Blink GR eerste fase - Bijlage 4 Was wordt tabel stap 1
Tekst van het document
Toelichting op ontwerpregeling Gemeenschappelijke regeling Reiniging Blink De oude tekst zonder PreZero inclusief aanpassingen naar aanleiding van de wijzigingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). In de tekst is een aantal tekstuele wijzigingen en definities voorzien van een hoofdletter, deze wijzigingen zijn niet opgenomen Eerste bladzijde Oude GR tekst Gemeenschappelijke regeling reiniging Blink 2022
Ontwerpregeling GR tekst Gemeenschappelijke regeling reiniging Blink 2025
De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, HeezeLeende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a.,Someren, Son en Breugel en de directie van PREZERO Gemeentelijke Dienstverlening B.V. Overwegende,
De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, HeezeLeende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Someren en Son en Breugel.
dat intergemeentelijke samenwerking bij de vervulling van overheidstaken op het vlak van inzameling, sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen, gladheidsbestrijding en reiniging met een particuliere partner - die de ontbrekende kennis en ervaring kan inbrengen, waarbij uitgegaan wordt van transparantie en marktconformiteit - leidt tot een maatschappelijke meerwaarde;
dat intergemeentelijke samenwerking bij de vervulling van overheidstaken op het vlak van inzameling, sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen, gladheidsbestrijding en reiniging met een particuliere partner - die de ontbrekende kennis en ervaring kan inbrengen, waarbij uitgegaan wordt van transparantie en marktconformiteit - leidt tot een maatschappelijke meerwaarde;
dat door het aangaan van casu quo het toetreden tot de regeling door de deelnemende gemeenten zij op basis van een gemeentelijk aanwijzingsbesluit Blink de bevoegdheid hebben gegeven over te gaan tot de inzameling van huishoudelijk afvalstoffen, als bedoeld in de artikelen 10.21 eerste lid en artikel 10.22 eerste lid Wet milieubeheer; dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Son en Breugel heeft verzocht om per 1 januari 2022 toe te kunnen treden tot de gemeenschappelijke regeling Blink 2017, waardoor wijziging van deze regeling noodzakelijk is geworden; dat PREZERO Gemeentelijke Dienstverlening B.V. statutair bevoegd is een gemeenschappelijke regeling te treffen waarbij een openbaar lichaam wordt opgericht;
Overwegende,
dat door het aangaan van casu quo het toetreden tot de regeling door de deelnemende gemeenten zij op basis van een gemeentelijk aanwijzingsbesluit Blink de bevoegdheid hebben gegeven over te gaan tot de inzameling van huishoudelijk afvalstoffen, als bedoeld in de artikelen 10.21 eerste lid en artikel 10.22 eerste lid Wet milieubeheer; dat de Gemeenschappelijke regeling reiniging Blink 2025 tot 31 december 2024 bestond uit deelnemende gemeenten die tezamen met de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PreZero Gemeentelijke Dienstverlening B.V. (hierna: “PreZero") dat zowel de Raad van Bestuur van PreZero als gemeenteraden van de deelnemende gemeenten hebben besloten de samenwerking te willen beëindigen,
Toelichting De ontwerpregeling gaat vanaf 1 januari 2025 in. Dan is de ontvlechting tussen PreZero en Blink afgerond. PreZero is verwijderd vanwege de ontvlechting tussen PreZero en Blink.
PreZero en de tekst over koninklijk besluit is verwijderd vanwege de ontvlechting PreZero en Blink. Daarnaast is de tekst ter verduidelijking van de context toegevoegd. Zienswijze 3 is verwerkt: Vanwege de uittreding van PreZero is artikel 1 Wgr van toepassing en niet artikel 93 Wgr. Zienswijze 4 is verwerkt: De oude tekst is onder ‘besluiten’ overgenomen. Alleen de citeertitel is gewijzigd ten opzichte van de oude tekst.
dat de gemeenten zelf verantwoordelijk zijn voor het geven van een bestemming van de ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen en zij daarvoor momenteel ieder voor zich met derden overeenkomsten gesloten hebben; dat de ontwikkelingen op het vlak van de verwerking van grof en fijn huishoudelijk afval in een stroomversnelling raken, mede als gevolg van het streven naar meer duurzaamheid; dat Blink zich naast de inzameltaak van huishoudelijk afval op contractbasis met de deelnemende gemeenten ook bezig zal mogen houden met de sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen; gelet op de artikelen 21 en 22 eerste lid Grondwet, op titel 10.4 Wet milieubeheer, op de betreffende gemeentelijke Afvalstoffenverordeningen, op artikel 93 van de Wet gemeenschappelijke regelingen en op de voet van het gestelde onder b van artikel 93 Wet gemeenschappelijke regelingen bij koninklijk besluit van 11 september 2011 aan Watco Gemeentelijke Dienstverlening B.V verleende machtiging, die is overgegaan op PREZERO Gemeentelijke Dienstverlening B.V. besluiten : tot het treffen van de navolgende gewijzigde gemeenschappelijke regeling reiniging, die als citeertitel krijgt: de gemeenschappelijke regeling Blink 2022.
besluiten : tot het treffen van de navolgende gewijzigde gemeenschappelijke regeling reiniging, die als citeertitel krijgt: de gemeenschappelijke regeling Blink 2022.
dat als gevolg hiervan een wijziging van deze regeling noodzakelijk is geworden, met dien verstande dat PreZero per 31 december 2024 geen deel meer uitmaakt van de gemeenschappelijke regeling; dat voor de wijziging van de gemeenschappelijke regeling een zienswijzeprocedure is vereist op grond van artikel 1 Wgr, waarbij de raden worden uitgenodigd hun standpunten kenbaar te maken. dat de gemeenten zelf verantwoordelijk zijn voor het geven van een bestemming van de ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen en zij daarvoor momenteel ieder voor zich met derden overeenkomsten gesloten hebben; dat de ontwikkelingen op het vlak van de verwerking van grof en fijn huishoudelijk afval in een stroomversnelling raken, mede als gevolg van het streven naar meer duurzaamheid; dat Blink zich naast de inzameltaak van huishoudelijk afval op contractbasis met de deelnemende gemeenten ook bezig zal mogen houden met de sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen; gelet op; de artikelen 21 en 22 eerste lid Grondwet, op titel 10.4 Wet milieubeheer, op de betreffende gemeentelijke Afvalstoffenverordeningen, op artikel 91 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; gezien: de toestemming van de raden van de gemeente xxx bij de vergadering van [datum] overeenkomstig artikel 1, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen; Besluiten: tot
het treffen van de navolgende gewijzigde gemeenschappelijke regeling Blink, die als citeertitel krijgt: de Gemeenschappelijke regeling reiniging Blink 2025.
2022 is vervangen door 2025. Dit is de nieuwe ingangsdatum van de ontwerpregeling.
Gemeenschappelijke regeling reiniging Blink 2022
Hoofdstuk I (algemene bepalingen) Oude GR tekst Instelling en plaats van vestiging Artikel 1. 1. Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd “Blink”. 2. Het openbaar lichaam Blink is gevestigd in Helmond. Begripsbepalingen Artikel 2. 1. In deze gemeenschappelijke regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen; b. Gemeenschappelijke regeling: de gemeenschappelijke regeling openbaar lichaam Blink c. PREZERO: PREZERO gemeentelijke Dienstverlening B.V., gevestigd te Arnhem, als nieuwe naam voor Suez Gemeentelijke Dienstverlening B.V. gevestigd te Helmond. d. Openbaar lichaam: het openbaar lichaam bedoeld in artikel 1, eerste lid; e. Blink: openbaar lichaam, f. Deelnemende gemeenten: de rechtspersoon als bedoeld in artikel 1:1 vierde lid Awb waartoe behoren de gemeenten Asten, Deurne, GemertBakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a.,Someren en Son en Breugel; g. Colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten; h. Programmakosten: de kosten vastgesteld door het Algemeen bestuur die voortvloeien uit de per deelnemende gemeente te verrichten werkzaamheden door Blink i. Wmb: Wet milieubeheer; j. Afvalstoffenverordening: de door de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten vastgestelde verordening zoals benoemd in artikel 10:21 Wmb; k.
Brengdepot: milieustraat als bedoeld in artikel 10:28 Wmb; l. KWD-bedrijfsafvalstoffen: kantoorwinkel- en dienstenafval; m. Personeel Blink B.V.: 100% deelneming van Blink(verbonden partij)
Gemeenschappelijke regeling reiniging Blink 2025
2022 is vervangen door 2025. Dit is de nieuwe ingangsdatum van de ontwerpregeling.
Ontwerpregeling GR tekst Zie oude GR tekst
Toelichting De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Begripsbepalingen Artikel 2. 1. In deze gemeenschappelijke regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen; b. Gemeenschappelijke regeling: de gemeenschappelijke regeling openbaar lichaam Blink c. Openbaar lichaam: het openbaar lichaam bedoeld in artikel 1, eerste lid; d. Blink: openbaar lichaam, e. Deelnemende gemeenten: de rechtspersoon als bedoeld in artikel 1:1 vierde lid Awb waartoe behoren de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, HeezeLeende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a.,Someren en Son en Breugel; f. Colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten; g. Programmakosten: de kosten vastgesteld door het Algemeen bestuur die voortvloeien uit de per deelnemende gemeente te verrichten werkzaamheden door Blink h. Wmb: Wet milieubeheer; i. Afvalstoffenverordening: de door de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten vastgestelde verordening zoals benoemd in artikel 10:21 Wmb; j. Brengdepot: milieustraat als bedoeld in artikel 10:28 Wmb; k. KWD-bedrijfsafvalstoffen: kantoor-winkel- en dienstenafval; l. Personeel Blink B.V.: 100% deelneming van Blink(verbonden partij) m. RHCe: Regionaal Historisch Centrum Eindhoven. 2.
Waar in deze regeling artikelen van de Gemeentewet, enige andere wet of gemeentelijke verordening van overeenkomstige toepassing worden verklaard, wordt in die artikelen voor de gemeente,
Artikel 2 lid 1c van de oude tekst benoemt PreZero als begrip. Dit is verwijderd in de ontwerpregeling vanwege de ontvlechting PreZero en Blink. Vervolgens is er opnieuw doorgenummerd.
n. RHCe: Regionaal Historisch Centrum Eindhoven. 2. Waar in deze regeling artikelen van de Gemeentewet, enige andere wet of gemeentelijke verordening van overeenkomstige toepassing worden verklaard, wordt in die artikelen voor de gemeente, respectievelijk de gemeenteraad, burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester gelezen: Blink, respectievelijk het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, respectievelijk de voorzitter.
respectievelijk de gemeenteraad, burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester gelezen: Blink, respectievelijk het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, respectievelijk de voorzitter.
Hoofdstuk II (taakopdracht, doelomschrijving en instrumenten) Oude GR tekst Ontwerpregeling GR tekst Belang en doel Belang en doel Artikel 3. Artikel 3. 1. De colleges en PREZERO treffen 1. De colleges treffen deze deze regeling ter behartiging van de regeling ter behartiging van de sturing en beheersing van sturing en beheersing van ondersteunende processen en van ondersteunende processen en van uitvoeringstaken van de uitvoeringstaken van de deelnemende gemeenten op het deelnemende gemeenten op het terrein terrein van milieu, zoals benoemd in van milieu, zoals benoemd in de de Wmb, bij het reinigen van de Wmb, bij het reinigen van de openbare ruimte en bij de openbare ruimte en bij de gladheidsbestrijding. gladheidsbestrijding. 2. De colleges richten een 2.
De colleges richten samen met gezamenlijke uitvoeringsorganisatie PREZERO een gezamenlijke op in de vorm van een openbaar uitvoeringsorganisatie op in de vorm lichaam voor de uitvoering van van gemeentelijke taken op het terrein een openbaar lichaam voor de van de afvalinzameling en uitvoering van gemeentelijke taken reinigingstaken die bij wet - in het op het terrein van de afvalinzameling bijzonder de artikelen 10.21 en 10.22 en reinigingstaken die bij wet - in het van de Wet milieubeheer - aan de bijzonder de artikelen 10.21 en 10.22 deelnemende gemeenten zijn van de Wet milieubeheer opgedragen en/of die voortvloeien aan de deelnemende gemeenten zijn uit de aan de gemeenten op grond opgedragen en/of die voortvloeien van de Gemeentewet toevertrouwde uit de aan de gemeenten op zorg voor de eigen huishouding op grond van de Gemeentewet het terrein van het milieu, zoals toevertrouwde zorg voor de eigen benoemd in de Wmb. huishouding op het terrein van het 3. De gezamenlijke milieu, uitvoeringsorganisatie heeft mede tot zoals benoemd in de Wmb. het doel zorg te dragen voor 3.
De gezamenlijke gemeentelijke uitvoeringstaken op uitvoeringsorganisatie heeft mede tot het vlak van de inzameling, sortering, het doel zorg te dragen voor vermarkting en (eind)verwerking van gemeentelijke (grondstoffen in) grof en fijn uitvoeringstaken op het vlak van de huishoudelijke afvalstoffen, de inzameling, sortering, vermarkting en gladheidsbestrijding en de reiniging (eind)verwerking van van de openbare ruimte van de (grondstoffen in) grof en fijn deelnemende gemeenten. huishoudelijke afvalstoffen, de 4. De colleges dragen tezamen gladheidsbestrijding en de reiniging zorg voor de besturing van de van de gezamenlijke uitvoeringsorganisatie openbare ruimte van de en houden daarbij rekening met de deelnemende gemeenten. bevoegdhedenverdeling over de gemeentelijke organen en de
Toelichting PreZero werd in artikel 3 lid 1, 2 en 4 benoemd. PreZero is uit de tekst verwijderd vanwege de ontvlechting PreZero en Blink.
4. De colleges dragen in samenspraak met PREZERO te samen zorg voor de besturing van de gezamenlijke uitvoeringsorganisatie en houden daarbij rekening met de bevoegdhedenverdeling over de gemeentelijke organen en de zelfstandigheid van ieder van de deelnemende gemeenten evenals met de bevoegdhedenverdeling tussen de vennootschapsrechtelijke organen van PREZERO. 5. Het openbaar lichaam kan daarnaast van een of meer deelnemende gemeenten opdrachten aannemen voor de uitvoering of ondersteuning bij de uitvoering van met name te benoemen gemeentelijke taken op het terrein van het milieu zoals benoemd in de Wmb, mits dat gebeurt op een budgettair neutrale wijze voor de andere deelnemende gemeenten. Bevoegdheden Artikel 4. 1. Het Algemeen bestuur en Dagelijks bestuur treden ten aanzien van de regeling in de bevoegdheden van de betreffende organen van de deelnemende gemeenten met uitzondering van de bevoegdheid tot het vaststellen van verordeningen. 2. Het Algemeen bestuur en Dagelijks bestuur hebben verordenende en regelgevende bevoegdheden met betrekking tot de aangelegenheden die de bedrijfsvoering van het openbaar lichaam betreffen. 3.
De colleges hebben op basis van het bepaalde in de Afvalstoffenverordening, ieder voor zich, besloten Blink aan te wijzen als inzameldienst voor het ophalen van huishoudelijke afvalstoffen en KWD bedrijfsafvalstoffen, zoals bedoeld in de Afvalstoffenverordening. Blink is dientengevolge bevoegd tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in de artikelen 10.21 eerste lid en artikel 10:22 eerste lid Wet milieubeheer. 4. Het Algemeen bestuur is bevoegd met een of meer deelnemende gemeenten overeenkomsten te sluiten met betrekking tot de sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen. Voorts kan het Algemeen bestuur op grond van een door een of meer
zelfstandigheid van ieder van de deelnemende gemeenten. 5. Het openbaar lichaam kan daarnaast van een of meer deelnemende gemeenten opdrachten aannemen voor de uitvoering of ondersteuning bij de uitvoering van met name te benoemen gemeentelijke taken op het terrein van het milieu zoals benoemd in de Wmb, mits dat gebeurt op een budgettair neutrale wijze voor de andere deelnemende gemeenten.
Bevoegdheden Artikel 4. 1. Het Algemeen bestuur en Dagelijks bestuur treden ten aanzien van de regeling in de bevoegdheden van de betreffende organen van de deelnemende gemeenten met uitzondering van de bevoegdheid tot het vaststellen van verordeningen. 2. Het Algemeen bestuur en Dagelijks bestuur hebben verordenende en regelgevende bevoegdheden met betrekking tot de aangelegenheden die de bedrijfsvoering van het openbaar lichaam betreffen. 3. De colleges hebben op basis van het bepaalde in de Afvalstoffenverordening, ieder voor zich, besloten Blink aan te wijzen als inzameldienst voor het ophalen van huishoudelijke afvalstoffen en KWDbedrijfsafvalstoffen, zoals bedoeld in de Afvalstoffenverordening. Blink is dientengevolge bevoegd tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in de artikelen 10.21 eerste lid en artikel 10:22 eerste lid Wet milieubeheer. 4. Het Algemeen bestuur is bevoegd met een of meer deelnemende gemeenten overeenkomsten te sluiten met betrekking tot de sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen. Voorts kan het Algemeen bestuur op grond van een door een of meer deelnemende gemeenten verstrekte
Zienswijze 7 is verwerkt: Artikel 4 lid 1 is verwijderd. Artikel 4 lid 5 is aangepast naar aanleiding van artikel 10:32 en artikel 10:26 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit artikel wordt substantieel herzien bij de uitvoering van stap 2, waarbij het uitgangspunt is dat de taken van Blink in de nieuwe constellatie duidelijk en concreet omschreven met gebruikmaking van de juiste juridische begrippen. In ieder geval maakt de gemeenschappelijke regeling straks ondubbelzinnig duidelijk welke taken aan Blink zijn overgedragen en welke taken op het gebed van openbare ruimte en afval bij de gemeenten blijven berusten.
deelnemende gemeenten verstrekte volmacht overeenkomsten sluiten met derden met betrekking tot sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen. 5. Het Algemeen bestuur is bevoegd met het oog op het in artikel 3 benoemd belang en na verkregen toestemming van de raden van de deelnemende gemeenten tot het vaststellen of wijzigen van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling. 6. Het Algemeen bestuur is bevoegd te besluiten tot de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperaties en verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan op voorwaarde dat de raden van de deelnemende gemeenten vooraf in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorgenomen besluit aan het Algemeen bestuur kenbaar te maken. 7. Het Dagelijks bestuur is bevoegd met een of meer al dan niet deelnemende gemeenten of met privaatrechtelijke rechtspersonen samenwerkingsovereenkomsten te sluiten met betrekking tot ondersteunende dienstverlening voor taken waarmee het openbaar lichaam belast is. Taken Artikel 5. 1. Het openbaar lichaam houdt ten behoeve van de deelnemende gemeenten een uitvoeringsorganisatie in stand die belast is met: a.
de zorg voor de uitvoering van de inzameling, het vervoer, de sortering en overslag en de eventuele opslag van afvalstoffen, een en ander als bedoeld in de artikelen 10.21 eerste lid en 10.22 eerste lid Wmb, met inachtneming van nadere regelgeving en besluitvorming van de betrokken gemeente(n) gebaseerd op de desbetreffende wettelijke bepalingen; b. de zorg voor de uitvoering van de verwijdering van huishoudelijke afvalstoffen, en KWD bedrijfsafvalstoffen als bedoeld in
volmacht overeenkomsten sluiten met derden met betrekking tot sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen. 5. Het Algemeen bestuur is bevoegd met het oog op het in artikel 3 benoemd belang tot het vaststellen of wijzigen van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling. 6. Het Algemeen bestuur is bevoegd te besluiten tot de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperaties en verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan op voorwaarde dat de raden van de deelnemende gemeenten vooraf in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorgenomen besluit aan het Algemeen bestuur kenbaar te maken. 7. Het Dagelijks bestuur is bevoegd met een of meer al dan niet deelnemende gemeenten of met privaatrechtelijke rechtspersonen samenwerkingsovereenkomsten te sluiten met betrekking tot ondersteunende dienstverlening voor taken waarmee het openbaar lichaam belast is.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
titel 10.4 Wet milieubeheer voor zover deze aan de gemeente is opgedragen en door de deelnemende gemeente(n) uitdrukkelijk met Blink contractueel is overeengekomen; c. de zorg voor de uitvoering van reinigingstaken, inclusief gladheidbestrijding, een en ander voor zover deze door de deelnemende gemeente(n) uitdrukkelijk met Blink contractueel is overeengekomen. d. de sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvalstoffen afkomstig uit de deelnemende gemeenten. 2. Het verlenen van andere diensten op contractbasis aan de deelnemende gemeenten gezamenlijk, aan een afzonderlijke deelnemende gemeente of aan derden, passend binnen de in artikel 3 gegeven doelomschrijving.
Hoofdstuk III (Organen) Oude GR tekst Organen. Artikel 6. Het openbaar lichaam kent de volgende organen: a. het Algemeen bestuur b. het Dagelijks bestuur c. de voorzitter d. de door het bestuur ingestelde commissies.
Hoofdstuk IV (Algemeen bestuur) Oude GR tekst Samenstelling Algemeen bestuur. Artikel 7. 1. De colleges van de deelnemende gemeenten wijzen ieder uit hun midden een lid van het Algemeen bestuur aan. Ook wijzen zij ieder uit hun midden een plaatsvervangende lid aan die de door hen benoemde leden bij ontstentenis vervangt. 2. Het daartoe bevoegde orgaan van PREZERO wijst één lid en één plaatsvervangend lid van het Algemeen bestuur aan. Dit orgaan is bevoegd de aanwijzing tussentijds in te trekken en een nieuw lid of plaatsvervangend lid van het Algemeen bestuur aan te wijzen.
Ontwerpregeling GR tekst Zie oude GR tekst
Toelichting De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Ontwerpregeling GR tekst Samenstelling Algemeen bestuur. Artikel 7. 1. De colleges van de deelnemende gemeenten wijzen ieder uit hun midden een lid van het Algemeen bestuur aan. Ook wijzen zij ieder uit hun midden een plaatsvervangend lid aan die de door hen benoemde leden bij ontstentenis vervangt. 2. De leden van het Algemeen bestuur worden aangewezen voor een zittingsduur van 4 jaar en treden af op de dag waarop in het kader van een nieuwe zittingsperiode van de gemeenteraad een nieuw geïnstalleerd college een besluit neemt tot aanwijzing van het lid en het plaatsvervangend lid van het Algemeen bestuur. Aftredende leden
Toelichting Artikel 7 lid 2 en 5 van de oude GR tekst zijn alleen van toepassing op PreZero en vanwege de ontvlechting verwijderd uit de ontwerpregeling. Vervolgens is opnieuw doorgenummerd. Daarnaast is een kleine tekstuele aanpassing in lid 1 gemaakt, is de verwijzing naar PreZero in lid 5 verwijderd en de verwijzing in lid 6 aangepast van artikel 7 naar artikel 10. Zienswijze 8 is verwerkt: Lid 7 ambtenaar is op basis van de WNRA vervangen door medewerker. Verwijzing lid 6 is aangepast naar artikel 10. In lid 1 is een tekstuele aanpassing doorgevoerd.
3. De leden van het Algemeen bestuur worden aangewezen voor een zittingsduur van 4 jaar en treden af op de dag waarop in het kader van een nieuwe zittingsperiode van de gemeenteraad een nieuw geïnstalleerd college een besluit neemt tot aanwijzing van het lid en het plaatsvervangend lid van het Algemeen bestuur. Aftredende leden kunnen opnieuw als lid worden aangewezen. 4. Wanneer het lidmaatschap van het college van burgemeester en wethouders eindigt, eindigt ook het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het Algemeen bestuur. 5. Wanneer het door de PREZERO aangewezen lid geen deel meer uitmaakt van een vennootschapsrechtelijk orgaan van PREZERO of geen dienstbetrekking meer heeft met PREZERO eindigt ook het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het Algemeen bestuur. 6. Een lid van het Algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Dit gebeurt door mededeling aan het Algemeen bestuur. 7. Indien tussentijds de plaats van een (plaatsvervangend) lid vacant komt, wijst het daartoe bevoegde college of het daartoe bevoegde orgaan van PREZERO zo spoedig mogelijk een nieuw (plaatsvervangend) lid aan. 8. Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen, onverminderd het bepaalde in artikel 7 eerste lid. 9.
Het lidmaatschap van het Algemeen bestuur is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaar, door of vanwege het bestuur van één van de deelnemende gemeenten dan wel door of vanwege het Dagelijks bestuur van het openbaar lichaam aangesteld of daaraan ondergeschikt. Met ambtenaar worden voor de toepassing van dit lid gelijkgesteld zij die aangesteld zijn bij één der deelnemende gemeenten dan wel daar op een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht werkzaam zijn. Werkwijze Algemeen bestuur. Artikel 8. 1. Het Algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. Dit reglement, en de
kunnen opnieuw als lid worden aangewezen. 3. Wanneer het lidmaatschap van het college van burgemeester en wethouders eindigt, eindigt ook het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het Algemeen bestuur. 4. Een lid van het Algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Dit gebeurt door mededeling aan het Algemeen bestuur. 5. Indien tussentijds de plaats van een (plaatsvervangend) lid vacant komt, wijst het daartoe bevoegde college zo spoedig mogelijk een nieuw (plaatsvervangend) lid aan. 6. Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen, onverminderd het bepaalde in artikel 10. 7. Het lidmaatschap van het Algemeen bestuur is onverenigbaar met de betrekking van een medewerker van een deelnemende gemeente, door of vanwege het bestuur van één van de deelnemende gemeenten dan wel door of vanwege het Dagelijks bestuur van het openbaar lichaam aangesteld of daaraan ondergeschikt.
Werkwijze Algemeen bestuur. Artikel 8. 1. Het Algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. Dit
PreZero is in artikel 8 lid 1 verwijderd vanwege de ontvlechting PreZero en Blink. Zienswijze 9 is verwerkt:
daarin aangebrachte wijzigingen, worden aan de colleges van de deelnemende gemeenten en aan PREZERO gezonden. De artikelen 16, 17, 19, 20, 22, 26 en 28 t/m 33, 58 en 59 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. 2. Het Algemeen bestuur vergadert minimaal twee maal per jaar. Meerdere vergaderingen kunnen ingelast worden wanneer de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig acht, wanneer ter voldoening aan het bepaalde in artikel 12, eerste lid van deze regeling een of meer leden van het dagelijks bestuur moeten worden benoemd of wanneer tenminste 2 leden van het Algemeen bestuur, onder opgave van redenen, dit schriftelijk verzoekt. 3. De vergaderingen van het Algemeen bestuur zijn openbaar. De deuren worden gesloten wanneer 1/5 gedeelte der aanwezige leden hierom verzoekt en het Algemeen bestuur hiertoe besluit of de voorzitter dit nodig acht en het Algemeen bestuur dienovereenkomstig besluit. Voor het overige is ten aanzien van de openbaarheid artikel 23 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing 4.
In een besloten vergadering van het Algemeen bestuur kan niet worden beraadslaagd of worden besloten over: a de vaststelling en wijziging van de begroting; b de vaststelling van de rekening; c de vaststelling van het liquidatieplan; d de vaststelling of wijziging van regelingen; e het verlenen van ontslag aan een lid van het dagelijks bestuur; f de vaststelling of wijziging van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling; g de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperaties en verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan; h en het voorlopig vaststellen van de bijdrage in de kosten als bedoeld in artikel 35.
reglement, en de daarin aangebrachte wijzigingen, worden aan de colleges van de deelnemende gemeenten gezonden. 2. Het Algemeen bestuur vergadert minimaal twee maal per jaar. Meerdere vergaderingen kunnen ingelast worden wanneer de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig acht, wanneer ter voldoening aan het bepaalde in artikel 12, eerste lid van deze regeling een of meer leden van het dagelijks bestuur moeten worden benoemd of wanneer tenminste 2 leden van het Algemeen bestuur, onder opgave van redenen, dit schriftelijk verzoekt. 3. De vergaderingen van het Algemeen bestuur zijn openbaar. De deuren worden gesloten wanneer 1/5 gedeelte der aanwezige leden hierom verzoekt en het Algemeen bestuur hiertoe besluit of de voorzitter dit nodig acht en het Algemeen bestuur dienovereenkomstig besluit. Voor het overige is ten aanzien van de openbaarheid artikel 23 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing 4.
In een besloten vergadering van het Algemeen bestuur kan niet worden beraadslaagd of worden besloten over: a de vaststelling en wijziging van de begroting; b de vaststelling van de jaarrekening; c de vaststelling van het liquidatieplan; d de vaststelling of wijziging van regelingen; e het verlenen van ontslag aan een lid van het dagelijks bestuur; f de vaststelling of wijziging van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling; g de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperaties en verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan; h en het voorlopig vaststellen van de bijdrage in de kosten als bedoeld in artikel 29. 5. Op verzoek van de voorzitter geschiedt de in artikel 19 tweede lid Gemeentewet bedoelde openbare kennisgeving voor zijn
In lid 1 zijn de verwijzingen naar bepalingen in de Gemeentewet verwijderd. Deze staan al in artikel 22 Wgr vermeld. Tot slot is in lid 4 sub b een kleine tekstuele aanpassing doorgevoerd ter verduidelijking.
5. Op verzoek van de voorzitter geschiedt de in artikel 19 tweede lid Gemeentewet bedoelde openbare kennisgeving voor zijn vergaderingen op de gebruikelijke wijze. 6. Derden kunnen worden uitgenodigd als adviseur de vergaderingen van het Algemeen bestuur bij te wonen. Zij hebben geen stemrecht. De plaatsvervangende leden kunnen als toehoorder eveneens ter vergadering aanwezig zijn. Zij hebben in die hoedanigheid geen stemrecht.
Besluitvorming Artikel 9. 1. Bij het nemen van besluiten door het Algemeen bestuur brengen de leden per lid één stem uit. 2. De besluitvorming vindt met uitzondering van het bepaalde in het derde lid plaats bij volstrekte meerderheid van stemmen. 3. Besluiten betreffende vaststelling van de begroting en begrotingswijzigingen en jaarstukken behoeven unanieme instemming van de leden van het Algemeen bestuur. 4. Het Algemeen bestuur vergadert en besluit slechts indien meer dan de helft van het aantal leden van het Algemeen bestuur aanwezig is. 5. Jaarlijks wordt een vergaderschema vastgesteld van de data waarop begroting en rekening worden behandeld. 6. Indien het vereiste aantal leden als bedoeld in het vierde lid niet aanwezig is bij een vergadering, kan de voorzitter een nieuwe vergadering beleggen, welke binnen twee weken dient plaats te vinden. 7. Het Algemeen bestuur kan bij toepassing van het zesde lid over alle onderwerpen met uitzondering van de begroting, een begrotingswijziging en de jaarstukken, beraadslagen en besluiten nemen ongeacht het aantal aanwezige leden. Bevoegdheden Artikel 10. 1. Aan het Algemeen bestuur behoren met betrekking tot de verwezenlijking van de doelstelling van het
vergaderingen op de gebruikelijke wijze. 6. Derden kunnen worden uitgenodigd als adviseur de vergaderingen van het Algemeen bestuur bij te wonen. Zij hebben geen stemrecht. De plaatsvervangende leden kunnen als toehoorder eveneens ter vergadering aanwezig zijn. Zij hebben in die hoedanigheid geen stemrecht. 7. Het Algemeen bestuur kan over alle onderwerpen met uitzondering van de begroting, een begrotingswijziging en de jaarstukken, beraadslagen en besluiten nemen ongeacht het aantal aanwezige leden. Besluitvorming Artikel 9. 1. Bij het nemen van besluiten door het Algemeen bestuur brengen de leden per lid één stem uit. 2. De besluitvorming vindt met uitzondering van het bepaalde in het derde lid plaats bij volstrekte meerderheid van stemmen. 3. Besluiten betreffende vaststelling van de begroting en begrotingswijzigingen en jaarstukken behoeven unanieme instemming van de leden van het Algemeen bestuur. 4. Het Algemeen bestuur vergadert en besluit slechts indien meer dan de helft van het aantal leden van het Algemeen bestuur aanwezig is. 5. Jaarlijks wordt een vergaderschema vastgesteld van de data waarop begroting en jaarrekening worden behandeld. 6. Indien het vereiste aantal leden als bedoeld in het vierde lid niet aanwezig is bij een vergadering, kan de voorzitter een nieuwe vergadering beleggen, welke binnen twee weken dient plaats te vinden. 7.
Het Algemeen bestuur kan over alle onderwerpen met uitzondering van de begroting, een begrotingswijziging en de jaarstukken, beraadslagen en besluiten nemen ongeacht het aantal aanwezige leden.
Bevoegdheden Artikel 10. 1. Aan het Algemeen bestuur behoren met betrekking tot de verwezenlijking van de doelstelling van het openbaar lichaam alle bevoegdheden, die bij deze regeling
Zienswijze 10 is verwerkt: Lid 7 is toegevoegd, zodat artikel 9 in lijn is met artikel 32 Gemeentewet en artikel 22 Wgr.
Van de oude tekst is artikel 10 lid 2h geheel verwijderd. In deze tekst werd naar de jaarlijkse vergoeding van PreZero verwezen. Dit is niet meer van toepassing vanwege de ontvlechting PreZero en Blink.
openbaar lichaam alle bevoegdheden, die bij deze regeling niet aan het Dagelijks bestuur of de voorzitter zijn opgedragen. 2. Het Algemeen bestuur kan de uitoefening van door hem te bepalen bevoegdheden volgens door hem te stellen regelen overdragen aan het dagelijks bestuur of aan een commissie als bedoeld in artikel 25 van de wet, met uitzondering van: a. het vaststellen en wijzigen van de begroting; b. het vaststellen van de rekening; c. het aangaan van geldleningen, het uitlenen van geld, het aangaan van rekening courantovereenkomsten of de regeling van hetgeen verder de geldmiddelen van het openbaar lichaam aangaat; d. het beoordelen van de voordracht van de directeur als bedoeld in artikel 25 of bij indienstname: de benoeming, de schorsing of het ontslag van de directeur; e. het nemen van besluiten over het instellen van commissies, als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de wet. f. het oprichten en deelnemen in een rechtspersoon als bedoeld in artikel 31a van de wet. g. het vaststellen van de jaarlijkse vergoeding welke door de deelnemende gemeenten aan Blink moet worden voldaan voor de uitvoering van de werkzaamheden; h.
het vaststellen van de jaarlijkse vergoeding van de kosten die door Blink aan PREZERO wordt betaald voor het ter beschikking stellen van personeel en voor de directievoering, het vaststellen van een jaarlijkse vergoeding van de inhuur van personeel; i. het jaarlijks vaststellen van het ondernemingsplan alsmede het investeringsplan; j. het uitoefenen van de vennootschapsrechtelijke bevoegdheden voortvloeiend uit het aandeelhouderschap van Blink in Personeel Blink B.V. 3. Het algemeen bestuur kan de bevoegdheid bedoeld in het tweede lid onder c delegeren aan het dagelijks
niet aan het Dagelijks bestuur of de voorzitter zijn opgedragen. 2. Het Algemeen bestuur kan de uitoefening van door hem te bepalen bevoegdheden volgens door hem te stellen regelen overdragen aan het dagelijks bestuur of aan een commissie als bedoeld in artikel 25 van de wet, met uitzondering van: a. het vaststellen en wijzigen van de begroting; b. het vaststellen van de jaarrekening; c. het nemen van besluiten over het instellen van commissies, als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de wet. d. het oprichten en deelnemen in een rechtspersoon als bedoeld in artikel 31a van de wet. e. het vaststellen van de jaarlijkse vergoeding welke door de deelnemende gemeenten aan Blink moet worden voldaan voor de uitvoering van de werkzaamheden; f. het jaarlijks vaststellen van het ondernemingsplan alsmede het investeringsplan; g. het uitoefenen van de vennootschapsrechtelijke bevoegdheden voortvloeiend uit het aandeelhouderschap van Blink in Personeel Blink B.V.
Zienswijze 11 is verwerkt: Lid 2 sub c (geldlening) en d (voordracht directeur) is in artikel 10 verwijderd en in artikel 14 toegevoegd. Deze twee bevoegdheden zijn van het Algemeen bestuur naar het Dagelijks bestuur verplaatst in lijn met de WNRA en artikel 33b Wgr. Artikel 10 lid 3 is om dezelfde reden verwijderd.
bestuur indien dit voor het uitvoeren van de aan Blink opgedragen taken nodig is. GEHEIMHOUDING Artikel 11. Het Algemeen bestuur kan in een besloten vergadering, op grond van de belangen, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, omtrent het in die vergadering met gesloten deuren behandelde en omtrent de inhoud van de stukken welke aan het Algemeen bestuur worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Deze wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, in acht genomen, totdat het Algemeen bestuur haar opheft.
Hoofdstuk V (Dagelijks bestuur) Oude GR tekst Samenstelling Dagelijks bestuur. Artikel 12. 1. Het Dagelijks bestuur bestaat uit drie leden afkomstig uit de colleges van de deelnemende gemeenten en van PREZERO, aan te wijzen door en uit de leden van het Algemeen bestuur. 2. Naast de voorzitter en één lid, beiden aangewezen door het Algemeen bestuur uit de deelnemende gemeenten, wordt door het Algemeen bestuur het door PREZERO aangewezen lid van het Algemeen bestuur aangewezen als lid van het Dagelijks bestuur 3. De zittingsperiode van de leden van het Dagelijks bestuur is gelijk aan de zittingsperiode van de colleges van burgemeester en wethouders. De leden kunnen opnieuw worden benoemd. Zij blijven hun functie waarnemen totdat voorzien is in hun opvolging. 4. Het lidmaatschap eindigt zodra een lid ophoudt lid te zijn van het Algemeen bestuur dan wel ontslag neemt als lid van het Dagelijks bestuur. 5. Het lid van het Dagelijks bestuur dat ontslag neemt blijft in functie tot de eerstvolgende vergadering van het Algemeen bestuur.
Dit artikel wordt verwijderd.
Geheimhouding voegt weinig toe aan een publieke gemeenschappelijke regeling. Documenten moeten volgens de wet openbaar worden gemaakt (WOO).
Ontwerpregeling GR tekst Samenstelling Dagelijks bestuur. Artikel 11. 1. Het Dagelijks bestuur bestaat uit drie leden, aan te wijzen door en uit de leden van het Algemeen bestuur. 2. De zittingsperiode van de leden van het Dagelijks bestuur is gelijk aan de zittingsperiode van de colleges van burgemeester en wethouders. De leden kunnen opnieuw worden benoemd. Zij blijven hun functie waarnemen totdat voorzien is in hun opvolging. 3. Het lidmaatschap eindigt zodra een lid ophoudt lid te zijn van het Algemeen bestuur dan wel ontslag neemt als lid van het Dagelijks bestuur. 4. Het lid van het Dagelijks bestuur dat ontslag neemt blijft in functie tot de eerstvolgende vergadering van het Algemeen bestuur. 5. Een lid, kan worden ontslagen, indien hij het vertrouwen niet meer bezit van het Algemeen bestuur. 6. Indien tussentijds een plaats van een lid openvalt, wordt zo spoedig mogelijk een nieuw lid aangewezen.
Toelichting PreZero is in artikel 11 (wat voormalig artikel 12 was) lid 1 verwijderd vanwege de ontvlechting tussen PreZero en Blink. Daarnaast zijn lid 2 en lid 8 van de oude tekst compleet verwijderd. Deze tekst heeft alleen betrekking op PreZero en vanwege de ontvlechting is dat niet meer van toepassing . De nummering is vervolgens aangepast. Zienswijze 12 is verwerkt: Lid 1 is verduidelijkt; het gaat om leden uit het Algemeen bestuur.
6. Een lid, kan worden ontslagen, indien hij het vertrouwen niet meer bezit van het Algemeen bestuur. 7. Indien tussentijds een plaats van een lid openvalt, wordt zo spoedig mogelijk een nieuw lid aangewezen. 8. Het bepaalde in artikel 7 met betrekking tot het door PREZERO aangewezen lid van het Algemeen bestuur is van overeenkomstige toepassing op het betreffende lid van het Dagelijks bestuur. Taak Dagelijks bestuur. Artikel 13. 1. Het Dagelijks bestuur stelt in zijn eerste vergadering na zijn verkiezing een portefeuilleverdeling vast en deelt zijn besluit hierover mee aan het Algemeen bestuur. 2. Het Dagelijks bestuur stelt voor de uitvoering van zijn taken een reglement van orde vast. Op het houden van de orde van de vergadering van het Dagelijks bestuur zijn de artikelen 52, 53 en 54 tot en met 60 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. Bevoegdheden Dagelijks bestuur Artikel 14. 1. Het Dagelijks bestuur oefent de taken en bevoegdheden die in deze gemeenschappelijke regeling aan het Dagelijks bestuur zijn opgedragen uit. 2. In het bijzonder is het Dagelijks bestuur belast met a. het Dagelijks bestuur van het openbaar lichaam te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet of de regeling het Algemeen bestuur hiermee is belast; b. beslissingen van het Algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren; c.
regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van het openbaar lichaam; d. medewerkers te benoemen, te schorsen en te ontslaan; e. tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van het openbaar lichaam te besluiten, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 31a van de wet en het bepaalde in artikel 10 tweede lid onder c; f. te besluiten namens het openbaar lichaam, het Dagelijks bestuur of het Algemeen bestuur
Taak Dagelijks bestuur. Artikel 12 Zie oude GR tekst.
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing. Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst.
Bevoegdheden Dagelijks bestuur Artikel 13. 1. Het Dagelijks bestuur oefent de taken en bevoegdheden die in deze gemeenschappelijke regeling aan het Dagelijks bestuur zijn opgedragen uit. 2. In het bijzonder is het Dagelijks bestuur belast met a. het Dagelijks bestuur van het openbaar lichaam te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet of de regeling het Algemeen bestuur hiermee is belast; b. beslissingen van het Algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren; c. regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van het openbaar lichaam; d. medewerkers aan te nemen, te schorsen en te ontslaan; e. tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van het openbaar lichaam te besluiten; f. te besluiten namens het openbaar lichaam, het Dagelijks bestuur of het Algemeen bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het Algemeen bestuur, voor zover het het Algemeen bestuur
Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst. Zienswijze 6 en 11 is verwerkt: De bevoegdheden in lid 2 sub h en i zijn toegevoegd. Deze bevoegdheden werden in de oude tekst benoemd onder artikel 10 (bevoegdheid van Algemeen bestuur), maar vallen volgens artikel 33b Wgr onder de bevoegdheden van het Dagelijks bestuur. Zienswijze 14 is verwerkt: Lid 2 sub e is in lijn met artikel 33b Wgr aangepast.
rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het Algemeen bestuur, voor zover het het Algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist. g. het voorstaan van de belangen van het openbaar lichaam bij andere overheden, instellingen of personen, waarmee contact voor het openbaar lichaam van belang is; h. de zorg voor het beheer van inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam; j. de zorg, voor zover deze niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding; 3. Het dagelijks bestuur neemt, ook alvorens is besloten tot het voeren van een rechtsgeding, alle conservatoire maatregelen en doet wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit.
Vergaderingen Dagelijks bestuur. Artikel 15. 1. Het Dagelijks bestuur vergadert minimaal zesmaal per jaar en zo dikwijls de voorzitter het nodig oordeelt of tenminste twee leden de voorzitter schriftelijk en met redenen omkleed hierom verzoeken. In het laatste geval wordt de vergadering binnen veertien dagen na een zodanig verzoek gehouden. 2. Besluiten van het Dagelijks bestuur vinden plaats op basis van volstrekte meerderheid van stemmen. Bij gelijke stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag. 3. Het bepaalde in artikel 28, eerste tot en met derde lid, 29 en 30 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing evenals het bepaalde in artikel 52 tot en met 60 van de Gemeentewet. Geheimhouding Artikel 16. 1. Het dagelijks bestuur kan op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, omtrent het in een besloten vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken die
aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist; g. het voorstaan van de belangen van het openbaar lichaam bij andere overheden, instellingen of personen, waarmee contact voor het openbaar lichaam van belang is; h. het aangaan van geldleningen, het uitlenen van geld, het aangaan van rekening courantovereenkomsten of de regeling van hetgeen verder de geldmiddelen van het openbaar lichaam aangaat; i. het beoordelen van de voordracht van de directeur als bedoeld in artikel 25 of bij indienstname: de benoeming, de schorsing of het ontslag van de directeur; j. de zorg voor het beheer van inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam; k. de zorg, voor zover deze niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding; 3. Het dagelijks bestuur neemt, ook alvorens is besloten tot het voeren van een rechtsgeding, alle conservatoire maatregelen en doet wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit. Vergaderingen Dagelijks bestuur Artikel 14 Zie oude GR tekst
Dit artikel wordt verwijderd.
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing. Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst.
Geheimhouding voegt weinig toe aan een publieke gemeenschappelijke regeling. Documenten moeten volgens de wet openbaar worden gemaakt (WOO).
aan het dagelijks bestuur worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Geheimhouding omtrent het in een besloten vergadering behandelde wordt tijdens de vergadering opgelegd. De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, in acht genomen totdat het dagelijks bestuur haar opheft. 2. Op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, kan de geheimhouding eveneens worden opgelegd door de voorzitter of een commissie, ten aanzien van de stukken die zij aan het dagelijks bestuur overleggen. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt. De geheimhouding wordt in acht genomen totdat het orgaan, dat de verplichting heeft opgelegd, dan wel het Dagelijks bestuur haar opheft.
Hoofdstuk VI (De voorzitter en plaatsvervangend-voorzitter) Oude GR tekst Ontwerpregeling GR tekst Artikel 17. Artikel 15. 1. De voorzitter van het openbaar 1. De voorzitter van het lichaam wordt door en uit het openbaar lichaam wordt door en uit Algemeen bestuur aangewezen. Het het Algemeen bestuur aangewezen. Algemeen bestuur wijst het lid Het Algemeen bestuur wijst het lid afkomstig uit de qua inwoneraantal afkomstig uit de qua inwoneraantal grootste gemeente tot voorzitter aan. grootste gemeente tot voorzitter aan. 2. De voorzitter wordt bij zijn 2. De voorzitter wordt bij zijn afwezigheid vervangen door een door afwezigheid vervangen door een door het Algemeen bestuur aan te wijzen het Algemeen bestuur aan te wijzen andere lid van het Dagelijks bestuur, andere lid van het Dagelijks bestuur. niet zijnde het door PREZERO 3. De voorzitter is belast met aangewezen lid van het Algemeen de leiding van de vergaderingen van bestuur. het Algemeen bestuur en Dagelijks 3. De voorzitter is belast met de bestuur en draagt er zorg voor dat de leiding van de vergaderingen van het besluiten van het Algemeen bestuur Algemeen bestuur en Dagelijks en het Dagelijks bestuur naar bestuur en draagt er zorg voor dat de behoren worden uitgevoerd. besluiten van het Algemeen bestuur 4. De voorzitter en het Dagelijks bestuur naar vertegenwoordigt het openbaar behoren worden uitgevoerd.
lichaam in en buiten rechte. Indien de 4. De voorzitter vertegenwoordigt het voorzitter behoort tot een gemeente openbaar lichaam in en buiten die partij is in een geding, waarbij rechte. Indien de voorzitter behoort Blink is betrokken, machtigt hij de tot vice-voorzitter of een ander lid van een gemeente die partij is in een het Algemeen bestuur, wiens geding, waarbij Blink is betrokken, gemeente geen partij is bij het machtigt hij de vice-voorzitter of een geschil. ander lid van het Algemeen bestuur, 5. De voorzitter tekent samen wiens gemeente geen partij is bij het met de secretaris-directeur de geschil. stukken die van het Algemeen 5. De voorzitter tekent samen met de bestuur en het Dagelijks bestuur secretaris de stukken die van het uitgaan. Algemeen bestuur en het Dagelijks
Toelichting PreZero is uit lid 2 verwijderd vanwege de ontvlechting van PreZero en Blink. Daarnaast is een aanpassing doorgevoerd door de secretarisfunctie te laten samenvallen met die van de directeur. Dit is in lijn met de wijze waarop gelijksoortige gemeenschappelijke regelingen hun governance inrichten. Bovendien geeft het de secretaris-directeur de benodigde bevoegdheden die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van zijn taak.
bestuur uitgaan.
Hoofdstuk VII (De secretaris en de controller) Oude GR tekst Ontwerpregeling GR tekst De secretaris Artikel 16. Artikel 18. 1. Het openbaar lichaam heeft 1. De secretaris van het Algemeen en een secretaris-directeur. De Dagelijks bestuur wordt benoemd secretaris-directeur is algemeen door het Algemeen bestuur op directeur van de gemeenschappelijke voorstel van het Dagelijks bestuur. regeling en de rechtspersonen die Benoembaar tot secretaris is alleen uitsluitend door de een medewerker van een van de gemeenschappelijke regeling is dan deelnemende gemeenten, die op wel zijn opgericht of overgenomen. detacheringsbasis voor Blink 2. De secretaris-directeur werkzaam is. wordt benoemd door het Dagelijks 2. De secretaris heeft geen bestuur. stemrecht. 3. Het algemeen bestuur stelt 3. De secretaris is de voorzitter en het voor de secretaris-directeur een Algemeen en Dagelijks bestuur in instructie vast. alles wat de hen opgedragen taak 4. De secretaris-directeur aangaat, behulpzaam. heeft tot taak het Algemeen Bestuur, 4. Hij bereidt de agenda voor van het het Dagelijks Bestuur, de voorzitter dagelijks bestuur en van het en eventuele commissies in hun algemeen bestuur. opgedragen taken ter zijde te staan. 5.
Hij draagt zorg voor de notulen van De secretaris-directeur heeft in de de vergadering van het Dagelijks en vergadering van het Algemene en het Algemeen bestuur en legt de Dagelijks bestuur geen stemrecht. door de beide bestuursorganen 5. Alle stukken die van het genomen besluiten schriftelijk vast. Algemeen en Dagelijks bestuur 6. Hij draagt er zorg voor dat de uitgaan, worden door de secretarisnotulen en de besluitenlijst van directeur mede ondertekend. vergaderingen van het Dagelijks en 6. De secretaris-directeur is Algemeen bestuur ter kennis van verantwoordelijk voor het opmaken deze beide bestuursorganen, de van de notulen van de vergaderingen voorzitter en de directeur worden van het Algemeen en het Dagelijks gebracht en licht deze zo nodig toe. bestuur. 7. De stukken die van het Algemeen 7. Schorsing en ontslag van bestuur en van het Dagelijks bestuur personeel dat in dienst is van Blink, uitgaan worden door de secretaris geschiedt door de secretarismede ondertekend. directeur. De controller Artikel 19 1. De controller wordt op voordracht van het Dagelijks bestuur benoemd door het Algemeen bestuur uit het personeel dat werkzaam is PREZERO. Tot de taak van de controller behoort in ieder geval en in overleg met de directeur: a. Het opstellen van de jaarlijkse ontwerpbegroting met de daarbij behorende procedure; b.
het opstellen van de ontwerpjaarrekening en het ontwerpjaarverslag; c. het inrichten van de administratieve organisatie en het vaststellen van de regels voor de interne controle.
Verwijderd
Toelichting Er is een aanpassing doorgevoerd door de secretarisfunctie te laten samenvallen met die van de directeur. Dit is in lijn met de wijze waarop gelijksoortige gemeenschappelijke regelingen hun governance inrichten. Bovendien geeft het de secretaris-directeur de benodigde bevoegdheden die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van zijn taak. Daarbij is lid 7 toegevoegd. Deze tekst viel in de oude GR tekst onder artikel 29: inzet personeel en materieel. In de Ontwerpregeling behoort het schorsen en ontslaan van personeel onder de bevoegdheid van de secretaris-directeur. Er is niet langer sprake van een aanstelling bij dienstverbanden door de WNRA. Zienswijze 15 is verwerkt: In lid 2 is een aanpassing gemaakt in de bevoegdheden: de secretarisdirecteur wordt volgens de Wgr door het Dagelijks bestuur benoemd en niet door het Algemeen bestuur.
De functie van controller werd door een medewerker van PreZero uitgevoerd. Deze functie wordt in de publieke gemeenschappelijke regeling door Blink zelf uitgevoerd. Daarmee vervalt dit artikel in de Ontwerpregeling.
2. De controller heeft de bevoegdheid rechtstreeks te rapporteren aan het Dagelijks bestuur en aan het Algemeen bestuur over de taken genoemd in het eerste lid. 3. Op verzoek van het Dagelijks bestuur of Algemeen bestuur kan de controller tijdens de vergaderingen van de hiervoor genoemde bestuursorganen het woord voeren. Hoofdstuk VIII (Commissies, , tegemoetkoming) Oude GR tekst Ontwerpregeling GR tekst Bestuurscommissies Bestuurscommissies Artikel 20. Artikel 17 1. Het Algemeen bestuur kan, Zie oude GR tekst conform artikel 25 van de wet commissies instellen met het oog op de behartiging van bepaalde belangen. Het algemeen bestuur stelt vooraf de raden van de deelnemende gemeenten van dit voornemen op de hoogte en stelt hen in de gelegenheid hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. 2. Een lid van het Dagelijks bestuur is voorzitter van een commissie als bedoeld in het eerste lid. 3. Bij de instelling wordt in ieder geval geregeld: a. de samenstelling; b. de bevoegdheid of bevoegdheden; c. de werkwijze; d. de openbaarheid van vergaderingen; e. het toezicht van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur; f. de verhouding van de toegekende bevoegdheden tot die van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur; g. de verantwoording aan het Algemeen bestuur; h.
wanneer de commissie is ingesteld voor bepaalde tijd, wordt tevens de einddatum van de commissie geregeld. Commissies van advies Commissies van advies Artikel 21. Artikel 18 1. Het Algemeen bestuur kan Zie oude GR tekst besluiten commissies van advies in te stellen ten behoeve van de uitvoering van de hen opgedragen taken conform artikel 24 van de wet. 2. De instelling van vaste commissies van advies aan het Dagelijks bestuur en de regeling van haar bevoegdheden en samenstelling geschieden door het Algemeen bestuur op voorstel van het Dagelijks bestuur.
Toelichting De oude GR tekst is nog steeds van toepassing. Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst.
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing. Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst.
3. Bij de instelling wordt in ieder geval geregeld: a. de samenstelling; b. de bevoegdheid /bevoegdheden; c. de werkwijze; d. de openbaarheid van vergaderingen; e. het toezicht van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur; f. de verhouding van de toegekende bevoegdheden tot die van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur; g. de verantwoording aan het Algemeen bestuur. 4. Andere commissies van advies aan het Dagelijks bestuur of aan de voorzitter worden door het Dagelijks bestuur onderscheidenlijk de voorzitter ingesteld. Werkgroepen, overleg Artikel 22. Het Algemeen bestuur, het Dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen werkgroepen en overlegvormen instellen. Tegemoetkoming Artikel 23. 1. Het Algemeen bestuur kan voor zijn leden, de leden van het Dagelijks bestuur dan wel de voorzitter bij verordening een tegemoetkoming in de kosten vaststellen. Deze verordening bevat regels omtrent de hoogte en de toekenning van de tegemoetkoming in de kosten. 2. De hoogte van de tegemoetkoming in de kosten bedraagt niet meer dan de werkelijke kosten, mede rekening houdende met de tegemoetkoming in de kosten welke de bestuurder ontvangt uit hoofde van zijn lidmaatschap van een van de deelnemende gemeenten. 3.
Ten aanzien van de werkzaamheden en de kosten van de leden van de commissies, ingesteld met het oog op de behartiging van bepaalde belangen, is het bepaalde in het eerste lid van overeenkomstige toepassing. 4. De leden van commissies van advies die geen burgemeester, wethouder of raadslid zijn, kunnen een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie ontvangen. De artikelen 96 tot en met
Werkgroepen, overleg Artikel 19 Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing. Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst.
Tegemoetkoming Artikel 20 Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing. Alleen het artikelnummer is aangepast vanwege het wegvallen van enkele artikelen in de ontwerpregelingstekst.
99 van de Gemeentewet, alsmede de op grond daarvan gestelde nadere regelen, zijn alsdan van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat, wanneer daarin sprake is van een onderverdeling in gemeenteklassen, het bepaalde voor de gemeenteklasse van 50 001100 000 inwoners van toepassing is.
Hoofdstuk IX (Informatie en verantwoordingsplicht) Oude GR tekst Ontwerpregeling GR tekst Interne inlichtingenplicht en Interne inlichtingenplicht en verantwoordingsplicht lid dagelijks verantwoordingsplicht lid dagelijks bestuur bestuur Artikel 24. Artikel 21 1. Het Dagelijks bestuur en elk van Zie oude GR tekst zijn leden afzonderlijk zijn aan het Algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur. 2. Het Dagelijks bestuur geeft het Algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. 3. Het Algemeen bestuur regelt van welke besluiten van het Dagelijks bestuur in ieder geval kennisgeving wordt gedaan aan de leden van het Algemeen bestuur. Daarbij kan het Algemeen bestuur de gevallen bepalen waarin met ter inzage legging kan worden volstaan. Het Dagelijks bestuur laat de kennisgeving of ter inzage legging achterwege voor zover deze in strijd is met het openbaar belang. 4. Het Algemeen bestuur kan een lid van het Dagelijks bestuur, indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit, ontslag verlenen. Externe Inlichtingenplicht Externe Inlichtingenplicht Artikel 25. Artikel 22. 1. Het bestuur van het openbaar 1.