CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-14 Raadsinformatiebrief Woondeal Zuidoost-Brabant - Bijlage 2 - Regionale Woondeal Zuidoost-Brabant

Gemeenteraad 16 maart 2023, gemeente NuenenBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven14.044 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

• De Stuurgroep Basisnet is daarvoor het meest aangewezen overleg omdat dit in meer regio’s speelt. In de Stuurgroep kan worden afgesproken om punten in andere bestuurlijke overleggen te agenderen; zoals in het BO Leefomgeving Zuid 2023. Begin 2023 worden in de Stuurgroep de verschillende perspectieven en kaders besproken voor goederenvervoer en op het terrein van ruimtelijke ordening. Op basis daarvan worden de mogelijkheden besproken om tot een gezamenlijk handelingsperspectief te komen. Ook in de Tweede Kamer is aandacht voor de spanning tussen de woningbouwopgave en het spoorgoederenvervoer en in het bijzonder het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor. Zo is de motie van Minhas, Van Ginneken en Geurts (Kamerstukken II 29984, nr. 1083) met algemene stemmen aangenomen. In die motie vraagt de Kamer de regering om in overleg met medeoverheden te komen tot nieuw beleid voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor door stedelijk gebied, teneinde de veiligheid van omwonenden langs het spoor te garanderen. Ook ligt er de met algemene stemmen aangenomen motie Bouchallikh en De Hoop van 26 januari 2023 (Kamerstukken II 29984, nr.

1085) die de regering vraagt te onderzoeken in hoeverre vervoerders gestimuleerd kunnen worden zo veel mogelijk gebruik te maken van minder dichtbevolkte routes en andere modaliteiten teneinde een veilig vervoer van gevaarlijke stoffen te realiseren en aandacht te hebben voor de uitdagingen voor de woningbouwopgave nabij het spoor. Aan de regionale versnellingstafel voor de MRE signaleren en bespreken we eventuele knelpunten in concrete woningbouwlocaties en -projecten en zoeken we samen naar mogelijke oplossingen (zie afspraak 3.4). Zoals opgenomen onder hoofdstuk 11 van deze woondeal zal het Rijk zich in de volle breedte inspannen om de kritische succesfactoren te adresseren. Woensel Zuid In de Woondeal SGE 2019 is aandacht voor wijkvernieuwing in het stedelijk focusgebied Woensel Zuid. Woensel Zuid ligt ten noorden van het centrum van Eindhoven en telt ruim 40.000 inwoners. Na een bijdrage vanuit het Volkshuisvestingsfonds in 2021 voor een 3-tal projecten in het gebied, heeft de bestuurlijke focus geholpen om opnieuw stappen te kunnen zetten. Ons doel is dat Woensel Zuid over 20 jaar een plek is waar je fijn kunt wonen en waar inwoners dezelfde kansen hebben als in de rest van de stad. Samen willen we dat waarmaken.

In navolging van de afspraken vanuit de Woondeal SGE 2019 én door verschillende (sociaal-maatschappelijke) ontwikkelingen wordt eind Q1 2023 het Pact Woensel Zuid afgesloten (NPLV). Met dit Pact gaan de betrokken gebiedspartners, gemeente en Rijk, vanuit een Alliantieraad, een belangrijke rol spelen om over 20 jaar de ambities en doelen van het Pact te gaan realiseren. We streven naar een

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-23-

divers woningaanbod in het stadsdeel. Voor alle doelgroepen moeten er passende woonplekken zijn en mensen met verschillende inkomens leven samen in één buurt. Met de Alliantie Pact Woensel Zuid willen we de energie van inwoners en ondernemers benutten en kansen creëren. We zorgen dat wat goed gaat, goed blijft gaan. En waar het Pact een extra doorbraak kan geven, doen we dat. Dit kan betekenen dat we bestaande activiteiten ondersteunen waar nodig of nieuwe activiteiten starten. Daarbij maken we gebruik van de financiële mogelijkheden die vanuit het Rijk in relatie tot het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid beschikbaar zijn.

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-24-

10. Samenwerking en sturing A. Uitvoeringsafspraken Partijen stellen met elkaar in Q2 2023 een uitvoeringsprogramma op om de afspraken uit de woondeal te realiseren. Daarbij wordt onder andere benoemd, welke partij verantwoordelijk is, welke partijen worden betrokken en wanneer de betreffende actie wordt uitgevoerd. Met de woondeal wordt de basis gelegd voor een langjarige (t/m 2030) samenwerking tussen Rijk, provincie, gemeenten en corporaties. Dit partnerschap is van groot belang om uitvoering te geven aan versnelling van de complexe woonopgave. We maken daarom – naast de afspraken over de woningbouwopgave - ook afspraken over onderstaande elementen, de governance: • Monitoring en rapportage om zicht te houden op de voortgang. Belangrijk aandachtspunt hierbij is het voorkomen van dubbele monitoring door gebruik van verschillende systemen naast elkaar. • De overlegstructuur om de voortgang en eventuele knelpunten te bespreken. • Het indien nodig oplossen van belemmeringen en nemen van besluiten

B. Monitoring en bespreking voortgang 10.1 De voortgang ten aanzien van de wederkerige bestuurlijke afspraken wordt gemonitord met de interbestuurlijke landelijke monitor voortgang woningbouw. Daarover is bestuurlijk afgesproken dat het doel van de monitor is enerzijds het voorzien van de (semi)overheden in informatie over plancapaciteit (woningbouwplannen), de voortgang van de woningbouw en opgeleverde (gerealiseerde) woningen. Anderzijds draagt de monitor bij aan inzicht in eventuele knelpunten en in informatie in verband met voor de woningbouw noodzakelijke opgaven ten einde deze te kunnen oplossen. Voor de monitoring is het relevant dat er overeenstemming is over de te gebruiken definities en dat (eenduidige en betrouwbare) data beschikbaar zijn voor relevante indicatoren (onder andere gerealiseerde sociale woningen). Het Ministerie BZK zet zich hiervoor in, in afstemming met provincies en gemeenten. 10.2 Om gezamenlijk zicht te houden op de voortgang van de uitvoering van de voorliggende bestuurlijke afspraken vindt er regulier overleg plaats tussen vertegenwoordigers van het Ministerie van BZK, de provincie, gemeenten en corporaties. 10.3 De frequentie van het regulier overleg over de voortgang van de woningbouw op ambtelijk niveau tussen accounthouders vanuit het Ministerie van BZK en provincie wordt nader bepaald in overleg met provincie en gemeenten.

Bij deze woondealregio met een zeer complexe opgave geldt dat er een regulier overleg op ambtelijk niveau is tussen het Ministerie van BZK, de provincie en afgevaardigden vanuit gemeenten en corporaties. Een overleg tussen de directeur Woningbouw van BZK en directeuren en/of opgavemanagers van provincie vindt vier keer per jaar plaats. Afgevaardigden uit de woondealregio’s waar het Ministerie van BZK op ambtelijk niveau aan tafel zit, sluiten aan bij dit provinciale overleg. Er vindt twee keer per jaar een bestuurlijk overleg plaats tussen de minister voor VRO en een afvaardiging van het college van GS. 10.4 De afspraken worden jaarlijks herijkt. Daarbij worden de nieuwste prognoses van de woningbouwbehoefte tot en met 2030 betrokken. Deze worden periodiek geactualiseerd. De richtinggevende doelstellingen voor de woningbouwproductie per jaar tot en met 2030 worden bijgewerkt op basis van deze prognoses, de gerealiseerde bouwproductie en ontwikkeling van de woningvoorraad. In 2023 wordt de herijking gepland na het beschikbaar komen van de volgende

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-25-

prognose van de woningbouwbehoefte en het provinciaal ruimtelijk arrangement, waarbij in de herijking ook randvoorwaarden zoals water en bodem, stikstof, geluid aan bod kunnen komen. Daarnaast wordt in 2023 eenmalig een tussenbalans opgemaakt ten aanzien van het provinciale aandeel in de nationale opgave na het afsluiten van de woondeals. Waar nodig wordt deze tussenbalans bestuurlijk besproken. 10.5 In de herijking wordt geëvalueerd in hoeverre de inzet van gemeenten en corporaties, voor de realisatie van sociale huurwoningen en middenhuurwoningen, wordt gehaald. Partijen hebben daarbij aandacht voor de realisatie en de financiële ruimte. 10.6 Vanuit de taskforce nieuwbouw woningcorporaties en tafels als de landelijke versnellingstafel agenderen partijen waar nodig eventuele knelpunten in ambtelijke en directeuren en bestuurlijke overleggen.

C. Belemmeringen oplossen en besluiten nemen 10.7 Doel is door monitoring en intensief en kortcyclisch ambtelijk en bestuurlijk overleg goed zicht te krijgen en te houden op de uitvoering. Hierdoor signaleren we vroegtijdig wanneer de voortgang van de woningbouw en de uitvoering van de bestuurlijke afspraken stokt. Wanneer (gezamenlijk) wordt geconstateerd dat de voortgang stokt, stellen we gezamenlijk vast wat de achterliggende oorzaken daarvan zijn (fact finding). Op basis daarvan worden de benodigde en gewenste acties in gang gezet. Hierbij kan ondersteuning worden ingeschakeld van de landelijke versnellingstafel, verstedelijkingstafel, tafels van andere ministeries of via onder andere de taskforce nieuwbouw woningcorporaties of expertteams. Uitgangspunt is dus: ‘’los het op, of schaal het op’’. 10.8 Hierbij kunnen bestuurlijke of in het uiterste geval juridische interventies nodig zijn. Bestuurlijk overleg blijft het uitgangspunt. Juridische interventie vindt plaats door de naastgelegen overheid in aansluiting bij het huis van Thorbecke. 10.9 Via de woondeals kunnen alle partijen die in de keten zijn betrokken bij de woningbouw - zoals marktpartijen, corporaties, zorgkantoren - hun knelpunten agenderen. Dit kan ook via andere tafels zoals de taskforce nieuwbouw woningcorporaties en de landelijke versnellingstafel.

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-26-

11. Kritische succesfactoren en ondersteuning De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening spant zich maximaal in om samen met de verantwoordelijke collega-ministeries de kritische succesfactoren in relatie tot woningbouw aan te pakken. In het geval het creëren van de juiste randvoorwaarden onder de verantwoordelijkheid van een ander Ministerie valt, geldt dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties fungeert als ‘toegangspoort’ naar het Rijk. Voor gebieds- of locatie-specifieke knelpunten wordt via de regionale versnellingstafel en/of het expertteam woningbouw aan oplossingen gewerkt. De landelijke versnellingstafel is opgericht voor alle boven regionale problematiek waar een oplossing voor moet worden gevonden. Dit team zorgt ervoor dat de juiste experts en ministeries worden aangesloten om gezamenlijk de problematiek te analyseren en zoeken naar een oplossing. Via de regionale versnellingstafel worden problemen en mogelijke oplossingen aangedragen voor de landelijke versnellingstafel. Financiële ondersteuning • BZK levert via de eerste vier tranches van de Woningbouwimpuls een bijdrage van €61.527.295 mln. aan de bouw van 8.543 woningen in de MRE.

• BZK en regio hebben op het BO-MIRT 2022 afspraken gemaakt over investeringen in de HOV4 (rijksbijdrage €132 mln) en Multimodale Knoop (rijksbijdrage € 469 mln), De investeringen in de Multimodale Knoop dragen bij aan de bouw van bijna 5.000 woningen tot en met 2030 en nog eens bijna 5.000 woningen na 2030. De investering in de HOV4 draagt direct bij aan de realisatie van circa 11.400 nieuwe woningen, waarvan ruim 6.500 woningen tot en met 2030 (en bijna 5.000 woningen in de periode daarna) en versterkt de verbinding van centrum met de economische toplocaties. • Eind 2022 is er een Specifieke Uitkering gedaan door het Rijk ten bate van het opstellen en uitvoeren van de Woondeals. De middelen worden per provincie verdeeld en via hen zal het doorstromen naar de betreffende woondealteams. De provincie Noord-Brabant heeft €475.000 ontvangen in december 2022. Voor de jaren 2023 t/m 2025 zijn soortgelijke bedragen toegezegd. • De volgende tranche van de woningbouwimpuls: kleine kernen kunnen op basis van de 5e tranche WBI ook gezamenlijk een aanvraag indienen voor projecten van minimaal 200 woningen (was 500). In woondeal-verband wordt het ook makkelijker om samen een aanvraag in te dienen. RVO ondersteunt de aanvragers via de Impulskamer.

Capaciteit Raad van State en ambtelijke capaciteit • Door alle fasen en in alle onderzoeken wordt herkend dat de beschikbare personele capaciteit een belangrijke reden voor vertraging is in de woningbouw productie. Het gaat daarbij niet alleen om een kwantitatief probleem (aantal mensen), maar ook om gebrek aan kennis en (proces)kunde. • We brengen samen met medeoverheden, woningcorporaties en marktpartijen mogelijkheden in beeld om de beschikbare capaciteit zo efficiënt mogelijk in te zetten, ondersteund door een gezamenlijk uit te voeren onderzoek. • Het Expertteam Woningbouw van RVO heeft een loketfunctie waar gemeenten, provincies en woningcorporaties terecht kunnen met vragen over ondersteuning (woningbouw@rvo.nl). Dit Expertteam beschikt over (o.a. juridische) experts die medeoverheden en woningcorporaties kunnen bijstaan met onafhankelijk advies en praktische ondersteuning. Deze experts kunnen in een periode van 6 tot maximaal 12 maanden meerdere malen kortstondig worden ingezet om een concreet woningbouwproject te versnellen. We onderzoeken hoe we de loketfunctie kunnen versterken, zodat gemeenten, provincies en woningcorporaties het Expertteam Woningbouw beter weten te vinden met hun vragen. • Door middel van de Flexpoolregeling kunnen provincies aan de slag met het opstellen van een regionale of provinciale pool van professionals die voor langere tijd kunnen worden

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-27-

• • •

ingezet. Provincies en gemeenten kunnen de bijdrage besteden aan capaciteit in de voorfase van woningbouw- en herstructureringsprojecten en het opstellen van integrale woon-zorgvisies. Zo kunnen zij bijvoorbeeld projectleiders, stedenbouwkundigen of planeconomen inhuren en deze ter beschikking stellen aan gemeenten waar een tekort aan ambtelijke capaciteit een knelpunt vormt. BZK keert hiervoor een bedrag uit van circa €5,1 miljoen voor de jaren 2023 en 2024, dat via de provincie beschikbaar wordt gesteld. De komende periode gaan we aan de slag om deze flexpoolfunctie samen met de provincies te versterken. Er is voor vier jaar extra budget van 3 miljoen euro voor uitbreiding van de capaciteit van de Afdeling bestuursrechtspraak (voor de Omgevingskamer) beschikbaar gesteld. Knelpunten als gevolg van gebrek aan capaciteit en expertise bij mede-overheden en Raad van State worden geagendeerd op de woontafels. Desgewenst kan via de regionale versnellingstafel de landelijke versnellingstafel worden ingezet.

Stikstof • De uitspraak over de bouwvrijstelling was een tegenslag voor de woningbouwopgave. Het betekent zeker niet dat het land ‘op slot gaat’. Grote projecten moesten vaak al deposities berekenen, beoordelen en compenseren. De stikstofdepositie in de gebruiksfase (bovenal door verkeersstromen) is daar immers ook groot. Kleinere projecten zullen veelal doorgang kunnen vinden. Hun stikstofdeposities zijn klein en kortstondig, en daarmee veelal niet vergunningplichtig. Wel moeten initiatiefnemers als gevolg van de uitspraak berekeningen uitvoeren en ecologisch beoordelen om vast te stellen of de activiteit vergunningplichtig is. Dit leidt tot vertraging en toename van kosten, wat wordt versterkt door capaciteitstekorten bij onderzoeksbureaus en overheden. • Met de stikstofbrief van 25 november 2022 is veel duidelijk geworden. Er is een aanpak voor piekbelasters, die gericht is op een directe forse reductie van uitstoot én een blijvend dalende lijn. Zodat de natuur herstelt en meer ruimte ontstaat voor PAS-melders en vervolgens voor nieuwe maatschappelijke en economische ontwikkelingen. • Het Stikstofregistratiesysteem (SSRS) is en blijft een belangrijk instrument om stikstofruimte die vrijkomt centraal te registreren en gericht toe te wijzen aan woningbouwprojecten. • Ook stimuleren we schoon en emissieloos bouwmaterieel met 400 mln. euro. (bovenop de 500 mln.

euro die al beschikbaar was). • Op de korte termijn (beoogde oplevering eerste kwartaal 2023) werken we aan de standaardisatie van berekeningen d.m.v. kengetallen/ vuistregels. Dit met als doel om de administratieve lasten voor initiatiefnemers, die als gevolg van de extra onderzoeksplicht ontstaan, zoveel mogelijk te beperken. Een volgende stap is om deze standaardisatie te formaliseren in regelgeving. We onderzoeken hoe we door het breder beschikbaar maken van kennis en kunde capaciteitsproblemen bij gemeenten, provincies en onderzoeksbureaus het hoofd kunnen bieden. Op de langere termijn kan vereenvoudiging van het stelsel van vergunningverlening verhelpen dat kleine woningbouwprojecten vergunningplichtig zijn. • Stikstof knelpunten en vraagstukken bij de ontwikkeling van locaties kunnen worden geadresseerd aan de regionale en/of landelijke versnellingstafel. Energie-infrastructuur • Met EZK kijken we of en waar er in het netwerk moet worden geïnvesteerd, zodat de woningbouw en de voorzieningen in wijken geen vertragingen oplopen. • De Provinciale tafels Meerjarenprogramma Infrastructuur Economie en Klimaat (P-MIEK) worden benut om knelpunten ten aanzien van het netwerk en het aansluiten aan de orde te stellen. Mocht er een te grote netwerkvraag zijn om op te lossen in de P-MIEK overleggen, dan wordt het geagendeerd bij het landelijke MIEK overleg.

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-28-

Water en bodem sturend In de water en bodem brief van 25 november 2022 is aangegeven dat IenW en BZK gezamenlijk een richtinggevend kader ontwikkelen, in overleg met mede-overheden. Doel van dit kader is om ondersteuning te bieden aan het regionale proces en om een bewuste afweging te maken over waar wordt gebouwd gegeven het water en bodem systeem en de risico’s vanuit wateroverlast, overstromingen, bodemdaling en drinkwaterbeschikbaarheid. Hiermee worden water en bodem sturend bij ruimtelijke planvorming. Ook wordt binnenkort de Landelijke maatlat ‘Groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving’ gepresenteerd. • Voor bouwplannen op locaties die op dit moment al in een vergevorderd stadium van ontwikkeling zijn en waarvoor geldt dat heroverweging vanuit water en bodem tot onevenredige vertraging zou leiden, wordt het richtinggevend kader niet toegepast. Deze plannen blijven onveranderd. • Voor alle andere ontwikkellocaties wordt het richtinggevend kader toegepast, waarbij de locatiekeuze wordt geëvalueerd en lokale afwegingen en keuzes worden gemaakt voor inrichting van de locatie en de bouwwijze voor nieuwe bebouwing. • Knelpunten als gevolg van de uitgangspunten van water en bodem sturend, worden geagendeerd op de regionale woondealtafels en regionale versnellingstafel. Desgewenst kan het aan de orde worden gesteld bij de landelijke versnellingstafel.

Overig • BZK versterkt via de Wet versterking regie Volkshuisvesting het instrumentarium om in ruimtelijke plannen regels te kunnen stellen over de bouw van sociale huurwoningen en door aanscherping van de definitie van sociale huur, met als uitgangspunt dat deze langjarig betaalbaar blijft en de huisvesting van aandachtsgroepen waarborgt. • BZK werkt aan regulering van de middenhuur (Kamerbrief dd 9 december 2022). Gezamenlijk streven van Rijk en regio is om voldoende betaalbaar aanbod te realiseren en langdurig betaalbaar te houden. • BZK komt in 2023 met een brief over wetstraject grondinstrumentarium, gericht op versnelling van (betaalbare) woningbouw. • Het Rijk zal met haar grondposities en/of vastgoedbezit bijdragen aan het realiseren van de woningbouwopgave. 11.1 Het realiseren van de opgave is complex. Kritische succesfactoren dienen aangepakt te worden om de realisatie van de woningbouwopgave mogelijk te maken. Hiervoor is zowel inzet vanuit het Rijk nodig als vanuit provincie en gemeenten. Onderstaand wordt aangegeven op welke wijze Rijk en provincie ondersteunen in de realisatie van de regionale woningbouwopgave. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen locatie specifieke- en generieke ondersteuning. 11.2 Het Rijk ondersteunt in het opstellen en uitvoeren van de regionale woondeal middels procesgeld.

Dit bedrag kan onder meer gebruikt worden voor de inhuur van capaciteit om gemeenten en provincies te ondersteunen bij het opstellen en uitvoeren van de woondeals. Dit procesgeld wordt uitgekeerd via de provincies. De provincie is verantwoordelijk voor de verdeling van dit geld over de verschillende woondealregio’s. 11.3 Voor alle opgenomen (afspraken over) kritische succesfactoren geldt dat deze periodiek besproken zullen worden in de woondealoverleggen om de voortgang te monitoren. Het Rijk informeert de regio indien er nieuwe regelingen of subsidiemogelijkheden worden opengesteld. Ook dient het Rijk als vraagbaak bij eventuele onduidelijkheden omtrent de aanvraag van financiële middelen.

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

-29-

Handtekeningen Onderstaande vertegenwoordigers van de samenwerkende partijen hebben de regionale Woondeal Zuidoost-Brabant ondertekend:

Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Hugo de Jonge

Provincie Noord-Brabant Erik Ronnes

Gemeente Asten John Bankers

Gemeente Bergeijk Mathijs Kuijken

Gemeente Best Stan van der Heijden

Gemeente Bladel Davy Jansen

Gemeente Cranendonck Karel Boonen

Gemeente Deurne Marinus Biemans

Gemeente Eersel Steven Kraaijeveld

Gemeente Eindhoven Mieke Verhees

Gemeente Geldrop-Mierlo Marc Jeucken

Gemeente Gemert-Bakel Hanneke Coppens

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

handtekeningen

Gemeente Heeze-Leende Robert Groenewoud

Gemeente Helmond Gaby van den Waardenburg

Gemeente Laarbeek Ron van den Berkmortel

Gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten Ralf Stultiëns

Gemeente Oirschot Joep van de Ven

Gemeente Reusel-de Mierden Frank Rombouts

Gemeente Someren Louis Swinkels

Gemeente Son en Breugel Jelle de Jong

Gemeente Valkenswaard Bram Bots

Gemeente Veldhoven Caroline van Brakel

Gemeente Waalre Suzan van de Goor-Gelens

Bergopwaarts Evert Remmerswaal

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

handtekeningen

Woningstichting Compaen Joost Lobée

Goed Wonen Gemert Hans Vedder

Woningstichting Helpt Elkander Sylvester Putters

Stichting Sint Trudo Edwin Jansen

Woonstichting ‘thuis Luc Severijnen

Volksbelang Paul Terwisscha

WoCom Mirjam Kräwinkel

Stichting Woningbelang Maarten Meulepas

WSZ Chris Theuws

Stichting Woonbedrijf Ingrid de Boer

Wooninc. Angela Pijnenburg

Stichting Woonpartners Bas Sievers

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

handtekeningen

Bijlagen Bijlage 1: Provinciale afspraken Bijlage 2: Woningbouwopgave per gemeente per jaar, opgave betaalbaarheid en plancapaciteit Bijlage 3: Generieke ondersteuning woningbouw Bijlage 4: Begrippenlijst Bijlage 5: Bestuurlijk en ambtelijk kernteam Bijlage 6: Ondersteuningsverklaring

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Bijlage 1: Provinciale afspraken Via onderstaande link zijn de afspraken in te zien die de Provincie Noord-Brabant op 27 september 2022 heeft gemaakt met de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over de woningbouwopgave in Noord-Brabant: Bestuurlijke afspraken woningbouw Rijk-provincie 2022-2030 - Provincie Noord-Brabant

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023 20.950 1.400 9.490 880 6.135 1.155 120 75 1.605 90 1.230 375 420 435 1.495 350 470 285 390 1.975 170 520 495 385 405

44.805 2.705 22.730 2.230 7.625 1.845 1.080 665 4.675 1.250 2.120 640 525 955 4.045 655 1.225 1.345 820 6.885 710 1.760 2.595 825 995

ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb

ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb

1.115 55 665 50 200 25 20 20 60 20 60 15 10 35 80 20 25 15 20 145 20 35 40 25 25

2.475 120 1.475 110 445 55 50 45 130 50 135 40 20 75 180 45 55 35 40 320 45 75 85 50 60

ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb

ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb ntb

10.025 490 5.965 440 1.800 230 195 185 525 200 545 155 90 305 725 180 230 150 165 1.300 190 300 355 205 245

22.275 1.095 13.255 975 4.000 505 430 405 1.165 440 1.215 345 195 675 1.615 400 510 335 365 2.885 425 670 785 455 545

33.415 1.640 19.885 1.465 6.000 760 645 610 1.750 660 1.820 515 295 1.010 2.420 600 765 505 550 4.330 640 1.005 1.180 685 820

4.790 4.040 180 2.640 155 630 45 35 75 205 75 145 55 5 85 235 40 80 50 65 370 70 65 165 10 60

4.740 3.805 180 2.320 170 635 80 80 65 200 75 195 55 25 115 260 60 80 65 55 480 70 85 140 95 90

4.905 3.935 185 2.410 170 660 80 80 65 210 75 195 55 25 115 270 65 85 65 55 505 65 90 155 105 90

4.970 4.000 190 2.435 180 670 85 80 70 210 80 200 55 30 115 275 65 85 65 60 495 70 85 145 100 95

5.125

4.105 195 2.505 180 690 80 85 75 220 75 215 65 30 120 290 70 90 70 60 515 70 95 155 105 90

5.185

4.155 195 2.530 180 700 90 85 70 220 85

215 65 30 120

290 70 90 70 60

525 70 95 155 105 100

5.175

4.075 235 2.485 165 635 95 100 90 210 60

255 65 55 135

325 80 100 75 70

520 70 110 155 85 100

3.205

2.355 150 1.220 150 465 75 50 35 180 30

235 55 55 125

150 50 45 15 40

465 100 185 55 25 100

3.890

2.945 130 1.340 115 915 130 50 65 95 105

165 45 40 80

325 100 110 30 85

455 55 195 55 55 95

Regio Zuidoost-Brabant

Subregio SGE Best Eindhoven Geldrop-Mierlo Helmond Nuenen c.a. Oirschot Son en Breugel Veldhoven Waalre

Subregio A2-gemeenten Cranendonck Heeze-Leende Valkenswaard

Subregio de Kempen Bergeijk Bladel Eersel Reusel-De Mierden

Subregio de Peel Asten Deurne Gemert-Bakel Laarbeek Someren

NB: Peildatum 1-10-2022. Genoemde aantallen zijn afgerond op 5-tallen. Daardoor kunnen in de totalen afrondingsverschillen ontstaan. De aantallen in de jaren 2022 en 2023 zijn mede gebaseerd op de werkelijk in aanbouw genomen woningen. *) De afspraak is gemaakt dat de percentages sociaal en betaalbaar gelden voor nieuwbouwplannen en niet voor plannen waarover al afspraken zijn gemaakt. De aantallen in de tabel hebben betrekking op de gehele opgave en vertekenen het beeld enigszins.

25.650

57.855

935

780

1.400

3.110

8.395

7.000

12.595

27.990

41.985

2030

2029

2028

2027

2026

2025

2024

Plancapaciteiten gemeenten (matrices 2022) hard totaal

Plancapaciteit Opgave betaalbaarheid per jaar (per jaar toe te voegen aan de voorraad) Midden Betaalbare Sociale Totaal koop huur huur betaalbaar 20% 16% 30% 2/3e

Opgave betaalbaarheid *) (netto toevoeging aan voorraad) Midden Betaalbare Sociale Totaal koop huur huur betaalbaar 20% 16% 30% 2/3e

Opgave betaalbaarheid Totaalopgave periode 2022 t/m 2030

2023

Woningbouwopgave per gemeente per jaar (netto toe te voegen aan de woningvoorraad) Verdeling van de minimale opgave per gemeente uitgesplitst in jaarschijven

Woningbouwopgave per gemeente per jaar

2022

Bijlage 2:

Bijlage 2: Woningbouwopgave per gemeente per jaar, opgave betaalbaarheid en plancapaciteit

bijlagen

Bijlage 3: Generieke ondersteuning woningbouw Het Rijk ondersteunt door: ▪

▪

▪

▪

Het verstrekken van financiële middelen via diverse regelingen en subsidies waar de regio aanspraak op kan maken. Het gaat hierbij om middelen die generiek beschikbaar zijn, ook andere regio’s kunnen hier aanspraak op maken. Het Rijk informeert via de woondealtafel over nieuwe regelingen en subsidiemogelijkheden. Ook dient het Rijk als vraagbaak bij eventuele onduidelijkheden omtrent de aanvraag van financiële middelen. Procesgeld woondeals Woningbouwimpuls Regeling flexpools Regeling huisvesting aandachtsgroepen Volkshuisvestingsfonds Transformatie faciliteit Tijdelijke huisvesting PM mogelijke ondersteuning verpleegzorgplekken Het verstrekken van kennis en expertise wanneer projecten vastlopen. Het kan hierbij zowel gaan om concrete- als generieke vragen. ▪ Inzet expertteams (Expertteam Woningbouw) ▪ Taskforce Nieuwbouw Woningcorporaties ▪ Taskforce versnelling tijdelijke huisvesting ▪ Landelijke versnellingstafels Wet- en regelgeving voor de realisatie van de woningbouwopgave. Voor versterking van dit instrumentarium wordt het wetsvoorstel versterken regie op de volkshuisvesting voorbereid. BZK coördineert de opgave die samenhangen met woningbouw en fungeert als eerste aanspreekpunt richting andere departementen.

De Minister voor VRO zet zich maximaal in om samen met de verantwoordelijke collega-ministers kritische succesfactoren als stikstof, geluid en de aansluiting op nutsvoorzieningen aan te pakken

De provincie ondersteunt door: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Flexpool versnelling woningbouw 1e tranche, deel A en B Flexpool versnelling woningbouw 2e tranche (nog uit te werken) Subsidieregeling collectieve woonvormen Ondersteuning bij gebiedstransformaties Partnerschap in Eindhoven Internationale Knoop XL Inbreng kennis, prognoses, monitoring en analyses Flexwoningvloot (in voorbereiding) Faciliteren regionale samenwerking

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Bijlage 4: Begrippenlijst Beschikbare plancapaciteit

Plancapaciteit voor de periode 2022-2030 zoals doorgegeven door de gemeente in de provinciale inventarisatie in de zomer van 2022.

Betaalbaar

Optelsom van de categorieën sociale huur, middenhuur en betaalbare koop.

Betaalbare koop

Koopwoningen met een prijs tot 355.000 euro (afspraak Woondeal maart 2023).

Bruto woningbouwopgave

De opgave voortvloeiend uit de Nationale Woon- en Bouwagenda, niet gecorrigeerd voor sloop.

Fair share

De woningbouwopgave voor de provincie Noord-Brabant, verdeeld over regio’s en gemeenten naar rato van de woningbouwprognoses.

Geclusterde woonvormen

Dit zijn onder andere hofjeswoningen (zoals de Knarrenhof), serviceflats en seniorenflats. Vaak hebben ze ontmoetingsruimtes of gemeenschappelijke ruimtes. Geclusterde woonvormen voorzien niet alleen in prettige huisvesting, maar verminderen ook eenzaamheid doordat ze het aangaan van sociale contacten vergemakkelijken. Woningen in geclusterde woonvormen zijn nultredenwoningen en bij voorkeur met een rollator toe- en doorgankelijk.

Harde plancapaciteit

Woningbouwplannen waarvoor de bestemmingsplannen “onherroepelijk” en/of “vastgesteld door gemeenteraad” zijn.

Kritische succesfactoren

Factoren die invloed hebben op realisatie van de woningbouw. Dit kan zowel op landelijke schaal als regio-specifiek zijn.

Middenhuur

Huurwoningen die volgens het woningwaarderingsstelsel tussen 143 en 187 punten hebben.

Netto woningbouwopgave

De bruto woningbouwopgave verminderd met sloopplannen, dus het aantal woningen wat per saldo wordt toegevoegd aan de woningvoorraad.

Nieuwe normaal, het

Het Nieuwe Normaal voorziet in een aantal criteria die gezamenlijk de circulariteit van een bouwwerk kwantificeren. Meer info: Het Nieuwe Normaal (HNN) - Cirkelstad

Nultredenwoningen

Woningen waarbij je niet hoeft trap te lopen, zowel binnen het huis als om naar binnen te komen. Vaak betreffen het gelijkvloerse woningen/appartementen in de buurt van voorzieningen.

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Sleutelprojecten

Woningbouwprojecten die een wezenlijke bijdrage leveren aan de lokale en regionale woningbouwopgave, zowel kwantitatief als kwalitatief. Deze projecten zijn alle ruimtelijk akkoord bevonden en regionaal afgestemd, waardoor er een grote mate van zekerheid is dat ze ook gerealiseerd gaan worden. Drie groepen zijn hierin onderscheiden: A: Woningbouwprojecten die een bijdrage hebben ontvangen van Rijk en/of provincie. B: Woningbouwprojecten van circa 200 woningen en groter. C: Overige woningbouwprojecten, zodat in elke gemeente tenminste 2 projecten zijn benoemd.

Transformatie

Toevoegen van een woonfunctie om gebieden met veel leegstand van winkelpanden, kantoren, maatschappelijk vastgoed of bedrijfspanden om de levendigheid te vergroten. Functiemenging is hierbij het uitgangspunt.

WBI

Woningbouwimpuls, een stimuleringsfonds van de Rijksoverheid om met financiële steun woningbouwprojecten te versnellen.

Woningbouwmatrices Noord-Brabant

De jaarlijkse inventarisatie van woningbouwplannen die door gemeenten aan de provincie wordt aangeleverd

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Bijlage 5: Bestuurlijk en ambtelijk kernteam Bestuurlijk kernteam: Erik Ronnes

provincie Noord-Brabant

Gaby van den Waardenburg

gemeente Helmond, voorzitter tijdelijk poho wonen MRE

Caroline van Brakel

gemeente Veldhoven, namens de gemeenten van het SGE

Steven Kraaijeveld

gemeente Eersel, namens de Kempengemeenten

Karel Boonen

gemeente Cranendonck, namens de A2-gemeenten

Marinus Biemans

gemeente Deurne, namens de Peelgemeenten

Luc Severijnen

woningbouwcorporatie 'thuis, namens de corporaties

Marja Appelman

ministerie van BZK, directeur Woningbouw

Manuel Groot Zevert

Provincie Boord-Brabant, projectleider, secretaris

Ambtelijk kernteam: Manuel Groot Zevert

provincie Noord-Brabant, projectleider

Erik Maassen

provincie Noord-Brabant

Berend Jan Brijder

gemeente Eindhoven (tot 1-1-2023)

Iris Mensink

gemeente Eindhoven (vanaf 1-1-2023)

Wieteke de Jong

gemeente Eindhoven

Tineke Posno

gemeente Helmond, namens de gemeenten van het SGE

Francis Bevers

gemeente Cranendonck, namens de A2-gemeenten

Jeroen van der Hoek

gemeente Bergeijk, namens de Kempengemeenten

Karin Duimelinks-Jansen

gemeente Deurne, namens de Peelgemeenten

Sarah Vodovar

ministerie van BZK/Woningbouw

Yvonne van den Braken

woningbouwcorporatie Wooninc., namens de corporaties

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Bijlage 6: Ondersteuningsverklaring

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

Woondeal Zuidoost-Brabant, 9 maart 2023

bijlagen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13037611/1