Oranjebuurt - Bijlage Bopa-onderbouwing Nuenen
Tekst van het document
omgevingsvergunning
Oranjebuurt, Nuenen Nuenen, Gerwen En Nederwetten
DATUM IMRO IDN
NL.IMRO.0820.BopaOranjebuurt-0001
PROJECT PROJECTLEIDER OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER
20231039
AUTEUR STATUS
ontwerp
Inhoudsopgave
Motivering
5
Hoofdstuk 1
Inleiding
6
1.1
Aanleiding
6
1.2
Ligging projectgebied
6
1.3
Procedure
7
1.4
Leeswijzer
9
Beschrijving van het project en zijn omgeving
10
2.1
Huidige situatie
10
2.2
Toekomstige situatie
19
Hoofdstuk 3
Participatie
22
3.1
Participatie
22
3.2
Advies gemeenteraad
23
3.3
Bestuurlijk vooroverleg
23
Hoofdstuk 4
Beleidskader
25
4.1
Rijksbeleid
25
4.2
Provinciaal beleid
27
4.3
Regionaal beleid
30
4.4
Gemeentelijk beleid
31
Gevolgen voor de fysieke leefomgeving
38
5.1
Ladder voor duurzame verstedelijking
38
5.2
Welstand
43
5.3
Mer-beoordeling
45
5.4
Verkeer en parkeren
45
5.5
Ecologie: soortenbescherming
49
5.6
Ecologie: gebiedsbescherming
50
5.7
Luchtkwaliteit
52
5.8
Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen
53
5.9
Geluid door activiteiten
55
5.10
Geur
55
5.11
Omgevingsveiligheid
57
5.12
Trilling
59
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 5
3/71
5.13
Schaduwhinder en windhinder
59
5.14
Cultureel erfgoed
60
5.15
Bodem
63
5.16
Water
64
5.17
Duurzaamheid
68
5.18
Gezondheid
69
Economische uitvoerbaarheid
70
6.1
Financiële uitvoerbaarheid
70
6.2
Kostenverhaal
70
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties
71
Hoofdstuk 6
Hoofdstuk 7
4/71
Motivering
5/71
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
In het noordwesten van Nuenen ligt de Oranjebuurt. Hier heeft Woningstichting Helpt Elkander ongeveer 60 woningen in beheer. Enkele jaren geleden is de woningstichting begonnen met het verbeteren en vernieuwen van de Oranjebuurt. Zo is de woningstichting in mei 2023 begonnen met onderhoudswerkzaamheden waarbij 22 woningen worden verduurzaamd (nieuwe isolatie van spouwmuren, daken en ramen, kunststof kozijnen, herstellen voegwerk, reinigen gevels, schilderwerk, etc.). Een volgende stap is het saneren van woningen die niet toekomstbestendig zijn. Het gaat om 22 grondgebonden eengezinswoningen aan de Voirt en Irenestraat. Deze woningen zullen plaatsmaken voor 40 nieuwe meergezinswoningen. Het gaat daarbij om 20 appartementen en 20 beneden-bovenwoningen die zijn bestemd voor 1- en 2-persoonshuishouden met in het bijzonder de doelgroepen starters en senioren. Het omgevingsplan staat de ontwikkeling niet toe, met name omdat in het omgevingsplan met bouwvlakken is bepaald waar woningen mogen komen en deze bouwvlakken te beperkt zijn voor de nieuwe woningen. Bovendien is het aantal woningen gelimiteerd tot het nu bestaande aantal, terwijl er meer woningen worden teruggebouwd dan er worden gesloopt. Het omgevingsplan bevat geen binnenplanse afwijkingsbevoegdheden (omgevingsplanactiviteit).
Met een buitenplanse omgevingsplan activiteit (bopa) is het echter wel mogelijk om van het omgevingsplan af te wijken om het beoogde project uit te voeren. In hoofdstuk 2 wordt nader ingegaan op de strijdigheden met het omgevingsplan die met het verlenen van voorliggende vergunning(aanvraag) worden opgeheven.
1.2
Ligging projectgebied
Het projectgebied ligt in het noordwesten van de kern Nuenen binnen de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten (hierna: Nuenen c.a.). Het projectgebied omvat vier kadastrale percelen in de Oranjebuurt, aan de straten Voirt en Irenestraat. In het bijzonder gaat het om de percelen die kadastraal bekend staan als gemeente Nuenen, sectie E, nummers 3872, 5558 (ged.), 5561 (ged.) en 6887 (ged.).
6/71
Luchtfoto met ligging projectgebied (blauw omcirkeld) binnen het stedelijk gebied van Nuenen (Bron: https://app.pdok.nl/viewer)
Luchtfoto met kadastrale kaart van het projectgebied (blauw omlijnd) (Bron: https://app.pdok.nl/viewer)
1.3
Procedure
Woningstichting Helpt Elkander vraagt de omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit gefaseerd aan. In de eerste fase worden de gebruiksactiviteiten aangevraagd. In de tweede fase volgen de bouwactiviteiten. De sloopactiviteiten worden afzonderlijk aangevraagd. Voor de overgangsfase (tot 1 januari 2032) voor het omgevingsplan bevat artikel 12.27a Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) een beoordelingsregel voor opvolgende BOPA-vergunningverlening. Dit artikel bepaalt dat
7/71
bij het toepassen van artikel 8.0a, lid 2 Bkl, in ieder geval sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties voor zover de activiteit niet in strijd is met een eerder verleende omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Dit maakt het mogelijk om eerst een 'planologisch' basisbesluit te nemen in de vorm van een omgevingsvergunning voor een BOPA. 1.3.1 Reguliere procedure Op deze aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is de reguliere procedure van toepassing. 1.3.2 Adviesrecht In de Omgevingswet (§ 16.2.3. Betrokkenheid van andere bestuursorganen) is bepaald dat in sommige gevallen het advies van andere bestuursorganen of adviseurs kan of moet worden betrokken bij een beslissing op de aanvraag om omgevingsvergunning voor een bopa. Het kan dan gaan om de gemeenteraad en Gedeputeerde Staten. Gemeenteraad Op 16 november 2023 heeft de gemeenteraad van de gemeente Nuenen de lijst van gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten vastgesteld waarbij de gemeenteraad adviesrecht heeft. Het vragen van advies is onder meer verplicht als er meer dan 5 woningen worden gebouwd. Voor deze aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is het college verplicht de gemeenteraad om advies te vragen. In paragraaf 3.2 wordt hier nader op ingegaan.
Gedeputeerde Staten Op 7 november 2023 heeft Gedeputeerde Staten (GS) van provincie Noord-Brabant een lijst van gevallen vastgesteld waarbij GS van haar adviesrecht gebruik wil maken voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Advies van GS is nodig als instructieregels van toepassing zijn die voorkomen in de vastgestelde lijst. Geen van die instructieregels zijn in dit geval aan de orde, waardoor geen advies van GS benodigd is. GS zal op de gebruikelijke wijze in de planologische procedure worden betrokken. In paragraaf 3.3 wordt hier nader op ingegaan. 1.3.3 Participatie Op 16 november 2023 heeft de gemeenteraad van de gemeente Nuenen de lijst van gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten vastgesteld waarbij participatie verplicht is. Participatie is onder meer verplicht als er meer dan 5 woningen worden gebouwd. Voor deze aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is participatie verplicht. In paragraaf 3.1 wordt nader ingegaan op het participatietraject. 1.3.4 Verwerken verleende omgevingsvergunningen In artikel 4.17 van de Omgevingswet is opgenomen dat de gemeente een voortdurende omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) verwerkt in het omgevingsplan. Dit gebeurt binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van de BOPA. Deze verplichting geldt pas vanaf 1 januari 2032.
8/71
Op 16 november 2023 heeft de gemeenteraad van de gemeente Nuenen besloten het wijzigen van het omgevingsplan voor het verwerken van verleende omgevingsvergunningen voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders.
1.4
Leeswijzer
In Hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de huidige en de toekomstige situatie. De toekomstige situatie beschrijft de doelen voor het projectgebied, het initiatief en de strijdigheden met het omgevingsplan. Hoofdstuk 3 beschrijft hoe participatie heeft plaatsgevonden en hoe deze heeft bijgedragen aan het ontwerp. Vervolgens wordt het project in Hoofdstuk 4 getoetst aan relevant beleidskaders en in Hoofdstuk 5 aan relevante aspecten van de fysieke leefomgeving. In Hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de haalbaarheid van het plan. Tot slot volgt in Hoofdstuk 7 de slotconclusie.
9/71
Hoofdstuk 2 2.1
Beschrijving van het project en zijn omgeving
Huidige situatie
2.1.1 Omgeving Het projectgebied ligt binnen de Oranjebuurt in het noordwesten van de kern Nuenen. Het gaat om een rustige woonbuurt met hoofdzakelijk woningen en vrijwel geen afwijkende functies. Ten oosten van de Oranjebuurt ligt het centrum van Nuenen met al haar voorzieningen. Ten westen van de buurt ligt het buitengebied dat Nuenen van Eindhoven scheidt. Ten noorden en zuiden van de Oranjebuurt liggen andere woonbuurten. De buurt aan de zuidzijde wordt door de Europalaan van de Oranjebuurt gescheiden. De Europalaan is één van de belangrijkste uitvalswegen van de kern Nuenen en verbindt het dorp in westelijke richting met Eindhoven. De Oranjebuurt is planmatig gebouwd in de jaren vijftig/zestig. De buurt kent een orthogonale stedenbouwkundige opzet. De straat Voirt loopt horizontaal door de buurt met verticaal daarop aansluitend onder andere de straten Irenestraat, Margrietstraat en Beatrixstraat. Aan deze straten staan rijwoningen (rijen van drie tot vier woningen) en twee-onder-een-kapwoningen. Het gaat om hoofdzakelijk woningen van twee bouwlagen met zadeldak, waarvan de nok evenwijdig met de weg loopt. Aan de Irenestraat (oneven nummers 1 t/m 15) staan twee-onder-een-kapwoningen van één bouwlaag met een zadeldak, waarvan de nok evenwijdig met de weg loopt.
De woning op de hoek van de Irenestraat met de Voirt vormt een accent doordat deze bestaat uit anderhalve bouwlaag met zadeldak en de nok evenwijdig aan de Voirt en dus haaks op de Irenestraat.
10/71
Topografische kaart van een deel van de Oranjebuurt waar het project zich afspeelt. Met turquoise (groen/blauw) zijn de bestaande woningen van woningstichting Helpt Elkander aangeduid. Het projectgebied omvat het rood gearceerde gebied. In de buurt vindt autoparkeren hoofdzakelijk plaats op straat. Een aantal twee-onder-een-kapwoningen en hoekwoningen hebben daarnaast een eigen garage met oprit. Ook bij andere woningen is in de voortuin soms een parkeerplaats gerealiseerd. Het groen in de straat bestaat voornamelijk uit particulier groen uit voortuinen, hoewel deze steeds vaker worden verhard. In de openbare ruimte staan slechts enkele bomen tussen de rijbaan en het trottoir. Aan de Voirt en bij de entree van enkele zijstraten ervan staan daarnaast nog enkele beukenheggen.
11/71
Foto vanuit de richting van het projectgebied met zicht op de Voirt in westelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
Foto vanuit de richting van het projectgebied met zicht op de Voirt in oostelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
12/71
Foto vanuit de richting van het projectgebied met zicht op de Beatrixstraat in zuidelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
Foto vanuit de richting van het projectgebied met zicht op de Irenestraat in noordelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
13/71
Foto vanuit de richting van het projectgebied met zicht op de Margrietstraat in noordelijke richting (Bron: Google Streetview, juli 2021, https://www.google.nl/maps) Op ten minste 30 meter ten oosten van het oostelijke deel van het projectgebied ligt het centrumgebied van Nuenen met al haar voorzieningen. De voorzieningen bevinden zich vanaf de Marijkestraat en verder in oostelijke richting. Aan de zuidzijde van de Voirt ligt ter hoogte van de Marijkestraat een parkeerterrein. Planologisch is hier de functie 'Wonen' toegekend, maar ook bestaande bedrijven. Nu er geen bestaand bedrijf aanwezig is, hoeft hier geen rekening mee te worden gehouden. In de omgeving van het projectgebied komen nauwelijks milieubelastende functies of activiteiten voor waarmee rekening gehouden dient te worden bij de uitwerking van het plan. Verderop in deze motivering wordt het project beschouwd vanuit diverse omgevingsaspecten, waarbij in ieder geval wordt ingegaan op de volgende omstandigheden: Wegverkeerslawaai vanwege lokale wegen (met name Voirt, Parkstraat en Europalaan) en het parkeerterrein ter hoogte van de Marijkestraat/Voirt; Milieubelasting vanwege de parkeer- en centrumvoorzieningen (feitelijk en planologische toegestaan) rondom de Parkstraat en entree van de Voirt vanuit de Parkstraat ten oosten van het projectgebied.
2.1.2 Projectgebied Het projectgebied maakt integraal deel uit van de omgeving zoals in vorige subparagraaf beschreven. Dat wil zeggen kleine grondgebonden rijwoningen en twee-onder-een-kapwoningen van één tot twee bouwlagen met een zadeldak waarvan de nok evenwijdig aan de weg loopt. Autoparkeren vindt hoofdzakelijk plaats in de openbare ruimte, maar in sommige gevallen is op het eigen bouwperceel een parkeerplaats gecreëerd. De openbare ruimte is groenarm. Het groen in het straatbeeld bestaat hoofdzakelijk uit particulier groen in voortuinen, die steeds vaker verhard zijn, enkele bomen, groenvakken en heggen. Het projectgebied bestaat uit een aantal bouwpercelen aan de Voirt en Irenestraat. Het gaat om woningen die gelet op de verduurzaming ervan in een te slechte staat verkeren om opgeknapt te worden. Daarom worden deze woningen gesloopt om plaats te maken voor nieuwe woningen waarbij ook verdichting zal plaatsvinden.
14/71
Het projectgebied omvat grofweg vier delen: 1. Locatie hoek Voirt (even huisnummers 6 t/m 10) - Irenestraat (huisnummer 2) (kadastraal perceel E 5561 (ged.)); 2. Locatie Irenestraat (oneven huisnummers 1 t/m 11) / Voirt (even huisnummers 14 t/m 18) / hoek Margrietstraat (huisnummer 2) (kadastraal perceel E 5558 (ged.)); 3. Locatie hoek Voirt (even huisnummers 20 t/m 24) - Margrietstraat (huisnummer 1) (kadastraal perceel E 6887 (ged.)); 4. Locatie Voirt (oneven huisnummers 13 t/m 17) / hoek Beatrixstraat (huisnummer 2) (kadastraal perceel E 3872).
Topografische kaart met projectgebied rood gearceerd. De cijfers corresponderen met de cijfers uit de opsomming hierboven.
15/71
Foto van woningen hoek Voirt 6 t/m 10 - Irenestraat 2 vanuit oostelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
Foto van woningen Irenestraat 1 t/m 11 vanuit noordelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
Foto van woningen Voirt 14 t/m 18 - Margrietstraat 2 vanuit zuidelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
16/71
Foto van woningen Margrietstraat 1 - Voirt 20 t/m 24 vanuit zuidelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
Foto van woningen Voirt 20 t/m 24 vanuit westelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
17/71
Foto van woningen Beatrixstraat 2 - Voirt 13 t/m 17 vanuit westelijke richting (Bron: Google Streetview, mei 2023, https://www.google.nl/maps)
2.1.3 Planologische situatie Ter plaatse van het projectgebied geldt, vanwege de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024, het zogenaamde tijdelijke deel van het omgevingsplan. Dit zijn een aantal voormalige besluiten, plannen en regelgeving die door de gemeenten in een gebiedsdekkend omgevingsplan moeten worden verwerkt en vastgesteld. Omdat dit gebiedsdekkende omgevingsplan nog niet is vastgesteld door gemeente Nuenen c.a., geldt het 'tijdelijk deel van het omgevingsplan' bestaande uit: 1. Vastgestelde bestemmingsplannen en beheersverordeningen: a. Bestemmingsplan 'Nuenen-Noordwest', vastgesteld 27 juni 2013. 2. Lokale verordeningen: a. Tot het tijdelijke deel van het omgevingsplan behoren een gemeentelijke geurverordening, verordening afvoer regen- en grondwater of erfgoedverordening (archeologische monumentenzorg) en bodemkwaliteitskaarten, mits de gemeente een dergelijke verordening heeft vastgesteld. In dit geval zijn van toepassing: Verordening geurhinder en veehouderij (2011); Erfgoedverordening 2023 gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten c.a. (voor wat betreft het onderdeel archeologie, i.c. hoofdstuk 7) 3. Bruidsschat: a. voorrangsbepalingen en overgangsrecht; b. regels over bouwwerken, open erven en terreinen; c. regels over milieubelastende activiteiten; d. regels over aanleggen of wijzigen van wegen of spoorwegen zonder geluidproductieplafond; e.
regels over overige gemeentelijke omgevingsvergunningen.
18/71
2.2
Toekomstige situatie
2.2.1 Ontwikkeling In de beoogde situatie worden 22 verouderde woningen gesloopt om plaats te maken voor 40 nieuwe woningen die aan de hedendaagse duurzaamheidseisen voldoen. Het gaat om de nieuwbouw van 40 gestapelde woningen, waarvan 20 appartementen en 20 beneden-bovenwoningen. De woningen zijn bestemd voor één- en tweepersoonshuishouden en zijn in het bijzonder bedoeld voor de doelgroepen starters en senioren.
Topografische kaart met daarop ingetekend de nieuwe appartementen en beneden-bovenwoningen (Bron: KAW, Koöperatieve Architecten Werkplaats) De 20 appartementen worden gerealiseerd op de locatie Irenestraat/Voirt/hoek Margrietstraat. Het gaat om appartementen met een omvang van ongeveer 55 tot 70 m² gebruiksoppervlak. De appartementen krijgen allen een eigen berging aan de achterzijde van het gezamenlijke bouwperceel. De beneden-bovenwoningen komen op de overige drie deellocaties aan de Voirt. Deze woningen krijgen een gebruiksoppervlak van ongeveer 65 tot 70 m². De beneden-bovenwoningen krijgen ofwel een eigen berging in de tuin te bereiken via een brandgang (geldt voor de woningen aan de noordzijde van de Voirt), ofwel aan de westzijde van het hoofdgebouw aangebouwde bergingen (geldt voor de woningen aan de zuidzijde van de Voirt). Zowel de appartementen als beneden-bovenwoningen worden gerealiseerd in bouwmassa's die passen bij de beeldkwaliteit van de rest van de Oranjebuurt. De bouwmassa's bestaan uit twee bouwlagen met kap. De gooten nokhoogte sluit aan bij andere woningen in de buurt die uit twee bouwlagen bestaan. De diepe (verrommelde) voortuinen komen te vervallen. Daarvoor in de plaats komt openbaar groen.
Het toevoegen van groen draagt bij aan de leefbaarheid en is bovendien belangrijk met het oog op klimaatadaptatie (tegengaan hittestress, mogelijkheden om hemelwater te infiltreren). Ook wordt met het weglaten van diepe voortuinen in het stratenprofiel ruimte gecreëerd om langsparkeerplaatsen te realiseren.
19/71
Dwarsdoorsneden van de Irenestraat, met boven het profiel in de bestaande situatie en beneden het profiel in de nieuwe situatie met links het appartementengebouw en rechts de bestaande woningen aan de overzijde van de straat (Bron: KAW)
Dwarsdoorsnede van de Irenestraat met links het appartementengebouw, rechts een sfeerimpressie van de bouwmassa en beeldkwaliteit (Bron: KAW)
20/71
Dwarsdoorsneden van de Irenestraat (boven) en Voirt (beneden), met links het appartementengebouw en rechts de beneden-bovenwoningen (Bron: KAW) Ten behoeve van de ontwikkeling worden 12 bestaande parkeerplaatsen onttrokken. Daar tegenover staat dat 35 parkeerplaatsen worden aangelegd. Parkeren vindt deels plaats in een parkeerkoffer op eigen terrein aan de Irenestraat aan de noordzijde van het projectgebied. Hier komen ongeveer acht parkeerplaatsen. Ook worden op eigen terrein vier haaksparkeerplaatsen gerealiseerd op de hoek Voirt/Irenestraat (oostzijde). De overige parkeerplaatsen worden toegevoegd in de openbare ruimte middels langsparkeren aan de Voirt en Irenestraat. In paragraaf 5.4 Verkeer en parkeren wordt nader ingegaan op de parkeerberekening. 2.2.2 Strijdigheden omgevingsplan In dit geval past het bouwplan niet rechtstreeks binnen het omgevingsplan, doordat het bestaande aantal woningen het maximum toegestane aantal is. Met dit project worden extra woningen toegevoegd. Bovendien beperken de bouwregels uit het omgevingsplan dat de beoogde woningen kunnen worden gebouwd, omdat de nieuwe hoofdgebouwen niet binnen de opgelegde bouwvlakken passen. Het bouwplan is niet vergunningvrij te realiseren en het vastgestelde bestemmingsplan bevat geen afwijkingsbevoegdheden om het plan te kunnen realiseren.
De gemeentelijke verordeningen leveren geen belemmeringen op en het is ook niet nodig om hiervan af te wijken. Om het project te kunnen realiseren is een omgevingsvergunning nodig om af te mogen wijken van de regels uit het tijdelijke deel van het omgevingsplan: de zogenaamde buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa). Voor dit project wordt een opvolgende (gefaseerde) bopa aangevraagd. In de eerste fase wordt daarbij vergunning gevraagd voor het afwijken van het omgevingsplan. De tweede fase bevat de aanvraag om omgevingsvergunning voor de daadwerkelijke realisatie van het project, waaronder de technische bouwactiviteit. Deze bopa gaat gepaard met een toelichting waarin gemotiveerd wordt dat met het voorgenomen project sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voorliggend document bevat die motivering.
21/71
Hoofdstuk 3
Participatie
De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie van belanghebbenden bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit. In dit hoofdstuk wordt daarom aandacht besteed aan dit onderdeel van het besluitvormingsproces.
3.1
Participatie
Voor de sloop- nieuwbouwontwikkeling in de Oranjebuurt is een klankbordgroep (KBG) samengesteld bestaande uit diverse bewoners uit de wijk. Hiertoe heeft Helpt Elkander een uitnodiging verstuurd waarom men kon reageren om zich aan te melden. Er hebben zich vier huurders aangemeld en er zijn vier particulier woningeigenaren geselecteerd om deel te nemen aan de groep. Zij vormen samen de vertegenwoordiging van de wijk. Er zijn door Helpt Elkander een viertal klankbordgroepsessies georganiseerd waar naast de deelnemers van de klankbordgroep, ook stedenbouwkundig architect KAW, projectmanager Laride, en gemeente Nuenen aanwezig waren. Tijdens de eerste sessie (09-11-2022) is in de buurt opgehaald wat er speelt en wat de wensen en behoeften zijn van de bewoners. Hierin is tevens toegelicht hoe Helpt Elkander het proces wil doorlopen, wat de verwachtingen zijn en hoe besluitvorming zal plaatsvinden. Er zijn diverse mogelijke woning typologieën gepresenteerd en de KBG is meegenomen in verschillende kenmerken zoals zichtlijnen etc. Aanvullend op de eerste sessie zijn door bewoners nog foto's uit de wijk gedeeld met elementen die zij kenmerkend vinden voor de wijk. Tijdens de tweede sessie (07-12-2022) zijn door de architect verschillende scenario's voorgelegd aan de KBG, waarbij rekening is gehouden met de feedback uit de eerste sessie.
Plus- en minpunten vanuit de KBG zijn gedeeld en er is een voorkeursscenario bepaald. Tijdens de derde (18-01-2023) en vierde (12-04-2023) sessie is het voorkeursscenario verder uitgewerkt op basis van de feedback uit de eerdere sessies. Het plan is informeel voorgelegd aan het Team Ruimtelijke Kwaliteit van gemeente Nuenen en er zijn varianten voor parkeeroplossingen en groen afgewogen. De vierde en laatste bijeenkomst is afgesloten met een variant wat gedragen wordt door de klankbordgroep, en er is medegedeeld dat dit voor formele beoordeling wordt voorgelegd bij Helpt Elkander en de gemeente. Na behandeling van het principeverzoek door de Gemeente Nuenen heeft op 20 november 2024 Helpt Elkander de omwonenden door middel van een inloopbijeenkomst geïnformeerd over de plannen. Een verslag hiervan is opgenomen als bijlage. De reacties van de aanwezigen waren overwegend zeer positief. Men is blij dat de maat en schaal past binnen de omgeving. Er zijn echter ook kritische vragen gesteld. Enerzijds over praktisch zaken die buiten de scoop van deze aanvraag omgevingsvergunning liggen, zoals het verwijderen van Japanse duizendknoop, vervangen van een erfafscheiding, het feit dat momenteel al hard wordt gereden op de Voirt. Andere zorgen gaan over het parkeren (er wordt aan de gemeentelijke parkeernormering voldaan) en het plaatsen van kliko's in voortuinen.
Ten slotte heeft een klein groepje aanwezigen zich verenigd en uitgesproken tegen het groenplan. Men voelde zich niet gehoord vanuit de klankbordgroep. Voorgesteld is om het groenplan nog eens goed tegen het licht te houden en de resultaten aan de bewoners terug te koppelen.
22/71
Naar aanleiding van de kritische opmerkingen op het groenplan heeft Helpt Elkander het aangepast en hierin zo veel als mogelijk de feedback van de inloopbijeenkomst en opvolgende contactmomenten verwerkt. Zo zijn er op verzoek van de omgeving een kleiner aantal bomen van 1e grootte toegepast in de openbare ruimte, in plaats van een groter aantal bomen van 2e en 3e grootte. Een diversiteit van type bomen is toegevoegd aan het beeldkwaliteitsplan. Er zijn twee extra bomen op private grond aangewezen om te behouden, en er is één boom aangewezen om van private grond te verplaatsen naar openbaar gebied. Haagstructuren zijn verder uitgewerkt en zorgen overal voor een begeleidende groene zone, waardoor kwaliteit (van voortuinen) geborgd blijft. Er zijn langsparkeerplaatsen uit de Voirt verplaatst naar zijstraten om meer groen in de Voirt te voorzien, en het profiel van geparkeerde auto's meer te onderbreken. Haakse parkeerplaatsen en de parkeerkoffer aan worden uitgevoerd als grasbetonstenen. Dit aangepast plan is tijdens een extra bijeenkomst op 16-12-2024 aan de klankbordgroep (en enkele omwonenden) terug gekoppeld. Door omwonenden wordt aangegeven de hoeveelheid groen nog altijd onvoldoende is, en twijfelt aan de haalbaarheid van het groenplan m.b.t. de benodigde groeiruimte.
Daarnaast is er een zorg uitgesproken over hoe dicht de nieuwe bebouwing tegen de erfgrens van achterburen aan de Beatrixstraat komt. Hierover is Helpt Elkander met de betreffende bewoners in overleg, en gaat bekijken welke opties er zijn om dit te verbeteren. Daarnaast worden nog zorgen geuit over woningaantallen en (bestaande en toenemende) parkeerdruk. Helpt Elkander heeft n.a.v. de bijeenkomst op 16-12-2024 de feedback meegenomen en de planning hierop aangepast. Het bouwblok gelegen nabij de Beatrixstraat is opgeschoven en verkleind, waardoor de afstand tot de erfgrens aanzienlijk is toegenomen. Daarnaast wordt een ontwerpopgave opgenomen dat een deel van de achtergevel inkijk moet minimaliseren. Door de verschuiving is tevens ruimte ontstaan om twee fruitbomen op private grond te behouden, en deze worden in de toekomstige situatie onderdeel van het openbaar groen. Er is per aan te planten boom in de openbare ruimte onderzocht hoe ondergrondse groeiruimte kan worden ingericht. Dit is indicatief weergegeven op het inrichtingsplan. Een diversiteit van bomen is toegevoegd aan het beeldkwaliteitsplan. De posities van bergingen en achterpaden is verder uitgewerkt en aangepast, waardoor deze dichter bij de desbetreffende woningen liggen. Erfafscheidingen met (hedera) beplanting zijn toegevoegd aan het inrichtingsplan.
Het aangepast inrichtingsplan wordt later in februari 2025 gedeeld met de omwonenden.
3.2
Advies gemeenteraad
Zoals in paragraaf 1.3.2 reeds is aangegeven dient voor deze ontwikkeling de gemeenteraad om advies te worden gevraagd. Dit zal gebeuren na indienen van de aanvraag om omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Zodra de gemeenteraad advies heeft gegeven, zal op deze plaats in de onderbouwing worden ingegaan op dit advies. PM Advies gemeenteraad verwerken
3.3
Bestuurlijk vooroverleg
Gemeente Nuenen heeft over dit project vooroverleg gepleegd met waterschap De Dommel en Brandweer Brabant-Zuidoost (Veiligheidsregio). Er is geen vooroverleg gevoerd met provincie Noord-Brabant, aangezien advies van GS alleen nodig is als instructieregels van toepassing zijn die voorkomen in de door GS vastgestelde lijst. Daarvan is in dit geval geen sprake.
23/71
Waterschap De Dommel Op 13 mei 2024 heeft waterschap De Dommel schriftelijk gereageerd en positief geadviseerd. Vanwege de toename van verhard oppervlak met meer dan 500 m² is de Waterschapsverordening van toepassing met betrekking tot hydrologisch neutraal ontwikkelen. Waterschap De Dommel verzoekt de gemeente een vergunningsvoorschrift op te nemen voor het realiseren en in stand houden van voldoende waterberging. Hier wordt aan tegemoet gekomen. Daarnaast wordt gevraagd om in te gaan op de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) en wordt gevraagd om bij de verdere uitwerking van de hemelwaterbergingsvoorzieningen (bijvoorbeeld een IT-riool of wadi) rekening te houden met die GHG. Bij realisatie van een wadi mag deze niet onder de GHG liggen en dient er een noodoverloop richting het riool te worden gerealiseerd. Een IT-riool moet eveneens boven de GHG liggen maar moet aan de bovenzijde ook voldoende dekking hebben. Ten slotte adviseert het waterschap om in het geval van platte daken na te denken over toepassing van groene daken. Enerzijds vanwege waterberging, anderzijds vanwege isolatie (tegengaan hittestress en verlagen stookkosten) en een bijdrage aan biodiversiteit. Veiligheidsregio Op 22 mei 2024 heeft de Veiligheidsregio schriftelijk gereageerd en positief geadviseerd.
De Veiligheidsregio laat weten dat externe veiligheid geen rol van betekenis speelt bij deze ontwikkeling. Het project is getoetst aan de Interregionale Adviesleidraad Bluswatervoorziening en Bereikbaarheid 2022. Door de aanwezigheid van de huidige brandkranen is er voldoende bluswater (60 m³/uur bluswater aanwezig binnen 15 minuten) beschikbaar en hoeven er derhalve geen andere maatregelen te worden genomen. Het bestaande wegennet rondom de afzonderlijke deellocaties voldoet aan de daaraan gestelde eisen, waardoor het projectgebied goed bereikbaar is in geval van calamiteiten. Er zijn geen aanpassingen in het wegennetwerk nodig .
24/71
Hoofdstuk 4 4.1
Beleidskader
Rijksbeleid
4.1.1 Nationale omgevingsvisie Met de Nationale omgevingsvisie (NOVI) wordt richting gegeven aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende 30 jaar ingrijpend zullen veranderen. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo kunnen in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes worden gemaakt. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten: a. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie b. Duurzaam economisch groeipotentieel c. Sterke en gezonde steden en regio's d. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: a. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; b.
Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; c. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. Toetsing De NOVI wordt gekenmerkt door een hoog abstractie- en schaalniveau. Eén van de nationale belangen die relevant is voor het voorliggende project is een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming. Met voorliggende motivering, waarin alle relevante beleidsstukken, omgevingsaspecten en belangen van omwonenden en andere betrokkenen worden afgewogen, wordt hier aan voldaan. In het bijzonder wordt in deze motivering onderbouwd dat met deze ontwikkeling sprake is van duurzame verstedelijking, wat eveneens een nationaal belang is. Voor het overige is geen concreet beleid op nationaal niveau geformuleerd dat van belang is voor deze ontwikkeling. De in de NOVI genoemde nationale belangen worden door de voorgenomen ontwikkelingen niet geschaad.
25/71
4.1.2 Besluit kwaliteit leefomgeving Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is één van de vier AMvB’s die invulling geven aan de Omgevingswet. Het Omgevingsbesluit regelt onder meer welk bestuursorgaan bevoegd gezag is om een omgevingsvergunning te verlenen, de betrokkenheid van andere bestuursorganen, adviesorganen en adviseurs bij de besluitvorming, procedures en een aantal op zichzelf staande onderwerpen zoals de milieueffectrapportage. Het Besluit activiteiten leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving geven aan, aan welke regels burgers en bedrijven zich moeten houden bij bepaalde activiteiten. Het Besluit kwaliteit leefomgeving stelt de inhoudelijke normen voor gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk met het oog op het realiseren van de nationale doelstellingen en het voldoen aan internationale verplichtingen. In het Bkl staan dan ook regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en decentrale overheden. In het Bkl staan instructieregels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
De instructieregels gaan over: waarborgen van de veiligheid beschermen van de waterbelangen beschermen van de gezondheid en van het milieu beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed behoud van ruimte voor toekomstige functies behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen. Met behulp van de digitale voorziening 'Regels op de kaart' (Omgevingsloket) is voor het projectgebied bepaald welke gebiedsgerichte instructieregels uit het Bkl voor dit project relevant zijn. Uit raadpleging van 'Regels op de kaart' blijkt dat het projectgebied is gelegen binnen een gebied waar windturbines het radarbeeld kunnen verstoren. Het Bkl stelt binnen dergelijke gebieden regels aan maximale bouwhoogten van windturbines om verstoring van het radarbeeld te voorkomen. Dit project voorziet niet in een windturbine en gelet de bouwhoogten die mogelijk worden gemaakt vormt dit project geen belemmering voor de werking van het nabijgelegen radarstation. Voor zover thematische instructieregels uit het Bkl van belang zijn voor dit project, vindt een afweging van deze instructieregels plaats in Hoofdstuk 5 van deze motivering.
Overige instructieregels uit het Bkl zijn minder relevant voor dit project, omdat deze ofwel het schaalniveau overstijgen ofwel op een voor dit project onbelangrijk thema betrekking hebben.
26/71
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1 Omgevingsvisie In de Omgevingsvisie Noord-Brabant is het provinciaal beleid ten aanzien van de ruimtelijke ontwikkelingen in de provincie Noord-Brabant op hoofdlijnen uiteengezet voor de periode tot 2050. Naast een beeld van het Noord-Brabant van nu is een beeld geschetst van het welvarend, verbonden, klimaatproof en vernieuwend Noord-Brabant van 2050. Hieruit zin vier hoofdopgaven onderscheiden die nauw met elkaar samenhangen: Werken aan de Brabantse energietransitie Werken aan een klimaatproof Brabant Werken aan de slimme netwerkstad Werken aan een concurrerende, duurzame economie Samen met andere partijen zoals gemeenten en bedrijven wil de provincie uitvoering geven aan projecten die passen binnen deze opgaven. Van belang is dat het in de toekomst ook goed wonen, werken en verblijven blijft. Werken aan een goede omgevingskwaliteit zowel in de bebouwde als in de onbebouwde omgeving is het uitgangspunt. Voor sommige van deze ambities zijn regels nodig om ze te kunnen realiseren. Provincie Noord-Brabant heeft daarom een Omgevingsverordening vastgesteld. In de volgende subparagraaf wordt het project getoetst aan de instructieregels uit de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
4.2.2 TAM-Omgevingsverordening De TAM-Omgevingsverordening Noord-Brabant is op 5 december 2023 vastgesteld door Provinciale Staten. In de TAM-Omgevingsverordening staan regels voor: Initiatiefnemers, inwoners en bedrijven. Dit zijn zogenaamde rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om bepaalde activiteiten te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen of een vergunning moet aanvragen voordat je met de activiteit mag beginnen. Bestuursorganen van de overheid. Dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels geeft de provincie een opdracht aan gemeenten over onderwerpen die zij in het omgevingsplan moeten opnemen of aan een waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. In dit geval zijn alleen de instructieregels voor gemeenten relevant. Hierna wordt aan deze instructieregels getoetst. De instructieregels zijn in de meeste gevallen gekoppeld aan een werkingsgebied.
Volgens de verbeelding van de Omgevingsverordening ligt het projectgebied binnen de volgende werkingsgebieden: Stedelijk gebied (kaart 5: Basiskaart stedelijk gebied, Landelijk gebied, Natuur Netwerk Brabant) Beperking grootschalige logistiek (kaart 5: Basiskaart stedelijk gebied, Landelijk gebied, Natuur Netwerk Brabant) Stalderingsgebied (kaart 6: Specifieke ontwikkelingen en maatwerk landelijk gebied) Daarnaast gelden te allen tijde de algemene instructieregels 'Basisprincipes voor een evenwichtige toedeling
27/71
van functies'. Stedelijk gebied Artikel 5.31 (Externe werking Natuur Netwerk Brabant) bepaalt dat een nieuwe ontwikkeling die binnen 'Stedelijk gebied' plaatsvindt en die aantasting van de ecologische waarden en kenmerken in het Natuur Netwerk Brabant geeft, de negatieve effecten waar mogelijk moet beperken en de overblijvende, negatieve effecten moet compenseren. Deze bepaling is niet van toepassing op aantasting door de verspreiding van stoffen in lucht of water. In paragraaf 5.7 is gemotiveerd dat dit project gelet op de ligging ten opzichte van Natuur Netwerk Brabant (650 meter) geen negatieve effecten tot gevolg zal hebben. Compensatie is dan ook niet aan de orde. Artikel 5.55 (Duurzame stedelijke ontwikkeling) bepaalt dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling zoals wonen, werken of voorzieningen in beginsel binnen 'Stedelijk gebied' plaatsvindt en dat daarbij gemotiveerd moet worden dat de ontwikkeling past binnen regionale afspraken en dat sprake is van een duurzame stedelijke ontwikkeling. In paragraaf 5.1 van deze motivering is gemotiveerd dat er in regionaal verband voldoende ruimte is voor de netto-toevoeging van 18 woningen (sloop 22 woningen en bouw 40 nieuwe woningen) en dat met deze ontwikkeling sprake is van een duurzame stedelijke ontwikkeling. Er is immers sprake van: een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving.
Dit blijkt uit de motivering in hoofdstuk 5 van deze motivering; zorgvuldig ruimtegebruik. Binnen een bestaande woonbuurt (bestaande bouwpercelen binnen stedelijk gebied) vindt een kwaliteitsimpuls plaats, doordat 22 huurwoningen worden gesloopt om plaats te maken voor 40 nieuwe woningen; klimaatadaptatie. Hemelwater dat op verhard oppervlak terecht komt wordt afgekoppeld en binnen het projectgebied vastgehouden. Conform gemeentelijk beleid zal 60 mm per vierkante meter worden vastgehouden en infiltreren; toepassing van duurzame energie. Verouderde woningen met een laag energielabel worden gesloopt. De nieuwe woningen zullen voldoen aan de hedendaagse duurzaamheidseisen waardoor het energieverbruik zo gering mogelijk is. een bijdrage aan een duurzame, concurrerende economie. Het project betreft een kleinschalig lokaal woningbouwplan dat concurrerend is met andere kleinschalige woningbouwplannen in de regio. Mogelijkheden voor duurzame mobiliteit zijn gelet op de ligging van het projectgebied (kern in stedelijk concentratiegebied, niet nabij een OV-knooppunt) nauwelijks aanwezig. Wel is op loop-/fietsafstand (750 meter) het centrum van Nuenen gelegen, met sportvoorzieningen, gezondheidscentrum, horeca, detailhandel en supermarkt. Ook is op 450 meter een bushalte aanwezig (HOV Europalaan, ongeveer drie tot zes bussen per uur richting Eindhoven Station).
De overige regels binnen dit werkingsgebied (Toedeling beheer vaarwegen, Veehouderij in stedelijk gebied, Windturbine in stedelijk gebied, Ruimte-voor-Ruimtekavel) zijn niet aan de orde omdat hiervan geen sprake is bij dit project. Beperkingen grootschalige logistiek. Artikel 5.56a (Grootschalige logistiek) stelt beperkingen aan de ontwikkeling van grootschalige logistiek. Deze
28/71
regels zijn niet aan de orde omdat hiervan geen sprake is bij dit project. Stalderingsgebied Binnen het Stalderingsgebied (Artikel 5.66 Aanvullende regels stalderen) gelden regels over de toename van de oppervlakte aan dierenverblijf voor hokdieren op agrarische bedrijven. Dit project heeft geen betrekking op een bestaand of nieuw agrarisch bedrijf. De regels voor stalderingsgebieden zijn in dit geval dan ook niet relevant. Basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies In paragraaf 5.1.2 van de TAM-Omgevingsverordening is bepaald dat bij de evenwichtige toedeling van functies aan locaties invulling moet worden gegeven aan een veilige, gezonde leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit. Daarbij moet rekening worden gehouden met een zorgvuldig ruimtegebruik, de waarden in een gebied met toepassing van de lagenbenadering, en meerwaardecreatie. Van zorgvuldig ruimtegebruik is in dit geval duidelijk sprake. De ontwikkeling maakt gebruik van meerdere bestaande bouwpercelen binnen bestaand stedelijk gebied. Bestaande verouderde woningen worden gesloopt om plaats te maken voor duurzame nieuwe woningen, waarbij verdichting plaatsvindt (netto toevoeging van 18 woningen). Er is dan ook sprake van een inbreidings-/herstructureringslocatie.
Zoals in paragraaf 5.2 van deze motivering te lezen is, is voor de toevoeging van woningen toepassing gegeven aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Bij de lagenbenadering komen de volgende lagen en thema's aan de orde: de ondergrond, zoals het bodem- en watersysteem, aardkundige en archeologische waarden; de netwerklaag, zoals natuurnetwerk, energienetwerk, infrastructuur inclusief waterwegen, en een goede, multi-modale afwikkeling van het personen- en goederenvervoer de bovenste laag, zoals cultuurhistorische- en landschappelijke waarden, de omvang van de functie en de bebouwing, de effecten op bestaande en toekomstige functies, de effecten op lucht, milieu, veiligheid en een gezonde leefomgeving. Al deze aspecten komen terug in deze motivering bij de bopa-omgevingsvergunning. In het kort kan voor al deze aspecten geconcludeerd worden dat het plan voorziet in een duurzame ontwikkeling, waarbij voldoende rekening is gehouden met de verschillende thema’s binnen de lagen (zie Hoofdstuk 5 Gevolgen voor de fysieke leefomgeving). Meerwaardecreatie omvat een evenwichtige benadering van de economische, ecologische en sociale aspecten die in een gebied en bij een ontwikkeling zijn betrokken. Daaronder wordt in ieder geval verstaan de mogelijkheid om opgaven en ontwikkelingen te combineren.
Ook de bijdrage van een ontwikkeling aan andere opgaven en belangen dan die rechtstreeks met de ontwikkeling gemoeid zijn wordt als meerwaarde gezien. Ten slotte kan ook de fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit (Kwaliteitsverbetering landschap) in het buitengebied deel uitmaken van de meerwaardecreatie. In dit geval zit de meerwaarde voor de omgeving erin dat de ontwikkeling voor een kwaliteitsimpuls in de (verouderde) woonbuurt zorgt. Geconcludeerd kan worden dat er geen belemmeringen voor dit plan zijn en dat er sprake is van een goede omgevingskwaliteit.
29/71
Overige instructieregels Overige instructieregels zijn voor dit plan niet relevant. Gelet op het voorgaande past de ontwikkeling binnen de regels van de TAM-Omgevingsverordening Noord-Brabant.
4.3
Regionaal beleid
4.3.1 Regionale woningbouwafspraken In regionaal verband zijn de 'Brabantse Agenda Wonen', de Regionale Woondeal Zuidoost-Brabant (afspraken met Stedelijke Regio Eindhoven) en het 'Afsprakenkader Wonen SGE 2022' van belang voor dit project. Aangezien dit vooral afspraken over woningbouw zijn die van belang zijn in het kader van een duurzame verstedelijking wordt hier nader op ingegaan binnen de paragraaf 5.1 Ladder voor duurzame verstedelijking.
4.3.2 Brainport principes Op 5 maart 2020 is het regionale beleidsdocument 'Concretisering brainport principes' vastgesteld. Voor alle gemeenten die deel uitmaken van het Stedelijk Gebied Eindhoven geldt dat alle nieuwe woningbouwontwikkelingen dienen te worden ontwikkeld aan de hand van 7 Brainport Principes. Inmiddels zijn de brainportprincipes opgenomen als onderdeel van het afsprakenkader wonen SGE 2022. In het kader van de ladder voor duurzame verstedelijking (paragraaf 5.1) wordt ingegaan op de kwantitatieve woningbouwafspraken uit het afsprakenkader wonen SGE 2022. Hieronder wordt ingegaan op de brainport principes. De Brainport Principes zijn: 1. Koesteren van Identiteit; 2. Ruimte voor Innovatie; 3. Invloed voor bewoners; 4. Aantrekkelijke en gevarieerde woonmilieus: de wauw-factor; 5. Vraaggericht ontwikkelen; 6. Benutting regionaal schaalniveau; 7. Gezonde verstedelijking. Bij een inbreidingsplan in een grote kern (waartoe Nuenen behoort) van 75 of meer woningen wordt het plan voorgelegd aan het coördinatieteam. Bij minder dan 75 woningen toetst de gemeente zelf of is voldaan aan de brainportprincipes. In de volgende alinea is een verantwoording van de brainport principes opgenomen. Bij dit project worden 22 grondgebonden woningen gesloopt om plaats te maken voor 40 nieuwe woningen (appartementen en beneden-bovenwoningen).
De nieuwe woningen komen op nagenoeg dezelfde plaats terug als waar de woningen worden gesloopt, waarbij de positionering en bouwhoogte van de nieuwe woningen aansluit bij de omliggende woningen. De nieuwbouw gaat dan ook niet ten kosten van de identiteit van de bestaande buurt. Doordat het om kleinere woningen gaat ten behoeve van één- en tweepersoonshuishoudens ontstaat wel een gevarieerder woonmilieu, dat aansluit bij de huidige woonbehoefte en het lokale schaalniveau.
30/71
De nieuwe woningen zullen voldoen aan hedendaagse duurzaamheidseisen en klimaatadaptatie krijgt ook het (semi-)openbare gebied aandacht, door onder meer hemelwaterberging op eigen terrein en vergroening. Woningstichting Helpt Elkander heeft het plan in overleg met bewoners en omwonenden ontwikkeld. In hoofdstuk 3 is het participatietraject omschreven.
4.4
Gemeentelijk beleid
4.4.1 Omgevingsvisie Op 30 september 2021 is de Omgevingsvisie Nuenen vastgesteld. In de omgevingsvisie staat het toekomstbeeld van de leefomgeving. Dit betreft de ruimte waarin men woont, werkt, elkaar ontmoet en vrije tijd doorbrengt: de dorpen, bedrijventerreinen, het centrum, de sportvelden en het buitengebied met haar natuur, agrarisch landschap en recreatie. De visie beschrijft de kernkwaliteiten van Nuenen, benoemt de opgaven voor de fysieke leefomgeving en hoe deze samenkomen. In de visie wordt op drie thema's gewerkt aan een hoogwaardige woon- en leefomgeving, namelijk: Wonen en ruimtelijke planvorming; Een nog aantrekkelijker centrum; Groene woon- en leefomgeving.
31/71
Omgevingsvisie Nuenen: Visiekaart met blauw omcirkeld de ligging van het projectgebied (centraal op de afbeelding) Volgens de visiekaart van de omgevingsvisie ligt het projectgebied in de woonkern Nuenen, tegen het centrum aan. De meest oostelijke deellocatie (Voirt / hoek Irenestraat) is op de visiekaart centrum Nuenen nog net gelegen binnen de aanduiding 'Centreren Winkelgebied'. De onderwerpen vitale samenleving en gezondheid als verbindende factor zijn niet op de visiekaart uitgedrukt, maar de omgevingsvisie dient hiervoor in beschrijvende zin ter inspiratie en biedt een kader voor verdere uitwerking.
32/71
Omgevingsvisie Nuenen: Visiekaart centrum Nuenen, met blauw omlijnd het projectgebied (linksonder op de afbeelding) Wonen en ruimtelijke planvorming Nuenen is een aantrekkelijke gemeente voor gezinnen en blijft dat. Maar er zijn meer woningen voor andere groepen nodig. De gemeente richt zich op het inclusief bouwen: kleinere, betaalbare woningen. Voor iedereen en met name voor jongeren en ouderen. Deze zijn er te weinig in Nuenen. Voor ouderen wordt gezocht naar levensloopgeschikte woningen in de buurt van voorzieningen. Voor starters en jonge gezinnen moeten er betaalbare huur- en koopwoningen komen. Bij het ontwikkelen van deze woningen wordt ook rekening gehouden met de afstand tot voorzieningen. Het vergroten van het woningaanbod moet hand in hand gaan met het verduurzamen van de woningvoorraad en het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. Hierbij worden de kernkwaliteiten groen, dorps, rustig en gezellig gekoesterd en versterkt. Voor het toevoegen van woningen wordt gemeentebreed bij voorkeur gekozen voor transformatie (bestaande gebouwen en losse bedrijfspercelen binnen de kernen omzetten naar woonlocatie). Na transformatie komt inbreiding (nog open locaties binnen de kernen) en als laatste optie uitbreiding in het buitengebied.
Voor de kern Nuenen geldt daarnaast specifiek dat voor de toevoeging van woningen eerst wordt gekeken naar herstructurering van (losse) bedrijfspercelen, winkelpanden en andere vrijkomende bebouwing en pas daarna naar inbreidingslocaties. Uitbreidingslocaties zijn vooralsnog niet aan de orde. Het toevoegen van woningen kan betekenen dat dichter en hoger moeten worden gebouwd. Randvoorwaarde hierbij is dat het niet ten koste mag gaan van het dorpse karakter. Warmtetransitie
33/71
Gemeente Nuenen c.a. zet in op duurzame nieuwe woningen, maar ook op het verduurzamen en aardgasvrij verwarmen van bestaande woningen. Voor bestaande woningen betekent dit in eerste instantie dat wordt ingezet op bijvoorbeeld isoleren en zonnepanelen. Op termijn wordt in de Transitievisie Warmte uitgewerkt hoe alle (bestaande) wijken van duurzame warmte zullen worden voorzien. Een nog aantrekkelijker centrum Gemeente Nuenen c.a. streeft naar een levendig, aantrekkelijk en compact centrum. Het totale oppervlak aan winkels moet op termijn afnemen en het winkeloppervlak moet worden geclusterd. De Parkstraat vanaf de kruising met Voirt en de Lindenlaan tot aan het park is dé winkelstraat van Nuenen. Dit wordt verder versterkt en de wens voor een compact centrum krijgt hier vorm. Een groene woon- en leefomgeving Groen heeft een brede en belangrijke functie ook voor de gezondheid: het verkoelt, geeft ruimte voor sporten en spelen en inspireert. Daarom wil de gemeente het groen in de kernen behouden en de kwaliteit waar mogelijk verbeteren. Dit wordt gedaan volgens de volgende principes: 1. Kwaliteitsverbetering van groen heeft prioriteit boven kwantitatieve uitbreiding. Realiseren door: a. Toegankelijkheid: het groen wordt zoveel mogelijk ingezet om spelen en bewegen te bevorderen. b.
Biodiversiteit: er worden meer verschillende soorten planten, struiken en bomen gepland (dit gaat ziekten en plagen tegen) en er komen kleurrijke en bloemrijke bermen (vormt leefruimte voor insecten en dergelijke). c. Verbinding: het groen in de kernen wordt nog beter verbonden met het robuuste landschap. 2. Slim ruimtegebruik: de ruimte is beperkt, daarom moet er gekeken worden naar meekoppelkansen, zoals klimaatadaptatie en bevordering van beweging. 3. Het bestaande oppervlak aan groen wordt behouden en op bepaalde plekken kan er gericht groen worden toegevoegd en/of verbeterd. Door de woningbouwopgave kan het zijn dat groen op een plek moet verdwijnen. Dit mag alleen mits dit binnen de gemeente wordt gecompenseerd (bij voorkeur binnen het projectgebied zelf). Het toevoegen van groen kan ook door groene daken en gevels. Dit is dan wel als extra, naast het bestaande groen in de openbare ruimte (en geldt niet als compensatie). Gezondheid als verbindende factor In de Omgevingsvisie Nuenen wordt onderscheid gemaakt tussen gezondheidsbescherming en gezondheidsbevordering. Bij gezondheidsbevordering zet de gemeente in op een fysieke leefomgeving die een gezonde leefstijl bevordert door de fysieke leefomgeving dusdanig in te richten dat deze uitnodigt om te bewegen en te ontmoeten. Gezondheidsbescherming gaat over het borgen van milieukwaliteit en een fysiek veilige leefomgeving.
Gemeente Nuenen c.a. hanteert de volgende speerpunten voor gezondheid: 1. Veiligere leefomgeving: Het gaat hierbij om het terugbrengen van risico’s tot een acceptabel niveau. Voor de fysieke leefomgeving wordt bij ontwikkelingen in een zo vroeg mogelijk stadium rekening gehouden met de veiligheidsrisico’s van branden, rampen en crises. Maar denk ook aan bijvoorbeeld verkeersveiligheid en sociale veiligheid. 2. Luchtkwaliteit: Hiervoor geldt het ‘stand still’ principe; de luchtkwaliteit mag per saldo niet verslechteren. De landelijke wettelijke norm geldt als maximum.
34/71
3. Geluid en trilling: Ook voor geluid en trillingen geldt het ‘stand still’ principe; de geluids- en trillingenhinder mag per saldo niet verslechteren. De landelijke wettelijke norm geldt als maximum. 4. Bodem en grondwater: Bij toekomstige ontwikkelingen en beleidsuitwerking moet het bodem- en watersysteem integraal worden meegewogen als onderdeel van een gezonde leefomgeving, zowel in relatie tot andere beleidsthema’s (zoals verdroging, wateroverlast, eutrofiëring, maar ook aan de gevolgen van het gebruik van de bodem voor aardwarmte) als in relatie tot ketenpartners (waterschappen) en buurgemeenten. 5. Bewegen: De ambitie is dat de fysieke leefomgeving voor alle inwoners zo uitnodigend mogelijk is om in te bewegen. Binnen de kernen heeft de gemeente een taak door bijvoorbeeld het toevoegen van (vrij liggende) fietspaden, een fiets- en wandelvriendelijk centrum, wandelafstanden bij parkeernormen, beweegmogelijkheden binnen het groen en andere (openbare) ruimten, en meer speel- en sportplekken voor jongeren en kinderen. 6. Groen en rust: Groen en rust hebben een positief effect op de gezondheid. Een groene omgeving helpt daarnaast ook de toekomstige risico’s van klimaatverandering op te vangen, zoals hittestress en waterveiligheid. Nieuwe ontwikkelingen in de gemeente Nuenen mogen deze kwaliteiten (net als de andere kwaliteiten) niet onevenredig schaden. 7.
Goede voorzieningen en woningen: Inwoners moeten zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Er moeten voldoende woningen zijn waarbij dat kan, met passende voorzieningen. Daarbij is specifieke aandacht voor ouderen, jongeren (starters) en Sinti. 8. Sociale gezondheid: Zelfredzaamheid en sociale cohesie zijn van belang. De gemeente zet zich samen met verenigingen, ondernemers en maatschappelijke organisaties in om dit zo veel mogelijk te ondersteunen en stimuleren. Vitale samenleving Gemeente Nuenen c.a. gaat voor een vitale samenleving, waar mensen gezond kunnen leven en mee kunnen doen. Dit is een thema waarbij de meeste initiatieven vanuit de samenleving zelf moeten komen. De gemeente gaat gezondheid en elkaar ontmoeten wel stimuleren. Hiervoor maken we de volgende keuzes. De meeste keuzes zijn ook al onder het thema gezondheid naar voren gekomen, daarom worden ze hier beknopt weergegeven: Faciliteren van initiatieven uit de samenleving voor een vitale samenleving waarin iedereen mee kan doen. Behouden, verbeteren en benutten van voorzieningen en accommodaties. Openbare ruimte inzetten voor spelen, bewegen en ontmoeten. Ruimte voor evenementen (met aandacht voor inclusiviteit en de omgeving). Aandacht voor sociale veiligheid. Toetsing Woningstichting Helpt Elkander wil de Oranjebuurt verbeteren en vernieuwen met name door woningen te verduurzamen.
Een deel van het woningbezit wordt verduurzaamd via grondig onderhoud, maar daar waar dat niet mogelijk is vindt sloop en nieuwbouw plaats. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan de warmtetransitie. De nieuwe woningen zijn geschikt voor één- en tweepersoonshuishoudens en zijn vooral gericht op de doelgroepen starters en senioren. De woningen liggen dicht bij het centrum van Nuenen, wat met name voor senioren belangrijk is. Maar ook voor andere doelgroepen kan dit uitnodigen om te voet of op de fiets naar het
35/71
centrum te gaan. Dit draagt bij aan bewegen en ontmoeten, en daarmee aan een vitale samenleving en de gezondheid van de bewoners. De ontwikkeling gaat ook gepaard met het toevoegen van groen aan een vrij groenarme buurt, wat eveneens belangrijk is voor het welzijn van bewoners van de nieuwe woningen maar ook omwonenden in te behouden woningen. Bovendien draagt het vergroenen van de buurt bij aan klimaatadaptatie (mogelijkheden voor infiltreren hemelwater en tegengaan hittestress). Ook levert vergroening een bijdrage aan de biodiversiteit. Door binnen een bestaande woonbuurt te slopen en te verdichten (en te vergroenen) wordt bovendien invulling gegeven aan de voorkeur om woningen toe te voegen middels transformatie en verdichting. De ontwikkeling past voor wat betreft de bouwhoogte binnen het dorpse karakter. In het volgende hoofdstuk van deze motivering wordt verder ingegaan op de gevolgen van de ontwikkeling voor de fysieke leefomgeving. Daarbij wordt voor alle relevante omgevingsaspecten (waaronder verkeersveiligheid, externe veiligheid, luchtkwaliteit, geluid, trillingen, geur, en bodem- en grondwater) afgewogen dat met de voorgenomen ontwikkeling sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan de betreffende locatie. Gelet op het voorgaande wordt bij de voorgenomen ontwikkeling rekening gehouden met alle thema's uit de Omgevingsvisie Nuenen.
De ontwikkeling past dan ook binnen de uitgangspunt van deze visie.
4.4.2 Programma Wonen 2020-2030 In dit programma dat in juli 2020 is vastgesteld, wordt onder andere aangegeven wat de woningvoorraad nodig heeft: Kleiner, betaalbaarder, levensloopgeschikter; Nieuwbouw zorgt voor doorstroming; Kwaliteit boven aantallen, wel versnellen; Nieuwbouw is levensloopgeschikt en energieneutraal. In het Programma Wonen is het volgende toetsingskader voor nieuwe woningbouwplannen opgenomen, op basis waarvan wordt afgewogen of medewerking kan worden verleend. In het linkerdeel van het schema staan enkele voorwaarden waar een woningbouwlocatie aan moet voldoen om überhaupt in aanmerking te kunnen komen voor medewerking door de gemeente. In het rechterdeel staan vervolgens enkele kwalitatieve randvoorwaarden genoemd waar de nieuwbouw aan moet voldoen.
36/71
Toetsingskader nieuwe woningbouwplannen Toetsing De woningbouwlocatie waar de voorgenomen ontwikkeling betrekking op heeft, voldoet aan de voorwaarden van gemeente Nuenen c.a. In paragraaf 4.3 is gemotiveerd dat het project past binnen de regionale afspreken (Brabantse Agenda Wonen en Stedelijk Gebied Eindhoven). Met de ontwikkeling is duidelijk sprake van transformatie / verdichting van een locatie binnen bestaand stedelijk gebied. Hierna volgt een toets aan de kwalitatieve randvoorwaarden: De woningbouwlocatie is gelegen vlakbij het centrum van Nuenen. De woningen zijn onder andere gericht op de doelgroep ouderen en zijn zo ontworpen dat ze levensloopbestendig kunnen worden gemaakt. Het projectgebied ligt in een woonbuurt met laagbouw. De goot- en bouwhoogte van de nieuwe woningen komt overeen met de goot- en bouwhoogten elders in de buurt. De nieuwe woningen worden conform de hedendaagse duurzaamheidseisen opgeleverd. Het volledige programma bestaat uit sociale huurwoningen, beheerd door woningstichting Helpt Elkander. Met het plan wordt ook extra groen toegevoegd ten opzichte van de bestaande situatie. Extra groen komt de leefkwaliteit ten goede, vooral omdat de straten waar het project plaatsvindt vrij groenarm zijn. Onder voorgaande punten is gemotiveerd dat binnen het project voldoende aandacht is voor de Brainport Principes.
Gelet op het voorgaande past het project binnen het Programma Wonen 2020-2030.
37/71
Hoofdstuk 5 5.1
Gevolgen voor de fysieke leefomgeving
Ladder voor duurzame verstedelijking
De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. Artikel 5.129g Bkl regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Artikel 8.0b Bkl bepaalt dat deze instructieregel ook geldt voor een bopa. Bij een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelvoorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is, wordt met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand rekening gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling. Artikel 5.129g Bkl legt hiervoor geen grens vast. Geldende jurisprudentie onder de Wro/Bro is vanaf 12 woningen, een functiewijziging met een oppervlak groter dan 500 m² bvo, meer dan 500 m² bvo bebouwing of een functie die gelet op de ruimtelijke uitstraling een stedelijke ontwikkeling is. Leegstand mag volgens jurisprudentie niet 'onaanvaardbaar' zijn.