AP 10. Bijlage 2a Analyse Omvang en draagkracht Nunspeet - oktober 2022 - eindrapp
Tekst van het document
Colofon © Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd, eindrapport, oktober 2022 Opdrachtgever
Gemeente Nunspeet Contactpersoon: Myra Hagens en Hanneke Bovee
Auteurs
Drs. J.J (Jan Jaap) Thijs Drs. T. (Tinco) Lycklama C. (Cindy) Gelderman BSc. S. (Sanne) Meekes MSc. Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd Jansbuitensingel 30 6811 AE Arnhem Tel: 06 5338 3550 Mail: lycklama@ruimteenvrijetijd.nl www.ruimteenvrijetijd.nl
Foto’s
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd, Visit Veluwe.
2
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
1 1.1 1.2
2 2.1 2.2 2.3
3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
4 4.1 4.2
5 5.1 5.2 5.3
6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
Inleiding .......................................................................................................... 4 Aanleiding Opzet en leeswijzer
4 4
Analyse omvang toerisme ........................................................................... 7 Toelichting en werkwijze Huidige situatie Toekomstige situatie
7 8 11
Analyse van draagkracht ........................................................................... 15 Toelichting en werkwijze Resultaten sociale draagkracht Resultaten fysieke draagkracht Beoordeling draagkracht Relatie omvang en draagkracht per cluster
15 16 18 20 20
Beleidsanalyse............................................................................................. 22 Relevant beleid gemeente Nunspeet Inspiratie verblijfsrecreatief beleid Nederland
22 23
Conclusies .................................................................................................... 27 Conclusies omvang en draagkracht gehele gemeente Conclusies en ontwikkelstrategie clusters Belangrijkste opgave per cluster
27 28 29
Aanbevelingen ............................................................................................. 32 Relatie tussen draagkracht en vitaliteit Advies balansopgaven Advies kennishiaten Het bieden van ruimte per deelgebied Adviezen voor beleidsregels
32 34 35 36 36
Bijlagen .................................................................................................................. 39 Bijlage 1: Bronnenlijst en geraadpleegde personen Bijlage 2: Analyse van toeristische omvang: werkwijze en figuren Bijlage 3: Inwonersonderzoek Bijlage 4: Resultaten balanstafel
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
39 41 44 45
3
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Toeristische omvang en draagkracht van de leefomgeving Om tot een toeristische ontwikkeling te komen gekenmerkt door kwaliteit en diversiteit, is het belangrijk om de impact van toerisme op zowel de economie, samenleving als leefomgeving te betrekken. In 2019 is het advies ‘Waardevol Toerisme: onze leefomgeving verdient het’ (september 2019) gepubliceerd door de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur. Het advies pleit voor een analyse van de relatie tussen toerisme en de leefomgeving. Op basis daarvan kan het ontwikkelperspectief worden bepaald en in kaart worden gebracht waar de opgaven liggen. De analyse die de Rli voorstelt bestaat uit twee onderdelen:
Nunspeet is een populaire toeristische en recreatieve bestemming. Het is gelegen aan de Randmeerkust en onderdeel van de Veluwe. Bezoekers komen vooral voor de natuur en kunnen kiezen uit een divers en omvangrijk aanbod aan verblijfsrecreatie.
▪
De gemeente Nunspeet profiteert dan ook van de voordelen van toerisme: het draagt bij aan werkgelegenheid, het zorgt voor een groot aanbod aan voorzieningen en reuring in de dorpskernen. Tegelijkertijd beseft de gemeente dat een te grote omvang van toerisme kan zorgen voor overlast. Toerisme kan dus ook onbedoeld afbreuk doen aan de leefbaarheid en leefomgeving. Er zijn ook signalen van inwoners en ondernemers die aangeven dat de gemeente als (te) druk te ervaren.
▪
De gemeente Nunspeet vindt het belangrijk om oog te hebben voor de draagkracht van de bestemming. Zij wil graag proactief sturen op balans tussen toerisme en de leefomgeving en leefbaarheid en er is behoefte aan sturingsmogelijkheden om het verblijfstoerisme in goede banen te leiden. Dit onderzoek biedt de onderbouwing en geeft eerste aanzetten tot dat nieuwe beleid voor verblijfsrecreatie.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
Een analyse van toeristische druk (omvang). Dit duidt op de aanwezigheid van bezoekers in relatie tot de bestemming. Een hoge toeristische druk betekent niet automatisch dat er sprake is van negatieve effecten van bezoekers (overlast, schade, etc.) Dit hangt namelijk samen met de draagkracht van de leefomgeving. Een analyse van draagkracht. De draagkracht van de leefomgeving duidt op het vermogen van een bestemming om bezoekers te ontvangen zonder dat er negatieve gevolgen optreden. Er worden verschillende domeinen van draagkracht onderscheiden, zie hoofdstuk 3.
NB In het rapport van de Rli wordt gesproken over toeristische druk, waarbij druk geen relatie heeft met het woord ‘drukte’. Drukte is een beleefde impact, terwijl het begrip druk gaat over objectieve gegevens die de omvang van toerisme aangeven, in relatie tot de bestemming. Omdat het woord druk als verwarrend werd ervaren en de indruk gaf dat we over ‘drukte’ spreken, hebben we ervoor gekozen om te spreken van toeristische omvang in plaats van toeristische druk. De werkwijze en gedachtegang blijven hetzelfde als die van de Rli.
4
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Beleidsanalyse Alhoewel de gemeente Nunspeet geen specifiek beleid voor verblijfsrecreatie heeft opgesteld, zijn er in verschillende andere beleidsdocumenten al wel duidelijke uitspraken gedaan over de (on)wenselijkheid van en voorwaarden voor nieuwe initiatieven in de verblijfsrecreatie. In hoofdstuk 4 zetten we deze kort op een rij. Ter inspiratie kijken we ook naar beleid van enkele andere gemeenten en regio’s, om te kijken wat de gemeente Nunspeet daarvan zou kunnen meenemen in het opstellen van beleidsregels voor nieuwe initiatieven. Leeswijzer In hoofdstuk 2 komt de analyse van de omvang van toerisme aan bod. We kijken hierbij naar de huidige omvang op verschillende schaalniveaus en we maken een inschatting van de te verwachten omvang in de toekomst. Hoofdstuk 3 geeft vervolgens de analyse van draagkracht van de leefomgeving weer. Ook hier zoomen we in op de deelregio’s binnen de gemeente en kijken welke balansopgaven er spelen in de verschillende domeinen van de leefomgeving en waar ontwikkelkansen liggen. In hoofdstuk 4 kijken we naar het huidige beleid van de gemeente Nunspeet en ter inspiratie naar het beleid van enkele andere regio’s en gemeenten. In hoofdstuk 5 trekken we conclusies, waarna we in hoofdstuk 6 ons advies voor de in het onderzoek geconstateerde balansopgaven en voor mogelijke beleidsregels voor de verblijfsrecreatie.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
5
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
6
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
We maken gebruik van de geïnde toeristenbelasting tussen 2017 en 2019 om het aantal overnachtingen ten opzichte van de inwoners en van de oppervlakte te berekenen, zie bijlage 2 voor de werkwijze. NB Het berekende aantal overnachtingen op basis van toeristenbelasting is exclusief forensenbelasting (de belasting voor bezoekers met een tweede huisje/woning). Het overnachtingscijfer omvat dus niet de overnachtingen van toeristen met een tweede woning op een vakantiepark in Nunspeet (de vaste gast). Het cijfer van dichtheid en intensiteit geeft daarom een ondergrens aan en het daadwerkelijke cijfer ligt flink hoger. In Nunspeet is er namelijk een groot aanbod aan vakantieparken met 2e huisjes eigenaren. Ter indicatie: in 2018 waren er 2694 aanslagen forensenbelasting.
Voor de toeristische omvang kijken we specifiek naar de omvang van het aantal overnachtingen in Nunspeet. Het is daarnaast ook zinvol om naar bezoekersaantallen van dagrecreatie te kijken, maar (o.a. vanwege beschikbaarheid van gegevens) focussen we op de omvang van verblijfsrecreatie. Mochten bezoekersstromen in de toekomst (real-time) voor de gehele gemeente in kaart worden gebracht, dan is het aan te raden om de omvang te analyseren voor zowel dagbezoekers als verblijfsbezoekers.
De benchmark met andere gemeenten omvat ook niet de vaste gast. Ondanks dat de dichtheid en intensiteit dus een ondergrens aangeeft, is het wel bruikbaar om te vergelijken met andere gemeenten. Werkgelegenheid Om daarnaast een beeld te schetsen van de vrijetijdssector in Nunspeet, hebben we het werkgelegenheidscijfer in kaart gebracht. De T&R werkgelegenheid is 8,8% van de totale werkgelegenheid in Nunspeet (2019). Dat is relatief hoog. Ter vergelijking: in Gelderland is de T&R werkgelegenheid 6,6% van het totaal en in Nederland is dat 7,0% (2019).
Toeristische omvang We geven de toeristische omvang weer in de vorm van het aantal overnachtingen in relatie tot de bestemming. We geven dit weer in twee parameters: ▪ De toeristische intensiteit: het aantal overnachtingen (per dag) ten opzichte van het aantal inwoners; ▪ De toeristische dichtheid: het aantal overnachtingen (per dag) ten opzichte van het oppervlak waarbinnen deze plaatsvinden;
Schaalniveaus analyse We geven de huidige situatie ten aanzien van toeristische omvang weer op twee schaalniveaus: op gemeenteniveau en op het schaalniveau van de zogenaamde ‘verblijfsrecreatieve clusters’ (deze clusters zijn door de gemeente Nunspeet zelf benoemd, zie figuur 2.4 op bladzijde 10). Omdat de data voor de parameters van toeristische omvang niet aanwezig is op het niveau van de verblijfsrecreatieve clusters, hebben we hiervoor een andere werkwijze gehanteerd. Normaliter wordt de vraag (aantallen bezoekers en
Een hoge toeristische omvang betekent niet per se dat er sprake is van overlast of disbalans, daarvoor is inzicht nodig in de draagkracht van de bestemming en de perceptie van inwoners (zie hoofdstuk 3).
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
7
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
overnachtingen) gebruikt als parameter voor toeristische omvang, maar bij de clusters maken we gebruik van cijfers ten aanzien van het aanbod als indicator, zie bijlage 2 voor meer informatie.
Figuur 2.1 Intensiteit en dichtheid in Nunspeet, gemiddelde van 20172019, exclusief overnachtingen in tweede woningen en op jaarplaatsen Dichtheid (aantal overnachtingen per km² per dag) Intensiteit (aantal overnachtingen per 100 inwoners per dag)
Daarnaast geven we de verwachte toeristische omvang weer voor de toekomst. We schetsen hiervoor een prognose van het aantal gasten en overnachtingen in 2030 en maken een inschatting aan de hand van nieuwe initiatieven van verblijfsrecreatie.
-
2,0 4,0 6,0 8,0 10,0 12,0 14,0 16,0 18,0
Leeswijzer figuur toeristische omvang Een hoge dichtheid geeft aan dat er relatief beperkte fysieke ruimte is in de bestemming voor het aantal verblijfsrecreanten. Een hoge intensiteit geeft aan dat er relatief veel overnachtingen in relatie tot het aantal inwoners plaatsvinden.
Verblijfstoerisme De huidige situatie betreft de cijfers pre-corona. Het gemiddelde van het aantal overnachtingen tussen 2017-2019 wordt geschat op 795.697 op basis van de geïnde toeristenbelasting. Dit cijfer is gebruikt om de intensiteit en dichtheid te berekenen. In figuur 2.1 is de intensiteit en dichtheid in de gemeente Nunspeet weergegeven. Hierin zien we dat de dichtheid 16,8 overnachtingen per km² per dag is. De intensiteit is lager, namelijk 8 overnachtingen per 100 inwoners per dag. De dichtheid is berekend op basis van de totale oppervlakte van de gemeente. Daarnaast is gekeken naar de dichtheid voor de oppervlakte zonder de niet-toegankelijke zones voor recreatie (vanwege recreatiezonering). Dit verschil is echter minimaal, namelijk 16,8 tegenover 17,1. In de totale oppervlakte van de gemeente heeft de recreatiezonering dus nauwelijks invloed op de dichtheid. Wanneer we inzoomen naar de deelgebieden (zie verderop), is dit verschil wel duidelijker te zien in het deelgebied Centraal Veluws Natuurgebied (zie analyse per deelgebied).
Deze cijfers gaan over gemiddelden op jaarbasis. De mate van toeristische druk kan echter verschillen per plek (vooral wanneer we inzoomen) of moment (hoogseizoen vs. laagseizoen, evenementen, dag van de week, etc.). Het gaat hierbij dus om een indicatie, waarbij de cijfers niet als absoluut getal gezien moeten worden, maar als referentiewaarde ten opzichte van elkaar. Nunspeet in vergelijking met andere bestemmingen Omdat het cijfer opzichzelfstaand nog niet aangeeft in hoeverre dit hoog of laag is, geven we de toeristische omvang weer voor een aantal andere bestemmingen. Dit zijn zowel vergelijkbare bestemmingen (qua inwonersaantal, oppervlakte en/of toeristische waarde (veel natuur), maar ook voor de Veluwe (COROP), Noord-Veluwse gemeenten en voor een aantal hotspots in Nederland, zie figuur 2.2 en 2.3. Wanneer we de toeristische omvang in Nunspeet met de buurgemeenten vergelijken, zien we dat de toeristische omvang in Nunspeet, zowel de dichtheid als intensiteit, hoger is in vergelijking met Ermelo en Oldebroek. In
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
8
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Nunspeet zijn er dus meer toeristische overnachtingen per 100 inwoners en per km² per dag dan in Ermelo en Oldebroek.
Figuur 2.3 Toeristische omvang in vergelijking met vergelijkbare gemeenten en hotspots in Nederland, exclusief overnachtingen in tweede woningen en op jaarplaatsen
Figuur 2.2 Toeristische omvang in vergelijking met Noord-Veluwse gemeenten en Veluwe (COROP-gebied), exclusief overnachtingen in tweede woningen en op jaarplaatsen
Nunspeet Rhenen Aalten Winterswijk Amsterdam Texel
Nunspeet Veluwe (COROP) Ermelo
0
Oldebroek
20
40
60
80
100
120
140
160
Dichtheid (aantal overnachtingen per km² per dag)
0 5 10 15 Dichtheid (aantal overnachtingen per km² per dag) Intensiteit (aantal overnachtingen per 100 inwoners per dag)
Intensiteit (aantal overnachtingen per 100 inwoners per dag)
Omvang verblijfstoerisme in deelgebieden Omdat de intensiteit en dichtheid verschilt per locatie, zoomen we in op het niveau van de ‘verblijfsrecreatieve clusters’ (deelgebieden) in Nunspeet. Er zijn 7 clusters, zie ook figuur 2.4: ▪ Centraal Veluws Natuurgebied (CVN) ▪ Overgangsgebied West ▪ Overgangsgebied Oost ▪ Agrarische enclave Elspeet ▪ Agrarische enclave Vierhouten ▪ Randmeerkust ▪ Nunspeet (kern)
In vergelijking met de Achterhoekse gemeenten Aalten (lage omvang) en Winterswijk (vergelijkbaar qua inwoners aantal, oppervlakte en natuurlijke omgeving) en Rhenen (vergelijkbaar qua bezoekmotief), zien we dat de toeristische omvang in Nunspeet groter is dan in Rhenen, Aalten en Winterswijk, zie figuur 2.3. Wanneer we Nunspeet vergelijken met Amsterdam en Texel, toeristische hotspots in Nederland, zien we dat toeristische omvang in Nunspeet veel lager is (figuur 2.3). De dichtheid is veel hoger in Amsterdam, dat betekent dus dat er in Nunspeet meer fysieke ruimte is om de toeristen op te vangen. Op Texel is juist de intensiteit hoger. Hier zijn relatief weinig inwoners t.o.v. het aantal verblijfsgasten.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
9
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
180
Figuur 2.4 Deelgebieden gemeente Nunspeet Omdat er geen cijfers beschikbaar zijn over aantallen overnachtingen per deelgebied, hebben we de intensiteit en dichtheid in kaart gebracht aan de hand van het aanbod. Dit is een andere methode dan voor de het cijfer op gemeenteniveau. Het aanbod aan accommodaties en slaapplaatsen wordt hierbij gebruikt als voorspeller van bezoekers (waar accommodaties zijn, zijn toeristen om te overnachten). We gebruiken het totaal aan capaciteit omdat dit een goed beeld geeft van de potentiële toeristische omvang bij een bezetting van 100%1. Let op, de cijfers van intensiteit en dichtheid kunnen dus niet worden vergeleken met de intensiteit en dichtheid op gemeentelijk schaalniveau omdat er voor beide schaalniveaus een andere werkwijze is gehanteerd. Het totale aanbod in de gemeente Nunspeet bestaat uit de volgende categorieën: ▪ Vakantieparken: 52 ▪ Bed & Breakfasts: 10 ▪ Hotels: 14 ▪ Groepsaccommodaties: 7 ▪ Losse vakantiewoningen (niet op een park): 692 Op basis van het aantal slaapplaatsen van deze accommodaties en de ligging in de deelgebieden, is de intensiteit en dichtheid berekend, zie tabel 2.1 Wat valt op? Met name in de Randmeerkust, CVN en de Agrarische Enclave Vierhouten is het potentiële aantal toeristen (op basis van aantal slaapplaatsen) hoog. Hier kunnen dus zeer veel toeristen overnachten in relatie tot het aantal inwoners.
In de Agrarische Enclave Vierhouten en in de Randmeerkust kunnen tegelijkertijd
Gemiddeld was er in 2019 sprake van een bezetting van 20% op de Veluwe voor huisjes- en kampeerterreinen/groepsaccommodaties en 48% voor hotels/pensions. De bezettingsgraad op individueel bedrijfsniveau in Nunspeet is niet bekend.
Gebaseerd op de bij de gemeente bekende overnachtingsadressen; deze is naar verwachting bijna compleet. Eventueel ontbrekende adressen hebben naar verwachting slechts zeer beperkt invloed op de uitkomsten van de analyses.
1
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
2
10
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
ook veel toeristen overnachten in relatie tot de oppervlakte van deze deelgebieden. De omvang is dus hoog. In de Agrarische Enclave Elspeet en Nunspeet is dit juist laag. Opnieuw geldt: de intensiteit en dichtheid zegt nog niets over de gevolgen op de leefomgeving, daarvoor is inzicht nodig in de draagkracht (hoofdstuk 3).
Paragraaf 2.2 geeft de huidige situatie van toeristische omvang weer, maar we kijken in deze paragraaf ook naar de toekomstige situatie. Dit doen we op twee manieren: ▪ Op basis van de vraag: hoe ziet de ontwikkeling van toerisme eruit? We schetsen een prognose van het aantal te verwachten gasten en overnachtingen in de toekomst. ▪ Op basis van het aanbod: welke nieuwe ontwikkelingen van verblijfsrecreatie staan nog op stapel en wat doet dit voor de capaciteit in de gemeente?
Tabel 2.1 Intensiteit en dichtheid per deelgebied in Nunspeet, o.b.v. aanbod Deelgebied
Intensiteit
Dichtheid
Capaciteit per
Capaciteit
dag per 100
per dag per
inwoners
km²**
9.879
197.587
3.499
20
1.815
37
161
34
2.455
149
187
35
10.200
1.774
121
22
3.314
989
1.955
Agrarische Enclave Elspeet
31
530
13
59
Nunspeet (kern)
4
104
1
20
Totaal
152
28.297
n.v.t.
n.v.t.
Aantal
Capaciteit in
Van hoog naar laag op
bedrijven/
slaapplaatsen
basis van intensiteit
parken
*
Randmeerkust
6
Overgangsgebied Oost Overgangsgebied West Centraal Veluws Natuurgebied (CVN)3 Agrarische Enclave Vierhouten
Prognose gasten en overnachtingen De vrijetijdseconomie in Nederland zat, voorafgaand aan de coronacrisis, in de lift. De inschatting van het NBTC4 was dat toerisme landelijk een enorme groei zou doormaken. Met name het inkomend toerisme zou een sterk groeien en ook voor het binnenlands toerisme werd een groei verwacht, overigens wel minder explosief dan het inkomend toerisme. Het NBTC voorspelde een groei van minimaal 50% van het aantal verblijfsgasten, van 18 miljoen in 2017 naar 29 miljoen in 20305 . Echter, de uitbraak van het coronavirus heeft de situatie veranderd. De vrijetijdssector is hard geraakt en het aantal internationale toeristen is in 2020 drastisch afgenomen. Dit heeft ook invloed de prognoses. Momenteel wordt verwacht dat het binnenlands toerisme vanaf 2022 weer op het niveau van 2019 is, maar dat het herstel van het internationaal toerisme nog wat langer op zich laat wachten: vanaf 2024 wordt verwacht dat dit weer op het oude niveau van 2019 is. NB de onzekerheid als gevolg van recente prijsontwikkelingen op de energiemarkt zijn hierin nog niet meegenomen.
*Inschatting o.b.v. gemiddelde aantal bedden ** Oppervlakte in km² exclusief het wateroppervlakte en niet-toegankelijke zones voor recreatie
Dit gaat om een relatief grote oppervlakte, dat voor het grootste gedeelte bestaat uit (kwetsbaar) Natura2000-gebied. 3
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
4 5
11
Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen Bron: Perspectief 2030, NBTC Holland Marketing, januari 2019 ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Figuur 2.6 Prognose ontwikkeling aantal verblijfsgasten X 1000 tot 2030 op de Veluwe, op basis van Perspectief 2030 van het NBTC en trend
Vooruitblik We hebben een inschatting gemaakt hoe het aantal gasten en overnachtingen zich zal ontwikkelen op de Veluwe tot aan 2030. Dit doen we zowel voor de situatie pre-corona, als voor de situatie post-corona. In deze laatstgenoemde is de dip die het coronavirus heeft veroorzaakt in het aantal overnachtingen weergegeven de verwachting over het herstelt in de prognose ingecalculeerd, zie bijlage 2 voor de werkwijze. Figuur 2.5 geeft het aantal overnachtingen op basis van historische data (trendlijn) weer, voor de situatie pre-corona en postcorona. In figuur 2.6 is de prognose van het NBTC Perspectief 2030 toegepast op het aantal verblijfsgasten in de Veluwe tot aan 2019 om een inschatting te maken van het aantal verblijfsgasten in 2030.
3000 1000
2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 Prognose gasten: pre-corona o.b.v. Perspectief 2030 Prognose gasten: o.b.v. impact corona en trend
Kortom, we zien een stijgende lijn in zowel het aantal overnachtingen als gasten naar 2030 toe. Dit levert de volgende groeipercentages op (zie tabel): Tabel 2.2 Groeipercentages aantal overnachtingen en gasten in 2030 t.o.v. 2019 voor Veluwe (COROP-gebied)
Figuur 2.5 Prognose ontwikkeling overnachtingen X 1.000 tot 2030 op de Veluwe, pre-corona en post-corona op basis van historische data (trend)
Type prognose
10000 8000
Pre-corona, lange termijn: aantal verblijfsgasten op basis van
6000
Perspectief 2030 NBTC
2030
2029
2028
2027
2026
2025
2024
2023
2022
2021
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
4000
Prognose overnachtingen: pre-corona o.b.v. trend
Groei 2030 t.o.v. 2019 32%
Post-corona, korte en lange termijn: aantal verblijfsgasten o.b.v. verwachting NBTC impact corona en historische data (trendmatige
18%
groei)
Prognose overnachtingen: o.b.v. impact corona en trend
Pre-corona, lange termijn: aantal overnachtingen o.b.v. historische data (trendmatige groei)
26%
Post-corona, korte en lange termijn: aantal overnachtingen o.b.v. verwachting NBTC impact corona en historische data (trendmatige
13%
groei)
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
12
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Deze groeipercentages geven een bandbreedte aan waarin het aantal gasten en overnachtingen zich zou kunnen ontwikkelen. De daadwerkelijke groei hangt daarbij ook af van de beschikbare capaciteit om deze groei te accommoderen en het beleid. Wanneer we deze groei van het aantal overnachtingen omrekenen naar een toekomstige dichtheid, zien we dat de dichtheid naar verwachting stijgt van 16,8 naar een dichtheid van 18,8 (post-corona) en 21 (pre-corona) overnachtingen per km² per dag. Afhankelijk van hoe het toerisme zich daadwerkelijk zal ontwikkelen, zal de dichtheid naar verwachting in 2030 rond deze aantallen zijn. Lopende ontwikkelingen Welke initiatieven ten aanzien van verblijfsrecreatie staan er op stapel in de gemeente? En wat voor invloed heeft dat op de capaciteit in de gemeente? Voor zover bekend zijn er geen grote uitbreidingen bekend, of aanvragen voor verblijfsrecreatie toegezegd. Recent is wel een aantal accommodaties uitgebreid. Deze capaciteit is meegenomen in de berekening van de capaciteiten per deelregio.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
13
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
14
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
overschrijding van de draagkracht wordt daarom vaak pas zichtbaar wanneer er een grens is overschreden. Werkwijze bepalen draagkracht We hebben de draagkracht op twee verschillende manieren in kaart gebracht. De sociale draagkracht is in kaart gebracht aan de hand van een inwonersenquête en de draagkracht voor de fysieke domeinen aan de hand van de kennis van experts via een zogenaamde ‘balanstafel’. Inwonersonderzoek Het inwonersonderzoek geeft inzicht in de sociale draagkracht, dus in welke mate toerisme mogelijk is in de openbare ruimte en directe omgeving van inwoners zonder inwoners het gevoel hebben zich niet meer thuis te voelen in eigen stad of omgeving. Aan de hand van een reeks aan stellingen, krijgen we inzicht in de mate waarin inwoners positieve effecten ervaren, negatieve effecten ervaren, in hoeverre de voordelen opwegen tegen de nadelen en hoe ze over toerisme in de toekomst denken. In bijlage 3 wordt de achtergrondinformatie over het onderzoek kort toegelicht. De resultaten van het inwonersonderzoek zijn in een apart rapport opgenomen. In dit rapport gebruiken we de resultaten van een deel van het inwonersonderzoek om uitspraken te doen over de sociale draagkracht.
Analyse van draagkracht: een toelichting Onder draagkracht verstaan we “het vermogen van een bepaalde bestemming om bezoekers (recreanten of toeristen) te ontvangen, zonder dat negatieve gevolgen optreden”. Dit heeft zowel betrekking op het fysieke vermogen als het sociale vermogen van een bestemming. We onderscheiden 6 fysieke domeinen en één sociaal domein: ▪ Mobiliteit ▪ Vastgoed ▪ Openbare ruimte ▪ Erfgoed ▪ Natuur ▪ Milieu ▪ Sociaal: invloed in persoonlijke en publieke ruimte
Balanstafel met experts Omdat er (nog) geen data is om de draagkracht in kaart te brengen, hebben we experts van de verschillende domeinen bijeen gebracht om hier uitspraken over te doen. Voorafgaand aan de bijeenkomst is een korte vragenlijst verstuurd naar de experts waarin zij voor de verschillende domeinen konden aangeven in hoeverre bepaalde effecten als gevolg van toerisme en recreatie spelen, bijvoorbeeld in hoeverre er sprake is van filevorming door toeristisch-recreatief verkeer in de gemeente Nunspeet en deelgebieden als onderdeel van het domein ‘mobiliteit’. De experts konden dit invullen voor de domeinen waarover zij een uitspraak kunnen doen gezien hun expertise en kennis. Daarnaast is de
Het bepalen van de fysieke draagkracht van bestemmingen is niet eenvoudig. Idealiter is er een reeks aan normen en waarden beschikbaar die aangeven tot welke grens er sprake is van balans tussen toeristische omvang en draagkracht en wanneer er sprake is van overschrijding van de draagkracht met negatieve effecten als gevolg. Helaas is voor veel domeinen weinig tot geen data beschikbaar, zijn aspecten lastig te meten en/of zijn er geen normen. Een BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
15
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
experts gevraagd om een eindoordeel te geven over de omvang in relatie tot de draagkracht van de leefomgeving: is er sprake van onderdruk (onvoldoende profijt / te rustig), balans, pieken of structureel hoge druk? Deze vooraf ingevulde informatie is vervolgens met de experts gezamenlijk besproken en verder geduid tijdens de balanstafel. Dit heeft geleid tot een beoordeling van de draagkracht van de leefomgeving (op verschillende domeinen) in Nunspeet en de deelgebieden.
Leeswijzer tabel De nettoscore geeft het aandeel van de inwoners weer dat het eens is met de stelling minus het aantal inwoners dat het oneens is met de stelling), dat doet meer recht aan de antwoorden van beide uitersten. De nettoscore kan lopen van -100 (alle respondenten zijn het oneens met de stelling) tot +100 (alle respondenten zijn het eens met de stelling). Als er evenveel respondenten zijn die het met de stelling eens zijn dan oneens, dan is de nettoscore 0. 100 is het hoogst haalbare, dat duidt op een zeer hoge sociale draagkracht, - 100 is het laagst haalbare en duidt op een zeer lage sociale draagkracht.
Sociale draagkracht Aan de hand van de beleefde impacts van inwoners geven we de sociale draagkracht weer. Hiervoor zijn een aantal stellingen uit het onderzoek geselecteerd die een uitspraak doen over de sociale draagkracht. Deze stellingen zijn geclusterd in beleefde impacts die een oordeel geven over de invloed in de publieke en sociale ruimte, in beleefde drukte, in de balans en in stellingen over de toekomst (zie tabel 3.1). Tot slot is er een oordeel gegeven over de draagkracht van de kernen in relatie tot het gemiddelde in Nunspeet. Dit doen we door een nettoscore weer te geven, zie onderstaande legenda/leeswijzer.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
Let op: één stelling is op een andere manier geformuleerd, waarbij een negatieve nettoscore duidt op een hoge draagkracht. Dit komt omdat de stelling negatief is geformuleerd, namelijk: “door T&R zie ik dat de leefbaarheid in mijn woonomgeving afneemt”. In dit geval duidt een negatieve nettoscore op een hoge draagkracht, want dan zijn er meer inwoners oneens met de stellingen dat de leefbaarheid afneemt door T&R. Dus een negatieve score is een positieve draagkracht en een positieve score is een negatieve draagkracht. Dit is in de tabel aangegeven met een asterisk (*) als hier sprake van is. In alle andere gevallen duidt een negatieve nettoscore op een lagere draagkracht.
16
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Tabel 3.1 Sociale draagkracht: beleefde impacts, beleefde druk, balans en toekomst, weergegeven in nettoscores Beleefde impacts – sociale draagkracht
T&R Nettoscore
Trots
ontwikkelingen verbeteren leefbaarheid
Beleefde druk
Afname
Levendigheid/
Recreatieve
Winkels en
Aantal
leefbaarheid
reuring door
mogelijkheden
horeca
bezoekers
door toeristen
toeristen
dankzij R&T
dankzij R&T
– te veel
Balans
Toekomst Groei
Voordelen Te
Bezoekers
wegen op
Toerisme
druk
toegenomen
tegen
aanmoedigen
nadelen
leidt tot wrijving inwoners/ toeristen
Oordeel draagkracht t.o.v. gemeente Nunspeet
Gemeente Nunspeet
46
17
-25 *
57
28
63
23
13
48
29
12
1
Nunspeet
51
25
-33 *
65
37
67
20
6
45
40
23
-7
Hoog
Elspeet
59
22
-31 *
50
28
51
14
12
48
22
7
-4
Gemiddeld
Hulshorst
35
11
-22 *
42
8
60
32
23
54
22
4
14
Laag/gemiddeld
Vierhouten
16
-26
24 *
46
14
67
42
40
59
-5
-24
33
Laag
*Let op: negatieve score duidt op hoge draagkracht en positieve nettoscore op lage draagkracht. In dit geval zien dus voor de gemeente Nunspeet dat meer inwoners zeggen dat er geen sprake is van afname van leefbaarheid door toeristen: de nettoscore is negatief, dus meer inwoners zijn het oneens met deze stelling dan eens.
Conclusie sociale draagkracht Voor de gemeente Nunspeet zien we het volgende ten aanzien van de sociale draagkracht: inwoners ervaren trots, zien dat toeristische en recreatieve ontwikkelingen bijdragen aan het verbeteren van de leefbaarheid en zien nauwelijks dat de leefbaarheid afneemt als gevolg van toeristen in Nunspeet. Er wordt juist veel levendigheid en reuring ervaren en meer winkels en horeca. Wel vindt een deel van de inwoners het aantal bezoekers te veel en wordt het soms te druk. Een belangrijk onderdeel van de draagkracht is de balans tussen de voordelen en nadelen. Dit heeft een positieve nettoscore: meer inwoners vinden dat de
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
voordelen nog opwegen tegen de nadelen en dat toerisme nog aangemoedigd mag worden. Met andere woorden, de sociale draagkracht is positief (voldoende) in Nunspeet. Toch zien we lokale verschillen: in Vierhouten is de score op de balans en toekomstvragen zorgelijk. De sociale draagkracht is daar dan ook onvoldoende. Ook in Hulshorst zijn de nettoscores lager en is de draagkracht lager in vergelijking met de gemeente Nunspeet. In Nunspeet (kern) is de draagkracht juist hoger en ook in Elspeet zien we een gemiddelde tot hoge sociale draagkracht. 17
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
▪ Fysieke draagkracht: gemeente Nunspeet De resultaten van de vragenlijst onder experts in Nunspeet en de toelichtingen en duidingen tijdens de balanstafel zijn weergegeven in bijlage 4. Tabel 3.3 geeft de beoordeling van de experts aan op de domeinen. Deze beoordeling gaat erom welke intensiteiten en dichtheden van bezoekers de domeinen kunnen accommoderen, opvangen of ontvangen zonder dat er schade ontstaat. En is er dan sprake van een balans tussen de intensiteiten en dichtheden van bezoekers, of is er sprake van pieken op bepaalde momenten en locaties, of is er structureel hoge druk? Of is er juist sprake van lage druk, waarbij het (te) rustig is en als gevolg kan hebben dat kosten van beheer en onderhoud hoog zijn of leegstand ontstaat.
▪
Tabel 3.3 Beoordeling domeinen toeristische omvang en draagkracht Structureel
Weet
hoge druk
ik niet
Domein
(te) rustig
Balans
Pieken
Mobiliteit
0
2
4
0
2
Vastgoed
0
4
0
0
4
Openbare ruimte
0
2
5
0
1
Erfgoed
0
5
0
0
3
Natuur
0
2
3
1
2
Milieu
0
2
3
1
2
Wat valt op? ▪ We zien dat geen enkel domein wordt beoordeeld als een lage druk, waarbij het (te) rustig is en er geen impacts worden ervaren.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
18
Tegelijkertijd scoren ook bijna geen domeinen op structureel hoge druk, met uitzondering van natuur en milieu. ▪ De knelpunten (balansopgaven) die op het gebied van natuur spelen zijn o.a. verstoring van de bermen bij de entrees van de natuur door het gemotoriseerde verkeer, de inloop naar de heide die kapot wordt gelopen door overbelasting van bezoekers en het wild dat geen rust meer heeft door de continue aanloop van bezoekers. Daarnaast gaan bezoekers van de paden af en maken hun eigen routes. ▪ Voor het domein van milieu speelt voornamelijk dat veel bezoekers met de auto komen, wat zorgt voor de uitstoot van broeikasgassen. Het stimuleren van duurzaam vervoer en openbaar vervoer is daarom belangrijk. Bij de domeinen mobiliteit, openbare ruimte, natuur en milieu is sprake van pieken, al wordt dit ook een aantal keer beoordeeld als in balans. Wat zijn de knelpunten en aandachtspunten (balansopgaven) per domein? ▪ Mobiliteit: op een aantal landelijk gelegen wegen is er sprake van een mengeling van verschillende verkeersstromen (fietsers, wandelaars, autoverkeer), wat leidt tot drukte. Daarnaast is het foutief parkeren (in de berm bij de natuur en bij recreatieparken) of parkeerdrukte (bij de natuur, hotspots en in het centrum) ook wel eens een probleem. ▪ Openbare ruimte: zwerfvuil is op bepaalde locaties een probleem, o.a.
bij de Zandenplas, in het bos en langs de weg (specifiek tussen de A28 en Elspeet). Daarnaast is er soms sprake van vernielingen in de openbare ruimte, zoals de informatieborden in de natuur. De gemeente heeft door de hoge recreatiedruk overigens al een grotere capaciteit voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte. ▪ De balansopgaven voor natuur en milieu zijn bij de vorige bullit weergegeven.
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
De domeinen vastgoed en erfgoed zijn in balans. Hier worden geen negatieve impacts ervaren. In de ‘balanstafel’ zijn deze antwoorden gezamenlijk geïnterpreteerd en geduid. Er zijn nuances aangebracht en conclusies getrokken. Dit heeft geleid tot een eindoordeel (zie paragraaf 3.4) waarbij de conclusies van toeristische omvang, sociale draagkracht en de balanstafel zijn samengevoegd. ▪
▪
Fysieke draagkracht: deelgebieden Omdat de dichtheid en intensiteit van bezoekers niet over de gehele gemeente gelijk is, kijken we ook naar de draagkracht van de deelgebieden. Dit geeft enerzijds inzicht in waar balansopgaven spelen, maar tegelijkertijd ook waar eventuele kansen en mogelijkheden liggen voor toeristische ontwikkeling, indien gewenst en in lijn met de draagkracht. De balansopgaven die in bovenstaande opsomming zijn genoemd spelen ook in de deelgebieden. Soms speelt er nog een knelpunt of aandachtspunt specifiek voor de deelregio, dan is dit aangegeven in de toelichting. Zie onderstaande opsomming en bijlage 4 voor tabellen met ingevulde antwoorden per deelgebied. ▪
▪
▪ ▪
▪
Centraal Veluws Natuurgebied: pieken bij mobiliteit (vooral parkeerdrukte), openbare ruimte en natuur. ▪ Milieu: uiteenlopend (balans/pieken/structureel hoge druk). ▪ Mobiliteit: parkeren in de bermen. ▪ Natuur: bijvoorbeeld verstoring van wild of (te grote) concentratie bezoekers. Overgangsgebied West: voldoende draagkracht op alle domeinen (balans), m.u.v. ▪ Natuur (pieken). ▪ Milieu: merendeel balans, maar ook structureel hoge druk. Overgangsgebied Oost: voldoende draagkracht op alle domeinen (balans) Agrarische Enclave Elspeet: pieken bij mobiliteit, openbare ruimte, natuur. ▪ Deze pieken zijn het gevolg van de ligging van Elspeet, namelijk een kleine gemeenschap midden in het toeristisch gebied. Dit
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
▪
19
zorgt daarom op drukke momenten al snel voor piekbelastingen (verkeersbewegingen, veel bezoekers in de openbare ruimte in relatie tot de ruimte) Agrarische Enclave Vierhouten: pieken bij mobiliteit, openbare ruimte, natuur & milieu. ▪ Vastgoed: balans/pieken ▪ Hier speelt specifiek parkeerdrukte, maar ook de verkeersdrukte bij een aantal wegen. Randmeerkust: pieken bij mobiliteit en openbare ruimte. Tijdens de balanstafel bleek dat er ook sprake is van pieken voor natuur) ▪ Milieu: uiteenlopend (balans/pieken/structureel hoge druk) ▪ Een specifiek knelpunt dat zich voordoet in de Randmeerkust op het gebied van natuur is de rietkragen die worden aangetast door waterrecreanten (kitesurfers, roeiers, surfers) en verstoring van watervogels. Hier komen overigens geen gemotoriseerde boten vanwege het ondiepe water, dat beperkt de schade tot de aantasting van de rietkragen. ▪ Daarnaast is er veel drukte van bezoekers in de Randmeerkust door de aanwezigheid van vakantieparken, wat zorgt voor veel verkeersbewegingen en (te) drukke wegen. Dit zorgt ook voor parkeerdrukte en -problemen (geparkeerde auto’s in de bermen). Nunspeet (kern): pieken bij mobiliteit, openbare ruimte en milieu ▪ Op het gebied van mobiliteit zijn er voornamelijk veel verkeersstromen in het centrum van Nunspeet.
Fietsen naar het dorp vinden vakantiegangers minder aantrekkelijk door het gebrek aan fietspaden en hardrijdend verkeer, wat zorgt voor veel autoverkeer naar het centrum van Nunspeet (ook van inwoners).
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
In onderstaande tabel hebben we, op basis van de input van experts, de toelichtingen en discussie, de resultaten van het inwonersonderzoek en de toeristische omvang, een beoordeling van druk en draagkracht gemaakt.
▪
Tabel 3.4 Eindoordeel toeristische omvang in relatie tot draagkracht. Domein
Eindoordeel gemeente Nunspeet
Vastgoed
Balans
Erfgoed
Balans
Sociaal - leefbaarheid
Balans (soms logische, niet zorgelijke pieken)
Milieu
Balans (soms logische, niet zorgelijke pieken)
Mobiliteit
Pieken met balansopgave beleid en beheer
Openbare ruimte
Pieken met balansopgave beleid en beheer
Natuur Sociaal - leefbaarheid: Vierhouten
▪
▪
wat minder gunstig (maar nog steeds voldoende), dat komt doordat er piekbelastingen zijn, die logisch te verklaren zijn door de beperkte beschikbare ruimte. Blauwe kwadrant: De Randmeerkust heeft een omvangrijk verblijfsrecreatief product, maar de draagkracht is niet overschreden. Voor natuur is er op bepaalde momenten een balansopgave bleek uit de toelichting tijdens de balanstafel. Rode kwadrant: de Agrarische Enclave Vierhouten en het Centraal Veluws Natuurgebied kennen een grote toeristische omvang en ongunstige draagkracht. Balansopgaven zijn: verkeersdrukte, o.a. op een aantal landelijk gelegen wegen (veel verkeersbewegingen, verschillende verkeersgebruikers), foutief parkeren in bermen bij natuurgebieden, parkeerdrukte en verstoring van de natuur doordat bezoekers buiten de paden lopen en door overbelasting van bezoekers. Gele kwadrant: Hierin bevindt zich de Overgangsgebied West met een lage intensiteit en dichtheid. Echter, de draagkracht is niet overal gunstig. Er zijn pieken bij natuur en milieu en de leefbaarheid in Hulshorst is laag tot gemiddeld.
Pieken met balansopgave, structureel hoge druk
Dit leidt tot onderstaand kwadrantenmodel:
(belasting).
Figuur 3.1 Relatie omvang en draagkracht voor clusters in Nunspeet
Structureel hoge druk (belasting)
Bij een vergelijking van de omvang en draagkracht in de clusters, zien we de volgende opvallendheden: ▪ Groene kwadrant: het dorp Nunspeet, Overgangsgebied Oost en de Agrarische Enclave Elspeet hebben een lage omvang, en voldoende draagkracht. In de Agrarische Enclave Elspeet is de fysieke draagkracht nog
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
20
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
21
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
recreatie- en kampeerterreinen en is bedoeld om de kwaliteit van deze terreinen op het gewenste niveau te krijgen en te houden. Veel terreinen doen dit al goed, maar op sommige terreinen is de kwaliteit (en/of het toekomstperspectief) zorgelijk, waardoor problemen als onrechtmatige bewoning en openbare orde- en veiligheidsproblemen ontstaan. Voor het onderscheid tussen reguliere campings (met een recreatieve bestemming) en mini-campings (zonder recreatieve bestemming) hanteert de gemeente een grens van 25 eenheden (daarboven is een recreatieve bestemming noodzakelijk), alleen voor zelf meegebrachte kampeermiddelen (dus geen stacaravans) en gedurende het toeristisch seizoen. Dit is mogelijk bij agrarische percelen en op landgoederen als nevenactiviteit.
Er is geen beleid opgesteld in de gemeente Nunspeet dat zich specifiek richt op de verblijfsrecreatie, maar er worden in andere beleidsdocumenten wel een aantal relevante uitgangspunten beschreven. De gemeente Nunspeet beschrijft zichzelf als een gemeente met gezellige en gastvrije dorpen die samen sterker zijn, en kenmerkt zich als Veluwse gemeente aan het water waar jaarrond voldoende aanbod is. Nunspeet wil zich op de Veluwe onderscheiden met een divers aanbod van winkels, horeca, kunst, cultuur en robuuste natuur. In de jaren naar 2030 wordt er vanuit de Nunspeetse identiteit gewerkt aan het ‘volmondig kiezen voor landschap, kleinschaligheid en kwaliteit’.
Uitgangspunten per recreatiecluster In het bestemmingsplan en in de omgevingsvisie wordt ook ingegaan op recreatie. Als we dat vertalen naar de recreatieclusters, dan geldt overal dat de voorkeur ligt in het kwalitatief opwaarderen van bestaande voorzieningen, voordat nieuwe ontwikkelingen in deze gebieden worden geïnitieerd (kwaliteit boven kwantiteit). Hiernaast staat de kwaliteit van (kwetsbare) natuur voorop en dient verblijfsrecreatie niet bij te dragen aan druk op de natuur in het gebied. ▪ In het Centraal Veluws Natuurgebied (CVN) is om deze reden geen ruimte voor nieuwe ontwikkelingen in de verblijfsrecreatie. De druk op de natuur wordt te groot bij verstening en/of uitbreiding van verblijfsrecreatie, en bij een sterke groei van mobiliteitsstromen zoals recreatief verkeer. Ontwikkelingen in andere deelgebieden dienen dan ook niet bij te dragen aan de druk in het CVN. Verplaatsing van verblijfsrecreatieve voorzieningen vanuit een kwetsbaar natuurgebied naar andere gebieden waar deze druk niet speelt, wordt toegejuicht. ▪ In de Randmeerkust is zeer beperkt ruimte voor nieuwe ontwikkelingen en uitbreidingen in de verblijfsrecreatie en slechts met behoud van de ecologische waarde van het gebied. Onder de noemer ‘Nunspeet aan Zee’
De gemeente Nunspeet heeft in de koersnotitie (2020), ontwikkel- en uitvoeringsagenda (2020) en de omgevingsvisie (2018) de wens uitgesproken om: ▪ De kwaliteit van het huidige verblijfsrecreatieve aanbod te laten groeien ▪ De diversiteit van het aanbod te stimuleren. Dit wordt bij voorkeur gedaan binnen huidige verblijfsrecreatieve voorzieningen. ▪ Er is terughoudendheid in het verwelkomen van nieuwe vestigingen, en dit wordt enkel toegestaan wanneer dit aanbod biedt dat momenteel ontbreekt, in lijn is met de identiteit van het gebied en past bij de ambities van de gemeente in diversiteit van het verblijfsrecreatieve aanbod. Er wordt gericht op het verbeteren van de kwaliteit van de vakantieparken middels het Vitale Vakantieparken-programma. Dit programma richt zich op BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
22
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
▪
▪
▪
▪
▪
wordt het verbeteren van de kwaliteit van verblijfsrecreatieve voorzieningen aan of in het Veluwemeer gestimuleerd. In Overgangsgebied Oost is wel ruimte voor toeristische ontwikkelingen, maar ook hier ligt de voorkeur bij het kwalitatief verbeteren van het bestaande aanbod. Verblijfsrecreatieve initiatieven moeten kleinschalig zijn en er moet sprake zijn van een goede landschappelijke inpassing, aandacht voor duurzaamheid, ecologisch verantwoord ondernemen en energieneutraliteit. In Overgangsgebied West, ten oosten en ten westen van de kern Hulshorst wordt gewerkt aan transformatie van vakantieparken met een afnemende recreatieve aantrekkelijkheid. In dit gebied wordt vooral ingezet op het verbeteren van de kwaliteit, en niet het vergroten van de kwantiteit. Ook voor eventuele nieuwe verblijfsrecreatieve initiatieven geldt dat ze goed ingepast dienen te worden. In beide Overgangsgebieden wordt in het kader van een toekomstbestendige landbouwsector verbreding van agrarische ondernemingen, bijvoorbeeld met kleinschalige verblijfsrecreatie (bijvoorbeeld kamperen bij de boer) als kans gezien. In de Agrarische Enclave Elspeet is specifiek ruimte voor verbreding van de recretieve sector. Kleinschalige initiatieven, die goed landschappelijk ingepast worden, zijn welkom.
De voorkeur ligt bij het gebruiken van bestaande bebouwing, bijvoorbeeld van het aanbieden van een B&B in een bestaand gebouw. Het toegankelijk en beleefbaar maken van het agrarisch landschap is een van de aansluitende opgaven hierin. Met name rondom Elspeet zijn er kansen voor de versterking en vergroting van de verblijfsrecreatie. In de Agrarische Enclave Vierhouten is hier geen ruimte voor, omdat dit extra (verkeers)druk op het CVN met zich meebrengt. Het koesteren van rust als kwaliteit van het dorp is van belang.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
Hoe gaan andere gemeenten of regio’s om met de verblijfsrecreatie? Wat staan zij aan nieuwe initiatieven al dan niet toe, onder welke voorwaarden en waarom kiezen zij daarvoor? We hebben naar een aantal andere gemeenten en regio’s gekeken en zetten, ter inspiratie voor Nunspeet, de belangrijkste bevindingen op een rij. We hebben hiervoor gekeken naar de volgende gebieden: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Provincie Drenthe (het ‘ontwikkelperspectief’ als inspiratie voor Drentse gemeenten) Regio Noord-Holland-Noord Gemeente Apeldoorn Gemeente Emmen Gemeente Molenlanden Gemeente Steenwijkerland
In de meeste andere gebieden zijn de uitgangspunten van het beleid vergelijkbaar met zoals we die nu in Nunspeet zien: er moet niet ‘meer van hetzelfde’ komen maar juist onderscheidend en innovatief aanbod dat past bij de identiteit en de ambities van de regio, en de kwaliteit moet worden versterkt, bijvoorbeeld door het inspelen op vitaliteit, duurzaamheid of innovatie. Hieronder behandelen wij de terugkerende thema’s en de specifieke acties in de beleidsplannen. Vitaliteit en langdurige kwaliteit Alle gemeenten en gebieden in deze analyse benoemen vitaliteit van de sector of accommodatievormen binnen de sector als aandachtspunt. Dit wordt gedaan door het versterken van kwaliteit van het bestaande aanbod, maar ook door strenge eisen te stellen aan nieuwe initiatieven om vitaliteitsproblemen in de toekomst te voorkomen. De beleidsstukken stellen de volgende eisen aan nieuwe initiatieven om de vitaliteit voor langere periode te bewaren:
23
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Permanente bewoning wordt geweerd; Accommodaties worden bedrijfsmatig geëxploiteerd (uitsluitend bestemd voor toeristisch verhuur); ▪ Accommodaties hebben een goede ruimtelijke inpassing en ordening; ▪ Er is voldoende vraag naar het nieuwe initiatief. Hiernaast wordt regelmatig de eis gesteld dat nieuwe vestigingen positief bijdragen aan de regio, bijvoorbeeld door bij te dragen aan werkgelegenheid of andere maatschappelijke opgaven.
boomhutten, iglo’s, safaritenten, omgebouwde gebouwen met historische waarde, etc. Apeldoorn geeft speelruimte aan ondernemers en laat strenge regels los die niet effectief blijken te zijn. Deze speelruimte geeft kansen, maar ook uitdagingen. In praktijk blijkt er een barrière te zijn omdat initiatieven soms een wijziging van het bestemmingsplan vereisen en ruimtelijk toch complex blijken. Dit wordt door ondernemers soms gezien als een te hoge drempel, waardoor initiatieven geen doorgang krijgen.
▪ ▪
Innovatie, diversiteit en ‘niet meer van hetzelfde’ Vrijwel ieder document spreekt over het toejuichen van innovatie in de verblijfsrecreatieve sector, zowel in bestaande verblijfsrecreatie, als nieuwe ontwikkelingen. Onder ‘innovatieve concepten’ worden in de documenten concepten verstaan die: ▪ Passen bij het karakter en de identiteit van het gebied ▪ Een nieuwe markt aanspreken (in lijn met de doelgroepen van het gebied) ▪ Meerwaarde bieden voor de toeristische sector in de regio
Aandacht voor draagkracht Sommige gebieden, zoals Molenlanden, hebben de wens om meer toeristen te trekken, omdat het gebied het aankan en het het gebied kan versterken; de gemeente staat daarbij dan ook vooral uitnodigdend ten opzichte van nieuwe initiatieven (onder voorwaarden). In andere gemeenten, bijvoorbeeld Steenwijkerland, wordt vooral ingezet op het terugdringen van piekbelasting op het drukbezochte Giethoorn (dat kampt met overbelasting). Zij kiezen ervoor om rondom Giethoorn strengere regels te stellen en tegelijkertijd in de rest van de gemeente juist vooral in te zetten op langduriger verblijf (in plaats van dagbezoek, dat voor relatief minder bestedingen en meer belasting zorgt). Over het algemeen hebben gemeenten deelgebieden benoemd met ruimte voor nieuwe ontwikkeling, en plaatsen waar geen ruimte meer is voor nieuwe verblijfsrecreatie. Nieuw aanbod wordt in sommige gebieden bij voorkeur in bestaande bebouwing gevestigd: aan nieuwe bebouwing zitten strengere eisen. De gemeente Apeldoorn zet hier sterk op in en ook in het ‘Drents Ontwikkelperspectief’, dat als advies is opgesteld aan alle Drentse gemeenten, wordt hieraan aandacht besteed.
Innovatie hangt hiermee heel nauw samen met vitaliteit en wordt soms als middel gezien om vitaliteit te stimuleren. In heel veel beleidsstukken staat genoemd dat niet ‘meer van hetzelfde’ mag worden gerealiseerd, maar wordt vooral ruimte geboden voor initiatieven die iets toevoegen aan het bestaande aanbod. Vrijwel overal worden unieke typen accommodaties toegejuicht, zoals
Inzicht in marktruimte Veel gemeenten vinden het relevant om te weten of er marktruimte is voor nieuwe initiatieven, om zo ook in ieder geval inzicht te hebben in de kansrijkheid en de toegevoegde waarde van nieuwe initiatieven. Zo hebben de gemeentes Molenlanden en Emmen in hun beleid indicaties opgenomen van
Ook wordt regelmatig actief ingezet op het versterken van ondernemerschap, bijvoorbeeld via aanpakken ‘vitale verblijfsrecreatie’, zoals die op de Veluwe ook specifiek voor vakantieparken bestaat. In veel gevallen worden nieuwe initiatieven ook ‘getoetst’ op ondernemerschap of in ieder geval ingezet op bewustwording. Zo probeert de gemeente Apeldoorn bewustzijn vooraf te scheppen door kennis te delen over doelgroepsegmentatie en ondernemers te inspireren bewuste keuzes te maken ten behoeve van de vitaliteit van de onderneming.
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
24
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
marktruimte, om zo ook richting te kunnen geven aan initiatieven die het meeste toevoegen aan het bestaande aanbod. In een aantal gemeenten en regio’s wordt de Leefstijlvinder (een specifieke segmentatie gericht op de vrijetijdssector, zie www.leefstijlvinder.nl) gebruikt om hier nadere invulling aan te geven. Gemeentes zoals Apeldoorn en Emmen hebben aangegeven meer vrijheid te geven in typen, grootte en aantallen accommodaties op kampeer- en recreatieterreinen om de kwaliteit te verbeteren en beter in te spelen op de marktvraag.
▪
gemeente Steenwijkerland kiest er juist specifiek voor om terughoudend te zijn met minicampings, omdat dit onvoldoende bij bleek te dragen aan de werkgelegenheid. Het vergroten van het aanbod voor de groeiende campermarkt, met als doel het toeristisch seizoen verlengen, wordt ook vaak bij kleinschaligere campings mogelijk gemaakt. Zo mogen in sommige gemeenten (mini)campings langer open blijven om te voorzien in de behoeften van de campermarkt.
Duurzaamheid Duurzaamheid is nauw verbonden aan innovatie en vitaliteit. Sommige gebieden zetten hier sterker op in dan anderen. Op de Veluwe wordt als belangrijk gezien door de VeluweAlliantie, maar ook via het project ‘ Park van de Toekomst’ dat onder de vlag van Vitale Vakantieparken wordt uitgevoerd. Het biedt duidelijke kaders, handvatten en vooral inspiratie om ook in Nunspeet met verduurzaming aan de slag te gaan. Het aanbieden van duurzame (en circulaire) accommodaties wordt actief toegejuicht in verschillende beleidsdocumenten, waaronder die van de gemeentes Molenlanden en Emmen, maar ook in het ‘Drents Ontwikkelperspectief’. Kleinschalig aanbod Elke gemeente of regio heeft een aantal eigen specifieke aandachtspunten opgesteld in het beleid voor kleinschalig aanbod. We noemen een aantal opvallende of interessante keuzes die andere gemeenten hebben gemaakt: ▪ B&B’s: de gemeente Apeldoorn was eerst terughoudend met het toestaan van nieuwe B&B’s binnen de stad, maar omdat de verwachte negatieve effecten uitbleven, zijn nieuwe B&B’s weer mogelijk. ▪ Kleinschalig kamperen: in verreweg de meeste gemeenten wordt dezelfde grens als in Nunspeet (25) gehanteerd en vaak wordt ook de keuze gemaakt om het alleen toe te staan bij agrarische bedrijven.
Sommige gemeenten, bijvoorbeeld Apeldoorn, geeft ook ruimte bij percelen met een woonbestemming of indien de agrarische hoofdactiviteit wordt gestopt. De
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
25
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
26
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
▪
Toeristische omvang ▪ De gemeente Nunspeet heeft een mooi toeristisch profiel, vooral gekenmerkt door aantrekkelijke natuur van de Veluwe en het Veluwemeer. Naast dagjesmensen worden toeristen vooral geaccommodeerd in een omvangrijk verblijfsrecreatief aanbod: Nunspeet herbergt ruim 26 duizend slaapplaatsen in diverse kampeer- en bungalowbedrijven, goed voor ca. 800.000 toeristische overnachtingen. Toerisme draagt enorm bij aan de vitaliteit en leefbaarheid in Nunspeet, dit uit zich onder andere in een relatief hoge werkgelegenheid (8,8%); ▪ De toeristische omvang is, ten opzichte van het aantal inwoners en gerelateerd aan de oppervlakte, ook groot te noemen. Nunspeet heeft een grotere toeristische omvang in vergelijking met de andere Noord-Veluwse gemeenten. ▪ De prognoses van toerisme op de Veluwe geven een behoorlijke groei weer tot aan 2030 (postcorona), namelijk een groei van 13% van het aantal overnachtingen en van 18% van het aantal verblijfsgasten;
▪
Echter: Nunspeet bevindt zich op het optimum van haar draagkracht en gaat daar soms al overheen. Om te voorkomen dat toerisme (meer) afbreuk gaat doen aan de leefbaarheid en leefomgeving, is aandacht in beleid en beheer nodig op onderstaande punten en mag de draagkracht worden versterkt: a. Structureel: Drukte en overlast in de natuur, en problemen met de leefbaarheid in Vierhouten; b. Pieken: problemen met mobiliteit (verkeer en veiligheid) en openbare ruimte (o.a. zwerfvuil). In Hulshorst heeft het (iets) lagere draagvlak voor toerisme mogelijk te maken met het ervaren van enerzijds drukte, maar ook aan het ontbreken van profijt. De verwachting is dat toename van het profijt voor inwoners hier juist zal bijdragen aan het draagvlak voor toerisme.
Strategie sturen op balans Naar de toekomst toe is het verstandig dat de ‘druk’ (in het totaal) niet verder toeneemt en dat verblijfsrecreatieve ontwikkeling zich kenmerkt door kwaliteit en diversiteit en niet kwantiteit. Er zijn daarin wel verschillen per deelgebieden.
Toeristische draagkracht ▪ De draagkracht van de bestemming Nunspeet is overall gezien nog gunstig: voor het merendeel van de domeinen van de leefomgeving geldt dat er sprake is van balans of soms (logische, te verwachten) pieken. Van structurele overlast is alleen sprake op het gebied van de leefbaarheid in Agrarische Enclave Vierhouten en rondom natuur in de gehele gemeente;
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
27
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
verkeersoverlast niet mag toenemen als gevolg van nieuwe initiatieven. Ontwikkelingen in deze deelgebieden mogen niet bijdragen aan de druk in het omliggende Centraal Veluws Natuurgebied (waar de draagkracht immers ongunstig is).
In figuur 5.1 staat de relatie tussen omvang en draagkracht weergegeven: Figuur 5.1 Relatie omvang en draagkracht voor clusters in Nunspeet
Gebaseerd op de omvang en draagkracht, zouden we kunnen komen tot de volgende strategieën voor de verschillende kwadranten: Kwadrant 1: Betreft:
Ontwikkelstrategie:
BUREAU VOOR RUIMTE & VRIJE TIJD
Kwadrant 2: Betreft: Ontwikkelstrategie:
Hoge omvang en gunstige draagkracht Randmeerkust Verblijfsrecreatie mag alleen toenemen onder de strikte voorwaarde dat dit aantoonbaar cruciaal is voor de duurzame instandhouding en toeristische vitaliteit van de betreffende parken. De ontwikkeling moet logischerwijs bijdragen aan kwaliteit en diversiteit en kan slechts met behoud van de ecologische waarde van het gebied. Voorwaarde is dat tegelijk gezorgd wordt voor het voldoende verbeteren van de draagkracht van mobiliteit en de openbare ruimte.
Kwadrant 3: Betreft:
Hoge omvang en ongunstige draagkracht Centraal Veluws Natuurgebied Agrarische Enclave Vierhouten Toeristische omvang mag in deze deelgebieden niet toenemen, kwaliteitsverbetering op de parken is natuurlijk wel mogelijk. De draagkracht mag hier worden versterkt, door de aanpak van structurele problemen en pieken aangaande leefbaarheid, natuur, (milieuvriendelijke) mobiliteit en kwaliteit van de openbare ruimte.
Ontwikkelstrategie:
Lage omvang en gunstige draagkracht Overgangsgebied oost Agrarische Enclave Elspeet Dorp Nunspeet Geen (grote) balansopgave, verblijfsrecreatie mag toenemen. Ontwikkeling draagt bij aan kwaliteit en diversiteit. Ontwikkeling vindt plaats moet bijdragen aan de draagkracht van de leefomgeving of de leefbaarheid. In het dorp betekent dat vooral dat de 28
ANALYSE OMVANG TOERISME EN DRAAGKRACHT IRT VERBLIJFSRECREATIE NUNSPEET
Kwadrant 4: Betreft: Ontwikkelstrategie:
Lage omvang en ongunstige draagkracht Overgangsgebied West In dit deelgebied moet de sociale draagkracht (leefbaarheid) eerst worden versterkt en ook de natuur en het landschap. De omvang van verblijfsrecreatie lijkt hier niet de primaire oorzaak van ongunstige draagkracht, maar dit mag eerst worden uitgezocht. Mogelijk ervaren inwoners ook weinig profijt van toerisme en (ook) veel overlast door dagrecreatie.
2 Overgangsgebied Oost Er is hier geen (grote) balansopgave, vanuit draagkracht bezien is er geen belemmering voor groei verblijfsrecreatie. Voorwaarde: ontwikkeling draagt bij aan kwaliteit en diversiteit en vindt plaats zonder afbreuk te doen aan de draagkracht van de leefomgeving of de leefbaarheid. Landschappelijke inpassing is in dit cluster van groot belang. 3 Overgangsgebied West Verblijfsrecreatie mag zich vanwege ongunstige draagkracht niet verder ontwikkelen, voordat de draagkracht (leefbaarheid inwoners en overlast in natuur) is verbeterd. Er moet echter nader worden bekeken wat de oorzaak van de beperkte draagkracht is; is dat de verblijfsrecreatie, of groeiende overlast van dagrecreanten of juist een (te) beperkt profijt bij inwoners? Initiatieven voor nieuwe initiatieven in principe niet wenselijk, tenzij de draagkracht (leefbaarheid) verbetert en dit geen nadeel heeft voor de natuur.
1 Randmeerkust Verblijfsrecreatie mag niet verder toenemen, of alleen onder strikte voorwaarden (bijv. dat dit aantoonbaar cruciaal is voor de duurzame instandhouding en toeristische vitaliteit van de betreffende parken). Ook hier geldt dat de ontwikkeling logischerwijs bijdraagt aan kwaliteit en diversiteit. Belangrijke randvoorwaarde voor ontwikkeling is (vooraf) gezorgd wordt voor het voldoende verbeteren van de draagkracht van mobiliteit en de openbare ruimte. Ook hier geldt dat vanuit draagkracht er geen ontwikkelruimte mogelijk is, maar parken hebben om vitaal te blijven soms ontwikkelruimte nodig. Daarom moet gekeken worden hoe op slimme wijze ruimte geboden kan worden aan parken (bijvoorbeeld verdunning met kwaliteit; uitruil van gronden). In dit cluster zijn initiatieven voor nieuwe parken in principe niet wenselijk. Een duidelijke zonering voor natuur en recreatie lijkt gewenst, om zo de kwetsbare natuur te ontlasten. Ook lijkt het noodzakelijk om voldoende parkeerruimte op de parken zelf te creëren. Voor nieuwe ontwikkelingen (bijv. op de bestaande parken) zou dit een extra aandachtspunt moeten zijn.