Dit had puur praktische redenen. Wij wilden een incentive gebruiken die zoveel mogelijk jongeren aanspreekt. Op deze manier kunnen jongeren naar eigen inzicht het bedrag besteden. En wij hebben de onderzoeker gevraagd de bonnen te verdelen, zodat emailadressen - die vrijwillig kunnen worden doorgegeven door de jongeren - niet onnodig gedeeld moesten worden. Voor de onderzoeker was dit een gangbare werkwijze.
De tweede vraag is of de gemeente initiatief wil nemen om samen met de ondernemers te komen tot een lokaal te besteden cadeaubon, zodat we daar in de toekomst gebruik van kunnen maken. Dat zou kunnen. Deze vraag overstijgt echter dit jongerenonderzoek. We zullen deze vraag neerleggen bij de afdeling economie of dit te bespreken is met de ondernemers. Het is wel mooi om te vertellen dat inmiddels al 820 jongeren uit de gemeente Nunspeet de vragenlijst ingevuld hebben. Dat is al een fantastische score, maar die kan nog groter worden. Dan de vraag wat de reden is geweest om te kiezen voor een extern onderzoeksbureau en het onderzoek niet te laten uitvoeren door een lokale betrokken partij. Dit onderzoeksbureau heeft ook in 2012 vrijwel hetzelfde onderzoek uitgevoerd. De onderzoeker werkte toen heel erg vraaggericht en stond open voor de inbreng vanuit gemeente en de welzijnsorganisaties. En het onderzoek leverde toen veel nuttige informatie op, vooral ook doordat er toen een uitgebreide analyse is aangeleverd. Wij kwamen tot de conclusie dat we nu 8 jaar later veelal dezelfde vragen hebben. Om heel veel extra werk te voorkomen hebben we opnieuw dezelfde onderzoeker gevraagd. De vragenlijst van toen is als opzet genomen en is vervolgens op flink wat punten aangepast en geactualiseerd, waarbij de input is gebruikt van de welzijnsorganisaties, een aantal jongeren en de gemeente.
Welke lokale partijen zitten aan tafel bij de panelgesprekken? Dat zijn er niet zoveel. De jongeren moeten vrijuit kunnen spreken. Naast de onderzoeker zal het aantal deelnemers vanuit de gemeente en de welzijnsorganisaties beperkt zijn. U vraagt of de raad een terugkoppeling kan krijgen van het onderzoek. Uiteraard. Het eindrapport is openbaar en zal naar verwachting eind juli beschikbaar zijn. Wij zullen de conclusies dan ook met u delen.” Mevrouw Elskamp: “Ik hoor volgens mij dat om zoveel mogelijk jongeren aan te spreken er gezocht is naar bijvoorbeeld een Bol.com bon, zodat zoveel mogelijk jongeren daar iets vandaan kunnen halen wat hen aanspreekt. Misschien voor het vervolg dan de vraag: Hoe kunnen we de Nunspeetse jongeren net zo enthousiast maken voor een lokaal te besteden tegoed?” Wethouder Teeninga: “We willen zeker het initiatief nemen om samen met de ondernemersvereniging te gaan bekijken of een breed samengestelde lokale tegoed bon georganiseerd kan worden. Dat was op deze korte termijn niet meer te organiseren. We zullen de vraag en het initiatief bespreken met de ondernemersverenigingen.” De heer Van Bronswijk: “In Elspeet hebben we ook een prachtige ondernemersvereniging en die heeft al zo’n prachtige bon. Misschien dat het college daarop kan aanhaken.
Als je het toch lokaal wilt doen, zijn er nog meer kernen waar ze ook prachtige initiatieven hebben.” De heer De Bruin: “De uitvoering van de Wmo door de welzijnsorganisaties is in de afgelopen periode opnieuw aanbesteed. Op 1 juni gaan deze nieuwe contracten lopen.
-3-
Via diverse kanalen kwamen bij ons signalen binnen dat de nieuwe contracten prijstechnisch niet uit kunnen en diverse partijen aan de voorkant ook niet hebben meegedaan met deze aanbesteding. Dit omdat de tarieven niet kostendekkend zijn. Een voorbeeld daarvan is de Zorggroep Noordwest-Veluwe. Ook in andere gemeenten worden rondom dit onderwerp vragen gesteld, bijvoorbeeld in de gemeenten Putten en Harderwijk. De vragen die wij stellen hebben betrekking op het tarief rondom de begeleiding van de dagbesteding bij ouderen. Vraag 1. Het nieuwe tarief voor de dagbesteding is per 1 juni vastgesteld op 9 euro. In gemeente Apeldoorn zit dat op 12 euro en gemeente Barneveld zit daar nog weer boven. Kan de wethouder bevestigen dat in de nieuwe contracten een prijsverlaging is bewerkstelligd van 12 naar 9 euro? Dus een korting van maar liefst 25% voor deze welzijnsorganisaties? Vraag 2. Afgelopen jaren is er een extern onderzoek door het bureau HHM geweest naar onder andere de tarieven. Hierbij concludeerde het onderzoeksbureau dat het ook voor veel minder kon. Daarbij is door een aantal instellingen tijdens de presentatie hiervan geprotesteerd dat dit niet kostendekkend is. Toen is toegezegd om deze signalen mee te nemen.
In hoeverre zijn deze signalen van toen meegenomen in de aanbestedingsprocedure? Heeft de noodzaak van continuïteit in het begeleiden van groepen ouderen nog een rol gespeeld bij de tariefstelling? Vraag 3. Hoe is het tarief tot stand gekomen? Wanneer er vanuit het veld vanaf het begin zo duidelijk is aangegeven dat dit tarief niet kostendekkend is, hoe komt het bureau HHM er dan toe dat dit dan wel mogelijk is? Waar zit dat grote verschil? Vraag 4. Als gemeente willen we een goede werkgever en opdrachtgever zijn. Door welzijnsorganisaties deze tarieven op te leggen en te vragen aan instellingen om onder de kostprijs te werken, is er onzes inziens van goed opdrachtgeverschap geen sprake meer. Hecht de wethouder ook aan een goed opdrachtgeverschap en aan een tarief waarmee welzijnsorganisaties kostendekkend kunnen werken? Vraag 5. Wordt of is dit proces geëvalueerd met alle partijen? Dan bedoelen we ook de partijen die niet hebben ingeschreven, maar deze zorg tot vandaag toe wel hebben geleverd. Vraag 6. In onze gemeente hebben we een goed functionerend welzijnswerk. Met de nieuwe contracten dreigt in het ergste geval het wegvallen van mooie functionerende welzijnsorganisaties.
Is de wethouder bereid om samen met de welzijnsorganisaties te kijken naar oplossingen?” Wethouder Teeninga: “Allereerst wil ik in zijn algemeenheid aangeven dat welzijnsorganisaties gesubsidieerd worden en niet afgerekend op uurtarieven. Jaarlijks worden deze subsidies opnieuw vastgesteld. Wellicht zit er een bepaald misverstand bij de zorgorganisaties die hebben ingeschreven op inkoop Wmo. Daarvoor geldt het volgende. Voorafgaand aan de aanbesteding zijn de productomschrijvingen in consultatie met de aanbieders vormgegeven. Vervolgens is een onafhankelijk kostprijsonderzoek uitgevoerd voor alle Wmo producten door een deskundig onderzoeksbureau. Daarbij speelde in de opdracht een bezuiniging om tot lagere tarieven te komen beslist geen rol. In de kostprijs zijn alle relevante parameters - in dialoog met de aanbieders - meegenomen zoals cao, reiskosten, overhead, ziekteverzuim en huisvestingskosten. Aanbieders zijn in dat traject meegenomen en konden reageren als een parameter niet klopte. De colleges van de deelnemende gemeenten hanteren de kostprijzen zoals die op basis van het onafhankelijke kostprijsonderzoek tot stand zijn gekomen. Voor wat betreft de inkoop zijn de contracten nu gesloten en de handtekeningen gezet van gemeente en aanbieders. Momenteel zitten we midden in de implementatiefase.
Dat betekent dat er gesprekken gaande zijn met aanbieders die hebben ingeschreven. We zijn ook in gesprek met aanbieders die niet hebben ingeschreven en wel zorg leveren, zoals de door u genoemde Zorggroep Noordwest-Veluwe. De Zorggroep Noordwest-Veluwe heeft ook aangegeven dat zij alle medewerking zal verlenen om tot een zachte overdracht te komen waarbij cliënten en medewerkers kunnen overgaan naar een andere instelling. Uiteraard hecht de gemeente aan een goed werkgeverschap en een goed opdrachtgeverschap. Wat ons betreft is er geen sprake van dat er onder de kostprijs moet worden gewerkt. Dan uw laatste vraag. Uiteraard gaan we terugkijken hoe het proces is verlopen. We zitten nu echter nog volop in de implementatiefase. Terugkijken is nu nog te vroeg. De implementatiefase wil zeggen dat we geen cliënt tussen wal en schip willen laten vallen en dat alle cliënten, die nu op basis van de Wmo zorg dan wel ondersteuning krijgen, na deze aanbesteding een goede plek zullen krijgen en aanspraak kunnen blijven maken op de zorg en ondersteuning die ze nodig hebben.”
-4-
De heer De Bruin: “Ik ben blij om te horen dat de wethouder aangeeft dat de gemeente goed opdrachtgeverschap hanteert en dat welzijnsorganisaties niet onder kostprijs moeten werken. Bij mij blijft nog wel de vraag open over de kostprijsberekening. Ik heb het document van die adviesgroep ingezien. Dat is best een technisch stuk waar ik niet alles van begrijp, maar daar zal een prima onderbouwing in zitten. U noemde een aantal zaken die daarin verrekend worden, dat is prima. Zij komen tot een kostprijsberekening. Vervolgens zeggen de welzijnsorganisaties dat dat niet uit kan. Ik hoor u ook zeggen dat het mogelijk kan zitten in een stukje subsidie die daarin niet is meegerekend. Ik kan me ook bijna niet voorstellen dat welzijnsorganisaties daar blijkbaar niet van op de hoogte zijn, omdat ze heel goed weten hoe dit soort routes lopen. Het zou misschien kunnen. Het is voor onze fractie echt wel een dossier waar we goed de vinger aan de pols moeten houden. We hebben fijne welzijnsorganisaties, goed functionerende welzijnsorganisaties. Die moeten we echt houden in onze gemeente. Die moeten tenminste kostendekkend kunnen werken. Misschien nog een aanvullende vraag.
Als het gaat om zo’n bureau, wie controleert dat bureau? Houdt het college toezicht op de kwaliteit van het werk van dat bureau? Of doet een andere instantie dat? Dat is toch belangrijk, zeker nu het wat onrust oplevert, ook in de gemeenten om ons heen.” Wethouder Teeninga: “Mijnheer de Bruin vraagt of er controle is. Alle resultaten van het onderzoek zijn gedeeld met de ambtelijke werkgroep van de deelnemende gemeenten. De gemeente Elburg is gastheergemeente, maar alle ambtenaren van de deelnemende gemeenten hebben meegekeken in de projectgroep of er sprake is van verkeerde tarieven. De gemeente Nunspeet heeft de afgelopen tijd regelmatig te horen gekregen dat we met onze dagbestedingstarieven aan de hoge kant zitten. Dat is bevestigd door het onafhankelijke onderzoek van dit bureau die dat in meerdere plaatsen in Nederland heeft gedaan. U hebt het steeds over de welzijnsorganisaties. Het gaat niet om al het welzijnswerk. Het gaat om welzijnspartijen, zoals Oranjehof, die dagbesteding aan ouderen aanbieden. Dat valt buiten het welzijnswerk. Het gaat erom dat daar op basis van de Wmo een bepaalde dagbesteding wordt aangeboden. Over die tarieven hebben we het. Dus niet over het welzijnswerk wat ze aanbieden, want dat is een subsidietraject met de gemeente. Dat valt dus niet onder de Wmo.” 4. Notulen vergadering 25 maart 2021.
Zonder hoofdelijke stemming worden de notulen ongewijzigd vastgesteld. 5. Derde wijziging Verordening maatschappelijke ondersteuning (hamerstuk) Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6. Wegsleepregeling gemeente Nunspeet 2021 (hamerstuk). Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 7. Reserve Bosbedrijf (hamerstuk). Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 8. Bestemmingsplan Parapluplan parkeren (hamerstuk). Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 9. Perspectievennota Programmabegroting 2022-2025. De voorzitter licht toe dat er voor het eerst in de gemeente Nunspeet sprake is van een perspectievennota. Met deze nota wordt input gegeven voor de opstelling van de programmabegroting 2022-2025. De fracties krijgen circa 5 minuten de tijd om hun belangrijkste speerpunten naar voren te brengen. Het college is uitsluitend als toehoorder aanwezig. Tijdens de eerste termijn kunnen de raadsleden bij wijze van interruptie vragen stellen aan elkaar.
-5-
Na afloop van de eerste termijn zal hij proberen om een samenvatting te maken van die zaken waarvoor breed draagvlak bestaat in de raad. Daar kunnen de fracties dan in de tweede termijn op reageren. De heer H.J. Polinder: “Voorzitter. Het is even wennen. Een soort algemene beschouwingen in april. Ik denk dat het goed is om al in een vroeg stadium als raad kenbaar te maken wat we belangrijk vinden in het kader van de begroting. Dan doen we dan ook vanavond. Maar zo’n agendapunt als dit is ook altijd het moment om als fractie neer te zetten waarvoor je staat. Afgelopen oktober ben ik daar ook mijn eerste termijn mee begonnen. Ik heb toen stil gestaan bij de grote verliezen die in onze gemeente zijn geleden in het achterliggende jaar. Helaas is het virus ook nu nog onder ons. Het heeft diepe sporen getrokken en blijft diepe sporen trekken. Maar ook nu zijn er mooie momenten. Zo mocht ik afgelopen vrijdag mijn zusje Gerjanne met haar Arwin in de echt verbinden. Een eervolle taak op een stralende dag. En natuurlijk verliep die dag anders dan door hen gewenst, maar toch stond die dag in het teken van liefde en geluk. In mijn toespraak tijdens de huwelijkssluiting heb ik onder andere stil gestaan bij woorden van de Duitse theoloog Dietrich Bonnheufer.
Hij verloofde zich in 1943 met zijn geliefde, werd twee maanden later opgepakt en gevangen gezet omdat hij zich verzette tegen het naziregime. Daarna is hij doodgeschoten in een concentratiekamp. Hij schreef vanuit de gevangenis brieven aan zijn verloofde en aan andere familieleden. Onder andere over het huwelijk, wijze lessen die ik nu verder zal laten liggen. Een bekend citaat van hem luidt: “Misschien is er geen gevoel dat groter geluk geeft dan dat men voor andere mensen iets kan betekenen. Je geluk vinden in het er zijn voor een ander. Je geluk vinden door jezelf te geven.” Toen ik daarover nadacht kwam ik als vanzelf bij Jezus, de Zoon van God, uit. Die het geluk herstelt heeft door te geven. Door Zijn leven te geven aan het kruis. Als christen mogen we geloven dat hij terug zal komen. En dan gerechtigheid zal herstellen. Alle boosheid, zonde, al het verdriet en alle moeite zullen dan worden weggevaagd. U kunt zich voorstellen dat het voor onze inwoners die Hem mogen kennen als hun persoonlijke redder een geweldige troost kan zijn. En dat er een uitzien kan zijn, juist ook in het afgelopen jaar, naar die toekomst zonder pijn verdriet en zonde. Tot die tijd blijven wij als ik het zo mag zeggen, met elkaar wat aanmodderen. En daar maakt ook ons werk als gemeenteraad deel vanuit. Met vallen en opstaan proberen het goede te zoeken voor onze inwoners.
Ik vind het belangrijk om dit te delen, juist aan het begin van dit agendapunt. Een perspectievennota geeft een bepaald perspectief van waaruit je naar een begroting en breder: naar de gemeentelijke taken kijkt. Naar de taken als overheid, als gemeentelijke overheid. Wat ik u net vertelde is het perspectief van waaruit de SGP-fractie haar werk probeert te doen. Het perspectief dat we leven in een gebroken wereld. En vanuit die gebrokenheid geroepen zijn ons werk voor de gemeente te doen. En daarmee wil ik overgaan tot de politieke actualiteit van deze avond. U vraagt immers een uitspraak te doen over de diverse ingediende begrotingsprioriteiten. Laat ik beginnen met een dankwoord richting de collega’s. Voor de vier bijdragen voor de perspectievennota en het ingediende verkiezingsprogramma van Gemeentebelang. Dat laatste is een grapje, dat snapt de heer Konings wel. Maar dat de omvang van de ingediende prioriteiten nogal verschilt is voer voor de evaluatie. Dat hoeven we vanavond niet te doen. Ik wil het college wel vragen dit proces op een later moment in de commissie Algemeen Bestuur ter evaluatie aan te bieden. Ook dank aan griffie en college voor het heldere stuk. Ik zal nu een opsomming geven van de prioriteiten van collega’s welke wij wel of niet steunen. En als een collega een aanvullende vraag heeft over het waarom dan hoor ik het graag per interruptie.
Wij hebben ons als fractie de vraag gesteld: welke prioriteiten steunen wij, omdat zij in onze ogen een logische en waardevolle vervanging zijn van huidig beleid. Ik zeg vervanging, want het gaat altijd ten koste van een bestaande post in de begroting of het kost ambtelijke capaciteit die niet elders besteed kan worden. Ik wil onderstrepen dat het collegeprogramma de basis is. Alles wat wij nu aanvullend afspreken is eventueel ter vervanging of anders ter aanvulling van hetgeen we hebben afgesproken. Als er dan geen financiële dekking wordt aangedragen door de indiener, terwijl dat wel nodig is, dan wordt het heel erg lastig voor ons om dat te steunen. Het coalitieakkoord en het collegeprogramma is voor ons de basis waar we niet aan gaan sleutelen en waar we niets af gaan doen. Voor een aantal prioriteiten is dat niet het geval, dat betreft dan prioriteiten die in onze ogen bestaand beleid zijn, geen wijziging.
-6-
Wij zijn er derhalve niet voor om die vanavond als nieuwe prioriteit op te nemen. Die punten zal ik benoemen. Sociaal Regisseur, is een staande afspraak in het coalitieakkoord. Uitvoering Scholen Huisvestingsplan betreffende duidelijkheid over het proces rondom IKC Nunspeet Oost, de gewenste duidelijkheid is wat ons betreft in antwoord op onze schriftelijke vragen recent gegeven. Dat geeft dus ook geen aanleiding tot nieuw beleid. Het verkeersplan Vierhouten is staand beleid, zie mededelingenbrief van 5 maart van de wethouder. Schaapskooi Elspeet, ook staand beleid, wordt hard aan gewerkt. De Aupings worden klaar gestoomd heb ik begrepen. Het punt van het CDA met betrekking tot onderzoek toeristische mogelijkheden in het gebied ten zuiden van de A28 is ons nog niet helder. Dat zullen we straks ongetwijfeld horen van de heer Meijer. Daar doen we dus nog even geen uitspraak over. Daarnaast zijn er een aantal prioriteiten die wel een wijziging van beleid zijn, ik zal aangeven welke wij wel en welke wij niet zullen steunen. Het punt Jongerenparticipatie van Gemeentebelang en PvdA/Groen Links steunen wij niet. Wij zijn op voorhand geen voorstander van een volledige jongerenraad of andere aanvullende maatregelen om jongeren extra te betrekken. Wat ons betreft is het nu eerst tijd om Jong & Politiek optimaal te betrekken en hun inbreng te benutten.
Om dezelfde reden steunen wij het idee van de ChristenUnie met betrekking tot Swipocratie ook niet. Sympathie hebben we voor de implementatie van Handle with Care, dat hebben we ook in de commissievergadering aangegeven. We vinden dat een mooie gedachte, maar tegelijk zijn wij niet de specialist op dat gebied en willen wij het echt aan de professionals overlaten. Als die met het advies komen dat dit verstandig is, zullen we dat steunen. Nu op basis van de huidige informatie dus niet. Dan zijn er een heel aantal voorstellen gedaan op het gebied van duurzaamheid. De SGP-fractie zal geen van de ingediende voorstellen steunen. We steunen dus enerzijds niet de oproep van Gemeentebelang om duurzaamheidsplannen sneller te blokkeren. We moeten wat ons betreft maximaal invloed hebben, maar onszelf niet buiten de trein zetten, want die dendert wel voort. We hebben vertrouwen in de aanpak van het college hierin, ook hoe het de afgelopen tijd is aangepakt zoals bijvoorbeeld bij de RES. Daar is genoeg over te zeggen, maar ik denk toch dat dat voor onze gemeente geen ongunstige uitkomst heeft gehad. Mijn sterke indruk is dat we dat te danken hebben aan ons college. Aan de andere kant hoeven er nu ook geen aanvullende bedragen begroot te worden. We hoeven niet verder te gaan dan wat we op dit moment als doelstelling hebben neergezet.
Ik lees een beetje terug bij de PvdA/Groen Links om verder te gaan. Dat gaat ons te ver. De doelstellingen staan en die gaan we met de huidige mogelijkheden volgens mij niet halen. Volgens mij is de discussie het komende jaar hoe we kunnen voldoen aan onze duurzaamheidsdoelstellingen. Dat we daar met elkaar wat aan moeten doen, dat is helder. Daar proberen we als fractie hard aan te werken. Vorige maand hebben we een provinciaal bezoek gehad als het gaat om windmolens langs de A28. Over 3 weken hebben we weer zo’n sessie gepland en dan met Chris Stoffer waarbij we spreken over de onmogelijkheden die we als gemeente ervaren om op een voor ons goede manier aan onze duurzaamheidsdoelen te kunnen voldoen.” De heer Meijer: “De heer Polinder geeft aan dat de geformuleerde doelstellingen op het gebied van duurzaamheid in de gemeente Nunspeet bij lange na niet gehaald worden. Er zijn allerlei oorzaken waarom dat vertraagd wordt en in verhouding tot andere gemeenten zeer minimaal is. Maar wij hebben wel met ons allen het Gelders Energieakkoord getekend. Daar staan wel doelstellingen in, ook voor de gemeente Nunspeet. Als we nu gezapig verder gaan en geen extra druk erop zetten met wat we al doen, dan komen we niet verder. We zullen het gaspedaal in moeten trappen en hoe gaan we dat dan doen? Hoe kijkt u daar naar?” De heer H.J.
Polinder: “Ik vind dat een hele terechte vraag van de heer Meijer. Die vraag houdt mij ook bezig: Hoe kunnen we voldoen aan de afgesproken duurzaamheidsdoelstellingen? Ik denk dat het woord gezapig niet te koppelen is aan de manier waarop het college het op dit moment probeert op te pakken. Tegelijk merken we dat er heel veel drempels zitten, waarom we onze doelstellingen op dit moment niet lijken te halen, bijvoorbeeld als het gaat om de natuurwetgeving. Daarom vind ik het belangrijk dat we bijvoorbeeld met de provinciale fractie en de Tweede Kamerfractie om tafel zitten om voor elkaar te krijgen dat er een afwegingskader komt waardoor natuurbescherming niet altijd alleen de doorslag krijgt.
-7-
Dat er ook een afweging mogelijk is dat bijvoorbeeld duurzaamheidswinst boven het belang van een bepaalde vogel kan gaan. Dat is niet van vandaag op morgen geregeld, maar ik denk wel dat we het in die hoek moeten zoeken. Met de huidige mogelijkheden zou ik niet weten hoe we grote stappen zouden kunnen zetten in de komende 5 à 10 jaar.” De heer Meijer: “Ik ben het met de heer Polinder eens dat we klem worden gezet door alle beperkingen. Ik denk dat we daar gezamenlijk redelijk in dezelfde richting denken. We moeten het vooral van de hogere overheden hebben om daar enige ruimte in te vinden. Hoe eerder, hoe beter. De gemeente doet nu wat ze kan. Ja, de daken worden al een eind vol gelegd, maar wij als CDA reiken nog meer daken aan. We reiken ook aan de overdekte parkeerplaats bij de Wiltsangh. Misschien moet je het transferium gaan overdekken. Toevallig vandaag in de Stentor een grote foto van een grote parkeerplaats bij een van de recreatieterreinen. Daar worden duizenden zonnepanelen geplaatst. Kijk naar de Stentor en zie daar een prachtige afbeelding. Het zijn initiatieven die we niet hoeven uit te vinden, het zijn initiatieven die we alleen maar hoeven te kopiëren, maar daar hebben we wel geld voor nodig. Je moet eerst investeren alvorens het rendement oplevert. Het CDA wil daar maximaal op in zetten, maar daar hebben we geld voor nodig.” De heer H.J.
Polinder: “Ik denk dat we daar op zich positief in staan, maar daar moet wel altijd een positieve businesscase onder liggen. Voor ons is het geen doelstelling op zich om een parkeerplaats vol te leggen met zonnepanelen of te overdekken met zonnepanelen als je met dezelfde investering elders 3 keer zoveel zonnepanelen zou kunnen plaatsen. We hebben altijd gezegd dat als er een positieve businesscase onder ligt, ook bij de Wiltsangh, we daar best positief in kunnen zijn en dat we daarover willen meedenken. Dus er moet goed over nagedacht worden en als de wethouder ons kan overtuigen, dan willen we daar absoluut aan mee werken. De discussie over de duurzaamheidsdoelstellingen zal zeker vervolgd worden. Dat zal de komende jaren zeker op de agenda blijven staan. Als partij blijven we ons inzetten om binnen de mogelijkheden te kijken wat er wel kan en of we die mogelijkheden samen met andere overheden wat op kunnen rekken. Het punt met betrekking tot een evenemententerrein van Gemeentebelang steunen we op dit moment niet. In het verleden hebben we wel gezegd dat we een onderzoek daarnaar kunnen steunen. Dat was ook een coalitieafspraak. We steunen echter niet om nu geld te reserveren voor de realisatie van een evenemententerrein. Hetzelfde geldt voor het punt met betrekking tot natuurbrandpreventie. We hebben daar heel uitgebreid over gediscussieerd.
Onze oproep was en is om eerst maar eens fatsoenlijk onze lokale brandweer bij dit plan te betrekken. Wanneer de lokale brandweer zich daar achter kan scharen, dan laten wij ons graag van het plan overtuigen. Over een afvalstation of milieustation hebben meerdere partijen wat ingebracht. We hebben als fractie kritisch gekeken wat we willen steunen. Wij steunen het voorstel van de ChristenUnie hieromtrent, namelijk dat er deze periode helderheid moet komen. Dat doet recht aan de afspraak in het coalitieakkoord dat er in deze periode er een onderzoek zou komen. Nu al geld reserveren en tot het besluit overgaan dat hij er sowieso moet komen gaat ons een stap te ver. We steunen dus wel het onderzoek hiernaar in deze periode. Dat is best een spannende en dat zal best een uitdaging worden. Het punt van het CDA over Halfweg steunen we ook. We hebben altijd gezegd dat we gaan voor een gedegen oplossing. Halfweg heeft in onze ogen niets aan half werk. Dus de suggestie om alvast wat noodgrepen toe te passen heeft niet onze steun. Wat ons betreft gaan we voor de echte oplossing, de rotonde. Over BOA’s hebben we zelf wat ingebracht, namelijk het herschikken van prioriteiten. Gemeentebelang vraagt extra geld om extra BOA capaciteit in te huren. Dat zullen we niet steunen, ook gelet op de financiën die daarmee gemoeid zijn.
Volgens mij is er nooit BOA-capaciteit genoeg, er valt altijd meer te handhaven. Volgens mij moet je goed kijken hoe je de uren slimmer kunt indelen. Dat hebben we een paar maand geleden in de commissie Algemeen Bestuur besproken. Toen maakte de urenmatrix geen deel uit van de beraadslagingen. Dat vond ik jammer. Als een meerderheid van de raad vanavond die verdeling van de BOA-capaciteit tegen het licht wil houden, dan zou dat een manier kunnen zijn waarop het college dat met de commissie bespreekt. Dan kan er een afweging worden gemaakt om bijvoorbeeld meer BOA-capaciteit in te zetten met betrekking tot kleine ergernissen. Het punt met betrekking tot een recreatieterrein in Hulshorst steunen we in dit stadium niet.
-8-
Vooral ook gezien het exorbitante bedrag wat de aankoop al gekost heeft. Wat ons betreft is nu geen geld om extra te investeren om daar invulling aan te geven. Het punt met betrekking tot het fietspad Gortelseweg kunnen we wel steunen. Het kan wel zijn dat het wat verder in de tijd geschoven wordt, maar we zijn het eens dat daar wel een keer wat aan gedaan moet worden. Een extra schaapskudde zoals de ChristenUnie voorstelt is wat ons betreft nu niet aan de orde. Wat de schaapskudde betreft ligt onze focus echt op Elspeet als het gaat om de huisvesting. Het heeft voor ons geen prioriteit om een 2e kudde in stand te houden. Dan de vandaag nagezonden wens van het CDA met betrekking tot indexering stationsomgeving. Wij begrijpen die wens. We hebben zelf ook altijd gezegd dat we een goede en gedegen oplossing willen. Maar wij hebben ook altijd gezegd dat het budget taakstellend is, zonder jaarlijks te indexeren. Ik vind dat best een lastige. We gaan vanavond niet instemmen met een voorstel dat er geïndexeerd moet worden. We willen daar de komende maanden wel in de commissie het gesprek met de wethouder over blijven voeren over het financiële deel.” De heer Meijer: “Wij hebben dit ingebracht naar aanleiding van de briefing van afgelopen maandagavond. Volgens ons komt het namelijk niet goed met die indexering.
Met wat er nu in het voorstel staat gaat wat verder, maar ik ben blij dat de SGP het probleem op termijn ook ziet. De aannemer gaat straks wel indexeren en voelt zich niet gehouden wat wij in de raad afspreken. Het gaat om giga bedragen die we allemaal nodig hebben.” De heer H.J. Polinder: “Ik denk dat dat helder is. Laat ik daar nog een ding op aanvullen. Zojuist gaf ik al aan dat we daar de komende tijd het gesprek over moeten blijven voeren in de commissie. Ook in het kader van het geheel aan risico’s en gelden die als zekerheden zijn ingebouwd. Hoe verder je in het proces komt, hoe duidelijk wordt het hoe één en ander zich financieel gaat ontwikkelen. Dan komt er wat ons betreft zeker een moment dat je moet gaan kijken naar die indexering. Tot slot onze eigen prioriteiten. De wijziging in de prioritering van BOA capaciteit heb ik zojuist al benoemd. Die wordt nu als PM post weergegeven, maar wat ons betreft is het een wijziging in prioritering, dus hoeft het geen extra geld te kosten. Dan het permanent bewonen van recreatiewoningen. Dat heeft in onze fractie best veel discussie opgeleverd. We waren en zijn daar niet zomaar voor. Ik wil wel goed uitleggen waarom we dit punt hebben ingebracht. We zien dat de woningnood toeneemt en uit onderzoek blijkt dat we daar zeker de komende tien jaar nog aan vastzitten.
Als je op Funda kijkt, zie je dat er in heel Nunspeet maar enkele woningen te koop zijn onder de drie ton. Ook de huursector zit grotendeels klem. Signalen vanuit onze achterban en breder uit de samenleving: jongeren kunnen nu helemaal niks. Het zit muurvast. Om die reden zijn we de discussie binnen de fractie aangegaan over de vraag: moeten we niet meer doen om de komende tien jaar de ergste klap op te vangen. Ja, we moeten maximaal bouwen, woonruimte creëren. Maar zelfs met het tempo van de afgelopen vijf jaar blijkt dat we het niet kunnen bijbenen. Die signalen blijven binnenkomen: een modaal inkomen, beiden aan het werk en toch kunnen we op dit moment niets geschikts kopen. We zijn ook in gesprek geweest met wat recreatieparken hierover. De één vindt het een goed idee, de ander vindt het niks. Daarom moeten we wat ons betreft onderzoeken of het mogelijk is om een beperkt aantal vakantieparken hier deels voor in te zetten. Zonder dat het afbreuk doet aan de recreatieve functie van het park als geheel. Zonder de bestemming permanent te wijzigen. Het is niet ideaal, maar wel een noodoplossing, beperkt in omvang, beperkt in tijd. We zien genoeg haken en ogen, maar een onderzoek zal wat ons betreft goed de kaders, mogelijkheden en onmogelijkheden in kaart moeten brengen. Tot zover over de recreatiewoningen.” De heer Leusink: “Voorzitter.
Laat ik voorop stellen dat ik de zorg van de SGP met betrekking tot de beperkte betaalbare woningen en het grote tekort daaraan deel. De zorg van de SGP of dit goed is voor de recreatiesector, die hebben wij wat sterker. Wij denken dat permanent wonen op recreatieterreinen, ook al vindt dat gedeeltelijk plaats, het recreatieve karakter van het terrein aantast en dat is niet goed voor de recreatiesector. Dat is toch een van de pijlers van onze economie. Ons voorstel zou dan ook zijn om vooral te kijken naar tijdelijke woningen, Tiny houses. Dat heeft de SGP tot nu toe echter nooit gesteund. Wij willen dat graag onderzoeken. Wat mij betreft kan dat straks ook op het recreatiepark in Hulshorst. Dan hebben we daar ook een probleem opgelost.
-9-
Maar laten we juist de tijdelijke woningen die snel gerealiseerd kunnen worden onderzoeken. Dat gaat niet ten koste van de recreatiesector. De vraag is wat de SGP daarvan vindt.” De heer H.J. Polinder: “Voorzitter. Wij zijn nooit heel positief geweest over Tiny houses, ook gelet op de investering die het vraagt om de infrastructuur daarvoor aan te leggen. Die komt overeen met de infrastructuur die je ook voor een gewone woning nodig hebt. Vandaar dat wij nu aan deze oplossingsrichting denken. Ik zou de heer Leusink wel willen uitdagen. Laat het college in de opdracht ook de Tiny houses meenemen in de vraag die wij in dat onderzoek willen stellen, namelijk: Hoe kunnen we voor de komende 10 jaar misschien met tijdelijke oplossingen de druk van de ketel halen voor onze lokale woningmarkt? Daar gaat het ons uiteindelijk om. Als je op grond van zo’n onderzoek de discussie kunt aangaan over het inzetten van Tiny houses tegenover permanente bewoning op recreatieparken, dan kan ik dat alleen maar ondersteunen.” De heer Konings: “Ik wil aansluiten op de heer Leusink. Hij begon wat mij betreft goed toen hij zei dat we andere creatieve oplossingen moeten onderzoeken. Recreatieparken zijn echt niet bedoeld voor pauzewoningen of tijdelijke bewoning. Laten we die echt als recreatiepark houden. Het einde vond ik minder. Van Tiny houses is bekend dat het een hele dure oplossing is.
In september heeft de raad met de wethouder afgesproken om allerlei creatieve oplossingen te gaan overwegen rondom woningbouw en dan hebben we het over permanente woningbouw. Ik denk dat dat een logischer pad is dan nu te gaan onderzoeken wat we met recreatiewoningen kunnen gaan doen. Ik ben benieuwd naar de reactie van de heer Polinder.” De heer H.J. Polinder: “De route van gewone woningen heeft wat ons betreft prioriteit. Daar moeten we op inzetten. Ik heb ook gezegd dat we ondanks het tempo van de afgelopen jaren niet genoeg woningen toevoegen om onze jongeren een kans te geven op onze lokale woningmarkt. Onderzoeken laten zien dat dat ook de komende 10 jaar niet het geval gaat zijn of in hele beperkte mate. Dan moet je met elkaar creatief gaan nadenken hoe we mensen die binnen onze gemeentegrenzen willen wonen een plek geven. Wij hebben een aantal recreatieparken bezocht. Ik zie parken waar je dat nooit moet willen. Daar past dat niet en vaak zien de ondernemers dat zelf ook niet zitten. Je hebt ook recreatieparken in de gemeente Nunspeet waarbij een klein gedeelte van het park prima geschikt is om in te zetten voor permanente bewoning. U noemde zojuist de pauzewoning. Ik heb de afgelopen tijd gemerkt dat dat een product is wat heel goed gewaardeerd wordt.
Wanneer de mensen daar anderhalf jaar wonen, dan moeten ze eruit en in de huidige woningmarkt kunnen ze nergens terecht. Het was een oplossing die wij als SGP-fractie hebben aangedragen voor de meest urgente problemen van dat moment, maar tegelijk zien we dat het nu niet altijd meer voldoet. Vandaar onze suggestie om die pauzewoningen voor een langere periode in te zetten.” De heer Leusink: “Het laatste wat ik hoorde dat de SGP-fractie de tijdelijke bewoningscoalitie met de ChristenUnie wilde aangaan. Die handschoen willen we oppakken, mits er voor de recreatiesector goed naar de economische factor wordt gekeken. Als we dit in de breedte van tijdelijk wonen kunnen onderzoeken, dan ondersteunen we dat. Die coalitie gaan we aan.” De heer H.J. Polinder: “Dat vind ik goed om te horen. Wat ons betreft gaan we die handschoen met elkaar oppakken en kijken wat er mogelijk is. Wat ons betreft zijn daar geen taboes, maar dat heb ik zojuist duidelijk aangegeven.” De heer Timmerman: “Ik wilde in mijn eigen bijdrage er op ingaan, maar ik hoor nu al dat ik steun ga krijgen voor mijn voorstel om onderzoek te doen naar semipermanente bewoning. Ik steun dus zeker wat de SGP en de ChristenUnie hier voorstellen.” De heer H.J. Polinder: “Voorzitter. Laat ik helder zijn.
Waar we het net over gehad hebben, is een onderzoek waarbij we wat ons betreft breed kijken wat wel mogelijk is zonder dat ik nu de uitspraak heb gedaan dat de SGP-fractie voor het bewonen is van woningen die de heer Timmerman zojuist benoemde.
- 10 -
Wat ons betreft kijken we breed. Ik laat me geen woorden in de mond leggen die ik niet uitgesproken heb. Vandaar deze verduidelijking. Voorzitter. Tot slot nog een punt als het gaat om de gemeentelijke begroting. Als ik het eerste deel van de perspectievennota op me in laat werken dan schrik ik wel van de vele financiële risico’s die we lopen. Sinds ik vanaf 2014 actief ben in deze raad ken ik dat niet. Ik kwam binnen bij een gemeente die behoorlijk dik in de reserves zat. Langzamerhand zijn we financieel toch behoorlijk uitgekleed. Ik noem enkele voorbeelden: onzekerheid jeugdzorg, actualisatie van de Wiltsangh met mogelijke tegenvallers, het sportbedrijf, waaronder risico BTW, risicoparagraaf stationsomgeving, financiële gevolgen van corona op de langere termijn, etc. De reserves zijn uitgeput, opgegaan aan allerhande zaken. Onze spaarpotjes zijn leeg. In dat kader moeten we vanavond ook naar de verschillende wensen kijken en vanuit dat perspectief naar de betaalbaarheid ervan. Het lijkt ons reëel om te denken dat er ook de komende tijd bezuinigd zal moeten worden. Ik wil de collega’s vragen dat goed in ogenschouw te nemen bij het beoordelen van de diverse prioriteiten. Het is best verleidelijk om nu je punten te scoren, maar het geld is er domweg niet.
Wij hebben in onze inbreng ook een opsomming gedaan van zaken waarvan wij vinden dat we daar niet op zouden moeten bezuinigen. Ik neem aan dat het college dit ook meeneemt richting het opstellen van de begroting. Ik zou graag één punt willen onderstrepen. Dat betreft de welzijnsorganisaties. Hun situatie stond en staat onder druk. Helemaal nu dat dat werk door de gevolgen van corona belangrijker is geworden dan ooit. Wij vragen het college concreet om bij het sluitend maken van de begroting het welzijnswerk te ontzien en in alle gevallen wel te indexeren. Ik begon mijn bijdrage door in herinnering te roepen wat het coronavirus teweeg heeft gebracht in onze gemeente. Ik noemde ook dat er blijde dagen zijn, momenten van vreugde. Maar ook dat er mensen zijn met verdriet, rouw, ziekte, faillissementen, slapeloze nachten. De leden van de SGP-fractie wensen al onze inwoners veel sterkte en zegen. Datzelfde wens ik ons gemeentebestuur, college en raad. Wijsheid ook. Met alle onzekerheid die er is zal het immers geen simpele opgave zijn om tot een evenwichtige en sluitende meerjarenbegroting te komen. Tot zover.” De heer Konings: “Het is inderdaad een nieuwe ervaring, in april praten over zaken die we altijd in oktober bespraken. Gelukkig heeft het weer zich er wel op aangepast, dat voelt dan wel weer goed. Nu even de eerste termijn. In balans.
Dat is de titel die Gemeentebelang mee wil geven bij de behandeling van deze perspectievennota en als stip aan de gemeentelijke horizon, want daar is deze nota voor bedoeld. Balans is de uitdaging voor de afgelopen maar zeker ook voor de komende jaren. Als je dan kijkt naar het perspectief wat wij als Gemeentebelang willen uitdragen, dat is zoeken naar balans tussen het behalen van de klimaatdoelstellingen en het aantrekkelijk houden van onze leefomgeving en natuur. Een balans tussen het behouden van het dorpse karakter van de kernen van Nunspeet en het realiseren van voldoende woningbouw voor alle doelgroepen in Nunspeet. En een balans tussen investeren in de toekomst van een nog mooier Nunspeet en ook het in stand houden van wat al mooi en goed is. Tot slot een balans tussen eonomische vooruitgang en de plicht die we hebben om te zorgen dat iedereen mee kan doen en waar nodig ondersteuning krijgt. Dat dat redelijk goed lukt koppel ik aan een persoonlijk verhaal. We zijn op zoek naar een nieuwe woning en kijken stiekem ook wel eens naar andere dorpen. Soms heb je dan wat meer woning voor je geld, maar het totaalplaatje van woonplezier, een levend centrum, een actief verenigingsleven, aanwezige infrastructuur, mooie natuur en beschikbare cultuur is overal minder dan in onze gemeente. We zijn de afgelopen jaren goed in staat geweest om die balans te vinden.
Eigenlijk is politiek niets ander dan constant de beste balans zoeken op allerlei onderwerpen om het beste voor de inwoners eruit te halen. Daar past polarisatie en steeds maar puntjes scoren niet bij. In de landelijke politiek hebben we het steeds over de balans tussen macht en tegenmacht. Niets mis mee, maar als dat leidt tot discussies voor de bühne, doen we daar als Gemeentebelang niet aan mee. Want dat levert niets op voor de inwoners en daar doen we het uiteindelijk voor. Gelukkig zijn we in Nunspeet als college en raad in staat geweest om deze balans zoveel mogelijk vast te houden en dat zal ook onze uitdaging zijn voor de komende jaren. Gemeentebelang zal daarom ook proberen altijd de verbinding te zoeken tussen partijen en standpunten om tot optimale besluiten voor de samenleving te komen. Dat geldt zeker ook voor de financiële balans die onze aandacht verdient. Uitganspunt voor Gemeentebelang in deze is dat het collegeprogramma 2018-2022 uitgevoerd moet worden en niet op kwaliteit moet worden ingeboet.
- 11 -
Een tweede belangrijk uitgangspunt is dat de gemeente Nunspeet een financieel gezonde en zelfstandige gemeente is en dat dit ook zo moet blijven. Dit houdt in een sluitende meerjarenbegroting met daarbij de reeds vastgelegde ontwikkeling van de lokale belastingen. Taakstellende budgetten voor de grote projecten zoals de Wiltsangh, onderwijshuisvesting en de stationsomgeving, maar wel de beoogde resultaten in één keer goed. Ik kom daar straks met de indexering nog op terug. Er zijn helaas veel financiële risico’s en onzekerheden die dreigen de balans te verstoren. Denk aan de lange termijn effecten van de coronapandemie, maar ook aan de onzekerheden waar de landelijke overheid ons mee opzadelt. Wij zullen in deze dan ook blijven wijzen op de gewenste volgorde: eerst geld en dan taken. Gezien deze zorgen en onzekerheden zijn we dan ook erg terughoudend met het stellen van nieuwe prioriteiten en wensen. Zoals te lezen is in de perspectievennota heeft Gemeentebelang aandacht gevraagd voor enkele zaken uit het collegeprogramma die in onze optiek binnen de huidige financiële kaders versneld en slimmer opgepakt moeten worden. Ik noem deze even kort. De invulling van de rol van sociaal regisseur. Wij gaan ervan uit dat dit een rol is en invulling niet zal hoeven te leiden tot uitbreiding van het personeelsbestand en tot extra kosten. Jongerenparticipatie.
Wij vragen ons af wie zich in het college echt hiervoor hard gaat maken en de verantwoordelijkheid pakt. Dat we allemaal de jongeren meer bij de politiek willen betrekken en meer inspraak willen geven, dat hebben we de laatste maanden wel gemerkt. Het aanwijzen van een evenemententerrein. Ook uit het recent gepresenteerde onderzoek naar de ervaringen van de stakeholders blijkt dat ongeveer de helft aangeeft dat er behoefte is aan een evenemententerrein. Dus wat Gemeentebelang wordt deze toezegging uit 2019 snel ingevuld. Als een na laatste punt het terrein dat is aangekocht in Hulshorst. Dat zal zo snel mogelijk ingericht moeten worden. Gemeentebelang geeft de voorkeur aan een inrichting met sportfaciliteiten. Het zou zonde zijn om het terrein aan te kopen en er vervolgens niets mee te doen. Daar moeten gewoon financiële middelen voor gevonden worden. Tot slot. Onlangs is het natuurbrandpreventieplan in de raad besproken en goedgekeurd. Er is toen dekking gevonden voor de activiteiten in het eerste jaar. Gemeentebelang vindt het absoluut noodzakelijk dat de kosten voor de komende jaren opgenomen worden in de meerjarenbegroting. De hiervoor genoemde onderwerpen hoeven wat Gemeentebelang betreft vanavond niet besproken te worden, maar we zien deze wel graag binnenkort terug in de commissies en raad en waar nodig in de bespreking van de begroting in oktober.
Gemeentebelang wil echter wel drie onderwerpen benadrukken die wat ons betreft echt prioriteit behoren te krijgen en ook gevolgen kunnen hebben voor de begroting. Ten eerste wil Gemeentebelang graag dat er zo snel mogelijk begonnen wordt met een onderzoek naar de mogelijkheden van een milieustraat in Nunspeet. Wij vinden een milieustraat belangrijk in het kader van duurzaamheid, maar deze moet dan wel goed bereikbaar zijn voor onze inwoners. Tot op heden is hierover vaak in regionaal verband gesproken, maar wij zien graag een onderzoek naar de mogelijkheden in Nunspeet mede gezien het feit dat wij al een werkzame milieustraat hebben. Ten tweede vraagt Gemeentebelang om uitbreiding van de capaciteit van de BOA’s. Zoals al vaak aangegeven moet er wat ons betreft meer blauw op straat komen om het veiligheidsgevoel te verhogen en meer invulling te geven aan de traditionele rol van de wijkagent. Tijdens onze afstemming met de politie is opnieuw gebleken dat deze rol door capaciteitsgebrek zeer mager ingevuld kan worden. Oprekken van de bevoegdheden van de BOA’s en een andere indeling van de tijd hebben pas zin als er capaciteit is toegevoegd, want de tijd ontbreekt nu om meer taken op te pakken. Ten derde vraagt Gemeentebelang om realisatie van een nieuwe schaapskooi met voldoende ruimte voor uitbreiding van de kudde.
Dit heeft zowel positieve effecten voor het heidebeheer als de toeristische aantrekkelijkheid van Nunspeet. Dan wil ik tenslotte nog kort aangeven hoe Gemeentebelang staat ten opzicht van de wensen van andere fracties voor zover deze hiervoor nog niet benoemd zijn. Swipocratie: ondersteunen wij als begrip, maar als daar behoefte aan is in het kader van jongerenparticipatie, zien we het daar graag terugkomen. Handle with Care: ondersteunen wij niet. Wij laten dit liever gewoon lopen via de CJG die daarvoor ingericht is. Versneld invullen van duurzaamheidsdoelstellingen: ondersteunen wij niet. We hebben een duurzaamheidsplan met ons allen afgesproken. Daar willen we ons aan houden binnen de Nunspeetse kaders. We zijn daar enthousiast voor en willen daar in meedenken. Het lijkt ons niet realistisch om daarin nu te gaan versnellen en daar kosten voor uit te trekken.
- 12 -
Overigens draagt een deel van de ons ingebrachte onderwerpen, denk aan de milieustraat en natuurbrandpreventie al bij aan het invullen van het duurzaamheidsplan.” Mevrouw Elskamp: “Ik heb een verduidelijkingsvraag. Handle with Care wil Gemeentebelang graag laten lopen via het daartoe ingerichte CJG. Misschien kan de heer Konings dat nader toelichten, want die begrijp ik niet helemaal.” De heer Konings: “Er zijn processen ingericht om jongeren met problemen op een fatsoenlijke manier te helpen en te ondersteunen. Daarvoor hebben we met ons allen afgesproken dat daarvoor een centrale entree is die dan inderdaad de zorg oppakt. Handle with Care wil dat weer op een andere manier doen. Wij stellen voor om dat niet te doen en die 1 deur tactiek gewoon te handhaven.” Mevrouw Elskamp: “Als er dan een veiligheidsmelding ’s avonds in een gezin plaatsvindt en de politie is ter plaatse, bedoelt u dan dat er ook een CJG-er ter plaatse is zodat de school de volgende dag ingelicht kan worden?” De heer Konings: “De politie moet de CJG dan de volgende dag inlichten en de CJG gaat er dan mee aan de slag. Dan houden we het proces gewoon in stand.” Mevrouw Elskamp: “Dan heb je dus niet geregeld dat het kind de volgende dag opgevangen wordt en dat er dus een vertraging tussen zit.” De heer Konings: “Ja, kan.” De heer Meijer: “Mijnheer Konings.
Ik stel u toch dezelfde vraag als aan de heer Polinder over duurzaamheid. U ging er in een rap tempo overheen, maar we hebben een contract en dat heet het Gelders Energieakkoord. Ik hoor u daar niet over. Gooien we dat in de prullenbak?” De heer Konings: “Nee, absoluut niet. Ik heb net geen interruptie gepleegd, maar ik kon de opmerking van de heer Polinder niet plaatsen dat wij ergens in de perspectievennota gezegd zouden hebben dat wij gingen vertragen op het gebied van duurzaamheid. Wij hebben kritische vragen gesteld ten aanzien van de windmolens bij het Veluwemeer. Dat is algemeen bekend. Natuurlijk onderstrepen wij volledig de duurzaamheidsdoelstellingen, zoals die neergelegd zijn in het duurzaamheidsplan en in het Gelders Energieakkoord. Daar staan we honderd procent achter. Geen enkele discussie daarover.” De heer Meijer: “Er zijn inderdaad externe factoren, maar daar denken we absoluut hetzelfde over. Maar wij zitten heel ver van die doelstellingen af en hoe gaan we dat dan doen? Of is dit het zoveelste document waarvan wij zeggen: u moet van het gas af en u moet dit? En de gemeente die denkt, ja het zal wel?” De heer Konings: “Daar kun je een hele boom over opzetten. Wij zeggen ook altijd dat het haalbaar en betaalbaar moet blijven.
Als er vanuit Europa doelstellingen worden bepaald die in Nederland worden vertaald naar de regio’s, dan hebben we hier te maken met Natura 2000 doelstellingen. We zitten midden op de Veluwe. Wat we kunnen invullen, dat gaan we doen. Je kunt wel blijven duwen, maar op een gegeven moment houdt het op als het niet haalbaar en realistisch is. Dan moet je kijken wat er wel kan. Zonnepanelen op gemeentelijke daken, maximaal, zoveel mogelijk. Wat we kunnen doen, doen we, maar er zijn grenzen. Het moet wel haalbaar en betaalbaar blijven. Als er irrealistische doelstellingen neergelegd worden, dan zullen we moeten kijken of er in andere regio’s of landen extra inzet gepleegd kan worden. Als het niet kan, dan kan het niet. We kunnen elkaar wel gek blijven maken.” De heer Meijer: “U begon uw betoog met de beeldspraak over de balans. Nou, prachtig allemaal. De balans met betrekking tot de duurzaamheidsdoelstellingen is een beetje uit balans.”
- 13 -
De heer Konings: “Dat ben ik volledig met u eens. Als ik goede voorstellen zou horen die realistisch, betaalbaar en haalbaar zijn om toch dat gat wat kleiner te maken, dan zijn we daar als Gemeentebelang absoluut voor om dat te realiseren, want we willen ons graag aan de afspraken houden.” De heer Timmerman: “Ik hoor de heer Konings zeggen: irrealistische doelstellingen die ons worden opgelegd. Maar we hebben onze duurzaamheidsdoelstellingen zelf vastgesteld. Er is dus helemaal niets aan ons opgelegd.” De heer Konings: “Daar verschillen wij van gedachten over met betrekking tot het gehele proces, dat mag duidelijk zijn. Daar kunnen we ook lang over blijven discussiëren. Dat er wat moet gebeuren in de energietransitie en aan de duurzaamheid, dat is volstrekt duidelijk. Wat Gemeentebelang betreft is het niet zo dat wij de doelstellingen zelf verzonnen hebben. Die zijn wel degelijk door Europa en de Rijksoverheid bij ons neergelegd.” De heer Timmerman: “Dat klopt. Die zijn uiteindelijk vanuit het klimaatakkoord van Parijs naar ons toegekomen. Uiteindelijk hebben we de doelstellingen wel zelf vastgesteld via het duurzaamheidsplan. Daar heeft ook Gemeentebelang voor gestemd.” De heer Konings: “Ik heb ook ooit een handtekening gezet onder een arbeidscontract. Daar zit ook een belastingcomponent in en die belastingen heb ik ook niet zelf goedgekeurd. Ik ga door met mijn betoog.
Aanleg zonnepanelen op gemeentelijke daken: dit ondersteunen wij absoluut, maar daar moet wel een realistische businesscase onder liggen met een redelijke terugverdientermijn. Wij vinden het een prima idee. Onderzoek naar permanente bewoning van recreatiewoningen, daar hebben we het net al over gehad en daar heb ik al op gereageerd. Wij ondersteunen dat niet. Laat recreatiewoningen gewoon waar ze voor bedoeld zijn en zoek creatieve oplossingen voor de uitdagingen rondom wonen en gun iedereen een fatsoenlijke woning. We kunnen deze vraag eventueel wel meenemen in het project vitale vakantieparken. Om nu weer extra onderzoeken bij de ambtenaren neer te leggen die toch al redelijk overbelast zijn, zeker in de RO-hoek, dat lijkt ons geen wijs pad.” De heer H.J. Polinder: “Dat Gemeentebelang dit plan niet steunt dat respecteer ik. Ik was niet van plan om een interruptie te plegen. De zin die hij daarna zei, die triggerde me een beetje. Als ik het goed verstaan heb wilt u graag meedenken over creatieve oplossingen als het gaat om de woningmarkt. Aan welke creatieve oplossingen denkt de fractie van Gemeentebelang dan buiten de net door ons genoemde opties?” De heer Konings: “Er ligt op dit moment bij de wethouder een heel setje van creatieve oplossingen. We kunnen meer de hoogte in, we kunnen op allerlei manieren creatieve woonvormen verzinnen.
Dat hele lijstje ligt op dit moment bij de wethouder. Dat wordt in september in de commissie en de raad besproken. Dat gaat overigens om permanente oplossingen en niet om dure tijdelijke oplossingen op bijvoorbeeld parken. Ook de vraag is altijd: Krijgen we nu daadwerkelijk de mensen die echt woningbehoefte hebben op een recreatiepark? Maar dat is een hele andere discussie. Wij gaan expliciet voor het zoeken naar creatieve oplossingen richting permante woningen.” De heer H.J. Polinder: “Dat laatste kan ik ontkrachten. Ik heb de afgelopen weken meerdere mensen gesproken naar aanleiding van ons bericht in de krant. Dan heb ik het bijvoorbeeld over jongeren in de leeftijd van 23, 24, 25 of 26 jaar die graag willen trouwen en ergens willen wonen en die op dit moment in de huidige woningmarkt het niet voor elkaar krijgen een woning te vinden, ondanks dat ze allebei werken. Wij zien die doelgroep wel degelijk en die vinden het helemaal prima om de eerste paar jaar op een bepaald park te wonen en dan het liefst daar een beetje op afgestemd en ingericht. Dat is ook wat wij vragen. Ik constateer dan wel dat Gemeentebelang het in de hoogte zoekt. Marktstraat, Molijnlaan en Elspeet, waar we het vorige week over hebben gehad, daar komen dan wat u betreft 2 à 3 lagen boven op als ik het goed begrijp.
- 14 -
Dat is niet de kant die de SGP-fractie op wil. We gaan die discussie graag aan wanneer dat document onze kant op komt.” De heer Konings: “Dat is inderdaad mooi populistisch uitgedrukt mijnheer Polinder, 2, 3, 4 of 5 etages er bovenop. Volgens mij hebben we daar nooit over gesproken. Er is een heel verschil tussen 13, 14 of 15 meter of 45 meter zoals ze dat in de meeste steden doen. Daar willen we absoluut niet naar toe. Ik ga door met mijn betoog. De verkeersituatie Halfweg, dat ondersteunen wij mits de provincie fors bijdraagt. Als de provincie niet bijdraagt, dan is dat een niet betaalbare oplossing daar neerleggen. Dan zijn we inderdaad geneigd om voor de veiligheid maar een zijpad te kiezen. We willen echter volledig gaan voor een goede oplossing. Hetzelfde geldt voor de Gortelseweg, dat ondersteunen wij ook mits de provincie en de gemeente Epe fors bijdragen. Om op eigen kosten de gehele Gortelseweg te gaan vernieuwen, dat lijkt ons een onbegaanbaar pad. Het onderzoek naar de toeristische mogelijkheden tan zuiden A28, een beetje hetzelfde als de heer Polinder. Ik kan niet helemaal thuisbrengen wat we dan gaan onderzoeken. Ons eerste gevoel bij Gemeentebelang is of dit prioriteit op dit moment moet hebben. Ik wacht straks eerst de toelichting van de heer Meijer af. Dan de indexering.
Wij hadden dat als een besparingsmogelijkheid ingebracht, maar dat moet wel met intelligentie worden toegepast. De welzijnsorganisaties, dat is geen discussie, die moet je absoluut indexeren. Ik kan me ook goed voorstellen dat je kijkt of je de indexering bij grote projecten wel moet uitsluiten als je kijkt naar de druk op de bouwmarkt. We willen de projecten ook graag in 1 keer goed. Moet je daar dan de indexering van af halen? Ik denk dus dat het met intelligentie moet gebeuren, maar ik denk wel dat er een besparingsmogelijkheid ligt met indexering.” De heer Leusink: “Voorzitter. Ik ben enigszins in verwarring, omdat ik dacht dat er een spreektijd van 5 minuten was afgesproken. Daar heb ik me proberen in de voorbereiding aan te houden. Kennelijk heb ik een ander klokje dan de vorige sprekers en de voorzitter. Dat vind ik wel vervelend en verwarrend. Laten we kijken of ik me aan die 5 minuten kan houden. Wat we mooi vinden is dat in deze coalitieperiode toch een aantal mooie perspectieven zijn neergezet. Wij denken aan het nieuwe zwembad, het nieuwe sportpark de Wiltsangh, de nieuwe en vernieuwde schoolgebouwen, nieuwe aantrekkelijke en veilige stationsomgeving en een stevige intensivering van de uitvoering van de duurzaamheid, nog los van het feit dat hier altijd een schepje boven op kan. Deze collegeperiode hebben we hier wel voor gekozen.