CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Noordwijk - Nota minimabeleid def

Commissie Welzijn 21 april 2021, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Presentatie Volwaardig deelnemen; minimabeleid 2021-2024 (beeldvormend)14.744 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Minimabeleid 2021-2024

Volwaardig deelnemen KELEN

MEE

O

ONT W

EN

IK

D

Logo positief/negatief

Ontwikk

eedoen

AA

R

Met elkaar

T

E

K

R UI M

Ruimte en grip

& G

MET E

RIP

Versie 2.0 – 23 maart 2021 Uitwerking na maatschappelijke raadpleging

L

Samenvatting Volwaardig deelnemen

Actielijnen

Deze nota heeft ten doel om de minima in Noordwijk te ondersteunen en daarmee armoede te verminderen. Het streven is dat iedereen volwaardig kan meedoen in de samenleving. Door te werken of, als werk (nog) niet haalbaar is, door een zinvolle bijdrage te leveren aan de gemeenschap.

Per speerpunt starten we projecten of zetten we acties uit het eerdere beleid voort. De onderstaande tabel toont de in totaal 18 acties.

Evalueren en herijken We hebben het voorgaande minimabeleid geëvalueerd en onderzoek uitgevoerd naar de huidige staat van armoede in Noordwijk. Samen met inzichten uit de wetenschap over de bestrijding van armoede komen we tot een sterkere aanpak.

Speerpunten Deze aanpak bestaat uit een investering in onze inwoners op verschillende vlakken. We stellen hen in staat om mee te doen aan de samenleving. We bieden hen mogelijkheden voor hun ontwikkeling en helpen hen weer grip te krijgen. Dit alles doen we met de minima zelf en met betrokken organisaties en inwoners.

2

Doelmatig en laagdrempelig Met deze acties en aanpassingen wordt het eenvoudiger om ondersteuning aan te vragen. Inwoners worden persoonlijk en actief benaderd. Daarbij richten wij ons op alle doelgroepen, maar hebben bijzondere aandacht voor kinderen. De geboden ondersteuning blijft sober, maar wordt beter benut door de mensen die het nodig hebben.

De infographic hiernaast geeft een overzicht van de belangrijkste vormen van ondersteuning.

Meedoen

Ontwikkelen

Ruimte en grip

Met elkaar

1 Verjaarscadeau 2 Breed kindpakket 3 C  omputerregeling voor volwassenen 4 V  ereenvoudigen regeling 5 C  ommunicatie verbeteren 6 Pilot werkbonus

7 Bemiddeling naar werk of een zinvolle maatschappelijke bijdrage 8 Verminderen stigma mensen met een psychische beperking 9 Van werk naar werk 10 L  aaggeletterdheid verminderen

11 Persoonlijke benadering 12 Stress-sensitieve hulpverlening 13 Stabilisatie-trajecten 14 Toets op doenvermogen

15 K  lankbordgroep en ervaringsdeskundigen 16 V  rijwilligers versterken 17 M  et maatschappelijke partners 18 Brede aanpak

Volwaardig deelnemen

Hulp bij weinig geld ONTWIKKELEN

Vrijwilligerswerk

LEUKE DINGEN

Schoolkosten

Muziekschool

SPULLEN

GELD Werk

Sport

Uitkering

Voedselbank

Zorg- en

Schoolfiets

huurtoeslag Wasmachine

BIJ PROBLEMEN Bijzondere bijstand Computer

Schuldhulp Formulieren

Noodfonds

invullen

Minimabeleid 2021-2024

3

Voorwoord In elke samenleving bestaan inkomensverschillen. Waar in de geschiedenis geprobeerd is om deze verschillen volledig op te heffen, is dit (vooralsnog) teleurstellend afgelopen. Dit verbaast mij persoonlijk niet. Mensen verschillen, capaciteiten lopen uiteen, startposities zijn anders. Verschillen, ook in economische zin, horen bij het leven. De vraag is echter: hoe groot laat de samenleving die verschillen worden? In Nederland hebben we een minimum inkomen afgesproken en is een stelsel van sociale voorzieningen om te voorkomen dat mensen door een ondergrens heengaan. In aanvulling daarop voert de gemeente minimabeleid. Het doel van ons minimabeleid is mensen de mogelijkheid bieden om volwaardig deel te nemen aan de samenleving. Dit betekent kunnen deelnemen aan sport, cultuur en welzijnsactiviteiten. Maar ook in staat zijn jezelf te ontwikkelen. Hiervoor kan het noodzakelijk zijn om eerst weer grip op je eigen situatie te krijgen en de ruimte te voelen voor deelname en ontwikkeling. Het is niet meer dan logisch dat je over deze ondersteuning mag meepraten. Werken is ook deelnemen. Bovendien is het de effectiefste manier om blijvend een hoger inkomen te verkrijgen. We erkennen echter dat dit voor sommige mensen niet haalbaar is. Of niet op korte termijn.

Voor hen is het doel dat zij zich deel voelen van de samenleving, zich ontwikkelen en een maatschappelijke bijdrage leveren. Ieder naar zijn of haar vermogen. Ik dank iedereen die met ons heeft meegedacht. Uw betrokkenheid bij uw medemens inspireert! Namens het college van burgemeester en wethouders,

Dennis Salman Wethouder Sociaal Domein

4

Volwaardig deelnemen

Inhoud 1 Inleiding

6

2 Het houdt niet over

7

3 Wat is er bereikt?

10

4 Naar een sterkere aanpak

12

5 Meedoen

15

6 Ontwikkelen

17

7 Ruimte en grip

18

8 Met elkaar

19

9 Corona

20

10 Financiën

22

11 Planning, monitoring en evaluatie

23

Bijlagen

24

Noten

42

Minimabeleid 2021-2024

5

1 Inleiding De aanleiding voor deze beleidsnota is tweeledig. De nota ‘Minima doen mee (2016-2019)’ is aan evaluatie en vernieuwing toe. De fusie van de voormalige gemeenten Noordwijk en Noordwijkerhout per 1 januari 2019 is bovendien reden om het beleid te herijken.1

Uitgangspunten In het coalitieakkoord is een aantal uitgangspunten benoemd voor het minimabeleid.2 Deze zijn: • Goed zicht houden op armoede in onze dorpen; • Gericht op alle doelgroepen, maar met bijzondere aandacht voor gezinnen met kinderen; • Hulp moet laagdrempelig beschikbaar zijn; • Sober, maar doelmatig. Voor hen die hulp het hardst nodig hebben.

Visie Bij het invullen van deze uitgangspunten laten wij ons leiden door onze gezamenlijke visie op de toekomst van onze gemeente. In de concept Omgevingsvisie “Samen maken we de toekomst van Noordwijk”3 is opgenomen dat we “een betrokken gemeenschap” willen zijn. “… waar we prettig samenleven en gelukkig oud worden.” Deze gemeenschap geven we vorm door aandacht te hebben voor gezondheid, verbinding tussen mensen, een goede levensstandaard, veiligheid en ruimte voor ieders deelname. “Uitgangspunt voor de gemeente Noordwijk is dat iedereen mee doet. We zorgen voor elkaar. We houden rekening met elkaar. En lukt het allemaal niet: dan vragen we hulp van professionals.”

6

Volwaardig deelnemen

Minima Met dit beleid richten we ons specifiek op de deelname aan de samenleving van onze inwoners die over beperkte financiële middelen beschikken. Deze groep is lastig onder één noemer te vangen. Traditioneel wordt gesproken over armoede, maar deze term kan ook stigmatiserend aanvoelen. De media spreken vaak over de minima. Deze term verwijst naar de lagere inkomensgroepen.

Positie Armoede kan niet geïsoleerd worden aanpakt. Zoals u verderop zult merken liggen er sterke relaties met andere beleidsvelden.4 Het maatschappelijk programma – waar dit jaar aan gewerkt wordt – zal deze verbindingen verder inzichtelijk maken.

Leeswijzer Dit verhaal is als volgt opgebouwd. Gestart wordt met een omschrijving van de problematiek. Wat betekent het om te moeten rondkomen met weinig inkomen? Welke achtergronden en oorzaken zijn daarvoor? Is er veel armoede in Noordwijk? Vervolgens wordt het voorgaande beleid tegen het licht gehouden. Welke resultaten zijn behaald en welke aspecten verdienen voortzetting? Op basis van deze twee hoofdstukken komen we vervolgens tot een aanpak. Deze strategie werken we uit in vier speerpunten: Mee doen, Ontwikkelen, Ruimte en grip en Met elkaar. Daarna staan we stil bij de invloed van corona. De titels van de hoofdstukken Financiën en Monitoring en evaluatie spreken voor zich. Ter bevordering van de leesbaarheid van deze nota maken wij gebruik van een bondige stijl. Een verdere toelichting vindt u in de noten en de bijlagen.

2 Het houdt niet over Wat betekent het om over beperkte financiële middelen te kunnen beschikken? In dit hoofdstuk vindt u een verkenning op hoofdlijnen. A – WAT IS ARMOEDE? Er is een indrukwekkende hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek naar armoede in Nederland. Het Sociaal Cultureel Planbureau5, het Centraal Bureau voor de Statistiek6, het Centraal Planbureau7 en het NIBUD8 publiceren met regelmaat onderzoeken op dit thema. De analyse van al deze rapporten gaat de scope van deze nota ver te boven. Wij baseren ons voornamelijk op het dossier ‘Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden’ van Movisie.9 In dit dossier zijn de belangrijkste onderzoeksresultaten samengebracht en voorzien van een kernachtige analyse.

Definitie Armoede is te weinig geld hebben voor de minimaal noodzakelijke goederen en voorzieningen. Of zoals het Sociaal Cultureel planbureau het definieert: “Mensen zijn arm wanneer ze gedurende langere tijd niet de middelen hebben voor de goederen en voorzieningen die in hun samenleving als minimaal noodzakelijk gelden.”10

Tijd- en plaatsgebonden Armoede is relatief in tijd en plaats. Vandaag de dag kennen we minder armoede dan ooit. Goede gezondheidszorg, veiligheid en welvaart waren in het verleden niet zo vanzelfsprekend als tegenwoordig. Toch kennen we op dit moment ook armoede. Ook in Nederland. Ons begrip van wat minimaal noodzakelijk is, verandert met de tijd en de plek waar je woont. Zo was centrale verwarming in de jaren 60 nog luxe. Nu is het minimaal noodzakelijk.

Armoede en schulden Armoede als gevolg van tekortschietend inkomen kan gepaard gaan met schulden en consumptieproblemen. Als mensen korte tijd zonder inkomen zitten, kunnen zij soms terugvallen op hun spaargeld. Zodra dat opraakt, moeten ze alle uitgaven van het maandinkomen bekostigen. Dan kan het gebeuren dat mensen op posten moeten bezuinigen of – als dat niet lukt – schulden aangaan.

Niet vanzelfsprekend Bij financiële krapte schieten zaken die geen basisbehoeften zijn er het eerste bij in. Zaken als mensen uitno-digen om te komen eten, het voldoende verwarmen van het huis of jaarlijks op vakantie gaan. Deze uitgaven zijn dan niet meer vanzelfsprekend. Mensen kunnen geen onverwachte grote uitgaven doen – zoals bijvoorbeeld een wasmachine – zonder daarvoor schulden te moe-ten maken. Geen vakantie en regelmatig nieuwe kleding of versleten meubels niet meer kunnen vervangen, zijn tekenen van (naderende) armoede. Deze situatie staat in de onderzoeksliteratuur bekend als “niet-veel-maar-toereikend”. Dat wil zeggen dat in de basisbehoeften kan worden voorzien, maar niet meer dan dat.

Een ongeluk komt zelden alleen Veel mensen die in armoede leven of schulden hebben, hebben behalve met een financieel probleem vaak ook te maken met andere problemen, die elkaar weder-zijds beïnvloeden. Zo kan een slechte gezondheid er bijvoorbeeld voor zorgen dat het moeilijk is om werk te behouden. De geldnood die daar het gevolg van is, kan stress opleveren, wat weer een negatieve invloed heeft op de gezondheid.

Langdurig Armoede is vaak langdurig. Dat betekent dat individuen of huishoudens die ermee te maken krijgen daar veelal meerdere jaren achter elkaar de consequenties van ondervinden. Zelfs wanneer de economie weer aantrekt, is het voor de meeste mensen die in armoede leven moeilijk om op korte termijn uit die situatie te komen. Het overgrote deel van mensen die in armoede leven bevindt zich minstens drie achtereenvolgende jaren onder het niet-veel-maar-toereikend criterium.

Minimabeleid 2021-2024

7

Armoedeval Een deel van de oorzaak van de langdurigheid van armoede is het optreden van de zogenaamde ‘armoedeval’. De armoedeval houdt in dat het inkomen uit werk niet altijd meer is dan het inkomen dat kan worden verkregen uit de uitkering, toeslagen, kwijtscheldingen en het gebruik van diverse regelingen. Hoewel de armoedeval een reëel probleem is – zie ook de bevindingen uit de Armoedemonitor in hoofdstuk 3 – kunnen er ook kanttekeningen bij geplaatst worden. Meer inkomen is niet de enige motivatie voor mensen om te gaan werken.

wat van hen gevraagd wordt. Er is dan sprake van onvoldoende vaardigheden om de eigen administratie goed bij te houden. Schaamte over de opbouw van schulden kan leiden tot uitstelgedrag en het te lang wachten met het vragen van hulp.

C – GEVOLGEN Stress Geldzorgen leiden tot stress.11 Langdurige stress heeft allerlei negatieve gevolgen. Zo kan stress leiden tot lichamelijke aandoeningen, depressie en andere psychische stoornissen en daarmee de verwachte levensduur verkorten. Naast de individuele effecten werkt stress ook door in de directe omgeving. De sociale verbanden worden onder druk gezet doordat huiselijke spanningen, opvoedingsproblemen en relatiebreuken relatief vaker voorkomen. Kinderen kunnen slechter gaan presteren op school en schaamte ervaren voor hun thuissituatie.12

Beperktere deelname aan de samenleving Armoede zorgt ervoor dat mensen minder kunnen meedoen in de samenleving. Door de beperkte middelen moeten scherpere keuzes worden gemaakt waarbij deelname aan sociale activiteiten (bijv. verenigingen, reisjes, verjaardagen) sneller moeten worden overgeslagen. De beperktere deelname kan sociaal isolement en eenzaamheid versterken.

B – DE OORZAKEN Te laag inkomen De voornaamste oorzaak van armoede is het hebben van een te laag inkomen. Dit in combinatie met het hebben van te hoge lasten. Te hoge (vaste) lasten in verhouding tot inkomen leiden vaak tot schulden.

Schulden Regelmatig wordt dit veroorzaakt door overlevingsschulden. Dit zijn schulden die worden gemaakt om in noodzakelijke levensbehoeften te voorzien, bijvoorbeeld om de huur en energierekening te betalen. Mensen komen het meest in de problemen bij levensveranderende gebeurtenissen, zoals een scheiding of het verlies van werk.

Onvermogen De samenleving is complexer geworden. Mensen die laaggeletterd zijn, een verstandelijke beperking hebben of laag zijn opgeleid, snappen soms niet zelfstandig

8

Volwaardig deelnemen

Neerwaartse spiraal Wie eenmaal in armoede leeft kan in een neerwaartse spiraal belanden. Armoede is tegelijk een gevolg als een oorzaak van langdurige werkloosheid of arbeidsongeschiktheid.

D – AANPAK OP VERSCHILLENDE NIVEAUS Armoedebestrijding is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Rijksoverheid en gemeenten.

Rijksoverheid De Rijksoverheid doet dit onder meer door uitkeringsbedragen vast te stellen en het inkomen aan te vullen via de zorg- en huurtoeslag. Daarnaast heeft het Rijk bijzondere aandacht voor kinderarmoede. De Rijksoverheid wil dat ieder kind, ook in een gezin met een laag inkomen, maatschappelijk kan meedoen. Het aantal gezinnen met kinderen met een laag inkomen moet omlaag. Met verschillende maatregelen probeert het kabinet armoede binnen gezinnen terug te dringen. Zo zijn in

2019 de algemene heffingskorting en de arbeidskorting omhoog gegaan en de belastingtarieven omlaag. Verder is de zorgtoeslag voor paren, de kinderbijslag en de kinderopvangtoeslag verhoogd. Het besteedbaar inkomen van ouders met een laag inkomen gaat zo omhoog. Daarnaast wil de overheid schulden terugdringen en mensen begeleiden van bijstand naar werk. Ook onderzoekt de overheid of het systeem van toeslagen makkelijker kan worden gemaakt.13 Vanaf 2017 is er elk jaar €100 miljoen beschikbaar. Hiervan gaat €85 miljoen naar de gemeenten.

Gemeenten Veel van de uitvoering van deze maatregelen valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten. In de Bollenstreek hebben de gemeenten een groot deel van deze taken ondergebracht bij de Intergemeentelijke Sociale Dienst Bollenstreek (verder ISD). De ISD voert o.a. de volgende maatregelen uit: 14 • Bijzondere bijstand; • Collectieve aanvullende zorgverzekering; • Individuele studietoeslag; • Noodfonds voorkoming huisuitzetting; • Individuele inkomenstoeslag; • Sociaal medische indicatie voor kinderopvang. • Naast deze vormen van ondersteuning biedt de ISD ook diverse vormen van schulddienstverlening.15 Deze zijn: • Uitvoeren schuldregelingen; • Budgetinformatiepunt voor vragen over geldzaken; • Vroeg Eropaf; • Budgetbeheer; • Startpunt geldzaken; • Zelfstandig ondernemer en schulden.

De gemeente Noordwijk voert daarnaast zelf de Doe Mee Regeling16, het lokaal noodfonds17 en de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen18 uit. In opdracht van de gemeente voert Sportservice Zuid-Holland het Sport en cultuurfonds uit voor zowel jeugd als volwassenen. In bijlage 3 is voor uw gemak een overzicht opgenomen van de vormen van ondersteuning met een korte toelichting.

E – ARMOEDE IN NOORDWIJK Hoe groot is het probleem in Noordwijk? Om dit in beeld te krijgen heeft onderzoeksbureau KWIZ een armoedemonitor uitgevoerd. Het gehele rapport vindt u als bijlage 5 bij deze nota. In bijlage 1 zijn enkele kerngegevens inzichtelijk gemaakt. De hoofdlijn is dat Noordwijk 925 huishoudens kent die een inkomen hebben tot 120% van het wettelijk sociaal minimum. In deze huishoudens groeien 431 kinderen op. Een deel van de minimahuishoudens heeft ook andere ondersteuningsvragen: 28% heeft een of meerdere Wmo-voorzieningen, 10% is in beeld bij de schulddienstverlening en 6% van de minimagezinnen heeft één of meerdere kinderen met een voorziening vanuit Jeugdwet.19 In Noordwijkerhout (5%) is het aandeel minima hoger dan in Noordwijk (4%) en De Zilk (3%).

Schulddienstverlening is een wettelijke taak van gemeenten op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. In het beleidsplan ‘Op weg naar financiële zelfredzaamheid’ is omschreven op welke wijze hier invulling aan wordt gegeven. Vanwege de samenhang met het minimabeleid is in bijlage 2 een korte toelichting op dit beleid opgenomen. Omdat het beleid ten aanzien van de schulddienstverlening apart zal worden geëvalueerd, zal in deze nota nog niet op dit onderwerp worden ingegaan.

Minimabeleid 2021-2024

9

3 Wat is er bereikt? Nu we meer zicht hebben op de omvang en kenmerken van de problematiek, dringt de vraag zich op hoe deze in het recente verleden is aangepakt. En hoe succesvol is dat geweest?

2 De gedachte achter het voeren van integraal beleid is dat gemeente en organisaties in hun werk specifieke aandacht kunnen besteden aan minima. Zo kunnen re-integratie instrumenten voor minima worden ingezet, kunnen hulpverleners een positieve grondhouding bevorderen, kan het sociaal wijkteam (nu Voor Ieder 1) alert zijn op de ondersteuning van minima en kan de samenwerking worden gezocht met particuliere initiatieven zoals de Voedselbank en het kerkelijk gemeenschapswerk. Hulp met het huishoudboekje door vrijwilligers en een cursus budgetbeheer zijn aanvullende acties.

A – MINIMABELEID B – REALISATIE Per 1 januari 2015 is de Participatiewet in werking getreden. Deze nieuwe wet betekende een flinke wijziging in de organisatie en uitvoering op het vlak van bijstand en werk. Eén van de wijzigingen was het vervallen van regelingen waarmee bepaalde groepen extra konden worden ondersteund in hun inkomen.20 Deze wijzigingen waren de aanleiding om het beleid “Minima doen mee (2016-2019)” op te stellen.21 Het doel van dit beleid: minima zoveel mogelijk in staat te stellen mee te doen in de samenleving. Om dit doel te bereiken werd ingezet op twee sporen: 1. individuele ondersteuning en 2. het voeren van integraal beleid. 1 Individuele ondersteuning betekent dat inwoners een beroep kunnen doen op financiële ondersteuning om lid te worden van een sportvereniging, deel te nemen aan een culturele- of educatieve activiteit. Maar ook bijvoorbeeld een fiets voor kinderen die voor het eerst naar de middelbare school gaan en een tegemoetkoming voor witgoed of computer voor senioren. Deze vormen van ondersteuning zijn voor een groot deel opgenomen in de Doe Mee Regeling In bijlage 3 zijn ook de andere vormen van ondersteuning opgenomen met een toelichting en welke organisatie deze uitvoert.

10

Volwaardig deelnemen

De acties zoals hierboven beschreven zijn grotendeels uitgevoerd. In bijlage 4 treft u een samenvatting van de belangrijkste acties en de wijze van uitvoering.

C – RESULTATEN Heeft deze uitvoering ook geleid tot minder armoede in Noordwijk? En heeft het beleid ook geleid tot meer deelname aan de samenleving? Om hier zicht op te krijgen is een breed onderzoek22 uitgevoerd – zie bijlage 5. Het onderzoek bestaat uit 3 onderdelen, namelijk: een armoedemonitor, een inkomenseffect rapportage en een enquête onder alle minimahuishoudens. Hieronder kijken we eerst naar de stand van zaken in 2019 ten opzichte van 2014. Daarna gaan we in op de belangrijkste resultaten en conclusies op 3 vlakken: de minimahuishoudens, het gebruik van de minimaregelingen en tenslotte enkele algemene conclusies.

Meer minima In 2014 is in de voormalige gemeente Noordwijk ook een armoedemonitor uitgevoerd. Dit maakt het (deels) mogelijk om de cijfers van 2019 met 2014 te vergelijken. Enkele verschillen zijn: • Het aantal bijstandsuitkeringen is gestegen met 23; • Het aantal minima tot 100 procent Wsm is toegenomen met 6 huishoudens; • Het aantal minimahuishoudens is gestegen van 519 in 2014 (inkomen tot 110 procent Wsm) naar 568 in 2019 (inkomen tot 120 procent Wsm).

Zoals uit deze beperkte verschillenanalyse al blijkt, is directe vergelijking van de twee Armoedemonitors lastig. Dat komt door het samengaan met de gemeente Noordwijkerhout, maar ook door een verandering in de criteria. In 2014 werd nog geteld met een inkomen tot 110% Wsm, in 2019 is 120% Wsm gehanteerd.23

Minimahuishoudens Vergelijken we de uitkomsten van de armoedemonitor met andere gemeenten, dan vallen de volgende punten op: • Het aandeel minimahuishoudens en aandeel minimakinderen is lager dan in andere gemeenten van vergelijkbare grootte; • Er zijn relatief weinig minima met de AOW24-gerechtigde leeftijd; • In de minimapopulatie zijn relatief veel huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond. Zij maken vaker dan gemiddeld gebruik van de verschillende minimaregelingen. • Onder kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond is het aandeel dat opgroeit in een minimagezin (37%) een stuk hoger dan onder kinderen met een andere achtergrond. • Een groot deel (74%) van de minimahuishoudens is al langdurig afhankelijk van een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimumloon (verder Wsm) en deze groep is groter dan in 2014. Dit komt overeen met de landelijke trends; ook landelijk is er een stijging te zien van de langdurige minima. Kort gezegd: relatief minder minimahuishoudens, minimakinderen en minimaouderen dan vergelijkbare gemeenten. Het aandeel met een niet-westerse migratieachtergrond in de minima is relatief groot. Mensen zitten ook langer op het minimum.

Minimaregelingen • De meeste regelingen hebben een goed bereik onder de doelgroep. Al zijn niet alle regelingen even goed bekend bij de inwoners. • Voor alle doelgroepen is er een regeling; kindregelingen, participatieregeling voor volwassenen en AOW’ers. • De Doe mee regeling kent een lager bereik dan het gemiddelde bereik voor een participatieregelingen bij andere gemeenten. Een mogelijke verklaring voor het relatief lage gebruik kan zijn dat de Doe mee regeling via de gemeente aangevraagd moet worden en de andere regelingen via de ISD Bollenstreek worden verstrekt. Tegelijkertijd geeft ruim de helft van de respondenten in de enquête aan dat ze niet altijd kunnen

participeren in de maatschappij. Dit komt nog iets vaker voor onder respondenten die de Doe mee regeling gebruiken. Daarnaast missen sommige respondenten een regeling voor sport en activiteiten. • Twee derde van de respondenten geeft aan dat ze te maken hebben met een chronische ziekte, beperking of handicap. En (eveneens) twee derde van de respondenten geeft aan dat ze beperkt worden door hun slechte gezondheid. Dit verklaart het hoge gebruik van het duurste pakket van de collectieve zorgverzekering. Tegelijkertijd heeft de gemeente geen specifieke andere regeling voor chronisch zieken. • De gemeente (website en medewerkers) is de belangrijkste bron van informatie voor de minimaregelingen. Tegelijkertijd is een deel van de respondenten ontevreden over de informatievoorziening, vooral omdat zij de informatie zelf moeten opzoeken en de gemeente en hen niet actief op de mogelijkheden wijst. Kort gezegd: de verschillende regelingen worden goed gebruikt en beslaan alle doelgroepen. De Doe Mee Regeling blijft hierin achter. Dit komt niet omdat daar geen behoefte aan is. Er kan beter en actiever over gecommuniceerd worden.

Overig • Voor paren met kinderen loont werken vanuit de bijstand financieel gezien niet altijd: bij een loon gelijk aan 130% Wsm gaan zij er in totaal inkomen op achteruit ten opzichte van de bijstandssituatie. Daarnaast geldt voor paren zonder kinderen en alleenstaanden dat zij bij een loon van 130% Wsm een lager totaal inkomen hebben dan bij een loon gelijk aan 120% Wsm (mits zij van alle lokale regelingen en landelijke toeslagen gebruikmaken). • Participatie: Er is voldoende aanbod en dat wordt ook goed beoordeeld. Toch lukt het relatief veel minima niet om mee te doen. Kort gezegd: voor huishoudens met een inkomen van 130% is door het wegvallen van regelingen het besteedbaar inkomen soms lager dan als 120% zou worden verdiend. Mee doen in de samenleving is door geldgebrek of chronische ziekte moeilijk.

Minimabeleid 2021-2024

11

4 Naar een sterkere aanpak Nu we een beeld hebben van de problematiek en hoe deze zich voordoet in Noordwijk, kan een strategie worden bepaald. Deze versterken we met de inzichten die zijn opgedaan in de uitvoering van het beleid in de afgelopen jaren. Voor de vorming van deze strategie maken we gebruik van een drietal theoretische benaderingen en van de kennis die is opgedaan in de praktijk. A – THEORETISCHE BENADERINGEN Vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines wordt er onderzoek verricht naar armoede en naar de effectieve bestrijding ervan. In het onderstaande benoemen we enkele van de belangrijkste bevindingen en hoe deze kunnen worden toegepast. In bijlage 6 treft u een nadere toelichting op deze theoretische benaderingen.

Het kapitaal van mensen Mensen dragen het vermogen in zich om inkomsten te verwerven. Iedereen heeft immers vaardigheden en competenties die je kan inzetten voor een werkgever.25 Niet iedereen beschikt echter in gelijke mate over dit vermogen. Eén van de manieren om mensen uit de armoede te helpen is hen te ondersteunen in het versterken van hun eigen vermogens op de arbeidsmarkt. Met andere woorden: het versterken van menselijk kapitaal. 26

12

Volwaardig deelnemen

Per soort ‘kapitaal’ kan het volgende worden gedaan: Kapitaal

Toepassing

Economisch

Investeren in opleiding, studie, werkervaring

Sociaal

Versterken van de sociale banden met familie, vrienden, mensen in dezelfde situatie of in de wijk.

Psychologisch

Bevorderen van eigenschappen als wilskracht, veerkracht, volharding en creativiteit.

Maatschappelijk

Ruimte geven om zelf invloed uit te oefenen op sociale- wet en regelgeving.

Weten en doen Zoals iedereen weet die wel eens een hele zak chips opeet, is er een verschil tussen verstandelijk weten wat goed is en dit ook daadwerkelijk doen. Naast denkvermogen bestaat er ook zoiets als ‘doenvermogen’. Dat is het vermogen om dat wat je ‘weet’ in de praktijk te brengen. Door een plan te maken voor je eigen situatie, in actie te komen, bij tegenslagen vol te houden en indien nodig flexibel genoeg te zijn om bij te sturen. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid vindt dat de overheid soms te hoge eisen stelt aan het doenvermogen van Nederlanders.27 Zij bevelen aan om bij voorgenomen beleid en regelgeving vooraf te toetsen of de regeling ‘doenlijk’ is voor burgers. Zij moeten de wet niet alleen kennen maar ook ‘kunnen’. De kernvraag in deze toets luidt: is dit wel te doen voor deze mensen?28

Veerkracht door welbevinden Welbevinden en geluk spelen een belangrijke rol bij de aanpak van armoedeproblematiek en schulden. Door het welbevinden te vergroten, wordt iemands veerkracht vergroot. Iemands leven bestaat uit meer dan alleen schaarste, schaamte en stress. Bronnen van geluk, zoals een sterk sociaal netwerk, een zinvolle bijdrage aan de samenleving en het gevoel hebben van regie over het leven, vormen een tegenwicht voor problemen.29

Gezondheid

Toespitsing doelgroep

De situatie van mensen die in armoede leven wijkt in veel opzichten af van mensen die welvarender zijn. Volwassenen die leven met geldzorgen, schulden of armoede, hebben vaak te maken met chronische stress, ongezonde leefstijl, chronische ziekten als diabetes mellitus type 2 en hart- en vaatziekten, maar ook psychsociale problemen of opvoedproblematiek kan een gevolg zijn.30

Noordwijk heeft relatief minder problematiek dan vergelijkbare gemeenten, maar de problematiek is vaak wel langduriger. Ook is het aandeel van zowel gezinnen als kinderen in gezinnen met een niet-westerse immigratieachtergrond relatief groot. Dat betekent dat er extra focus kan komen voor langdurige armoede en een specifieke benadering voor inwoners met een niet-westerse migrantenachtergrond.

Vanuit de positieve gezondheid wordt een aanpak gehanteerd waarbij naar alle levensdomeinen wordt gekeken. Gezondheid is daarbij niet slechts de afwezigheid van ziekte, maar het vermogen om zich aan te passen en eigen regie te voeren. Mensen worden uitgenodigd het eigen gezondheidsoppervlak te vergroten en bereiken daarmee verbetering op meerdere dimensies.31

Ondergebruik Doe Mee Regeling

B – LEREN UIT ERVARING Uit de resultaten van het beleid ‘Minima doen mee (2016-2019)’ zijn een aantal lessen te trekken voor toekomstig beleid. Deze zijn:

De Doe Mee Regelingen zelf worden goed beoordeeld, maar het bereik van de regeling is met 17% nog niet waar deze zijn kan.32 Om hier te komen kan een proactieve benadering worden gehanteerd. De communicatie en de aanvraag zelf kunnen worden vereenvoudigd.

Chronische aandoening Het doel – hogere deelname aan de samenleving – blijkt moeilijk voor inwoners met een chronische aandoening.

Minimabeleid 2021-2024

13

Inbreng maatschappelijke organisaties Diverse maatschappelijke organisaties zijn gevraagd terug te blikken op hun ervaringen en met suggesties voor verbetering te komen.33 Daar zijn de onderstaande aanbevelingen uit voortgekomen: • Verhoog de vermogensgrens voor aanvragers van de Doe Mee regelingen. • Stel de Doe Mee regelingen vast in natura; • Breid de Doe Mee Regeling uit met een tegemoetkoming in medische kosten, dierenartskosten, persoonlijke verzorging, reiskosten en kleding.

Wij verminderen armoede in Noordwijk door op verschillende vlakken te investeren in onze inwoners. We stellen hen in staat volwaardig deel te nemen aan de samenleving. We bieden hen mogelijkheden voor hun ontwikkeling en helpen hen weer grip te krijgen. Dit alles doen we met de minima zelf en met betrokken organisaties en inwoners.34 In de hoofdstukken die volgen benoemen we per speerpunt de acties en doelen. In de bijlage 7 vindt u per actie hoe deze actie gerealiseerd kan worden en wat die kost.

C – STRATEGIE Deze modellen, verbeterpunten en aanbevelingen brengen ons tot de strategie zoals uitgebeeld in de onderstaande infographic:

Meedoen

Ruimte en grip

14

Volwaardig deelnemen

Ontwikkelen

Met elkaar

5 Meedoen Kunnen meedoen is cruciaal voor je gevoel van eigenwaarde, het samenzijn met anderen en het aangaan van vriendschappen. Voor alle doelgroepen, maar in het bijzonder voor kinderen. A – ACTIES Verjaarscadeau Vijf procent van de kinderen – 431 in 2019 – groeit op in huishoudens met een inkomen onder de 120% van het wettelijk sociaal minimum in Noordwijk. We breiden de Doe Mee Regeling uit met het verjaardagscadeau. Dit is een tegoed van €40 per kind per jaar, besteedbaar bij lokale speelgoed- en gamewinkels via de Noordwijkpas. Het verjaarscadeau is ruim genoeg voor een cadeau voor het kind zelf als voor een cadeautje voor vrienden. Daarmee voelen kinderen zich gewaardeerd en wordt het risico op sociale uitsluiting verminderd.

Breed kindpakket De huidige regeling voor schoolkosten en de eenmalige schoolfiets-tegemoetkoming breiden we uit naar een breed kindpakket. Hiervoor sluiten we aan bij de Stichting Leergeld Leiden. De Stichting Leergeld biedt met hulp van vrijwilligers een bij het gezin passende ondersteuning. Deze ondersteuning wordt in natura verstrekt en kan uiteenlopen van schooluitjes, een laptop, een fiets, typelessen, een instrument, een welzijnsactiviteit en meer.35 Deze uitvoering is laagdrempelig en dichtbij (via scholen en andere intermediairs). Een brede ondersteuning van kinderen is het beste middel om intergenerationele armoede te doorbreken en kinderen kansrijk te laten opgroeien.

Computerregeling volwassenen De computer en het internet bieden tal van mogelijkheden om jezelf te informeren, te leren en te ontwikkelen. Mensen kunnen daarmee hun eigen economisch kapitaal ontwikkelen en een duurzame weg naar een hoger inkomen voor zichzelf plaveien. Bovendien verloopt de organisatie van de samenleving steeds meer digitaal. Dat betekent dat je om goed mee te kunnen doen ook digitaal aanwezig moet zijn. Daarom breiden we de

bestaande computerregeling voor senioren uit naar volwassenen. Dit sluit aan bij de behoefte van de gebruikers van de Doe Mee Regeling en neemt de ongelijkheid weg in de huidige regeling. De infographic op de volgende pagina laat zien hoe de nieuwe Doe Mee Regeling eruit komt te zien.36

Vereenvoudigen regeling Uit het onderzoek naar armoede in Noordwijk blijkt dat de Doe Mee Regeling relatief beperkt gebruikt wordt. De enquête onder de huidige gebruikers en de reacties van maatschappelijke partners op het concept beleid geven aan dat de indieningsvereisten te uitgebreid en de criteria te streng zijn. Daarom gaan we de regeling op een aantal punten vereenvoudigen. Deze zijn: • Voor bijstandsgerechtigden wordt de aanvraag tot de minimaal benodigde gegevens en stukken teruggebracht en waar mogelijk proactief 37 verstrekt. • Voor andere aanvragers met een totaalbedrag onder de € 500,- is een mondeling gesprek en ondertekende verklaring van het inkomen voldoende. • Voor andere aanvragers met een totaalbedrag boven de € 500,- wordt een lichte inkomenstoets uitgevoerd. • Voor aanvragen van een computer of witgoed wordt het bedrag van € 400,- gehalveerd bij een eigen vermogen van € 3.000,- of meer.  et principe achter deze vereenvoudigingen is H “Van georganiseerd wantrouwen naar verantwoord vertrouwen”.38 In die beweging kijken we kritisch welke vormen van controle wanneer nodig zijn.

Minimabeleid 2021-2024

15

DOE MEE REGELING Geen onnodige regels en administratieve procedures als de risico’s klein zijn. Alleen opschalen waar noodzakelijk. In bijlage 12 vindt u een nadere toelichting op de afwegingen voor de bovenstaande vereenvoudigingen.

visueel mogelijk te communiceren richting laaggeletterden. Jonge gezinnen en jongeren bereiken we via het Preventienetwerk Jeugd.

Pilot werkbonus Er zijn zo veel verschillende vormen van ondersteuning dat het voor alle betrokkenen – de minima zelf, partnerorganisaties, doorverwijzers en de gemeente zelf – lastig is om de weg te vinden. Om niet toe te voegen aan de complexiteit houden we De Doe Mee Regeling zelf ook simpel. Daarbij worden de bovenstaande 3 groepen onderscheiden: kinderen, volwassenen en senioren. Er komen geen bijzondere categorieën voor (arbeids)migranten, chronisch zieken, werkende jongeren en andere groepen. Uiteindelijk valt iedereen in een leeftijdsgroep.

16

Communicatie verbeteren

Als iemand aan het werk gaat neemt diens inkomen toe. Door het wegvallen van het recht op toeslagen en minimaregelingen groeit het netto besteedbaar inkomen minder snel. Dit speelt met name bij huishoudens met kinderen.39 Voor deze groep zou werken aantrekkelijker moeten zijn. Daarom starten we een pilot waarbij huishoudens met kinderen die door werk boven de norm van de gemeentelijke minimaregeling komen in het volgende kalenderjaar nog gebruik kunnen maken van de Doe Mee Regeling. Op die manier wordt uitstroom niet gestraft maar juist beloond. De pilot moet inzicht bieden of dit een stimulerend effect heeft op de uitstroom en hoeveel gebruik hiervan gemaakt zal worden.

Daarnaast is het van belang de verschillende groepen binnen de minima effectief te bereiken. De zogenaamde werkende armen (37% van de minima) vormen een diverse groep en zijn daardoor niet makkelijk te bereiken. We richten onze communicatie onder andere op bedrijven en werkgevers om deze groep te bereiken. Senioren vormen zo’n 20% van de minima. Om deze groep te bereiken benutten we de communicatiekanalen van de ouderenbonden. Inwoners met een niet-westerse immigratieachtergrond bereiken we in samenwerking met de Stichting Marhaba, de Moskee, de Wereldvrouwen en VluchtelingenWerk. We zetten infographics in om zo

Met deze acties worden de volgende doelen nagestreefd: 1 Alle minima huishoudens in staat te stellen om mee te doen aan sport, cultuur en welzijnsactiviteiten; 2 Het minimaliseren van de effecten van armoede op kinderen; 3 Het verhogen van de maatschappelijke participatie van kinderen, volwassenen en senioren; 4 Het verhogen van het gebruik van de ondersteuning; 5 Het verminderen van de administratieve en bestuurlijke lasten.

Volwaardig deelnemen

B – DOELEN

6 Ontwikkelen Werken verhoogt niet alleen het inkomen, maar ook de kwaliteit van het leven. Werken geeft structuur en zingeving, versterkt het sociale netwerk en verhoogt de deelname in de samenleving. A – ACTIES Bemiddeling naar werk of een zinvolle maatschappelijke bijdrage Voor mensen die een lange tijd niet hebben deelgenomen aan de arbeidsmarkt is het veelal niet makkelijk om opnieuw aan te haken in werkprocessen. Dan is de afstand groot en is er hulp nodig om aan te kunnen sluiten bij het werkritme en tempo. Het Servicepunt Werk ondersteunt werkzoekenden door het bieden van individuele begeleiding, leerwerkervaringsplekken, stages, jobcoaching of arbeidsmarktgerichte cursussen/ trainingen. We ontwikkelen met het Servicepuntwerk, de ISD Bollenstreek en Welzijn Noordwijk een plan om de uitstroom naar werk te verhogen.40 Deze partners werken hierin samen omdat een benadering nodig is die kijkt naar meerdere leefgebieden (welzijn en gezondheid, inkomen, werk). Waar werk (nog) niet haalbaar is worden mensen geholpen om een zinvolle maatschappelijke bijdrage te geven, bijvoorbeeld als vrijwilliger.

regionale partners41 om werkloosheid te voorkomen. Daartoe worden mensen die werkloos raken zo veel mogelijk geleid naar de sectoren waar dringend arbeidskrachten nodig zijn (zorg, ICT, onderwijs, techniek).

Laaggeletterdheid verminderen Laaggeletterdheid en armoede zijn twee problemen die hand in hand gaan.42 Om laaggeletterdheid tegen te gaan, wordt met verschillende partners een Taalpact gevormd. Met hen wordt het huidige aanbod voor laaggeletterden in kaart gebracht en bekeken op welke vlakken de samenwerking tussen de verschillende partners verbeterd kan worden. Armoede en schulden is daarbij één van de vijf actielijnen uit het Regionale programma integrale aanpak laaggeletterdheid van Holland Rijnland.43

B – DOELEN Verminderen stigma mensen met een psychische beperking Iedereen is het waard om mee te doen in de samenleving, maar niet iedereen krijgt dezelfde kansen. In de samenleving leven denkbeelden dat mensen met een psychische beperking, ziekte of stoornis minder capabel of vaardig zijn op de werkvloer en alleen maar productiewerk, schoonmaak of de groenvoorziening kunnen doen. Deze misopvatting die breed in de samenleving wordt gedeeld, kan leiden tot uitsluiting van mensen en leidt bij werkzoekenden veelal tot zelfstigma. We zetten de campagne ‘Opgenomen op de werkvloer’ voort om deze beeldvorming tegen te gaan.

Van werk naar werk

Met deze acties worden de volgende doelen nagestreefd: 1 Het verhogen van de uitstroom naar werk en het bevorderen van een maatschappelijke bijdrage voor mensen voor wie betaald werk (nog) niet haalbaar is. 2 Het verminderen van het stigma in de arbeidsmarkt ten aanzien van mensen met een psychische stoornis. 3 Het bevorderen van omscholing van werkzoekenden naar sectoren met personeelstekorten. 4 De vermindering van laaggeletterdheid.

De gemeente Noordwijk werkt samen met diverse

Minimabeleid 2021-2024

17

7 Ruimte en grip Vrij zijn van druk en zorgen geeft lucht om te ademen. Pas dan is er energie voor oplossingen. A – ACTIES Persoonlijke benadering Het scheelt enorm als je geen vreemden voor elkaar bent. In deze tijd waar efficiency voorop staat, kan de menselijke maat makkelijk verloren gaan. Mensen voelen zich niet gezien of gehoord.44 Juist in een relatief kleine gemeente als de onze zou dit anders moeten kunnen. Een warme grondhouding van medewerkers en een menselijke benadering. We kijken naar methoden om persoonlijk contact te leggen, op een manier die zowel werkbaar is voor organisaties als prettig voor de betrokkene. Minder nadruk op papierwerk en controle geeft de medewerker meer tijd voor het gesprek en het adviseren van mensen over de verschillende vormen van ondersteuning.45

Stress-sensitieve hulpverlening Hulpverleners kunnen met hun benadering stress wegnemen. Dit kan door een prettige en veilige omgeving te creëren,46 een coachende houding en steunende interactie, geen stress toe te voegen maar helpende instrumenten te hanteren en door schaarste waar mogelijk op te heffen. We bieden hulpverleners (professioneel en vrijwillig) deskundigheidsbevordering aan op dit vlak.47 Bewezen effectieve technieken zoals motiverende gespreksvoering, oplossingsgericht coachen en wilskrachtoefeningen kunnen hierin elementen zijn.48

Stabilisatie trajecten Van een roerige zee naar kalmere wateren. Dat is het doel van stabilisatietrajecten. Mensen krijgen begeleiding op maat om weer grip te krijgen op de eigen situatie.49 De begeleiding begint met het aftasten van de mate van zelfredzaamheid van de betrokkene. De begeleiding wordt vervolgens aangepast aan deze zelfredzaamheid en vandaar uit worden stappen uitgezet naar een betere omgang met geld. De afgelopen jaren is deze vorm van begeleiding al ingezet voor nieuwe gebruikers van de Voedselbank.50 Nu wordt dit instrument ook beschikbaar gesteld voor instroom vanuit andere vindplaatsen.51

18

Volwaardig deelnemen

Toets op doen-vermogen We nemen bij de uitvoering van het beleid vroegtijdig en persoonlijk contact op met de betrokken inwoners als er zich onregelmatigheden voor doen. Op die manier kan worden bekeken of er sprake is van ‘niet kunnen’ of ‘niet willen’.52 Dikwijls is het geen kwestie van het één of het ander maar is het juist de taak van de gemeente en maatschappelijke organisaties om deskundig genoeg te zijn om mensen te motiveren weer in zichzelf te geloven.

B – DOELEN Met deze acties worden de volgende doelen nagestreefd: 1 Persoonlijk contact met mensen leggen en onderhouden. 2 Hulpverleners hebben de juiste bagage om stress-sensitief te werken. 3 Minima krijgen begeleiding op maat. 4 Uitvoering van het beleid met oog voor de mentale belasting bij betrokkenen.

8 Met elkaar Minima praten mee over het beleid dat er is om hen te helpen. Maatschappelijke partners, gemeente en betrokken inwoners werken samen om armoede te bestrijden. A – ACTIES Klankbordgroep en ervaringsdeskundigen Invloed kunnen uitoefenen op je omgeving is onderdeel van het versterken van sociaal kapitaal. Om die reden richten we een klankbordgroep op waarin beleid en uitvoering met minima besproken wordt. Het is niet de bedoeling om hier een formeel orgaan als een adviesraad voor op te richten. In plaats daarvan bekijken we hoe we de doelgroep op een geschikte manier kunnen betrekken bij onderwerpen. Dit kan bijvoorbeeld de vorm aannemen van een discussieavond, een raadpleging via internet of een andere vorm. Naast meepraten kunnen ervaringsdeskundigen meekijken in de uitvoering. Is een brief makkelijk te begrijpen? Hoe komt een actie over bij inwoners? In navolging van andere gemeenten bekijken we de inzet van ervaringsdeskundigen binnen de gemeente en de ISD Bollenstreek.

Vrijwilligers Waar iemands netwerk beperkt is, kunnen vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties een cruciale rol vervullen. Organisaties zoals Humanitas en Hulp in Noordwijk (Schuldhulpmaatjes) helpen mensen om het huishoudboekje weer op orde te krijgen. Het kerkelijke gemeenschapswerk, de ouderenbonden, de Zonnebloem, de Voedselbank, het Meedenkersnetwerk, de vrijwilligers van Reuring, de Stichting Present en VluchtelingenWerk kunnen - ieder via hun eigen kanalen – hulp aanbieden in de haarvaten van de samenleving. Het bijeffect van hulp door vrijwilligers is vaak dat er naast de hulp met de administratie ook aandacht is voor eenzaamheid en welzijn. Deze organisaties en vrijwilligers ondersteunen we met een budget voor deskundigheidsbevordering.

Met maatschappelijke partners Vanuit allerlei invalshoeken53 en organisaties is er reeds aandacht voor minima en hun behoeften.54 In de samen-

werking kan nog winst worden behaald door het delen van een gezamenlijke visie, het delen van ervaringen en het afstemmen van doelen. De teams van Voor Ieder 1 spelen hierin een belangrijke rol als de plek waar mensen als eerste terecht kunnen met een vraag of verzoek om hulp. De gemeente bevordert de onderlinge samenwerking en onderzoekt of de uitvoering van de Doe Mee Regeling in de teams van Voor Ieder 1 kan worden belegd.

Brede aanpak Op tal van beleidsvelden kan actief worden gewerkt aan de preventie en het verminderen van armoede. Zo zorgt het behalen van een startkwalificatie (onderwijs), een goede woning (wonen) en een sterk sociaal netwerk door deelname aan sport en cultuur voor een betere uitgangspositie. In bijlage 11 is een overzicht opgenomen van de raakvlakken met andere beleidsvelden. Om de integrale blik op de armoede problematiek te ontwikkelen, komen de beleidsmedewerkers, ervaringsdeskundigen en de klankbordgroep periodiek samen.

B – DOELEN Met deze acties worden de volgende doelen nagestreefd: 1 Het betrekken van de doelgroep bij de uitvoering van het beleid. 2 De verbetering van de gemeentelijke dienstverlening ten opzichte van minima. 3 De goede samenwerking tussen de betrokken maatschappelijker partners. 4 Leren van de kennis en toepassingen over de bestrijding van kinderarmoede die landelijk wordt ontwikkeld. 5 Het versterken van de aanpak tegen armoede door een integrale beleidsbenadering.

Minimabeleid 2021-2024

19

9 Corona Op het moment dat deze nota wordt opgesteld, leven we al een jaar met de gevolgen van de wereldwijde Corona-epidemie. Wat betekent deze epidemie voor de Noordwijkse minima? Welke effecten zijn te verwachten en hoe kunnen we daar op anticiperen? A – EFFECTEN Kwetsbaren het hardste geraakt De eerste onderzoeken naar de effecten van de coronacrisis wijzen erop dat de meest kwetsbaren hard geraakt worden. Het gaat onder andere om ouderen, laaggeletterden, dak- en thuislozen, mensen met een migratieachtergrond, arbeidsbeperking of GGZ problematiek. De impact is het grootst bij gezinnen en personen waar sprake is van gestapelde problemen (multi-problematiek). Deze groepen waren vaak al in beeld bij de bestaande ondersteuningsstructuren, maar verdwijnen door de crisismaatregelen en de noodzaak om digitaal te werken deels uit zicht.55

Economische vooruitzichten Onduidelijk is nog in welke mate de minima financieel zullen worden getroffen. Het Centraal Plan Bureau gaat in zijn novemberraming van de economische vooruitzichten 2021 uit van een oplopende werkloosheid tot 6%. Vooral jongeren, werknemers met een flexibel arbeidscontract en zzp’ers worden geraakt.56

Groei werkloosheid Door de diverse steunpakketten van de Rijksoverheid57 worden de economische effecten van de coronacrisis vertraagd. Met regelingen zoals de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers (TOZO), de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) en nu de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) konden veel bedrijven en ondernemers een periode overbruggen. Vorig jaar zag het UWV het aantal WW-uitkeringen oplopen naar 286.000 eind 2020. Dit was een stijging

20

Volwaardig deelnemen

van circa 62.000 WW-uitkeringen ten opzichte van 2019. Naar verwachting zet de stijging in 2021 verder door naar 386.000. Niet iedereen die werkloos raakt, heeft recht op een uitkering, maar iedereen heeft wel recht op het vangnet van de bijstand. Op termijn zal de stijgende werkloosheid zich doen gelden op de gemeentelijke financiën.58

B – ANTICIPEREN Coulance bij betalingsachterstanden Vanwege deze verwachte effecten roept de landelijke armoedecoalitie – een netwerk van landelijke partijen die zich vinden in het gezamenlijke doel om armoede en schulden aan te pakken – op om mensen met betalingsproblemen te beschermen. De oproep is gericht aan het kabinet, maar ook aan gemeenten, woningcorporaties, commerciële verhuurders, zorgverzekeraars en het professionele veld van schuldhulp en incasso en heeft tot doel dat deze instanties een coulante houding aannemen en oog hebben voor de kwetsbare positie waar sommige huishoudens door de huidige ontwikkelingen in terecht komen. Financiële hulpverlening en coulance zijn essentieel om veel grotere problemen te voorkomen. Hun concrete verzoek luidt: • Stop met nieuwe invorderingsmaatregelen zoals beslag op inkomen, bankrekening, inboedel of auto en verrekening van toeslagen. • Geen verhogingen, boetes en rente op achterstanden. • Geen woninguitzettingen, geen afsluiting van energie, water en geen afsluiting van internet.

Corona Noodfonds In december 2020 heeft de gemeente Noordwijk een Corona Noodfonds in het leven geroepen. Dit fonds is bedoeld om ondersteuning te bieden voor het beperken en herstellen van de nadelige gevolgen in de Noordwijkse samenleving daar waar geen andere compensatie beschikbaar is. Met dit fonds worden maatschappelijke instellingen die niet in staat zijn vaste lasten voldoende terug te brengen deels tegemoetgekomen.

Investeren in sociaal en mentaal welzijn en leefstijl Het coronavirus en de coronamaatregelen hebben niet alleen een grote weerslag op de zorg en de economie, maar ook op het mentaal welzijn en de fysieke gezondheid van Nederlanders. In februari 2021 heeft het kabinet met een nieuw steunpakket 200 miljoen euro extra beschikbaar gesteld voor de bevordering van sociaal en mentaal welzijn en leefstijl.59 Momenteel wordt in een

ambtelijke werkgroep gestudeerd op de inzet van dit steunpakket. Hoewel dit steunpakket niet specifiek van toepassing is op de minima, is dit wel een groep waarbij problemen op het vlak van welzijn en gezondheid kunnen samenkomen.

Minimabeleid 2021-2024

21

10 Financiën A – UITGAVEN De onderstaande tabel toont de uitgaven. Een nadere specificatie per speerpunt vindt u in bijlage 7. Onderdeel

Eenmalig

Structureel

DOE MEE REGELING Verjaardagscadeau

€ 9.000

Breed kindpakket

€ 60.000

Jeugd Sport en cultuurfonds

€ 50.000

Volwassenen sport- en cultuurfonds

€ 45.000

Computerregeling volwassenen en senioren

€ 13.000

Witgoedregeling pensioengerechtigden

€ 5.000

Deelname samenleving pensioensgerechtigden

€ 3.000

Subtotaal

€0

€ 185.000

€ 5.000

€ 10.000

OVERIGE POSTEN Noordwijkpas Communicatie verbeteren

€ 3.000

Persoonlijke benadering

€ 2.000

Stress-sensitieve hulpverlening

€ 2.500

Stabilisatietrajecten Voedselbank

€ 40.000

Lokaal Noodfonds

€ 7.000

Klankbordgroep en ervaringsdeskundigen

€ 10.000

Vrijwilligers

€ 2.000 € 2.000

Subtotaal

€ 19.500

€ 64.000

Totaal

€ 19.500

€ 249.000

Dekking (Armoedebestrijding)

€0

€ 188.200

Structurele uitbreiding budget

€ 19.500

€ 60.800

B – INKOMSTEN Voor deze investeringen ontvangt de gemeente deels middelen van het Rijk. Voor de bestrijding van kinderarmoede is dat in 2020 een bedrag van € 117.480,-. Daarnaast werd in de jaren 2017 tot en met 2019 een

kleine rijksbijdrage ontvangen van € 6.100,- voor armoedebestrijding onder ouderen. Dit budget vanuit het Rijk wordt door de gemeente aangevuld tot een jaarlijks budget van € 188.200,-.

C – DEKKINGSVOORSTEL

22

Berekening

Incidenteel

Structureel

Totale uitgaven minimabeleid Niemand achterblijven

€ 19.500

€ 249.000

Beschikbaar in de begroting

€-

€ 188.200

Verschil

- € 19.500

- € 60.800

De incidentele uitgaven kan de raad ter beschikking stellen uit de reserve sociaal domein. Het structurele tekort dat ontstaat met dit beleidsvoorstel is opgeno-

men in de perspectiefnota 2022. Op die manier kan de raad een integrale afweging maken.

Volwaardig deelnemen

11 Planning, monitoring en evaluatie 2021

2022

2023

Aanpassing Doe Mee Regeling

Persoonlijke benadering

Tussenevaluatie

Noordwijkpas

Klankbordgroep en ervaringsdeskundigen

Plan van aanpak toeleiding naar werk

Stress-sensitieve hulpverlening

Communicatie

Toets op doen-vermogen

Laaggeletterdheid

2024

Eindevaluatie

A – PLANNING

C – EVALUATIE

De hierboven genoemde acties worden in de komende twee jaar opgezet volgens de onderstaande planning. Een deel van de genoemde acties zijn al geïnitieerd en worden daarom niet in de planning opgenomen. In de jaren 2023 en 2024 worden verbeterpunten en bijsturingen die voortkomen uit de tussenevaluatie vormgegeven.

Na 2 jaar wordt met een tussenevaluatie gerapporteerd over de uitvoering van de beleidsnota. Hierbij zal het gebruik van de Doe Mee Regeling worden opgenomen. Ook zal een enquête worden uitgezet onder minima. De professionals zullen worden bevraagd over de inzet van de regelingen en mogelijke verbeteringen. Daarnaast wordt gerapporteerd over het gebruik van de voedselbank. Vier jaar na de start van dit nieuwe beleid stellen we een eindrapportage op. Hierbij ontvangt de raad een armoedemonitor en inkomenseffectrapportage welke vergeleken kunnen worden met de nulmeting van 2019. Daarbij zal specifiek aandacht zijn voor de effecten van het beleid voor de inkomensgroepen tot 120% en 130% van het wettelijk sociaal minimum. Om daarbij naar de totale mens te kijken, betrekken we in de uitvoering en de evaluatie het model van de positieve gezondheid. Hierdoor wordt de financiële situatie niet geïsoleerd bekeken maar ook in relatie tot andere levensdomeinen gezien.

B – MONITORING Het werken met een klankbordgroep en ervaringsdeskundigen betekent dat met grotere regelmaat wordt gekeken naar de voortgang en wordt gereflecteerd op de uitvoering. Verwacht wordt dat hier een meer regelmatige bijsturing uit zal voortkomen. Daarnaast gaan we aan de opgenomen doelen een meetbare indicator koppelen. In de reguliere rapportages van de plannings- en control cyclus maken we aan de hand van deze indicatoren de voortgang inzichtelijk.

Minimabeleid 2021-2024

23

Bijlage 1 MINIMA IN NOORDWIJK

24

Volwaardig deelnemen

Minimabeleid 2021-2024

25

Bijlage 2 SCHULDDIENSTVERLENING In de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) is vastgelegd dat gemeenten de verplichting hebben om inwoners met schulden te helpen. In 2018 heeft één op de vijf huishoudens in Nederland betalingsproblemen. Omgerekend gaat dat landelijk om 1,35 miljoen huishoudens. Bij 8% gaat het om ernstige betalingsproblemen. Het type betalingsproblemen dat mensen hebben, lijkt te verschuiven. Uit het onderzoek Financiële problemen60 blijkt dat 32% van de Nederlandse huishoudens in 2018 met één of meerdere betalingsachterstanden te maken heeft gehad. Uit dit onderzoek blijkt ook, dat het aantal huishoudens met betalingsproblemen nagenoeg gelijk is aan 2015, respectievelijk 22 en 21 procent. De stap naar de schuldhulpverlening is groot. Mensen hebben gemiddeld vijf jaar schulden, voor ze deze stap uiteindelijk zetten. Schaamte, onbekendheid en negatieve signalen uit de omgeving zijn belangrijke verklaringen (Berkhout et al., 2019). De aanpak van schuldenproblematiek is complex en om de groeiende schuldenproblematiek aan te pakken is in 2018 de Brede Schuldenaanpak geïntroduceerd, waarbij alle betrokken partijen, vanuit een gedeeld beeld en dezelfde uitgangspunten, het schuldenbeleid invullen en uitvoeren61.

De belangrijkste doelstellingen daarbij zijn: • Preventie en vroegsignalering: het voorkomen van problematische schulden en het treffen van maatregelen om problematische schulden terug te dringen; • Effectieve schuldhulpverlening: afspraken om inwoners met schulden effectiever te helpen; • Sociale incasso: bevorderen van aan zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso. Daarnaast heeft de schulddienstverlening te maken wetswijzigingen en nieuwe wetten die invloed hebben op het beleid van schuldhulpverlening. Het gaat om: • Wijzigingen van de Wgs met ingang van 1 januari 2021; • Wet vereenvoudiging beslagvrije voet; • Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag (verbreed derdenbeslag vanaf 2022); • Adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind; • Nieuwe inburgeringstelsel.

26

Volwaardig deelnemen

De ISD Bollenstreek voert schulddienstverlening uit voor de gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk en Teylingen. Het beleidsplan “Op weg naar financiële zelfredzaamheid” van de ISD Bollenstreek is per 1 januari 2021 met een jaar verlengd en zal het komende jaar geëvalueerd worden. Vanuit de schulddienstverlening bij de ISD zijn verschillende vormen van hulp mogelijk, zoals vroegsignalering, informatie en advies, budgetbeheer, budgetcoaching, het treffen van een betalingsregeling met schuldeisers, het aflossen van schulden door een verstrekken van een lening (herfinanciering, een minnelijk schuldregelingstraject of een wettelijke schuldregeling (WSNP). De ISD is lid van de NVVK, de branchevereniging voor schuldhulpverlening en Sociaal Bankieren. Door elke drie jaar de verplichte periodieke audit van de branchevereniging te ondergaan, waarborgt de ISD haar kwaliteit van de schulddienstverlening. De ISD is in 2019 gestart met Vroeg Eropaf62 voor Hillegom, Lisse en Teylingen. Noordwijk is per 1 januari 2021 hierop ook aangehaakt. In dit project wordt in een vroeg stadium contact opgenomen met een inwoner bij het ontstaan van bepaalde betalingsachterstanden. Door er vroeg bij te zijn, is vaak een snelle oplossing mogelijk en wordt erger voorkomen. Een andere ontwikkeling bij de ISD is het introduceren van Stress Sensitieve Dienstverlening.

Dit is gebaseerd op de methode Mobility Mentoring63 en richt zich op het structureel verbeteren van de financiële en sociale situatie van mensen met aandacht voor de samenhang tussen de verschillende leefgebieden, de effecten van stress, leefsituatie en gedrag. Met deze ontwikkelingen volgt de ISD landelijke trends.

Bijlage 3 VORMEN VAN INDIVIDUELE ONDERSTEUNING Ondersteuning

Omschrijving

Uitvoerder

Kwijtschelding

Kwijtschelding van gemeentelijke belastingen tot 100% van het wettelijk sociaal minimum of AOW.

Gemeente Noordwijk

Collectieve aanvullende zorgverzekering

Voor inwoners tot 120% van het wettelijk sociaal minimum is het mogelijk een collectieve aanvullende zorgverzekering af te sluiten met 5% op de verplichte basisverzekering.

ISD Bollenstreek

Bijzondere Bijstand

Voor noodzakelijke kosten (aantoonbaar en voorafgaand aan de uitgaven indienen) die niet betaald kunnen worden uit inkomen, vermogen, individuele inkomenstoeslag of studietoeslag, voorliggende voorzieningen of spaargeld. (Tot 110% van het wettelijk sociaal minimum).

ISD Bollenstreek

Individuele inkomenstoeslag

Per 1 oktober 2020 is de individuele inkomenstoeslag in de plaats gekomen van het Persoons ondersteunend budget en de inspanningspremie. Voor inwoners met een maximuminkomen tot 110% van het wettelijk sociaal minimum. De individuele inkomenstoeslag is een vast bedrag en vrij besteedbaar. Het advies is om dit bedrag te gebruiken voor de aanschaf of vervanging van huishoudelijke apparatuur of andere noodzakelijke kosten, zoals tandartskosten of aanschaf van een bril, etc. De tegemoetkoming bedraagt: - voor een alleenstaande (ouder) € 500,- per jaar - voor gehuwden/samenwonenden € 800,- per jaar - voor alleenstaande (ouder) in een inrichting € 250,- per jaar - voor gehuwden/samenwonenden in een inrichting € 400,- per jaar.

ISD Bollenstreek

Individuele studietoeslag

Deze toeslag heeft als doel inwoners met een arbeidsbeperking tot 110% van de bijstandsnorm te stimuleren een opleiding te volgen. De toeslag biedt daarbij financiële compensatie. De hoogte van de individuele studietoeslag is een percentage van de gehuwdennorm en is afhankelijk van leeftijd en geldt voor maximaal 12 maanden. Leeftijd 18-20 jaar 15% Leeftijd 21 jaar 18% Leeftijd 22 jaar 21% Leeftijd 23 jaar 25%.

ISD Bollenstreek

Jeugdfonds Sport en Cultuur

Het Jeugdfonds Sport en Cultuur betaalt de contributie rechtstreeks aan de sportvereniging, dansschool of andere organisatie. Voor sport is de bijdrage in natura € 250,- en voor cultuur € 350,-.

Sportservice Zuid-Holland

Lokaal noodfonds

De gemeente Noordwijk heeft een noodfonds voor inwoners tot 130% van de bijstandsnorm die onverwacht financieel in de knel komen. Het noodfonds geldt niet voor betalingsachterstanden, bekeuringen of problemen die voorkomen hadden kunnen worden.

Gemeente Noordwijk

Vervolg op volgende pagina >

Minimabeleid 2021-2024

27

VERVOLG VORMEN VAN INDIVIDUELE ONDERSTEUNING

28

Ondersteuning

Omschrijving

Uitvoerder

Financieel fonds voorkoming huisuitzetting

Het doel van het fonds is om kwetsbare huurders (sociale huurwoning) die een huurachterstand hebben te helpen via een renteloze lening om dreigende huisuitzetting te voorkomen. De opgelopen huurachterstand kan dan worden betaald tot maximum € 2.250,-.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=2576504d-ef22-44b5-a4d2-3d14da2afe7f