CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2024 Nuenen

Gemeenteraad 3 juli 2025, gemeente NuenenBij agendapunt: Jaarstukken 2024 Nuenen41.190 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

97.650

75.818

75.818

8 Belastingaangifte (30% x € 175.000) De gemeente is aansprakelijk voor fouten in loonbelastingopgaves, Btw aangiften, opgave Btw compensatiefonds en de WKR. Bovendien kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor belastingschulden van andere bedrijven op basis van inleners of ketenaansprakelijkheid.

52.500

52.500

52.500

9 Inkoop (70% x € 75.000) 1. Als gevolg van het niet juist hanteren van de aanbestedingsplicht kan een marktpartij rechtsmiddelen aanwenden tegen een gunningsbesluit. Dit leidt tot een vertraging met financiële en juridische gevolgen; 2. Niet rechtmatige inkopen kunnen bovendien leiden tot een afkeurende verklaring (rechtmatigheid) bij de jaarrekening. Hierdoor bestaat de kans op negatieve publiciteit; 3. Contracten kunnen stilzwijgend verlengd worden tegen ongunstige voorwaarden. Of door het niet bundelen van opdrachten worden besparingsmogelijkheden niet benut.

52.500

52.500

52.500

10 Bodemverontreiniging/-sanering (70% x € 75.000) De gemeente loopt voortdurend het risico geconfronteerd te worden met schade aan het milieu door bijvoorbeeld bodemverontreinigingen.

52.500

52.500

52.500

Subtotaal top 10

6.109.765

Hoewel de doorgevoerde wijzigingen er dus op gericht zijn om meer stabiliteit te krijgen in de grootste inkomstenbron van de gemeenten, passen we de risicowaarde op dit onderdeel vooralsnog niet aan. De schommelingen in de algemene uitkering kunnen nog steeds problemen veroorzaken voor het sluitend krijgen van de begroting. Op de hoogte van de algemene uitkering kan geen invloed worden uitgeoefend.

Overige risico's + risico onvoorzien

404.485

Totaal

6.514.250

Totaal o.b.v. zekerheidspercentage (90%)

5.862.825

Wijzigingen Ten opzichte van de begroting 2025 (de meest recente risicoanalyse) is de totale risicowaarde fors afgenomen. Dit komt door de forse afname van het risico exploitatie grond.

Inventarisatie van de beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden.

62

Weerstandscapaciteit

Incidenteel

Structureel

Algemene reserve

12.630.684

-

Algemene reserve bouwgrond

24.069.243

-

949.325

-

pm

-

Raming onvoorziene uitgaven

0

72.225

Onbenutte belastingcapaciteit

-

0

Totale weerstandscapaciteit

37.649.252

72.225

Algemene reserve bouwgrond winstnemingen Stille reserve

Er wordt uitgegaan van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio ≥ 1). Deze verhouding wordt als volgt bepaald: Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit / Benodigde weerstandscapaciteit € 37.721.477 / € 5.862.825 = 6,43 Wij concluderen dat het weerstandsvermogen van de gemeente met een weerstandsratio van 6,43 goed is. Ontwikkeling weerstandsvermogen De onderstaande grafiek laat de ontwikkeling van de weerstandsratio zien, inclusief de prognose voor de komende jaren. Voor de prognose gaan we uit van gelijk blijvende benodigde weerstandscapaciteit. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit gaan we uit van de meerjarenramingen. Met een weerstandsratio van 6,43 is het weerstandsvermogen van Nuenen goed. Ook voor de komende jaren blijft de ratio op een goed niveau gehandhaafd.

Financiële kengetallen Kengetallen geven inzicht in bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen bijdragen aan het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. De combinatie van de kengetallen geeft een indicatie over de financiële positie van de gemeente. Daarnaast bieden kengetallen de mogelijkheid om gemeenten onderling te vergelijken. Een individueel kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie van de gemeente moet worden beoordeeld. De kengetallen moeten in samenhang bekeken worden, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een beeld geven van de financiële positie van de gemeente.

63

Een kengetal, of de ontwikkeling van een kengetal, is een weerspiegeling van het gevoerde beleid. Voor de provincie als toezichthouder hebben de kengetallen een signaleringswaarde. Ze kunnen worden betrokken bij het krijgen van een completer inzicht in de financiële situatie en risicopositie van een gemeente. De volgende financiële kengetallen moeten in de paragraaf weerstandsvermogen opgenomen worden: • netto schuldquote; • netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; • solvabiliteitsratio; • grondexploitatie; • structurele exploitatieruimte; • belastingcapaciteit De toezichthouder hanteert geen normering, maar maakt gebruik van onderstaande signaleringswaarden. Waarderingscijfer

Minst risicovol

Neutraal

Meest risicovol

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

<90

90-130

>130

Solvabiliteitsratio

>50

20-50

<20

Grondexploitatie

<20

20-35

>35

Structurele exploitatieruimte

>0

0

<0

Belastingcapaciteit

<95

95-105

>105

Zie voor de onderlinge verhouding van de kengetallen bij conclusie.

64

Uitgangspunten Voor de kolommen realisatie is uitgegaan van de balans zoals opgenomen in de betreffende jaarrekening. De kengetallen voor de begroting 2024 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 20242027. De kengetallen voor 2025-2027 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2025-2028. Omschrijving

Realisatie

Begroting

2022

2023

2024

2024

2025

2026

2027

Netto schuldquote

106%

76%

55%

96%

58%

66%

78%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

102%

72%

52%

93%

55%

64%

75%

Solvabiliteitsratio

33%

36%

41%

31%

42%

37%

38%

Grondexploitatie

124%

98%

81%

85%

71%

51%

32%

Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

65

9%

4%

2%

0%

1%

1%

0%

118%

111%

105%

108%

102%

102%

102%

Conclusie Netto schuldquote (zowel gecorrigeerd als niet gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) De gemeente heeft vanaf 2005 veel geïnvesteerd in de grondexploitaties, met name Nuenen West. Daarnaast is er in 2012 geïnvesteerd in Eeneind West. Om deze investeringen te financieren is het destijds noodzakelijk geweest om kort- dan wel langlopende leningen aan te trekken. Dat veroorzaakte een relatief hoge schuldquote. De laatste jaren daalt de quote naarmate de grondposities afnemen door grondverkopen. Daardoor hoeft, bij herfinanciering van de aflopende leningen, een minder hoog bedrag te worden geleend. Ook door reguliere aflossingen wordt de schuldquote lager. Daarnaast zijn de totale baten hoger (daartegenover worden de schulden afgezet). Solvabiliteitsratio Deze ratio is verbeterd ten opzichte van 2023 doordat de reserves zijn gegroeid en het vreemd vermogen is gedaald. De (geraamde) reserves en voorzieningen schommelen de komende jaren slechts licht. Grondexploitatie De gemeente heeft vanaf 2005 veel geïnvesteerd in de grondexploitaties, daarom is dit kengetal nog steeds hoog. Wel is deze de laatste jaren flink verlaagd door verkoop van gronden. Hetzelfde effect is zichtbaar bij de netto schuldquote. Structurele exploitatieruimte De resultaten van de begrotingsjaren zijn positief.

Alle structurele lasten, inclusief de kapitaallasten van de geraamde investeringen, worden gedekt door structurele baten. Belastingcapaciteit Het landelijk gemiddelde van het kengetal voor de belastingcapaciteit wordt jaarlijks op 100% gesteld. De gemeente Nuenen heeft in het verleden, toen er negatief eigen vermogen was, besloten tot een forse verhoging van de onroerendezaakbelasting. Het kengetal neemt af omdat de afgelopen jaren ingezet is op het voorkomen van verhoging van de belastingdruk (relatief ten opzichte van landelijk). Hieronder volgt per kengetal een korte toelichting. Netto schuldquote

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen).

66

Solvabiliteitsratio

Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Grondexploitatie

De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstig) woningbouwproject hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de verkochte gronden kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten.

67

Structurele exploitatieruimte

Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Belastingcapaciteit

De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar deze kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte weer te kunnen geven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven. Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en reinigingsheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing omdat de heffing niet kostendekkend hoeft te zijn, maar ook lager mag worden vastgesteld.

68

Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente Nuenen heeft een uitgestrekt buitengebied en een intensief bebouwd binnengebied met een totale oppervlakte van 3.361 ha. De gemeente is verdeeld over vier kernen: Nuenen, Gerwen, Nederwetten en Eeneind. Zowel binnen als buiten de kernen vinden tal van activiteiten plaats zoals wonen, werken en recreëren. Om deze activiteiten in goede banen te leiden zijn kapitaalgoederen nodig: wegen, openbare verlichting, civieltechnische kunstwerken, groen, riolering, gebouwen, speeltoestellen, verkeersregelingen en ten slotte beelden en plastieken. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud daarvan is bepalend voor het voorzieningenniveau en de (jaarlijkse) lasten. Met het onderhoud van deze kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Deze paragraaf geeft inzicht in het beleid en de financiële consequenties van het onderhoud van de kapitaalgoederen.

Wegen De gemeente beschikt over een uitgebreid wegennet ten behoeve van de verbinding binnen de kernen, tussen de kernen en de aansluiting op het regionale wegennet. Op dit moment bestaat dit wegennet uit ruim 228 kilometer verharde wegen. Beleid In het vastgestelde beheerplan heeft de raad gekozen voor cyclisch onderhoud. Bij deze systematiek wordt het onderhoud zodanig gepland dat gedurende de gehele levensduur van de verhardingen periodiek grootschalig onderhoud kan worden uitgevoerd. Financieel gezien betekent dit de eerste 10 jaar een uitgave van gemiddeld € 977.000,-. In het beheerplan 2022-2026 zijn ook enkele beleidskaders opgenomen. Beleidsplan Voor het beleidsveld Wegen is geen apart beleidsplan opgesteld. De beleidskaders zijn benoemd in het Beheerplan wegen 2022-2026. Naam

Periode

Beheerplan Wegen 2022-2026

2022-2026

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

maart 2021 begin 2026

Uitgangspunten Het benodigde kleinschalig en grootschalig onderhoud wordt bepaald aan de hand van de jaarlijkse wegeninspectie. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel

2024

Raming grootonderhoud wegen

576.463

Realisatie grootonderhoud wegen

148.157

Totaal

428.306

Jaarlijks wordt volgens het programma uit het beheerplan wegen het benodigd (gemiddeld) bedrag (€ 977.000,-) gestort in deze voorziening. De storting is bestemd voor cyclisch onderhoud. De werkelijke uitgaven fluctueren. Voor reconstructie en rehabilitatie van de wegen zijn geen middelen beschikbaar in de onderhoudsvoorziening. Indien hier middelen voor nodig zijn wordt apart aan de raad om budget gevraagd. Eind 2024 resteert in de voorziening een bedrag van € 3.534.959,-. Daarnaast is in 2024 € 206.090,- uitgegeven aan klein onderhoud (begroot € 173.000,-). Achterstallig onderhoud Het achterstallig onderhoud is een indicator van het CROW (uitgedrukt in kosten) en is gedefinieerd als onderhoud op wegvakonderdelen waarbij de richtlijn al is overschreden, met andere woorden waarbij het onderhoud al eerder uitgevoerd had moeten worden.

69

Er is geen achterstallig onderhoud. Jaarlijks wordt een inspectie uitgevoerd op het gehele areaal. Op basis van deze inspecties vindt kleinschalig en grootschalig onderhoud plaats, met name op wegvakonderdelen waarbij de richtlijn is overschreden. Daarmee houden wij de wegen veilig en heel en voorkomen we achterstallig onderhoud.

Openbare verlichting De gemeente Nuenen heeft ruim 6.500 lichtmasten en 6.600 armaturen. De kosten voor openbare verlichting bestaan uit de jaarlijkse kosten voor elektriciteit en klein onderhoud en de kosten voor vervangingsinvesteringen. Beleid Het beleid is erop gericht om de komende jaren de meest verouderde openbare verlichting te vervangen door energiezuinige (led)verlichting. Ook worden de armaturen met een hoog energieverbruik vervangen. Beleidsplan Het beleidsplan Openbare verlichting is vastgesteld op 6 juli 2017. Naam

Periode

Beleidsplan OVL 2018-2027

2018-2027

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

6-7-2017 Eind 2027

Uitgangspunten Volgens het huidige beleidsplan worden alleen de verouderde armaturen en de armaturen met een hoog energieverbruik vervangen. In de begroting 2024 is budget opgenomen om versneld alle armaturen te vervangen door energiezuinige led-armaturen. Met deze vervanging besparen we niet alleen op energiekosten maar ook op onderhoudskosten. De nieuwe ledverlichting heeft een (theoretische) levensduur van 20 jaar. In deze 20 jaar is het niet meer nodig om (zoals bij conventionele verlichting) lampen te vervangen. Door de verouderde conventionele verlichting te vervangen besparen we op onderhoudskosten circa € 10.000 per jaar. In het beleidsplan openbare verlichting wordt voorgesorteerd op het toepassen van Smart Lighting. Armaturen worden daarom uitgerust met communicatie modules. Hiermee kan informatie vanuit het armatuur verkregen worden (bijvoorbeeld energieverbruik) en kan bijvoorbeeld een nieuw dimregime naar het armatuur verzonden worden. De vervanging van alle conventionele verlichting wordt in 2025 uitgevoerd. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Voor de vervanging van masten en armaturen is in 2024 en in 2025 circa € 950.000,- per jaar opgenomen. Naast middelen voor de vervangingsinvesteringen is nog een bedrag voor regulier onderhoud, zoals masten schilderen en het oplossen van storingen opgenomen van afgerond € 99.000,-.

Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Civiele kunstwerken Met civiele kunstwerken worden bruggen, viaducten etc. bedoeld. Voor het groot onderhoud hiervan is een voorziening gevormd. Beleid In het vastgestelde beheerplan Civiele kunstwerken heeft de raad gekozen voor het onderhouden van de civiele kunstwerken op C-niveau. Bij dit niveau ligt de nadruk op veilig en heel. Enkele kunstwerken, zoals in het centrumgebied en op diverse gemeentegrenzen, worden op A-niveau onderhouden.

70

Beleidsplan Het beheerplan Civiele kunstwerken is vastgesteld op 13 februari 2020. Naam

Periode

Vastgesteld in de raad

Beheerplan Civiele kunstwerken

2020-2024

13 februari 2020

Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2025

Uitgangspunten Voor het vervangen van civiele kunstwerken bij einde levensduur zijn geen middelen beschikbaar in het onderhoudsfonds. Indien hier middelen voor nodig zijn wordt hiervoor apart aan de raad om budget gevraagd. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel

2024

Raming grootonderhoud civiele kunstwerken

102.000

Realisatie grootonderhoud civiele kunstwerken

46.071

Totaal

55.929

Jaarlijks wordt volgens het beleidsplan civiele kunstwerken het benodigd (gemiddeld) bedrag van € 115.122,- gestort in deze voorziening. De storting is bestemd voor het planmatig onderhoud. De werkelijke uitgaven fluctueren (jaarlijks gemiddeld tussen de € 60.000,- en € 160.000,-).Voor de vervanging van civiele kunstwerken zijn geen middelen beschikbaar in de onderhoudsvoorziening. Indien hier middelen voor nodig zijn wordt apart aan de raad om budget gevraagd. Eind 2024 resteert € 475.646,- in de voorziening. Naast de bedragen voor het groot onderhoud is € 41.641,- besteed aan klein onderhoud. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Soms wordt onderhoud uitgesteld om schaalvoordeel te kunnen behalen. Dit uitstel wordt alleen gedaan wanneer de veiligheid niet in het geding is.

Groen De groenstructuur van de gemeente Nuenen wordt enerzijds bepaald door de historische en moderne wegenstructuur, anderzijds door de diverse grotere (historische) groen- en parkgebieden en waterstructuren binnen de kern. Om dit optimaal tot zijn recht te laten komen dient het groen goed beheerd te worden. De gemeente Nuenen draagt zorg voor het gemeentelijk groen. Het openbaar groen heeft een grote waarde wat betreft gezondheid, veiligheid, beleving en duurzaamheid. Samen met onze inwoners nemen we maatregelen om verzorgd en gebruiksvriendelijk openbaar groen te realiseren. Beleid Gemeentebossen De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer van de gemeentebossen. Het bosbezit van de gemeente Nuenen is in totaal circa 65 ha groot en ligt verspreid over vijf grotere gebieden in de gemeente en enkele kleinere bospercelen in en rond het dorp Nuenen. Bomen De gemeente Nuenen is een groene gemeente en zal dat ook blijven. Bomen dragen in belangrijke mate bij aan een prettig leefklimaat. Het is daarom belangrijk te zorgen en blijven zorgen voor een gezond bomenbestand. Uit bijdragen van inwoners aan het Bomencafé is duidelijk geworden dat de inwoners graag bomen in de eigen omgeving hebben, maar er ook iets over te zeggen willen hebben. Zoals met ieder plan zijn ook met het uitvoeren van dit beleidsplan kosten gemoeid.

Openbaar groen Het Groenstructuurplan en het Groenbeheerplan is de basis voor verder beleid, beheer en planvorming.

71

Bermen en Watergangen Bermen: binnen de gemeente Nuenen hebben we ruim 78 ha aan bermgras. Bermen bestaan uit een vegetatie van gras en kruiden. Ze worden duidelijk minder intensief beheerd dan de gazons en bevinden zich hoofdzakelijk aan de randen van de bebouwde omgeving en langs de wegen in het buitengebied. Bermen met bermgras vervullen meerdere functies zoals: • verhoging van de stabiliteit van de weg; • opvang van regenwater; • bieden van ruimte voor bomen, kabels, leidingen, lichtmasten, bebakening, verkeersborden, uitwijkmanoeuvres en parkeren; • ecologische functie voor planten, insecten en kleine zoogdieren; • ontsluitingsmogelijkheden bieden aan naastliggende percelen; • verfraaiing dorpsaangezicht/verbetering woon- en leefklimaat. Watergangen: het voornaamste doel is het bergen en/of afvoeren van water. Daarom is het beheer er op gericht dit mogelijk te maken. Afhankelijk van de watergang in het waterafvoerend systeem wordt regelmatig onderhoud zelfs verplicht door het Waterschap dat eenmaal per jaar een schouwronde uitvoert op het uitgevoerde werk. Het beheer van de A-watergangen valt onder de verantwoordelijkheid van de waterschappen De Dommel en Aa en Maas. Het beheer van de B- en Cwatergangen wordt uitgevoerd door de aangelanden, waaronder de gemeente Nuenen. Beleidsplan Naam

Periode

Beheerplan gemeentebossen

2023-2028 19-12-2023(vastgesteld door college)

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2028

Bomenbeleidsplan

2017-2031 9-2-2017

2031

Groenstructuurplan

2011-2020 25-11-2010

onbepaald

Groenbeheerplan

2012-2026 12-12-2019

2026

Uitgangspunten Bermen In het kader van ecologisch bermbeheer en de biodiversiteit is de maaifrequentie aangepast naar maximaal 1x tot 2x per jaar. Bij het maaien wordt het maaisel afgevoerd. Bij iedere maaibeurt blijft 20% overstaan. Om verruiging te voorkomen wordt het overstaande deel bij de volgende maaibeurt mee gemaaid, en blijft op andere delen 20% overstaan. De toetsing van goed maaibeheer van bermen en watergangen is vastgelegd in Kleurkeur van de Vlinderstichting. Door deze nieuwe standaard kunnen opdrachtgevers en aannemers zich beter voorbereiden op een insectenvriendelijk bermbeheer. In het maaibestek van bermen en watergangen zijn de richtlijnen van Kleurkeur opgenomen en geeft het een garantie dat het maaibeheer gericht is op het verhogen van de ecologische kwaliteit. Watergangen Beheer en onderhoud van watergangen (sloten) met een afvoerende en een bergende functie van het oppervlaktewater binnen het stroomgebied van de waterschappen De Dommel en Aa en Maas. Overeenkomstig de Keur oppervlaktewateren betreft dit sloten met een beperkt belang, niet zijnde in onderhoud bij de bovengenoemde waterschappen. Bossen Op sobere wijze in stand houden van de kwaliteit en functionaliteit van de bossen ten behoeve van de openluchtrecreatie en het milieu.

Landschappelijke beplanting Op sobere wijze in stand houden van lintvormige en kleinschalige landschapselementen (wegbeplantingen, houtsingels, poelen etc.), ten behoeve van: • beeld, milieu; • verbindingen tussen landschapselementen; • coulissenwerking.

72

Openbaar groen Op sobere wijze in stand houden van de kwaliteit en functionaliteit van de groenvoorziening voor een groene uitstraling van de gemeente voor haar eigen inwoners en gebruikers (inwoners van buiten de gemeente en toerisme). Het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau is B. De 'Parels' die als visitekaartje dienen worden op kwaliteitsniveau A onderhouden. Bomen Nuenen is een bolwerk van bomen. De gemeente Nuenen staat ervoor om dat bolwerk te laten bestaan uit gezonde bomen waar zowel inwoners als de gemeente trots op zijn. Gezonde bomen waar de gemeente haar groene karakter mee behoudt, een prettig leefklimaat heeft en ook in de toekomst zal behouden. Het boombeheer gaat over nu en over later. Financieel

Begroot 2024

Realisatie

verschil

Bossen

46.708

42.897

3.811

Watergangen

66.165

161.264

-95.099

Landschappelijke beplanting

8.430

5.517

2.913

Openbaar groen

1.849.342

1.824.072

25.270

Totaal

1.970.645

2.033.750

-63.105

Naast bovenstaande exploitatiebedragen is nog € 3.018,- besteed aan groenreconstructies. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Riolering De gemeentelijke riolering bestaat uit ca. 150 km vrij vervalriolering (binnen de bebouwde kommen) en ca. 60 km drukriolering (in het buitengebied). Daarnaast zijn er nog voorzieningen zoals bergbezinkbassins en gemalen. Beleid De gemeente heeft zorgplichten op het gebied van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Hoe de gemeente omgaat met deze zorgplichten is vastgelegd in het beleidsplan. Beleidsplan Het vigerende Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) heeft een looptijd tot en met 2023. In het vGRP staan de beleidsdoelen, geplande projecten, onderzoeken en nieuwe ontwikkelingen. Verder maakt de rioolheffingsberekening deel uit van het vGRP. Naam

Periode

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2019 – 2023 (vGRP)

20192023

Vastgesteld in de raad 13-12-2018

Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2026

Uitgangspunten De doelen vastgelegd in het vGRP zijn: • Een goede inzameling en transport van stedelijk afvalwater; • Inzameling, transport en / of verwerking van afvloeiend hemelwater, voor zover dit redelijkerwijs niet kan door particulieren; • Voorkomen van structureel nadelige gevolgen van te hoge of te lage grondwaterstanden, voor zover dit onder de gemeentelijke zorgplicht valt; • Klimaatbestendig ontwerpen. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen De jaarlijks benodigde budgetten voor groot onderhoud zijn vastgesteld in het vGRP. Wanneer in een jaar meer geld ontvangen is dan uitgegeven wordt dit bedrag gestort in de voorziening riolering. Dit geld blijft daardoor beschikbaar voor de doelen uit het GRP.

73

Financieel

2024

Raming grootonderhoud riolering

477.014

Realisatie grootonderhoud riolering

452.675

Totaal

24.339

Daarnaast resteert eind 2024 nog een bedrag van € 4.163.675,- in de voorziening riolering. Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud. Soms wordt onderhoud wel uitgesteld om schaalvoordeel te kunnen behalen. Dit uitstel wordt enkel gedaan als de veiligheid niet in het geding is.

Gebouwen De gemeente heeft de nodige gebouwen in beheer. Deze zijn onder te verdelen in gebouwen voor eigen gebruik, algemene gebouwen, sociaal-culturele accommodaties en sportaccommodaties. Beleidsplan De gemeenteraad heeft in de vergadering van 9 november 2017 het beheerplan gebouwen 20182032 vastgesteld. Vervolgens wordt dit plan elke 4 jaar geactualiseerd. De laatste actualisatie heeft in 2021 plaatsgevonden en is verwerkt in de begroting 2022-2025. De volgende staat gepland in 2025.

Naam

Periode

Beheerplan gebouwen

2018-2032

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

9-11-2017 2025

Uitgangspunten Voor de gebouwen die economisch eigendom zijn van de gemeente Nuenen en waarvoor de gemeente verantwoordelijk is voor het groot onderhoud, is een voorziening gevormd. Uitgangspunt voor deze voorziening is wat minimaal nodig is om de gebouwen veilig, heel en functioneel te houden op basis van sober en doelmatig onderhoud. Het uitgangspunt is conditieniveau 3. Tevens zal bij regulier onderhoud een verduurzamingsslag gemaakt worden door de materialen te vervangen voor een duurzamere variant, daar waar budget het toelaat. Jaarlijks onderhoudsbudget en investeringsmiddelen op basis van het MJOP Financieel

2024

Dotatie voorziening

382.171

Besteding uit voorziening

-234.336

Mutatie voorziening

147.835

Achterstallig onderhoud De gemeentelijke vastgoedportefeuille is een dynamisch geheel met grote financiële en maatschappelijke waarde. Structureel onderhoud is daarom van essentieel belang. Daarom inventariseert de gemeente elke 4 jaar al de gemeentelijke gebouwen en stelt een MJOP op. Het MJOP (2018-2032) is in 2021 geactualiseerd. Het college heeft ingestemd met het MJOP 2022-2032, gebaseerd op de Nederlandse norm NEN 2767. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Gelijktijdig met het actualiseren van het MJOP zijn in 2021 voor de gemeentelijke panden ook duurzaamheidsrapportages opgesteld. Deze maatwerkrapportages worden samen met het geactualiseerde MJOP in 2024/2025 uitgewerkt in een Plan van aanpak / routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed Nuenen.

Speeltoestellen De gemeente heeft ruim 300 verschillende speeltoestellen/-objecten in de openbare ruimte staan. Deze worden beheerd volgens het warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen.

74

Beleid Spelen en bewegen in de openbare ruimte 'Speelruimtebeleidsplan 2017-2020' Beheerplan speelvoorzieningen 2011 – 2020 Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen Beleidsplan Naam

Periode

Spelen en bewegen in de openbare ruimte

2017-2020

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

6-7-2017 onbepaald

Uitgangspunten Het speelruimtebeleid is via co-creatie tot stand gekomen waarbij is samengewerkt met inwoners, verenigingen en andere belanghebbenden als gelijke partners. De belangrijkste uitgangspunten van het nieuwe beleid zijn: • Spelen voor alle leeftijden (jong en oud); • Risicovol spelen in een natuurlijke omgeving; • Gebruik maken van (aanwezige elementen in) de gehele openbare ruimte; • Ontmoeten als belangrijk onderdeel van de "Centrale speelgelegenheid Nuenen"; • Aansluiten bij de behoeftes van de omgeving en trends. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen In 2024 is een bedrag van afgerond € 102.000,- besteed aan vervanging bij einde levensduur en nieuw beleid. Binnen het project Spelen en Bewegen is hiervoor de wijk Keizershof afgerond en is gestart met Eeneind. Ook zijn 6 speeltoestellen waarvan de certificaten ontbraken vervangen. Naast deze middelen is nog een bedrag aan regulier onderhoud besteed van € 82.000,-. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Verkeersregelingen Beleid Voor het vervangen van verkeersborden, verkeerstekens, wegmarkeringen, etc. is budget in de exploitatie beschikbaar. Uitgangspunten Verkeersborden worden vervangen wanneer ze beschadigd of verdwenen zijn. Ook worden ze één maal per jaar schoongemaakt. Voor het onderhoud aan wegmarkeringen en verkeersregelinstallaties zijn onderhoudscontracten afgesloten. Jaarlijks onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel

2024

Raming onderhoud verkeersregelingen

73.250

Realisatie onderhoud verkeersregelingen

77.194

Totaal

-3.944

Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Beelden en plastieken Beleid Het beleid- en beheerplan beelden en plastieken inclusief de noodzakelijke financiële middelen is nog niet voorgelegd aan de raad.

75

Jaarlijks onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel

2024

Raming onderhoud beelden en plastieken

6.000

Realisatie onderhoud beelden en plastieken

0

Totaal

6.000

Jaarlijks is er € 5000,- opgenomen voor keuring en controle van de beelden en plastieken. Indien uit de controle blijkt dat er budget nodig is voor herstelwerkzaamheden zal dit apart aan de raad worden voorgelegd.

76

Financiering Inleiding Financiering is de manier waarop wij de benodigde geldmiddelen aantrekken en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen beleggen. Dit gebeurt binnen de wettelijke kaders van het BBV en de wet Fido. Naast deze wetgeving geldt voor de gemeente een Treasurystatuut. Dit statuut bevat regels om de financieringsfunctie te sturen, beheersen en controleren. De bedragen in onderstaande tabellen moeten vermenigvuldigd worden met € 1.000,-. Door de afronding op duizendtallen kunnen er afrondingsverschillen ontstaan. Conform BBV moet deze paragraaf inzicht geven in de rentelasten en -baten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten. Toerekening aan de taakvelden is gedaan met de rentepercentages die hieronder zijn genoemd.

Interne- en externe ontwikkelingen De ECB heeft in 2024 in totaal vier verlagingen van de rente doorgevoerd nadat de inflatie in de gehele EU flink was afgezwakt. De EMU-tekortruimte voor gemeenten in 2024 is vastgesteld op -0,34% BBP. De individuele EMU-referentiewaarde voor Nuenen is voor 2024 vastgesteld op € 3.248.000,-. Dit betreft geen norm maar een indicatie van het aandeel dat de gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Omschrijving

2024

1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves

3.740

2 Mutatie (im)materiële vaste activa

-528

3 Mutatie voorzieningen

1.303

4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

5.016

5 Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa

0

EMU-saldo

9.531

De renteberekening voor activa mag conform BBV 25% afwijken van de begroting. Daarom is het rentepercentage aangepast. Rente aan de bouwgrondexploitaties wordt bij de jaarrekening op werkelijke basis toegerekend. Renteschema

Begroting

Realisatie

Bespaarde rente over voorziening verliesgevende complexen bouwgrond

2,00%

2,00%

Rente grondexploitatie

0,70%

0,02%

Rente activa

0,60%

0,02%

In onderstaand schema is het renteresultaat berekend volgens BBV:

77

Renteschema

2024 Totaal 2024

De externe rentelasten over de lange financiering

586

De externe rentelasten over de korte financiering

-569

De externe rentebaten

-48

Saldo rentelasten en rentebaten

-31

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

-15

De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

-8

De rentelast van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

8

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

-15

Rente over eigen vermogen

0

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

53

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente (1+2+3)

8

De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-10

Renteresultaat op het taakveld treasury (4+5)

-2

Het genoemde renteresultaat komt terug op het taakveld treasury, maar is niet het enige resultaat op dat taakveld. Ook bijvoorbeeld ontvangen dividend wordt geraamd op het taakveld, maar maakt geen onderdeel uit van het renteschema.

Financieringsbehoefte Beleidsvoornemen financiering We financieren de toekomstige extra liquiditeitsbehoefte in eerste instantie door een kasgeldlening af te sluiten. We houden er bij eventuele verlenging van de kasgeldlening rekening mee dat de kasgeldlimiet in beginsel niet meer dan twee achtereenvolgende kalenderkwartalen overschreden wordt. Daartoe wordt deze dan tijdig omgezet in een langlopende lening. Het renterisico wordt gereduceerd door op verschillende momenten leningen af te sluiten zodat sprake is van een 'gemiddelde' rente.

Liquiditeit In 2024 is de vrijvallende lening van € 30 miljoen geherfinancierd met een 10-jarige lineaire lening van € 13 miljoen. Het restant van € 17 miljoen is met eigen middelen afgelost.

Renterisicobeheer De overheid heeft twee instrumenten voor het toetsen van het renterisico: de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet vormt de bovengrens waarmee een tijdelijk liquiditeitstekort gefinancierd kan en mag worden met een kortlopende geldlening (korter dan 1 jaar). Als het liquiditeitstekort een structureel karakter draagt moet een langlopende geldlening worden aangetrokken. Indien voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet wordt overschreden moet de toezichthouder hiervan op de hoogte worden gesteld. Ook moet de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring worden voorgelegd aan de toezichthouder. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal. In geen enkel kwartaal in 2024 is de kasgeldlimiet overschreden. Stap

Omschrijving

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

Bepalen toegestane kasgeldlimiet Omvang begrotingstotaal

68.908

68.908

68.908

68.908

Percentage regeling

8,50%

8,50%

8,50%

8,50%

78

Stap

Omschrijving

1

Toegestane kasgeldlimiet

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

5.857

5.857

5.857

5.857

Opgenomen gelden < 1 jaar

0

0

5.667

0

Schuld in rekening courant

0

0

0

0

Gestorte gelden door derden < 1 jaar

6

6

6

6

Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld

0

0

0

0

Totaal vlottende korte schuld

6

6

5.673

6

6

4

8

7

15.161

20.999

21.858

8.315

0

0

0

0 8.321

Vlottende korte schuld

2

Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar 3

Totaal vlottende middelen

15.166

21.003

21.866

4

Totaal netto vlottende schuld (2-3)

-15.160

-20.997

-16.193

-8.315

Ruimte(+)/Overschrijdingen(-) (1-4)

21.017

26.854

22.050

14.172

Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld. De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal (zie tabel hieronder). De renterisiconorm is overschreden. Er is ontheffing gekregen van de provincie. Stap

Omschrijving

Begroting

Begroting na wijziging

1

Renteherzieningen

0

0

2

Aflossingen

35.755

35.755

3 (1+2)

Renterisico

35.755

35.755

4

Begrotingstotaal

68.908

96.221

5

Percentage regeling

20%

20%

6 (4 x 5)

Renterisiconorm

13.782

19.244

7

Ruimte(+)/Overschrijdingen(-)

-21.974

-16.511

Leningenportefeuille Een belangrijk onderdeel van het financieringsbeleid vormt de omvang, flexibiliteit, gemiddelde looptijd en rentegevoeligheid van de leningenportefeuille. De leningenportefeuille van de gemeente ziet er als volgt uit: Opgenomen langlopende leningen Leningverstrekker

Looptijd

rente

oorspronkelijk

1-1-2024

BNG

2019 2024 -0,32%

30.000

30.000

0

NWB

2015 2027

1,21%

220

77

58

Prov. NB

2017 2027

0,00%

2.321

2.093

2.093

BNG

2022 2027

1,28%

18.000

14.400

10.800

BNG

2024 2034

2,64%

13.000

0

13.000

BNG

2022 2037

1,86%

25.000

23.333

21.667

88.541

69.903

47.618

rente

oorspronkelijk

1-1-2024

31-12-2024

Van

31-12-2024

t/m

Totaal Opgenomen langlopende leningen tbv woningbouw Omschrijving

Looptijd Van

t/m

NWB

2004

2024

4,59%

5.800

430

0

BNG

1991

2041

0,43%

1.180

745

705

6.980

1.175

705

79

Bedrijfsvoering Inleiding Het doel van de bedrijfsvoering is het zo goed mogelijk ondersteunen en uitvoeren van de programma’s. Concreet gaat het om een goede dienstverlening aan de inwoners en het gemeentebestuur door: • een efficiënt werkende organisatie; • een zorgvuldig besluitvormingsproces; • een gestructureerde planning en beheersing van de beleidsuitvoering; • waar mogelijk op een verantwoorde manier benutten van ICT-mogelijkheden; • gemotiveerd en gekwalificeerd personeel.

Personeel en organisatie Organisatieontwikkeling Het in 2021 gestarte ontwikkelprogramma is in 2024 een volgende fase ingegaan (NOD 2.0). In het proces van doorontwikkeling van de organisatie is het cultuuraspect met de daaraan gekoppelde cultuuromslag de grootste uitdaging voor ons naar de toekomst toe. De (organisatie-)structuur is daarin ondersteunend. De kerncompetenties zijn geactualiseerd en tijdens de organisatiebrede bijeenkomsten is verder invulling gegeven aan de daaraan te koppelen gedragsaspecten. Strategisch HRM-beleid Het strategisch HRM-plan zetten we in om (middel)lange termijn ontwikkelingen die van invloed zijn op de ontwikkeling van de organisaties te vertalen naar HRM-instrumentarium. De doorontwikkeling van de organisatie bepaalt mede welke onderwerpen we specifiek gaan oppakken. In 2024 is de nieuwe gesprekscyclus geïmplementeerd en het beleid ongewenste omgangsvormen is opgesteld en in proces gebracht voor vaststelling.

e-HRM De verdere doorontwikkeling van de digitale HR-service is een permanent proces. In het afgelopen jaar zijn verdere stappen gezet in de optimalisering van het e-HRM systeem waardoor HRgerelateerde managementinformatie op elk moment geautomatiseerd beschikbaar is (Management Self Service).

Informatievoorziening In 2024 stelde het dagelijks bestuur van Dienst Dommelvallei een geactualiseerd informatieplan 20242027 vast. Kern van dit plan zijn 8 doelen die bijdrage aan een betere informatievoorziening en een andere benadering voor de projectenkalender. Tevens introduceerde Dienst Dommelvallei portfoliomanagement. Met portfoliomanagement is de projectenlijst behorend bij het informatieplan nu dynamisch en wordt deze maandelijks behandeld in de IV-board. Voorheen was dit een statische lijst die alleen jaarlijks werd beoordeeld. Tussentijds kunnen er nieuwe, op basis van urgentie, projectkandidaten aan het portfolio worden toegevoegd. Aanleiding daarvoor kunnen onder andere checks zijn op het gebied van informatieveiligheid of digitale duurzaamheid. De IV-board stelt de vier Dommelvallei-organisaties in staat om in gezamenlijkheid keuzes te maken om de meer fundamentele projecten met een gezamenlijk belang en maximaal toegevoegde waarde uit te voeren. De IV-board is samengesteld uit managementleden van de vier Dommelvalleiorganisaties, prioriteert, start en bewaakt de projecten in een continu proces. Het invullen van randvoorwaarden en het toetsen van de haalbaarheid spelen daarbij een belangrijke rol. Het uitvoeren van een impactanalyse per project draagt hier aan bij.

80

Informatiebeveiliging en Privacy In 2024 legden we een goede basis om medewerkers voor te bereiden op de toekomst. De jaarrapportage van de Functionaris Gegevensbescherming (FG) en de Bestuursrapportage Digitale Weerbaarheid zijn vernieuwd. Beiden geven meer inzicht in de stand van zaken van de implementatie en borging van Privacy en Informatiebeveiliging binnen de gemeentelijke processen. We groeien met kleine stapjes als organisatie, die groei staat wel onder druk. Punt van aandacht is of het tempo van de groei hoog genoeg is. De ontwikkelingen in de digitale wereld gaan namelijk snel, criminelen maken daar meer gebruik van en werken steeds “professioneler”. We stelden het Privacy Control Framework (PCF) op. Door het implementeren en borgen van het PCF kunnen we de privacy-naleving verbeteren en de betrokkenheid van het management versterken. Het PCF geeft een meting aan van de huidige status van de Algemene Verordening Gegevensbescherming – volwassenheid binnen de gemeente Nuenen. Verder voerden we een grote inhaalslag uit in het opstellen van gezamenlijke beleidsuitgangspunten op informatiebeveiliging en privacy thema’s. Zoals wat is nodig om veilig om te gaan met mobiele apparatuur en de toegang tot digitale informatie en privacybeleid. Hiermee is een goede basis gelegd voor de veilige inrichting van onze informatiesystemen en om te voldoen aan wet- en regelgeving.

Tabel datalekkenoverzicht Een melding bij de AP betekent niet ook automatisch een melding bij de betrokkenen en andersom. Of we een datalek melden bij de AP en/of betrokkenen is altijd een afweging en afhankelijk van het privacyrisico voor de betrokkenen. De bovengenoemde datalekken zijn vrijwel in alle gevallen het gevolg van een incidentele menselijke fout. Meestal gaat het om een brief en/of mail die per abuis is verstuurd naar een verkeerde ontvanger. Vanuit het bewustwordingsprogramma worden medewerkers meegenomen om datalekken te melden en op welke wijze datalekken kunnen worden tegengegaan, bijvoorbeeld door gebruik te maken van veilig mailen via Zivver. 2024 Aantal datalekken

5

Gemeld bij de AP

1

Betrokkenen geïnformeerd

2

Beveiligingsincidentenoverzicht Het eerste incident was bij een glasvezelprovider waardoor het netwerk tijdelijk niet bereikbaar was. Het tweede incident had betrekking op het noodstroom aggregaat, waardoor de computerruimte tijdelijk is uitgevallen. Van bovenstaande incidentmeldingen is de impact nihil gebleken. Het totaal aantal meldingen in 2024 is lager dan het totaal aantal meldingen van vorig jaar. Het aantal meldingen van verdachte mails in 2024 in alle organisaties (78) is lager dan het aantal meldingen van vorig jaar (157). Deze meldingen zijn gedaan door alerte medewerkers en hebben niet geleid tot een daadwerkelijk incident. 2024 Incidenten

2

Aantal meldingen

8

81

Rechtmatigheidsverantwoording Het college is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties niet rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. In de onderstaande tabel zijn de onrechtmatigheden opgenomen, voor zover deze de door de raad vastgestelde rapportagegrens van € 50.000,- overstijgen. Begrotingscriterium Overschrijding lasten programma’s

Onrechtmatigheid

Waarvan acceptabel

867.000

757.000

Uit de tabel in het onderdeel Begrotingsrechtmatigheid bij de Toelichting op het overzicht van baten en lasten in deze jaarrekening blijkt het totaal aan overschrijdingen ten opzichte van de begroting na wijziging. Bij de jaarrekening 2023 zouden de acceptabele overschrijdingen de begrotingsonrechtmatigheid opheffen. Omdat de overschrijdingen niet in de tussentijdse rapportage gemeld konden worden, waren dat acceptabele overschrijdingen geweest. Echter in oktober 2024 is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 verschenen. Op grond van die nota, en dus in tegenstelling tot vorig jaar, heffen de acceptabele overschrijdingen de onrechtmatigheid niet meer op. Overschrijding lasten investeringen

28.000

Uit de toelichting in het onderdeel Begrotingsrechtmatigheid blijkt dat er geen overschrijdingen ten opzichte van de begroting na wijziging zijn. In de toekomst maken we een inschatting van de te verwachte lasten en betrekken die bij de tussentijdse rapportages. Dat geldt overigens voor alle relevante over- en onderschrijdingen. Totaal begrotingsonrechtmatigheden

895.000

Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden die acceptabel zijn op grond van de Financiële verordening gemeente Nuenen 2023

757.000

Voorwaardencriterium Uit de interne controles is naar voren gekomen dat in een aantal gevallen niet aan het voorwaardencriterium is voldaan. Dit is hieronder opgenomen. 1. Beveiliging opvang Oekraïense vluchtelingen (€ 247.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van beveiliging opvanglocaties is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking Het argument voor de afwijking is dwingende spoed. Echter is de opdracht meerdere keren verlengd en was er op die momenten geen sprake meer van dwingende spoed, waardoor er geen gebruik gemaakt kan worden van deze uitzondering. Er is destijds gekozen voor deze weg, omdat de opvang van Oekraïense vluchtelingen (landelijk) veel vragen en onzekerheden met zich meebracht. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is niet tussentijds (via tussentijdse rapportage) gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie Er is in 2024 een Europese aanbesteding doorlopen en een nieuwe raamovereenkomst gesloten. 2. Onderhoud openbare verlichting (€ 132.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van onderhoud openbare verlichting is niet Europees aanbesteed.

Argument voor afwijking De kosten zijn substantieel gestegen en daarme boven de Europese drempel uitgekomen. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is via de tussentijdse rapportage najaar 2024 gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie Eind 2024 is een nieuwe aanbesteding gehouden voor het onderhouden van de openbare verlichting voor een periode van 2 jaar. 3. Inhuur ondersteuning (€ 65.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van inhuur derden is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking Na verlenging(en) is de Europese drempel overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is via de tussentijdse rapportage najaar 2024 gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie De mogelijkheden om deze onrechtmatigheid te beëindigen, zonder dat de uitvoering in het geding komt, worden onderzocht.

82

555.000

Begrotingscriterium

Onrechtmatigheid

Waarvan acceptabel

4. Onderhoud pompen en gemalen € 59.000 Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van onderhoud pompen en gemalen inclusief storingen is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking Door de gestegen kosten hebben deze de Europese drempel overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is niet tussentijds (via tussentijdse rapportage) gecommuniceerd met de gemeenteraad Actie In 2025 zal een nieuwe aanbesteding plaatsvinden. 5. Overig (< 50.000 rapporteringstolerantie) - 2 aanbestedingsfouten € 13.000 - 2 fouten PGB € 39.000 Misbruik & Oneigenlijk gebruik criterium Geen bevindingen

0

Totaal onrechtmatigheden

1.450.000

Verantwoordingsgrens (artikel 8, lid 2 van de Financiële verordening gemeente Nuenen 2023) Omdat de verantwoordinggrens is overschreden moet het totaal bedrag aan overschrijdingen toegelicht worden.

811.000

Waarvan acceptabel

757.000

Waarvan niet acceptabel:

693.000

Voorwaardencriterium

555.000

Begrotingscriterium

138.000

Wet financiering decentrale overheden Er zijn geen afwijkingen geconstateerd. Gids Proportionaliteit Tijdens de controle is geconstateerd dat de gids proportionaliteit niet altijd wordt nageleefd bij inkooptrajecten. Deze bevindingen worden teruggekoppeld om dit in de toekomst te voorkomen. Onrechtmatigheid verwijzersroute Jeugdwet In januari 2025 is geconstateerd dat er door het CMD gebruik is gemaakt van de route, die voorbehouden is aan de zelfstandig verwijzers. Van deze route is gebruik gemaakt om doorlooptijden te verkorten. Zowel vanuit het oogpunt van een oplopende werkdruk als ook in de aanvragen waarbij spoed was vereist. Om de omvang en gevolgen te bepalen is er een onderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat er in 2024 € 935.000,- is betaald, waarbij er door het CMD gebruik is gemaakt van de verwijzersroute. Van deze lasten is vervolgens onderzocht of in voldoende mate ‘het recht op zorg’ en ‘de zorgkeuze’ onderbouwd kan worden. Hiervoor is de registratie in de systemen bekeken, zijn er interviews afgenomen en heeft dossierstudie plaatsgevonden. Er heeft onderzoek naar de zorgbehoefte plaatsgevonden en de contacten hiervan zijn geregistreerd. De gefactureerde zorg sluit aan bij de zorgbehoefte.

Om de gevolgen voor de getrouwheid en rechtmatigheid in deze casus te beoordelen, zijn de volgende artikelen uit de Verordening jeugdhulp gemeente Nuenen 2023 van belang: - Artikel 5 “Onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren” - Artikel 7 “Inhoud beschikking De conclusie is dat er aan artikel 5 is voldaan, met uitzondering van lid 9. De geregistreerde contactmomenten zijn niet administratief samengevat in een onderzoekrapport en aan de jeugdige en/of ouders verstrekt. Dit heeft echter geen financiële gevolgen en is daarmee een formele rechtmatigheidsfout. Verder is geconcludeerd dat er niet aan artikel 7 is voldaan. Er zijn geen beschikkingen afgegeven. Dit heeft echter geen financiële gevolgen en is daarmee ook een formele rechtmatigheidsfout.

83

Huisvesting De huisvesting van de ambtelijke organisatie en het bestuur is momenteel als volgt: • Jan van Schijnveltlaan/Papenvoort (hoofdvestiging) • Pastoorsmast (buitenwerf) • Berg en Aardappeleterssteegje (Centrum Maatschappelijke Deelname) Naast de eigen organisatie zijn in het gemeentehuis ook de bibliotheek en de politie gehuisvest. De noodzaak om meer multidisciplinair samen te werken vraagt om een eigentijdse werklocatie. Bij voorkeur een gebouw dat activiteitgericht werken en ontmoeting stimuleert. Het huidige kantoor aan de Jan van Schijnveltlaan voldoet daar niet aan. Het geeft ons bovendien een achterstand bij het werven van nieuw personeel. In aanloop naar de kadernota 2025 wordt een huisvestingsconcept uitgewerkt en financieel vertaald.

Kengetallen Formatie

Factor

Directie en Staf

fte

31-12-2024 4,11

Afd. Ontwikkeling

fte

48,41

Afd. Realisatie

fte

66,47

Totale formatie

fte

118,99

Ziekteverzuim

2024 2023

Verzuimpercentage

5,65

5,42

Verzuimfrequentie

0,99

1,05

Ziekteverzuimpercentage in vergelijkbare gemeenteklasse voor 2023: 5,2% (Bron: Personeelsmonitor 2023)

84

Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen moet inzicht geven in de relaties van de gemeente in rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én financiële belangen gemoeid zijn. Verbonden partijen zijn een manier om een bepaald beleidsvoornemen uit te voeren. Het aangaan van verbonden partijen komt altijd voort uit het publiek belang. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Onder financieel belang wordt verstaan: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat, of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichting niet nakomt.

Conform artikelen 1, 5, 8, 9, 15, 26 en 36 van het BBV komen de volgende verbonden partijen aan de orde: Gemeenschappelijke regelingen: • Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Brabant Zuidoost te Helmond; • Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei te Mierlo; • Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening de Dommel (WSD) te Boxtel; • Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink te Helmond. Vennootschappen en coöperaties: • Naamloze Vennootschap Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) te Den Haag; • Naamloze Vennootschap Brabant Water te Den Bosch. Stichtingen en verenigingen: • Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost te Helmond; • Stichting Bureau Inkoop- en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB) te Oirschot.

In deze paragraaf wordt in tabelvorm elke verbonden partij uitgewerkt aan de hand van de volgende indelingen: • Doel en openbaar belang van de verbonden partij; • Algemene visie op en beleidsvoornemens over inschakelen van de verbonden partij: uitgangspunten waarom en wanneer we gebruik maken van de verbonden partij; • Veranderingen en ontwikkelingen van de verbonden partij; • Risico’s: welke andere risico’s zijn er bij deelname; • Afbreukrisico van geen deelname; • Alternatieven voor geen deelname; • Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging: wie zijn er betrokken bij de samenwerking; • Frequentie van terugkoppeling naar de raad; • Financieel belang: welke kosten horen bij de samenwerking; • Vermogenspositie en resultaat boekjaar van de verbonden partij. De volgende afkortingen zijn gebruikt in de uitwerking van de verbonden partijen: DB: Dagelijks bestuur. GR: Gemeenschappelijke regeling. NV: Naamloze Vennootschap.

85

Gemeenschappelijke regelingen GR Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven Doel en openbaar belang Per 1 januari 2015 is de Metropoolregio Eindhoven (MRE) actief als opvolger van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven ook wel de SRE. Het doel van de samenwerking binnen deze gemeenschappelijk regeling is het behouden van het kenmerkende innovatieve Brainportprofiel en het bevorderen van een stabiele sociale basis en vitale leefomgeving voor al onze inwoners. De belangrijkste opgaven voor de aankomende jaren zijn: • de groei van de economie in goede banen te leiden waardoor meer inwoners in de regio profiteren van welvaart en welzijn • het zoeken naar een nieuwe balans in het landelijk gebied waarbij de verbinding tussen landelijke en stedelijke gebied en de ruimtelijke en ecologische kwaliteiten in het landelijk gebied worden versterkt We richten ons daarbij primair op een gezamenlijke aanpak van urgente opgave in de fysieke leefomgeving met als perspectief brede welvaart. Daarnaast geeft de MRE uitvoering aan het Stimuleringsfonds en dient als betaalautoriteit voor Brainport Development NV. Tevens is het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) onder gebracht in deze gemeenschappelijke regeling.

Het RHCe voert voor gemeenten wettelijk taken uit op het gebied van toezicht, behoud en openbaar maken van de cultuurhistorische informatie en is archiefbewaarplaats van de door onze gemeente en andere overheden in Zuidoost Brabant overgebrachte archieven. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Het leven van onze inwoners speelt zich steeds meer af binnen de hele regio en beperkt zich niet tot de gemeentegrenzen. Binnen de regio is sprake van één daily urban system. Daarom is het logisch om op regionaal niveau met elkaar samen te werken, omdat we samen, als geheel, meer kunnen bereiken. Gezamenlijk bepalen we koers die vervolgens op subregionaal en/of lokaal niveau uitgewerkt en gerealiseerd kan worden. Vanuit de MRE-samenwerking wordt als één regio opgetrokken richting de Provincie en het Rijk. Dit komt tegemoet aan de vraag vanuit het Rijk en de Provincie om met een regio's afspraken te maken. Daarnaast zijn wij via de MRE-samenwerking vertegenwoordigd in de stichting Brainport en de triple helix. Deze stichting bepaalt de strategie van de ontwikkelingsorganisatie Brainport Development. Al deze partijen samen zijn een serieuze gesprekspartner voor het Rijk en de Provincie waardoor er gelden beschikbaar komen om de regionale opgaven gezamenlijk op te maken.

Ook de Nuenense inwoners kunnen (indirect) profiteren van deze ontwikkelingen. De gemeente brengt haar archief na verloop van tijd onder bij RHCe, voor zover deze documenten niet vernietigd (moeten) worden. Daardoor hoeven wij hiervoor geen eigen voorziening te treffen. Veranderingen en ontwikkelingen Metropoolregio Eindhoven In 2023 is het geactualiseerde samenwerkingsakkoord 2023 - 2026 vastgesteld. Dit akkoord gaat uit van 2 complementaire ontwikkellijnen, namelijk: duurzame schaalsprong Brainport en nieuwe balans in het landelijk gebied. Deze lijnen dragen in samenhang bij aan de brede welvaart van de hele regio en haar inwoners. Brede welvaart is het perspectief bij het zoeken naar oplossingen voor opgaven in de regio. De volgende vijf hoofdopgaven worden onderscheiden: • schaalsprong wonen en ruimte • toekomstig mobiliteitssysteem • een veerkrachtig economisch systeem • vitaal landelijk gebied • toekomstig energiesysteem De rol en de positie van de MRE en de ambtelijke ondersteuningsorganisatie verandert. Er is een doorontwikkeling ingezet van procesregie naar meer inhoudelijke regie met programmasturing op realisatie. In het voorjaar 2024 is een nieuwe directeur en manager Regionale Opgaven gestart die samen aan de slag zijn met de doorontwikkeling van de MRE-organisatie. De verhouding tussen regionale en subregionale samenwerking was in 2024 onderwerp van gesprek.

Dit gesprek wordt in 2025 voortgezet om zodoende de samenwerkingen door te ontwikkelingen met de focus op realisatie.

86

Naast aandacht voor wonen, werken en mobiliteit is ook het voorzieningenvraagstuk op de agenda van het MRE gezet en komt aan de orde in het portefeuillehoudersoverleg Economie. Regionaal Historisch Centrum Eindhoven Het RHCe in inmiddels op orde en in 2024 is een nieuwe directeur, tevens archivaris, aangesteld. Landgoed Gulbergen De voorziening Gulbergen is nog niet afgewikkeld, omdat de voormalige stortplaats officieel nog niet gesloten is en de nazorg nog niet is overgedragen aan de Provincie Noord-Brabant. In 2024 is besloten om het proces tot overdracht in 2030 niet in gang te zetten. In 2020 is de erfpacht afgekocht, waardoor de MRE weer volledige zeggenschap heeft over de gronden in het gebied. In 2024 is een ontwikkelvisie voor het landgoed vastgesteld en op basis daarvan wordt een ontwikkelstrategie opgesteld. De volgende stap is om een realisatiestrategie op te stellen. Risico's Op basis van de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Metropoolregio Eindhoven (vastgesteld door Algemeen Bestuur in juli 2018) wordt bepaald wat de organisatie onder risicomanagement verstaat en welke uitgangspunten hierbij worden gehanteerd. Tevens is bepaald welke risico’s door de MRE worden gedragen en welke door de deelnemende gemeenten. Als uitwerking van de nota zijn voor de MRE-organisatie de risico’s in beeld gebracht, geclassificeerd en financieel inzichtelijk gemaakt.

Jaarlijks worden bij het opstellen van de begroting en jaarrekening deze risico’s opnieuw beoordeeld. Afbreukrisico van geen deelname Het risico is dat de gemeente zich buiten sluit als zij niet deelneemt aan MRE. MRE is een belangenbehartiger van de regio en weet middelen bij anderen (veelal via cofinanciering) los te krijgen. Alternatieven voor geen deelname Naast MRE zijn er allerlei andere vormen van (gemeentelijke) samenwerking mogelijk. Zo werken de gemeenten Eindhoven, Helmond, Son en Breugel, Geldrop-Mierlo, Waalre, Veldhoven, Best, Oirschot en Nuenen op subregionaal niveau samen binnen Stedelijke Gebied Eindhoven. De agenda's van de beide samenwerkingsverbanden worden op elkaar afgestemd, zodat er geen sprake is van overlap. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de 21 gemeenten in Zuidoost Brabant, zijnde de gemeenten: Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel-De Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre. Algemeen bestuur: M. van Toorenburg (burgemeester) en plaatsvervangend lid J. Tesser (raadslid) Raadstafel21: J. Tesser en M. Spijkerman (beide raadsleden) Portefeuillehoudersoverleg Economie: B. van Stiphout (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Mobiliteit: S.

Löwik (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Transitie landelijk gebied: P. Kok (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Energietransitie: S. Löwik (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Wonen en Ruimte: P. Kok (wethouder) Commissie van Advies voor Financiën: B. van Stiphout (wethouder) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks bij de kadernota (ter kennisneming), begroting (zienswijzeprocedure) en jaarrekening (ter kennisneming). Daarnaast wordt de raden via de 1e bestuursrapportage MRE geïnformeerd over de beleidsmatige uitvoering van het werkprogramma over de periode januari t/m mei en via de 2e bestuursrapportage over de financiële uitvoering van het werkprogramma over de periode januari t/m september. Tot slot wordt de raad ook tussendoor geïnformeerd over voor hen belangrijke ontwikkelingen en worden voor hen met enige regelmaat bijeenkomsten over specifieke thema's georganiseerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15611837/4