CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Visie Sociaal Domein - Beleidskader (concept)

Beeldvormende raadsbijeenkomst 29 augustus 2024, gemeente NuenenBij agendapunt: Visie Sociaal Domein12.805 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Voorwoord ‘Aandacht werkt1 als een spier2’, energie volgt die aandacht. Waar je aandacht op richt, daar stroomt of blokkeert energie. Of je het nu bewust of onbewust doet, het groeit. Gemeente Nuenen legt daarom focus op talent, kwaliteit, oplossingen en mogelijkheden. Volwaardig mee kunnen doen in Nuenen en regie hebben over het eigen leven is de basis van de visie voor het sociaal domein. Nuenen is een gemeente die streeft naar gelijke kansen en waardering voor unieke kwaliteiten. Niet iedereen is hetzelfde, daarom bieden wij gelijke kansen, maar is ons aandacht passend op de talenten van de persoon – gelijk in kansen, verschil in aandacht. De diversiteit en bereidheid om elkaar te ondersteunen bevorderen talentconsolidatie3 om problemen op te kunnen lossen en actief deel te nemen aan de samenleving. Inclusief Nuenen benadrukt zelf- en samenredzaamheid, terwijl culturele evenementen de gemeenschap versterken. Gemeente Nuenen faciliteert dat en helpt haar inwoners hun eigen kracht te ontwikkelen, zodat zij beter in staat zijn om bij te dragen. Zelfredzaamheid, veerkracht en empowerment vergroten de kans dat individuen hun talenten inzetten voor het welzijn van anderen en de gemeenschap.

De schoonheid van onze omgeving, met haar rijke cultuur, zoals het Vincent van Gogh Village, vele culturele evenementen, zoals kunstexposities en muziekfestivals, biedt een inspirerende achtergrond voor het dagelijkse leven en versterkt de band tussen de bewoners van Nuenen. De prachtige natuur en historische locaties nodigen uit tot ontdekking en bewondering. Onze inwoners zijn trots op

hun gemeenschap en dragen actief bij aan het welzijn van anderen. Het komt erop neer om aandacht te geven aan wat je graag wilt. Wij willen dat in Nuenen iedereen naar eigen kunnen en behoefte deelneemt aan het dagelijkse leven. Een kleine groep mensen heeft daar (soms) hulp bij nodig. Ook dat hoort bij het ‘normale’ leven. Waar noodzakelijk bieden wij (tijdelijk) professionele ondersteuning om de eigen kracht – en die van het (persoonlijke) netwerk - te versterken. Om acceptatie van de ontwikkelingen binnen het leven te vergroten helpen wij te leren omgaan met beperkingen en te bouwen aan sociale contacten. Wij zien dat gerichte aandacht op talenten daarin werkt. Nuenen is daarmee een aantrekkelijke gemeente waar het prettig wonen, werken, leven en verblijven is. Wij staan in verbinding met elkaar, zijn betrokken en vormen een veerkrachtige samenleving. Onze inclusieve benadering zorgt ervoor dat niemand achterblijft en dat iedereen de ondersteuning krijgt die nodig is om volwaardig deel te nemen aan de samenleving.

1

Dan Goleman: ‘Aandacht werkt als een spier’ - Boekblog - Managementboek.nl

2

Auditory attention activates peripheral visual cortex - PubMed (nih.gov)

3

Het oefenen en herhalen van verschillende latente talenten, met als doel deze te verankeren in het netwerk van het brein, zodat waar nodig deze manifest worden.

Inhoud Voorwoord..............................................................................................................................2 1

Inleiding ...........................................................................................................................5 1.1

Het sociaal domein ..................................................................................................5

1.2

Aanleiding van een geactualiseerde visie sociaal domein ..........................................6

1.3

Totstandkoming - Proces ..........................................................................................6

2

Onze visie – Gelijk in Kansen verschil in aandacht ..............................................................7 2.1

Wat voor gemeente willen wij zijn? ............................................................................8

2.2

Preventie .................................................................................................................9

2.3

De drie domeinen van het sociaal domein .................................................................9

2.3.1

Jeugdwet ........................................................................................................... 10

2.3.2

De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) ......................................... 10

2.3.3

De Participatiewet .............................................................................................. 10

3

Trends en ontwikkelingen................................................................................................ 12

3.1

Demografische ontwikkelingen ................................................................................... 12

3.2

Krapte arbeidsmarkt en verandering doelgroep participatiewet .................................... 12

3.3

Bestaanszekerheid..................................................................................................... 12

3.4

Kansengelijkheid / kansrijke start................................................................................ 12

3.5

Meedoen en inclusie .................................................................................................. 12

3.6

Normaliseren............................................................................................................. 13

3.7

Gezonde leefstijl ........................................................................................................ 13

3.8

Grote druk op mantelzorgers ...................................................................................... 13

3.9

Verandering wet en regelgeving................................................................................... 13

3.10

Financiële ontwikkelingen .......................................................................................... 13

4

Effectmonitoring ............................................................................................................ 16

5

Van visie naar strategie naar uitvoering ............................................................................ 19

6

5.1

De leidende principes ............................................................................................ 19

5.2

Belangrijkste aanbevelingen uit de evaluatie: .......................................................... 19

Het Centrum Maatschappelijke Deelname - onze integrale toegang ................................. 21 6.1

De toegang is dan ook divers. ................................................................................. 21

BIJLAGE ................................................................................................................................ 24 1

2

De drie domeinen van het sociaal domein ....................................................................... 24 1.1

Jeugdwet ........................................................................................................... 24

1.1.1

De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 .................................................... 25

1.1.2

De Participatiewet .............................................................................................. 25

Trends en Ontwikkelingen ............................................................................................... 25

3

2.1

Demografische ontwikkelingen ............................................................................... 26

2.2

Krapte arbeidsmarkt en verandering doelgroep participatiewet ................................ 27

2.3

Bestaanszekerheid ................................................................................................. 27

2.4

Kansengelijkheid / kansrijke start ............................................................................ 28

2.5

Meedoen en inclusie .............................................................................................. 29

2.6

Normaliseren ......................................................................................................... 30

2.7

Gezonde leefstijl .................................................................................................... 30

2.8

Grote druk op mantelzorgers .................................................................................. 31

2.9

Verandering wet en regelgeving ............................................................................... 31

2.10

Financiële ontwikkelingen ...................................................................................... 33

Van visie naar strategie naar uitvoering ............................................................................ 34 3.1

De leidende principes ............................................................................................ 34

3.1.1

De belangrijkste aanbevelingen uit die evaluatie waren: ....................................... 34

3.1.2

De vier leidende principes .................................................................................. 35

1 Inleiding De gemeente Nuenen c.a. (cum annexis4) heeft een grote verantwoordelijkheid als het gaat om het welzijn, de gezondheid, de (inkomens)ondersteuning en zorg voor haar inwoners. “Er samen zijn waar dat nodig is en zo in elke wijk aandacht hebben voor elkaar, is voor ons uitgangspunt van handelen5.“ Daaraan voldoet de gemeente in samenwerking met betrokken en sterk georganiseerde inwoners. Dat biedt een waarborg voor de sociale cohesie en veerkracht van Nuenen. De gemeente faciliteert, biedt - en organiseert waar nodig ondersteuning en neemt initiatief om de inwoners te organiseren. Als gemeente blijven wij werken aan deze samenhangende koers voor het sociaal domein. Inwoners van Gerwen, Nederwetten en Nuenen organiseren zich voor een veilige, duurzame en inclusieve gemeenschap waarin de behoeften en wensen van de inwoners centraal staan. Dat is noodzakelijk in een vergrijzende samenleving, een groeiend aantal; één en twee persoonshuishoudens en individualisering. Een samenhangend stelsel binnen het gemeentelijk beleid en de lokale uitvoeringspraktijk helpt het bevorderen van de participatiemogelijkheden en kwaliteit van het leven binnen Nuenen. Dit beleidskader sociaal domein is geen losstaand document. De omgevingsvisie, “Visie op wonen, welzijn en zorg” en de in dit beleidskader geformuleerde visie op het sociaal domein zijn complementair aan elkaar.

De gemeente Nuenen wil in gezamenlijke verantwoordelijkheid met de in onze gemeente actieve inwoners en organisaties garanderen dat een samenleving in stand blijft met een veilig en duurzaam woon- en leefklimaat, een solide sociale infrastructuur waaraan iedereen kan deelnemen met passende ondersteuning. 1.1 Het sociaal domein Het doel van het sociaal domein is om mensen te helpen zo zelfstandig mogelijk te leven en deel te nemen aan de samenleving. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet en de Participatiewet vormen de basis voor het sociaal domein en daarmee ook voor dit Beleidskader. Voor deze wetten heeft de gemeente een zorgplicht en het betreffen openeindregelingen. Nederlandse gemeenten krijgen meer verantwoordelijkheden van de rijksoverheid, maar vaak met minder budget dan waarvoor het rijk zelf die taken uitvoerde. Dat leidt tot een noodzaak om binnen de bestaande wettelijke kaders te blijven denken, terwijl de transities in 2015 noodzaakten om buiten de kaders te denken voor innovaties. Bij die verantwoordelijkheden horen de (wettelijke) taken en ontwikkelingen op het gebied van eenzaamheid, armoede, Hervormingsagenda Jeugd, beschermd wonen, het Integraal Zorgakkoord (IZA), veiligheid, onderwijs, schuldhulpverlening, publieke gezondheid, wonen, integratie, cultuur, sporten en bewegen.

De sterke ambulantisering van de zorg zonder dat de financiering daarmee gelijkmatig verdeeld wordt versterkt de neiging om binnen de kaders van deze wetten (kolommen) te blijven denken. Om effectieve en betaalbare ondersteuning te kunnen blijven bieden, moeten wij prioriteiten stellen en zorgen voor samenhang tussen alle welzijnsactiviteiten en -diensten binnen de gemeente. De hierboven genoemde beleidsterreinen vallen onder die samenhang en staan niet los van elkaar en ook niet van het sociaal domein6.

4

bijbehorende dorpen Nuenen, Gerwen en Nederwetten

5

Samenwerken aan Nuenen – Coalitieprogramma 2022-2026

6

propositie ‘De waarde van het sociaal domein’ (26 januari 2024): De waarde van het sociaal domein (vng.nl)

1.2 Aanleiding van een geactualiseerde visie sociaal domein De raad heeft het college van burgemeester en wethouders met het raadsbesluit van 17 februari 2022 opdracht gegeven om te komen tot een geactualiseerde visie op het sociaal domein. In heel Nederland en ook in de gemeente Nuenen is te zien dat de zorgvraag en de druk op het sociaal domein toeneemt. Het rijk heeft programma’s7 opgezet die als doel hebben om de zorg toekomstbestendig8 te maken. Daarmee is nog niet de krapte op de arbeidsmarkt opgelost. Er zijn namelijk steeds minder mensen beschikbaar om het werk uit te voeren, voortvloeiend uit de stijging van de zorgvraag. Het sociaal domein is dynamisch en door nieuwe wetgeving en ontwikkelingen in de samenleving voortdurend aan verandering onderhevig, met een groeiende financiële druk. Het is in het belang van de inwoners dat wij daar een duidelijke en inspirerende visie op hebben, waar wij naar toe werken. De toenemende vraag naar zorg en ondersteuning is onder andere het gevolg van vergrijzing, toenemende complexiteit in casuïstiek en hoge maatschappelijke druk (onder andere bij jeugd). Daarnaast hebben we te maken met flinke loon- en prijsstijgingen bij onze verbonden partijen en uitvoeringsorganisaties.

Met name cao-loonontwikkelingen in het sociaal domein zorgen voor kostenstijgingen, in een tijd waarin gemeenten er steeds meer (wettelijke) verantwoordelijkheden bij krijgen, die we moeten uitvoeren binnen de financiële kaders. Samen met de juridische ontwikkelingen (zie hoofdstuk 4 ‘Trends en ontwikkelingen) is de huidige visie op het sociaal domein “Persoonlijk en Dichtbij” aan actualisatie toe. De visie op wijkgericht werken (vastgesteld op 17 mei 2023) was een eerste actualisatie van de visie op het meedoen, waarin veerkracht, sociale cohesie en leefbaarheid in de wijken uitgebreid aan de orde zijn gekomen. Vanuit de Omgevingsvisie gaan wij voor een “groen, dorps, rustig, gezellig en gezond Nuenen”. De visie van de gemeenteraad van Nuenen op het wonen, welzijn en zorg (nu nog concept) is “een gezond en betrokken Nuenen waar de inwoners zo lang mogelijk prettig en zelfstandig kunnen (blijven) wonen in een veilige, toegankelijke en inclusieve woonomgeving”. De gemeente Nuenen ondersteunt vanuit verschillende domeinen haar inwoners om deel te kunnen nemen aan de maatschappij. De samenhang in die domeinen, dat recht doet aan de hervorming van het sociaal domein, is nodig. Om ook in de toekomst het sociaal domein houdbaar en betaalbaar te houden is het noodzakelijk om over de domeinen heen integraal te werken zodat de kosten beheersbaar blijven9.

De ontwikkelingen en financiën vragen om een permanent kritische blik op de bestedingen in het sociaal domein. 1.3 Totstandkoming - Proces Deze integrale visie is in samenwerking met de raad, het college, inwoners van Nuenen, inwoners met ervaring, professionals uit het werkveld, adviesraad sociaal domein en ambtenaren tot stand gekomen. In aanloop naar het opstellen van de visie sociaal domein hebben we in 2021 teruggekeken en geëvalueerd. Voor de totstandkoming van de visie op wonen, welzijn en zorg is in 2023 een analyse van het fysieke en het sociale domein gemaakt waarin de ontwikkelingen van het zorglandschap zijn meegenomen en wat dit betekent voor de toekomst van Nuenen.

7

Nieuwe aanpak leefbaarheid en veiligheid in wijken | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl

8

Naar een Inclusieve Samenleving (20 april 202 Rijksfinancien.nl)

9

Richtinggevend kader toegang lokale teams en integrale dienstverlening (vng.nl – maart 2024)

Dit document biedt een integrale visie op het sociaal domein en is kaderstellend voor beleidsstukken die later volgen. Het belangrijkste doel van deze visie is om de beweging van zorg naar preventie teweeg te brengen. Kijkend naar het huidige zorglandschap is te zien dat er veel druk ligt op de gespecialiseerde zorg en ondersteuning vanuit het sociaal domein. De visie op het sociaal domein biedt kaders om deze druk te verlichten zodat de zorg en ondersteuning toegankelijk en betaalbaar blijven. Dit doen wij door in te zetten op preventie en lichte vraagstukken (waar mogelijk) binnen de sociale basis in het eigen netwerk of voorliggende voorzieningen op te vangen.

2

Onze visie – Gelijk in Kansen verschil in aandacht

Missie Als gemeente Nuenen willen wij een sterke, gezonde en vitale samenleving zijn, waarin de inwoners voor elkaar klaarstaan. Waar het prettig wonen en werken is in een veilige en gezonde leefomgeving. Visie De gemeente Nuenen is een veerkrachtige gemeente waarin sociale cohesie sterk is verankerd in de gemeenschap. Alle inwoners hebben aandacht voor elkaar waarin eenieder even belangrijk is, meetelt, regie voert op het eigen leven, samen-/ zelfredzaam is en naar vermogen volwaardig deelneemt aan een inclusieve samenleving. Strategie Daar waar inwoners het niet (helemaal zelfstandig) redden is er een vangnet van hulp en ondersteuning. Is er (tijdelijk) zorg op maat10 nodig, dan biedt de gemeente dat zo snel mogelijk. Onze uitvoeringsorganisatie Centrum Maatschappelijke Deelname (CMD) stelt binnen onze samenleving de bedoeling van de wetten centraal, met een brede en integrale aanpak vanuit een sterke focus op preventie. Wij zoeken de samenwerking op in het belang van de inwoners. De inwoner heeft recht op een oplossing. Die oplossing zoeken wij met de inwoner zo dichtbij mogelijk binnen de eigen mogelijkheden, eventueel in samenwerking met de samenleving. Met subsidies en/of deskundigheid ondersteunen wij de cohesie en de veerkracht van de samenleving en bouwen wij een preventief aanbod op om de basis te versterken voor een toekomstbestendig financieel solide sociaal domein.

10

Zorg op maat, ook wel gepersonaliseerde zorg genoemd, is een benadering waarbij de zorgverlening wordt afgestemd op de individuele behoeften, voorkeuren en waarden van de patiënt.

Om onze missie te bereiken krijgen de volgende acties aandacht: 1. Wij organiseren gemeenschapsactiviteiten, zoals buurtfeesten en sportevenementen om sociale cohesie te bevorderen en vrijwilligersprogramma’s om inwoners te betrekken bij gemeenschapsprojecten. 2. Om de (en het gevoel van) veiligheid te verbeteren helpen wij mensen elkaar te leren kennen bij ‘onbegrepen gedrag’ en geven wij op verschillende manieren informatie over veiligheid. Tevens werken wij samen met politie en andere veiligheidsdiensten om criminaliteit te verminderen. 3. Wij maken Nuenen toegankelijk voor iedereen om inclusiviteit te bevorderen. Verder hebben wij verschillende voor iedereen toegankelijke ondersteuningsprojecten voor kwetsbare groepen, zoals ouderen en mensen met een beperking. 4. Wij stimuleren zelfredzaamheid door workshops en trainingen aan te bieden om de talenten en vaardigheden te ontwikkelen die daarbij helpen. Ook hebben wij verschillende buddy programma's waarbij ervaren inwoners anderen kunnen begeleiden en helpen. 5. Om inwoners op de hoogte te houden van initiatieven en mogelijkheden hebben wij aandacht voor communicatie en bewustwording met bijeenkomsten en nieuwsbrieven. Om bewustwording te creëren over het belang van sociale cohesie en inclusiviteit hebben wij communicatie-campagnes. 6.

Wij gaan samenwerking aan met lokale organisaties om gezamenlijke doelen te bereiken, zoals partnerschappen met scholen, bedrijven en non-profitorganisaties. Wij bieden ondersteuning aan lokale initiatieven die bijdragen aan de missie met subsidies en professionele ondersteuning. 2.1 Wat voor gemeente willen wij zijn? De gemeente Nuenen is faciliterend. Daar hoort een procesregie-houdende rol bij. Als procesregisseur werken we samen met betrokken partijen binnen het sociaal domein, helder in verwachtingen, met duidelijke kaders en gezamenlijke doelen. Als partners dragen wij de verantwoordelijkheid voor de transformatie binnen het sociaal domein. De gemeente en haar partners streven naar effectieve, efficiënte en preventieve oplossingen voor een toekomstbestendig sociaal domein. Belangrijke landelijke programma’s voor die transformatie zijn het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Door invoering van het IZA worden middelen vrijgemaakt om regionale transformaties te bewerkstelligen om de zorg voor hulpbehoevenden toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar te houden. De exacte verdeling van middelen binnen het IZA kan variëren afhankelijk van specifieke projecten, programma’s en samenwerkingsverbanden die worden opgezet om de zorg te verbeteren en te transformeren.

Vanuit het GALA wordt er richting gegeven aan de lokale uitvoering voor preventie, een verbeterde gezondheid en een versterkte sociale basis. Concrete opgaven die voortkomen uit deze akkoorden richten zich onder meer op valpreventie voor ouderen, een kansrijke start voor kinderen, fysiek en mentaal welzijn, gezonde leefstijl en leefomgeving en het voorkomen van eenzaamheid. Wij zetten de komende jaren binnen de Participatiewet extra in op deze doelgroep met specialistische begeleiding. De consulenten Werk en Inkomen werken intensief samen in het CMD met andere specialisten in het sociaal domein om de doelen van de inwoners te realiseren. Dit doen wij door de inwoner te ondersteunen, begeleiden, motiveren en stimuleren, gericht op maximaal maatschappelijk participeren. Dit doen wij met onze doelgroepgerichte benadering. Een belangrijke samenwerkingspartner in deze benadering is de WSD (Werk Samen Doen), het sociaal werkbedrijf van de regio. De WSD werkt samen met de consulenten om de vaardigheden van de inwoners te bepalen, begeleiding te bieden en werkgelegenheid te genereren.

Naast de samenwerking met de WSD zetten wij ook in op intensieve samenwerking in de arbeidsmarktregio Zuidoost-Brabant. Dit doen wij met onze netwerkorganisatie ‘Huis naar Werk’. In het strategisch meerjarenplan van de regio is speciale aandacht voor tekortsectoren (zoals bijvoorbeeld de zorg, het onderwijs en de bouw) en werkzoekenden en werkenden in een kwetsbare positie. Deze ontwikkelingen vragen om formatie en scholing van personeel. 2.2 Preventie Er is veel druk op de gespecialiseerde zorg en ondersteuning vanuit de Wmo en vooral de Jeugdhulp11. Met de samenleving houden wij de zorg op termijn effectief, beschikbaar voor iedereen en betaalbaar. Het reeds ingezet (preventief) beleid wordt vanuit de visie op het sociaal domein en vanuit deelnemers aan de participatiebijeenkomsten om tot deze visie te komen, ondersteund. Samen met onze betrokken inwoners, huisartsen, kinderopvang, scholen en bedrijven binnen Nuenen blijven wij inzetten op preventie. Het verenigingsleven en de ontmoetingsmogelijkheden zijn belangrijke pijlers om eenzaamheid tegen te gaan en kansengelijkheid te bevorderen. Toegankelijkheid van de juiste informatie en advies voor alle inwoners vergroot het gebruik van preventieve voorzieningen. In onze hechte gemeenschap is het welzijn van onze inwoners onze prioriteit.

We bieden hulp en ondersteuning in de directe leefomgeving, werken samen met lokale netwerken en benutten de kracht van de lokale en elkaar steunende samenleving. We signaleren hulpvragen snel en pakken ze vroegtijdig samen met de inwoner op. Onze aanpak is vindplaatsgericht en we zoeken laagdrempelige oplossingen binnen de eigen mogelijkheden van de inwoners. De vraag van de inwoner staat centraal, waarbij we kijken naar de oorzaken en de situatie waarin zij leven, zonder ons te laten beperken door regels en procedures 12 Binnen Nuenen pakken wij lichte vraagstukken op binnen het eigen netwerk (sociale basis). Een sluitende keten zorgt ervoor dat er geen nieuwe problemen ontstaan en dat bestaande problemen adequaat worden opgelost. Professionals en vrijwilligers delen signalen binnen het voorliggende veld, de netwerken en samenwerkingsverbanden en pakken deze samen aan. Wij kijken samen naar alternatieven en preventiemogelijkheden voordat formele hulp en ondersteuning nodig zijn. De behoeften variëren per individu, wijk of dorp. Daarom spelen wij in op wat de inwoner nodig heeft en er in die wijk of dat dorp leeft. Onze gemeenschap kan rekenen op ons accounthouderschap dat is gekoppeld aan subsidie-/opdrachtverstrekkingen aan organisaties. Die zijn gebaseerd op concrete resultaatafspraken met maatschappelijke impact.

Wij volgen als accounthouder de resultaten, sturen vroegtijdig bij en waar nodig stoppen wij de samenwerking als het niet meer nodig is. 2.3 De drie domeinen van het sociaal domein Gemeenten hebben veel vrijheid om ondersteuning in te richten binnen de kaders van verschillende wetten zoals de Wet inburgering, Wgs, Jeugdwet, Wmo, Wpg en Wsc. De Participatiewet is gedetailleerder uitgewerkt met veel regels en procedures. Beweeg- en sportbeleid is een gemeentelijke verantwoordelijkheid zonder wettelijke verplichting. De Jeugdwet, de Wmo en de Participatiewet vormen het sociaal domein. De andere terreinen helpen bij het bereiken van de doelen binnen het sociaal domein. Samenhang is daarom essentieel. Voor meer diepgang zie bijlage. 11

https://open.overheid.nl/documenten/oep-10eb14ef0d8a6adad086afb3e7bd0e9e817aaf1f/pdf BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT EN DE MINISTER VOOR RECHTSBESCHERMING 21 juni 2024: Kamerstuk 31839, nr. 1024 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen (officielebekendmakingen.nl) 12

2.3.1 Jeugdwet De Jeugdwet biedt hulp aan kinderen en jongeren met psychische, psychosociale, gedragsproblemen, of beperkingen. De wet benadrukt eigen verantwoordelijkheid en het gebruik van het sociale netwerk. Belangrijke doelen zijn het versterken van het eigen kracht (eventueel in samenwerking met de eigen netwerk), minder medicatie, maatwerkhulp, samenhangende gezinszorg en minder regeldruk voor professionals. De hervormingsagenda jeugd streeft naar duurzame jeugdhulp en een inclusieve samenleving met passende en tijdige hulp binnen het eigen netwerk. 2.3.2 De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) De Wmo biedt hulp en ondersteuning om inwoners zo lang mogelijk zelfstandig thuis te laten wonen. De wet benadrukt eigen verantwoordelijkheid en biedt ondersteuning zoals huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, welzijnswerk, mantelzorgondersteuning, beschermd wonen en opvang bij huiselijk geweld of dakloosheid. Continuïteit van zorg voor jongeren die 18 worden en ouderen die langer thuis wonen, is belangrijk. De gemeente werkt samen met partners zoals GGZ, huisartsen, en welzijnsorganisaties. 2.3.3 De Participatiewet De Participatiewet heeft als doel iedereen naar vermogen te laten deelnemen aan de samenleving en in eigen levensonderhoud te voorzien. Het biedt een sociaal minimum inkomen als er geen andere voorzieningen zijn.

De wet richt zich op het begeleiden van mensen naar werk en het ondersteunen van hun participatie.

3 Trends en ontwikkelingen Met samenwerkingspartners, het CMD, de adviesraad sociaal domein en de raad zijn de trends en ontwikkelingen besproken (zie bijlage voor uitgebreidere omschrijving). Een trend is de richting van een bepaalde ontwikkeling op langere termijn en is niet (of moeilijk) te beïnvloeden. Het kan ook de verwachte ontwikkeling zijn. De meeste trends versterken elkaar. Bij ongewijzigd financieel beleid van de rijksoverheid brengt de ontwikkelingen hieronder het risico met zich mee dat de bijdragen van het rijk de uitgaven niet meer dekken: • Een groei van het aantal inwoners met een gevoel van eenzaamheid. • Een groeiend aantal mensen met neurologische aandoeningen. • Het doorzetten van de sinds juli 2023 (op kleine schaal) stagnerende arbeidsmarkt. • De groei van armoede en kinderen die in de knel raken eventueel vanwege structurele kansenongelijkheid. 3.1 Demografische ontwikkelingen De zorgvraag neemt toe mede door een trend naar extramuralisering van zorg en de complexer wordende zorgvraag. Dat verhoogt de druk op mantelzorgers en vrijwilligers, en ook op de individuele specialistische zorg op maat. Het zorglandschap kampt tevens met een tekort aan zorgprofessionals.

De groei van de inwoners van Nuenen vanwege het bouwen van 1.600 nieuwe woningen in Nuenen West en vanwege 9 % groei van de populatie door de schaalsprong Brainportregio heeft gevolgen voor de zorg. Verder hebben wij te maken met dubbele vergrijzing en de toename van commerciële kleinschalige woonzorgcentra die een aanbod hebben waar cliënten buiten Nuenen of zelfs regio op af komen. 3.2 Krapte arbeidsmarkt en verandering doelgroep participatiewet De arbeidsmarkt is krap met een historisch lage werkloosheid en een recordaantal banen. Dit heeft geleid tot een daling van het bijstandsbestand. Sinds juli 2023 remt de daling van het bijstandsbestand iets af. De doelgroep van de Participatiewet, waaronder mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt, vraagt om meer ondersteuning en maatwerk. Er is een stijging van langdurig uitkeringsgerechtigden. Er zijn hervormingen in de arbeidsmarktinfrastructuur, zoals een gezamenlijk regionaal loket. 3.3 Bestaanszekerheid Bestaanszekerheid is essentieel voor zelfredzaamheid, inclusief een voorspelbaar inkomen, werk, en een geschikte woning. Er is toenemende ongelijkheid op de arbeidsmarkt voor jongeren, vooral voor degenen zonder startkwalificatie, met een migratieachtergrond of gezondheidsbeperking. Nieuwe wetsvoorstellen proberen de positie van deze jongeren te verbeteren.

Gemeenten krijgen een grotere rol in het begeleiden van kwetsbare jongeren naar werk. 3.4 Kansengelijkheid / kansrijke start Ouders hebben de primaire verantwoordelijkheid voor de opvoeding, maar soms is extra ondersteuning nodig. Investeren in een goede start voor elk kind is cruciaal voor een gezonde en kansrijke toekomst. Steeds meer inwoners hebben echter moeite om volledig mee te doen in de samenleving door diverse oorzaken zoals persoonlijke omstandigheden, beperkingen en armoede. Die achterstand beïnvloedt ook hun kinderen, die risico lopen op problemen later in het leven. 3.5 Meedoen en inclusie In Nuenen kan iedereen zonder drempels deelnemen aan de samenleving, ongeacht beperkingen, leeftijd, huidskleur, geslacht, gender, religie, cultuur, of overtuigingen. De gemeente waardeert en respecteert verschillen en zet zich in tegen discriminatie en voor

LHBTIQ+ inclusie. Inclusief onderwijs is belangrijk, waarbij alle kinderen en jongeren welkom zijn op scholen dicht bij huis. De gemeente ondersteunt onderwijs door toegankelijke onderwijshuisvesting, leerlingenvervoer en regelt leerplicht. Met scholen voorkomen wij segregatie en bevorderen integratie. 3.6 Normaliseren Problemen en tegenslagen zijn normaal en horen bij het leven. Inwoners van Nuenen moedigen wij aan om uitdagingen samen op te lossen en te accepteren wat niet kan veranderen. De gemeente faciliteert een sociale infrastructuur met een vitaal verenigingsleven en samenwerking tussen organisaties om een breed aanbod van voorzieningen te bieden. Wij pleiten voor een realistische inschatting van de zelfredzaamheid van kwetsbare inwoners en het leveren van zorg op maat. 3.7 Gezonde leefstijl Een gezonde leefstijl omvat meer dan sport en bewegen; het omvat ook kunst, cultuur, gezonde voeding en sociaal-emotionele ontwikkeling. De gemeente Nuenen, bekend als Van Gogh stad, faciliteert een sociale infrastructuur die sport, cultuur en kunst bevordert om sociale cohesie en veerkracht te versterken. Sport en een gezonde leefstijl hebben een preventieve werking en dragen bij aan het welzijn van de inwoners. Problemen zoals armoede, schulden, en eenzaamheid beïnvloeden de gezondheid en fitheid van inwoners.

3.8 Grote druk op mantelzorgers Mantelzorgers zorgen voor naasten op basis van persoonlijke relaties, vaak zonder keuze. Door dubbele vergrijzing en kleinere huishoudens neemt de druk op mantelzorgers toe. De gemeente ondersteunt mantelzorgers met middelen, ruimte, kennis en mantelzorgondersteuning, met extra aandacht voor jonge en werkende mantelzorgers. 3.9 Verandering wet en regelgeving • Wijziging van de Wmo en Jeugdwet: Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om fraude aan te pakken en onrechtmatig besteed geld terug te vorderen. • Verkennend Gesprek: om onnodig medicaliseren te voorkomen voert het rijk vanaf 2025 het ‘verkennend gesprek’ in, uitgevoerd door een ggz-professional en waar nodig ook een sociaal domein professional. • Inkomensafhankelijke eigen bijdrage: Vanaf 1 januari 2026 wordt een inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor alle Wmo-voorzieningen ingevoerd. • Decentralisatie Beschermd Wonen: De verantwoordelijkheid voor Beschermd Wonen verschuift naar individuele gemeenten, met uitstel tot 1 januari 2025 of mogelijk 2026. • Participatiewet in Balans: Is de herziening van de Participatiewet om een toereikend bestaansminimum te garanderen en armoede te bestrijden, met een programmaplan in drie sporen.

• Wetsvoorstel aanpak meervoudige problematiek (Wams): Dit wetsvoorstel verankert de taak en grondslagen voor gegevensverwerking voor gemeenten om zorg te dragen voor een meldpunt voor inwoners en professionals. 3.10 Financiële ontwikkelingen Landelijke trends kunnen lokaal anders uitpakken. De rijksmiddelen voor jeugdhulp en Wmo zitten in de algemene uitkering, waardoor specifieke bedragen moeilijk te herleiden zijn. Gemeenten zien stijgende kosten voor jeugdhulp en Wmo. Grootschalige bezuinigingen zijn voorlopig niet nodig. Door maatregelen van kinderrechters kunnen echter onverwacht grote uitgaven ontstaan. De verwachte kosten voor Wmo stijgen door vergrijzing (zie bij demografische ontwikkelingen). Nieuwe financieringsmethoden moeten tekorten beter aantonen, maar er zijn geen garanties voor aanvulling van deze tekorten. De Participatiewet in balans richt zich op begeleiding naar

de arbeidsmarkt, maar de kosten hiervan zijn nog niet volledig in beeld. Extra middelen zijn beschikbaar gesteld voor de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) en sociaal werkbedrijven. Het budget voor bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies fluctueert met de werkelijke uitgaven, maar dit geldt niet voor re-integratie- en begeleidingsmiddelen.

4 Effectmonitoring Onze gemeentelijke organisatie is continu bezig om door te groeien op het gebied van datagestuurd werken en wij willen toewerken naar meer ‘live’ inzicht in data. Steeds meer en beter wordt beschikbare data inzichtelijk gemaakt, geanalyseerd en gebruikt in overwegingen. Wij voorspellen op basis van deze inzichten ontwikkelingen steeds beter en spelen daar zo goed mogelijk op in. Steeds meer en beter maken wij beschikbare data inzichtelijk. Na gedegen analyses gebruiken wij de data in onze overwegingen. Harde cijfers en data zeggen niet alles deze vragen om het verhaal daarachter. Per beleidsterrein en bij de uitvoering van de acties wil de gemeente de gewenste beweging, waar de visie kaderstellend voor is, realiseren. Per domein volgen en monitoren wij de uitvoering of de gewenste effecten behaald zijn. Op basis van de monitoring (Monitor Sociaal Domein) zijn wij continu bezig met het leren en doorontwikkelen binnen het sociaal domein en herijken wij de uitvoering voor de effectiviteit. Om meer grip te krijgen op de kwaliteit en kosten hebben wij inzicht en kennis uit beschikbare data nodig. Met alle maatschappelijke partners die een rol daarin hebben houden wij accountgesprekken voor de monitoring van het bereik en effecten.

Tijdens deze gesprekken staan wij stil bij wat er is bereikt, wat goed werkt en wat beter kan en wat de belangrijkste uitvoeringsactiviteiten zijn voor het komende jaar. De meerjarenbegroting dient als financieel kader waarbinnen we ons beleid taakstellend uitvoeren. Wij voeren ons bestaand beleid uit binnen de bestaande budgetten. Vanwege het openeinde karakter van de wetten passen wij de begroting met de Tussentijdse Rapportages aan de actuele ontwikkelingen. Op basis van een actuele, reële meerjarenbegroting monitoren wij de financiële ontwikkelingen voor lange termijn. Via de jaarlijkse Planning- & Controlcyclus (P&C-cyclus) is de gemeenteraad aan zet om te sturen, keuzes te maken en de begroting aan te passen als dat nodig is. Verder sluiten wij voor de monitoring zoveel mogelijk aan bij monitoren en indicatoren die er al zijn. Onze ‘Monitor Sociaal Domein’ voor de uitkomsten van de Participatiewet, Schuldhulpverlening, Inburgering, maatwerkvoorzieningen Wmo en individuele voorzieningen jeugdhulp, jeugdmonitoren, de cliëntervaringsonderzoeken voor Wmo en jeugdhulp en de gezondheidsmonitor GGD Zuid Oost Brabant. Met onze samenwerkingspartner, de LEVgroep spreken wij Kritieke Prestatie Indicatoren (KPI’s) af. Dat vertalen wij tot kwantitatieve en kwalitatieve rapportages. Daarmee bewaken wij op basis van feiten en ervaringen de voortgang en sturen wij indien nodig ook bij.

Het doel is om te transformeren naar steeds meer preventie, algemeen toegankelijke voorzieningen en versterking van de veerkracht van de Nuenens samenleving. Daarmee zetten wij minder specialistische professionele zorg in, met als bijeffect besparen van de kosten, Wij monitoren wat de hoogte van de kostenbesparing is. Voor een aantal hulpvragen gaan we doorrekenen hoe hoog de kosten geweest zouden zijn bij doorverwijzing naar maatwerkvoorzieningen, versus de kosten van de inzet op laagdrempelige activiteiten en ondersteuning binnen de sociale basis of het eigen netwerk van inwoners. Wij hebben beperkt invloed op de wereld om ons heen. Demografische ontwikkelingen, regionale of landelijke beleidskeuzes, maar ook oorlogen hebben invloed op de uitkomst van onze inzet. In beeld brengen van resultaten en effecten binnen het sociaal domein is daarom lastig. Ook zijn bij bijvoorbeeld preventie de resultaten en effecten pas op langere termijn zichtbaar. De effecten van onze keuzes op andere domeinen en die van het sociaal domein zijn niet altijd direct herleidbaar. Inzet op preventie kan van invloed zijn op het medisch

domein (Zorgverzekeringswet) en de langdurige zorg (Wet langdurige zorg). De (keten)samenwerking met andere domeinen is nodig om ergens alsnog duiding van al het inzet te kunnen vinden.

5 Van visie naar strategie naar uitvoering De visie op het sociaal domein in Nuenen richt zich op het beantwoorden van toekomstige uitdagingen door integraliteit, afstemming en samenwerking tussen professionals te bevorderen. De toenemende complexiteit van vraagstukken en financiële gevolgen vragen om een andere aanpak, waarbij kwaliteit, de kracht van de samenleving (samenkracht) en zelfredzaamheid van inwoners centraal staan. 5.1 De leidende principes 1. Inwoner staat centraal – integrale aanpak: o Inwoners krijgen een duidelijk aanspreekpunt en integrale hulp bij complexe situaties. o Samenwerking met andere domeinen zoals zorg, medisch, en fysieke leefomgeving is essentieel voor welzijn. 2. Wij denken vanuit oplossingen – positieve gezondheid: o Gebruik van bijvoorbeeld de doorbraakmethode en het principe van positieve gezondheid, dat zich richt op aanpassingsvermogen en betekenisvol leven. o Preventieve aanpak breiden wij verder uit. 3. Uitbreiden van de sociale basis: o Versterking van het sociale netwerk en de samenkracht in wijken en dorpen. o Samenwerking met inwoners, vrijwilligers, ondernemers, en maatschappelijke partners om een gezonde sociale basis te creëren. 4. Kwalitatief goed aanbod met rechtmatige verstrekking: o Bestrijding van fraude en kwaliteitstoetsing binnen de Participatiewet en zorg.

o Zorggelden besteden wij doelmatig en rechtmatig, met continue aandacht voor kwaliteit en bescherming van kwetsbare inwoners. o Integrale benadering van zorgfraude en preventie van criminele activiteiten. 5.2 Belangrijkste aanbevelingen uit de evaluatie: 1. Mismatch tussen werkzoekenden en arbeidsmarkt tegengaan. 2. Samenwerking in de arbeidsmarkregio maximaal benutten. 3. Complexiteit van de bijstandspopulatie aanpakken met passende activerende maatregelen. 4. Afschalen van zorg door preventie. 5. Laagdrempelige toegang tot CMD en procesregie invoeren en verbeteren. 6. Betere samenwerking met medische verwijzers voor jeugd. 7. Balans tussen claimgedrag en vraagverlegenheid. 8. Investeren in preventie om doorstroom naar zwaardere hulp te verminderen. 9. Realistische verwachtingen van zelfredzaamheid en informele hulp. 10. Ondersteuning voor overbelaste mantelzorgers.

6 Het Centrum Maatschappelijke Deelname - onze integrale toegang Het Centrum Maatschappelijke Deelname (CMD) is een netwerkorganisatie dat één loket vormt, één team voor Jeugd, Wmo en W&I, maar ook kunnen inwoners van Nuenen hier terecht voor schuldhulpverlening, maatschappelijke deelname, taal en integratie en tal van andere zaken. Samen met een vaste CMD-medewerker kijkt de inwoner naar de eigen situatie en zorgvraag. De vraag van de inwoner staat centraal. Ook de huisarts, de school van de kinderen of een andere instantie kan adviseren contact op te nemen met het CMD. Het brede netwerk en de vele onderwerpen die bij het CMD aan bod kunnen komen borgt de integrale kijk op het leven van onze inwoners. Het CMD-team is verantwoordelijk voor vraagverheldering, ondersteuning, casusregie en indicatiestelling voor specialistische hulp.

De activiteiten op dit plaatje zijn niet limitatief. Er gebeuren nog veel meer goede dingen op vele plaatsen waarin de gemeente Nuenen vanuit verschillende rollen in bijdraagt. De gemeente draagt verschillende rollen, dan is de gemeente aanjager, dan weer facilitator, of uitvoerder, of zelfs opdrachtgever. 6.1 De toegang is dan ook divers. Er zijn verschillende mogelijkheden om in contact te komen met de gemeente over onderwerpen binnen het sociaal domein. Participatiewet (W&I) wordt binnen de Dienst Dommelvallei uitgevoerd, waar inwoners ondersteuning krijgen om zo snel mogelijk (naar kunnen) werk te vinden en gedurende dat proces inkomstenondersteuning te ontvangen. Met het CMD zijn wij er in geslaagd een laagdrempelige toegang te creëren voor advies, hulp en professionele zorg. Onze inwoners, maar ook de zorgprofessionals en het onderwijs weten ons te vinden. Het laagdrempelige karakter van het CMD heeft ook haar financiële gevolgen. Een grote toestroom leidt vanzelf tot hogere uitgaven. Ook moeten wij constateren dat voor sommige inwoners de eigen verantwoordelijkheid en het opbouwen van een netwerk een brug te ver is. Deze mensen willen wij graag ook ontmoeten.

Een deel van de inwoners weet de weg naar het CMD niet te vinden. Meer wijkgericht werken kan hierbij helpen. Uitbreiden van de pilot wijkgericht werken in Gerwen naar heel Nuenen vindt plaats wanneer de evaluatie daarvan daar aanleiding voor geeft. Om meer integraal samen te werken (in sommige casussen) verbeteren wij de samenwerkingen met W&I vanuit de Participatiewet met de andere professionals binnen het CMD. Dat past ook binnen de uitgangspunten van de conceptwet Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein. Binnen het CMD blijven wij inzetten: ❖ om mantelzorgers te ondersteunen en overbelasting tegen te gaan, met de inzet op bijvoorbeeld kortdurend verblijf, verbreden van de mogelijkheden van dagbesteding, logeermogelijkheden, maatjesprojecten en huiskamers. ❖ zodat het CMD bij onze contractpartners, ketenpartners, netwerken, zoals zorgaanbieders, scholen maar ook huisartsen en onze inwoners bekend is. Onze procedure van intake, onderzoek hulpvraag, zoeken naar passende oplossingen, ook in eigen netwerk en voorliggend veld (bij voorkeur door het CMD) is bekend. ❖ voor de aanpak wijkgericht werken. Na evaluatie beoordelen wij of uitbreiding van de pilot wijkgericht werken in Gerwen over heel Nuenen wenselijk is. ❖ Op het bouwen aan een goede relatie met ons netwerk.

Met regelmaat stemmen wij af en investeren wij in het opbouwen van een goede en intensieve relatie met (huis)artsen, zorgaanbieders en scholen. Zij zijn daarmee op de hoogte van de mogelijkheden die het CMD kan bieden en de mogelijkheden in het voorliggend veld. Dit zorgt ook de groei van nieuwe aanvragen bij het CMD door zorgbehoevenden, waarin geïnvesteerd dient te worden. ❖ op preventie. Via de LEVgroep bieden wij de mogelijkheid van algemeen maatschappelijk werk. Hier hebben wij goede ervaringen mee. Dit kan uitgebreid worden als alternatief voor de inzet van het duurdere product begeleiding. ❖ op de mogelijkheden voor afschalen van zorg op basis van de mogelijkheden per cliënt. Dat doen wij door zowel te zoeken naar de mogelijkheden in het voorliggend veld, de sociale basis als ook binnen andere wet- en regelgeving. ❖ op preventief jeugdbeleid door het vergroten van het bereik van het jongerenwerk, pilot inzet jeugdhulp op scholen, oudercafé en Kansrijke start en prenataal spreekuur. ❖ op datagericht werken.

Met de aanstelling van de dataonderzoeker zetten kunnen wij ook steviger inzetten op (steekproefsgewijs) controle op de rechtmatigheid van de inzet van de Jeugd en Wmo middelen (signalerend of de zorg daadwerkelijk geleverd is waarvoor wij betalen, is de betaling passend bij type zorg en nader onderzoek op cliëntniveau door consulenten, ook bij een verlenging van zorg: is de indicatie nog gerechtvaardigd, ligt er een onderbouwd behandelplan ten grondslag aan de inzet van een product)? ❖ op de eigen kracht van de inwoner en de samenleving van Nuenen. Die eigen kracht brengen wij in beeld tijdens het keukentafelgesprek of het onderzoek. Welke mogelijkheden zijn er, binnen de grenzen van wat juridisch is toegestaan en werkelijk helpend is om verbetering te brengen in het leven. ❖ het opbouwen van een goede relatie met het bedrijfsleven in de regio. Vooral die bedrijven die mogelijkheden hebben voor mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. ❖ op passende zorg. Wij maken onderscheid tussen zogenaamde zorgcliënten en mensen in de bijstand die een gerede kans hebben om binnen afzienbare tijd uit de bijstand te geraken. Bij de eerste groep zal de aandacht primair moeten uitgaan naar een integrale aanpak van de onderliggende problematieken (zoals schuldenproblematiek, verslavingen en/of psychische stoornissen).

❖ op Samenkracht. Daarbij investeren wij naar een grotere mate van integrale aanpak en samenwerking op het gebied van de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet. Ook werken wij, de inwoner centraal stellend, samen in andere combinaties, bijvoorbeeld maatschappelijke ondersteuning met wijkverpleging, arbeidstoeleiding met schuldhulpverlening en jeugdhulp met passend onderwijs. Dit betekent niet dat het CMD direct een individuele specialistische maatwerk ondersteuning biedt. Wij zetten in op zoveel mogelijk dat inwoners de eigen verantwoordelijkheid nemen en naar vermogen zelfregie voeren.

BIJLAGE

1 De drie domeinen van het sociaal domein De Wet inburgering, Wgs, Jeugdwet, Wmo, Wpg en Wsc zijn kaderwetten: gemeenten hebben binnen de kaders van de wet veel vrijheid om hun ondersteuning in te richten. De Participatiewet is een beleidsrijke wet: de uitvoering is in veel regels en procedures uitgewerkt. Het beweeg- en sportbeleid komt niet voort vanuit een wettelijke taak en is een verantwoordelijkheid van de gemeente. Alle wetten hebben eigen kracht en eigen verantwoordelijkheid als uitgangspunt. 1.1 Jeugdwet De Jeugdwet is bedoeld voor kinderen en jongeren (en hun ouders) die hulp nodig hebben bij het verminderen, stabiliseren, behandelen en omgaan met psychische problemen en stoornissen, psychosociale- en gedragsproblemen, een lichte verstandelijke of lichamelijke beperking of opvoedingsproblemen. De Jeugdwet gaat uit van de eigen verantwoordelijkheid en eigen mogelijkheden van jeugdigen en hun ouders, met inzet van hun eigen sociale netwerk. Pas als een externe verwijzer of de gemeente zelf vindt dat een jeugdige hulp nodig heeft, moet deze worden geleverd. Belangrijke doelen van de Jeugdwet zijn: • Gebruik maken van de eigen kracht van jongeren, ouders en hun sociale netwerk. Het is belangrijk dat zij de regie blijven houden over hun leven en dat ze samen met hun omgeving en professionele hulpverleners naar oplossingen zoeken.

• Minder snel medicijnen voorschrijven en de zorgvraag terugbrengen. • Eerder (jeugd)hulp bieden op maat voor kwetsbare kinderen. • Samenhangende hulp voor gezinnen bieden: een gezin krijgt een plan met een regisseur. • Meer ruimte voor jeugdprofessionals en minder regeldruk bij hun werk. Perspectief Hervormingsagenda jeugd: Landelijk is een agenda opgesteld om het jeugdhulpstelsel te hervormen13. De gemeente, het rijk, de jeugdhulpregio (Een 10 voor de jeugd) en zorgaanbieders hebben hierin opgaven. Het doel is om de jeugdhulp duurzaam beschikbaar te houden voor inwoners die dat nodig hebben. Uitgangspunt is een inclusieve samenleving waarin iedereen kan meedoen. Voor jeugdigen en gezinnen die dat nodig hebben, is er passende en tijdige hulp en ondersteuning, zoveel mogelijk binnen het eigen netwerk en de context waarin jeugdigen opgroeien met ouders, vrienden, familie, buren, sportcoaches, leerkrachten, kinderopvang, jeugdgezondheidszorg, jongerenwerk, informele steunfiguren etc. Dit vraagt om vertrouwen in en versterking van de directe leefomgeving en sociale basis: goed onderwijs, betaalbare kinderopvang en toegang tot (sport)verenigingen, jongerenwerk, bibliotheken, parken, speeltuinen en andere publieke voorzieningen14.

Een goede laagdrempelige publieke infrastructuur helpt jeugdigen en ouders om mee te doen en hun vragen over opvoeden en opgroeien in de dagelijkse contacten bespreekbaar te maken. Zo worden vragen over opvoeden en opgroeien zoveel mogelijk opgelost of hanteerbaar gemaakt in het dagelijks leven. Dit vraagt een gerichte en doordachte aanpak op preventie. Sommige jeugdigen of hun ouders/opvoeders krijgen te maken met problemen die niet vanuit het dagelijks netwerk opgelost kunnen worden. Daarvoor is een laagdrempelig kwalitatief goed lokaal team beschikbaar dat samen met jeugdigen en hun ouders goed beziet wat nodig is, verbindingen legt met het bestaande informele en formele netwerk rondom de Hoofdlijnenbrief toekomst Wmo, staatssecretaris VWS, maart 2022 en Hervormingsagenda jeugd mei 2022: - Kamerbrief hoofdlijnen toekomst Wmo | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl - https://vng.nl/artikelen/hervormingsagenda-jeugd 14 Wat-werkt-integrale-jeugdhulp.pdf (nji.nl) Elle Verheijden & Marja de Lange 13

jeugdigen, maar dat zelf ook hulp kan bieden. Een professional uit de specialistische jeugdhulp is in te zetten ter consultatie en kan samen met het lokale team een goede brede analyse doen. Als problemen voortkomen uit andere domeinen voorziet de professional van daaruit in een adequate aanpak. 1.1.1 De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 De Wmo regelt hulp en ondersteuning voor inwoners, zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen wonen en deel kunnen blijven nemen aan de maatschappij. In de Wmo staat de eigen verantwoordelijkheid van mensen voorop. Pas als iemand zelf op eigen kracht geen hulp kan regelen, kan hij een beroep doen op ondersteuning vanuit de gemeente. Wij geven dan ondersteuning thuis via de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). Die ondersteuning kan bestaan uit Hulp bij het Huishouden, begeleiding en dagbesteding, ondersteuning om mantelzorgers tijdelijk te ontlasten, een plaats in een beschermde woonomgeving voor mensen met een psychische stoornis en de opvang in geval van huiselijk geweld en aan mensen die dakloos zijn. Ook verstrekt de gemeente hulpmiddelen en woningaanpassingen. Een belangrijk aandachtspunt is continuïteit van zorg voor jongeren die, doordat zij 18 jaar zijn of na verlengde jeugdhulp, een beroep doen op de Wmo.

De steeds groter wordende groep ouderen (passend) langer thuis te laten wonen vraagt ook extra aandacht vanuit het fysieke domein. Verder hebben wij verantwoordelijkheid voor: - mensen die uitstromen uit een Ggz instelling (effect beddenreductie en extramuralisering); - jeugdigen die met ondersteuning zelfstandig (gaan leren) wonen; - statushouders en asielzoekers die in onze gemeente gehuisvest zijn; - personen met onbegrepen gedrag die mogelijk een veiligheidsrisico vormen. Binnen de Wmo werken wij samen met verschillende partners, denk bijvoorbeeld aan GGZE, huisartsen, COA, vluchtelingenwerk, de GGD, leveranciers van hulpmiddelen of (doelgroepen)vervoer, welzijnsorganisatie de LEVgroep (waaronder schuldhulpverlening en het ouderenwerk). Ook faciliteren wij betrokken inwoners zich te organiseren om preventie mogelijk te maken. 1.1.2 De Participatiewet Het eerste uitgangspunt van de Participatiewet is dat iedereen naar vermogen deelneemt (participeert) aan de samenleving en waar mogelijk in het eigen onderhoud voorziet. Het voornaamste doel van de Participatiewet is om waar mogelijk mensen met arbeidsvermogen naar werk toe te leiden of te ondersteunen bij het werk. Het tweede uitgangspunt is dat de Participatiewet zorgt voor een inkomen op het sociaal minimum.

Er is alleen recht op een bijstandsuitkering als het inkomen en vermogen onder de grens is en er geen recht is op een voorliggende voorziening.

2 Trends en Ontwikkelingen Hieronder zijn de verschillende trends en ontwikkelingen opgenomen die van invloed zijn op het sociaal domein. Een belangrijke beïnvloedende factor is uiteraard het regeringsbeleid zelf. Het nieuwe kabinet dat in 2024 is geformeerd is en de financiële keuzes die zij maakt zijn van invloed op de toekomstige ontwikkelingen. Hieronder zijn de trends en ontwikkelingen op het demografische vlak, de arbeidsmarkt, bestaanszekerheid, kansrijke start en kansengelijkheid, meedoen en inclusie, normaliseren, gezonde leefstijl, mantelzorg, veranderende wet en regelgeving en de financiële ontwikkelingen voor zover die nu al in beeld zijn.

2.1 Demografische ontwikkelingen De zorgvraag stijgt, wordt complexer en de druk op mantelzorgers of vrijwilligers groeit. Het gehele zorglandschap kampt met hetzelfde, de onhoudbaarheid van de zorg15 op termijn en aanhoudende tekort aan zorgprofessionals. Vanuit de zorgverzekeraars en de zorgkantoren is een trend gaande om de zorg verder te 16 extramuraliseren. Voor betaalde krachten, vrijwilligers en naasten is daarom een transformatie nodig in de organisatie van de zorg en het sociaal domein. Zorgondernemers zien binnen die krapte kansen. 17. Deskundigen noemen deze stijging van de commerciële verpleeghuizen zorgwekkend. In Nuenen West bouwen wij 1.600 nieuwe woningen. Verder zien wij in de Brainportregio, waar Nuenen ook bij hoort, een toename van de bevolking met 9,6 %. Dit heeft ook implicaties voor de voor de zorg. De oorzaak van deze bevolkingsgroei is voornamelijk door immigratie. Bevolkingsgroei op basis van leeftijdsopbouw te zien:

15 16

Anders leven en zorgen van mei 2022 uitgegeven door de Raad Volksgezondheid & Samenleving

‘Kanslijn 4: Voor elke cliënt die dat aankan een zo zelfstandig mogelijke, eigen veilige plek in de samenleving (ambulantisering) | Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (vgn.nl) 17 In tien jaar tijd is het aantal commerciële verpleeghuizen voor ouderen vervijfvoudigd, van 96 naar ruim 500. Nationale Zorggids artikel uit 8 maart 2024: Zorgwekkende groei commerciële verpleeghuizen

Naast de dubbele vergrijzing (zie de plaatjes hieronder), heeft de groei van de commerciële ‘kleinschalige woonzorgcentra’ een verhogend effect op het aantal ouderen met zware en complexe zorgbehoefte binnen Nuenen. Dat laatste is niet in de statistieken meegenomen, maar heeft wel een groei-effect op het gebruik van de Wmo-voorzieningen. Het totaal aantal inwoners in Nuenen in 2024 is 24.231. In Nuenen zien wij dat ten opzichte van landelijke cijfers het aandeel van jongeren met 25,5% erg laag is en het aandeel van ouderen (65 jaar en ouder) is 26,5 % en groeit naar 30 % in 204018. Het is belangrijk dat Nuenen zich voorbereidt op deze demografische veranderingen en investeert in passende zorginfrastructuur. 2.2 Krapte arbeidsmarkt en verandering doelgroep participatiewet De arbeidsmarkt is historisch krap. De werkloosheid is laag. Er waren nog nooit zo veel banen in Nederland; ruim 11 miljoen. Deze ontwikkeling zorgt de laatste jaren voor een daling van het bijstandsbestand. Sinds 2023 wordt zichtbaar dat de daling doorzet maar wel afneemt. Deze trend is zowel landelijk als in de gemeente Nuenen zichtbaar. Naast de daling van de totale bijstandspopulatie zien wij ontwikkelingen binnen doelgroep. Met de komst van de Participatiewet is de doelgroep van de Wsw en de Wajong grotendeels bij de gemeente gekomen. Deze doelgroep heeft een grote afstand tot de arbeidsmarkt.

Er is meer ondersteuning en maatwerk nodig om deze doelgroep te begeleiden naar maatschappelijke deelname, vrijwilligerswerk of betaald werk. Wij zien ook een stijging van het aantal langdurig uitkeringsgerechtigden. In 2024 zat 42 % van de bijstandsgerechtigden van de gemeente Nuenen langer dan 5 jaar in de uitkering. De tweede kamer roept op tot hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur. Er zijn kansen om de samenwerking te verbeteren. Een van de belangrijkste uitgangspunten in deze wijziging is het realiseren van een gezamenlijk regionaal loket. Onze arbeidsmarktregio Zuidoost Brabant loopt hierin voorop met Huis naar Werk. Werkzoekenden, werkenden en werkgevers kunnen hier terecht voor brede dienstverlening in relatie tot de arbeidsmarkt. 2.3 Bestaanszekerheid Inwoners hebben bestaanszekerheid19 of wel ‘de basis op orde’ nodig om in hun leven zelfredzaam te zijn en te blijven. ‘De zekerheid van voldoende en voorspelbaar inkomen, van werk en van mee kunnen doen in de samenleving. Maar ook de zekerheid van een geschikte en betaalbare woning en in een veilige en prettige omgeving, met snelle en toegankelijke

18 19

https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboard-bevolking/regionaal/jongeren-en-ouderen

Van overleven naar bloeien - bestaansonzekerheid voorkomen en verminderen (Raad voor Volksgezondheid en Samenleving, januari 2024, 100p.) & - publicatie van 25 juni van Raad Volksgezondheid & Samenleving: https://open.overheid.nl/documenten/oep1695420ea0c5177021726e8d955214d89d81b812/pdf

dienstverlening in situaties die de veiligheid bedreigen.’ (VNG & Divosa, 2021)20. Wij gaan in gesprek met mensen die een steun in de rug nodig hebben om mee te kunnen doen en bieden wat écht nodig is vanuit de menselijke maat en persoonlijke aandacht. Wij zien dat de ongelijkheid op de arbeidsmarkt tussen jongeren is toegenomen21, waarbij jongeren zonder startkwalificatie (maximaal een mbo-2 opleiding), jongeren met een nietwesterse migratieachtergrond en jongeren met een gezondheidsbeperking relatief lagere baankansen hebben en minder perspectief en bestaanszekerheid door o.a. flexibele contracten. Met het nieuwe wetsvoorstel wordt door de rijksoverheid getracht de positie van de jongeren te verbeteren. De gemeenten krijgen een grotere rol om de kwetsbare jongeren naar werk te begeleiden. Fundamentele en grote (systeem)hervormingen op het gebied van bestaanszekerheid zijn aan het rijk. Wij werken een brede benadering van bestaanszekerheid met een aanpak die is gericht op het herstellen en versterken daarvan. 2.4 Kansengelijkheid / kansrijke start Steeds meer inwoners hebben moeite om volledig mee te doen in onze complexe samenleving. De oorzaken liggen meestal op meerdere leefgebieden. De impact in het ene gebied versterkt soms de effecten op andere leefgebieden. De kwetsbaarheid van deze inwoners groeit daarmee.

Dit kan bijvoorbeeld komen door persoonlijke omstandigheden (ongeval, ontslag, faillissement, echtscheiding, overlijden naaste), lichamelijke of psychische beperkingen, ziekte, prestatiedruk of het ontbreken van basisvaardigheden. De persoonlijke omstandigheden en beperkingen van ouders kunnen hun kinderen belemmeren in hun ontwikkeling. Hierdoor lopen zij het risico om op latere leeftijd problemen te krijgen. Gezinnen die van generatie op generatie in armoede leven, leven vaak ook in sociale uitsluiting, hebben minder vaak een baan en doen minder mee aan de maatschappij. Kinderen uit een gezin met een lage sociaaleconomische positie, een migratie- of vluchtelingenachtergrond hebben grotere kans om ziek te worden en eerder te overlijden. Ook ingrijpende ervaringen tijdens de jeugd, discriminatie en laaggeletterdheid zijn belemmerende factoren. Ouders hebben de primaire verantwoordelijkheid in het gezond en veilig laten opgroeien en opvoeden van hun kinderen. De meeste ouders beschikken over een eigen netwerk waar ze terecht kunnen voor ondersteuning, zodat zij weer op eigen kracht verder kunnen. Soms helpen tips en adviezen van ervaren ouders of opvoedingsondersteuning om te voldoen aan de ondersteuningsbehoefte van het kind.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14442103/2