2021-18 RV Bijlage 05-06 - Verzoek tot wijziging begrenzingen Nuenen West
Tekst van het document
Door de specifieke ligging langs de linten ligt het voor de hand om qua bouwhoogte aan te sluiten bij de daarbij horende karakteristiek. Evengoed zijn binnen het concept van de landelijke ensembles opmerkelijke bouwhoogten voorstelbaar, zoals een klooster op de grens van de bebouwde kom de dorpsrand markeert.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 22 van 63
figuur 14.
Overzicht spelregels voor de landelijke ensembles).
In het Masterplan / Beeldkwaliteitsplan zijn de uitgangspunten voor de landelijke ensembles (de ‘spelregels’) opgenomen. De volgende bepalingen zijn richtinggevend (zie ook figuur 14): • Samenhangend ensemble van individuele bouwvolumes met een onderscheidende signatuur; • Vrijstaande woningen of 2-onder-1 kapwoningen, incidenteel afgewisseld met korte rijen; • Dichtheid: 10-20 woningen/hectare; • Bebouwing is gegroepeerd en oriënteert zich op een centraal gemeenschappelijk erf; • Rooilijn naar omgeving is vrij, minimaal 5 meter uit de uitgiftegrens; • Rooilijn op het gemeenschappelijk erf mag direct in de erfgrens worden gesitueerd; • Bebouwing is afwisselend van korrelgrootte en karakter, van modern tot traditioneel; • Bouwhoogte: 1-1½ bouwlaag met kap, incidenteel 2 lagen met kap en hoogteaccenten tot 4 lagen toegestaan; • Kappen: zadeldaken en mansarde kappen, overwegend in langsrichting georiënteerd; • Hoek van de kap: 35-45°; • Materiaal en kleurgebruik: is onderscheidend, of sluit aan bij sfeer en uitstraling van de oorspronkelijke agrarische bebouwing; • Bijgebouwen zijn ondergeschikt aan het hoofdgebouw, staan in principe los en hebben een kap; • Op grens met landschap is bebouwing structureel omzoomd met landschappelijk groen; • De groene zoom beslaat 15-20% van het oppervlak van het bouwveld en is vrij van bebouwing; • De erfafscheiding op de grens met het landschap
bestaat uit een greppel; • De grens tussen de individuele buitenruimten wordt niet strikt gedefinieerd, maar hoofdzakelijk met struiken, bomen en hagen vormgegeven. Om te borgen dat deze spelregels goed worden gebruikt in de ontwikkeling én in het beheer (dus de instandhouding) van de landelijke ensembles, zijn deze opgenomen in de beleidsregel “stedenbouwkundige kwaliteit”, die bij het bestemmingsplan hoort. De invulling van de boerenerven conform de principes uit het Masterplan / beeldkwaliteitsplan, zowel in ontwikkeling (oprichting) als bij instandhouding, is hiermee geborgd.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 23 van 63
figuur 15.
Impressies uitwerking landelijke ensemble aan de Vorsterdijk: in vogelvlucht vanuit het westen (boven) en het oosten (onder) en zicht op straatniveau op het centrale erf (midden).
Natuurinclusief bouwen Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 24 van 63
Daarnaast wordt in het plan aandacht besteed aan natuurinclusief bouwen. Met eenvoudige voorzieningen aan gebouwen, zoals architectonische aanpassingen aan het ontwerp of het aanpassen van een werkwijze of de te gebruiken materialen, kan veel bereikt worden voor de biodiversiteit en leefbaarheid. Er zijn veel technische voorzieningen mogelijk in de vorm van inbouwkasten voor broedende vogels of voor vleermuizen. Voor gierzwaluwen zijn speciale dakpannen op de markt. Muurplanten zijn gebaat bij het gebruik van kalkhoudende mortel. Groene daken en groene muren zorgen voor een betere leefomgeving voor dier en mens. Door slim om te gaan met verlichting kunnen veel negatieve effecten op dieren worden voorkomen. Natuurinclusief bouwen houdt rekening met bestaande en toekomstige ecologische waarden in een (stedelijk) gebied. Voor Nuenen West zijn er kansen voor natuurinclusief bouwen, zodat de ecologische waarden in en rondom het plangebied versterkt kunnen worden. De uitwerking van natuurinclusief bouwen, in maatregelen op gebiedsniveau en op gebouwniveau, kan op verschillende manieren en is sterk in ontwikkeling.
Er is daarom, gezien de lange looptijd van de ontwikkeling, niet gekozen voor het opnemen van concrete uitwerkingen of maatregelen, maar in de beleidsregel “landschap, ecologie en biodiversiteit” is een inspanningsplicht opgenomen om per initiatief te onderzoeken op welke wijze de ontwikkeling natuurinclusief gerealiseerd kan worden.
3.3
Uitwerking waterhuishoudkundige situatie
De bestaande kenmerken die relevant zijn voor de (grond)waterhuishoudkundige situatie binnen Nuenen West en het Dommeldal, betreffen de agrarische percelen, ‘groene elementen’ (zoals bosschages, houtsingels, hagen en bomenrijen), bermsloten en particuliere tuinen; hier kan infiltratie van hemelwater plaats vinden. Er zijn binnen het Attentiegebied NNB in de veldinventarisatie door Antea Group (zie Bijlage 2) geen andere voor de waterhuishouding specifieke waardevolle elementen aangetroffen. De aanduiding Attentiegebied NNB is gericht op het beschermen van de waterhuishoudkundige situatie in het naastgelegen Kleine Dommeldal. Vanuit het plangebied Nuenen West wordt de waterhuishoudkundige situatie gevoed door hemelwater, dat (deels via het grondwater) richting het Kleine Dommeldal stroomt. In het herijkte plan moet, gelijk aan het ‘oude plan’, worden geborgd dat de afvoer van het hemelwater in het plangebied (mede richting Kleine Dommeldal) niet vermindert. In het kader van de herijking is de waterhuishoudkundige toekomstige situatie in en rondom het plangebied Nuenen West nader onderzocht. In een nieuw waterhuishoudkundig plan is onderzocht op welke wijze de retentie en infiltratie van hemelwater plaats dient te vinden; navolgend is nader toegelicht op welke wijze dit plaats zal vinden.
In het waterhuishoudkundig plan (uit 2015, geactualiseerd in 2018) is door BPD in overleg en overeenstemming met het Waterschap De Dommel aangegeven hoe de wateropgave wordt ingevuld. In het waterhuishoudkundige plan zijn de principes voor waterberging, infiltratie en afvoer omschreven voor het gehele plan Nuenen West. Deze principes bestaan er uit dat in de bouwvelden het hemelwater wordt opgevangen en wordt afgevoerd naar wadi’s binnen het plangebied. Deze wadi’s zijn voorzien in de grotere stedelijke groenstructuren in de bouwvelden en in de grote ‘groene vingers. In theorie kan de volledige benodigde retentie en infiltratie van het hemelwater in de groene vingers plaats vinden. Dit is echter niet gewenst, omdat de groene vingers dan onvoldoende benut kunnen worden voor groene kwaliteiten en recreatief medegebruik. Daarom wordt een deel van de retentie- en infiltratiecapaciteit ook buiten het plangebied gerealiseerd. Deze zoekgebieden zijn, op basis van de nu uitgevoerde retentieberekeningen, niet noodzakelijk in fase 1 (ten zuiden van de Europalaan, tot aan de Opwettenseweg) en slechts beperkt voor fase 2 (ten zuiden van de Opwettenseweg): voor fase 2 is ca. 400 m3 berging benodigd in de buitenplanse berging. Ten behoeve van een robuust en klimaatbestendig watersysteem worden de beide bergingen wel gerealiseerd en overgedimensioneerd).
Voor het plangebied ten noorden van de Europalaan, dat pas als laatste ontwikkeld zal worden, dient nog een nadere locatie te worden bepaald om een berging van ca. 3.300 m3 te realiseren; dit wordt nader geconcretiseerd bij de uitwerking van het noordelijke deel (dit gebied heeft een uit te werken bestemming in het nieuwe bestemmingsplan). In de onderstaande figuur zijn de locaties en principes voor de waterhuishouding weergegeven.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 25 van 63
Landelijke afvoer naar Kleine Dommel figuur 16.
Legenda: Plangebied NW Wadi’s in stedelijk groen Wadi’s in groene vingers Berging buiten plangebied Afvoerrichting
Waterhuishoudkundige principes voor infiltratie, retentie en afvoer in Nuenen West.
Door de verstedelijking (en daarmee ook de toename in verharding) van Nuenen West zal de infiltratie van hemelwater in de bodem binnen het plangebied beperkt afnemen. De opzet van het waterhuishoudkundige systeem is er op gericht, om middels wadi’s in het stedelijk groen en binnen de groene vingers, samen oppervlaktewaterverbindingen tussen de groenstructuren en de bergingslocaties buiten het plangebied, te voorkomen dat hemelwater versnel wordt afgevoerd naar het watersysteem (Kleine Dommel). Hiermee worden effecten op infiltratie, en daarmee grondwater binnen het Dommeldal, voorkomen.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 26 van 63
4
Uitwerking buiten de wijk Nuenen West
4.1
Ontwikkeling van het Dommelpark
De gemeente Nuenen werkt samen met de gemeente Eindhoven aan de ontwikkeling van het Dommeldal. In het verleden werd vanuit twee kanten naar dit gebied gekeken. Door het gebied als één park op te pakken komt er samenhang in het ontwerp. Deze paragraaf geeft aan hoe er aan de zijde van Nuenen wordt gewerkt en welke instrumenten worden ingezet om de doelen te bereiken. Dit vanwege de directe link met het nieuwe bestemmingsplan voor Nuenen-West.
Vijf doelstellingen voor het Dommelpark De missie is om in het Dommelpark te komen tot een groenblauwe ontwikkeling en versterking, waarin landschap, water, ecologie en (extensief) recreatief medegebruik hand in hand gaan. Het Dommelpark zorgt voor een impuls in het gebied waarbij een aantal gebiedsopgaven samen komen, hierbij gaat het om: • Het realiseren van het Natuur Netwerk Brabant; • Een kans bieden voor een omschakeling naar een circulaire en duurzame landbouw; • Het beleefbaar maken van het beekdal van de Kleine Dommel; • Het borgen van de groene ruimte in het kader van de klimaatadaptatie en het tegen gaan van hittestress; • Het behouden en zichtbaar maken van de cultuurhistorie. Navolgend wordt kort op deze onderwerpen ingegaan. Realisatie Natuur Netwerk Brabant (NNB) De gemeente Nuenen heeft op 31 januari 2018 een intentieovereenkomst ondertekend met Eindhoven, Son en Breugel, Geldrop-Mierlo, Staatsbosbeheer, Brabants Landschap en Waterschap de Dommel. Deze overeenkomst ‘Dommeldal uit de verf 2.0’ geeft aan hoe de partijen het NNB tussen Geldrop en Breugel gaan realiseren. Een van de deelgebieden is het Dommelpark. Voor de Nuenense zijde is een overzicht gemaakt van de gronden die nog niet zijn ingericht. De eigenaren van deze percelen worden benaderd met de vraag om zij willen meewerken aan de realisatie van het NNB.
Dit kan door het zelf ontwikkelen van natuur of het verkopen van de grond. Met een aantal eigenaren zijn er gesprekken gaande. Bij het zelf realiseren worden de eigenaren geholpen met de contacten met het Groenontwikkelfonds Brabant (GOB). Per perceel wordt bekeken wie de grond gaat verwerven, wie gaat inrichten en wie uiteindelijk gaat beheren. Ook de gemeente zal hier gronden gaan verwerven binnen de kaders van het Groenontwikkelfonds Brabant. Omschakeling naar circulaire en duurzame landbouw De gronden die niet zijn gelegen in het NNB zijn gelegen in de Groenblauwe Mantel. Deze gronden zijn niet in eigendom van de overheid maar hoofdzakelijk van agrarische ondernemers. In de GBM ligt de nadruk om de bestaande landbouw te begeleiden naar een circulaire bedrijfsvoering waarbij er aandacht is voor de cultuurhistorie en het landschap in het gebied. Met ondernemers wordt besproken hoe zij binnen hun bedrijfsvoering kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van het Dommelpark. Zij worden actief bezocht voor de veldcoördinator van het Stimuleringskader groenblauwe diensten (Stika). Beleefbaar maken van het beekdal Naast het ontwikkelen van de natuur en het landschap is het ook van belang dat het park beleefbaar wordt voor de omgeving. De nieuw aan te leggen wandelstructuur is hiervan een belangrijk onderdeel.
Voor deze ontwikkeling zijn middelen beschikbaar vanuit reserve bovenwijkse voorzieningen. Het nieuw te realiseren wandelpad zal in fasen worden aangelegd. Het deel tussen Nuenen-West en de Kleine Dommel ligt grotendeels op percelen die in eigendom zijn van Staatsbosbeheer of percelen die vanuit ‘Dommeldal uit de verf 2.0’ zullen worden aangekocht. Naast de hoofdwandelstructuur wordt het gebied verder ontsloten via een fijnmazige wandelstructuur bestaande uit onverharde paden.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 27 van 63
Klimaatadaptatie en het tegengaan van hittestress Door het gebied open te houden heeft het gebied een functie binnen de klimaatadaptatie. Het gebied is voor een groot deel bestemd voor waterberging. Hiervoor moet het gebied vrijgehouden voor bebouwing. Het bestemmingsplan Buitengebied sluit dan ook bebouwing uit. Het totale Dommelpark vormt door het aanwezige groen (500 hectare) een plaats waar men bij extreme hitte in de stad de koelte kan opzoeken. Behouden en zichtbaar maken van de cultuurhistorie Het gebied heeft kansen voor het behouden en versterken van de cultuurhistorie. Aan de Nuenense zijde liggen het landgoed Soeterbeek en het complex van de Opwettense Watermolen. De gemeente Nuenen heeft samen met onder andere de gemeente Eindhoven opdracht verleend voor een studie naar de zogenaamde watermolenlandschappen. Deze studie wordt uitgevoerd door de Molenstichting Noord-Brabant. Hierbij worden de watermolenland-schappen van zowel de Opwettense Watermolen als de Collse Watermolen en de Hooydonksche Watermolen beschreven. De uitkomsten van deze studie zal verwerkt worden in de inrichting van het Dommelpark. Met de eigenaren van Landgoed Soeterbeek zijn gesprekken gaande naar de nieuwe functie binnen het Dommelpark.
Integraal beeld in Visie op het Dommelpark Om de vijf doelstellingen op goede en vooral integrale wijze te kunnen oppakken, wordt momenteel gewerkt aan een ruimtelijke visie op het toekomstige Dommelpark. In de landschappelijke ontwikkelingsvisie wordt de variatie in landschappelijke, historische, hydrologische en ecologische kenmerken van het gebied benut om het coulissenlandschap, met variatie tussen nat en droog, te versterken en tot landschappelijke eenheid te ontwikkelen. In de opzet van het landschappelijk raamwerk (zie figuur 17) zijn niet alleen bestaande landschappelijke, hydrologische en ecologische kwaliteiten als vertrekpunt genomen, maar is ook nadrukkelijk aansluiting gezocht bij de natuurontwikkeling binnen het NNB langs de Dommel en Kleine Dommel. Immers: deze natuurontwikkeling is vastgelegd in het NNB en kent niet alleen een visie maar ook een concrete uitvoering waarbij goed aangesloten kan worden. Tevens is bij het ontwerp van de lijnvormige landschapselementen (bomenrijen, hagen, singels en houtwallen) aansluiting gezocht bij de schaal en korrel die typerend is voor de landschappen in de omgeving en die historisch gezien veelvuldig voor kwam in het plangebied. Deze singels en houtwallen vormen een stevig landschappelijk grid, waarbinnen de ontane ruimte afhankelijk van locatie (en hoogte) voor natuur of voor agrarische doeleinden kan worden ingezet.
Langs de randen waar het het grid niet krachtig genoeg is zijn er bospercelen toegevoegd.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 28 van 63
figuur 17.
Visie op het toekomstige Dommelpark (bron: JenG, december 2018).
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 29 van 63
4.2
Kleine Dommeldal als onderdeel van Nuenen West
Voor wat betreft het deel tussen de Kleine Dommel, Europalaan, A270 en Nuenen West wordt de landschappelijke, recreatieve en ecologische ontwikkeling ingevuld in relatie met Nuenen West, voor zover passen binnen de kaders zoals gesteld in hoofdstuk 2. In dit gebied, verder aangeduid met ‘inrichtingsgebied’, is alle grond reeds in de Verordening ruimte aangeduid als Natuurnetwerk Brabant (NNB) of Groenblauwe Mantel (GBM). In 0 is dit weergegeven. Er is in de uitwerking van de landschappelijke visie in het inrichtingsgebied sprake van een tweetal type maatregelen (zie 0 en figuur 19) in de navolgende paragrafen zijn deze ingrepen nader uitgewerkt: • Binnen het NNB is voor alle percelen een natuurdoeltype bepaald in het Natuurbeheerplan Noord-Brabant 2019 (ongewijzigd t.o.v. 2016). Een deel van de percelen binnen het NNB zijn reeds ingericht conform Natuurbeheerplan en in eigendom van partijen die deze natuurontwikkeling realiseren (bijv. Staatsbosbeheer). Voor zover het gaat om de realisatie van nieuwe natuur binnen het NNB, zal worden aangesloten op het Natuurbeheerplan en worden (financiële) instrumenten die beschikbaar zijn betrokken (bijv. subsidies vanuit het Groenontwikkelfonds Brabant). De landschapstypen die in de landschappelijke ontwikkelingsvisie zijn aangegeven, zijn gebaseerd op het Natuurbeheerplan.
• Binnen de GBM worden ook investeringen gedaan om de visie voor het Dommelpark te realiseren. Hiervoor is geen specifiek ‘hard’ inrichtingskader vastgelegd, zoals wel het geval is voor het NNB (middels het Natuurbeheerplan). Het gaat hier met name om het versterken van het coulissenlandschap middels het plaatsen van landschapselementen (singels, houtwallen), enkele bossen ter verdere versterking van het landschap en het versterken van de recreatieve infrastructuur. Overigens vindt deze versterking van landschapselementen ook plaats binnen het NNB.
Legenda: Plangebied NW Groenblauwe mantel Natuurnetwerk Brabant
figuur 18.
NNB en GBM in het Dommeldal ter plekke van het inrichtingsgebied.
Een groot verschil tussen de ingrepen in het NNB en de GBM ligt in de mate waarin de ingrepen vlakdekkend worden uitgevoerd. Binnen het NNB wordt nieuwe natuur vlakdekkend gerealiseerd, conform Natuurbeheerplan. Binnen de GBM vindt alleen bosontwikkeling op enkele percelen vlakdekkend plaats; het merendeel van de ingrepen betreft de realisatie van de versterkende landschapselementen. De agrarische functie van percelen (in de toekomst gericht op de circulaire en duurzame landbouw, zie ook paragraaf 4.1) blijft grotendeels gehandhaafd.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 30 van 63
Legenda: Plangebied NW Akkers (landbouw) Grasland (landbouw) Vochtig hooiland, schraalland Vochtig beekbegeleidend bos Overig bos Water Opwettense Watermolen Hoofdroute Subroute Landschapselementen Om te vormen (boeren)erf In te passen woonfunctie
figuur 19.
Vertaling landschappelijke visie JenG naar Kleine Dommeldal.
Bestaande bebouwing In het gebied staat ook bebouwing waarvan de functie niet geheel past in de eindvisie. Met eigenaren van deze percelen wordt gesproken om de vervolgfunctie van de panden meer passend te maken met het park. Zo komt er op de locatie van een voormalige veehouderij aan de Opwettenseweg een zorgwooncomplex waarbij de stallen worden gesloopt. In de bedrijfsbebouwing aan het Wettenseind zitten nu een doe-het-zelf winkel met houtzagerij, een kunstgalerie en een stalling voor caravans. Het streven is om niet-passende functies te verplaatsen maar aangezien het gaat om particulier eigendom zal dit op basis van vrijwilligheid moeten plaatsvinden. Binnen het bestemmingsplan Buitengebied (vastgesteld 1 november 2018) is een regeling opgenomen om te voorkomen dat er ongewenste bedrijven zich gaan vestigen. De staat van Bedrijfsactiviteiten is hierop aangepast. In figuur 19 zijn deze kavels groen en geel gearceerd weergegeven. In de visie op het Dommelpark (zie figuur 17) zijn deze kavels aangegeven als Dommel Erf. De ruimtelijke opzet en inrichting van deze erven is vergelijkbaar met de erven die binnen Nuenen West aan de Vorsterdijk en het Wettenseind worden gerealiseerd.
Omdat de herontwikkeling van deze erven vanuit privaat initiatief dient te geschieden, er nieuwe (woon)functies mee zijn voorzien en de herontwikkeling pas op langere termijn zal plaats vinden, is uitgangspunt dat deze transformatie per erf financieel en procesmatig zelfstandig zal geschieden. De transformatie wordt dan ook niet actief meegenomen in de projectmatige herinrichting van het Dommelpark door de gemeente en BPD.
Ontwikkeling past binnen bestaand planologisch kader Het Dommelpark ligt binnen het op 1 november 2018 vastgestelde bestemmingsplan Buitengebied. De gronden hebben de bestemmingen ‘Agrarisch met waarden – Groenblauwe Mantel’ of ‘Agrarisch met waarden – Natuur en landschappelijke waarden’ of ‘Natuur’. De laatste twee bestemmingen hebben een directe bestemming voor het behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van natuur- en landschapswaarden. Hiermee is de realisatie van het NNB direct planologisch mogelijk gemaakt. Binnen de bestemming ‘Agrarisch met waarden – Groenblauwe Mantel’ is het behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en natuur- en landschapswaarden’ direct bestemd waardoor ook op deze percelen de doelstellingen uit het Dommelpark direct kunnen worden
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 31 van 63
ingevuld. Om de visie in het Kleine Dommeldal (binnen de gemeentegrenzen van Nuenen) te realiseren, is het dan ook niet nodig om het planologisch regime te herzien: de ontwikkelingen zijn mogelijk binnen het vigerende bestemmingsplan Buitengebied.
4.3
Nieuwe natuur binnen het NNB
Een deel van de ingrepen vindt plaats binnen het NNB: er wordt nieuwe natuur gerealiseerd. Hierbij wordt aangesloten bij de natuurbeheertypen die zijn aangegeven in de ambitiekaart van het Natuurbeheerplan 2019. In figuur 20 zijn deze weergegeven. Niet alle gronden hoeven echter nog ingericht te worden; een groot deel van de gronden, in eigendom bij Staatsbosbeheer, zijn reeds ingericht. Dit geldt ook voor de Kleine Dommel zelf en een groot deel bij de Opwettense Watermolen2. In figuur 20 is aangegeven, welke gronden nog niet zijn ingericht met natuur: dit zijn de gronden die met rode stippellijn zijn aangegeven. Reeds gerealiseerde natuur is semi transparant aangegeven in de afbeelding. Bijlage 5 bevat A3 kaarten inzake het inrichtingsgebied in het Kleine Dommeldal. In figuur 20 is ook een fase 1 en fase 2 aangegeven. Fase 1 betreft het inrichtingsgebied tussen Europalaan en Opwettenseweg, fase 2 is het gebied tussen Opwettenseweg en A270. Deze fasen zijn opgenomen t.b.v. de duiding van de voorkeur voor fasering van de inrichtingsmaatregelen; in paragraaf 4.5 wordt hier nader op ingegaan.
Legenda: Te realiseren NNB Begrenzing NNB Plangebied NW N00.01 Zoekgebied 2 Alg. Hoge CHW N03.01 Beek en Bron N10.01 Nat schraalland N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N16.03 Droog bos met productie
Fase 1
Fase 2
figuur 20.
Indeling natuurbeheertypen cfm. ambitiekaart Natuurbeheerplan 2019. Semi transparant = gerealiseerd.
Binnen de in figuur 20 aangegeven gebieden dient in totaal nog 14,96 ha nieuwe natuur ontwikkeld te worden. Dit kan onderverdeeld worden in 9,58 ha tussen Europalaan en Opwettenseweg en 5,18 ha tussen Opwettenseweg en A270. Analoog aan de fasering van Nuenen West zelf, zijn deze delen respectievelijk Fase 1 en Fase 2 genoemd. Voor de natuurdoeltypen die zijn gewenst in dit gebied (N00.01, N03.01, N10.01, N12.02 en N16.03) is bekend welke inrichtingskosten gemoeid gaan. Voor de investeringsberekening is uitgegaan van de kentallen voor inrichtingskosten voor de verschillende natuurdoeltypen zijn gebaseerd op de inrichtingskosten uit het 2
De status van de reeds ingerichte natuur blijkt uit de beheertypekaart van het Natuurbeheerplan 2019.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 32 van 63
Investeringsreglement van het Groen Ontwikkelfonds Brabant BV 2017 (dd. 23 april 2018). Tevens zijn de subsidiemogelijkheden vanuit het GOB (tot 85% op grondaankopen binnen de Rijks NNB en tot 50% op inrichtingskosten) meegenomen in de berekening. Voor wat betreft grondaankopen is uitgegaan van een verwervingsprijs van €8,50 per m2; €1,- hoger dan de verwachte taxatiewaarde. Bijlage 4 bevat de gehele berekening met uitgangspunten. Uit deze berekening blijkt dat voor de realisatie van nieuwe natuur binnen het NNB de volgende kosten worden gemaakt: Onderdeel Grondaankoop Grondaankopen Af: subsidie op grondaankopen Subtotaal: Inrichting Inrichtingskosten Af: subsidie inrichtingskosten Subtotaal: Totaal: tabel 3.
4.4
Fase 1
Fase 2
€ € €
848.000 -636.000 212.000
€ € €
449.000 -337.000 112.000
€ € € €
107.000 -48.000 59.000 346.000
€ € € €
92.000 -41.000 51.000 203.000
Overzicht kosten en subsidies op aankoop en inrichting NNB in fase 1 en fase 2. Afgerond op €1.000,-.
Versterking van het landschap in de GBM en het NNB
Het tweede type investeringen betreft maatregelen ter versterking van het landschap. Dit naast de realisatie van nieuwe natuur binnen het NNB. Deze landschappelijke maatregelen komen voort uit de landschappelijke ontwikkelingsvisie voor het Dommelpark, zoals omschreven in paragraaf 4.1 en 4.2, en betreffen met name het terug brengen van het kleinschalige coulissenlandschap, door het realiseren van verschillende lijnvormige landschapselementen, zoals bomenrijen, houtwallen, heggen en singels. Zoals aangegeven in paragraaf 4.1 en 4.2, zijn deze in de ontwikkelingsvisie op een schaal en korrel toegepast die passend is voor het landschap. Op dit moment zijn deze waarden, met name de lijnelementen, echter niet tot nauwelijks aanwezig (zie onderstaande figuur): met name ten westen en zuiden van de Vorsterdijk en het Wettenseind zijn, afgezien van enkele erfbegrenzingen en bosjes, nagenoeg geen grotere landschappelijke structuren herkenbaar in het veld.
figuur 21.
Overzicht grondgebruik en landschappelijke elementen in de huidige situatie.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 33 van 63
Deze figuur laat tevens zien, dat er geen landschappelijke of groene structuren binnen het plangebied van Nuenen West zijn gelegen, die over gaan in structuren buiten het plangebied; de groene lijn- en vlakelementen binnen het plangebied (zie ook paragraaf 3.1) fungeren bijna allemaal als erf- of perceelsbegrenzing. Door realisatie van de Visie op het Dommelpark worden deze landschappelijke structuren weer goed beleefbaar en benutbaar gemaakt. Maar ook wordt het grote gebied van het Dommelpark onderling goed verbonden voor recreatief langzaam verkeer. Een deel van deze wandelroutes en landschapselementen liggen binnen het inrichtingsgebied voor de maatregelen, zoals omschreven in deze notitie. In figuur 19 (pagina 31) is de ontwikkelingsvisie voor het inrichtingsgebied al in haar geheel weergegeven; in onderstaande figuur 22 zijn specifiek die landschappelijke (lijn)elementen aangegeven die niet terug komen binnen de ontwikkelkaders voor het NNB (zoals omschreven in de vorige paragraaf).
Legenda: Plangebied NW Grens inrichtingsgebied Recreatieve hoofdroute Recreatieve subroute Landschapselementen
Fase 1
Fase 2
figuur 22.
Overzicht landschapselementen in het inrichtingsgebied conform ontwikkelingsvisie JenG.
Feitelijk worden er twee typen ingrepen in het Kleine Dommeldal gedaan, als het gaat om lijnstructuren: • Er worden diverse landschapselementen aangelegd (in totaal 12,6 km), die het oorspronkelijke kleinschalige coulissenlandschap, dat van oudsher in het Kleine Dommeldal heeft gelegen, terug brengen. Dit wordt gedaan in een variatie van houtwallen, singels, bomenrijen en enkele heggen. • Door het gebied wordt ca. 2,8 km aan recreatieve verbindingen gelegd. Dit zijn onverharde wandelpaden, waar men overheen kan struinen. Binnen het inrichtingsgebied ligt één hoofdroute, met op drie plekken subroutes die aantakken op het wandelnetwerk binnen Nuenen West. Daarnaast wordt ook gedacht aan kleine struinpaden op diverse plekken; deze worden niet specifiek aangelegd. Om te bepalen hoe deze ingrepen feitelijk in het gebied gedaan worden, is in deze notitie aansluiting gezocht bij de landschapspakketten (en bijbehorende eisen en investeringsramingen) van het Groen Blauwe Stimuleringskader. Dit betekent dat uitgangspunt is dat de lijnelementen (zowel de voetpaden als de landschapselementen) een gemiddelde profielbreedte hebben van 3 m. De gronden voor deze elementen zijn niet meer inzetbaar voor
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 34 van 63
agrarisch gebruik en dienen dan ook aangekocht te worden, of er dient compensatie van de agrarische waarde plaats te vinden. Hiervoor is eenzelfde kostenniveau aangehouden als binnen de grondverwerving NNB; er is geen rekening gehouden met extra vergoedingen als gevolg van ineffectiviteit van percelen. Voor de struwelen, houtwallen, singels, bomenrijen etc. is in de investeringsraming uitgegaan van een gemiddeld kostenniveau. Voor de paden is uitgegaan van een prijs t.b.v. egaliseren en deels verdichten van het pad, het inzaaien met kruidenmengsel en het regelmatig plaatsen van bebording. Tevens is rekening gehouden met een post voor bruggen t.b.v. de oversteekbaarheid van watergangen. In de onderstaande tabel is per fase een overzicht gegeven van de investeringskosten. Bijlage 4 bevat de uitgebreide berekening. Voor dit type investeringen is geen rekening gehouden met subsidies; de mogelijk relevante subsidies vanuit het Groen Blauwe Stimuleringskader zijn bedoeld voor agrariërs en particulieren. Onderdeel Grondaankoop Grondaankopen Inrichting Realisatie landschapselementen Realisatie wandelroutes Stelpost kunstwerken (bruggen e.d.) VAT-kosten Subtotaal: Totaal: tabel 4.
Fase 1
Fase 2
€
27.000
€
35.000
€ € € € € €
68.000 21.000 50.000 28.000 166.000 193.000
€ € € € € €
27.000 11.000 25.000 12.000 74.000 110.000
Overzicht kosten aankoop en inrichting landschappelijke elementen fase 1 en fase 2. Afgerond op €1.000,-.
Tot slot zijn er enkele plekken waar nieuw bos wordt aangelegd. Deze plekken zijn in de visiekaart benoemd en aangewezen vanuit het idee dat er op deze locaties te weinig robuuste structuren zijn; alleen lijnelementen (zoals singels of houtwallen) leiden op deze plekken tot een te weinig robuuste groen-landschappelijke structuur.
Legenda: Plangebied NW Grens inrichtingsgebied Vochtig beekbegeleidend bos Overig bos
Fase 1
Fase 2 figuur 23.
Overzicht nieuwe bospercelen in het inrichtingsgebied, buiten het NNB.
Voor de aankoop van deze percelen is een gelijke waarde aangehouden als bij de lijnelementen (€8,50 per m 2). Voor de inrichtingskosten is aangesloten bij de inrichtingsbudgetten van het Natuurbeheerplan. In de onderstaande tabel is het kostenoverzicht voor deze bospercelen weergegeven.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 35 van 63
Onderdeel Grondaankoop Grondaankopen Inrichting Realisatie bos (N14.01 en N16.03) VAT-kosten Subtotaal: Totaal: tabel 5.
4.5
Fase 1
Fase 2
€
285.000
€
76.000
€ € € €
42.000 8.000 51.000 336.000
€ € € €
12.000 2.000 14.000 90.000
Overzicht kosten aankoop en inrichting bospercelen fase 1 en fase 2. Afgerond op €1.000,-.
Overzicht investeringen in het inrichtingsgebied
De maatregelen die in het Kleine Dommeldal worden genomen, zijn hierboven uitgesplitst – dit omdat er verschillende ‘aanvliegroutes’ zijn (vanuit NNB of niet; vlakdekkend of lijnelementen). In de onderstaande figuur is een overzicht gegeven van alle maatregelen die genomen worden in het inrichtingsgebied. Samen met de reeds gerealiseerde NNB leiden deze maatregelen tot volledige invulling van de visie op het Dommelpark, voor zover gelegen tussen Nuenen West en Kleine Dommel (nb. de transformatie van de bestaande erven op termijn maken hier, zoals vermeld, geen onderdeel van uit).
Legenda: Plangebied NW Grens inrichtingsgebied N00.01 Zoekgebied 2 Alg. Hoge CHW N10.01 Nat schraalland N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N16.03 Droog bos met productie Vochtig beekbegeleidend bos Overig bos Recreatieve hoofdroute Recreatieve subroute Landschapselementen
Fase 1
Fase 2 figuur 24.
Overzicht maatregelen in het inrichtingsgebied.
Voor de maatregelen in fase 1 (het gebied tussen Europalaan en Opwettenseweg) geldt dat deze goed uitvoerbaar zijn. Een deel van de benodigde gronden is reeds onder controle en een deel dient verworven te worden van particulieren. Gezien de verspreide eigendomssituatie is hier geen sprake van het verwerven van grote delen van
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 36 van 63
agrarische bedrijven en er zijn in de omgeving ruilgronden beschikbaar om in te zetten (bijv. als het gaat om mestrechten). Tevens zijn de inrichtingsmaatregelen goed te realiseren langs de bestaande perceelsgrenzen. De maatregelen in fase 2 hebben deels betrekking op gronden die nog verworven dienen te worden. Het gaat hier in totaal om de aankoop van ca. 5,5 ha van één eigenaar, die een naastgelegen agrarisch bedrijf heeft waarvan de aaneengesloten oppervlakte in totaal 9 ha is. Hier dient derhalve een groot deel van de gronden van een bedrijf aangekocht te worden. Echter, met de inzet van mogelijke ruilgronden in de nabijheid die onder controle zijn, zijn hier goede mogelijkheden. Daarnaast wordt de realisatie van de maatregelen in fase 2 in tijd gekoppeld aan de realisatie van fase 3 van het bestemmingsplan, waardoor nog voldoende tijd resteert om te komen tot de gewenste oplossingsrichting. In totaal zijn de investeringskosten geraamd op ca. €1.163.000. Bijlage 4 bevat de kostenraming, in de onderstaande tabel is deze nog kort samengevat. Onderdeel Realisatie NNB Realisatie bospercelen in GBM Realisatie lijnelementen Totaal tabel 6.
€ € € €
Fase 1 271.000 336.000 193.000 800.000
€ € € €
Fase 2 163.000 90.000 110.000 363.000
€ € € €
Totaal 434.000 426.000 303.000 1.163.000
Totaaloverzicht geraamde investeringen. Afgerond op €1.000,-.
De totale investeringskosten à €1.163.000 worden uit het project Nuenen West bekostigd. Hiertoe zijn contractuele afspraken gemaakt tussen gemeente Nuenen ca. en de ontwikkelaar (BPD Ontwikkeling). Een deel van het budget, ca. €550.000, is reeds beschikbaar en gealloceerd. Het heeft de voorkeur om de maatregelen in fase 1 als eerste uit te voeren. Dit, zodat aansluiting wordt gezocht bij de stedelijke ontwikkeling van Nuenen West: in de wijk wordt als eerste het gebied tussen Europalaan en Opwettenseweg ontwikkeld (fase 1 in het bestemmingsplan Nuenen West). De landschappelijke ontwikkeling loopt dan ruimtelijk gezien gelijk op met de stedelijke ontwikkeling. Vanuit landschappelijk perspectief, en met name de functie van het toekomstige Dommelpark, heeft het de voorkeur om de aanleg van de recreatieve routes als eerste op te pakken. Maar ook de realisatie van de landschapselementen (singels, bomenrijen, houthagen etc.) geeft veel landschappelijke meerwaarde. Vanuit ecologisch perspectief heeft de ontwikkeling van de landschapselementen de meeste toegevoegde waarde in biodiversiteit. Het heeft dan ook de voorkeur om de recreatieve routes en de landschapselementen te prioriteren in de realisatiefasering, waardoor de investeringen in de groenblauwe mantel eerder gebeuren.
In de uiteindelijke realisatie van de landschapsontwikkeling zullen de bovengenoemde voorkeuren een rol spelen in de prioritering van de te nemen maatregelen. Echter, er dient ook actief op marktontwikkelingen ingespeeld te kunnen worden, bijvoorbeeld ten aanzien van de verwerving van benodigde percelen van derden. Daarom is er sprake van een faseringsvoorkeur, niet van een faseringsverplichting in de investeringen. Het is dan ook te voorbarig om op voorhand een onderscheid te maken in waar het beschikbare budget exact in wordt geïnvesteerd. Afhankelijk van de feitelijke realisatie, zullen budgetten nog iets kunnen wijzigen. Bijvoorbeeld als de verwerving van agrarische percelen voordeliger (of nadeliger) uit valt, als de GOB subsidies lager uitvallen of als particuliere grondeigenaren zelf een deel van de maatregelen wil uitvoeren (in dat geval zijn er vanuit het groenblauwe stimuleringskader wellicht extra subsidies beschikbaar). Insteek dient dan ook te zijn, dat de omschreven maatregelen zo efficiënt en effectief mogelijk uitgevoerd dienen te worden, gebruik makend van de subsidieregelingen en fondsen die beschikbaar zijn.
Met regelmaat zal dan ook in afstemming met provincie en andere betrokken stakeholders worden bepaald of het inrichtingsplan nog actueel is of dat wijzigingen nodig zijn; in geval van het laatste zal het inrichtingsplan voor het inrichtingsgebied worden gewijzigd en dit wordt geaccordeerd door gemeente en provincie.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 37 van 63
5
Verankering van de opgave
In de vorige twee hoofdstukken is aangegeven op welke wijze de vier opgaven integraal ingevuld worden binnen (hoofdstuk 3) en buiten (hoofdstuk 4) het plangebied van Nuenen West. Dit onderscheid komt ook terug in de wijze waarop de realisatie van de voorgestelde oplossingsrichtingen zijn verankerd: er is onderscheid tussen enerzijds de opgaven binnen het plangebied, welke in het nieuwe bestemmingsplan zijn verankerd en de opgaven buiten het plangebied, waar separate afspraken over gemaakt dienen te worden.
5.1
Opgaven binnen NW: regels in het bestemmingsplan
De maatregelen binnen het plangebied bestaan uit drie typen: • Bestaande waardevolle structuren, zoals blijkt uit de inventarisatie (zie paragraaf 3.1); • De borging van de stedenbouwkundige en ruimtelijke uitgangspunten, zoals bebouwingsdichtheid en beeldkwaliteit en specifiek ook de landelijke ensembles (paragraaf 3.2); • De borging van de realisatie van de gewenste waterhuishoudkundige structuur (paragraaf 3.3). Het nieuwe bestemmingsplan herijking is een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte: het plan is aangemeld en opgenomen in de 16e tranche besluit uitvoering Crisis- en Herstelwet. Dit betekent onder andere, dat in het nieuwe bestemmingsplan wordt geëxperimenteerd met ‘nieuwe instrumenten’ zoals beleidsregels. In het bestemmingsplan worden de drie bovengenoemde punten geborgd in verschillende beleidsregels. Dit komt als volgt tot uiting: De bestaande waardevolle groenstructuren, voor zover deze behouden blijven, zijn opgenomen in een beleidsregel “Landschap, ecologie en biodiversiteit”. Deze beleidsregel gaat onder andere in op de wijze van omgaan met (beschermde) waardevolle soorten in het plangebied, middels een Soortenmanagementplan.
Tevens is in deze beleidsregel opgenomen, dat de benoemde waardevolle groenstructuren gehandhaafd dienen te blijven, waarbij – indien toch sprake zal zijn van het kappen of verwijderen van waardevolle structuren, dit gecompenseerd dient te worden. Dit is dus een expliciete gebodsbepaling in het bestemmingsplan: het bestemmingsplan schrijft voor dat iets in stand gehouden dient te worden. In de beleidsregel “Stedenbouwkundige kwaliteit” zijn de ruimtelijke uitgangspunten vanuit het Masterplan opgenomen. Er is in deze beleidsregel bepaald welke dichtheden in welke gebieden ontwikkeld mogen worden, welke bouwhoogten en kapvormen waar zijn toegestaan, welke rooilijnen gelden, hoe woningen georiënteerd moeten zijn, op welke wijze bijgebouwen ingepast moeten worden en op welke wijze erfafscheidingen gerealiseerd dienen te worden. De ruimtelijke uitgangspunten ten behoeve van de geleding en overgang van Nuenen naar het Dommeldal, zoals omschreven in paragraaf 3.2, maken onderdeel uit van de beleidsregel “Stedenbouwkundige kwaliteit”. Tevens zijn de ‘spelregels’ voor de erven langs de westrand specifiek opgenomen in deze beleidsregel. De gewenste waterhuishoudkundige structuur is, evenals de wijze waarop deze bereikt dient te worden gedurende de ontwikkeling, vastgelegd in de beleidsregel “Water”.
In deze beleidsregel is opgenomen hoe het toekomstige waterhuishoudkundige systeem gerealiseerd dient te worden. Ook hier is sprake van een gebodsbepaling: ten behoeve van omgevingsvergunningen zal aangetoond moeten worden in welke mate realisatie van een stedelijke functie bij draagt aan de realisatie van het waterhuishoudkundige systeem. De realisatie van de retentieen infiltratiegebieden buiten het plangebied maken hier ook onderdeel van uit, maar deze gebieden zijn niet opgenomen in het bestemmingsplan. Het vigerende bestemmingsplan “Buitengebied Nuenen” maakt deze waterhuishoudkundige voorzieningen namelijk reeds mogelijk. Bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning, bijvoorbeeld voor de realisatie van woningen, moet worden aangetoond in welke mate wordt bijgedragen aan de realisatie van de kaders en doelstellingen die in de
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 38 van 63
beleidsregels zijn opgenomen. Hiermee wordt, meer dan kan in een traditioneel bestemmingsplan, geborgd dat de doelstellingen worden gerealiseerd. Voor het wijziging van de begrenzing van het bestaand Stedelijk gebied (artikel 4.11 Vr), Zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling (artikel 8.3 Vr), Groenblauwe Mantel (artikel 6.20 Vr) en Attentiegebied NNB (artikel 12.2 Vr), zoals is omschreven in hoofdstuk 2, dient artikel 38.5 van de Verordening ruimte in acht te worden genomen. Dit betekent dat in het ontwerpbestemmingsplan de volgende aanduidingen zijn opgenomen: • gebiedsaanduiding: overige zone – toe te voegen Bestaand stedelijk gebied; • gebiedsaanduiding: overige zone – te verwijderen Zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling; • gebiedsaanduiding: overige zone – te verwijderen Groenblauwe mantel; • gebiedsaanduiding: overige zone – te verwijderen Attentiegebied Natuur Netwerk Brabant, overeenkomstig de in onderstaande figuur opgenomen gebieden.
figuur 25.
5.2
Toe te voegen: bestaand stedelijk gebied
Te verwijderen: Zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling
Te verwijderen: Groenblauwe mantel
Te verwijderen: Attentiegebied Natuurnetwerk Brabant
Gebiedsaanduidingen in het nieuwe bestemmingsplan herijking: toe te voegen en te verwijderen structuren en aanduidingen.
Opgaven buiten het plangebied: koppeling met bestemmingsplan
In hoofdstuk 2 is aangegeven dat de totale investering in het Dommeldal vanuit de ontwikkeling van Nuenen West €1.163.000,- bedraagt. Voor de inzet op de in paragrafen 4.2 en 4.3 benoemde locaties is geen planologisch-juridische verankering noodzakelijk: in het vigerende bestemmingsplan “Buitengebied” uit 2018 zijn de locaties reeds
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 39 van 63
bestemd als Agrarisch met natuur- en landschappelijke waarden; de gronden hebben de bestemmingen ‘Agrarisch met waarden – Groenblauwe Mantel’ of ‘Agrarisch met waarden – Natuur en landschappelijke waarden’ of ‘Natuur’. De regels zijn, naast agrarisch gebruik, ook gericht op “behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van natuur- en landschapswaarden”. Deze bestemming is mede bedoeld voor behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en natuur- en landschapswaarden. De voorziene realisatie van nieuwe natuur waarden is dus planologisch-juridisch inpasbaar binnen de vigerende bestemming, waardoor de planologisch-juridische noodzaak voor een bestemmingsplanherziening ontbreekt. Wel dient wellicht een specifieke bestemming Natuur opgenomen te worden t.b.v. de subsidiëring vanuit het GOB; indien noodzakelijk wordt dit t.z.t. geregeld. In dit document is reeds een aanzet gedaan voor de wijze, waarop de voorziene groenblauwe waarden ontwikkeld kunnen gaan worden: door realisatie van nieuwe natuur binnen het NNB, door de realisatie van nieuwe bospercelen binnen de GBM en door realisatie van landschapsversterkende elementen binnen NNB en GBM. Dit is nader vertaald en geconcretiseerd in een document, dat als bijlage bij de regels van het bestemmingsplan Nuenen West is gevoegd. Dit document is in de regels gekoppeld aan een voorwaardelijke verplichting.
Met de voorwaardelijke verplichting is geborgd dat gedurende de ontwikkeling van Nuenen West parallel de landschapsontwikkeling in het Dommelpark plaats vindt.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 40 van 63
Bijlage 1. Toepassing lagenbenadering op Nuenen West De provincie Noord-Brabant gebruikt de methode van de lagenbenadering om te bepalen op welke plekken welke ontwikkelingen plaats kunnen vinden. Om de structuur ‘Bestaand stedelijk gebied’ in de Verordening ruimte aan te passen, dient onder meer aangetoond te worden dat de gewenste uitbreidingsrichting van het Bestaand stedelijk gebied vanuit de lagenbenadering mogelijk is. Navolgend is met toepassing van de lagenbenadering aangegeven of de gewenste uitbreidingsrichting mogelijk is. Hierbij is, analoog aan de lagenbenadering, onderscheid gemaakt tussen de ondergrondlaag, de netwerklaag en de occupatielaag. In de toepassing van de lagenbenadering is onderzocht of het mogelijk is om de gewenste uitbreiding van Bestaand stedelijk gebied tot aan de wegen Boord, Vorsterdijk en Wettenseind te realiseren. Er is dan ook specifiek ingezoomd op deze locatie(s) en de directe omgeving.
Ondergrondlaag De ondergrond wordt gevormd door de bodemtypologie, de geomorfologie en het watersysteem en de hiermee samenhangende natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische (landschaps) waarden. Het grote belang van de onderste laag vindt zijn oorzaak in de lange reproductietijd en daarmee de onvervangbaarheid van deze waarden en systemen. In bodemopbouw is er geen significant onderscheid tussen het huidige Bestaand stedelijk gebied en de zone, waarvoor wordt verzocht het Bestaand stedelijk gebied te wijzigen. De bodemkaart en de geomorfologische kaart laten zien dat er enkele structuren in het plangebied en de directe omgeving liggen, die niet onderscheidend zijn in het westelijke deel van het plangebied. In figuur 26 zijn deze kaarten weergegeven. Vanuit deze geomorfologische en bodemkundige structuren valt tevens op te maken dat op het gebied van grondwater geen significant onderscheid aanwezig is.
Geomorfologische kaart 1:50.000
Bodemkaart 1:50.000
Legenda: Legenda: Hoge zwarte enkeerdgronden, leemarm fijn zand Dekzandrug Hoge zwarte enkeerdgronden, lemig fijn zand Vlakte ten dele verspoelde dekzanden Lage enkeerdgronden, leemarm fijn zand Dalvormige laagte Madeveengronden, zonder humuspodzol in zand Beekdalbodem met meanderruggen Beekeerdgronden, leemarm fijn zand Beekdalbodem Veldpodzolgronden, leemarm fijn zand Holle weg Bebouwd gebied Bebouwd gebied Plangrens Nuenen West Plangrens Nuenen West inrichtingsgebied maatregelen buiten plan inrichtingsgebied maatregelen buiten plan figuur 26.
Geomorfologische kaart (links) en bodemkaart (rechts) 1:50.000. Bron: kaartbank.brabant.nl.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 41 van 63
In cultuurhistorisch opzicht is met name de bestaande (oude) lintstructuur van belang: de wegen Boord, Vorsterdijk en Wettenseind zijn, evenals de Dubbestraat, de Opwettenseweg en de Bakerste Landweg, aangeduid als historische structuren met een redelijk hoge waarde. De groenstructuur die de Boord begeleid, is aangemerkt als historisch groen. Het plangebied van Nuenen West is aangeduid als cultuurhistorische landschap, met een overgang naar het cultuurhistorisch vlak op deze bestaande lintenstructuur. In figuur 27 zijn de cultuurhistorische waarden weergegeven; de cultuurhistorisch waardevolle linten zijn ook terug te vinden op oude topografische kaarten (zie figuur 28).
Legenda: Rijksmonument Overige bouwkunst Historische geografie: zeer hoge waarde Historische geografie: hoge waarde Historische geografie: redelijk hoge waarde figuur 27.
Cultuurhistorische waarden. Bron: Cultuurhistorische Waardenkaart Noord Brabant 2010, herziening 2016.
1850
figuur 28.
Archeologisch monument Historisch groen Cultuurhistorisch landschap Cultuurhistorisch vlak Plangrens Nuenen West inrichtingsgebied maatregelen buiten plan
1900
1950
Topografische kaarten: 1850 (links), 1900 (midden) en 1950 (rechts). Bron: www.topotijdreis.nl.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 42 van 63
Het aanpassen van de structuur Bestaand stedelijk gebied, zoals voorzien, sluit aan op de begrenzing van het plangebied welke wordt gevormd door de oude lintstructuur; er worden geen cultuurhistorische waarden doorsneden. In landschappelijk opzicht valt met name het geleidelijke maaiveldverloop op, vanuit de bestaande kern richting Kleine Dommeldal. Tot aan de Vorsterdijk / Wettenseind kent het gebied een redelijk egaal maaiveldverloop. Ten westen van de Vorsterdijk / Wettenseind en boven Boord neemt de maaiveldhoogte af richting de Kleine Dommel. Dit is ook te zien in het grondgebruik, waarbij de hoger gelegen gronden meer als akkerbouwland in gebruik zijn en de lagere delen (voor zover niet ingericht als natuur) als (natter) weideland worden gebruikt. Het beekdal van de Kleine Dommel krijgt hiermee in westelijke richting een steeds nadrukkelijker wordende aanwezigheid in het landschap; dit mede door de ontwikkeling van het NNB. De bebouwing in het gebied (met name woonkavels en agrarische bebouwing) zijn gelegen aan de bestaande wegenstructuur. De groenstructuren in het gebied zijn vooral op de (woon)kavels en langs de bestaande wegen aanwezig. Ook in landschappelijk opzicht vormen de Boord, Vorsterdijk en Wettenseind hiermee een logische grens.
Netwerklaag De netwerklaag brengt in kaart welke infrastructurele elementen in een gebied aanwezig zijn. In geval van Nuenen West gaat het hier primair om de wegen die in en rondom het plangebied aanwezig zijn. Hierbij is onderscheid te maken tussen de historische lintstructuur en de grotere, nieuwe infrastructuur die Nuenen en de regio ontsluit (Europalaan, Geldropsedijk en A270). Daarnaast zijn een drietal hoogspanningslijnen in het gebied aanwezig, die het landschap doorsnijden. In figuur 29 zijn deze infrastructurele lijnen in en rondom Nuenen West weergegeven.
Legenda: Snelweg Hoofdontsluiting Lokale wegen Onverharde wegen figuur 29.
Hoogspanning 380 kV Hoogspanning 150 kV Plangebied Nuenen West
Netwerklaag: aanwezige infrastructuur in en rondom Nuenen West. De lokale wegen binnen de bebouwde kom zijn niet weergegeven.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 43 van 63
Vanuit de aanwezige infrastructuur is het logisch om bestaande lijnen te volgen als begrenzing van het Bestaand stedelijk gebied. In dit geval vormen de bestaande linten Boord, Vorsterdijk en Wettenseind de aanwezige infrastructuur waarop de begrenzing van het plangebied Nuenen West is gebaseerd.
Occupatielaag De derde en laatste laag betreft de occupatielaag. De occupatie wordt gevormd door het grondgebruik (landelijk en stedelijk), binnen de structuren uit de ondergrondlaag en de netwerklaag. Voor Nuenen West geldt dat het huidige feitelijke grondgebruik nog grotendeels agrarisch is. Nuenen West wordt echter ontwikkeld als woonwijk, dus het grondgebruik ‘verkleurt’ in de komende jaren van agrarisch naar stedelijk grondgebruik (wonen). Het stedelijke grondgebruik sluit aan op de bestaande stedelijke structuur van Nuenen. Ten noorden, westen en zuiden van Nuenen West is het grondgebruik primair agrarisch, met in het Kleine Dommeldal diverse percelen die als natuur zijn ingericht. Vanuit de occupatiestructuur, rekening houdend met de ‘stedelijke’ ontwikkeling van Nuenen West, is het logisch om het stedelijk grondgebruik (wonen) binnen Nuenen West te structureren tot Bestaand stedelijk gebied.
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 44 van 63
Bijlage 2. Inventarisatie aanwezige groene en blauwe waarden binnen de groenblauwe mantel in het plangebied (Antea Group)
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 45 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 46 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 47 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 48 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 49 van 63
Bijlage 3. Analysekaarten en visiekaart Dommelpark
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 50 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 51 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 52 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 53 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 54 van 63
Bijlage 4. Berekening investering in Kleine Dommeldal
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 55 van 63
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 56 van 63
Bijlage 5. Kaarten inrichtingsgebied Kleine Dommeldal
Wijziging begrenzingen Verordening ruimte voor Nuenen West - D1.1
Pagina 57 van 63
Nuenen West - verzoek aanpassing Vr
Overzicht Natuurnetwerk Brabant en Groenblauwe Mantel bij Nuenen West
Legenda
GBM NNB
grens zoekgebied
¯
plangrens Nuenen West Versie: D1.0 Datum: 28 december 2018 Aan deze kaart kunnen geen rechten worden ontleend
0
75
150
300
450
Schaal (A3): 1:7.500 600
750 Meter
Esri Nederland, beeldmateriaal.nl
Nuenen West - verzoek aanpassing Vr Inrichting conform visie Dommelpark
Legenda
grens zoekgebied
bestaand - Opwettense Watermolen
subroute
in te passen woonfuncties
hoofdroute
### ## landschapselementen ! ! ! ! ! !
waterberging
om te vormen (boeren)erven plangrens Nuenen West
akkers (landbouw)
grasland (landbouw) ! !
!
beek, vochtig hooiland, schraalland vochtig beekbegeleidend bos overig bos
¯
bestaand - water Versie: D1.0 Datum: 28 december 2018 Aan deze kaart kunnen geen rechten worden ontleend
0
75
150
300
450
Schaal (A3): 1:7.500 600
750 Meter
Esri Nederland, beeldmateriaal.nl
Nuenen West - verzoek aanpassing Vr Overzicht grondeigenaren
Legenda
grens zoekgebied
Private eigenaren BPD
Gemeente Staat
Staatsbosbeheer
Waterschap De Dommel
¯
plangrens Nuenen West
Versie: D1.0 Datum: 28 december 2018 Aan deze kaart kunnen geen rechten worden ontleend
0
75
150
300
450
Schaal (A3): 1:7.500 600
750 Meter
Esri Nederland, beeldmateriaal.nl
Nuenen West - inrichting Dommelpark
Gerealiseerde (transparant) en nog te realiseren nieuwe natuur binnen NNB
Legenda
grens inrichtingsgebied te realiseren NNB
N00.01 Zoekgebied 2 Algemeen Hoge CHW N03.01 Beek en Bron N10.01 Nat schraalland
N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N16.03 Droog bos met productie plangrens Nuenen West
Versie: D1.1 Datum: 11 oktober 2019 Aan deze kaart kunnen geen rechten worden ontleend
¯
0
50
100
200
300
Schaal (A3): 1:5.000 400
500 Meter
Esri Nederland, beeldmateriaal.nl
Nuenen West - inrichting Dommelpark
Totaaloverzicht maatregelen in het inrichtingsgebied
Legenda
grens inrichtingsgebied hoofdroute
plangrens Nuenen West
subroute ### ## landschapselementen
vochtig beekbegeleidend bos overig bos te realiseren NNB
N00.01 Zoekgebied 2 Algemeen Hoge CHW N03.01 Beek en Bron N10.01 Nat schraalland
N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland N16.03 Droog bos met productie
Versie: D1.1 Datum: 11 oktober 2019 Aan deze kaart kunnen geen rechten worden ontleend
¯
0
50
100
200
300
Schaal (A3): 1:5.000 400
500 Meter
Esri Nederland, beeldmateriaal.nl
Nuenen West - inrichting Dommelpark
Nieuw bos binnen de groenblauwe mantel en nieuwe landschapselementen
Legenda
grens inrichtingsgebied hoofdroute subroute
### ## landschapselementen
vochtig beekbegeleidend bos overig bos plangrens Nuenen West
Versie: D1.1 Datum: 11 oktober 2019 Aan deze kaart kunnen geen rechten worden ontleend
¯
0
50
100
200
300
Schaal (A3): 1:5.000 400
500 Meter
Esri Nederland, beeldmateriaal.nl