Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027
Tekst van het document
GR Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) te Eindhoven Doel en openbaar belang De omgevingsdienst is een bij wet opgerichte rechtspersoon. De omgevingsdienst is opgericht om een verdere verbetering tot stand te brengen in: • de dienstverlening bij de uitvoering van de vergunningverlening, toezicht- en handhavingstaken op het gebied van milieu en het behoud en verbetering van de bodem-, water- en luchtkwaliteit; • de kwaliteit en veiligheid van de werk- en leefomgeving, zodat het aantal calamiteiten en milieudelicten afneemt. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De ODZOB werkt samen met haar partners aan het beschermen en verbeteren van de fysiek leefomgeving. Door samen te werken kan onze gemeente beschikken over expertise op verschillende beleidsvelden. Door de samenwerking binnen de ODZOB hebben we minder eigen formatie nodig op deze beleidsterreinen.
81
Veranderingen en ontwikkelingen ODZOB streeft er naar om in de toekomst voor alle deelnemers de brede taken in het kader van de Omgevingswet te gaan uitvoeren. Als gevolg van wijzigingen in de Wet gemeenschappelijke regelingen moet de regeling met trekking tot de ODZOB ook aangepast worden. Deze procedure is inmiddels in gang gezet. De planning is om de gewijzigde regeling per 1 juli 2024 in werking te laten treden. Risico's Indien de omzet achterblijft bij de verwachtingen zijn alle deelnemers aan de GR daarvoor (financieel) verantwoordelijk. Omdat het gemeentelijk werkprogramma slechts een klein onderdeel vormt van het totale uitvoeringsprogramma en -budget van de ODZOB is de individuele invloed van de gemeente(n) daardoor beperkt. Afbreukrisico van geen deelname Deelname voor wat betreft het basistakenpakket (vergunningverlening, toezicht, handhaving (VTHtaken), asbesttoezicht etc.) is wettelijk verplicht. Dit geldt niet voor de (incidentele) verzoektaken. Voor een groot deel van de verzoektaken is er geen gemeentelijke capaciteit en kennis meer aanwezig. Daarom zijn ook nagenoeg alle verzoektaken uitbesteed aan de ODZOB. Alternatieven voor geen deelname De deelname voor wat betreft het basistakenpakket is wettelijk verplicht.
Voor de uitvoering van een deel van de individuele verzoektaken zou het mogelijk zijn om een alternatief te organiseren, maar dit is niet realistisch. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant en de provincie Noord-Brabant. Algemeen bestuur: P. Kok (wethouder), plv. B. van Stiphout (wethouder). Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks driemaal (kadernota, begroting, jaarrekening); daarnaast incidenteel afhankelijk van ontwikkelingen
GR Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) te Eindhoven Doel en openbaar belang Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) behartigt de belangen van de gemeenten in het samenwerkingsgebied op de terreinen van: brandweerzorg, ambulancezorg, geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio, rampenbestrijding en crisisbeheersing en de gemeenschappelijke meldkamer, door: • Adequaat te reageren op spoedeisende hulpvragen van burgers, instellingen en bedrijven; • Het in beeld brengen van risico's; • Het organiseren en coördineren van geneeskundige hulpverlening in de regio; • Het voorkomen en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en/of ongevallen bij brand en alles wat hiermee verband houdt. Ook het aanschaffen en onderhouden van gemeenschappelijk materieel en de coördinatie van de werkzaamheden op dit gebied behoort tot de taak van VRBZO; • Het organiseren van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Omdat veiligheidsrisico’s zich niet houden aan gemeentegrenzen én omdat veiligheid een complexe zaak is, is in de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) bepaald dat de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant de verantwoordelijkheid voor veiligheid onderbrengen bij VRBZO.
Hierdoor werken de gemeenten op regionale schaal aan een veilige leefomgeving voor mensen die er wonen en verblijven, professionele hulp verlenen als het nodig is, waarborgen creëren voor fysieke veiligheid en voorbereidingen treffen voor rampenbestrijding en crisisbeheersing. Veranderingen en ontwikkelingen In april 2021 is de Visie 2025 VRBZO vastgesteld. VRBZO is ook in 2024 op basis van een uitvoeringsjaarplan aan de slag met de in de visie vastgestelde speerpunten en thema's: Samen voor veilig, Weerbare samenleving en Toekomstbestendige organisatie. VRBZO ontvangt extra gelden van het Rijk om meer te investeren in crisisbeheersing. De gelden worden besteed aan de verbetering van crisisbeheersing en informatievoorziening in de regio, en aan een bijdrage aan landelijke verbetering van informatievoorziening. VRBZO besteedt in 2024 extra aandacht aan het toekomstbestendig maken van brandweerzorg. De afgelopen jaren creëerde VRBZO een efficiënte en doelmatige regionale (brandweer)organisatie. De komende jaren zal de focus vooral liggen op vrijwilligheid, duurzaamheid, huisvesting, vakbekwaamheid en 2e loopbaanbeleid. Onderwerpen waarbij nieuwe (landelijke) inzichten vragen
82
om een toekomstperspectief. Als gevolg van wijzigingen in de Wet gemeenschappelijke regelingen moet de regeling met betrekking tot VRBZO ook aangepast worden. Deze procedure is inmiddels in gang gezet. De planning is om de gewijzigde regeling per 1 juli 2024 in werking te laten treden. Risico's Eind 2019 is de beleidsnota risicomanagement en weerstandsvermogen 2020 - 2023 vastgesteld. De risico's van de organisatie zijn in de beleidsnota gebundeld tot drie onderwerpen waaraan een risicobedrag voor het weerstandsvermogen is gekoppeld: - risico's in algemene bedrijfsvoering € 500.000-1.000.000 - risico's model brandweerzorg € 500.000-1.000.000 - risico grootschalige ramp/crisis € 500.000-1.000.000 - totaal benodigd weerstandsvermogen € 1.500.000-3.000.000 Het is niet reëel dat bovengenoemde risico’s zich gelijktijdig voordoen. Tevens is de impact van een ernstig incident en de majeure wijzigingen in model brandweerzorg (nog) lastig te kwantificeren. Daarom houdt VRBZO rekening met een totaal risicobedrag van € 2,0 miljoen. Het weerstandsvermogen bedraagt € 2,0 miljoen. In 2024 zal worden bezien of er aanpassingen nodig zijn. Afbreukrisico van geen deelname Deelname is een wettelijke plicht (Wgr, Wvr). Alternatieven voor geen deelname Geen alternatieven. Deelname door 21 gemeenten in de regio Zuidoost Brabant. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Algemeen bestuur: M.
Houben (burgemeester). Dagelijks bestuur: M. Houben (burgemeester). Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks tweemaal (begroting, rekening) en halfjaarlijks (1e en 2e samenvatting van de bestuursrapportage); daarnaast na vergaderingen van het Algemeen Bestuur en incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen over beleid en strategische keuzes binnen de Veiligheidsregio. De deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling waarborgen de betaling van rente en aflossing van de geldleningen die de Veiligheidsregio heeft gesloten, onder goedkeuring van gedeputeerde staten en volgens regels die het algemeen bestuur heeft vastgesteld. De waarborg geldt naar evenredigheid van het aantal inwoners van iedere gemeente van het betreffende kalenderjaar en indien de geldschieters dit wensen onder het doen van afstand van de voorrechten die de wet aan borgen toelaat.
GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Brabant Zuidoost te Helmond Doel en openbaar belang De GGD'en hebben een aantal wettelijke taken, beschreven in de Wet publieke gezondheid (Wpg). Hieronder vallen onder andere: jeugdgezondheidszorg (consultatiebureau en 'schoolarts'), medische milieukunde, infectieziektebestrijding, gezondheidsmonitoren en gezondheidsvoorlichting. De adviseurs van het team Gezondheid en Milieu geven advies aan burgers en gemeenten. Daarbij gaat het om het stimuleren van een veilige en gezonde leefomgeving Gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemende gemeenten en uitvoering van de wettelijke gemeentelijke taken op het gebied van de (openbare) gezondheid(szorg). Financiering o.b.v. bijdrage deelnemende gemeenten, bijdragen ziektekostenverzekeraars, ambulancehulpverlening en bijdragen particulieren. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De gemeente kan profiteren van de professionele kennis en voorzieningen welke de GGD bezit en door de gemeente niet zelfstandig in stand gehouden kunnen worden. Tevens wordt door de samenwerking met de regiogemeenten een schaalgrootte bereikt die een efficiënte en effectieve aanpak mogelijk maakt tegen zo laag mogelijke kosten. Een positieve bijdrage aan de gezondheid van de inwoners van onze gemeente en uitvoering van tal van wettelijke taken.
Naast de uitvoering van de wettelijke taken maken we als gemeente dankbaar gebruik van de diensten van het lokaal team gezondheidsondersteuning. Medewerkers uit dit team ondersteunen de gemeente onder meer bij projecten op het gebied van alcohol- en drugspreventie en het activiteitenprogramma van de werkgroep mantelzorg en Nuenen dementievriendelijke gemeente. Tot slot levert de GGD ook waardevolle lokale onderzoeksgegevens (onder meer uit de gezondheidsmonitoren). Deze onderzoeksresultaten zetten wij in als beleidsindicatoren.
83
Als gevolg van wijzigingen in de Wet gemeenschappelijke regelingen moet de regeling met trekking tot de GGD ook aangepast worden. Deze procedure is inmiddels in gang gezet. De planning is om de gewijzigde regeling per 1 juli 2024 in werking te laten treden. Risico's Indien de bedrijfsresultaten achterblijven bij de verwachting zijn alle deelnemende gemeenten aan de GR (naar rato) financieel verantwoordelijk. Afbreukrisico van geen deelname Geen behartiging van onze belangen op dit gebied en niet kunnen voldoen aan wettelijke verplichtingen waaronder het in stand houden van een GGD. Alternatieven voor geen deelname Het zoeken naar andere instanties die uitvoering kunnen geven aan onze wettelijke taken op het gebied van openbare gezondheidszorg. Volledig afzien van geen deelname is geen reële optie i.v.m.de in de Wet Publieke Gezondheid opgenomen eis dat de gemeente een GGD in stand moet houden. De volgende gemeenten behoren tot het werkgebied van de GGD Brabant Zuidoost: Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, HeezeLeende, Helmond, Laarbeek, Nuenen, Oirschot, Reusel-de Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre. In dit gebied wonen ca. 750.000 mensen. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Algemeen bestuur: N. Wouters (wethouder).
Frequentie van terugkoppeling naar de raad Er vindt in ieder geval terugkoppeling plaats bij de vaststelling van de begroting en wijzigingen daarvan en verder incidenteel als onze vertegenwoordiger bij de GGD dit wenselijk acht.
GR Dienst Dommelvallei te Mierlo Doel en openbaar belang De Dienst Dommelvallei is het samenwerkingsverband van de gemeenten Geldrop-Mierlo, Nuenen en Son en Breugel. In deze dienst zijn de bedrijfsvoeringstaken financiën, belastingen, personeel & organisatie, informatievoorziening en planning & control voor de drie gemeenten ondergebracht. Daarnaast hebben de gemeenten Son en Breugel en Nuenen de taken met betrekking tot werk en inkomen (sociale zaken en Participatiewet) en dienstverlening (o.a. burgerzaken) in deze dienst ondergebracht. Daarnaast voert deze dienst ondersteunende activiteiten (administratie en applicaties) uit met betrekking tot zorg en welzijn (Wmo) en jeugd. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Bij de vorming van Dienst Dommelvallei is aangegeven dat de dienst moet leiden tot: meer kwaliteit, minder kwetsbaarheid, minder kosten en goed werkgeverschap. Veranderingen en ontwikkelingen De capaciteit van de dienst is ontoereikend. Door toenemende complexiteit van taken en groei van de gemeentelijke formaties is een kritische grens bereikt. Daarom zijn in 2023 extra structurele middelen beschikbaar gesteld om de grootste knelpunten in de formatie op te lossen. Ook is besloten om onderzoek te doen naar de voor de dienst benodigde formatie om taken goed uit te kunnen voeren.
Het voornemen is de dienst door te ontwikkelen op basis van de behoeften van de drie gemeenten aan verdergaande samenwerking en kansen voor effectiviteit en efficiency. Er wordt onder meer overwogen om het heffen en innen van belastingen uit te besteden aan een externe partij. Als gevolg van wijzigingen in de Wet gemeenschappelijke regelingen moet de regeling met trekking tot de dienst ook aangepast worden. Deze procedure wordt inmiddels voorbereid. De planning is om de gewijzigde regeling per 1 juli 2024 in werking te laten treden. Risico's Voor wat betreft het beleid over weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt als uitgangspunt de nota's risicomanagement van de drie gemeenten gehanteerd. Jaarlijks worden bij het opstellen van de begroting en jaarrekening de risico’s opnieuw beoordeeld. In de jaarrekening 2022 zijn de volgende belangrijkste risico's onderkend waaraan een risicowaarde is gekoppeld: • interne gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident • externe gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident • continuïteit bedrijfsvoering Met betrekking tot de dienst is het weerstandsvermogen ondergebracht bij de gemeenten. In de begroting van Nuenen is rekening gehouden met een weerstandsvermogen van € 97.875.
84
Eventuele overschotten/tekorten worden teruggestort naar of bijbetaald door de deelnemende gemeenten. De dienst sloot 2022 met een positief resultaat van € 215.580 af. Dit bedrag is gestort in de reserve I&A en niet naar de gemeenten teruggevloeid. Afbreukrisico van geen deelname Indien de gemeente niet langer meer de uitvoering van bepaalde taken neerlegt bij de dienst, dient de gemeente deze taken zelf uit te voeren dan wel onder te brengen in een ander samenwerkingsverband. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door: de gemeenten Geldrop-Mierlo, Nuenen c.a. en Son en Breugel Algemeen bestuur: M. Houben (burgemeester), B. van Stiphout (wethouder) en N. Wouters(wethouder) . Dagelijks bestuur: M. Houben (burgemeester) en M. Arents (gemeentesecretaris) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks bij begroting (zienswijzeprocedure) en jaarrekening en tussentijdse rapportages (ter kennisneming). Daarnaast wordt de raad over voor haar relevante zaken geïnformeerd.
GR Werkvoorzieningsschap de Dommel (WSD) te Boxtel Doel en openbaar belang WSD is ons sociaal ontwikkelbedrijf en voert de werkgeversverplichtingen van de voormalige Wet sociale werkvoorziening (Wsw) uit voor de gemeente Nuenen. Daarnaast begeleidt WSD inwoners die in het kader van de Participatiewet ondersteuning nodig hebben bij het vinden van werk. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij In 2020 zijn alle gemeenteraden akkoord gegaan met de geformuleerde ambitie voor de doelgroep: iedereen doet naar vermogen mee, waarbij meedoen belangrijker is dan alleen het hebben van betaalde arbeid. De koers van de WSD richt zich op het doorontwikkelen van de lokale infrastructuur van elke gemeente. De structuur richt zich op de begeleiding van inwoners in de gemeente zelf, de ondersteuning voor inwoners met de lokale partners en het organiseren van werkgelegenheid in de gemeente. Deze lokale infrastructuur wordt ondersteund met plusdiensten en een bundeling van expertise via WSD. Het koersplan vormt het financiële kader voor de komende jaren. Veranderingen en ontwikkelingen De WSW is per 1-1-2015 opgehouden te bestaan (er vindt geen nieuwe instroom plaats). De zittende doelgroep blijft gebruik maken van de WSW. Er vindt gemiddeld jaarlijks 5% uitstroom plaats van de doelgroep.
Door middel van de instroom vanuit de Participatiewet wordt de omvang van het bedrijf en werknemersbestand in stand gehouden. De basis voor 2024 vormt het door het bestuur vastgestelde koersdocument 'Gezamenlijk doorontwikkelen'. Op basis hiervan stellen de deelnemende gemeenten (regio Boxtel, inclusief Nuenen en Son en Breugel) lokale plannen op in samenwerking met de WSD. Risico's WSD heeft een sluitende meerjarenbegroting opgesteld waarin rekening wordt gehouden met het behoud van het volume van 2100 medewerkers/inwoners vanuit de deelnemende gemeenten. Hiermee streven we naar een toekomstbestendige organisatie. De kans is aanwezig dat WSD aan de deelnemende gemeenten een aanvullende bijdrage vraagt wanneer in 2025 het break-even scenario niet gerealiseerd is. Volgens besluit van DB WSD van maart 2023 wordt een mogelijk negatief subsidieresultaat aangevuld vanuit de WSD Stimulusregeling. Afbreukrisico van geen deelname Hoog (bestuurlijk maar ook financieel als je zou besluiten om niet meer te deel te nemen aan de gemeenschappelijke regeling). Alternatieven voor geen deelname Aansluiten bij andere gemeenschappelijke regeling of inkoop van diensten. Deelname door de gemeenten Best, Boxtel, Haaren, Nuenen, Oirschot, Oisterwijk, Meierijstad (alleen het verzorgingsgebied van de voormalige gemeenten Schijndel en Sint-Oedenrode), Son en Breugel, Sint Michielsgestel en Vught.
Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Dagelijks Bestuur: heer N. Wouters (wethouder) Algemeen bestuur: N. Wouters (wethouder) en T. van der Linden (raadslid) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks (begroting, rekening); daarnaast incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
85
GR Reiniging Blink te Helmond Doel en openbaar belang Het doel van de Gemeenschappelijke regeling Blink is het doelmatig uitvoeren van de afvalinzameling en de reinigingstaken die bij wet, in het bijzonder de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer, aan de gemeente zijn opgedragen en/of voortvloeien uit de aan de gemeente op grond van de Gemeentewet toevertrouwde zorg voor de eigen huishouding, binnen de kaders van het publiekrecht. Algemene visie op, en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De belangrijkste reden voor het aangaan van de samenwerking is dat hiermee, zonder winstoogmerk, de kernactiviteiten met betrekking tot huishoudelijke afvalstoffen efficiënt en effectief worden uitgevoerd, te weten inzameling, reiniging, sortering en overslag, stimuleren van preventie en hergebruik, en projectbeheer. Daarnaast wordt van Blink een actieve bijdrage verwacht aan de lokale vertaling van het landelijk beleid inzake preventie van huishoudelijk afval conform het vigerende Landelijk Afvalbeheerplan (LAP). Veranderingen en ontwikkelingen De in de GRR Blink deelnemende private partij heeft aangekondigd de deelname te beëindigen. De regeling zal hierop aangepast worden, alsook aan de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen. De planning is dat de nieuwe regeling uiterlijk 1 juli 2024 in werking treedt.
Risico's Doordat Blink geen eigen vermogen bezit, loopt elke deelnemende gemeente het risico eventuele tekorten te moeten aanzuiveren (art. 38, lid 1). Wanneer een of meer gemeenten deelname beëindigen, ofwel naar aanleiding van een periodieke evaluatie ofwel "tussentijds", dan kan zulks, ondanks een van toepassing zijnde plicht voor een dergelijke gemeente om een schadeloosstelling te betalen, toch leiden tot negatieve financiële gevolgen. Afbreukrisico van geen deelname Wanneer de gemeente Nuenen besluit tot uittreding, dan kan dat betekenen dat de overige deelnemers schadeloos gesteld dienen te worden. Daarnaast moet de gemeente dan zelf iets organiseren, zodat uitvoering van de gemeentelijke taken met betrekking tot afvalinzameling en reinigingstaken gecontinueerd en geborgd wordt. De verwachting is dat dit gepaard gaat met hogere kosten. Alternatieven voor geen deelname Als alternatieven kunnen genoemd worden het aanbesteden van de taken die betrekking hebben op huishoudelijke afvalstoffen en reiniging van verhardingen ofwel het deelnemen in een andere GRconstructie, zoals Cure (de Gemeenschappelijke regeling van gemeenten Eindhoven, Valkenswaard en Geldrop-Mierlo). Naast onze gemeente nemen nog acht andere gemeenten in de regio deel aan de Gemeenschappelijke regeling Blink.
Daarnaast is een private partij deelnemer, maar deze partij heeft aangegeven deze deelname te willen beëindigen. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Algemeen bestuur: S. Löwik (wethouder) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel, bij het vaststellen van de begroting van Blink, wordt de raad in gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen. Daarnaast wordt de raad incidenteel betrokken, bijvoorbeeld bij wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling, bij toetreding van een nieuwe gemeente en bij het doorlopen van het Strategisch traject.
Vennootschappen en coöperaties NV Bank Nederlandse Gemeenten te Den Haag Doel en openbaar belang De BNG Bank is de bank van en voor (decentrale) overheden en instellingen op het gebied van wonen, zorg, onderwijs, energie en infrastructuur. De BNG Bank is betrokken partner voor een duurzamer Nederland. De BNG Bank stelt de publieke sector in staat maatschappelijke doelstellingen te realiseren. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Het betalingsverkeer van de BNG Bank richt zich specifiek op zakelijke klanten in de publieke sector. De BNG Bank biedt een volledig pallet aan zakelijke producten. Digitaal, efficiënt en veiligheid staan hierbij centraal.
86
Veranderingen en ontwikkelingen Per eind 2018 heeft de BNG Bank duurzame obligaties uitgegeven. De opbrengst hiervan wordt duurzame projectfinanciering alsmede balansfinanciering van de Nederlandse gemeenten en woningcorporaties, die in hun categorie het best scoren op het gebied van duurzaamheid en sociaal beleid. De BNG Bank gaat zelf vanaf 1 december 2023 het betalingsverkeer uitvoeren. De BNG en Centric hebben dit vanuit strategische overwegingen besloten. De overgang van een 20-tal medewerkers past in deze strategie. Centric blijft de IT-ondersteuning doen. Risico's De BNG Bank is na de Staat een van de grootste emittenten van Nederland. Het door de bank uitgegeven schuldpapier heeft een credit rating AAA van Moody’s, en AA+ van Standard & Poor’s en AA+ van Fitch. Door deze topratings kan de BNG Bank tegen lage prijzen geld aantrekken op de gelden kapitaalmarkt. Hierdoor kan de bank hun klanten lage tarieven bieden. De BNG streeft niet naar een maximaal, maar naar een redelijk rendement op het eigen vermogen. De Staat is houder van de helft van de aandelen. De andere helft is in handen van gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap. De gemeente Nuenen bezit 1.755 aandelen à € 2,50 zijnde in totaal € 4.388,-. Afbreukrisico van geen deelname n.v.t. Alternatieven voor geen deelname n.v.t. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de aandeelhouders.
Dit zijn uitsluitend overheden. Als aandeelhouder: B. van Stiphout (wethouder). Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
NV Brabant Water te Den Bosch Doel en openbaar belang Brabant Water is het drinkwaterbedrijf dat aan 2,5 miljoen inwoners en bedrijven in Noord-Brabant drinkwater levert en ervoor zorgt dat de klanten altijd en overal in Brabant kunnen rekenen op zuiver en veilig drinkwater. Een verantwoordelijke taak, waarnaar gehandeld wordt. Brabant Water streeft niet naar winst, maar wel naar de beste kwaliteit en dienstverlening. Brabant Water biedt naast drinkwater ook water op maat en gespecialiseerde diensten en advies aan. De gemeente heeft een belang in Brabant Water N.V. van 22.246 aandelen à € 0,10 totaal € 2.224,60. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Brabant Water is als drinkwaterbedrijf primair verantwoordelijk voor het waarborgen van de continuïteit van de waterlevering in haar voorzieningsgebied en de kwaliteit en druk van het geleverde drinkwater. Veranderingen en ontwikkelingen Zorgen voor een robuust watersysteem blijft het speerpunt binnen Brabant Water. Dit om in een tijd waarin de watervraag stijgt en het klimaat verandert ook in de (nabije) toekomst voldoende drinkwater te kunnen leveren. Daarnaast is Brabant Water bezig om nieuwe paden te verkennen. Meebewegen en aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Voorbeelden daarvan zijn het verkennen van aanvullende bronnen voor grondwater, innovaties en verdergaande verduurzaming.
De drinkwatertarieven zijn in Nederland niet overal hetzelfde. Brabant Water zit wat tarieven betreft onder het landelijke gemiddelde. Het is aannemelijk dat deze tarieven in de toekomst gaan stijgen. Droogte en een stijgende vraag naar drinkwater leiden tot een toenemende investeringsbehoefte. Ook toenemende kosten (stijgende energiekosten en hoge inflatie) noodzaken drinkwaterbedrijven ertoe om in de toekomst de drinkwatertarieven te verhogen. Risico's n.v.t. Afbreukrisico van geen deelname n.v.t. Alternatieven voor geen deelname n.v.t. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de aandeelhouders. Dat zijn de provincie Noord-Brabant en 60 gemeenten. Als aandeelhouder: M. Houben (burgemeester). Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
87
Stichtingen en verenigingen Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost te Helmond Doel en openbaar belang Het Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost is een samenwerkingsverband tussen gemeenten, (justitiële) overheidsinstellingen en maatschappelijke organisaties. Het doel is de verbetering van veiligheid en leefbaarheid in de 21 gemeenten in Brabant Zuidoost. Het is van belang om onderscheid te maken tussen het zorg- en veiligheidshuis als professionele netwerkorganisatie en het zorg- en veiligheidshuis als facilitator voor ketenpartners. Het landelijk kader richt zich specifiek op het zorg- en veiligheidshuis als netwerkorganisatie van verschillende partners in de zorg-, de strafrechtketen en gemeenten, gericht op een ketenoverstijgende persoons-, systeem- en gebiedsgerichte aanpak van, of advisering rondom, complexe problematiek. In de rol van facilitator biedt de netwerkorganisatie aan ketenpartners de mogelijkheid om werkplekken te huren in een kantoor. Het zorg- en veiligheidshuis Brabant-Zuidoost is in de kern een smalle organisatie. Haar professionaliteit ligt op het gebied van procesregie, advisering en informatievoorziening.
Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De kracht van het zorg- en veiligheidshuis is een goede samenwerking tussen de verschillende organisaties om problemen op het gebied van veiligheid beter aan te pakken. Daarbij behouden alle partners hun eigen (wettelijke) verantwoordelijkheden. Problemen worden in een mix van preventie, repressie en zorg aangepakt. Zo wordt geprobeerd potentieel grote problemen klein te houden. De casussen worden aangepakt middels de werkwijze Casus Op Maat en de Persoonsgerichte Aanpak. Daarnaast stimuleert en ondersteunt het zorg- en veiligheidshuis de gemeenten om in de toekomst gebruik te maken van het escalatiemodel in de zorg- en veiligheidsketen AVE (aanpak voorkoming escalaties) en dit lokaal te implementeren. Veranderingen en ontwikkelingen In 2016 is de rechtsvorm van het Zorg- en Veiligheidshuis gewijzigd en is de Stichting Beheer en Exploitatie Veiligheidshuis Brabant Zuidoost opgericht. Besloten werd om hierin deel te nemen. Vanaf begin 2018 is de naam gewijzigd in Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost. In 2022 is de GGD Brabant Zuidoost formeel toegevoegd als partner aan het samenwerkingsverband Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost.
De GGD wil zich meer inzetten voor kwetsbare inwoners die- op het snijvlak van zorg en veiligheid- tussen wal en schip en daarvoor bouwen aan duurzame en brede samenwerking met regionale ketenpartners. In 2024 staat het uitvoeren van de geactualiseerde Persoonsgerichte Aanpak Jeugd, Onbegrepen Gedrag en Huiselijk Geweld/Kindermishandeling hoog op de agenda. Risico's Alle 21 gemeenten uit de regio nemen deel aan de Stichting en dragen daaraan bij. Afbreukrisico van geen deelname Er kan dan geen gebruik worden gemaakt van de voordelen die het zorg- en veiligheidshuis kan bieden, zoals informatie, expertise en menskracht. Bepaalde organisaties hebben ook aangegeven geen capaciteit te hebben om deel te nemen aan overlegstructuren in alle afzonderlijke gemeenten. Alternatieven voor geen deelname De gemeente moet dan zelf meer regelen en kan geen beroep meer doen op inbreng van bepaalde maatschappelijke instanties en strafrechtpartners. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant. Samenwerking met politie, maatschappelijke en justitiële organisaties. Alle gemeenten vaardigen een wethouder zorg of een burgemeester af als lid van het algemeen bestuur. Het betreft voor Nuenen wethouder N. Wouters.
Het algemeen bestuur kiest uit hun midden weer – per basisteam – een wethouder zorg en een burgemeester als lid van het dagelijks bestuur. In 2018 werden de gemeenten die behoren tot het basisteam Dommelstroom vertegenwoordigd in het dagelijks bestuur door voorzitter burgemeester P. Verhoeven (Heeze-Leende) en wethouder P.J. Looijmans (Geldrop-Mierlo) namens de gemeenten die behoren tot het basisteam Dommelstroom. Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
88
Stichting Bureau Inkoop- en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB) te Oirschot Doel en openbaar belang Inkoopuitgaven maken een zeer groot deel uit van de jaarlijkse begroting. Door samenwerking kunnen gemeenten hun inkoop professionaliseren. Daarnaast vertaalt de kwaliteit van inkoop zich direct in de kwaliteit van producten, diensten en werken. Integer en efficiënt inkopen heeft een positieve uitstraling naar burgers, het bedrijfsleven en de eigen medewerkers. Goed ingerichte inkoopprocessen vergroten het vertrouwen van de samenleving in de manier waarop gemeenschapsgeld wordt besteed. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De gewijzigde Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012) laat voldoende ruimte over om eigen beleid te voeren op het gebied van inkopen en aanbesteden. Het inkoop- en aanbestedingsbeleid waarborgt de naleving van wet- en regelgeving, een doelmatige inkoop en bestuurlijke integriteit. Het inkoopbeleid gaat uit van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur: openheid, objectiviteit en zorgvuldigheid. Door gebruik te maken van objectieve voorwaarden, kunnen gemeenten de keuze voor een leverancier verantwoorden. Deze helderheid biedt ook voordelen voor ondernemers, die weten waar ze aan toe zijn. Veranderingen en ontwikkelingen Sinds 2013 hebben gemeenten te maken met de Aanbestedingswet 2012.
Op 1 juli 2016 zijn de wijzigingen op de Aanbestedingswet 2012 in werking getreden. Hiermee zijn de nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen opgenomen in de Nederlandse wetgeving. Door de wijzigingen in de Aanbestedingswet hebben we te maken gekregen met wijzigingen in de dagelijkse inkooppraktijk. Risico's Door deel te nemen aan BIZOB wordt het risico op juridische procedures door onjuiste inkoop- en aanbestedingstrajecten verkleind. Afbreukrisico van geen deelname De aansluiting bij BIZOB is een keuze voor continuïteit in organisatorische en personele zin voor de invulling van de inkoopfunctie. Naast het mislopen van de mogelijk gunstigere prijzen en/of hogere kwaliteit, ligt er een afbreukrisico op gebied van efficiencyverbetering, rechtmatigheid en een versterking van de expertise. Alternatieven voor geen deelname In plaats van aansluiting bij BIZOB kan ook gekozen worden voor het volledig intern invullen van de inkoopfunctie. Daarnaast kan een commercieel inkoopbureau worden ingehuurd om gelijksoortige ondersteuning te bieden. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Het verzorgingsgebied van BIZOB is ingedeeld in vier clusters, te weten: 1. BOV en De Kempen regio; 2. Dommelvallei+ en Peelgemeenten; 3. Noordoost Brabant; 5. A2 regio en overig publiek. BIZOB is een stichting en wordt aangestuurd door de gemeenten en aangesloten organisaties.
Het bestuur wordt gevormd door een afvaardiging van twee bestuurders per regio. De zittingsduur voor bestuurders is vier jaar. De voorzitter van het bestuur is een burgemeester en heeft een zittingsduur van zes jaar. Daarnaast worden twee secretarissen toegevoegd aan het bestuur. Tevens neemt vanuit elke aangesloten gemeente één bestuurder deel in de Vergadering van Aangeslotenen. Frequentie van terugkoppeling naar de raad Incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen.
89
Verbonden partijen
Realisatie
Realisatie
eigen vermogen vreemd vermogen 2022
2022
Realisatie resultaat
Prognose
Prognose
eigen vermogen vreemd vermogen
2022
2024
2024
13.786.189
469.458
13.512.219
Prognose
Bijdrage
Bijdrage
2023
2024
resultaat 2024
Gemeenschappelijke regelingen Metropoolregio Eindhoven (MRE)
14.449.317
Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB)
1.012.315
6.636.669
-2.253.508
Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO)
2.251.206
40.146.000
474.203
Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Brabant Zuidoost (GGD)
5.465.592
26.123.076
550.000
5.281.000
29.395.000 nvt
Dienst Dommelvallei Werkvoorziening de Dommel (WSD) Reiniging Blink
11.966.526
0
1.848.541
6.336.669
0
0
443.685
2.167.498
40.926.084
0
1.179.215
1.436.990
412.439
4.287.000
13.802.000
0
914.907
968.975
216.000
642.000
3.469.000
0
6.281.518
7.065.824
8.234.000
2.918.000
onbekend
6.229.000
nvt
nvt
onbekend 1.367.000 onbekend
339.975
346.707
9.189
0
nvt
2.218.000
2.475.000
onbekend
onbekend
Vennootschappen en coöperaties Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)
140.844.000 300.000.000
onbekend
onbekend onbekend
690.022.000
4.615.000
575.801.000
5.347.000
onbekend
onbekend onbekend geen bijdrage geen bijdrage
Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost
onbekend
onbekend
188.030
onbekend
onbekend onbekend
7.779
8.071
Bureau Inkoop en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB)
1.405.076
1.139.797
1.003.218
onbekend
onbekend onbekend
173.880
199.332
Brabant Water Stichtingen en verenigingen
90
Grondbeleid Inleiding Het grondbeleid en de grondexploitaties hebben een belangrijke invloed op -en samenhang met- de realisatie van de andere beleidsprogramma's van een gemeente. Onder grondbeleid wordt verstaan het gehele instrumentarium dat de gemeente ter beschikking heeft om ruimtelijke doelstellingen te realiseren. Het omvat alle strategieën van de gemeente rond het verwerven, beheren, bewerken en uitgeven van gronden. Het grondbeleid en de grondexploitaties hebben een grote financiële impact op de algehele financiële huishouding van de gemeente. De eventuele financiële kansen en risico's zijn van belang voor de algemene financiële en reservepositie van de gemeente. In deze paragraaf komen de achtergronden en algemene randvoorwaarden, aandachtspunten, uitgangspunten, kanttekeningen en risico’s van het grondbeleid en de grondexploitaties van de gemeente Nuenen c.a. aan de orde.
Raadsbesluiten De basis voor het huidige gemeentelijke grondbeleid en de grondexploitaties zijn de Nota Grondbeleid 2005-2012, de Nota Grondbeleid 2012-2018 en de Nota Grondbeleid 2019-2023. Daarnaast zijn de raadsbesluiten van “Ruimtebalans naar Masterplan” en “Prioritering projecten en grondexploitatie” uit 2005 relevant geweest voor (een groot deel van) de huidige grondexploitaties. Ook zijn vanaf 2006 tot en met heden diverse raadsbesluiten genomen (herijkingen grondexploitaties, jaarrekeningen, begrotingen, risicoanalyses, etc.), die van invloed zijn op de huidige actuele stand van het grondbeleid en de grondexploitaties. In de Kadernota 2012 is vastgelegd om jaarlijks bij het opstellen van de jaarrekening de grondexploitaties te herzien. Ingeval sprake is van grote tussentijdse wijzigingen wordt de raad hierover separaat geïnformeerd c.q. wordt een voorstel met begrotingswijziging voorgelegd. Sinds een aantal jaar rapporteren we meerdere keren per jaar aan de raad op hoofdlijnen over de voortgang, de afwijkingen van grondexploitaties en de ontwikkelingen ten aanzien van de risico's. Bij de jaarrekening 2022 zijn de grondexploitaties herzien ten opzichte van de grondexploitaties behorende bij de begroting 2023 en de jaarrekening 2021.
De meest recente, relevante raadsbesluiten zijn: • Raadsbesluit juli 2019 "vaststelling Nota Grondbeleid 2019-2023"; • Raadsbesluit oktober 2019: "vaststelling subsidieverordening Sociale Volkshuisvesting 2019"; • Raadsbesluit juli 2020: "Programma Wonen 2020-2030"; • Raadsbesluit november 2022 “vaststelling begroting 2023-2026”; • Raadsbesluit december 2022 "Kader grondprijzen en exploitatiebijdragen 2023"; • Raadsbesluit juli 2023 ”vaststelling jaarrekening 2022”; • Raadsbesluit juli 2023 "vaststelling jaarrapportages grondexploitaties 2022".
Bestemmingsreserves De bestedingsplannen voor de bestemmingsreserves bovenwijkse voorzieningen, sociale volkshuisvesting, parkmanagement en groen voor rood zijn gereed en worden periodiek (parallel met de begroting en jaarrekening) geactualiseerd. Een van de herzieningen als gevolg van de gewijzigde voorschriften van het BBV betreft de "voeding" en waardering van de (gerealiseerde) voorzieningen in deze bestemmingsreserves. Voor de stand en prognose van deze bestemmingsreserves wordt verwezen naar de betreffende toelichting op de bestemmingsreserves in deze begroting. Bovenwijkse voorzieningen Met de stortingen (vanuit de diverse projecten) groeit de reserve in de komende jaren. De bestedingen van deze bestemmingsreserve zijn de investeringen om de bovenwijkse voorzieningen, welke volgen en “veroorzaakt” worden door de uitvoering van de (woningbouw)projecten, te kunnen realiseren. De belangrijkste investeringen, die in dit kader worden gerealiseerd, zijn de diverse projecten ter verbetering van de leefbaarheid en bereikbaarheid onder de verzamelnaam VKA (voorkeursalternatief) Bundelroutes Nuenen.
91
Sociale volkshuisvesting Met de bijdrages (vanuit de diverse projecten) wordt de reserve gevuld. De bestedingen van deze bestemmingsreserve zijn projecten waarin sociale woningbouw(huur) wordt gerealiseerd en die een (financiële) bijdrage nodig hebben voor de haalbaarheid van de ontwikkeling. Deze reserve stimuleert de realisatie van sociale huurwoningen. In 2019 is de 'Subsidieverordening sociale volkshuisvesting 2019' door de raad vastgesteld. Private partijen die een sociale huurwoning toevoegen aan de voorraad kunnen een aanvraag indienen voor een subsidie (afdracht uit de bestemmingsreserve). Uit de aanvraag moet onder andere blijken dat de bijdrage nodig is om het project financieel haalbaar te maken. Parkmanagement Met de stortingen vanuit de ontwikkelingsprojecten van bedrijventerreinen groeit ook deze reserve in de komende jaren. Deze reserve heeft het doel om de kwaliteit en leefbaarheid van de Nuenense bedrijventerreinen in stand te houden en te verbeteren. Groen voor rood Met de bijdragen vanuit het project Nuenen West blijft deze reserve in de komende jaren groeien. De bestedingen van deze bestemmingsreserve zijn gericht op het verbeteren van het Dommeldal, dat als gevolg van de woningbouwontwikkeling Nuenen West een kwaliteitsimpuls moet te verkrijgen.
Financiële uitgangspunten: Besluit Begroting en Verantwoording Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Er is regelgeving voor de verslaglegging over de jaarcijfers van het grondbedrijf. In 2019 is de notitie 'Grondbeleid in begroting en jaarverslaggeving juli 2019' uitgebracht door de commissie BBV. Deze notitie dient als basis voor de opgestelde grondexploitaties en deze toelichting op het grondbeleid. De verwachting is dat het BBV ook de komende jaren zal blijven veranderen om zo in te spelen op de actuele situatie. Dit wordt op de voet gevolgd en er wordt continu zorggedragen dat de verslaglegging van de grondexploitaties voldoet aan de regels van het BBV. De grondexploitaties zijn gerubriceerd conform het BBV. Er is een onderscheid gemaakt in Bouwgrond In Exploitatie (BIE ) projecten die onder de rubriek Materieel Vast Actief op de balans worden verantwoord. Bouwgronden In Exploitatie (BIE) Bouwgrond in exploitatie heeft in alle gevallen betrekking op grondexploitaties in de uitvoeringsfase. In het verleden is in de praktijk een veelheid aan grondontwikkeling gerelateerde projecten geschaard onder het begrip grondexploitaties.
Vanuit het belang van eenduidigheid is in bovenstaande notitie van de Commissie BBV voor afbakening van het begrip bouwgrond in exploitatie en de hieraan toe te rekenen kosten gezorgd om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de bestaande regels zoals vastgelegd in de Wet ruimtelijke ordening. Op basis daarvan is gekomen tot de definitie die binnen het BBV voor bouwgronden in exploitatie per 2016 geldt: gronden in eigendom van een gemeente, waarvoor de raad een grondexploitatiecomplex met een grondexploitatiebegroting heeft vastgesteld. Het startpunt van Bouwgrond in Exploitatie is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief de grondexploitatiebegroting. Vanaf dat moment wordt de BIE geopend en kunnen kosten worden geactiveerd en bijgeschreven op de voorraadpositie op de balans. Het begrip is van belang voor de wijze waarop het gemeentelijk eigendom wordt beoordeeld en opgenomen in de financiële administratie. Vervaardigingskosten van bouwrijp en woonrijp maken van de locatie worden geactiveerd ofwel bijgeschreven op het balansactief. Activering van de gemaakte kosten is acceptabel, omdat een grondexploitatie geen éénjarig proces is. Conform de verslagleggingsvoorschriften van het BBV worden, op balansdatum, als er sprake is van een voorzienbaar negatief resultaat van de grondexploitatie, een voorziening gevormd ter hoogte van dat verlies.
Deze voorziening wordt gevormd ten bedrage van de Netto Contante Waarde van het voorziene verlies. Is er sprake van een verwacht positief resultaat van de grondexploitatie, dan wordt het resultaat volgens de BBV voorschriften genomen voor zover dat met voldoende zekerheid gerealiseerd is (tussentijdse winstneming) en aan het einde van het proces en bij afsluiting van de grondexploitatie (winstneming).
92
Materieel vast actief Onder Materieel vast actief zijn gronden opgenomen die (meestal) in het verleden anticiperend of strategisch zijn aangekocht. Deze gronden hebben een vaste bestemming en zitten niet in een transformatieproces. Bij grond als materiële vaste activa gaat het veelal om ondergrond van gebouwen, wegen, parken pleinen of van land-/bosbouwgronden. Deze gronden zijn geactiveerd tegen (historische verkrijgingsprijs en bijkomende kosten). Op grond wordt niet afgeschreven. Indien sprake is van een (duurzaam) lagere marktwaarde wordt conform BBV voorschriften de grond afgewaardeerd. Deze marktwaardetoets is met name relevant op het moment dat de bestemming van de gronden wijzigt. Er zijn twee projecten die onder materieel vast actief op de balans staan, Kloostertuin en Boschhoeve, beide projecten zijn gewaardeerd op basis van de huidige bestemming.
Verwachte resultaat grondexploitatie / project Een grondexploitatie is geen statische, maar vooral een dynamische berekening van verwachte kosten en opbrengsten in combinatie met gerealiseerde kosten en opbrengsten. Het berekenen van een resultaat van een grondexploitatie is geen "exacte wetenschap" en betreft een modellering van de verwachte toekomstige situatie in het project. Voor grondexploitaties met een verwacht negatief resultaat zijn en worden voorzieningen gevormd. Ieder jaar wordt, bij de jaarrekening, de vereiste omvang van de voorzieningen en het benodigde weerstandsvermogen bepaald. De voorziening voor een grondexploitatie met een verwacht negatief resultaat wordt gevormd op basis van het resultaat op de dan geldende datum contante waarde. Uiteraard zijn ook de grondexploitaties en projecten met verwachte positieve resultaten “onder voorbehoud” en kunnen deze resultaten, voordat het project is afgerond, nog niet worden besteed. Deze positieve resultaten, en eventuele tussentijdse winstnemingen, zijn onder andere afhankelijk van de te realiseren verkopen van (bouwrijpe) grond. Uit het oogpunt van doelmatigheid zal het college er naar streven om uitgaven, bedrijfseconomisch verantwoord, niet in een te vroeg stadium te doen en opbrengsten uit verkoop van bouwrijpe grond op het juiste tijdstip te realiseren.
Tenslotte worden bij de grondexploitaties ten behoeve van de jaarrekening jaarlijks risicoanalyses uitgevoerd. Door het kwantificeren van de belangrijkste kansen en risico’s bij de projecten worden de benodigde weerstandscapaciteit en het gewenst weerstandsvermogen in beeld gebracht.
Tussentijdse winstnemingen Conform de richtlijnen van het Besluit Begroting en Verantwoording moet tussentijds winst genomen worden bij positieve grondexploitaties. Bij het stelsel van baten en lasten zoals geformuleerd in het BBV zijn het toerekeningbeginsel, het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel essentiële uitgangspunten. Baten en lasten – en het daaruit voortvloeiende resultaat – moeten worden toegerekend aan de periode waarin deze zijn gerealiseerd. Bij meerjarige projecten betekent dit dat (de verwachte) winst niet pas aan het eind van het project als gerealiseerd moet worden beschouwd, maar gedurende de looptijd van het project tot stand komt en ook als zodanig moet worden verantwoord. Het verantwoorden van tussentijdse winst is daarmee geen keuze maar een verplichting die voortvloeit uit het realisatiebeginsel. Bij het bepalen van de tussentijdse winst is het wel noodzakelijk de nodige voorzichtigheid te betrachten. Voor het bepalen van de tussentijdse winst worden de richtlijnen van het BBV gevolgd, in de vorm van de 'Percentage of Completion'-methode. Hiermee wordt ten aanzien van tussentijdse winstneming rekening gehouden met de fase waarin de grondexploitatie zich, zowel wat betreft de opbrengsten als de kosten, verkeert. Naar rato van de voortgang van het project wordt tussentijds winst verantwoord.
Hierbij wordt voor wat betreft de berekeningsmethodiek en de planinhoudelijke uitgangspunten niet afgeweken van de grondexploitatie of herziening zoals deze tot en met het verslagjaar door de raad is vastgesteld. Dit wordt berekend naar de mate waarin kosten en opbrengsten zijn gerealiseerd per individuele grondexploitatie. Hiermee wordt de totale winst over de individuele grondexploitatie opgedeeld/toegerekend aan de reeds verkochte kavels. Indien nog geen gronden zijn verkocht, is er dus nog geen sprake van gerealiseerde winst.
93
Daarnaast wordt bij de bepaling van de tussentijdse winst rekening gehouden met de risico’s die specifiek samenhangen met de nog te realiseren kosten en opbrengsten van de individuele grondexploitaties. Voorbeelden hiervan zijn onzekerheden/risico’s over de ontwikkeling van de rente of over de in de betreffende begrotingen van individuele grondexploitatie(s) opgenomen verwachtingen over afzetmogelijkheid of grondopbrengst.
Parameters en uitgangspunten grondexploitaties Rentelasten en –baten in een grondexploitatie Op grond van de voorschriften vanuit het Besluit Begroting Verantwoording provincies en gemeenten (hierna BBV) is de rente voor de grondexploitaties herrekend, waarbij rekening is gehouden met de verhouding eigen vermogen en vreemd vermogen. Ten behoeve van de begroting 2024-2027 wordt gerekend met een rentepercentage van 0,7%. Bij de jaarrekening 2022 was dit percentage 0,5%. Grondprijsbeleid De Nota Grondbeleid 2019-2023, die in juli 2019 door de raad is vastgesteld, bevatte geen wijzigingen in het grondprijsbeleid ten opzichte van de Nota Grondbeleid 2012-2018. Deze grondprijzen worden toegepast als kaders en voorwaarden voor de gemeentelijke uitgifte van (bouwrijpe) grond in (nieuwe) grondexploitaties en projecten. Deze grondprijzen worden jaarlijks bezien en indien nodig geactualiseerd (door een nieuw vast te stellen Kader Grondprijzen en Exploitatiebijdragen). In december 2022 zijn de grondprijzen geactualiseerd en herzien en vastgesteld door de gemeenteraad. Woningbouwprogrammering Bij de jaarrekening 2022 is een geactualiseerde woningbouwplanning in de grondexploitaties opgenomen. De gemeente houdt vast aan deze woningbouwplanning en nieuwe projecten zijn alleen mogelijk wanneer aangetoond kan worden dat deze projecten van volkshuisvestelijk belang zijn voor de gemeente.
Daarnaast wordt de bestaande woningvoorraad steeds belangrijker. Oude wijken worden aangepakt en verbeterd. Verduurzaming van deze bestaande woningen wordt steeds belangrijker.
Prognoses Bij raadsbesluit van de vaststelling van de jaarrekening 2022 zijn de prognoses per grondexploitatie / project voor laatst vastgesteld. Zoals is afgesproken wordt eenmaal per jaar, bij het jaarverslag, nagegaan of de vastgestelde prognoses inclusief de daaraan ten grondslag liggende calculaties nog actueel zijn of moeten worden bijgesteld. In onderstaande tabel zijn de resultaten van winstgevende en verlieslatende projecten getoond. De winstgevende projecten en de geprognosticeerde winstneming is uiteraard onder voorbehoud van bijvoorbeeld de daadwerkelijke realisatie van grondverkopen in de projecten. De belangrijkste wijziging tussen jaarrekening 2022 en begroting 2024 betreft een rentewijziging, deze was bij de jaarrekening nog 0,5% en bedraagt nu 0,7%.
94
prjct nr
Exploitatieopzet vastgesteld in jaarrekening 2022
Exploitatieopzet incl. BBV-voorschriften
Actuele realisatie
bij begroting 2024 Exploitatiekosten excl. winstneming
Exploitatieopbrengsten
Gerealiseerde (tussentijdse) winstneming t/m 2022
Nog te nemen resultaat eindwaarde
Exploitatiekosten incl. winstneming
Exploitatieopbrengsten
t/m 2022 Exploitatieresultaat/Eindwaarde
Exploitatie-kosten incl. winstneming t/m 2022
Exploitatieopbrengsten
Exploitatieresultaat
Bouwgrond In Exploitatie (BIE) 804
Luistruik
19.787.991
-27.999.447
-8.088.546
-122.910
27.874.583
-27.999.447
-124.864
27.630.283
-27.999.447
-369.164
806
Emmastraat
722.173
-806.260
0
-84.086
723.262
-806.260
-82.998
550.189
0
550.189
807
Wederikdreef
627.874
-912.249
0
-284.375
625.754
-912.249
-286.495
239.672
-29.574
210.098
819
De Mijpaal
1.601.798
-1.795.539
0
-193.740
1.601.798
-1.797.041
-195.243
602.404
-46.025
556.379
834
Kapperdoes
1.802.938
-3.539.028
-1.283.858
-452.232
3.086.795
-3.543.562
-456.767
2.885.776
-3.135.547
-249.771
847
Eeneind West
25.160.675
-27.504.671
0
-2.343.996
25.291.731
-27.504.671
-2.212.940
21.424.370
-4.010.791
17.413.579
864
Eeneind Oost
2.301.892
-5.164.061
-2.372.547
-489.622
4.674.439
-5.167.397
-492.958
4.335.290
-5.157.420
-822.130
52.005.341
-67.721.255
-11.744.951
-3.970.961
63.878.362
-67.730.627
-3.852.265
57.667.984
-40.378.804
17.289.180
Resultaat winstgevende projecten
Exploitatieopzet vastgesteld in jaarrekening 2022
Exploitatieopzet incl. BBV-voorschriften
Actuele realisatie
bij begroting 2024 Exploitatiekosten
Exploitatieopbrengsten
Exploitatie resultaat eindwaarde
CW verlies
Exploitatiekosten
Exploitatieopbrengsten
t/m 2022 Exploitatieresultaat/Eindwaarde
Exploitatie-kosten
Exploitatieopbrengsten
Exploitatieresultaat
Verlieslatende projecten binnen BIE 832/3 Nuenen West
82.844.917
-79.593.198
3.251.718
2.563.957
83.669.926
-79.593.198
4.076.728
77.470.436
-18.454.510
59.015.926
Resultaat verlieslatende projecten
82.844.917
-79.593.198
3.251.718
2.563.957
83.669.926
-79.593.198
4.076.728
77.470.436
-18.454.510
59.015.926
95
Wet open overheid Stand van zaken Voor de implementatie van de actieve openbaarmaking op grond van de Wet open overheid (Woo) trekken wij gezamenlijk op met de gemeenten Geldrop-Mierlo en Son en Breugel en de Dienst Dommelvallei. De actieve openbaarmaking verloopt in fases. Die fases worden landelijk bepaald, bij Koninklijk Besluit. Wij sluiten ons aan bij deze wettelijke fasering en lopen hier niet op vooruit. We zitten nu in fase 1. Daarin komen 4 informatiecategorieën aan bod die we op grond van de Woo actief openbaar moeten maken (voor zover dit nog niet zo is): • De bereikbaarheidsgegevens van de bestuursorganen van de gemeenten en de manier waarop verzoeken om informatie ingediend kunnen worden; • Vergaderstukken en -verslagen van de gemeenteraad en algemene besturen van gemeenschappelijke organen als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen en hun commissies; • Convenanten; • Ingediende Woo-verzoeken, de schriftelijke beslissing hierop en de daarbij verstrekte informatie. De bereikbaarheidsgegevens en vergaderstukken- en verslagen van de gemeenteraad worden door onze gemeente al actief openbaar gemaakt op de gemeentelijke website. Om volledig aan de wet te voldoen zijn er verwijslinks toegevoegd aan de Woo-index. De Woo-index is de vervanger van het Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI).
PLOOI zou een landelijk platform worden, waar alle documenten, van alle bestuursorganen op zouden kunnen worden gedeeld. Dit bleek echter een te complex ICT-project. Daarom is er gekozen voor een eenvoudigere versie – de Woo-index – waarop bestuursorganen dus URL’s/verwijslinks kunnen plaatsen naar een webpagina waar zij zelf hun informatie op delen. Voor de convenanten en Woo-verzoeken zijn we bezig met het realiseren van een eigen publicatieplatform. De verwachting is dat hier begin 2024 een keuze in wordt gemaakt en een softwarepakket voor wordt aangekocht. Verder is van belang dat de categorie vergaderstukken en verslagen ook betrekking heeft op de algemene besturen van gemeenschappelijke organen als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen en hun commissies. Gemeenschappelijke regelingen zijn hiervoor zelf verantwoordelijk, maar ontvangen hiervoor geen rijksgelden. Daarvoor kunnen ze aanspraak maken op het budget van de deelnemende gemeenten. Er zijn al gemeenschappelijke regelingen waaraan wij deelnemen, die al (deels) aan de eisen van actieve openbaarmaking voldoen. Vervolg Het is nog onduidelijk wat de volgende fase exact gaat inhouden. We verwachten dat de tweede fase ergens in 2024 in gaat. In afwachting daarvan is het belangrijk te blijven focussen op de cultuuromslag naar een meer open werkhouding die de Woo beoogt.
Daarom blijven wij komend jaar uitvoering geven aan ons interne communicatieplan. Tot slot is er met Dienst Dommelvallei afgesproken dat er budget van de Woo vrij wordt gemaakt voor de aanschaf van de anonimiseringstool. De verwachting is dat de inkoop van deze tool in 2024 wordt afgerond.
96
Verplichte beleidsindicatoren BBV schrijft een aantal beleidsindicatoren voor die ook gepubliceerd worden op waarstaatjegemeente.nl. De indicatoren die wij relevant vinden voor onze doelstellingen zijn onder de desbetreffende programma's opgenomen. De indicatoren die niet relevant zijn voor onze doelstellingen nemen we hieronder op. Deze cijfers geven de indicator weer zoals gepubliceerd in september 2023, waarbij het vergelijkende cijfer van vorig jaar is opgenomen. Voor actuele cijfers verwijzen we naar waarstaatjegemeente.nl. Naam
Indicator
Formatie
fte per 1.000 inwoners
2022 2023 4,4
Bezetting
fte per 1.000 inwoners
4,1
4,0
Apparaatskosten
kosten per inwoner in euro
812
844
Externe inhuur
kosten als % van totale loonsom + totale kosten externen
12,0% 9,1%
Overhead
% van totale lasten
12,1% 13,4%
Demografische druk
% van het aantal inwoners van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot aantal inwoners van 20 tot 65 jaar.
89%
Hernieuwbare energie
% hernieuwbare energie t.o.v. de totale hoeveelheden gebruikte energie
8,6% 19,1%
Functiemenging
verhouding tussen banen en woningen, bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.
43,5
44,0
Vestigingen
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
151
196
Netto arbeidsparticipatie
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.
68,4% 72,4%
Banen
per 1.000 inwoners (15-64 jaar)
464,5 591,7
Gemiddelde WOZ-waarde woningen
duizend euro
403
471
Woonlasten meerpersoonshuishoudens
euro
883
934
Woonlasten éénpersoonshuishoudens
euro
1.085
745
97
4,6
90%
Financiële begroting
98
Overzicht van baten en lasten Programma's Bedragen x €1.000 Programma's
Begroting 2024
Begroting 2025
Saldo
Begroting 2026
Saldo
Begroting 2027
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Programma 1. Bestuur, Samenwerking & Dienstverlening
3.144
347
-2.797
3.137
347
-2.790
3.098
347
Saldo -2.751
3.005
347
Saldo -2.658
Programma 2. Veiligheid & Handhaving
3.036
583
-2.453
2.441
55
-2.386
2.422
55
-2.367
2.422
55
-2.367
Programma 3. Werk (participatie), Zorg & Jeugd
24.508
5.870 -18.639
24.422
5.870 -18.552
24.035
5.823 -18.212
23.894
Programma 4. Verenigingen & Accommodaties
3.135
384
-2.751
3.227
384
-2.843
3.448
368
-3.080
3.342
270
-3.073
Programma 5. Wonen & Leefomgeving
10.610
8.496
-2.114
32.486
30.553
-1.933
8.495
6.546
-1.949
8.923
6.566
-2.356
Programma 6. Ruimtelijk beheer, Milieu & Verkeer
11.132
6.313
-4.819
11.169
6.705
-4.464
10.649
6.434
-4.215
10.953
6.608
-4.345
Programma 7. Economie, Toerisme & Recreatie
1.553
62
-1.492
2.031
62
-1.970
2.049
62
-1.988
1.740
62
-1.679
Totaal
57.119
22.054 -35.064
78.913
43.976 -34.937
54.196
19.635 -34.562
54.279
5.682 -18.212
19.590 -34.689
Algemene dekkingsmiddelen Bedragen x €1.000 Algemene dekkingsmiddelen
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Algemene uitkering
0
39.369
39.369
0
41.246
41.246
0
39.757
39.757
0
40.863
40.863
Dividenden
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Lokale heffingen
224
7.206
6.982
224
7.466
7.242
224
7.709
7.485
224
7.959
7.736
Overige algemene dekkingsmiddelen
976
0
-976
2.272
0
-2.272
2.802
0
-2.802
3.593
0
-3.593
Treasury
41
34
-7
753
24
-728
870
24
-846
652
23
-628
Totaal
1.241
46.609
45.368
3.249
48.737
45.488
3.896
47.490
43.594
4.469
48.846
44.377
Onvoorzien, overhead en Vpb Bedragen x €1.000 Onvoorzien, overhead en Vpb
Begroting 2024 Lasten
Baten
Begroting 2025
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2026
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2027
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Onvoorzien
72
0
-72
72
0
-72
72
0
-72
72
0
-72
Overhead
9.639
21
-9.618
9.740
-2
-9.742
9.772
-2
-9.775
9.845
-2
-9.847
Totaal
9.711
21
-9.690
9.812
-2
-9.815
9.844
-2
-9.847
9.917
-2
-9.920
Geraamd totaal saldo van baten en lasten Bedragen x €1.000 Geraamd totaal saldo van baten en lasten Totaal saldo
Begroting 2024 Lasten
Baten
68.071
68.684
Begroting 2025 Saldo
613
Lasten
Baten
91.974
92.710
Begroting 2026 Saldo
736
99
Lasten
Baten
67.937
67.122
Begroting 2027 Saldo
-814
Lasten
Baten
68.665
68.434
Saldo
-231
Geraamd totaal van saldo baten en van lasten baten en Totaal lasten
Begroting 2024
68.071
Begroting 2025
68.684
613
91.974
Begroting 2026
92.710
736
67.937
Begroting 2027
67.122
-814
68.665
Saldo
Lasten
68.434
-231
Beoogde toevoegingen en onttrekkingen reserves Bedragen x €1.000 Programma
Begroting 2024 Lasten
Baten
Begroting 2025
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2026
Saldo
Lasten
Baten
Begroting 2027 Baten
Saldo
Mutaties programma 4
0
14
14
0
14
14
0
39
39
0
39
39
Mutaties programma 5
175
172
-4
175
172
-4
175
172
-4
175
172
-3
Mutaties programma 6
0
172
172
0
162
162
0
127
127
0
127
127
Mutaties programma 7
0
10
10
0
214
214
0
214
214
0
214
214
Mutaties programma 8
662
0
-662
1.108
0
-1.108
0
0
0
0
0
0
Totaal
837
368
-469
1.283
562
-722
175
551
376
175
551
376
Geraamd resultaat Bedragen x €1.000 Geraamd resultaat
Begroting 2024 Lasten
Baten
Resultaat
68.908
69.052
Resultaat
68.908
69.052
Begroting 2025 Saldo
Lasten
Baten
144
93.257
144
93.257
Begroting 2026 Saldo
Lasten
Baten
93.271
14
68.112
67.673
93.271
14
68.112
67.673
100
Begroting 2027 Saldo
Lasten
Baten
-438
68.840
68.985
Saldo 145
-438
68.840
68.985
145