CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Toelichting Ontwerpbestemmingsplan Duinschooten 12

Gemeenteraadsvergadering 22 juni 2021, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplanwijziging Oosterduinsemeer tbv Invitation, Duinschooten 12 Noordwijkerhout12.333 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4.8 Bedrijven- en milieuzonering Voor het behoud en de verbetering van de kwaliteit van de woon- en leefomgeving is een juiste afstemming tussen de verschillende voorkomende functies en wonen noodzakelijk. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van een milieuzonering die uitgaat van richtinggevende afstanden tussen hinderlijke functies (in de vorm van gevaar, geluid, geur, stof) en gevoelige functies. In de brochure 'Bedrijven en Milieuzonering' van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) (versie 2009) zijn deze richtafstanden opgenomen. Van deze richtafstanden kan gemotiveerd worden afgeweken. De richtafstanden zijn afhankelijk van het omgevingstype waarbinnen de milieugevoelige bestemming is gelegen. De VNG-publicatie gaat uit van het omgevingstype rustige woonwijk/rustig buitengebied of van een gemengd gebied. Een rustige woonwijk/rustig buitengebied kan aangemerkt worden als een gebied zonder functiemenging en waar sprake is van een minimale invloed van wegverkeer. Bij een gemengd gebied is sprake van een functiemenging tussen wonen en milieubelastende activiteiten, van wonen langs drukke gebiedsontsluitingswegen of bij lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid. Beoordeling Voor de beoordeling of er wordt voldaan aan de richtafstand is uitgegaan van het omgevingstype ''gemengd gebied''.

In de directe omgeving van het plangebied is sprake van functiemenging tussen recreatie, agrarisch en wonen. Het planvoornemen voorziet niet in de realisatie van een milieugevoelige functie. Om te beoordelen of sprake is van een goed verblijfsklimaat zijn wel de afstanden van het plangebied tot milieuhinderlijke functies bepaald en vervolgens getoetst of er wordt voldaan aan de richtafstand. Hieruit blijkt dat de agrarische gronden ten noorden van het plangebied op voldoende afstand liggen. De afstand tussen de woningen aan de Duinschooten en het plangebied blijft in de nieuwe situatie gelijk. Op de locatie waar de herinrichting, nieuwbouw van het restaurant met zaalaccomodatie en uitbreiding van het hotel zijn voorzien is de recreatieve functie reeds toegestaan. Daarnaast zijn in de bestaande situatie reeds een hotel en restaurant aanwezig en deze bevinden zich op een afstand van meer dan 100 meter van de woningen. De conclusie is daarom dat er geen nieuwe, hinderlijke, functie nabij de woningen wordt gerealiseerd en dat een nadere onderbouwing van het aspect bedrijven- en milieuzonering achterwege kan blijven.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

29 - 40

Bedrijf/activiteiten

Omschrijving

Agrarische bedrijven

Akkerbouw en tuinbouw

Adres

SBI-2008 Milieu cat.

Agrarische percelen 011, 012, 2 ten noorden / 013, 016 noordwesten van het plangebied Tabel activiteiten / bedrijven in directe omgeving van het plangebied

Richt Huidige afstand afstand tot bestemmings vlak 10 meter 28 meter

Conclusie Het aspect bedrijven- en milieuzonering staat realisatie van het planvoornemen niet in de weg.

4.9 Externe veiligheid Voor het milieuaspect externe veiligheid zijn een aantal bronnen van belang, namelijk het vervoer van gevaarlijke stoffen via de weg, het spoor of het water, het transport door ondergrondse leidingen en de opslag van gevaarlijke stoffen. Het Externe veiligheidsbeleid heeft betrekking op het gebruik, productie, opslag en transport van gevaarlijke stoffen. De overheid stelt grenzen aan de risico's van inrichtingen met gevaarlijke stoffen. De grenzen zijn vertaald in een norm voor het plaatsgebonden risico (PR), een oriëntatiewaarde en verantwoordingsplicht voor het groepsrisico (GR). Bij externe veiligheid gaat het om de gevaren die de directe omgeving loopt in het geval er iets mis mocht gaan tijdens de opslag, productie of het transport van gevaarlijke stoffen. De daaraan verbonden risico's moeten aanvaardbaar blijven. Er worden in dit kader twee normstellingen gehanteerd, te weten: het plaatsgebonden risico: richt zich vooral op de te realiseren basisveiligheid voor burgers; het groepsrisico: stelt beperkingen aan de maatschappelijke ontwrichting als gevolg van calamiteiten met gevaarlijke stoffen. Beoordeling In de kern Noordwijkerhout zijn geen risicovolle inrichtingen of bedrijven aanwezig.

In de omgeving van Noordwijkerhout zijn deze wel aanwezig; Camping De Carlton aan de Kraaierslaan 13 en camping Club Soleil aan de Kraaierlaan 7 Buisleiding Gasunie, ten westen van Noordwijkerhout. Campings Kraaierlaan 7 en 13 Op de terreinen van deze campings is opslag van gevaarlijke stoffen aanwezig. Gezien de afstand van 2,1 kilometer wordt gesteld dat het plangebied buiten de risico contouren ligt en dat deze opslag geen belemmering is voor de realisatie van het planvoornemen. Buisleiding Gasunie Ten westen van Noordwijkerhout ligt een aardgasleiding van de Gasunie (buisleiding A-560). Het plangebied ligt op een afstand van 2,3 kilometer van het plangebied. Gezien deze ruime afstand wordt gesteld dat het plangebied buiten de risicocontouren ligt en dat de buisleiding geen belemmeringen oplevert voor realisatie van het planvoornemen.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

30 - 40

Afbeelding uitsnede risicokaart Conclusie Het aspect externe veiligheid staat realisatie van het planvoornemen niet in de weg.

4.10 Archeologie In het plangebied geldt in het vigerende bestemmingsplan een dubbelbestemming 'Waarde Archeologie - 4'. Een archeologisch onderzoek is verplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 500 m2 en dieper dan 30 cm -Mv. Dit betekent dat gezien de omvang van de voorgenomen bodemingrepen archeologisch vooronderzoek nodig is. Transect heeft een archeologisch onderzoek uitgevoerd ter plaatse van het plangebied. Het rapport is als Bijlage 9 bijgevoegd. Er is een bureau- en booronderzoek uitgevoerd ter plaatse van het gedeelte van het plangebied waar nieuwe ontwikkelingen zijn voorzien.

Onderzoek Op basis van het gecombineerde bureau- en booronderzoek is geconcludeerd dat de oorspronkelijke middelhoge verwachting op het aantreffen van intacte archeologische waarden naar een lage verwachting is bij te stellen. De lage verwachting is van kracht voor de periode Laat- Neolithicum – Late Middeleeuwen Deze lage verwachting is gebaseerd op het ontbreken van een archeologisch relevant niveau in de venige afzettingen, de duinzandafzettingen of de strandafzettingen. De top van het veenpakket is geroerd geraakt tijdens de realisatie van de bestaande bebouwing tot een diepte van 90-95 cm -Mv, in het duinpakket is geen bodemvorming aangetroffen en de strandvlakte-afzettingen vertonen sporen van een dusdanig actief afzettingsmilieu dat bewoning waarschijnlijk niet mogelijk is geweest. Conclusie Op basis van het onderzoek is vastgesteld dat voor het plangebied een lage verwachting op het aantreffen van archeologische waarden geldt. Daarom is het advies van Transect om geen nieuwe dubbelbestemming op het gebied van archeologie op te nemen. De realisatie van het planvoornemen kan daarmee doorgang vinden zonder de

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

31 - 40

noodzaak tot verder archeologisch onderzoek. Het aspect archeologie levert geen belemmering op voor het bestemmingsplan.

4.11 Verkeer en parkeren Voor het planvoornemen is de verkeersgeneratie bepaald. De parkeerbehoefte voor het hotel en de nieuwbouw van het restaurant met zaalaccomodatie is op grond van de Nota Parkeernormen Noordwijkerhout 2016 bepaald. Deze normen zijn ontleend aan kencijfers zoals opgenomen in de CROW-publicatie 317 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. Voor de bepaling van de verkeersgeneratie zijn ook deze kencijfers gebruikt. Verkeer Ten opzichte van de huidige situatie veranderd de verkeerssituatie nauwelijks. Het nieuwe restaurant met zaalaccomodatie is 140 m2 groter dan het restaurant dat gesloopt wordt. Het maximaal aantal kamers in het hotel bedraagt 24 kamers. En dit aantal is reeds toegestaan in het vigerende bestemmingsplan. Verwacht wordt dat het totaal aantal verkeersbewegingen met 20 toeneemt. Gezien de relatief beperkte uitbreiding wordt gesteld dat het aantal verkeersbewegingen niet significant toeneemt en dat de ontsluitingsweg Duinschooten qua capaciteit geschikt is om deze toename op te vangen. De huidige ontsluiting op de Duinschooten blijft behouden en wordt ook gebruikt voor de ontsluiting van het planvoornemen. Het aantal verkeersbewegingen neemt niet significant toe en de ontsluiting van het plangebied wordt verbeterd door de aanleg van een tweede ontsluiting.

Daarom wordt gesteld dat het aspect verkeer realisatie van het planvoornemen niet in de weg staat. Parkeren Conform de Nota Parkeernormen zijn voor het restaurant 12 parkeerplaatsen nodig per 100m2. Het nieuwe restaurant heeft een oppervlakte van 591m2. Dit betekent dat volgens de norm 591*12/100=71 parkeerplaatsen nodig zijn. Voor het hotel is parkeerplaats per kamer nodig. In het hotel zijn 23 kamers aanwezig wat resulteert in een parkeerbehoefte van 23 parkeerplaatsen. Het restaurant kan ook worden gebruikt voor de verhuur van ruimtes bijvoorbeeld voor feesten. Daarom wordt een zaalaccomodatie in het restaurant gerealiseerd. Deze accommodatie biedt ruimte voor activiteiten die in hoofdzaak bestaan uit het bieden van gelegenheid tot het houden van bruiloften en partijen, alsmede tot het houden van congressen, conferenties en andere vergaderingen. Deze functie is niet als standaard in de CROW richtlijnen opgenomen. De functie restaurant uit de richtlijnen sluit qua bezoekersaantallen het beste aan op de functie als locatie voor zaalaccomodatie. Daarmee is voor deze (neven) functie van het restaurant geen aparte parkeerberekening gemaakt. De totale parkeerbehoefte is 94 parkeerplaatsen, op het eigen terrein worden 95 parkeerplaatsen gerealiseerd. Hiermee wordt voorzien in de totale parkeerbehoefte van het planvoornemen.

De herinrichting van het terrein betreft een ondergeschikte functie behorend bij het hotel / restaurant. Zoals bovenstaand aangegeven zijn er voldoende parkeerplaatsen beschikbaar voor de functie horeca en verblijfsrecreatie (hotel). Conclusie De aspecten verkeer- en parkeren staan de realisatie van het planvoornemen niet in de weg.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

32 - 40

4.12 M.e.r.-beoordeling Plannen en activiteiten kunnen nadelige gevolgen hebben voor het milieu. In hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer en in het Besluit milieueffectrapportage is geregeld dat in zulke gevallen een milieueffectrapport moet worden opgesteld. Per 7 juli 2017 is het Besluit m.e.r. gewijzigd. Hierin is een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling opgenomen. Een m.e.r.-procedure is noodzakelijk als een besluit wordt genomen over een activiteit waarbij belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. De vraag of door voorgenomen activiteiten belangrijke nadelige milieugevolgen veroorzaakt kunnen worden staat dan ook centraal bij het beoordelen of een m.e.r. moet worden uitgevoerd. De Europese Unie heeft in de richtlijn m.e.r. aangegeven bij welke activiteiten er zeer waarschijnlijk sprake is van belangrijke nadelige milieugevolgen. In de gewijzigde Besluit m.e.r. staat de nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is moet: door de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie worden opgesteld; het bevoegd gezag binnen 6 weken een m.e.r.-beoordelingsbesluit nemen. Dit besluit hoeft niet in de Staatscourant gepubliceerd te worden; de initiatiefnemer het (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsbesluit bij de vergunningaanvraag voegen (Artikel 7.28 Wet milieubeheer).

De nieuwe procedure is uitsluitend van toepassing op projecten die voorkomen in het Besluit m.e.r.. Indien kan worden aangetoond dat het project geen onderdeel uitmaakt van onderdeel C of D van het Besluit m.e.r., dan is de nieuwe procedure niet van toepassing. In onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. is onder 11.2 de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject, met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen, opgenomen. Onderzoek Het bestemmingsplan maakt de realisatie van een nieuw gebouw voor het restaurant met zaalaccomodatie, uitbreiding hotel met een extra bouwlaag en herinrichting recreatieterrein mogelijk Er is diverse (recente) jurisprudentie waaruit blijkt dat de Raad van State artikel 2, onderdeel A, van de bijlage bij het Besluit m.e.r. niet zo uit legt dat iedere mogelijk gemaakte wijziging of uitbreiding van een stedelijke ontwikkeling, hoe ondergeschikt ook, moet worden aangemerkt als een wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in kolom I, van categorie 11.2, van onderdeel D, van de bijlage bij het Besluit m.e.r. en artikel 2, onderdeel A, van de bijlage bij het Besluit m.e.r. Dat hangt af van de concrete omstandigheden van het geval. Daarbij spelen onder meer aspecten als de aard en de omvang van de voorziene wijziging of uitbreiding van de stedelijke ontwikkeling een rol.

Concreet voor dit plan vormt met name de uitspraak 22 mei 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:1668) de basis om aan te nemen dat ook het voorliggende project (in omvang overigens beperkter dan het hotel waarvan sprake is in de uitspraak van 22 mei 2019) niet hoeft te worden beschouwd als een stedelijke ontwikkeling zoals bedoeld in kolom I, van categorie 11.2, van onderdeel D, van de bijlage bij het Besluit m.e.r. Mede op basis van recente jurisprudentie wordt het planvoornemen niet aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling zoals bedoeld in kolom I, van categorie 11.2, van onderdeel D, van de bijlage bij het Besluit m.e.r. Het Besluit m.e.r. is voor dit plan niet van toepassing. Een vormvrije m.e.r.-beoordeling hoeft niet te worden opgenomen. Conclusie Het planvoornemen wordt niet aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling. Het Besluit m.e.r. is voor dit plan niet van toepassing.

4.13 Duurzaamheid Beleid

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

33 - 40

Gemeente Noordwijk De gemeente Noordwijk vindt duurzaam bouwen belangrijk. Duurzaam bouwen is zodanig bouwen dat zo min mogelijk negatieve effecten op het milieu en de menselijke gezondheid ontstaan, gedurende de hele levensloop van het bouwwerk en de gebouwde omgeving. Noordwijk streeft er naar bij elk bouwplan de schade aan het milieu op korte en lange termijn zoveel mogelijk te beperken. Zij wil daarmee de kwaliteit en duurzaamheid van de ontwikkelingen op een zo hoog mogelijk niveau brengen. Om duurzaamheid in nieuwbouwplannen te borgen en inzichtelijk te maken stelt de gemeente het instrument “de Gemeentelijke Praktijk Richtlijn Gebouw” (GPR Gebouw) beschikbaar. Dit is een instrument met als doel duurzaam en energiezuinig bouwen meetbaar te maken. Bij ontwikkelingen vraagt de gemeente een GPR gebouw berekening bij plannen in te dienen. Hiermee is meteen aan de wettelijke eis van de MilieuPrestatie Gebouw (MPG)-berekening voldaan (vanaf 1 januari 2018 ook gekwantificeerd). De gemeente ambieert een hoge GPR score voor nieuwbouw ontwikkelingen. Het streven voor nieuwbouwwoningen is nu een gemiddelde score van 8,5 voor energie en milieu (DPG score) , een score van 7,5 voor toekomstwaarde en voor de andere thema's een 8. De wettelijke verplichting voor energie, zoals vastgelegd in het huidige Bouwbesluit, komt in woningbouwprojecten overeen met een 7,8.

Alle woningen en gebouwen (oud en nieuw) zullen een bijdrage moeten leveren aan deze doelstelling door energie te besparen en/of duurzaam op te wekken. Het advies is om toekomstige ontwikkelingen energie neutraal te realiseren. Dit gaat verder dan de toekomstige wettelijke wijziging van nieuwbouw. Aardgasloos Sinds 1 juli 2018 is de Wet Voortgang Energietransitie (Wet tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet, hierna: Wet Vet) van kracht. Bij deze wet is bepaald dat de gasaansluitplicht voor initiatieven vervalt. Regionaal Energieakkoord 2017 Binnen de regio Holland Rijnland hebben gemeenten hun ambities en doelstellingen rondom klimaat/energie uitgesproken. De regionale ambitie is om in 2050 een energie neutrale regio te zijn en daarmee bij te dragen aan de nationale en internationale doelstellingen op het gebied van klimaat en energie. (Aanzet) Lokale Warmtevisie Momenteel wordt in de gemeente, gebaseerd op de ambities in het Regionaal Energieakkoord 2017 Holland Rijnland, gewerkt aan een lokale warmtevisie. Deze visie geeft per wijk duurzame alternatieven aan ten opzichte van de huidige warmtevraag door aardgas. Ook wordt een prioritering van wijken aangeven. De gemeente kijkt samen met ontwikkelaars, woningeigenaren, huurders en de samenwerkingspartners welke oplossing het beste past bij dit initiatief.

Bij verdere planvorming dient met de lokale warmtevisie rekening gehouden te worden. Planvoornemen Voor het planvoornemen is gekeken naar duurzaamheidsaspecten in relatie tot het stedenbouwkundig niveau van het plan en op gebouwniveau. Stedenbouwkundig niveau Het pand wordt in harmonie gebouwd met de omgeving. Waarbij gebruik wordt gemaakt van natuurlijke materialen als zink, klei(pannen), steen en hout. Gebouw oriëntatie Op het bestaand hotel zijn in het voorjaar in 2019 zonnepalen aangelegd. Energie dat niet nodig is voor het hotel wordt vanuit het hotel door gekoppeld naar het restaurant. Hierdoor kan het restaurant gebruik maken van dezelfde zonnepanelen.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

34 - 40

Waterhuishouding De hemelwaterafvoer van het pand wordt gescheiden van het vuilwater. Er wordt een ondergronds waterbassin gemaakt voor het opvangen van regenwater. Dit wordt gebruikt om al het groen te voorzien van water. Voor het groen wordt een irrigatiesysteem aangelegd. Voor alle verhardingen geldt dat het hemelwater in het terrein geïnfiltreerd wordt. De rijroute en slechts een deel van de parkeerplaatsen zijn verhard. De materialen die gebruikt worden zijn niet-uitlogende materialen. Met het voorbehandelde, gekleurde zink dat wordt gebruikt is dit nog eens met pakweg 50% gereduceerd. Ook de overige materialen die gebruikt gaan worden (dakpannen, glas, hout, dakbedekkingsmateriaal) dragen niet bij aan de vervuiling van oppervlaktewater. Met klimaatbestendig bouwen tegen hitte- en droogtestress wordt rekening gehouden door beplanting te gebruiken. Mobiliteit en duurzaamheid Op het terrein worden laadpalen voor elektrische auto's gerealiseerd. Gebouwniveau Het doel is om het gebouw klimaatneutraal te bouwen. Dit wordt onder andere bereikt door de reeds geïnstalleerde warmtepomp op het hotel, in combinatie met zonne-energie. Bij de aanvraag omgevingsvergunning wordt een EPC berekening gemaakt. Ten behoeve van de gebruikskwaliteit worden de gebouwen goed, toegankelijk en functioneel gemaakt.

In de verdere uitwerking van het plan wordt gewerkt aan een goede technische kwaliteit van de gebouwen in een veilige omgeving. Hierbij wordt ook de toekomstwaarde betrokken (hoe kunnen de gebouwen zo langdurig mogelijk worden gebruikt) Ten aanzien van circulariteit en milieu wordt gebruikt gemaakt van duurza(a)m(e) (geproduceerde) materialen. C02 absorberende materialen die worden gebruikt zijn planten en groen. De bebouwing wordt gasloos gerealiseerd.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

35 - 40

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

36 - 40

Hoofdstuk 5

Uitvoerbaarheid

5.1 Economische uitvoerbaarheid De realisatie van het planvoornemen komt voor rekening van de initiatiefnemer. Dit is geborgd door middel van een anterieure overeenkomst.

5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Het voorontwerp bestemmingsplan lag van 10 februari 2021 tot en met 23 maart 2021 ter inzage. Gedurende de termijn van terinzagelegging was het voor een ieder mogelijk om een inspraakreactie in te dienen. Daarnaast is het voorontwerp bestemmingsplan in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening naar de overlegpartners gezonden. Gedurende de inzagetermijn is er één telefonische reactie ontvangen van de provincie op Bijlage 1 van de toelichting over de eigendomssituatie van de gronden. De provincie zal de af te graven gronden aan de gemeente overdragen en is daarmee niet langer eigenaar van deze gronden. Dit is verwerkt in Bijlage 1 van dit bestemmingsplan. Het ontwerp bestemmingsplan wordt voor de duur van 6 weken ter visie gelegd.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

37 - 40

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

38 - 40

Hoofdstuk 6

Juridische planbeschrijving

6.1 Inleiding Overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) worden, door middel van de op de verbeelding aangegeven bestemmingen en de daarop betrekking hebbende regels, de in het plan begrepen gronden voor bepaalde doeleinden aangewezen. Daarbij worden regels gegeven voor het bouwen van bouwwerken en voor het gebruik van de bouwwerken en onbebouwde gronden.

6.2 Systematiek van de regels Voor het bestemmingsplan Duinschooten 12 te Noordwijk wordt aangesloten op de handleiding Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2008 (SVBP 2012). Hieronder wordt een toelichting gegeven op welke wijze een en ander in de regels is vastgelegd. De regels zijn als volgt ingedeeld: Hoofdstuk 1 Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat twee artikelen. In Artikel 1 zijn de begripsomschrijvingen opgenomen. Artikel 2 bevat de wijze van meten. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Dit hoofdstuk bestaat uit een beschrijving van de bestemmingen. Deze kennen per bestemming globaal de volgende opzet: Bestemmingsomschrijving; Bouwregels voor gebouwen; Bouwregels voor bijbehorende bouwwerken; Bouwregels voor bouwwerken, niet zijnde gebouwen;

Hoofdstuk 3 Algemene regels Dit hoofdstuk bevat regels die op het hele plangebied betrekking hebben en regelt de volgende onderwerpen: Anti-dubbeltelregel: met deze bepaling wordt beoogd misbruik van de regels door middel van (privaatrechtelijke) wijzigingen in de eigendomsverhoudingen van gronden te voorkomen; Algemene bouwregels: in dit artikel worden de bouwregels van algemeen voorkomende bouwwerken, in meerdere bestemmingen, geregeld; Algemene gebruiksregels: dit artikel geeft aan wat er in ieder geval onder verboden gebruik van gronden en opstallen ten opzichte van het bestemmingsplan wordt verstaan. Algemene afwijkingsregels: het gaat hierbij om een afwijkingsmogelijkheid van de in de regels gegeven maten en percentages met betrekking tot het bouwen, het oprichten van gebouwen van openbaar nut en het in beperkte mate verschuiven van bestemmingsgrenzen; Overige regels: hierin zijn de regels met betrekking tot parkeernormen opgenomen. Daarnaast is een voorwaardelijke verplichting voor de huismussen opgenomen ten behoeve van het waarborgen van de gunstige staat van instandhouding van de huismussen.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Dit hoofdstuk bevat regels die op het hele plangebied betrekking hebben en regelt de volgende onderwerpen: Overgangsrecht: bouwwerken welke op het moment van tervisielegging van het plan aanwezig zijn, mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment waarop het plan rechtskracht verkrijgt, mag gehandhaafd blijven; Slotregel: in deze regel wordt aangegeven onder welke naam de regels aangehaald kunnen worden.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

39 - 40

6.3 Beschrijving van de bestemmingen Artikel 3 Bos De omringende beplanting van het terrein voor de verblijfsrecreatie is bestemd als 'Bos'. Deze houtwal vormt enerzijds bescherming tegen de zeewind en draagt anderzijds bij aan een betere landschappelijke inpassing Artikel 4 Recreatie De verblijfsrecreatie in het plangebied is bestemd als Recreatie . De gronden hebben betrekking op onder andere het hotel en een restaurant met zaalaccomodatie. Het gebouw met de recreatieappartementen / hotel heeft de aanduiding 'hotel'. Binnen dit bouwvlak zijn maximaal 24 recreatieappartementen/hotelkamers toegestaan. Daarnaast is op de bovenste laag van het hotel een familiekamer toegestaan. Het restaurant is aangeduid met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - restaurant', waar een restaurant en een zaalaccomodatie is toegestaan. Het terrein aan de zijde van de Oosterduinse Meer heeft de aanduiding 'strand' binnen de bestemming Recreatie. Binnen deze aanduiding liggen het strand en de ligweiden. Ter plaatse van de aanduiding 'terras' is een terras toegestaan conform de afspraken die gemaakt zijn met de provincie. Artikel 5 Verkeer - Verblijfsgebied De bestemming Verkeer - Verblijfsgebied geldt ter plaatse van de erfwegen en parkeerplaatsen die binnen de bestemming Recreatie' aanwezig zijn.

Artikel 6 Waarde - Archeologie - 1 en Artikel 7 Waarde - Archeologie - 4 Gronden met de dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie - 1 en Waarde - Archeologie - 4 zijn behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het herstel en behoud van archeologische waarden. Voorts is een groot aantal werken en werkzaamheden omgevingsvergunningsplichting. Voor het verlenen van een dergelijke vergunning dient de aanvrager van de omgevingsvergunning een rapport te overleggen waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag, de archeologische waarde in voldoende mate is vastgesteld.

(ontwerp) Duinschooten 12 NL.IMRO.0575.BPOMDUINSCHOOTEN12-ON01

40 - 40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=65da648c-0030-4a91-8564-7d315a58fa0b