CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-70 RV Bijlage RES 1.0 Metropoolregio Eindhoven 04-10-2021

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente NuenenBij agendapunt: Vaststellen RES 1.0 MRE20.305 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

tussen gemeenten

besparingsaanpakken

De routes voor woningcorporaties

gedragsverandering van huurders.

Energiecoaches/ambassadeurs

de voortgang van de

hiervan kunnen leren

woningcorporaties in de sub-regio SGE aan een pilot rond duurzame

Campagne of middelen

Strategisch communicatieplan

Elke gemeente monitort

Kees Bakker, Energiehuis Helmond “Eigenaren van woningen volgen verschillende routes als het gaat om

Regionale communicatie

Kennis delen

weggenomen en handelingsperspectief wordt vergroot. Voor meer informatie zie bijlage 3.1 (basisdocument wonen).

31

ADDITIONEEL

aanpak er kennis, capaciteit, ontwikkel- en uitvoeringskosten

aannemer BAM Wonen BV, NB-Architecten uit Best en woonstichting ‘Thuis' uit

Basisinfrastructuur

Eindhoven.

De basisinfrastructuur biedt de deelnemende gemeenten, provincie en waterschappen een aantal middelen, die helpen

Eindhovense corporatie Thuis: ‘Aan de slag gaan belangrijker dan doelen halen’

om samen binnen alle doelgroepen energiebesparing te

De Brabantse corporatie Thuis, met het hoofdkantoor in Eindhoven, wil graag

stimuleren. Denk daarbij aan middelen als kennisdeling,

vooroplopen in verduurzaming van het woningbezit en is bereid om daarvoor meer

monitoring en evaluatie, maar ook verplichte instrumenten

te doen dan nodig is volgens het Bouwbesluit. “Verduurzaming is een van de grote

(routekaart

maatschappelijke opgaven. Wij voelen ons als corporatie verantwoordelijk om daar

maatschappelijk

vastgoed)

partnerpartijen (energieplan ODZOB).

of

trajecten

bij

een bijdrage aan te leveren. Dat past binnen het Klimaatakkoord.”

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

30

INHOUDSOPGAVE

Omgevingsagenda Zuidoost-Brabant: goede en betaalbare woningen

Doelgroep bedrijven: ‘handreiking en handhaving’

33

Helmondse Energie Community gericht op duurzaam en energiebewust ondernemen

betaalbare woningen moet het kwantitatieve woningtekort in de regio

Méér handelingsperspectief

worden aangepakt. Deze opgave betreft het gehele stedelijke netwerk,

We creëren meer urgentie; we ondersteunen bedrijven met besparen

bedrijven het Helmondse Energie Convenant

inclusief de vitale kernen van het landelijk gebied. Belangrijk bij deze

zodat ze zich op hun business kunnen richten. We willen ze ontzorgen

(HEC). Het doel was om in drie jaar tijd

opgave is dat deze nieuwe woningen voldoen aan nieuwe eisen op het

door bijvoorbeeld Greendeals op te zetten. Daarnaast zijn er landelijke

gezamenlijk 10% energie te besparen

gebied van energie, circulair bouwen en klimaat. (Omgevingsagenda

subsidies en zijn er belastingvoordelen die het financieel aantrekkelijker

en te verduurzamen, onder andere door

Zuidoost-Brabant, MRE 2020)

maken om te verduurzamen. Daarbij combineren we modules om tot een

te leren van elkaar. Inmiddels is het

effectieve aanpak te komen. De focus van deze modules ligt op het bieden

samenwerkingsplatform uitgegroeid tot de

Wonen: zorgen voor een goede basis

van meer handelingsperspectief. We faciliteren bedrijven die aan de slag

Helmondse Energie Community, een netwerk

Op basis van een inventarisatie in welke modules interesse is, doen we de

willen, maar dit is niet vrijblijvend. We zetten handhaving in bij bedrijven

van bedrijven die kennis en ervaring

volgende aanbevelingen:

die niet of onvoldoende met energiebesparing aan de slag gaan, waarbij de

uitwisselen op het gebied van duurzaam en

1.  Om energiebesparing binnen een gemeente voldoende te kunnen

Omgevingsdienst uiteraard ook een rol heeft.

energiebewust ondernemen.

In 2013 ondertekenden 18 Helmondse

stimuleren zijn de modules energieloket en energiecoaches onontbeerlijk. 2. Bij het proces van duurzame gedragsverandering spelen lokale energiecoöperaties (LEC’s) een essentiële rol. Daar waar mogelijk en wenselijk faciliteren gemeenten de LEC’s

Daarnaast heeft in het kader van de zonneladder een aanpak voor zon op dak prioriteit.

Focus & urgentie op bedrijventerreinen en kantoren

Een viertal modules worden uitgewerkt tot handleidingen voor de uitvoering:

Binnen de doelgroep Bedrijven zijn er vier sub doelgroepen: bedrijven-

1. Energiecoaches, 2. Wijkaanpak, 3. Duurzame Communicatie- strategie

terreinen, kantoren, retail en agrarische bedrijven. In de eerste fase van de

en 4. De Groene Zone 2.0. Daarnaast loopt er voor de module ‘Duurzame

RES 1.0 zal de focus op bedrijventerreinen en kantoren liggen. Met name

gedragsverandering woningcorporaties’ een pilot-aanpak binnen het

bij kantoorgebouwen is er urgentie om aan de slag te gaan met besparing:

Stedelijk Gebied Eindhoven, waarbij de werkgroep Besparing betrokken

het ministerie van Binnenlandse Zaken voert per 1 januari 2023 de

is om kennis te delen en verbanden te leggen met de andere modules.

energielabel C-verplichting in voor kantoren van minimaal 100 vierkante

Meer informatie over de besparingsaanpak voor de doelgroep wonen is

meter. Daarnaast geldt voor alle bedrijven met een verbruik van minimaal

opgenomen in bijlage 3.1.

50.000 kWh aan elektriciteit of 25.000 m³ gas dat zij gebonden zijn aan het doorvoeren van energiebesparende maatregelen (EML) en moeten hierover te rapporteren. Voor meer informatie zie bijlage 3.2.

Gebiedsbenadering • Bedrijventerreinen • Winkel-horeca gebieden

Aanpak kantoren: van energielabel C naar beter Deze aanpak combineert meerdere modules: meerjarige Green Deal opzetten ten behoeve van verduurzaming kantoren naast de standaard aanpak,

Wetgeving en handhaving

Ontmoeting kennis

Convenanten en Green Deals

• Activiteitenbesluit

• Kennis

• Sector- en ketenorganisaties

• Vergunningen

• Business cases

•P  ubliek- private

Door deel te nemen aan een regionale Green Deal Kantoren en te verduur-

• EED

• Innovatieve technieken

samenwerking

• Processen

• Collectieve inkoop

zamen tot minstens label B krijgen kantooreigenaren meer tijd, begeleiding

• ...

Push

• ...

Pull

energielabel C voor individuele kantoren en extra toezicht en handhaving.

en hulp om hun pand aan te passen. Bij bedrijven die niet deelnemen wordt toezicht gehouden op het voldoen aan de energielabel C plicht.

Individuele bedrijven • Terugverdientijd • Belastingregelingen

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Om te komen tot een voldoende aanbod van kwalitatief goede en

INHOUDSOPGAVE

Handelingsperspectief voor bedrijven

32

INHOUDSOPGAVE

Verduurzaming bedrijventerreinen Voor de verduurzaming van bedrijventerreinen combineren we de aanpak met de additionele modules 'Gebiedsgerichte aanpak VNO-NCW' en 'Opzetten ondernemersfonds'.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Voor het gros van de bedrijven op bedrijventerreinen gelden wettelijke RVO-

INHOUDSOPGAVE

Ambitie 2021 - 2022 Besparing bij bedrijven Handhaving en handreiking

Kennis en informatie delen Elke gemeente deelt informatie en kennis over bespaarroutes

regels m.b.t. besparing en verduurzaming. Maar voor veel ondernemers

en onderzoeken

en vastgoedeigenaren is niet duidelijk welke maatregelen ze kunnen

Monitoring

nemen, of welke verduurzamingsmaatregelen de grootste impact op hun CO2-emissie of energieverbruik zouden hebben. Door met ondernemers, ondersteund door ondernemersverenigingen en parkmanagement, aan de slag te gaan, starten we projecten die enthousiasme creëren t.a.v. samenwerking en verduurzaming. Tegelijkertijd werken we samen met ondernemersverenigingen, gemeenten, VNO-NCW om robuuste financiering en organisatie van een nieuwe ‘groene’ beweging vorm te geven.

Overige modules De module Zon op dak wordt meegenomen in de no-regretmaatregelen van de RES. In de volgende fase (RES 2.0 en verder) wordt gekeken welke van de overige modules opgepakt kunnen worden, afhankelijk van de capaciteit en het draagvlak bij gemeenten, provincie, waterschappen en stakeholders.

Elke gemeente monitort de voortgang van de besparingsaanpakken

Rapporteren en evalueren Elke gemeente deelt resultaten

ondernemersfonds verwijzen we naar bijlage 3.2.

Aanpak Energielabel C kantoren Aanscherpen handhaving

“Er is nog veel te leren over het verduurzamen van het maatschappelijk

Binnen de MRE regio zijn er ruim 3.600 (geregistreerde) maatschappelijke

vastgoed. Gemeenten krijgen bij het opstellen en uitvoeren van hun

vastgoedobjecten. De gemeenten zijn van ruim 2.700 objecten eigenaar. Dat

eigen portefeuilleroutekaart te maken met nieuwe vraagstukken; er

zorgt voor 3% van de totale uitstoot in de gebouwde omgeving. Een groot

komt veel kijken bij het verduurzamen van bijvoorbeeld zwembaden,

deel van de vastgoedobjecten is toe aan duurzaam onderhoud, renovatie of

schoolgebouwen, buurthuizen, bibliotheken en gemeentelijke

complete ombouw. Om forse stappen te maken in deze verduurzaming is

kantoorpanden. De vraagstukken gaan over de inhoudelijke aanpak,

het van belang dat gemeenten prioriteit geven aan duurzame projecten en

ook over hoe je dit het beste kunt organiseren. De samenwerking tussen

daarvoor voldoende financiële middelen en capaciteit toewijzen. Gemeenten

gemeentelijke vastgoedadviseurs in de RES-regio Eindhoven is een

hebben een belangrijke (voorbeeld)rol bij het verduurzamen van de gebouwde

fantastisch voorbeeld van slim organiseren. Gemeenten kunnen zo

omgeving.

optimaal gebruik maken van de beschikbare kennis en capaciteit.” Inka Vogelaar, projectleider Verduurzamen Maatschappelijk Vastgoed, VNG

Bekijk het volgende filmpje over hoe we samenwerken aan de opgave Ondernemersfonds

verduurzaming vastgoed op youtube. (youtu.be/-BHXP9Xiiss)

Maatschappelijk vastgoed: voorbeeldfunctie

Stappenplan voor verduurzaming ambtelijke huisvesting, onderwijs en sport

Veel gemeenten hebben al stappen gezet als het gaat om het verduurzamen

Binnen de besparingsaanpak voor het gemeentelijk vastgoed ligt de focus op

van gebouwen. Ook zien we dat diverse faciliterende partijen (o.a. VNG

'ambtelijke huisvesting', 'onderwijs' en 'sport'. Dit betreft ruim de helft van

en kennisinstituten) aanpakken en instrumenten ontwikkeld hebben

al het gemeentelijk vastgoed. De behoeften die binnen de thema-clusters

die toegepast kunnen worden. Actief bezig zijn met verduurzaming wekt

worden opgehaald worden ingevuld door onderlinge kennisuitwisseling en

vertrouwen en werkt enthousiasmerend in gesprekken met ondernemers,

hulp van gespecialiseerde kennisinstituten. Doel van deze aanpak is om

organisaties en inwoners. Daartegenover zien we ook dat het bij gemeenten

door structurele samenwerking van vastgoed-ambtenaren en instituten

ontbreekt aan capaciteit, middelen en kennis om daadwerkelijk tot actie

te voorzien in de kennis-en capaciteitsbehoeften om zo meer duurzame

over te gaan. Om gemeenten te ondersteunen bij het verduurzamen van het

resultaten te behalen, zonder extra tijdsbesteding en tegen gelijke of lagere

vastgoed is een regionale aanpak opgesteld.

kosten. Kijk voor vervolgstappen naar bijlage 3.3.

zodat andere gemeenten hiervan kunnen leren

Pilots VNO-NCW archetypen Aanpak voor archetypen van bedrijven opstellen en delen op basis van pilots VNO-NCW

Gebiedsgerichte aanpak VNO-NCW Online platform voor bedrijven

Energieplan ODZOB Toezicht en vergunningverlening gericht op

Voor een uitwerking van de modules kantoren, bedrijventerreinen en

Green deals opzetten

Doelgroep maatschappelijk vastgoed: voorbeeldfunctie

energiebesparing

Data-analysee Inzicht bieden in data op het gebied van besparing

Aanpak agrarische bedrijven Duurzaamheidsafspraken nieuwbouw

bij bedrijven om kansen inzichtelijk te maken

BASIS

Aanpak zon op dak

ADDITIONEEL

Goed voorbeeld doet goed volgen. Gemeenten laten zich zien!

35

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

34

36

INHOUDSOPGAVE

Wat we gaan doen!

37 37

INHOUDSOPGAVE

de afspraken geven partijen invulling aan de landelijke energieopgave

We komen gezamenlijk tot keuzes voor besparen en kleinschalig 

én de gemeentelijke doelstelling om de effecten van klimaatverandering

duurzaam opwekken.

tegen te gaan. Daarnaast wordt op tal van andere gebieden gewerkt aan

We verlagen de warmte- en elektriciteitsbehoefte: wat je bespaart, hoef je

verduurzaming, zoals vermindering van afval, zorgvuldige keuze van

ook niet op te wekken.

vervoersmiddelen (o.a. ten gunste van de luchtkwaliteit) en bewuste

Gemeenten geven het goede voorbeeld door eigen vastgoed te verduur-

inrichting van gebouwen en terreinen met het oog op de toekomst.

We zetten in op gedragsverandering; de sleutel voor het in beweging brengen van bewoners, bedrijven en gemeenten. De acht bespaarroutes vormen de basis van concrete besparings

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

zamen.

Ambitie 2021 - 2022 Gemeentelijk vastgoed Samen werken aan de individuele opgave

activiteiten. We stimuleren inwoners, bedrijven en gemeenten om mee te doen. We monitoren de voortgang om zicht te krijgen op de opbrengst en  haalbaarheid van de besparingsaanpakken.

Collectieve projecten Uitvoering van projecten die

Opwek duurzame energie

een collectief doel hebben

Opstellen pve

Monitoring

Visie Beleid DMJOP

Elke gemeente heeft een actueel

Kennisdeling en

inzicht in het eigen gebruik

samenwerken

Routekaart

Sport

Elke gemeente beschikt over

Kennisdeling

Samenwerking gemeenten & stakeholders is de basis voor duurzame versnelling: kennis en ervaring delen, monitoren en slim bijsturen.

Green Deal Zorg De Greendeal zorg is bedoeld als ondersteuning van de transitie van de zorgsector als onderdeel van de energieopgave en het verduurzamen van Nederland. In Zuidoost Brabant zijn er gefaseerd 3 Greendeals opgezet voor de

een portefeuille routekaart

Kennis delen en samenwerken

Verduurzaming vastgoed kleine eigenaren

aan de opgave

Ontzorgingsprogramma

Samenwerking

Green Deal Zorg Met de Green Deal Zorgsector Eindhoven krijgen ondertekenaars drie jaar de tijd om

zorgsector die uiteindelijk in 2021 leiden tot een vrijwel regio dekkende

hun bedrijfsvoering te verduurzamen en toe

Greendeal Zorg met alle grote zorgpartijen. De Greendeal zorg Eindhoven

te werken naar een integraal milieukeurmerk

1.0 opgevolgd in oktober 2021 met Greendeal 2.0, Helmond/ De peel en de

zoals de Milieuthermometer Zorg. In 2021

Greendeal MRE in Oktober 2021. De Green Deal Zorg duurt 3 jaar en heeft

wordt de green deal van gemeente Eindhoven,

als doel de milieuprestaties van de zorginstellingen te verbeteren. Met

BASIS

ADDITIONEEL

gestart

in

2018,

opgeschaald

naar

alle

gemeenten in de Metropoolregio Eindhoven.

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

4.2 Duurzame warmte: Regionale Structuur Warmte op hoofdlijnen Nog hogere netbelasting op sommige plekken

Geen regio van overvloed De Metropoolregio Eindhoven kent geen overvloed aan bovenlokale

Dit betekent dat er een forse toename is van de belasting op het elektriciteitsnet

warmte-bronnen.

sector

en de vraag naar duurzame elektriciteit. Op sommige plekken in de regio

die veel restwarmte produceert. Ook heeft een gedeelte van de regio

komt mogelijk de warmtevraag uit volledig elektrische oplossingen (met

grondwaterbeschermingszones, waardoor er voorzichtig om moet worden

individuele warmtepompen bijvoorbeeld), wat betekent dat de belasting op

gegaan met de bodem en het gebruiken van aardwarmte. Daarnaast

het net op deze locaties nog hoger is. Dat pleit ervoor om maximaal in te

staat de duurzaamheid van biomassaverbranding ter discussie. Meer

zetten op besparing.

Er

is

bijvoorbeeld

geen

grote

industriële

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

elektriciteitsverbruik voor lokale duurzame opwekking van warmte zorgt voor veel extra belasting van ons net. Vanwege deze redenen is het van belang

Doelstellingen Regionale Structuur Warmte (RSW)

dat de 21 gemeenten, de provincie en de 2 waterschappen samenwerken om

Met de Regionale Structuur Warmte willen we:

te komen tot keuzes voor de regio met een optimale inzet en verdeling van de bovenlokale bronnen die we wél hebben. Daarom maken we als regio gezamenlijk een ‘Regionale Structuur Warmte’.

• de bovenlokale / regionale bronnen optimaal benutten; • desinvesteringen voorkomen; • Maatschappelijke kosten laag houden en daarbij rekening houden met inwoners en bedrijven in nabijgelegen gemeenten.

De Metropoolregio Eindhoven kent geen overvloed aan bovenlokale warmtebronnen.

Visievorming in de steigers De Regionale Structuur Warmte geeft inzicht in de potentie van verschillende warmtebronnen in de regio. De RSW brengt vraag en aanbod in beeld, zodat

1,5 TWh aan elektrische (hulp)energie

Actueel informatieplatform "We werken aan een platform waarop alle informatie is verzameld. Dit platform biedt een actueel overzicht van de beschikbare bronnen en hun potentie, de lopende en de geplande warmteprojecten."

39

op lokaal niveau vraag en aanbod aan elkaar kunnen worden gekoppeld. Echter, deze informatie is nog grofmazig en moeten we aanvullen met lokale

Het overschakelen op duurzame warmte betekent, afhankelijk van de

informatie. Gelijktijdig aan het opstellen van de RSW wordt op lokaal niveau

toegepaste duurzame warmtebron, meestal een toename in het gebruik van

beleid geschreven voor het verduurzamen van de gebouwde omgeving.

elektrische (hulp)energie. Dit leidt tot een extra belasting van het toch al

Elke gemeente stelt uiterlijk in december 2021 een Transitie Visie Warmte

zwaar belaste elektriciteitsnet. Als de gehele warmtevraag gedekt wordt door

vast, waarin staat in welke wijken voor 2030 wordt begonnen en welke

duurzame warmtebronnen moet gemiddeld genomen een derde van deze

duurzame warmtebron daarvoor in aanmerking komt. Om de informatie

warmteproductie komen uit elektriciteit. Bij een optimale warmtetransitie

en bestuurlijke keuzes op lokaal en regionaal niveau zoveel mogelijk op

betekent dit, in 2050 bij een verwachte warmtevraag van 4,4 TWh een

elkaar aan te laten sluiten is goede afstemming nodig. Naarmate er meer

toename van 1,5 TWh aan elektriciteitsvraag.

duidelijkheid komt over de lokale invulling van duurzame warmte, geeft dit op regionaal niveau inzicht in waar het schuurt en/of kansen biedt. Zo vindt er een wisselwerking plaats tussen lokale beleidsontwikkeling en regionale

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

38

40

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

visievorming. Vroegtijdige en regelmatige uitwisseling van informatie

De gemeenten in de MRE hebben maar beperkte toegang tot duurzame

traject. Met de tijd wordt er meer ervaring opgedaan en komt er nieuwe

Des te meer omdat in onze regio geen overvloed aan bronnen is. Omdat we

voorkomt de ontwikkeling van onuitvoerbare plannen en desinvesteringen.

warmtebronnen. Het is waarschijnlijk dat er situaties ontstaan waarin

informatie beschikbaar. De kennis neemt dus toe en daarmee nemen de

deze moeilijke opgave slim aan willen pakken, maken we afspraken over

Richting RES 2.0 worden afspraken gemaakt hoe deze uitwisseling

meerdere gebieden aanspraak kunnen maken op eenzelfde warmtebron. Op

onzekerheden in warmteprojecten af. Een actueel informatieplatform helpt

een gezamenlijke kennis- en leeragenda waarbij we samenwerken met

structureel vorm gaat krijgen.

basis daarvan wordt dan besloten hoe en waar de bron wordt ingezet en

om de ervaringen en kennis te delen en uiteindelijk het proces te versnellen.

kennisinstellingen en bedrijven. Voor meer informatie zie bijlage 4.1 (Regionale Structuur Warmte).

41

Ook kijken we welke knelpunten en ondersteuningsvragen de gemeenten

afspraken te maken over hoe we met deze (sub)regionale bronnen omgaan

Dit actueel informatieplatform ontwikkelen we samen met de provincie en

tegenkomen, waarbij we gezamenlijk met provincie en waterschappen tot

en op basis waarvan een bepaalde bron wordt toegekend aan een bepaalde

de NP RES Community of Practice. De provincie heeft met de Energiewerk-

oplossingen kunnen komen. Op verzoek van de gemeenten kunnen we

(deel)wijk. Hiervoor ontwikkelen we richting RES 2.0 een methodiek

plaats, het Warmtebronnenregister en het Expertiseteam Warmte mooie

onderzoek doen, innovaties stimuleren, proeftuin projecten inrichten of

waarin de maatschappelijke kosten en baten kunnen worden gewogen.

bouwstenen ontwikkeld om gemeenten te ondersteunen. Om nog beter aan

waar nodig een lobby naar het Rijk opzetten. Daarnaast willen we in een

Met de 21 gemeenten komen we tot overeenstemming over de weging van

te sluiten bij de beoogde gebruikers onderzoeken we hoe we deze bestaande

vroeg stadium kunnen signaleren wanneer twee of meerdere gemeenten van

deze maatschappelijke kosten en baten en het belang van verschillende

platforms kunnen koppelen aan de MRE RES website, de TVW’s van de

dezelfde bron gebruik willen maken. Zo voorkomen we dat er suboptimale

indicatoren, zoals landschappelijke inpassing, de invloed op andere (gebieds)

MRE-gemeenten en de (actuele) inhoud van de Regionale Structuur Warmte.

verdeling of mogelijke desinvesteringen plaatsvinden.

opgaves, laagste kosten eindgebruiker, toegang tot alternatieve oplossingen, draagvlak, etc.

Regionale Structuur Warmte Lokale warmtevraag. Plannen en afwegingen

Lokale Transitie Visie Warmte

RSW als dynamisch document De ontwikkelingen in wet- en regelgeving, in projecten en haalbaar-

Overzicht, aanbod en verdeling regionale bronnen

Wat we gaan doen!

Voor de regio is bijvoorbeeld relevant welk tempo de MRE-gemeenten kiezen

heidsstudies en in maatschappelijke inzichten volgen elkaar snel op. RSW

Gemeenten, provincie en waterschappen werken samen om optimaal

voor het aardgasvrij maken van woonwijken en welke bronnen zij daarvoor

is een dynamisch document maken waarin actuele informatie en kennis

gebruik te maken van de schaarse bovenlokale bronnen en/of gezamen-

in willen zetten. Zo ontstaat een beeld van het toekomstige regionale

wordt gedeeld over de warmtetransitie in de regio.

lijke voorzieningen.

energiesysteem, wat een mix van warmte, elektriciteit, duurzaam gas, opslag en conversie zal worden.

Actueel informatieplatform

Gemeenten kunnen voor het opstellen van hun lokale Transitie Visies

Kennis- en leerprogramma

Warmte gebruik maken van de informatie uit de Regionale Structuur

Gemeenten krijgen met de warmtetransitie een regierol, terwijl het

Warmte.

momenteel nog ontbreekt aan kennis en expertise op dit vlak. In een

We besparen maximaal om de toename in het elektriciteitsverbruik 

We werken aan een platform waarop alle informatie is verzameld. Dit

korte tijd leren we al doende in projecten rondom duurzame warmte. Een

voor de warmtetransitie te minimaliseren en daarmee de aanvullende

Richting RES 2.0 werken we verder aan een methodiek waarin de kosten en

platform biedt een actueel overzicht van de beschikbare bronnen en hun

gezamenlijk kennis- en leerprogramma kan dan een grote hulp zijn om

belasting op het net te beperken, evenals de vraag naar duurzame

baten kunnen worden gewogen. Die zal de basis vormen voor een regionaal

potentie, de lopende en de geplande warmteprojecten. Dit platform helpt

grote hoeveelheden informatie begrijpelijk en toepasbaar te maken. Denk

elektriciteit.

afwegingskader. Mogelijk kan een dergelijk kader gemeenten ook helpen in

gemeenten bij het opstellen en aanscherpen van hun lokale Transitievisies

hierbij aan de nieuwe warmtewet of het proces omtrent ontwikkeling van

In december 2021 weten we met welke wijken we beginnen en welke

hun functie als warmteregisseur, in dialoog met marktpartijen die bronnen

Warmte en geeft inzicht in mogelijke samenwerkingen (bijvoorbeeld met

een warmtenet, verschillende vormen van eigendom en eigenaarschap.

duurzame (regionale) warmtebron wordt ingezet.

willen ontsluiten en warmteleverancier worden.

buurgemeenten, een waterschap of bedrijven). De opgave om de bebouwde

Daarnaast staat de MRE bekend als technologische topregio. Een regio bij

Er is een online platform met een actueel overzicht van de beschikbare

omgeving duurzaam en aardgasvrij te verwarmen is een groot en langdurig

uitstek waar we inzetten op innovatie en kennisontwikkeling. Deze innovatie

bronnen, de potentie en de lopende en geplande projecten.

hebben we hard nodig in de transitie naar duurzame aardgasvrije warmte.

Er komt een gezamenlijke kennis- en leeragenda.

Regionaal afwegingskader

Wisselwerking tussen lokale beleidsontwikkeling en regionale visievorming.

Er komt een gezamenlijke kennis- en leeragenda. Hiermee maken we informatie begrijpelijk en toepasbaar.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

door wie de bron wordt ontsloten? Daarom is het essentieel om regionaal

42

INHOUDSOPGAVE

4.3 Duurzame opwek: op weg naar concrete projecten

Zonneladder Metropoolregio Eindhoven

INHOUDSOPGAVE

43

Onze uitdaging voor 2030 Op basis van onderzoek en de doorrekening van het bod door Enexis hebben we in de concept-RES geconcludeerd dat we 2 TWh kunnen en willen bijdragen aan de landelijke doelstelling van 35 TWh in 2030. Deze inschatting is gemaakt door enerzijds de bestaande en geplande projecten in kaart te brengen en anderzijds een inschatting te maken van de nog en van duurzame energieprojecten in zoekgebieden, zoals windparken en zonneparken.

5 4 3 2 1

1. Zon op dak

Hoe staan we ervoor? De afgelopen jaren hebben we in totaal 0,46 TWh aan zonnedaken, -velden

2. Op braakliggende grond en pauzelandschappen 3. Langs grootschalige infrastructuur en op industriële plassen (geen natuur) 4. Combinatie van energie met andere opgaven en functies, zoals:

• Langs stads- of dorpsrand: bijv. gecombineerd met recreatie- en natuurfunctie • Landbouwgronden met meervoudig ruimtegebruik • Op recreatieplassen (geen natuur) • Buffer rondom natuurgebieden: ter vervanging van agrarisch gebruik • Recreatiegebieden, zoals: landgoederen, uitloopgebieden, parken en tuinen

5. Op landbouwgronden, mits:

• Goed ingepast • In verbinding met andere gebiedsopgaven

Dus. Niet in natuurgebieden: • Niet in Natura 2000 • Niet in Natuurnetwerk Brabant; uitzondering mogelijk langs infrastructuur

en windturbines gerealiseerd. De gerealiseerde projecten rekenen we mee in ons totale bod. Ook 0,58 TWh zonnedaken, -velden en windturbines die in voorbereiding zijn (pijplijn)worden meegenomen. We hebben dus

Zonneladder

in totaal 1,04 TWh aan grootschalige duurzame opwek gerealiseerd of in

We willen zorgvuldig omgaan met onze ruimte. Om deze reden is

voorbereiding. Gerealiseerde en pijplijn projecten die onder de “no regret’

de zonneladder ontwikkeld. Uitgangspunt van de zonneladder voor

maatregelen vallen, dragen ook bij aan deze 1,04 TWh.

de Metropoolregio Eindhoven is de voorkeursvolgorde die het Rijk is overeengekomen met decentrale overheden, de landbouwsector, de zonne-

Naast deze projecten, zetten we ons maximaal in voor de realisatie van

energiesector en netbeheerders. We zetten hierbij zoveel mogelijk in op

resterende ‘no regret’ maatregelen. We verwachten hiermee nog 0,39 TWh

meervoudig ruimtegebruik. De eerste trede gaat daarom uit van plaatsing

te kunnen opwekken, wat bijdraagt aan ons bod. Dit betekent dat we nog

van zonnepanelen op gebouwen. Daarna op ongebruikte terreinen in

een restopgave van 0,57 TWh hebben, die we willen invullen met wind en

bebouwd gebied (trede 2) en (voormalige) stortplaatsen en in bermen van

zon op land. Ook zal er een percentage van het geheel aan projecten onder

spoor- en autowegen (trede 3). We hebben in onze zonneladder ook aandacht

de noemer “overige opwek op land/opwek ten dienste van andere opgaven”

voor zonnevelden in combinatie met andere opgaven en functies, trede 4.

worden gerealiseerd.

Pas daarna kijken we naar mogelijkheden van efficiënte opwek van zonneenergie op landbouwgronden, trede 5, waarbij nadrukkelijk wordt gekeken naar de landschappelijke inpassing en integrale gebiedsontwikkeling. De zonneladder is onze leidraad in volgorde van projecten.

We willen in totaal 2TWh bijdragen aan grootschalige duurzame energie-initiatieven in 2030.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

toekomstige realisatie van ‘no regret’ maatregelen (o.a. zon op grote daken)

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

De combinatie van het onderzoek naar de technische mogelijkheden/

uitdagingen tegengekomen, die we in een apart plan hebben opgenomen Dit

Categorie C: Zonne- en windenergie op land in onderzochte zoekgebieden

plan kunt u vinden in bijlage 4.1 'Optimale realisatie no-regret maatregelen'.

Naast de inzet op de ‘no-regret maatregelen’ en ‘overige opwek op land/

geleid tot de zoekgebiedenkaart in de concept-RES.

Hier gaan we in op de realisatie van de no-regret maatregelen, de regionale

opwek ten dienste van andere opgaven’, zullen we ons ook moeten richten

aanpak voor belemmeringen en bieden we enkele handvatten voor de

op realisatie van (grotere) zonnevelden en windparken om aan ons bod

De opwekpotenties van de zoekgebieden zijn vervolgens doorgerekend

praktische uitvoering.

te kunnen voldoen. De zonneparken vallen onder trede 5 (en soms 4) van

door Enexis Netbeheer. Hiernaast is onderzocht wat de impact is

de Zonneladder. Om de potentiële locaties voor deze projecten te bepalen,

van de grootschalige duurzame opwek in de zoekgebieden op het

Om ons volle potentieel aan no regret maatregelen in te zetten, hebben

hebben we een zorgvuldig proces in gang gezet. Tijdens de ontwikkeling

elektriciteitsnetwerk met betrekking tot tijd, geld en ruimtebeslag.

we alle ketenpartners nodig; van wetgevers, tot bedrijven tot adviseurs,

van de concept-RES zijn we aangevangen met ontwerpend onderzoek, zie

De zoekgebiedenkaart is de basis voor vervolgonderzoek dat we in het proces

eigenaren etc. Aan het Rijk vragen we specifiek om ons te helpen een aantal

onderstaand kader.

naar RES 1.0 hebben uitgevoerd.

Onderzoek 1: Onderbouwing van zoekgebieden door ontwerpend onderzoek in de concept-RES

Onderzoek 2: Het Plan-milieueffectrapport (planMER)

Bij het opstellen van de concept-RES hebben we onszelf de vraag gesteld: hoe

Het planMER geeft ons een beeld van de keuzemogelijkheden in onze regio

Gemeenten geven lokaal ook invulling aan energieopwekking binnen de

kan het landschap op een gedragen manier geladen worden met duurzame

en gebruiken we om de verschillende (conflicterende) belangen af te wegen.

categorie overige opwek op land/ opwek ten dienste van andere opgaven.

energie en hoe kunnen we andere opgaven in het gebied combineren met de

De betrokken overheden in de regio kunnen de milieu-informatie inzetten

In deze categorie vallen de mogelijkheden voor kleinschalige energieopwek

energie opgave om zo een grotere meerwaarde voor de regio te creëren?

in de besluitvorming en planprocedures op lokaal en intergemeentelijk

die gemeenten hebben bij de ontwikkeling van andere gebiedsopgaven.

Om de zoekgebieden te bepalen hebben we enerzijds de maximale potentie

niveau voor de aanwijzing en invulling van zoekgebieden. Het planMER is

In elke gemeente in de regio kunnen kansen liggen voor deze vorm van

op basis van de wet- en regelgeving en technische haalbaarheid berekend

te vinden in bijlage 5.2.

energieopwekking en ook deze categorie draagt, zij het beperkt, bij aan

en anderzijds hebben we de ruimtelijke mogelijkheden en belemmeringen

ons bod. Een voorbeeld is de combinatie van opwek door middel van

onderzocht op basis van de waarden van de landschappen in de regio.

Van concept RES 1.0 naar RES 1.0

PV-systemen als onderdeel van gebiedsgerichte verduurzaming van

We hebben per landschapstype de mogelijkheden voor inpassing in

De concept-RES 1.0 en tussenresultaten van het planMER hebben we

boerenbedrijven. Een ander voorbeeld is de realisatie van kleinschalige

het landschap, aanpassing van het landschap en transformatie van het

voorgelegd aan volksvertegenwoordigers en stakeholders. Tegelijkertijd is

zonnevelden bij de transformatie van uitloopgebieden van de stedelijke

landschap onderzocht. Daarbij hebben we nadrukkelijk gezocht naar de

het planMER afgerond en gedurende zes weken voor iedereen ter inzage

Categorie A: Inzet van no-regret maatregelen

regio’s naar stadsboerderijen of nieuwe natuur. De inkomsten uit de duurzame

kansen voor verbinding van de energieopgave met andere gebiedsopgaven.

gelegd. De ontvangen zienswijzen zijn beantwoord middels een Nota

energieprojecten kunnen dan worden gebruikt om de businesscases rendabel

Om inzicht te krijgen in de ruimtelijke impact hebben we landschapstegels

van Beantwoording. Ook hebben we advies gevraagd aan de Commissie

De Metropoolregio Eindhoven zet zich maximaal in voor het optimaal

te maken. Vanwege het detailniveau waarop naar inpassing van deze

ontworpen die kunnen dienen als basis voor de ruimtelijke invulling van de

voor de milieueffectrapportage en Brabant Advies. De Commissie voor

benutten van grootschalige daken voor opwek van zonne-energie. Opwek op

categorie moet worden gekeken, heeft de regio de ruimtelijke visualisatie op

energieopgave in de verschillende landschapstypen (bijlage 5.3 bij de RES

de milieueffectrapportage heeft de uitvoering van het planMER positief

grootschalige daken beslaat het grootste deel van deze categorie. Er zijn al

regionaal niveau in de concept-RES 1.0 achterwege gelaten.

1.0).

beoordeeld.

De verdeling van het bod is weergegeven in onderstaand schema.

Opbouw bijdrage duurzame opwek bod MRE

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

2,00 TWh

0,57 TWh 1,50 TWh

veel projecten gerealiseerd of ze zitten in de pijplijn. Hierbij zijn we een aantal

belemmeringen en naar de ruimtelijke mogelijkheden in de regio heeft

belemmeringen voor realisatie van “no-regret’ projecten weg te nemen.

0,39 TWh Categorie B: Overige opwek op land/opwek ten dienste van andere opgaven

1,00 TWh

0,58 TWh 0,50 TWh

0,46 TWh 0,00 TWh gerealiseerd

pijplijn

no-regret

zoekgebieden

45

We gaan stap voor stap van (globale) zoekgebieden naar concrete locaties voor zonne- en windenergie.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

44

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Zoekgebieden: van concept RES naar RES 1.0 en verder

Concept-RES Globale zoekgebieden op basis van: • Landschapsanalyse • Verbinding met andere opgaven • Technische en wettelijke belemmeringen

Concept RES 1.0 Verfijning en detaillering zoekgebieden op basis van planMER: • Belemmeringenkaart en randvoorwaarden • Milieueffecten • Verbinding met andere opgaven • Netwerkoptimalisatie

RES 1.0 • Realisatie no-regret • Afweging zoekgebieden • Vaststelling RES 1.0

RES 2.0 • Realisatie no regret en in zoekgebieden • Lokale processen • Regionaal overleg

Concretisering wind en zon op land

zal hiervoor het gesprek moeten worden aangegaan met het bevoegd gezag

Het schema hiernaast laat op hoofdlijnen zien hoe we de zoekgebieden voor

voor de betreffende locaties en andere partijen zoals natuurorganisaties.

wind en zon op land van concept-RES naar RES 1.0 hebben geconcretiseerd.

Voor alle belemmeringen geldt dat er alleen aan kan worden getornd als: er

Voor de zoekgebieden in de voorliggende RES 1.0 is de input van gemeenten,

wordt 1) aangetoond dat er zwaarwegende redenen zijn om dat te doen èn

overige overheden en stakeholders op de concept-RES 1.0 als basis gebruikt.

2) gedurende het hele projecttraject (tot en met afbraak aan het einde van

Deze zijn vervolgens getoetst aan de beoordeling van milieueffecten,

de looptijd) aantoonbaar het maximale wordt gedaan om schade te

gerelateerde thema’s en aan de inspraakreacties. Bij het verder in beeld

voorkomen, te beperken, te herstellen, te compenseren èn, specifiek voor

brengen van de zoekgebieden hebben we zowel de zienswijzen van de

natuurwaarden, 3) een netto meerwaarde wordt gerealiseerd. Naast de

volksvertegenwoordigers als de zienswijzen die we hebben ontvangen op

ruimtelijke aspecten zijn de sociaal-maatschappelijke aspecten van groot

het planMER, meegenomen. Het draagvlak bij gemeenten en inwoners is

belang. In het beleid worden daartoe participatietrajecten opgenomen die

immers een belangrijk aspect.

doorlopen worden. Inwoners worden zo goed mogelijk meegenomen, ook in het vervolgtraject. Als betrokken inwoner, organisatie of stakeholder is het

Vervolgstappen na de RES 1.0

goed om de gemeentelijke communicatiekanalen te blijven volgen.

Om het bod van 2 TWh in 2030 te verwezenlijken moet de RES vertaald worden naar beleid, regels en uitvoeringsprojecten. Het realiseren van de no-regret maatregelen heeft prioriteit omdat dit leidt tot de kleinst mogelijke belasting van de schaarse ruimte in onze regio. Het realiseren van grootschalige zonen windprojecten vraagt veel voorbereidingstijd en resulteert direct in grote stappen richting ons doel. Beide routes moeten we tegelijk bewandelen om

Wat we gaan doen!

ons doel voor 2030 te halen. Met de informatie die beschikbaar komt krijgen we ook inzicht in de zoekgebieden die waarschijnlijk een langer traject

Het stimuleren van no-regret maatregelen. Dit gaat ons naar verwachting

vragen en pas na 2030 in beeld komen.

0,39 TWh aan duurzame opwek opleveren; We gaan pijplijn projecten tot realisatie brengen;

Gemeenten gaan aan de slag met de invulling van de zoekgebieden of hebben

We zetten de zoekgebieden wind en zon op land in voor de restopgave

hierin al stappen gezet. Zij doen dit door het maken van beleid en regels

van 0,57 TWh voor 2030;

om de uitvoering in goede banen te leiden. Dit vergt altijd lokaal maatwerk

Gemeenten geven lokaal invulling aan de RES en vertalen hun bijdrage

wat betreft de ruimtelijke inpassing en de lokale situatie. Bijvoorbeeld

voor grootschalige zonne- en windenergie naar beleid, regels en

het ontwikkelen van grootschalige opwek van duurzame energie langs

uitvoeringsprojecten;

bestaande doorsnijdingen in het landschap (snelwegen en spoorwegen).

We bewaken de voortgang. Actualisatie en nadere duiding van data

Omdat er belemmeringen kunnen zijn op basis van de huidige regelgeving

nemen we op in het monitoringssysteem.

47

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

46

48

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

Ruimtelijke weergave zoekgebieden op basis van zienswijzen raden

49

De ruimtelijke weergave van de mogelijkheden voor duurzame opwek is gelaagd opgebouwd:

• Vervolgens gaan we de no-regret kansen voor zon optimaal benutten (categorie A).

• Het eerste deel van ons bod voor grootschalige opwek omvat alle

• Het resterende gedeelte van ons bod realiseren we in de vorm van

gerealiseerde grootschalige hernieuwbare elektriciteitsprojecten uit de

grootschalige zonnevelden en windturbineparken in de geel gemarkeerde

drie categorieën (no regret, overige opwek op land/opwek ten dienste

gebieden (categorie C).

van andere opgaven en zonne- en windenergie op land in onderzochte zoekgebieden).

• Het tweede deel bestaat uit de projecten, uit de drie categorieën, die nu in de pijplijn zitten. Dit zijn windturbineparken, grootschalige zonnedaken

• Daarnaast gaan we op zoek naar mogelijkheden om met verspreide opwek van energie andere doelen te bereiken (energie ten dienste van). Deze gebieden dragen bij aan grote opgaven zoals natuurbehoud of biodiversiteit (deze categorie staat niet op de kaart).

en zonnevelden waarvoor een SDE+ subsidie is aangevraagd. Niet alle projecten in deze categorie worden uiteindelijk uitgevoerd. We rekenen daarom met een realisatiepercentage van 60%. Er is vanuit gegaan dat 60% van deze projecten daadwerkelijk wordt gerealiseerd.

* Mogelijk zijn niet alle pijplijn projecten op kaart weergegeven. In het kader van programmering en prioritering wordt een compleet overzicht opgesteld en periodiek geactualiseerd.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

* *

50

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

Netinfrastructuur en programmering Elektriciteitsnetwerk Elektriciteitsnetten zijn in het verleden ontwikkeld met een capaciteit die is

51

De kansen voor de inzet van waterstof (H2)

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

vraag relatief beperkt en de netten zijn daarom niet berekend op het afvoeren van grote volumes elektriciteit vanuit deze gebieden. De uitbreiding van de

Waterstof wordt – naast metal fuels, mierezuur en andere substanties

• Gebruik van H2 als alternatieve brandstof voor verkeer en vervoer.

elektriciteitsnetten, die nodig is om elektriciteit uit deze buitengebieden te

– veelvuldig aangedragen als een goede energiedrager ter vervanging

Er komen steeds meer voertuigen en vaartuigen (en mogelijk zelfs

transporteren, kost veel tijd en houdt geen gelijke pas met de snelle realisatie

van aardgas en andere fossiele brandstoffen. Een uitdaging bij de inzet

vliegtuigen) die op waterstof lopen. Er wordt dan ook gezocht naar

van onder andere zonnevelden op land en zonnepanelen op (grote) daken.

van waterstof is dat een positieve businesscase voor een waterstofstation

plekken (Clean Energy Hubs) in de regio om vulpunten (tankstations) voor

Dit zet grote druk op het elektriciteitssysteem en leidt tot transportschaarste

vanwege de opstartende markt van vraag en aanbod nog moeilijk te

alternatieve brandstoffen aan te leggen, waar ook waterstof getankt zou

op het netwerk, ook in de Metropoolregio Eindhoven.

maken is. Daarom moeten stimuleringsregelingen ingezet worden om

moeten kunnen worden.

de financiering rond te krijgen. De businesscase wordt op dit moment De vergunningen voor zon- en windprojecten moeten uiterlijk in 2025 zijn

echter gunstiger vanwege de optredende congestie op het electriciteitsnet

• Gebruik van H2 als brandstof of grondstof in procesindustrie. Waterstof

afgegeven om realisatie van projecten in 2030 ook daadwerkelijk mogelijk

vanwege de teruglevering van het grote aantal geplande duurzame opwek

kan ook dienen als brandstof voor verhittingsprocessen in de proces-

te maken. Al deze projecten zullen uiteindelijk op het elektriciteitsnetwerk

initiatieven. Het electriciteitsnet van Enexis/TeneT kan deze teruglevering

industrie. Of als grondstof voor productieprocessen, waarbij ook het

aangesloten moeten worden. Om dit in goede banen te leiden, qua timing,

op dit moment maar moeilijk verwerken – bijvoorbeeld in de Kempen is

‘rest’product zuurstof uit het omzettingsproces van elektriciteit naar

teruglevering via Station Hapert bijvoorbeeld al voorlopig op slot gezet. Er

waterstof goed benut kan worden.

kunnen daar geen nieuwe grootschalige opwek initiatieven (zon en wind)

Samenwerking rondom systeemefficiëntie NETBEHEERDER RES-REGIO Maatregelen • Locatiekeuze laten aansluiten bij bestaande netcapaciteit. • Transport minimaliseren door

Maatregelen • Storingsreserve (redundantie) gebruiken voor het transport van elektriciteit uit duurzame opwek op land.

combineren van energievraag en -aanbod • Evenwichtiger verdelen van opgesteld vermogen wind en zon (idealiter een 50-50 verdeling) en waar mogelijk op één aansluiting (cablepooling).

SYSTEEMEFFICIËNTIE

WIND-ZON INITIATIEFNEMERS Maatregelen • Aansluiten van wind en zon op één aansluiting (cablepooling). • Afspraken maken over het aftoppen (aansluiten op bijv. 70% van het productievermogen).

op het net aangesloten worden voor teruglevering, noch op daken, noch op

Een waterstof hub als tussenstation op de tracés van duurzame opwek

land. Omzetting van elektriciteit in een makkelijk op te slaan energiedrager

initiatieven kan dus enerzijds zorgen voor opslag van de overcapaciteit van

als waterstof is daarmee een interessant alternatief. De overcapaciteit van

de duurzame opwek initiatieven in een andere energiedrager en daarmee

elektriciteitsopwek kan worden omgezet in waterstof, wat vervolgens op

voor een oplossing van de netcongestie zorgen. Anderzijds kan watertof

meerdere manieren in de MRE regio ingezet kan worden:

als aanjager fungeren - ter verduurzaming van verkeer en vervoer en in de

• Direct geïnjecteerd in het gasnet. Op dit moment laat de wet maar een beperkte hoeveelheid bijmenging van H2 in het gasnet toe vanwege mogelijke veiligheidsoverwegingen. Er wordt op dit moment onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden.

• Aanleg van warmtenetten met H2 als warmtebron. Waterstof verbrandingsovens kunnen ingezet worden als duurzame energiebron voor warmte opwek via losgekoppelde warmtenetten.

warmtetransitie.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

gebaseerd op de vraag naar elektriciteit. In meer landelijke gebieden is deze

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

Innovatie door samenwerken

capaciteit van mensen en middelen, kostenefficiëntie en ruimtelijke

Uitkomsten van de Netimpactanalyse

gekregen maar op dat moment geen aansluitcapaciteit beschikbaar is. In

afstemming over gemeentegrenzen heen, is continue afstemming tussen de

De doorrekening levert een eerste inschatting op dat 5 HS/MS stations

dat soort gevallen kan, in samenspraak met de netbeheerder en andere

In de energietransitie werken we samen volop aan technologische

regionale overheden en de netbeheerder noodzakelijk.

uitgebreid moeten worden door Enexis. Voor deze stations geldt dat de

partijen, gekeken worden of andere oplossingen mogelijk zijn. Aangezien

en sociale innovaties. Daarmee maken we in onze regio het verschil.

beschikbare capaciteit op het net van Enexis pas benut kan worden na

de netbeheerders TenneT en Enexis grote investeringen moeten doen

Met de RES zorgen we voor een versterking van die samenwerking.

Onderzoek naar nieuwe aansluit- en opslagmogelijkheden, afstemming in

uitbreiding van het hoogspanningsnet door TenneT. Op alle 11 stations

om het elektriciteitsnetwerk geschikt te maken voor de toekomstige

Bestuurders, volksvertegenwoordigers, stakeholders en inwoners vragen

de regio over verdeling van de beschikbare capaciteit en juiste prioritering

zijn investeringen van TenneT benodigd voor uitbreiding van het

energieopgaven worden investeringsplannen opgesteld. Uitbreiding van

ons nadrukkelijk om innovatie in te zetten en ruimte te bieden aan lokale

van toekomstige investeringen in het elektriciteitsnet, is noodzakelijk.

hoogspanningsnet. Daarnaast verwachten we uitbreiding van 2 nieuwe HS/

het elektriciteitsnetwerk vergt langdurige processen met grote ruimtelijke

initiatieven. De RES moet flexibel zijn en voortdurend inspelen op verbeterde

Ook de blik op de toekomst voor gezamenlijke agendering – zoals met het

MS-stations, in aanvulling op de investeringen in de 11 bestaande stations.

impact zowel onder- als bovengronds. Een degelijke en afgestemde

technieken en innovaties.

provinciale programma Energiek Brabant - is relevant. Net als inzicht in

We zien de grootste uitdagingen ontstaan in de omgeving Hapert en in

uitvoeringsplanning biedt zekerheid om te komen tot nieuwe investeringen.

welke aanpassingen in wet- en regelgeving nodig zijn om onze doelstellingen

geringere mate het gebied tussen de regio’s Hart van Brabant, Noordoost

Realisatie van uitbreidingen van het elektriciteitsnetwerk kunnen worden

Bijvoorbeeld door te kijken naar slimme oplossingen om in onze regio met

te kunnen bereiken.

Brabant en Metropoolregio Eindhoven. De Netimpactanalyse is als bijlage 6.1

gekoppeld aan het ontwikkelen van projecten. Hiermee kan efficiënt

de netschaarste om te gaan. We zoeken naar innovaties die het mogelijk

toegevoegd. TenneT rondt op dit moment een netvisie voor Zuid Nederland

gebruik worden gemaakt van maatschappelijk geld en komt ook niemand

maken meer energie op te wekken met minder ruimte. We kijken ook naar

Een Netimpactanalyse van Enexis

af, waarmee zij inzicht zal geven in noodzakelijke aanpassingen in de

voor verrassingen te staan. Hiermee creëren we eerlijke en transparante

innovaties die zorgen voor minder energievraag of innovaties waarmee we

Enexis heeft een Netimpactanalyse opgesteld die inzicht geeft in de

configuratie van het Hoogspanningsnet en hoe zich dat verhoudt tot de

verwachtingen naar elkaar.

los kunnen koppelen van het elektriciteitsnet. Het toepassen en opschalen

noodzakelijke aanpassingen in het elektriciteitsnetwerk om ontwikkelingen

uitdaging in omgeving Hapert. Deze netvisie is dus van belang om invulling

van innovaties is ook noodzakelijk om de kosten van innovaties te verlagen.

in de verschillende zoekgebieden uit de concept RES 1.0 van de MRE te kunnen

te geven aan de ambitie van de metropoolregio Eindhoven. Daarnaast zal

Zodat we ze, na 2030, op grotere schaal kunnen gebruiken.

faciliteren. De analyse gaat een stap verder dan de Netimpactanalyse die is

Enexis verdere analyses gaan uitvoeren naar de haalbaarheid van deze

gemaakt voor de concept-RES van de MRE. Op basis van een eerste ambtelijke

noodzakelijke uitbreidingen.

inventarisatie is een overzicht gemaakt van wenselijke ontwikkelingen in de

Door samen te werken, kan regie gevoerd worden aan de voorkant van het proces in plaats van reageren achteraf.

Veel oplossingen zijn al beschikbaar Voor een groot deel zijn oplossingen al beschikbaar, in onze regio en

zoekgebieden op basis van huidig(e) beleids(ontwikkelingen), zodat daarmee

Afstemming en programmering

een eerste verkenning kon worden gedaan van de mogelijke impact op het

De netbeheerders Tennet en Enexis en de gemeentelijke overheden, die het

elektriciteitsnetwerk. De netimpactanalyse toont ook aan dat er methoden

bevoegd gezag zijn voor het verlenen van vergunningen, gaan intensiever

Dat geldt ook voor pilots met betrekking tot sociale innovatie en/of nieuwe

zijn om de netimpact te beperken. Hiervoor zijn enkele gebieden geduid

samenwerken. De netbeheerders zijn gebonden aan wet- en regelgeving,

financiële en juridische constructies.

waar zulke optimalisaties denkbaar zijn. Bijvoorbeeld door wind en zon te

maar door goede samenwerking kunnen slimme keuzes worden gemaakt

combineren op dezelfde aansluiting (cable-pooling) of het ‘aftoppen’ van het

in het haalbaar en betaalbaar houden van het elektriciteitsnetwerk.

terugleveren van elektriciteit van zonneparken. Deze werken we verder uit

Afstemming en regie aan de voorkant betekent ook dat gemeenten onderling

in het samenwerkings- en uitvoeringsprogramma. Daarnaast zien we ook

en in samenspraak met de netbeheerder de bestaande capaciteit in een

nieuwe ontwikkelingen op ons afkomen die meerdere oplossingsrichtingen

gebied zo goed mogelijk kunnen benutten. Dit voorkomt teleurstelling op

geven om de transportcapaciteit efficiënter te benutten.

het moment dat ontwikkelende partijen een omgevingsvergunning hebben

Afstemming in de regio over verdeling van de beschikbare capaciteit.

daarbuiten. We willen gebruik maken van die beschikbare technieken. We leren van de goede voorbeelden en zetten in op kennisdeling en opschaling.

53

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

52

INHOUDSOPGAVE

Oud-Philipsingenieur Cees van Nimwegen uit Best ontwikkelt een accu die

We willen leren van de goede voorbeelden en inzetten op kennisdeling en opschaling

zonne-energie opslaat. Zijn batterij bij ecodorp Boekel is bijna klaar. Via

In de Kempen werken de gemeenten op dit moment samen met Brainport

zonnepanelen opgewekte elektriciteit worden door stalen buizen geleid

Development, de BOM en andere partijen aan de realisatie van een

in bijvoorbeeld een container. Om die stalen buizen liggen basalten

‘GreenH2UB’. Wind- en zonne-energie wordt daarbij omgezet naar groene

(vulkanisch gesteente) of staalslakken, steenachtig spul dat vrijkomt bij

waterstof die vervolgens gebruikt kan worden voor de mobiliteit, de industrie

staalproductie. Die pikken de warmte van de elektriciteit op en bereiken

en woningen. Dit is een interessant alternatief om de belasting van het

na verloop van tijd een temperatuur van zo’n 500 graden. Door een dikke

elektriciteitsnet te verminderen. De ambitie is om dergelijke initiatieven ook

laag steenwol rondom de stenen koelen die nauwelijks af. Zo kun je in de

in andere delen van de regio op te starten. Samen met Brainport Development

zomer opgewekte energie bewaren voor de winter. Door koude lucht door

verkennen we welke trajecten we samen kunnen oppakken.

Bestse accu voor het opslaan van zonne-energie

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

INHOUDSOPGAVE

het systeem te blazen, koelen de stenen weer af. De koude lucht wordt warm en kan gebruikt worden om bijvoorbeeld water te verwarmen.

Naast oplossingen die nu al of binnen afzienbare tijd beschikbaar zijn, kijken we ook naar de langere termijn en de uitdagingen van het toekomstige energiesysteem. Dit doen we onder andere samen met onze kennisinstellingen - zoals de TU/e en Fontys -, de netbeheerders, het Rijk, provincie en andere RES-regio’s. Dit biedt niet alleen mogelijke oplossingen voor de energieopgave in onze eigen regio, maar ook economische kansen voor de innovatieve bedrijven in onze regio.

Wat we gaan doen! Er is continue afstemming tussen netbeheerder en de lokale en regionale overheden. We stemmen de verdeling van de beschikbare capaciteit en noodzakelijke investeringen in de toekomst regionaal af. Er wordt gewerkt aan een systeemstudie door de provincie om inzicht te krijgen in de wenselijke energiemix voor 2050. Netbeheerders ontwikkelen uitbreidingen van het net en voeren (locatie) studies uit voor deze uitbreiding (o.a. hoogspanningsstations). We zetten in op opslag van elektriciteit en innovatie om met netschaarste om te gaan.

55

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

54

INHOUDSOPGAVE

5. S  tap voor stap naar uitvoering

INHOUDSOPGAVE

Bouwstenen samenwerking- en uitvoeringsprogramma

Overzicht thema’s en taken Als

basis

voor

het

Samenwerkings-

en

uitvoeringsprogramma is vanuit de ambtelijke

Naar een Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

We hebben als gemeenten, provincie en waterschappen binnen de regio grote ambities op het gebied van de energietransitie die we met elkaar, en alle betrokken partijen, gerealiseerd willen zien. Om deze RES naar een efficiënte en effectieve uitvoering te brengen zijn grote stappen nodig. Onze ambities vragen om langjarige samenwerking tussen overheden, netbeheerders,

RES-werkgroepen een overzicht van thema’s en

Organisatiemodel/governance Welke organisatiestructuur past het beste bij onze samenwerking in de uitvoering? Op welk schaalniveau kunnen de taken het beste worden gelegd? Hoe kunnen de taken het beste worden aangestuurd? Dit zal verschillen per thema en taak.

taken, voortvloeiend uit de RES 1.0, opgesteld. Deze thema’s en taken kunnen worden onderverdeeld langs drie sporen: 1.  Herijken en verrijken van de RES 1.0 tot een

RES

2.0

(monitoring,

aanpassen/

aanscherpen doelstellingen, maken van gezamenlijke keuzes en kaders).

het bedrijfsleven, (samenwerkende) inwoners en andere stakeholders.

2.  Ontwikkeling

van

strategie

en

beleid

De uitvoering is bij verschillende partijen belegd, op verschillende

(ondersteuning gemeenten bij uitvoering

schaalniveaus (lokaal, subregionaal, regionaal). De uitdaging is om dit samen

RES doelstellingen inclusief de organisatie

goed te organiseren met gemeenten, provincie, netbeheerders en andere

van kennisuitwisseling).

maatschappelijke partners. De beleidsmatige afspraken/plannen moeten

3. Uitvoering van gezamenlijke projecten (zoals

worden omgezet in concrete (uitvoerings)programma’s en onderliggende

De Groene Zone, modules Besparing).

projecten. Hoe organiseren de gemeenten dit, met maatschappelijke partners, die ook van de gemeenten vragen om eenduidig op te treden? Waarbij veel kleine gemeenten te maken hebben met een gebrek aan capaciteit? Om invulling te geven aan de te zetten vervolgstappen stellen we met

Overzicht thema’s en taken Thema’s en taken die voortvloeien uit de RES 1.0 worden opgepakt in de periode 2022-2023.

de partners uit de RES-regio MRE een regionaal Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma op, zoals ook in onze Startnotitie RES is vastgelegd. In dit Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma komen de volgende elementen, of puzzelstukken, bij elkaar: Financiën en capaciteit Inzicht in de benodigde capaciteit (ambtelijke inzet van gemeenten, provincie en waterschappen) en middelen.

Herijken en verrijken RES 1.0 naar RES 2.0

Ontwikkeling strategie en beleid

Uitvoering gezamenlijke projecten

• Monitoring

• Kennisdeling- en leeragenda

• Realisatie ‘no regret’-maatregelen

• Herijken en verrijken

RES 1.0 naar een RES 2.0

voor de regiogemeenten, provincie en waterschappen op alle RES-thema’s

• Informatieplatform warmte

• Kennisplatform besparing

• Programmering en prioritering

m.b.t. aansluiten elektriciteitsnetwerk. • In beeld brengen kansen innovatie, i.s.m. Brainport Development. Op zoek naar proeftuinen. • Agenderen thema Arbeidsmarkt en innovatie, i.s.m. Brainport Development en arbeidsmarktregio’s. • Inventarisatie proeftuinen sociale innovatie, i.s.m. Provincie.

• Ondersteunen gemeenten bij

communicatie en participatie* (directe verantwoordelijkheid communicatie ligt bij gemeenten).

duurzame opwek, in de volgorde van de zonne-ladder. We starten met de volgende trajecten:  ersnelling realisatie grootschalige • V zonne-daken bedrijven/agrariërs • Versnelling duurzame energie langs infrastructuur (b.v. Energiecoridor A58) • Versnelling duurzame energie op defensieterreinen

• Ondersteuning gemeenten bij het

verankeren van de keuzes in de RES 1.0 in het eigen omgevingsbeleid.

• Gemeenten en stakeholders gaan

samen aan de slag met de besparingsmodules:  oor bedrijven (i.s.m. o.a. VNO/NCW • V en ODZOB) • Voor woningeigenaren (i.s.m. o.a. woningcorporaties en energiecoörperaties) • Voor maatschappelijk vastgoed

• Ontwikkeling afwegingskader voor warmtebronnen.

• Ondersteuning gemeenten bij het

opnemen van het streven naar minimaal 50% participatie bij zon- en windprojecten in het eigen beleid.

*m  et specifieke aandacht voor mensen met een smalle beurs, jongeren en ouderen.

57

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

56

58

INHOUDSOPGAVE

Organisatiemodel/governance

INHOUDSOPGAVE

59

6. K  ies voor flexibiliteit in de uitvoering. Dit kan door de uitvoering te

Wij hebben een verkenning laten uitvoeren over de te zetten stappen naar

organiseren in de vorm van een ‘coalition of the willing’ met vrijwillige

een efficiënte en effectieve uitvoering van de RES. Belangrijkste vraagstuk

deelname. Dit is maatwerk.

hierbij was hoe we de sturing in ons proces goed kunnen organiseren. De verkenning is gebaseerd op een documentenanalyse, een enquête

Deze aanbevelingen nemen we mee in de uitwerking van het Samenwerkings-

bij bestuurders en ambtenaren van de 21 gemeenten, en interviews met

en uitvoeringsprogramma.

is gekeken naar ervaringen in andere regio’s.

Financiën en capaciteit In het Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma zal inzicht worden

De enquête bij de gemeenten heeft inzichtelijk gemaakt op welke taken er een

gegeven in de benodigde capaciteit en middelen. De benodigde ambtelijke

algemene voorkeur ligt tot samenwerking op regionale dan wel subregionale

capaciteit zal worden uitgewerkt vanuit de RES-werkgroepen, op basis van

schaal. Vanuit de interviews zijn aandachtspunten meegegeven voor het

de lijst met thema’s en taken. Daarnaast zal een nieuw Bestedingsplan

vervolg van de organisatie van de samenwerking.

worden opgesteld. Kern hiervan zijn de middelen die vanuit het Rijk aan de RES-regio’s beschikbaar worden gesteld, aangevuld met de middelen

Uit deze verkenning komen de volgende aanbevelingen voor ons proces:

vanuit de reguliere MRE-begroting. Wanneer het vervolgproces aanvullende

1.  Kies voor een stapsgewijze doorontwikkeling. Dit betekent een

financiële middelen van gemeenten of provincies vraagt, dan wordt

verbetering van de huidige sturing en organisatie en op termijn een

dit voorstel separaat voorgelegd aan de betrokken raden, provincie en

doorontwikkeling en forsere verandering naar sturing en organisatie

waterschappen.

door bijvoorbeeld een Programmaraad vanuit een gezamenlijk regionaal verantwoordelijkheidsbesef. 2. Kies voor (meer) sturing op programmaniveau, door een stuurgroep of programmaraad. Betrek hierbij stakeholders, ook kaderstellend.

Planning Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma Met alle hiervoor benoemde bouwstenen stellen we – in afstemming met de betrokken stakeholders – het Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma

3. Focus op samenwerking in de RES-organisatie. Met een programmateam

RES op. Vervolgens zal het Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma

dat verantwoordelijk is voor de samenhang, organisatie en uitvoering

worden voorgelegd aan de besturen van de gemeenten, provincie en

van het programma.

waterschappen.

4. Om meer grip te krijgen op de uitvoering kan gewerkt worden met een matrix-model. 5. Kies voor gemeentelijke of subregionale accounthouders die uitvoering van taken/projecten afstemmen met programmamanagers en werkgroeptrekkers van de RES.

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

stakeholders uit de Adviesgroep RES MRE, waterschappen en provincie. Ook

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE

Regionale Energiestrategie 1.0 | Metropoolregio Eindhoven

Bijdrage van het Rijk Als regio zetten we onze schouders onder de realisatie van onze energie-

• Het is belangrijk dat het Rijk maatregelen neemt, die leiden tot een

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10863743/1