2024-75 RIB Bijlage - Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Gemeente Nuenen c.a.
Tekst van het document
Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Fysieke Leefomgeving 2024-2028
Vastgesteld op: Onderwerp: Uitvoerings-en Handhavingsstrategie Fysieke Leefomgeving gemeente Nuenen 2024-2028
2
Management samenvatting Deze U&HS ziet toe op de gemeentelijke uitvoerings- en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving die de gemeente zelf uitvoert. Wij behandelen vergunningaanvragen en meldingen en verrichten andere activiteiten in de fysieke leefomgeving. Ook geven wij informatie daarover aan inwoners en ondernemers, houden we toezicht op het naleven van vergunningvoorschriften en algemene regels en treden we handhavend op indien nodig. In deze U&HS wordt alles samengebracht wat te maken heeft met Vergunningverlening en Toezicht en Handhaving (VTH) voor de fysieke leefomgeving. Voorheen werd dit het VTH-beleid genoemd. Met deze strategie omarmen we de Omgevingswet; we gaan voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Onder ‘fysieke leefomgeving’ verstaan we datgene wat je ziet, voelt, hoort en ruikt. Dat zijn bijvoorbeeld gebouwen, wegen, parken, een schone lucht, sloten, rivieren, bossen, enzovoort. Naast duurzaam, gezond en veilig verwachten we dat onze omgeving ook aantrekkelijk en goed verzorgd is. We willen van onze omgeving genieten. Het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit is daarom toegevoegd als centrale doelstelling in de Omgevingswet en is in deze U&HS 2024-2028 opgenomen.
Deze U&HS legt het minimaal uit te voeren (kwaliteits)niveau vast, zoals de Omgevingswet en de geldende kwaliteitscriteria voor de VTH dat vereisen. Belangrijke ontwikkelingen: de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen die op 1 januari 2024 in werking zijn getreden hebben ook de komende jaren invloed op de VTH taken. In de afgelopen jaren zijn er in verschillende regionale werkgroepen samenwerkingsafspraken gemaakt over het ketenproces Omgevingswet, om daar waar we elkaar tegenkomen het VTH-proces efficiënt in te richten. Ook hebben we milieu strategieën vastgelegd in het Regionaal Operationeel Kader Milieutoezicht (ROK-TH) en een Regionaal Operationeel Kader Vergunningverlening (ROK-VV) van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant dat geactualiseerd en samengevoegd is tot 1 integraal ROKVTH 2025-2027 (besluitvorming vindt hierover in 2024 plaats) om zo op een gestructureerde en integrale wijze te werken en een gelijk speelveld te creëren. Doelstellingen: Deze U&HS benoemt doelstellingen die wij de komende vijf jaar nastreven. Deze doelstellingen zijn gebaseerd op de centrale doelstelling van de Omgevingswet en bevat ook kwaliteitsdoelstellingen gebaseerd op de op 14 december 2023 door de gemeenteraad vastgestelde verordening Uitvoering en Handhaving Omgevingsrecht gemeente Nuenen. We zijn succesvol in onze uitvoering als we goede invulling hieraan geven.
Daarom hebben we de doelstellingen concreet en realistisch geformuleerd zodat we ze goed kunnen monitoren. Prioriteren: Omdat het onmogelijk is om alle VTH-taken van de fysieke leefomgeving te kunnen uitvoeren werken we met een prioritering. Door te prioriteren maken we keuzes in de VTH- taken die we in deze beleidsperiode (2024-2028) uitvoeren. Per domein in de fysieke leefomgeving (Bouwen en slopen, Erfgoed en RO, APV en bijzondere wetten) zijn de prioriteiten benoemd. Deze zijn tot stand gekomen middels een omgevingsanalyse en een risicoanalyse. De uitkomsten hiervan zijn weergegeven in bijlage 4B. Strategieën: Een verplicht onderdeel van de U&HS zijn de strategieën. Deze zijn weergegeven in bijlage 2A t/m 2F. Met de vaststelling van deze strategieën geven we sturing aan de uitvoering en handhaving. Het zorgt voor een gestructureerde wijze van werken en draagt bij aan transparantie en uniformiteit in besluitvorming.
3
Inhoudsopgave 1 Inleiding ...............................................................................................................................................8 1.1 Hoe is het document opgebouwd? ................................................................................................8 1.2 Wettelijke eisen Uitvoerings- en handhavingsstrategie .................................................................8 1.3 Reikwijdte en afbakening .............................................................................................................11 1.4 Beleidsevaluatie...........................................................................................................................11 1.5 Ontwikkelingen ...........................................................................................................................12 1.5.1 De Omgevingswet ................................................................................................................12 1.5.2 De Wet private kwaliteitsborging Bouw (Wkb) ......................................................................12 1.5.3 Lokale ontwikkelingen ...........................................................................................................12 2 Visie en uitgangspunten
..................................................................................................................13 2.1 Visie .............................................................................................................................................13 2.2 Algemene uitgangspunten ...........................................................................................................14 3 Doelstellingen ...................................................................................................................................15 3.1 Algemene doelstelling..................................................................................................................15 3.2 Kwaliteitsdoelstellingen................................................................................................................16 4 Probleemanalyse VTH ......................................................................................................................18 4.1 Omgevingsanalyse ......................................................................................................................18 4.2 Risicoanalyse VTH ......................................................................................................................19 4.3 Prioriteitstelling VTH
....................................................................................................................20 4.3.1 Totstandkoming prioritering ..................................................................................................23 5. Uitvoerings- en handhavingsstrategie ..........................................................................................24 6. Organisatie en middelen .................................................................................................................26 6.1 Borging organisatie en middelen .................................................................................................27 6.2 Samenwerking met andere organisaties .....................................................................................27 7 Kwaliteitsborging..............................................................................................................................30 Bijlagenbundel bij U&HS gemeente Nuenen 2024-2028 ..................................................................31 Bijlage 1A Wettelijke- en beleidsmatige kaders .....................................................................................32 Bijlage 1B Toelichting BIG8 ................................................................................................................33 Bijlage 2 Uitvoeringsstrategieën
........................................................................................................34 Bijlage 2A Preventiestrategie .............................................................................................................35 Bijlage 2B Vergunningenstrategie .....................................................................................................39 Bijlage 2C Toezichtstrategie ...............................................................................................................57 Bijlage 2D Sanctiestrategie Nuenen ..................................................................................................67 Bijlage 2E Strategie bij meldingen en handhavingsverzoeken .......................................................77 Bijlage 2F Gedoogstrategie ................................................................................................................78 Bijlage 3 Beleid Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen................................................................80 Bijlage 4A Handleiding risicoanalyse VTH ........................................................................................97 Bijlage 4B Uitkomsten risicoanalyse VTH .......................................................................................104
4
Bijlage 5 Verordening Uitvoering en Handhaving gemeente Nuenen ..........................................108
5
1 Inleiding Voor u ligt de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Fysieke Leefomgeving 2024-2028 (U&HS). Dit document vervangt de beleidskaders voor VTH: het Vergunningenbeleid omgevingsrecht 2020-2021 en het Toezicht- en Handhavingsbeleid omgevingsrecht 2017-2021 van de gemeente Nuenen. Dit beleid was op 27 februari 2022 door ons verlengd met 1 jaar en is, conform afspraak met de Interbestuurlijk Toezichthouder van de provincie Noord-Brabant, nogmaals verlengd tot 1 juli 2024. In onderhavige U&HS hebben we de beleidskaders voor VTH geactualiseerd aan de nieuwe wet- en regelgeving zoals de Omgevingswet en de Wet private kwaliteitsborging Bouw (Wkb) en de landelijke kwaliteitscriteria VTH. Deze U&HS ziet toe op de gemeentelijke uitvoerings- en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving die de gemeente zelf uitvoert. Wij behandelen vergunningaanvragen en meldingen en verrichten andere activiteiten in de fysieke leefomgeving. Ook geven wij informatie daarover aan inwoners en ondernemers, houden we toezicht op het naleven van vergunningvoorschriften en algemene regels en treden we handhavend op indien nodig. In deze U&HS wordt alles samengebracht wat te maken heeft met Vergunningverlening en Toezicht en Handhaving (VTH) voor de fysieke leefomgeving.
De U&HS schetst de visie, de doelen en uitgangspunten voor de komende jaren (2024-2028), de inhoudelijke prioriteiten die daarin worden gesteld (op basis van een omgevings- en risico-analyse en bestuurlijke, landelijke en regionale prioriteiten) en geeft weer hoe wij een eenduidige werkwijze voorstaan, hoe de VTHorganisatie is ingericht en hoe wij binnen het omgevingsrecht op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving binnen de samenwerkingsverbanden gemaakte afspraken samen werken. Met deze U&HS geven we uitvoering aan de wettelijke verplichting in het Omgevingsbesluit behorende bij de Omgevingswet om voor zowel omgevingsvergunningen als het toezicht en de handhaving hierop een actuele uitvoering- en handhavingsstrategie vast te stellen. Daarnaast komen we de afspraak na die met de Interbestuurlijk Toezichthouder van de provincie is gemaakt om nieuw actueel VTH-beleid vast te stellen in de vorm van een meerjaren U&HS 2024-2028 voor de Fysieke Leefomgeving.
1.1 Hoe is het document opgebouwd? Dit document bestaat uit twee delen. Het eerste deel beschrijft de visie, doelen, probleemanalyse, prioriteiten, strategieën, samenwerking en organisatie op het gebied van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH).Het tweede deel bestaat uit een bijlagenbundel waar onderwerpen uit het eerste deel gedetailleerd zijn uitgewerkt. ▪ De visie en uitgangspunten op vergunningverlening, toezicht en handhaving staan in hoofdstuk 2. ▪ De doelstellingen die we de komende vier jaar willen realiseren zijn weergegeven in hoofdstuk 3. ▪ De risico’s en (bestuurlijke) prioriteit die wij aan taken toekennen staan in hoofdstuk 4 en bijlage 4A en 4B. ▪ Strategieën voor vergunningverlening, toezicht en handhaving oftewel de werkwijze(n) waarop wij de doelen en risicogericht werken willen bereiken staan in hoofdstuk 5 en zijn nader uitgewerkt in bijlage 2A tm 2F en bijlage 3. ▪ De Inrichting van de uitvoeringsorganisatie (VTH) en samenwerking met andere organisaties is te vinden in hoofdstuk 6; ▪ Het minimaal uit te voeren (kwaliteit)niveau/ kwaliteitsborging is opgenomen in hoofdstuk 7.
6
1.2 Wettelijke eisen Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Volgens de wettelijke regeling (artikel 13.5 en 13.6 van het Omgevingsbesluit) dient elke Uitvoeringsen Handhavingsstrategie (U&HS) in ieder geval inzicht te bieden in onderstaande onderdelen: ✓ ✓ ✓
✓ ✓
✓ ✓
✓
✓
✓ ✓
De prioriteitenstelling voor het verrichten van de werkzaamheden (toelichting in paragraaf 4.3); De methode die wordt gebruikt om te bepalen of de doelen uit het beleid worden bereikt (toelichting op de BIG 8 in bijlage 1B); De criteria die worden gebruikt bij het beoordelen van en beslissen op aanvragen om omgevingsvergunningen en het beoordelen van meldingen (toelichting in bijlage 2A en 2B onderdeel vergunningenstrategie); De werkwijze bij het verlenen van omgevingsvergunningen en het beoordelen van meldingen (toelichting in bijlage 2A en 2B onderdeel vergunningenstrategie); De afspraken die door bestuursorganen onderling en met de instanties die zijn belast met de strafrechtelijke handhaving zijn gemaakt over samenwerking bij en afstemming van werkzaamheden (toelichting in bijlage 2D sanctiestrategie); de wijze waarop toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet wordt gehouden (toelichting in bijlage 2C toezichtstrategie); De wijze waarop wordt gerapporteerd over bevindingen over de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet en eventueel daaraan verbonden consequenties (toelichting in bijlage 2C toezichtstrategie ); De wijze waarop bestuurlijke sancties en termijnen die bij het opleggen en ten uitvoer leggen daarvan worden gehanteerd en de strafrechtelijke handhaving onderling worden afgestemd (toelichting in bijlage 2D sanctiestrategie); De
wijze waarop wordt gehandeld na geconstateerde overtredingen die zijn begaan door of in naam van een bestuursorgaan of een andere tot de overheid behorende instantie (toelichting in bijlage 2D sanctiestrategie). De wijze waarop meldingen en handhavingsverzoeken worden behandeld (bijlage 2E) De wijze waarop omgegaan wordt met gedogen (bijlage 2F) Onderhavige U&HS voldoet aan deze eisen.
Met deze U&HS omarmen we de nieuwe Omgevingswet. We stellen de centrale doelstelling van de Omgevingswet in deze U&HS centraal. Deze staat verwoord in artikel 1.3:
Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, gericht op het in onderlinge samenhang: a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur en b. het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van
maatschappelijke behoeften.”
Onder ‘veilige’ verstaan we de (bouwgerelateerde) risico’s, die mensen in hun fysieke leefomgeving lopen, zoals constructieve-, brand-, gebruiks-, omgevings- en sociale veiligheid. Onder 'gezonde' verstaan we het fysieke en psychische welbevinden.
Onder een ‘goede omgevingskwaliteit’ verstaan we de belevings-, gebruiks- en toekomstwaarde van de fysieke leefomgeving. Onder ‘duurzame’ verstaan we het zuinig omgaan met energie en grondstoffen. Middels het toepassen van energiebesparende maatregelen en het gebruik van duurzame materialen in de bouw. Onder 'natuur' verstaan we een samenhangend geheel van planten, dieren, levensgemeenschappen, bodem- en grondsoorten, water en klimaat.
7
Hierboven is aangegeven wat we, in het kader van de reikwijdte van deze U&HS, onder de onderstreepte termen uit voornoemde centrale doelstelling dienen te verstaan. Naast een U&HS (= meerjarenstrategie), eist de wet ook een jaarlijks uitvoeringsprogramma en evaluaties die bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen uit de U&HS. Deze beleidscyclus staat bekend als de ‘BIG EIGHT’-cyclus. Zie figuur 1 hieronder. Een toelichting staat in bijlage 1B.
Figuur 1 BIG 8
Onder de Omgevingswet is sprake van een tweede beleidscyclus (zie figuur 2). Deze kent een vergelijkbare opzet (Plan, Do, Check, Act). Het verschil zit in het feit dat die cyclus betrekking heeft op de doelen ten aanzien van de fysieke leefomgeving, zoals per gemeente vervat in een omgevingsvisie, Omgevingsprogramma en in de regelgeving uitgewerkt in het Omgevingsplan en Omgevingsvergunning. Het is veel meer omvattender. VTH taken zijn in die cyclus te definiëren als één van de mogelijk in te zetten instrumenten.
Figuur 2 Beleidscyclus Omgevingswet
8
1.3 Reikwijdte en afbakening De leefomgeving is onder te verdelen in een fysiek en een sociaal domein. De U&HS gaat over het fysieke domein. De Omgevingswet omschrijft de ‘fysieke leefomgeving’ als datgene wat je ziet, voelt, hoort en ruikt. Dat zijn bijvoorbeeld gebouwen, wegen, parken, een schone lucht, sloten, rivieren, bossen, enzovoort.
De wettelijke verplichting om een U&HS vast te stellen maakt onderscheid tussen basistaken en niet basistaken. Basistaken worden uitgevoerd door de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: ODZOB). Hiervoor hebben wij samen met de regio in 2018 en 2019 een uniforme regionale uitvoeringen handhavingsstrategie (het ROK-VV en het ROK-TH ) vastgesteld die onlangs geactualiseerd is en vervangen wordt door één integraal ROK-VTH (zie 1.5.2 ‘regionale ontwikkelingen’). Vanuit het oogpunt van effectiviteit, efficiency en het creëren van een gelijk speelveld is in onze gemeente de regionale uitvoering- en handhavingsstrategie ook van toepassing op de overige (niet onder de basistaken vallende) milieutaken inclusief het aspect externe veiligheid en groene wetgeving1. Het gaat hier om de zogenaamde “verzoektaken”. Deze U&HS ziet toe op de (overige) gemeentelijke uitvoerings- en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving. Voor het afhandelen van omgevingsvergunningaanvragen, het houden van toezicht en ons handhavend optreden staan in bijlage 1A onder meer (niet uitputtend) de wettelijke- en beleidsmatige kaders waar deze U&HS betrekking op heeft.
1.4 Beleidsevaluatie In de afgelopen beleidsperiode hebben wij vrijwel alle doelstellingen behaald die in onze vorige VTHbeleidstukken stonden opgenomen. We hebben hiermee een concrete bijdrage geleverd aan een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. We zetten in op een sluitende beleidscyclus. We verantwoorden de uitvoering van doelstellingen middels het jaarverslag. De doelstellingen worden jaarlijks uitgewerkt in het VTH-uitvoeringsprogramma. Belangrijkste wijzigingen ten opzichte van het vorige VTH-beleid: ✓ Deze nieuwe U&HS die het vorige Vergunningenbeleid en het Toezicht- en Handhavingsbeleid vervangt, is in één document samengevoegd wat een goede grondslag biedt voor integrale afweging in het fysieke domein; ✓ De visie is geactualiseerd en gericht op integrale uitvoering van de VTH-taken; ✓ De VTH-doelen zijn beter verbonden met de doelen uit de nieuwe omgevingswet en de kwaliteitsdoelstellingen voortkomend uit de gemeentelijke verordening Uitvoering en handhaving Omgevingsrecht gemeente Nuenen (vastgesteld op 14 december 2023); ✓ De VTH-prioriteiten zijn in grote lijnen gelijk gebleven. 1 De Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) geeft voor de hele provincie Noord-Brabant de vergunningen af voor de Wet
natuurbescherming. Ook is de ODBN verantwoordelijk voor toezicht en handhaving van de regels.
9
✓ ✓
De VTH-strategieën zijn uitgebreid met een meldingenstrategie dat is afgestemd op de doelen en prioriteiten. De verordening Uitvoering en Handhaving (voorheen verordening VTH omgevingsrecht) is door de raad op 14 december 2023 geactualiseerd aan de vernieuwde kwaliteitseisen 2.3 en de Omgevingswet. Met als gevolg dat er een minimaal kwaliteitsniveau is vastgelegd voor de uitvoering van de VTH-taken.
1.5 Ontwikkelingen Het omgevingsrecht is continu in ontwikkeling. Het is dan ook onmogelijk om hier alle ontwikkelingen te schetsen die de komende jaren een rol zullen spelen. We benoemen hieronder de belangrijkste ontwikkelingen. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma VTH worden de activiteiten opgenomen die inspelen op relevante ontwikkelingen in dat jaar.
1.5.1 Landelijke ontwikkelingen Hieronder worden de landelijke ontwikkelingen benoemd die de komende periode van invloed (kunnen) zijn op het uitvoeren van de gemeentelijke VTH-taken.
1.5.1.1 De Omgevingswet De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Deze wet bundelt 26 wetten, 120 sectorale Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) en honderden ministeriële regelingen. Naast verandering in wet- en regelgeving is ook de wijze van raadplegen van regelgeving anders geworden en de wijze waarop vergunningaanvragen en meldingen kunnen worden ingediend. Dit is de invoering van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).
Figuur 3 Veranderingen Omgevingswet
De knip: scheiden van technisch en ruimtelijk bouwen Met de Omgevingswet is bouwen in een technisch en een ruimtelijk deel gescheiden. Dat levert twee activiteiten op: 1. de technische bouwactiviteit (artikel 5.1 lid 2a Omgevingswet); 2. en de omgevingsplanactiviteit voor een bouwwerk (artikel 5.1 lid 1a Omgevingswet). Deze scheiding heet 'de knip' (verderop in & 1.5.2 wordt hier nader op ingegaan ) Criterium ‘Onlosmakelijkheid’ is verdwenen Het criterium uit de Wabo dat de aanvrager onlosmakelijk verbonden toestemmingen in één aanvraag moest aanvragen, bestaat met ingang van 1 januari 2024 (Omgevingswet in werking en vervangt Wabo) niet meer. De aanvrager mag dus zelf kiezen welke aanvragen hij in welke volgorde indient. Het bevoegd gezag is daarbij verplicht, voor zover dat door het bevoegd gezag in te schatten is, de initiatiefnemer te laten weten welke vergunningen er nog meer nodig zijn (artikel 3:20, Algemene wet bestuursrecht; hierna: Awb). Het is een zogenaamde inspanningsverplichting. Er geldt ook geen
10
conversiebepaling meer. Hiermee wordt een bepaling bedoeld zoals voorheen opgenomen in artikel 2.10, lid 2 Wabo, waarbij een met het bestemmingsplan strijdige aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van rechtswege ook wordt aangemerkt als een aanvraag om af te wijken van het bestemmingsplan. Deze vrijheid van keuze voor initiatiefnemers kan ook een toename van vergunningverlening, toezicht- en handhavingsactiviteiten veroorzaken, omdat voor een initiatiefnemer niet altijd duidelijk is welke aanvragen nodig zijn. Lex silencio positivo is vervallen Vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is de lex silencio positivo (hierna: lsp) in het omgevingsrecht vervallen. Dit betekent dat er vanaf 1 januari 2024 niet langer een vergunning van rechtswege ontstaat wanneer wij niet tijdig beslissen op een aanvraag voor een omgevingsvergunning op grond van de Omgevingswet. In gevallen waarin het niet lukt om op tijd een besluit te nemen, kan een initiatiefnemer gebruik maken van de regeling dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen (na een schriftelijke ingebrekestelling gaat het bestuursorgaan dwangsommen verbeuren en de initiatiefnemer kan naar de bestuursrechter stappen om besluitvorming af te dwingen).
Digitaal stelsel Omgevingswet Met de invoering van de Omgevingswet, is ook gestart met het werken met het platform Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het DSO vervangt onder andere een aantal bestaande loketten zoals www.ruimtelijke- plannen.nl, Omgevingsloket online (OLO), Activiteitenbesluit Internet Module (AIM) en het Meldpunt Bodemkwaliteit. Om te kunnen werken volgens de Omgevingswet hebben we de gemeentelijke systemen aangesloten op onderdelen van het DSO. Binnen het Omgevingsloket kunnen hierdoor documenten en gegevens met initiatiefnemers en andere overheden worden uitgewisseld. De gemeente Nuenen werkt met het zaaksysteem Djuma en met Power Browser. De relevante wijzigingen die de Omgevingswet met zich meebrengt zijn voor zover mogelijk verwerkt in de operationele strategieën in bijlage 2A t/m 2F.
1.5.1.2 De Wet private kwaliteitsborging Bouw (Wkb) Gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is de Wet kwaliteitsborging (Wkb) voor het bouwen in werking getreden. De Wkb heeft samen met de Omgevingswet gevolgen voor het proces van bouwen, vergunningverlening en het gemeentelijk (bouw)toezicht op bouwwerken gevolgklasse 1. Onder gevolgklasse 1 vallen gebouwen waarbij de persoonlijke gevolgen beperkt zijn wanneer er niet aan de bouwtechnische voorschriften wordt voldaan. We hebben het dan over bouwwerken zoals woningen en eenvoudige bedrijfsgebouwen. De Wkb geldt dus niet voor alle gebouwen, maar voorlopig (de komende 3 jaar) alleen voor bouwwerken die vallen onder gevolgklasse 1. Tevens zijn verbouwingen voorlopig uitgezonderd2 van de Wkb. Daarnaast is onder de Omgevingswet de bouwactiviteit in 2 activiteiten geknipt: 1. Een omgevingsplanactiviteit. Hieronder vallen alle lokale regels (ruimtelijke ordening, welstand, gemeentelijke monumenten, kap, reclame, etc.). Deze toetst blijft de gemeente uitvoeren. Of je vergunning nodig hebt voor de omgevingsplanactiviteit hangt af van de activiteit en voornoemde lokale regels (die in het omgevingsplan worden opgenomen). 2. Een technische bouwactiviteit. Hieronder valt het voldoen aan de bouwregels in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), de opvolger van het Bouwbesluit 2012.
Bij bouwen onder gevolgklasse 1 van de Wkb heb je voor de technische bouwactiviteit geen vergunning meer nodig. De gemeente toetst plannen die met ingang van 1 januari 2024 binnenkomen niet meer aan het Besluit bouwwerken leefomgeving. De gemeente besteedde deze taak voorheen uit aan een extern bureau. Dit hoeft dus voor aanvragen die op of na 1 januari 2024 zijn binnengekomen niet meer. Deze taak wordt overgenomen door private kwaliteitsborgers. Een kwaliteitsborger is een onafhankelijk bedrijf dat erop moet toezien dat een bouwwerk als het klaar is voldoet aan de bouwtechnische voorschriften in het Bbl.
2demissionair minister Hugo de Jonge van BZK heeft op 6 juni 2024 de Tweede Kamer geïnformeerd dat het besluit om ook het
verbouwen van bouwwerken onderdeel te maken van de Wkb uitgesteld is tot 1 juli 2025
11
De gemeente blijft verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en bouw- en sloopveiligheid en blijft het bevoegd gezag voor het bouwdomein. Naast dat er taken blijven bestaan en sommige wegvallen, komen er ook nieuwe taken bij voor de gemeente. In onderhavige U&HS is de werkwijze die de gemeente Nuenen hanteert met betrekking tot toetsing, toezicht en handhaving binnen het stelsel van kwaliteitsborging voor de bouw nader beschreven in bijlage 3.
1.5.1.3 Arbeidsmarkt De huidige krapte op de arbeidsmarkt heeft ook effect op het VTH-domein. Vooral juridische en beleidsmatige functies zijn moeilijk vervulbaar.
1.5.1.4. Openbare ruimte Vanuit de overheid worden steeds meer toezichtstaken die nu bij de politie horen (impliciet) overgedragen naar de gemeenten. Ook heeft de VNG een voorstel gedaan bepaalde politietaken over te gaan dragen naar de gemeenten, bijvoorbeeld op het gebied van verkeer (snelheidscontroles e.d.). Deze taken moeten dan door de gemeentelijke toezichthouders (met opsporingsbevoegdheid) worden uitgevoerd.
1.5.1.5 Ondermijnende criminaliteit Binnen de zes gemeenten van het basisteam Dommelstroom is medio 2018 het initiatief ingezet om te komen tot een doorontwikkeling en professionalisering van integrale handhaving in relatie tot de aanpak van ondermijning en (integrale) veiligheid. Hiertoe is medio 2020 binnen het basisteam Dommelstroom een bestuurlijk interventieteam onder aanvoering van een intergemeentelijke teamleider van start gegaan (DIT). Op basis van de o.a. in een convenant vastgelegde afspraken nemen vaste vertegenwoordigers (waaronder de gemeente Nuenen, ODZOB, VRBZO, Politie en Senzer) deel aan de structurele overleggen en interventies. De afstemming met de organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving is in onderhavige U&HS geregeld via de lijn van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Het VTH-uitvoeringsprogramma is gebaseerd op deze U&H-strategie. Hiermee wordt een duidelijke link gelegd tussen de organen die belast zijn met bestuurs- en strafrechtelijke handhaving waarbij deze U&HS en het VTH-uitvoeringsprogramma afgestemd worden met de organen (politie en OM) die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving, met als doel prioriteiten met elkaar te delen waardoor afstemming van werkzaamheden kan plaatsvinden.
1.5.1.6 Duurzaamheid Nederland staat voor grote opgaven op het gebied van de leefomgeving: -Er moet een groot aantal nieuwe woningen worden gebouwd. -Om de opwarming van de aarde te beperken moeten er locaties worden gevonden voor windmolens en zonnepanelen. - Door klimaatverandering, de landbouw, woningbouw en bedrijvigheid staat de draagkracht van de bodem, het water en de biodiversiteit onder grote druk. Al deze opgaven komen samen op het beperkte grondgebied van Nederland. Het aanpakken ervan is een ingewikkelde puzzel, niet alleen omdat voor bestaande en nieuwe functies ruimte moet worden gevonden, maar ook omdat daarbij rekening moet worden gehouden met de interactie tussen het benodigde ruimtegebruik. Hoe kunnen woonwijken niet alleen snel worden aangelegd maar ook zodanig dat ze bestand zijn en blijven tegen langere periodes van droogte, warmte en heftigere regenbuien, hoe kan de uitkoopregeling voor de landbouw tegelijkertijd bijdragen aan de vermindering van de stikstofdepositie op natuurgebieden en de aanpak van verdroging, en hoe kunnen windturbines en zonnepanelen een plaats krijgen zonder landschappen al te veel aan te tasten en met draagvlak onder de bevolking? Deze vraagstukken op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, stikstofdepositie e.d. raken ook de VTH-taken op gemeentelijk niveau. In 2024 wordt de nieuwe nota duurzaamheid Nuenen vastgesteld.
Hieruit volgt een uitvoeringsplan voor de komende jaren. Op één van de bedrijventerreinen willen we een pilot starten op het gebied van grootschalige energieopslag. Op het gebied van afval willen we in 2025 het nieuwe afvalbeleid vaststellen, waarbij circulariteit het uitgangspunt is.
12
Evenementen en duurzaamheid: Voor alle evenementen gelden nieuwe regels voor het gebruik van plastic bekers en bakjes. Wegwerp is verboden, herbruikbaar wordt de nieuwe norm. Vanaf 1 juli 2023 mogen bij open evenementen geen gratis wegwerpbekers en -bakjes van plastic meer verstrekt worden en vanaf 1 januari 2024 is bij gesloten evenementen wegwerpplastic niet meer toegestaan en hergebruik of hoogwaardige recycling verplicht.
1.5.1.7 Wet goed verhuurderschap Met ingang van juni 2023 is de Wet goed verhuurderschap in werking getreden. Deze wet geeft gemeenten de mogelijkheid om op te treden bij misstanden op de lokale huurmarkt. In de wet is een landelijke norm met bijbehorende regels ingesteld. Gemeenten hebben een belangrijke rol gekregen in het handhaven hiervan. De gemeente is bij private verhuurders en verhuurbemiddelaars het bevoegd gezag voor het toezicht en het handhaven van de algemene regels en de verhuurvergunning. In het geval van woningcorporaties is het toezicht en handhaving belegd bij de Autoriteit Woningcorporaties. Iedere gemeente moet vanaf 2024 een meldpunt hebben voor klachten over ongewenst verhuurgedrag. De gemeente Nuenen heeft in oktober 2023 een meldpunt goed verhuurderschap ingericht. In de komende beleidsperiode zal duidelijk worden of een Verhuurverordening met verhuurdersvergunningen moet worden vastgesteld om uitvoering te kunnen geven aan de Wet goed verhuurderschap. Toezicht vindt voorlopig alleen klachtgestuurd plaats.
1.5.2 Regionale ontwikkelingen In de regio vinden allerlei ontwikkelingen plaats die van invloed zijn op de gemeente Nuenen. Daarom hebben we actief contact met buurgemeenten en de provincie Noord-Brabant. Bovendien nemen we op verschillende thema’s deel aan regionale samenwerkingsverbanden. De uitvoering van de milieutaken (de zogenaamde basistaken) van gemeenten is wettelijk verplicht ondergebracht bij de Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB). De ODZOB heeft voor milieutoezicht in 2018 het Regionaal Operationeel Kader milieutoezicht 2018 opgesteld(ROK-TH) dat richting geeft aan de wijze waarop milieutoezicht en -handhaving worden uitgevoerd. In 2019 is vervolgens voor milieuvergunningverlening een ROK opgesteld (ROK-VV). Deze beleidskaders zijn geëvalueerd. Hiertoe is een regionale omgevingsanalyse uitgevoerd, heeft een klachtenanalyse plaatsgevonden en is een (theoretische)risico-analyse uitgevoerd. Dit heeft geleid tot een Regionaal Operationeel Kader Milieu Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (= ROK VTH) 2025-2028 dat het huidige ROK-VV en het ROK-TH vervangt. Het ROK-VTH beschrijft het kader zowel voor vergunningverlening als toezicht & handhaving en vormt de concrete basis voor de gezamenlijke uitvoering in de regio.
Naar verwachting wordt het ROK-VTH 2025-2028 medio juli 2024 ter vaststelling aangeboden van het Algemeen Bestuur van de ODZOB en zal het vervolgens ter vaststelling worden aangeboden aan alle college’s in de regio Brabant-Zuidoost. Ook hebben we actief contact met onze ketenpartners zoals de waterschappen, GGD, de veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO), de politie etc. Verderop in & 6.2 “ Samenwerking met andere organisaties” wordt dieper ingegaan op de samenwerkingsverbanden en de gemaakte afspraken.
1.5.3 Lokale ontwikkelingen Veiligheid: Nuenen scoort goed op de veiligheidsmonitor en we blijven ons dan ook inzetten om dit niveau te behouden. Regionaal zetten we verder in op het tegengaan van ondermijning in onze samenleving. Ondermijnende criminaliteit bestaat uit alle vormen van misdaad die een bedreiging vormen voor de integriteit van onze samenleving. Denk aan zaken als drugshandel en -productie, mensenhandel en prostitutie, wapenhandel etc. Maar ook onderwerpen als het (op grote schaal) ontduiken van belasting, crimineel geld witwassen of frauderen met vastgoed, uitkeringen of overheidssubsidies. De aanpak van georganiseerde misdaad vraagt om een georganiseerde overheid en een integrale aanpak. De verbinding tussen bestuurs- en strafrecht is belangrijk voor een goede aanpak van ondermijnende criminaliteit en een level-playing-field. Dat doen we samen met de regio en de Taskforce RIEC en het Dommelstroom Interventie Team (DIT). Zie verderop in & 6.2 “Samenwerking met andere organisaties” voor meer informatie hierover.
13
Als gemeente Nuenen vinden wij een veilige woon- en leefomgeving belangrijk. Daarom treedt de burgemeester hard op tegen drugscriminaliteit. De burgemeester heeft op 13 maart 2020 Damoclesbeleid vastgesteld. In dat beleid staat bij welke hoeveelheid soft- en/of harddrugs een woning of bedrijfspand wordt gesloten en hoe lang de sluiting duurt. Ook de toepassing van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen openbaar bestuur (Wet Bibob) wordt als (preventief) bestuursrechtelijk instrument blijvend ingezet. Voor de toepassing heeft gemeente Nuenen Bibob-beleid vastgesteld in 2021. Regelmatig wordt bekeken of het beleid geactualiseerd moet worden aan de hand van landelijke en/of regionale ontwikkelingen. In 2020 is een start gemaakt met de ontwikkeling van het programma Bedrijventerrein met als doel: veiligere leefomgeving, beter ondernemersklimaat en betere kwaliteit openbare ruimte. Dit wordt de komende beleidsperiode (2024-2028) voortgezet. In de beleidsperiode wordt de instrumentenmix om de bedrijventerreinen veiliger te maken verder verstevigd. Te denken valt aan voortzetting cameratoezicht, Keurmerk Veilig Ondernemen, integrale controles en voorlichting. Tevens is er op bedrijventerrein Eeneind de exploitatievergunningplicht voor autobranche gerelateerde bedrijven.
Het huidige veiligheidsbeleid van de gemeente Nuenen “Kadernota veiligheid 2019-2022” zal geactualiseerd worden. Omdat de inzet vanuit de gemeente, en dan met name toezicht en handhaving, steeds meer gewenst is in verschillende veiligheidsvelden, kan de wijziging van het veiligheidsbeleid invloed hebben op de uitvoering van onderhavig beleid. Evenementenbeleid: Het huidige evenementenbeleid dateert uit 2015 en zal in 2025 geactualiseerd worden. De wijziging van het Evenementenbeleid kan invloed hebben op de uitvoering van de U&HS. Woningbouw(versnelling): We zetten in op versnelling van de woningbouw, zoals in fase 3 van Nuenen-West. Eind 2025 is de woningbouwopgave van circa 765 woningen voor fase 1 Nuenen West door Nuenen West BV gerealiseerd en opgeleverd. In 2024 wordt gestart met de uitwerking van de plannen voor fase 2, in totaal 425 woningen bestemd voor verschillende doelgroepen en woning categorieën. De start bouw is voorzien voor begin 2025 en wordt gedurende 5 jaar gefaseerd gerealiseerd. Daarnaast onderzoeken we in de kernen Gerwen en Nederwetten in een participatief proces naar nieuwe kansrijke woningbouwlocaties voor de korte en lange termijn. De uitvoering van de huisvesting voor Sinti aan de Bosweg krijgt in 2025 verder vorm. Daarnaast wordt er een start gemaakt met de herontwikkeling van de locatie Kremersbos.
Opvang vluchtelingen: Sinds januari 2024 worden in de binnentuin van het gemeentehuis tijdelijk 50 vluchtelingen in de noodopvang gehuisvest (CNO). In maart 2024 heeft de raad een besluit genomen voor meerjarige opvang van vluchtelingen aan de Pastoorsmast (AZC). De verdere voorbereiding en uitvoering hiervan zal in de beleidsperiode plaats gaan vinden. Datagestuurd/-gericht werken Goede en tijdige beschikbaarheid van data maakt een steeds belangrijker onderdeel uit van ons werk. Het vereist dat wij het databeheer goed in de organisatie moeten borgen door onder andere uniforme afspraken over het verzamelen, ordenen en opslaan van gegevens vast te leggen waardoor we een gewenst kwaliteitsniveau van onze data kunnen realiseren. Door adequaat databeheer is het mogelijk data-analyses uit te voeren waardoor het mogelijk is om trends te vinden en bedrijfsprocessen te optimaliseren. Het vormt een belangrijk instrument om de kwaliteit van onze dienstverlening te verhogen en maakt het mogelijk om de VTH-taken op basis van analyses efficiënter en effectiever uit te voeren. Het proces om te komen tot een adequaat databeheer zal de aankomende jaren verder geoptimaliseerd worden. De “Brabantse norm weerbare overheid” is een gezamenlijke aanpak voor alle Brabantse gemeenten en de provincie om ondermijning en criminele activiteiten te voorkomen.
In deze handreiking worden normen gegeven om te werken aan bewustwording, informeren en het beveiligen van informatie, beleid en handhaving en een veilige werkomgeving met aandacht voor integriteit. We implementeren deze norm binnen de VTH-werkzaamheden en – werkprocessen van onze organisatie.
14
2 Visie en uitgangspunten Dit hoofdstuk geeft de visie en missie op onze uitvoering en beschrijft de uitgangspunten die wij hanteren bij onze taakuitvoering.
2.1 Visie De visie van de gemeente Nuenen voor de uitvoering van de VTH taken is:
Gemeente Nuenen zet in op integrale samenwerking en kwaliteit met urgentie, waarbij een balans tussen digitale en persoonlijke dienstverlening voorop staat. Transparantie in elk stadium van onze processen verzekert duidelijkheid en vertrouwen bij onze burgers. Korte lijnen binnen de organisatie en naar buiten toe zorgen voor efficiënte en effectieve communicatie en dienstverlening.
De dikgedrukte termen zijn hieronder uitgelegd:
15
2.2 Algemene uitgangspunten Bij het uitvoeren van onze VTH taken hanteren we de volgende uitgangspunten: ➢
Oplossingsgericht:
We handelen in de geest van de Omgevingswet en -visie en werken met een ‘oplossingsgerichte’ in plaats van ‘procedure gerichte’ aanpak en houding. Dit doen we door steeds de vraag te stellen: ‘Hoe kan het wel?’. Voor vergunningverlening betekent dit dat wij binnen wettelijke en eigen beleidsmatige kaders in het algemeen met de initiatiefnemer meedenken om eventuele belemmeringen weg te nemen. Passend bij de Omgevingswet gedachte van ‘Nee, tenzij’ naar ‘Ja, mits’. De ervaring leert dat persoonlijke benadering vaak ook de oplossingsbereidheid en de oplossingsgerichtheid vergroot.
➢
Integrale afweging en het geven van vertrouwen:
De Omgevingswet staat voor een goed evenwicht tussen het beschermen en benutten van onze omgeving onder het motto ‘ruimte voor ontwikkeling, waarborgen voor kwaliteit’ van de leefomgeving. De insteek is minder regels die meer overzichtelijk zijn en meer ruimte voor initiatieven en lokaal maatwerk. Integrale afweging van initiatieven en het geven van vertrouwen zijn sleutelbegrippen. De meerwaarde van een ontwikkeling moet centraal staan in plaats van de vraag: ‘mag het wel?’ Het gaat dan om meerwaarde voor de duurzame kwaliteit van een gebied en de meerwaarde voor de gezondheid en het welbevinden van de inwoners. Dit vraagt om een andere werk- en denkwijze van onze gemeente, maar ook van andere overheden, burgers en bedrijven bijvoorbeeld door tijdig aan te schuiven bij de omgevingstafel.
➢
Duidelijkheid (preventief gaat voor repressief)
Het succes van vergunningverlening, toezicht en handhaving staat of valt met het gedrag van bewoners en gebruikers. Communicatie speelt hierbij een belangrijke rol. Door een persoonlijke, directe en actieve communicatie blijven de lijnen kort, waardoor minder ruimte voor interpretatie of een afwachtende houding is. Communicatie is dan ook een inherent onderdeel van het handhavingsproces. Het is wenselijk dat er een verschuiving plaats vindt naar taken met meer aandacht voor ‘de voorkant’. Het doel van communicatie is om een steviger beroep te doen op de eigen verantwoordelijkheid voor veiligheid en leefbaarheid om zo (spontane) naleving van de regels te bevorderen. Daarin nemen wij het voortouw en hanteren de stelregel ‘preventief gaat voor repressief’. Het handhaven gebeurt, zo veel mogelijk, integraal en met de menselijke maat. Hiervoor maken wij gebruik van en werken wij samen met- bestaande netwerken om afspraken aan 'de voorkant' te maken en om sancties achteraf zoveel als mogelijk te voorkomen. De menselijke maat is samen met klagers en overtreders waar mogelijk zoeken naar een oplossing om een illegale situatie op te heffen. In deze gevallen zorgt het gesprek er aan de ‘voorkant’ voor dat de overtreders overtuigd worden dat ze de illegale situatie moeten opheffen zonder het opleggen van sancties.
Het uitgangspunt voor de manier waarop wij toezicht houden is 'zacht waar het kan, hard waar het moet'. Voor degene die hun verantwoordelijkheid nemen, zijn wij een deskundige gesprekspartner. Maar wie zich niet aan de regels houdt, pakken we aan. We nemen direct maatregelen als we tijdens een controle misstanden of (mogelijke) risico's voor de veiligheid aantreffen.
➢
Risico- en informatiegestuurd werken
Het beoordelen van vergunningsaanvragen en meldingen vindt risicogericht plaats. Dat wil zeggen dat wij steeds kijken naar waar de risico’s zich bevinden en dat op basis daarvan de beoordeling plaatsvindt. Bij de beoordeling kijken wij waar mogelijk winst valt te behalen op het gebied van veiligheid, duurzaamheid en/of leefbaarheid. Toezicht en handhaving vindt risico- en informatiegestuurd plaats. De gemeente analyseert alle beschikbare informatie over specifieke onderwerpen, locaties en doelgroepen en bepaalt daarmee welke acties er ondernomen moeten worden. Op basis van informatie van meldingen van inwoners, informatie van partners en informatie uit eigen waarnemingen houdt de gemeente toezicht op het veld. Voordat toezichthouders het veld ingaan, weten zij al waar zij (met nadruk) op moeten letten.
16
3 Doelstellingen De strategische doelstellingen van de gemeente Nuenen zijn onderverdeeld in een algemene U&H doelstelling (gebaseerd op de Omgevingswet) en een drietal kwaliteitsdoelstellingen voortkomend uit de gemeentelijke verordening Uitvoering en handhaving Omgevingsrecht gemeente Nuenen. De doelstellingen zijn SMART geformuleerd. In hoofdstuk 4 is de koppeling met de probleemanalyse VTH gemaakt. Daar staat welke activiteiten bijdragen aan het realiseren van deze doelstellingen. Door het maken van deze koppeling is de beleidscyclus sluitend, operationaliseren we de kwaliteit en realiseren we de meetbaarheid van de doelstellingen.
3.1 Algemene doelstelling De centrale doelstelling van de Omgevingswet, beschreven in paragraaf 1.2, hebben we vertaald naar onze gemeente en leidt tot het streven naar de volgende doelstellingen. Zie tabel hieronder:
Algemeen U&H doel
Doelstelling 2024-2028
Veiligheid
Periodiek houden wij samen met de VRBZO integraal risicogericht toezicht op vooraf afgesproken (categorieën) bouwwerken. Bij de uitvoering van de VTH-taken richten wij ons op de zaken waar de risico’s het grootst zijn.
De doelstelling van veiligheid is het beperken van de risico’s op het gebied van constructieve-, brand-, gebruiks- en omgevingsveiligheid.
Vergunningverlening vindt plaats volgens de Preventie- en Vergunningenstrategie (zie bijlage 2A en 2B) Wij houden risico-gestuurd toezicht en handhaving op de fysieke leefomgeving en maken overtredingen op de meest efficiënte wijze ongedaan en handelen meldingen (=klachten en handhavingsverzoeken) daarover af conform de vastgestelde strategieën (zie Bijlage 2 C t/m F). We bestrijden illegale (ver)bouw en strijdig gebruik met de in het omgevingsplan vastgelegde functies (o.a illegale bewoning, illegale bedrijven etc.) met het oog op brandveiligheid, constructieve veiligheid en omgevingsveiligheid). Dit doen wij door in alle gevallen conform onze toezicht- en sanctiestrategie (Bijlage 2C t/m F) te handelen.
Gezondheid
De doelstelling van gezondheid is het streven naar een leefomgeving waar gezondheid voor een ieder tot de basiswaarden behoort en in balans is.
We vergunnen onze aanvragen, voor wat betreft de toets aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) risicogestuurd conform het toetsprotocol Bbl (zie bijlage 2B). Afhankelijk van het soort gebouw en het gebruik ervan (hoger of lager gezondheidsrisico) vindt een diepere of lagere toetsing op de gezondheidseisen uit het Bbl plaats. Dit geldt ook voor toezicht en handhaving. Toezicht vindt risico gestuurd plaats conform het toezichtsprotocol Bbl (zie bijlage 2C).
We zorgen ervoor dat de huidige situatie met betrekking tot alcoholgebruik onder jongeren behouden blijft of verbetert. Dit betekent dat wij in eerste instantie inzetten op preventie en in tweede instantie op het uitvoeren van controles.
Omgevingskwaliteit
Voorkomen en bestrijden van illegale (ver)bouw en strijdig gebruik van de in het omgevingsplan vastgelegde functies met oog voor het behoud van cultureel erfgoed en bestaande (landschappelijke) waarden.
17
We beperken de overlast en/of de effecten daarvan voor omwonenden.
De doelstelling van omgevingskwaliteit is het beperken en/of voorkomen van aantasting van cultureel erfgoed, architectuur, stedenbouw, landschap, natuur, beleving en identiteit. Duurzaamheid
De doelstelling van duurzaamheid is het leveren van een constructieve bijdrage aan de energie transitie en verduurzaming. Natuur
We leveren een indirecte bijdrage aan de energie transitie en verduurzaming. In 2024 wordt de nieuwe nota duurzaamheid vastgesteld. Hieruit volgt een uitvoeringsplan voor de komende jaren. Op één van de bedrijventerreinen willen we een pilot starten op het gebied van grootschalige energieopslag. Op het gebied van afval willen we in 2025 het nieuwe afvalbeleid vaststellen, waarbij circulariteit het uitgangspunt is.
We verminderen overlast en zorgen dat regels nageleefd worden, zodat iedereen van de natuur kan genieten en de natuur goed beschermd blijft. Dit doen we door het toezicht in het buitengebied te behouden in deze beleidsperiode. We werken daarbij samen met onze samenwerkingspartners en stemmen de controles met elkaar af.
De doelstelling van natuur is om overlast te verminderen en ervoor te zorgen dat regels nageleefd worden.
3.2 Kwaliteitsdoelstellingen Cruciaal voor het leveren van kwaliteitsproducten is de beschikbaarheid van vakmanschap en expertise en de borging van de kwaliteit. Als kwaliteitsafspraken niet worden vastgelegd, gemonitord en gerapporteerd is er een sterke mate van afhankelijkheid van de individuele medewerker. Kwaliteit is (1) het realiseren van de afgesproken doelstellingen en (2) het voldoen aan de wettelijke eisen. In
18
de verordening Uitvoering en handhaving Omgevingsrecht gemeente Nuenen is een verplichting opgenomen om doelen uit te werken op de volgende onderwerpen. Zie de tabel hieronder:
19
4 Probleemanalyse VTH Het doel van de probleemanalyse is om sturing te geven aan de inspanningen van het toezicht en de handhaving. De probleemanalyse vormt daarmee de basis voor het stellen van prioriteiten, het formuleren van doelstellingen en het uiteindelijk vaststellen van een uitvoeringsprogramma. De probleemanalyse bestaat uit een omgevingsanalyse (beschrijvend gedeelte) en een risicoanalyse (cijfermatig gedeelte). De omgevingsanalyse richt de blik naar buiten, op de omgeving waarbinnen VTH werkzaam is en beschrijft relevante trends, gebeurtenissen en transities die een invloed hebben op de VTH-werkzaamheden in de komende beleidsperiode.
4.1 Omgevingsanalyse In de omgevingsvisie is een uitgebreide omgevingsanalyse gemaakt van de gemeente Nuenen c.a.. Hier volgt een korte uitwerking hiervan. De gemeente Nuenen c.a. bestaat uit de drie kerkdorpen Nuenen, Gerwen en Nederwetten en een aantal buurtschappen, waarvan Eeneind de grootste is. Hier ligt ook het bedrijventerrein Eeneind. In totaal ligt in de gemeente ± 80 ha bedrijventerreinen, voornamelijk voor kleine bedrijven. Er wonen ruim 24.000 inwoners in gemeente Nuenen c.a.. Nuenen ligt midden in de Brainportregio. De grootstedelijke dynamiek is altijd dichtbij maar tegelijkertijd ook ver weg. Dichtbij, omdat Eindhoven en Helmond met hun voorzieningen op een steenworp afstand liggen en goed bereikbaar zijn. Ver weg, omdat van de stedelijke hectiek weinig is te merken door de groene omgeving, die als buffer werkt. Nuenen ligt in een omgeving met prachtige bossen en weiden. Onze gemeente heeft een rijk verleden en er is nog veel erfgoed dat daaraan herinnert. Samen met de regio-archeoloog van de Omgevingsdienst Zuid Oost Brabant, leden van de Heemkundekring De Drijehornick en leden van de klankboordgroep Erfgoed is alle beschikbare informatie samengebracht in de Beleidsnota Erfgoed: archeologie, gebouwd erfgoed en historisch landschap Gemeente Nuenen 2023-2029. Op de website van de Omgevingsdienst Zuid Oost Brabant vindt u de Interactieve erfgoedkaart van Nuenen.
De erfgoedkaart geeft met de archeologische verwachtingen- en waardenkaart en de cultuurhistorische waardenkaart, een compleet overzicht van de waardevolle archeologische en cultuurhistorische gebieden en structuren binnen de gemeente Nuenen, zie externe link:https://odzob.nl/kaartenerfgoed-archeologie. Het is de bedoeling om de waardenkaarten op te nemen in het nog te ontwikkelen Omgevingsplan
De gemeente Nuenen c.a. kent rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en een beschermd gezicht. Nuenen is een bijzonder dorp en een gewilde woongemeente. Rondom het oude centrum met
20
zijn historische kwaliteiten zijn er aantrekkelijke woonwijken gebouwd, ruim opgezet en met veel groen. Daarnaast bieden de oorspronkelijke agrarische kernen Nederwetten, Gerwen en Eeneind een landelijke woonomgeving voor een deel van de inwoners. Ieder deel van het dorp heeft eigen ruimtelijke kwaliteiten. Variatie in het type bebouwing, de hoeveelheid groen, grote bomen, doorzichten of mooie straten zorgen voor verschillende sferen binnen het dorp. Naast kwaliteiten zijn er op sommige plekken in Nuenen ook verbeterpunten, zoals daar waar de openbare ruimte vooral bestaat uit geparkeerde auto’s, de kwaliteit van het groen afneemt, of er te weinig onderscheid is in de architectuur. Tegelijkertijd staat de gemeente voor een aantal opgaves die aanleiding kunnen zijn om aanpassingen te doen in deze buurten. Er is een grote behoefte aan woningen en Nuenen moet tot 2030 nog een groot aantal woningen bouwen als onderdeel van de regionale bouwopgave. Tegelijkertijd wil de gemeente dat het dorpse karakter behouden blijft, met duidelijke grenzen voor hoogbouw. De belangrijke kernkwaliteiten in de omgevingsvisie die uit het participatietraject naar voren zijn gekomen, zijn: groen, dorps, rustig en gezellig. “Houd Nuenen zoals het is”, is in essentie de boodschap die door de Nuenense samenleving is meegegeven.
4.2 Risicoanalyse VTH Naast de omgevingsanalyse vormt de risicoanalyse een onderdeel van de probleemanalyse. Wij hebben gekozen voor een kwalitatieve risicomethode. Deze kwalitatieve risicomethode is gebruikt om een integrale risicoanalyse uit te voeren, die uiteindelijk leidt tot een prioriteitstelling ten behoeve van het jaarlijks op te stellen integrale vergunning-, toezicht- en handhavingsprogramma (VTHprogramma). Beleid opstellen betekent keuzes maken. Het stellen van prioriteiten heeft dus als doel het bepalen van die problemen/overtredingssoorten die in potentie risicovol zijn en waar derhalve het meeste toezicht op moet worden gehouden vanuit de overheid. Een door het bestuur vastgestelde risicoanalyse levert inzicht in de benodigde menskracht en middelen, gebaseerd op de risico’s van activiteiten, op de specifieke lokale situatie en de ambities van het bestuur. In deze benadering komen de door de experts belangrijk gevonden onderwerpen naar boven. In de tabellen is dan ook geen opsomming opgenomen van alle activiteiten die binnen een VTH-taak aan de orde zijn, maar alleen die activiteiten die de experts aanmerken als risico voor de komende jaren. De risicoanalyse is uitgevoerd per domein van de VTH-taken (Bouwen, Slopen, Erfgoed, RO, APV en Bijzondere wetten).
In bijlage 4A ‘Handleiding Risicoanalyse‘ is een toelichting opgenomen van de uitgevoerde risicoanalyse, waarin nader wordt ingegaan op de gebruikte methode, de begrippen en de wijze waarop aan deze begrippen getalsmatig waarden zijn toegekend. De uitkomst is een risicoscore: ‘laag’, ‘gemiddeld’, ‘hoog’ en ‘zeer hoog’.. Een weergave van de uitkomsten van de ingevulde risicomatrix is opgenomen in bijlage 4B ‘Uitkomsten risicoanalyse’. Onderhavige risico-analyse ziet niet op de milieutaken van de gemeente. Deze worden door de ODZOB uitgevoerd en zij hebben een regionale omgevingsanalyse en een risicoanalyse voor de basistaken (milieutaken) uitgevoerd. Het domein ‘Brandveiligheid’ is in regionaal verband door de veiligheidsregio VRBZO uitgevoerd.
4.3 Prioriteitstelling VTH In deze paragraaf is vastgelegd welke prioriteiten de gemeente Nuenen aan de vergunning-, toezichten handhavingstaken (VTH) toekent. De inschatting van de risico’s voor de leefomgeving is richtinggevend voor de prioriteiten die worden gesteld bij het stimuleren en/of afdwingen van het naleefgedrag. In onderstaande tabel zijn de zeer hoge en hoge prioriteiten weergegeven. Deze taken hebben de hoogste prioriteit omdat deze taken scoren als een zeer hoog/hoog risico. De prioriteiten die gemiddeld en laag scoren zijn weergegeven in bijlage 4B.
21
De toegekende prioriteit is bepalend voor de mate waarin wij toezichtactiviteiten in beginsel uitvoeren. Bij een zeer hoge en hoge prioriteit voeren wij actief toezicht uit en krijgt de afhandeling van signalen voorrang op andere werkzaamheden. Bij een gemiddelde prioriteit handelen wij signalen af afhankelijk van de aard en omvang van de klacht en kunnen wij planmatig toezicht uitvoeren. Bij een lage prioriteit voeren wij in beginsel passief toezicht uit. Voor de mate van inzet van het VTH instrumentarium betekent de prioritering het volgende: Prioriteit
Mate van VTH inzet
Zeer Hoog
(Pro)actief
• •
hoog
Actief
• •
Gemiddeld
Actief en/of passief
• •
Laag
Passief
•
•
Afhandeling van signalen bij activiteiten met een zeer hoog risico (klachten, meldingen en handhavingsverzoeken) krijgt voorrang op andere werkzaamheden. De gemeente neemt initiatief tot controles op deze activiteiten met een zeer hoog risico, ook als geen signalen (klachten, meldingen of handhavingsverzoeken) zijn ontvangen. Afhandeling van signalen bij activiteiten met een hoog risico (klachten, meldingen en handhavingsverzoeken) krijgt voorrang op andere werkzaamheden. Planmatig toezicht op een specifiek thema, doelgroep of gebied behoort tot de mogelijkheden. Signalen bij activiteiten met een gemiddeld risico (klachten, meldingen en handhavingsverzoeken) worden afhankelijk van aard, ernst en omvang afgehandeld. Planmatig toezicht op een specifiek thema, doelgroep of gebied behoort tot de mogelijkheden Signalen bij activiteiten met een laag risico (klachten, meldingen of handhavingsverzoeken) worden niet of niet direct afgehandeld, tenzij acuut ingrijpen noodzakelijk is. We informeren waar mogelijk de betrokkenen hierover. Signalen kunnen worden gebundeld (om informatie over problematiek op te bouwen) en daarna mogelijk tijdens planmatig toezicht (themadoelgroep- of gebiedsgericht) worden opgepakt.
22
4.3.1 Totstandkoming prioritering Bij het vaststellen van de prioriteiten nemen de risico’s (uitkomst risicoanalyse bijlage 4B) een belangrijke plaats in. De gedachte daarbij is dat interne en externe risico’s die de gemeente loopt bij het niet uitvoeren van haar handhavingstaken in belangrijke mate de bestuurlijke aandacht voor een onderwerp zullen bepalen. Het benoemen van risico’s en het afwegen hiervan is dan ook een belangrijke stap naar een organisatie waarin de intensiteit van toezicht en handhaving een directe relatie heeft met de kans dat een probleem zich voordoet en de ernst van de mogelijke gevolgen bij het niet uitvoeren van deze taken. Daarbij moet worden onderkend dat ondergeschikte risico’s hoog op de politieke agenda kunnen staan, omdat maatschappelijke en/of politieke opvattingen daartoe dwingen. Ook kunnen ondergeschikte taken die veel voorkomen tot problemen leiden, waardoor een gestructureerde aanpak om die reden nodig is. Beeldvormende avond raad: Een afvaardiging van alle 7 fracties van de gemeenteraad hebben op 14 maart 2024 een beeldvormende avond bijgewoond waarbij de hoogste risico’s uit de risicoanalyse zijn gepresenteerd en de raadsleden in de gelegenheid zijn gesteld deze risico’s te prioriteren. Middels een ‘wild kaart’ kon, desgewenst, per fractie ook een prioriteit worden benoemd die niet als hoogste risico uit de risicoanalyse is gekomen.
In onderstaande tabellen is de uitkomst hiervan weergegeven.
Hieruit blijkt dat de geprioriteerde risico’s overeenkomen met de hoogst scorende risico’s uit de risicoanalyse. Uitzondering hierop is de ingebrachte Wild kaart ‘ losse drugsverkoop aan veelal jongeren in nabijheid van scholen en openbare ruimtes, zoals parkeerplaatsen bij sportclubs’. De prioritering wordt verder uitgewerkt in het jaarlijks op te stellen uitvoeringsprogramma VTH.
23
5. Uitvoerings- en handhavingsstrategie In bijlage 2A t/m 2F worden de strategieën weergegeven die de gemeente in deze beleidsperiode (2024-2028) hanteert voor de uitvoering van de taken vergunningverlening, toezicht en handhaving in de fysieke leefomgeving. Hiermee voldoet de gemeente aan de verplichting in artikel 13.5 en 13.6 van het Omgevingsbesluit.
Uitvoerings- en Handhavingsstrategie Nuenen 2024-2028
Preventiestrategie
Voorkomen
Vergunningenstrategie
Toezichtstrategie
Sanctiestrategie
Gedoogstrategie
Reguleren
Controleren
Optreden
gemotiveerd accepteren
Bijlage 2A
Bijlage 2B
Bijlage 2C
Bijlage 2D
Bijlage 2F
Bijlage 2DB Bijlage 2A
Bijlage 2B
Bijlage 2C
Strategie Meldingen en Handhavingsverzoeken Bijlage 2E
Preventiestrategie De preventiestrategie beschrijft hoe overtredingen van wet- en regelgeving kunnen worden 2E voorkomen. Communicatie en voorlichting spelen een grote rol. De Bijlage preventiestrategie is vooral gericht op het vergroten van de bewustwording van inwoners en bedrijven dat zij zélf verantwoordelijk zijn voor het naleven van wet- en regelgeving. Bekendheid met de regels vormt immers de basis voor het naleven van regels.