A2 GGD - Bijlage Jaarrekening 2023 - Geanonimiseerd
Tekst van het document
Herkenbaar & klantgericht Door het creëren van een GGD stijlboek is de basis gelegd waardoor inwoners onze dienstverlening nog beter gaan kennen, herkennen en inzetten. We treden vanaf nu als 1 GGD naar buiten. Zetten een herkenbaar beeld weg in al onze uitingen en gebruiken een toegankelijke en begrijpelijke schrijfstijl. Hiervoor hebben we een stijlboek gerealiseerd, inclusief uitwerking van een kernverhaal, een video, een praktische vertaling van onze kernwaarden en een schrijfwijzer. In 2024 werken we aan de implementatie hiervan in alle bedrijfsonderdelen. Mensen maken de GGD -> voor de kwetsbaren zetten we een stapje extra Om de hele GGD communicatiever te maken trainen we onze medewerkers in het gebruiken van het stijlboek. Daarmee zorgen we in de basis voor het professionaliseren van het aanbod aan communicatiemiddelen en de manier van communiceren. En daarmee kunnen we in 2024 de volgende stap zetten; meer aandacht en tijd voor communicatie met kwetsbare doelgroepen. In 2023 hebben we het team uitgebreid met een content creator om hiermee in te spelen op meer communicatie via video, beeld en sociale mediakanalen om daarmee beter te voldoen aan de behoefte van diverse doelgroepen.
Hier wil je werken Naast het naar buiten treden als 1 GGD wordt het steeds belangrijker om de GGD ook als aantrekkelijk werkgever te profileren, zodat potentiële kandidaten weten dat we een ontzettend breed en interessant werkveld bieden. Hiervoor hebben we een start gemaakt binnen Ambulancezorg door het opzetten van voorlichtingsteam online & offline en het creëren van standaard vacaturesjablonen en exposure op sociale media. De aanpak binnen Ambulancezorg geldt als blauwdruk voor overige teams. Deze aanpak gaan we in 2024 dan ook verder uitbreiden binnen de GGD.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
50
Planetaire gezondheid en duurzaamheid Eind 2022 heeft de GGD de Green Deal Duurzame Zorg 3.0 getekend. Een aantal hoogtepunten/ontwikkelingen in 2023 op het duurzaamheidsvlak: Koffiebekers: er is een eind gekomen aan de grote stroom aan wegwerpbekers. Dat heeft een direct effect op de dagelijkse hoeveelheid afval. Ook naar andere vormen van afvalinzameling en -scheiding wordt gekeken. Doppenproject: onze organisatie verzamelt de naalddoppen van het vaccineren en doneert de opbrengt aan een goed doel. Inkoopbeleid: duurzaamheid heeft nadrukkelijker een plek gekregen binnen ons nieuwe inkoopbeleid en maakt daarmee een groter onderdeel uit van inkoop van producten en diensten. Duurzaam te bouwen ambulancepost in Helmond: in navolging van de ambulancepost in Leende wordt ook in Helmond gewerkt aan een nieuwe ambulancepost, met veel oog voor duurzaamheid. Mobiliteit: in samenwerking met Brainport Bereikbaar, gemeente en gebouwenbeheerder Profinn wordt gewerkt aan het uitbreiden van fietsenstallingsmogelijkheden om het fietsen naar het werk te bevorderen. Verder zijn voorbereidingen getroffen voor de CO2-registratie die m.i.v. 2024 verplicht wordt. Planetaire gezondheid als ontwikkelthema: binnen team beleid en preventie is planetaire gezondheid voor komend jaar benoemd als ontwikkelthema. Ook JGZ laat zich hierdoor inspireren.
In het najaar 2023 stond de refereeravond van PAO-JGZ in Brabant in het teken van planetaire gezondheid, zijn inspirerende voorbeelden gedeeld en is gesproken over hoe dit binnen het vakgebied van JGZ verder toegepast kan worden. Planetaire gezondheid en duurzaamheid staan ook op de agenda bij GGDGHOR en bij de DPG-tweedaagse. Er komt een landelijke position paper aan op dit thema. De omgevingswet treedt per 1 januari 2024 in werking. In onze advisering zullen wij planetaire gezondheid en duurzaamheid meenemen. Toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording Vanaf het verslagjaar 2023 is het Dagelijks Bestuur verantwoordelijk om een rechtmatigheidsverantwoording af te geven en deze op te nemen in de jaarrekening. In deze verklaring verantwoordt het Dagelijks Bestuur zich direct tot het Algemeen Bestuur over het (financieel) rechtmatig handelen van de organisatie. Het Dagelijks Bestuur verantwoordt zich aan het Algemeen Bestuur in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig tot stand zijn gekomen. Dit houdt in dat afwijkingen wel/niet in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en interne verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Het Algemeen Bestuur bepaalt vanaf het begrotingsjaar 2023 de verantwoordingsgrens en de spelregels.
De uitgangspunten waaraan het Dagelijks Bestuur moet voldoen zijn vastgelegd in de door Commissie BBV uitgegeven Kadernota Rechtmatigheid 2023. Daar waar de Commissie BBV recent (april 2024; na totstandkoming en controle van deze jaarrekening) verduidelijkt heeft dat zij voor het vaststellen van de begrotingsrechtmatigheid uitgaat van het totaal van de bruto afwijkingen, blijft het Dagelijks Bestuur bij de toegepaste zogenaamde netto benadering voor vaststelling van de begrotingsrechtmatigheid. Dit betekent dat het Dagelijks Bestuur bij vaststelling rekening houdt met acceptabele afwijkingen en uitgaat van het netto saldo van begrotingsonrechtmatigheden.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
51
In hoofdstuk 6.7 van dit jaarverslag is de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen over het boekjaar 2023. De uitkomst is dat naar oordeel van het Dagelijks Bestuur de geconstateerde afwijkingen, op basis van het resterende saldo van vastgestelde begrotingsonrechtmatigheden (netto benadering), onder de verantwoordingsgrens blijven (1% van de lasten) en daarmee sprake is van een ‘schone’ rechtmatigheidsverantwoording. Op basis van de spelregels gesteld door het Algemeen Bestuur moeten individuele afwijkingen groter dan € 50.000 aanvullend worden toegelicht in deze paragraaf bedrijfsvoering. In onderstaande tabel zijn alle afwijkingen opgenomen die gedurende het jaar zijn geconstateerd.
Begrotingscriterium
Bedrag
1A. Overschrijding lasten programma’s (of indien van toepassing een ander door het
-
algemeen bestuur vastgesteld autorisatieniveau) 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten)
€ 136.000
2. Ongeautoriseerde reservemutaties 3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot
€ 1.361.000
een begrotingswijziging hebben geleid Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen
€ 1.497.000 € 1.204.000
het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid vermelden en verwijzen naar dit vooraf vastgestelde beleid 5. Resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden
€ 293.000
Voorwaardencriterium Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed
€ 504.000
Overige bevindingen inzake voorwaardencriterium Totaal onrechtmatigheden voorwaardencriterium
€ 504.000
M&O criterium Overige bevindingen inzake M&O criterium
-
Totaal onrechtmatigheden M&O criterium Totaal van onrechtmatigheden
€ 797.000
Op basis van de bepalingen in de Kadernota Rechtmatigheid 2023 worden de afwijkingen hieronder individueel toegelicht. 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) De GGD heeft in 2023 geïnvesteerd in de aanpassing van aangeschafte voertuigen om te kunnen voldoen aan de vereisten voor een Rapid Responder. De totale investering van deze ombouw van voertuigen was € 136.000 wat als zodanig niet in de investeringsbegroting was meegenomen. Daarmee is sprake van een overschrijding van investeringsbudgetten. Mocht een soortgelijke situatie zich in de toekomst opnieuw voordoen dan zal tijdig een nieuw krediet worden aangevraagd.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
52
3. en 4. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid Uit de analyse op de begrotingsrechtmatigheid volgens de netto benadering blijkt dat voor zowel Publieke Gezondheid als Ambulancezorg sprake is van afwijkingen van begrote baten en lasten. Het Algemeen Bestuur autoriseert de begroting op het saldo van baten en lasten; in bovenstaande analyse is daarmee rekening gehouden. Per saldo resteert een afwijking van € 157.000 als overschrijding op de baten Ambulancezorg die het gevolg is van rentebaten die worden toegerekend aan de activiteiten van Ambulancezorg. Deze aan het programma Ambulancezorg gealloceerde rentebaten zijn niet meegenomen in een tussentijdse begrotingswijziging en niet tijdig aan het Algemeen Bestuur gecommuniceerd. Met het Algemeen Bestuur zullen nadere afspraken worden gemaakt vanaf boekjaar 2024 op welke wijze, in afwijking van begrotingswijzigingen, het Algemeen Bestuur tijdig kan worden geïnformeerd over onderschrijdingen van baten en lasten en overschrijdingen van baten. Voorwaardencriterium De GGD heeft een zogeheten ‘SPEND-analyse’ uitgevoerd waarmee tevens de rechtmatigheid van aanbestedingen wordt getoetst. Op basis van regelgeving is hierbij uitsluitend een analyse gemaakt ten opzichte van de wettelijke bepalingen in de Aanbestedingswet.
Uit deze analyse blijken een aantal onrechtmatigheden die hieronder, voor zover boven de rapportagegrens van € 50.000 uitkomend, nader worden toegelicht.
Categorie
Bedrag
Telefonie
€ 248.000
oplossing
Toelichting Het contract met de bestaande provider is in 2022 afgelopen, echter heeft de GGD die dienstverlening doorgezet in afwachting van een onderzoek naar alternatieve telefonie voorzieningen. Tot die tijd wordt de dienstverlening bij de huidige leverancier gecontinueerd. De uitkomst van het onderzoek vormt de basis voor een nieuwe aanbesteding, gepland voor 2024.
Invaliditeits- en
€ 127.000
De verlenging van een bestaand contract met een verzekeraar had vooraf
arbeids-
Europees moeten worden aanbesteed, echter is deze aanbesteding niet
ongeschiktheids-
uitgevoerd. Dit betekent dat gedurende de looptijd van de verlenging uitgaven
verzekering
onrechtmatig zullen zijn. Aanbesteding is gepland om voor afloop van de verlengde contractperiode (ultimo 2025) te worden uitgevoerd.
Ambulance-
€ 68.000
De GGD heeft in 2023 een nieuwe aanbesteding voor het leveren en wassen van
kleding incl.
kleding van ambulance medewerkers uitgevoerd en gegund. Echter tijdens de
wassen
gunningsfase is bezwaar aangetekend door een partij, waarna besloten is om het aanbestedingsproces (deels) opnieuw uit te gaan voeren. Dit staat gepland voor 2024 en gedurende dit proces wordt het leveren en wassen van kleding gecontinueerd door de huidige leverancier.
Overige
€ 61.000
Betreft onrechtmatigheden die individueel onder de rapportagedrempel van € 50.000 blijven en derhalve niet verder worden toegelicht.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
53
3.5.
Verbonden partijen
In deze paragraaf besteden wij aandacht aan verbonden partijen waarmee de GGD BZO een bestuurlijk en/of financieel belang heeft. Het begrip verbonden partij is vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Het financieel belang is gedefinieerd als: “Een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is als de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt”. Het bestuurlijk belang is gedefinieerd als: “Zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht”. Aan de GGD zijn onderstaande 2 stichtingen en 1 vereniging gelieerd. GGD Brabant-Zuidoost heeft daarnaast een tweetal samenwerkingsverbanden met Brabantse GGD’en. Formeel zijn dit geen verbonden partijen, maar gezien de aard en omvang worden deze hier toch vermeld en kort toegelicht. In het samenwerkingsverband met GGD Hart voor Brabant en GGD West Brabant onder de naam Bureau Gezondheid, Milieu en Veiligheid (GMV), worden op basis van dienstverleningsovereenkomsten gezamenlijk activiteiten uitgevoerd op het gebied van medische milieukundige zorg. De kosten worden verdeeld over de aangesloten GGD-en; deze kosten bedragen circa € 1,75 miljoen waarvan circa € 300.000 gedekt wordt door baten van derden.
Het financiële risico voor de GGD BZO betreft haar aandeel (ca. 30%) in een evt. tekort van het bureau. De bijdrage van BZO bedraagt jaarlijks ca. € 420.000. Over 2022 heeft GMV een positief exploitatiesaldo gerealiseerd van € 13.000. Dit saldo is toegevoegd aan de egalisatievoorziening van het samenwerkingsverband en dat bedroeg eind 2022 € 350.000 positief. In het samenwerkingsverband met GGD Hart voor Brabant, effectief met ingang van 1 januari 2024, worden de forensische geneeskundige activiteiten voor de politieregio Brabant Oost ondergebracht in het Centrummodel Forensische Geneeskunde waarvan GGD Brabant-Zuidoost de centrum rol in de dienstverlening vervuld. Aanleiding hiertoe is de is een landelijke opdracht voor bovenregionale samenwerking Forensische Geneeskunde waarvoor de 25 GGD’en en 10 politie-eenheden staan. De verwachte totale omvang van deze activiteiten bedraagt ca. € 2.400.000 waarvan ca. € 800.000,- (zowel baten als lasten) betrekking heeft op forensische activiteiten die voorheen door GGD Hart voor Brabant werden uitgevoerd. Conform samenwerkingsovereenkomst zullen eventuele resultaatverdelingen plaatsvinden op basis van vooraf vastgestelde verdeelsleutels (in beginsel: inwoneraantallen).
De samenwerkingsconstructie heeft geen invloed op de hoogte van de inwonersbijdrage en de besturen van de twee GGD’en blijven ieder bestuurlijk verantwoordelijk voor de aan haar opgedragen taken. Iedere GGD blijft formeel zelfstandig bevoegd voor haar eigen taken en blijft derhalve ook volledig financieel verantwoordelijk en aansprakelijk Stichting Projecten GGD De stichting heeft als doelstelling: het bijdragen aan de volksgezondheid door het ‘ten behoeve van de GGD’ ontwikkelen en uitvoeren van tijdelijke gezondheidsprojecten en overige zaken. Het Dagelijks Bestuur van de GGD fungeert als bestuur en de directeur van de GGD fungeert als directeur (beiden onbezoldigd). De GGD is aansprakelijk voor de financiële resultaten van de stichting en samen vormen ze tevens een fiscale eenheid. De stichting neemt evt. personeel in dienst en detacheert dat bij de GGD voor het uitvoeren van tijdelijke werkzaamheden; de kosten en evt. baten worden integraal doorberekend aan de GGD. De stichting leidt al jaren een ‘slapend’ bestaan; er vinden geen activiteiten plaats en ook het vermogen is nihil.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
54
Stichting Bureau Inkoop & Aanbestedingen Zuidoost-Brabant De stichting heeft ten doel het creëren van voordelen op zowel financieel, kwalitatief en procesmatig gebied voor gemeenten en GR'en, o.a. door het faciliteren van het regionaal inkoopbureau. GGD heeft een dienstverleningsovereenkomst (ca. € 270.000) met Bizob en is middels een AB-lid vertegenwoordigd in de Vergadering van Aangeslotenen Bizob. De aangesloten gemeenten en GR'en delen in eventuele exploitatietekorten en overschotten. Het rekeningresultaat 2022 bedroeg ca. € 614.000 positief en het Eigen Vermogen ultimo 2022 bedroeg ca. € 977.000. Vereniging GGD GHOR Nederland De vereniging verzorgt als koepelorganisatie van GGD'en en GHOR-bureau's belangenbehartiging op landelijk niveau en voert (gezamenlijke) projecten uit. De directeur van de GGD is vertegenwoordigd in de Algemene Leden Vergadering. De GGD betaalt een jaarlijkse contributie (ca. € 100.000,-) gebaseerd op het aantal inwoners. De aangesloten GGD'en delen in eventuele exploitatietekorten en -overschotten. Het rekeningresultaat 2022 bedroeg ca. € 7.000 negatief en het Eigen Vermogen ultimo 2022 bedroeg ca € 997.000.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
55
4. Programmarekening over begrotingsjaar De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten daarvoor geeft. 4.1.
Grondslagen voor resultaatbepaling
Het resultaat wordt gewaardeerd op basis van historische kosten. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. De opbrengsten en winsten worden vastgelegd in het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden vóór het einde van het boekjaar, worden in acht genomen indien zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De personeelskosten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen of schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele kosten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij wordt gedacht aan componenten zoals overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. 4.2.
Algemene waarderingsgrondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dit betekent dat: De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; -
De financiële rechtmatigheid waaronder het Voorwaardencriterium, het Begrotingscriterium en het Misbruik & Oneigenlijk gebruik (M&O) criterium, omvat: *
Voor het Voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 13 december 2023 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld;
*
Voor het Begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld;
*
Ten aanzien van het Misbruik & Oneigenlijk gebruik criterium is de beleidsnotitie M&O van de organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
56
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV alsmede de eigen financiële verordening. Dit betekent dat: -
Een verantwoordingsgrens van 1% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
-
Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
4.3.
Grondslagen voor waardering
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Materiële vaste activa met economisch nut De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikname lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut wordt niet afgeschreven. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Activa
Lineair
Verbouwing gebouw Eindhoven
20
Inrichting gebouw Eindhoven
7-20
Gebouwen ambulancezorg
40-50
Installaties en beveiligingen gebouwen ambulancezorg
10-20
Verbouwingen
10-20
Installaties
5-10
Inventaris
5-15
Medische inventaris
5-11
Ambulances
6
Dienstauto
5
Piketvoertuigen
6
Hardware
3-5
Software
3-6
Afschrijvingstermijnen van de ambulancezorg zijn conform voorschriften van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).
Jaarrekening 2023 - PL/EV
57
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen, (overige) leningen u/g en (overige) uitzettingen zijn – tenzij hierna anders is vermeld – opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien noodzakelijk wordt een voorziening voor verwachte oninbaarheid gevormd. Deze voorziening wordt in mindering gebracht op de nominale waarde van de vorderingen. De voorziening wordt bepaald op basis van geschatte inningkansen. Liquide middelen en overlopende posten worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voorraden worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op contante waarde of het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. Vaste schulden De vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde verminderd met de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva, bestaande uit de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd van korter dan een jaar en de overlopende passiva, worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
58
5. Balans en de toelichting 5.1
Balans 31-12-2023 (in Euro’s) Saldo per 31-12-2023
Saldo per 31-12-2022
Bedrijfsgebouwen en -terreinen
1.285.357
1.445.684
Vervoermiddelen
4.922.973
3.626.382
970.515
1.174.674
1.303.049
1.635.045
ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa: Investeringen met economisch nut:
Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa
8.481.894
7.881.785
Financiële vaste activa: Overige uitzettingen met looptijd > 1 jaar
750.000
Totaal vaste activa
750.000 750.000
750.000
9.231.894
8.631.785
Vlottende activa Voorraden: Gereed product en handelsgoederen
53.708
45.747 53.708
45.747
Uitzettingen met een rente looptijd <1 jaar: Vorderingen op openbare lichamen
6.954.803
5.092.010
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist
18.240.443
14.141.275
Overige vorderingen
3.894.296
4.083.556 29.089.542
23.316.841
Liquide middelen: Kassaldi
2.287
1.595
Banksaldi
259.574
194.817 261.861
196.412
Overlopende activa: Van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met specifiek bestedingsdoel
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen
249.169
745.815
3.107.110
2.306.824
Overlopende activa
3.356.279
3.052.639
Totaal vlottende activa
32.761.390
26.611.639
Totaal generaal
41.993.284
35.243.424
Jaarrekening 2023 - PL/EV
59
Saldo per 31-12-2023
Saldo per 31-12-2022
PASSIVA
Vaste passiva Eigen vermogen: Algemene reserve
3.049.724
2.920.286
Bestemmingsreserves
2.643.504
2.132.868
Nog te bestemmen resultaat
1.263.307
412.439 6.956.535
5.465.592
Voorzieningen: Voorziening voor verplichtingen, verliezen en
1.986.651
1.503.645
risico’s 1.986.651
Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
1.477.557
Totaal vaste passiva
1.503.645
1.532.063 1.477.557
1.532.063
10.420.743
8.501.300
Vlottende passiva
Overige schulden
31.001.652
26.123.076 31.001.652
26.123.076
Overlopende passiva:
Van Europese of Nederlandse
361.200
475.158
209.689
143.890
overheidslichamen ontvangen, nog te besteden specifieke uitkeringen Overige vooruit ontvangen bedragen Overlopende passiva
570.889
619.048
Totaal vlottende passiva
31.572.541
26.742.124
Totaal generaal
41.993.284
35.243.424
Jaarrekening 2023 - PL/EV
60
5.2 Toelichting op de balans Vaste activa De vaste activa zijn activa met een rente typische looptijd langer dan één jaar. Materiële vaste activa De post materiële vaste activa omvat investeringen met economisch nut en wordt onderscheiden in: Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa In het onderstaand overzicht ‘Boekwaarde materiële vaste activa’ staat de boekwaarde van de materiële activa ultimo 2022 en 2023. Boekwaarde materiële vaste activa
31-12-2022
31-12-2023
Bedrijfsgebouwen
1.445.684
1.285.357
Vervoermiddelen
3.626.382
4.922.973
Machines, apparaten en installaties
1.174.674
970.515
Overige materiële vaste activa
1.635.045
1.303.049
Totaal
7.881.785
8.481.894
Het verloop van de boekwaarde van materiële vaste activa gedurende het boekjaar 2023 komt tot uitdrukking in het onderstaande overzicht ‘verloop materiële vaste activa’. Verloop materiële vaste
Boekwaarde
activa
31-12-2022
Investeringen Desinvesteringe Afschrijvinge
Boekwaarde
n
31-12-2023
160.326
1.285.357
n
Bedrijfsgebouwen
1.445.684
Vervoermiddelen
3.626.382
2.411.343
107.489
1.007.264
4.922.973
Machines, apparaten en
1.174.674
21.850
16.786
209.223
970.515
1.635.045
270.795
602.791
1.303.049
7.881.785
2.703.989
1.979.604
8.481.894
installaties Overige materiële vaste activa Totaal
Jaarrekening 2023 - PL/EV
124.275
61
Vervoermiddelen: De investering in vervoermiddelen van circa € 2,4 miljoen betreft de geplande vervanging van 12 ambulances en 5 piket auto’s / rapid responders. De desinvestering bestaat uit de afboeking van de restwaarde van 12 vervangen ambulances. Machines, apparaten en installaties: In 2023 is voor ca. € 22.000 geïnvesteerd in instrumentarium en installaties. Dit betreft de aanschaf van een medische afzuigpomp voor de ambulancedienst en een airconditioner voor het kantoorpand Witte Dame. De desinvestering van circa € 17.000 betreft verkoop van een medicatie (uitgifte)systeem. Overige materiële vaste activa: De investeringen in overige materiële vaste activa bestaan voor € 271.000 uit investeringen in hardware en inventaris. Dit betreft onder andere investeringen in (hybride) werkplekken, vergaderapparatuur, telefonie en investeringen voor JGZ onderzoekslocaties. Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2023 wordt in het volgende overzicht weergegeven: Verloop financiële vaste activa
Overige uitzettingen met een
Boekwaarde
Vermeerdering
Vermindering
Boekwaarde
31-12-2022
31-12-2023
750.000
750.000
750.000
750.000
looptijd > 1 jaar Totaal
De post financiële vaste activa bestaat uit de verstrekking van een waarborgsom aan de verhuurder van het pand aan De Callenburgh te Helmond. Deze waarborg dient uitsluitend als waarborg voor de betaling van huurpenningen door de GGD aan de verhuurder. De waarborg wordt conform een overeengekomen staffel gedurende de looptijd van de overeenkomst van 21 jaar gerestitueerd aan de GGD. De eerste restitutie vindt plaats na afloop van 9 jaar van de overeenkomst (2024); dit deel van de uitzetting ad. € 250.000 is als kortlopende vordering opgenomen in de balans per ultimo 2023. De daaropvolgende restitutie van € 250.000 vindt conform overeenkomst plaats na 12 jaar en wordt verwacht in 2027. Vlottende activa De vlottende activa bestaan uit activa met rente-typische looptijd korter dan één jaar, namelijk: Voorraden Uitzettingen korter dan één jaar Liquide middelen Overlopende activa In onderstaande tekst worden de vlottende activa per punt toegelicht.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
62
Voorraden De post voorraden bestaat uit de voorraad vaccins voor Reizigerszorg. Voorraden
Saldo
Saldo
31-12-2023
31-12-2022
Gereed product en handelsgoederen
53.708
45.747
Totaal voorraden
53.708
45.747
Uitzettingen korter dan één jaar De post vorderingen is te onderscheiden in: Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Voorziening oninbare vorderingen De in de balans opgenomen uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt worden gespecificeerd. Uitzettingen korter dan één jaar
Saldo
Saldo
31-12-2023
31-12-2022
Debiteuren algemeen
6.954.803
5.092.010
Totaal vorderingen op openbare lichamen
6.954.803
5.092.010
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist
18.240.443
14.141.275
3.676.725
4.018.673
Debiteuren algemeen
323.219
168.956
Waarborgsommen
29.603
29.603
Voorziening oninbare vorderingen
-135.251
-133.676
Totaal overige vorderingen
3.894.296
4.083.556
Totaal uitzettingen korter dan één jaar
29.089.542
23.316.841
Vorderingen op openbare lichamen:
Overige vorderingen: Debiteuren ambulancehulpverlening
Vorderingen op openbare lichamen De vorderingen op openbare lichamen hebben grotendeels betrekking op de vooruit gefactureerde gemeentelijke bijdrage voor 2024 die ultimo 2023 nog niet ontvangen zijn.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
63
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist GGD Brabant-Zuidoost is verplicht de overtollige liquide middelen boven een bepaald drempelbedrag aan te houden bij het ministerie van Financiën in ’s Rijks schatkist. Voor openbare lichamen met een begrotingstotaal kleiner of gelijk aan € 500 mln. is het drempelbedrag gelijk aan 2% van het begrotingstotaal, waarbij het drempelbedrag minimaal € 1.000.000 bedraagt. Het begrotingstotaal op 1 januari 2023 was € 67.960.000. Op basis van dit bedrag is het drempelbedrag € 1.359.200 Het gemiddelde van aangehouden liquide middelen per kwartaal wordt in onderstaand overzicht weergegeven voor het jaar 2023. Kwartaal
Gemiddelde bedrag aan middelen
buiten de schatkist 1 e kwartaal 2023
254.000
2e kwartaal 2023
239.000
3e kwartaal 2023
230.000
4e kwartaal 2023
184.000
Het drempelbedrag voor het jaar 2023 is € 1.359.200, waarmee is voldaan aan de norm. Voorziening oninbare vorderingen De vorderingen zijn verminderd met het saldo van de voorziening dubieuze debiteuren. De voorziening dubieuze debiteuren wordt aangehouden ter dekking van vorderingen die in de toekomst oninbaar blijken te zijn. Deze voorziening wordt uitsluitend gebruikt voor oninbare bedragen voor ambulancevervoer. Jaarlijks wordt op basis van geschatte inningskansen een gedeelte van de omzet toegevoegd aan deze voorziening. Het verloop van de voorziening ziet er als volgt uit: Voorziening dubieuze debiteuren
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
133.676
Toevoeging: storting in de voorziening
+149.071
Onttrekking: oninbare vorderingen
-147.496
Saldo per 31-12-2023
135.251
Liquide middelen De post liquide middelen wordt onderscheiden in: Banken Deposito’s Kas
Jaarrekening 2023 - PL/EV
64
De saldi van de liquide middelen in het boekjaar 2023 komen tot uitdrukking in onderstaand overzicht. Liquide middelen
Saldo 31-12-2023
Saldo 31-12-2022
Kassaldi
2.287
1.595
Banksaldi
259.574
194.817
Totaal
261.861
196.412
Overlopende activa De post overlopende activa wordt onderscheiden in: Vooruitbetaalde bedragen Nog van Europese en Nederlandse overheidslichamen te ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen Nog te ontvangen bedragen De saldi van de overlopende activa in het boekjaar 2023 komen tot uitdrukking in onderstaand overzicht. Overlopende activa
Saldo
Saldo
31-12-2023
31-12-2022
249.169
745.815
Vooruitbetaalde bedragen
1.196.549
1.152.896
Overige nog te ontvangen bedragen
1.910.561
1.153.928
Totaal
3.356.279
3.052.639
Nog van Europese en Nederlandse overheidslichamen te ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen
De nog te ontvangen doeluitkeringen zijn per ultimo 2023 circa € 0,5 miljoen lager vergeleken met 2022. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de afwikkeling van de subsidie 2022 voor het mantelzorgcompliment voor de gemeente Eindhoven (circa € 0,6 miljoen) die ultimo 2022 nog niet was ontvangen. Voor de subsidie 2023 is het bedrag (circa € 0,6 miljoen) opgenomen in het debiteurensaldo voor openbare lichamen. De stijging van het saldo van de overige nog te ontvangen bedragen van ruim € 0,8 miljoen wordt voornamelijk veroorzaakt door een hoger te ontvangen bijdrage van het ministerie van VWS voor de FLO-kosten 2023 voor Ambulancezorg waarvoor het voorschot gedurende 2023 niet is aangepast (circa € 0,4 miljoen). Daarnaast omvat dit een stijging als gevolg van nog te ontvangen rentebaten over het 4e kwartaal 2023 (circa € 0,2 miljoen).
Jaarrekening 2023 - PL/EV
65
In onderstaande tabel wordt het verloop over het boekjaar 2023 van de van Europese en Nederlandse overheidslichamen te ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen weergegeven. Alle uitkeringen zijn gerelateerd aan lokale overheden (overige Nederlandse overheidslichamen).
Van overheidslichamen te ontvangen voorschotten
Saldo
Toevoeging
31-12-2022
Ontvangen
Saldo
bedrag
31-12-2023
Eindhoven Sociaal Domein en VVE
36.048
40.760
36.048
40.760
Boer en verstand
4.596
-
4.596
-
584.005
-
584.005
-
Seksuele diversiteit
2.000
-
2.000
-
Steunpunt Mantelzorg Valkenswaard
25.000
-
25.000
-
Cliëntervaringsonderzoek
20.000
-
-
20.000
Maatwerk JGZ Asten
1.017
-
1.017
-
Maatwerk JGZ Laarbeek
5.195
-
5.195
-
Maatwerk JGZ Helmond
67.955
123.036
67.955
123.036
Maatwerk JGZ Oirschot
-
60.515
-
60.515
M@zl Nuenen
-
4.858
-
4.858
745.815
229.169
725.816
249.169
Mantelzorgcompliment 2022
Totaal
Jaarrekening 2023 - PL/EV
66
Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves gedurende het boekjaar 2023 wordt in onderstaand overzicht weergegeven. Reserve
Saldo
Toevoe-
Onttrek-
Bestem.
Vrijval
31-12-2022
ging
king
Resultaat
31-12-2023
Saldo
Algemene reserves: Algemene Reserve PG
1.526.348
160.223
1.686.571
Algemene Reserve AZ
1.393.938
-30.784
1.363.153
Bestemmingsreserves: Beschikbare middelen
12.586
12.586
455.747
455.747
gezondheidsprojecten Egalisatiereserve Scholingskosten AZ Monitoringscyclus
171.295
77.405
113.700
135.000
Uitkeringskosten ZW/WGA
579.803
180.000
190.000
569.803
Verbetering bedrijfsvoering
483.437
401.661
81.776
Uitgestelde scholing PG
60.000
Uitgestelde ICT-projecten
70.000
Meerjarenbeleidsplan
300.000
Achterstand nieuwkomers
60.000 35.305
34.695 300.000
-
41.000
283.000
242.000
JGZ Project Generatie Gezond
-
354.897
354.897
Infoveiligheid/Archiefbeheer
-
397.000
397.000
Resultaat nog te bestemmen: Resultaat nog te bestemmen
412.439
-412.439
-
-
1.263.307
1.263.307
2022 Resultaat nog te bestemmen 2023 Totaal
5.465.592
1.009.302
781.666
1.263.307
-
6.956.535
Algemene reserves Algemene Reserve PG De algemene reserve PG staat ter beschikking van de organisatie. Het Algemeen Bestuur dient te besluiten over de eventuele bestedingen. Daarnaast wordt deze reserve gebruikt om de fluctuaties in het exploitatieresultaat van het programma Publieke Gezondheid op te vangen. In het boekjaar 2023 is een deel van het ‘resultaat nog te bestemmen 2022’ van circa € 160.000 toegevoegd aan de algemene reserve PG.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
67
In onderstaand overzicht staan de mutaties op de algemene reserve. Algemene Reserve PG
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
1.526.348
Resultaatbestemming 2022 Saldo per 31-12-2023
160.223 1.686.571
Algemene Reserve AZ De algemene reserve AZ zal gebruikt worden om fluctuaties in het exploitatieresultaat van het programma Ambulancezorg op de vangen. Aanwending van deze reserve is de bevoegdheid en verantwoordelijkheid van het GGDbestuur. Algemene Reserve AZ
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
1.393.938
Resultaatbestemming 2022 Saldo per 31-12-2023
-30.784 1.363.153
In het boekjaar 2023 is conform bestuursbesluit het resultaat 2022 onttrokken aan de algemene reserve AZ. Bestemmingsreserves Reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten: De reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten is een bestemmingsreserve. Deze reserve is gevormd ter ondersteuning van gezondheidsprojecten. Deze bestemmingsreserve is gevormd uit verdiensten van de stichting huisartsenvervoer, de voorganger van Care 4 Mobility. Het bedrag is door de stichting aan de GGD overgedragen onder voorwaarde dat het enkel en alleen wordt besteed aan gezondheidsprojecten. In onderstaand overzicht staan de mutaties op de ‘Reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten’. Reserve beschikbare middelen gezondheidsprojecten
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
12.586
Geen mutaties Saldo per 31-12-2023
12.586
In 2023 zijn er geen mutaties geweest op deze reserve.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
68
Reserve egalisatie Scholingkosten Ambulance: De egalisatiereserve Scholingskosten AZ is gevormd om de kosten voor de scholing van de ambulancedienst, waarin jaarlijks grote schommelingen kunnen voorkomen, te egaliseren. In 2023 zijn er geen bovenmatige opleidingskosten geweest voor ambulancezorg. Hierdoor hebben er geen mutaties op deze reserve plaatsgevonden. Reserve Egalisatie Scholingskosten AZ
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
455.747
Geen mutaties Saldo per 31-12-2023
455.747
Reserve Monitoringscyclus: De cyclus van de gezondheidsonderzoeken omvat 4 jaren waarbij de werkelijke kosten per jaar sterk fluctueren. Om het beschikbare budget binnen de begroting jaarlijks geen grote schommelingen te laten vertonen is berekend wat de gemiddelde kosten per jaar zijn. Jaarlijks wordt dit bedrag in de begroting opgenomen en het verschil tussen de werkelijke kosten en het beschikbare budget wordt verrekend met een egalisatiereserve onderzoek. Daarnaast is er sprake geweest van een hogere onttrekking in 2023 als gevolg van kosten voor het inhalen van achterstanden ontstaan gedurende de Covid-19 crisis, waarvoor in het boekjaar 2022 een bedrag aan de reserve was toegevoegd. Per saldo heeft dit geleid tot een mutatie van de reserve van ca. € 36.000. Reserve Monitoringscyclus
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
171.295
Onttrekking
-113.700
Toevoeging
77.405
Saldo per 31-12-2023
135.000
Reserve Egalisatie uitkeringskosten ZW/WGA: Vanaf 1 juli 2017 is de GGD eigen risicodrager voor de uitkeringskosten ZW/WGA. Jaarlijks wordt daarom een bedrag toegevoegd aan de reserve, zodat in de toekomst kosten hiervoor uit deze reserve gedekt kunnen worden. Reserve egalisatie uitkeringskosten ZW/WGA
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
579.803
Onttrekking
-190.000
Toevoeging
180.000
Saldo per 31-12-2023
569.803
De onttrekking van ruim € 190.000 is ter dekking van de kosten van uitkeringen inzake de ZW/WGA. Daarnaast is op basis van een meerjarige kostenprognose € 180.000 toegevoegd aan de reserve.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
69
Reserve verbetering bedrijfsvoering In 2020 is een éénmalige gemeentelijke bijdrage voor het verbeteren van de bedrijfsvoering ontvangen. Het restant van deze middelen ultimo 2020 van € 773.000 is destijds toegevoegd aan de reserve verbetering bedrijfsvoering. In 2023 is een bedrag van ruim € 401.000 onttrokken aan deze reserve. Hiervan is € 250.000 onttrokken ten behoeve van éénmalige kosten voor het verbeteren van de informatieveiligheid en het op orde brengen van het archiefbeheer. Daarnaast is ruim € 151.000 onttrokken in het kader van leiderschapsontwikkeling en het begeleiden van teams naar zelforganisatie. Reserve verbetering bedrijfsvoering
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
483.437
Onttrekking éénmalige kosten infoveiligheid/archiefbeheer
-250.000
Onttrekking begeleiden teams naar zelforganisatie/leiderschapsontwikkeling
-151.662
Saldo per 31-12-2023
81.776
Reserve uitgestelde scholing Publieke Gezondheid In 2020 is als gevolg van de Covid-19 crisis scholing van personeel niet uitgevoerd conform de initiële verwachtingen. In de resultaatbestemming van 2020 is besloten om een reserve van € 150.000 te vormen om de extra kosten voor de verwachte toekomstige inhaalslag te kunnen dekken. In 2023 zijn geen extra activiteiten ondernomen om de achterstand weg te werken. Hierdoor hebben er geen onttrekkingen plaatsgevonden uit deze reserve; onttrekkingen worden wel voorzien in 2024. Reserve uitgestelde scholing Publieke Gezondheid
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
60.000
Geen mutaties Saldo per 31-12-2023
60.000
Reserve uitgestelde ICT-projecten In 2020 zijn als gevolg van de Covid-19 crisis een aantal ICT-projecten niet tot uitvoering gekomen. Omdat deze projecten in de jaren na 2020 alsnog uitgevoerd zullen worden, is in de resultaatbestemming van 2020 besloten om een reserve van € 180.000 te vormen om de extra kosten die daarmee samenhangen in de toekomst te kunnen dekken. In 2023 is uit deze reserve ruim € 35.000 aangewend voor uitvoering van een aantal van deze projecten. Reserve uitgestelde ICT-projecten
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
70.000
Onttrekking
-35.305
Saldo per 31-12-2023
34.695
Jaarrekening 2023 - PL/EV
70
Reserve Meerjarenbeleidsplan Conform bestuursbesluit is ten behoeve van het ontwikkelen van 6 uitvoeringsprogramma’s zoals benoemd in het Meerjarenbeleidsplan van de GGD in 2022 een bedrag van € 300.000 aan de bestemmingsreserve Meerjarenbeleidsplan toegevoegd. In 2023 zijn nog geen activiteiten uitgevoerd voor de betreffende uitvoeringsprogramma’s. Dit als gevolg van de overlap van een aantal van de uitvoeringsprogramma's met regionale/gemeentelijke GALA/IZA projecten die zijn begonnen of nog gaan beginnen. Gezien deze overlap, het nog verder uitkristalliseren van de diverse GALA/IZA projecten en het vaststellen van de rol van de GGD hierin, zal de organisatie in 2024 een voorstel aan het bestuur voorleggen voor een (gedeeltelijke) vrijval en/of alternatieve aanwending van deze bestemmingsreserve in 2024 en/of volgende jaren.
Reserve Meerjarenbeleidsplan
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
300.000
Geen mutaties Saldo per 31-12-2023
300.000
Reserve Achterstand nieuwkomers JGZ Conform bestuursbesluit is uit het resultaat 2022 een bestemmingsreserve van € 283.000 gevormd voor het inhalen van opgelopen achterstanden bij JGZ ontstaan als gevolg van de hoge instroom van nieuwkomers in de regio (w.o. kinderen uit de Oekraïne). In 2023 is slechts een deel van de achterstand ingelopen, mede als gevolg van het relatief hoge ziekteverzuim onder het JGZ-personeel en de doorgaande stroom nieuwkomers, waarop een beperkt bedrag van € 41.000 is onttrokken uit de reserve. De verwachting is dat de achterstandsreserve in 2024 verder zal worden aangewend. Reserve Achterstand nieuwkomers JGZ Saldo per 31-12-2022
Bedrag -
Resultaatbestemming 2022
283.000
Onttrekking
-41.000
Saldo per 31-12-2023
242.000
Reserve Project Generatie Gezond/Samen Verder Groeien In 2023 is € 735.000 vrijgemaakt voor het project Generatie Gezond / Samen Verder Groeien uit het Wendbaarheidsbudget. Als gevolg van de latere aanvang, het opstarten van een dergelijk omvangrijk project, het werven van benodigde vervangende formatie, is niet het volledige budget besteed en schuiven activiteiten door naar 2024. In 2023 is ca. € 380.000 besteed.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
71
Conform bestuursbesluit is ultimo 2023 een reserve gevormd en is het onbenutte deel van het Wendbaarheidsbudget 2023 aan deze reserve toegevoegd om daarmee de naar 2024 doorgeschoven activiteiten te kunnen uitvoeren. Reserve Project Generatie Gezond/Samen Verder Groeien
Bedrag
Saldo per 31-12-2022
-
Toevoeging
354.897
Saldo per 31-12-2023
354.897
Reserve Infoveiligheid/Archiefbeheer In 2023 is € 1.265.000 vrijgemaakt, waarvoor o.a. de gemeenten extra middelen hebben verstrekt middels een verhoging van de inwonersbijdrage, om de achterstanden op het gebied van informatieveiligheid en archivering in te lopen en deze structureel op orde te brengen. Van de uit te voeren activiteiten lopen een aantal (deel)projecten door in 2024. Hiertoe zal in 2024 naar verwachting nog € 397.000 aan voornamelijk incidentele kosten voor de diverse (deel)projecten gemaakt worden en is hiervoor in 2023, conform bestuursbesluit, een bestemmingsreserve gevormd. Reserve Infoveiligheid/Archiefbeheer Saldo per 31-12-2022
Bedrag -
Toevoeging
397.000
Saldo per 31-12-2023
397.000
Resultaat nog te bestemmen 2023: Resultaat nog te bestemmen 2023
Bedrag
Resultaat programma Publieke Gezondheid 2023
885.819
Resultaat programma Ambulancezorg 2023
377.488
Saldo per 31-12-2023
1.263.307
Resultaat 2022 (reeds bestemd): Het resultaat over 2022 is conform bestuursbesluit als volgt toegevoegd aan de reserves. Resultaat nog te bestemmen 2022
Bedrag
Beginstand per 31-12-2022
412.439
Bestemming resultaat programma Publieke Gezondheid 2022
-443.223
Bestemming resultaat programma Ambulancezorg 2022 Saldo per 31-12-2023
Jaarrekening 2023 - PL/EV
30.784 -
72
Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen gedurende het boekjaar 2023 wordt weergegeven in het onderstaande overzicht ‘voorzieningen’. Voorzieningen
Saldo
Toevoeging
Onttrekking
Vrijval
31-12-2022 Herplaatsingskosten
Saldo
31-12-2023
102.736
8.639
94.097
personeel PLB-uren ambulancezorg Spaarverlof Totaal
1.248.574
221.714
33.847
1.436.441
152.335
418.617
114.839
456.113
1.503.645
640.331
157.325
-
1.986.651
Voorziening herplaatsingskosten personeel Vanwege verwachte toekomstige betalingsverplichtingen in verband met (externe) herplaatsing van personeel, is conform BBV-regelgeving een voorziening gevormd. In 2023 is voor circa € 9.000 aan outplacement en salariskosten onttrokken uit deze voorziening. Voorziening PLB-uren Met ingang van 2011 zijn in de cao voor Ambulancezorg de zogenaamde Persoonlijk Levensloop Budget-uren (PLBuren) opgenomen. Deze uren mogen worden opgespaard om op een later tijdstip op te nemen. Het aantal opgespaarde uren zal geleidelijk toenemen en op termijn mogelijk tot aanzienlijke en niet jaarlijks gelijkblijvende vervangingskosten leiden. Hiervoor dient volgens BBV-richtlijnen een voorziening getroffen te worden. De toevoeging over 2023 bedroeg circa € 222.000. Daarnaast is voor ongeveer € 34.000 onttrokken voor medewerkers waarvoor het PLB-saldo is uitbetaald of waarvoor het PLB-saldo is overgenomen door een nieuwe werkgever. Spaarverlof In de cao’s voor zowel SGO als Ambulancezorg zijn met ingang van 2022 regelingen opgenomen voor spaarverlof. Daarnaast is er een aanzienlijke toename in aangekocht verlof door personeel. Het aantal gespaarde uren zal jaarlijks fluctueren en op termijn mogelijk tot aanzienlijke en niet jaarlijks gelijkblijvende vervangingskosten leiden. Hiervoor dient volgens BBV-richtlijnen een voorziening getroffen te worden.
In 2023 is voor circa € 419.000 aan verlofuren aan deze voorziening toegevoegd. Hier tegenover staat een onttrekking van bijna € 115.000 uit het saldo ultimo 2022. Vaste schulden met een rente typische looptijd langer dan één jaar De post langlopende schulden met een rente typische looptijd langer dan één jaar bestaat uit één onderhandse lening van de Bank Nederlandse Gemeenten.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
73
Het verloop van de langlopende schulden met een rente typische looptijd van langer dan één jaar gedurende het boekjaar 2023 komt tot uitdrukking in het overzicht ‘Onderhandse leningen’. De totale rente last over het boekjaar 2023 met betrekking tot de vaste schulden bedraagt € 62.222. Onderhandse
Hoofdsom
leningen
Saldo
Aflossing
Afgesloten
Saldo
Rente
lening
31-12-2023
kosten
31-12-2022
Leningnr: 40.92604.01
2.187.015
1.532.063
54.506
-
1.477.557
62.222
Totaal
2.187.015
1.532.063
54.506
-
1.477.557
62.222
Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De post kortlopende schulden met een rente typische looptijd van korter dan één jaar bestaat uit een aantal posten, zoals wordt weergegeven in onderstaand overzicht ‘Kortlopende schulden’. Kortlopende schulden
31-12-2023
31-12-2022
3.993.456
3.834.354
96.903
93.131
Nog te verrekenen voorschot meerkosten Covid-19 2022
5.644.205
5.644.205
Nog te verrekenen voorschot meerkosten Covid-19 2023
266.328
-
Nog te verrekenen voorschot SPUK-Covid 2023
4.218.846
-
Nog te verrekenen voorschot SPUK-VIP 2023
258.987
-
Nog te betalen loonheffing en sociale lasten
3.844.584
3.170.500
702.594
660.753
Vooruit gefactureerde gemeentelijke bijdragen
8.059.846
7.091.481
Overige nog te betalen posten
3.656.251
4.258.955
259.652
1.369.697
31.001.652
26.123.076
Crediteuren Nog te betalen BTW
Nog te betalen pensioenfondsen
Ambulancedienst nog in tarieven te verrekenen Totaal
De totale kortlopende schulden ultimo 2023 zijn met € 4,9 miljoen gestegen ten opzichte van de positie eind 2022. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door nog af te rekenen voorschotten voor Covid-19. De afrekening over 2022 heeft pas begin 2024 plaatsgevonden. Hierdoor staan zowel het terug te betalen bedrag over 2022 als het bedrag over 2023 op de balans per ultimo 2023 waarbij het af te rekenen bedragen over 2023 een stijging van circa € 4,5 miljoen verklaart. Daarnaast stijgen de nog te betalen sociale lasten per jaareinde als gevolg van de gestegen lonen en toegenomen formatie (circa € 0,7 miljoen), is een schuld opgenomen voor het teveel ontvangen voorschot voor SPUKVIP (circa € 0,3 miljoen) en is het vooruit gefactureerde bedrag voor de gemeentelijke bijdrage hoger als gevolg van indexering en toegenomen inwoneraantallen (circa € 1,0 miljoen). Hier staan tegenover gedaalde saldi voor nog te verrekenen bedragen met verzekeraars (circa € 1,1 miljoen) en een afname in overige nog te betalen posten (circa € 0,6 miljoen).
Jaarrekening 2023 - PL/EV
74
Overlopende passiva De post overlopende passiva wordt onderscheiden in: Vooruit ontvangen doeluitkeringen van overheidslichamen Overige vooruit ontvangen bedragen Overlopende passiva
31-12-2023
31-12-2022
209.689
143.890
besteden specifieke uitkeringen
361.200
475.158
Totaal
570.889
619.048
Overige vooruit ontvangen bedragen Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen, nog te
Het verloop van de van overheidslichamen vooruit ontvangen doeluitkeringen over het boekjaar 2023 is als volgt:
Vooruit ontvangen bedragen overheidslichamen
Saldo
Vermeer-
Vermin-
Saldo
31-12-2022
dering
dering
31-12-2023
-
19.579
@ease
19.579
Geldrop Mierlo Sociaal Domein
10.000
4.618
5.382
Kansrijke Start
8.939
8.939
-
M@zl
60.546
NPO middelen Best
35.712
120.041
180.587 35.712
Nu Niet Zwanger
-
46.689
46.689
Oirschot extra contactmoment
-
5.871
5.871
Onderzoek MEE
3.037
3.037
Seksuele diversiteit
26.131
SOA testen ondersteuningsmaatregel
30.000
30.000
-
Thematafel rookvrij
22.500
8.316
14.184
Zorgbonus
278.293
278.293
-
Totaal
475.158
333.203
361.200
27.065
219.245
53.196
Voor bovenstaande projecten is in of voor 2023 financiering ontvangen terwijl de uitvoering deels of geheel zal plaatsvinden in 2024 of later. Het nog niet aangewende deel van de ontvangen voorschotten is opgenomen onder vooruit ontvangen bedragen van overheidslichamen.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
75
Niet uit de balans blijkende verplichtingen De GGD is een aantal langlopende contractuele verplichtingen aangegaan zoals huurverplichtingen en contracten voor ICT. In onderstaand overzicht is een opsomming van langlopende verplichtingen weergegeven. Soort
Looptijd
Huur locatie De Witte Dame
Tot en met 31 december 2031
805.000
Q-Park parkeerfaciliteit WD
Tot en met 31 mei 2032
70.000
Huur locatie Callenburgh
Tot en met 30 september 2035
108.000
Huur ambulancepost Aalsterweg
Tot en met 19 september 2070
153.000
Huur ambulancepost Avignonlaan
Tot en met 30 juni 2025
113.000
Huur ambulancepost Helmond
Tot en met 31 december 2024
68.000
Huur ambulancepost Leende
Tot en met 29 februari 2060
63.000
Huur onderzoekslocaties
Diverse einddata
1.161.000
ICT (licentie-)overeenkomsten
Diverse einddata
1.632.000
Totaal
Jaarlijks bedrag
4.173.000
Gebeurtenissen na balansdatum Na balansdatum zijn geen nieuwe gebeurtenissen ontstaan die een materiele invloed hebben op de in de jaarrekening 2023 gepresenteerde baten, lasten en/of balansposities.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
76
6. Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting Onderstaande exploitatierekening geeft de baten, lasten en het resultaat over het boekjaar 2023 van beide programma’s op hoofdlijnen weer. De lasten en baten worden in paragraaf 6.3 en 6.4 per programma uitgesplitst in kostencategorieën. 6.1.
Exploitatierekening totaal
GGD exploitatierekening 2023
Realisatie
Raming 2023
Raming 2023
Verschil Raming
2023
na wijziging
voor wijziging
vs Realisatie
€
€
€
€ Publieke Gezondheid
55.182.264
56.465.000
37.990.000
-1.282.736
Ambulancezorg
31.982.982
31.240.000
29.575.000
742.982
Baten
87.165.246
87.705.000
67.565.000
-539.754
Publieke Gezondheid
54.197.069
56.550.000
38.210.000
2.352.931
Ambulancezorg
31.536.494
30.950.000
29.650.000
-586.494
Lasten
85.733.563
87.500.000
67.860.000
1.766.437
-59.259
75.000
25.000
134.259
-
-
-
-
-59.259
75.000
25.000
134.259
1.044.454
-160.000
-245.000
1.204.454
446.488
290.000
-75.000
156.488
1.490.942
130.000
-320.000
1.360.942
Publieke Gezondheid
940.302
715.000
75.000
-225.302
Ambulancezorg
69.000
90.000
-
21.000
1.009.302
805.000
75.000
-204.302
781.667
875.000
320.000
-93.333
-
-
75.000
-
Onttrekking aan reserve (+)
781.667
875.000
395.000
-93.333
Publieke Gezondheid
885.819
-
-
885.819
Ambulancezorg
377.488
200.000
-
177.488
1.263.307
200.000
-
1.063.307
Publieke Gezondheid Ambulancezorg Vennootschapsbelasting Publieke Gezondheid Ambulancezorg Totaal saldo van baten en lasten
Toevoeging aan reserve (-) Publieke Gezondheid Ambulancezorg
Gerealiseerd resultaat
Het exploitatieresultaat 2023 bedraagt in zijn totaliteit ca. € 1.263.000 positief, verdeeld over het Programma Publieke Gezondheid € 886.000 positief en het Programma Ambulancezorg € 377.000 positief. In de volgende paragrafen wordt een analyse van de baten en lasten en de investeringen weergegeven. De mutaties in reserves zijn in paragraaf 5.2 nader toegelicht.
Jaarrekening 2023 - PL/EV
77
6.2.
Rechtmatigheid begrotingsafwijking per programma
In de hiernavolgende paragrafen wordt per programma de afwijking met de begroting geanalyseerd. Exploitatie Publieke Gezondheid Voor het programma Publieke Gezondheid zijn de werkelijke baten 2023 exclusief crises gerelateerde baten (Covid19) in totaal circa € 593.000 (1,3%) hoger dan begroot, de lasten circa € 477.000 (1,0%) lager dan begroot en de vennootschapsbelasting circa € 134.000 lager dan begroot; totaal € 1.204.000. Na verwerking van de mutaties in de reserves resteert een exploitatie-overschot van circa € 886.000. In paragraaf 6.3 wordt, voor zover van toepassing, per begrotingspost een nadere toelichting gegeven. Bij het aanbieden van de begroting en de tussentijdse wijzigingen in 2023 is het bestuur tijdig en in voldoende mate geïnformeerd over de aard en totstandkoming van een aantal onzekerheden en aannames, waaronder die ten aanzien van de impact van Covid19 op de begroting. Uit de jaarrekening blijkt dat deze onzekerheden zich ook daadwerkelijk hebben gemanifesteerd tijdens de realisatie en in belangrijke mate het positieve exploitatie-overschot vormen (nader toegelicht in paragraaf 6.3). Dit exploitatie-overschot wordt, onder toepassing van de nieuwe regelgeving ten aanzien van rechtmatigheidsverantwoording, niet meegeteld in de evaluatie van de begrotingsrechtmatigheid in paragraaf 6.7.
Exploitatie Ambulancezorg De totale baten van het programma Ambulancezorg waren in 2023 circa € 743.000 (2.4%) hoger dan begroot, met daar tegenover circa € 586.000 (1,9%) hogere lasten ten opzichte van de begroting. Het resultaat is per saldo circa € 157.000 hoger, gedreven door voornamelijk hogere rentebaten die niet aan het bestuur kenbaar zijn gemaakt bij het aanbieden van de begroting. Dit leidt tot een begrotingsonrechtmatigheid van circa € 157.000 op het saldo van baten en lasten, die is toegelicht in paragraaf 6.7. Na verwerking van de mutaties in de reserves, wat een voordeel van € 21.000 ten opzichte van de begroting oplevert, resteert een exploitatieoverschot van circa € 377.000 wat een positief verschil van circa € 177.000 vs. begroting oplevert. In paragraaf 6.4 wordt, voor zover van toepassing, per begrotingspost een nadere toelichting gegeven. Kredieten/investeringen In 2023 is van de in de programmabegroting goedgekeurde kredieten in totaliteit voor circa € 2,7 miljoen geïnvesteerd. Eind 2023 wordt een bedrag van circa € 1,7 miljoen doorgeschoven naar 2024 en volgende jaren. Dit betreft uitgestelde investeringen in aanpassingen van JGZ locaties, hard- en software voor publieke gezondheid en investeringen in hard- en software en instrumentarium voor ambulancezorg.
Uit de analyse op de investeringskredieten blijkt een overschrijding van het krediet binnen de categorie vervoermiddelen van € 136.000. Deze overschrijding is het gevolg van een niet in de begroting opgenomen ombouw van nieuwe voertuigen om te voldoen aan de vereisten voor een Rapid Responder. Deze overschrijding van € 136.000 wordt als een onrechtmatige afwijking van de begroting beschouwd. Kredieten/investeringen
Investeringskrediet
Investeringsbedrag
Afwijking
Bedrijfsgebouwen
91.000
-
91.000
Vervoermiddelen
2.338.000
2.411.343
-73.343
953.000
21.850
931.150
Overige materiële vaste activa
1.021.000
270.795
750.205
Totaal
4.403.000
2.703.989
1.699.011
Machines, apparaten en installaties
Jaarrekening 2023 - PL/EV
78
6.3.
Baten en lasten Publieke Gezondheid
In onderstaand overzicht worden de baten en lasten uitgesplitst in kostencategorieën, de mutaties in de reserves zijn hierin niet opgenomen. Baten en lasten Publieke Gezondheidszorg Baten:
Raming
Verschil
Realisatie
Raming 2023
2023 voor
Raming vs
2023
na wijziging
wijziging
Realisatie
€
€
€
€
Gemeentelijke bijdrage per inwoner
16.997.796
16.995.000
15.260.000
2.796
JGZ 0-4 bijdrage basispakket
13.899.654
13.900.000
12.930.000
-346
172.354
180.000
175.000
-7.646
Contracttaken gemeenten
7.441.357
7.175.000
5.125.000
266.357
Bijdrage Rijk
5.140.475
4.730.000
1.900.000
410.475
Bijdrage Rijk Covid
7.614.826
9.500.000
-
-1.885.174
Zorgverzekeraars
232.226
150.000
100.000
82.226
Baten instellingen/bedrijven
2.061.295
2.205.000
1.750.000
-143.705
Bijdrage particulieren
1.266.556
1.300.000
750.000
-33.444
346.740
330.000
-
16.740
8.985
-
-
8.985
55.182.264
56.465.000
37.990.000
-1.282.736
32.691.380
33.595.000
27.810.000
903.620
Personeelskosten Covid
184.613
300.000
-
115.387
Rente en afschrijvingen
742.490
750.000
900.000
7.510
Personeel van derden
2.958.621
2.860.000
625.000
-98.621
Personeel van derden Covid
4.901.281
6.600.000
-
1.698.719
Energie
93.992
130.000
100.000
36.008
Duurzame goederen
85.455
75.000
50.000
-10.455
Overige goederen en diensten
10.842.042
10.425.000
8.975.000
-417.042
Overige goederen en diensten Covid
2.208.317
2.500.000
-
291.683
Overige inkomensoverdrachten
530.600
570.000
550.000
39.400
Toevoeging aan voorzieningen
342.617
-
-
-342.617
-2.089.000
-2.090.000
-1.750.000
-1.000
Verrekening GGD - naar Covid-organisatie
-329.600
-100.000
-
229.600
Verrekening Covid-organisatie – van GGD
329.600
100.000
-
-229.600
Bestuursopdracht/verbetering bedrijfsvoering
324.557
400.000
200.000
75.443
Wendbaarheid-/ontwikkelingsbudget
380.103
435.000
750.000
54.897
54.197.069
56.550.000
38.210.000
2.352.931
-59.259
75.000
25.000
134.259
1.044.454
-160.000
-245.000
1.204.454
Bijdragen gemeenten
Rentebaten Diverse baten Covid Totaal Baten Lasten: Personeelskosten
Verrekening overhead
Totaal Lasten Vennootschapsbelasting Totaal saldo van baten en lasten
Jaarrekening 2023 - PL/EV
79
Toelichting algemeen: Met een tweetal begrotingswijzigingen gedurende het jaar zijn reeds een aantal ontwikkelingen in de begroting 2023 verwerkt, waarmee de verschillen in de jaarrekening bij de meeste posten beoogd werden beperkt van omvang te zijn. Desondanks hebben zich een aantal, voornamelijk positieve afwijkingen voorgedaan waarvan hieronder de belangrijkste verschillen tussen de geactualiseerde raming en de realisatie worden toegelicht. Kosten en baten in verband met de Covid-19 crisis worden separaat toegelicht. Afwijkingen vs. ramingen worden daarbij niet specifiek toegelicht; enerzijds was de raming daarvan, vanwege de onvoorspelbaarheid van het onzekere verloop van de crises, deels vrij globaal; anderzijds geldt dat de werkelijke kosten integraal vergoed worden en dus per definitie gelijk zijn aan de werkelijke baten. Zo zijn de totale lasten in 2023 in verband met de Covid-19 crisis € 1.876.000 lager dan geraamd (realisatie: € 7.624.000 vs. raming: € 9.500.000), maar wordt dit verschil volledig gecompenseerd door lagere baten (€ 1.876.000 lagere baten vs. raming). Exclusief deze verschillen op baten en lasten gerelateerd aan de Covid-19 crisis, komt het verschil in baten voor ‘reguliere’ PG-activiteiten vs. raming op een positieve € 593.000 en het verschil op lasten voor ‘reguliere’ PGactiviteiten op een positieve € 477.000.
De voornaamste verschillen worden hieronder verder toegelicht. Baten – Regulier (exclusief crises) Het verschil tussen realisatie en begroting van de totale baten exclusief crises is per saldo ca. € 593.000 positief (hogere baten). Een aantal afwijkingen zijn relatief beperkt en hebben geen specifieke oorzaak. De positieve afwijking op contracttaken gemeenten (€ 266.000) omvat een circa € 167.000 hogere opbrengst voor de JGZ dienstverlening voor Oekraïense kinderen en circa € 111.000 hogere opbrengsten uit hoofde van GALA ten behoeve van Versterking Regionale Kennis Infrastructuur/Kennis- en Adviesfunctie GGD. De positieve afwijking op bijdragen van het Rijk (€ 410.000) heeft voor circa € 366.000 betrekking op hogere opbrengsten gemoeid met de inhaalcampagnes HPV en RVP die in 2023 plaatsvonden en voor circa € 111.000 hogere baten met betrekking tot de specifieke uitkering voor Versterking Infectieziektenbestrijding/Pandemische Paraatheid (SPUK VIP) die in 2023 voor het eerst werd toegekend. Deze hogere baten compenseren de hieraan gerelateerde hogere kosten. Tegenover deze hogere baten staat een circa € 50.000 lagere subsidieopbrengst voor PrEP (bescherming tegen HIV) vs. raming. De hogere baten van zorgverzekeraars (€ 82.000) betreft voornamelijk een hoger dan geraamde vergoeding i.v.m. werkzaamheden omtrent Koemelkallergie.
De lagere baten instellingen/bedrijven (€ 144.000) zijn vooral veroorzaakt door minder inzet op diverse onderzoeks- en preventieprojecten voor derde partijen ten opzichte van de ramingen.