CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

GGD - Bijlage 8 Jaarstukken 2022 GGD-Brabant Zuidoost

Gemeenteraad 15 juni 2023, gemeente NuenenBij agendapunt: Zienswijze programmabegroting en begrotingswijziging GGD29.077 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

4.4.8 Klachtenmanagement Klachtenmanagement is met de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) ingebed in de GGD. In 2022 zijn er voor de sectoren Ambulancezorg en Publieke Gezondheid in totaal 134 klachten/signalen en 7 complimenten binnengekomen. Wat betreft klacht-aspecten zien we, net als in 2021, vooral veel klachten rondom bejegening, interpersoonlijke communicatie, verleende zorg, procedures en vervoer (vervoersindicatie maar ook rijgedrag en wachttijden). Daarnaast zijn er afgelopen jaar 260 COVID-19 gerelateerde klachten/signalen behandeld. In 2022 is 1 klacht aangemeld bij de Nationale Ombudsman. Verder is 1 klager naar het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg gestapt. Alle klachtonderdelen zijn ongegrond verklaard. Klager is wel in hoger beroep gegaan. Ook is er via de klachtenfunctionaris 7 keer informatie verstrekt aan klagers over het indienen van een aansprakelijkheidsstelling. De klachtenfunctionaris is drie keer ingezet bij (vooronderzoek) calamiteiten als procesbegeleider en coördinator. Klachtenmanagement wordt bij de GGD ook gezien als startpunt voor het creëren van draagvlak voor continue verbeteren waarbij kwaliteit van zorg voorop staat. Het doel is om de ontevredenheid op te lossen die door het leveren van een dienst is ontstaan. Het gevoel van de klant staat hierbij centraal, er is begrip getoond en geluisterd naar de klant.

Het management is waar nodig actief betrokken geweest. Daarnaast hadden de werk-gerelateerde en persoonlijke complimenten positieve gevolgen voor de medewerkers. Verder is in 2022 weer kritisch naar de werkprocessen gekeken en zijn waar nodig aanpassingen gedaan. Een uitgebreid overzicht van klachten en een analyse daarvan wordt in een separaat klachtenjaarverslag verantwoord.

56

4.4.9 Inkoopfunctie De Europese aanbestedingen m.b.t. schoonmaakdiensten en medische ge- en verbruiksartikelen zijn afgerond en de opstart van de nieuwe contracten heeft in 2022 plaatsgevonden. De inkoop van kantoormaterialen is onderzocht en er is een basisassortiment vastgesteld.Omdat er door verdergaande digitalisering minder verbruik is, is op basis van Lean procesverbetering aangebracht waardoor verbruikskosten zullen dalen. Er zijn ook andere inkooptrajecten opgestart maar die waren eind 2022 nog niet afgerond. Bij de samenwerking tussen Bizob, Financiën en de Contactpersoon Inkoop zijn stappen gezet maar het vraagt in de toekomst nog aandacht. Leveranciersmanagement en contractbeheer leveren resultaten op in bewust tenderen en op bijsturen in samenwerking; verdere verbeteringen in leveranciersmanagement worden opgepakt. Ook in 2022 is er gewerkt aan het verder complementeren van het contractregister.

4.4.10

Klant Contact Centrum (KCC)

Het jaar 2022 begon heel druk met COVID-19 vragen rondom vaccinaties. Daarnaast trok het aantal telefoontjes voor de reguliere afdelingen ook aan. Gedurende het voorjaar werd het wat rustiger rondom COVID en kwam de reguliere telefonie meer op stoom. Het werkaanbod heeft meerdere enorme piekmomenten gekend. Van 200 telefoontjes (regulier) per dag naar 1.200 op één dag, naar 3.000 (aanhoudende pieken) en naar bijna 5.000 per dag. De chatbot is verder uitgebouwd. Naast kennis over Covid beschikt deze nu ook informatie over de RVP-campagne, Reizigerszorg en Jeugdgezondheidszorg. De chatbot vangt hiermee telefonie voor de KCC-medewerker af. Er is intensief verder gebouwd aan de kennisbank voor KCC. Er zijn meerdere onderwerpen van de GGD toegevoegd en wordt dagelijks actief bijgehouden zodat de informatie up to date is. Tevens is een start gemaakt om het eigenaarschap op de actualiteit van kennis over te dragen aan de inhoudelijke GGD-teams. Daarvoor is de samenwerking geïntensiveerd met de teams van IZB, Bijzondere Zorg én Reizigerszorg. Lean kennis en vaardigheden zijn in de praktijk ervaren door introductie en implementatie van een dagstart en een verbeterbord. Continu verbeteren is de manier van werken geworden.

4.4.11

Communicatie

Het afgelopen jaar heeft team Communicatie verder gebouwd aan de professionalisering van de dienstverlening. Door de afnemende drukte rondom Covid kregen we meer tijd en ruimte om reguliere werkzaamheden weer op te pakken. De toegevoegde waarde van het team communicatie wordt steeds beter gezien en gewaardeerd door andere teams binnen de GGD.

57

In april is er een strategisch communicatieadviseur aan het team toegevoegd. Zij is verantwoordelijk voor strategische keuzes op het gebied van communicatie. Er is een start gemaakt met de merkstrategie (hoe positioneren we de GGD), fanstrategie (hoe worden medewerkers fan van de GGD, hoe worden klanten fan van de GGD etc), en het bepalen van strategische doelen. De samenwerking tussen team Communicatie en het GGD klantcontactcentrum is geintensiveerd. Nieuwe medewerkers van het KCC zijn opgeleid in webcare en er is gebouwd aan de chatbot. Tenslotte werken we meer datagestuurd. Omgevingsanalyses en statistieken van onze online kanalen zijn gehanteerd om onze communicatie daarop aan te passen en te verbeteren. De zichtbaarheid van de GGD in de COVID-19 crisis heeft ervoor gezorgd dat we beter bekend zijn bij onze inwoners. Ze kennen ons nu vooral van de Covid-19-bestrijding en de uitdaging was om onze andere dienstverlening en producten beter in de etalage te zetten. Hiermee hebben we een start gemaakt door het ontwerpen van de GGD Expo. Een expositie waarin diverse afdelingen van de GGD hun verhaal vertellen. Deze Expo zal in 2023 verder uitgebouwd worden en ingezet worden op bijvoorbeeld scholen. Dit bijvoorbeeld ten behoeve van de werving van nieuwe medewerkers. In 2022 hebben we voor procesondersteuning social media steeds gerichter en lokaler ingezet.

Om de komst van pop-uplocaties te promoten, hebben we advertenties bijvoorbeeld meer gericht op wijken in plaats van de hele regio. Alle social media kanalen (Facebook, Twitter, LinkedIn & Instagram) van GGD BZO zijn ingezet om primaire processen te ondersteunen. Hiervoor is een socialmedia beleid geschreven, met daarin als belangrijkste richtlijnen: 1. Content is afgestemd op doel, doelgroep en kanaal 2. Content is herkenbaar voor Brabant Zuidoost 3. Content is persoonlijk

58

Het aantal volgers op sociale media stijgt nog steeds. Waar we eind 2021 ruim 24.000 webcarevragen hadden, is dat nu minder geworden, rond de 6.700 webcare vragen. Dit is ook niet verrassend, omdat Covid niet langer een hot topic is in de maatschappij:

4.4.12

GGD en duurzaamheid

De GGD wil een bijdrage leveren aan de strategische duurzaamheidsdoelstellingen. De WHO stelt dat klimaatverandering de grootste bedreiging is voor de volksgezondheid in de 21 e eeuw (COP Special Health Report on climate change and health, WHO, 2021). Directie en management hebben in 2022 voor de GGD de volgende hoofrichting bepaald: - Beschermen van de volksgezondheid tegen de gevolgen van klimaatverandering (bijv. hittestress); - Bevorderen van de gezonde keuzes die tevens een bijdrage leveren aan duurzaamheid zoals bewegen, gezonde voeding, meer groen in de leefomgeving ed. (praktijkvoorbeelden 2022: JOGG en Grozzerdam waar getracht wordt duurzame gezonde keuzes te stimuleren); - Verminderen van de milieubelasting van de eigen GGD-bedrijfsvoering (praktijkvoorbeelden 2022: terugdringen van onnodige verlichting in de Witte Dame, stimuleren tweezijdig printen). De GGD heeft de doelen van de Green Deal Duurzame Zorg 3.0 omarmd. Dit betekent dat we bij onze activiteiten de volgende 5 doelen nastreven: -

Bevorderen van gezondheid

-

Bevorderen van bewustwording en kennis (incl. pleitbezorging, onderwijs, onderzoek)

-

Verminderen CO2-emissie van gebouwen, energie en vervoer

-

Circulair en spaarzaam werken met grondstoffen en materialen

-

Verminderen milieubelasting van medicatie

Duurzaamheid raakt hiermee zowel onze primaire taken als onze bedrijfsvoering.

59

4.5

Verbonden partijen

In deze paragraaf besteden wij aandacht aan verbonden partijen waarmee de GGD BZO een bestuurlijk en/of financieel belang heeft. Het begrip verbonden partij is vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Het financieel belang is gedefinieerd als: “Een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is als de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt”. Het bestuurlijk belang is gedefinieerd als: “Zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht”. Aan de GGD zijn onderstaande 2 stichtingen en 1 vereniging gelieerd. GGD Brabant-Zuidoost heeft daarnaast met de Brabantse GGD’en een samenwerkingsverband onder de naam Bureau Gezondheid, Milieu en Veiligheid (GMV). Formeel is dit geen Verbonden Partij, maar gezien de aard en omvang wordt deze hier toch vermeld en kort toegelicht. In dit samenwerkingsverband worden op basis van dienstverleningsovereenkomsten gezamenlijk activiteiten uitgevoerd op het gebied van medische milieukundige zorg. De kosten worden verdeeld over de aangesloten GGD-en; deze kosten bedragen circa € 1,75 miljoen waarvan circa € 300.000 gedekt wordt door baten van derden. Het financiële risico voor de GGD BZO betreft haar aandeel (ca 30%) in een evt.

tekort van het bureau. De bijdrage van BZO bedraagt jaarlijks ca. € 400.000. Over 2021 heeft GMV een positief exploitatiesaldo gerealiseerd van € 260.000. Dit saldo is toegevoegd aan de egalisatievoorziening van het samenwerkingsverband en dat bedroeg eind 2021 € 733.000 positief.

4.5.1 Stichting Projecten GGD De stichting heeft als doelstelling: het bijdragen aan de volksgezondheid door het ‘ten behoeve van de GGD’ ontwikkelen en uitvoeren van tijdelijke gezondheidsprojecten en overige zaken. Het Dagelijks Bestuur van de GGD fungeert als bestuur en de directeur van de GGD fungeert als directeur (beiden onbezoldigd). De GGD is aansprakelijk voor de financiële resultaten van de stichting en samen vormen ze tevens een fiscale eenheid. De stichting neemt evt. personeel in dienst en detacheert dat bij de GGD voor het uitvoeren van tijdelijke werkzaamheden; de kosten en evt. baten worden integraal doorberekend aan de GGD. De stichting leidt al jaren een ‘slapend’ bestaan; er vinden geen activiteiten plaats en ook het vermogen is nihil.

60

4.5.2 Stichting Bureau Inkoop & Aanbestedingen Zuid Oost Brabant De stichting heeft ten doel het creëren van voordelen op zowel financieel, kwalitatief en procesmatig gebied voor gemeenten en GR'en, o.a. door het faciliteren van het regionaal inkoopbureau. GGD heeft een dienstverleningsovereenkomst (ca. € 215.000) met Bizob en is middels een AB-lid vertegenwoordigd in de Vergadering van Aangeslotenen Bizob. De aangesloten gemeenten en GR'en delen in eventuele exploitatietekorten en overschotten. Het rekeningresultaat 2021 bedroeg ca. € 1.003.000 positief en het Eigen Vermogen ultimo 2021 bedroeg ca. € 1.405.000.

4.5.3 Vereniging GGD GHOR Nederland De vereniging verzorgt als koepelorganisatie van GGD'en en GHOR-bureau's belangenbehartiging op landelijk niveau en voert (gezamenlijke) projecten uit. De GGD is via de DPG vertegenwoordigd in de Algemene Ledenvergadering c.q. raad van DPG'en. De GGD betaalt een jaarlijkse contributie (ca. € 100.000,-) gebaseerd op het aantal inwoners. De aangesloten GGD'en delen in eventuele exploitatietekorten en -overschotten. Het rekeningresultaat 2021 bedroeg ca. € 150.000 negatief en het Eigen Vermogen ultimo 2021 bedroeg ca € 1.004.000.

61

5. Programmarekening over begrotingsjaar De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten daarvoor geeft.

5.1 Grondslagen voor resultaatbepaling Het resultaat wordt gewaardeerd op basis van historische kosten. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. De opbrengsten en winsten worden vastgelegd in het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden vóór het einde van het boekjaar, worden in acht genomen indien zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De personeelskosten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen of schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele kosten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij wordt gedacht aan componenten zoals overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke.

5.2 Grondslagen voor waardering De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Materiële vaste activa met economisch nut De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikname lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut wordt niet afgeschreven.

62

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Activa

Lineair

Verbouwing gebouw Eindhoven

20

Inrichting gebouw Eindhoven

7-20

Gebouwen ambulancezorg

40-50

Installaties en beveiligingen gebouwen ambulancezorg

10-20

Verbouwingen

10-20

Installaties

5-10

Inventaris

5-15

Medische inventaris

5-11

Ambulances

6

Dienstauto

5

Piketvoertuigen

6

Hardware

3-5

Software

3-6

Afschrijvingstermijnen van de ambulancezorg zijn conform voorschriften van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen, (overige) leningen u/g en (overige) uitzettingen zijn – tenzij hierna anders is vermeld – opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien noodzakelijk wordt een voorziening voor verwachte oninbaarheid gevormd. Deze voorziening wordt in mindering gebracht op de nominale waarde van de vorderingen. De voorziening wordt bepaald op basis van geschatte inningkansen. Liquide middelen en overlopende posten worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voorraden worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs.

63

Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op contante waarde of het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. Vaste schulden De vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde verminderd met de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva, bestaande uit de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd van korter dan een jaar en de overlopende passiva, worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

64

6. Balans en de toelichting 6.1 Balans 31-12-2022 (in Euro’s) ACTIVA

Saldo per 31-12-2022

Saldo per 31-12-2021

Vaste activa Materiële vaste activa: Investeringen met economisch nut: Bedrijfsgebouwen en -terreinen

1.445.684

1.610.709

Vervoermiddelen

3.626.382

3.054.324

Machines, apparaten en installaties

1.174.674

1.330.545

Overige materiële vaste activa

1.635.045

1.971.016 7.881.785

7.966.594

Financiële vaste activa: Overige uitzettingen met looptijd > 1 jaar

750.000

Totaal vaste activa

1.000.000 750.000

1.000.000

8.631.785

8.966.594

Vlottende activa Voorraden: Gereed product en handelsgoederen

45.747

21.644 45.747

21.644

Uitzettingen met een rente looptijd <1 jaar: Vorderingen op openbare lichamen

5.092.010

4.209.991

Uitzettingen in ’s Rijks schatkist

14.141.275

12.111.735

Overige vorderingen

4.083.556

2.691.872 23.316.841

19.013.598

Liquide middelen: Kassaldi

1.595

2.219

Banksaldi

194.817

255.725 196.412

257.944

Overlopende activa: Van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met specifiek bestedingsdoel

745.815

347.703

2.306.824

5.288.973

Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Overlopende activa

3.052.639

5.636.676

Totaal vlottende activa

26.611.639

24.929.862

Totaal generaal

35.243.424

33.896.456

65

PASSIVA

Saldo per 31-12-2022

Saldo per 31-12-2021

Vaste passiva Eigen vermogen: Algemene reserve

2.920.286

2.508.147

Bestemmingsreserves

2.132.868

2.187.489

412.439

12.139

Nog te bestemmen resultaat

5.465.592

4.707.775

Voorzieningen: Voorziening voor verplichtingen, verliezen

1.503.645

1.218.146

en risico’s 1.503.645

Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

1.532.063

Totaal vaste passiva

1.218.146

1.584.392 1.532.063

1.584.392

8.501.300

7.510.313

Vlottende passiva

Overige schulden

26.123.076

25.904.088 26.123.076

25.904.088

Overlopende passiva:

Van Europese of Nederlandse

475.158

446.624

143.890

35.431

overheidslichamen ontvangen, nog te besteden specifieke uitkeringen Overige vooruit ontvangen bedragen Overlopende passiva

619.048

482.055

Totaal vlottende passiva

26.742.124

26.386.143

Totaal generaal

35.243.424

33.896.456

66

6.2 Toelichting op de balans 6.2.1 Vaste activa De vaste activa zijn activa met een rente typische looptijd langer dan één jaar. Materiële vaste activa De post materiële vaste activa omvat investeringen met economisch nut en wordt onderscheiden in: -

Bedrijfsgebouwen

-

Vervoermiddelen

-

Machines, apparaten en installaties

-

Overige materiële vaste activa

In het onderstaand overzicht ‘Boekwaarde materiële vaste activa’ staat de boekwaarde van de materiële activa ultimo 2021 en 2022. Boekwaarde materiële vaste activa

31-12-2022

31-12-2021

Bedrijfsgebouwen

1.445.684

1.610.709

Vervoermiddelen

3.626.382

3.054.324

Machines, apparaten en installaties

1.174.674

1.330.545

Overige materiële vaste activa

1.635.045

1.971.016

Totaal

7.881.785

7.966.594

Het verloop van de boekwaarde van materiële vaste activa gedurende het boekjaar 2022 komt tot uitdrukking in het onderstaande overzicht ‘verloop materiële vaste activa’. Verloop materiële vaste activa

Boek-

Inves-

Desinves-

Afschrij-

waarde

teringen

teringen

vingen

31-12-2021

Boekwaarde 31-12-2022

Bedrijfsgebouwen

1.610.709

Vervoermiddelen

3.054.324

1.531.069

Machines, apparaten en

1.330.545

60.343

1.971.016

416.836

7.966.594

2.008.248

65.000

165.025

1.445.684

894.011

3.626.382

216.214

1.174.674

752.807

1.635.045

2.028.057

7.881.785

installaties Overige materiële vaste activa Totaal

65.000

67

Vervoermiddelen: De investering in vervoermiddelen van circa 1,5 miljoen euro betreft de geplande vervanging van 11 ambulances. 3 van deze voertuigen zijn in 2022 aangeschaft, maar zullen pas in 2023 volledig ingericht en in gebruik genomen gaan worden. De desinvestering bestaat uit de afboeking van de restwaarde van 13 vervangen ambulances. Dit betreft 8 in 2022 vervangen ambulances en 5 ambulances die eind 2021 al vervangen maar nog niet verkocht waren. Machines, apparaten en installaties: In 2022 is voor ca. € 60.000 geïnvesteerd in instrumentarium en installaties. Dit betreft de aanschaf van beademingsapparatuur voor de ambulancedienst. Overige materiële vaste activa: De investeringen in overige materiële vaste activa bestaan voor ongeveer € 417.000 uit investeringen in hardware. Dit betreft onder andere investeringen in (hybride) werkplekken, vergaderapparatuur, telefonie en het netwerk van de GGD.

Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2022 wordt in het volgende overzicht weergegeven: Verloop financiële vaste activa Overige uitzettingen met een

Boekwaarde 31-12-2021

Vermeer-

Vermindering

Boekwaarde

dering

31-12-2022

1.000.000

250.000

750.000

1.000.000

250.000

750.000

looptijd > 1 jaar Totaal

De post financiële vaste activa bestaat uit de verstrekking van een waarborgsom aan de verhuurder van het pand aan De Callenburgh te Helmond. Deze waarborg dient uitsluitend als waarborg voor de betaling van huurpenningen door de GGD aan de verhuurder. De waarborg wordt conform een overeengekomen staffel gedurende de looptijd van de overeenkomst van 21 jaar gerestitueerd aan de GGD. De eerste restitutie vindt plaats na afloop van 9 jaar van de overeenkomst. Omdat de eerste restitutie in 2023 zal plaatsvinden, is de bijbehorende termijn van € 250.000 ultimo 2022 geclassificeerd van financiële vaste activa naar vorderingen korter dan 1 jaar.

68

6.2.2 Vlottende activa De vlottende activa bestaan uit activa met rente-typische looptijd korter dan één jaar, namelijk: -

Voorraden

-

Uitzettingen korter dan één jaar

-

Liquide middelen

-

Overlopende activa

In onderstaande tekst worden de vlottende activa per punt toegelicht. Voorraden De post voorraden bestaat uit de voorraad vaccins voor Reizigerszorg. Voorraden

Saldo 31-12-2022

Saldo 31-12-2021

Gereed product en handelsgoederen

45.747

21.644

Totaal voorraden

45.747

21.644

Uitzettingen korter dan één jaar De post vorderingen is te onderscheiden in: -

Vorderingen op openbare lichamen

-

Overige vorderingen

-

Voorziening oninbare vorderingen

De in de balans opgenomen uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt worden gespecificeerd. Uitzettingen korter dan één jaar

Saldo 31-12-2022

Saldo 31-12-2021

Debiteuren algemeen

5.092.010

4.209.991

Totaal vorderingen op openbare lichamen

5.092.010

4.209.991

Uitzettingen in ’s Rijks schatkist

14.141.275

12.111.735

4.018.673

2.689.196

Debiteuren algemeen

168.956

93.936

Waarborgsommen

29.603

20.435

Voorziening oninbare vorderingen

-133.676

-111.695

Totaal overige vorderingen

4.083.556

2.691.872

Totaal uitzettingen korter dan één jaar

23.316.841

19.013.598

Vorderingen op openbare lichamen:

Overige vorderingen: Debiteuren ambulancehulpverlening

69

Vorderingen op openbare lichamen De vorderingen op openbare lichamen hebben grotendeels betrekking op de vooruit gefactureerde gemeentelijke bijdrage voor 2023 die ultimo 2022 nog niet ontvangen zijn. Uitzettingen in ’s Rijks schatkist GGD Brabant-Zuidoost is verplicht de overtollige liquide middelen boven een bepaald drempelbedrag aan te houden bij het ministerie van Financiën in ’s Rijks schatkist. Voor openbare lichamen met een begrotingstotaal kleiner of gelijk aan € 500 mln. is het drempelbedrag gelijk aan 2% van het begrotingstotaal, waarbij het drempelbedrag minimaal € 1.000.000,- bedraagt. Het begrotingstotaal op 1 januari 2022 was € 64.040.000,-. Op basis van dit bedrag is het drempelbedrag € 1.280.800. Het gemiddelde van aangehouden liquide middelen per kwartaal wordt in onderstaand overzicht weergegeven voor het jaar 2022. Kwartaal

Gemiddelde bedrag aan middelen buiten de schatkist

1e kwartaal 2022

224.000

2e kwartaal 2022

282.000

3e kwartaal 2022

210.000

4e kwartaal 2022

224.000

Het drempelbedrag voor het jaar 2022 is € 1.280.800, waarmee elk kwartaal is voldaan aan de norm. Voorziening oninbare vorderingen De vorderingen zijn verminderd met het saldo van de voorziening dubieuze debiteuren. De voorziening dubieuze debiteuren wordt aangehouden ter dekking van vorderingen die in de toekomst oninbaar blijken te zijn. Deze voorziening wordt uitsluitend gebruikt voor oninbare bedragen voor ambulancevervoer. Jaarlijks wordt op basis van geschatte inningskansen een gedeelte van de omzet toegevoegd aan deze voorziening. Het verloop van de voorziening ziet er als volgt uit: Voorziening dubieuze debiteuren

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

111.695

Toevoeging: storting in de voorziening

132.000

Onttrekking: oninbare vorderingen

110.019

Saldo per 31-12-2022

133.676

70

Liquide middelen De post liquide middelen wordt onderscheiden in: -

Banken

-

Deposito’s

-

Kas

De saldi van de liquide middelen in het boekjaar 2022 komen tot uitdrukking in onderstaand overzicht. Liquide middelen

Saldo 31-12-2022

Saldo 31-12-2021

Kassaldi

1.595

2.219

Banksaldi

194.817

255.724

Totaal

196.412

257.944

Overlopende activa De post overlopende activa wordt onderscheiden in: -

Vooruitbetaalde bedragen

-

Nog van Europese en Nederlandse overheidslichamen te ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen

-

Nog te ontvangen bedragen

De saldi van de overlopende activa in het boekjaar 2022 komen tot uitdrukking in onderstaand overzicht. Overlopende activa

Saldo 31-12-2022

Saldo 31-12-2021

op specifieke uitkeringen

745.815

347.703

Vooruitbetaalde bedragen

1.152.896

1.294.405

Overige nog te ontvangen bedragen

1.153.928

3.994.568

Totaal

3.052.639

5.636.676

Nog van Europese en Nederlandse overheidslichamen te ontvangen voorschotten

De daling van circa € 2.800.000 van het saldo overige nog te ontvangen bedragen eind 2022 ten opzichte van eind 2021 wordt enerzijds veroorzaakt door een nog te ontvangen bedrag per ultimo 2021 van circa €2.000.000 aan opbrengsten van het Rijk in verband met COVID-19 en anderzijds door een lager bedrag ultimo 2022 aan overlopende facturen van circa €800.000 ten opzichte van 2021.

71

In onderstaande tabel wordt het verloop over het boekjaar 2022 van de van Europese en Nederlandse overheidslichamen te ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen weergegeven. Alle uitkeringen zijn gerelateerd aan lokale overheden (overige Nederlandse overheidslichamen). Van overheidslichamen te ontvangen voorschotten

Saldo

Toevoeging

31-12-2021

Ontvangen

Saldo

bedrag

31-12-2022

Sociaal Domein en VVE

30.001

36.048

30.001

36.048

Boer en verstand

4.596

-

-

4.596

-

584.005

-

584.005

JOGG Regisseur

2.825

-

2.825

-

Rijksvaccinatieprogramma

16.942

-

16.942

-

Seksuele diversiteit

2.000

-

-

2.000

Steunpunt Mantelzorg Valkenswaard

31.000

25.000

31.000

25.000

Cliëntervaringsonderzoek

-

20.000

-

20.000

Maatwerk JGZ Asten

-

1.017

-

1.017

Maatwerk JGZ Laarbeek

-

5.195

-

5.195

Maatwerk JGZ Helmond

260.339

67.955

260.339

67.955

Totaal

347.703

739.220

341.107

745.815

Mantelzorgcompliment 2022

72

6.2.3 Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves gedurende het boekjaar 2022 komt tot uitdrukking in onderstaand overzicht. Reserve

Saldo 31-

Toevoe-

Onttrek-

Bestem.

Vrijval

Saldo 31-

12-2021

ging

king

Resultaat

12-2022

Algemene Reserve PG

1.081.060

400.000

45.288

1.526.348

Algemene Reserve AZ

1.427.087

-33.149

1.393.938

Algemene reserves:

Bestemmingsreserves: Beschikbare middelen

12.586

12.586

gezondheidsprojecten Egalisatiereserve

630.747

175.000

455.747

Scholingskosten AZ Monitoringscyclus

41.595

129.700

Uitkeringskosten ZW/WGA

520.038

167.000

Verbetering bedrijfsvoering

652.523

Uitgestelde scholing PG

150.000

Uitgestelde ICT projecten

180.000

Meerjarenbeleidsplan

-

171.295 107.235

579.803

169.086

483.437 90.000

60.000

110.000

70.000

300.000

300.000

Resultaat nog te bestemmen: Resultaat nog te bestemmen

12.139

- 12.139

-

-

412.439

412.439

2021 Resultaat nog te bestemmen 2022 Totaal

4.707.775

996.700

561.321

412.439

90.000

5.465.592

Algemene reserves Algemene Reserve PG De algemene reserve PG staat ter beschikking van de organisatie. Het Algemeen Bestuur dient te besluiten over de eventuele bestedingen. Daarnaast wordt deze reserve gebruikt om de fluctuaties in het exploitatieresultaat van het programma Publieke Gezondheid op te vangen. Omdat de omvang van de algemene reserve PG ultimo 2021 ruim onder het kader stellende minimum van € 1.500.000 lag, is in 2022 conform bestuursbesluit en begroting € 400.000 aan deze reserve toegevoegd om deze verder op peil te brengen. Tevens is in het boekjaar 2022 het ‘resultaat nog te bestemmen 2021’ van € 45.288 toegevoegd aan de algemene reserve PG.

73

In onderstaand overzicht staan de mutaties op de algemene reserve. Algemene Reserve PG

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

1.081.060

Toevoeging: conform programma begroting

400.000

Resultaatbestemming 2021

45.288

Saldo per 31-12-2022

1.526.348

Algemene Reserve AZ De algemene reserve AZ zal gebruikt worden om fluctuaties in het exploitatieresultaat van het programma Ambulancezorg op de vangen. Aanwending van deze reserve is de bevoegdheid en verantwoordelijkheid van het GGD-bestuur. Algemene Reserve AZ

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

1.427.087

Resultaatbestemming 2021 Saldo per 31-12-2022

-33.149 1.393.938

In het boekjaar 2022 is conform bestuursbesluit het resultaat 2021 onttrokken aan de algemene reserve AZ. Bestemmingsreserves Reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten: De reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten is een bestemmingsreserve. Deze reserve is gevormd ter ondersteuning van de gezondheidsprojecten. Deze bestemmingsreserve is gevormd uit verdiensten van de stichting huisartsenvervoer, de voorganger van Care 4 Mobility. Het bedrag is door de stichting aan de GGD overgedragen onder voorwaarde dat het enkel en alleen wordt besteed aan gezondheidsprojecten. In onderstaand overzicht staan de mutaties op de ‘Reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten’. Reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

12.586

Geen mutaties Saldo per 31-12-2022

12.586

In 2022 zijn er geen mutaties geweest op deze reserve.

74

Reserve egalisatie Scholingkosten Ambulance: De egalisatiereserve Scholingskosten AZ is gevormd om de kosten voor de scholing van de ambulancedienst, waarin jaarlijks grote schommelingen kunnen voorkomen, te egaliseren. In 2022 zijn de medewerkers laag-complexe ambulancezorg omgeschoold naar midden-complexe ambulancezorg. Tijdens de opleidingsperiode was het noodzakelijk om tijdelijk extra personeel in te huren om de weggevallen diensten in te kunnen vullen. Ter dekking van deze extra kosten is € 175.000 aan de scholingsreserve onttrokken. In het onderstaande overzicht staan de mutaties van de Reserve Egalisatie Scholingskosten AZ. Reserve Egalisatie Scholingskosten AZ

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

630.747

Onttrekking: vervangingskosten ten tijden van omscholing personeel

-175.000

Saldo per 31-12-2022

455.747

Reserve Monitoringscyclus: De cyclus van de gezondheidsonderzoeken omvat 4 jaren waarbij de werkelijke kosten per jaar sterk fluctueren. Om het beschikbare budget binnen de begroting jaarlijks geen grote schommelingen te laten vertonen is berekend wat de gemiddelde kosten per jaar zijn. Jaarlijks wordt dit bedrag in de begroting opgenomen en het verschil tussen de werkelijke kosten en het beschikbare budget wordt verrekend met een egalisatiereserve onderzoek. De toevoeging in 2022 is hoger dan geraamd vanwege verwachte hogere inzet in 2023 als gevolg van het inhalen van achterstanden ontstaan gedurende de Covid-19 crisis. Reserve Monitoringscyclus

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

41.595

Toevoeging

129.700

Saldo per 31-12-2022

171.295

75

Reserve Egalisatie uitkeringskosten ZW/WGA: Vanaf 1 juli 2017 is de GGD eigenrisicodrager voor de uitkeringskosten ZW/WGA. Jaarlijks wordt daarom een bedrag toegevoegd aan de reserve, zodat in de toekomst kosten hiervoor uit deze reserve gedekt kunnen worden. Reserve egalisatie uitkeringskosten ZW/WGA

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

520.038

Onttrekking

-107.235

Toevoeging

167.000

Saldo per 31-12-2022

579.803

De onttrekking van ruim € 107.000 is ter dekking van de kosten van uitkeringen inzake de ZW/WGA. Daarnaast is op basis van een meerjaren kostenprognose € 167.000 toegevoegd aan de reserve. Reserve verbetering bedrijfsvoering In 2020 is een éénmalige gemeentelijke bijdrage voor het verbeteren van de bedrijfsvoering ontvangen. Het restant van deze middelen ultimo 2020 van € 773.000 is destijds toegevoegd aan de reserve verbetering bedrijfsvoering. In 2022 is een bedrag van circa € 169.000 onttrokken aan deze reserve ter verbetering van de bedrijfsvoering waaronder Lean-programmakosten en externe advies- en begeleidingskosten in de ontwikkeling naar zelforganiserende teams. Reserve verbetering bedrijfsvoering

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

652.523

Onttrekking

-169.086

Saldo per 31-12-2022

483.437

Reserve uitgestelde scholing Publieke Gezondheid In 2020 is als gevolg van de Covid-19 crisis scholing van personeel niet uitgevoerd conform de initiële verwachtingen. In de resultaatbestemming van 2020 is besloten om een reserve te vormen om de extra kosten voor de verwachte toekomstige inhaalslag te kunnen dekken. In 2021 en 2022 heeft deze inhaalslag nog niet plaatsgevonden onder andere als gevolg van de voortdurende Covid-19 crisis. Ultimo 2022 is de verwachting dat een deel van de uitgestelde scholing niet meer in deze omvang zal plaats vinden, derhalve is in 2022 een bedrag van € 90.000 vrijgevallen uit de reserve. Reserve uitgestelde scholing Publieke Gezondheid

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

150.000

Vrijval

-90.000

Saldo per 31-12-2022

60.000

76

Reserve uitgestelde ICT projecten In 2020 zijn als gevolg van de Covid-19 crisis een aantal ICT projecten niet tot uitvoering gekomen. Daar deze projecten in de jaren na 2020 alsnog plaats zullen vinden, is in de resultaatbestemming van 2020 besloten om een reserve te vormen om de extra kosten die daarmee samenhangen te kunnen dekken. In 2022 is uit deze reserve € 110.000 aangewend. Reserve uitgestelde ICT projecten

Bedrag

Saldo per 31-12-2021

180.000

Onttrekking

-110.000

Saldo per 31-12-2022

70.000

Reserve Meerjarenbeleidsplan Conform bestuursbesluit is ten behoeve van het ontwikkelen van 6 uitvoeringsprogramma’s zoals benoemd in het Meerjarenbeleidsplan van de GGD in 2022 een bedrag van € 300.000 aan de bestemmingsreserve Meerjarenbeleidsplan toegevoegd. Aanwending van deze reserve zal in 2023 en volgende plaatsvinden. Reserve Meerjarenbeleidsplan Saldo per 31-12-2021

Bedrag -

Toevoeging

300.000

Saldo per 31-12-2022

300.000

Resultaat nog te bestemmen 2022: Resultaat nog te bestemmen 2022

Bedrag

Resultaat programma Publieke Gezondheid 2022

443.223

Resultaat programma Ambulancezorg 2022

-30.784

Saldo per 31-12-2022

412.439

77

Resultaat 2021 (reeds bestemd): Het resultaat over 2021 is conform bestuursbesluit als volgt toegevoegd aan de reserves. Resultaat nog te bestemmen 2021

Bedrag

Beginstand per 31-12-2021

12.139

Resultaat programma Publieke Gezondheid 2021

-45.288

Resultaat programma Ambulancezorg 2021

33.149

Saldo per 31-12-2022

-

Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen gedurende het boekjaar 2022 komt tot uitdrukking in het overzicht ‘voorzieningen’. Voorzieningen

Saldo 31-

Toevoeging

Onttrekking

Vrijval

Saldo 31-12-

12-2021 Herplaatsingskosten

2022

128.146

25.410

102.736

personeel PLB-uren ambulancezorg Spaarverlof Totaal

1.090.000

158.574

1.248.574

-

152.335

152.335

1.218.146

310.909

25.410

-

1.503.645

Voorziening herplaatsingskosten personeel Vanwege verwachte toekomstige betalingsverplichtingen in verband met (externe) herplaatsing van personeel, is conform BBV-regelgeving een voorziening gevormd. In 2022 is er voor circa € 25.000 aan outplacement en salariskosten onttrokken uit deze voorziening. Voorziening PLB-uren Met ingang van 2011 zijn in de cao voor Ambulancezorg de zogenaamde Persoonlijk Levensloop Budget-uren (PLB-uren) opgenomen. Deze uren mogen worden opgespaard om op een later tijdstip op te nemen. Het aantal opgespaarde uren zal geleidelijk toenemen en op termijn mogelijk tot aanzienlijke en niet jaarlijks gelijkblijvende vervangingskosten leiden. Hiervoor dient volgens BBV-richtlijnen een voorziening getroffen te worden. De toevoeging over 2022 bedroeg circa € 159.000. Spaarverlof In de cao’s voor zowel SGO als Ambulancezorg zijn met ingang van 2022 regelingen opgenomen voor spaarverlof. Daarnaast is er een aanzienlijke toename in aangekocht verlof door personeel. Het aantal gespaarde uren zal jaarlijks fluctueren en op termijn mogelijk tot aanzienlijke en niet jaarlijks gelijkblijvende vervangingskosten leiden. Hiervoor dient volgens BBV-richtlijnen een voorziening getroffen te worden. In 2022 is voor circa € 152.000 aan verlofuren aan deze voorziening toegevoegd. Vaste schulden met een rente typische looptijd langer dan één jaar 78

De post langlopende schulden met een rente typische looptijd langer dan één jaar bestaat uit onderhandse leningen van binnenlandse banken. Het verloop van de langlopende schulden met een rente typische looptijd van langer dan één jaar gedurende het boekjaar 2022 komt tot uitdrukking in het overzicht ‘Onderhandse leningen’. De totale ‘rente last’ over het boekjaar 2022 met betrekking tot de vaste schulden bedraagt € 64.459.

Onderhandse

Hoofdsom

Saldo 31-

leningen

Aflossing

12-2021

Afgesloten

Saldo 31-

Rente

lening

12-2022

kosten

Leningnr: 40.92604.01

2.187.015

1.584.392

52.329

-

1.532.063

64.459

Totaal

2.187.015

1.584.392

52.329

-

1.532.063

64.459

Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De post kortlopende schulden met een rente typische looptijd van korter dan één jaar bestaat uit een aantal posten, zoals wordt weergegeven in onderstaand overzicht ‘Kortlopende schulden’. Kortlopende schulden

31-12-2022

31-12-2021

3.834.354

6.550.905

93.131

28.924

Nog te verrekenen voorschot meerkosten Covid-19

5.644.205

-

Nog te betalen loonheffing en sociale lasten

3.170.500

2.978.887

660.753

657.126

Vooruit gefactureerde gemeentelijke bijdragen

7.091.481

6.711.212

Overige nog te betalen posten

4.258.955

7.897.073

Ambulancedienst nog in tarieven te verrekenen

1.369.697

1.079.961

Totaal

26.123.076

25.904.088

Crediteuren Nog te betalen BTW

Nog te betalen pensioenfondsen

De totale kortlopende schulden ultimo 2022 zijn licht gestegen ten opzichte van de positie eind 2021. De voornaamste afwijkingen tussen de balansstanden eind 2021 en eind 2022 zijn een daling van het crediteurensaldo met € 2.700.000 en een daling van de overige nog te betalen posten met € 3.600.000. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de afgenomen Covid-19 gerelateerde activiteiten, waardoor ook de daarbij behorende nog te betalen bedragen per ultimo 2022 lager zijn. Tegenover deze daling staat een nog te verrekenen bedrag voor ontvangen voorschotten i.v.m. bestrijding Covid-19 pandemie ten bedrage van € 5.600.000 miljoen.

79

Overlopende passiva De post overlopende passiva wordt onderscheiden in: -

Vooruit ontvangen doeluitkeringen van overheidslichamen

-

Overige vooruit ontvangen bedragen

Overlopende passiva

31-12-2022

31-12-2021

143.890

35.431

ontvangen, nog te besteden specifieke uitkeringen

475.158

446.624

Totaal

619.048

482.055

Overige vooruit ontvangen bedragen Van Europese en Nederlandse overheidslichamen

Het verloop van de van overheidslichamen vooruit ontvangen doeluitkeringen over het boekjaar 2022 is als volgt: Vooruit ontvangen bedragen

Saldo 31-

Toevoe-

Aanwen-

Saldo 31-

overheidslichamen

12-2021

ging

ding

12-2022

4.455

-

1.418

3.037

-

35.712

-

35.712

JOGG

10.685

-

10.685

-

Statushouders

4.304

-

4.304

-

Zorgbonus

278.293

-

-

278.293

Thematafel rookvrij

22.500

-

-

22.500

Nu Niet Zwanger

20.176

-

20.176

-

Geldrop Mierlo Sociaal Domein

10.000

-

-

10.000

Kansrijke Start

39.097

-

30.158

8.939

Seksuele diversiteit

47.873

-

21.742

26.131

-

60.546

-

60.546

-

30.000

-

30.000

9.241

-

9.241

-

446.624

126.258

97.724

475.158

Onderzoek MEE NPO middelen Best

M@zl SOA testen ondersteuningsmaatregel Rookvrije generatie Totaal

Voor bovenstaande projecten is in of voor 2022 financiering ontvangen terwijl de uitvoering deels of geheel zal plaatsvinden in 2023 of later. Het nog niet aangewende deel van de ontvangen voorschotten is opgenomen onder vooruit ontvangen bedragen van overheidslichamen.

80

Niet uit de balans blijkende verplichtingen De GGD is een aantal langlopende contractuele verplichting aangegaan zoals huurverplichtingen en contracten voor ICT. In onderstaand overzicht is een opsomming van langlopende verplichtingen weergegeven. Looptijd

Jaarlijks bedrag

Soort Huur locatie De Witte Dame

Tot en met 31 december 2031

803.000

Q-Park parkeerfaciliteit Witte Dame

Tot en met 31 mei 2032

69.000

Huur locatie Callenburgh

Tot en met 30 september 2035

98.000

Huur ambulancepost Aalsterweg

Tot en met 19 september 2070

152.000

Huur ambulancepost Avignonlaan

Tot en met 30 juni 2024

108.000

Huur ambulancepost Helmond

Tot en met 31 december 2023

64.000

Huur ambulancepost Leende

Tot en met 29 februari 2060

55.000

Huur onderzoekslocaties

Diverse einddata

984.000

ICT (licentie-)overeenkomsten

Diverse einddata

1.636.000

COVID-19 gerel. overeenkomsten

Diverse einddata in 2023

Totaal

285.000 4.254.000

Gebeurtenissen na balansdatum Na balansdatum zijn geen nieuwe gebeurtenissen ontstaan die een materiele invloed hebben op de in de jaarrekening 2022 gepresenteerde baten, lasten en/of balansposities.

81

7. Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting Onderstaande exploitatierekening geeft de baten, lasten en het resultaat over het boekjaar 2022 van beide programma’s op hoofdlijnen weer. De lasten en baten worden in paragraaf 7.2.1 en 7.2.2 per programma uitgesplitst in kostencategorieën.

7.1 Exploitatierekening totaal GGD exploitatierekening 2022

Realisatie

Raming

Raming

Verschil

2022

2022 na

2022 voor

Raming vs

wijziging

wijziging

Realisatie

€

€

€

€

Publieke Gezondheid

75.393.707

77.985.000

35.410.000

-2.591.293

Ambulancezorg

29.053.249

28.860.000

28.225.000

193.249

Baten

104.446.956

106.845.000

63.635.000

-2.398.044

Publieke Gezondheid

74.461.552

78.005.000

35.210.000

3.543.448

Ambulancezorg

29.194.033

28.950.000

28.225.000

-244.033

Lasten

103.655.585

106.955.000

63.435.000

3.299.415

33.553

-

-

-33.553

-

-

-

-

Vennootschapsbelasting

33.553

-

-

-33.553

Publieke Gezondheid

898.602

-20.000

200.000

918.602

Ambulancezorg

-140.784

-90.000

-

-50.784

Totaal saldo van baten en lasten

757.818

-110.000

200.000

867.818

Publieke Gezondheid

931.700

795.000

520.000

-136.700

Ambulancezorg

65.000

85.000

85.000

20.000

Toevoeging aan reserve (-)

996.700

880.000

605.000

-116.700

Publieke Gezondheid

476.321

615.000

320.000

-138.679

Ambulancezorg

175.000

175.000

85.000

-

Onttrekking aan reserve (+)

651.321

790.000

405.000

-138.679

Publieke Gezondheid

443.223

-200.000

-

643.223

Ambulancezorg

-30.784

-

-

-30.784

Gerealiseerd resultaat

412.439

-200.000

-

612.439

Publieke Gezondheid Ambulancezorg

Het exploitatieresultaat 2022 bedraagt in zijn totaliteit ca. € 412.000 positief, verdeeld over het Programma Publieke Gezondheid € 443.000 positief en het Programma Ambulancezorg € 31.000 negatief. In de volgende paragrafen wordt een analyse van de baten en lasten en de investeringen weergegeven. De mutaties in reserves zijn in paragraaf 6.2.3 nader toegelicht. 82

7.2 Rechtmatigheid begrotingsafwijking per programma In de hierna volgende paragrafen wordt per programma de afwijking met de begroting geanalyseerd. Exploitatie Publieke Gezondheidszorg Bij het programma Publieke Gezondheid zijn de werkelijke baten 2022 exclusief Covid-19 in totaal circa € 615.000,- (1,6%) hoger dan begroot en de lasten circa € 337.000,- (0,9%) lager dan begroot. In zijn totaliteit is het programma Publieke Gezondheid hiermee binnen het beschikbare budget uitgevoerd. Na verwerking van de mutaties in de reserves resteert een exploitatie-overschot van ca. € 443.000. In paragraaf 7.2.1 wordt, voor zover van toepassing, per begrotingspost een nadere toelichting gegeven. Exploitatie Ambulancezorg De totale baten van het programma Ambulancezorg waren in 2022 circa € 193.000,- (0,7%) hoger, terwijl de totale lasten circa € 244.000 (0,8%) hoger waren dan begroot. In zijn totaliteit is het programma Ambulancezorg hiermee met ca. € 51.000 overschreden. Na verwerking van de mutaties in de reserves resteert een exploitatietekort van ca. € 31.000. In paragraaf 7.2.2 wordt, voor zover van toepassing, per begrotingspost een nadere toelichting gegeven. Kredieten/investeringen In 2022 is van de in de programmabegroting goedgekeurde kredieten in totaliteit voor ca. € 2,0 miljoen geïnvesteerd. Ca.

€ 2,5 miljoen zijn naar 2023 en volgende uitgestelde investeringen in hard- en software voor publieke gezondheid en investeringen in vervoermiddelen, hard- en software en instrumentarium voor ambulancezorg. Kredieten/investeringen

Investeringskrediet Investeringsbedrag

Afwijking

Bedrijfsgebouwen

87.000

-

87.000

Vervoermiddelen

1.763.000

1.531.069

231.931

902.000

60.343

841.657

Overige materiële vaste activa

1.746.000

416.836

1.329.164

Totaal

4.498.000

2.008.248

2.489.752

Machines, apparaten en installaties

83

7.2.1 Baten en lasten Publieke Gezondheid In onderstaand overzicht worden de baten en lasten uitgesplitst in kostencategorieën, de mutaties in de reserves zijn hierin niet opgenomen. Baten en lasten Publieke Gezondheidszorg Baten:

Realisatie

Raming

Raming

Verschil

2022

2022 na

2022 voor

Raming vs

wijziging

wijziging

Realisatie

€

€

€

€

Gemeentelijke bijdrage per inwoner

14.598.771

14.598.000

14.315.000

771

JGZ 0-4 bijdrage basispakket

12.662.255

12.660.000

12.355.000

2.255

161.541

170.000

170.000

-8.459

Contracttaken gemeenten

6.148.250

6.205.000

3.835.000

-56.750

Bijdrage Rijk

3.016.467

2.850.000

1.330.000

166.467

Bijdrage Rijk Meerkosten crises

35.793.343

39.000.000

-

-3.206.657

216.954

162.000

85.000

54.954

Baten instellingen/bedrijven

1.773.148

1.580.000

1.580.000

193.148

Bijdrage particulieren

1.012.816

760.000

1.390.000

252.816

9.012

-

-

9.012

-

-

350.000

-

Diverse baten

1.150

-

-

1.150

Totaal Baten

75.393.707

77.985.000

35.410.000

-2.591.293

Personeelskosten

28.035.037

28.570.000

26.130.000

534.963

Personeelskosten Meerkosten crises

1.367.988

1.250.000

-

-117.988

Rente en afschrijvingen

881.485

900.000

935.000

18.515

Personeel van derden

1.241.277

1.180.000

385.000

-61.277

Personeel van derden Meerkosten crises

23.716.765

26.750.000

-

3.033.235

Energie

87.956

105.000

45.000

17.044

Energie Meerkosten crises

166.242

-

-

-166.242

Duurzame goederen

93.410

45.000

30.000

-48.410

Duurzame goederen Meerkosten crises

8.396

-

-

-8.396

Overige goederen en diensten

9.221.021

9.150.000

8.850.000

-71.021

Overige goederen en diensten Meerkosten

10.533.952

11.000.000

-

466.048

Overige inkomensoverdrachten

534.600

570.000

-

35.400

Toevoeging aan voorzieningen

119.335

-

-

-119.335

-1.715.000

-1.715.000

-1.715.000

-

169.088

200.000

200.000

30.912

-

-

350.000

-

74.461.552

78.005.000

35.210.000

3.543.448

Bijdragen gemeenten

Zorgverzekeraars

Vermogensoverdrachten Stelpost bestuursopdracht

Lasten:

crises

Verrekening overhead Bestuursopdracht/verbetering bedrijfsvoering Wendbaarheid-/ontwikkelingsbudget Totaal Lasten

84

Toelichting algemeen: Met een tweetal begrotingswijzigingen gedurende het jaar is reeds een aantal ontwikkelingen in de begroting 2022 verwerkt, waardoor de verschillen in de jaarrekening bij de meeste posten beperkt zijn. Hierna worden de belangrijkste verschillen tussen de geactualiseerde raming en de realisatie toegelicht. Kosten en baten in verband met Covid-19, MPOX en de Oekraïne opvang (exclusief het JGZ deel) worden separaat toegelicht. Afwijkingen vs. ramingen worden daarbij niet specifiek toegelicht; enerzijds was de raming daarvan, vanwege de onvoorspelbaarheid van het onzekere verloop van de crises, deels vrij globaal; anderzijds geldt dat de werkelijke kosten integraal vergoed worden en dus per definitie gelijk zijn aan de werkelijke baten. Baten Het verschil tussen realisatie en begroting van de totale baten exclusief crises is per saldo ca. € 615.000 (hoger). Een aantal afwijkingen zijn relatief beperkt en hebben geen specifieke oorzaak. De afwijking bij contracttaken gemeenten (€ -57.000) omvat enerzijds een ca. € 200.000 hogere opbrengst voor de JGZ dienstverlening voor Oekraïense kinderen en anderzijds een lagere opbrengst op diverse overige contracttaken van ca. € 255.000. De afwijking bij bijdrage van het Rijk (€ 166.000) heeft betrekking op diverse positieve (subsidie-) afrekeningen/te lage ramingen (o.a.

PGA, Rijksvaccinatieprogramma en Forensische geneeskunde). De hogere baten van zorgverzekeraars (€ 55.000) betreft een hoger dan geraamde vergoeding i.v.m. werkzaamheden omtrent Koemelkallergie. De hogere baten instellingen/bedrijven (€ 193.000) zijn vooral veroorzaakt doordat meer werkzaamheden door Forensische geneeskunde voor de politie zijn uitgevoerd en hogere opbrengsten gerelateerd aan onderzoeks- en preventieprojecten. De hogere opbrengsten bij baten particulieren (€ 253.000) wordt gedreven door een verder herstel van reizigersvaccinatie activiteiten. Lasten Het verschil tussen realisatie en begroting van de totale lasten exclusief Covid-19 is per saldo ca. € 337.000 (lager). Een aantal afwijkingen zijn beperkt van omvang. De lagere personeelskosten (€ 535.000) omvatten een aantal oorzaken: -

Hogere inzet personeel op crises activiteiten (ca. € 155.000)

-

Hogere UWV uitkeringen i.v.m. zwangerschap (ca. € 130.000)

-

Verkoop verlofuren door personeel (ca. € 110.000, waarvoor tevens een voorziening is getroffen, zie paragraaf voorzieningen)

-

Lagere transitievergoedingen dan oorspronkelijk geraamd (ca. € 50.000)

De overschrijding bij duurzame goederen (ca. € 48.000) wordt voornamelijk veroorzaakt door een hogere aanschaf voor JGZ apparatuur (met name audiometers). De toevoeging aan de voorziening ad € 119.000 betreft het saldo door personeel verkochte verlofuren per ultimo 2022 (zie toelichting personeelskosten). 85

In bovengenoemde programmaverantwoording zijn de kosten en baten van de Covid-19-, MPOXen Oekraine crises gezamenlijk weergegeven in de betreffende resultatenregels. Onderstaand volgt de verdere specificatie per crisis conform verantwoordingsformat zoals is voorgeschreven. Verantwoording 2022 Covid-19 crisis In de wet Publieke gezondheid is vastgelegd dat de minister in geval van een pandemie de GGD opdrachten kan geven i.v.m. de aanpak van deze pandemie. Tevens is vastgelegd dat de kosten in dat geval door het ministerie worden vergoed. Ter dekking van de kosten die GGD’en maken is de zogenaamde meerkostenregeling vastgesteld. Hierin ligt vast dat kosten voor het vaccineren, testen en bron- en contactonderzoek rechtstreeks door het ministerie van VWS aan de GGD’en worden vergoed. Naast deze extra kosten kunnen GGD’en ook overige meerkosten in de reguliere exploitatie als gevolg van de Covid-19 crisis declareren. De diagnostiek van de door de GGD afgenomen testen is uitgevoerd door laboratoria. De kosten hiervan vallen buiten de meerkostenregeling, maar kunnen rechtstreeks bij het RIVM worden gedeclareerd. VWS heeft de contracten van de laboratoria overgenomen, waardoor de laboratoria rechtstreeks bij VWS declareren en niet meer via de GGD. Alleen de testen afgenomen door huisartsen en zorginstellingen worden nog via de GGD bij het RIVM gedeclareerd.

Deze declaratieroute is per augustus 2022 beëindigd. Meerkosten m.b.t. ambulancezorg/RAV worden vergoed middels de budgetafrekeningen met zorgverzekeraars. De GGD heeft voorschotten ontvangen en de verantwoording van de meerkostenregeling vindt plaats via de jaarrekening. Covid-19 heeft er toe geleid dat de GGD in 2022 per saldo € 35,7 miljoen aan extra kosten heeft gehad. Op hoofdlijnen betreft dit: Omschrijving

Personeel (inhuur en eigen personeel) Overige personeelskosten Huisvesting Beschermingsmiddelen en medische materialen ICT Overige kosten Totaal Testen/BCO/Vaccineren Overige meerkosten/minder opbrengsten Totaal meerkosten Labkosten Totaal kosten Covid-19

Kosten

24.475.687 56.743 8.994.905 353.406 278.925 625.322 34.784.998 555.807 35.340.795 373.925 35.714.720

86

De laboratoriumkosten ad € 0,4 miljoen zijn bij het RIVM gedeclareerd. De overig € 35,3 miljoen worden middels onderstaande verantwoording bij VWS gedeclareerd. Hiervan heeft ca. € 34,8 miljoen betrekking op kosten voor vaccineren, BCO en testen. De overige € 0,5 miljoen zijn andere kosten uit de exploitatie die onder de meerkosten vallen.

87

Het relatief hoge bedrag aan te veel ontvangen voorschotten wordt voor een aanzienlijk deel veroorzaakt doordat in het voorjaar 2022 een extra voorschot is gevraagd voor de nog te ontvangen afrekening over 2021 (ad € 2,1 miljoen). Die afrekening over 2021 is later in het jaar 2022 door VWS uitgevoerd maar daarbij is door VWS het reeds eerder ontvangen voorschot niet verrekend. Verantwoording 2022 MPOX crisis In 2022 zijn de GGD’en geconfronteerd met extra kosten in verband met het bestrijden en beheersen van de MPOX crisis. Op basis van de wet Publieke Gezondheid (PG) hebben GGD’en extra taken en opdrachten van de minister gekregen. De meerkosten worden door het ministerie van VWS direct vergoed aan de GGD’en. In de VWS brief van 21 juli 2022 zijn de uitgangspunten voor deze meerkostenregeling uitgewerkt. De regeling voor de vergoeding van meerkosten is van toepassing voor 2022. De verantwoording van de meerkosten vindt plaats via de jaarstukken van de GGD. Deze verantwoording heeft alleen betrekking op de meerkosten die bij VWS in het kader van het bestrijden en beheersen van MPOX kunnen worden gedeclareerd. Deze MPOX meerkosten 2022 zijn in onderstaand overzicht weergegeven.

Kostensoort Kosten voor BCO, monstername, vaccinatie Laboratoriumkosten Overhead Totaal meerkosten 2022

Meerkosten 2022 50.519 2.057 52.576

Verantwoording 2022 Oekraine crisis In 2022 zijn de Veiligheidsregio’s (VR’s) gevraagd de coördinatie op zich te nemen van de opvang van ontheemden uit Oekraïne als gevolg van de Russische inval. Op basis van de wet op de Veiligheidsregio’s en de wet verplaatsing bevolking hebben VR’s extra taken en opdrachten van het minister van Justitie en Veiligheid gekregen. De meerkosten worden door het ministerie direct vergoed aan de VR’s op basis van het besluit veiligheidsregio’s. Het besluit tot vergoeding van de meerkosten is van toepassing voor 2022. De verantwoording van de meerkosten vindt plaats via de jaarrekeningen van de VR’s. Daarom is een apart controleprotocol niet nodig. Deze verantwoording heeft alleen betrekking op de meerkosten die bij het ministerie van Justitie en Veiligheid in het kader van de coördinatie van de opvang van ontheemden uit Oekraïne kunnen worden gedeclareerd. De regels m.b.t. de verantwoording zijn ook van toepassing op de kosten die de veiligheidsregio’ s namens de GGD/GHOR indienen. De meerkosten 2022 zijn in onderstaand overzicht weergegeven.

88

7.2.2 Baten en lasten Ambulancezorg In onderstaand overzicht worden de baten en lasten uitgesplitst in kostencategorieën, de mutaties in de reserves zijn hierin niet opgenomen. Raming 2022

Verschil

voor

begroting vs

wijziging

Realisatie

€

€

Baten en lasten

Realisatie

Raming 2022

Ambulancezorg

2022

na wijziging

Baten:

€

€

Bijdragen gemeenten

9.244

-

-

9.244

-

20.000

20.000

-20.000

Bijdrage Rijk

1.142.748

950.000

1.150.000

192.748

Zorgverzekeraars

27.706.226

27.735.000

26.935.000

-28.774

Baten instellingen/bedrijven

99.031

70.000

70.000

29.031

Diverse baten

96.000

85.000

50.000

11.000

-

-

-

-

29.053.249

28.860.000

28.225.000

193.249

Personeelskosten

19.495.064

19.340.000

18.420.000

-155.064

Rente en afschrijvingen

1.207.214

1.235.000

1.405.000

27.786

Personeel van derden

826.218

800.000

1.300.000

-26.218

Energie

677.980

620.000

470.000

-57.980

Overige goederen en diensten

4.941.490

5.035.000

4.750.000

93.510

Toevoeging aan voorzieningen

331.067

205.000

165.000

-126.067

Verrekening overhead

1.715.000

1.715.000

1.715.000

-

Totaal Lasten

29.194.033

28.950.000

28.225.000

-244.033

Contracttaken gemeenten

Vrijval voorzieningen Totaal Baten Lasten:

89

Hierna worden de belangrijkste verschillen tussen de raming en realisatie toegelicht. Baten De hogere Bijdrage Rijk heeft hoofdzakelijk betrekking op de compensatie voor hogere personeelskosten als gevolg van de afkoop van de toekomstige rechten voor versterkt ouderdomspensioen. De hogere baten instellingen/bedrijven wordt met name veroorzaakt door meer stand-by activiteiten bij evenementen. Lasten De hogere personeelskosten worden hoofdzakelijk veroorzaakt door de afkoop van toekomstige rechten voor versterkt ouderdomspensioen voor ambulancepersoneel. Deze kosten worden overigens door het Ministerie van VWS vergoed. De hogere kosten voor energie worden veroorzaakt door gestegen kosten voor brandstoffen voor voertuigen en energie voor de ambulanceposten. Deze stijging van de kosten wordt grotendeels gecompenseerd door een hogere bijdrage verzekeraars. De lagere kosten voor overige goederen en diensten wordt voornamelijk veroorzaakt door een lagere bijdrage aan Ambulancezorg Nederland voor de vitaliteitsregeling. Dit resulteert overigens in een lagere bijdrage door verzekeraars. De toename van de toevoeging aan de voorzieningen heeft betrekking op een hogere dotatie aan de voorzieningen voor PLB-uren (Persoonlijk Levensloop Budget) en spaarverlof vanwege een hoger aantal gespaarde uren.

7.3 Overzicht en analyse incidentele lasten en baten Conform de vernieuwde BBV dient in de jaarrekening en begroting inzicht gegeven te worden in de omvang van de incidentele baten en lasten. Doelstelling hiervan is om inzichtelijk te maken of sprake is van een structureel evenwicht in de exploitatie, waarbij met name aandacht is voor de vraag of structurele kosten gedekt worden met incidentele baten, omdat dat een bedreiging is voor eerstgenoemde evenwicht. Aangezien gedurende een boekjaar een veelheid aan eenmalige kosten (en vaak ook baten) ontstaan, is bij de specificatie van incidentele kosten en baten met name dat uitgangspunt gehanteerd. Het BBV adviseert onderstaand model te hanteren voor de presentatie van het structureel begrotingssaldo; mutaties in de reserves zijn daarbij standaard incidenteel, m.u.v. mutaties in de algemene reserve m.b.t. resultaatbestemming en mutaties in egalisatiereserves omdat die nu juist een egalisatie van structurele kosten en baten beogen.

90

7.4 Toelichting en specificatie directe kosten en overhead Conform de vernieuwde BBV dient bij de kosten voortaan een onderscheid gemaakt te worden in de directe kosten van een taakveld en de overhead van de organisatie. Toerekening van overhead aan de taakvelden hoeft niet meer plaats te vinden. In onderstaand overzicht wordt een nadere specificatie van de kosten naar direct en overhead weergegeven. Volgens de BBV wordt onder overhead verstaan: het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Uitgangspunt van deze definitie is ook dat kosten zoveel mogelijk direct worden toegerekend aan de betreffende taken/activiteiten. Alle bedrijfskosten die direct verbonden zijn aan activiteiten/taken/producten die gericht zijn op de externe klant, moeten in de betreffende taakvelden worden geregistreerd. Hoewel beoogd wordt een eenduidige uitleg van het begrip overhead te hanteren, blijft er ten aanzien hiervan de nodige ruimte voor interpretatie. Dit geldt met name ook voor de GGD omdat zij een organisatie is die zich ook bij veel van haar ondersteunende activiteiten direct richt op de burger als externe klant.

Dit betekent bijvoorbeeld dat onze website nagenoeg volledig gericht is op het verstrekken van informatie over gezondheid en aanverwante zaken die direct gericht zijn op de externe klant; dit is dan derhalve geen overhead maar onderdeel van onze primaire taak. Het planbureau JGZ en het klantcontactcentrum voeren nagenoeg alleen activiteiten uit die gericht zijn op direct klantcontact met de burger en deze zijn ook direct toe te rekenen aan de uitvoerende taken (en zo is tot nu ook de praktijk), maar zijn tegelijkertijd ook te duiden als ondersteunend aan de medewerkers in het primaire proces. Medewerkers bedrijfsbureau Ambulancezorg zijn daarentegen wel duidelijk overhead, zij hebben geen direct klantcontact. Omdat over dit soort activiteiten verschillende interpretaties mogelijk blijven, worden deze in onderstaande toelichting afzonderlijk benoemd, om daarmee een adequate interpretatie van de omvang van de overhead mogelijk te maken.

91

Volgnr. Cat. Omschrijving 4

1.0

6

2.0

8

3.0

10 12 14 16 18

3.1 3.3 3.4 6.0 4.2

Personele kosten Rente en afschrijvingen Inhuur personeel van derden Energie Duurzame goederen Overige goederen en diensten Toevoeging voorzieningen Inkomensoverdrachten Verrekening overhead Totaal lasten

Publieke Gezondheid directe kosten overhead 22.542.472 259.858 24.539.378 237.546 101.806 15.015.888 56.538 534.600 0

6.979.150 621.627 418.664 16.652 0 4.789.576 62.797 0 -1.715.000

63.288.086 11.173.466

totaal directe kosten 29.521.622 881.485 24.958.042 254.198 101.806 19.805.464 119.335 534.600 -1.715.000

16.588.192 1.164.573 601.501 677.980 1 4.334.026 199.067 1 0

74.461.552 23.565.341

Ambulancezorg overhead

totaal

directe kosten

Totaal GGD overhead

totaal

2.906.872 42.641 224.717 0 -1 607.464 132.000 -1 1.715.000

19.495.064 1.207.214 826.218 677.980 0 4.941.490 331.067 0 1.715.000

39.130.664 1.424.431 25.140.879 915.526 101.807 19.349.914 255.605 534.601 0

9.886.022 664.268 643.381 16.652 -1 5.397.040 194.797 -1 0

49.016.686 2.088.699 25.784.260 932.178 101.806 24.746.954 450.402 534.600 0

5.628.692 29.194.033

86.853.427 16.802.158 103.655.585

Toelichting: Personeel: Alle managementfuncties zijn conform BBV per definitie overhead, dus ook die uit het primaire proces en ook al zouden die direct toegerekend kunnen worden. Verder zijn hier alle zgn. Piofachfuncties als overhead benoemd. Medewerkers KCC en Bedrijfsbureau JGZ en Beheer/onderhoud website zijn als directe kosten opgenomen. Huisvesting (diverse materiele kosten categorieën): Deze kosten worden gezien als overhead behoudens het deel van de kosten dat betrekking heeft op onderzoeksruimtes die alleen gebruikt worden voor klantcontact en op de ambulanceposten. Hard en software: (afschrijving en licenties): Deze kosten worden gezien als overhead, m.u.v. de kosten van vak-applicaties waarin klantgegevens ten behoeve van de primaire taak worden beheerd; zoals het digitaal dossier JGZ, rittenregistratie AZ en dergelijke. Overige materiele kosten piofach-functies: Deze kosten worden in het algemeen gezien als overhead, behoudens de kosten met betrekking tot de website. Overige materiele kosten uitvoerende sectoren: Deze kosten worden in het algemeen gezien als directe kosten: betreft afschrijving en onderhoud apparatuur en ambulances, verbruiksmaterialen, medicijnen, inhuur derden. Communicatiekosten (telefonie, dataverkeer en dergelijke) zijn bij PG overhead maar bij AZ directe kosten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12810721/1