Kloostertuin - Concept Masterplan Nuenen
Tekst van het document
Masterplan Kloostertuin Kloostertuin wordt Kloosterpark
studio voor stedenbouwkundig ontwerp
28 maart 2024 versie t.b.v. beeldvormende raadsvergadering 4 april 2024
Masterplan voor de Kloostertuin te Nuenen Kloostertuin wordt Kloosterpark versie t.b.v. beeldvormende vergadering gemeenteraad 4 april 2024
28 maart 2024 Xi-ontwerp & Studio Scale in opdracht van de gemeente Nuenen
Colofon
Dit Masterplan moet in samenhang worden gelezen met alle rapportages die voor de Kloostertuin in kader van het opstellen van het masterplan zijn gemaakt. Deze zijn opgenomen in de bijlage van dit rapport.
In opdracht van: Gemeente Nuenen projectleider: Rick Godtschalk Uitgevoerd door: Jan Maurits van Linge Xi- Ontwerp i: www.xi-ontwerp.nl t: 06 129 65 760 e: janmaurits@xi-ontwerp.nl
&
Marjolein Peters – Studio Scale i: studio-scale.nl t: 06 484 936 31 e: marjolein@studio-scale.nl
studio voor stedenbouwkundig ontwerp
3D visualisaties : Cradle Media Architectonisch advies: Hilberink Bosch Architecten
Ambtelijk begeleidingsteam gemeente Nuenen: Rick Godtschalk Daniel van Schijndel Gerard-Jan Andriessen Jessica de Vrees 28 maart 2024 Reageren kan via Kloostertuin@nuenen.nl
Wev erstr aat
Mgr. Cuytenlaan prive tuinen
gym zaal KLOOSTERTUIN
zustertuin park
trafo Klooster
Klooste
rstraat supermarkt
Smidse
4 | Kloostertuin Nuenen
Inhoudsopgave Colofon 3 1.
6.
Spelregels voor ontwikkeling 31
Inleiding 6
6.1 Programma 31
1.1 Planvorming tot op heden 6
6.2 Bomen 31
1.2 Integrale kwaliteit tussen de thema’s
7
6.3 Openbare ruimte 31
1.3 Verschil referentie-ontwerp en spelrgels
7
6.4 Bestaande elementen 31
1.4 Leeswijzer 7
6.5 Ontwikkelvelden 33
2.
Analyse 9
6.6 Ontsluiting
3.
Samenvatting Nota van Uitgangspunten
10
6.7 Parkeren 34
4.
Visie: Kloostertuin wordt Kloosterpark
11
6.8 Duurzaamheid 35
4.1 Kloostertuin als schakel 12
--- Link met bouwgids --- 36
4.2 Boomgroepen als basis 13
7.
Beeldkwaliteit 39
4.3 Zichtlijnen naar kapel en omgeving
8.
Milieuzones 44
9.
Vervolg 46
13
4.4 serie van open ruimtes 14
5.
34
4.5 bebouwing activeert open ruimtes
14
9.1 Financiële doorrekening 46
Referentie-ontwerp
16
9.2 Ontwikkelstrategie 46
5.1 Inleiding 16
9.3 Vervolg planologische stappen 46
5.2 Bomen als dragers 17
9.4 Advies en aandachtspunten bij vervolgstappen
47
Bijlage samenvatting Nota van Uitgangspunten
48
5.3 Historie 18 5.4 Reeks open ruimtes en zichtlijnen
19
5.5 Bebouwing 20
Bijlagen 51
5.6 Programma 21
Bronnen 53
--- een gebouw van vijf lagen ---
22
5.7 Ontsluiting
24
5.8 Beplanting, parkfuncties, routes, water en nieuwe bomen
25
--- 3D impressie referentie ontwerp ---
28 Kloostertuin Nuenen | 5
1. Inleiding In opdracht van de gemeente Nuenen stelden we dit Masterplan op voor de Kloostertuin in Nuenen. De doelstellingen van het Masterplan zijn: • • • •
de toekomstige stedenbouwkundige structuur vastleggen een afgewogen woningprogramma vaststellen de meerwaarde van de nieuwe functies en bestaande structuur van de Kloostertuin benoemen en vastleggen uitwerking van de toekomstplannen met kwaliteit garanderen met behulp van spelregels en spelregelkaart in de toekomst met een omgevingsplan, bouw- en inrichtingsplannen
Ingrediënten
3. Scenario’s
ideeënmemo uitgangspuntennotitie
vier scenario’s beoordeling kostenraming
4.
Masterplan referentieontwerp & spelregels
ambtelijk 5
2
3
C
C
1
2
3
4
B juli 24
College
4
3
1 C
C
Raad Stappenplan proces masterplan Kloostertuin - dit rapport betreft stap 4, laatste stap.
6 4
advies
TRK
2
juni 24 april 24
1
okt 23 sept 23
klankbordgroep
okt 22
6 | Kloostertuin Nuenen
inventarisatie analyse genius loci
2.
mei 22
1 Rapportage 4 concept scenario’s - juli 2022. Zie ook de bijlage voor alle rapporten uit dit project
Product
Atlas
mrt 22
Na de gemeenteraadsverkiezingen is in juni 2022 een coalitieprogramma opsteld met daarin een aantal kaders voor de Kloostertuin. De scenario’s, die toen reeds opgesteld waren, onderschrijven de hoofduitgangspunten voor ‘deze unieke locatie
Stap
1.
juni 22
Begin 2022 is gestart met de planvorming voor het project de Kloostertuin. In het voorjaar 2022 zijn de eerste verkennende stappen gezet. Er werd een atlas gemaakt met de belangrijkste kenmerken van de locatie. Tegelijkertijd is het traject met de klankbordgroep opgestart. Op basis hiervan zijn de eerste ingrediënten voor de ontwikkeling geformuleerd. Vervolgens zijn rond de zomer van 2022 vier scenario’s voor de Kloostertuin opgesteld, die als doel hadden de bandbreedte van ontwikkelmogelijkheden en de financiële consequenties daarvan in kaart te brengen1.
Stappen voor het Masterplan Tussenstap NvU
1.1 Planvorming Kloostertuin tot op heden
In de Nota van Uitgangspunten zijn per thema de uitgangspunten voor het Masterplan omschreven. Deze Nota van Uitgangspunten is onderbouwd met de uitkomsten uit het planproces tot dan toe (die o.a. resulteerde in vier scenario’s). De nota bevat een inhoudelijk advies gebaseerd op een basisscenario met een neutrale grondexploitatie. Deze is op een beeldvormende avond met de
in het hart van Nuenen’ om te werken aan een ‘duurzame ontwikkeling die kwaliteit toevoegt aan het centrum van Nuenen’ met ‘duurzame bebouwing en hoogwaardige groenstructuur’ (coalitieprogramma 2022). Over enkele zaken was echter onduidelijkheid. Dit was de aanleiding voor het rapport: ‘Tussenstap Kloostertuin t.a.v. het coalitieprogramma’ (januari 2023). Op basis van dit rapport is besloten om een Nota van Uitgangspunten op te stellen voor het Masterplan van de Kloostertuin.
5 C
C
Raad besproken (7 september 2023). Daarbij zijn specifiek zes variabelen aan de orde gekomen. De reacties van de raad zijn in overleg met het college verwerkt in de definitieve Nota van Uitgangspunten die is vastgesteld door de raad (16 november 2023). De nota is kaderstellend voor het voorliggende Masterplan en de te openen grondexploitatie.
1.2 Integrale kwaliteit tussen de thema’s
Nuenen heeft de integrale kwaliteit van de ontwikkeling van de Kloostertuin en de woningbouwambitie hoog in het vaandel staan. Deze ambities laten zich niet vatten in cijfers of in de sturing op één enkel thema. De thema’s hebben sterke onderlinge verbanden die gezamenlijk leiden tot integrale kwaliteit. Zo spreekt het bijvoorbeeld voor zich dat het behoud van een groot aantal bomen consequenties heeft voor het te bebouwen oppervlak en dat het aantal bouwlagen gerelateerd is aan het aantal te realiseren woningen. De integrale kwaliteit zal altijd moeten prevaleren boven sectorale en/of eenzijdige uitgangspunten. In het Masterplan worden alle thema’s geïntegreerd
en wordt een optimum gezocht tussen de verschillende thema’s.
1.3 Verschil referentie-ontwerp en spelregels
Het Masterplan bevat een referentie-ontwerp en spelregels. Het referentie-ontwerp geeft een beeld van de mogelijke invulling van de Kloostertuin. Het is een voorbeelduitwerking die voldoet aan de Nota van Uitgangspunten en input uit het planproces. Dit geeft een ruimtelijk beeld hoe het er in de toekomst uit kan gaan zien. Op basis van de Nota van Uitgangspunten en het referentie-ontwerp zijn spelregels en een spelregelkaart gemaakt. De spelregels vormen het kader voor een selectie van ontwikkeldende partijen en de benodigde RO-procedure. Deze kaart met toelichting legt de belangrijkste kwaliteiten vast en biedt gelijktijdig ruimte voor projectontwikkelaars om een creatief plan te maken.
1.4 Leeswijzer
In het 2e hoofdstuk wordt kort de analyse van de Kloostertuin aangestipt waarbij verwezen wordt naar eerdere rapportages. Het 3e hoofdstuk vat de Nota van Uitgangspunten samen. Beide hoofdstukken zijn een belangrijk startpunt voor de planvorming voor het Masterplan. In het 4e hoofdstuk wordt de visie op de Kloostertuin in vijf stappen toegelicht. Vervolgens wordt in hoofdstuk 5 het referentieontwerp gepresenteerd in een reeks van lagen die gevisualiseerd zijn in themakaarten. In dit
Kloostertuin zomer 2022 Kloostertuin Nuenen | 7
hoofdstuk wordt in een intermezzo specifiek aandacht besteedt aan de onderbouwing van de vijfde bouwlaag. Ook worden de 3D impressies van het referentieontwerp getoond, die elders in het rapport paginavullend zijn afgebeeld. Hoofdstuk 6 worden de spelregels voor ontwikkeling omschreven en gevisualiseerd in de spelregelkaart. Aansluitend wordt in hoofdstuk 7 specifiek in gegaan op beeldkwaliteit en in hoofdstuk 8 op de milieuzones. Tot slot wordt in het laatste hoofdstuk 9 vooruitgeblikt op de (planologische) stappen die doorlopen moeten worden om te komen tot uitvoering. Hier is ook specifiek aandacht voor de uitvoeringsstrategie, waarvoor adviesbureau Rebel een aanvullend rapport uitbrengt, en de financiële doorrekening. In de laatste paragraaf geven wij, de opstellers van het Masterplan, u een advies en aandachtspunten mee voor een succesvolle uitvoering. Aan het eind van het rapport zijn de bijlagen te vinden die ondere andere verwijzen naar rapportages die eerder in het planproces zijn opgeleverd.
Kloostertuin zomer 2022 8 | Kloostertuin Nuenen
N.B. Wijzigingen ten opzichte van het concept Masterplan dat is besproken met • de klankbordgroep op 7 maart • de SRK voorheen TRK 5 maart • de Ambtelijke experts op 5 maart • het College op 25 maart zijn gemarkeerd met deze blauwe kleur.
2. Analyse Het plangebied van de Kloostertuin en haar omgeving is uitgebreid geanalyseerd in de eerste stappen van de planvorming. Dat heeft geresulteerd in ‘de Atlas van de Kloostertuin’ (Studio Scale en Xiontwerp 2022) met een analyse van de historie van het Klooster en de Kloostertuin, typologie van de Kloostertuin, de Genius loci en de kenmerken van de locatie: ontsluiting en parkeren - groenstructuur - functies - kenmerken gebouwen - techniek schaalvergelijking. Tot slot een analyse van beleid en de in 2022 reeds doorlopen participatie.
voetbalveldje 4
2c 7 7
open ruimte
parkzone Bernhardstraat
private tuinen
2b 3
6 PTT?
IVN tuin
muur schoolplein 2a
parkeerplaats als gat in Kloostertuin
Deze analyse wordt niet in dit Masterplan herhaald en is beschikbaar als een van de bijlagen. Ter illustratie zijn hier enkele kaarten uit de Atlas opgenomen.
Park
1
5
voormalige schooltuin (ommuurd)
voormalig schoolplein
Groenstructuur
Genius loci kaart
gymzaal, functie verplaatst evt op termijn naar Hongerman
rijwoningen en tweekappers
trafo huisje
vrijstaande woningen
vrijstaande woningen
kleinschalige winkels en kantoren
kantoorpanden
Winkels
Clemenskerk
uit historische reeks: 1956 - 1970 - footprint bebouwing binnen plangebied: ca 3.000 m2
Kenmerken bebouwing | Bouwjaar
cluster Jumbo/ HEMA (toekomstplannen?)
plint met kantoor en winkels
Kenmerken bebouwing | Functies Kloostertuin Nuenen | 9
3. Samenvatting Nota van Uitgangspunten Vastgestelde NvU is vertrekpunt
Nieuwe bewoners wonen straks in een park, de Kloostertuin, dat kwaliteit heeft voor het hele dorp en nauw verbonden is met het Klooster. De uitgangspunten bieden een goede basis voor een integrale woonkwaliteit in de Kloostertuin en leiden tot een neutraal financieel saldo.
De NvU bestaat uit een reeks van uitgangspunten voor kwaliteit, programma, techniek en milieu. Belangrijkste uitgangspunten daarin zijn: • dorpse structuur • 100 tot maximaal 115 woningen • bouwen in 3 tot 5 lagen • groene parel en ontmoetingsplek • een parkeernorm met maatwerk • parkeren vrijwel geheel onder maaiveld • autovrij • aansluiten bij de woondeal en 30% sociale woningbouw • duurzaam en vrijwel energieneutraal
De complete samenvatting van de Nota van Uitgangspunten is te lezen in de bijlage bij dit rapport. De volledige rapportage is als separate bijlage bij de gemeente verkrijgbaar.
De Nota van Uitgangspunten is op 16 november 2023 vastgeld door de Gemeenteraad van Nuenen. Hierin staat hoe met de thema’s die relevant zijn voor de ontwikkeling van de Kloostertuin omgegaan moet worden in het Masterplan.
Zo wordt prioriteit gegeven aan de bestaande groenstructuur en de historie van de Kloostertuin.
Kloostertuin zomer 2022 10 | Kloostertuin Nuenen
4. Visie: Kloostertuin wordt Kloosterpark De gemeenteraad wil:“op deze unieke locatie in het hart van Nuenen een duurzame ontwikkeling die kwaliteit toevoegt aan het centrum en voorziet in meerdere functies waaronder wonen en groen” (gemeente Nuenen 2022). Dit vormt de basis voor het opstellen van de visie voor de Kloostertuin, die we in dit hoofdstuk presenteren en nader toelichten in de volgende hoofdstukken.
Ambitie: Kloostertuin wordt Kloosterpark
De ambities voor de toekomst van de Kloostertuin zijn: • Verbinden van de Kloostertuin met de omgeving: het Klooster, het Park en de omliggende wijken. • Koesteren van dit unieke groene historische gebied • Creëren van een ontmoetingsplek voor alle bewoners • Realiseren van woningen in een park waarbij de nieuwe bebouwing te gast is in het park Zo wordt de Kloostertuin in de toekomst een Kloosterpark voor alle inwoners van Nuenen.
Vijf pijlers voor het Kloosterpark
Bovenstaande ambities zijn doorvertaald naar een visie op hoofdlijnen. De basis voor de visie bestaat uit de volgende vijf principes: 1. 2. 3. 4. 5.
Kloostertuin als schakel Boomgroepen als basis Zichtlijnen naar kapel en omgeving Serie van open ruimtes Bebouwing activeert open ruimtes
Op de volgende pagina’s worden deze vijf principes toegelicht.
Bebouwing te gast: nieuwbouw achter bestaande laanbeplanting: referentie Kloostertuin Brakkenstein Nijmegen Kloostertuin Nuenen | 11
4.1 Kloostertuin als schakel Het Kloosterpark staat niet op zichzelf maar vormt een belangrijke locatie in het historische centrum van Nuenen. Met de ontwikkeling van de Kloostertuin wordt het gebied aantrekkelijker gemaakt en geactiveerd. Het Kloosterpark wordt verbonden met plekken en ontwikkelingen in de directe omgeving. Het Kloosterpark staat straks - via de tuinen rond ‘t Klooster - in een directe verbinding met het Park. Hierdoor wordt de groene parel als het ware uitgebreid. Het Kloosterpark vormt ook een ecologische schakel naar het buitengebied (o.a het Nuenens Broek). Er wordt een goede aansluiting met De Smidse, onderdeel van het centrumplan, gemaakt, die voorsorteert op een hoogwaardige ontwikkeling waarbij de achterkant-situatie aan de Kloosterstraat wordt verbeterd.
Vlekkenplan+ Vlekkenplan+ Centrum Nuenen 2023
10 februari 2023, definitief
Bijlage: Kaart
Terras, podium
Zustertuin
natuurspeeltuin Kapel in Kloostertuin
Lees- en kunsttuin Voorzijde/hoofdentree
Vlekkenplan centrum Nuenen (gemeente Nuenen) 12 | Kloostertuin Nuenen
Schetsontwerp Buitenruimte Klooster Nuenen (Xi-ontwerp en Studio Scale maart 2024)
4.2 Boomgroepen als basis De bomen zijn om diverse redenen van onschatbare waarde (o.a. koelte, biodiversiteit, vastgoedwaarde, klimaatadaptatie, gezondheid en welzijn). Ze vormen de basiskwaliteit van het Kloosterpark. De boomgroepen en de laanbomen vormen daarom de basis voor het Masterplan.
4.3 Zichtlijnen naar kapel en omgeving Binnen de huidige Kloostertuin zijn enkele zichtlijnen in potentie aanwezig die belangrijk zijn voor het overzicht in het park. Alle zichtlijnen komen bij elkaar op een centrale plek in het park, ter hoogte van het Zuster Célinepad. Hier komt een centrale ontmoetingsplek. De belangrijkste zichtlijnen zijn degene tussen de kapel en het centrale ontmoetingspunt en tussen het centrale ontmoetingspunt en de noordwestzijde van het park. Overige zichtlijnen verbinden het park met de omgeving en ook met de zustertuin naast het klooster.
Impressie kapel uit Schetsontwerp Buitenruimte Klooster Nuenen Kloostertuin Nuenen | 13
4.4 Serie van open ruimtes De boomgroepen definiëren een serie van open ruimtes. De kapel van het Klooster komt prominent aan een van deze ruimtes te staan. De centrale onmoetingsruimte ligt als een schakel midden in het park. Andere ruimtes krijgen een functie als natuurspeeltuin of sportplek.
4.5 Bebouwing activeert open ruimtes De woongebouwen zijn te gast in het Kloosterpark en stellen zich ondergeschikt op in beeld en locatie aan de open ruimtes en zichtlijnen. De vijf woongebouwen hebben een adres in het park en zorgen voor sociale veiligheid en activeren de open ruimtes met aanleiding voor ontmoeting.
14 | Kloostertuin Nuenen
3D impressie referentieontwerp met bouwmassa’s - nadrukkelijk nog geen architectuur - Zicht richting Klooster vanaf ontmoetingstuin Kloostertuin Nuenen | 15
5. Referentie-ontwerp 5.1 Inleiding
In dit hoofdstuk presenteren we het referentieontwerp voor de Kloostertuin, een illustratie van hoe het Kloosterpark er in de toekomst uit kan zien. Met de input uit de Nota van Uitgangspunten, van de klankbordgroep, van het team ruimtelijke kwaliteit van Nuenen en van de ambtelijke experts is een ontwerpend onderzoek uitgevoerd om te komen tot één integraal eindbeeld voor het Kloosterpark in de toekomst. In het ontwerpend onderzoek zijn uiteraard keuzes gemaakt en onderbouwd. We presenteren het referentie-ontwerp in een reeks van kaarten. Iedere kaart belicht één thema. Samen vertellen alle kaarten het verhaal en vormen ze het eindbeeld dat hiernaast is afgebeeld. Dit referentiebeeld is vervolgens in hoofdstuk 6 geabstraheerd naar de spelregelkaart. Deze vormt het kader voor een selectie van ontwikkelende partijen en de benodigde RO-procedure. Het referentie-ontwerp vormt derhalve ‘slechts’ de illustratie hoe het Kloosterpark eruit kan gaan zien en zal niet letterlijk worden uitgevoerd. Het geeft wel een zeer goede indicatie van wat er mogelijk is binnen de spelregels van het Masterplan.
16 | Kloostertuin Nuenen
5.2 Bomen als dragers
De bestaande bomen vormen om velen redenen waardevolle basis voor het Kloosterpark (o.a.koelte, biodiversiteit, vastgoedwaarde, klimaatadaptatie, gezondheid en welzijn). Waar er in de meeste plannen pas op langere termijn een robuuste groene kwaliteit ontstaat, is deze in het Kloosterpark reeds aanwezig. Op basis van het bomenonderzoek door van Helvoirt (2021) zijn de bomen met toekomstwaarde (levensverwachting meer dan 10 jaar) als uitgangspunt genomen. Daarbij is een onderverdeling gemaakt in grootte, immers grote bomen zijn waardevoller dan kleine jonge bomen. Speciale aandacht gaat ook uit naar de laanbeplanting langs omliggende straten. Deze is langs de Kloosterstraat extra waardevol. Uitgangspunt is al deze bomen te handhaven en bebouwing buiten de kroonprojectie te plannen. Niet levensvatbare bomen (met kapadvies) staan vaak binnen boomgroepen. Deze ruimte wordt gebruikt voor aanplant van nieuwe bomen en verjonging van de boomgroep waarmee deze toekomstbestendig wordt. Andere bomen met kapadvies zijn exoten of niet levensvatbare bomen. Op twee plekken staan eiken met toekomstwaarde in de weg voor een bouwvlak. Deze eiken worden in het Kloosterpark herplant (wat tijdige voorbereiding vergt en gezien beperkt transport goed betaalbaar is). In de boomgroepen nabij het Klooster wordt gedund om zichtlijnen tussen het Klooster, zustertuin te realiseren.
Alle bomen die gekapt worden, worden in het Kloosterpark gecompenseerd met nieuwe aanplant. De herplant van bomen is benoemd op kaart op bladzijde 24.
Kloostertuin Nuenen | 17
5.3 Historie
De Kloostertuin kent een rijke historie. In de scenariostudie is onderzocht of het bouwen op historische locaties en/of in een historische structuur, zoals langs de straten, een gebied met kwaliteit opleverde. De conclusie was dat een dergelijke ruimtelijke opzet ten koste gaat van de openbare parkkwaliteit èn dat de nieuwe bebouwing dan relatief dicht bij de bestaande bebouwing komt. Daarom is ervoor gekozen geen letterlijk reconstructie van de Koostertuin te maken. We grijpen wel terug op de historische kwaliteit door de duidelijke begrenzing van de historische Kloostertuin te herstellen. Het gaat hier om het restaureren en aanvullen van de school/ kloostermuur. Een beukenhaag completeert de begrenzing rondom. In de muren en hagen worden de entrees duidelijk gemarkeerd. Deze bevinden zich vrijwel allemaal ter plaatse van de oorspronkelijke entrees. Door het opschonen van de bossages en het open houden van zichtlijnen komt de Kapel van het Klooster prominent aan het Kloosterpark te staan. Ook het trafogebouw is nog in functie en heeft een historische waarde; daarom is ook deze ingepast in het plan. De historische boomgroepen uit het onderzoek van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (april 2022) zijn opgenomen in de vorige laag. Vanuit historisch oogpunt is het behoud van de tuin/park functie van groot belang.
Een van de redenen dat nieuwe bebouwing ondergeschikt moet zijn aan het parkkarakter. Het park van de Kloostertuin wordt, net als in het verleden, een ontmoetingsplek voor alle inwoners van Nuenen. Deze ‘niet zichtbare historie’ is een belangrijke laag in het plan die in de uitwerking nader vorm moet krijgen. 18 | Kloostertuin Nuenen
5.4 Reeks open ruimtes en zichtlijnen
De verschillende lange zichtlijnen verbinden de meest belangrijke plekken van het Kloosterpark: de kapel, de centrale ontmoetingsplek en de noordwesthoek. De zichtlijnen doorkruisen de drie grote belangrijke open ruimtes. Daarnaast is er een serie kleinere open ruimtes met secundiare zichtlijnen. In het ontwerp wordt ook ingespeeld op enkele zichtlijnen vanuit de omgeving.
zustertuin
Een loofgang vormt straks de transparante overgang naar zustertuin Kloostertuin Nuenen | 19
5.5 Bebouwing
De woongebouwen zijn zo in het park geplaatst dat ze buiten de zichtlijnen en de boomgroepen staan. Het parkachtige karakter domineert het gebied; de gebouwen zijn ondergeschikt aan het groene beeld. De gebouwen zorgen voor een activering van de parkruimtes met entrees, balkons en duidelijk begrensde buitenruimtes (zie ook hoofdstuk beeldkwaliteit). Hierdoor ontstaan er “ogen op het pad” wat de sociale veiligheid ten goede komt.
4
Gebouwen zijn vrij in het park geplaatst als autonome vormen met ieder een eigen richting. De gebouwen staan niet direct aan de omliggende straten maar nemen daar nadrukkelijk afstand van. Conform de NvU hebben de gebouwen die het dichtst bij de bestaande straatbebouwing liggen een hoogte van drie lagen. Andere gebouwen hebben vier lagen. Eén gebouw dat midden in het park staat heeft vijf lagen. Bomen rondom dit gebouw, met minimaal eenzelfde hoogte als het gebouw, onttrekken dit voor omwonenden vrijwel geheel aan het zicht. Op een zijde wordt de beplanting, waar deze nu ontbreekt, aangevuld om het zicht te beperken (nieuwe beplanting staat op themakaarten op pagina 24). Op bladzijde 21 wordt specifiek stilgestaan bij de vijfde bouwlaag. In alle gebouwen ligt de bovenste laag grotendeels iets terug ten opzichte van de ander lagen of is deze onderdeel van een kapverdieping waardoor deze vanaf het maaiveld minder zichtbaar is. De gebouwen in het referentie-ontwerp zijn direct afgeleid van het rekenmodel van het programma (5.6) en betreffen slechts een studieplattegrond. De spelregelkaart biedt ruime mogelijkheden voor de architect om specifieker in te spelen op de bijzondere locatie met volwassen bomen. 20 | Kloostertuin Nuenen
4
3 4
3
3
4 5
5.6 Programma
Conform de Nota van Uitgangspunten is gezocht naar ruimte voor maximaal 115 levensloopbestendige woningen in het Kloosterpark in de vorm van appartementen zonder tuin in de hoogte van 3 tot 4 en eenmalig 5 bouwlagen. Alle gebouwen zijn voorzien van een centrale entree en een interne ontsluiting. Gebouwen in het refentie-ontwerp hebben geen specifieke zorgvoorzieningen. Door de footprint van de gebouwen te beperken blijft er voldoende ruimte over voor de bestaande bomen en blijft het parkkarakter te behouden. Uit het ontwerpend onderzoek volgt dan dat er vijf woongebouwen nodig zijn. Deze zijn in voorbeeldplattegronden uitgewerkt om een realistische impressie te kunnen maken voor dit referentie-ontwerp. Voor dit referentie-ontwerp is een indicatief programma (telplan/rekenmodel) opgesteld op basis van de NvU. Dit programma is als volgt opgebouwd: Type
Woonoppervlakte
Aantal
Sociale huur
45m2
20
Sociale huur
55m2
18
Middeldure huur
60 m2
8
Middeldure huur
65 m2
8
Betaalbare koop
65 m2
13
Betaalbare koop
70 m2
10
Vrije sector
95 m2
Totaal
Telplan van voorbeeldplattegronden binnen vijf appartementenblokjes conform uitgangspunten NVU. Dit is nadrukkelijk nog geen architectonische uitwerking (Hilberink Bosch Architecten).
38 115
Er zijn ook andere manieren mogelijk om de woningtypen te verdelen en te mixen over de gebouwen binnen de regels van het masterplan. Dit is door de opstellers aangetoond en wordt verder aan de markt overgelaten. Kloostertuin Nuenen | 21
Eén gebouw van vijf lagen In de NvU staat dat er binnen het Kloosterpark ruimte is voor maximaal één gebouw van vijf bouwlagen in het midden van de Kloostertuin mits dat kwalitatief verantwoord kan worden in het masterplan met een 3D studie, stedenbouwkundige onderbouwing en programma. Stedenbouwkundige onderbouwing In het ontwerpend onderzoek is zorgvuldig gekeken naar de juiste positionering van het hogere gebouw. De ligging hiervan is bepaald op basis van afstand tot bestaande woningen, hoogte van de omliggende bomen en zichtlijnen van en naar het gebouw. De minimale afstand van het bouwvlak tot aan de achtergevel van de woningen aan de Mgr. Cuytenlaan bedraagt 25 meter. De minimale afstand van het bouwvlak tot aan de perceelsgrens van de woningen aan de Mgr. Cuytenlaan bedraagt minimaal 10 meter. In de zone tussen de erfgrens en het bouwvlak bevinden zich hoge bomen. Op de hoogtekaart hiernaast is te zien wat de hoogte van de bomen is in relatie tot de gebouwen: • maaiveld op ca 16,60 +NAP • boomkruinen tot 33 m + NAP • Klooster 28 tot 31 m + NAP (kapel 26 + NAP) De kruinen van de hoge bomen komen tot ruim 15 meter boven het maaiveld uit. De ooghoogte op de hoogste verdieping van het hoogste gebouw zal ongeveer 13,50 zijn, dus vanuit de nieuwbouw zal er slechts beperkt zicht zijn op de tuinen van de bestaande woningen en vice versa (zie doorsnede).
22 | Kloostertuin Nuenen
bron: Algemene Hoogtekaart Nederland (AHN)
In alle gevallen ligt de vijfde bouwlaag iets terug ten opzichte van de gevel of is deze onderdeel van een kapverdieping. Bij de uitwerking van het ontwerp in een volgende fase dient er nadrukkelijk rekening te worden gehouden met de positie van de ramen en de buitenruimtes aan de zijde van de bestaande bebouwing, zodat de privacy gewaarborgd kan blijven.
Uitwerking positie balkons om privacy te waarborgen
Voor deze erfgrens worden bomen aangeplant
Programma In het ontwerpend onderzoek wordt geconstateerd dat bij de verdeling van het programma van 115 woningen over vijf gebouwen een gebouw van vijf lagen noodzakelijk is in combinatie met gebouwen aan de randen van het plan in drie lagen. Bovendien wordt op deze wijze het bebouwd oppervlak van het Kloosterpark beperkt ten bate van groen. Met een gebouw van vijf lagen kan worden voorzien in woningen voor jong en oud en het Kloosterpark. Compact bouwen in grotere hoogte is duurzamer en beter worden aangesloten op duurzame energiebronnen. Hogere gebouwen dragen bovendien substantieel bij aan de financiering van de ondergrondse parkeergarage.
3D beeld vanuit de tuin van Mgr Cuytenlaan nr 9. Het beeld laat zien dat de woningen vrijwel geheel door de beplanting aan het zicht onttrokken worden. Elders in dit rapport zijn 3D beelden vanuit de Kloostertuin op het gebouw in vijf lagen opgenomen.
Doorsnede laat de hoogte van bestaande gebouwen zien ten opzichte van een gebouw van vijf lagen. Ook de zichtlijnen zijn in de doorsnede aangegeven. Kloostertuin Nuenen | 23
5.7 Ontsluiting
Het Kloosterpark is autovrij. Woningen zijn te voet en per fiets bereikbaar. De bewoners kiezen bewust voor een groene en rustige woonkwaliteit waarbij de auto staat op enige afstand van/onder de woning staat. Woningen moeten vanzelfsprekend wel voor nooddiensten en verhuiswagens bereikbaar zijn. Daarvoor wordt er een centrale route van 3,5 meter breed door het park aangelegd. Dit pad is doorgaans afgesloten (met een verzinkbare paal) en alleen bij uitzondering, toegankelijk voor autoverkeer. Voor pakketdiensten wordt een centraal afleverpunt gerealiseerd met een duidelijk adressering voor alle woningen.
Parkeren
Voor bewoners wordt een centrale parkeergarage aangelegd geheel verdiept onder maaiveld. Deze wordt ontsloten vanaf de Kloosterstraat. In het referentie-ontwerp voorziet de garage in 87 parkeerplaatsen. Het grid van de parkeergarage past daarbij op de gebouwen in dit referentieontwerp. Daarnaast is in het referentie-ontwerp op drie extra plekken ruimte gereserveerd voor parkeren op maaiveld, alleen te realiseren indien de parkeerbehoefte niet in de ondergrondse garage past. Bij aanleg worden parkeervakken afgeschermd met hagen. Specifiek bij de Weverstraat zijn extra bomen aangeplant om zicht op de eventueel geparkeerde autos te minimaliseren. Conform de NvU en onderbouwd met parkeeronderzoek kan bezoekersparkeren in de omliggende straten plaatsvinden.
24 | Kloostertuin Nuenen
voorbeelduitwerking parkeergarage 87 plaatsen
5.8 Beplanting, parkfuncties, routes, water en nieuwe bomen Parkroutes
De centrale brede parkroute vormt voor langzaam verkeer (fietsers en wandelaars) de belangrijkste route door het park. Deze hoofdroute sluit ook nadrukkelijk aan op de nieuwe entree van het Klooster aan de Kloostertuinzijde. Een reeks van smallere wandelpaden ontsluit het hele Kloosterpark. Daarbij wordt aangesloten bij de landschapsstijl van ‘Het Park’, aan de andere zijde van de Klooster, met ontspannen vloeiende paden. Het Zuster Celinepad blijft grotendeels behouden, alleen de aansluiting op de Mgr. Cuytenlaan wijzigt enigszins. De wandelpaden worden zo aangelegd dat water kan infiltreren in de bodem en kolken niet nodig zijn.
Bomen, beplanting en biodiversiteit
Op diverse plekken worden bestaande boomgroepen voorzien van een natuurlijke onderbegroeiing (struik- en kruidlaag) met overgang naar kruidenrijkgras. Deze boomgroepen ontwikkelen een bijzondere waarde als ‘tiny forest1’ met hoge biodiversiteit in combinatie met open ruimtes. Andere boomgroepen staan in natuurlijk bloemen kruidenrijk gras waarbij zichtlijnen onder de boomkruinen doorlopen. Dit bloem- kruidenrijk gras worden afgewisseld met plekken waar meer robuust speelgras wordt ingezaaid. Dit krijgt ook een intensiever onderhoud. 1 Tiny Forest Een Tiny Forest® is een dichtbegroeid, inheems bos ter grootte van een tennisbaan. Dit bos is niet alleen een prettige plek voor vlinders, vogels, bijen en kleine zoogdieren, maar ook voor mensen. Kinderen leren in het buitenlokaal over de Nederlandse natuur en buurtbewoners ontmoeten elkaar op een prettige en gezonde plek. Een Tiny Forest is minimaal 200m2 groot (10 x 20 m) (bron IVN) Kloostertuin Nuenen | 25
De laanbomen aan de Kloosterstraat, Mgr. Cuytenlaan en Weverstraat worden gekoesterd waarmee de vleermuisvliegroute aan de Kloosterstraat wordt behouden. Voor zowel vleermuizen als vogels kunnen nestkasten worden opgehangen. In de uitwerking van de plannen wordt een ecoloog betrokken om de ambitie ten aanzien van biodiversiteit nader uit te werken.
Ook zorgen ze extra schaduw. Te kappen bomen staan op bladzijde 15. Nieuwe aan of te herplanten bomen op bladzijde 23.
Parkfuncties
Er zijn twee bouwvlakken die samenvallen met vijf vrijstaande eiken. Deze eiken hebben toekomstwaarde en worden daarom herplant binnen het Kloosterpark. Daarnaast worden er specifiek 33 bomen gekapt die volgens bomen onderzoek (Helvoirt 2021) niet behoudenswaardig zijn (deels naaldbomen en exoten) ten bate van bouwvlakken en zichtlijnen. Al deze bomen worden binnen het Kloosterpark gecompenseerd met gebiedseigen bomen, bijvoorbeeld door randen van boomgroepen aan te vullen of door een nieuwe boomgroep op de erfgrens aan de oostzijde te creëren. Ook worden enkele bomen vrijstaand in de parkruimtes geplant’ Zij zorgen voor coulissewerking zodat het zicht op een gebouw door de boomkruin gefilterd wordt.
In het Kloosterpark hebben sommige parkruimtes een specifieke functie maar zijn andere niet gedefinieerd, daar zijn meerdere vormen van gebruik mogelijk. Centraal in het Kloosterpark ligt de ontmoetingstuin voor bewoners van het Kloosterpark en alle inwoners van Nuenen. Er is daar bijvoorbeeld ruimte voor speelobjecten, een moestuin met een kas en fruitbomen, een ontmoetingsbank met een buitenkeuken, kunst met een verwijzing naar het kloosterleven (meditatie labyrinth) en/of een bloemen(pluk)tuin. In het noorden van het Kloosterpark is een plek voor sport gereserveerd. Deze sportplek kan worden ingevuld met met fitness/calisthenics toestellen voor alle leeftijden en/of een multisportveld in een organische vorm (waar binnen hekken diverse sporten kunnen worden beoefend). In het verlengde van het terras aan de achterzijde van het Klooster wordt een natuurspeeltuin ingericht zoals ook is getekend
Vloeiende paden uit de landschapsstijl van het Park
Enkele boomgroepen ontwikkelen tot een ecologisch Tiny Forest
Bomenbalans
26 | Kloostertuin Nuenen
Ontmoetingstuin voor zowel bewoners als omwonenden
Gemaaid gras afwisselen met bloem- en kruidenrijkgras
Natuurlijke spelen in het Kloosterpark
in het ‘schetsontwerp buitenruimte Klooster Nuenen’ (Studio Scale en Xi-ontwerp 2024). In dit schetsontwerp zijn de ruimtes rondom het Klooster uitgewerkt en met elkaar verbonden. Het referentie-ontwerp voor het Kloosterpark sluit hier op aan. Zo wordt er ook aangesloten op de zustertuin naast het Klooster waar een loofgang de transparante overgang naar het Kloosterpark vormt.
Water en duurzaamheid
Bomen en de beplanting worden duurzaam ontwikkeld met specifieke aandacht voor toekomstwaarde. Zo krijgt het Kloosterpark een belangrijke functie in het bestrijden van hittestress en behoud van biodiversiteit. Op de laagste delen in het Kloosterpark worden wadi’s en rabatten aangelegd t.b.v. waterberging bij piekbuiten en infiltratie van water. Hiermee draagt het Kloosterpark bij aan een klimaatbestendig Nuenen. In het Kloosterpark wordt duurzaam, natuurinclusief en energieneutraal gebouwd. Voor de uitwerking hiervan wordt verwezen naar de spelregels (6.8).
Parkdelen zonder gedefineerde functie bieden rust en ruimte
Overgangen privaat openbaar
Het parklandschap omzoomt de gebouwen en loopt door tot aan de gevels. Overgangen van private buitenruimte van woningen naar het openbare park moeten zorgvuldig worden gedetailleerd. Elke private buitenruimte (terras en loggia) heeft een gebouwde afscheiding als onderdeel van het gebouw. Door bloeiende struiken aansluitend op de private buitenruimte te planten wordt afstand gecreerd met de openbare paden en velden (zie ook beeldkwaliteit blz 40).
Natuurlijke spelen combineren met een wadi
Referentie voor een centrale route door het Kloosterpark
Terras aan het Klooster vormt de overgang naar het Kloosterpark
Ruimte voor sport bijvoorbeeld calisthenics
Verwijzing naar het kloosterleven met beeldende kunst Kloostertuin Nuenen | 27
3D impressie referentie-ontwerp NB: de ze impressie geeft een beeld van hoe het Kloosterpark er op termijn uit zou kunnen zien. Het geeft met name de bouwmassa’s en de uitstraling van het park weer en is nadrukkelijk nog geen architectuur.
1. Zicht vanuit tuin van Mgr Cuytenlaan 9
2. Zicht vanuit Mgr. Cuytenlaan op plek huidige gymzaal
2
1
3
3. Zicht vanuit Kloosterstaat entree voormalige school 28 | Kloostertuin Nuenen
3D impressie referentie-ontwerp NB: de ze impressie geeft een beeld van hoe het Kloosterpark er op termijn uit zou kunnen zien. Het geeft met name de bouwmassa’s en de uitstraling van het park weer en is nadrukkelijk nog geen architectuur.
4. Zicht vanuit noordwesthoek Kloosterstraat op zichtlijn
4
5
5. Zicht richting Klooster vanaf ontmoetingstuin Kloostertuin Nuenen | 29
3D impressie referentie-ontwerp NB: de ze impressie geeft een beeld van hoe het Kloosterpark er op termijn uit zou kunnen zien. Het geeft met name de bouwmassa’s en de uitstraling van het park weer en is nadrukkelijk nog geen architectuur.
6. Zicht vanaf toekomstig terras aan het klooster
7
6
7. Zicht vanuit het noorden op o.a. trafohuisje 30 | Kloostertuin Nuenen
6. Spelregels voor ontwikkeling Toelichting
In dit hoofdstuk beschrijven we de spelregels voor de toekomstige planvorming van de gebouwen en de parkruimte van het Kloosterpark. Deze spelregels vormen het kader voor de RO-procedure en voor de uitwerking door (landschaps-) architecten. Ze bieden enerzijds flexibiliteit voor de planvorming om onzekerheden te ondervangen en nog ontwerpruimte te behouden. Anderzijds zorgen ze voor duidelijke scherpe kaders om de ruimtelijke kwaliteit van de locatie te behouden en te verhogen. Het uiteindelijke plan zal er anders uitzien dan het referentie-ontwerp van het vorige hoofdstuk, maar de spelregels in dit hoofdstuk borgen de samenhang en integrale kwaliteit. Hieronder worden de spelregels per thema beschreven.
6.1 Programma
In een eerdere fase van het Masterplan zijn zowel het ruimtelijke “laadvermogen” als de financiële haalbaarheid van de locatie verkend. Dit heeft geleid tot een maximaal programma van 115 woningen binnen het plangebied, voornamelijk bedoeld voor senioren en starters. De regionale woondeel regionale woondeal1 is hierbij uitgangspunt (zie ook NvU).
1 Regionale woondeal: ‘Regionaal spreken we af dat nieuwe projecten (gemiddeld) uit minimaal 30% sociale huur, minimaal 16% middenhuur en minimaal 20% betaalbare koopwoningen bestaan. Het minimum van 30% sociale huur en totaal twee derde betaalbaar in de nieuwbouwopgave geldt voor elke gemeente’ (regionale woondeal Zuidoost Brabant 9 maart 2023)
6.2 Bomen
De bestaande bomen vormen de grootste kwaliteit van het toekomstige Kloosterpark. Daarnaast dienen de grote bomen als een filter voor de nieuwe gebouwen zodat deze opgaan in het parklandschap. Na een zorgvuldige analyse is een selectie gemaakt tussen bomen die behouden moeten worden, bomen die verplaatst moeten worden en te kappen bomen. Bij de te behouden bomen dient rekening te worden gehouden met de grootte van de kruin en voldoende groeiomstandigheden voor de boom in de toekomst. De te kappen bomen dienen binnen het plangebied te worden herplant. Zie pagina 15 en 24 voor een toelichting.
6.3 Openbare ruimte
Het Kloosterpark wordt een aantrekkelijke verblijfsplek voor alle Nuenenaren. Het vormt een nieuwe groene schakel in het centrum en maakt een directe verbinding met het Klooster. De aanwezige groenstructuur biedt de basis, maar deze wordt versterkt en op sommige plekken natuurlijker gemaakt. Het Kloosterpark wordt voorzien van een integraal parkontwerp met daarin in ieder geval de volgende elementen: • een centraal hoofdpad, locatie n.t.b. • slingerende subpaden, locatie n.t.b. • wadi’s, locatie n.t.b. • drie plekken met specifieke parkfuncties: een ontmoetingstuin, sport, natuurlijk spelen. De locatie en invulling hiervan is n.t.b. • ontwikkeling tiny forest/ecologisch bos • gebruik van inheemse gebiedseigen soorten • natuurlijk materiaalgebruik en waterdoorlatende verharding
Parkeerplaatsen op maaiveld worden altijd op een groene manier ingepast, bijvoorbeeld in een halfopen bestrating en omzoomd door een haag. Zo zijn ze ondergeschikt aan het parklandschap. Schakel- en nutskasten worden inpandig in nieuwe bebouwing geplaatst.
6.4 Bestaande elementen
In het Kloosterpark worden enkele elementen behouden die een verwijzing bieden naar de geschiedenis van de plek. De lage muur rondom het plangebied vormt een beeldbepalend element en toont de entrees van de voormalige functies. Deze wordt behouden en waar nodig aangevuld of hersteld. De entrees dienen te worden gemarkeerd door middel van een verbijzondering in het metselwerk. Waar de muur niet aanwezig is wordt het Kloosterpark omzoomd door een beukenhaag die al grotendeels aanwezig is. Ook de parkentrees in de beukenhaag worden gemarkeerd. Ook het gemetselde trafohuisje heeft een cultuurhistorische waarde en is nog in gebruik. Er zijn vooralsnog geen plannen om deze te vervangen. Behoud van het huisje is uitgangspunt. De gymzaal aan de Mgr. Cuytenlaan wordt voorlopig behouden maar zal op termijn worden gesloopt. Tot die tijd moet er worden rekening gehouden met het gebouw en de bijbehorende geluidszone (zie ook Hoofdstuk 8).
Kloostertuin Nuenen | 31
Spelregelkaart 32 | Kloostertuin Nuenen
6.5 Ontwikkelvelden
Met behoud van de belangrijkste boomgroepen en open parkruimtes, blijven de ontwikkelvelden over. Deze vormen het zoekgebied waarbinnen de nieuwe gebouwen kunnen worden ontworpen. De velden bieden flexibiliteit en ontwerpruimte en zijn groter dan de footprint van de gebouwen in het referentie-ontwerp; het is echter niet de bedoeling dat ze volledig worden bebouwd. Het maximaal te bebouwen percentage per vlak is weergegeven op de spelregelkaart. Dit percentage is inclusief buitenruimtes op de begane grond. Er is ruimte voor 5 vrijstaande gebouwen die als losse objecten in de parkruimte staan. Het maximaal te realiseren vloeroppervlakte binnen de gebouwen is 13.000 m2 bvo. De gebouwen staan niet direct aan de omliggende straten maar nemen daar nadrukkelijk afstand van. Ze staan in een speelse opzet met een hoekverdraaiing ten opzichte van elkaar.
kapverdieping of een terugliggende laag. Dat betekent dat maximaal 85% van het vloeroppervlak voor dakterrassen.
•
Galerijen aan de buitenzijde van de gebouwen zijn niet toegestaan.
•
Balkons Mogen maximaal 2 meter uitkragen ten opzichte van de bouwmassa maar bevinden zich binnen de grenzen van de ontwikkelvelden. De begane grond is het visitekaartje van de gebouwen en verdient bijzondere aandacht in het ontwerp. • De begane grond heeft een minimale hoogte van 3,50 meter. • De centrale hoofdentree van de gebouwen is
• •
transparant en gelegen aan de hoofdroute door het park. Het grootste deel van de begane grond-verdieping bestaat uit woningen. Dit om de relatie tussen het park en het gebouw te versterken. De gebouwen zijn alzijdig en kennen geen achterkanten Maximaal 25% van het oppervlakte van de begane grond is berging Gesloten gevels worden waar mogelijk vermeden. Indien er sprake is van gesloten gevels dienen deze aan te sluiten op het parkontwerp, dat wil zeggen dat er opgaande beplanting voor komt te staan.
Aan de Mgr. Cuytenlaan bevindt zich een bouwvlak waarbinnen twee zelfstandige gebouwen mogen worden gerealiseerd. Tussen de gebouwen moet minimaal 11 meter afstand zitten zodat er voldoende ruimte is voor groen, bomen en doorzichten. Ook tussen andere bouwvlakken is op de kaart soms een minimale maat aangegeven. De bouwhoogte van de gebouwen is niet overal gelijk. Voor de bebouwing die het dichtst licht aan de straten is deze maximaal drie bouwlagen, oplopend tot vier richting het park. Er is één hoger gebouw tot vijf bouwlagen mogelijk. Voor de gebouwen van 4 en 5 lagen geldt dat de bovenste bouwlaag wordt vormgegeven als een Kloostertuin Nuenen | 33
Bergingen worden inpandig gerealiseerd. • Collectieve bergingen voor scooters en fietsen verdienen de voorkeur. Hiervoor wordt gerefereerd aan de Amsterdamse Bouwbrief1. Fietsbergingen dienen makkelijk toegankelijk te zijn, bij voorkeur gelijkvloers met omliggende openbare ruimte. Inpandige collectieve fietsbergingen hebben een ruime entree en doorgang. Mocht er gekozen worden voor een niet-gelijksvloerse oplossing, dan moet er een helling of trap met goot van 1:6 worden gerealiseerd om gebruik te stimuleren. Bij het ontwerp van de stalling moet ook ruimte gecreëerd worden voor scootmobiels en bijzondere modellen zoals bakfietsen, fietsen met kratjes en elektrische fietsen afgestemd op de doelgroep. • Privé bergingen worden bij voorkeur gerealiseerd in de ondergrondse garage of op de verdieping1. Eventuele bergingen op de begane grond grenzen niet direct aan de gevel, maar worden via een lichte verkeersruimte achter de gevel ontsloten.
Installaties zoals zonnepanelen, ventilatie-units en warmtepompen worden meegenomen in het gebouwontwerp en zijn zo min mogelijk zichtbaar vanaf het maaiveld.
6.6 Ontsluiting
Het Kloosterpark wordt een autovrij woongebied en is in principe niet toegankelijk voor auto’s. • De centrale route (< 3,5 meter breed) door het park is wel toegankelijk voor nooddiensten en verhuiswagens middels een verzinkbare paal of vergelijkbare voorziening • Er zijn meerdere entrees voor langzaam verkeer in het gebied
6.7 Parkeren
Voor de parkeernorm wordt vooralsnog de gemiddelde normen op basis van de CROW 381 gehanteerd als basis (matig stedelijk gebied, omgeving centrum o.b.v. raakvlak Park). Voor het bewonersparkeren wordt uitgegaan van de normen voor de voorziene woningtypes in de tabel. In een latere fase vindt conform NvU een
Parkeervraag o.b.v. CROW 381 gemiddelde norm Verwoording Sociale huur (studio) Sociale huur appartement (regulier) Middeldure huur Betaalbare koop Koop appartement (> 80m2 bvo)
Functie Zelfstandig (studio) Huur appartement midden/goedkoop (incl. sociale huur) Huur appartement midden/goedkoop (incl. sociale huur) Koop appartement, betaalbaar Koop appartement, duur
1 https://www.fietsberaad.nl --> Gemeenschappelijke-fietsenberging-bij-een-woongebouw-Amsterdam.pdf
optimalisatie plaats middels een maatwerk parkeernorm. Daarbij wordt onderzocht in hoeverre electrische deelmobiliteit een onderdeel kan zijn van het plan. Tenslotte wordt in de vervolgfase onderzocht of parkeergarage ‘t Oog een uitweg kan bieden voor een deel van het bewonersparkeren (bijvoorbeeld de tweede auto). Voor het bezoekersparkeren geldt een norm van 0,3 per woning met uitzondering van de studio’s, daar geldt een norm van 0,2 pp/ woning. Bewonersparkeren wordt grotendeels gerealiseerd in een volledig verdiepte garage. In ieder geval het bewonersparkeren voor de vrije sector en middensegment woningen krijgen hier een plek. Het is wenselijk ook het parkeren voor de bewoners van de sociale woningbouw hierin op te lossen. Het parkeren kan gefaseerd worden gerealiseerd. Dit betekent dat voor een gedeelte van het aantal benodigde parkeerplaatsen binnen het plangebied ruimte wordt gereserveerd op maaiveld maar deze in eerste instantie nog niet worden aangelegd. Hiervoor zijn een drietal zones aangewezen aan de rand van het Kloosterpark.
Pnorm (incl. bezoek) Gem. Eenheid 0,6 Per woning 1,1 Per woning 1,1 Per woning 1,3 Per woning 1,6 Per woning
Pnorm bezoek Norm 0,2 0,3 0,3 0,3 0,3
Pnorm bewoners Norm 0,4 0,8 0,8 1 1,3
In deze Bouwbrief wordt toegelicht hoe een gemeenschappelijke fietsenberging in combinatie met een inpandige berging zodanig kan worden ingericht dat dit als gelijkwaardig aan een individuele fietsenberging conform het Bouwbesluit wordt beschouwd door de gemeente Amsterdam. 34 | Kloostertuin Nuenen
De parkeergarage wordt volledig verdiept gerealiseerd binnen het aangegeven zoekgebied. In dit gebied is de impact op de bestaande bomen het kleinst. Binnen het zoekgebied zijn verschillende configuraties van de garage mogelijk, ofwel langs de Kloosterstraat, of wel dwars daarop of een combinatie daarvan. • • •
•
•
Voor de in- en uitrit van de garage is een zoekgebied aangegeven langs de Kloosterstraat. De in- en uitrit van de garage bevindt zich indien mogelijk tussen de bestaande laanbomen De parkeergarage mag aan geen enkele zijde zichtbaar boven het maaiveldniveau uitsteken bij de diepteligging van de garage dient rekening te worden gehouden met een minimale gronddekking op de parkeergarage van gemiddeld 0,60 m t.b.v. beplanting. �e entree van de garage sluit aan op het peil van het aangrenzende maaiveld. Niveauverschillen in het maaiveld ten behoeve van inritten van de parkeergarage dienen te worden beperkt. In de centrale parkruimte zal er voor voetgangers vanuit andere gebouwen een toegang naar de garage zijn, deze wordt zo transparant mogelijk vormgegeven.
Bezoekersparkeren vindt plaats in de omliggende straten. Het gaat hier om circa 30 parkeerplaatsen. In de directe omgeving van de ontwikkeling is nog voldoende restcapaciteit, zo is aangetoond in parkeerdrukonderzoeken uit 2022 en 2023. Als de capaciteit op de Smidse (sectie 8 en 9), bij sectie 15 en 24 buiten beschouwing wordt gelaten, komt de restcapaciteit neer op 42 parkeerplaatsen. Hierbij is uitgegaan van een maximale bezetting van 85%.
6.8 Duurzaamheid
Het Kloosterpark wordt een duurzame en groene ontwikkeling. Er dient in ieder geval te worden voldaan aan de wettelijke eisen gerelateerd aan BENG2. Daarnaast leggen we in het Kloosterpark de nadruk op de volgende aspecten ten aanzien van duurzaamheid: • tijdloosheid en toekomstbestendigheid; zowel in gebruik als in beeld. • natuurinclusiviteit; de gebouwen dragen bij aan de biodiversiteit van het gebied • circulariteit; er worden zoveel mogelijk circulaire materialen toegepast (zie ook Woondeal) • innovatief t.a.v. waterbesparing (zoals bijvoorbeeld vacuümtoiletten en gebruik regenwater in grijswatercircuit) Voor de beoordeling van natuurinclusief bouwen in de tenderfase adviseren we een toetsingsinstrument op te nemen zodat ingediende plannen objectief vergeleken kunnen worden.
•
•
ondergrond waarmee je huizen verwarmt. Diep in de ondergrond bevindt zich warm water in (poreuze) zand- en gesteentelagen. Geothermie ofwel aardwarmte, wordt gewonnen uit heet water in deze lagen. In Nederland wordt aardwarmte doorgaans gewonnen op een diepte van tussen de 2 á 3 km (geothermie.nl) Warmte Koude Opslag (WKO). Dat is een duurzame energievoorziening waarbij warmte en koude via een warmtewisselaar (tegenstroomapparaat, TSA) worden opgeslagen in een watervoerend zandpakket 90 meter diep in de grond. ‘s Zomers wordt een gebouw gekoeld met water uit de koude bronnen (bron: WUR). Een gezamenlijke WKO voor alle woningen is het meest rendabel. Een aansluiting op het Klooster wordt niet op voorhand meegenomen. Andere systemen als een ‘ijskelder/tank’. Deze worden ingraven in de ondergrond en slaan op die wijze warmte en koude op.
Aansluiting op electriciteitsnetwerk blijft noodzakelijk voor terugleveren bij positief saldo.
Bij de aanbesteding van het project kan er nog voor worden gekozen een extra ambitie te verzilveren door de mate van energieneutraal bouwen (ENG) op te nemen als een van de selectiecritera (uitgangspunt programma Wonen Nuenen en regionale visie wonen). Hierbij kan gedacht worden aan de toepassing van: • Zonne-energie op daken maar ook in gevels • Geothermie. Dat is duurzame warmte uit de 2 BENG staat voor Bijna Energie Neutraal Bouwen en is al sinds 2021 wettelijk beleid voor vergunningsaanvragen van alle nieuwbouw. N.B. per juli 2018 zijn alle nieuwbouwwoningen wettelijk verplicht gasloos. Kloostertuin Nuenen | 35
Link met Bouwgids In 2024 is de Bouwgids Nuenen opgesteld. Met de Bouwgids wil de gemeente Nuenen de bouwopgave aangrijpen om de ruimtelijke kwaliteit van de verschillende kernen te versterken. De Bouwgids is bedoeld als instrument om initiatiefnemers te stimuleren en inspireren om het dorp nog mooier te maken. Hierbij komen verschillende thema’s aan bod die, in lijn met de omgevingsvisie, op een integrale manier richting geven aan de omgevingskwaliteit van de gebouwde omgeving. Zo kan er worden gebouwd met behoud van de eigenheid van de verschillende buurten en kernen. De Bouwgids bestaat uit vier delen. In deel 1 worden de algemene dorpse kwaliteiten van Nuenen en de kernen beschreven. Ook worden ruimtelijke richtlijnen benoemd die belangrijk zijn bij het maken van woningbouwplannen voor het mooie dorp Nuenen. In deel 2 wordt ingezoomd op verschillende gebiedstypes en wordt de nadruk gelegd op een
aantal specifieke richtlijnen die hier kunnen bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit. Duidelijkheid over de verschillende processtappen en verantwoordelijkheden rondom projecten staat in deel 3 van de Bouwgids. De participatieleidraad vormt het 4e deel van de Bouwgids. De vier delen vormen samen de Bouwgids. Ze kunnen niet los van elkaar worden gezien en dienen altijd in samenhang te worden beschouwd.
Van de richtlijnen voor dorpse kwaliteit zijn er een aantal benoemd die binnen dit gebiedstype nadrukkelijke aandacht verdienen. Op de volgende pagina lichten we toe hoe we daarmee omgaan in het Masterplan Kloostertuin.
De Kloostertuin valt in de Bouwgids binnen het gebiedstype “centrum buiten het lint”. Dit deelgebied kenmerkt zich door een aantal verschillende zones met een verschillende ruimtelijke opzet en een mix van functies en volumes. In de Bouwgids wordt aangegeven dat “nieuwe gebouwen kunnen ofwel worden gekoppeld aan de straat (zoals rondom de Van Goghstraat), ofwel worden gerealiseerd als vrije objecten omringd door groen.“
Landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing
Bestaande bebouwing
Zichtlijnen & doorzichten
Terreininrichting
Geluidsbelasting en locatie
Relatie gebouw openbare ruimte
Waardevolle groenstructuren en bestaande bomen
Kwaliteit van de buitenruimte
Klimaatadaptatie, energie en natuurinclusiviteit
36 | Kloostertuin Nuenen
In het Masterplan Kloostertuin kiezen we voor een opzet van gebouwen als vrije objecten in het groen.
Volume
Mobiliteit
Menselijke maat
Verscheidenheid
Parkeren uit het zicht
Bouwhoogte
Detaillering
De fiets op 1
Woningtypologie
Modulair bouwen
Voorzieningen delen
Richtlijnen voor dorpse kwaliteit uit bouwgids voor Masterplan Kloostertuin: Korrelgrootte en menselijke maat Gebouwen hebben een korrelgrootte die aansluit bij het karakter en de schaal van het historische centrumgebied, dwz een kleinschalige korrel met een beperkte gevellengte. In het Kloosterpark hebben de nieuwe gebouwen een kleine footprint en een beperkte
Bouwhoogte
De basishoogte in het centrum buiten het lint is 3 bouwlagen. Een 4e of incidenteel 5e bouwlaag is afweegbaar mits ruimtelijk onderbouwd. Bijvoorbeeld op plekken waar voldoende afstand is tot bestaande bebouwing of waar sprake is van grote bomen die verzachtende werking hebben ten aanzien van bouwhoogte. In het Kloosterpark zijn er gebouwen van 3 en 4 bouwlagen, en één gebouw van 5 lagen. Deze staat op afstand van de bestaande bebouwing en er staan bomen tussen die het beeld verzachten. De bouwhoogte is onderbouwd in de NvU en op pagina 22-23.
Kwaliteit van de buitenruimte Ontwerp een aangename en dorpse buitenruimte waarin verblijfskwaliteit en groen overheersen. Maak collectieve buitenruimte met verblijfskwaliteit waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en die geactiveerd wordt door de aangrenzende gebouwen. De gevels van de functies die grenzen aan deze buitenruimte zijn uitnodigend en transparant. De ruimtes op de begane grond sluiten over een diepte van minimaal ca 7m aan op het niveau van de straat. Een slimme inpassing van grootschalige functies zonder daglichtbehoefte is hiervoor vereist.
Groen en verblijfskwaliteit zijn de leidende thema’s in het Kloosterpark . Er ontstaan parkruimtes die uitnodigen tot ontmoeten. De parkeergarage wordt verdiept aangelegd waardoor er een directe aansluiting is met de omgeving.
Terreininrichting In dit gebied is het parkeren onzichtbaar vanaf de openbare ruimte. De parkeeroplossing is daarmee maatgevend voor maximaal te ontwikkelen bouwvolume. Ondergronds parkeren heeft de voorkeur. Half verdiept parkeren of overdekt parkeren op maaiveld ligt minimaal ca. 7 meter terug van de straatgevel. Het parkeren wordt grotendeels verdiept en onzichtbaar ondergronds opgelost. Het beperkte maaiveldparkeren wordt groen ingepast. Waardevolle groenstructuren en bestaande bomen Volwassen bomen zijn in het centrum heel waardevol en worden zoveel mogelijk gehandhaafd. Er worden zoveel mogelijk bomen behouden op de locatie.
De fiets op 1 Bij ontwikkelingen in het centrum van Nuenen zijn fiets en voet de belangrijkste vervoersmiddelen, omdat alle voorzieningen dichtbij zijn en de beschikbare ruimte beperkt. Maak het gebruik van de fiets daarom zo laagdrempelig mogelijk door een logische inpassing van de fietsenstalling in de route naar huis en door aantrekkelijke collectieve fietsenstallingen te ontwerpen. Het Kloosterpark wordt een autovrij gebied waarbij langzaam verkeer domineert. In de gebouwen is voldoende ruimte voor (collectieve) fietsenstallingen.
Kloostertuin Nuenen | 37
3D impressie referentieontwerp met bouwmassa’s - nadrukkelijk nog geen architectuur - zicht vanaf toekomstig terras aan het klooster 38 | Kloostertuin Nuenen
7. Beeldkwaliteit Binnen het Kloosterpark is er ruimte voor vijf nieuwe woongebouwen. Het wordt geen standaard woonwijk: het wonen in het groen wordt consequent doorvertaald in alle facetten van het plan, in de buitenruimte en de architectuur. Zo worden het park en de gebouwen één vanzelfsprekende eenheid en een nieuwe groene parel binnen het centrum van Nuenen. Voor de beeldkwaliteit van de gebouwen gelden de volgende uitgangspunten (nummers bij de referentiebeelden verwijzen naar de genummerde uitgangspunten):
en bescheidenheid uit. Er is sprake van een zorgvuldige detaillering van de gebouwen.
1. Gebouwen te gast
De gebouwen in het Kloosterpark hebben dus een samenhangend beeld en vormen één familie. Ze zijn individueel herkenbaar maar hebben daarnaast vergelijkbare kenmerken. De uitstraling is eigentijds, niet historiserend.
Het parklandschap met de waardevolle bomen is het dominante beeld van het nieuwe Kloosterpark. Nieuwe gebouwen zijn als dorpsvilla’s te gast in het park en dus ondergeschikt. Het architectuurbeeld is ingetogen en de gebouwen stralen rust
De gebouwen zijn vormgegeven als speelse en luchtige volumes. Het volume is niet volledig rechthoekig maar heeft een vrijere vorm. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door verspringingen in het volume, insnijdingen ter plaatse van bomen of het organisch laten uitkragen van de balkons. Door de toepassing van grote glasvlakken worden de bomen gereflecteerd.
2. Gelijkwaardige familie van gebouwen
Binnen het plan zullen verschillende woningtypes worden gerealiseerd binnen verschillende prijsklassen, van sociale huur tot vrije sector. De gebouwen in het Kloosterpark hebben echter allemaal een gelijkwaardige uitstraling. Dat betekent dat er tussen de gebouwen geen onderscheid is in beeldkwaliteit.
3. Kleur en materiaal
Alle gebouwen hebben hetzelfde hoofdmateriaal als basis voor de gevel, dat kan worden aangevuld met een tweede (ondergeschikte) materiaal. Het kleurgebruik is ingetogen en afgestemd is op de natuurlijke omgeving. Gebouwen ogen licht. Er is een beperkt kleurpalet dat wordt afgestemd op de omgeving, met eventueel incidenteel een accentkleur.
gebouw te gast
gelijkwaardige familie
gebouw achter boom Gebouw springt in ter plaatse van boom, hoeken zijn licht (CPO Beekdal, Park Randenbroek Amersfoort, ZEEP architecten)
Lichte architectuur, zwevend gebouw, ondergeschikt aan groen, bescheiden architectuur, glas weerspiegelt groen (Bosgebouw Klingelbeek, Dyvik Kahlen)
Familie van gebouwen, eenheid in verscheidenheid, bovenste verdieping anders vormgegeven, landschap loopt door tot aan gebouw (Apartementen Aarhus, CEBRA architecten, Foto: Mikkel Frost Kahlen) Kloostertuin Nuenen | 39
gebouwen te gast
gebouwen te gast
Gebouw ondergeschikt aan het landschap, verspringend volume, buitenruimtes mee-ontworpen, slimme raamindeling laat het gebouw minder hoog lijken (AquaViva Brakkenstein, DiederenDirrix)
Gebouw ondergeschikt aan het landschap, zwevend volume, verspringend volume, transparante balkonrand bovenste laag ligt terug. (Kerckebosch Zeist - Mix architecten)
speelse volumes
<<< Speels verspringend volume, buitenruimtes als onderdeel van de architectuur. Vrijwel het volledige gebouw is van hout (Houtskeletbouw wanden met CLT vloeren en een houten gevelbekleding). De Houten Kop, CPO project (Studio Architectuur Maken)
40 | Kloostertuin Nuenen
“licht” gebouw
“licht” gebouw Lichtvoetig gebouw, één hoofdmateriaal, ingetogen architectuur, biobased materialen (The natural pavillion, DP6 architectuurstudio)
Licht gebouw, natuurlijke gevel Bospad, Gaaga architecten
energie in gevel PV-panelen geïntegreerd in de gevel (Solarix design panels)
biobased
gebouw te gast, speels volume Uitkragende balkons, verspringende massa, glazen vlakken, systeembouw. Natuurlijk kleurenpalet, ondergeschikt aan landschap. (Wetzikon, Milano Urbo architecten)
(Afval)geglazuurde baksteen van WasteBasedSlips (Ontwerpstudio, Inge Pouw, Studio Mixtura) Kloostertuin Nuenen | 41
Het gebruik van biobased materialen wordt toegejuicht. Hiermee draagt het project bij aan duurzaamheidseisen maar kan het project ook een voorbeeldfunctie krijgen in de regio. Als alternatief kan worden gedacht aan een innovatief gebruik van baksteen. Hierdoor sluit het project aan op de tradionele baksteenarchitectuur rondom het park en het beschermd dorpsgezicht. Via materiaal en kleurgebruik wordt dan verwezen naar de historie, terwijl het architectuurconcept en detaillering vernieuwend zijn. Voorwaarde is dat de gebouwen niet te zwaar ogen.