Programmabegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028
Tekst van het document
In het kader van het maken van meer fundamentele keuzes gericht naar de toekomst toe kijken we in 2025 verder naar het kostenniveau in combinatie met het serviceniveau van onze huishoudelijk afvalinzameling. Risico's Doordat Blink geen eigen vermogen bezit, loopt elke deelnemende gemeente het risico eventuele tekorten te moeten aanzuiveren (art. 38, lid 1). Wanneer een of meer gemeenten deelname beëindigen, ofwel naar aanleiding van een periodieke evaluatie ofwel "tussentijds", dan kan zulks, ondanks een van toepassing zijnde plicht voor een dergelijke gemeente om een schadeloosstelling te betalen, toch leiden tot negatieve financiële gevolgen. Afbreukrisico van geen deelname Wanneer de gemeente Nuenen besluit tot uittreding, dan kan dat betekenen dat de overige deelnemers schadeloos gesteld dienen te worden. Daarnaast moet de gemeente dan zelf iets organiseren, zodat uitvoering van de gemeentelijke taken met betrekking tot afvalinzameling en reinigingstaken gecontinueerd en geborgd wordt. Alternatieven voor geen deelname Als alternatieven kunnen genoemd worden het aanbesteden van de taken die betrekking hebben op huishoudelijke afvalstoffen en reiniging van verhardingen ofwel het deelnemen in een andere GRconstructie, zoals Cure (de Gemeenschappelijke regeling van gemeenten Eindhoven, Valkenswaard en Geldrop-Mierlo).
Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Algemeen bestuur: S. Löwik (wethouder) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel, bij het vaststellen van de begroting van Blink, wordt de raad in gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen. Daarnaast wordt de raad incidenteel betrokken, bijvoorbeeld bij wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling, bij toetreding van een nieuwe gemeente en bij het doorlopen van het Strategisch traject.
Vennootschappen en coöperaties NV Bank Nederlandse Gemeenten te Den Haag Doel en openbaar belang De BNG Bank is de bank van en voor (decentrale) overheden en instellingen op het gebied van wonen, zorg, onderwijs, energie en infrastructuur. De BNG Bank is betrokken partner voor een duurzamer Nederland. De BNG Bank stelt de publieke sector in staat maatschappelijke doelstellingen te realiseren. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Het betalingsverkeer van de BNG Bank richt zich specifiek op zakelijke klanten in de publieke sector. De BNG Bank biedt een volledig pallet aan zakelijke producten. Digitaal, efficiënt en veiligheid staan hierbij centraal.
82
Veranderingen en ontwikkelingen Bij het herijken van de strategie is het doel van de BNG gelijk gebleven. In Kompas Naar Impact 20242026 wordt beschreven hoe de BNG maatschappelijk impact wil maken. De BNG wil concreet invloed hebben op de kwaliteit van leven in Nederland. De BNG wil de belangrijkste financier zijn van de publieke sector om Nederland socialer en duurzamer te maken. Risico's De BNG Bank is na de Staat een van de grootste emittenten van Nederland. Het door de bank uitgegeven schuldpapier heeft een credit rating AAA van Moody’s, en AA+ van Standard & Poor’s en AA+ van Fitch. Door deze topratings kan de BNG Bank tegen lage prijzen geld aantrekken op de gelden kapitaalmarkt. Hierdoor kan de bank hun klanten lage tarieven bieden. De BNG streeft niet naar een maximaal, maar naar een redelijk rendement op het eigen vermogen. De Staat is houder van de helft van de aandelen. De andere helft is in handen van gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap. De gemeente Nuenen bezit 1.755 aandelen à € 2,50 zijnde in totaal € 4.388,-. Afbreukrisico van geen deelname n.v.t. Alternatieven voor geen deelname n.v.t. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de aandeelhouders. Dit zijn uitsluitend overheden. Als aandeelhouder: B. van Stiphout (wethouder). Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
NV Brabant Water te Den Bosch Doel en openbaar belang Brabant Water is het drinkwaterbedrijf dat aan 2,5 miljoen inwoners en bedrijven in Noord-Brabant drinkwater levert en ervoor zorgt dat de klanten altijd en overal in Brabant kunnen rekenen op zuiver en veilig drinkwater. Een verantwoordelijke taak, waarnaar gehandeld wordt. Brabant Water streeft niet naar winst, maar wel naar de beste kwaliteit en dienstverlening. Brabant Water biedt naast drinkwater ook water op maat en gespecialiseerde diensten en advies aan. De gemeente heeft een belang in Brabant Water N.V. van 22.246 aandelen à € 0,10 (totaal € 2.224,60). Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Brabant Water is als drinkwaterbedrijf primair verantwoordelijk voor het waarborgen van de continuïteit van de waterlevering in haar voorzieningsgebied en de kwaliteit en druk van het geleverde drinkwater. Veranderingen en ontwikkelingen Op 4 juli 2024 verscheen het rapport van de Zuidelijke Rekenkamer. Daarin waarschuwt de rekenkamer voor een drinkwatertekort in 2027 in de provincie Noord-Brabant. Ook signaleert de Rekenkamer dat deze uitvoering van de provincie achterblijft, waardoor onvoldoende resultaten worden behaald. De provincie is namelijk verantwoordelijk om te zorgen dat er voldoende schoon grondwater beschikbaar is om drinkwater van te maken.
En dat er voldoende vergunningsruimte aanwezig is om dit water op te pompen. Dat is momenteel niet gegarandeerd. Brabant Water deelt het beeld van de Rekenkamer dat de provincie nu aan zet is om de drinkwatervoorziening voor alle Brabanders veilig te stellen en dat daar urgent en daadkrachtig handelen voor nodig is. Risico's n.v.t. Afbreukrisico van geen deelname n.v.t. Alternatieven voor geen deelname n.v.t. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de aandeelhouders. Dat zijn de provincie Noord-Brabant en 60 gemeenten. Als aandeelhouder: M. van Toorenburg (burgemeester wn.) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
83
Stichtingen en verenigingen Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost te Helmond Doel en openbaar belang Het Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost is een samenwerkingsverband tussen gemeenten, (justitiële) overheidsinstellingen en maatschappelijke organisaties. Het doel is de verbetering van veiligheid en leefbaarheid in de 21 gemeenten in Brabant Zuidoost. Het is van belang om onderscheid te maken tussen het zorg- en veiligheidshuis als professionele netwerkorganisatie en het zorg- en veiligheidshuis als facilitator voor ketenpartners. Het landelijk kader richt zich specifiek op het zorg- en veiligheidshuis als netwerkorganisatie van verschillende partners in de zorg-, de strafrechtketen en gemeenten, gericht op een ketenoverstijgende persoons-, systeem- en gebiedsgerichte aanpak van, of advisering rondom, complexe problematiek. In de rol van facilitator biedt de netwerkorganisatie aan ketenpartners de mogelijkheid om werkplekken te huren in een kantoor. Het zorg- en veiligheidshuis Brabant-Zuidoost is in de kern een smalle organisatie. Haar professionaliteit ligt op het gebied van procesregie, advisering en informatievoorziening.
Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De kracht van het zorg- en veiligheidshuis is een goede samenwerking tussen de verschillende organisaties om problemen op het gebied van veiligheid beter aan te pakken. Daarbij behouden alle partners hun eigen (wettelijke) verantwoordelijkheden. Problemen worden in een mix van preventie, repressie en zorg aangepakt. Zo wordt geprobeerd potentieel grote problemen klein te houden. De casussen worden aangepakt middels de werkwijze Casus Op Maat en de Persoonsgerichte Aanpak. Daarnaast stimuleert en ondersteunt het zorg- en veiligheidshuis de gemeenten om in de toekomst gebruik te maken van het escalatiemodel in de zorg- en veiligheidsketen AVE (aanpak voorkoming escalaties) en dit lokaal te implementeren. Veranderingen en ontwikkelingen In 2016 is de rechtsvorm van het Zorg- en Veiligheidshuis gewijzigd en is de Stichting Beheer en Exploitatie Veiligheidshuis Brabant Zuidoost opgericht. Besloten werd om hierin deel te nemen. Vanaf begin 2018 is de naam gewijzigd in Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost. In 2022 is de GGD Brabant Zuidoost formeel toegevoegd als partner aan het samenwerkingsverband Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost.
De GGD wil zich meer inzetten voor kwetsbare inwoners die- op het snijvlak van zorg en veiligheid- tussen wal en schip en daarvoor bouwen aan duurzame en brede samenwerking met regionale ketenpartners. In 2024 staat het uitvoeren van de geactualiseerde Persoonsgerichte Aanpak Jeugd, Onbegrepen Gedrag en Huiselijk Geweld/Kindermishandeling hoog op de agenda. Risico's Alle 21 gemeenten uit de regio nemen deel aan de Stichting en dragen daaraan bij. Afbreukrisico van geen deelname Er kan dan geen gebruik worden gemaakt van de voordelen die het zorg- en veiligheidshuis kan bieden, zoals informatie, expertise en menskracht. Bepaalde organisaties hebben ook aangegeven geen capaciteit te hebben om deel te nemen aan overlegstructuren in alle afzonderlijke gemeenten. Alternatieven voor geen deelname De gemeente moet dan zelf meer regelen en kan geen beroep meer doen op inbreng van bepaalde maatschappelijke instanties en strafrechtpartners. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant. Samenwerking met politie, maatschappelijke en justitiële organisaties. Alle gemeenten vaardigen een wethouder zorg of een burgemeester af als lid van het algemeen bestuur. Het betreft voor Nuenen wethouder N. Wouters.
Het algemeen bestuur kiest uit hun midden weer – per basisteam – een wethouder zorg en een burgemeester als lid van het dagelijks bestuur. In 2018 werden de gemeenten die behoren tot het basisteam Dommelstroom vertegenwoordigd in het dagelijks bestuur door voorzitter burgemeester P. Verhoeven (Heeze-Leende) en wethouder P.J. Looijmans (Geldrop-Mierlo) namens de gemeenten die behoren tot het basisteam Dommelstroom. Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
84
Stichting Bureau Inkoop- en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB) te Oirschot Doel en openbaar belang Inkoopuitgaven maken een zeer groot deel uit van de jaarlijkse begroting. Door samenwerking kunnen gemeenten hun inkoop professionaliseren. Daarnaast vertaalt de kwaliteit van inkoop zich direct in de kwaliteit van producten, diensten en werken. Integer en efficiënt inkopen heeft een positieve uitstraling naar burgers, het bedrijfsleven en de eigen medewerkers. Goed ingerichte inkoopprocessen vergroten het vertrouwen van de samenleving in de manier waarop gemeenschapsgeld wordt besteed. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De gewijzigde Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012) laat voldoende ruimte over om eigen beleid te voeren op het gebied van inkopen en aanbesteden. Het inkoop- en aanbestedingsbeleid waarborgt de naleving van wet- en regelgeving, een doelmatige inkoop en bestuurlijke integriteit. Het inkoopbeleid gaat uit van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur: openheid, objectiviteit en zorgvuldigheid. Door gebruik te maken van objectieve voorwaarden, kunnen gemeenten de keuze voor een leverancier verantwoorden. Deze helderheid biedt ook voordelen voor ondernemers, die weten waar ze aan toe zijn. Veranderingen en ontwikkelingen Sinds 2013 hebben gemeenten te maken met de Aanbestedingswet 2012.
Op 1 juli 2016 zijn de wijzigingen op de Aanbestedingswet 2012 in werking getreden. Hiermee zijn de nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen opgenomen in de Nederlandse wetgeving. Door de wijzigingen in de Aanbestedingswet hebben we te maken gekregen met wijzigingen in de dagelijkse inkooppraktijk. Risico's Door deel te nemen aan BIZOB wordt het risico op juridische procedures door onjuiste inkoop- en aanbestedingstrajecten verkleind. Afbreukrisico van geen deelname De aansluiting bij BIZOB is een keuze voor continuïteit in organisatorische en personele zin voor de invulling van de inkoopfunctie. Naast het mislopen van de mogelijk gunstigere prijzen en/of hogere kwaliteit, ligt er een afbreukrisico op gebied van efficiencyverbetering, rechtmatigheid en een versterking van de expertise. Alternatieven voor geen deelname In plaats van aansluiting bij BIZOB kan ook gekozen worden voor het volledig intern invullen van de inkoopfunctie. Daarnaast kan een commercieel inkoopbureau worden ingehuurd om gelijksoortige ondersteuning te bieden. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Het verzorgingsgebied van BIZOB is ingedeeld in vier clusters, te weten: 1. BOV en De Kempen regio; 2. Dommelvallei+ en Peelgemeenten; 3. Noordoost Brabant; 5. A2 regio en overig publiek. BIZOB is een stichting en wordt aangestuurd door de gemeenten en aangesloten organisaties.
Het bestuur wordt gevormd door een afvaardiging van twee bestuurders per regio. De zittingsduur voor bestuurders is vier jaar. De voorzitter van het bestuur is een burgemeester en heeft een zittingsduur van zes jaar. Daarnaast worden twee secretarissen toegevoegd aan het bestuur. Tevens neemt vanuit elke aangesloten gemeente één bestuurder deel in de Vergadering van Aangeslotenen. Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
85
Verbonden Partijen
Realisatie
Realisatie
Eigen vermogen 2023
Realisatie
Prognose
Prognose
Vreemd vermogen Resultaat Eigen vermogen 2023
2023
2025
21.146.523
833.753
11.984.208
Prognose
Bijdrage
Bijdrage
2024
2025
Vreemd vermogen Resultaat 2025
2025
Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven (MRE)
13.902.613
Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB)
2.480.854
7.805.774
532.056
Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO)
3.261.747
29.828.652 1.010.542
Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Brabant Zuidoost (GGD)
6.980.000
34.315.000 1.290.000
14.503.432
0
346.707
388.044
1.981.541
7.393.162
0
443.685
446.110
4.049.062
38.548.567
0
1.436.990
1.508.270
3.915.000
27.411.000
0
968.975
1.053.137
689.000
2.956.000
139.465
332.000
3.925.000
0
7.065.824
7.847.290
0
0
0
onbekend
onbekend
0
1.466.317
1.621.274
nvt
5.273.000
215.000
nvt
onbekend
0
2.475.000
2.456.000
Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)
0
0
0
onbekend
onbekend onbekend
onbekend
onbekend
Brabant Water
0
0
0
onbekend
onbekend onbekend geen bijdrage geen bijdrage
0
0
0
onbekend
onbekend onbekend
8.071
8.517
1.302.202
1.973.315
943.507
onbekend
onbekend onbekend
199.332
295.590
Dienst Dommelvallei Werkvoorziening de Dommel (WSD) Reiniging Blink Vennootschappen en coöperaties
Stichtingen en verenigingen Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost Bureau Inkoop en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB)
86
Grondbeleid Inleiding Het grondbeleid en de grondexploitaties hebben een belangrijke invloed op -en samenhang met- de realisatie van de andere beleidsprogramma's van een gemeente. Onder grondbeleid wordt verstaan het gehele instrumentarium dat de gemeente ter beschikking heeft om ruimtelijke doelstellingen te realiseren. Het omvat alle strategieën van de gemeente rond het verwerven, beheren, bewerken en uitgeven van gronden. Het grondbeleid en de grondexploitaties hebben een grote financiële impact op de algehele financiële huishouding van de gemeente. De eventuele financiële kansen en risico's zijn van belang voor de algemene financiële en reservepositie van de gemeente. In deze paragraaf komen de achtergronden en algemene randvoorwaarden, aandachtspunten, uitgangspunten, kanttekeningen en risico’s van het grondbeleid en de grondexploitaties van de gemeente Nuenen c.a. aan de orde.
Raadsbesluiten De basis voor het huidige gemeentelijke grondbeleid en de grondexploitaties zijn de Nota Grondbeleid 2005-2012, de Nota Grondbeleid 2012-2018 en de Nota Grondbeleid 2019-2023. Daarnaast zijn de raadsbesluiten van “Ruimtebalans naar Masterplan” en “Prioritering projecten en grondexploitatie” uit 2005 relevant geweest voor (een groot deel van) de huidige grondexploitaties. Ook zijn vanaf 2006 tot en met heden diverse raadsbesluiten genomen (herijkingen grondexploitaties, jaarrekeningen, begrotingen, risicoanalyses, etc.), die van invloed zijn op de huidige actuele stand van het grondbeleid en de grondexploitaties. In de Kadernota 2012 is vastgelegd om jaarlijks bij het opstellen van de jaarrekening de grondexploitaties te herzien. Ingeval sprake is van grote tussentijdse wijzigingen wordt de raad hierover separaat geïnformeerd c.q. wordt een voorstel met begrotingswijziging voorgelegd. Sinds een aantal jaar rapporteren we meerdere keren per jaar aan de raad op hoofdlijnen over de voortgang, de afwijkingen van grondexploitaties en de ontwikkelingen ten aanzien van de risico's. Bij de jaarrekening 2023 zijn de grondexploitaties herzien ten opzichte van de grondexploitaties behorende bij de begroting 2024 en de jaarrekening 2022.
De meest recente, relevante raadsbesluiten zijn: • Raadsbesluit juli 2019 "vaststelling Nota Grondbeleid 2019-2023"; • Raadsbesluit oktober 2019: "vaststelling subsidieverordening Sociale Volkshuisvesting 2019"; • Raadsbesluit juli 2020: "Programma Wonen 2020-2030"; • Raadsbesluit november 2023 “vaststelling begroting 2024-2027”; • Raadsbesluit december 2023 "Kader grondprijzen en exploitatiebijdragen 2024"; • Raadsbesluit juli 2024 ”vaststelling jaarrekening 2023”; • Raadsbesluit juli 2024 "vaststelling jaarrapportages grondexploitaties 2023"; • Raadsbesluit juli 2024 "Kloostertuin".
Bestemmingsreserves De bestedingsplannen voor de bestemmingsreserves bovenwijkse voorzieningen, sociale volkshuisvesting, parkmanagement en groen voor rood zijn gereed en worden periodiek (parallel met de begroting en jaarrekening) geactualiseerd. Een van de herzieningen als gevolg van de gewijzigde voorschriften van het BBV betreft de "voeding" en waardering van de (gerealiseerde) voorzieningen in deze bestemmingsreserves. Voor de stand en prognose van deze bestemmingsreserves wordt verwezen naar de betreffende toelichting op de bestemmingsreserves in deze begroting. Bovenwijkse voorzieningen Met de stortingen (vanuit de diverse projecten) groeit de reserve in de komende jaren. De bestedingen van deze bestemmingsreserve zijn de investeringen om de bovenwijkse voorzieningen, welke volgen en “veroorzaakt” worden door de uitvoering van de (woningbouw)projecten, te kunnen realiseren. De belangrijkste investeringen, die in dit kader worden gerealiseerd, zijn de diverse projecten ter verbetering van de leefbaarheid en bereikbaarheid onder de verzamelnaam VKA (voorkeursalternatief) Bundelroutes Nuenen.
87
Sociale volkshuisvesting Met de bijdrages (vanuit de diverse projecten) wordt de reserve gevuld. De bestedingen van deze bestemmingsreserve zijn projecten waarin sociale woningbouw(huur) wordt gerealiseerd en die een (financiële) bijdrage nodig hebben voor de haalbaarheid van de ontwikkeling. Deze reserve stimuleert de realisatie van sociale huurwoningen. In 2019 is de 'Subsidieverordening sociale volkshuisvesting 2019' door de raad vastgesteld. Private partijen die een sociale huurwoning toevoegen aan de voorraad kunnen een aanvraag indienen voor een subsidie (afdracht uit de bestemmingsreserve). Uit de aanvraag moet onder andere blijken dat de bijdrage nodig is om het project financieel haalbaar te maken. Parkmanagement Met de stortingen vanuit de ontwikkelingsprojecten van bedrijventerreinen groeit ook deze reserve in de komende jaren. Deze reserve heeft het doel om de kwaliteit en leefbaarheid van de Nuenense bedrijventerreinen in stand te houden en te verbeteren. Groen voor rood Met de bijdragen vanuit het project Nuenen West blijft deze reserve in de komende jaren groeien. De bestedingen van deze bestemmingsreserve zijn gericht op het verbeteren van het Dommeldal, dat als gevolg van de woningbouwontwikkeling Nuenen West een kwaliteitsimpuls moet te verkrijgen.
Financiële uitgangspunten: Besluit Begroting en Verantwoording Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Er is regelgeving voor de verslaglegging over de jaarcijfers van het grondbedrijf. In 2019 is de notitie 'Grondbeleid in begroting en jaarverslaggeving juli 2019' uitgebracht door de commissie BBV. Deze notitie dient als basis voor de opgestelde grondexploitaties en deze toelichting op het grondbeleid. De verwachting is dat het BBV ook de komende jaren zal blijven veranderen om zo in te spelen op de actuele situatie. Dit wordt op de voet gevolgd en er wordt continu zorggedragen dat de verslaglegging van de grondexploitaties voldoet aan de regels van het BBV. December 2023 is de Notitie grondbeleid in begroting en jaarstukken 2023 gepubliceerd door de commissie BBV. Dit betreft een actualisatie van de Notitie grondbeleid uit 2019 vanwege de invoering van de Omgevingswet. Alle wijzigingen in de notitie die te maken hebben met de Omgevingswet treden in werking gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Alle overige wijzigingen treden in werking met ingang van begrotingsjaar 2025. De grondexploitaties zijn gerubriceerd conform het BBV. Er is een onderscheid gemaakt in Bouwgrond In Exploitatie (BIE ) projecten die onder de rubriek Materieel Vast Actief op de balans worden verantwoord.
Bouwgronden In Exploitatie (BIE) Bouwgrond in exploitatie heeft in alle gevallen betrekking op grondexploitaties in de uitvoeringsfase. In het verleden is in de praktijk een veelheid aan grondontwikkeling gerelateerde projecten geschaard onder het begrip grondexploitaties. Vanuit het belang van eenduidigheid is in bovenstaande notitie van de Commissie BBV voor afbakening van het begrip bouwgrond in exploitatie en de hieraan toe te rekenen kosten gezorgd om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de bestaande regels zoals vastgelegd in de Wet ruimtelijke ordening. Op basis daarvan is gekomen tot de definitie die binnen het BBV voor bouwgronden in exploitatie per 2016 geldt: gronden in eigendom van een gemeente, waarvoor de raad een grondexploitatiecomplex met een grondexploitatiebegroting heeft vastgesteld. Het startpunt van Bouwgrond in Exploitatie is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief de grondexploitatiebegroting. Vanaf dat moment wordt de BIE geopend en kunnen kosten worden geactiveerd en bijgeschreven op de voorraadpositie op de balans. Het begrip is van belang voor de wijze waarop het gemeentelijk eigendom wordt beoordeeld en opgenomen in de financiële administratie. Vervaardigingskosten van bouwrijp en woonrijp maken van de locatie worden geactiveerd ofwel bijgeschreven op het balansactief.
Activering van de gemaakte kosten is acceptabel, omdat een grondexploitatie geen éénjarig proces is. Conform de verslagleggingsvoorschriften van het BBV worden, op balansdatum, als er sprake is van een voorzienbaar negatief resultaat van de grondexploitatie, een voorziening gevormd ter hoogte van dat verlies. Deze voorziening wordt gevormd ten bedrage van de Netto Contante Waarde van het voorziene verlies. Is er sprake van een verwacht positief resultaat van de grondexploitatie, dan wordt het resultaat volgens de BBV voorschriften genomen voor zover dat met voldoende zekerheid gerealiseerd is (tussentijdse winstneming) en aan het einde van het proces en bij afsluiting van de grondexploitatie (winstneming).
88
Materieel vast actief Onder Materieel vast actief zijn gronden opgenomen die (meestal) in het verleden anticiperend of strategisch zijn aangekocht. Deze gronden hebben een vaste bestemming en zitten niet in een transformatieproces. Bij grond als materiële vaste activa gaat het veelal om ondergrond van gebouwen, wegen, parken pleinen of van land-/bosbouwgronden. Deze gronden zijn geactiveerd tegen (historische verkrijgingsprijs en bijkomende kosten). Op grond wordt niet afgeschreven. Indien sprake is van een (duurzaam) lagere marktwaarde wordt conform BBV voorschriften de grond afgewaardeerd. Deze marktwaardetoets is met name relevant op het moment dat de bestemming van de gronden wijzigt. Er is één project dat onder materieel vast actief op de balans staat, Boschhoeve, het project is gewaardeerd op basis van de huidige bestemming.
Verwachte resultaat grondexploitatie / project Een grondexploitatie is geen statische, maar vooral een dynamische berekening van verwachte kosten en opbrengsten in combinatie met gerealiseerde kosten en opbrengsten. Het berekenen van een resultaat van een grondexploitatie is geen "exacte wetenschap" en betreft een modellering van de verwachte toekomstige situatie in het project. Voor grondexploitaties met een verwacht negatief resultaat zijn en worden voorzieningen gevormd. Ieder jaar wordt, bij de jaarrekening, de vereiste omvang van de voorzieningen en het benodigde weerstandsvermogen bepaald. De voorziening voor een grondexploitatie met een verwacht negatief resultaat wordt gevormd op basis van het resultaat op de dan geldende datum contante waarde. Uiteraard zijn ook de grondexploitaties en projecten met verwachte positieve resultaten “onder voorbehoud” en kunnen deze resultaten, voordat het project is afgerond, nog niet worden besteed. Deze positieve resultaten, en eventuele tussentijdse winstnemingen, zijn onder andere afhankelijk van de te realiseren verkopen van (bouwrijpe) grond. Uit het oogpunt van doelmatigheid zal het college er naar streven om uitgaven, bedrijfseconomisch verantwoord, niet in een te vroeg stadium te doen en opbrengsten uit verkoop van bouwrijpe grond op het juiste tijdstip te realiseren.
Tenslotte worden bij de grondexploitaties ten behoeve van de jaarrekening jaarlijks risicoanalyses uitgevoerd. Door het kwantificeren van de belangrijkste kansen en risico’s bij de projecten worden de benodigde weerstandscapaciteit en het gewenst weerstandsvermogen in beeld gebracht.
Tussentijdse winstnemingen Conform de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording moet tussentijds winst genomen worden bij positieve grondexploitaties. Bij het stelsel van baten en lasten zoals geformuleerd in het BBV zijn het toerekeningbeginsel, het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel essentiële uitgangspunten. Baten en lasten – en het daaruit voortvloeiende resultaat – moeten worden toegerekend aan de periode waarin deze zijn gerealiseerd. Bij meerjarige projecten betekent dit dat (de verwachte) winst niet pas aan het eind van het project als gerealiseerd moet worden beschouwd, maar gedurende de looptijd van het project tot stand komt en ook als zodanig moet worden verantwoord. Het verantwoorden van tussentijdse winst is daarmee geen keuze maar een verplichting die voortvloeit uit het realisatiebeginsel. Bij het bepalen van de tussentijdse winst is het wel noodzakelijk de nodige voorzichtigheid te betrachten. Voor het bepalen van de tussentijdse winst worden de richtlijnen van het BBV gevolgd, in de vorm van de 'Percentage of Completion'-methode. Hiermee wordt ten aanzien van tussentijdse winstneming rekening gehouden met de fase waarin de grondexploitatie zich, zowel wat betreft de opbrengsten als de kosten, verkeert. Naar rato van de voortgang van het project wordt tussentijds winst verantwoord.
Hierbij wordt voor wat betreft de berekeningsmethodiek en de planinhoudelijke uitgangspunten niet afgeweken van de grondexploitatie of herziening zoals deze tot en met het verslagjaar door de raad is vastgesteld. Dit wordt berekend naar de mate waarin kosten en opbrengsten zijn gerealiseerd per individuele grondexploitatie. Hiermee wordt de totale winst over de individuele grondexploitatie opgedeeld/toegerekend aan de reeds verkochte kavels. Indien nog geen gronden zijn verkocht, is er dus nog geen sprake van gerealiseerde winst.
89
Daarnaast wordt bij de bepaling van de tussentijdse winst rekening gehouden met de risico’s die specifiek samenhangen met de nog te realiseren kosten en opbrengsten van de individuele grondexploitaties. Voorbeelden hiervan zijn onzekerheden/risico’s over de ontwikkeling van de rente of over de in de betreffende begrotingen van individuele grondexploitatie(s) opgenomen verwachtingen over afzetmogelijkheid of grondopbrengst.
Parameters en uitgangspunten grondexploitaties Rentelasten en –baten in een grondexploitatie Op grond van de voorschriften vanuit het Besluit Begroting Verantwoording provincies en gemeenten (hierna BBV) is de rente voor de grondexploitaties herrekend. Als gevolg van een recente BBV-notitie rente zijn de percentages voor activa en voor grex vanaf 2025 gelijkgetrokken. In de begroting 2025 wordt gerekend met een rentepercentage van 1,1%. Bij de jaarrekening 2023 was dit percentage 0,19%. Grondprijsbeleid De Nota Grondbeleid 2019-2023, die in juli 2019 door de raad is vastgesteld, bevatte geen wijzigingen in het grondprijsbeleid ten opzichte van de Nota Grondbeleid 2012-2018. Deze grondprijzen worden toegepast als kaders en voorwaarden voor de gemeentelijke uitgifte van (bouwrijpe) grond in (nieuwe) grondexploitaties en projecten. Deze grondprijzen worden jaarlijks bezien en indien nodig geactualiseerd (door een nieuw vast te stellen Kader Grondprijzen en Exploitatiebijdragen). In december 2023 zijn de grondprijzen geactualiseerd en herzien en vastgesteld door de gemeenteraad. Woningbouwprogrammering Bij de jaarrekening 2023 is een geactualiseerde woningbouwplanning in de grondexploitaties opgenomen.
De gemeente houdt vast aan deze woningbouwplanning en nieuwe projecten zijn alleen mogelijk wanneer aangetoond kan worden dat deze projecten van volkshuisvestelijk belang zijn voor de gemeente. Daarnaast wordt de bestaande woningvoorraad steeds belangrijker. Oude wijken worden aangepakt en verbeterd. Verduurzaming van deze bestaande woningen wordt steeds belangrijker.
90
Prognoses Bij raadsbesluit van de vaststelling van de jaarrekening 2023 zijn de prognoses per grondexploitatie / project voor laatst vastgesteld. Zoals is afgesproken wordt eenmaal per jaar, bij het jaarverslag, nagegaan of de vastgestelde prognoses inclusief de daaraan ten grondslag liggende calculaties nog actueel zijn of moeten worden bijgesteld. In onderstaande tabel zijn de resultaten van winstgevende en verlieslatende projecten getoond. De winstgevende projecten en de geprognosticeerde winstneming is uiteraard onder voorbehoud van bijvoorbeeld de daadwerkelijke realisatie van grondverkopen in de projecten. De belangrijkste wijziging tussen jaarrekening 2023 en begroting 2025 betreft een rentewijziging, deze was bij de jaarrekening nog 0,7% en bedraagt nu 1,1%. prjct nr
Exploitatieopzet vastgesteld in jaarrekening 2023
Exploitatieopzet incl. BBV-voorschriften
Actuele realisatie
bij begroting 2025 Exploitatiekosten excl. winstneming
Exploitatieopbrengsten
Gerealiseerde (tussentijdse) winstneming t/m 2023
Nog te nemen resultaat eindwaarde
Exploitatiekosten incl. winstneming
Exploitatieopbrengsten
t/m 2023 Exploitatieresultaat/Eindwaarde
Exploitatie-kosten incl. winstneming t/m 2023
Exploitatieopbrengsten
Exploitatieresultaat
Bouwgrond In Exploitatie (BIE) 806 Emmastraat
692.247
-806.260
0
-114.013
691.725
-806.260
-114.535
600.614
0
600.614
807 Wederikdreef
859.468
-1.237.249
0
-377.781
977.579
-1.237.249
-259.670
388.947
-1.237.249
-848.302
819 De Mijlpaal
1.668.179
-1.793.805
-6.537
-125.626
1.674.790
-1.793.025
-118.235
732.421
-298.025
434.396
834 Kapperdoes
1.731.032
-3.540.235
-1.477.353
-525.345
3.209.041
-3.536.094
-327.053
3.111.853
-3.211.094
-99.241
847 Eeneind West
25.169.914
-27.507.058
0
-2.337.144
25.131.701
-27.507.058
-2.375.357
21.745.186
-4.022.964
17.722.222
Kloostertuin Resultaat winstgevende projecten
0
0
0
0
2.209.793
-2.213.000
-3.207
0
0
0
30.120.840
-34.884.607
-1.483.890
-3.479.909
31.684.836
-34.879.686
-3.194.850
26.579.020
-8.769.332
17.809.689
Exploitatieopzet vastgesteld in jaarrekening 2023
Exploitatieopzet incl. BBV-voorschriften
Actuele realisatie
bij begroting 2025 Exploitatiekosten
Exploitatieopbrengsten
Exploitatie resultaat eindwaarde
CW verlies
Exploitatiekosten
Exploitatieopbrengsten
t/m 2023 Exploitatieresultaat/Eindwaarde
Exploitatie-kosten
Exploitatieopbrengsten
Exploitatieresultaat
Verlieslatende projecten binnen BIE 832/3 Nuenen West
83.253.796
-79.968.198
3.285.598
2.642.485
83.031.925
-79.968.198
3.063.727
77.989.036
-22.935.877
55.053.159
Resultaat verlieslatende projecten
83.253.796
-79.968.198
3.285.598
2.642.485
83.031.925
-79.968.198
3.063.727
77.989.036
-22.935.877
55.053.159
91
Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is op 1 mei 2022 in werking getreden. De Woo schrijft voor dat er in de jaarlijkse begroting aandacht moet worden besteed aan de beleidsvoornemens inzake de uitvoering van de Woo. Contactpersoon Wet open overheid De juridisch controller is aangewezen als contactpersoon als bedoeld in de Wet open overheid. De contactpersoon beantwoordt vragen en helpt bij het vinden van publieke informatie. Openbaarmaking op verzoek Op grond van artikel 4.1 van de Woo kan iedereen een verzoek om publieke informatie indienen bij een bestuursorgaan. Dit wordt ook wel passieve openbaarmaking genoemd. Verzoeken kunnen schriftelijk per post, digitaal via het formulier op de website of mondeling worden ingediend. Verzoeken om publieke informatie handelen we zoveel mogelijk in overleg met de indiener van het verzoek af. Het uitgangspunt is dat informatie openbaar wordt gemaakt, tenzij er sprake is van een van de uitzonderingsgronden van artikel 5.1 van de Woo of een van de beperkingen van artikel 5.2 van de Woo. Openbaarmaking uit eigen beweging De Woo verplicht tot het actief, uit eigen beweging, openbaar maken van documenten. Dit wordt ook wel actieve openbaarmaking genoemd. Deze verplichting heeft betrekking op 11 categorieën van informatie die benoemd zijn in artikel 3.3 van de Woo.
De actieve openbaarmaking wordt bij Koninklijk besluit gefaseerd ingevoerd. De implementatie van de actieve openbaarmaking pakken we gezamenlijk op met Dienst Dommelvallei en de gemeenten Geldrop-Mierlo en Son en Breugel binnen het project Wet open overheid. Documenten worden openbaar gemaakt via de website https://open.nuenen.nl/. Het aantal categorieën dat actief openbaar wordt gemaakt, gaan we in 2025 uitbreiden. Daarnaast zijn we aangesloten op de Woo-index, www.organisaties.overheid.nl/woo. Dit betreft een landelijke verwijsindex voor documenten van overheidsorganisaties. Anonimiseringstool Bij zowel passieve als actieve openbaarmaking moeten gegevens (met name persoonsgegevens) worden weggelakt. We maken daarvoor gebruik van een anonimiseringstool, waarmee persoonsgegevens automatisch worden weggelakt.
92
Verplichte beleidsindicatoren BBV schrijft een aantal beleidsindicatoren voor die ook gepubliceerd worden op waarstaatjegemeente.nl. De indicatoren die wij relevant vinden voor onze doelstellingen zijn onder de desbetreffende programma's opgenomen. De indicatoren die niet relevant zijn voor onze doelstellingen nemen we hieronder op. Deze cijfers geven de indicator weer zoals gepubliceerd in september 2023, waarbij het vergelijkende cijfer van vorig jaar is opgenomen. Voor actuele cijfers verwijzen we naar https://www.waarstaatjegemeente.nl/mosaic/dashboard/besluit-begroting-enverantwoording--bbvNaam
Indicator
Formatie
fte per 1.000 inwoners
2023 4,6
2024 5
Bezetting
fte per 1.000 inwoners
4,0
4,9
Apparaatskosten
kosten per inwoner in euro
844
752
Externe inhuur
kosten als % van totale loonsom + totale kosten externen
9,1%
14,0%
Overhead
% van totale lasten
13,4%
14,5%
Demografische druk
% van het aantal inwoners van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot aantal inwoners van 20 tot 65 jaar
90%
90%
Hernieuwbare electriciteit
% t.o.v. totale gebruikte electriciteit
19,1%
27,7%
Functiemenging
verhouding tussen banen en woningen, bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.
44,0
44,5
Vestigingen
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
Netto arbeidsparticipatie
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.
Banen Gemiddelde WOZ-waarde woningen
196
201,4
72,4%
68,0%
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
592
611
duizend euro
471
494
Woonlasten meerpersoonshuishoudens
euro
935
976
Woonlasten eenpersoonshuishoudens
euro
745
846
93
Financiële begroting
94
Overzicht van baten en lasten Programma's Bedragen x €1.000 Programma's
Begroting 2025 Lasten
Baten
Begroting 2026
Saldo
Begroting 2027
Saldo
Begroting 2028
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Programma 1. Bestuur, Samenwerking & Dienstverlening
3.705
429
-3.276
3.754
533
-3.221
3.701
607
Saldo -3.094
3.651
515
Saldo -3.136
Programma 2. Veiligheid & Handhaving
2.918
55
-2.863
2.829
55
-2.774
2.829
55
-2.774
2.829
55
-2.774
Programma 3. Werk (participatie), Zorg & Jeugd
25.685
5.877 -19.808
24.960
5.830 -19.129
24.819
5.689 -19.130
24.842
Programma 4. Verenigingen & Accommodaties
3.509
384
-3.125
3.522
368
-3.154
3.931
270
-3.661
3.932
270
-3.662
Programma 5. Wonen & Leefomgeving
9.910
7.783
-2.127
33.095
31.022
-2.072
9.335
6.764
-2.571
9.343
6.853
-2.491
Programma 6. Ruimtelijk beheer, Milieu & Verkeer
11.074
6.554
-4.521
11.371
6.802
-4.569
11.845
7.131
-4.714
12.212
7.483
-4.728
Programma 7. Economie, Toerisme & Recreatie
1.749
62
-1.688
2.340
62
-2.278
1.977
62
-1.916
1.971
62
-1.910
Totaal
58.550
21.143 -37.407
81.870
44.672 -37.198
58.438
20.578 -37.860
58.780
5.689 -19.153
20.927 -37.853
Algemene dekkingsmiddelen Bedragen x €1.000 Algemene dekkingsmiddelen
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
0
41.929
41.929
0
41.156
41.156
0
42.825
42.825
0
44.469
44.469
Algemene uitkering Dividenden
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Lokale heffingen
224
7.522
7.298
224
7.814
7.590
224
8.156
7.932
224
8.480
8.256
Overige algemene dekkingsmiddelen
675
0
-675
1.830
0
-1.830
2.998
0
-2.998
4.615
0
-4.615
Treasury
34
56
22
-105
56
161
4
56
52
83
55
-28
Totaal
933
49.508
48.575
1.949
49.026
47.077
3.226
51.036
47.810
4.922
53.004
48.082
Onvoorzien, overhead en Vpb Bedragen x €1.000 Onvoorzien, overhead en Vpb Onvoorzien
Begroting 2025 Lasten
Baten
Begroting 2026
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2027
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2028
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
72
0
-72
72
0
-72
72
0
-72
72
0
-72
Overhead
10.134
-2
-10.136
9.937
-2
-9.939
10.201
-2
-10.204
10.417
-2
-10.419
Totaal
10.206
-2
-10.209
10.009
-2
-10.012
10.274
-2
-10.276
10.489
-2
-10.491
95
Geraamd totaal saldo van baten en lasten Bedragen x €1.000 Geraamd totaal saldo van baten en lasten
Begroting 2025 Lasten
Baten
Totaal saldo van baten en lasten
69.689
70.649
Totaal
69.689
70.649
Begroting 2026 Saldo
Lasten
Baten
960
93.828
93.696
960
93.828
93.696
Begroting 2027 Saldo
Lasten
Baten
-132
71.938
71.612
-132
71.938
71.612
Begroting 2028 Saldo
Lasten
Baten
Saldo
-326
74.191
73.929
-262
-326
74.191
73.929
-262
Saldo
Lasten
Beoogde toevoegingen en onttrekkingen reserves Bedragen x €1.000 Programma
Begroting 2025 Lasten
Baten
Begroting 2026
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2027
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2028 Baten
Saldo
Mutaties programma 3
0
50
50
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Mutaties programma 4
0
14
14
0
39
39
0
39
39
0
39
39
Mutaties programma 5
175
221
46
175
172
-4
175
218
43
175
146
-29
Mutaties programma 6
0
148
148
0
112
112
0
112
112
0
12
12
Mutaties programma 7
0
50
50
0
264
264
0
214
214
0
214
214
Mutaties programma 8
1.228
0
-1.228
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Totaal
1.403
483
-920
175
587
412
175
583
408
175
411
236
Geraamd resultaat Bedragen x €1.000 Geraamd resultaat
Lasten
Begroting 2025 Baten
Resultaat
71.092
Resultaat
71.092
Begroting 2026 Saldo
Lasten
Baten
71.132
40
94.003
94.283
71.132
40
94.003
94.283
Begroting 2027 Saldo
Lasten
Baten
280
72.113
280
72.113
96
Begroting 2028 Saldo
Lasten
Baten
Saldo
72.195
82
74.366
74.340
-26
72.195
82
74.366
74.340
-26
Toelichting overzicht van baten en lasten De toelichting op het overzicht van baten en lasten bestaat uit drie onderdelen: de analyse van het overzicht van baten en lasten, het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten en het overzicht beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. In de analyse van het overzicht van baten en lasten worden de verschillen toegelicht tussen het saldo van de baten en lasten in het jaar 2025 van deze begroting (2025 nieuw) en het jaar 2025 van de primaire meerjarenbegroting 2024-2027 (2025 oud). Die verschillen omvatten dus zowel begrotingswijzigingen met structurele gevolgen die al zijn vastgesteld bij raadsbesluiten in 2024, als de financiële aanpassingen die in deze begroting worden voorgesteld. Bedragen x € 1.000
Toelichting verschillen per programma 1. Bestuur, Samenwerking & Dienstverlening Begroting 2025 nieuw
-13.412
Begroting 2025 oud
-12.532
Verklaring van het verschil
-880
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 1
865 -1.745
Totaal
-880
2. Veiligheid & Handhaving Begroting 2025 nieuw
-2.863
Begroting 2025 oud
-2.386
Verklaring van het verschil
-477
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
-307
Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 2
-170
Totaal
-477
3. Werk (participatie), Zorg & Jeugd Begroting 2025 nieuw
-19.758
Begroting 2025 oud
-18.552
Verklaring van het verschil
-1.206
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
-50
Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 3
-1.156
Totaal
-1.206
4. Verenigingen & Accommodaties Begroting 2025 nieuw
-3.111
Begroting 2025 oud
-2.828
Verklaring van het verschil
-283
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
-170
Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 4
-113
Totaal
-283
5. Wonen & Leefomgeving Begroting 2025 nieuw
-2.081
Begroting 2025 oud
-1.937
Verklaring van het verschil
-144
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
-21
Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 5
-123
Totaal
-144
97
6. Ruimtelijk beheer, Milieu & Verkeer Begroting 2025 nieuw
-4.372
Begroting 2025 oud
-4.301
Verklaring van het verschil
-71
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
40
Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 6
-111
Totaal
-71
7. Economie, Toerisme & Recreatie Begroting 2025 nieuw
-1.638
Begroting 2025 oud
-1.756
Verklaring van het verschil
118
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
251
Aanpassingen nieuw en bestaand beleid: zie programma 7
-133
Totaal
118
8. Financiën en belastingen Begroting 2025 nieuw
47.235
Begroting 2025 oud
44.293
Verklaring van het verschil
2.942
Begrotingswijzigingen 2024 en verschil in toerekening salariskosten
-426
Aanpassingen bestaand beleid: zie programma 8
3.328
Resultaat boekjaar
40
Totaal
2.942
Overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten Als per jaarschijf van de meerjarenraming de structurele lasten gedekt zijn door structurele baten is er sprake van structureel evenwicht. Hiervoor is het van belang dat uit de begroting duidelijk blijkt welke geraamde baten en lasten structureel van aard zijn en welke incidenteel. Het structureel begrotingssaldo kan alleen bepaald worden door het begrotingssaldo te zuiveren van incidentele baten en lasten. Bij het opstellen van het overzicht van incidentele baten en lasten is uitgegaan van de ‘Notitie structurele en incidentele baten en lasten' die de Commissie BBV in 2018 gepubliceerd heeft. De provincie heeft als aanvulling op deze notitie in augustus 2021 een handreiking ‘Verduidelijking structurele en incidentele baten en lasten’ gepubliceerd. De handreiking bevat geen nieuwe regelgeving, maar geeft een verduidelijking. Wij hebben zoveel mogelijk deze handreiking toegepast, maar gezien het late tijdstip van publicatie zullen wij in de toekomstige begrotingen de incidentele posten heroverwegen. De incidentele posten worden onder het overzicht toegelicht.
98
Incidentele baten en lasten
2025 Baten
2026 Lasten
Baten
2027 Lasten
Baten
2028 Lasten
Baten
Lasten
Programma 3 Werk, Zorg & Jeugd Pilot wijkgericht werken
50.000
Programma 4 Wonen & leefomgeving Uitwerking scenario's binnensportaccommodaties
40.000
Programma 5 Wonen & leefomgeving Verkoop openbaar groen
85.000
85.000
85.000
85.000
Project Dommeldal (uit reserve groen v rood)
100.000
100.000
100.000
Implementatiekosten omgevingswet
71.500
71.500
71.699
Schetsontwerp inrichting openbare ruimte Parkstraat-Voirt-Smidse (Vlekkenplan+)
50.000
Onderzoek parkeerbeleid
75.000
Incidenteel onderhoud woonwagens (resultaatbestemming 2023)
49.000
Bouwgrondexploitatie
100.000
6.547.000 6.547.000 29.787.000 29.787.000 5.529.000 5.529.000 5.617.000 5.617.000
Inkomsten bouwgrond tbv reserve bovenwijkse voorzieningen
50.000
50.000
50.000
50.000
Inkomsten bouwgrond tbv reserve sociale volkshuisvesting
125.000
125.000
125.000
125.000
Programma 6 Ruimtelijk beheer, milieu & verkeer Transitievisie warmte 2022 - 2026
42.000
33.000
Uitvoeringsprogramma duurzaamheidsmaatregelen (tlv reserve)
100.000
100.000
Klimaatsubsidie CDOKE en uitgaven
443.216
100.000
443.216
Programma 7 Economie & toerisme Tijdelijke huisvestingskosten verenigingen in Klooster
304.000
304.000
Parkmanagement
50.000
50.000
Programma 8 Financien & belastingen 75% begrotingssaldo naar reserve
1.227.883
Incidentele mutaties reserves Programma 3 Werk, Zorg & Jeugd Pilot wijkgericht werken (resultaatbestemming /tussentijdse rapportage 2023)
50.000
Programma 5 Wonen & leefomgeving Project Dommeldal tlv reserve groen v rood
100.000
100.000
100.000
Kosten omgevingswet
71.500
71.500
71.699
Incidenteel onderhoud woonwagens (resultaatbestemming 2023)
49.000
100.000
Storting Bouwgrond: bovenwijkse voorzieningen
50.000
50.000
50.000
50.000
Storting Bouwgrond: fonds sociale volkshuisvesting
125.000
125.000
125.000
125.000
Programma 6 Ruimtelijk beheer, milieu & verkeer Onttrekking uitvoeringsmiddelen duurzaamheid
100.000
100.000
50.000
50.000
100.000
Programma 7 Economie & toerisme Onttrekking reserve parkmanagement Programma 8 Financiën & belastingen Storting 75% begrotingssaldo t.b.v. ravijnjaar Totaal Incidenteel saldo baten en lasten
1.227.883 8.898.599 9.324.599 30.368.500 30.620.500 6.060.699 5.975.699 5.977.000 5.892.000 -426.000
-252.000
85.000
85.000
Totaal saldo meerjarenraming incl. aanpassingen
39.859
279.747
82.183
-25.999
Begrotingssaldo structureel
465.859
531.747
-2.817
-110.999
+/+ is voordeel, -/- is nadeel
99
Toelichtingen Pilot wijkgericht werken: Voor deze pilot was in 2023 eenmalig budget beschikbaar van € 100.000, dat bij de tussentijdse rapportage najaar 2023 is verdeeld over de jaren 2024 en 2025. Uitwerking scenario's binnensportaccommodaties: Een onderzoek wordt uitgevoerd in 2024-2025. Verkoop openbaar groen: Verkoopbaten openbaar groen worden altijd aangemerkt als incidentele baten, omdat een stuk grond maar eenmaal verkocht kan worden. Voor de direct daarmee verband houdende lasten geldt hetzelfde. Wel verwachten wij dat dit nog jaren doorloopt, hoewel het bedrag inmiddels is verlaagd. Project Dommeldal: Gedurende een aantal jaren worden projecten in het Dommeldal uitgevoerd ten laste van de bestemmingsreserve groen voor rood. Een onttrekking uit een reserve moet altijd als incidenteel worden aangemerkt. De dekking uit de reserve staat onderaan de tabel. Implementatiekosten omgevingswet: Er zijn aanzienlijke bedragen in de meerjarenraming opgenomen voor de omgevingswet, die ingaat op 1-1-2024. Een deel van deze kosten betreft implementatiekosten in de komende 4 jaren. Deze incidentele kosten brengen we ten laste van de bestemmingsreserve omgevingswet. Schetsontwerp inrichting openbare ruimte rondom Parkstraat-Voirt-Smidse (ihkv uitvoering Vlekkenplan+): Dit project loopt 2 jaar lang en wordt extern uitgezet.
Onderzoek parkeerbeleid: Dit onderzoek wordt uitgevoerd in 2024-2025. Beheer en onderhoud woonwagens: Bij de jaarrekening 2023 is via resultaatbestemming budget vanuit 2023 overgeheveld naar 2024 en 2025. Resultaatbestemmingen lopen via de algemene reserve. Gezien de planning van project woonwagenlocaties zullen we als gemeente in 2025 nog verantwoordelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de woonwagenlocaties Bosweg en Kremersbos, waardoor inzet van een technisch beheerder en operationeel verhuurder nodig is. Bouwgrondexploitatie: Baten en lasten in de grondexploitatie zijn altijd incidenteel van aard, evenals de stortingen in de grexbestemmingsreserves. Transitievisie warmte: Opstellen wijkuitvoeringsplan en voorbereiding uitvoering voor de pilot wijk aardgasvrij maken. Omvat kosten voor projectleiding, communicatie/ participatie, technisch onderzoek e.d. Project duurt 5 jaar en loopt tot en met 2026. Uitvoeringsbudget duurzaamheid en klimaat (CDOKE): Voor duurzaamheid worden projecten opgezet met een duur van 4 jaar en de kosten worden ten laste van de reserve klimaatmiddelen gebracht. Kosten van duurzaamheid en klimaat moeten passen binnen de rijksgelden en de bestaande bestemmingsreserve, er worden geen structurele middelen voor ingezet. Tijdelijke huisvestingskosten verenigingen in Klooster: In 2024-2025 (uitloop 2026) wordt het Klooster gerenoveerd.
In die periode moeten de gebruikers van het Klooster elders worden gehuisvest. Daarvoor is budget opgenomen. Parkmanagement: In 2025 en 2026 wordt een parkmanager ingehuurd, deze kosten brengen we ten laste van de bestemmingsreserve parkmanagement. Storting 75% begrotingssaldo: Conform raadsbesluit bij de begroting 2023 en kadernota 2024 storten we 75% van het positieve begrotingssaldo in 2023, 2024 en 2025 in de algemene ten behoeve van een buffer voor het ravijnjaar 2026 (e.v.). Bij de begroting 2023 was hiervoor al een storting geraamd van € 228.023 in 2024 en € 1.108.305 in 2025. Bij deze begroting 2025 storten we weer een aanvullend bedrag.
100