A2 MRE - Reactienota op wensen en bedenkingenprocedure van Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant
Tekst van het document
Eens. Dit moet nadrukkelijk worden meegenomen in de uitwerking van de HOV-knopen. Daarnaast wordt dit ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
11. HeezeLeende
Wens
Heeze-Leende levert een belangrijke bijdrage aan regionale voorzieningen met onze grote natuurgebieden. De bereikbaarheid van deze natuurgebieden bij toenemende bezoekersaantallen is voor ons een grote zorg en daarvoor vragen wij dan ook aandacht.
11. HeezeLeende
Wens
11. HeezeLeende
Wens
11. HeezeLeende
Wens
11. HeezeLeende
Wens
11. HeezeLeende
Wens
11. HeezeLeende
Wens
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend Algemeen
11. HeezeLeende
Wens
Algemeen
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend
5 februari 2025
De hele schaalsprong gaat de algemene bereikbaarheid van HeezeLeende en de mobiliteit in de kernen verslechteren als er niks gebeurt.
Logisch punt. Echter: een betere bereikbaarheid van natuurgebieden leidt tot grotere druk op de gebieden zelf. Vraagt om een goed kwalitatief en kwantitatief aanbod van groene recreatiegebieden binnen én buiten de regio, waardoor betere bezoekersspreiding ontstaat. Vraagt ook om voldoende parkeergelegenheid binnen en aan de rand van dorpskernen nabij natuurgebieden, die goede wandel- en fietsverbindingen hebben naar deze gebieden. Goed voor horeca in de dorpskernen en neemt parkeerdruk weg tegen natuurgebieden aan. Zoals in de Regionale Mobiliteitsvisie MRE geschetst biedt de schaalsprong een kans om de algemene bereikbaarheid van Heeze-Leende en de mobiliteit in de kernen te verbeteren. We gaan graag in gesprek om de achtergrond van deze grote vraag nader te duiden.
Naast een goed functionerende randweg voor de problemen die Heeze-Leende nu al ervaart en nog meer zal krijgen door de schaalsprong, achten we een flinke verbetering van het openbaar vervoer en de (snel) fietsinfra dringend noodzakelijk. Ook vraagt Heeze-Leende aandacht voor de mobiliteit richting natuurgebieden en de consequenties van de schaalsprong voor diverse milieuaspecten als geluid en fijnstof.
Eens. Hieraan wordt gewerkt in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
Ten aanzien van de mobiliteitstransitie vragen wij u wel rekening te houden met het aanpassingsvermogen van de dorpen. De fiets heeft potentie, maar op de korte(re) afstand. Dit houdt in dat van dorpen die beter op het regionale OV-netwerk zijn aangesloten, meer mag worden verwacht. Voor minder goed ontsloten dorpen blijft de auto vooralsnog de belangrijkste vervoersmodaliteit. Ten tweede hechten wij bij de toekomstige ontwikkelingen van het regionale mobiliteitsnetwerk sterk aan het leggen van meer tangentiële OV-verbindingen. Voor de volledigheid verwijzen wij naar onze reactie op de recent vastgestelde regionale mobiliteitsvisie. De ultieme consequenties van de schaalsprong kunnen we nu nog moeilijk overzien, als er onvoorzien knelpunten ontstaan dan verwachten we ook dat er vanuit het Rijk, de provincie, de regio en het bedrijfsleven een bijdrage geleverd wordt in de oplossing daarvan. De impact van de schaalsprong op de gemeenschap is veel groter voor Cranendonck, Deurne en Eersel als knooppunten HOV gemeenten. We hebben er dan ook alle begrip voor dat de besluitvorming in deze gemeenten mogelijk langer zal duren en vinden dat deze gemeenteraden dan ook ruim de tijd moeten krijgen om eventueel met participatie tot goede besluitvorming te komen.
Eens. Die logica wordt ook gezien en erkend. Dat in meer landelijk gebied de mobiliteitstransitie de auto een grotere rol heeft dan in meer stedelijk gebied is daarom ook een centraal principe in de Regionale Mobiliteitsvisie MRE.
17
Vanuit de Regionale Mobiliteitsvisie MRE werken we aan een mobiliteitstransitie waarin meer gereisd wordt met relatief milieuvriendelijke vormen van vervoer: OV, fiets en lopen. Zie ook eerdere antwoord bij 111.
Meer tangentiele verbindingen zijn een centraal principe in het Regionale Toekomstbeeld OV, met de Brainportlijn zetten we daar een eerste stap in.
De schaalsprong betreft niet één gemeente, maar een groot gebied. Daarom werken we nu samen met de triple helix (inclusief alle lagen uit de overheid) aan deze schaalsprong en is het onze intentie dat ook in de toekomst te blijven doen. Ook bij de consequenties die we nu moeilijk kunnen overzien.
Mooi signaal richting uw collega-gemeenteraad. Ter kennisname aangenomen. Aanvullend hierop is het sowieso aan de gemeenteraad om (op het zelfgekozen moment) te beslissen over de ontwikkelingen op eigen grondgebied. Zeker ook nodig bij een majeure ontwikkeling als een HOV-knoop.
11. HeezeLeende
Wens
Algemeen
Wij willen laten weten dat we de communicatie tot nu toe als prettig hebben ervaren. Voor het vervolgproces willen we graag benadrukken dat ook onze raad graag rechtstreeks en intensief geïnformeerd en betrokken wil blijven bij de uitwerking van de ontwikkelstrategie. Als hierin veranderingen plaatsvinden of er input nodig is van de gemeenteraden worden wij hier graag over geïnformeerd. Aanvullend zien wij graag een routekaart voor het verdere verloop van het proces. Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom. Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE-niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie voor bestaande bebouwing, wat niet aan de huidige eisen voldoet, hieraan toevoegen.
Dank voor het compliment en het duidelijke signaal.
11. HeezeLeende 12. Helmond
Wens
Algemeen
Wens
12. Helmond
Wens
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
12. Helmond
Bedenking
Indien de ontwikkelstrategie wordt aangepast (huidige versie of doorontwikkeling) wordt dit meegenomen.
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken, doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken, ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Bedenking
12. Helmond
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
12. Helmond
Wens Wens
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
Eens. Woondeal en ontwikkelstrategie moeten met elkaar in lijn zijn.
12. Helmond
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
12. Helmond
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen.
De ontwikkelstrategie doet geen uitspraken over hoogbouw. Dit is aan de lokale gemeente.
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
5 februari 2025
18
? Eens. We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen, hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving.
Deze wens is er ook breed. Dit is uitgewerkt in de RES en wordt verder uitgewerkt/geactualiseerd in de RES 2.0 (planning vaststelling 2027). De verdeling van energievoorzieningen is uiteraard ook sterk afhankelijk van de ruimtelijke mogelijkheden en beperkingen. Eens. Inbreiding heeft juist het doel om onder andere de ruimtelijke kwaliteit (dus ook groen) en klimaatadaptatie te verbeteren. Zeker niet om dit ten koste te laten gaan van groen. Ruimte voor uitbreiding is er ook, maar inderdaad wel waar nodig. Dit is heel nadrukkelijk besproken en beschreven in de ontwikkelstrategie. Eens. We denken dat de ontwikkelstrategie hier ruimte voor geeft en dat de regionale aanpak voorzieningen hierin kan helpen. Maar we denken ook dat het uiteindelijk aan de gemeente zelf is om die balans en sociale cohesie bewaken.
De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie.
12. Helmond
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Omdraaien principe naar ‘vitale kernen en dorpen als hefboom voor woningbouw’: bedienen van alle doelgroepen en creëren van een gezellige woon- en leefomgeving Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd, maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen.
Graag gaan we in gesprek over de gedachte achter deze bedenking.
12. Helmond
Bedenking
12. Helmond
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
12. Helmond
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
Vergroten treinfrequentie en/of tussentijds in alternatieven voorzien (fiets/bus).
De wens wordt herkend en erkend. De mogelijkheden hiervoor zijn echter soms beperkt. Maar dit onderwerp wordt nadrukkelijk meegenomen in onder meer het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Actualisatie MIRT-onderzoek Brainport en Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
12. Helmond
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Aandacht voor specifieke knelpunten in de regio.
Deze aandacht wordt meegenomen in de uitwerking van de mobiliteitsvisie en multimodale mobiliteitspakketten.
12. Helmond
Bedenking
12. Helmond
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Effectiever benutten van de ruimte op de bestaande bedrijventerreinen.
In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering is als uitgangspunt opgenomen dat een deel van de geprognotiseerde ruimte gevonden moet worden op bestaande bedrijventerreinen door intensivering. Hiervoor worden in de Uitvoeringsagenda van de programmering procesafspraken gemaakt. Daarbij wordt wel geconstateerd dat de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke uitvoeringscapaciteit hierbij cruciaal is.
12. Helmond
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
Goed vestigingsklimaat waardoor bedrijven zich blijven vestigen in de regio.
Een goede en evenwichtige verdeling van werkmilieus over de regio moet waarborgen dat het juiste bedrijf op de juiste plek kan worden geaccommodeerd. Daarbij moeten we door het schaarser worden van ruimte wel scherpere keuzes maken in (sub-)regionale profilering.
12. Helmond
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Ruimte voor uitbreiding van lokale bedrijventerreinen in de kernen. MKB is van levensbelang voor het in stand houden van voorzieningen en verenigingsleven in de kernen. Agrarische bedrijven in het buitengebied toekomstperspectief bieden.
We willen voorkomen dat er knelpunten ontstaan door slimmer en duurzamer om te gaan met woon- en werklocaties. We pleiten daarom voor meer ruimte voor industrieterreinen
Afhankelijk van het type werkmilieu en de soort bedrijvigheid die daarbij past, worden locatiekeuzes gemaakt. Bereikbaarheid van de locaties en impact op vervoersbewegingen is één van de afwegingen. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
5 februari 2025
Eens dat dit een opgave is. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland. Deze wens is breed bekend en wordt meegenomen in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OVconcessie. Echter het OV-gebruik -zeker in landelijk gebied- is nog herstellende na corona en er is niet tot nauwelijks extra subsidie beschikbaar.
Regionale aanpak t.a.v. de verdeling van verschillende soorten In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering programmeren we op regionaal niveau, waar we dit bedrijvigheid in de regio (staat min of meer in ontwikkelstrategie zob) voorgaande jaren op subregionaal niveau hebben gedaan. De verdeling van diverse werkmilieus (en daarmee ook soorten bedrijvigheid) over de regio, ook passend bij de (sub-)regionale eigenheid, is daarbij nadrukkelijk onderwerp van discussie.
19
Binnen Economie/regionale agenda bedrijventerreinen ligt de focus op het op de reguliere bedrijventerreinen. Gevestigde agrarische bedrijven in het buitengebied zijn geen onderdeel hiervan. Vormt ook geen onderdeel van het programma Landelijk Gebied.
binnen gemeentes en bij woonkernen waardoor minder woon-werk verkeer nodig zal zijn.
12. Helmond
Wens
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend
12. Helmond
Bedenking
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
Algemeen
12. Helmond
Wens
Algemeen
13. Laarbeek
Wens
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
5 februari 2025
Nieuwe verbindingen moeten ook gericht zijn buiten de Peel, provincie overstijgend.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
Het doorgaande verkeer (boven regionaal verkeer) wordt te weinig benoemd, maar is wel het probleem.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
Ook aandacht voor de ‘last mile’ t.a.v. de (H)OV knopen, hier valt in de regio nog veel te winnen.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
Investeringen in OV moeten wel onder voorbehoud van garantie op vervoerskwaliteit en betaalbaarheid.
Onduidelijk wat hier onder vervoerkwaliteit en betaalbaarheid wordt bedoeld. Bij alle OV-investeringen zijn vervoerkwaliteit uitgangspunt en kosten/baten aandachtspunt.
Reisafstand en reistijd moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er moet meer aandacht komen voor het brengen van het werk naar de mensen in plaats van de mens naar het werk Het onderwerp gezondheid een integrale positie geven bij de ontwikkelprincipes.
Nabijheid van werk en voorzieningen is een uitgangspunt in de Regionale Mobiliteitsvisie. Wel moeten we realistisch zijn in hoeverre de locatie van werkgelegenheid stuurbaar is.
We pleiten voor een duurzamere en sociale visie ten aanzien van in stand houding en extra investering in lokale en centrale voorzieningen waardoor minder reizen nodig zal zijn. Denk hierbij aan zorginstellingen, ziekenhuizen, scholen en cultuur. Hierdoor wordt het voor veel mensen eenvoudiger en minder kostbaar om voor hen belangrijke bestemmingen te bereiken. Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom.
Goed punt van aandacht. In de regionale aanpak Voorzieningen wordt enerzijds ingezet op de versterking van de basisvoorzieningen (lokaal) en deze mee laten groeien met de schaalsprong, in relatie tot de versterking de regionale (centrale) en topvoorzieningen (regionaal,boventregionaal). Het vraagstuk in deze samenhang bezien en afstemmen.
20
We erkennen het belang van gezondheid, ook in combinatie met de ruimtelijke thema's. Bij de totstandkoming is dit niet besproken als een integrale positie bij de ontwikkelprincipes. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen, het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan het onderwerp, en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Eens.
13. Laarbeek
Wens
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE-niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie voor bestaande bebouwing, wat niet aan de huidige eisen voldoet, hieraan toevoegen.
We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen, hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving.
13. Laarbeek
Bedenking Wens
13. Laarbeek
Bedenking
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken, doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken, ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
Indien de ontwikkelstrategie wordt aangepast (huidige versie of doorontwikkeling) wordt dit meegenomen.
13. Laarbeek
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
13. Laarbeek
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
13. Laarbeek
Wens Wens
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
Eens. Woondeal en ontwikkelstrategie moeten met elkaar in lijn zijn.
13. Laarbeek
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
13. Laarbeek
Bedenking Bedenking
13. Laarbeek
Bedenking
13. Laarbeek
Wens
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen. Omdraaien principe naar ‘vitale kernen en dorpen als hefboom voor woningbouw’: bedienen van alle doelgroepen en creëren van een gezellige woon- en leefomgeving Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd, maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen.
De ontwikkelstrategie doet geen uitspraken over hoogbouw. Dit is aan de lokale gemeente.
13. Laarbeek
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
13. Laarbeek
Wens
Vergroten treinfrequentie en/of tussentijds in alternatieven voorzien (fiets/bus).
De wens wordt herkend en erkend. De mogelijkheden hiervoor zijn echter soms beperkt. Maar dit onderwerp wordt nadrukkelijk meegenomen in onder meer het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Actualisatie MIRT-onderzoek Brainport en Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
5 februari 2025
21
Deze wens is er ook breed. Dit is uitgewerkt in de RES en wordt verder uitgewerkt/geactualiseerd in de RES 2.0 (planning vaststelling 2027). De verdeling van energievoorzieningen is uiteraard ook sterk afhankelijk van de ruimtelijke mogelijkheden en beperkingen. Eens. Inbreiding heeft juist het doel om onder andere de ruimtelijke kwaliteit (dus ook groen) en klimaatadaptatie te verbeteren. Zeker niet om dit ten koste te laten gaan van groen. Ruimte voor uitbreiding is er ook, maar inderdaad wel waar nodig. Dit is heel nadrukkelijk besproken en beschreven in de ontwikkelstrategie. Eens. We denken dat de ontwikkelstrategie hier ruimte voor geeft en dat de regionale aanpak voorzieningen hierin kan helpen. Maar we denken ook dat het uiteindelijk aan de gemeente zelf is om die balans en sociale cohesie bewaken.
De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie.
Graag gaan we in gesprek over de gedachte achter deze bedenking.
Eens dat dit een opgave is. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland. Deze wens is breed bekend en wordt meegenomen in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OVconcessie. Echter het OV-gebruik -zeker in landelijk gebied- is nog herstellende na corona en er is niet tot nauwelijks extra subsidie beschikbaar.
13. Laarbeek
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Aandacht voor specifieke knelpunten in de regio.
13. Laarbeek
Bedenking
13. Laarbeek
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Effectiever benutten van de ruimte op de bestaande bedrijventerreinen.
In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering is als uitgangspunt opgenomen dat een deel van de geprognotiseerde ruimte gevonden moet worden op bestaande bedrijventerreinen door intensivering. Hiervoor worden in de Uitvoeringsagenda van de programmering procesafspraken gemaakt. Daarbij wordt wel geconstateerd dat de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke uitvoeringscapaciteit hierbij cruciaal is.
13. Laarbeek
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
13. Laarbeek
Wens
13. Laarbeek
Wens
Goed vestigingsklimaat waardoor bedrijven zich blijven vestigen in de regio.
Een goede en evenwichtige verdeling van werkmilieus over de regio moet waarborgen dat het juiste bedrijf op de juiste plek kan worden geaccommodeerd. Daarbij moeten we door het schaarser worden van ruimte wel scherpere keuzes maken in (sub-)regionale profilering.
13. Laarbeek
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Ruimte voor uitbreiding van lokale bedrijventerreinen in de kernen. MKB is van levensbelang voor het in stand houden van voorzieningen en verenigingsleven in de kernen. Agrarische bedrijven in het buitengebied toekomstperspectief bieden.
Afhankelijk van het type werkmilieu en de soort bedrijvigheid die daarbij past, worden locatiekeuzes gemaakt. Bereikbaarheid van de locaties en impact op vervoersbewegingen is één van de afwegingen. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
13. Laarbeek
Wens
We willen voorkomen dat er knelpunten ontstaan door slimmer en duurzamer om te gaan met woon- en werklocaties. We pleiten daarom voor meer ruimte voor industrieterreinen binnen gemeentes en bij woonkernen waardoor minder woon-werk verkeer nodig zal zijn. Nieuwe verbindingen moeten ook gericht zijn buiten de Peel, provincie overstijgend.
13. Laarbeek
Bedenking
Het doorgaande verkeer (boven regionaal verkeer) wordt te weinig benoemd, maar is wel het probleem.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
13. Laarbeek
Wens
Ook aandacht voor de ‘last mile’ t.a.v. de (H)OV knopen, hier valt in de regio nog veel te winnen.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de
5 februari 2025
Deze aandacht wordt meegenomen in de uitwerking van de mobiliteitsvisie en multimodale mobiliteitspakketten.
Regionale aanpak t.a.v. de verdeling van verschillende soorten In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering programmeren we op regionaal niveau, waar we dit bedrijvigheid in de regio (staat min of meer in ontwikkelstrategie zob) voorgaande jaren op subregionaal niveau hebben gedaan. De verdeling van diverse werkmilieus (en daarmee ook soorten bedrijvigheid) over de regio, ook passend bij de (sub-)regionale eigenheid, is daarbij nadrukkelijk onderwerp van discussie.
22
Binnen Economie/regionale agenda bedrijventerreinen ligt de focus op het op de reguliere bedrijventerreinen. Gevestigde agrarische bedrijven in het buitengebied zijn geen onderdeel hiervan. Vormt ook geen onderdeel van het programma Landelijk Gebied.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend
13. Laarbeek
Wens
13. Laarbeek
Wens
13. Laarbeek
Wens
Algemeen
13. Laarbeek
Wens
Algemeen
16. Reusel de Mierden
Bedenking
Algemeen
Voor de vier Kempengemeenten Bergeijk, Bladel, Eersel en Reusel-De Mierden is de eigen Ontwikkelstrategie De Kempen 2024-2040 leidend binnen de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant.
16. Reusel de Mierden
Wens
Algemeen
In Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant wordt nog onvoldoende aandacht besteed aan brede welvaart, met name de (basis)voorzieningen, samenleving, welzijn, landschap en klimaat. Bij het opstellen van de Ontwikkelstrategie De Kempen zijn door de inwoners zorgen geuit over deze thema’s. Bij ingrepen in de fysieke leefomgeving dient nadrukkelijk aandacht te zijn voor de sociaalmaatschappelijke gevolgen.
14. Nuenen c.a. 15. Oirschot
Investeringen in OV moeten wel onder voorbehoud van garantie op vervoerskwaliteit en betaalbaarheid.
Onduidelijk wat hier onder vervoerkwaliteit en betaalbaarheid wordt bedoeld. Bij alle OV-investeringen zijn vervoerkwaliteit uitgangspunt en kosten/baten aandachtspunt.
Reisafstand en reistijd moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er moet meer aandacht komen voor het brengen van het werk naar de mensen in plaats van de mens naar het werk Het onderwerp gezondheid een integrale positie geven bij de ontwikkelprincipes.
Nabijheid van werk en voorzieningen is een uitgangspunt in de Regionale Mobiliteitsvisie. Wel moeten we realistisch zijn in hoeverre de locatie van werkgelegenheid stuurbaar is.
We pleiten voor een duurzamere en sociale visie ten aanzien van in stand houding en extra investering in lokale en centrale voorzieningen waardoor minder reizen nodig zal zijn. Denk hierbij aan zorginstellingen, ziekenhuizen, scholen en cultuur. Hierdoor wordt het voor veel mensen eenvoudiger en minder kostbaar om voor hen belangrijke bestemmingen te bereiken. Geen
Goed punt van aandacht. In de regionale aanpak Voorzieningen wordt enerzijds ingezet op de versterking van de basisvoorzieningen (lokaal) en deze mee laten groeien met de schaalsprong, in relatie tot de versterking de regionale (centrale) en topvoorzieningen (regionaal,boventregionaal). Het vraagstuk in deze samenhang bezien en afstemmen.
We erkennen het belang van gezondheid, ook in combinatie met de ruimtelijke thema's. Bij de totstandkoming is dit niet besproken als een integrale positie bij de ontwikkelprincipes. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen, het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan het onderwerp, en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Geen
5 februari 2025
23
Alle 21 gemeenten hebben ingestemd met de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant. Wij gaan er van uit dat alle partners de afspraken en ontwikkelprincipes hieruit naleven. Op het moment dat een uitwerking anders wordt vormgegeven, of een nieuwe strategie niet helemaal past binnen de gemaakte afspraken, verwachten wij dat partners hierover actief het gesprek met ons aangaan. Begrijpelijke opmerking. Dat is nu ook niet te corrigeren met een simpele wijziging. Wat het meeste recht doet aan de brede welvaart is om dit nadrukkelijk mee te nemen in de verdere doorontwikkeling of vervolgstappen van de ontwikkelstrategie. Dat is ook logisch en passend omdat brede welvaart centraal staat in het samenwerkingsakkoord MRE.
16. Reusel de Mierden
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Woningbouw is de hefboom voor vitale kernen. Voor landelijke kernen met veel particulier woningbezit is dit met alleen inbreiding onvoldoende te bereiken. Ook uitbreiding is noodzakelijk, met behoud van de kracht van het (mozaïek)landschap.
16. Reusel de Mierden
Aandachts punt
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
Een subregionale knoop voor De Kempen en de noodzakelijke mobiliteitstransitie in de Kempen is alleen succesvol, als er sprake is van een hoogwaardige openbaar vervoer (HOV) verbinding vanuit het stedelijk gebied van en naar De Kempen (de vervoersas VeldhovenEersel-Hapert-Bladel-Reusel). De Kempen is op dit moment de enige subregio in de MRE waar geen HOV of treinverbinding is. De gevraagde bijdrage aan de schaalsprong van de MRE kan niet middels de huidige OV-structuren. Het doortrekken van de HOV-structuur vanaf De Run in Veldhoven minimaal tot de te realiseren subregionale knoop in de omgeving Eersel en verder (!) is hierbij een noodzakelijke randvoorwaarde en dient met voorrang gerealiseerd te worden. De bereikbaarheid van en naar een mobiliteitsknooppunt in De Kempen is medebepalend voor het succes van de hub en verdient dus de nodige aandacht. De aanleg van een volwaardige HOVverbinding in de Kempengemeenten Eersel, Bladel en Reusel-De Mierden dient hierbij nadrukkelijk onderzocht te worden. Mede gezien de nieuwe ontwikkelingen bij het BIC en de te verwachten extra mobiliteit en sluipverkeer in De Kempen. In de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant wordt nog onvoldoende aandacht besteed aan het thema Veiligheid. De schaalsprong in onze regio zorgt voor meer inwoners en vraagt om meer voorzieningen zoals meer woningen, scholen en huisartsenpraktijken.
Dit heeft ook grote gevolgen voor onze veiligheid en onze veiligheidsregio. Ook de voorzieningen van onze hulpdiensten dienen mee te groeien in menskracht, materiaal en middelen. Daarbij dienen de ondersteunende basis (netwerk)infrastructuren in stad te worden gehouden zodat deze veilig en werken blijven. We roepen de MRE op als netwerk- en lobbyorganisatie om zich hiervoor in te zetten en aandacht te vragen voor financiering hiervan bij het Rijk. Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom.
16. Reusel de Mierden
17. Someren
Algemeen
Wens
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
5 februari 2025
24
De primaire focus ligt op inbreiding. Daarover stelt de Ontwikkelstrategie: "We grijpen deze woningbouwopgave aan en zetten de woningbouw in als hefboom in onze bestaande bebouwde omgeving." Inbreiding alleen kan ook onvoldoende mogelijkheden bieden. Daarom houdt de ontwikkelstrategie houdt ook rekening met de optie voor uitbreiding. Daarover stelt de ontwikkelstrategie onder andere: " Bij uitbreiding geldt dat deze plaats kan vinden als na zorgvuldige afweging, inbreiding onvoldoende mogelijkheden biedt of als er zich door uitbreiding een bijzondere kans voordoet voor kwaliteitsverbetering in bestaand stedelijk/dorps-gebied (bijvoorbeeld transformatie van bedrijf met een milieucirkel aan de rand van het dorp naar woningbouw)." Deze wens is bekend en wordt meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE
Het thema veiligheid en het mee laten groeien van voorzieningen van onze hulpdiensten en veiligheidsinfrastructuur vormt geen onderdeel van de Regionaal aanpak Voorzieningen en is als opdracht ook niet belegd bij MRE.
Eens.
17. Someren
Wens
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE-niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie voor bestaande bebouwing, wat niet aan de huidige eisen voldoet, hieraan toevoegen.
We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen, hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving.
17. Someren
Bedenking Wens
17. Someren
Bedenking
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken, doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken, ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
Indien de ontwikkelstrategie wordt aangepast (huidige versie of doorontwikkeling) wordt dit meegenomen.
17. Someren
Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe
17. Someren
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
17. Someren
Wens Wens
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
Eens. Woondeal en ontwikkelstrategie moeten met elkaar in lijn zijn.
17. Someren
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
17. Someren
Bedenking Bedenking
17. Someren
Wens
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen. Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd, maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen.
De ontwikkelstrategie doet geen uitspraken over hoogbouw. Dit is aan de lokale gemeente.
17. Someren
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
17. Someren
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
Vergroten treinfrequentie en/of tussentijds in alternatieven voorzien (fiets/bus).
De wens wordt herkend en erkend. De mogelijkheden hiervoor zijn echter soms beperkt. Maar dit onderwerp wordt nadrukkelijk meegenomen in onder meer het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Actualisatie MIRT-onderzoek Brainport en Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
17. Someren
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
Aandacht voor specifieke knelpunten in de regio.
Deze aandacht wordt meegenomen in de uitwerking van de mobiliteitsvisie en multimodale mobiliteitspakketten.
5 februari 2025
25
Deze wens is er ook breed. Dit is uitgewerkt in de RES en wordt verder uitgewerkt/geactualiseerd in de RES 2.0 (planning vaststelling 2027). De verdeling van energievoorzieningen is uiteraard ook sterk afhankelijk van de ruimtelijke mogelijkheden en beperkingen. Eens. Inbreiding heeft juist het doel om onder andere de ruimtelijke kwaliteit (dus ook groen) en klimaatadaptatie te verbeteren. Zeker niet om dit ten koste te laten gaan van groen. Ruimte voor uitbreiding is er ook, maar inderdaad wel waar nodig. Dit is heel nadrukkelijk besproken en beschreven in de ontwikkelstrategie. Eens. We denken dat de ontwikkelstrategie hier ruimte voor geeft en dat de regionale aanpak voorzieningen hierin kan helpen. Maar we denken ook dat het uiteindelijk aan de gemeente zelf is om die balans en sociale cohesie bewaken.
De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie.
Eens dat dit een opgave is. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland. Deze wens is breed bekend en wordt meegenomen in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OVconcessie. Echter het OV-gebruik -zeker in landelijk gebied- is nog herstellende na corona en er is niet tot nauwelijks extra subsidie beschikbaar.
17. Someren
Bedenking
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Regionale aanpak t.a.v. de verdeling van verschillende soorten In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering programmeren we op regionaal niveau, waar we dit bedrijvigheid in de regio (staat min of meer in ontwikkelstrategie zob) voorgaande jaren op subregionaal niveau hebben gedaan. De verdeling van diverse werkmilieus (en daarmee ook soorten bedrijvigheid) over de regio, ook passend bij de (sub-)regionale eigenheid, is daarbij nadrukkelijk onderwerp van discussie.
17. Someren
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Effectiever benutten van de ruimte op de bestaande bedrijventerreinen.
In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering is als uitgangspunt opgenomen dat een deel van de geprognotiseerde ruimte gevonden moet worden op bestaande bedrijventerreinen door intensivering. Hiervoor worden in de Uitvoeringsagenda van de programmering procesafspraken gemaakt. Daarbij wordt wel geconstateerd dat de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke uitvoeringscapaciteit hierbij cruciaal is.
17. Someren
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
17. Someren
Wens
17. Someren
Wens
Goed vestigingsklimaat waardoor bedrijven zich blijven vestigen in de regio.
Een goede en evenwichtige verdeling van werkmilieus over de regio moet waarborgen dat het juiste bedrijf op de juiste plek kan worden geaccommodeerd. Daarbij moeten we door het schaarser worden van ruimte wel scherpere keuzes maken in (sub-)regionale profilering.
17. Someren
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Ruimte voor uitbreiding van lokale bedrijventerreinen in de kernen. MKB is van levensbelang voor het in stand houden van voorzieningen en verenigingsleven in de kernen. Agrarische bedrijven in het buitengebied toekomstperspectief bieden.
Afhankelijk van het type werkmilieu en de soort bedrijvigheid die daarbij past, worden locatiekeuzes gemaakt. Bereikbaarheid van de locaties en impact op vervoersbewegingen is één van de afwegingen. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
17. Someren
Wens
We willen voorkomen dat er knelpunten ontstaan door slimmer en duurzamer om te gaan met woon- en werklocaties. We pleiten daarom voor meer ruimte voor industrieterreinen binnen gemeentes en bij woonkernen waardoor minder woon-werk verkeer nodig zal zijn. Nieuwe verbindingen moeten ook gericht zijn buiten de Peel, provincie overstijgend.
17. Someren
Bedenking
Het doorgaande verkeer (boven regionaal verkeer) wordt te weinig benoemd, maar is wel het probleem.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
17. Someren
Wens
Ook aandacht voor de ‘last mile’ t.a.v. de (H)OV knopen, hier valt in de regio nog veel te winnen.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend
5 februari 2025
26
Binnen Economie/regionale agenda bedrijventerreinen ligt de focus op het op de reguliere bedrijventerreinen. Gevestigde agrarische bedrijven in het buitengebied zijn geen onderdeel hiervan. Vormt ook geen onderdeel van het programma Landelijk Gebied.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o.a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE, Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
17. Someren
Wens
17. Someren
Wens
17. Someren
Wens
Algemeen
17. Someren
Wens
18. Son en Breugel 19. Valkenswaard
20. Veldhoven
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend
Investeringen in OV moeten wel onder voorbehoud van garantie op vervoerskwaliteit en betaalbaarheid.
Onduidelijk wat hier onder vervoerkwaliteit en betaalbaarheid wordt bedoeld. Bij alle OV-investeringen zijn vervoerkwaliteit uitgangspunt en kosten/baten aandachtspunt.
Reisafstand en reistijd moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er moet meer aandacht komen voor het brengen van het werk naar de mensen in plaats van de mens naar het werk Het onderwerp gezondheid een integrale positie geven bij de ontwikkelprincipes.
Nabijheid van werk en voorzieningen is een uitgangspunt in de Regionale Mobiliteitsvisie. Wel moeten we realistisch zijn in hoeverre de locatie van werkgelegenheid stuurbaar is.
Algemeen
We pleiten voor een duurzamere en sociale visie ten aanzien van in stand houding en extra investering in lokale en centrale voorzieningen waardoor minder reizen nodig zal zijn. Denk hierbij aan zorginstellingen, ziekenhuizen, scholen en cultuur. Hierdoor wordt het voor veel mensen eenvoudiger en minder kostbaar om voor hen belangrijke bestemmingen te bereiken. Geen
Goed punt van aandacht. In de regionale aanpak Voorzieningen wordt enerzijds ingezet op de versterking van de basisvoorzieningen (lokaal) en deze mee laten groeien met de schaalsprong, in relatie tot de versterking de regionale (centrale) en topvoorzieningen (regionaal,boventregionaal). Het vraagstuk in deze samenhang bezien en afstemmen.
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie.
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
Woningbouw wordt in de ontwikkelstrategie gezien als hefboom voor vitale dorpen en kernen, om zo de leefbaarheid in de dorpen en kernen te versterken. Het gaat hierbij niet alleen over het uitbreiden van de contouren van de kernen, maar ook over het investeren in de kwaliteit van bestaande buurten en wijken. Bij zowel uitbreiding als versterking gaat het niet alleen om het bouwen van nieuwe huizen, maar ook over voorzieningen. Onder andere scholen, huisartsen, verenigingen en sportvoorzieningen zijn van groot belang bij de uitbreiding en versterking van woningbouw. Valkenswaard speekt dan ook de wens uit in vervolgtrajecten n.a.v. de ontwikkelstrategie expliciet rekening te houden met alle aspecten van brede welvaart, waaronder voorzieningen. Om zo op een integrale wijze een bijdrage te leveren aan een evenwichtige schaalsprong waar de regio Zuidoost Brabant voor staat. We constateren dat er veel afhangt van de realisatie van de beoogde subregionale knopen en de daarmee samenhangende mobiliteitshubs. Wij vragen aandacht om hier als regio voldoende uitvoeringskracht op te organiseren.
5 februari 2025
27
We erkennen het belang van gezondheid, ook in combinatie met de ruimtelijke thema's. Bij de totstandkoming is dit niet besproken als een integrale positie bij de ontwikkelprincipes. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen, het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan het onderwerp, en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Duidelijk signaal. Deze wens zal worden besproken met de betreffende gemeenten.
20. Veldhoven
Aandachts punt
Algemeen
21. Waalre
Wens
Algemeen
5 februari 2025
Wij vragen ons af welke rol wij als raden kunnen krijgen in het waarmaken van deze strategie. Hoe kunnen de 21 raden elkaar bijvoorbeeld voldoende helpen, inspireren, maar indien nodig ook aanspreken om de geschetste koers vast te houden? Wij verzoeken u bij het uitwerken van de vijf ontwikkelprincipes uit de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant rekening te houden met de financiële draagkracht van iedere individuele gemeente. Dit zeker gezien de actuele financiële ontwikkelingen. Door de gezamenlijke regio zal hiermee rekening moeten worden gehouden, ook als dat betekent dat daardoor ambities moeten worden bijgesteld.
28
Goede vraag. Hierover kunnen wij geen kant-en-klaar antwoord geven. Het voorstel is om dit te bespreken met de raadstafel21 en eventueel terug laten komen op de regioconferentie.
De financiële situatie van de gemeenten en het ravijnjaar staan scherp op het netvlies en bepaalt de context bij de begroting van de MRE. Daarom wordt er ook nadrukkelijk gekeken naar externe financieringsbronnen voor de opgaven en ambities. Het signaal is duidelijk.